CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

41. 2024-026249 Raadsvoorstel Jaarstukken 2024 Albrandswaard.pdf

Gemeenteraad AW 2 juni 2025, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 5: Ingekomen stukken35.269 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

- 72 -

Kengetallen

Realisatie Begroting Realisatie

1a. Netto schuldquote 1b. Netto schuldquote gecorr. voor alle verstrekte leningen 2. Solvabiliteitsratio 3. Grondexploitatie 4. Structurele exploitatieruimte 5. Gemeentelijke belastingcapaciteit

2023 33% 31% 42% 4% 4,1% 128%

2024 37% 35% 42% 1% 0,1% 124%

2024 32% 30% 42% 3% 0,0% 124%

De waarden van de kengetallen zijn ingedeeld in 3 categorieën die aansluiten bij de landelijk vastgestelde signaleringswaarden (2016). Categorie A is het minst risicovol en C het meest risicovol. Signaleringswaarden kengetallen 1a. Netto schuldquote 1b. Netto schuldquote gecorr. voor alle verstrekte leningen 2. Solvabiliteitsratio 3. Grondexploitatie 4. Structurele exploitatieruimte 5. Gemeentelijke belastingcapaciteit

Categorie A

Categorie B

Categorie C

Minst risicovol < 90% < 90% > 50% < 20% > 0% < 95%

Neutraal 90 - 130% 90 - 130% 20 - 50% 20 - 35% 0% 95 - 105%

Meest risicovol > 130% > 130% < 20% > 35% < 0% > 105%

Schuldquote Een belangrijke graadmeter voor de financiële positie is de omvang van onze schuldverplichtingen in relatie tot onze opbrengsten, oftewel de schuldquote. Onderstaande grafiek illustreert deze ontwikkeling.

De netto schuldquote is iets gedaald ten opzichte van de realisatie van vorig jaar, en ook gedaald ten opzichte van de begroting van dit jaar. Dit komt met name door de toename van de gerealiseerde baten. Ook het uitblijven van grootschalige investeringen speelt hierin een rol. Toekomstige investeringen en eventuele risico’s zullen hun invloed hebben op de schuldquote. Ook de stijgende rentestanden zullen hun invloed hebben. Het is niet alarmerend als onze schuldquote zou verslechteren, maar wel goed om de investeringen goed af te wegen en marktontwikkelingen in de gaten te houden. - 73 -

Solvabiliteit De solvabiliteit geeft aan welke gedeelte van je bezit met eigen vermogen is gefinancierd. Neem bijvoorbeeld een woning; als deze bijvoorbeeld voor 80% is gefinancierd bij de bank, en voor 20% is betaald met eigen spaargeld, dan is de solvabiliteit 20%. Onderstaande grafiek illustreert de ontwikkeling van dit kengetal voor onze gemeente.

De solvabiliteit blijft op hetzelfde niveau. Deels veroorzaakt door continu en stabiel (financieel) beleid, en deels door niet al te grote nieuwe investeringen (waardoor de schulden niet of nauwelijks toenemen). De landelijke norm is om de kritische grens van 20% aan te houden voor het eigen vermogen. Gelet op de schaalgrootte (omzet) van Albrandswaard blijven we kwetsbaar. Als een financieel risico zich manifesteert heeft dat grote impact op de stand van onze algemene reserve. Nieuwe investeringen en eventuele risico’s zullen hun invloed hebben op de solvabiliteit. Het is goed de solvabiliteit te blijven volgen, zodat bij een economisch minder goede periode er tijdig onderbouwde afwegingen gemaakt kunnen worden tussen inhoud en financiën. Grondexploitaties Afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitaties een forse impact hebben op de financiële positie van een gemeente. Bij grondexploitaties volgen de inkomsten altijd pas na de uitgaven. Bij bijvoorbeeld een nieuw woningbouwproject, geldt dat eerst de grond gekocht en bouwrijp gemaakt dient te worden, voordat het weer verkocht kan worden. De financiering voor grondaankopen en bouwrijp maken leiden normaal gesproken (tijdelijk) tot hogere schulden. Onderstaande tabel geeft de ontwikkeling weer van de (financiële) waardes van onze grondposities ten opzichte van de totale opbrengsten (exclusief reservemutaties).

Daarbij geldt dat hoe lager de (boek)waardes van onze grondposities (exploitaties) zijn in vergelijking met de totale opbrengsten, des te minder financiële risico’s wij lopen. Als de waardes van de grondposities namelijk laag liggen hoeven de (grond)verkopen minder op te leveren om investeringen uit het verleden terug te verdienen.

- 74 -

Afgelopen jaren is onze positie vrij stabiel gebleven, ruim onder de signaalgrens. Dit komt voornamelijk omdat de gerealiseerde grondopbrengsten worden gecompenseerd met een afname van de verliesvoorzieningen. Van de projecten met een verliesvoorziening, blijft na 2024 nog één project over. De overige twee worden afgesloten. Daarnaast zijn in 2023 en 2024 nieuwe grondexploitaties geopend met, naar verwachting, een positieve eindwaarde (De Omloop), en een budgetneutrale eindwaarde (Schutskooiwijk). Dit zal komende jaren invloed uitoefenen op dit kengetal. Nieuwe plannen en exploitaties zullen om investeringen en financiering vragen, en dat geeft inherente risico’s bij het terugverdienen. Met als mogelijk risico dat de lijn omhoog schiet. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte is nagenoeg gelijk aan de begroting, maar beduidend minder sterk ten opzichte van de realisatie van vorig jaar. Het cijfer van 0,0% betekent dat de structurele lasten en baten in 2024 nagenoeg in evenwicht zijn. Wanneer het cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te kunnen dragen (de structurele lasten zijn dan hoger dan de structurele baten). Voor de komende jaren verwachten we, zonder ombuigingen, een negatieve structurele exploitatieruimte.

Dit heeft alles te maken met het naderende ‘ravijnjaar’, waarbij de baten vanuit het gemeentefonds achterblijven bij de uitgaven. Het blijft nodig om zeer kritisch te blijven kijken naar hoe structurele lasten in evenwicht kunnen blijven met structurele baten.

- 75 -

Gemeentelijke belastingcapaciteit De gemeentelijke belastingcapaciteit geeft de gemiddelde woonlasten van een inwoner van Albrandswaard weer ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Onder woonlasten wordt hier bedoeld de rioolheffing, afvalstoffenheffing en de onroerende zaakbelasting (ozb).

De gemeente moet belastingen heffen om voldoende inkomsten te genereren en kosten te dekken. Om de lasten voor de inwoner niet onnodig te laten stijgen is het daarom van belang om bedrijfsmiddelen doelmatig in te zetten en/of innovatieve, kostenbesparende maatregelen te nemen. Ook al zien we de kosten op deze gebieden toenemen, toch wordt hierbij ook lastenverlichting afgewogen met de inhoudelijke mogelijkheden. We zien een lichte verbetering van de belastingcapaciteit ten opzichte van vorig jaar, met name omdat de gemiddelde landelijke woonlasten harder zijn gestegen t.o.v. de stijging van woonlasten in Albrandswaard. Conclusie over huidig risicoprofiel In de voorgaande onderdelen is een relatie gelegd tussen het risicoprofiel van de gemeente en het benodigde weerstandsvermogen. Onze organisatie valt in klasse A (waarderingscijfer); een weerstandsvermogen dat uitstekend is. We kunnen derhalve stellen dat de organisatie er financieel uitstekend voor staat. Nagenoeg alle kengetallen liggen vrij behoorlijk in de lijn van vorig jaar. Geplande investeringen, de fluctuerende algemene uitkering en risico’s hebben een negatieve uitwerking op enkele kengetallen. Daar tegenover staan ook positieve uitwerkingen. Het is noodzakelijk de kengetallen in de gaten te houden en financieel gezond te blijven door tijdig afwegingen en keuzes te maken indien nodig.

