CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

8. Raadsinformatiebrief 2023 866398 evaluatie minimabeleid 2022.pdf

Gemeenteraad AW 6 november 2023, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 5: Ingekomen stukken16.861 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeenteraad van Albrandswaard p/a de griffie

Uw brief van: Uw kenmerk: Bijlage(n):

3

Ons kenmerk: 866398 Contact: Mw. A van der Plaat Doorkiesnummer: +31180451569 E-mailadres: a.v.d.plaat@bar-organisatie.nl Datum: 26 september 2023

Betreft: : Evaluatie minimabeleid 2022 Geachte raadsleden, INLEIDING Hierbij ontvangt u de Evaluatie Minimabeleid over het jaar 2022. In de evaluatie zijn de opvallende zaken en resultaten van 2022 opgenomen. Tevens ontvangt u de Armoedemonitor 2022 en de Inkomens Effectrapportage 2023. KERNBOODSCHAP

Het aantal minimahuishoudens is in 2022 licht gedaald, het aantal minimakinderen licht gestegen. We zagen in 2022 een lichting stijging van het gebruik van de minimaregelingen. De nieuwe regeling eenmalige energietoeslag liet een hoger bereik zien dan de andere minimaregelingen. Minimahuishoudens hadden deze regeling echt nodig en er was bij deze regeling geen vermogenstoets. De aantallen in Albrandswaard wijken niet af van het landelijk gemiddelde. TOELICHTING In tegenstelling tot de twee voorgaande jaren is in 2022 de coronaepidemie naar de achtergrond verplaatst en kwam het sociale leven weer voorzichtig op gang. De gevolgen van de corona-jaren waren echter nog wel aanwezig waardoor meer hulpvragers aan het loket werden verwacht. In 2022 waren er nog coulance regelingen waardoor deze toename van hulpvragen uitbleef. In 2022 ontstonden al snel nieuwe problemen. Er kwam oorlog in Oekraïne, veel vluchtelingen moesten worden opgevangen, de energieprijzen schoten omhoog en ook andere goederen en levensmiddelen werden duurder. Ook de Toeslagenaffaire bleef een rol spelen in het leven van de gedupeerden. In 2022 werd voor de doelgroep minima de ‘eenmalige energietoeslag’ geïntroduceerd. In fasen is deze regeling uitgevoerd door de gemeente, eerst € 500 en daarna nog eens € 800.

Er was een lichting stijging van het gebruik van de minimaregelingen; bijzondere bijstand, individuele inkomenstoeslag, Meedoenkinderen en de collectieve zorgverzekering. Het gebruik van de regeling gratis openbaar vervoer 60+ minima is gelijk gebleven. Inkomensregelingen via het minimabeleid zijn belangrijk voor het kunnen rondkomen van een laag inkomen. Omdat het leven in 2022 flink duurder was geworden gold dat des te meer. De overheid had hiervoor de nodige maatregelen genomen eind 2022. Het minimumloon werd verhoogd en ook de toeslagen bij de belastingdienst. Voor de energiekosten werd een prijsplafond afgesproken. De overheid

Stationsstraat 4 - 3161KP te Rhoon - Postbus 1000 - 3160 GA Rhoon - T (010) 506 11 11 - E info@albrandswaard.nl

heeft opdracht gegeven om te onderzoeken of de hoogte van het minimumloon en de daaraan gekoppelde uitkeringen toereikend zijn. CONSEQUENTIES We weten dat niet alle inwoners volledig gebruik maken van de minimaregelingen en dat geeft zorgen. Betalingsachterstanden en schulden kunnen ontstaan bij een te laag inkomen. Om een groter bereik van de minimarelingen te krijgen zullen we ons blijven inspannen om de regelingen te versimpelen en laagdrempelig aan te bieden. We willen voorkomen dat aanvraagprocedures en ingewikkelde voorwaarden een drempel vormen voor het indienen van een aanvraag. Speciale aandacht is nodig voor laaggeletterden en inwoners die moeite hebben met digitale aanvraagprocedures. VERVOLG In 2024 zal het meerjarig minimabeleid worden vernieuwd inclusief de verordening Meedoen. De hierboven genoemde aandachtspunten zullen hierin worden meegenomen. BIJLAGEN 1. Evaluatie minimabeleid Albrandswaard over het jaar 2022 2. Armoedemonitor 2022 Albrandswaard 3. Inkomenseffectrapportage 2023 Albrandswaard

Met vriendelijke groet, het college van de gemeente Albrandswaard, de secretaris de burgemeester,

mr. drs. Florus van der Linden drs. Jolanda de Witte

EVALUATIE MINIMABELEID OVER HET JAAR 2022 ALBRANDSWAARD

0 Evaluatie minimabeleid 2022 Albrandswaard

Evaluatie/Resultaten minimabeleid 2022 Albrandswaard De evaluatie is als volgt opgezet: 1. 2. 3. 4.

Inleiding Gegevens armoedemonitor 2022 en duiding Inkomenseffectrapportage 2023 Landelijke ontwikkelingen en conclusies

1. Inleiding In deze evaluatie wordt er teruggekeken naar de resultaten van het jaar 2022. In 2022 is corona naar de achtergrond verdwenen maar zijn we geconfronteerd met nieuwe uitdagingen. Oorlog in Oekraïne, het opvangen van vluchtelingen, energieprijzen schieten omhoog en ook andere goederen en levensmiddelen worden duurder. Ook de Toeslagenaffaire blijft een rol spelen in het leven van de gedupeerden. In 2022 zijn er diverse maatregelen getroffen om de energiecrisis voor minima op te verzachten. De eenmalige energietoeslag minima is ontstaan in de vorm van categoriale bijzondere bijstand. Eerst kregen minima € 500, later nog eens € 800. In de laatste twee maanden van 2022 kreeg heel Nederland een tegemoetkoming voor de energiekosten via de energieleverancier. Naast deze maatregelen is er aanvullend beleid gekomen binnen de bijzondere bijstand om individuele bijzondere bijstand te kunnen verstrekken als alle maatregelen niet toereikend zijn. In de voorgaande jaren waren we bevreesd dat er een grote groep minima aan het loket zou verschijnen ten gevolge van alle gebeurtenissen. Deze verwachting kwam niet uit, ook niet in 2022. Deze evaluatie is onderdeel van het ‘Minimabeleid en Plan schuldhulpverlening Albrandswaard 20222024’.

De volgende beleidsdocumenten zijn onderdeel van het minimabeleid: - Verordening Meedoen Albrandswaard 2016 inclusief Regeling schoolkosten VO Albrandswaard 2018 - Verordening Individuele Inkomenstoeslag Albrandswaard 2023 - Beleidsregels Bijzondere Bijstand Albrandswaard 2021 - (Gewijzigde) Beleidsregels eenmalige energietoeslag minima 2022

De evaluatie is bedoeld om de resultaten van het afgelopen jaar weer te geven en bevat geen nieuw beleid.

1 Evaluatie minimabeleid 2022 Albrandswaard

2. Gegevens armoedemonitor 2022 en duiding Voor de volledige data armoedemonitor 2022 wordt verwezen naar de bijlage. Hieronder is een samenvatting te zien. Aantal minimahuishoudens Aantal minimahuishoudens

2020 508

2021 549

2022 532

Aantal kinderen in minimahuishoudens op peildatum Aantal kinderen in minimahuishouden

2020

2021

2022

318

338

353

In Albrandswaard zijn 532 huishoudens in beeld waarvan 46% een uitkering Participatiewet ontvangt. Het totale aantal minimahuishoudens op 120 % Wsm is geschat op 634 huishoudens (6,1 % van alle huishoudens). Het aandeel minimahuishoudens in Albrandswaard ligt in lijn met het gemiddelde dat in vergelijkbare gemeenten gangbaar is, 6 à 7%. Het aandeel minimakinderen (353=6,3%) is in Albrandswaard lager dan het gemiddeld aantal kinderen (7 à 8 %) in vergelijkbare gemeenten. Tabel inkomensbron kinderen in minimahuishoudens over de periode 2020 - 2022 Inkomensbron

