33. 635013 Rekenkamer Rotterdam inzake R.O.21.07 rapport Bijdragen aan de regionale economie. Onderzoek naar economisch programma MRDH.pdf
Tekst van het document
Deze richt zich namelijk op diverse meer faciliterende activiteiten die moeilijk zijn te vertalen naar directe impact op bijvoorbeeld werkgelegenheidscijfers. Het leggen van een relatie tussen de economische situatie van de regio en inspanningen van de MRDH is dan ook niet goed mogelijk. • Een tweede manier om te kijken naar de opbrengsten is meer inzicht te geven in hoe de activiteiten van de MRDH doorwerken. De MRDH heeft zeven doelstellingen geformuleerd waarop activiteiten zijn gericht. Door te kijken naar welke activiteiten de MRDH uitvoert, welke rol de MRDH daarin speelt en of dit leidt tot bijvoorbeeld versnelling, vergroting of andere invloed op de resultaten van deze activiteiten, ontstaat een beeld van de doorwerking. Dit geeft een indicatie van de bijdrage die de MRDH levert aan de gestelde doelen. • Een derde manier om naar opbrengsten te kijken is de resultaten van de samenwerking in beeld te brengen. Het gaat dan om minder tastbare zaken als verbetering van onderlinge relaties op bestuurlijk en ambtelijk niveau, gezamenlijke uitvoering van projecten in plaats van individueel of afstemming van uitgangspunten in beleidsnota’s. Deze opbrengsten hebben een meer procesmatig karakter, maar kunnen wel van invloed zijn op activiteiten in de regio. In het onderzoek heeft de rekenkamer de tweede en derde invalshoek gebruikt om de opbrengsten van de MRDH te duiden.
onderzoeksperiode Het onderzoek richt zich op de periode vanaf de oprichting van de MRDH. Een belangrijk ijkpunt voor het economisch beleid is de huidige Strategische Agenda (‘Samen aan het werk! Strategische Agenda Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2022’) die vanaf 2019 loopt. In het onderzoek is dan ook het accent gelegd op de uitvoering en op behaalde resultaten die binnen de looptijd van de Strategische Agenda zijn behaald.
2 In het onderzoek van de rekenkamer naar het acquisitiebeleid is nader ingegaan op dit begrip. Zie voor meer informatie: Rekenkamer Rotterdam, ‘Een wereld te winnen, onderzoek naar het beleid voor acquisitie van internationale bedrijven’, juni 2019.
33
bijdragen aan de regionale economie
aanpak De onderzoeksaanpak bestond uit zes onderdelen: • Documentenstudie: bestudering van beschikbare stukken over de totstandkoming van de MRDH, vergaderstukken van de bestuurscommissie en adviescommissie economisch vestigingsklimaat (EV), jaarstukken en onderzoeken die over of in opdracht van de MRDH zijn verschenen. • Literatuurstudie: bestudering onderzoeken over de rol van raden in regionale samenwerkingsverbanden en over de rol van de overheid bij het stimuleren van regionaal economische ontwikkeling. • Expertsessies: organisatie van twee sessie met experts uit de wetenschap en kennisinstituten om te reflecteren op de onderzoeksvragen en eerste bevindingen van het onderzoek. De ene sessie was gericht op regionaal economische ontwikkeling en de andere sessie op de rol en positie van gemeenteraden bij regionale samenwerking. • Sessies met andere rekenkamers en rekenkamercommissies van andere MRDHgemeenten: er zijn twee sessies gehouden met geïnteresseerde rekenkamers en rekenkamercommissies. De eerste sessie werd gehouden om een beeld te krijgen van de manier waarop het programma economisch vestigingsklimaat van de MRDH aandacht krijgt in de gemeenteraden en vragen die spelen bij raadsleden. In de tweede sessie werden de bevindingen van het onderzoek besproken.
• Interviews: in totaal heeft de rekenkamer met 23 personen gesproken die betrokken zijn bij het economische programma van de MRDH. Het gaat hierbij om medewerkers van de MRDH, samenwerkingspartners, Rotterdamse ambtenaren, bestuurders en raadsleden die deelnamen aan de adviescommissie. Daarnaast zijn interviews met ambtenaren van de gemeente Rotterdam en andere gemeenten gehouden om meer zicht te krijgen in de uitvoering van door de MRDH gefinancierde projecten. • Data-analyse: om een beeld te krijgen van de uitvoering van projecten is informatie van de MRDH over de bestedingen van financiële regelingen geanalyseerd. In bijlage 1 is de onderzoeksaanpak verder toegelicht.
leeswijzer In deze nota van bevindingen worden de deelvragen beantwoord. Het onderzoek heeft grotendeels een beschrijvend karakter waardoor bij de beantwoording van de deelvragen geen gebruik wordt gemaakt van normen. Deze nota van bevindingen is de basis voor de bestuurlijke nota. Hierin worden de bevindingen bestuurlijk gewogen en beoordeeld. Deze nota is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 2 worden de ontstaansgeschiedenis en de doelen van de MRDH beschreven. Het derde hoofdstuk behandelt de wijze van uitvoering door de MRDH. Hoofdstuk 4 gaat nader in op de opbrengsten. In hoofdstuk 5 wordt ingegaan op de rol en instrumenten van de gemeenteraad. Ten slotte behandelt hoofdstuk 6 de sturing door de Rotterdamse gemeenteraad in de praktijk. In de nota zijn geelgekleurde en groengekleurde tekstblokken te vinden. De geelgekleurde tekstblokken bevatten achtergrondinformatie, zoals een nadere toelichting over gebruikte begrippen of citaten. De groengekleurde tekstblokken bevatten een nadere analyse die van belang is om informatie uit de hoofdtekst in de juiste context te kunnen plaatsen.
34
bijdragen aan de regionale economie
2
MRDH: ontstaansgeschiedenis en doelen
inleiding In dit hoofdstuk staat de volgende deelvraag centraal: • Wat waren voorafgaand aan de oprichting de overwegingen om het economisch vestigingsklimaat via de MRDH te versterken en hoe hebben doelen en ambities zich ontwikkeld? Paragraaf 2-2 gaat in op de ontstaansgeschiedenis van de metropoolregio. Vervolgens bespreekt paragraaf 2-3 kort het wettelijk kader, de wijze van bestuur en de opzet van de organisatie van de MRDH. De vierde paragraaf beschrijft de belangrijkste samenwerkingspartners en hun relatie tot de MRDH. In 2-5 staan de doelstellingen van de MRDH en de ontwikkeling hierin centraal. Daarbij wordt aandacht besteed aan de verhouding tot de doelstellingen van andere organisaties die zich richten op het stimuleren van het vestigingsklimaat. Tot slot vat de laatste paragraaf (2-6) de belangrijkste uitkomsten samen.
ontstaansgeschiedenis De MRDH is een regionaal samenwerkingsverband van 23 gemeenten: Albrandswaard, Barendrecht, Brielle, Capelle aan den IJssel, Delft, Den Haag, Hellevoetsluis, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Maassluis, Midden-Delfland, Nissewaard, Pijnacker-Nootdorp, Ridderkerk, Rijswijk, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen, Wassenaar, Westland, Westvoorne en Zoetermeer. De gemeenten in de metropoolregio hebben voor hun samenwerking een openbaar lichaam opgericht, de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag (GR MRDH). In totaal wonen in de 23 gemeenten bijna 2,4 mln. mensen. In onderstaand figuur is het gebied met alle deelnemende gemeenten weergegeven. 3
3 www.mrdh.nl
35
bijdragen aan de regionale economie
figuur 2-1 kaart MRDH
aanleiding oprichting MRDH In 2009 stelde het kabinet de Structuurvisie Randstad 2040 vast. In de Structuurvisie 2040 wordt de ambitie beschreven om de Randstad te ontwikkelen “tot een duurzame en internationaal concurrerende Europese topregio in 2040”. Om deze ambitie waar te maken, werden zogenaamde uitvoeringsallianties opgericht. Dit zijn samenwerkingsverbanden van overheden, marktpartijen en maatschappelijke organisaties. Deze allianties hadden tot doel concreet invulling en uitwerking te geven aan de ambities van de Structuurvisie 2040. Een van deze allianties was “Economische Structuurversterking regio Rotterdam - Den Haag”. 4 Tegelijkertijd werden in deze regio zelf de eerste stappen gezet voor een samenwerking tussen Rotterdam en Den Haag. De aanleiding voor deze samenwerking was vierledig. De eerste reden is dat door de colleges van Rotterdam en Den Haag werd geconstateerd dat er een toenemende verwevenheid is tussen de twee stedelijke regio’s. De regio functioneert als een ‘daily urban system’: de meer dan 2 miljoen bewoners van dit gebied reizen, wonen, studeren, werken en recreëren niet alleen binnen de eigen gemeentelijke grenzen, maar verspreid over de regio. Volgens de colleges kon de verweven regio de basis zijn voor potentiële economische groei en maatschappelijke ontwikkelingen in de regio. Dit werd op dat moment niet benut.
