CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

66. 2025-071840 Rekenkamer Albrandswaard 'DoeMee-onderzoek energiebesparingsplicht'.pdf

Gemeenteraad AW 13 oktober 2025, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 8: Ingekomen stukken27.957 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Meent 94 t 010 • 267 22 42

Postbus 70012

info@rekenkamer.rotterdam.nl

3000 KP Rotterdam

www.rekenkamer.rotterdam.nl

Gemeente Albrandswaard Gemeenteraad d.t.k.v. de griffie Stationsstraat 4 3161 KP RHOON

datum 26 september 2025

ons kenmerk

RA 25.11/SK/EB/CS

pagina

betreft

1 van 7

DoeMee-onderzoek energiebesparingsplicht

Geacht raadslid, In het onderzoeksprogramma 2024 heeft de rekenkamer aangegeven dat zij met de gemeente Albrandswaard ging deelnemen aan het landelijk DoeMee-onderzoek naar de Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing. De jaarlijkse DoeMee-onderzoeken zijn een initiatief van de Vereniging van Rekenkamers (VvR). Aan het DoeMee-onderzoek van 2024 deden nog 110 andere gemeenten en 12 provincies mee. Dit onderzoek leverde ook input voor het nationale onderzoek van de Algemene Rekenkamer (AR) naar de beide plichten. De onderzoeksrapporten van de VvR en AR verschenen in november vorig jaar. Ter verduidelijking en verdieping van de VvR-rapportagegegevens over Albrandswaard heeft de rekenkamer nog enige vragen gesteld aan de omgevingsdienst Milieudienst Rijnmond (DCMR) en deze beantwoord gekregen. In deze brief geven we de uitkomsten weer van het DoeMee-onderzoek naar de Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing in Albrandswaard, aangevuld met bevindingen uit het AR-onderzoek en het gesprek met DCMR. Waar mogelijk worden de Albrandswaardse uitkomsten van het DoeMee-onderzoek vergeleken met die van de andere deelnemende gemeenten. Tenslotte geven we enkele aanbevelingen mee om de controle op de Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing bij de gemeente Albrandswaard verder te verbeteren.

Wat is de Energiebesparingsplicht en de Informatieplicht energiebesparing en waarom zijn ze relevant voor de gemeenteraad? Wat is het? • Energiebesparingsplicht: bedrijven en instellingen die jaarlijks meer dan 50.000 kWh stroom of 25.000 m3 aardgas gebruiken, zijn verplicht energiebesparende maatregelen te nemen. Het gaat hierbij specifiek om investeringen die zij binnen vijf jaar kunnen terugverdienen. • Informatieplicht energiebesparing: deze bedrijven en instellingen zijn verplicht eens in de vier jaar actief informatie te verstrekken aan hun omgevingsdienst over de energiebesparende maatregelen die zij hebben genomen. De Rijksdienst voor

Ondernemend Nederland (RVO) beheert het digitale loket waarmee bedrijven dit aan hun omgevingsdienst laten weten. Sinds 1 juli 2019 is de wetgeving aangepast doordat onder meer een zogeheten Erkende Maatregelenlijst is toegevoegd aan het Activiteitenbesluit milieubeheer. Daarmee is beter te controleren of bedrijven en instellingen energiebesparende maatregelen nemen. Sinds 1 juli 2023 is het verplicht dat de omgevingsdiensten in opdracht van gemeenten het toezicht op de beide plichten uitvoeren. Daarvóór hadden gemeenten (waaronder Albrandswaard) deze verantwoordelijkheid vaak ook al aan hun omgevingsdienst gemandateerd.

datum 26 september 2025

pagina 2 van 7

relevantie thema voor gemeenteraden Kort samengevat: Wat je bespaart hoef je niet op te wekken en drukt niet op het stroomnet. Door netcongestie kunnen nieuwe huizen en bedrijven soms niet aangesloten worden op het stroomnet. Daarnaast is er in Nederland nogal eens politieke onrust over de plaats waar windmolens of zonneparken kunnen komen. Ook zijn er hoge kosten gemoeid met het verzwaren van het stroomnet en de transitie naar gasloos. Dit maakt het besparen van energie een uiterst belangrijk onderwerp binnen de energietransitie. De energiebesparingsplicht (in combinatie met de informatieplicht energiebesparing) is een sinds 1993 bestaand instrument om bedrijven en instellingen hierin hun rol te laten nemen. De gemeenteraad zou beter kunnen helpen bij energie- en netcongestieproblemen als ze meer zicht op de problemen zou hebben en er op zou kunnen sturen. Met de controle en handhaving van de energiebesparingsplicht heeft een gemeenteraad inzicht in, en sturingsmogelijkheden voor, energiebesparing bij lokale (vestigingen van) bedrijven en instellingen.

onderzoeksaanpak De VvR heeft het onderzoek naar de Energiebesparingsplicht en Informatieplicht energiebesparing laten uitvoeren door onderzoeksbureau Ecorys. De deelnemende gemeenten en provincies en hun omgevingsdiensten hebben vragenlijsten ingevuld en soms aanvullende documenten opgestuurd. In Albrandswaard hebben een betrokken gemeenteambtenaar en een functionaris van de omgevingsdienst DCMR elk een vragenlijst ingevuld (gemeenteambtenaren en omgevingsdiensten kregen verschillende lijsten). 1 Er zijn geen aanvullende documenten naar Ecorys gestuurd. bevindingen Hieronder zijn de belangrijkste bevindingen voor de gemeente Albrandswaard samengevat. Waar mogelijk en relevant, worden de Albrandswaardse uitkomsten vergeleken met die van andere deelnemende gemeenten aan het VvR-onderzoek of in verband gebracht met uitkomsten van het nationale onderzoek van de Algemene Rekenkamer. Gemeente Albrandswaard

1 Op basis van de antwoorden op de vragenlijsten heeft Ecorys voor elke deelnemende gemeente een eigen factsheet opgesteld (zie bijlage 1 bij deze brief). Voordat de factsheet definitief werd, zijn de gemeente Albrandswaard en DCMR in de gelegenheid gesteld er op te reageren. Zij hebben van deze mogelijkheid gebruik gemaakt.

•

datum 26 september 2025

pagina 3 van 7

•

•

•

•

De controle op de energiebesparingsplicht en informatieplicht door DCMR in Albrandswaard wordt voor 66% uit middelen van de gemeente bekostigd en voor 34% uit rijksmiddelen. o De gemeente Albrandswaard betaalt een algemeen ‘werkplanbudget’ voor alle activiteiten van deze omgevingsdienst. Daarnaast heeft de gemeente specifieke middelen vrijgemaakt ten behoeve van een verhoogde ambitie. Verschillende andere gemeenten in het DCMRgebied (en in de rest van Nederland) deden dit ook. Het werkgebied van DCMR betreft nog twaalf andere gemeenten. De controle in elk van de dertien DCMR-gemeenten wordt gemiddeld voor 70% uit gemeentelijke middelen en voor 30% uit rijksmiddelen bekostigd. Het aandeel dat de gemeente Albrandswaard bijdraagt in de kosten voor de energiebesparingsplichtcontroles is dus heel gemiddeld. o In de periode 2019-2023 stelde het rijk subsidies beschikbaar voor controle op de energiebesparingsplicht door onder andere omgevingsdiensten (VUE-middelen). Ook daarna stelde het rijk specifieke middelen ter beschikking. Deze zijn door DCMR ook voor de controle in Albrandswaard ingezet. Net als de meeste andere gemeenten stuurt Albrandswaard op de uitvoering van de taken door de omgevingsdienst. Dit wordt gedaan door periodiek overleg op de voortgang.

