36. 2026-023351 Natuur- en Recreatieschap IJsselmonde inzake concept-jaarstukken 2025 en ontwerpbegroting 2027 NRIJ.pdf
Tekst van het document
Daarbij wordt geborgd dat besluitvormingsprocessen, transparant, navolgbaar en conform de geldende wet- en regelgeving, waaronder de Wet gemeenschappelijke regelingen worden ingericht en uitgevoerd. Het secretariaat werkt in nauwe afstemming met de bestuurssecretaris, waarbij de rollen van ondersteuning, advisering en uitvoering helder van elkaar zijn gescheiden.
22
Programmabegroting 2027 | Programmaplan 6. Financiële diensten 6.1. Financieel beleid Wat willen we bereiken Beoogd wordt een solide financieel beleid dat voldoet aan juridische en financiële vereisten, verordeningen, notities en kaders. Wat gaan we er voor doen Zorgvuldig terreinbeheer en -ontwikkeling vraagt om zorgvuldig financieel beleid. De beschikbare publieke middelen worden doelmatig en rechtmatig ingezet, met inzicht in de relatie tussen inzet, kosten en geleverde prestaties. De financiële inrichting wordt zodanig vormgegeven dat kosten eenduidig worden toegerekend en herleidbaar zijn naar producten en activiteiten. Daarbij wordt geborgd dat: • • •
Kosten eenduidig en transparant worden toegekend aan schapsgerichte activiteiten. Uitsluitend kosten worden toegerekend die direct samenhangen met werkzaamheden voor het schap Inzicht bestaat tussen inzet, kosten en geleverde prestaties.
Hiermee wordt voorkomen dat niet schapsgebonden inzet of indirecte kosten onbedoeld onderdeel uitmaken van de begroting en wordt de bestuurlijke uitlegbaarheid en controleerbaarheid versterkt. Op verzoek van het bestuur wordt deze toerekening inzichtelijk gemaakt voor 13 april 2026 zodat keuzes over inzet en organisatie van werkzaamheden (inclusief externe invulling van functies) goed kunnen worden onderbouwd. Het bestuur wordt periodiek voorzien van heldere en navolgbare kwartaalrapportages waarmee gestuurd kan worden op budget, afwijkingen en kostenontwikkelingen. Daarnaast worden aanbestedingen, contractvorming en financiële verantwoording zorgvuldig ingericht en uitgevoerd, conform de geldende wet- en regelgeving. Waar nodig wordt het bestuur voorzien van financieel advies ter ondersteuning van bestuurlijke afwegingen. Dit is een belangrijke randvoorwaarde om te voorkomen dat kosten onvoldoende uitlegbaar of niet herleidbaar zijn binnen de begroting. Aanvullende of niet in de begroting voorziene werkzaamheden worden uitsluitend uitgevoerd na voorafgaande bestuurlijke afstemming en expliciete opdrachtverstrekking. Kosten die hieruit voortvloeien worden alleen toegerekend aan het schap indien hiervoor vooraf akkoord is verleend. Dit geldt nadrukkelijk ook voor externe inhuur of specialistische ondersteuning.
Hiermee wordt voorkomen dat onverwachte kosten ontstaan en wordt geborgd dat het bestuur kan sturen op doelmatigheid en prioriteiten. Door kennis, ervaring en netwerk worden de terreinen zo efficiënt mogelijk beheerd. Er wordt een intern inkoop- en beleidskader opgesteld, (Europese) aanbestedingen worden begeleid, contracten worden opgesteld, rapportages voor verantwoording en accountantscontrole worden verzorgd en de verzekeringsportefeuille wordt gecoördineerd. Uiteraard volgens de wettelijke vereisten. En op onderwerpen wordt financieel advies gegeven.
