CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

44. Raadsinformatiebrief 2026 042450 Beantwoording schriftelijke vragen TAM-plan Schutskooiwijk.pdf

Gemeenteraad AW 12 oktober 2026, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken1.441 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief Stationsstraat 4 – 3161 KP Rhoon - Postbus 1000 - 3160 GA Rhoon - T (010) 506 11 11 - E info@albrandswaard.nl De gemeenteraad van Albrandswaard Uw brief van: 21 juni 2026 Ons kenmerk: 2026-042450 Uw kenmerk: Contact: L. Verschuren Bijlage(n): Doorkiesnummer: E-mailadres: l.verschuren@albrandswaard.nl Datum: 08 september 2026 Betreft: Beantwoording schriftelijke vragen over het TAM-plan Schutskooiwijk. Geachte raadsleden, INLEIDING Op 21 juni jongstleden heeft Groenlinks/PvdA schriftelijke vragen gesteld over het TAM-plan Schutskooiwijk. In deze raadsinformatiebrief geven we antwoord op de vragen. TOELICHTING 1. Vraag: Kan het college aangeven hoe wordt geborgd dat de zorgen uit de zienswijzen en de bewonersreacties, ook waar deze juridisch niet tot aanpassing van het TAM-plan hebben geleid, herkenbaar worden meegenomen in de verdere uitwerking van de Schutskooiwijk? Antwoord Het stedenbouwkundig plan is mede tot stand gekomen door de inbreng van bewoners en omgeving. De eerder geuite zorgen en de borging daarvan zijn hierin verwerkt. Zo komt, op de plek waar eerder nieuwe garageboxen waren gepland, nu een groene inrichting. Daarnaast zorgen groene afscheidingen voor een zachtere overgang naar de bestaande bebouwing. Ook bij het parkeren is rekening gehouden met de toekomst. Het aantal parkeerplaatsen voldoet aan het geldende beleid.

Aan de randen van het plangebied blijft ruimte beschikbaar voor extra parkeerplaatsen, als daar later behoefte aan is. Tot die tijd worden deze plekken ingericht met groen. 2. Vraag: Kan het college toezeggen dat er voor de vervolgfase een overzicht wordt gemaakt van de belangrijkste aandachtspunten van bewoners, zoals verkeer, parkeren, groen, leefbaarheid en inrichting van de openbare ruimte, inclusief de wijze waarop deze punten worden opgevolgd? Antwoord Bij de verdere uitwerking gelden de bestaande plannen en het gemeentelijke beleid als uitgangspunt. Het gaat om de Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR), het groenbeleidsplan, het beeldkwaliteitsplan, de wateropgave en het mobiliteitsplan. Hierin staan de uitgangspunten voor groen, water en het gebruik van de wijk, zoals fietsen, wandelen en recreëren. Voor de Schutskooiwijk heeft de gemeenteraad het voorlopig stedenbouwkundig ontwerp en het beeldkwaliteitsplan vastgesteld. Deze plannen bevatten ook een visie op de toekomstige openbare ruimte. Samen met de LIOR vormen zij belangrijke kaders voor de verdere uitwerking. Zo worden de afspraken uit de eerdere participatie en de vastgestelde plannen en visies op een duidelijke manier uitgevoerd. 3.

Vraag Bewoners maken zich zorgen dat verkeersmaatregelen in de Vlasstraat kunnen leiden tot extra verkeersdruk in omliggende straten, zoals de Repelstraat, Rootstraat en Groene Kruisstraat. Kan het college aangeven hoe in de verdere uitwerking wordt voorkomen dat een oplossing in de ene straat leidt tot nieuwe verkeersproblemen in andere straten? Antwoord Vragen over mogelijke extra verkeersdruk in omliggende straten zijn begrijpelijk. Daarom bekijken we bij de uitwerking van de verkeersmaatregelen het verkeer in de hele omgeving. We kijken niet alleen naar de gevolgen voor de Vlasstraat, maar ook naar de mogelijke gevolgen voor de Repelstraat, Rootstraat en Groene Kruisstraat. 4. Vraag Is het college bereid om na realisatie actief te monitoren hoe de verkeersstromen zich ontwikkelen in de Vlasstraat, Repelstraat, Rootstraat, Groene Kruisstraat en de directe omgeving? Zo ja, op welke momenten wordt gemonitord en op basis van welke criteria wordt bepaald of aanvullende verkeersmaatregelen nodig zijn? Antwoord Mocht er na de oplevering van de nieuwe wijk een aanleiding zijn om de verkeersstromen te monitoren, dan doen we dat. Over de invulling van de eventuele monitoring kunnen we op dit moment nog geen uitspraken doen. 5.

Vraag Bewoners hebben specifiek zorgen geuit over de verkeersveiligheid bij de route Kerkachterweg- Beatrixstraat en de aansluiting richting de Groene Kruisweg. Kan het college toelichten of dit punt afzonderlijk is beoordeeld in het verkeersonderzoek en, als dat niet het geval is, of het college bereid is dit alsnog aanvullend te laten beoordelen? Antwoord De verkeersveiligheid op de route Kerkachterweg-Beatrixstraat en bij de aansluiting op de Groene Kruisweg is niet apart onderzocht. Als daar aanleiding voor is, is het college bereid dit alsnog te laten onderzoeken. Voor het omgevingsplan is wel onderzocht hoe het verkeer van en naar de toekomstige woningen wordt afgewikkeld. Daarbij is gekeken naar de aansluiting op de Groene Kruisweg, de beschikbare capaciteit van het wegennet en de verwachte wachttijden bij de belangrijkste aansluitingen. Uit dit onderzoek blijkt dat de bestaande wegen de verwachte groei van het verkeer door de ontwikkeling van de Schutskooiwijk goed kunnen opvangen. 6. Vraag In de beantwoording van de zienswijzen wordt verwezen naar gemeentelijke parkeernormen. Bewoners ervaren parkeren echter vooral in de dagelijkse praktijk, onder meer door bestaande parkeerdruk, het verdwijnen van stoepparkeren en de vraag of parkeerplaatsen op logische plekken liggen.