Met name ook bij grote investeringen. De komende jaren moeten we ook blijven vasthouden aan een structureel sluitende begroting op basis van reële ramingen.

- 76 -

Paragraaf 3 - Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding De gemeente beheert de kapitaalgoederen waarvoor zij verantwoordelijk is. De kapitaalgoederen verhardingen, riolering, civiele kunstwerken, groen, speelgelegenheden, openbare verlichting en watergangen vertegenwoordigen tezamen een vervangingswaarde van ruim € 252,1 miljoen. Zorgvuldig beheer van dit kapitaal is belangrijk. Hiermee wordt kapitaalvernietiging voorkomen en blijft de waarde zo hoog mogelijk. De waarde is afgestemd op de activiteiten die in de openbare ruimte plaatsvinden, zoals wonen, werken en recreëren. In de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen wordt aangegeven wat de kaders zijn waarbinnen het onderhoud van deze goederen plaats vindt. Aanwezige kapitaalgoederen De gemeente Albrandswaard beheert binnen de openbare ruimte de volgende kapitaalgoederen: • • • • • • • • • •

Verhardingen zoals wegen, straten, paden en pleinen binnen de bebouwde kom; Straatmeubilair; Openbare verlichting; Verkeer- en straatnaamborden; Gemeentelijke riolering; Waterbodems, beschoeiingen; Civiele kunstwerken; Openbaar groen; Speelvoorzieningen, en Gemeentelijke gebouwen.

Om de kapitaalgoederen goed te kunnen beheren, is halverwege 2020 het Beheerplan openbare ruimte 2020 - 2024 ambtelijk geactualiseerd. Het beheerplan geeft duidelijkheid over de kosten die gemaakt moeten worden om de openbare ruimte te onderhouden binnen de wettelijke kaders en de met de gemeenteraad afgesproken beleidskaders. Uitgangspunt daarbij is dat de planningen voor vervanging en groot onderhoud zijn gebaseerd op resultaatgericht beheer. Dit houdt in dat wordt onderhouden of vervangen wat daadwerkelijk nodig is, in plaats van onderhouden of vervangen op basis van technische levensduur. Voor 2025 staat op de planning om het beheerplan te actualiseren. In 2024 is een nieuw Groenbeleidsplan opgesteld en vastgesteld. Er wordt gewerkt aan een Uitvoeringsplan Groen waarin het beleid verder wordt uitgewerkt. dit resulteert in een uitvoeringsprogramma, dat wordt opgesteld in samenhang met de uitvoering van verschillende andere maatregelen op het gebied van duurzaamheid. Het Programma Stedelijk Water (PSW) 2021 – 2025 vormt de basis voor het onderhoud en vervangingen van riolering. Binnen dit programma staat beschreven op welke locatie welk onderhoud of vervanging noodzakelijk is. De rioolheffing wordt op basis van het PSW bepaald. Omdat het programma afloopt wordt in 2025 de opvolger hiervan; het Water en Rioleringsplan (WRP) opgesteld.

Zorg voor de openbare ruimte Binnen het vastgestelde integraal beheerplan zijn de beeldnormeringen van de CROW en de landelijke Standaard 2018 het uitgangspunt. Het beheerplan differentieert op basis van gebiedsindeling en kwaliteitsniveaus. Hierbij is kwaliteitsniveau B het gemiddelde uitgangspunt. In 2025 wordt het beheerplan geactualiseerd.

- 77 -

In de beheerplannen zijn projecten en onderhoudsmaatregelen opgenomen om de gewenste kwaliteit te realiseren en te behouden. De planningen van de verschillende beheerdisciplines worden op elkaar afgestemd, zodat werkzaamheden gecombineerd worden uitgevoerd. Om deze integraliteit te borgen wordt de onderhoudsplanning jaarlijks geactualiseerd. De onderliggende beheerplannen en het integrale beheer heeft als doel: • Het zorgen voor een veilige, comfortabele, leefbare en duurzame openbare ruimte voor de bewoners van Albrandswaard; • De afgesproken kwaliteit van de openbare ruimte waarborgen door kwaliteitssturing; • Het beleid en consequenties hiervan v.w.b. de vastgestelde kwaliteitsniveaus aan alle belanghebbenden communiceren, zodat gekozen beleid en daarmee keuzes in de dagelijkse praktijk duidelijk en uitlegbaar zijn; • Voldoen aan wettelijke normen; • Budgetbeheersing; • Integrale afstemming tussen de verschillende beheeractiviteiten; • Termijnplanning voorhanden, en • Integrale aanpak van de taakvelden om hiermee een efficiëntieslag te behalen. De beleidskaders waarbinnen het beheer en onderhoud wordt uitgevoerd is o.a.

opgenomen in: Beheerkwaliteitsplan 2012 (BKP), de beleidsnota’s Groenbeleidsplan 2024, het Programma Stedelijk Water 2021 -2025, het Gemeentelijke Verkeer-, en Vervoersplan 2012 (nieuw in 2025 het “Mobiliteitsplan”), Laadvisie 2021, Speelruimteplan 2010 – 2020 (nieuw in 2025 “Speelruimteplan 2025”), Licht op Albrandswaard, beleidskader openbare verlichting 2016 (wordt geactualiseerd in 2025), Beleidsplan afval en grondstoffen 2019 en het Baggerplan. Dit beleid is vertaald in de genoemde beheerplannen en wordt zo ter uitvoering gebracht. Wegen Zorgtaak De functie van het gemeentelijke wegennet is om het verkeer veilig, vlot en comfortabel te verwerken. Als wegbeheerder heeft de gemeente een zorgplicht om haar wegen te onderhouden en veilig te houden. Deze plicht is afgeleid van de Wegenwet. Onvoldoende zorg hiervoor leidt tot klachten van gebruikers van de buitenruimte en mogelijk tot schadeclaims. Door het opstellen van het beheerplan openbare ruimte 2020 - 2024 is de financiering van het onderhoud van het totale wegenbestand voor de komende jaren inzichtelijk en beheersbaar gemaakt. De onderhoudstoestand van de wegen in relatie tot het beschikbare budget is hierbij onderbouwd.

Integraal project In 2024 lag de focus op het renoveren van de straten in de omgeving van park Rhoon (Sering, Jasmijn, Rozenhof, Magnolia, Primulahof, Goudenregen, Perelaer, Prunus en deel van De Gaarde). Deze renovaties zijn in 2023 voorbereid en aanbesteed. De uitvoering en realisatie ervan zijn gedaan in 2024. Hier is In het kader van de integrale aanpak is de hele openbare ruimte aangepakt waaronder groen, riolering en waar nodig gebleken openbare verlichting. Bij de planvorming in 2023 is ook rekening gehouden met verkeerskundige aanpassingen om de verkeersveiligheid te verbeteren. Naast deze reconstructie vinden er aan de hand van weginspecties buiten het dagelijks en grotere planmatige onderhoudswerkzaamheden plaats. Deze locaties ( levensduur verlengend onderhoud) komen voort uit de jaarlijkse weginspecties. Uitgevoerd (planmatig) onderhoud In 2024 zijn diverse onderhoudswerkzaamheden aan de wegen uitgevoerd. Zo is van de rijbaan Schroeder v.d. Kolklaan het asfalt voorzien van een nieuwe toplaag en in het Bakkerspark zijn de halfverharding paden volledig vernieuwd en zijn diverse trottoirs

