36. 2026-023351 Natuur- en Recreatieschap IJsselmonde inzake concept-jaarstukken 2025 en ontwerpbegroting 2027 NRIJ.pdf
Tekst van het document
Rekening 2025
netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte
-133% -133% 54% -1%
Deze kengetallen geven enig inzicht in de financiële positie en de financiële weerbaar- en wendbaarheid van de organisatie. De Provincie Zuid-Holland gebruikt de volgende signaleringswaarden: Kengetal gezond neutraal risicovol netto schuldquote <90% 90-130% >130% netto schuldquote gecorrigeerd <90% 90-130% >130% solvabiliteitsratio >50% 20-50% <20% structurele exploitatieruimte >0% 0% <0% De netto schuldquote geeft een beeld van het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Bij de “netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen” worden ook de verstrekte leningen meegenomen. Een negatieve schuldquote geeft in feite aan dat er per saldo geen sprake is van een schuld. De solvabiliteitsratio wordt berekend als het percentage van het totale eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen van het recreatieschap. Dit geeft inzicht in de mate waarin het schap in staat is om aan haar financiële verplichtingen te voldoen De solvabiliteitsratio is ruim positief. Het kengetal “structurele exploitatieruimte” geeft aan of de structurele baten groter zijn dan de structurele lasten. Dit wordt in het kengetal als percentage van de totale baten uitgedrukt. Dit kengetal zegt in feite iets over het structurele jaarrekeningsaldo, d.w.z. zonder alle incidentele 21
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
baten en lasten. Het percentage is negatief, wat betekent dat de structurele baten niet toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van de leningen) te dekken.
4.2 Onderhoud kapitaalgoederen Het goed onderhouden van de gebieden is een belangrijke taak voor het recreatieschap om duurzaam gebruik mogelijk te maken. Als basis voor het plannen van regulier- en groot onderhoud en vervangingsinvesteringen wordt het Terrein Beheer Model (TBM) gehanteerd. Dit model is gebaseerd op zogenaamde doeltypen (bijvoorbeeld speel- en ligweide, strand of bos) waarvoor een gestandaardiseerde inrichting met daarbij behorende onderhoudscycli en normkosten zijn bepaald. Het totaal aan oppervlaktes, stuks en lengte van de aanwezige doeltypes bepaalt met de cycli en de normkosten de geplande uitgaven voor meerjarig duurzaam onderhoud. Het Terrein Beheer Model wordt periodiek herijkt. Voorziening groot onderhoud De geplande uitgaven van groot onderhoud fluctueren van jaar tot jaar. Dit kan een direct en groot effect hebben op het jaarresultaat en daarmee op de jaarlijkse deelnemersbijdrage. Om dit ongewenste effect zoveel mogelijk te voorkomen heeft het recreatieschap ervoor gekozen om een egalisatievoorziening groot onderhoud in te stellen. Jaarlijks wordt een vastgestelde dotatie ten laste van de exploitatie gebracht en de werkelijke onderhoudslasten worden ten laste van de voorziening groot onderhoud verantwoord.
Programma groot onderhoud 2025 In het kader van het planmatig bosbeheer zijn in 2025 de (uitgestelde) herplantwerkzaamheden in het in 2023 aangepakte werkblok Hoge Veld/Jan Gerritsepolder uitgevoerd. Ook de in 2024 geplande boswerkzaamheden in het werkblok Hoge Nesse/Veerplaat zijn in 2025 uitgevoerd. De herplant in dit werkblok wordt begin 2026 afgerond. Het programma groot onderhoud 2025 is grotendeels binnen het verslagjaar afgerond. Alleen het vervangen van informatiepanelen wordt in 2026 in samenhang met het programma Toekomstbestendig NRIJ uitgevoerd. In onderstaande tabel is het verwachte verloop van de voorziening Groot Onderhoud te zien voor de komende jaren. Stand voorziening Groot onderhoud per 01-01 Dotatie Extra dotatie aanpassing dotatie a.g.v. doorgevoerde wijzigingen in FA16 Werkelijke uitgaven M Werkelijke uitgaven P Prognoses 2026 M ev. Prognoses 2026 P ev.
2025 2.872.957 921.803
2026 3.208.902 695.000
2027 2.663.091 718.700
2028 2.414.673 718.700
2029 2.238.441 718.700
2030 1.367.133 718.700
464.302 121.556 -
797.470 239.241
743.936 223.181
688.409 206.523
1.223.082 366.925
300.020 90.006
2.414.673
2.238.441
1.367.133
1.695.806
IJM GO 2024 Bos NRIJ GO Infopanelen 2025 NRIJ GO Solitaren en Knotbomen 2025
57.000 75.000 25.000
P uitgaven over overloop
47.100
Stand voorziening groot onderhoud per 31-12
3.208.902
2.663.091
22
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
4.3 Financiering Kasgeldlimiet Tot het kasgeld behoren alle vlottende schulden < 1 jaar, de contante gelden in kas, de uitgaande gelden < 1 jaar en de tegoeden / schulden rekening-courant. Doel van de kasgeldlimiet is het beperken van de renterisico’s op de korte schuld. De korte schuld is bedoeld voor de lopende uitgaven en zodoende is de limiet gekoppeld aan het begrotingstotaal. De kasgeldlimiet is bij ministeriële regeling vastgesteld op 8,5% van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar. In 2025 zijn geen kasgeldleningen afgesloten. Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een limiet aan het renterisico over de lange termijn financiering. Het renterisico is het geldbedrag aan leningen dat in een bepaald jaar aan renteherziening en herfinanciering onderhevig is. Het renterisico mag maximaal 20% van het begrotingstotaal per 1 januari van het betreffende kalenderjaar bedragen. De renterisiconorm benadrukt het belang van een goede spreiding van de leningenportefeuille en de renterisico’s. In 2025 zijn geen vaste geldleningen aangegaan. Er is op balansdatum 2025 één uitstaande geldlening zonder renteherziening gedurende de looptijd. Er is geen sprake van herfinanciering. Derhalve is er geen renterisico. Ten aanzien van het risicobeheer van de huidige leningen zijn er geen beleidsvoornemens. Het renteresultaat is gelijk aan de rentelasten en bedraagt 7.918 euro.
Tevens is er geen sprake van een financieringsbehoefte. Schatkistbankieren Bij het schatkistbankieren wordt dagelijks het saldo bij een vastgesteld drempelbedrag overgeboekt op een bankrekening ten gunste van de rekening-courant die een decentrale overheid heeft bij de schatkist. Omgekeerd kan het saldo ook worden aangevuld ten laste van de rekening-courant die een decentrale overheid heeft bij de schatkist. Voor het schap zijn de benodigde overeenkomsten met het Rijk afgesloten. In 2025 is het drempelbedrag van € 1.000.000 niet overschreden. Zie verder het overzicht in de toelichting op de balans, onderdeel Schatkistbankieren. EMU saldo Het (EMU-saldo) is het saldo van de inkomsten en uitgaven van de overheid. Decentrale overheden moeten inzicht geven in de berekening van hun aandeel in dit EMU-saldo. Deze informatie wordt middels enquêtes aangeleverd bij het CBS. Voor de EMU-enquête worden de gemeenten, de provincies en de waterschappen integraal waargenomen. Bij de gemeenschappelijke regelingen wordt een deelwaarneming gedaan. Een gemeenschappelijke regeling valt binnen de deelwaarneming indien het totaal aan baten of lasten op de exploitatierekening groter is dan 20 miljoen euro. Omdat het begrotingstotaal van het Recreatieschap onder deze grens van 20 miljoen euro ligt is toelichting van het EMU saldo niet verplicht en derhalve niet opgenomen.