23
Programmabegroting 2027 | Programmaplan 6.2. Planning en control (inclusief project control en rechtmatigheidscontrole) Wat willen we bereiken De Planning & Control-cyclus (P&C) is een wettelijke vereiste en vormt het belangrijkste sturingsinstrument voor het bestuur. In de huidige situatie is de P&C-cyclus onvoldoende planmatig en voorspelbaar ingericht. Informatie over activiteiten, inzet en kosten is niet altijd tijdig beschikbaar en biedt onvoldoende inzicht om gericht te kunnen sturen. De P&C-cyclus wordt daarom doorontwikkeld tot een samenhangend en voorspelbaar sturingsinstrument waarmee het bestuur structureel inzicht krijgt in de voortgang van doelen, activiteiten, inzet en budgetten en tijdig kan bijsturen. Wat gaan we er voor doen De P&C cyclus wordt ingericht op basis van een vooraf vastgestelde jaarplanning, waarin activiteiten, inzet en middelen expliciet worden gekoppeld aan bestuurlijke doelen. Gedurende het jaar wordt via periodieke rapportage, waaronder de najaarsrapportage en kwartaalrapportage inzicht gegeven in: -
De voortgang van activiteiten De inzet van middelen en uren Financiële afwijkingen en risico's
Afwijkingen ten opzichte van planning en budget worden tijdig gesignaleerd en expliciet bestuurlijk voorgelegd, zodat het bestuur kan sturen op prioriteiten. De administratie en projectcontrol worden zodanig ingericht dat financiële en inhoudelijke gegevens, zodat verantwoording transparant, herleidbaar en controleerbaar zijn, inclusief inzicht in de relatie tussen inzet, kosten en geleverde prestaties. De cyclus wordt afgesloten met de jaarrekening waarin verantwoording wordt afgelegd over de inzet van middelen en de bereikte resultaten. De inrichting en uitvoering van de P&C begint met het plannen van de jaarlijkse activiteiten (begroting) conform de vastgestelde jaarplanning van het schap en eindigt met het vaststellen van het jaarresultaat en het samenstellen van de jaarrekening. Administratie (de vastlegging van financiële handelingen) en projectcontrolling maken vanzelfsprekend onderdeel uit van P&C. Met de najaarsrapportage wordt de uitvoering van activiteiten bewaakt en wordt ervoor gezorgd dat de bedrijfsvoering ‘in control’ blijft. Indien nodig wordt het voorgenomen beleid of de activiteiten en processen bijgesteld. Uiteraard binnen het extern kader van Gemeentewet, het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV), fiscale wetgeving en andere relevante wet- en regelgeving.
In de huidige situatie is een deel van de werkzaamheden rondom rechtmatigheidsverantwoording en controle extern belegd, wat leidt tot hogere kosten en minder doelmatige inzet van middelen. Hierbij moet worden bezien hoe deze werkzaamheden structureel en doelmatig kunnen worden belegd, zodat het bestuur beter grip heeft op de kosten, kwaliteit en continuïteit van de financiële functie.
24
Programmabegroting 2027 | Programmaplan 7. Juridische diensten 7.1. Aansprakelijkheid Wat willen we bereiken Beoogd wordt een beperking van aansprakelijkheidsprocedures, - juridische risico’s, aansprakelijkheden, kosten door een zorgvuldige en consistente toepassing van wet- en regelgeving en heldere afspraken in beheer en gebruik van de gebieden. Daarnaast draagt professionele afhandeling van klachten en geschillen bij aan het voorkomen van escalatie en juridische procedures. Efficiënte afhandeling van klachten voorkomt bovendien eventuele beroepsprocedures bij de Nationale Ombudsman. Wat gaan we er voor doen Juridische advisering wordt ingezet ter ondersteuning van het bestuur bij het maken van rechtmatige en zorgvuldige keuzes, onder meer bij het maken van rechtmatige en zorgvuldige keuzes, onder meer bij contractvorming, vergunningverlening en beheerafspraken. Risico's en aansprakelijkheden worden tijdig in beeld gebracht en betrokken bij bestuurlijke afwegingen, zodat passende maatregelen kunnen worden genomen. Klachten en geschillen worden zorgvuldig en voortvarend afgehandeld, gericht op het voorkomen van escalatie en het beperken van juridische procedures en kosten. Hiermee wordt bijgedragen aan een doelmatige en rechtmatige uitvoering van het beheer, met inzicht in juridische consequenties van keuzes.