- 78 -

herbestraat verdeeld over de drie kernen. Ook zijn door de hele gemeente oneffenheden door wortelopdruk in de bestrating verwijderd en daarmee zijn diverse levensduur verlengende reparaties uitgevoerd op alle verhardingen. Areaal In 2024 beschikte Albrandswaard over circa 116 hectare aan diverse verharding met een vervangingswaarde van circa € 78 miljoen. Binnen deze discipline is kwaliteitsniveau A doorgevoerd in de centra gebieden, niveau B in de woonwijken en niveau C op industrieterreinen. Deze niveaus worden getoetst conform de CROW beeldnormeringen. De technische staat van de verharding op dit moment is goed. Het effect van de verlaagde kwaliteit op de industrieterreinen en de doorgevoerde bezuiniging in 2021 en 2022 zal pas na meerdere jaren effect hebben. Op termijn is dus wel extra onderhoud en daarmee budget noodzakelijk om opgelopen achterstanden in te halen. Dit wordt in de gaten gehouden door de wegen via jaarlijkse weginspecties te beoordelen. Zettingsgebieden De bodem onder de openbare ruimte van Albrandswaard bestaat nagenoeg overal uit klei. Klei is een middelmatig stabiele bodemondergrond en geeft doorgaans een gelijkmatige zetting. Echter, eind jaren '90 en beginjaren '00 is er infrastructuur aangelegd op een minder stabiele bodem dan klei. Dit betreft de (Vinex) wijken Parels en Diamant van Portland en een derde deel van de wijk Valckensteijn in Poortugaal.

Hier zal eerder groot onderhoud nodig zijn door verzakkingen. Tot op heden zijn de verzakkingen voor de korte termijn aangepakt, komend jaar zal onderzoek verricht gaan worden om de aanpak en de kosten voor de komende periode te bepalen. Straatreiniging Binnen het onderdeel ‘schoon houden van de openbare ruimte’ valt ook de onkruidbestrijding op verhardingen. Binnen Albrandswaard worden hiervoor geen chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt. Kwaliteit Een schone leefomgeving heeft in onze gemeente een hoge prioriteit. In de dorpscentra (winkelgebieden) wordt kwaliteitsniveau A als norm gehanteerd en voor het overige deel van de openbare ruimte kwaliteitsniveau B. Via visuele controles buiten en tussentijdse oplevermomenten van wijken waar het onderhoud is uitgevoerd zien we erop toe dat deze kwaliteit wordt behaald. Openbare verlichting Openbare verlichting speelt een belangrijke rol in de openbare ruimte. Als gemeente dragen we zorg voor een goed functionerende openbare verlichting waarmee de sociale veiligheid, de verkeersveiligheid en de leefbaarheid wordt gediend. Bij de toepassing of vervanging van openbare verlichting hanteren we de volgende uitgangspunten: • • • •

De gemeente zorgt voor verlichting op maat daar waar het volgens de Nederlandse Praktijk Richtlijn NPR 13201 + A1:2018 nl noodzakelijk is, of vanuit sociale veiligheid wenselijk is; De openbare verlichting is energiezuinig en afgestemd op de behoefte; Vervanging van masten/armaturen wordt zoveel mogelijk gecombineerd met geplande reconstructies en uitgevoerd in LED verlichting; Om de elektrotechnische veiligheid van de installaties te verbeteren voorzien we niet geaarde lichtmasten bij vervanging van dubbel geïsoleerde aansluitkastjes en/ of armaturen, en

- 79 -

•

In het buitengebied en bij randen van natuurgebieden hanteren wij het uitgangspunt: ‘er wordt niet verlicht, tenzij’.

In 2024 zijn er ca. 700 armaturen op diverse locaties in Rhoon en Poortugaal vervangen. Hierbij worden oude armaturen vervangen en gaan we over naar LED-verlichting, waardoor op energie bespaard wordt. Verder zijn er 40 lichtmasten vervangen. Dit waren verouderde masten en masten die waren vervangen als gevolg van een aanrijding. Tevens zijn er 80 klassieke koperen armaturen in de centrums van Rhoon en Poortugaal gerenoveerd en voorzien van LED. In ruim 750 armaturen die nog enkele jaren mee kunnen zijn de conventionele lampen vervangen door LED-lampen. Deze lampen verbruiken minder energie en gaan langer mee. Kwaliteit In 2024 beschikte Albrandswaard over een areaal van circa 6.300 lichtmasten met een vervangingswaarde van circa € 5,7 miljoen. De gehele openbare verlichtingsinstallatie voor het preventieve en correctieve onderhoud is uitbesteed aan een daartoe gespecialiseerd bedrijf. Storingen die gerelateerd zijn aan de ondergrondse infrastructuur zijn hoofdzakelijk de verantwoordelijkheid van Stedin. De verlichtingskwaliteit zelf is niet via wettelijke of bindende bepalingen geregeld. De gemeente is in het algemeen wel verantwoordelijk voor de veiligheid van de openbare ruimte. Verkeer In 2024 heeft het opstellen van een nieuw mobiliteitsplan centraal gestaan.

Dit plan dient handvatten te bieden hoe we als gemeente met alle toekomstige verkeersontwikkelingen, mobiliteitsvraag en nieuwbouw in de gemeente omgaan. Dit omvat ook een uitvoeringsplan voor de komende 5 jaar waarmee we gericht verschillende problemen (schoolzones, GOW30, langzame verkeersverbindingen) kunnen aanpakken en de verkeersveiligheid verder kunnen verbeteren. In 2025 zullen starten om hier uitvoering aan te geven en ontwikkelen we nieuw beleid op verschillende vlakken, zoals voor lopen en fiets, laadinfrastructuur en (gereguleerd) parkeren. Riolering Riolering draagt bij aan de volksgezondheid. De gemeente is wettelijk verplicht een Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) vast te stellen. De gemeente heeft een zorgplicht met betrekking tot inzameling en transport van afvalwater, hemelwater en grondwater. Hiervoor mag de gemeente ook rioolheffing innen. In het kader van de Omgevingswet is het GRP omgevormd naar een Programma Stedelijk Water (PSW) 2021 – 2025. De thema's duurzaamheid en klimaatadaptie krijgen in het PSW nadrukkelijk aandacht. Het PSW is vastgesteld in 2020. Het PSW geeft een actueel beeld van de benodigde onderhoudsbehoefte voor de riolering voor een periode van 5 jaar en voor de lange termijn.

In het eerste half jaar van 2025 wordt een nieuw WRP (water en rioleringsplan), de opvolger van het PSW, opgesteld voor de periode 2026 -2030 In 2023 is gestart met het vervangen van riolering en verhardingen in de Jasmijn, Sering en een gedeelte van de Gaarde. Dit project is in 2024 afgerond. Het riool in de Akkerstraat is vernieuwd en op diverse locaties binnen de gemeente is het riool gerenoveerd; deze werkzaamheden zijn in 2024 afgerond. Daarnaast is een integraal beheerproject opgestart in de straten De Warnaar, De Terp, De Meeting en De Heuvel. Binnen dit project wordt de riolering vervangen en worden de straten klimaat adaptief ingericht. De jaren 2023 en 2024

- 80 -

stonden in het teken van het vastleggen van ambities en het opstellen van een schetsontwerp. De ambitie is om 2025 met de uitvoering te starten. Tevens zal in 2025 worden gestart met het voorbereiden van het integraal herinrichten van de wijk Ghijseland en de Graaf Bentincklaan. Kwaliteit In 2023 beschikte Albrandswaard over circa 133 kilometer vrij verval riool en 49 kilometer drukriolering met een vervangingswaarde van circa € 89 miljoen. Volgens landelijke maatstaven wordt ten aanzien van de kwaliteit van rioolstelsels niet gesproken in termen van kwaliteitsnormen zoals bij wegen, groen en straatreiniging maar van schadeklassen. Voorbeelden van deze schadeklassen zijn: scheurvorming in buizen, wortel ingroei, verzakking en zandinloop. De beslissing tot vervanging of renovatie is gebaseerd op de uitkomsten van een rioolinspectie. Riolering gaat normaliter gemiddeld 60 tot 65 jaar mee. De riolering wordt eens in de 7 jaar gereinigd (ongeveer 19 km) en eens in de 14 jaar geïnspecteerd (ongeveer 9,5 km). Incidenteel worden extra inspecties uitgevoerd naar aanleiding van klachten (bijv. over wegverzakkingen). Bij rioolvervangingsprojecten wordt zoveel als mogelijk integraal gewerkt. Daarbij streven we ernaar om de openbare ruimte robuust in te richten. Effecten van klimaatverandering, waaronder wateroverlast, kunnen op die wijze worden beperkt.