23
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
Renteschema
4.4
Grondbeleid
Algemeen Het dagelijks bestuur van het recreatieschap heeft begin 2016 de nota grondbeleid vastgesteld waarin de volgende uitgangspunten centraal staan: - Grond is een middel en geen doel. - Bij en met de inzet van grond en vastgoed wordt financiële optimalisatie nagestreefd. - Met de inzet van grond wordt samenwerking met gebiedspartijen gezocht. - Hoewel het schap zelf geen grond- of opstalexploitaties voert, heeft zij in haar aanpak een actieve houding. Hierbij stuurt zij – in samenwerking met de andere gebiedspartijen – actief op programmering, kostenbeheersing en opbrengstoptimalisatie. - Het schap werkt innovatief en extern gericht, zoekt naar nieuwe verbanden en geeft waar mogelijk ruimte aan nieuwe technologieën en duurzame toepassingen. - Het schap neemt in beginsel niet risicodragend deel in gebieds- en vastgoed)ontwikkelingen. - Bij de inzet van grond en vastgoed werkt het schap transparant en marktconform. Financieel Naast het algemene uitgangspunt van financiële optimalisatie is de inzet vooral gericht op het behoud van het huidige niveau van inkomsten in de schapsbegroting, zulks in relatie tot de met eigendom/erfpacht samenhangende kosten. Grondpositie Grondpositie per 31 december 2025: Oppervlakte:
31-12-2024
Totaal
563 ha
31-12-2025*
Toelichting mutatie:
563 ha
Geen wijzigingen
*Afgerond op hele getallen
Deze tabel betreft de grondpositie, hierin zijn niet meegenomen de gronden die het schap op basis van persoonlijke overeenkomsten (o.a. huur) in gebruik en onderhoud heeft. Peildatum voor deze tabel is de kadastrale registratie per 31 december 2025.
4.5
Bedrijfsvoering
De afspraken over de dienstverlening door Staatsbosbeheer aan het natuur- en recreatieschap zijn vastgelegd in de Samenwerkingsovereenkomst (SOK). Voor begrotingsjaar 2025 is de volgende afrekenmethodiek toegepast: 1. De standaard dienstverlening te verrekenen op maximaal het totaalbudget bedrijfsvoering incl. goedgekeurd meerwerk tegen werkelijke kosten dan wel werkelijke uren maal het afgesproken tarief; 2. De begeleiding voor regulier en groot onderhoud te maximeren op 30% van de werkelijke materiele kosten voor uitbesteed werk. De personele component van de dienstverlening door Staatsbosbeheer is opgenomen in onderstaande tabel. 24
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
Product Beheer vastgoed & gronden (rentmeest Ondersteuning recreatie, landschapsToezicht & handhaving Vergunningen, ontheffingen en toeste Omgevingsmanagement Beheerinformatie Uitvoeren terreininspecties Uitvoeren Terreinbeheer 30% Omgevingscommunicatie Gebiedsbeheer
Begroting na wijziging 2025 192.824 38.800 214.500 19.800 0 57.900 68.900 331.183 65.800 989.707 989.707
Realisatie 2025
Ruimte
119.208 22.664 257.527 11.857 73.462 46.879 120.624 331.881 0 984.103 984.103
73.616 16.136 -43.027 7.943 -73.462 11.021 -51.724 -698 65.800 5.604 5.604
Vrijwilligers en actief burgerschap
49.000 49.000 49.000
29.808 29.808 29.808
19.192 19.192 19.192
Voorbereiden programma en projectmanagement Plan- en projectvoorbereiding Beheerkostenberekening en analyses
0 24.800 12.400 37.200 37.200 77.700 0 0 77.700 77.700
139 952 0 1.091 1.091 67.867 20.850 1.369 90.085 90.085
-139 23.848 12.400 36.109 36.109 9.833 -20.850 -1.369 -12.385 -12.385
Planning & control Financieel beleid Project control
138.800 15.000 15.000 168.800 168.800
176.350 2.896 15.054 194.300 194.300
-37.550 12.104 -54 -25.500 -25.500
Juridische ondersteuning WOB procedures Aansprakelijkheid Procederen Juridische diensten
13.200 1.500 3.200 1.500 19.400 19.400
6.605 60 1.251 0 7.916 7.916
6.595 1.441 1.949 1.500 11.484 11.484
Totaal LASTEN - P
1.341.807
1.307.302
34.505
Maatschappelijke betrokkenheid
Plannen maken Accountmanagement Bestuursadvies Secretariaat Bestuurlijke diensten
Financiële diensten
Toelichting - Gebiedsbeheer: Voordeel 5.604 Gezien de geringe afwijking op dit product geen toelichting op dit onderdeel. De personele lasten op het product Uitvoeren terreinbeheer zijn vooraf begroot op 30% van de materiële uitgaven. De werkelijk gemaakte personele lasten bedroegen € 331.881, zijnde 29,9% van de daadwerkelijke gerealiseerde materiële uitgaven. Aangezien dit binnen het afgesproken maximum van 30% valt is het volledige bedrag afgerekend. -
Maatschappelijke betrokkenheid: Voordeel 16.192 Dit betreft o.a. de begeleiding van de inzet van vrijwilligers- en participatiegroepen en het samenwerken met bewonersplatforms, stichtingen en verenigingen. De hiervoor benodigde activiteiten konden met minder personele begeleiding vanuit Staatsbosbeheer worden uitgevoerd dan voorzien.
-
Plannen maken: Voordeel 36.109 Omdat NRIJ zich in 2025 vrijwel volledig gericht heeft op de toekomstbestendigheid van het schap zijn nauwelijks personele middelen besteed aan het maken van plannen.
-
Overhead o Bestuursproducten / Financiële diensten / Juridische diensten: Nadeel 26.401
25
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
Rechtmatigheidsverantwoording 2025: Toelichting op de afwijkingen 2025 per onderstaande onderscheiden processen 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
Inkoop en betaalproces Investeringen in materiele vaste activa en betaalproces Huren en pachten (ingebruikgeving) Memoriaalboekingen Begrotingen – begrotingswijzigingen Begrotingen - investeringskredieten Aanbestedingen Dienstverlening door Staatsbosbeheer
In 2025 zijn geen rechtmatigheidsafwijkingen geconstateerd die de rapporteringtolerantie overschrijden.