2020

Participatiewet

261

52%

2021 253

46%

2022 244

46%

AOW

119

23%

133

24%

102

19%

Overig

128

25%

163

30%

186

35%

Totaal

508

100%

549

100%

532

100%

Gebruik minimaregelingen Regelingen

Gebruik in 2020

Gebruik in 2021

Gebruik in 2022

Meer of minder dan vorig jaar ↓

t.o.v. landelijk

Kwijtschelding Bijzondere bijstand Individuele inkomenstoeslag

376 huishoudens 119 huishoudens 141 huishoudens

388 huishoudens 131 huishoudens 144 huishoudens

347 huishoudens 142 huishoudens 151 huishoudens

↑

꞊

↑

꞊

Collectieve zorgverzekering

252 huishoudens

253 huishoudens

344 huishoudens

↑

↑

Meedoen Volwassenen

163 huishoudens

195 huishoudens

210 huishoudens

↑

꞊

Meedoen Kindpakket

103 huishoudens

98 huishoudens

108 huishoudens

↑

↑

Meedoen Schoolkosten

21 huishoudens

16 huishoudens

17 huishoudens

꞊

꞊

Gratis OV voor ouderen 60+

161 huishoudens

195 huishoudens

196 huishoudens

꞊

꞊

2 Evaluatie minimabeleid 2022 Albrandswaard

Energietoeslag 2022 Een nieuwe (tijdelijke) regeling in 2022 is de ‘energietoeslag voor minima’. Een regeling die is ontstaan door de hoge energiekosten die vooral huishoudens met lage inkomens en variabele contracten treft. Er zijn 532 minimahuishoudens in beeld. Er zijn echter 680 huishoudens die gebruik hebben gemaakt van de energietoeslag. Dit aantal is hoger dan het geschatte aantal huishoudens met een inkomen tot 120% Wsm. Dit kan worden verklaard door het feit dat er geen vermogenstoets wordt toegepast bij de energietoeslag. Tabel gebruik energietoeslag in 2022 Energietoeslag

2022

Minimahuishouden tot 120 % Wsm

442

65%

Overige huishoudens

238

35%

Totaal

680

100%

Meedoen Het bereik van Meedoen voor volwassenen is gestegen over de periode 2020 tot 2022 en ligt intussen in lijn met het gemiddelde in vergelijkbare gemeenten (35 tot 40%). Voor de kinderen geldt dat het bereik tussen 2020 en 2021 een lichte daling heeft gekend (mogelijk corona-effect) en in 2022 weer toeneemt: - Het Meedoen-kindpakket bereikt 59% van de doelgroep in 2022. Het bereik ligt hoger dan in vergelijkbare gemeenten waar een bereik van 50 tot 5 % gangbaar is; - De Meedoen-schoolkostenregeling heeft een bereik van 15%. Dat ligt in lijn met de 15 tot 20% in vergelijkbare gemeenten. Individuele Inkomenstoeslag (langdurig laag inkomen) Het aandeel minimahuishoudens dat langdurig moet rondkomen van een minimuminkomen is over de periode 2020 tot 2022 stabiel gebleven. Op 31 december 2022 moesten 403 huishoudens drie jaar of langer rondkomen van een inkomen tot 120% Wsm (76% van alle 532 minimahuishoudens). Tabel langdurigheid over de periode 2020 - 2022 Langdurigheid

2020

2021

2022

Tot 1 jaar

46

9%

66

12%

57

11%

1 tot 3 jaar

66

13%

53

10%

72

13%

3 jaar of langer

396

78%

430

78%

403

76%

Totaal

503

100%

549

100%

532

100%

3 Evaluatie minimabeleid 2022 Albrandswaard

Collectieve Zorgverzekering (CZ en DSW) Armoede en een slechte gezondheid gaan vaak samen. Daarom stimuleren we de deelname aan een uitgebreide collectieve zorgverzekering. We ondersteunen inwoners met een laag inkomen die deelnemen met een vergoeding voor een deel van de aanvullende verzekering en een vergoeding voor een deel van het wettelijk eigen risico via de bijzondere bijstand. Dit is geregeld in de ‘Beleidsregels bijzondere bijstand’. In onderstaand schema zien we dat er jaarlijks een kleine verschuiving is van CZ naar DSW. DSW biedt een lagere premie, een lager wettelijk eigen risico, is kleinschalig en daardoor beter bereikbaar voor verzekerden. Aantal deelnemers (volwassenen en kinderen) per verzekeraar Verzekeraar 2021 2022 2023 CZ 437 510 466 DSW 238 148 177 Totaal 675 658 643

Aanvullende verzekering binnen de collectiviteit Er zijn twee keuzes binnen de collectiviteit, een uitgebreide aanvullende verzekering en een iets minder uitgebreide aanvullende verzekering. Bij de meest uitgebreide aanvullende verzekering wordt het eigen risico door de gemeente betaald. Jaar

Midden aanvullende verzekering

Uitgebreide aanvullende verzekering

2021 2022 2023

276 259 258

167 181 196

We zien een kleine toename van de uitgebreide aanvullende verzekering, dit is veelal een financiële afweging. Beide pakketten bieden een uitgebreide dekking voor diverse medische kosten.

4 Evaluatie minimabeleid 2022 Albrandswaard

3. Inkomenseffectrapportage 2023 De gemeente Albrandswaard heeft een breed pakket aan gemeentelijke minimaregelingen. In de inkomenseffectrapportage komt naar voren in hoeverre de minimaregelingen effect hebben op het totale inkomen van minimahuishoudens. In deze rapportage wordt antwoord gegeven op onderstaande deelvragen • • •

Hoe hoog is de maximale bijdrage van de gemeente en van het Rijk voor minimahuishoudens? Hoeveel geld houden minimahuishoudens per maand over (of komen zij tekort) voor het doen van vrije bestedingen? Wat is het financiële effect van inkomensverhoging door vanuit de bijstand aan het werk te gaan: is er sprake van een armoedeval?

Uitgangspunten bij deze rapportage • • • • •

Er worden zes verschillende huishoudtypen als uitgangspunt genomen. Er worden zes verschillende inkomensniveaus tot en met 140% Wsm onderzocht. Er is een langdurig minimuminkomen. Er wordt gekeken naar de effecten van het wegvallen van gemeentelijke regelingen. Er wordt gekeken naar het dalen van landelijke toeslagen bij een stijgend inkomen.

In het rapport wordt de ‘vrije bestedingsruimte’ aangegeven. Dit is het budget dat overblijft als de vaste lasten zijn betaald en vrij besteedbaar is voor sociale en recreatieve activiteiten. Voor deze vrije bestedingen hanteert het Nibud per huishoudtype eveneens een normbedrag. Voor de vaste lasten worden ook gemiddelde normbedragen gehanteerd. Er kunnen ongunstige omstandigheden zijn zoals een hoge huur, slecht geïsoleerd huis etc. Hier wordt geen rekening mee gehouden in de berekeningen. Ook is het uitgangspunt dat er geen aflossingen/schulden zijn. Duiding vrij besteedbaar budget; het vrij besteedbaar budget is bedoeld voor sociale participatie (een krant, abonnement, dagje uit, op bezoek gaan et cetera). Dat huishoudens in de plus staan betekent niet direct dat huishoudens ook voldoende kunnen participeren. Een alleenstaande zonder kinderen heeft volgens het Nibud €110 nodig voor minimale sociale participatie, paren zonder kinderen €176, alleenstaande ouders €227, paren met kinderen €309. In dit rapport wordt duidelijk dat: -

De inkomensregelingen van de gemeente voor alle huishoudtypen belangrijk zijn om rond te komen en vrije bestedingsruimte te hebben. Voor bepaalde huishoudtypen is de impact van minimaregelingen groter dan andere. Voor de huishoudens met kinderen is er meer bestedingsruimte dan in huishoudens zonder kinderen, mede door de landelijke toeslagen. Ook is te zien dat t.o.v. vorig jaar de verschillende maatregelen vanuit de overheid de bestedingsruimte heeft vergroot, vooral als er kinderen zijn. De energietoeslag die in 2022 is geïntroduceerd een aanzienlijk effect heeft op het besteedbaar inkomen. Het wegvallen van de energietoeslag in 2024 veel impact zal hebben op de bestedingsruimte. Het niet ontvangen van alle inkomensregelingen een grote impact heeft op de bestedingsruimte en het kunnen rondkomen. Huishoudens zonder kinderen zijn deels afhankelijk van de gemeentelijke bijdragen om voldoende budget voor sociale participatie te hebben. Alleenstaanden hebben voor sociale participatie €110 per maand nodig, paren zonder kinderen hebben €176 per maand nodig. Zowel alleenstaanden als paren zonder kinderen hebben te maken met een teruggang in vrij besteedbaar inkomen als zij met het inkomen van 120% naar 130% Wsm gaan. Dit wordt veroorzaakt door het vervallen van het recht op bijna alle gemeentelijke regelingen, met uitzondering van de collectieve zorgverzekering.

5 Evaluatie minimabeleid 2022 Albrandswaard

-

Alleenstaande ouders met kinderen hebben op ieder inkomensniveau meer budget voor het doen van vrije bestedingen dan paren met kinderen. Alleenstaande ouders hebben langer recht op hetzelfde bedrag aan landelijke toeslagen dan paren met kinderen.