5 De onbenutte potentie van de regio en voordelen van samenwerken werden later ook
4 Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, beleidsplan ‘Randstad 2040: Uitvoeringsallianties resultaten en vervolg’, juni 2010. 5 College van B en W Rotterdam, ‘brief over voortgang samenwerking metropoolregio’, 8 oktober 2009.
36
bijdragen aan de regionale economie
benadrukt in een onderzoek naar het functioneren van de MRDH door de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). 6 Naast de verwevenheid van de regio Rotterdam-Den Haag bleek de achtergebleven economische groei de tweede reden voor de gesprekken over samenwerking. De economische groei van de Randstad bleef na de economische crisis in 2008 achter vergeleken met andere stedelijke gebieden in Europa. Binnen de Randstad was de regio Rotterdam-Den Haag harder geraakt dan de regio Amsterdam. 7 Het achterblijven van de economische groei had verschillende redenen. Uit onderzoek bleek dat kansrijke sectoren ondervertegenwoordigd waren, te weinig werd geïnvesteerd in innovatie en er te weinig samenwerking was tussen sectoren en met kennisinstellingen. 8 De derde reden was de opheffing van de Wgr-plusregio’s, ook wel stadsregio’s genoemd. 9 Door de opheffing moest de verantwoordelijkheid van de verkeer- en vervoertaak van een stadsregio anders ingevuld worden. 10 De vierde reden voor samenwerking binnen de metropoolregio was de geconstateerde bestuurlijke versnippering en onderlinge spanningen. Om goede relaties te kunnen onderhouden met andere overheden (met name het Rijk en de Europese Unie (EU)) en met grote bedrijven en kennisinstellingen is bestuurlijk organisatie- en lobbyvermogen op regioniveau nodig.
Gezamenlijke strategische/maatschappelijke doelen zijn daarbij van belang. 11 Dat ontbrak in deze regio. De OESO beschrijft in een rapport dat er destijds spanningen waren tussen de provincie Zuid-Holland en de gemeenten in de provincie. Ook werd de samenwerking tussen de bestuurders van Den Haag en Rotterdam slecht genoemd. 12 De combinatie van de aandacht voor een verweven regio, economische vernieuwing, de noodzakelijke alternatieve invulling van de verkeers- en vervoerstaak en de geconstateerde bestuurlijke uitdaging leidde tot het proces van oprichting en invulling van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. procesverloop oprichting MRDH De colleges van B en W van Rotterdam en Den Haag stelden in april 2009 een agenda voor de Metropoolregio vast, met als missie “[samen] werken aan een internationale Metropoolregio, waarin bewoners en bedrijven zich optimaal kunnen ontplooien en (internationale) bezoekers zich welkom voelen”. Dit wilden zij bewerkstelligen door “een betere positionering van ons internationaal concurrerende vestigingsklimaat en het uitvoeren van concrete projecten die de bestaande kracht van beide stedelijke regio’s bundelen”. De eerste zichtbare en concrete stap voor een intensievere
6 OECD, ‘OECD Territorial Reviews: The Metropolitan Region of Rotterdam-The Hague, Netherlands’, 2016. 7 idem 8 Manshanden, W.J.J. ‘De overheid in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag, Agglomeratie, innovatie en kapitaal’, in: Tordoir, P.P. e.a. ‘Metropoolvorming: kansen en opgaven, reflecties uit de wetenschap’, 2014. 9 Wgr staat voor Wet gemeenschappelijke regelingen. Een Wgr-plusregio was een regionaal openbaar lichaam van verscheidene Nederlandse gemeenten in een stedelijk gebied waaraan wettelijke taken waren toebedeeld op grond van de Wgr. 10 Wethouder Haven, Verkeer en Regionale Economie, brief ‘Stand van zaken Vervoersautoriteit Metropoolregio Rotterdam Den Haag’, 24 januari 2012. 11 Manshanden, W.J.J. ‘De overheid in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag, Agglomeratie, innovatie en kapitaal’, in: Tordoir, P.P. e.a. ‘Metropoolvorming: kansen en opgaven, reflecties uit de wetenschap’, 2014. 12 OECD, ‘OECD Territorial Reviews: The Metropolitan Region of Rotterdam-The Hague, Netherlands’, 2016.
37
bijdragen aan de regionale economie
samenwerking was de naamswijziging van Rotterdam Airport naar Rotterdam The Hague Airport. 13 In november 2010 besloten de beide colleges om de samenwerking in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag te intensiveren. Het idee was dat “metropolitaan” beleid ervoor kon gaan zorgen dat de Metropoolregio in 2020 tot de Europese topregio’s zou behoren, waar de regio op dat moment nog een “subtopper” was. Zij benoemden enkele thema’s waarop de beide gemeenten in de daaropvolgende jaren nauwer wilden gaan samenwerken zonder een nieuwe bestuurslaag te creëren. Voorbeelden van de thema’s zijn bereikbaarheid, onderwijs, stadpassen en werklocaties (kantoren, bedrijventerreinen en detailhandel). De beide colleges van B en W tekenden bijvoorbeeld een intentieverklaring over samenwerking bij de promotie van de regio voor de acquisitie van bedrijven. 14 Het kabinet Rutte I kondigde in het regeerakkoord van september 2010 aan de zogenaamde Wgr-plusregio’s af te zullen schaffen. Deze plusregio’s, ook wel stadsregio’s genoemd, waren onder meer verantwoordelijk voor het verkeer- en vervoersbeleid in de regio. De partijen die zich bezighielden met de Metropoolregio uitten hierop het streven om het openbaar vervoer in de Metropoolregio te integreren. Dit zou leiden tot een betere bereikbaarheid van en binnen de regio.
15 Door een vervoersautoriteit op te richten voor de Metropoolregio zouden deze taken van de stadsregio naar de Metropoolregio kunnen gaan. 16 De beoogde afschaffing van de plusregio’s maakte dat de oprichting van een Metropoolregio extra urgent werd geacht: door een eigen vervoersautoriteit kon de regio zelf verantwoordelijk blijven voor het verkeer en vervoer en zo zijn invloed behouden op het openbaar vervoer en de infrastructuur. 17 In november 2011 werden alle gemeenten in het gebied geïnformeerd over de plannen en ambities rondom de Metropoolregio en eind 2011 boden de initiatiefnemers het voorstel ‘Vernieuwend besturen: de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. Plan Metropoolregio Rotterdam Den Haag’ aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) aan. Het voorstel bevatte zeven pijlers waar de regio de ambitie had om op samen te werken. De beoogde pijlers waren regionale economie, bereikbaarheid, groen, wonen, Greenport, ruimte & wonen, onderwijs & arbeidsmarkt, kenniseconomie & innovatie en voorzieningen. De pijler bereikbaarheid was geen doel op zich, maar werd gezien als een middel voor het goed functioneren van de andere pijlers. In het voorstel gaven de betrokken gemeenten aan voornemens te zijn op 1 januari 2013 de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag op te richten.