4.6 Openbaarheidsparagraaf Inleiding en kader Op grond van de WOO verplichte openbaarheidsparagraaf dient verantwoording afgelegd over de uitvoering van de WOO over het verslagjaar 2025 in het jaarverslag 2025. Openbaarheidsparagraaf De openbaarheidsparagraaf beschrijft de activiteiten die in 2025 zijn uitgevoerd op de thema’s verbetering informatiehuishouding en de actieve en passieve openbaarmaking. Actieve openbaarmaking De ontwikkeling van een platform (PLOOI) waar alle overheden hun openbaar te maken documenten konden plaatsen, is stopgezet. Het kabinet heeft besloten om eerst een eenvoudiger variant met een verwijsindex en een zoekfunctie te ontwikkelen. Deze variant is inmiddels operationeel. Deelname aan dit platform is momenteel nog op vrijwillige basis, waarbij de recreatieschappen en CBG nog niet zijn aangesloten. Woo-verzoeken en besluiten worden nog steeds op de website van het betreffende recreatieschap openbaar gemaakt. Vanwege vertraging in de realisatie van het publicatieplatform, is ook de inwerkingtreding van het actieve openbaarmakingsdeel van de Woo vertraagd. Staatsbosbeheer handelt de Woo verzoeken af namens de schappen en volgt de ontwikkelingen nauwlettend, maar gezien de financiële situatie, waarin de nieuwe taken beperkt worden vergoed, neemt het geen leidende rol op zich. Passieve openbaarmaking Aantal verzoeken
2024 2025
1 0
Gemiddelde behandeltijd in dagen 35
26
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
JAARREKENING 2025 5.1
Balans per 31 december 2025
x€
31-12-2025
31-12-2024
Vaste activa
2.599.593
2.640.839
Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut Vlottende activa
2.599.593 2.035.359 564.234 5.750.080
2.640.839 2.044.292 596.547 5.494.698
5.319.425 326.758 4.918.065 74.602
4.997.086 334.654 4.564.732 97.700
Liquide middelen Banksaldi
199.893 199.893
101.355 101.355
Overlopende activa De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
230.763
396.257
124.146
139.659
Activa
Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd < dan 1 jaar Overige vorderingen
106.617
256.598
8.349.673
8.135.537
Vaste passiva
7.877.421
7.762.416
Eigen vermogen
4.532.236
4.701.297
610.106 610.106
846.623 846.623
Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves
3.848.180 3.848.180
4.059.919 4.059.919
Gerealiseerde resultaat Voorzieningen
73.949 3.208.901
-205.245 2.872.957
Onderhoudsegalisatievoorzieningen Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
3.208.901 136.284
2.872.957 188.162
136.134
181.512
150
6.650
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden rentetypische looptijd < 1 jaar Overige schulden Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren
472.252 321.007 321.007 151.244
373.121 42.516 42.516 330.605
28.611
157.500
122.301
168.108
Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen
332
4.997
8.349.673
8.135.537
Totaal Activa Passiva
Algemene reserve Algemene reserve
Onderhandse leningen van: Waarborgsommen
Totaal Passiva
27
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
5.2
Overzicht van baten en lasten 2025
Account
Realisatie 2024
Lasten Account(T)
Baten
Begroting na Primaire begroting wijziging 2025 2025
Realisatie 2025
Realisatie 2024
Primaire begroting 2025
Saldo Begroting na wijziging 2025
Realisatie 2025
Realisatie 2024
Primaire begroting 2025
Begroting na wijziging 2025
Realisatie 2025
Personeel
817.626
1.027.124
989.707
984.103
0
0
0
0
817.626
1.027.124
989.707
984.103
Materieel Gebiedsbeheer
2.649.484
2.203.377
2.356.995
2.321.501
-853.533
-953.975
-810.250
-809.377
1.795.950
1.249.402
1.546.745
1.512.125
3.467.109
3.230.501
3.346.702
3.305.604
-853.533
-953.975
-810.250
-809.377
2.613.576
2.276.526
2.536.452
2.496.227
Personeel
28.868
49.000
49.000
29.808
0
0
0
0
28.868
49.000
49.000
29.808
28.868
49.000
49.000
29.808
0
0
0
0
28.868
49.000
49.000
29.808
37.200
37.200
10.475
37.200
37.200
1.091
Maatschappelijke betrokkenheid Personeel
10.475
1.091
0
0
0
0
Materieel Plannen maken
59
0
0
400
0
0
0
0
59
0
0
400
10.533
37.200
37.200
1.491
0
0
0
0
10.533
37.200
37.200
1.491
113.456
Personeel
113.456
57.700
77.700
90.085
0
0
0
0
57.700
77.700
90.085
Materieel Bestuurlijke diensten
927
97.100
160.000
159.438
0
0
0
0
927
97.100
160.000
159.438
114.383
154.800
237.700
249.523
0
0
0
0
114.383
154.800
237.700
249.523
Personeel
161.732
179.200
168.800
161.732
179.200
168.800
194.300
194.300
0
0
0
0
Materieel
56.463
22.450
51.850
53.042
-795
0
0
0
55.668
22.450
51.850
53.042
Financiële diensten
218.195
201.650
220.650
247.341
-795
0
0
0
217.400
201.650
220.650
247.341
Personeel
18.832
19.400
19.400
7.916
0
0
0
0
18.832
19.400
19.400
7.916
0
3.500
3.500
0
0
0
0
0
0
3.500
3.500
Materieel Juridische diensten
0
18.832
22.900
22.900
7.916
0
0
0
0
18.832
22.900
22.900
7.916
351.409
379.350
481.250
504.779
-795
0
0
0
350.614
379.350
481.250
504.779
Onvoorzien
0
50.000
0
0
0
0
0
0
0
50.000
0
0
Rentekosten
9.932
0
7.827
7.918
0
0
0
0
9.932
0
7.827
7.918
Rentebaten
0
0
0
0
-169.774
-130.000
-100.000
-113.397
-169.774
-130.000
-100.000
-113.397
Overige jaarlijkse vergoedingen
0
0
0
0
-1.237.388
-1.208.361
-1.208.361
-1.208.361
-1.237.388
-1.208.361
-1.208.361
-1.208.361
Deelnemersbijdragen
0
0
0
0
-1.653.711
-1.653.711
-1.653.711
-1.653.711
-1.653.711
-1.653.711
-1.653.711
-1.653.711
9.932
50.000
7.827
7.918
-3.060.872
-2.992.072
-2.962.072
-2.975.469
-3.050.941
-2.942.072
-2.954.245
-2.967.551
3.867.852
3.746.051
3.921.979
3.849.600
3.915.201
3.946.047
3.772.322
3.784.846
-47.349
-199.997
149.657
64.754
137.908
0
113.545
177.624
-86.588
0
0
-73.317
51.320
0
113.545
104.307
4.005.759
3.746.051
4.035.524
4.027.224
4.001.789
3.946.047
3.772.322
3.858.163
3.971
-199.997
263.202
169.062
Totaal Mutatie reserves
689.975
480.700
591.359
591.359
-488.701
-280.703
-854.561
-834.370
201.274
199.997
-263.202
-243.011
Gerealiseerd resultaat
4.695.734
4.226.751
4.626.883
4.618.583
-4.490.490
-4.226.750
-4.626.883
-4.692.533
205.245
0
0
-73.949
Overhead
Algemene middelen Saldo gewone bedrijfsvoering Totaal Kredieten Saldo van Baten en Lasten
28
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
Het overzicht van lasten en baten is als volgt opgebouwd: Reguliere lasten en baten gewone bedrijfsvoering Dit onderdeel betreft de exploitatielasten en –baten van de structurele activiteiten. Dit zijn de jaarlijks min of meer in dezelfde vorm terugkerende activiteiten. Op basis van deze informatie kunnen meerjarige trends en ontwikkelingen worden geschetst. Kredieten De kredieten hebben betrekking op uitgaven gerelateerd aan activiteiten die zorgen voor veranderingen in de natuur- en recreatiegebieden, zoals investeringen met maatschappelijk nut in de openbare ruimte. Deze uitgaven worden gedekt vanuit bijdragen derden (subsidies, bijdragen) en/of onttrekkingen aan de algemene of bestemmingsreserves. Toevoegingen en onttrekkingen (mutaties) aan reserves Dit onderdeel omvat alle mutaties (stortingen en onttrekkingen) in de reserves.
5.3
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
Inleiding De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften, die het Besluit begroting en verantwoording (BBV) daarvoor geeft. Voor zover niet anders vermeld, worden de activa en passiva gepresenteerd in afgeronde bedragen van € 1. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. Het bestuur heeft een onderzoek laten uitvoeren naar mogelijke toekomstscenario’s voor het recreatieschap. Een nadere uitwerking van een voorkeursscenario(‘s) moet nog plaatsvinden en de uitkomst daarvan is mede bepalend voor de toekomst van het schap. De huidige waarderingsgrondslagen zijn voor 2025 gehandhaafd. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Baten en lasten worden verantwoord tot hun brutobedrag. Verder worden de uitgangspunten van de financiële verordening van het schap gehanteerd.
Daarnaast wordt een activeringsgrens gehanteerd van 25.000 euro. Balans Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met de daarop verrichte lineaire afschrijvingen. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. De afschrijvingen geschieden op basis van de verkrijgings- of aanschaffingsprijs en de geschatte economische
29
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
levensduur. Eventuele duurzame waardeverminderingen worden onafhankelijk van het resultaat in ogenschouw genomen. De volgende uitgangspunten zijn grotendeels gehanteerd voor de afschrijvingstermijnen: - gronden en terreinen geen afschrijving - bedrijfsgebouwen 30 jaar - grond- weg- en waterbouwkundige werken 35 jaar - machines, apparaten en installaties 10 jaar - overige materiële vaste activa 30 jaar Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen De banksaldi worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Overlopende activa De overlopende activa (nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen) worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Eigen vermogen Dit betreft de Algemene Reserve, de bestemmingsreserves en het gerealiseerde resultaat. Voorzieningen De onderhoudsegalisatievoorzieningen zijn gebaseerd op een meerjarenraming van het uit te voeren grootonderhoud aan de kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake geformuleerd zijn. In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen die is opgenomen in het jaarverslag is het beleid ter zake nader uiteengezet. De voorzieningen worden gewaardeerd op nominale waarde.