In de opdracht van de gemeente aan de omgevingsdienst zijn geen afspraken vastgelegd over de monitorings- en verantwoordingsinformatie. (Een kwart van de andere deelnemende gemeenten gaf aan dat zulke afspraken daar ook ontbreken). Volgens de betrokken Albrandswaardse gemeenteambtenaar voldeed het eerste conceptrapport daarom niet aan de verwachtingen van de gemeente. Daarom moeten er nog nadere afspraken over worden gemaakt. (Twee vijfde van de andere aan het onderzoek deelnemende gemeenten is wel helemaal tevreden over de rapportages van hun omgevingsdienst.) Afgezien van het werk dat de omgevingsdienst doet, geeft de gemeente Albrandswaard zelf geen invulling aan toezicht en handhaving van de plichten, zo geeft ze aan. (26% van de onderzochte gemeenten geeft aan hier zelf ook acties voor verrichten, bijvoorbeeld door actief te communiceren naar bedrijven, hen te stimuleren en te adviseren over de verplichtingen.) Volgens de betrokken ambtenaar van de gemeente Albrandswaard, zijn er vanuit de gemeenteraad nooit vragen gesteld over de uitvoering van toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht of over de bereikte resultaten in het kader van deze plicht.

Omgevingsdienst DCMR • Net als ongeveer de helft van de andere deelnemende omgevingsdiensten, geeft DCMR aan volledig zicht te hebben op het aantal bedrijven dat valt onder de energiebesparings- en informatieplicht. Desgevraagd geeft DCMR naar de rekenkamer aan dat dit niet betekent dat zij precies alle bedrijven kan aanwijzen die onder de plichten vallen, maar ze weet wel vrij nauwkeurig hoeveel het er zijn. DCMR gebruikt hiervoor een eigen ‘voorspelmodel’ (waarin onder meer de oppervlakte en het energielabel van het bedrijfsgebouw onafhankelijke variabelen zijn) en data van de RVO. • DCMR handhaaft op de plichten door controles uit te voeren. DCMR kiest welke bedrijven ze (als eerste) gaat controleren op basis van de rubricering van de RVO en eigen gegevens over, of voorspellingen van, het energiegebruik.

•

•

DCMR noch de andere omgevingsdiensten hebben voorafgaand aan hun controles inzicht in de energieverbruiksgegevens van bedrijven. De betrokken DCMR-functionaris geeft aan dat er behoefte is aan het kunnen vorderen van energiegegevens bij de netbeheerder om de doelgroep volledig in beeld te krijgen. Dat is op dit moment nog niet wettelijk geregeld. (De functionaris verwacht verwacht dat dit medio 2025 wel wettelijk geregeld gaat worden.) DCMR heeft voor de periode 2020-2023 doorgegeven hoeveel Albrandswaardse bedrijven zijn gecontroleerd en hoeveel uren daaraan zijn besteed. Beide grootheden nemen in deze periode sterk toe. Overigens is de ureninzet niet geheel compleet, zo geeft DCMR aan: uren die uit de VUEregeling werden betaald, ontbreken.

tabel 1: aantal bedrijven gecontroleerde en ureninzet per jaar datum 26 september 2025

jaar

aantal bedrijven gecontroleerd

Ureninzet*

2020

7

Geen informatie

pagina

2021

16

61

4 van 7

2022

32

131

2023

18

179

* Deze urenregistratie is niet compleet omdat deze geen vanuit de VUE-regeling betaalde uren bevat. De werkelijke besteding lag hoger.

•

•

• •

•

Ook de cijfers die de andere omgevingsdiensten voor dit onderzoek rapporteerden, laten sterke stijgingen zien. Landelijk is het aantal gecontroleerde bedrijven tussen 2019-2023 ongeveer verviervoudigd en het aantal ingezette uren verdubbeld. Over de periode vóór 2020 kan DCMR moeilijk cijfers genereren, omdat haar administratiesysteem daar destijds niet op ingericht was. De betrokken DCMR-functionaris verwacht dat het aantal controles toen beperkt was. Volgens DCMR ontbreekt voor haar het zicht op het energiebesparingspotentieel van de bedrijven en instellingen in haar gebied. Het merendeel van de andere omgevingsdiensten vindt eveneens dat zij hier geen zicht op heeft. DCMR geeft aan geen zicht te hebben op de gerealiseerde energiebesparing dankzij de energiebesparingsplicht. Ook landelijk ontbreekt dit inzicht. DCMR kan geen cijfers generen over het aantal maal dat zij repressieve handhaving heeft opgelegd. Daar is haar administratiesysteem namelijk niet op ingericht. (Wel is er volgens DCMR minstens eenmaal een hersteltermijn opgelegd vanuit repressieve handhaving, een ‘vooraankondiging lasten onder dwangsom’ verstuurd en een dwangsom opgelegd.) Ook is duidelijk dat in 2023 bij 47% van de gecontroleerde bedrijven een overtreding werd vastgesteld, het betrof hier de eerste controles van bedrijven, niet de hercontroles.

DCMR geeft aan 5 à 10 jaar nodig te hebben om (op basis van de huidige hoogte van het budget voor energietoezicht) alle Albrandswaardse bedrijven en instellingen die onder de plichten vallen, te controleren. Dit is landelijk gemiddeld. De geënquêteerde omgevingsdiensten schatten namelijk in voor de meeste gemeenten en provincies 5 à 10 jaar nodig te hebben. (Voor 37% van de gemeenten zou dit in 1 tot 5 jaar moeten kunnen, en de rest duurt naar verwachting langer dan 10 jaar of het is niet ingeschat). ). Uiteraard zal de daadwerkelijke benodigde hoeveelheid jaren in belangrijke mate

•

afhankelijk zijn van de hoogte van het gemeentelijke budget voor toezicht op de plichten door DCMR. Dat Albrandswaardse bedrijven eens per 5 à 10 jaar gecontroleerd worden, is niet in lijn met rijksdoelstellingen. Opeenvolgende ministers en kabinetten wilden namelijk dat elke 4 jaar alle bedrijven en instellingen die onder de energiebesparingsplicht vallen, gecontroleerd worden.

De conclusies van het DoeMee onderzoek en het onderzoek van de Algemene Rekenkamer In het DoeMee onderzoek van de VvR worden over het geheel van de deelnemende gemeenten en provincies een vijftal conclusies getrokken, namelijk:

datum 26 september 2025

pagina 5 van 7

1. Landelijke en provinciale middelen hebben intensivering van de controle en handhaving op de energiebesparingsplicht mogelijk gemaakt. 2. Door het tijdelijke karakter van de intensiveringen is er een gebrek aan continuïteit bij de omgevingsdiensten, dit uit zich bijvoorbeeld in het niet in kunnen zetten van vast personeel. 3. Er is bij gemeenten, provincies en omgevingsdiensten gebrekkig zicht op bedrijven en instellingen die moeten voldoen aan de energiebesparingsplicht en de plicht hier inlichtingen over te geven. 4. Er is gebrekkig zicht op zowel het energiebesparingspotentieel als de gerealiseerde energiebesparing.. 5. De complexe regelgeving vereist specialistische toezichthouders bij omgevingsdiensten. Volgens de rekenkamer zijn al deze conclusies ook relevant voor Albrandswaard, op de derde conclusie na. Middels het voorspelmodel dat DCMR ontwikkelde, heeft de dienst namelijk wel goed inzicht in het aantal Albrandswaardse bedrijven en instellingen dat met de energiebesparingsplicht te maken heeft, zo geeft DCMR aan. Wat betreft de vierde conclusie merkt DCMR op dat de koepelorganisatie van Nederlandse omgevingsdiensten op dit moment werkt aan een model om eenvoudig besparingspotentieel te kunnen schatten. De conclusie geldt dus, maar mogelijk wordt het probleem van het onbekende besparingspotentieel spoedig minder groot.

Relevant uit het onderzoek dat de Algemene Rekenkamer deed, is haar conclusie dat de minister van Klimaat en Groene Groei niet weet hoeveel controles er plaatsvinden, hoeveel gemeenten en provincies hieraan meebetalen en zelfs niet hoeveel bedrijven er aan de plichten voldoen. Ze weet daardoor ook niet hoeveel energie wordt bespaard door de plicht. De logische consequentie is dat de minister onvoldoende grip heeft op de uitvoering van deze gedecentraliseerde controletaak. Dat gold ook voor haar voorgangers. Voor meer achtergrond bij de bevindingen verwijzen we graag naar het VrR-rapport en de factsheets en benchmarks die zijn bijgevoegd bij deze brief. Het rapport van de Algemene Rekenkamer staat online op www.rekenkamer.nl/publicaties/rapporten/2024/11/21/energiebesparingsplicht-20082023. aanbevelingen De rekenkamer heeft naar aanleiding van het VvR rapport, het AR rapport en haar eigen interview met de DCMR een aantal aanbevelingen opgesteld voor het college van Albrandswaard.