Dit was tevens het moment waarop de Wgr-plusregio’s zouden worden opgeheven. 18 De beoogde afschaffing van de Wgr-plusregio’s op 1 januari 2013 liep door de val van het kabinet in 2012 vertraging op. Dit gaf de gemeenten meer tijd om gezamenlijk tot
13 College van B en W Rotterdam, ‘brief over voortgang samenwerking metropoolregio’, 8 oktober 2009. 14 Gemeente Rotterdam en Gemeente Den Haag, ‘Intentieverklaring van de gemeenten Rotterdam en Den Haag over een intensievere samenwerking op het gebied van promotie ter verbetering van het vestigingsklimaat voor bedrijven’, 16 november 2010. 15 College van B en W Rotterdam, brief ‘Metropoolregio Rotterdam Den Haag’, 25 november 2010. 16 Wethouder Haven, Verkeer en Regionale Economie, brief ‘Stand van zaken Vervoersautoriteit Metropoolregio Rotterdam Den Haag’, 24 januari 2012. 17 College van B en W Rotterdam, brief ‘Metropoolregio Rotterdam Den Haag’, 2 november 2011. 18 Initiatiefnemers MRDH, ‘Vernieuwend besturen: de Metropoolregio Rotterdam Den Haag’, 30 december 2011.
38
bijdragen aan de regionale economie
een gemeenschappelijke regeling te komen. In 2013 hadden de gemeenten middels een zienswijzeprocedure input geleverd voor de op te stellen gemeenschappelijke regeling. 19 Inmiddels werd duidelijk dat de Wgr-plusregio’s op 1 januari 2015 afgeschaft zouden worden. De gemeenschappelijke regeling diende voor dit moment opgericht te zijn, zodat vanaf 2015 de middelen voor verkeer en vervoer aan dit openbaar lichaam konden worden toegekend. De deelnemende gemeenten bereikten in 2014 overeenstemming over de gemeenschappelijke regeling en in december 2014 was de gemeenschappelijke regeling MRDH een feit. Bij de oprichting is gediscussieerd over de breedte van de beleidsterreinen waarop de MRDH actief zou worden. 20 In eerste instantie werd overwogen in te zetten op een breed pakket met bijvoorbeeld ook ruimte, groen, wonen, onderwijs en innovatie als thema’s, zie ook de eerder genoemde pijlers. Uiteindelijk werd gekozen voor een bescheidener takenpakket met de pijlers bereikbaarheid en economie. Specifiek voor de pijler economie ligt de focus op het verbeteren van het economisch vestigingsklimaat. Voor beide thema’s geldt dat er geen bevoegdheden vanuit de gemeenten zijn overgedragen naar de MRDH. De bevoegdheden als Vervoersautoriteit zijn vanuit de voormalige stadsregio overgegaan.
Voor de taken op het gebied van het economisch vestigingsklimaat heeft de MRDH een netwerkfunctie, zonder overdracht van taken vanuit de gemeenten. 21
MRDH: wettelijk kader, bestuur en organisatie wettelijk kader De mogelijke vormen van publiekrechtelijke samenwerking tussen overheden worden geregeld in de Wgr. De MRDH is een gemeenschappelijk openbaar lichaam; de ‘zwaarste’ vorm van samenwerking. Het een zogenaamde ‘gemengde’ regeling: de GR is gesloten tussen burgemeesters, colleges én gemeenteraden. De rijksoverheid heeft de MRDH wettelijke taken op het gebied van verkeer en vervoer gegeven. 22 Zo verleent de MRDH concessies aan openbaar vervoerbedrijven in de regio Rotterdam Den Haag. Daarnaast verstrekt de MRDH subsidies voor diverse verkeer- en vervoerprojecten en voor beheer, onderhoud en vervanging van OV-infrastructuur. In verschillende wettelijke regelingen zijn de bevoegdheden en de wijze van uitvoering van deze taken geregeld. In de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag (GR MRDH) is de missie van de MRDH vastgelegd: “De Metropoolregio heeft tot taak, met inachtneming van hetgeen bij wet en in deze regeling is bepaald, het bevorderen van de samenwerking tussen de gemeenten met het oog op een voorspoedige ontwikkeling in het gebied en het beheer van de aan de regio toevertrouwde
19 Gemeente Rotterdam, raadsvoorstel ‘Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014’, 5 november 2013. 20 Brief burgemeester gemeente Rotterdam, ‘Evaluatie MRDH’, 28 augustus 2017. 21 MRDH, ‘Toelichting op de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014’, 28 oktober 2013. 22 Het gaat om de Wet BDU verkeer en vervoer, Wet Infrastructuurfonds, Wet bereikbaarheid en mobiliteit, Wet van 24 april 1991, houdende regels met betrekking tot enkele specifieke uitkeringen aan provincies en gemeenten op het terrein van Verkeer en Waterstaat, Wet personenvervoer 2000, Planwet verkeer en vervoer, Wet lokaal spoor (bron: Delegatiebesluit Vervoersautoriteit MRDH 2015).
39
bijdragen aan de regionale economie
voorzieningen.” 23 De MRDH richt zich volgens de Gemeenschappelijke Regeling (GR) op het “vaststellen van de doelstellingen op het gebied van verkeer en vervoer en de verbetering van het economische vestigingsklimaat”. Hoe de MRDH dat doet, is vastgelegd in de Strategische Agenda. Deze dient volgens de GR in iedere bestuursperiode van vier jaar te worden opgesteld. samenstelling bestuur In de gemeenschappelijke regeling MRDH is vastgelegd hoe het bestuur is samengesteld en hoe de gemeenteraden zijn betrokken. 24 De deelnemende gemeenten vormen samen het bestuur van de MRDH. De vertegenwoordiging van college- en raadsleden vindt plaats via de volgende organen: • het algemeen bestuur: gevormd door vertegenwoordigers van de aangesloten gemeenten, aangevuld met de burgemeesters en de wethouders Verkeer en Vervoer van de gemeenten Rotterdam en Den Haag; 25 • het dagelijks bestuur: dit bestaat uit de voorzitter en vicevoorzitter van het algemeen bestuur en drie andere leden; • de bestuurscommissie Vervoersautoriteit: hierin zitten wethouders Verkeer en Vervoer van alle gemeenten; • de bestuurscommissie economisch vestigingsklimaat: bestaande uit de wethouders Economie van alle gemeenten; • de adviescommissie Vervoersautoriteit: bestaat uit twee raadsleden van iedere gemeente; • de adviescommissie economisch vestigingsklimaat: ook hierin zitten twee raadsleden van iedere gemeente; •
de rekeningcommissie: hierin zit één raadslid van iedere gemeente. Figuur 2-2 geeft de genoemde overleggen weer.
23 Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014, artikel 3:1, 19 december 2014. 24 Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014, 19 december 2014. 25 Omdat het een gemengde regeling betreft, kan de gemeenteraad de vertegenwoordigers kiezen uit college, maar mogen deze ook gekozen worden uit de gemeenteraad. De toelichting bij de gemeenschappelijke regeling vermeldt hierover dat “Het voorstel is dat gemeenteraden een collegelid aanwijzen als lid van het algemeen bestuur. Dit wordt overigens niet verankerd in de gemeenschappelijke regeling, zodat er altijd een keuzevrijheid blijft.” In: Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014, 19 december 2014.
40
bijdragen aan de regionale economie
figuur 2-2 bestuur MRDH
Het algemeen bestuur is kaderstellend en controlerend. Het neemt besluiten op basis van een meerderheid van stemmen. Het aantal stemmen dat de verschillende vertegenwoordigers in het algemeen bestuur mogen uitbrengen, is afhankelijk van de grootte van de gemeente. De vertegenwoordigers van de gemeente Rotterdam mogen bijvoorbeeld vijftien stemmen per lid uitbrengen, de vertegenwoordigers van Spijkenisse zeven stemmen en die van Westvoorne drie stemmen per lid. middelen en organisatie De totale begroting van de MRDH voor 2022 bedraagt ruim € 585 mln. Hiervan is € 573,6 mln. bestemd voor verkeer en vervoer. Voor het programma Economisch Vestigingsklimaat (EV) is € 5,4 mln. beschikbaar. Daarnaast geeft de MRDH € 6,7 mln. uit aan overhead (personeelskosten voor alle afdelingen die staftaken uitvoeren en materiële kosten als huur). De ontwikkeling van de begroting in de periode 2019-2022 is in de onderstaande tabel opgenomen. De grootste schommelingen vinden plaats bij de uitgaven aan exploitatie en infrastructuur voor verkeer en vervoer. Bij de middelen voor het programma EV is een jaarlijks stapsgewijze toename te zien. tabel 2-1: begroting MRDH 2019-2022 (in € mln.)
exploitatie en infrastructuur verkeer en OV
2019
2020
2021
2022
733,9
706,6
528,1
573,6 5,4
economisch vestigingsklimaat
4,8
5,0
5,1
overhead
5,8
6,6
6,7
6,7
totaal
744,5
718,1
539,8
585,7
bron: begrotingen MRDH 2019-2022.
