96015 Nota Kostenverhaal.pdf
Tekst van het document
Vooruitzichten van de fondsen Aan de hand van drie scenario’s is gekeken hoe de fondsen zich zouden kunnen vullen voor de korte en lange termijn: 2015
2015-2019 2020-2024 TOTAAL
1. Prognose obv huidige afspraken Fonds Strategisch Verbinden Fonds Ondernemend Albrandswaard Fonds Vitaal Albrandswaard 2. Prognose obv huidige afspraken plus geplande woningbouw Fonds Strategisch Verbinden Fonds Ondernemend Albrandswaard Fonds Vitaal Albrandswaard 3. Prognose obv huidige afspraken plus geplande woningbouw minus renovatieprojecten Fonds Strategisch Verbinden Fonds Ondernemend Albrandswaard Fonds Vitaal Albrandswaard
50.628 80.000 130.628
769.238 10.500 779.738
-
819.866 80.000 10.500 910.366
56.928 80.000 10.500 147.428
779.138 27.000 806.138
286.200 477.000 763.200
1.122.266 80.000 514.500 1.716.766
56.928 80.000 10.500 147.428
779.138 27.000 806.138
55.800 93.000 148.800
891.866 80.000 130.500 1.102.366
1. Op basis van de vastgestelde contracten en grondexploitaties; 2. Op basis van de vastgestelde contracten en grondexploitatie plus de verwachte woningbouw; 3. Op basis van de vastgestelde contracten en grondexploitatie plus de verwachte woningbouw minus verliesgevende projecten.
Nota Kostenverhaal - van fondsvorming naar realisatie
Pagina 32 van 38
Scenario 1: Allereerst is gekeken naar de bijdragen die vastgelegd zijn via gesloten overeenkomsten en vastgestelde grondexploitaties aan het fonds bovenwijkse voorzieningen. Zoals eerder aangegeven wordt dit fonds omgezet naar het Fonds Strategisch Verbinden. Scenario 2: Vervolgens is gekeken wat de beoogde planning van de woningbouw is voor de komende tijdvakken. Ervan uitgaande dat elke woning een bijdrage doet aan de fondsen Strategisch Verbinden en Vitaal Albrandswaard. Voor de afdracht aan het Fonds Strategisch Verbinden is gerekend met een gemiddelde uitgeefbare oppervlakte van 150 m² wat leidt tot een gemiddelde afdracht van € 900 per woning. Daarnaast wordt uitgegaan van een afdracht van € 1.500 per woning aan het Fonds Vitaal Albrandswaard. Scenario 3: Zoals eerder aangegeven onder ‘prioritering fondsen’ kan sprake zijn van de zgn. ‘macro aftopping’, plannen waarbij de opbrengsten lager zijn dan de kosten. In dat geval is geen afdracht te doen aan een fonds. Deze situatie zal voornamelijk voorkomen bij herstructureringen. Om die reden is als derde slag een weergave gedaan van de stortingen indien geen rekening gehouden wordt met de verliesgevende projecten. De tabel laat zien dat in scenario 1 ca. € 9 ton aan bijdragen binnenkomt. In scenario 2 is dat ca. € 1,7 mln. en in scenario 3 ca. € 1,1 mln.
Aangezien scenario 1 uitgaat van de huidige vastgestelde contracten en grondexploitaties kent deze een grote mate van zekerheid tenzij deze herzien worden. Scenario 2 en 3 zijn doorgerekend aan de hand van een normatieve uitgeefbare oppervlakte per woning en is daarnaast gebaseerd op de lange termijn prognose waardoor deze een lagere mate van zekerheid kent.
Risico’s Per maatregel is een globale schatting gegeven van de kosten en is aangegeven aan welk fonds deze is gekoppeld. Het is vervolgens van belang om te weten welke variabelen van invloed zijn op de berekeningen en welke variabelen de uitkomsten negatief kunnen beïnvloeden (risico’s). Deze risico’s zijn nu niet nader in bedragen uit te drukken maar geven wel een beeld van de mogelijke mutaties die kunnen plaatsvinden in de berekening en daarmee op de bijdragen van de partijen in de toekomst. Te benoemen risico’s zijn ondermeer:
Vertragingen in de uitgifteprogramma’s leiden tot vertragingen in de inkomsten; Andere inzichten (jurisprudentie) kunnen tot andere verdelingen over kostendragers en toerekening aan derden leiden; Het niet doorgaan van een project (bouwplan) resulteert in het vervallen van een potentiële bijdrage aan een maatregel of realisatie ervan; Omdat de maatregelen nog niet zijn gefaseerd zullen prijsstijgingen c.q. prijsdalingen aan de orde zijn;
Nota Kostenverhaal - van fondsvorming naar realisatie
Pagina 33 van 38
Eerder investeren in maatregelen dan bijdragen zijn ontvangen, leidt tot een risico dat deze in de toekomst niet volledig gedekt is. Indien onverhoopt kostenverhaal plaatsvindt via het publiekrechtelijke spoor zullen de bijdragen aanzienlijk lager zijn. De verplichte criteria profijt, proportionaliteit en toerekenbaarheid zijn dan immers aan de orde.