De rekenkamer raadt het college aan om: 1. met DCMR afspraken te maken over de inrichting van haar administratiesysteem, zodanig dat er in de toekomst wel (periodieke) cijfers geleverd kunnen worden over repressieve handhaving, type controles (alleen administratief of ook locatiebezoek, eerste controle vs hercontrole etc) en opgelegde sancties. 2. DCMR’s periodieke voortgangsverslagen over de Energiebesparingsplicht met de raad te bespreken.

datum

3. DCMR in de toekomst in deze voortgangsverslagen ook een inschatting te laten maken van de gerealiseerde energiebesparing. Dit zou straks moeten kunnen aan de hand van het inschattingsmodel dat de 28 Nederlandse omgevingsdiensten daarvoor nu gezamenlijk ontwikkelen.

26 september 2025

pagina 6 van 7

4. te overwegen om als gemeente Albrandswaard ook zelf invulling te gaan geven aan toezicht en handhaving van de plichten, dus naast de activiteiten van DCMR. De gemeente kan dit bijvoorbeeld doen door naar bedrijven actief te communiceren over de verplichtingen, hen te adviseren over besparingsmogelijkheden en te stimuleren om besparingsmaatregelen door te voeren. De rekenkamer raadt de gemeenteraad aan om het college vragen te stellen over de uitvoering van toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht en de bereikte resultaten. Ook is het aanbevelingswaardig om als raad te debatteren over de hoogte van de gemeentelijke bijdrage aan DCMR ten behoeve van de controle op de energiebesparingsplicht in plaats van dit als hamerstuk te laten passeren. Het is goed om bij dit debat de Albrandswaardse opgave, de gerealiseerde controles en – zodra beschikbaar – de uitkomsten daarvan (aantal geconstateerde overtredingen, schatting geplande energiebesparing bij de gecontroleerde bedrijven) in ogenschouw te nemen. Op 26 augustus 2025 ontving de rekenkamer een bestuurlijke reactie op deze brief van het college van B&W van Albrandswaard. Deze is als bijlage bij deze brief opgenomen. Wij hopen dat deze brief, de daarin verwoorde aanbevelingen en de bestuurlijke reactie van het college aanleiding geven voor een debat in uw commissie Beraad en Advies Ruimte.

De aankomend directeur van de rekenkamer, Prof. dr. S. Keulen, komt deze brief desgewenst graag in uw commissie toelichten, ten behoeve van dit debat. Met vriendelijke groet, voor deze:

Dr. J.A. (Jan) de Ridder Plv. directeur Rekenkamer Albrandswaard

Bijlagen bij deze brief: • bijlage 1: Bestuurlijke reactie college van B & W Albrandswaard • bijlage 2: Factsheet gemeente Albrandswaard • bijlage 3: Ecorys, ‘Benchmark gemeenten o.b.v. enquête’, Rotterdam, ongedateerd • bijlage 4: Ecorys, ‘Benchmark omgevingsdiensten o.b.v. enquête’, Rotterdam, ongedateerd • bijlage 5: Landelijke rapportage VvR: Ecorys, ‘DoeMee onderzoek 2024 Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing’, Rotterdam, 26 augustus 2024

datum 26 september 2025

pagina 7 van 7

Rekenkamer Rotterdam Meent 94 Postbus 70012 3000 KP Rotterdam

Uw brief van: 10 juli 2025 Uw kenmerk: RA25.09/JdR/EB/CS Bijlage(n): -

Ons kenmerk: Contact: Telefoonnummer: E-mailadres: Datum:

2025-062492 Amy ten Holder 0105061111 a.t.holder@albrandswaard.nl 26 augustus 2025

Betreft: Bestuurlijke reactie op DoeMee-onderzoek Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing Geachte heer de Ridder, Het college heeft kennisgenomen van uw conceptbrief over het DoeMee-onderzoek Energiebesparingsplicht en Informatieplicht. Wij herkennen de bevindingen in grote lijnen en onderschrijven het belang van goede afspraken met de DCMR over uitvoering en monitoring. Wij zullen met DCMR aanvullende afspraken maken over KPI’s, monitoring en structurele rapportage, zodat de gemeenteraad beter zicht krijgt op de voortgang en resultaten. Wel willen wij een correctie meegeven: in het werkplan 2025 is de controle op de label C-verplichting voor kantoren wel belegd bij DCMR. Dit is in de rapportage niet juist weergegeven. Tot slot merken wij op dat deze verbeteringen naar verwachting extra uitvoeringskosten met zich mee zullen brengen, terwijl in 2026 een bezuiniging op het DCMR-budget is doorgevoerd. Dit vraagt om verdere afstemming in het participantenoverleg. Met vriendelijke groet, het college van de gemeente Albrandswaard, de secretaris de burgemeester,

mr. drs. Florus van der Linden drs. Cees Pille

Stationsstraat 4 – 3161 KP - Rhoon - Postbus 1000 - 3160 GA Rhoon - T (010) 506 11 11 - E info@albrandswaard.nl

Factsheet DoeMee Onderzoek 2024 Energiebesparingsplicht en informatieplicht energiebesparing

Het DoeMee Onderzoek 2024 richt zich op de energiebesparingsplicht en informatieplicht energiebesparing. Deze factsheet is opgesteld voor de gemeente Albrandswaard op basis van de ingevulde vragenlijst door de gemeente en omgevingsdienst DCMR Milieudienst Rijnmond. De dikgedrukte blauwe tekst geeft het antwoord op de enquête en eventuele toevoegingen/ wijzigingen vanuit de schriftelijke validatie weer. Er is gevraagd om aanvullende informatie aan te leveren over de opdrachtformulering, afgesproken doelstellingen, resultaten en energiebesparende maatregelen die zijn getroffen. Een documentenanalyse is indien er documenten zijn aangeleverd opgenomen aan het eind van de factsheet. De factsheet is gevalideerd door de omgevingsdienst DCMR Milieudienst Rijnmond en de gemeente Albrandswaard

Gemeente Albrandswaard Algemene informatie De rollen en taken van gemeenten, provincies en omgevingsdienst met betrekking tot het toezicht op de energiebesparings- en informatieplicht zijn op dit moment helder. De opdracht op toezicht en handhaving van de energiebesparingsplicht aan de omgevingsdienst is in de begroting opgenomen, onder het overkoepelende onderwerp ‘omgevingsdiensten’. Er is een opdracht geformuleerd voor de omgevingsdienst over de invulling van toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht, geformuleerd in een werkplan (per jaar) en vierjaarlijks meerjarenplan (MJP). De opdracht wordt in de praktijk ook uitgevoerd, blijkt uit de trimesteroverleggen, bestuurlijk overleggen met omgevingsdienst en het jaarverslag van DCMR. Het budget voor de opdracht aan de omgevingsdienst wordt bepaald op basis van werkplanafspraken. Daarnaast zijn er extra specifieke middelen ingebracht door de gemeente t.b.v. verhoogde ambitie. Deze middelen hebben een structureel karakter. De bedrijfsaantallen worden per jaar bepaald en hieraan zijn kengetallen gekoppeld voor urenbesteding. Om te sturen op de taak van de omgevingsdienst m.b.t. toezicht en handhaving van de energiebesparings- en informatieplicht vindt periodiek overleg over de voortgang plaats.