De financiering is voor het grootste gedeelte afkomstig uit de rijksbijdrage voor verkeer en vervoer (€ 555 in 2022). De activiteiten voor stimulering van het economisch vestigingsklimaat worden bekostigd uit een bijdrage per inwoner die de 23 gemeenten betalen. In totaal gaat het om € 6,6 mln. aan inwonerbijdrage voor 2022.
41
bijdragen aan de regionale economie
Een derde financieringsbron bestaat uit ontvangen rente en een opslag die OVbedrijven met een concessie betalen. 26 organisatie De MRDH beschikt over een organisatie met eigen personeel onder leiding van een secretaris-algemeen directeur. De organisatie is verdeeld in een aantal afdelingen die staftaken uitvoeren (Bureau Interne Dienstverlening, Bureau Financiën en Control en Bureau Strategie en Bestuur) en drie afdelingen die zich richten op het uitvoeren van de hoofdtaken van de MRDH. Het gaat om de afdelingen Openbaar Vervoer, Verkeer en Economisch Vestigingsklimaat. De begrote formatie voor 2022 van de MRDH is 89,6 fte. De afdeling Economisch Vestigingsklimaat telt tien fte. Deze medewerkers worden volledig betaald uit de inwonerbijdrage.
relevante partners De MRDH is niet de enige organisatie in de regio met als doel het economisch vestigingsklimaat te verbeteren. De provincie, InnovationQuarter (IQ) en de Economic Board Zuid-Holland (EBZ) zijn andere organisaties die zich richten op ontwikkeling van de economie in de regio. De MRDH werkt op verschillende manieren samen met deze organisaties. In de onderstaande figuur zijn de onderlinge relaties van de MRDH met deze tussen de belangrijkste samenwerkingspartners weergegeven.
26 MRDH, ‘Begroting 2022 en meerjarenbeeld 2023-2025, Samen aan het werk!’, 9 juli 2021.
42
bijdragen aan de regionale economie
figuur 2-3 relatie MRDH met belangrijkste partners
Daarnaast zijn er organisaties die zich meer richten op een specifieke sector zoals Greenport West-Holland. provincie Zuid-Holland De provincie voert economisch beleid dat veel raakvlakken vertoont met de thema’s waaraan de MRDH werkt. Zo zet de provincie in op het stimuleren van innovatie, digitalisering, werklocaties en investeren in kennis en vaardigheden van werknemers (human capital). Voor de uitvoering daarvan heeft de provincie verschillende subsidieregelingen. De raakvlakken in beleid en uitvoering zijn door de provincie en de MRDH erkend. De MRDH en de provincie hebben om deze reden in 2016 een bestuursconvenant opgesteld. In 2018 is dit vervangen door een bestuursovereenkomst. 27 Voor het thema economisch vestigingsklimaat is onder andere afgesproken dat partijen beleidsbeslissingen afstemmen en samenwerken aan projecten en processen. Verder neemt de gedeputeerde economie deel aan de bestuurscommissie economisch vestigingsklimaat, maar zonder stemrecht. In de overeenkomst is benadrukt dat er
27 Provincie Zuid-Holland en MRDH, ‘Bestuursovereenkomst samenwerking PZH-MRDH’, juli 2018.
43
bijdragen aan de regionale economie
geen sprake is van overdracht van taken en bevoegdheden vanuit de provincie naar MRDH of andersom. Bij de start van de huidige Strategische Agenda hadden de MRDH en de provincie een vergelijkbaar programma op het gebied van economisch vestigingsklimaat, met verschillende accenten. In interviews met de rekenkamer geven zowel de MRDH als de provincie aan dat in de afgelopen jaren intensief is samengewerkt om het programma van de provincie en het werkprogramma van de MRDH op elkaar aan te laten sluiten. 28 De provincie typeert de samenwerking vooral in de laatste anderhalf jaar als goed. “Er is een omslag gemaakt van een concurrerende rol naar een samenwerkende rol.” 29 InnovationQuarter IQ is de regionale ontwikkelingsmaatschappij van Zuid-Holland en richt zich op drie hoofdactiviteiten: 30 • uitvoering van projecten voor ondersteuning van innovatie; • investering/financiering in innovatieve Zuid-Hollandse bedrijven; • ondersteuning bij internationalisatie van bedrijven en bij buitenlandse investeringen in de regio. IQ is een privaatrechtelijke organisatie met publieke aandeelhouders. Dit zijn partijen die kapitaal hebben gestort. De aandeelhouders zijn het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, de provincie Zuid-Holland, enkele grote gemeenten uit de MRDH, drie universiteiten, het Leids universitair Medisch Centrum en de GR Drechtsteden.
31 IQ maakt jaarlijks met alle aandeelhouders een gezamenlijke afspraak over de uit te voeren activiteiten in het jaarplan. 32 IQ wordt gefinancierd door financiële bijdragen van aandeelhouders en van andere financiers die geen aandeelhouder zijn. 33 De MRDH is één van deze financiers die geen aandeelhouder is. De praktische reden hiervoor is dat de MRDH nog niet was opgericht bij de start van IQ. De MRDH financiert IQ via een specifieke subsidie. Het is daarmee de enige organisatie waarmee IQ jaarlijks specifieke afspraken maakt over uit te voeren activiteiten. Door de financiering vanuit de MRDH dragen alle gemeenten uit de regio financieel bij aan IQ. Een aantal gemeenten uit de MRDH-regio verstrekt ook direct financiering aan IQ (als aandeelhouder of financier). Dit geldt voor Rotterdam, Den Haag, Delft, Westland en Zoetermeer. Deze gemeenten zijn vanaf de oprichting bij IQ betrokken en financieren IQ daarmee via twee routes: rechtstreeks en via de MRDH. 34 In de regio Eindhoven bestaat een enigszins vergelijkbare constructie. Daar zijn vier grote gemeenten aandeelhouder van de regionale ontwikkelingsmaatschappij (Brainport Development) en is daarnaast ook de GR Metropoolregio Eindhoven aandeelhouder namens alle 21 aangesloten gemeenten gezamenlijk.
28 Interview MRDH en interview ambtenaren provincie. 29 Interview ambtenaren provincie. 30 InnovationQuarter, ‘Wat doen we’, verkregen op 12 augustus 2022 van https://www.innovationquarter.nl/over-innovationquarter/. 31 InnovationQuarter, ‘Terugbliq, jaarverslag 2020’, april 2021. 32 Interview InnovationQuarter. 33 Deze financiers worden ‘participanten’ genoemd. 34 Interview ambtenaar gemeente Rotterdam.
44
bijdragen aan de regionale economie
Economic Board Zuid-Holland EBZ is een bestuurlijk netwerk waarin vertegenwoordigers van dertig kennis- en onderwijsinstellingen, overheden en bedrijven uit de regio zitting hebben. Het netwerk heeft geen formele beleidsbepalende status. Het bestaat uit een bestuur dat wordt ondersteund door een secretariaat. EBZ ziet voor zichzelf drie kerntaken: 35 • netwerkkracht voor de regio doordat publieke en private partijen samenkomen; • denkkracht door in samenwerking strategieën voor de regio te ontwikkelen; • lobbykracht doordat alle betrokkenen de ontwikkelde strategieën op nationaal en Europees niveau uitdragen en onder de aandacht brengen. Namens de regionale overheden zitten bestuurders van de provincie en drie gemeenten uit de MRDH-regio (Rotterdam, Den Haag en Delft) in het bestuur van EBZ. De MRDH is niet formeel verbonden aan de EBZ, maar de ambtelijke organisaties werken wel nauw samen. 36 andere partijen Naast de genoemde organisaties zijn er meer partijen actief op onderdelen van het economische vestigingsklimaat. Zij raken daarmee met hun werkzaamheden aan de MRDH. Een relevant voorbeeld is Greenport West-Holland. Dit samenwerkingsverband bestaat in de huidige vorm sinds 2014 en richt zich op het regionale tuinbouwcluster. Het is een netwerkorganisatie van vijftig partners bestaande uit overheden, bedrijven en onderwijsinstellingen.