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer, de netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar en de overlopende passiva Deze posten worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.
5.4
Toelichting op de balans
Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen in de openbare ruimte met een economisch nut
30
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
De boekwaarde van de investeringen in de openbare ruimte met een economisch nut had het volgende verloop: Investeringen met een economisch nut Investeringen voor 2017 Grond- weg- en waterbouwkundige werken
Boekwaarde 01-01 2025
Gereedgekomen Activa
Investeringen
Boekwaarde 31-12 2025
Afschrijvingen
1.916.993
-
-
-
1.916.993
127.299
-
-
8.933
118.366
2.044.292
-
-
8.933
2.035.359
Overige materiële activa
De bedrijfsgebouwen worden lineair afgeschreven in 25,30 of 35 jaar, i.c. is dat € 8.933 per jaar. Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut De boekwaarde van de investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut had het volgende verloop: Investeringen met een maatschappelijk nut
Boekwaarde 01-01 2025
Investeringen voor 2017 Grond- weg- en waterbouwkundige werken
Gereedgekomen Activa
Investeringen
Boekwaarde 31-12 2025
Afschrijvingen
148.252
-
-
24.430
123.822
21
-
-
21
-
Investeringen na 2017 Grond- weg- en waterbouwkundige werken
276.350
3.950
120.974
9.386
391.888
Overige materiële activa
50.950
-
-
2.426
48.524
Activa in bewerking Grond- weg- en waterbouwkundige werken
120.974
-
120.974-
-
-
596.547
3.950
-
36.263
564.234
Overige materiële activa
Van de investeringen met maatschappelijk nut heeft 123.822 euro (per eind 2025) betrekking op investeringen van voor 2017. Van de gronden die in eigendom zijn, zijn enkele gronden uitgegeven in erfpacht, welke leiden tot erfpachtopbrengsten. Activa in bewerking waarvan de bewerking is afgerond en welke in gebruik wordt genomen wordt gepresenteerd naar de categorie Grond-, weg- en waterbouwkundige werken en overige activa.
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan een jaar Vorderingen op openbare lichamen Debiteuren Totaal
2025 326.758 326.758
2024 334.654 334.654
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar
31
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
2025 4.918.065 4.918.065
Uitzettingen in 's Rijks schatkist < 1 jaar
2024 4.564.732 4.564.732
Sinds 2014 is het schatkistbankieren van toepassing. Hieronder zijn de bedragen weergegeven die op kwartaalbasis in de schatkist zijn aangehouden en de drempel die van toepassing was. De drempel is in 2025 niet overschreden. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
1000 Kwartaal 1
(2) (3a) = (1) > (2) (3b) = (2) > (1) (1) Berekening drempelbedrag
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
143
150
96
126
857
850
904
874
-
-
-
-
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
4.227 4.227
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 Drempelbedrag 1000 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
12.871
13.680
8.792
11.566
90
91
92
92
143
150
96
126
Overige vorderingen Debiteuren Vooziening dubieuze debiteuren Per saldo
2025 76.668 2.066 74.602
2024 110.284 12.584 97.700
32
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
Liquide middelen Banksaldi 2025 199.893 199.893
Rekening-courant bank
2024 101.355 101.355
Overlopende activa Van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkering met een specifiek bestedingsdoel Project Rijksbijdrage SNL Natuurbeheer subsidie Overige Nederlandse overheidslichamen Provincie Zuid-Holland - project zwerfafval Provincie Zuid-Holland - boekjaarsubsidie
Totaal
Saldo 1-1-2025
Toevoegingen
Ontvangen bedragen
Saldo 31-12-2025
110.632
110.632
110.632
110.632
0 29.027 29.027
13.514 13.514
0 29.027 29.027
13.514 0 13.514
139.659
124.146
139.659
124.146
Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Nog te ontvangen bedragen Compensabele BTW Vooruitontvangen facturen - huren Vooruitontvangen facturen - verzekering
2025 54.672 45.222 0 6.723 106.617
2024 80.876 132.447 39.247 4.029 256.598
De door te berekenen compensabele BTW (BCF) aan de deelnemende gemeenten is eind 2024 hoger dan het huidige jaar i.v.m. met enkele van Staatsbosbeheer ontvangen facturen i.r.t. de dienstverlening en doordat enkele facturen later zijn verwerkt in de BCF doorbelasting.
33
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
Vaste passiva Eigen vermogen Het verloop van de reserves wordt in het hierna volgende overzicht weergegeven. Stand per 01-01-2025
Bestemming Resultaat 2024
Toevoegingen in 2025
Onttrekkingen in 2025
Stand per 31-12-2025
Algemene Reserve
846.623
-205.245
0
31.272
610.106
Totaal Algemene Reserve
846.623
-205.245
0
31.272
610.106
1.513.171 460.306 7.001 252.732 327.301 1.033.180 466.228
0 0 0 0 0 0 0
110.659 0 0 27.700 124.924 453.000 0
453.000 120.973 3.950 5.732 11.813 71.350 261.203
Bestemmingsreserves Investeringsreserve Reserve herinrichting Zuidelijk Randpark Reserve vervangingsinvesteringen Reserve Pendrechtse Molen Afschrijvingsreserve Reserve besparingen Egalisatiereserve Groot Onderhoud Afrondingsverschil Totaal bestemmingsreserves
4.059.919
-
716.283
928.021
1.170.830 339.333 3.051 274.700 440.412 1.414.830 205.025 13.848.180
Totaal
4.906.542
-205.245
716.283
959.293
4.458.286
In de Algemene Reserve zijn de volgende bedragen toe te rekenen aan de provinciale subsidie en derhalve daarvoor gereserveerd: Bestemming resultaat Stand per 31-12-2024 2024 Mutaties 2025 T.b.v. Reserve Besparingen 83.677 T.b.v. Onderhoud 8.301 Totaal 91.978 -
Stand per 31-12-2025 83.677 8.301 91.978
ALGEMENE RESERVE De algemene reserve heeft als belangrijkste functie het vormen van een buffer voor financiële tegenvallers.