Wateroverlast kan niet alleen met riolering verholpen worden. Het betekent ook iets voor de wegverharding en groeninrichting. We werken samen met onze inwoners, ondernemers en woningbouwverenigingen. Groen en bomen De bomen, beplanting en het gras in een gemeente zijn de aankleding van de openbare buitenruimte en belangrijk voor de beleving van onze buitenruimte. De gemeente hanteert het motto 'Albrandswaard: Dorpen tussen groen en stad'. De groene long in een verder verstedelijkte omgeving. Het ontwikkelen, opbouwen en onderhouden van het openbaar groen is daarom een belangrijk gegeven. Deze belangrijke uitgangspunten en nog vele andere punten zijn vastgelegd in een nieuw Groenbeleidsplan dat in 2024 is vastgesteld. In 2025 wordt dit verder uitgewerkt in een uitvoeringsplan Groen, en vervolgens wordt het beleid uitgerold in een 4-jarig uitvoeringsprogramma. Sinds 2016 wordt er stevig ingezet op een consequent boombeheer gericht op een optimale begeleiding en ontwikkeling van bomen en het uitvoeren van structurele boomveiligheidscontroles. In 2024 is weer 1/3e deel van het bomenbestand gecontroleerd conform de geplande cyclus en worden de noodzakelijke snoeimaatregelen uitgevoerd. In navolging daarop ontstaat inzicht in de bomen die gekapt dienen te worden vanwege veiligheid. Deze worden vervolgens ook in hetzelfde jaar gekapt en waar mogelijk vervangen.

Door jaarlijkse herhaling van deze planning wordt er zorg gedragen voor een kwalitatief goed en veilig bomenbestand. In 2024 zijn weer vele mooie groen successen behaald waarbij vele en verschillende boomsoorten en heestersoorten zijn aangeplant die bijdragen aan meer beleving en zorgen voor een hogere biodiversiteit. De grootste groenprojecten van het afgelopen jaar zijn: • • • • • • •

Groenrenovatie Hofnar te Rhoon Boomvervangingsplan Saffierhoven te Portland Boomvervangingsplan Begraafplaats te Poortugaal Boomvervangingsplan herplanting dode bomen deelgebied Albrandswaard Vergroening Willem de Kooning Allee Vergroening Portlandsebaan Vergroening Rijsdijk/Dorpsdijk

- 81 -

• •

Vergroening Werkersdijk/Maasstraat Groeninrichting Plukpark/Herdenkingsbos Schroeder van der Kolklaan te Poortugaal

De groenprojecten dragen bij aan het groen houden van onze dorpen en het verhogen van de kwaliteit van het groen. Kwaliteit In 2024 beschikte Albrandswaard over circa 28 ha. beplanting, 110 ha. gras en ruim 13.600 bomen met een vervangingswaarde van circa € 14,5 miljoen. Binnen het groen is kwaliteitsniveau A het uitgangspunt in de centra gebieden en niveau B in de woonwijken en industrieterreinen. Via visuele controles buiten en tussentijdse oplevermomenten van wijken waar het onderhoud is uitgevoerd wordt erop toegezien dat de kwaliteit wordt behaald. Waar nodig wordt vervolgens bijgestuurd of extra onderhoud gepleegd om het buiten schoon, heel en veilig te houden. Waterwegen en baggeren De gemeente en het waterschap zijn verantwoordelijk voor het onderhoud van het oppervlaktewater en voor het op diepte houden van de sloten en waterwegen in de gemeente. Het onderhoud bestaat uit het verwijderen van waterplanten en riet (dagelijks onderhoud) en baggeren (planmatig onderhoud). Bij slecht beheer en onderhoud kunnen beide ervoor zorgen dat er een slechte doorstroming en afwatering ontstaat. Van deze werkzaamheden is baggeren het meest ingrijpend. In alle wateren in ons gebied ligt op de bodem een laag bagger: een mengeling van plantenresten en bezonken slib. De aangroei van bagger is een natuurlijk proces. Gemiddeld groeit bagger met ongeveer een centimeter per jaar.

Om te voorkomen dat onze wateren steeds minder diep worden, moeten we de bagger eens in de zoveel tijd weghalen. Met het baggeren komen de sloten en waterwegen weer op de oorspronkelijke diepte. Problemen met de waterhuishouding, waterkwaliteit en te ondiep water worden daarmee opgelost. Daarnaast worden er binnen onze gemeente beschoeiingen onderhouden. Op basis van technische levensduur en visuele inspecties wordt beoordeeld waar beschoeiing aan vervanging toe is. Waar mogelijk wordt daarbij bekeken of beschoeiing vervangen kan worden door natuurvriendelijke oevers. Indien dit niet mogelijk blijkt zal nieuwe beschoeiing terug geplaatst worden. Indien uit de inspectie blijkt dat vervanging nodig is zal dit uitgevoerd worden, indien in goede staat zal vervanging worden uitgesteld. Kwaliteit De gemeente Albrandswaard beschikt over circa 46 ha. oppervlakte water (sloten en plassen). Baggeronderhoud wordt planmatig gedaan op basis van jaarlijkse inpeilingen en op basis van meldingen klachten. De hieruit voortkomende werkzaamheden worden in een onderhoudsbestek verwerkt en uitgevoerd door een aannemer. Bij uitvoering van het baggeren speelt de Wet Natuurbescherming en beperking van overlast een belangrijke rol. Daarom vindt uitvoering plaats tussen 1 oktober en 15 maart. Het dagelijks onderhoud van de oevers en het verwijderen van riet en waterplanten wordt jaarlijks uitgevoerd.