Nota Kostenverhaal - van fondsvorming naar realisatie
Pagina 34 van 38
Bijlage 6
Artikel 6.2.1 van het Bro
Als bouwplan als bedoeld in artikel 6.12, eerste lid, van de wet, wordt aangewezen een bouwplan voor: a. de bouw van een of meer woningen; b. de bouw van een of meer andere hoofdgebouwen; c. de uitbreiding van een gebouw met ten minste 1000 m² bruto-vloeroppervlakte of met een of meer woningen; d. de verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik of ingericht waren, voor woondoeleinden, mits ten minste 10 woningen worden gerealiseerd; e. de verbouwing van een of meer aaneengesloten gebouwen die voor andere doeleinden in gebruik of ingericht waren, voor detailhandel, dienstverlening, kantoor of horecadoeleinden, mits de cumulatieve oppervlakte van de nieuwe functies ten minste 1500 m² bruto-vloeroppervlakte bedraagt; f. de bouw van kassen met een oppervlakte van ten minste 1000 m² bruto-vloeroppervlakte.
Nota Kostenverhaal - van fondsvorming naar realisatie
Pagina 35 van 38
Bijlage 7
Artikelen 6.2.3, 6.2.4 en 6.2.5 van het Bro
Artikel 6.2.3 Tot de kosten, bedoeld in artikel 6.13, eerste lid, onder c, ten eerste, van de wet, worden, voor zover deze redelijkerwijs zijn toe te rekenen aan de inbrengwaarde van de gronden, gerekend de ramingen van: a. de waarde van de gronden in het exploitatiegebied; b. de waarde van de opstallen die in verband met de exploitatie van de gronden moeten worden gesloopt; c. de kosten van het vrijmaken van de gronden in het exploitatiegebied van persoonlijke rechten en lasten, eigendom, bezit of beperkt recht en zakelijke lasten; d. de kosten van sloop, verwijdering en verplaatsing van opstallen, obstakels, funderingen, kabels en leidingen in het exploitatiegebied.
Artikel 6.2.4 Tot de kosten, bedoeld in artikel 6.13, eerste lid, onder c, ten tweede, van de wet, worden gerekend de ramingen van: a. de kosten van het verrichten van onderzoek, waaronder in ieder geval begrepen grondmechanisch en milieukundig bodemonderzoek, akoestisch onderzoek, ander milieukundig onderzoek, archeologisch en cultuurhistorisch onderzoek; b. de kosten van bodemsanering, het dempen van oppervlaktewateren, het verrichten van grondwerken, met inbegrip van het egaliseren, ophogen en afgraven; c. de kosten van de aanleg van voorzieningen in een exploitatiegebied; d. de kosten van maatregelen, plannen, besluiten en rechtshandelingen met betrekking tot gronden, opstallen, activiteiten en rechten in het exploitatiegebied, waaronder mede begrepen het beperken van milieuhygiënische contouren en externe veiligheidscontouren; e. de in artikel 6.2.3 en de onder a tot en met d en g tot en met n bedoelde kosten met betrekking tot gronden buiten het exploitatiegebied, waaronder mede begrepen de kosten van de noodzakelijke compensatie van in het exploitatiegebied verloren gegane natuurwaarden, groenvoorzieningen en watervoorzieningen; f. de in artikel 6.2.3 en de onder a tot en met d bedoelde kosten, voor zover deze noodzakelijk zijn in verband met het in exploitatie brengen van gronden die in de naaste toekomst voor bebouwing in aanmerking komen; g.