Voorbeeld impact inkomensregelingen Een alleenstaande ontvangt maandelijks €1.196 als uitkering (inclusief vakantietoeslag). Als hij gebruikmaakt van alle landelijke toeslagen, ontvangt hij daar maandelijks €464 voor. Daarnaast kan hij maximaal €205 per maand aan gemeentelijke regelingen ontvangen als hij gebruikmaakt van de kwijtschelding gemeentelijke belastingen, de collectieve zorgverzekering, de Meedoenregeling voor volwassenen, de individuele inkomenstoeslag en de energietoeslag. Pensioengerechtigden AOW-gerechtigden hebben, in beide huishoudtypen, op ieder inkomensniveau tussen 100 en 140% Wsm een vrij besteedbaar budget. Paren van de AOW-gerechtigde leeftijd halen op bijstandsniveau niet het normbedrag om te participeren, wanneer zij geen gebruik maken van de gemeentelijke bijdragen. Zij komen dan €60 tekort. Bij een inkomen boven de 120% Wsm ondervinden zij een teruggang in vrij besteedbaar budget door het wegvallen van gemeentelijke regelingen en een sterke daling van landelijke toeslagen. Werken vanuit de bijstand loont meestal Een hoger inkomen leidt voor de meeste huishoudtypen in de gemeente Albrandswaard tot een hoger totaal inkomen dan in de bijstand. Echter, voor de meeste huishoudens nemen de bijdragen van het Rijk en de gemeente af wanneer het inkomen stijgt. Dit zorgt ervoor dat het totaal inkomen van een huishouden niet altijd evenredig stijgt.

In het rapport Inkomenseffectrapportage Albrandswaard 2023 is het verschil vanaf tabel 2.4.1 te zien.

6 Evaluatie minimabeleid 2022 Albrandswaard

4. Landelijke ontwikkelingen en conclusies Landelijke ontwikkelingen Voor het rondkomen van een uitkering/sociaal minimum zijn de landelijke toeslagen en de minimaregelingen onmisbaar. Dat is ook onder de aandacht bij het ministerie. In opdracht van minister Schouten (motie Omtzigt) is de ‘Commissie sociaal minimum’ opgericht. De commissie bestaat uit elf leden, allen deskundig op het gebied van de sociale zekerheid, sociaaleconomische, fiscale en juridische vraagstukken. Onderzoeksopdracht; wat hebben verschillende huishoudtypen nodig om rond te kunnen komen en om mee te kunnen doen aan de maatschappij, gekoppeld aan de systemen die dat mogelijk moeten maken. Naar aanleiding van dit onderzoek is in juni 2023 het deelrapport verschenen; ‘Een zeker bestaan, naar een toekomstbestendig stelsel van het sociaal minimum’. In september 2023 volgt het eindrapport. Uit het persbericht van de ‘commissie’; ‘Het onderzoek laat zien dat als er niets verandert, mensen met een laag inkomen de komende jaren tot honderden euro’s per maand tekortkomen. En dat, ondanks het geld dat het kabinet al in 2022 uittrok om huishoudens te helpen”, stelt voorzitter Godfried Engbersen namens de Commissie sociaal minimum. De Commissie pleit er dan ook voor die tekorten zo snel mogelijk op te lossen.’ Er wordt landelijk gewerkt aan een vereenvoudiging van de Participatiewet; ‘Participatiewet in balans’.

Er is een fundamentele herziening nodig van de Participatiewet, in samenhang met onder andere het toeslagenstelsel, zodat het vertrouwen toeneemt, de menselijke maat geldt en vereenvoudiging plaatsvindt. Het geeft hoop dat de overheid zich inzet voor een betere wetgeving zodat het systeem van landelijke regelingen overzichtelijker wordt en de wet de ruimte geeft om meer maatwerk te bieden. Conclusies Deze evaluatie laat zien dat het bereik in 2022 op onderdelen van de minimaregelingen hoger is dan vorig jaar. Communicatie via de minimafolder heeft geresulteerd in een hoger bereik van de regelingen. De regeling Meedoen en de collectieve zorgverzekering laat een stijging zien en is ook in lijn met de landelijke cijfers. Het gebruik van het gratis openbaar vervoer voor 60+ minima is gelijk gebleven. Het aantal minimahuishoudens is licht gedaald, het aantal minimakinderen licht gestegen. De aantallen in Albrandswaard wijken niet af van het landelijk gemiddelde. De Inkomenseffectrapportage laat zien dat de inkomensregelingen van de gemeente belangrijk zijn om rond te komen. Tegelijk weten we dat niet alle minima gebruik maken van gemeentelijke inkomensregelingen. Dat is zorgelijk want het geeft een grotere kans op financiële problemen.

Ook voor de kinderen die opgroeien in een minimagezin is het belangrijk dat voorzieningen worden gebruikt zodat ze mee kunnen doen op school en daarbuiten. We zullen ons daarom moeten blijven inzetten om de gemeentelijke regelingen nog beter vindbaar en overzichtelijker te maken. De inwoners die niet goed kunnen lezen en schrijven of digitaal niet vaardig zijn willen we ook graag bereiken. Geschreven teksten in begrijpelijke taal zijn voor deze groep niet voldoende, alternatieve communicatie moet hiervoor worden bedacht.

7 Evaluatie minimabeleid 2022 Albrandswaard

DUIDINGSRAPPORTAGE DASHBOARD MINIMA GEMEENTE ALBRANDSWAARD Meting over 2022 versie 1.0

Opdrachtgever

Gemeente Albrandswaard

Datum

Juli 2023

Auteurs

Michelle Ellens Jitske Kooistra - van der Wijk

KWIZ

Stavangerweg 23-5 9723 JC Groningen 050-5252473 contact@kwiz.nl

Uitgave

Deze uitgave is een uitgave van KWIZ B.V. Het overnemen van cijfers en/of teksten is toegestaan, mits de bron duidelijk wordt vermeld. Niets uit deze publicatie mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden in welke vorm dan ook zonder voorafgaande toestemming van KWIZ B.V..

INLEIDING De gemeente Albrandswaard voert een actief beleid ter bestrijding van armoede en schulden. Sinds 2014 maakt KWIZ jaarlijks een Armoedemonitor voor de gemeente Albrandswaard. De monitor biedt de gemeente een overzicht van de ontwikkelingen in de omvang en samenstelling van de minimapopulatie en het bereik van de minimaregelingen. Weergave van de minimahuishoudens Vanaf de meting over 2020 worden de cijfers in een online dashboard gepresenteerd waarin de gemeente zelf diverse analyses kan maken. In deze begeleidende duidingsrapportage worden de belangrijkste bevindingen benoemd. Inmiddels bevat het dashboard (en deze rapportage) drie meetmomenten: • • •

Peildatum 01-01-2021, gebruik van regelingen over geheel 2020 Peildatum 01-01-2022, gebruik van regelingen over geheel 2021 Peildatum 31-12-2022, gebruik van regelingen over geheel 2022

Voor iedere meting geeft de Armoedemonitor het aantal minimahuishoudens weer dat bij de gemeente in beeld is op de desbetreffende peildatum. Meer specifiek gaat het om de minimahuishoudens met een inkomen tot 120 procent van het Wettelijk sociaal minimum (Wsm). De doelgroep wordt weergegeven aan de hand van verschillende kenmerken zoals die in de BRP staan. Huishoudens die een inkomen tot 120 procent Wsm hebben maar die van geen enkele (minima)regeling gebruikmaken, komen niet voor in de registratiebestanden die voor dit onderzoek zijn gebruikt. Zij ontbreken ook in de cijfers en analyses. Methodiek Armoedemonitor De gemeente heeft geen rechtstreekse toegang tot inkomensgegevens van haar inwoners. Door zoveel mogelijk informatiebronnen van gemeentelijke regelingen voor minimahuishoudens aan elkaar te koppelen, kunnen we het aantal minimahuishoudens weergeven dat de gemeente op het peilmoment in beeld heeft. Daarvoor heeft de gemeente registraties van de volgende voorzieningen gebruikt: de Participatiewet, minimaregelingen, collectieve zorgverzekering, kwijtschelding, energietoeslag en gegevens van Wmo, Jeugdwet en schulddienstverlening. Met behulp van de Basisregistratie Personen (BRP) zijn de gebruikersgegevens vervolgens op huishoudniveau gegroepeerd.