Terreineigendom en -beheer brengen juridische verantwoordelijkheden met zich mee. Gezorgd wordt voor een onderbouwde afwijzing of toewijzing van claims, voor de (financiële) afhandeling ervan, of claims worden doorgestuurd naar de verantwoordelijke partij. Omgekeerd wordt gezorgd voor aansprakelijkheidstelling van derden bij schade aan de terreinen. Bij klachten op grond van de Algemene wet bestuursrecht wordt gezorgd voor correspondentie met de directe toezichthouder (Politie en OM), worden hoorzittingen voorbereid en worden beslissingen opgesteld. Verder worden beroepen van klagers bij de Nationale Ombudsman afgehandeld. In bezwaarprocedures wordt gezorgd voor de hoorzittingen en worden beslissingen op bezwaar opgesteld. 7.2. Juridische ondersteuning Wat willen we bereiken Beoogd wordt een tijdige en kwalitatief hoogwaardige juridische ondersteuning gericht op het beheersen en beperken van risico's, aansprakelijkheden en imagoschade. Wat gaan we er voor doen Juridische ondersteuning wordt ingezet om het bestuur te adviseren bij het maken van rechtmatige en zorgvuldige keuzes in beheer, gebruik en ontwikkeling van de gebieden. Overeenkomsten met derden worden zodanig ingericht en beoordeeld dat verantwoordelijkheden, risico's en verplichtingen helder zijn vastgelegd en aansluiten bij de bestuurlijke kaders.
Juridische risico's worden tijdig gesignaleerd en betrokken bij bestuurlijke afwegingen, zodat passende maatregelen kunnen worden genomen en onnodige kosten worden voorkomen. Hiermee wordt geborgd dat samenwerking met derden en uitvoering van beheer plaatsvindt 25
Programmabegroting 2027 | Programmaplan binnen een heldere en juridisch robuuste structuur. Waar sprake is van mogelijke belangenverstrengeling of een samenloop van belangen tussen het schap en de uitvoerende organisatie, wordt zo nodig gebruik gemaakt van onafhankelijke externe juridische expertise. Hiermee wordt geborgd dat het bestuur beschikt over objectieve en onpartijdige advisering, met oog voor de belangen van het schap. Deze inzet van externe expertise vindt plaats op basis van aard, complexiteit en gevoeligheid van het vraagstuk. 7.3. Procederen Wat willen we bereiken Het voorkomen van een onnodige gerechtelijke procedure spaart tijd en geld. In die gevallen waarin geprocedeerd moet worden, wordt een vlotte en correcte afhandeling van de procedure beoogd en draagt zodoende bij aan een besparing van kosten en komt uw imago ten goede. Wat gaan we er voor doen Indien conflicten met derden leiden tot juridische procedures wordt het schap op zorgvuldige en doelmatige wijze vertegenwoordigd. Afhankelijk van de rol van het schap (bijvoorbeeld als verweerder, eiser of belanghebbende) wordt passende juridische ondersteuning ingezet. Daarbij wordt, indien nodig, gebruik gemaakt van onafhankelijke externe juridische expertise, met name in situatie waarin sprake kan zijn van samenlopende belangen met de uitvoerende organisatie.
De regie op juridische procedures ligt bij het schap, zodat het bestuur kan sturen op risico's, kosten en gewenste uitkomsten. Waar relevant worden betrokken medewerkers ondersteund en wordt opgetreden als gemachtigde in gerechtelijke procedures. 7.4. Woo-procedures Wat willen we bereiken Gestreefd wordt naar een snelle en correcte afhandeling van Woo-procedures. Wat gaan we er voor doen Woo-verzoeken worden zorgvuldig en tijdig in behandeling genomen, conform de wettelijke kaders. Het schap borgt dat de benodigde informatievoorziening op orde is, zodat verzoeken adequaat kunnen worden beoordeeld en afgehandeld. Indien het recreatieschap als belanghebbende bij WOO-verzoeken van derden wordt een zienswijze opgesteld waarin de belangen van het schap worden gewogen en ingebracht. Daarbij wordt expliciet aandacht besteed aan de bescherming van bestuurlijke, financiële en juridische belangen, alsmede aan mogelijke risico's van openbaarmaking. Waar nodig wordt juridische expertise ingezet. Cruciaal hierbij is dat over de gevraagde informatie (documenten) beschikt kan worden. 7.5. Projecten/kredieten Op dit moment zijn er geen afzonderlijk geadministreerde projecten of kredieten die doorlopen tot in 2027. Investeringen en vervangingen maken integraal onderdeel uit van het reguliere beheer en onderhoud en worden via de programmabegroting en het uitvoeringsprogramma aangestuurd.