Uitvoering van deze werkzaamheden vinden plaats vanaf 15 juli. Via toezicht zorgt de gemeente ervoor dat de juiste kwaliteit wordt behaald en voldaan wordt aan de wet- en regelgeving. Vanaf 1 januari 2024 maken we voor het baggeronderhoud, planningen en baggerprognose gebruik van een specialistisch gis programma. In de periode van 2019 tot en met 2022 is zeer beperkt gebaggerd, voornamelijk door de PFAS-problematiek. Ook de coronamaatregelen hebben geleid tot minder uitvoering van werkzaamheden. Hierdoor is er een achterstand in het reguliere baggeronderhoud. In 2023 is begonnen met het inhalen van deze achterstand, en in 2024 is dit proces voortgezet om het baggeronderhoud in

- 82 -

Albrandswaard weer verder recht te trekken. Ook in 2025 zal deze inhaalslag voortgezet moeten worden om de achterstanden volledig in te lopen. Voor de beschoeiing hebben we in 2024 voorbereidingswerkzaamheden getroffen om de beschoeiing in Rhoon Noord te kunnen vervangen in 2025. Deze werkzaamheden hebben we opgesplitst in twee jaar vanwege de grote hoeveelheid beschoeiing die in de wijk moeten worden gerenoveerd. Civiele kunstwerken Definitie kunstwerken De civiele kunstwerken van Albrandswaard bestaan uit bruggen, trappen, geluidsschermen, vlonders en visplaatsen. Voet /fiets bruggen vormen hiervan het grootste aandeel. Voor het beheren en onderhouden van de bruggen is eind 2024 het beheerplan geactualiseerd. Ten aanzien van de gemiddelde onderhoudskosten en de levensduur van bruggen zijn geen landelijke normen vastgesteld. Reden hiervoor is dat dit per brug sterk afhankelijk is van de ligging, omgevingsaspecten en de toegepaste constructie. Beheerplan Met de huidige objectgegevens en inspectie resultaten van 2024 is het beheerplan opgesteld. Dit beheerplan geeft inzicht in de onderhoudsaanpak (periode 2025-2029), met daarin opgenomen het meerjarig vervangingsplan. Voordat tot vervanging wordt besloten wordt altijd eerst nog grondig gecontroleerd door een maatregeltoets op locatie.

Hiermee bepalen we of vervanging ook werkelijk aan de orde is of dat uitstel en onderhoud mogelijk is in plaats van vervanging. Vervanging In 2024 is de brug aan de Kamperfoelie volledig vernieuwd. Ook zijn diverse bruggen gereinigd waarbij algen en mos aanslag zijn verwijderd en enkele daarvan geschilderd. In 2024 zijn alle bruggen in Albrandswaard door een extern bedrijf geïnspecteerd, de daaruit komende onderhoudsmaatregelen zijn deels in 2024 uitgevoerd en worden in 2025 voortgezet. Kwaliteit In 2024 beschikte Albrandswaard over circa 100 civiele kunstwerken met een vervangingswaarde van circa € 7,7 miljoen. Bij het opstellen van het beheerplan en het daarin ook opgenomen vervangingsplan dit jaar worden de hierna genoemde aspecten afgewogen: • Veiligheid; • Levensduur verlengend, en • Schoonhouden. Inhaalslag onderhoud Vanwege noodzakelijke bezuinigingen in 2021 en 2022 is er op het onderhoudsbudget voor civiele kunstwerken bespaard. Dit was mogelijk vanwege de (op dat moment) goede staat van de bruggen (schoon, heel en veilig). Nu, drie jaar later, is er onderhoud noodzakelijk t.a.v. het esthetische aspect schoon maar vooral t.a.v. het conserveren (o.a. schilderen). Bruggen zijn hierdoor op korte termijn niet minder veilig geworden maar minder fraai om te zien, en kwetsbaarder door ontbreken van conserverende laklaag.

Voor uitstel van groot onderhoud schilderwerk zijn in 2024 een aantal bruggen schoongemaakt en daar waar nodig (plaatselijk) geconserveerd.

- 83 -

Spelen In het ‘Besluit Veiligheid van Attractie- en Speeltoestellen’ (het Attractiebesluit) zijn de wettelijke bepalingen voor aansprakelijkheid en veiligheid vastgelegd. Indien er sprake is van een ongeval door een gebrek aan het speeltoestel of een onveilige ondergrond, dan is degene die het speeltoestel beheert altijd als eerste aansprakelijk. Alle speelruimten en speeltoestellen zijn beoordeeld en afgezet tegen de demografische ontwikkelingen binnen de gemeente. Dit is verwoord in het Speelruimteplan 2010 - 2020. In 2023 heeft een evaluatie plaatsgevonden van het speelruimteplan. Hiermee is nieuw inzicht ontstaan in de locaties waar geïnvesteerd en waar vervangen moet worden en welke speellocaties mogelijk opgeheven kunnen worden. Hiermee voorkomen we dat investeringen op de verkeerde plek gedaan worden. De evaluatie uit 2023 zal in 2025 verder worden vertaald in een nieuw op te stellen Speelruimteplan. In 2024 zijn conform het beheerplan openbare ruimte geen speellocaties in de gemeente heringericht. Wel zijn er op 3 locaties speeltoestellen vervangen. Het gaat hierbij om de locaties: Pinksterbloem te Rhoon, Molenweg te Poortugaal en Lenghenhof te Portland.

Voor deze speellocaties geldt dat er pas vervangen wordt als dit vanuit veiligheid noodzakelijk is waarbij bij renovatie van volledige speellocaties altijd gekeken wordt of toestellen die herbruikbaar zijn eventueel te verplaatsen zijn. Kwaliteit In 2024 beschikte Albrandswaard over 129 speelplekken met een vervangingswaarde van circa € 2,3 miljoen. Op basis van de regelgeving worden de speeltoestellen vier keer per jaar gecontroleerd en geconstateerde afwijkingen en mankementen zo snel als mogelijk verholpen. De inspectieresultaten, reparaties en aanpassingen worden vastgelegd in een logboek. Tijdens het dagelijks onderhoud door de buitendienst wordt er op gelet dat alles schoon, heel en veilig is. Gebouwen In 2022 is voor alle gemeentelijke gebouwen een nieuwe meerjarenonderhoudsplan (MJOP) opgesteld. Op basis van deze MJOP’s is een financiële doorrekening gemaakt met de te verwachten onderhoudskosten en hoe deze worden gedekt t/m 2036. Kwaliteit Ten aanzien van de kwaliteitsnorm voor gemeentelijke gebouwen worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: • De gemeentelijke gebouwen bevinden zich op onderhoudsniveau 3. • Het op planmatige wijze uitvoeren van het regulier onderhoud met materialen van gelijkwaardige kwaliteit.

- 84 -

Budgetten en kredieten onderhoud/vervanging kapitaalgoederen Omschrijving

Budget/krediet

Opmerking

Budgetten Wegen

1.153.200 excl. 749.700 kapitaallasten

Riolering

577.400 excl. 492.300 kapitaallasten

Verkeersmiddelen

291.500 excl. 62.000 kapitaallasten

Groen, waterwegen en baggeren

2.339.200 excl. 116.700 kapitaallasten

Civiele kunstwerken

75.300

Spelen

79.300 excl. 95.600 kapitaallasten

Straatreiniging

498.400

Straatmeubilair

39.200

Openbare verlichting

569.800 excl. 92.200 kapitaallasten 5.623.300

Investeringen Wegen

22.400

Riolering

1.194.400

Bruggen

58.900

Beschoeiingen

108.500

Speelvoorzieningen

65.900

Openbare verlichting

229.300 1.679.400

Relevante reserves Naam Reserve

Reserve Baggeren

Saldo per

Saldo per

Saldo per

Saldo per

Saldo per

Saldo per

1-1-2024

1-1-2025

1-1-2026

1-1-2027

1-1-2028

1-1-2029

336.186

280.286

224.386

168.486

112.586

56.686

Reserve Grootonderhoud gebouwen

1.072.517

1.188.817

1.305.117

1.421.417

1.537.717

1.654.017

Totaal

1.408.703

1.469.103

1.529.503

1.589.903

1.650.303

1.710.703

- 85 -

Kerngegevens Omschrijving

Aantal

Toelichting

Groen Bomen

13.797 stuks

Natuurlijke beplanting

175.806 m2

bosplantsoen, etc.

Cultuurlijke beplanting

104.925 m2

heesters, rozen, etc.