Op deze manier ontstaat een samenhangend beeld op de omvang en samenstelling van de minimapopulatie, de mate van gebruik van voorzieningen en de overlap in het gebruik van voorzieningen op andere beleidsterreinen. De methodiek van bronregistraties heeft als gevolg dat alleen minimahuishoudens die de gemeente (en/of externe partners) in beeld heeft, zijn opgenomen in de Armoedemonitor. Huishoudens die van geen enkele regeling of voorziening voor minima gebruikmaken, maar misschien wel recht hebben op sommige regelingen, ontbreken daarom in de cijfers. Opzet rapportage dashboard minima In deze rapportage worden de belangrijkste bevindingen weergegeven. We beginnen met het hoofdstuk over minimahuishoudens, waarna de belangrijkste bevindingen over de minimakinderen worden weergegeven. Daarna volgen hoofdstukken over de energietoeslag en zzp’ers.Tot slot wordt ingegaan op het gebruik en bereik van de minimaregelingen en wordt de overlap met de Wmo, Jeugdwet en schuldhulpverlening. Waar mogelijk wordt een vergelijking gemaakt met voorgaande metingen over 2020 en 2021. Vergelijkingen met landelijke cijfers zijn gebaseerd op ervaringscijfers van KWIZ en/of openbare cijfers van het CBS.

1. MINIMAHUISHOUDENS • • •

Het aandeel minimahuishoudens is gedaald tussen 2021 en 2022; Het aandeel huishoudens met een inkomen uit werk of WW-uitkering is toegenomen, terwijl het aandeel met een inkomen uit de Participatiewet is gedaald; Zeven op de tien minimahuishoudens is langdurig minima; dit aandeel is stabiel over de periode 2020 tot 2022.

Verloop minimahuishoudens 2020 - 2022 Het aantal en aandeel minimahuishoudens in de gemeente Albrandswaard fluctueert tussen 2020 en 2022. Na een stijging van het aantal minimahuishoudens tussen 2020 en 2021 (2020: 508 huishoudens, 2021: 549 huishoudens), is er tussen 2021 en 2022 sprake van een lichte daling van het aantal minimahuishoudens. Op 31 december 2022 hadden 532 huishoudens een inkomen tot 120 procent Wsm (4,9 procent van alle huishoudens in de gemeente). De daling komt door een afname van het aantal huishoudens met een inkomen tot 100 procent Wsm. Tabel 1.1 Minimahuishoudens naar inkomensverdeling (cumulatief) over de periode 2020 - 2022

Inkomen t.o.v. Wsm

2020

2021

2022

467

421

508

549

532

4,9%

5,2%

4,9%

Tot 100% Wsm Tot 120% Wsm Tot 130% Wsm*

643

Aandeel in gemeente (tot 120% Wsm)

Schatting totale doelgroep minimahuishoudens 2022 De gemeente Albrandswaard heeft niet alle minimahuishoudens met een inkomen tot 120 procent Wsm in beeld. Op basis van de Armoede Index wordt het totale aantal huishoudens met een inkomen tot 100 procent Wsm geschat op 484 huishoudens (4,6 procent van alle huishoudens in de gemeente). Het totale aantal minimahuishoudens op 120 procent Wsm ligt op 634 huishoudens (6,1 procent van alle huishoudens). Het aandeel minimahuishoudens in Albrandswaard ligt in lijn met het gemiddelde dat in vergelijkbare gemeenten gangbaar is; 6 à 7 procent. De gemeente Albrandswaard heeft naar schatting 102 huishoudens met een inkomen tot 120 procent Wsm niet in beeld. In het dashboard is tevens een uitsplitsing zichtbaar naar inkomensbronnen voor de minimahuishoudens die niet bij de gemeente in beeld zijn. Hieronder gaan we verder in op de 532 huishoudens met een inkomen tot 120 procent Wsm die de gemeente in beeld heeft. Kenmerken 532 minimahuishoudens tot 120 procent Wsm in beeld Inkomensbron. De gemeente Albrandswaard heeft 532 huishoudens met een inkomen tot 120 procent Wsm in beeld. In de periode 2020 tot 2022 heeft een verschuiving plaatsgevonden in de voornaamste inkomensbron van minimahuishoudens.

Het aandeel huishoudens dat een uitkering vanuit de Participatiewet ontvangt is afgenomen, terwijl het aandeel huishoudens met een overig inkomen – inkomen uit werk of een WW-uitkering – is toegenomen. Dit past in het beeld van de landelijke ontwikkelingen; ook steeds meer werkende huishouden krijgen te maken met geldzorgen terwijl tegelijkertijd het aantal bijstandsuitkeringen daalt. Het aantal en aandeel AOW’ers ligt iets lager dan in 2020 en 2021. Tabel 1.2 Inkomensbronnen van minimahuishoudens over de periode 2020 - 2022

Inkomensbron

2020

2021

2022

Participatiewet

261

52%

253

46%

244

46%

AOW

119

23%

133

24%

102

19%

Overig

128

25%

163

30%

186

35%

Totaal

503

100%

549

100%

532

100%

Huishoudtype. Over de periode 2020 tot 2022 is het aandeel alleenstaande huishoudens licht gedaald (2020: 49 procent, 2022: 46 procent). Het aandeel tweeoudergezinnen is daarentegen gestegen (2020: 12 procent, 2022: 18 procent).

* Over 2020 en 2021 is de doelgroep op 130 procent Wsm niet uitgesplitst. Daarom wordt deze groep alleen voor 2022 weergegeven in tabel 1.1. De vergelijking wordt daarom gedaan op 100 en 120 procent Wsm.

Achtergrond. Naar herkomst heeft de helft van de minimahuishoudens een niet-westerse migratieachtergrond (50 procent). Vier op de tien minimahuishoudens heeft een Nederlandse achtergrond en een tiende een westerse migratieachtergrond. Over de periode van 2020 tot 2022 is het aandeel huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond gestegen (2020: 46 procent, 2022: 50 procent). Het aandeel huishoudens met een Nederlandse achtergrond is gedaald (2020:45 procent, 2022: 41 procent). Wijken. De meeste minimahuishoudens wonen in de wijken Poortugaal Zuid (34 procent) en Portland (29 procent). Dit beeld is over de periode 2020 tot 2022 stabiel gebleven. Doelgroepen Eenoudergezinnen hebben vaker een minimuminkomen dan andere huishoudtypen, met name eenoudergezinnen met alleen minderjarige kinderen. Van alle eenoudergezinnen met minderjarige kinderen (410 huishoudens), heeft 21 procent (86 huishoudens) een inkomen tot 120 procent Wsm. Onder tweeoudergezinnen met minderjarige kinderen is het aandeel aanzienlijk lager, namelijk 3 procent. Ook huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond zijn oververtegenwoordigd in de minimapopulatie. Van alle huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond (1.510 huishoudens), hebben 268 huishoudens (18 procent) een minimuminkomen. Onder huishoudens met een Nederlandse achtergrond is dit 3 procent.

Daarnaast hebben huishoudens in Portugaal Zuid vaker dan gemiddeld een inkomen tot 120 procent Wsm (6 procent). Langdurige minima Het aandeel minimahuishoudens dat langdurig moet rondkomen van een minimuminkomen is over de periode 2020 tot 2022 stabiel gebleven. Op 31 december 2022 moesten 403 huishoudens als drie jaar of langer rondkomen van een inkomen tot 120 procent Wsm (76 procent van alle 532 minimahuishoudens). Het aandeel nieuwe minima is tevens stabiel gebleven over de jaren; na een kleine piek in 2021 (2020: 9 procent, 2021: 12 procent), heeft in 2022 een lichte daling ingezet (2022: 11 procent). Tabel 1.3 Langdurigheid over de periode 2020 - 2022

Langdurigheid

2020

Tot 1 jaar

46

2021 9%

66

2022 12%

57

11%

1 tot 3 jaar

66

13%

53

10%

72

13%

3 jaar of langer

396

78%

430

78%

403

76%

Totaal

503

100%

549

100%

532

100%

Instroom en uitstroom op persoonsniveau Instromers in de minimapopulatie. In 2022 zijn 445 personen ingestroomd in de minimapopulatie van de gemeente Albrandswaard. Dit aantal is toegenomen ten opzichte van 2021, toen waren er 382 personen ‘ingestroomd’. Instromers in de minimapopulatie (‘nieuwe minima’) vormen een groep die gestimuleerd kan worden om de arbeidsmarkt (weer) te betreden. 59 procent van de groep instromers is in 2022 naar de gemeente Albrandswaard verhuisd en ruim een derde (38 procent) heeft in 2022 te maken gehad met een inkomensdaling. Daarnaast bestaat de doelgroep veelal uit paren zonder kinderen (48 procent). De meeste instromende huishoudens hebben een niet-westerse migratieachtergrond (54 procent) en wonen in de wijk Portugaal Zuid (55 procent). Vier op de tien instromers heeft een uitkering uit de Participatiewet als voornaamste inkomensbron (40 procent). Uitstromers uit de minimapopulatie. In 2022 zijn 389 personen uitgestroomd vanuit de minimapopulatie. Het merendeel (66 procent) van deze groep is verhuisd dan wel overleden. Een derde (34 procent) is uitgestroomd vanwege een inkomensstijging. Naar huishoudtype zijn de meeste uitstromers paren zonder kinderen (59 procent).