Daarmee behoudt het bestuur inzicht in de samenhang tussen beheer, investeringen en beschikbare middelen en kan gestuurd worden op prioritering en doelmatige inzet van middelen. Indien in de toekomst sprake is van afzonderlijke projecten of kredieten, worden deze expliciet inzichtelijk gemaakt, zodat bestuurlijke afweging en sturing mogelijk blijft. 26
Programmabegroting 2027 | Programmaplan In de uitgangspunten voor de programmabegroting 2027 is opgenomen dat de besparingsreserve uitsluitend opgenomen kan worden ten dienste van het programma Toekomstbestendig NRIJ. 8. Mutaties reserves Stand per 01-01-2027
Bestemming Resultaat 2026
Toevoegingen in 2027
Onttrekkingen in 2027
Stand per 31-12-2027
Algemene Reserve
610.106
0
0
0
610.106
Totaal Algemene Reserve
610.106
0
0
0
610.106
1.170.830 339.333 3.051 287.400 428.599 1.414.830 205.025
0 0 0 0 0 0 0
0 0 0 27.700 0 0 0
0 0 0 15.000 15.997 0 0
27.700
30.997
1.170.830 339.333 3.051 300.100 412.602 1.414.830 205.025 13.845.770
27.700
30.997
4.455.876
Bestemmingsreserves Investeringsreserve Reserve herinrichting Zuidelijk Randpark Reserve vervangingsinvesteringen Reserve Pendrechtse Molen Afschrijvingsreserve Reserve besparingen Egalisatiereserve Groot Onderhoud Afrondingsverschil Totaal bestemmingsreserves
3.849.068
Totaal
4.459.174
0
27
Programmabegroting 2027 | Programmaplan 9. Wat gaat het kosten Lasten Deelproduct/product
Rekening 2025 Personeel
Baten
Begroting 2026 Begroting 2027
Rekening 2025
Saldo
Begroting 2026 Begroting 2027
Rekening 2025
Begroting 2026 Begroting 2027
984.103
1.084.850
1.124.370
-
-
-
984.103
1.084.850
1.124.370
-
(454.288) -
(15.000) (100.000)
-
-
15.738 76.500 80.000 130.000 -
-
(454.288) -
2.321.501 3.305.604 29.808
2.532.226 3.162.788 51.500
2.513.560 3.522.930 53.300
809.377 809.377 -
832.900 832.900 -
832.900 1.135.138 -
29.808 1.091 400 1.491
51.500 10.000
53.300 10.300
-
-
-
10.000
10.300
-
-
Juridische diensten
90.085 159.438 249.523 194.300 53.042 247.342 7.916 7.916
34.900 99.400 134.300 188.600 23.650 212.250 20.500 20.500
36.100 102.800 138.900 203.600 33.450 237.050 21.300 21.300
-
Totaal overhead
504.779
367.050
397.250
-
7.918 7.918
5.826 5.826
3.824 3.824
-
-
-
Optimaliseringsrichting fysiek beheer Taakstelling Thema B Taakstelling deelproject 1 (2026) Taakstelling deelproject 1 (2027) Taakstelling deelproject 2 Taakstelling deelproject 3 Taakstelling deelproject 4 Taakstelling deelproject 5 Materieel Gebiedsbeheer Personeel Materieel Maatschappelijke betrokkenheid Personeel Materieel Plannen maken
1.512.125 2.496.227 29.808
1.245.038 2.329.888 51.500
(15.738) (76.500) (80.000) (15.000) (130.000) (100.000) 1.263.422 2.387.792 53.300
-
29.808 1.091 400 1.491
51.500 10.000 10.000
53.300 10.300 10.300
-
-
90.085 159.438 249.523 194.300 53.042 247.341 7.916 7.916
34.900 99.400 134.300 188.600 23.650 212.250 20.500 20.500
36.100 102.800 138.900 203.600 33.450 237.050 21.300 21.300
-
-
504.780
367.050
397.250
(1.653.711) (353.988) (105.479) (854.372) (2.967.551)
(1.766.163) (318.988) (124.174) (550.000) (2.759.325)
(1.710.103) (970.115) (126.176) (550.000) (3.356.393)
Overhead Personeel Materieel Bestuurlijke diensten Personeel Materieel Financiële diensten Personeel Materieel