Haag

22.010 m2

Gras

1.020.802 m2

Openbare verlichting Lichtmasten

6.051 stuks

Armaturen

6.121 stuks

Lichtbronnen

6.164 stuks

Speelvoorzieningen Speel- en sporttoestellen Kunstmatige valondergronden

667 stuks Verspreid over 119 speelplekken en 9 schoolpleinen 9.308 m2

waaronder kunstgras, rubber tegels, ecoscape, zand, boomschors en gietvloer

Waterhuishouding Watergang

463.187 m2

Oeverbeschoeiing

24.142 m

Natuurlijke oevers

38.388 m

Wegen Asfalt

282.197 m2

Bestrating

899.861 m2

Overige verhardingen

14.616 m2

Goot

1.493 m2

Kolken

11.916 stuks

Verkeer Markeringen

2.914 m2

Verkeersborden

2.320 stuks

Verkeersteken

1.680 stuks

Civiele kunstwerken Fiets- en voetbruggen

71 stuks

Overige kunstwerken

69 stuks Trappen, visplaatsen

Verkeersbruggen

8 stuks

Vlonders

2 stuks

Riolering Drukriolering Rioolvoorziening Vrijvervalleiding Rioolput

77.400 m 9 stuks 143.380 m 3.682 stuks

Gemalen Gemalen

45 stuks

Drukriool

234 stuks

CVK

43 stuks

Bergbezinkvoorziening

5 stuks

Kunstwerk

1 stuks

- 86 -

Paragraaf 4 - Financiering In deze financieringsparagraaf geven we een overzicht van de uitvoering van de plannen en acties die we in de begroting 2024 hebben gepresenteerd. Naast de verplichte onderdelen van de financieringsparagraaf, behandelen we ook verschillende ontwikkelingen die belangrijk zijn voor een goede uitvoering van de treasuryfunctie. In deze paragraaf gaan wij achtereenvolgens in op: • • • • • • • •

Wettelijke kaders en treasurystatuut; Rentevisie en rentebeleid; Renterisicobeheer; Liquiditeitsplanning en Financieringsbehoefte; Renteomslag; Schatkistbankieren; Garantstelling, en Kas- en relatiebeheer.

Wettelijke kaders en treasurystatuut De wettelijke kaders voor de financieringsfunctie zijn vastgelegd in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Fido), waarbij het beheersen van financiële risico’s een belangrijke rol speelt. De concrete uitwerking van deze kaders is opgenomen in de financiële verordening en het treasurystatuut. Deze vastgestelde kaders zijn door ons in 2024 toegepast. Rentevisie en rentebeleid Rente is een belangrijk aspect van de begroting. Vanwege de omvang van de bedragen is het wenselijk om dit onderdeel van de begroting voor uw raad transparant te maken. Dit betreft zowel de factoren die invloed hebben op de rente als de keuzemogelijkheden. We vatten dit alles samen onder de term ‘rentebeleid’. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen korte rente en lange rente. Korte rente betreft termijnen tot maximaal 1 jaar, terwijl lange rente betrekking heeft op termijnen van 1 jaar of langer. Renteontwikkelingen op de kapitaalmarkt zijn van groot belang vanwege de mogelijke risico’s die ze voor ons met zich meebrengen. Daarom houden wij de renteontwikkelingen nauwlettend in de gaten. We maken gebruik van informatie van verschillende geldverstrekkers, waarmee we te allen tijde online op de hoogte kunnen blijven van de laatste ontwikkelingen.

In de onderstaande tabel geven wij inzicht in het renteverloop van lineaire leningen met een looptijd van 20 jaar in de jaren 2023 en 2024.

- 87 -

Renterisicobeheer Risicobeheersing is een van de kernprincipes van de Wet Fido. Bij het vaststellen van de renterisico’s die verbonden zijn aan de uitvoering van de treasuryfunctie, zijn twee normen verplicht: de rente-risiconorm, die van toepassing is op leningen met een looptijd van 1 jaar of langer, en de kasgeldlimiet, die betrekking heeft op leningen met een looptijd tot maximaal 1 jaar. Het doel van deze normen is om de budgettaire risico’s als gevolg van rentestijgingen te beperken. Renterisiconorm De renterisiconorm is bedoeld om de risico’s te beperken die ontstaan door een mogelijke stijging van de kapitaalmarktrente bij herfinanciering (van aflossingen op bestaande leningen) en renteherzieningen van bestaande langlopende leningen. Door deze norm toe te passen, wordt de langlopende leningenpositie goed gespreid, zodat het renterisico gelijkmatig over de jaren wordt verdeeld. Jaarlijks komt maximaal 20% van het begrotingstotaal in aanmerking voor herfinanciering en/of renteherziening. Renteherziening houdt in dat de rente in een bepaald jaar wordt aangepast, zoals vastgelegd in de leningsovereenkomst. Herfinanciering betreft het afsluiten van nieuwe leningen ter vervanging van bestaande financieringen en/of aflossingen op de leningenportefeuille. In 2024 zijn er geen nieuwe langlopende leningen afgesloten.

In het onderstaande overzicht bieden we inzicht in de renterisico’s van de vaste schuld in relatie tot de renterisiconorm. Ook dit jaar zijn we binnen de grenzen van de renterisiconorm gebleven.

- 88 -

Renterisiconorm en renterisico van de vaste schuld bedragen x € 1.000 Renterisico op vaste schuld

2024

1. Netto renteherziening op vaste schuld

0

2. Betaalde aflossingen

4.165

3. Renterisico op vaste schuld (1+ 2)

4.165

Renterisiconorm 4a. Begrotingstotaal 2024

79.533

4b. Het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage

20%

4. Renterisiconorm

15.907

Toets Renterisiconorm 5a. Ruimte onder renterisiconorm (4 - 3)

11.742

5b. Overschrijding renterisiconorm (4 - 3)

0

Kasgeldlimiet De wetgever heeft met het kasgeldlimiet een norm vastgesteld voor het maximum bedrag aan kortlopende middelen (met een looptijd van maximaal één jaar) waarmee de gemeente haar activiteiten mag financieren. Het doel van deze limiet is om te voorkomen dat schommelingen in de korte rente direct een grote invloed hebben op de rentelasten gedurende het boekjaar. Wanneer de kasgeldlimiet in drie achtereenvolgende kwartalen wordt overschreden, moet dit worden gemeld bij de toezichthouder, de Provincie, samen met een plan om weer aan de kasgeldlimiet te voldoen. In onderstaand overzicht is de toetsing van de kasgeldlimiet voor het jaar 2024 opgenomen. In het tweede kwartaal is een kortlopende lening van € 3 miljoen afgesloten en in hetzelfde kwartaal afgelost.