Namens de overheden zijn wethouders van gemeenten in de regio betrokken in het bestuur. Van de 23 gemeenten in de MRDH zijn er elf partner in Greenport West-Holland. De Greenport heeft een eigen visie en programma, met thema’s als digitale infrastructuur, energietransitie en digitalisering. Ook worden verkenningen uitgevoerd naar de behoefte aan agrologistieke bedrijven. De organisatie richt zich op agenderen van onderwerpen, lobby, uitvoering en regie voor het regionale tuinbouwcluster. 37 Inhoudelijk zijn er meerdere thema’s waarop de activiteiten van de Greenport raken aan die van de MRDH. De Greenport heeft de Strategische Agenda van de MRDH en de eigen visie en het programma naast elkaar gelegd. Hieruit kwamen onderwerpen naar voren die voor beide organisaties relevant zijn. Greenport West-Holland heeft op basis hiervan een jaarplan opgesteld met projecten die voor en met de MRDH worden uitgevoerd. 38
doelstellingen economisch vestigingsklimaat strategieën en regionale agenda’s MRDH en partners Veel van de bovengenoemde organisaties hebben een eigen economische agenda opgesteld of hebben bijgedragen aan regionale agenda’s die in de afgelopen jaren zijn opgesteld. De zes belangrijkste documenten voor de regio zijn in figuur 2-4 opgenomen, inclusief hun onderlinge samenhang en moment van totstandkoming.
35 EBZ, ‘Wat doet EBZ?’, verkregen op 12 augustus 2022 van https://www.economicboardzuidholland.nl/wat-is-ebz/. 36 Interview EBZ. 37 Interview Greenport West-Holland. 38 Interview Greenport West-Holland.
45
bijdragen aan de regionale economie
Vier van die documenten zijn visies die door de MRDH zijn uitgebracht of door de MRDH in samenwerking met andere partners: • de Agenda Economisch Vestigingsklimaat; • het Regionaal Investeringsprogramma; • de Roadmap Next Economy; • de Strategische Agenda. Daarnaast zijn twee regionale strategieën opgenomen die relevant zijn voor de MRDH: • de Groeiagenda Zuid-Holland van de EBZ; • het Programma Zuid-Hollandse Economie van de provincie Zuid-Holland. figuur 2-4 economische agenda's, visies en programma in de regio
Agenda Economisch Vestigingsklimaat Voorafgaand aan de start van de MRDH werd in 2014 de Agenda Economisch Vestigingsklimaat opgesteld. 39 In deze eerste strategie van de MRDH werden de thema’s benoemd waar de regio op in wilde zetten om het vestigingsklimaat te versterken. De agenda noemt vijf ambities: • metropoolvorming: meer agglomeratiekracht met behoud van de voordelen van meerkernige stedelijke structuur; • toenemend belang van kennis als productiefactor: meer kennisintensieve bedrijvigheid en kenniswerkers werkzaam in de MRDH; • nieuwe kansen voor de maakindustrie: meer werkgelegenheid en omzet in de hightech en mid-tech industrie in de regio; • ecologisering van de economie: transitie naar een grondstof- en energiearme economie;
39 MRDH, ‘Agenda Economisch Vestigingsklimaat Metropoolregio Rotterdam Den Haag’, juni 2014.
46
bijdragen aan de regionale economie
• de stad en omgeving als aantrekkelijk consumptiegebied: een hoogwaardiger voorzieningenaanbod (groen, cultuur, recreatie/vrije tijd, detailhandel, onderwijs, woonmilieus). Regionaal Investeringsprogramma Het Regionaal Investeringsprogramma werd in 2016 uitgebracht. 40 Het programma werd op initiatief van de MRDH opgesteld met medewerking van de provincie, de Economische Programmaraad Zuidvleugel (voorloper van de EBZ) en de regio’s Drechtsteden en Holland-Rijnland. Het programma bestaat uit 150 projecten die in vier thema’s zijn onderverdeeld: • vernieuwen verbindingen (snelle fysieke en digitale infrastructuur); • vernieuwen economie (wisselwerking, samenwerking en kruisbestuiving); • vernieuwen energie (verduurzaming van de haven, glastuinbouw en woningen); • vernieuwen stad en omgeving (focus op herstructurering woonwijken en recreatieve/groenvoorzieningen om de stad). De uitvoering van het programma is verdeeld over de bij de totstandkoming betrokken partijen. De EBZ bewaakt inmiddels de uitvoering daarvan. Roadmap Next Economy Parallel aan de uitwerking van het Regionaal Investeringsprogramma werd de Roadmap Next Economy (RNE) opgesteld. 41 De RNE is onder verantwoordelijkheid van de MRDH uitgebracht. De uitvoering gebeurt onder de hoede van IQ.
Waar de focus in het Regionaal Investeringsprogramma meer ligt op concrete projecten, richt de RNE zich op economische ontwikkelingen op de lange termijn en de impact daarvan op de regio. De ambitie is de concurrentiekracht van de regio te verbeteren en de bedrijvigheid in de regio te versterken. De RNE richt zich op een ‘economische transitie’ van de Metropoolregio met nadruk op nieuwe sectoren en klimaatafspraken. Er zijn vijf transities onderscheiden. Deze worden aangeduid als ‘Smart Digital Delta’, ‘Smart Energy Delta’, ‘Circular Economy’, ‘Next Education’ en ‘Next Society’. Strategische Agenda De Strategische Agenda uit 2019 borduurt voort op het Regionaal Investeringsprogramma en de RNE. In de Strategische Agenda worden zowel de doelen op het gebied van economie als bereikbaarheid geschetst. Er zijn zes doelstellingen gericht op het economisch vestigingsklimaat: • stimuleren van innovatie en economische groei; • verbeteren aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt; • ruimte om te werken; • stimuleren van groen en recreatie als vestigingsfactor; • goede digitale connectiviteit; • meer regionale samenwerking bij de energietransitie. Daarnaast zijn zeven doelen voor verbetering van de regionale bereikbaarheid in de Strategische Agenda genoemd. Deze doelen zijn weliswaar opgesteld vanuit de taak van de MRDH op het gebied van verkeer en vervoer, maar zijn ook belangrijk voor het
40 MRDH, ‘Regionaal Investeringsprogramma, Investeren in vernieuwen’, juli 2016. 41 MRDH, ‘Roadmap Next Economy’, november 2016.
47
bijdragen aan de regionale economie
economisch vestigingsklimaat. Een goede weg- en OV-infrastructuur speelt immers een grote rol in een goed vestigingsklimaat. In de rapportage van de MRDH over de voortgang komt één van de doelen voor bereikbaarheid ook terug onder het thema economisch vestigingsklimaat. 42 Het gaat om: • samen voortvarend werken aan woningbouw, bereikbaarheid en werklocaties. 43 Groeiagenda Zuid-Holland De Groeiagenda is een plan voor de gehele provincie Zuid-Holland en ontwikkeld door een consortium van bedrijven, kennisinstellingen en overheden. Door de overlap van dit consortium met de partijen in de EBZ, is het consortium opgegaan in de EBZ. De Groeiagenda schetst de ambities van publieke en private partijen voor de regio. De reikwijdte is breder dan de kerntaken van de MRDH. Het document geeft niet alleen regionale ambities aan, maar legt ook concrete behoeften voor aan het rijk met de vraag hierin financieel of anderszins te ondersteunen. De groeiagenda benoemt vijf hoofdlijnen voor de regio, zogenaamde ‘systeeminterventies’: • kennis en innovatie ecosystemen; • maakindustrie; • energie-infrastructuur; • mobiliteitstransitie; • human capital. Programma Zuid-Hollandse Economie De provincie Zuid-Holland heeft haar economisch beleid vastgelegd in het Programma Zuid-Hollandse Economie.