Deelnemersbijdrage Bijdrage Provincie Zuid-Holland Beheerkostenregeling Rente Bijdrage gemeente Rotterdam Algemene middelen Onvoorzien
Saldo gewone bedrijfsvoering Totaal kredieten
3.849.600 177.624
3.597.164 -
3.987.604
1.653.711 353.988 113.397 854.372 2.975.469 -
3.784.846
-
73.317
1.766.163 318.988 130.000 550.000 2.765.151 -
3.598.051 -
1.710.103 970.115 130.000 550.000 3.360.217 -
4.495.355 -
-
-
-
64.754
(887)
(507.752)
104.307
-
-
Saldo van baten en lasten
4.027.224
3.597.164
3.987.604
3.858.163
3.598.051
4.495.355
169.062
(887)
(507.752)
Totaal mutatie reserves
591.359
27.700
534.696
834.370
26.813
26.944
(243.011)
887
507.752
Gerealiseerd resultaat
4.618.583
3.624.864
4.522.300
4.692.533
3.624.864
4.522.299
(73.949)
-
28
0
Programmabegroting 2027 | Programmaplan
10. Paragrafen Het weerstandsvermogen weerspiegelt de mate waarin het recreatieschap in staat is middelen vrij te maken om de risico's die zich in de praktijk voordoen op te vangen zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd of ingekrompen moet worden. Conform de nota weerstandsvermogen wordt de weerstandsratio berekend om te bepalen of het recreatieschap in staat is voldoende financiële middelen vrij te maken voor het dekken van de risico’s op het moment dat de risico’s zich voordoen. Voor de waardering van de toereikendheid van het weerstandsvermogen wordt de volgende tabel gehanteerd. 11. Ratio weerstandsvermogen Waarderingscijfer A B C D E F
Ratio weerstandsvermogen > 2,0 1,4 < x < 2,0 1,0 < x < 1,4 0,8 < x < 1,0 0,6 < x < 0,8 < 0,6
Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
12. Risicoanalyse
Risico
Aard van het risico
Financiële impact risico
Impact (uitgaande van vier jaar)
Kans van optreden H/M/L *)
29
Programmabegroting 2027 | Programmaplan
Niet kwantificeerbare risico’s
Structureel
€ 18.900
€ 75.600
*) De financiële impact wordt berekend door bij een hoog risico 75%, bij een gemiddeld risico 50% en bij een laag risico 25% van het bedrag van de financiële omvang te nemen. Niet kwantificeerbare risico’s Hier wordt uitgegaan van 2% van de structurele inkomsten. Voor dit beleid volgt het schap het rijksbeleid voor gemeenten. Het rijk stelt voor gemeenten, die vallen onder het artikel 12-regime, de minimale buffer van de algemene reserve op 2% van de som van de structurele inkomsten. Dit bedrag is daarmee het minimaal gewenste/benodigde weerstandsvermogen voor niet gekwantificeerde risico's. Voor de structurele inkomsten wordt uitgegaan van de huren & pachten en de verwachte rentebaten. Deze zijn in de begroting 2027 gesteld op 845K. Het risico is dan 16.900 x 4 = 67.600 euro. De onderstaande risico's zijn gebaseerd op de huidige onzekerheden in financiering en kosteninzicht en vragen om expliciete bestuurlijke afweging. Gemeentelijke financiële druk De begroting bij gemeenten staan erg onder druk. Het risico is dat gemeenten hiervoor mogelijk minder (kunnen) bijdragen of afhaken. Dit heeft directe impact op inkomsten. Inzichtelijkheid en toerekening van kosten Het bestuur constateert dat er sprake is van aanvullende bestuurlijke risico's met name ten aanzien van de inzichtelijkheid en toerekening van kosten, waaronder overhead en overslag.