De gemeente geeft zelf grotendeels geen invulling aan toezicht en handhaving van de energiebesparings- en informatieplicht energiebesparing, naast de taken die bij de omgevingsdienst zijn belegd sinds 1 juli 2023. Verplicht Energielabel C voor kantoorgebouwen en Eisen Energieprestatie van gebouwen (EPBIII) zijn niet uitbesteed aan de omgevingsdienst. Informatievoorziening Er zijn geen afspraken gemaakt over de monitorings- en verantwoordingsinformatie met de omgevingsdienst m.b.t. de energiebesparingsplicht. Er zijn ook geen KPI’s afgesproken met

1

omgevingsdiensten over de monitorings- en verantwoordingsinformatie m.b.t. de energiebesparingsplicht. De gemeente ontvangt tussentijdse informele terugkoppeling over de resultaten van de handhaving van de omgevingsdienst. De gemeente ontvangt geen rapportages die informatie geven over de uitvoering van toezicht en handhaving specifiek op de energiebesparings- en informatieplicht en de bereikte resultaten. Hier moeten nog nadere afspraken over worden gemaakt. Het eerste conceptrapport voldeed daarom niet aan de verwachtingen van de gemeente. Vanuit de gemeenteraad zijn er nooit vragen gekomen over de uitvoering van toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht door de omgevingsdienst. Over de bereikte resultaten, zoals reductie CO2 en vermindering verbruik van gas en elektriciteit) zijn vanuit de gemeenteraad ook geen vragen/opmerkingen geweest.

Omgevingsdienst DCMR Milieudienst Rijnmond en gemeente Albrandswaard Algemene informatie De rollen en taken van gemeenten, provincies en omgevingsdienst met betrekking tot het toezicht op de energiebesparings- en informatieplicht zijn op dit moment helder. De energiebesparingsplicht is als apart taakveld onderdeel van het Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) stelsel. Resultaat Er is volledig zicht op het aantal bedrijven dat valt onder de energiebesparings- en informatieplicht. Deze informatie downloadt de omgevingsdienst bij het e-loket van RVO.nl en wordt gecombineerd met bedrijven waarvan zij weten dat zij aan de energiebesparingsplicht moeten voldoen. Daarnaast ontvangt de omgevingsdienst een deel van de informatie van de gemeente en verzamelt de omgevingsdienst een deel van de informatie zelf, namelijk via een voorspelmodel (zie hieronder). Er is gedeeltelijk zicht op het aantal bedrijven dat zich niet aan de informatieplicht energiebesparing houdt. Deze informatie downloadt de omgevingsdienst bij het e-loket van RVO.nl en wordt gecombineerd met bedrijven waarvan zij weten dat zij aan de energiebesparingsplicht moeten voldoen.

Daarnaast verzamelt de omgevingsdienst een deel van de informatie zelf, namelijk via de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG), EPOnline (landelijke database waarin energie labels en energieprestatie-indicatoren van gebouwen zijn opgenomen) en andere databronnen waaruit kan worden gemotiveerd dat er sprake is van relevante locaties. De informatie ontbreekt in sommige gevallen omdat databronnen nooit helemaal kloppend zijn (geen enkele database bevat de ‘waarheid’). Er is behoefte aan het kunnen vorderen van energiegegevens bij de netbeheerder om de doelgroep volledig in beeld te krijgen. De omgevingsdienst heeft acties ondernomen om (volledig) inzicht te krijgen door data-analyse en het combineren van verschillende databronnen waarmee een voorspelmodel is gemaakt. Ook via alternatieve interventies zoals het verspreiden van een informatiefolder/brief/kaart en communicatie via internet. Er wordt Per brief / e-mail, telefonisch, persoonlijk, via BOA’s (buitengewone

2

opsporingsambtenaren) en via internet contact gemaakt met bedrijven die niet voldoen aan de informatieplicht energiebesparing. Organisatie van het toezicht De omgevingsdienst handhaaft op de uitvoering van de energiebesparingsplicht en informatieplicht energiebesparing door specifieke energiecontroles uit te voeren aan de hand van de erkende maatregelenlijst en het toepassen van de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Het aantal bedrijven dat per jaar wordt gecontroleerd wordt bepaald aan de hand van kentallen in verhouding tot het budget. Naar schatting heeft de omgevingsdienst nog 5-10 jaar nodig vanaf de start van de werkzaamheden om alle bedrijven en instellingen binnen de gemeente te controleren op de energiebesparings- en informatieplicht. De omgevingsdienst stelt prioriteit in de controle van bedrijven op basis van een eigen risicoanalyse die specifiek gericht is op de energiebesparingsplicht, op basis van de rubricering die RVO toevoegt aan de informatieplicht rapportages en op basis van een meer algemene risicoanalyse vanuit VTH op het gebied van milieu (besparingspotentieel). Kwantitatieve informatie De omgevingsdienst heeft de kwantitatieve informatie uit onderstaande tabellen ingevuld voor de gemeente.

Onderstaande tabel bevat informatie over het aantal gecontroleerde bedrijven en de ureninzet op jaarbasis door de omgevingsdienst in de periode 2019 – 2023.

Jaar

Aantal bedrijven gecontroleerd

Ureninzet op jaarbasis

2019

-

-

2020

7

-

2021

16

61

2022

32

131

2023

18

179

Onderstaande tabel bevat informatie over het percentage bedrijven waar overtredingen zijn aangetroffen voor en na hercontrole tussen 2019 en 2023.

Jaar

% bedrijven met overtredingen bij

% bedrijven met overtredingen bij

eerste controle

hercontrole

2019

-

-

2020

-

-

2021

-

-

2022

-

-

2023

47

-

De omgevingsdienst heeft geen informatie aangeleverd over het aantal jaarlijks geconstateerde overtredingen tussen 2019 en 2023.

3

De omgevingsdienst heeft geen informatie aangeleverd over het aantal bedrijven dat een ‘vooraankondiging last onder dwangsom’ of overige repressieve handhaving heeft ontvangen tussen 2019 en 2023 In het geval er repressieve handhaving heeft plaatsgevonden, zijn de volgende sancties opgelegd: er is een hersteltermijn opgelegd, er is een dwangsom opgelegd en er is een vooraankondiging lasten onder dwangsom verstuurd. De omgevingsdienst heeft geen zicht op het energiebesparingspotentieel bij bedrijven en instellingen en de totaal gerealiseerde energiebesparing. Wat betreft de getroffen energiebesparende maatregelen in de periode 2019 tot en met 2023 is er in de enquête geen informatie opgegeven. Algemene opmerking vanuit de omgevingsdienst als toevoeging op de vragenlijst: Het energietoezicht is uitgevoerd vanuit verschillende financieringsbronnen. Deze staan deels los van de begroting van de gemeente. Via de VUE-regeling (Versterkte uitvoering energiebesparings- en informatieplicht) (2020-2023) zijn controles uitgevoerd via een ‘menukaart met soorten producten’. Deze zijn financieel belast bij het Rijk. De SPUK (specifieke uitkering) regeling energie (vanaf 2023) zijn middelen die geprofessionaliseerd tot een dedicated energie-lijn-team per 2023. In de tussenliggende periode is het energietoezicht stap voor stap opgenomen in de branche-aanpak en verdere organisatie.

Hierdoor zijn niet alle gegevens uit de verschillende databronnen te filteren. In de vragenlijst wordt gevraagd naar het aantal gecontroleerde bedrijven. Dit is andere data dan het aantal uitgevoerde controles. Het kan voorkomen dat meerdere soorten controles bij een bedrijf zijn uitgevoerd. In de ingevoerde data is geen onderscheidt gemaakt in de soort controle. Dit kunnen administratieve controles zijn voor het verkrijgen van de energiegegevens en het voldoen aan de informatieplicht, maar ook preventieve en repressieve controles. Een deel van de vragen kan nog niet worden beantwoord vanwege een andere type datavraag vanuit het onderzoek. Aanvullende documentenanalyse Er zijn geen aanvullende documenten aangeleverd voor de gemeente Albrandswaard. Echter heeft de DCMR wel extra toelichting gegeven per email. Dit is hieronder bijgevoegd:

• Ter informatie, een controle bij een raffinaderij kan 50 uur kosten terwijl een controle op de informatieplicht misschien 5 uur kost. In de data wordt dit nu gelijk gesteld en geeft hiermee een vertekend beeld. •

DCMR voert al ruim 50 jaar taken uit voor de gemeentes en provincie. Hiermee verwacht ik dat de opdracht verstrekking ook afwijkt van andere omgevingsdiensten. De gemeentes en provincie hebben de energietaken (ook al waren dit eerder geen basistaken) altijd al belegd bij DCMR. De gemeente Albrandswaard heeft, vanuit ambitie, extra middelen beschikbaar gesteld bovenop het ‘werkplanbudget’ specifiek voor energietoezicht.