Saldo 1 januari Bij: resultaatbestemming Af: resultaatbestemming Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Afrondingsverschil Saldo 31 december
2025 846.623 0 205.245 0 31.272 0 610.106
Specificatie onttrekkingen: - projecten Totaal onttrekkingen
31.272 31.272
2024 666.842 241.867 0 117.500 179.587 1 846.623
34
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
BESTEMMINGSRESERVES a) Investeringsreserve Het doel van de investeringsreserve is het dekken van de kosten van nieuwe investeringen. Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2025 1.513.171 110.659 453.000 1.170.830
Specificatie toevoegingen: - cf najaarsrapportage Totaal toevoegingen
110.659 110.659
Specificatie onttrekkingen: - cf. najaarsrapportage Totaal onttrekkingen
453.000 453.000
2024 1.513.171 0 0 1.513.171
b) Reserve Bestemmingsreserve herinrichting Zuidelijk Randpark De Reserve Herinrichting Zuidelijk Randpark is bestemd voor het gelijknamige recreatiegebied op de grens van de gemeenten Barendrecht en Rotterdam. Het park ligt pal ten noorden van de A15/Betuwespoorlijn en bestaat uit verschillende deelgebieden. Met deze reserve worden de kosten gedekt die nodig zijn om het Zuidelijk Randpark opnieuw in te richten als recreatiegebied. Deze herinrichting is het gevolg van de aanleg van de Betuwelijn en Tramplus. Het Natuur- en Recreatieschap IJsselmonde heeft geld ontvangen voor de verkoop van gronden aan de Nederlandse Spoorwegen voor de aanleg van de Betuweroute. Met deze middelen is geherinvesteerd in het park om de gevolgen van de aanleg van de Betuweroute te compenseren (kwaliteitsimpuls). Met het overgebleven geld is deze reserve gevormd. De kosten voor de aanleg van de Blauwe Verbinding deeltracé Zuidelijk Randpark worden deels ten laste van deze reserve gebracht. Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2025 460.306 0 120.973 339.333
Specificatie onttrekkingen: - projecten Totaal onttrekkingen
120.973 120.973
2024 460.306 0 0 460.306
35
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
c) Reserve vervangingsinvesteringen Het doel van deze reserve is het dekken van de kosten van vervangingsinvesteringen. Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2025 7.001 0 3.950 3.051
Specificatie onttrekkingen: - Projecten Totaal onttrekkingen
3.950 3.950
2024 7.001 0 0 7.001
d) Reserve Pendrechtse Molen Het doel van deze reserve is het dekken van de onderhoudskosten van de Pendrechtse Molen. Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2025 252.732 27.700 5.732 274.700
Specificatie toevoegingen: - toevoeging conform programma begroting Totaal toevoegingen
27.700 27.700
Specificatie onttrekkingen: - projecten Totaal onttrekkingen
5.732 5.732
e)
2024 240.032 27.700 15.000 252.732
Reserve afschrijvingen
Het doel van deze reserve is het dekken van de afschrijvingslasten van projecten die geactiveerd zijn conform nieuwe BBV regelgeving Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Afrondingsverschil Saldo 31 december
2025 327.301 124.924 11.813 440.412
Specificatie toevoegingen: - Projecten Totaal toevoegingen
124.924 124.924
Specificatie onttrekkingen: - conform afschrijvingstaat Totaal onttrekkingen
11.813 11.813
2024 339.113 0 11.813 1 327.301
36
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
f) Reserve besparingen De reserve besparingen heeft als doel het financieren van investeringen die leiden tot een afname in de onderhoudskosten. Saldo 1 januari Bij: bestemming resultaat Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2025 1.033.180 0 453.000 71.350 1.414.830
Specificatie toevoegingen: - toevoeging conform begroting Totaal toevoegingen
453.000 453.000
Specificatie onttrekkingen: - Projecten Totaal onttrekkingen
71.350 71.350
g)
2024 714.530 0 339.750 21.100 1.033.180
Egalisatiereserve groot onderhoud
De reserve heeft ten doel om het tekort op de voorziening groot onderhoud te egaliseren. Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Onttrekkingen Saldo 31 december
2025 466.228 0 261.203 205.025
Specificatie onttrekkingen: - cf. begroting Totaal onttrekkingen
261.203 261.203
2024 522.405 205.025 261.202 466.228
h) Provinciale reserve Vanuit de boekjaarsubsidie is vanuit PZH vastgesteld dat van het positieve resultaat een deel naar de reserve Provinciale gelden gaat. Welke ingezet kunnen worden voor beheer, om onderhoud en ontwikkeling van de in beheer zijnde gebieden. GEREALISEERD RESULTAAT Gerealiseerd resultaat
2025 73.949 73.949
2024 -205.245 -205.245
37
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
Voorzieningen Het verloop van de voorzieningen wordt in het hierna volgende overzicht weergegeven. Stand per 01-01-2025 Onderhoudsegalisatievoorziening Afrondingsverschil Totaal
Toevoegingen in 2025
Onttrekkingen in 2025
2.872.957
921.803
585.858
2.872.957
921.803
585.858
Stand per 31-12-2025 3.208.902 13.208.901
ONDERHOUDSEGALISATIEVOORZIENINGEN a) Voorziening groot onderhoud Het doel van deze voorziening is het gelijkmatig verdelen van de lasten van groot onderhoud over de jaren. Hiertoe wordt jaarlijks een gelijkblijvende dotatie ten laste van de exploitatie gebracht. De werkelijke grootonderhoudskosten worden direct ten laste van de voorziening verantwoord. Saldo 1 januari Bij: toevoegingen Af: Aanwendingen Afrondingsverschil Saldo 31 december
2025 2.872.957 921.803 585.858 -1 3.208.901
2024 2.531.793 921.802 580.639 1 2.872.957
Specificatie toevoegingen: - toevoeging conform primaire begroting Totaal toevoegingen
921.803 921.803
Specificatie aanwendingen: - uitgevoerde werkzaamheden groot onderhoud Totaal aanwendingen
585.858 585.858
Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen Saldo 1 januari Af: aflossing Saldo per 31 december
2025 181.512 45.378 136.134
2024 226.890 45.378 181.512
Rentelast voor het begrotingsjaar: € 7.918
38
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
Waarborgsommen Boekwaarde 1 januari Vermeerderingen Aflossingen Saldo per 31 december
2025 6.650 0 6.500 150
2024 3.650 6.000 3.000 6.650
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar Overige schulden Crediteuren Totaal
2025 321.007 321.007
2024 42.516 42.516
In tegenstelling tot voorgaand jaar is de factuur voor dienstverlening SBB voor de maand december reeds ontvangen in 2025. Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume Nog te betalen rente Nog te ontvangen facturen Af te dragen BTW Afrondingsverschil Totaal
2025 928 18.275 9.408 28.611
2024 711 156.790 0 -1 157.500
In tegenstelling tot dit jaar is de factuur voor dienstverlening SBB voor de maand december in 2024 opgenomen als nog te ontvangen factuur. Zie ook de opmerking bij Overige schulden.
39
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren De specificatie van deze balanspost is als volgt: Project
Overige Nederlandse overheidslichamen Pendrechtse molen Zwerfafval PZH subsidie optimalisatie Afrondingsverschil Totaal
Saldo
Ontvangen
1-1-2025
bedragen
10.829 6.924 150.354 1 168.108
Vrijgevallen, bestede of terugbetaalde bedragen
Saldo 31-12-2025
13.996
2.241 6.924 50.637
22.584 0 99.717
13.996
59.802
122.301
Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen Vergunningen, ontheffingen en toestemmingen Totaal
2025 332 332
2024 4.997 4.997
Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen Langlopende verplichtingen De meerjarige contracten zijn geïnventariseerd. De belangrijkste resterende verplichting (> € 100.000) per eind 2025 voor dit schap zijn: • • • •
Samenwerkingsovereenkomst Recreatieschap en Staatsbosbeheer € 1.664.550 Meerjarig bestek uitvoering hygiënewerkzaamheden € 454.634 Meerjarig bestek uitvoering gras/waterwerkzaamheden € 408.713 Meerjarig bestek uitvoering griendwerkzaamheden € 258.760
Rechtmatigheidsverantwoording Gebeurtenissen na balansdatum Niet van toepassing.