- 89 -

Kasgeldlimiet Omvang begroting per 1 januari 2024

79.532.910

Kasgeldlimiet in procenten van de grondslag

8,50% 6.760.297

Kasgeldlimiet in bedrag

Bedragen 1e kwartaal A

B

3e kwartaal

4e kwartaal

Vlottende schuld maand 1

-

3.000.000

-

-

maand 2

-

3.000.000

-

-

maand 3

-

-

-

-

Gemiddelde per kwartaal

-

2.000.000

-

-

maand 1

4.545.894

3.174.880

8.680.725

9.275.072

maand 2

2.710.742

3.012.520

6.758.387

8.739.943

maand 3

828.320

8.010.869

8.604.184

7.406.541

2.694.985

4.732.756

8.014.432

8.473.852

maand 1

-4.545.894

-174.880

-8.680.725

-9.275.072

maand 2

-2.710.742

-12.520

-6.758.387

-8.739.943

maand 3

-828.320

-8.010.869

-8.604.184

-7.406.541

Vlottende middelen

Gemiddelde per kwartaal A-/-B

2e kwartaal

Saldo schuld (+) of overschot (-)

C

Gemiddeld saldo schuld (+) of overschot (-)

-2.694.985

-2.732.756

-8.014.432

-8.473.852

D

Kasgeldlimiet

6.760.297

6.760.297

6.760.297

6.760.297

C-/-D

Ruimte onder kasgeldlimiet

9.455.283

9.493.054

14.774.729

15.234.149

Liquiditeitsplanning en financieringsbehoefte Algemeen De financieringsbehoefte van de gemeente wordt bepaald door verschillende factoren die de inkomende en uitgaande kasstromen beïnvloeden, zoals de investeringsplanning, de inkomsten en uitgaven uit grondexploitaties en veranderingen in de geldleningenportefeuille. Om inzicht te krijgen in de financieringsbehoefte en deze te monitoren, maken we gebruik van een liquiditeitsplanning. Leningenportefeuille In 2024 hebben we geen langlopende leningen afgesloten. De totale omvang van onze leningenportefeuille is hierdoor afgenomen. In onderstaand overzicht is het verloop van de opgenomen langlopende leningen zichtbaar. Het gemiddelde van de rente op langlopende leningen (op basis van de stand per 1 januari) is gedaald naar 1,25% in 2024 ten opzichte van 1,37 in 2023. Overzicht Langlopende Leningen

(bedragen x € 1.000) 1-1-2024

1-1-2025

1-1-2026

1-1-2027

1-1-2028

Stand leningen

39.674

35.508

31.342

27.715

24.768

Nieuwe lening

0

0

0

0

0

4.165

4.166

3.628

2.946

2.547

Reguliere aflossingen

- 90 -

Verstrekte leningen In het onderstaande overzicht hebben we de leningen die aan derden zijn verstrekt voor u in kaart gebracht. In 2024 zijn er geen nieuwe leningen verstrekt, en hebben alle geldnemers tijdig voldaan aan hun rente- en aflossingsverplichtingen van de lopende leningen. Kredietrisico op verstrekte geldleningen bedragen x € 1.000 Naam geldnemer

%

Carnisse Mondzorg

3

Saldo uitzettingen 1 januari 2024

Totaal verstrekte gelden

Mutaties in 2024

Saldo uitzettingen 31 december 2024

130

-26

104

130

-26

104

Renteomslag In de paragraaf over financiering in de begroting 2024 heeft u inzicht gekregen in de rentelasten en het verwachte renteresultaat. Ook hebben we toegelicht op welke manier rente wordt toegerekend aan investeringen, programma’s en taakvelden. Voor de begroting 2024 is de omslagrente vastgesteld op 0,76%. Het werkelijke percentage voor 2024 bedraagt 0,31%, zoals weergegeven in het onderstaande overzicht. Schema rentetoerekening

2024

De externe rentelasten financiering

€

518.485

-/- €

232.051

€

286.434

Rente die doorberekend wordt aan grondexploitaties

-/- €

69.115

Rente projectfinanciering

-/- €

14.055

€

-83.170

Rente over eigen vermogen

+/+ €

0

Rente over voorzieningen

+/+ €

0

€

203.264

-/- €

235.994

€

-32.730

De externe rentebaten Saldo rentelasten en rentebaten

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld Treasury Toe te rekenen rente

203.264

Boekwaarde per 1 januari

64.874.470

Renteomslagpercentage

0,31%

Garantstellingen In het verleden zijn er regelmatig garantstellingen verstrekt voor leningen aan derden. Gezien de financiële risico’s die de gemeente hierbij loopt, hanteren wij een terughoudende benadering bij het honoreren van dergelijke aanvragen. Een garantie wordt alleen verleend wanneer het maatschappelijk belang ermee gediend is en er voldoende zekerheden worden geboden. Per 31 december 2024 bedraagt het totaal van de garantstellingen € 34.521.144. Hiervan is € 34.486.298 gegarandeerd met een achtervangfunctie via het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. - 91 -

Kas- en relatiebeheer Wat betreft het kasbeheer hanteren we al een aantal jaren de volgende uitgangspunten: • •

het aantal bankrelaties en bankrekeningen wordt tot een minimum beperkt, en maandelijks worden liquiditeitsoverzichten opgesteld.

Er vindt periodiek overleg plaats met onze huisbankier, de BNG, waarin nieuwe ontwikkelingen worden besproken. Daarnaast geven verschillende kredietverstrekkers regelmatig advies over het aantrekken en uitzetten van middelen. Ook in 2024 is er gebruik gemaakt van de verschillende adviserende instanties, om zo optimaal te profiteren van de beschikbare financiële instrumenten.

- 92 -

Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering Inleiding Het jaar 2024 heeft in het teken gestaan van de ontvlechting van de BAR-organisatie en de inrichting en ontwikkeling van de eigen ambtelijke organisatie aan de hand van een aantal werksporen, te weten: • • • •

De winkel blijft open; De basis op orde houden; Met elkaar bouwen, en Warme overdracht

Binnen deze werkpaden hebben we diverse activiteiten uitgevoerd. Zo is er onder andere een organisatievisie opgesteld, zijn de kernwaarden van de organisatie besproken en geactualiseerd en zijn de belangrijkste functies vervuld (al dan niet door inhuur). Ook is er overlegruimte gecreëerd in het Huis van Albrandswaard en zijn enkele belangrijke dossiers verder ontwikkeld, zoals het IHP, Antes, Omloop en Flexwoningen. Voor bepaalde bedrijfsvoeringstaken is de BAR organisatie nieuwe stijl, De BedrijfsvoeringsPartner (DBP), de uitvoerende instantie voor Albrandswaard. In de paragraaf Bedrijfsvoering van de jaarrekening 2024 van DBP wordt hier verder op ingegaan. In 2024 werkte een aantal medewerkers in dienst van de gemeente Ridderkerk, op basis van de samenwerkingsovereenkomst (SWO), exclusief voor Albrandswaard. Dit betrof de uitvoering van verschillende taken op het gebied van: 1. Beheer Openbare Ruimte; 2. Uitvoering Sociaal Domein, en 3. Verkeer, Duurzaamheid & VTH. Na vijf maanden is gebleken dat de positionering van het werkgeverschap leidt tot onduidelijkheid en inefficiëntie, waardoor het niet wenselijk is om deze situatie langer voort te zetten. Daarom hebben de directies van Ridderkerk en Albrandswaard besloten om de SWO-constructie per 1 januari 2025 aan te passen en de SWO-medewerkers in dienst te nemen bij de gemeente Albrandswaard.

In de tweede helft van 2024 zijn de formele processen achter de schermen opgestart om dit op een zorgvuldige manier te realiseren. Personeel Bezetting in de organisatie, exclusief vacatureruimte Na de ontvlechting van de BAR-organisatie en de overgang van het dienstverband van medewerkers naar de gemeente Albrandswaard waren er op 1 januari 2024 54,30 fte (63 medewerkers) in dienst van de gemeente. Gedurende 2024 traden 29,22 fte (31 medewerkers) in dienst en 2,67 fte (3 medewerkers) uit dienst. Het totaal aantal fte in dienst van de gemeente bedraagt daarmee per 31 december 2024 80,85 (91 medewerkers). Het aantal fte in dienst van de gemeente Ridderkerk die op basis van de SWO exclusief voor de gemeente Albrandswaard werkte bedroeg per 1 januari 2024 42,94 (45 medewerkers). Gedurende 2024 traden 19,58 fte (21 medewerkers) in dienst en 10,11 fte (11 medewerkers) uit dienst. Het totaal fte bedroeg daarmee 52,41 (55 medewerkers) per 31 december 2024.