•

Het energietoezicht zou zeer gebaad zijn bij de verlenging van de SpUK regeling (maar dan in vorm van structurele middelen). Veel omgevingsdiensten hebben dedicated energieteams

4

opgericht waarbij de financiering via de SPUK regeling van groot belang is. Wanneer deze regeling stopt, dan zullen deze teams waarschijnlijk ook direct worden afgeschaald danwel gestopt. De SPUK regeling duurt praktisch 4 jaar, waarvan er 1,5 tot 2 jaar nodig is om een team op te zetten en op te leiden om tot productiviteit te komen. Bij het stoppen van de SPUK financiering, zullen de teams mogelijk maar 1 jaar functioneel draaien. Voor het personeelsbeleid is zekerheid in financiering belangrijk. Toezicht is een goed en relatief goedkoop instrument om de energietransitie verder te laten bewegen. •

Vanuit omgevingsdiensten is een grote behoeft aan inzicht in de doelgroep (welke bedrijven vallen binnen de kaders). Hiervoor is inzicht in het energieverbruik prioriteit nr 1. In de salderingsregeling zou de mogelijkheid worden opgenomen om energiegegevens vanuit de netbeheerders beschikbaar te maken voor omgevingsdiensten. Doordat de salderingsregeling niet door de Kamer is gekomen, geeft dit ook (nog) niet de mogelijkheid voor omgevingsdiensten om de energiegegevens te vorderen. Het is de wens van de omgevingsdiensten dat deze gegevens op kort termijn gevorderd kunnen worden van de netbeheerders.

5

DoeMee onderzoek 2024 – Energiebesparingsplicht en informatieplicht energiebesparing Benchmark gemeenten o.b.v. enquête Algemene informatie

= aantal respondenten

Zijn de rollen en taken van de gemeente en omgevingsdienst met betrekking tot het toezicht op de energiebesparings- en informatieplicht op dit moment helder? 7% 3%

Is de opdracht op toezicht en handhaving van de energiebesparingsplicht aan de omgevingsdienst in de begroting van uw gemeente opgenomen?

12%

11%

Dat weet ik niet (3) Ja (100) Nee of niet altijd (8)

Dat weet ik niet (12) Ja (86) Nee (13)

90%

77%

111

Nee of niet altijd: taakverdeling is nog niet helemaal ingeregeld. 39 - Onder het overkoepelende onderwerp ‘omgevingsdiensten’

Is er door uw gemeente/provincie een opdracht geformuleerd voor de omgevingsdienst over de invulling van toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht?

14 - De energiebesparingsplicht is als onderdeel van een programma benoemd in de begroting 13 - Onder het overkoepelende onderwerp ‘milieu’ 10 - Anders, namelijk... 5 - De energiebesparingsplicht is als specifiek onderdeel benoemd in de begroting 5 - Onder het overkoepelende onderwerp ‘VTH’

20%

4 - Dat weet ik niet

10%

1 - Onder het overkoepelende onderwerp ‘energie’

111

Dat weet ik niet (11) Ja (78) Nee (22) 70%

111

Geen opdracht geformuleerd: gemeenten geven aan dat dit onderdeel is van de basistaak van omgevingsdiensten en het niet nodig is een aanvullende opdracht te formuleren. In andere gevallen is de rol- en taakverdeling (nog) niet duidelijk en moet de opdracht nog worden geformuleerd.

Het budget wordt vaak bepaald op basis van een inschatting van het aantal bedrijven dat aan de verplichtingen moet voldoen, wat vervolgens gecombineerd wordt met het geschatte aantal uren dat nodig is voor de controle per object en de prijs per controle (kengetallen per omgevingsdienst).

Wordt de opdracht in de praktijk ook uitgevoerd?

6% 1%

Hoe is de opdracht voor de omgevingsdienst over de invulling van toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht geformuleerd? (meer antwoorden mogelijk) 5%

Dat weet ik niet (1) Ja (72) Nee of niet altijd (5)

Anders, namelijk... (45)

92%

Dat week ik niet (4)

18%

78

De werkzaamheden zijn benoemd in een opdrachtformulier (11)

58%

14%

Er is een gemeentschappelijke regeling opgesteld (volgens de Wet gemeenschappelijke regelingen) (14) Er is een schriftelijke overeenkomst opgesteld (4)

5%

78

Geeft uw gemeente/provincie zelf invulling aan toezicht en handhaving van de energiebesparings- en informatieplicht energiebesparing naast de taken die bij de omgevingsdienst zijn belegd sinds 1 juli 2023?

In geval anders namelijk: opdracht geformuleerd in jaarlijks uitvoerings- of werkprogramma.

Welke actie(s) heeft uw gemeente/provincie richting de omgevingsdienst ondernomen om te sturen op de taak van de omgevingsdienst m.b.t. toezicht en handhaving van de energiebesparings- en informatieplicht?

5% 41%

15%

Dat week ik niet (5) Geen actie (16) Periodiek overleg over de voortgang (28) Periodiek evaluatie van het werk- en uitvoeringsprogramma op basis van voortgangsrapportages (45)

25%

26%

Dat weet ik niet (6) Ja (29) Nee (75)

68% 110

Anders, namelijk... (16)

15%

5%

110

Indien ja: een aantal gemeenten geeft aan eigen toezichthouders in dienst te hebben die toezien op niet-basistaakbedrijven. Twee gemeenten voeren zelf het toezicht en de handhaving op de energiebesparings- en informatieplicht uit. Een aantal gemeenten geeft daarnaast aan actief te communiceren, stimuleren en adviseren over de verplichtingen. Ook zijn er gemeenten die aangeven zelf het toezicht op kantoorgebouwen uit te voeren, die over minimaal energielabel C dienen te beschikken.

bezoek de website DoeMee-onderzoek 2024 — NVRR voor meer informatie over het onderzoek

Informatievoorziening Zijn er afspraken gemaakt tussen uw gemeente/provincie en de omgevingsdienst over de monitorings- en verantwoordingsinformatie m.b.t. de energiebesparingsplicht? 15%

25%

Zijn er doelstellingen (KPI’s) afgesproken met omgevingsdiensten over de monitorings- en verantwoordingsinformatie m.b.t. de energiebesparingsplicht ?

7%

Dat weet ik niet (16) Ja, die hebben we in de opdracht vastgelegd (29)

26%

46%

Nee, er zijn geen afspraken gemaakt (27)

35%

Dat weet ik niet (5) Ja (31) Nee (31)

46%

Ja, er zijn afspraken, maar die staan niet in de opdracht (38)

110 67

Nee of niet altijd: taakverdeling is nog niet helemaal ingeregeld.

Op welke wijze ontvangt uw gemeente/provincie informatie over de resultaten van de handhaving van de energiebesparingsplicht van de Omgevingsdienst? (Meer antwoorden mogelijk)

59 - Een jaarlijkse eindrapportage

Voorbeelden van KPI’s zijn aantal controles en hercontroles per jaar, de besteedde uren en het soort overtreding.

Geven de rapportages van de omgevingsdiensten aan de deelnemende gemeenten adequate informatie over de uitvoering van toezicht en handhaving op de energiebesparings- en informatieplicht?

54 - Periodieke tussenrapportages 38 - Beantwoording van vragen wanneer noodzakelijk

De rapportages leveren adequate informatie (41)

17%

35 - Tussentijdse informele terugkoppeling

6%

19 - Anders, namelijk…

38%

7 - Dat weet ik niet 4 - Er wordt geen informatie aangeleverd

122

In geval anders namelijk: halfjaarlijkse en/of jaarlijkse evaluatie, incidentele informatie via de mail of er zijn nog geen duidelijke afspraken hierover gemaakt. Ook ontvangen veel gemeenten jaarrapportages of tussenrapportages.