de kosten van voorbereiding en toezicht op de uitvoering, verband houdende met de aanleg van de voorzieningen en werken, bedoeld onder a tot en met f, en in artikel 6.2.3, onder c en d; h. de kosten van het opstellen van gemeentelijke ruimtelijke plannen ten behoeve van het exploitatiegebied;
Nota Kostenverhaal - van fondsvorming naar realisatie
Pagina 36 van 38
i. de kosten van het opzetten en begeleiden van gemeentelijke ontwerpcompetities en prijsvragen voor het stedenbouwkundig ontwerp van de locatie, en de kosten van vergoedingen voor deelname aan de prijsvraag; j. de kosten van andere door het gemeentelijk apparaat of in opdracht van de gemeente te verrichten werkzaamheden, voor zover deze werkzaamheden rechtstreeks verband houden met de in dit besluit bedoelde voorzieningen, werken, maatregelen en werkzaamheden; k. de kosten van tijdelijk beheer van de door of vanwege de gemeente verworven gronden, verminderd met de uit het tijdelijk beheer te verwachten opbrengsten; l. de kosten van tegemoetkoming van schade, bedoeld in artikel 6.1 van de wet; m. niet-terugvorderbare BTW, niet-gecompenseerde compensabele BTW, of andere nietterugvorderbare belastingen, over de kostenelementen, genoemd onder a tot en met l; n. rente van geïnvesteerde kapitalen en overige lasten, verminderd met renteopbrengsten. Artikel 6.2.5 Tot de voorzieningen, bedoeld in artikel 6.2.4, onder c, worden gerekend: a. nutsvoorzieningen met bijbehorende werken en bouwwerken, voor zover de aanlegkosten bij of door de gemeente in rekening worden gebracht en niet via de verbruikstarieven kunnen worden gedekt; b. riolering met inbegrip van bijbehorende werken en bouwwerken; c.
wegen, ongebouwde openbare parkeergelegenheden, pleinen, trottoirs, voet- en rijwielpaden, waterpartijen, watergangen, voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, bruggen, tunnels, duikers, kades, steigers, en andere rechtstreeks met de aanleg van deze voorzieningen verband houdende werken en bouwwerken; d. infrastructuur voor openbaar vervoervoorzieningen met bijbehorende werken en bouwwerken, voor zover de aanlegkosten bij of door de gemeente in rekening worden gebracht en niet via de gebruikstarieven kunnen worden gedekt; e. groenvoorzieningen, waaronder begrepen openbare parken, plantsoenen, speelplaatsen, trapvelden en speelweiden, natuurvoorzieningen en openbare niet-commerciële sportvoorzieningen; f. openbare verlichting en brandkranen met aansluitingen; g. straatmeubilair, speeltoestellen, sierende elementen, kunstobjecten en afrasteringen in de openbare ruimte; h. gebouwde parkeervoorzieningen, voor zover deze leiden tot optimalisering van het grondgebruik en verbetering van de kwaliteit van de openbare ruimte, openbaar toegankelijk zijn en voornamelijk worden gebruikt door bewoners en gebruikers van het exploitatiegebied, voor zover de aanlegkosten bij of door de gemeente in rekening worden gebracht en niet via de gebruikstarieven kunnen worden gedekt; i. uit een oogpunt van milieuhygiëne, archeologie of volksgezondheid noodzakelijke voorzieningen.
Nota Kostenverhaal - van fondsvorming naar realisatie
Pagina 37 van 38
Bijlage 8
Artikelen 6.24 van de Wro
Artikel 6.24 1.Bij het aangaan van een overeenkomst over grondexploitatie kunnen burgemeester en wethouders in de overeenkomst bepalingen opnemen inzake: a. financiële bijdragen aan de grondexploitatie alsmede op basis van een vastgestelde structuurvisie, aan ruimtelijke ontwikkelingen; b. verrekening van schade die op grond van artikel 6.1 voor vergoeding in aanmerking zou komen. 2.Na vaststelling van een exploitatieplan nemen burgemeester en wethouders bij het aangaan van een overeenkomst over grondexploitatie het exploitatieplan in acht, met dien verstande dat de overeenkomst bepalingen kan bevatten over de uitwerking van onderwerpen uit het exploitatieplan, maar geen bepalingen kan bevatten over onderwerpen welke deel kunnen uitmaken van een exploitatieplan, maar daarin niet zijn opgenomen. 3.Van de overeenkomst wordt binnen twee weken na het sluiten daarvan door burgemeester en wethouders kennis gegeven in een van gemeentewege uitgegeven blad of een dag-, nieuws- of huisaan-huisblad. 4.Artikel 6.4a, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van degene die een overeenkomst heeft gesloten over grondexploitatie waarin een regeling van verhaal van planschade is opgenomen.
Nota Kostenverhaal - van fondsvorming naar realisatie
Pagina 38 van 38