20. 421987 Raadsvoorstel Bestemmingsplan Maasstraat 27 Rhoon.pdf
Tekst van het document
12
HOOFDSTUK 3 Algemene regels Artikel 6 - Anti-dubbelbepaling Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Artikel 7 - Algemene bouwregels 7.1 Ondergronds bouwen 7.1.1 Algemeen De regels inzake de toelaatbaarheid, de aard, de omvang en de situering van gebouwen zijn in geval van ondergrondse bouw van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat deze uitsluitend is toegestaan met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. ondergrondse bouw is uitsluitend toegestaan onder de oppervlakte van bovengronds gelegen gebouwen; b. gebouwd mag worden tussen peil en 4 m onder peil. 7.1.2 Afwijken Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.1.1 onder a ten behoeve van ondergrondse bouw buiten de oppervlakte van bestaande, bovengronds gelegen gebouwen, met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. de bouwhoogte van kelders bedraagt ten hoogste 0,1 meter beneden peil; b. de afstand tot de zijdelingse perceelgrens en de openbare weg bedraagt ten minste 1 m, met dien verstande dat in geval van kelderbouw in belendende percelen in de zijperceelgrens mag worden gebouwd; c. kelders mogen niet worden voorzien van een dakraam of lichtkoepel. 7.2 Uitsluitend aanvullende werking bouwverordening De regels van de bouwverordening ten aanzien van onderwerpen van stedenbouwkundige aard blijven buiten toepassing, behoudens ten aanzien van de volgende onderwerpen: a. bereikbaarheid van gebouwen voor wegverkeer; b.
bereikbaarheid van gebouwen voor gehandicapten; c. parkeergelegenheden. 7.3 Geluid 7.3.1 Industrielawaai De bouw van geluidsgevoelige objecten ter plaatse van de aanduiding 'geluidzone-industrie' is uitsluitend toegestaan indien voldaan kan worden aan de in de Wet geluidhinder gestelde normen. 7.3.2 Verkeerslawaai De bouw van geluidsgevoelige objecten is uitsluitend toegestaan indien voldaan kan worden aan de in de Wet geluidhinder gestelde normen.
13
Artikel 8 - Algemene aanduidingsregels 8.1 Geluidzone - industrie 8.1.1 Industrielawaai De bouw van geluidsgevoelige objecten binnen de aangegeven gebiedsaanduiding 'GeluidzoneIndustrie' is uitsluitend toegestaan indien voldaan kan worden aan de in de Wet geluidhinder gestelde normen of de verleende hogere waarden zoals opgenomen in de bijlage bij dit plan.
Artikel 9 Algemene afwijkingsregels 9.1 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van de bepalingen in de regels ten aanzien van de volgende onderwerpen: a. de bouw ten dienste van het openbaar nut van: 1. niet voor bewoning bestemde gebouwen ten dienste van het openbaar nut waarbij de inhoud niet meer mag bedragen dan 75 m3 en de goothoogte niet meer mag bedragen dan 2,25 m, gasdrukregel- en gasdrukmeetstations uitgezonderd; 2. overige bouwwerken, zoals standbeelden, uitingen van kunst en dergelijke, met een bouwhoogte van niet meer dan 10 m; Bij de beoordeling van de toelaatbaarheid van de omgevingsvergunning voor het afwijken dient in de belangenafweging eveneens te worden gelet op de effecten met betrekking tot de verkeersveiligheid (voldoende ruimte voor voetgangers en/of bedienend verkeer); b. het in geringe mate aanpassen van het plan, zoals een bestemmingsgrens, een bouwgrens of een aanduiding te veranderen, indien bij de definitieve uitmeting of verkaveling blijkt, dat deze nadere bepaling of aanpassing in het belang van een juiste verwerkelijking van het plan redelijk gewenst of noodzakelijk is waarbij: 1. de grenzen met niet meer dan 2 m mogen worden verschoven; 2. de grenzen met niet meer dan 5 m mogen worden verschoven; c.