De uitstromers hebben veelal een niet-westerse migratieachtergrond (49 procent), hebben een AOW-uitkering als voornaamste inkomensbron (63 procent) en zijn woonachtig in Portugaal Zuid (69 procent).

2. MINIMAKINDEREN • Het aantal en aandeel minimakinderen is gestegen tussen 2020 en 2022; • Het aandeel minimakinderen ligt lager dan landelijk gemiddeld; • Vier op de tien minimakinderen groeien op in Poortugaal Zuid. Verloop minimakinderen tot 18 jaar 2020 - 2022 Het aantal kinderen dat opgroeit in een minimahuishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm is toegenomen in de periode 2020 tot 2022. Het aantal minimakinderen is gestegen van 318 kinderen in 2020, naar 338 kinderen in 2021 tot 353 kinderen in 2022. Het aandeel minimakinderen is tevens toegenomen; op 31 december 2022 heeft de gemeente Albrandswaard 353 minimakinderen in beeld (6,3 procent van alle kinderen in de gemeente). Net als bij de huishoudens is hier ook te zien dat het aantal kinderen dat opgroeit in een huishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm toeneemt, terwijl het aantal kinderen in een huishouden met een inkomen tot 100 procent Wsm afneemt. Tabel 2.1 Minimakinderen naar inkomensverdeling (cumulatief) over de periode 2020 - 2022

Inkomen t.o.v. Wsm

2020

2021 278

253

318

338

353

Tot 100% Wsm Tot 120% Wsm

2022

Tot 130% Wsm*

393

Aandeel in de gemeente (tot 120% Wsm)

5,7%

6,1%

6,3%

Schatting totale doelgroep minimakinderen De gemeente Albrandswaard heeft niet alle minimakinderen met een inkomen tot 120 procent Wsm in beeld. Net als bij de minimahuishoudens in hoofdstuk 1, is er op basis van de Armoede Index het totale aantal minimakinderen geschat. Het aantal kinderen dat opgroeit in een huishouden met een inkomen tot 100 procent Wsm wordt geschat op 300 kinderen (5,3 procent van alle kinderen). Het aantal minimakinderen op 120 procent Wsm wordt geschat op 384 kinderen (6,8 procent). Dat ligt onder het aandeel van 7 tot 8 procent dat gangbaar is in vergelijkbare gemeenten. In totaal heeft de gemeente 31 minimakinderen tot 120 procent Wsm niet in beeld. Hieronder gaan we verder in op de 353 minimakinderen dat opgroeit in een huishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm die de gemeente in beeld heeft. Kenmerken 353 minimakinderen tot 120 procent Wsm in beeld In de periode 2020 tot 2022 is het aantal en aandeel kinderen dat opgroeit in een huishouden met een inkomen uit de Participatiewet afgenomen. Tegelijkertijd is het aandeel kinderen dat opgroeit in een huishouden met een overig inkomen (inkomen uit werk of een WW-uitkering) gestegen. Dit sluit aan bij de trend die bij minimahuishoudens zichtbaar is. Tabel 2.2 Inkomensbron kinderen in minimahuishoudens over de periode 2020 - 2022

Inkomensbron

2020

2021

2022

Participatiewet

200

63%

186

55%

180

51%

Overig

118

37%

152

45%

173

49%

Totaal

318

100%

338

100%

353

100%

Verder valt op dat de huishoudverdeling over de periode 2020 tot 2022 is veranderd. Het aandeel minimakinderen dat opgroeit in een tweeoudergezin neemt toe (2020: 42 procent, 2022: 51 procent), terwijl het aandeel minimakinderen in eenoudergezinnen afneemt. Tot slot heeft twee derde van de minimakinderen een niet-westerse migratieachtergrond (67 procent) en wonen vier op de tien minimakinderen in de wijk Poortugaal Zuid (43 procent). Tabel 2.3 Huishoudverdeling kinderen in minimahuishoudens over de periode 2020 - 2022

Huishoudtype

2020

2021

Eenoudergezin

185

58%

Tweeoudergezin

133

42%

Totaal

318

100%

180

2022 53%

176

49%

158

47%

177

51%

338

100%

353

100%

* Over 2020 en 2021 is de doelgroep op 130 procent Wsm niet uitgesplitst. Daarom wordt deze groep alleen voor 2022 weergegeven in tabel 2.1. De vergelijking wordt daarom gedaan op 100 en 120 procent Wsm.

Minimakinderen ten opzichte van alle kinderen: wat valt op? Sommige kinderen hebben meer kans op opgroeien in armoede dan andere kinderen. In de gemeente Albrandswaard groeien kinderen in een eenoudergezin vaker op in een minimahuishouden dan kinderen uit andere huishoudens: 23 procent van alle minderjarige kinderen in een eenoudergezing woont in een huishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm (zie figuur 2.1). Verder groeien kinderen in huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond vaker op in een minimahuishouden dan kinderen met een andere achtergrond. Figuur 2.1 Aandeel minimakinderen t.o.v. alle kinderen 2022; huishoudtype

Kinderen in eenoudergezin

Kinderen in tweeoudergezin

23%

176 van alle 772 kinderen in een eenoudergezin 177 van alle 4.823 kinderen in een tweeoudergezin

4%

Figuur 2.2 Aandeel minimakinderen t.o.v. alle kinderen 2022; achtergrond

Nederlandse achtergrond

3%

103 van alle 4.114 kinderen met een Nederlandse achtergrond

Westerse migratieachtergrond

4%

14 van alle 126 kinderen met een westerse migratieachtergrond

Niet-westerse migratieachtergrond

22%

236 van alle 1.060 kinderen met een niet-westerse migratieachtergrond

3. MINIMAREGELINGEN • •

Het bereik van de minimaregelingen ligt in lijn met het landelijk gemiddelde; Het bereik van de collectieve zorgverzekering is aanzienlijk gestegen ten opzichte van 2020 en 2021; Het kindpakket kent een goed bereik, ook in vergelijking tot andere gemeenten.

•

Gebruik van de minimaregelingen Het gebruik is gemeten over de gehele kalenderjaren 2020, 2021 en 2022. Tabel 3.1 Gebruik van de minimaregelingen onder minimahuishoudens in aantallen over de periode 2020 - 2022

Regelingen

Gebruik in 2020

Gebruik in 2021

Gebruik in 2022

Kwijtschelding

376 huishoudens

388 huishoudens

347 huishoudens

Bijzondere bijstand

119 huishoudens

131 huishoudens

142 huishoudens

Individuele inkomenstoeslag

141 huishoudens

144 huishoudens

151 huishoudens

Collectieve zorgverzekering

252 huishoudens

253 huishoudens

344 huishoudens

Meedoen Volwassenen

163 huishoudens

195 huishoudens

210 huishoudens

Meedoen Kindpakket

103 huishoudens

98 huishoudens

108 huishoudens

Meedoen Schoolkosten

21 huishoudens

16 huishoudens

17 huishoudens

Gratis OV voor ouderen

161 huishoudens

195 huishoudens

196 huishoudens

15-20%

15%

21%

14%

50-55%

52%

59%

64%

35-40%

31%

33%

27%

Landelijk gemiddelde

Meedoen schoolkosten

2022

Meedoen kindpakket

2021

Meedoen volwassenen

2020

35-40%

46%

Collectieve zorgverzekering

32%

32%

40-45%

41%

43%

Individuele inkomenstoeslag

43%

20-25%

21%

22%

Bijzondere bijstand

19%

70-75%

72%

Kwijtschelding

75%

75%

Bereik van de minimaregelingen Het bereik van de verschillende minimaregelingen is berekend door het gebruik van de regeling af te zetten tegen de totale doelgroep (dus inclusief de minima die de gemeente niet in beeld heeft). Daarnaast wordt het bereik van de regeling vergeleken met het gemiddelde bereik in andere vergelijkbare gemeenten (met een inwonertal tot 50.000).