Zolang deze kosten niet volledig herleidbaar en navolgbaar zijn, bestaat het risico dat: -
Kosten niet gebaseerd zijn op werkelijke inzet en volledig stuurbaar zijn, maar op een vast opslagmodel. Er onduidelijkheid kan bestaan over toerekening van kosten, waaronder de relatie tussen generieke organisatiekosten en schapsgebonden activiteiten. Het bestuur zijn kaderstellende en controlerende rol niet optimaal kan uitoefenen. Kosten niet volledig schapsgebonden zijn, bij onvoldoende inzicht in toerekening en uitvoering. 30
Programmabegroting 2027 | Programmaplan
-
Het bestuur onvoldoende kan sturen op doelmatigheid en het realiseren van besparingen.
Deze risico's kunnen leiden tot onvoldoende bestuurlijke uitlegbaarheid en rechtmatigheid van kosten. Deze zijn inherent aan de huidige overgangsfase en vragen om nadere uitwerking en expliciete betrokkenheid bij de bestuurlijke afweging en besluitvorming van het DB en AB en raden bij de definitieve programmabegroting 2027. Om dit tijdig in beeld krijgen dient er uiterlijk 13 april 2026 een volledig beeld van de opbouw van kosten voor het bestuur inzichtelijk te zijn. Subsidie en financiële onzekerheid De begroting gaat uit van een provinciale subsidie voor beheer van recreatiegebieden (regeling 2026 – 2029), waarbij sprake is van een maximale bijdrage van 40% van de subsidiabele kosten. Dit vraagt minimaal om 60% cofinanciering vanuit het schap. Op het moment van vaststelling van de programmabegroting is hiervoor nog geen definitieve beschikking voor het schap afgegeven. Gezien de omvang van deze bijdrage en het feit dat deze een substantieel onderdeel vormt van de dekking van de begroting, brengt dit een reëel financieel risico met zich mee. Indien de subsidie lager uitvalt of (deels) niet wordt toegekend, heeft dit direct effect op de financiële positie van het schap en kan dit leiden tot aanvullende maatregelen of een hogere bijdrage van deelnemers.
Daarnaast geldt dat de subsidieregeling voorwaarden stelt aan subsidialiteit waaronder eisen ten aanzien van eigendom en gebruik. Daarbij is sprake van eventuele niet-financierbare gebieden. Het risico als niet alle projecten/gebieden worden gedekt er gaten in de uitvoering of druk op de begroting kan ontstaan. Hierdoor bestaat onzekerheid over de mate waarin kosten voor bepaalde gebieden daadwerkelijk voor subsidie in aanmerking komen. Het bestuur acht het daarom van belang dat: • •
de risico's expliciet worden betrokken bij de bestuurlijke afweging; bij de definitieve beschikking zo nodig herijking van de begroting plaatsvindt.
Samenwerking en overgangsfase SOK De huidige overeenkomst met Staatsbosbeheer loopt per 1 juli 2026 af. Partijen bevinden zich in een overgangsfase waarin nieuwe afspraken worden voorbereid over dienstverlening, kostentoerekening en sturing. Deze afspraken kunnen substantiële gevolgen hebben voor de opbouw en omvang van deze begroting. Omdat deze nog niet zijn uitgewerkt, bestaat het risico dat de huidige begroting op onderdelen niet aansluit bij de toekomstige inrichting van de samenwerking en dat aanpassingen in een later stadium noodzakelijk zijn.
31
Programmabegroting 2027 | Programmaplan
Taakstelling 75% In de programmabegroting 2027 is uitgegaan van de in de najaarsrapportage 2025 vastgestelde structurele taakstelling, waarbij 75% van het positieve saldo structureel wordt betrokken. De structurele taakstelling is bestuurlijk vastgesteld en wordt gemonitord, maar is nog niet financieel verwerkt in de tabellen van deze begroting. Hoewel met deze ambitie invulling wordt gegeven aan de wens van de raden om te sturen op kostenbeheersing, is nog niet volledig inzichtelijk op welke wijze deze taakstelling structureel wordt gerealiseerd. Dit brengt het risico met zich mee dat de beoogde besparing niet volledig wordt gehaald of dat aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn om de begroting structureel in balans te houden. Programma toekomstbestendig NRIJ De opgave van het programma toekomstbestendig NRIJ vanuit financieel perspectief is het behalen van de taakstelling van € 454.288, zoals opgenomen in de programmabegroting van 2025, 2026 en 2027. Tot op heden heeft het programma geleid tot een structurele besparing van €128.897 (ten opzichte van de begroting van 2025). Deze besparingen zijn al verwerkt in de begroting van 2027, hoofdzakelijk in verminderde beheerkosten bijdragen aan veerdiensten. Het resterende bedrag van de taakstelling, € 357.714, is nog niet gerealiseerd op het moment van opstellen van de programmabegroting 2027. Dit risico moet worden onderkend.