Kan het college de parkeerbalans voor de nieuwe situatie inzichtelijk maken, inclusief de gevolgen voor de bestaande wijk? Antwoord Voor de parkeerbalans verwijzen wij naar bijlage 4, ‘Parkeernormen’, bij de toelichting op het TAM- omgevingsplan. 7. Vraag Kan het college aangeven hoe wordt voorkomen dat het formaliseren van parkeren, bijvoorbeeld door het tegengaan van stoepparkeren of parkeren nabij kruisingen, door bestaande bewoners in de praktijk wordt ervaren als een verslechtering van de parkeersituatie? Antwoord We begrijpen dat veranderingen in de parkeersituatie gevolgen kunnen hebben voor bestaande bewoners. Parkeren moet plaatsvinden op de plekken die daarvoor zijn bedoeld. Bij de verdere uitwerking kijken we naar een passende inrichting. Volgens de geldende parkeernota moeten voldoende legale parkeerplaatsen beschikbaar blijven. Ook moeten de bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid minimaal op het huidige niveau blijven. 8. Vraag De definitieve inrichting van de openbare ruimte wordt pas in een latere fase verder uitgewerkt. Op welke momenten worden bewoners actief betrokken bij keuzes over verkeer, parkeren, groen en de aansluiting tussen bestaande wijk en nieuwbouw? Antwoord De keuzes over de wegenstructuur en het parkeren liggen al vast met de vaststelling van het omgevingsplan.

De ontwikkelende partij werkt de plannen voor de openbare ruimte verder uit en legt deze ruimte aan volgens het vastgestelde beeldkwaliteitsplan. Daarbij worden direct omwonenden betrokken. In een participatieverslag wordt vastgelegd hoe zij zijn betrokken en wat er met hun inbreng is gedaan. 9. Vraag Kan het college daarbij aangeven hoe bewoners niet alleen worden geïnformeerd, maar ook daadwerkelijk de mogelijkheid krijgen om lokale kennis en praktijkervaring in te brengen voordat ontwerpkeuzes definitief worden gemaakt? Antwoord De ontwikkelaar werkt de plannen voor de inrichting verder uit en legt deze ter beoordeling voor aan de gemeente. De gemeente toetst of de plannen passen binnen het vastgestelde beeldkwaliteitsplan. Bewoners worden over de verdere uitwerking geïnformeerd. Als maatwerk een betere oplossing biedt, bekijken de ontwikkelaar en de gemeente wat binnen het beeldkwaliteitsplan mogelijk is. 10. Vraag Bewoners geven aan dat in eerdere visualisaties de nieuwe ontwikkeling duidelijker zichtbaar was dan de bestaande wijk.

Kan het college toezeggen dat in toekomstige tekeningen, visualisaties en ontwerpkeuzes de bestaande wijk gelijkwaardig en duidelijk wordt weergegeven, zodat de gevolgen voor bestaande bewoners goed zichtbaar en bespreekbaar zijn? Antwoord Naarmate de plannen verder worden uitgewerkt, krijgen de tekeningen, visualisaties en ontwerpkeuzes steeds meer vorm. 11. Vraag Voor GroenLinks-PvdA is belangrijk dat woningbouw samengaat met leefkwaliteit voor huidige én toekomstige bewoners. Welke concrete waarborgen ziet het college om te voorkomen dat de bestaande Schutskooiwijk door de verdere uitwerking van dit plan achteruitgaat op het gebied van verkeersveiligheid, parkeren, groen en leefbaarheid? Antwoord De verandering van de Schutskooiwijk is gericht op een verbetering van de hele wijk. Daarbij is gekeken naar een goede verdeling tussen wonen, groen en verkeer. Het college kan op dit moment geen concrete waarborgen geven. 12. Vraag Is het college bereid om na realisatie samen met bewoners te evalueren of de inrichting van de wijk in de praktijk goed functioneert, en vooraf duidelijk te maken welke ruimte er is om op basis van die evaluatie nog aanpassingen te doen? Antwoord We begrijpen de behoefte om na realisatie samen met bewoners te kijken naar de inrichting van de wijk en hun ervaringen daarmee.

In dit geval gaat het echter om een concrete ontwikkeling die door een ontwikkelaar wordt gerealiseerd en niet om gemeentelijk beleid dat na verloop van tijd wordt geëvalueerd. De rol van de gemeente is in dit proces het beoordelen van de aanvraag, het verlenen van de benodigde vergunningen en het houden van toezicht op de naleving daarvan. De ontwikkelaar is verantwoordelijk voor de uitvoering en dient daarbij te handelen conform het vastgestelde plan en de verleende vergunning. Om die reden ziet het college geen aanleiding om na realisatie een afzonderlijke evaluatie met bewoners uit te voeren of vooraf ruimte te creëren voor aanpassingen aan de gerealiseerde inrichting. Uiteraard blijft de gemeente, zoals altijd, openstaan voor signalen van bewoners over de openbare ruimte en zal zij deze binnen haar reguliere verantwoordelijkheden en bevoegdheden beoordelen. Met vriendelijke groet, het college van de gemeente Albrandswaard, de secretaris de burgemeester, mr. drs. Florus van der Linden drs. Cees Pille

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3858/documents/36309