• • • • • •

•

Het bereik van de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen (72 procent) ligt in lijn met het gemiddelde bereik in vergelijkbare gemeenten (70 tot 75 procent); Het bereik van de bijzondere bijstand stijgt licht (2020: 19 procent, 2022: 22 procent) en ligt iets onder het gemiddelde in vergelijkbare gemeenten (ongeveer 25 procent); In totaal maakt 43 procent van de langdurige minima gebruik van de individuele inkomenstoeslag. Dit aandeel ligt in lijn met het landelijk gemiddelde (40 tot 45 procent) en is stabiel ten opzichte van 2020 en 2021; Het gebruik van de collectieve zorgverzekering is aanzienlijk gestegen (2020: 252 huishoudens, 2022: 344 huishoudens). Het bereik is toegenomen tot 46 procent en ligt daarmee boven het bereik dat in vergelijkbare gemeenten gangbaar is (35 tot 40 procent); Het bereik van het Meedoenpakket voor volwassenen is gestegen over de periode 2020 tot 2022 en ligt intussen in lijn met het gemiddelde in vergelijkbare gemeenten (35 tot 40 procent); Voor de participatieregelingen voor kinderen geldt dat het bereik tussen 2020 en 2021 een lichte daling heeft gekend (mogelijk corona-effect) en in 2022 weer toeneemt: o Het Meedoen Kindpakket bereikt 59 procent van de doelgroep in 2022.

Het bereik ligt hoger dan in vergelijkbare gemeenten waar een bereik van 50 tot 55 procent gangbaar is; o De Meedoenregeling voor schoolkosten heeft een bereik van 15 procent. Dat ligt in lijn met de 15 tot 20 procent in vergelijkbare gemeenten. Het gebruik van de gratis OV-regeling voor ouderen is constant gebleven tussen 2021 en 2022. Het bereik van deze regeling is niet vast te stellen.

4. ENERGIETOESLAG • •

6 procent van alle huishoudens heeft gebruikgemaakt van de energietoeslag; Acht op de tien minimahuishoudens maakt gebruik van de energietoeslag.

Huishoudens 2022 Als gevolg van het hoge prijspeil van gas en elektriciteit heeft het Rijk in 2022 de energietoeslag geïntroduceerd; een regeling die iedere gemeente kon verstrekken als compensatie voor minimahuishoudens. In de gemeente Albrandswaard konden inwoners aanspraak maken op de energietoeslag tot een inkomensgrens van 120 procent Wsm. Voor de energietoeslag is er geen vermogenstoets gedaan, deze vermogenstoets wordt wel voor het overige deel van het minimabeleid toegepast. In totaal hebben 680 huishoudens gebruikgemaakt van de energietoeslag; dat is 3,2 procent van alle huishoudens in de gemeente Albrandswaard. Niet alle huishoudens die gebruik zouden mogen maken van de energietoeslag, hebben dat ook gedaan. Van deze 680 huishoudens is 65 procent (442 huishoudens) in beeld bij de gemeente als minimahuishouden. Van deze huishoudens is bekend dat zij een inkomen hebben tot 120 procent Wsm en een vermogen hebben dat past binnen de grenzen van de Participatiewet. De overige 35 procent (238 huishoudens) van de gebruikers van de energietoeslag heeft (ook) een inkomen tot 120 procent Wsm. Het vermogen ligt echter mogelijk boven de vermogensgrenzen van de Participatiewet, of is onbekend.

Tabel 4.1 Gebruik energietoeslag in 2022

Energietoeslag Minimahuishouden tot 120 procent Wsm

2022 442

65%

Overige huishoudens

238

35%

Totaal

680

100%

Kenmerken huishoudens die gebruik hebben gemaakt van de energietoeslag in beeld De minimahuishoudens die gebruikmaken van de energietoeslag vormen meestal een alleenstaand huishouden (48 procent), hebben veelal een niet-westerse migratieachtergrond (50 procent) en de helft van deze huishoudens ontvangt een uitkering vanuit de Participatiewet (49 procent). Het betreft bovendien vaak langdurige minima; 81 procent van de minimahuishoudens die gebruikmaken van de energietoeslag moeten al drie jaar of langer rondkomen van een inkomen tot 120 procent Wsm.

5. GEBRUIK EN OVERLAP WMO, SCHULDHULPVERLENING EN JEUGDWET 5.1 Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)

In totaal maakten 1.234 huishoudens gebruik van een Wmo-voorziening in de gemeente Albrandswaard in 2022. Over de periode 2020 – 2022 is het totale aantal huishoudens dat gebruikmaakt van een Wmo-voorziening licht gestegen (2020: 1.164 huishoudens en 2022: 1.234 huishoudens). Minimahuishoudens met een Wmo-voorziening In de meest recente meting over 2022 zijn 123 huishoudens met een Wmo-voorziening ook bekend als minimahuishouden. Dit betekent dat 23 procent van alle minimahuishoudens (532) gebruikmaken van een Wmo-voorziening; dat ligt onder het gemiddelde van 25 tot 30 procent in vergelijkbare gemeenten. Het aandeel minimahuishoudens met een Wmo-voorziening is licht gedaald over onderzoeksperiode (2020: 26 procent, 2022: 23 procent). Tabel 5.1 Gebruik Wmo over de periode 2020 - 2022

2020 Minimahuishouden met Wmo

2021

2022

133

11%

126

11%

123

10%

Niet-minimahuishouden met Wmo

1.031

89%

1.062

89%

1.111

90%

Totaal

1.164

100%

1.188

100%

1.234

100%

5.2 Schuldhulpverlening

In de gemeente Albrandswaard kregen 30 huishoudens (een vorm van) schuldhulpverlening in 2022. Het totale aantal huishoudens dat gebruikmaakt van schuldhulpverlening fluctueert licht tussen 2020 en 2022. In totaal maakt 0,2 procent van alle huishoudens in de gemeente Albrandswaard gebruik van schuldhulpverlening; dat ligt onder de 0,9 procent die bij vergelijkbare gemeenten gangbaar is. Minimahuishoudens met schuldhulpverlening Alle 30 huishoudens die gebruikmaken van schuldhulpverlening zijn bij de gemeente bekend als minimahuishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm (net als in 2020 en 2021). Dit betekent dat 5 procent van alle minimahuishoudens (532) gebruikmaakt van schuldhulpverlening. Dat ligt onder het landelijke gemiddelde van 9 à 10 procent. Tabel 5.2 Gebruik schuldhulpverlening over de periode 2020 - 2022

2020 Minimahuishouden met SHV

29

2021 100%

36

2022 100%

30

100%

Niet-minimahuishouden met SHV

0

0%

0

0%

0

0%

Totaal

29

100%

36

100%

30

100%

5.3 Jeugdwet

De Jeugdwetindicaties worden getoond op twee niveaus: huishoudniveau en kindniveau. Op huishoudniveau gaat het om het aantal huishoudens met kinderen die een Jeugdwetindicatie hebben. Op kindniveau gaat het om het aantal kinderen met een Jeugdwetindicatie. Jeugdwet op huishoudniveau In totaal hebben 504 huishoudens ondersteuning gekregen vanuit de Jeugdwet. Zij vormen 11 procent van alle huishoudens in de gemeente Albrandswaard. In de periode 2020 tot 2022 is het aantal huishoudens met een vorm van Jeugdwet gestegen (2020: 468 huishoudens, 2021: 482 huishoudens, 2022: 504 huishoudens). De tabel is weergegeven op de volgende pagina. Minimahuishoudens met Jeugdwet In totaal hebben 35 minimahuishoudens één of meerdere kinderen met een indicatie vanuit de Jeugdwet. Het aantal en aandeel minimahuishoudens met een Jeugdwet-indicatie ten opzichte van alle huishoudens met een Jeugdwet-indicatie is de afgelopen drie jaar stabiel gebleven.

Tabel 5.3 Gebruik huishoudens Jeugdwet over de periode 2020 - 2022

2020 Minimahuishouden met Jeugdwet

38

2021 8%

36

2022 7%

35

7%

Niet-minimahuishouden met Jeugdwet

430

92%

446

93%

469

93%

Totaal

468

100%

482

100%

504

100%

Jeugdwet op kindniveau In totaal hebben 580 kinderen gebruikgemaakt van een voorziening vanuit de Jeugdwet; dit vormt 7,8 procent van alle kinderen in de gemeente Albrandswaard. Het aantal en aandeel kinderen met een Jeugdwet-indicatie is in de periode 2020 tot 2022 gestegen (2020: 527 kinderen, 2021: 556 kinderen, 2022: 580 kinderen). Minimakinderen met Jeugdwet In totaal wonen 43 kinderen met een Jeugdwet-indicatie in een minimahuishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm. Het aantal minimakinderen met een Jeugdwetvoorziening is stabiel gebleven (2020: 47 kinderen, 2021: 46 kinderen, 2022: 43 kinderen). Tabel 5.4 Gebruik Jeugdwet kinderen over de periode 2020 - 2022

