55. 366147 Schriftelijke vragen fractie EVA vervolg vragen over Valkensteijnse bos naar aanleiding van beantwoording College.pdf
Tekst van het document
Schriftelijke vragen Indiener Richard Hondebrink Omgevingsvisie Albrandswaard 2040 bebouwen onderwerp Valkensteijnsebos. De fractie EVA heeft vier schriftelijke vragen gesteld over bovenstaand onderwerp. Het college heeft hierop gereageerd in een RIB van 8 juni jl. De onduidelijke en soms onvolledige beantwoording door het College roept opnieuw vragen op bij de fractie EVA. 1. Op de vraag van de fractie EVA wanneer er een aangepast voorstel voor de omgevingsvisie kan worden verwacht stelt het College in de beantwoording dat de omgevingsvisie 2040 uiterlijk op 31-12-2024 formeel moet worden vastgesteld door de Raad. Het opstellen van omgevingsplannen voor nadere uitwerking zou eerder moeten starten. Waarom heeft het College besloten om de Raad niet veel eerder te informeren over de concept omgevingsvisie als die omgevingsplannen zo belangrijk zijn om tijdig mee aan de slag te gaan? Nu impliciteert het College dat de Raad eerst moet besluiten over zoeklocaties voor sociale woningbouw, voordat er een aangepaste omgevingsvisie naar de Raad kan, oftewel de Raad zou de vertraging veroorzaken. Dit is een ander traject en ook een verkeerde voorstelling van zaken. Niet de Raad, maar het College doet het voorstel voor een (aangepaste) omgevingsvisie. Het College heeft hierbij voorgesteld, los van traject zoeklocaties sociale woningbouw, dat deze locatie blijkbaar wenselijk is.
Waarom vindt het College dit een goede locatie en denkt het College dat het reëel is om aan te nemen dat dit ook juridisch inpasbaar is? Immers deze locatie is rechtswege compensatie-natuur geworden vanwege uitbreiding maasvlakte 2 destijds. Kan het College hier zo maar inbreuk op plegen en zo ja wat zijn de gevolgen hiervan voor vervolg compensatie natuur? 2. Op de vraag hoe de wethouder tijdig en transparant met de betrokken burgers de dialoog aangaat om de aangepaste omgevingsvisie te toetsen, alvorens deze in de Raad wordt besproken is het antwoord: “De Raad heeft gevraagd om de omgevingsvisie met inwoners op te stellen. Dat is gebeurd. U heeft besloten de omgevingsvisie pas te behandelen, nadat de inzet voor (sociale) woningbouw in Albrandswaard aan de hand van de zogenaamde regiekaarten duidelijk is geworden. De door u gekozen
richting wordt daarna opgenomen in de omgevingsvisie.” Kunt u alsnog duidelijk aangeven hoe u met de betrokken burgers (BBV bezorgde bewoners Valkensteijnsebos) uw aangepaste omgevingsvisie wederom toetst voordat deze in de Raad komt? De Raad neemt namelijk ook dit opnieuw toetsen van de aangepaste omgevingsvisie (voorafgaande burgerconsultatie) mee in haar oordeel. Ook om te voorkomen dat bij behandeling in de Raad opnieuw blijkt dat het College burgerparticipatie heeft genegeerd. Overigens heeft de Raad de omgevingsvisie teruggestuurd naar de tekentafel, omdat deze niet de kwaliteit en volledigheid had om hier verder mee te gaan. Dat staat los van het traject zoeklocaties sociale woningbouw, zoals gesteld bij vraag 1, is dat een ander traject. 3. Kunt u alsnog antwoord geven op de vraag of u voornemens bent om het woningbouwplan Valkensteijnsebos te herzien (lees schrappen uit de omgevingsvisie) mede gelet op de grote weerstand van de bewoners van Albrandswaard, zoals ook de burgerpetitie stelt (BBV bezorgde bewoners Valkensteijnsebos). Directe en indirecte steunbetuiging hiervan is heel groot, afhankelijk van hoe je meet is dat al gauw de helft van de Albrandswaardse bevolking die nee zegt tegen dit College voornemen.
Negeert u dit signaal en blijft u staan achter deze locatie voor woningbouw? Of schrapt u dit voornemen in de aangepaste omgevingsvisie voordat deze naar de Raad wordt verzonden voor behandeling? 4. Op de vraag van de fractie EVA om uitleg te geven over de juridische status van het Valkensteijnsebos in de zin van welke bestuurlijke partijen hierover gaan en of er al gesprekken zijn geweest met de betreffende partijen over woningbouw En zo ja, wat is de strekking hiervan geweest is het volgende antwoord gegeven door het College: “Voor de omgevingsvisie betreft het een potentiële zoeklocatie. Voor de regiekaarten gaat het ook om een potentiële zoeklocatie, die gespreksstof vormt voor de sessie(s) met u over het bouwen binnen/buiten BSD, over bouwhoogten/ dichtheden/ parkeernormen etc. Dit alles in het kader van de inzet voor (sociale) woningbouw in Albrandswaard.” U geeft geen antwoord op de vraag. Kunt u alsnog antwoord geven op de vraag? 5. Tot slot heeft de fractie EVA nog een aanvullende vraag nav de meegestuurde bijlagen bij deze RIB. Uit de verdiepingssessie wonen blijkt dat wordt gesteld dat woningbouw in het Valkensteijnsebos “absoluut vrij moet blijven van woningbouw” volgens de respondenten.
Is de conclusie dan juist dat het College dit wenselijk vindt en daarom heeft opgenomen in de omgevingsvisie? Ook wordt gesteld dat bouwen langs de oevers van de oude maas absoluut onwenselijk is volgens de respondenten op basis van de stelling die het College zelf heeft voorgelegd. Hoe kan het dan dat in een andere stelling wordt aangegeven dat bouwen langs de oevers van de oude maas (hoogbouw) en op het Antes terrein heel geschikt zou zijn? Is dat ook door respondenten ingebracht of is dit ook een wens van het College?
Hoeveel waarde moet de Raad hechten aan de onderbouwing en betrouwbaarheid van hoe de uitkomsten van de stellingen zijn gewaardeerd en gepresenteerd door het College aan de Raad?