In 2026 wordt gewerkt aan het realiseren van structurele besparingen, maar de maatregelen kennen expliciete afhankelijkheden van derden en onzekerheden in de haalbaarheid, zoals vertraging, maatregelen die minder opleveren of als de uitvoering mogelijk niet lukt. De totale set aan resterende maatregelen binnen het programma toekomstbestendig NRIJ kent een maximale potentiële structurele besparing van €984.476. Dit schetst een te optimistisch beeld. Daarom is per deelproject een globaal risico ingeschat (hoog, midden, laag) en gekwantificeerd (75%, 50%, 25%) dat corrigeert voor de afhankelijkheden en haalbaarheid van de maatregelen. Dit resulteert in een realistische inschatting van de uit te voeren maatregelen ter hoogte van €417.238. Het voor risico gecorrigeerde resultaat van de maatregelen (€417.238) ligt hoger dan de nog te behalen taakstelling van € 357,714. Ondanks dat de maatregelen in 2026 nog moeten worden uitgevoerd lijkt het daarom realistisch om aan te nemen dat de taakstelling in 2027 wordt gerealiseerd en daarmee op €0 kan worden ingeschat.
32
Programmabegroting 2027 | Programmaplan
13. Kanttekeningen In de begroting zijn nu alle uit te voeren maatregelen, gecorrigeerd met een risicofactor, opgenomen ter hoogte van €417.238. Omdat de resterende taakstelling maar €357.714 is, is er €59.524 te veel resultaat opgenomen in de begroting, wat kan leiden tot een begrotingswijziging met een tegenvaller van €59.524 terwijl de taakstelling wel volledig volgens de opgave is gerealiseerd. Daarnaast is de originele taakstelling van €454.288 opgenomen, in plaats van de huidige taakstelling van €325.391. Het verschil tussen deze twee bedragen (€128.897) kan leiden tot een begrotingswijziging met een meevallend resultaat van €128.897. 14. Beheersing en monitoring In de uitvoering van de maatregelen en projecten wordt geprioriteerd op kansrijkheid en korte termijn resultaten. Het programma wordt actief gemonitord waarbij minimaal elk kwartaal een expliciet bijsturingsmoment van het Dagelijks Bestuur plaatsvindt. Indien het resultaat toch tegenvalt en in 2026 niet de volledige taakstelling wordt gehaald kunnen diverse incidentele maatregelen worden genomen om in deze overgangsperiode het resterende bedrag te dekken. Een voorbeeld is de reserve besparingen (ter hoogte van €1.414.830) in te zetten als incidenteel middel en laatste redmiddel. 33
Programmabegroting 2027 | Programmaplan
15. Ratio Weerstandsvermogen Zoals hiervoor aangegeven wordt de ratio weerstandsvermogen berekend om te bepalen of het schap in staat is voldoende financiële middelen vrij te maken voor het dekken van de risico’s op het moment dat de risico’s zich voordoen. Het totaal van de risico-inventarisatie komt uit op € 67.600 De stand van de Algemene Reserve is per eind 2027 ca. € 610.100. De ratio komt uit op > 1 en is daarmee uitstekend. Hoewel de berekende ratio van het weerstandsvermogen op basis van de huidige risico/inschatting als uitstekend is beoordeeld, is deze uitkomst sterk afhankelijk van de gehanteerde (beperkte) risico-inventarisatie. Gezien de aanwezige overige onzekerheden in financiering, taakstelling en kosteninzicht kan het werkelijke risicoprofiel hoger liggen. De huidige methodiek (2% van inkomsten) doet mogelijk onvoldoende recht aan feitelijke risico's binnen het programma en de organisatie. Dit vraagt om een expliciete bestuurlijke afweging. Kengetallen BBV In het BBV (=financiële regelgeving voor gemeenten, provincies, gemeenschappelijke regelingen) staat dat er in de jaarstukken enkele kengetallen moeten worden opgenomen. De kengetallen staan in onderstaande tabel. Kengetallen netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Begroting 2031
-121% n.b. 64%
-117% n.b. 67%
-94% n.b. 76%
-104% n.b. 72%
-113% n.b. 69%
Deze kengetallen geven enig inzicht in de financiële positie en de financiële weerbaar- en wendbaarheid van de organisatie.
