2024-079976 Verordening afvalstoffenheffing 2025.pdf
Tekst van het document
69 Gemeente
Atbrandsuaard
Verordening Onderwerp Verordening Afvalstoffenheffing 2025
Gemeenteraad 16 december2024 Commissie B&AWelzijn 2 december 2024
Zaaknummer: 2024-079976
De raad van de gemeente Albrandswaard; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 5 november 2024; gelet op artikel 15.33van de Wet milieubeheer; BESLUIT:
Vast te stellende Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing 2025
Artikel 1 Definities Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder "gebruik maken": gebruik maken in de zin van artikel 15.33Wet milieubeheer.
Artikel 2 Aard van de belasting en belastbaar feit 1. Onder de naam "afvalstoffenheffing" wordt een directe belastinggeheven als bedoeld in artikel 2
15.33 van de Wet milieubeheer,
De afvalstoffenheffing als bedoeld in deze verordening, en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.
Artikel 3 Voorwerp van de belasting 1. Voorwerpvan de belastingis een perceel 2. Als perceel wordt aangemerkt a. de onroerende zaak, bedoeld in artikel 16, onder a, c, d en f, van de Wet waardering onroerende zaken
b. c.
d.
e.
de roerende zaak, welke duurzaam aan een plaats gebonden is; een gedeelte van een in onderdeel b bedoelde roerende zaak dat blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt; een samenstel van twee of meer in onderdeel b bedoelde roerendezaken of in onderdeel c bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en die, naar de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren;
het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel b bedoelde roerende zaak, van een in onderdeel c bedoeld gedeelte daarvan of van een in onderdeel d bedoeld samenstel
Artikel 4 Belastingplicht
1. De belasting wordt geheven van degene die al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel.
Pagina 1 van 4
68 AlGemeente brandsuaard Artikel 5 Reductie heffing bij onvermijdbaar medisch afval
De belastingplichtige, als bedoeld in artikel 4, komt, op aanvraag, in aanmerking voor vermindering van het aantal aanbiedingen als bedoeld in hoofdstuk 2, onderdelen 2.1.1 tot en met 2.1.2.2, van de in artikel 6 bedoelde tarieventabel, indien de belastingplichtige als gevolg van een (chronische) ziekte of handicap van hem of haarzelf dan wel (chronische) ziekte of handicap van personen die behoren tot zijn of haar huishouden, extra afvalstoffen van substantiële omvang moet aanbieden. 2. De in het eerste lid bedoelde vermindering met betrekking tot ontgrendeling van een verzamelcontainer is van toepassing op klepbewegingen tot en met het aantal van 104 en bedraagt 50% van het werkelijke aantal. Voor klepbewegingen boven het aantal van 104 wordt het desbetreffende tarief in rekening gebracht, 3 De in het eerste lid bedoelde vermindering met betrekking tot lediging van een minicontainer is van toepassing op ledigingen tot en met het aantal van 26 en bedraagt 50% van het werkelijke aantal Voor ledigingen boven het aantal van 26 wordt het desbetreffende tarief in rekening gebracht. 1
Artikel 6 Maatstafvan heffing en belastingtarief 1. De belastingwordt gehevennaarde maatstavenen de tarievenopgenomenin de bij deze verordening behorende tarieventabel.
2. Voor de berekening van de belasting wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt,
Artikel 7 Belastingjaar
Voor de belastingen, bedoeld in hoofdstuk 1 en hoofdstuk 2, onderdelen 2.1.1, 2.1.2.1 en 2.1.2.2 van de tarieventabel is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar
Artikel 8 Wijze van heffing
1. De belasting bedoeld in hoofdstuk 1 en hoofdstuk 2, onderdelen 2.1.1, 2.1.2,1 en 2.1.2.2 van de tarieventabel wordt geheven bij wege van aanslag. 2, De belasting bedoeld in hoofdstuk 2, onderdelen2.1.3 tot en met 2.4, van de tarieventabel wordt geheven bij wege van gedagtekende kennisgeving waarop de verschuldigde belasting is vermeld Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van de kennisgeving aan de belastingschuldige bekend gemaakt.