2020

2021

2022

Minimahuishouden met jeugdwet

47

9%

46

8%

43

7%

Niet-minimahuishouden met jeugdwet

480

91%

510

92%

537

93%

Totaal

527

100%

556

100%

580

100%

6. ZZP’ERS Zelfstandigen In de gemeente Albrandswaard zijn 1.600 zzp’ers actief in 2022. In totaal zijn er 10.659 huishoudens in de gemeente Albrandswaard. Vaak is er één zzp’er per huishouden actief, dus als we het aantal zzp’ers afzetten tegen het aantal huishoudens in de gemeente, dan woont in 15 procent van alle huishoudens een zzp’er. De zzp’ers wonen veelal in een huishouden met kinderen (57 procent tweeoudergezin, 9 procent eenoudergezin) en hebben een Nederlandse achtergrond (66 procent). Zelfstandigen in minimahuishoudens In totaal behoren 39 zzp’ers tot de minimadoelgroep met een inkomen tot 120 procent Wsm; 2,4 procent van alle zzp’ers in de gemeente. Het aandeel zzp’ers met een inkomen tot 120 procent Wsm is licht gestegen ten opzichte van 2021 (29 zzp’ers, 1,8 procent). De zzp’ers met een inkomen tot 120 procent Wsm wonen veelal in een huishouden met kinderen (44 procent tweeoudergezin, 21 procent eenoudergezin). De meeste zzp’ers zijn tussen de 45 en 66 jaar oud (54 procent) en hebben een niet-westerse migratieachtergrond (49 procent). Tabel 6.1 Zzp’ers over de periode 2020 - 2022

2021 Zzp’ers met inkomen tot 120% Wsm

2022

29

1.8%

39

2,4%

Overige zzp’ers

1.624

98,2%

1.561

97,6%

Totaal

1.653

100%

1.600

100%

INKOMENS EFFECTRAPPORTAGE GEMEENTE ALBRANDSWAARD 2023 (2-METING)

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Inkomens Effect Rapportage Gemeente Albrandswaard 2023 Een onderzoek naar de effecten van het armoedebeleid op de inkomenspositie van minimahuishoudens in de gemeente Albrandswaard.

Cofon Colofon Opdrachtgever Gemeente Gemeentenaam Opdrachtgever Datum Gemeente 2021 November Albrandswaard Datum Auteurs Juli 2023Ellens Michelle Reimer Vonk Auteurs Michelle Ellens Grafische ondersteuning Jitske Kooistra Senne Trip – van der Wijk KWIZ Stavangerweg 23 - 5 9723 JC Groningen 050 - 5252473 contact@kwiz.nl Uitgave Deze publicatie is een uitgave van KWIZ. B.V.. Het overnemen Het overnemen van cijfers van cijfers en/ ofen teksten / of teksten is is toegestaan, mits de bron duidelijk wordt vermeld. Niets uit deze publicatie mag worden verveelvoudigd en//of ofopenbaar openbaargemaakt gemaaktworden wordenininwelke welkevorm vormdan danook ookzonder zonder voorafgaande toestemming van KWIZ B.V.. 1

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Inhoudsopgave Inleiding ......................................................................................................................................... 2 1. Onderzoeksmethodiek .............................................................................................................. 4 1.1. Huishoudens en inkomensgrenzen .................................................................................... 4 1.2. Inkomensbronnen ............................................................................................................... 4 1.3. Gemeentelijke minimaregelingen ....................................................................................... 4 1.4. Uitgaven .............................................................................................................................. 5 1.5. Vrije bestedingen ................................................................................................................ 5 1.6. Aannames ........................................................................................................................... 5 1.7. Tegemoetkoming in de energiekosten ............................................................................... 6 2. De inkomenseffecten ................................................................................................................. 7 2.1.

Het effect van het landelijk beleid is groter dan het gemeentelijk beleid ............................ 7 2.2. Opbouw maandelijkse gemeentelijke bijdrage per huishoudtype ...................................... 8 2.3. Het maandelijks vrij te besteden budget verschilt per huishoudtype ................................ 10 2.4. Werken vanuit de bijstand loont altijd ............................................................................... 13 3. Bevindingen ............................................................................................................................. 18 Bijlage 1. Overzicht minimaregelingen ........................................................................................ 21 Bijlage 2. Opbouw totaal inkomen 100 tot 140% Wsm ............................................................... 22 Bijlage 3. Financieel maandoverzicht .......................................................................................... 24

1

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Inleiding De gemeente Albrandswaard heeft een breed pakket aan gemeentelijke minimaregelingen en is benieuwd naar het effect van deze regelingen op de inkomens van minimahuishoudens. Tevens is de gemeente ook geïnteresseerd in de effecten van de gemeentelijke en de landelijke regelingen tezamen op de inkomens. Dit vanuit de visie dat werken moet lonen. Het minimabeleid is voor gemeenten voortdurend een relevant beleidsthema. Gezien de hoge vaste lasten en met name de hoge energieprijzen is het thema zeer actueel. De centrale onderzoeksvraag luidt: wat zijn de effecten van het landelijke en lokale beleid op de inkomens van de minima en in welke situatie(s) treedt er een armoedeval op? De Inkomens effectrapportage biedt inzicht in de actuele financiële positie van minimahuishoudens en in de mate waarin het huidige (lokale) beleid een bijdrage daaraan levert. De resultaten geven de gemeente daarnaast de mogelijkheid om te anticiperen.

De centrale onderzoeksvraag valt uiteen in de volgende deelvragen: • Hoe hoog is de maximale bijdrage van de gemeente en van het Rijk voor minimahuishoudens? • Hoeveel geld houden minimahuishoudens per maand over (of komen zij tekort) voor het doen van vrije bestedingen? • Wat is het financiële effect van inkomensverhoging door vanuit de bijstand aan het werk te gaan: is er sprake van een armoedeval? Opzet van het onderzoek We berekenen voor zes verschillende huishoudtypen met zes verschillende inkomensniveaus 1 ten opzichte van het Wettelijk sociaal minimum, de effecten van het wegvallen van gemeentelijke regelingen en dalen van landelijke toeslagen bij een stijgend inkomen, oftewel de inkomenseffecten. Daarvoor is per huishoudtype een overzicht van de inkomsten en uitgaven per maand. Met behulp van landelijke inkomensnormen, landelijke toeslagen en informatie over gemeentelijke regelingen is per huishoudtype de inkomsten bepaald. De gemeentelijke regelingen worden hiervoor omgezet in een maandbedrag. Voor de vaste uitgaven gaan wij uit van cijfers en normen van het Nibud2. Voor de andere uitgaven is waar mogelijk gebruikgemaakt van lokale tarieven (zoals huur en waterschapsbelasting). Beleidswijzigingen ten opzichte van 2022 De sterk stijgende energieprijzen in 2022 hebben het Rijk doen besluiten om een eenmalige energietoeslag uit te keren.

In de gemeente Albrandswaard is deze toeslag aan te vragen door inwoners met een inkomen tot en met 120 procent Wsm. Het ging in de 1-meting over 2022 om een bedrag van € 800 per huishouden. In deze 2-meting over 2023 gaat het om een bedrag van € 1.300 per huishouden. Leeswijzer In hoofdstuk 1 wordt de onderzoeksmethodiek nader toegelicht. Vervolgens worden in hoofdstuk 2 de inkomenseffecten van zowel de landelijke als de lokale inkomensondersteunende regelingen beschreven. In hoofdstuk 3 komen de belangrijkste bevindingen aan bod. Het rapport wordt afgesloten met een drietal bijlagen. In bijlage 1 staat een overzicht met de minimaregelingen in de gemeente Albrandswaard en de daar bijbehorende voorwaarden en bedragen. In bijlage 2 staat per huishoudtype de opbouw van het totale inkomen bij een 1 100, 110, 120, 130 en 140 procent van het wettelijk sociaal minimum (wsm). Daarnaast wordt een

langdurige minimasituatie doorgerekend waarbij huishoudens al drie jaar of langer van een inkomen op 100 procent Wsm moeten rondkomen. 2 Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) is een onafhankelijke stichting die informeert en adviseert over financiën van huishoudens.

2

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

inkomensniveau tussen de 100 en 140 procent Wsm. In de laatste bijlage, bijlage 3, staat het financieel maandoverzicht per huishoudtype weergegeven.

3

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

1. Onderzoeksmethodiek In dit hoofdstuk geven we een overzicht van de verschillende inkomsten en uitgaven die worden onderscheiden voor de Inkomens Effectrapportage.

1.1. Huishoudens en inkomensgrenzen We berekenen de inkomenseffecten van het lokale en landelijke beleid in 2023 voor de volgende 6 huishoudtypen: Niet AOW-gerechtigden: • alleenstaande; • paar zonder kinderen; • alleenstaande ouder met twee kinderen (8 en 13 jaar) • paar (twee volwassenen) met twee kinderen (8 en 13 jaar). AOW-gerechtigden: • alleenstaande; • paar (twee volwassenen. We brengen de inkomenseffecten in beeld voor huishoudens met inkomens van 100, 110, 120, 130 en 140 procent Wsm.

