2024-105766 M. van Asselt Opzegbrief functie als directeur van de rekenkamers (geanonimiseerd).pdf
Tekst van het document
Den Haag, 8 december 2024 Geachte
raadsleden
Inmiddels is algemeen bekend dat ik de Rekenkamer Rotterdam per 1 februari zal verlaten en daarmee ook mijn functie als directeur van de rekenkamers van de
aangesloten regiogemeenten per die datum neerleg. De werkgeverscommissie heeft mij verzocht u ook een formele opzegbrief te sturen. Het was een voorrecht om met onafhankelijk onderzoek een bijdrage te kunnen leveren
aan
het functioneren
van
de lokale democratie
en de
kwaliteit van
het
openbaar bestuur. Ondanks de goede inhoudelijke samenwerking was het zeker geen makkelijke tijd bij de Rekenkamer. Toch kijk ik met trots terug op wat we als organisatie in de afgelopen 3,5 jaar hebben bereikt, mede dankzij externe deskundigen en medewerkers van de gemeente Rotterdam die via een DVO voor de Rekenkamer
werken.
Ik ben naast de onderzoeksrapporten die onder mijn leiding zijn verschenen trots op
de werkwijze onderzoeksprogrammering, het herziene onderzoekshandboek, de herijking met de regiogemeenten, de verbeteringen op het vlak van bedrijfsvoering en financieel beheer, het beter voldoen aan wet- en regelgeving op het gebied van privacy, informatiehuishouding, de WOO en HR beheer, de inclusieve werving- en selectieaanpak, het inwerkprogramma, de nieuwe en verbeterde
samenwerkingsverbanden, de lopende herziening van het kwaliteitshandvest en de door alle medewerkers gewaardeerde aandacht voor hun werk-privé-balans en
persoonlijke ontwikkeling. Via uitgebreide jaarverslagen heb ik u op de hoogte gehouden van deze verbeter- en ontwikkeltrajecten en de noodzaak ervan.
Ik betreur het dat een aantal medewerkers zich te midden van deze veranderingen ongelukkig heeft gevoeld. Volgens het naar mijn maatstaven gedegen onderzoek van Berenschot (in opdracht van de werkgeverscommissie) moeten de oorzaken en
oplossingen voor dit gevoel van sociale onveiligheid gezocht worden op het organisatorische vlak. Vanzelfsprekend zag Berenschot ook ruimte voor de ontwikkeling van mijn leiderschap en die zie ik zelf ook, maar ik was volgens het onderzoek niet de oorzaak van de ervaren sociale veiligheid. In de dagen en weken na de interne presentatie van het Berenschot onderzoek werd duidelijk dat een paar medewerkers mijn vertrek eisten, waardoor de spanning op de werkvloer toe- in plaats van afnam. Ondanks de brede steun en waardering die ik ook voelde, twijfelde ik daardoor of ik nog wel de juiste vrouw op de juiste plek was.
Ik heb besloten te gaan solliciteren. Ondertussen kreeg ik helaas last van mijn gezondheid. Hoe graag ik uw rekenkamer ook draaiende wilde houden, medio september was het medische oordeel dat doorwerken in deze functie in deze organisatie onverantwoord was.
Inmiddels heb ik een nieuwe functie gevonden die goed aansluit op mijn kwaliteiten en competenties en die beter past bij mijn professionele behoeften. Daarom leg ik met ingang van 1 februari 2024 mijn functie neer als directeur van de Rekenkamer
Rotterdam en de rekenkamers van de aangesloten regiogemeenten. Ik heb goede hoop dan weer voldoende hersteld te zijn om aan mijn nieuwe functie te kunnen beginnen. Ik wil u bedanken voor het in mij gestelde vertrouwen en de fijne samenwerking, ook als het moeilijk was. Ik ben aan deze functie begonnen vanwege mijn respect voor volksvertegenwoordigers en dat respect is alleen maar toegenomen. Ik wens u en uw rekenkamer alle goeds. Met vriendelijke groeten
(geanonimiseerd) dr.ir. Marjolein van Asselt Directeur Rekenkamer Rotterdam en q.q. directeur van de Rekenkamer
Albrandswaard, de Rekenkamer Barendrecht, de Rekenkamer Capelle aan den IJssel, de Rekenkamer Krimpen aan den IJssel en de de Rekenkamer Lansingerland