Geven de rapportages van de omgevingsdiensten adequate informatie aan de deelnemende gemeenten en provincies over de bereikte resultaten? Let op: het gaat hierover wat de energiebesparingsplicht oplevert (bijv. reductie CO2 en vermindering gas- en elektriciteitsverbruik)

De rapportages leveren op sommige punten adequatie informatie (33) Deze rapportage krijgt mijn organisatie niet (6)

9%

Hier heb ik geen zicht op/ dat weet ik niet (19)

109

Geen/op sommige punten: informatie is globaal en geeft vaak geen inzicht in behaalde resultaten, zoals hoeveelheid gerealiseerde energiebesparing. Rapportage krijgt mijn organisatie niet: gemeenten geven aan dat zij niet om specifieke informatie vragen op dit vlak of dat er nog nadere afspraken moeten worden gemaakt over rapportages.

Zijn er wel eens vragen/opmerkingen gekomen van de Gemeenteraad over de uitvoering van toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht door de Omgevingsdienst?

De rapportages leveren adequate informatie (13)

12%

20%

30%

De rapportages leveren geen adequatie informatie (10)

De rapportages leveren geen adequate informatie (32)

15%

De rapportages leveren op sommige punten adequate informatie (26)

30%

14% 24%

Deze rapportages krijgt mijn organisatie niet (15)

25%

Hier heb ik geen zicht op/ dat weet ik niet (22)

60% 108

Rapportages leveren geen/op sommige punten adequate informatie: de concrete energiebesparing die de uitgevoerde toezicht- en handhavingstaken hebben opgeleverd ontbreekt (CO2 reductie). In sommige gevallen is een indicatie van de CO2 besparing via de omgevingsdienst beschikbaar. Gemeenten geven aan wel behoefte aan dit inzicht te hebben.

Zijn er wel eens vragen/ opmerkingen gekomen van de gemeenteraad/Provinciale Staten over de bereikte resultaten (bijv. reductie CO2 en vermindering gas en elektriciteit) van de energiebesparingsplicht?

Dat weet ik niet (16) Ja (27) Nee of niet altijd (65)

108

Indien ja: Vragen gingen bijvoorbeeld over de werkwijze, de voortgang van de uitvoering van de werkzaamheden (aantal controles, naleefgedrag) en de bereikte resultaten.

108

25%

66%

9%

Dat weet ik niet (27) Ja (10) Nee (71)

Indien ja: vragen/opmerkingen gingen veelal over de gerealiseerde CO2 reductie, over de hoeveelheid controles en naleefgedrag en het type uitgevoerde maatregelen.

DoeMee onderzoek 2024 – Energiebesparingsplicht en informatieplicht energiebesparing Benchmark omgevingsdiensten o.b.v. enquête Algemene informatie

= aantal respondenten

3%

Is de Energiebesparingsplicht als apart taakveld onderdeel van het VTH-stelsel bij uw omgevingsdienst?

5%

133

Anders, namelijk... (7) Ja, dit is een apart taakveld (122) Nee, dit is geen apart taakveld (4)

Anders, namelijk: taken zijn onderdeel van een breder takenpakket, zoals toezicht en handhaving op de informatieplicht en onderzoeksplicht.

92%

Resultaat Hoe komt u aan deze informatie? (meer antwoorden mogelijk)

Is er zicht op het aantal bedrijven dat valt onder de energiebesparings- en informatieplicht?

113 - Deze informatie downloaden we bij het e-loket van RVO.nl en combineren we met bedrijven waarvan wij weten dat ze aan de energiebesparingsplicht moeten voldoen 89 - Deze informatie verzamelen we zelf

46% 54%

Gedeeltelijk (72) Ja (61)

48 - Anders, namelijk... 33 - Deze informatie ontvangen we van de gemeente/provincie 18 - Deze informatie komt van het CBS

133

301

• Anders, namelijk: via milieucontroles bedrijven wijzen op informatieplicht, samenvoeging verschillende informatiebronnen (RVO, KVK, BAG)

Hoe komt u aan deze informatie? (meer antwoorden mogelijk) 113 - Deze informatie verzamelen we zelf 99 - Deze informatie downloaden we bij het e-loket van RVO.nl en combineren we met bedrijven waarvan wij weten dat ze aan de energiebesparingsplicht moeten voldoen 66 - Deze informatie downloaden we bij het e-loket van RVO.nl 49 - Deze informatie ontvangen we van de gemeente/provincie 33 - Anders, namelijk... 31 - Deze informatie komt van het CBS 0 - Dat weet ik niet

0 - Dat weet ik niet

• Waarom ontbreekt informatie? Geen inzicht in energieverbruiksgegevens van bedrijven. Het aanleveren van gegevens door netbeheerders kan helpen volledig inzicht te krijgen. Daarnaast in enkele gevallen ook te weinig capaciteit bij omgevingsdienst. • Welke acties heeft omgevingsdienst ondernomen om inzicht wel te krijgen? Registratie energieverbruik bij reguliere milieucontroles, opzetten (online) informatiecampagne om bedrijven op verplichtingen te wijzen, eigen inschatting maken o.b.v. ervaringscijfers (oppervlakte, bedrijfsactiviteit, gemiddelde verbruikscijfers).

391

• Anders, namelijk: informatieverzameling via regulier toezicht en/of eigen inschatting o.b.v. oppervlakte, type bedrijf, gemiddelde gebruikscijfers • Waarom ontbreekt informatie? Geen inzicht in energieverbruiksgegevens van bedrijven. Het aanleveren van gegevens door netbeheerders kan helpen volledig inzicht te krijgen. Daarnaast in enkele gevallen ook te weinig capaciteit bij omgevingsdienst. • Welke acties heeft omgevingsdienst ondernomen om inzicht wel te krijgen? Registratie energieverbruik bij reguliere milieucontroles, opzetten (online) informatiecampagne om bedrijven op verplichtingen te wijzen, eigen inschatting maken o.b.v. ervaringscijfers (oppervlakte, bedrijfsactiviteit, gemiddelde verbruikscijfers).

Hoe maakt u contact met bedrijven die niet voldoen aan de informatieplicht energiebesparing? (meer antwoorden mogelijk) 127 - Per brief/ e-mail 98 - Telefonisch 96 - Persoonlijk 44 - Anders, namelijk… 17 - Via BOA's

Is er bij uw omgevingsdienst zicht op de mate waarin bedrijven zich niet aan de informatieplicht energiebesparing houden? 2% 26% Gedeeltelijk (96) Ja (35) Nee (2) 83%

133

0 - Dat weet ik niet

382

Anders, namelijk: via fysieke energiecontroles en informatievoorziening via lokale initiatieven (zoals informatieavonden georganiseerd door gemeente en bijeenkomsten RES regio’s).

bezoek de website DoeMee-onderzoek 2024 — NVRR voor meer informatie over het onderzoek

Organisatie van het toezicht Geef aan op welke manier uw omgevingsdienst handhaaft op de uitvoering van de energiebesparingsplicht en informatieplicht energiebesparing? (meer antwoorden mogelijk)

Stelt uw omgevingsdienst prioriteiten met betrekking tot welke bedrijven gecontroleerd worden m.b.t. de energiebesparingsplicht? (meer antwoorden mogelijk)

126 - Door specifieke energiecontroles uit te voeren aan de hand van de erkende maatregelenlijst

82 - Ja, op basis van de rubricering die RVO toevoegt aan de informatieplicht rapportages

60 - Anders, namelijk...