1.2. Inkomensbronnen Het totaal inkomen van de minimahuishoudens is opgebouwd uit het netto-inkomen, de gemeentelijke regelingen en diverse toeslagen van het Rijk. Specifiek gaat het om de volgende categorieën: • netto-inkomen inclusief vakantietoeslag3; • bijdrage Rijk: o huurtoeslag; o zorgtoeslag o kinderbijslag; o kindgebonden budget; o combinatiekorting. • gemeentelijke minimaregelingen.

1.3. Gemeentelijke minimaregelingen In de onderstaande tabel volgt een overzicht van de gemeentelijke minimaregelingen in 2023. In bijlage 1 worden deze regelingen verder toegelicht. Tabel 1.3.1 Gemeentelijke minimaregelingen in Albrandswaard Regeling Inkomensgrens Kwijtschelding 100% Wsm Collectieve zorgverzekering 130% Wsm Individuele inkomenstoeslag Drie jaar of langer op 120% Wsm Meedoen: Volwassenen 120% Wsm Meedoen: Kindpakket 120% Wsm Meedoen: Schoolkosten 120% Wsm Energietoeslag 120% Wsm Gratis OV voor ouderen 120% Wsm Tegemoetkoming eigen risico zorgkosten 120% Wsm Niet meegenomen in berekeningen: Bijzondere bijstand 120% Wsm Studietoeslag Situatieafhankelijk 3 De hoogte van de bijstandsuitkeringen die vanuit de Participatiewet worden verstrekt, wijzigt per 1 juli 2023.

Huishoudens kunnen aanspraak maken op een hogere uitkering. Dit is niet verwerkt in deze inkomenseffect rapportage omdat het onderzoek al was afgerond voor de wijzigingsdatum.

4

Gemeente Albrandswaard

Versie 0.1

Niet meegenomen regelingen Een aantal regelingen wordt niet meegenomen in de berekeningen en begrotingen. In de meeste gevallen gaat het om een regeling die een beperkte doelgroep heeft of niet ieder jaar wordt toegekend. Hieronder staat beschreven wat de precieze reden is dat de regeling niet is meegenomen. • Bijzondere bijstand (voor energiekosten) is niet meegenomen in de berekeningen omdat deze vorm van bijstand wordt verstrekt voor noodzakelijke onvermijdbare individuele uitgaven en dit niet maandelijks bij iedereen voorkomt. • De studietoeslag is eveneens niet doorgerekend in de financiële overzichten. Deze regeling kent een specifieke doelgroep; namelijk studenten met een lichamelijke of psychische beperking, waarbij het niet mogelijk is dat zij naast hun studie werken. In deze inkomenseffect rapportage is geen huishouden opgenomen waarbij deze regeling van toepassing is.

1.4. Uitgaven De uitgaven zijn gecategoriseerd naar: • •

• •

vaste lasten. Dit zijn uitgaven die regelmatig terugkomen. Voorbeelden zijn huur, energiekosten4 en verzekeringen; reserveringsuitgaven. Dit zijn uitgaven die niet regelmatig voorkomen en waarvan de hoogte vooraf niet bekend is. Er moet in principe een bedrag voor gereserveerd worden. Voorbeelden zijn kosten voor inventaris, kleding en het eigen risico voor de zorgverzekering; huishoudelijke uitgaven. Dit zijn terugkerende uitgaven aan voeding, persoonlijke verzorging en dergelijke; werkgelerateerde uitgaven. Dit zijn uitgaven die gemaakt worden als een persoon werkt. Voorbeelden zijn de kosten van woon-werkverkeer en werkkleding.

Voor de uitgaven is waar mogelijk uitgegaan van lokale tarieven. Voorbeelden hiervan zijn de huur en lokale heffingen. De andere bedragen zijn gebaseerd op landelijke berekeningen van het Nibud. De normbedragen staan per huishoudtype in het financieel maandoverzicht in de bijlage. We benadrukken dat het bij alle posten gaat om de basale uitgaven en dat de normbedragen gemiddelden betreffen. Het is mogelijk dat een huishouden maandelijks minder uitgeeft dan de normbedragen waarmee in deze rapportage wordt gerekend, bijvoorbeeld omdat het huishouden minder geld per maand reserveert voor onregelmatige uitgaven.

1.5. Vrije bestedingen Het budget dat overblijft is vrij besteedbaar en kan worden uitgegeven aan sociale en recreatieve activiteiten. Voor deze vrije bestedingen hanteert het Nibud per huishoudtype eveneens een normbedrag, dat is terug te vinden in de begrotingen in bijlage 3.

1.6. Aannames Voor de inkomsten en uitgaven doen we de volgende aannames: • De huishoudens maken van alle regelingen gebruik en ontvangen daarvoor het maximale bedrag. • Bij de inkomenseffecten wordt uitgegaan van gemiddelden. Dit betekent ook dat een ongunstige situatie, bijvoorbeeld een hogere huurprijs of een slecht geïsoleerd huis, direct gevolgen kan hebben voor de inkomenseffecten zoals in dit rapport zijn weergegeven. • Het vermogen van de huishoudens ligt binnen de grenzen van de Participatiewet. Daarom gaan we er ook vanuit dat iedereen in een huurwoning woont en niet in een koopwoning omdat een koopwoning tot een te hoog vermogen zou kunnen leiden om gebruik te mogen maken van de voorzieningen vanuit de Participatiewet. We gaan uit 4 Kosten gas en elektriciteit zijn gebaseerd op tarieven van Essent (Stroom en Gas Zeker, 3 jaar), de

kosten voor water op de tarieven van WMD. Heffingskortingen zijn in de maandprijs verrekend. Gegevens over het gemiddelde gebruik per huishoudtype zijn afkomstig van het Nibud.

5

Gemeente Albrandswaard

•

•

•

•

•

• •

Versie 0.1

van € 616 kale huur per maand voor een alleenstaande en € 660 kale huur per maand voor een meerpersoonshuishouden. Deze bedragen zijn gebaseerd op huurtoeslaggegevens van de Rijksoverheid over de gemeente Albrandswaard. Alleenstaande ouders met een inkomen gelijk aan de bijstandsnorm werken niet of zitten in een traject waarbij de kinderopvang wordt vergoed. We gaan ervan uit dat alleenstaande ouders met inkomens tegen 110 en 120 procent Wsm gebruik maken van twee dagdelen van 4 uur BSO per week. Alleenstaande ouders met een inkomen van 130 of 140 procent Wsm maken gebruik van respectievelijk drie of vier dagdelen BSO per week. Dit alles tegen een tarief van € 8,73 (gemiddelde uurtarief in 2023). Bij een paar met twee kinderen en een inkomen hoger dan 100 procent Wsm werkt slechts één van beide partners. Anders is het huishoudinkomen hoger. Daarom gaan we er vanuit dat deze huishoudens geen kinderopvang nodig hebben omdat één van beide partners thuis is voor de kinderen. Dit is eveneens waarom een paar met kinderen geen combinatiekorting krijgt bij werkaanvaarding. De gemeente Albrandswaard biedt twee collectieve zorgverzekeringen aan: CZ en DSW. De meeste mensen sluiten een collectieve zorgverzekering af via CZ met een aanvullende verzekering. Deze premie (Zorg-op-maatpolis met aanvullende verzekering ‘Gemeenten Extra’) wordt daarom doorgerekend in deze rapportage 5.

Huishoudens die (op basis van hun inkomen) geen gebruik kunnen maken van de collectieve zorgverzekering van de gemeente, maken een eigen keuze uit verschillende zorgverzekeraars. Op basis van standaard zorgverzekeringen 6 bij zes grote zorgverzekeraars is daarvoor een gemiddelde prijs berekend van € 154 per polis. De gemeente Albrandswaard biedt een tegemoetkoming aan voor het wettelijke eigen risico van de zorgverzekering. De bijdrage is maximaal € 200 per jaar. In deze inkomenseffect rapportage geldt de aanname dan minima (minstens) € 200 aan zorgkosten maken die uit hun eigen risico betaald dienen te worden. De afvalstoffenheffing kent een vast en een variabel onderdeel. Voor de vaste kosten is kwijtschelding mogelijk, voor het variabele deel niet. De variabele kosten worden per huishoudtype bepaald7. Huishoudens in de bijstand werken niet, en hebben daarom geen werkgerelateerde kosten. Bij een inkomen vanaf 110 procent Wsm werkt één persoon in het huishouden, en is er wel sprake van deze kosten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3511/documents/30441