40
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
5.5
Toelichting op het overzicht van baten en lasten 2025
Programma Instandhouding en ontwikkeling gebieden Lasten Account
Account(T)
Baten
Begroting na Primaire begroting wijziging 2025 2025
Realisatie 2024
Realisatie 2025
Realisatie 2024
Primaire begroting 2025
Saldo Begroting na wijziging 2025
Realisatie 2025
Realisatie 2024
Primaire begroting 2025
Begroting na wijziging 2025
Realisatie 2025
Personeel
817.626
1.027.124
989.707
984.103
0
0
0
0
817.626
1.027.124
989.707
984.103
Materieel Gebiedsbeheer
2.649.484
2.203.377
2.356.995
2.321.501
-853.533
-953.975
-810.250
-809.377
1.795.950
1.249.402
1.546.745
1.512.125
3.467.109
3.230.501
3.346.702
3.305.604
-853.533
-953.975
-810.250
-809.377
2.613.576
2.276.526
2.536.452
2.496.227
Personeel
28.868
49.000
49.000
29.808
0
0
0
0
28.868
49.000
49.000
29.808
28.868
49.000
49.000
29.808
0
0
0
0
28.868
49.000
49.000
29.808
Personeel
10.475
37.200
37.200
1.091
0
0
0
0
10.475
37.200
37.200
1.091
Materieel Plannen maken
59
0
0
400
0
0
0
0
59
0
0
400
10.533
37.200
37.200
1.491
0
0
0
0
10.533
37.200
37.200
1.491
Personeel
113.456
Maatschappelijke betrokkenheid
57.700
77.700
90.085
0
0
0
0
113.456
57.700
77.700
90.085
Materieel Bestuurlijke diensten
927
97.100
160.000
159.438
0
0
0
0
927
97.100
160.000
159.438
114.383
154.800
237.700
249.523
0
0
0
0
114.383
154.800
237.700
249.523
Personeel
161.732
179.200
168.800
194.300
0
0
0
0
161.732
179.200
168.800
194.300
Materieel
56.463
22.450
51.850
53.042
-795
0
0
0
55.668
22.450
51.850
53.042
Financiële diensten
218.195
201.650
220.650
247.341
-795
0
0
0
217.400
201.650
220.650
247.341
Personeel
18.832
19.400
19.400
7.916
0
0
0
0
18.832
19.400
19.400
7.916
Materieel Juridische diensten
0
3.500
3.500
0
0
0
0
0
0
3.500
3.500
0
18.832
22.900
22.900
7.916
0
0
0
0
18.832
22.900
22.900
7.916
351.409
379.350
481.250
504.779
-795
0
0
0
350.614
379.350
481.250
504.779
Onvoorzien
0
50.000
0
0
Rentekosten
9.932
0
7.827
7.918
0
0
0
0
9.932
0
7.827
7.918
Rentebaten
0
0
0
0
-169.774
-130.000
-100.000
-113.397
-169.774
-130.000
-100.000
-113.397
Overhead
Overige jaarlijkse vergoedingen Deelnemersbijdragen Algemene middelen Saldo gewone bedrijfsvoering Totaal Kredieten Saldo van Baten en Lasten
0
0
0
0
0
0
0
0
50.000
0
0
0
-1.237.388
-1.208.361
-1.208.361
-1.208.361
-1.237.388
-1.208.361
-1.208.361
-1.208.361
0
0
0
0
-1.653.711
-1.653.711
-1.653.711
-1.653.711
-1.653.711
-1.653.711
-1.653.711
-1.653.711
9.932
50.000
7.827
7.918
-3.060.872
-2.992.072
-2.962.072
-2.975.469
-3.050.941
-2.942.072
-2.954.245
-2.967.551
3.867.852
3.746.051
3.921.979
3.849.600
3.915.201
3.946.047
3.772.322
3.784.846
-47.349
-199.997
149.657
64.754
137.908
0
113.545
177.624
-86.588
0
0
-73.317
51.320
0
113.545
104.307
4.005.759
3.746.051
4.035.524
4.027.224
4.001.789
3.946.047
3.772.322
3.858.163
3.971
-199.997
263.202
169.062
Totaal Mutatie reserves
689.975
480.700
591.359
591.359
-488.701
-280.703
-854.561
-834.370
201.274
199.997
-263.202
-243.011
Gerealiseerd resultaat
4.695.734
4.226.751
4.626.883
4.618.583
-4.490.490
-4.226.750
-4.626.883
-4.692.533
205.245
0
0
-73.949
41
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
Voor de toelichting op de baten en lasten worden afwijkingen tussen de bijgestelde begroting (najaarsrapportage) en de werkelijke baten en lasten van meer of minder dan 10.000 euro én meer dan 10% toegelicht op productniveau. Product Gebiedsbeheer
Bedrag % 40.225
Voordelig / Toelichting Nadelig 102% Voordelig nvt
Maatschappelijke betrokkenheid
19.192
Plannen maken Overhead: Bestuurlijke diensten / Financiële diensten / Juridische diensten Algemene middelen Saldo gewone bedrijfsvoering
35.709
Dit betreft o.a. de begeleiding van de inzet van vrijwilligers- en participatiegroepen en het samenwerken met bewonersplatforms, stichtingen en verenigingen. De hiervoor benodigde activiteiten konden met minder personele inspanning begeleiding vanuit Staatsbosbeheer worden uitgevoerd dan 164% Voordelig voorzien. Omdat NRIJ zich in 2025 vrijwel volledig gericht heeft op de toekomstbestendigheid van het schap zijn nauwelijks personele middelen besteed aan het maken van 2496% Voordelig plannen.
-23.529 13.306 84.903
95% Nadelig nvt 103% Voordelig nvt Voordelig
Afwijking kredieten Afwijking dekking kredieten / mutatie reserves
9.238
109% Voordelig
-20.191 73.949
108% Nadelig Voordelig
nvt
42
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
Overzicht structureel resultaat en overzicht van de structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Structureel resultaat 2025 Lasten 4.027.224 Baten (3.858.163) Totaal saldo baten en lasten 169.062 Stortingen reserves Onttrekkingen reserves Totaal saldo mutaties reserves
591.359 (834.370) (243.011)
Rekening resultaat
(73.949)
Af: incidentele baten en lasten (incl. reserves) Incidentele lasten Incidentele baten Totaal saldo incidentele baten en lasten
768.983 (895.874) (126.891)
Structureel rekening resultaat
52.942
Reserve mutaties Stortingen Onttrekkingen
Incidentele reserves Stortingen Onttrekkingen
Structurele reserves Stortingen Onttrekkingen
2025 591.359 (834.370) (243.011)
591.359 (822.557) (231.198)
(11.813) (11.813)
43
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
De incidentele lasten bestaan uit: Storting in de Investeringsreserve Storting in de Reserve Besparingen Storting in de Reserve Pendrechtse Molen Projectlasten Totaal
110.659 453.000 27.700 177.624
De incidentele baten bestaan uit: Onttrekking aan de Egalisatiereserve GO Ontrekking aan de Algemene Reserve Onttrekking aan de Investeringsreserve Onttrekking reserve Pendrechtse Molen Projectbaten Totaal
261.203 102.622 453.000 5.733 73.317
768.983
895.874
De structurele onttrekking aan de reserves betreft de dekking van de kapitaallasten (afschrijvingen) van de activa die geactiveerd zijn. Het verschil tussen mutatie op de reserves in de balans en de mutaties in de reserves op de rekening van baten en lasten betreft het jaarresultaat van de jaarrekening 2024 (-205.245). De incidentele lasten betreffen stortingen in de reserves en de uitgaven op de projecten, de incidentele baten betreffen de onttrekkingen uit de reserves en de ontvangen bijdragen op de projecten.
44
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. De WNT is van toepassing op “Natuur- en Recreatieschap IJsselmonde”. Het voor “Natuur- en Recreatieschap IJsselmonde” toepasselijke bezoldigingsmaximum bedraagt voor 2025 € 246.000. Dhr. S Thijsen en dhr. Revis , directeur van Staatsbosbeheer (SBB), dienen op grond van de mandaatregeling aangemerkt te worden als topfunctionaris. Over de vergoeding in het kader van deze functies als topfunctionaris zijn geen nadere afspraken tussen de “Natuur- en Recreatieschap IJsselmonde” en Staatsbosbeheer gemaakt. Er worden geen rechtstreekse vergoedingen aan dhr. Thijsen en dhr. Revis door het “ Natuur- en Recreatieschap IJsselmonde” verstrekt. Dhr. Thijsen en dhr. Revis ontvangen hun bezoldiging via Staatsbosbeheer en deze organisatie verantwoordt zijn bezoldiging via haar eigen jaarrekening. Aangaande de doorbelasting van de kosten die Staatsbosbeheer maakt voor haar dienstverlening zijn afspraken gemaakt, waarbij indirect de kosten die gemaakt worden door SBB in het kader van de functie beide directeuren versleuteld zitten in de afspraken en in de overhead van de tarieven die door SBB worden doorbelast.
Ten aanzien van de door te belasten directe kosten is voor de heer Thijsen en Revis geen tijdsregistratie aanwezig op basis waarvan de werkelijke omvang van het dienstverband kan worden bepaald. Hierdoor is de vergoeding die betaald wordt voor de inhuur van de topfunctionaris niet te herleiden. Op basis van de inschatting van het bestuur is de werkelijke tijdsbesteding van dhr. Thijssen en Revis aan “Natuur- en Recreatieschap IJsselmonde” verwaarloosbaar ten opzichte van zaken als directeur van Staatsbosbeheer en bedraagt daarmee minder dan € 2.100. In het verleden werd in de jaarrekening om praktische redenen voor deze topfunctionaris de volledige bezoldiging zoals hij die ontvangt bij Staatsbosbeheer verantwoord. Feitelijk werd de WNT-verantwoording voor deze topfunctionaris zoals die door Staatsbosbeheer is opgenomen in haar jaarrekening ook opgenomen in de jaarrekening van “Natuur- en Recreatieschap IJsselmonde”. Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft op 1 november 2022 de toelichting op de Uitvoeringsregeling WNT 2023 de openbaarmakingsverplichting voor WNT-instellingen die deel uitmaken van een groep verduidelijkt. In de relatie tussen de organisatie en Staatsbosbeheer is weliswaar geen sprake van een groep, maar de problematiek inzake de intra-groep detachering is in deze casus vergelijkbaar.