80 - Ja, op basis van een eigen risicoanalyse die specifiek gericht is op de energiebesparingsplicht

34 - Door algemene milieucontroles uit te voeren aan de hand van de erkende maatregelenlijst 17 - Door energiescans uit te voeren

61 - Anders, namelijk… 32 - Ja, op basis van een meer algemene risicoanalyse vanuit VTH op het gebied van milieu

3 - Door telefonisch energiecontroles uit te voeren aan de hand van de erkende maatregelenlijst 0 - We handhaven de uitvoering van de energiebesparingsplicht en informatieplicht energiebesparing niet

240

0 - Dat weet ik niet

• Anders, namelijk: toepassing Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsdiensten (LHSO). • Hoe wordt het aantal bedrijven dat wordt gecontroleerd per jaar bepaald? In afstemming met gemeente/provincie, afhankelijk van het budget, aantal bedrijven.

Hoeveel jaar heeft u naar inschatting nodig om alle bedrijven en instellingen binnen de gemeente/provincie te controleren op de energiebesparingsplicht en informatieplicht (vanaf start van de werkzaamheden)?

11 - Nee 0 - Dat weet ik niet

266

Anders, namelijk en/of toelichting: prioriteit op basis van het energieverbruik, een onderverdeling per branche en hierin onderverdeling naar het hoogste besparingspotentieel en/of voorkeur van gemeente/provincie.

12% 1%

1-2 jaar (1) 2-5 jaar (48)

8%

36%

5-10 jaar (58) Meer dan 10 jaar (10) Dat weet ik niet (16)

44% 133

Kwantitatieve informatie Aantal controles, ureninzet, overtredingen bij controle en hercontrole

Niet alle omgevingsdiensten hebben getallen via de enquête aangeleverd. Met inachtneming van nodige kanttekeningen (geen getallen beschikbaar, getallen voor de gehele regio, getallen voor gemeenten/provincies specifiek) is in het totaaloverzicht van alle omgevingsdiensten wel een trend zichtbaar tussen 2019 en 2023: het aantal controles, de ureninzet en totaal aantal overtredingen is toegenomen.

In geval er repressieve handhaving heeft plaatsgevonden, welke sancties zijn opgelegd? (meer antwoorden mogelijk)

Heeft uw omgevingsdienst zicht op de totale gerealiseerde energiebesparing die dankzij de energiebesparingsplicht is gerealiseerd? (bijv. in kwh, m3 gas, CO2 reductie)

69 - Er is een hersteltermijn opgelegd

2%

48 - Er is een vooraankondiging lasten onder dwangsom verstuurd

38%

33 - Er zijn geen sancties opgelegd 23 - Er is een dwangsom opgelegd

60%

19 - Anders, namelijk…

198

6 - Dat weet ik niet

Anders, namelijk: termijn (meestal een jaar) voor een plan van aanpak voor het treffen van ontbrekende energiebesparende maatregelen.

Heeft uw omgevingsdienst zicht op het energiebesparingspotentieel (bijv. in kwh, m3 gas, CO2 reductie) bij bedrijven en instellingen?

Dat week ik niet (2) Ja, dit weten we indicatief (51) Nee, dat inzicht hebben we niet (80) 133

Getroffen energiebesparende maatregelen: in veel gevallen wordt het type getroffen maatregelen niet door omgevingsdiensten bijgehouden. Enkele omgevingsdiensten geven aan dat het met name om gebouwmaatregelen gaat.

5% 26%

Dat weet ik niet (6) Ja, op andere wijze (35)

55% 14%

Ja, wij kunnen een indicatie geven op basis van de informatieplicht (19) Nee, dat inzicht hebben we niet (73)

133

DoeMee onderzoek 2024 Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing Eindrapport voor de vereniging van Rekenkamers Rotterdam, 26 augustus 2024

DoeMee onderzoek 2024 Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing Eindrapport voor de vereniging van Rekenkamers Rotterdam, 26 augustus 2024

SCH/RG 1005367rap

DoeMee onderzoek 2024 Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing

Inhoudsopgave Samenvatting......................................................................................................4 1 1.1 1.2 1.3

Inleiding .................................................................................................10 Aanleiding........................................................................................................ 10 Doel en onderzoeksvragen ............................................................................. 11 Leeswijzer ....................................................................................................... 12

2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

Beleidsopzet.......................................................................................... 13 Inleiding ........................................................................................................... 13 Energiebesparingsplicht .................................................................................. 13 Informatieplicht energiebesparing ................................................................... 15 Rol en taakverdeling ....................................................................................... 16 Financiën ......................................................................................................... 16

3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Resultaten enquête ...............................................................................18 Inleiding ........................................................................................................... 18 Gemeenten...................................................................................................... 18 Provincies ........................................................................................................ 29 Omgevingsdiensten ........................................................................................ 37 Verantwoording ............................................................................................... 48

4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6

Toelichting op resultaten vanuit deskstudie en focusgroepen .........52 Inleiding ........................................................................................................... 52 Begroting en financiering van toezicht en handhaving ................................... 52 Rollen en taken toezicht en handhaving ......................................................... 54 Uitvoering van toezicht en handhaving ........................................................... 55 Verantwoording ............................................................................................... 57 Resultaten toezicht en handhaving ................................................................. 57

5

Slotbeschouwing ..................................................................................59

Literatuurlijst ....................................................................................................61 Bijlage 1: Onderzoeksproces, onderzoeksmethoden en kwaliteit van de informatie..........................................................................................................63 Inleiding ....................................................................................................................... 63 Onderzoeksproces ...................................................................................................... 63 Afstemming met de Algemene Rekenkamer............................................................... 64 Onderzoeksmethoden en kwaliteit .............................................................................. 65 Kwaliteit van de informatie .......................................................................................... 66 Bijlage 2: Begrippenlijst...................................................................................68 Bijlage 3: Overzicht van deelnemende overheden.........................................69

/3

DoeMee onderzoek 2024 Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing

Samenvatting

Achtergrond en doel van het onderzoek In dit DoeMee-onderzoek 2024 doen in totaal 109 rekenkamers onderzoek naar de energiebesparingsplicht en de informatieplicht energiebesparing, op initiatief en onder begeleiding van de Vereniging van Rekenkamers (VVR). De uitkomsten van dit DoeMee-onderzoek bieden inzicht in de manier waarop gemeenten, provincies en omgevingsdiensten toezicht en handhaving op deze plichten hebben georganiseerd en wat de resultaten hiervan zijn. De energiebesparingsplicht en de informatieplicht energiebesparing in het kort Om de uitkomsten van het onderzoek goed te kunnen duiden, is inzicht in de werking en organisatie van de energiebesparingsplicht en de informatieplicht energiebesparing nodig. Hieronder is dit kort weergegeven: • Energiebesparingsplicht: bedrijven en instellingen die jaarlijks meer dan 50.000 kWh stroom of 25.000 m3 aardgas gebruiken, zijn verplicht energiebesparende maatregelen te nemen. Het gaat hierbij specifiek om investeringen die zij binnen vijf jaar kunnen terugverdienen. • Informatieplicht energiebesparing: bedrijven en instellingen zijn verplicht eens in de 4 jaar actief informatie te verstrekken aan hun omgevingsdienst over de energiebesparende maatregelen die zij hebben genomen. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) beheert het digitale loket waarmee bedrijven dit aan hun omgevingsdienst laten weten.

Het is de omgevingsdienst die het toezicht op de energiebesparingsplicht en de informatieplicht energiebesparing uitvoert in opdracht van het bevoegd gezag. Uitkomsten van het onderzoek De onderzoeksvragen zijn uitgezet bij gemeenten, provincies en omgevingsdiensten. De uitkomsten van de antwoorden op deze vragen zijn hieronder samengevat. De belangrijkste uitkomsten van het onderzoek onder de gemeenten zijn: • Bij meer dan driekwart van de gemeenten (77%) is de opdracht op toezicht en handhaving van de energiebesparingsplicht aan de omgevingsdienst in de begroting opgenomen, meestal onder het overkoepelende onderwerp ‘omgevingsdiensten’. Hierbij is dus niet specifiek onderscheid gemaakt naar de energiebesparingsplicht en de informatieplicht energiebesparing, maar is die taak onder één noemer samengebracht met andere taken die bij de omgevingsdienst belegd zijn. • In 70% van de gemeenten is er een opdracht richting de omgevingsdiensten geformuleerd met betrekking tot de energiebesparingsplicht en de informatieplicht energiebesparing. Aan de opdracht wordt in de meeste gevallen (92%) ook voldaan. Er zijn uiteenlopende redenen waarom er geen opdracht vanuit de gemeente richting de omgevingsdiensten geformuleerd is.