Dit programma heeft drie hoofdlijnen: • stimuleren van innovatie: innovatief midden- en kleinbedrijf (mkb), high tech systemen en materialen, life sciences en health, maritiem en logistiek; • versnelde transitie naar een nieuwe economie: digitalisering en circulaire economie, het haven industrieel complex in transitie en greenports; • creëren van een aantrekkelijk vestigingsklimaat: werklocaties en human capital. relatie Strategische Agenda tot andere economische programma’s Wat binnen de MRDH precies onder het brede begrip economisch vestigingsklimaat wordt verstaan, is niet nader afgebakend. De invulling van de afbakening vindt plaats via Strategische Agenda. 44 Uit de opsomming van de thema’s in de diverse strategieën maakt de rekenkamer op dat de gekozen invulling in grote lijnen overeenkomt. De meeste aandacht gaat uit naar innovatiestimulering, aansluiting onderwijsarbeidsmarkt, inzet op energietransitie, circulaire economie en op het versterken van de digitale infrastructuur. Daarnaast is er in meer of mindere mate aandacht voor de fysieke infrastructuur, zoals werklocaties. De inhoud van de Strategische Agenda van de MRDH is vergelijkbaar met de thema’s van de partijen in de regio en heeft aanvullend nog aandacht voor stimulering van groene recreatie. De Strategische Agenda van de MRDH heeft dus geen onderscheidende positie.
Het benoemt de thema’s die in de gehele regio bij verschillende partijen prioriteit krijgen.
42 In de jaarrekening en de bestuursrapportages. 43 Om deze reden wordt deze doelstelling in het onderzoek van de rekenkamer meegenomen als zevende doelstelling van het economische programma. 44 Interviews MRDH en ambtenaren gemeenten.
48
bijdragen aan de regionale economie
beleid gemeenten De regionale strategieën van de MRDH en EBZ zijn geen formeel beleid. Het zijn gezamenlijk geformuleerde opgaven namens de betrokken partijen. Gemeenten hebben ieder een eigen door de raad vastgesteld gemeentelijk economisch beleid. Het formele beleidsproces voor het gemeentelijk beleid loopt dus altijd via de gemeenteraad. In welke mate de regionale strategieën invloed hebben op het lokale beleid van alle 23 gemeenten binnen de MRDH is niet uitgebreid onderzocht door de rekenkamer. Uit interviews met ambtenaren en bestuurders van enkele MRDHgemeenten maakt de rekenkamer op dat de wijze waarop de Strategische Agenda invloed heeft wisselt. Bij de ene gemeente brengt het een nieuw onderwerp op de agenda. In andere gemeenten heeft het niet direct invloed op het economische beleid. Wel worden in de uitvoering van het economische beleid door MRDH-gemeenten keuzes gemaakt die meer dan voorheen aandacht hebben voor de regio en wordt samengewerkt op meerdere thema’s om kennis te delen. 45 beleid Rotterdam De rekenkamer heeft specifiek naar het meest recente economische beleid in Rotterdam gekeken om de doorwerking van de MRDH op het beleid in kaart te brengen. Rotterdam heeft in 2020 een economische agenda opgesteld: de Herstel- en vernieuwingsagenda Rotterdamse economie van de gemeente Rotterdam.
Deze agenda staat mede in het teken van het bevorderen van herstel naar aanleiding van de coronacrisis. De agenda bevat zes hoofdlijnen: • human capital: naar een toekomstbestendige arbeidsmarkt; • brede sectorstructuur: naar een veerkrachtige en weerbare economie; • versnelling transitiepaden (digitaal, energie, circulair): naar vernieuwing van de economie; • aantrekkelijke stad: herstellen van de ontmoetingsfunctie en aantrekkingskracht van de stad; • ondernemerschap en innovatie ecosysteem: herstellen en versnellen van de vernieuwing van de economie; • dienstverlening en ‘launching customer’: gemeentelijke dienstverlening en rol als ‘leading’ en ‘launching customer’. Deze Rotterdamse agenda is na de Strategische Agenda verschenen. Bij de totstandkoming van de agenda is samengewerkt met de MRDH. 46 De agenda verwijst verder niet direct naar de Strategische Agenda. In een interview is aangegeven dat de onderwerpen in de Strategische Agenda passen bij de hoofdlijnen van Rotterdam. 47
45 Interviews ambtenaren gemeenten. 46 Gemeente Rotterdam, ‘Sterker door, Herstel- en vernieuwingsagenda Rotterdamse economie’, 2020. 47 Interview ambtenaar Rotterdam.
49
bijdragen aan de regionale economie
ontwikkeling in doelen sinds oprichting MRDH Sinds de oprichting heeft de MRDH vier strategische documenten opgesteld met aandacht voor de economische ontwikkeling van de regio: de Agenda Economisch Vestigingsklimaat, het Regionaal Investeringsprogramma, de Roadmap Next Economy (RNE) en de Strategische Agenda. De beide agenda’s zijn visies van de MRDH zelf. De andere visies zijn in samenwerking met andere regionale partners opgesteld. Het karakter van de visies is verschillend. Het Regionaal Investeringsprogramma is vooral een concrete lijst met projecten, de RNE schetst lange termijn opgaven voor de regio en de beide agenda’s vallen er wat abstractieniveau betreft tussenin. Kijkend naar de doelen of thema’s die in de vier documenten zijn opgenomen, constateert de rekenkamer dat de huidige doelen van de Strategische Agenda in grote lijnen in het verlengde liggen van de eerdere strategische documenten. Er zijn wel enige verschillen: • Een verschil is de grotere aandacht in de Strategische Agenda voor de aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt ten opzichte van de eerste agenda. • Ook staan in de agenda uit 2014 thema’s als versterking van de metropoolvorming (vooral via investeringen in infrastructuur) en het woon-en leefklimaat opgenomen. Deze fysieke thema’s vallen in de Strategische Agenda niet onder het economische programma.
De aandacht voor metropoolvorming is wel een belangrijk thema bij verkeer en vervoer. Dit is dus vooral een verschuiving binnen de twee domeinen van de MRDH. • Een ander verschil is dat de Strategische Agenda veel minder nadrukkelijk aandacht heeft voor duurzaamheid en de energietransitie dan de andere agenda’s en visies. Het richt zich alleen op een kleine procesrol voor de MRDH.
samenvatting De oprichting van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag in 2014 is het resultaat van een proces waarin meerdere ontwikkelingen samen kwamen. Deze ontwikkelingen brachten partijen in de regio bij elkaar met de ambitie tot een internationaal concurrerend vestigingsklimaat en een betere positionering daarvan te komen door de krachten te bundelen. Het gaat om de volgende ontwikkelingen die een aanleiding vormden voor de oprichting van de MRDH: • Toegenomen verwevenheid in de regio waarvan de potentie niet werd benut. • Achtergebleven groei in de regio Rotterdam-Den Haag na de economische crisis. • Opheffing van de Wgr-plusregio’s. • Bestuurlijke versnippering en spanningen. In het bijzonder was de afschaffing van de Wgr-plusregio’s een extra impuls voor verkenningen voor nadere samenwerking. De Wgr-plusregio’s waren onder andere verantwoordelijk voor vervoer en verkeer. Deze verantwoordelijkheid werd geïntegreerd in de toen opgerichte gemeenschappelijke regeling, die als basis dient voor de Metropoolregio. Naast de verkeer- en vervoerstaak werd besloten om de MRDH als tweede taak de verbetering van het economisch vestigingsklimaat te geven. In 2014 is de Agenda Economisch Vestigingsklimaat opgesteld. Daarna heeft de MRDH bijgedragen aan twee opgestelde regionale programma’s en visies die uiteindelijk weer input boden voor de huidige Strategische Agenda uit 2019.