De individuele bezoldiging van de directie en toezichthouders, die ook dient als verantwoording in het kader van de WNT, zijn in onderstaande tabellen gespecificeerd: 1d. Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 2.100 of minder: Gegevens 2025 naam topfunctionaris Ir. S. Thijssen
Functie algemeen directeur
Periode 01-01 t/m 14-03-2025
45
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
Drs. B.A. Revis
algemeen directeur
01-01 t/m 31-12-2025
Behalve de heer S. Thijsen en de heer B. Revis zijn er geen topfunctionarissen conform de WNT met dienstbetrekking in 2025 en die een bezoldiging boven het individuele WNTmaximum hebben ontvangen. In 2025 zijn geen ontslaguitkeringen betaald aan overige functionarissen die op grond van de WNT dienen te worden vermeld, of die in eerdere jaren op grond van de WOPT (Wet openbaarmaking uit publieke middelen gefinancierde topinkomens) of de WNT vermeld zijn of hadden moeten worden. De bestuursleden hebben over 2025 geen vergoeding ontvangen. Waar niet anders vermeld, betreft het bestuurslidmaat het gehele jaar 2025.
5.6
Overige gegevens
Samenstelling van het bestuur in het verslagjaar Onderstaande tabellen geven inzicht in de leden van het Dagelijks Bestuur en de leden van het Algemeen bestuur van het natuur- en recreatieschap IJsselmonde op 31 december 2025.
LEDEN DAGELIJKS BESTUUR (DB) - wethouders Gemeente Barendrecht
Naam Dhr. D. Vermaat
Duur
Albrandswaard
Dhr. R. Polder
01-01-2025 - 15-10-2025
Ridderkerk
Dhr. T. Overheid
01-01-2025 - 31-12-2025
Hendrik-Ido-Ambacht
Mw. J. Oelfke-ten Seldam
01-01-2025 - 31-12-2025
Zwijndrecht
Mw. J.E.T.M. van Dongen
01-01-2025 - 31-12-2025
01-01-2025 - 31-12-2025
LEDEN ALGEMEEN BESTUUR (AB) - raadsleden Het Algemeen Bestuur wordt gevormd door de leden van het DB (zie hierboven) en de mensen die hieronder worden genoemd Gemeente Barendrecht
Naam Dhr. A. Kooijman
Nevenfuncties
Ridderkerk
Mw. P.J. van Nes-de Man
01-01-2025 - 31-12-2025
Hendrik-Ido-Ambacht
Dhr. P. Libregts
01-01-2025 - 31-12-2025
Zwijndrecht
Mw. X.D. Barendrecht
01-01-2025 - 31-12-2025
01-01-2025 - 31-12-2025
46
Jaarstukken 2025 |Jaarrekening
5.7
Bijlage taakvelden
Verdeling taakvelden 0.4 - Overhead 0.5 - Treasury 0.10 - Mutaties reserves 5.7 - Openbaar groen en (openlucht) recreatie Totaaltelling lasten en baten
Lasten 2025 Baten 2025 Saldo 2025 504.779 -504.779 7.918 113.397 105.479 591.359 834.370 243.011 3.514.527 3.744.766 230.238 4.618.583
4.692.533
73.949
47
VOORSTEL DAGELIJKS BESTUUR Onderwerp Kenmerk Bijlagen Besluitdatum Voorbereid door
: : : : :
Programma Toekomstbestendig NRIJ Z24-8079 / D24-36109 18 september 2024 ambtelijk + J. Manschot
1. ONTWERP-BESLUIT Het bestuur wordt voorgesteld om, in het verlengde van het bestuursbesluit van 27 maart 2024, de implementatie te starten van de aangewezen thema’s en deelprojecten en daartoe de volgende besluiten te nemen: In te stemmen met voorgestelde acties en de prioritering daarin; Staatsbosbeheer opdracht te geven om - vooruitlopend op de aanstelling van een Programmamanager ‘Toekomstbestendig NRIJ’ en op het beschikbaar komen van extra operationele sturing en extra capaciteit – aan te vangen met het versnellen van het lopende besparingstraject (thema B); Voor de versnelling van het besparingstraject de volgende reeds vastgestelde kredieten met een totaal van € 328.887 (peildatum 26-08-2024) in te zetten: o Optimaliseringsrichting NRIJ (€ 55.673); o Haalbaarheidsonderzoek schijf 2/3 en 4 (€ 80.000); o Optimalisatie beheer (€ 193.214). (N.B.: Het beoogde besparingspotentieel is € 543 K/jaar (pp 2024), waarvan ca € 30K is gerealiseerd. De inzet van voornoemde kredieten zal slechts plaatsvinden als de investering in een maatregel een grotere blijvende besparing op de jaarlijkse beheerkosten realiseert. Dit zal per maatregel op eenvoudige wijze inzichtelijk worden gemaakt aan het bestuur)
-
Het ambtelijk team van de aangesloten gemeenten opdracht te geven om de financiële en personele consequenties van de implementatie van de aangewezen thema’s inzichtelijk te maken en in de volgende DB-vergadering op 6 november 2024 een nader voorstel tegemoet te zien waarin het volgende is opgenomen: o De taakverdeling tussen de aan te stellen programmamanager en het ambtelijk team; o De door de gemeenten te leveren ambtelijke capaciteit; o Een compact profiel voor de aan te trekken programmamanager; o Een raming van de kosten voor het aantrekken en inzetten van een programmamanager; o Een financieel voorstel zodat gestart kan worden met het werven van een Programmamanager ‘Toekomstbestendig NRIJ’. Het doel is om met het Programma Toekomstbestendig NRIJ perspectief te bieden richting de begroting van 2026. We willen daarom uiterlijk de 2e helft van 2025 kunnen starten met de implementatie van de aangewezen thema’s en deelprojecten. Daarvoor is het noodzakelijk dat er tempo wordt gemaakt met het aanstellen van een Programmamanager “Toekomstbestendig NRIJ”. We richten ons daarom op uiterlijk 1 januari 2025 als startdatum voor de programmamanager.
-
Het Algemeen Bestuur op 20 november 2024 te informeren en besluiten te laten nemen over het voorgestelde programma, acties en programmamanagement Toekomstbestendig NRIJ.
2. ONDERWERP IN KORT BESTEK In december 2023 is door het bestuur besloten tot een opdracht op basis van het Plan van Aanpak om overzicht en inzicht te krijgen in de aanpak om te komen tot de benodigde besparingen. Deze opdracht is in januari van dit jaar gestart en uitgevoerd door een ambtelijk team van de aangesloten gemeenten met externe ondersteuning. In de vergadering van het dagelijks bestuur op 27 maart 2024 is, op basis van een voorgestelde selectie, besloten tot de nadere uitwerking van twee strategische thema’s en vijf deelprojecten. In een intern beraad van de DB-leden met ambtelijke ondersteuning op 12 juni zijn de resultaten van deze thema’s en deelprojecten gepresenteerd en heeft hierover een dialoog plaatsgevonden. Het verslag op hoofdlijnen is eerder toegezonden aan de aanwezigen. Daarop is door de DB-leden per thema/ deelproject een richting en prioritering aangegeven voor de verdere implementatie. Die richting en prioritering wordt hierbij voorgelegd ter vaststelling in de DB-vergadering. Onderstaand zijn de thema’s en deelprojecten zijn geordend naar zowel het strategisch belang als de financiële impact op de beoogde besparingen. Per thema/ deelproject zijn de conclusies en voorgestelde acties als volgt. Thema A: Labeling van gebieden (themahouder1: P.J.