Een aantal gemeenten geeft hierbij aan dat dit onderdeel is van de basistaak van de omgevingsdienst en het daardoor niet nodig is een aanvullende opdracht te formuleren. • Er wordt door 80% van de gemeenten gestuurd op de taken van de omgevingsdienst. Dit gebeurt meestal door voortgangsrapportages, periodieke overleggen over, of evaluatie van, de voortgang. Bij 61% van de gemeenten zijn er ook formeel afspraken gemaakt over

/4

DoeMee onderzoek 2024 Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing

•

•

de monitorings- en verantwoordingsinformatie met betrekking tot de energiebesparingsplicht. In 46% van de gemeenten zijn hier ook kritische prestatie indicatoren (KPI’s) aan verbonden, zoals het aantal controles. In een even groot deel (46%) van de gemeenten gebeurt dit overigens niet. De rapportages die de gemeenten ontvangen, worden door 38% van de gemeenten van goede kwaliteit bevonden. In 39% van de gevallen bevatten de rapportages geen of niet voldoende adequate informatie. In het geval rapportages geen adequate informatie leveren, geven gemeenten in de toelichting aan dat er bijvoorbeeld geen specifieke gemeentelijke kengetallen geleverd worden en/of de informatie globaal is. Daarnaast geven meerdere gemeenten aan dat de rapportages geen inzicht geven in de behaalde resultaten, zoals de hoeveelheid gerealiseerde energiebesparing en de toegevoegde waarde van handhaving. Ongeveer een kwart (26%) van de gemeenten vervult zelf ook nog taken. Drie gemeenten geven bijvoorbeeld aan dat zij eigen toezichthouders hebben die toezien op de nietbasistaakbedrijven. Een van de gemeenten geeft hierbij aan dat zij energiegegevens opvraagt die de omgevingsdienst kan gebruiken voor toezicht en handhaving op de verplichtingen. Een aantal gemeenten geeft aan het toezicht op kantoorgebouwen die over minimaal energielabel C dienen te beschikken, zelf uit te voeren.

Daarnaast zijn er twee gemeenten die toezicht en handhaving op de verplichtingen ook na 1 juli 2023 nog zelf uitvoeren.

De belangrijkste uitkomsten van het onderzoek onder de provincies zijn: • Bij tien van de twaalf provincies is de opdracht op toezicht en handhaving van de energiebesparingsplicht aan de omgevingsdienst in de begroting opgenomen, meestal onder het overkoepelende onderwerp ‘omgevingsdiensten’. • Bij tien van de twaalf provincies is er een opdracht richting de omgevingsdiensten geformuleerd met betrekking tot de energiebesparingsplicht en de informatieplicht energiebesparing. Bij drie provincies wordt de opdracht jaarlijks opgenomen in het uitvoeringsprogramma en bij vier provincies is de opdracht opgenomen in het werkplan van de omgevingsdiensten en bij drie provincies zijn de werkzaamheden benoemd in een opdrachtformulier. Aan de opdracht wordt in de meeste gevallen (80%) ook voldaan. • Er wordt door elf provincies gestuurd op de taken van de omgevingsdienst en één van de provincies kon hier geen antwoord op geven. Het meest wordt gestuurd op basis van een periodieke evaluatie van het werk- en uitvoeringsprogramma en/of op basis van voortgangsrapportages (vijf provincies). Bij vier provincies vindt er periodiek overleg over de voortgang plaats. Bij acht provincies zijn er ook formeel afspraken gemaakt over de monitorings- en verantwoordingsinformatie met betrekking tot de energiebesparingsplicht. In vijf provincies zijn hier ook KPI’s aan verbonden.

• Zes provincies geven aan dat de rapportages adequate informatie bevatten. De respondenten die aangeven dat er op sommige punten adequate informatie wordt geleverd (1) of geen adequate informatie wordt geleverd (3), geven aan dat de rapportage geen inzicht geven in de effecten, zoals bijvoorbeeld een reductie in CO2-uitstoot als gevolg van vermindering van gas- en elektriciteitsverbruik. • Tien provincies geven aan dat zij zelf geen invulling geven aan toezicht en handhaving van de verplichtingen, naast de taken die bij de omgevingsdienst zijn belegd. Eén provincie geeft aan wel zelf invulling te geven aan toezicht en handhaving van de verplichtingen. Deze provincie heeft in de periode 2021-2023 een projectmatige inhaalslag energiebesparingsplicht toegepast voor het aanpassen van vergunningen met voorschriften voor

/5

DoeMee onderzoek 2024 Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing

wettelijke verplichte energiebesparing voor energierelevante vergunningplichtige bedrijven. De provincie geeft aan zelf toezicht en handhaving uit te voeren op de implementatie van de wettelijke verplichte energiebesparingsmaatregelen die bedrijven moeten nemen. De belangrijkste uitkomsten van het onderzoek onder de omgevingsdiensten zijn: • Omgevingsdiensten hebben allemaal (gedeeltelijk) zicht op de bedrijven en instellingen die vallen onder de energiebesparings- en informatieplicht. Aan dit zicht komen zij vooral door eigen informatieverzameling, een combinatie van eigen gegevens met de gegevens van RVO.nl of een download vanuit het e-loket van RVO.nl. Als belangrijkste oorzaak waardoor de informatie (soms) ontbreekt geven de omgevingsdiensten aan dat zij geen inzicht hebben in energieverbruiksgegevens van bedrijven en instellingen. Zij geven aan dat het aanleveren van gegevens door netbeheerders kan helpen om volledig inzicht te krijgen. • Omgevingsdiensten geven aan dat zij vrijwel allemaal (98%) gedeeltelijk of volledig zicht hebben op het aantal bedrijven en instellingen dat zich aan de informatieplicht energiebesparing houdt. Bijna alle respondenten geven aan op verschillende manieren contact te maken met bedrijven en instellingen die niet voldoen aan de informatieplicht energiebesparing, het meest via brief of e-mail, telefonisch of persoonlijk.

• Controles bij bedrijven of instellingen vinden meestal plaats aan de hand van specifieke energiecontroles of algemene milieucontroles aan de hand van de erkende maatregelenlijst. • Omgevingsdiensten geven aan dat het aantal controles per jaar wordt bepaald in afstemming met de gemeente/provincie en afhankelijk is van het budget dat de gemeente/provincie beschikbaar stelt voor energietoezicht- en handhaving. Ook de beschikbare capaciteit, het aantal energiebesparingplichtige bedrijven en de beschikbaarheid van aanvullende middelen (VUE-regeling, SPUK-gelden)1 zijn onderdeel van de afweging. Daarnaast maakt de omgevingsdienst een inschatting van het aantal benodigde uren per te controleren bedrijf of instelling. • De prioriteit van de te controleren bedrijven wordt door de omgevingsdiensten meestal gesteld op basis van de rubricering die de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) toevoegt aan de informatieplicht rapportages of op basis van een eigen risicoanalyse die specifiek gericht is op de energiebesparingsplicht.2 Een klein deel van de omgevingsdiensten geeft aan prioriteit te stellen op basis van een meer algemene risicoanalyse vanuit VTH op het gebied van milieu. Sommige omgevingsdiensten stellen geen prioriteit in de te controleren bedrijven.

• Van 2019 tot en met 2023 is een intensivering in het aantal controles zichtbaar van 1.520 in 2019 tot 6.790 in 2023 (voor 110 gemeenten). Ook het aantal ingezette uren is in deze periode gestegen van 18.863 tot 40.550 (voor 89 gemeenten).3 Het aantal bedrijven in het gebied en het aantal controles dat plaatsvindt zijn bepalend voor hoe lang een omgevingsdiensten bezig zijn om het hele bedrijvenbestand te controleren. Een groot deel van de omgevingsdiensten (44%) geeft aan tussen de 5 en 10 jaar nodig te hebben om alle 1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3806/documents/34648