In deze agenda zijn zeven doelen opgenomen om het economisch vestigingsklimaat te bevorderen: • stimuleren van innovatie en economische groei;
50
bijdragen aan de regionale economie
• verbeteren aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt; • ruimte om te werken; • stimuleren van groen en recreatie als vestigingsfactor; • goede digitale connectiviteit; • meer regionale samenwerking bij de energietransitie • samen voortvarend werken aan woningbouw, bereikbaarheid en werklocaties. De insteek van de huidige Strategische Agenda ligt in grote lijnen in het verlengde van de eerdere visies. Wel zijn er accentverschillen te constateren. De huidige agenda heeft minder aandacht voor duurzaamheid en de energietransitie en ook de fysieke thema’s (investeringen in infrastructuur en woon- en leefklimaat) vallen niet onder het economische programma. De aandacht voor het thema aansluiting onderwijsarbeidsmarkt is juist groter geworden ten opzichte van de eerste agenda. Naast de regionale visies van de MRDH zijn twee andere regionale strategieën relevant voor de regio: • De Groeiagenda Zuid-Holland is opgesteld door een consortium van bedrijven, kennisinstellingen en overheden en ontwikkeld onder de vlag van de Economic Board Zuid-Holland (EBZ). EBZ is een bestuurlijk netwerk van vertegenwoordigers van kennis- en onderwijsinstellingen, bedrijven en overheden uit Zuid-Holland. De Groeiagenda schetst de ambities van publieke en private partijen voor de regio. De reikwijdte is breder dan de taken van de MRDH, maar hierin is ook aandacht voor kennis en innovatie en human capital.
• Het Programma Zuid-Hollandse Economie van de provincie Zuid-Holland. Het provinciale programma richt zich sterk op stimuleren van innovatie en ondersteuning van digitalisering en de circulaire economie. Dit programma heeft veel raakvlakken met de Strategische Agenda van de MRDH. Ook daarin is veel aandacht voor stimulering van innovatie, aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt en digitalisering. In de praktijk is een onderlinge verdeling gemaakt tussen de provincie en de MRDH met afspraken over wie zich waarop richt. De inhoud van de Strategische Agenda komt overeen met de agenda’s van partijen in de regio en heeft aanvullend nog aandacht voor stimulering van groene recreatie. Met de thema’s in de Strategische Agenda neemt de MRDH dus niet zozeer een onderscheidende positie in. Het benoemt de thema’s die in de gehele regio bij verschillende partijen prioriteit krijgen. Gemeenten hebben ieder een eigen door de raad vastgesteld gemeentelijk economisch beleid. De invloed van de strategie van de MRDH op het lokale beleid lijkt verschillend. Bij de ene gemeente brengt het een nieuw onderwerp op de agenda. In andere gemeenten heeft het niet direct invloed op het economisch beleid. In de uitvoering van het economisch beleid is bij gemeenten meer dan voorheen aandacht voor de regio en wordt samengewerkt op meerdere thema’s om kennis te delen.
51
bijdragen aan de regionale economie
Rekenkamer
Rotterdam
52
bijdragen aan de regionale economie
3
uitvoering door MRDH
inleiding In dit hoofdstuk staat de volgende deelvraag centraal: • Wat zijn de inspanningen van de MRDH in de afgelopen jaren geweest op het gebied van economische ontwikkeling? In paragraaf 3-2 wordt ingegaan op de beschikbare middelen voor de uitvoering van het economische programma. In paragraaf 3-3 komen de inspanningen van de MRDH aan de orde. De laatste paragraaf (3-4) geeft een samenvatting.
financiering economisch programma MRDH Zoals in hoofdstuk 2 is toegelicht, is de financiering van het economisch programma MRDH afkomstig van de inwonerbijdrage. Deze bijdrage bedroeg € 6,6 mln. in 2022. Van dit bedrag gaat € 1,4 mln. naar overheadkosten van de gehele organisatie (voor personele en materiele kosten van bijvoorbeeld personeelsbeleid, ICT en facilitaire zaken). 48 Voor het programma Economisch Vestigingsklimaat is € 5,4 mln. beschikbaar. 49 Deze middelen zijn verdeeld in personeelskosten voor het programma Economisch Vestigingsklimaat (bijna € 1 mln.) en programmakosten (€ 4,4 mln.) voor het realiseren van de doelstellingen. 50 Deze programmakosten worden gemaakt op vier onderdelen: • de bijdrageregeling versterking economisch vestigingsklimaat MRDH; • bijdragen aan projectontwikkeling; • subsidie aan InnovationQuarter; • subsidie aan het programma YES!Delft. De verdeling over de vier posten is in onderstaande tabel 3-1 opgenomen. Deze bestaat uit de realisatie voor de periode 2018 - 2021 en de begroting van 2022. In de begroting van 2022 is door de MRDH geen nadere onderverdeling gemaakt van de bijdrageregeling, projectontwikkeling en subsidie aan IQ opgenomen. Verder geldt dat de financiering van YES!Delft in 2019 nog onder de bijdrageregeling viel.
48 De totale overhead bedraagt € 6,7 mln. 49 Dit bestaat uit afgerond € 5,3 mln. uit de inwonerbijdrage en een onttrekking aan de egalisatiereserve van het programma EV. 50 MRDH, ‘Begroting 2022 en meerjarenbeeld 2023-2025, Samen aan het werk!’, 9 juli 2021.
53
bijdragen aan de regionale economie
tabel 3-1: uitgaven 2018 - 2021 en begroting 2022 (€) begroting 2018
2019
2020
2021
programmakosten bijdrageregeling
2022 4.299.539
1.650.037
2.777.057
2.369.181
1.151.151
projectontwikkeling
679.280
499.369
385.950
885.170
subsidie InnovationQuarter
897.500
937.000
873.192
872.500
-
-
166.250
285.000
118.750
directe kosten personeel
915.136
935.175
779.171
850.222
967.426
totaal programma EV
4.141.953
5.148.601
4.573.744
4.044.043
5.385.715
overhead
1.202.233
1.385.259
1.358.013
1.320.256
1.418.983
totaal incl. overhead
5.344.186
6.533.860
5.931.757
5.364.299
6.804.698 51
subsidie YES!Delft
bron: jaarrekeningen en begroting MRDH. 52
De bijdrage per inwoner voor het programma Economisch Vestigingsklimaat is voor 2022 vastgesteld op € 2,77 per inwoner. Na indexering is de bijdrage ten opzichte van 2021 verhoogd met € 0,05 per inwoner.
inwonerbijdrage vergeleken In Nederland zijn twee andere grote metropoolregio’s waarin overheden samenwerken om de economische ontwikkeling in hun regio te stimuleren: Metropoolregio Amsterdam (MRA) en Metropoolregio Eindhoven (MRE). De MRA is een samenwerkingsverband van dertig gemeenten en twee provincies en heeft geen GRstatus. In vergelijking met de MRDH ligt de focus meer op bestuurlijke samenwerking en strategieontwikkeling en minder op ondersteuning/stimulering van uitvoering. Er is een bureau ter ondersteuning van de samenwerking. Dit wordt bekostigd met een inwonerbijdrage van € 1,53 (in 2021). 53 De MRE is een samenwerkingsverband van 21 gemeenten en is georganiseerd als GR. Financiering van gemeenten wordt aangewend voor uitvoering van de regionale opgaven, een stimuleringsfonds voor projecten en voor de financiering van de ontwikkelingsmaatschappij Brainport Development. De totale inwonerbijdrage hiervoor bedraagt in 2022 € 10,02. Voor ieder van de drie onderdelen wordt een aparte inwonerbijdrage gerekend: 54 • regionale opgaven: € 3,91 • Brainport Development: € 2,55 • Stimuleringsfonds: € 3,55
51 Dit bedrag is hoger dan de € 6,6 mln. van de inwonerbijdrage vanwege een onttrekking aan de reserve. 52 MRDH, ‘Jaarrekening 2018’, ‘Jaarrekening 2019’, ‘Jaarrekening 2020’, ‘Jaarstukken 2021’ en ‘Begroting 2022 en meerjarenbeeld 2023-2025, Samen aan het werk!’. 53 Metropoolregio Amsterdam, ‘Samenwerkingsafspraken Metropoolregio Amsterdam’, 15 oktober 2021. 54 Metropoolregio Eindhoven, ‘Programmabegroting 2022’, juni 2021.