34
Programmabegroting 2027 | Programmaplan
De Provincie Zuid-Holland gebruikt de volgende signaleringswaarden: Kengetal netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte
gezond <90% <90% >50% >0%
neutraal risicovol 90-130% >130% 90-130% >130% 20-50% <20% 0% <0%
De netto schuldquote geeft een beeld van het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Bij de “netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen” worden ook de verstrekte leningen meegenomen. Een negatieve schuldquote geeft in feite aan dat er per saldo geen sprake is van een schuld. De solvabiliteitsratio wordt berekend als het percentage van het totale eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen van het schap. Dit geeft inzicht in de mate waarin het schap in staat is om aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het kengetal “structurele exploitatieruimte” geeft aan of de structurele baten groter zijn dan de structurele lasten. Dit wordt in het kengetal als percentage van de totale baten uitgedrukt. Dit kengetal zegt in feite iets over het structurele jaarrekeningsaldo, d.w.z. zonder alle incidentele lasten.
35
Programmabegroting 2027 | Programmaplan
16. Onderhoud kapitaalgoederen Het goed onderhouden van de gebieden is een belangrijke taak voor het schap om duurzaam gebruik mogelijk te maken. Als basis voor het plannen van regulier- en groot onderhoud en vervangingsinvesteringen wordt het Terrein Beheer Model (TBM) gehanteerd. Dit model is gebaseerd op zogenaamde doeltypen (bijvoorbeeld speel- en ligweide, strand of bos) waarvoor een gestandaardiseerde inrichting met daarbij behorende onderhoudscycli en normkosten zijn bepaald. Het totaal aan oppervlaktes, stuks en lengte van de aanwezige doeltypes bepaalt met de cycli en de normkosten de geplande uitgaven voor meerjarig duurzaam onderhoud. De geplande uitgaven van groot onderhoud fluctueren van jaar tot jaar. Dit kan een direct en groot effect hebben op het jaarresultaat en daarmee op de jaarlijkse deelnemersbijdrage. Om dit ongewenste effect zoveel mogelijk te voorkomen heeft het schap ervoor gekozen om een egalisatievoorziening groot onderhoud in te stellen. Jaarlijks wordt een vastgestelde dotatie ten laste van de exploitatie gebracht en de werkelijke onderhoudslasten worden ten laste van de Voorziening verantwoord. Jaarlijks worden de geplande uitgaven, de dotatie en de werkelijke kosten gemonitord.
Elke vier jaar wordt de dotatie opnieuw berekend en vastgesteld tenzij uit de monitoring volgt dat eerder een bijstelling nodig is Programma groot onderhoud In onderstaande tabel is het verwachte verloop van de voorziening Groot Onderhoud te zien voor de komende jaren. Stand voorziening Groot onderhoud per 01-01 Dotatie Prognoses 2027 M ev. Prognoses 2027 P ev.
2027 2.663.091 718.700
2028 2.414.673 718.700
2029 2.238.441 718.700
2030 1.367.133 718.700
2031 1.695.806 718.700
743.936 223.181
688.409 206.523
1.223.082 366.925
300.020 90.006
322.288 96.686
2.414.673
2.238.441
1.367.133
1.695.806
1.995.531
P uitgaven over overloop Stand voorziening groot onderhoud per 31-12
In 2027 is groot onderhoud en vervangingsonderhoud voorzien aan o.a.: -
bos en beplantingen: het uitvoeren van onderhoud aan beplantingen in het gehele gebied; 36