- 93 -

Ziekteverzuim In 2024 was het verzuimpercentage in de gemeente Albrandswaard gemiddeld 6,98% (BARorganisatie 2023: 6,93%). Ter vergelijking: in 2023 was het verzuimpercentage bij de gemeenten 6,5% (Personeelsmonitor WSGO-leden, 2023). De meldingsfrequentie van de gemeente Albrandswaard lag in 2024 op 0,37. Ter vergelijking: in 2023 lag de meldingsfrequentie bij de gemeenten op 1,0. Het percentage nulverzuim lag voor de gemeente Albrandswaard op 75,47% terwijl dit voor alle gemeenten slechts lag op 43%. Werknemers in de doelgroep banenafspraak Voor het jaar 2024 is de norm voor het aantal arbeidsuren van werknemers die vallen binnen de doelgroep banenafspraak (voorheen genoemd “garantiebanen”) ca. 3.600 uur. In 2024 zijn voor de doelgroep geen uren gerealiseerd. Onze gemeente heeft daarmee de doelstelling niet behaald. Wel waren in de SWO 2 medewerkers (1 per 31 december) in dienst die samen ca. 2.340 realiseerden. Deze medewerkers kenden echter een dienstverband met de gemeente Ridderkerk. Beleidsindicatoren In de jaarrekening 2024 van De BedrijfsvoeringsPartner zijn de beleidsindicatoren die betrekking hebben op de bedrijfsvoering vermeld. Interbestuurlijk Toezicht (IBT) In 2021 heeft de provincie besloten een 'Bestuursovereenkomst generiek interbestuurlijk toezicht 2022' (IBT) af te sluiten.

Onderdeel van de gemaakte afspraken is dat de provincie minimaal één keer per jaar informeert over de actuele stand van zaken en aandachtspunten met betrekking tot het IBT. In bijlage 7 is de stand van zaken per 31-12-2024 verwerkt. ENSIA Burgers en bedrijven mogen een betrouwbare overheid verwachten die zorgvuldig met informatie omgaat. Wij voeren tal van processen en registraties uit die door het Rijk worden voorgeschreven in wet- en regelgeving. Verantwoording en toezicht op die uitvoering moeten betrouwbaarheid en beschikbaarheid van informatie en de kwaliteit van dienstverlening en continuïteit borgen. Eenduidige Normatiek Single Information Audit (ENISA) is een raamwerk dat door de Nederlandse overheid is ontwikkeld om de informatieveiligheid binnen gemeenten te waarborgen. Het doel van ENSIA is om een uniforme aanpak te bieden voor het beoordelen en rapporteren van informatieveiligheid. Een dynamisch proces waarbij continue aandacht is voor verbetering. In 2024 zijn zelfevaluaties en externe audits uitgevoerd. Onderstaand geven wij een beeld van de belangrijkste uitkomsten op de uitgevoerde audits. Deze zorgen voor een beeld van de uitvoering op de onderstaande wet- en regelgeving: • • • • • • •

Implementatie van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) – Zelfevaluatie; Structuur Uitvoeringsorganisatie Werk en Inkomen (Suwinet) – Geauditeerde zelfevaluatie; Digitale Persoonsidentificatie (DigiD) – Geauditeerde zelfevaluatie; Basis Registratie Personen (BRP) – Zelfevaluatie; Paspoort Uitvoeringsregeling Nederland (PUN) – Zelfevaluatie; Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) - Zelfevaluatie op datakwaliteit; Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) - Zelfevaluatie op datakwaliteit, en

- 94 -

•

Basisregistratie Ondergrond (BRO) - Zelfevaluatie op datakwaliteit.

De collegeverklaring is in het college van 25 maart 2025 behandeld en ondertekend. In de onderstaande tabel zijn de onderdelen en de status per einde 2024 opgenomen. Baseline onderdelen Beleid en organisatie

Personeel en toegang

Continuïteit en incidenten

Informatiesystemen

Databescherming

ENSIA-stelsel

Toelichting Het strategisch informatiebeveiligingsbeleid is geldig tot en met 2027 en in lijn met de voor overheden verplichte landelijke Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). De BIO bestaat uit het implementeren van technische- en organisatorische maatregelen waarvan ook een stuk privacy-borging in het kader van de Algemene Verordening Gegevensbescherming afhankelijk is. Aandachtspunten zijn: De beperkte capaciteit bij team IV&P, wat een belangrijk risico vormt om voldoende aandacht te geven aan alle taken. Groei van het aantal datalekken. Voorbereidingen kunnen treffen op wijzigingen in de wetgeving en normering op gebied van informatiebeveiliging en privacy. Nadere uitwerking van het bewustwordingsplan. Borgen van interne controles voor audits en uitwerken van richtlijnen voor “Bestaan” naast “Opzet en Werking”. Betrouwbare medewerkers zijn een belangrijke schakel op het gebied van informatieveiligheid. Daarom vragen we waarborgen aan nieuwe medewerkers en externen. Voorbeelden hiervan zijn de Verklaring Omtrent Gedrag (VOG), integriteit- en geheimhoudingsverklaringen en afspraken in overeenkomsten met (keten)partners. Aandachtspunten zijn: Koppeling van alle applicaties aan het systeem van indienst- en uitdiensttreding van medewerkers om tijdige aan- en afsluiting van toegang te borgen. De continuïteit van onze dienstverlening is van cruciaal belang.

Als we geconfronteerd worden met een incident of calamiteit moet hierop adequaat en gedegen gereageerd worden. Wat ons ook overkomt, de dienstverlening moet binnen afgesproken (en soms wettelijke) termijnen weer operationeel zijn. Dit vraagt om een goede borging van bedrijfscontinuïteitsbeheer. Aandachtspunten zijn: Het opzetten en implementeren van business continuiteitsmanagement (BCM) Bewustwording van het proces melding beveiligingsincidenten en/of datalekken. Het beheer van zakelijke ICT-bedrijfsmiddelen is voldoende georganiseerd. De hard- en software is centraal in beeld en in beheer. Onze informatievoorziening wordt steeds meer een hybride omgeving. Dit heeft alles te maken met de wereldwijde Cloud ontwikkeling, waarbij softwareleveranciers hun diensten alleen nog maar als clouddienst beschikbaar stellen. Aandachtspunten zijn: Het toenemend aantal systemen en daarmee het groeiend aantal risico’s en te borgen maatregelen versus capaciteit. Databescherming gaat voornamelijk over de integriteit en vertrouwelijkheid van gegevens. "De juiste informatie op het juiste moment bij de juiste persoon". Deze data zitten in ontzettend veel en verschillende systemen zoals vak-applicaties, basisregistraties, Zaaksysteem, netwerkmappen, websites en het e-mailsysteem. Binnen al deze omgevingen moet data geclassificeerd worden op beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid.

Vanwege de complexiteit en hoeveelheid aan werk vraagt het invoeren een meerjarenaanpak. De AVG schrijft voor dat (persoons)gegevens moeten zijn afgeschermd als deze niet direct nodig zijn voor het uitvoeren van werkzaamheden. Dit is het “Need to Know”-principe. Het afschermen van gegevens in informatiesystemen gaat op basis van dataclassificatie en rechtentoekenning. Aandachtspunten zijn: Privacy-by-Design toepassen, privacy betrekken bij het inkoopproces. Databescherming versus capaciteit. Toelichting

- 95 -

Status Ruim voldoende

Ruim voldoende

Voldoende

Ruim voldoende

Ruim voldoende

Status

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3811/documents/33996