de Gooijer) • Het NRIJ gaat over tot het vaststellen van een indeling van gebieden in drie labels (recreatie, recreatie intensief en natuur). Deze labeling ondersteunt de besluitvorming over intensiveren of extensiveren van beheer en het al dan niet toestaan van activiteiten. • Per gemeente wordt de voorgestelde labeling per deelgebied geverifieerd. Als een gemeente wil afwijken van de voorgestelde labels dient zij daarvoor een gemotiveerd voorstel in te brengen in eerstvolgende DB-vergadering. Daar zal vaststelling plaatsvinden (uiterlijk DB van 18-9-2024) en afspraken worden gemaakt over eventuele communicatie naar de raden en overige stakeholders. Thema B: Versnellen lopende besparingstraject (themahouder J. Manschot) • De lijst van maatregelen is in lijn met de voorgestelde labeling. • Er is sprake van een achterstand in planning van ca. 2 jaar. Het inlopen daarvan vraagt extra operationele sturing en extra capaciteit bij realisatie. • Voorstel is een projectleiding2 vanuit NRIJ om de versnelling te begeleiden en monitoren en waar nodig operationele besluiten te kunnen nemen. • Voorstel is om i.o.m. SBB te bezien voor welke maatregelen met fysieke uitvoering (civiele/grond/groen) er aanvullende capaciteit (ingenieursbureau) kan worden ingezet om de realisatie te versnellen en een voorstel te doen voor een uitvraag.
Daarbij kan worden gedacht een gelieerde diensten zoals bijvoorbeeld vanuit samenwerkingsverband Drechtsteden. Voor te leggen in een volgende DBvergadering. Deelproject 1: Bijdrage beheer derden (themahouder A. Breedveld) • Er is een selectie van kansrijke partijen met grotere gebieden en opzegbare overeenkomsten. Deze selectie wordt door het DB onderschreven waarbij de Rijksoverheid (RvB) en Staatsbosbeheer (SBB) de eerst aangewezenen zijn • Voorstel is om een mandaat vast stellen voor een onderhandeling/onderhandelaar waarin wordt opgenomen of een perceel strategisch is (behouden dient te blijven) 1 De themahouder dient het project over te dragen aan programmamanager zodra deze is aangesteld 2 Dit is onderdeel van het programma management voor alle thema’s
2
dan wel een ‘exit’ acceptabel is. Verder daarin een bandbreedte voor de te realiseren beheerbijdrage, waaronder aanhouden van het perceel gewenst is. Voor te leggen in een volgende DB-vergadering.
3
Deelproject 2: Bijdrage beheer Rotterdam (themahouder K. Schouten) • Uit de analyse volgt vooralsnog geen feitelijke basis voor een hogere bijdrage door Rotterdam, waarbij aangetekend dat focus nu vooral op beheerkosten Randpark lag • Het bestuur heeft aangegeven dat een kwalitatieve analyse van herkomst en de aantallen bezoekers per deelgebied wenselijk is. • Voorstel is om een oriëntatie te doen en een uitvraag op te stellen voor een dergelijk onderzoek en in beeld te brengen welke kosten worden geraamd voor dit onderzoek. Voor te leggen in een volgende DB-vergadering. Deelproject 3: Bijdrage veren (themahouder Hj. Stolk) • Uit de analyse volgt dat de bijdragen aan de drie veren een lappendeken is van subsidies en bijdragen van gemeenten, NRIJ en PZH • De Veren spelen een behoorlijke rol in zowel regulier forensenverkeer als voor recreatieve bezoekers, wat is af te leiden uit de aantallen bezoekers in winter en zomer. De feitelijke financiële business case van de veren is weinig inzichtelijk • Voorstel is dat: o NRIJ haar concessie (uitgifte) overdraagt aan de eerstaangewezen gemeente.
o De verkeersdiensten van de betrokken gemeenten hun krachten bundelen en werken aan een gezamenlijke uitgifte van de drie concessies o NRIJ een meerjarige toezegging zal doen voor bijdrage aan de veren, afhankelijk van de bijdrage aan recreatie (aandeel zomerpassanten in het totaal) o De themahouder (met steun wethouder NRIJ) de gemeentelijke verkeersdiensten op dit thema koppelt en komt tot een voorstel voor de NRIJ-bijdrage. Voor te leggen in een volgende DB-vergadering. Deelproject 4: Aanvullende baten (actiehouder M. Kouwenberg) • Uit de analyse volgt dat er enkele kleinere posten zijn waarvoor sprake is van achterblijvend (niet-marktconforme) vergoedingen zoals voor evenementen en hondenuitlaat services. Een leidraad voor nieuwe tarifering is die SBB hanteert in haar (eigen) gebieden voor deze diensten. Actie is om SBB een voorstel te laten doen voor (stapsgewijze) actualisering van tarieven met daarbij een paragraaf over handhaving (zodat niet partijen die zich melden niet de dupe zijn en ‘niet melders’ aan de kosten ontkomen). • De grotere potentiële bijdragen liggen vooral in de uitbreidingen van bestaande exploitaties /horeca (Abel, ARA etc.). Die verkenningen en voorstellen lopen, maar primaat daarvoor ligt vanwege publiekrechtelijke rol bij gemeenten. SBB voorziet en raamt (desondanks) een aanzienlijke inzet in uren voor haar begeleiding.
De vraag is of de kaders hiervoor kunnen worden aangescherpt zodat SBB slechts in actie komt als er sprake van een vergunde/toegestane activiteit? • Een pro-actiever beleid is wenselijk waar het kansen aflopen van overeenkomsten betreft (vb. manege Drost). • Opties PV-panelen op P-plaatsen, CO2-certificaten en reclamemasten, meest aannemelijk met private partijen, dienen nog geconcretiseerd te worden. De prioriteit hiervan is nog onbepaald, trekker in casu zal hier verder informatie over inwinnen. • Voorstel is dat: o Besluitvoorstel komt voor actualisering tarifering evenementen en H.U.S. (SBB) o Er ‘evenementen terreinen’ worden aangewezen (Johannapolder en Vredepolder) met actieve marketing vanuit de betreffende gemeente. o Er gebieden (label: intensieve recreatie) worden geïdentificeerd die geschikt zijn voor een publieke uitvraag aan ondernemers voor een exploitatie plan. Voor te leggen in DB van september.
4
Deelproject 5: reduceren kosten bedrijfsvoering (themahouder J Manschot) • De kosten voor vormen van dienstverlening en bedrijfsvoering bedragen ca 1/3 van de begroting, in totaal meer dan € 1 mln. (pp 2024). Omdat de SOK een publieke samenwerking is blijft dit buiten aanbesteding. Gezien de strakke begrotingen komende jaren vinden GR-leden dit niet goed publiek te verantwoorden. • De mogelijkheid tot reduceren of staken van taken is beperkt, mede vanwege de bestaande SOK die een ‘minimum’ afname van diensten stelt. Indien GR een wens heeft tot overdragen van taken (aan deelnemende gemeentedienst of anders) vraagt dit om een herziening van huidige overeenkomst en/of een marktoriëntatie. • Voorstel is om: o De samenwerking zoals beschreven in de SOK te evalueren, ruim binnen de recent voorgestelde verlengingsperiode (voorkeur nog in 2024). o Parallel aan deze evaluatie een marktoriëntatie en desgewenst marktconsultatie in te richten; o Deze informatie te bundelen en voorzien van een advies over de organisatie en keuze opties over de dienstverlening aan de GR. Deze in DB van 6-11- 2024 in te brengen en te voorzien van een advies. Programmamanagement (themahouder: n.t.b.) • De ambtelijk adviseurs en DB-leden constateren dat een operationele aansturing, monitoring en opvolging van acties en maatregelen noodzakelijk is om de voornemens ook daadwerkelijk te realiseren.
o Het voorstel is dan ook om een programma manager aan te stellen die vanuit de GR deze aanjaagfunctie invult en het ambtelijk en bestuurlijk informeren en involveren organiseert. Verder krijgt deze een mandaat voor operationele aansturing en besluitvorming richting SBB en andere dienstverleners/samenwerkingspartners. Het voorstel met profiel, shortlist, advies selectie en kosten voor een programmamanager voor te leggen in de DBvergadering van september 2024. Prioritering en acties Thema/deelproject Programma manager A. Labeling