Artikel 9 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1
2
3
4 5 6 7
De belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht Indien de belastingplicht in de loop van het jaar aanvangt, is de belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaandenoverblijven Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing van de belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 9,-Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in gebruik neemt. Belastingbedragen van minder dan € 9,-- worden niet geheven Voor de toepassing van de bepalingen in het derde en vijfde lid wordt het totaal van op één aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragenaangemerkt als één belastingbedrag. De belastingen bedoeld in hoofdstuk 2, onderdelen 2.1.1, 2.1.2.1 en 2.1.2.2 zijn verschuldigd na het einde van het belastingjaar.
Pagina 2 van 4
69 Gemeente
Al brandstuaard
8.
De belastingen bedoeld in hoofdstuk 2, onderdelen 2.1.3 tot en met 2.4 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening.
Artikel 10 Termijnen van betalen 1.
2.
3
4
In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de aanslag worden betaald uiterlijk drie maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet. In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later, De op grond van artikel 8, tweede lid, verschuldigde belasting moet, in afwijking van artikel 9, eerste lid. van de Invorderingswet 1990, worden betaald: a, ingeval van uitreiking van de kennisgeving: op het tijdstip van uitreiking; b. ingeval van toezending van de kennisgeving: binnen 14dagen na de dagtekening van de kennisgeving De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen
Artikel 11 Inwerkingtreding en citeerartikel 1 De 'Verordening afvalstoffenheffing2024' wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijven op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 3, De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2025. 4. Deze verordening wordt aangehaald als 'Verordening afvalstoffenheffing2025'. Aldus beslotenin de openbarevergaderingvan de raadvan de gemeenteAlbrandswaardvan 16 december 2024
De griffie5
De voorzitter
gZ
d
’LeendertGroenenboom
LdaldeWitte
Pagina 3 van 4
68 Albrandsuaard Gemeente Tarieventabel afvalstoffenheffi ng 2025 behorende bij de Verordening afvalstoffenheffing 2025
Hoofdstuk 1 Maatstafen tarief afvalstoffenheffing 1.1
1.2
De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar voor een éénpersoonshuishouden De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar voor een tweepersoonshuishouden De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar voor een meeroersoonshuishouden Het aantal personen dat gebruik maakt van het perceel wordt bepaald naar de situatieper 1januari van het belastingjaardan wel op het moment van het ontstaanvan de belastingplicht.
Hoofdstuk 2 Maatstaven en overige tarieven afvalstoffenheffin 2.1 Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 1 bedraagt de belastin 2.1.1 Per lediging van een minicontainer bestemd voor PMD(plastic en metalen 2.1 ,2,1
2.1.2.2 2.1,3 2.1.4
verpakkingen en drinkpakken)+restafval Per ontgrendeling van een verzamelcontainervoor PMD+restafval (met een inworpopeninq bedoeld voor een 60-liter afvalzak Per ontgrendeling van een verzamelcontaïnervoor PMD+restafval (met een inworpopeninq bedoeld voor een 30-liter afvalzak' Voor het op aanvraag inzamelen van grof huishoudelijk afval (met uitzondering van chemisch afval en asbest), per aanvraag (max. 3 m’ per keer
Voor het op aanvraag inzamelen van grof tuinafval, per aanvraag (max. 3 m’ per keer)
2.1.5 2.1.6
2.2 2.3.1
2.3.2 2.3.3
2,4
€ 4,90
€ 1,23 € 0,62 € 40.00 € 20,00
Indien kwijtschelding van gemeentelijke belasting is verleend, wordt restitutie voor het inzamelen van grof huishoudelijk afval of grof tuinafval verleend voor maximaal € 80,-s van grof huishoudeliik afval na overliiden
Voor het op aanvraag omwisselen van een minicontainer Voor het verstrekkenvan een minicontainer,per aanvraat Voor het op aanvraag verstrekken van een vervangende minicontainerals evojq van beschadiging of verlies door ejgen schuld Voor het verstrekken van een (nieuwe)afvalpas Voor het op aanvraag van inwoner kostbaarheden uit de ondergrondse container halen
€ 75.00
07
€ 75,00 W2 € 75,00
Behoort bij het raadsbesluit van 16 december 2024
Pagina 4 van 4