54
bijdragen aan de regionale economie
Een verschil tussen MRE en MRDH is dat de regionale opgaven iets breder zijn gedefinieerd bij MRE dan het economisch vestigingsklimaat bij de MRDH. De transitie van het landelijk gebied, de energietransitie en het opstellen van strategieën rond mobiliteit behoren tot deze opgaven. 55 Een ander verschil is dat de RME een grotere rol speelt als financier van Brainport Development dan de MRDH bij IQ.
Jaarlijks stelt de MRDH een kadernota op waarin de uitgangspunten voor de conceptbegroting zijn vastgelegd. Volgens de kadernota mag maximaal € 1,17 (42%) van de inwonerbijdrage worden besteed aan overhead. 56 Dat impliceert dat minimaal € 1,60 (58%) is bestemd voor de uitvoering van het programma Economisch Vestigingsklimaat. 57 In de onderstaande figuur is de daadwerkelijke besteding in de periode 2018 - 2022 verdeeld over de overhead en uitvoering. Opmerking daarbij is dat 2022 op basis van de begroting is gepresenteerd. Er is onderscheid gemaakt tussen overheadkosten van de gehele organisatie en de directe kosten voor personeel voor het programma Economisch Vestigingsklimaat. figuur 3-1 verhouding overhead en uitgaven uitvoering
bron: jaarrekeningen en begroting MRDH.
In de figuur is te zien dat door de jaren heen de bijdrage aan de overhead van de gehele organisatie gemiddeld rond de 22% ligt. De directe personeelskosten van het programma Economisch Vestigingsklimaat schommelen tussen de 13% en 17%. De uitgaven aan de financiering van projecten en programma’s bedraagt 60% tot 65%. De totale overhead (bijdrage aan gehele organisatie en personele lasten van het programma Economisch Vestigingsklimaat) blijven samen in alle jaren beneden de
55 Metropoolregio Eindhoven, ‘Werkprogramma 2022’, 14 februari 2022. 56 Onder de overhead wordt verstaan: het management en het secretariaat van de afdeling Economisch vestigingsklimaat (2 fte) en de doorbelasting van een deel van de personele kosten van de secretaris-algemeen directeur en de personele en materiële kosten van de stafbureaus aan de hand van een verdeling naar de pijlers EV en VA. Bron: begroting MRDH 2022, pp 37-39, pp. 53-55. 57 MRDH, ‘Kadernota MRDH begroting 2022’, november 2020.
55
bijdragen aan de regionale economie
40% van de totale uitgaven. Hiermee blijven deze uitgaven binnen de gestelde maximale norm van 42% voor de inwonerbijdrage.
inspanningen MRDH functies MRDH De functies die de MRDH dient te vervullen zijn nergens formeel vastgelegd en zijn in verschillende documenten op verschillende manieren beschreven. Zo wordt in de Agenda Economisch Vestigingsklimaat die voorafgaand aan de oprichting is opgesteld, gewezen op de initiërende en richtinggevende rol bij het uitwerken van langjarige economische beleidskeuzes voor de Metropoolregio. Ook wordt een faciliterende rol voor de MRDH gezien om netwerken in de regio te vormen. 58 In de jaarstukken wordt kort een netwerkrol en platformfunctie genoemd. 59 De evaluatie van de gemeenschappelijke regeling van 2017 noemt twee functies: de strategische functie (strategieontwikkeling en onderlinge afstemming) en de verdelingsfunctie (het verdelen van middelen over projecten en initiatieven die bijdragen aan het ontwikkelen van de regio). 60 Uit de verschillende beschrijvingen leidt de rekenkamer drie functies af die de MRDH dient te vervullen: • strategische functie: het initiëren van regionale economische visies; • faciliterende functie: het ondersteunen bij netwerkvorming en kennisdeling; • uitvoerende functie: het financieren van activiteiten ten behoeve van de strategische en facilitaire functie en van projecten die bijdragen aan de economische ontwikkeling van de regio. Ieder van deze drie functies heeft een ander doel en andere type opbrengsten.
Ook zijn andere gremia van de MRDH betrokken. De eerste functie ligt zowel op politiekbestuurlijk niveau (met name bij de bestuurscommissie) als op ambtelijk niveau (door het bureau van de MRDH in samenwerking met ambtenaren van betrokken gemeenten). De tweede functie wordt vooral ingevuld op ambtelijk niveau. De derde functie wordt vooral opgepakt door individuele gemeenten in samenwerking met partners uit het onderwijs, kennisinstellingen en bedrijven. De MRDH levert hierbij een financiële bijdrage en geeft enigszins richting door ook innovatieprogramma’s te ontwikkelen waarbinnen projecten kunnen worden ingediend. strategische functie De Strategische Agenda schetst het algemene kader. Het is de basis voor de strategische functie van de MRDH. Vervolgens dient concreet invulling aan de verschillende beleidsthema’s uit deze agenda te worden gegeven. Uit het onderzoek van de rekenkamer blijkt dat de MRDH de functie ten aanzien van visievorming op twee manieren invult: • gezamenlijke ontwikkeling van visies en programma’s op deelthema’s van de Strategische Agenda; • het bijdragen aan regionale visies met andere partners.
58 MRDH, ‘Agenda Economisch Vestigingsklimaat Metropoolregio Rotterdam Den Haag’, juni 2014. 59 MRDH, ‘Jaarrekening 2019’, juli 2020. 60 Vries, J. de, e.a., ‘Regionaal denken, lokaal doen!, Tussenevaluatie Metropoolregio Rotterdam – Den Haag’, 28 september 2017.
56
bijdragen aan de regionale economie
gezamenlijke ontwikkeling van visies en programma’s op deelthema’s In de afgelopen jaren zijn op verschillende thema’s regionale visies, plannen of programma’s opgesteld die verdere invulling moeten geven aan de Strategische Agenda. Er zijn sinds 2018 acht regionale strategieën en programma’s uitgewerkt. In de onderstaande tabel zijn deze opgenomen. tabel 3-2: ontwikkelde visies en programma's 2018-2021
• Strategie werklocaties MRDH 2019 - 2030 • Innovatieprogramma’s: - Smart Manufacturing Industriële Toepassing in Zuid-Holland - Energie en Klimaat - Zorgtech - Agritech • Netwerkprogramma digitale connectiviteit • Kader uitgangspunten gemeentelijk antennebeleid (onderdeel van het Netwerkprogramma) • Plan van aanpak Regionale campusondersteuning
In de uitgewerkte visies is de thematische insteek terug te zien. Het zijn specifieke uitwerkingen van een deel van de doelstellingen uit de Strategische Agenda: stimuleren van innovatie, aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt, goede digitale connectiviteit en ruimte om te werken. Op twee doelen is geen verder ontwikkelde visie of programma te zien: stimuleren van groen en recreatie en samenwerking bij de energietransitie. Bij de totstandkoming van deze regionale visies neemt de MRDH het initiatief. Zij vraagt gemeenten aan te haken bij deze thema’s. Vervolgens worden gemeentelijke behoeften in kaart gebracht en gezorgd voor onderlinge afstemming. Gemeenten wordt gevraagd bij te dragen aan de uitwerking en hun kennis hierover te delen, zeker als zij zelf al beleid hebben op het betreffende thema. In praktijk betekent dit vooral dat de grote gemeenten een actieve inbreng hebben met expertise en capaciteit en zo zorgen voor kennisoverdracht aan kleinere gemeenten. De MRDH ondersteunt en begeleidt de uitwerking. In interviews geven betrokken gemeenten aan tevreden te zijn over deze rol van de MRDH en de wijze waarop deze wordt ingevuld. Goede voorbeelden die genoemd worden, zijn onder andere de aanpak van digitalisering, het antennebeleid en de campusontwikkeling. De samenwerking zorgt voor regionale visies waarmee keuzes worden gemaakt en een gezamenlijke aanpak ontstaat.
Ook zorgt het ervoor dat een duidelijke positie wordt ingenomen richting andere organisaties met een actieve rol bij economische ontwikkeling, zoals de provincie. bijdrage aan andere regionale visies De strategische functie is concreet terug te zien in de betrokkenheid bij twee ontwikkelde regionale agenda’s: de Groeiagenda Zuid-Holland en de Human Capital Agenda. Dit doet de MRDH op verschillende manieren: door inhoudelijk en procesmatig een bijdrage te leveren aan de totstandkoming of door actief in te spelen