het afwijken van de voorgeschreven maatvoeringen voor bouwwerken, indien in verband met ingekomen bouwplannen deze wijzigingen nodig zijn, waarbij van de maatvoeringen met ten hoogste 10% mag worden afgeweken; met betrekking tot deze omgevingsvergunning voor het afwijken geldt, dat: 1. geen onevenredige afbreuk mag worden gedaan aan de stedenbouwkundige hoofdopzet; 2. de omgevingsvergunning voor het afwijken slechts mag worden toegepast op primaire bouwnormen (normen welke 'als recht' zijn toegestaan); cumulatieve toepassing van deze bepaling op een eerder verleende omgevingsvergunning voor het afwijken ten aanzien van de bouwnorm is niet toegestaan; 3. het oprichten van overige bouwwerken, zoals antenne-installaties en vlaggenmasten, met een bouwhoogte van niet meer dan 20 m.
14
HOOFDSTUK 4 Overgangs- en slotregels Artikel 10 Overgangsrecht 10.1 Overgangsrecht bouwwerken 10.1.1 Algemeen Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 10.1.2 Afwijken Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van lid 10.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 10.1.1 met maximaal 10%. 10.1.3 Uitzondering Lid 10.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 10.2 Overgangsrecht gebruik 10.2.1 Algemeen Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
10.2.2 Veranderen strijdig gebruik Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 10.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 10.2.3 Onderbreken strijdig gebruik Indien het gebruik, bedoeld in het lid 10.2.1 na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 10.2.4 Uitzondering Lid 10.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan
15
Artikel 11 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan ´Maasstraat 27 Rhoon’ van de gemeente Albrandswaard.
16
Ontwerpbesluit hogere waarden Wet geluidhinder Inzake bestemmingsplan `Maasstraat 27 Rhoon’ Kenmerk Datum
421997 7 december 2021
Besluit van het college van Burgemeester en Wethouders van Albrandswaard. Bestemmingsplan Het bestemmingsplan maakt het mogelijk om op de locatie Maasstraat 27 te Rhoon het bestaande bedrijfsgebouw te slopen en een woning naast de bestaande woning aan de Maasstraat 27 te bouwen. De globale begrenzing van de planlocatie is in de navolgende afbeelding weergegeven. Figuur 1: Weergave van de planlocatie
Blad 1 van 5
Procedure Op de voorbereiding van het hogere waardenbesluit (als bedoeld in artikel 110a van de Wet geluidhinder) is de afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing, afgezien van de uitzondering genoemd in artikel 110c van de Wet geluidhinder. Het ontwerpbesluit zal tegelijkertijd met het ontwerpbestemmingsplan ter inzage worden gelegd. Algemeen toetsingskader Inleiding De Wet geluidhinder (Wgh) beoogt de burger te beschermen tegen een te hoge geluidbelasting. In de Wgh, en de daarop gebaseerde uitvoeringsregelingen, zijn normen opgenomen voor de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting (voorheen voorkeurswaarden genoemd) van onder meer wegverkeer, spoorwegverkeer en industrieterreinen. De regelgeving gaat daarbij uit van ten hoogste toelaatbare geluidbelasting en hogere waarden dan de ten hoogste toelaatbare waarden (de maximale hogere waarden). Een geluidbelasting onder de voorkeurswaarde wordt zonder meer aanvaardbaar geacht, terwijl een geluidbelasting boven de maximale hogere waarden niet toegestaan is. Indien de voorkeurswaarde wordt overschreden, dienen er maatregelen te worden getroffen om de geluidbelasting te verlagen tot de voorkeurswaarde.
In bepaalde situaties kunnen er echter geen of onvoldoende maatregelen worden getroffen, omdat deze maatregelen stuiten op bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. In die situaties kunnen er hogere waarden dan de voorkeurswaarden worden toegestaan tot aan de maximale hogere waarde. Daarbij dient in ieder geval te worden voldaan aan de eisen die gelden ten aanzien van de binnenniveaus in verblijfsruimten van woningen en andere geluidgevoelige gebouwen. Wegverkeerslawaai Het plangebied ligt niet binnen een zone van een weg. Spoorwegverkeerslawaai Het plangebied ligt niet binnen een zone van een spoorweg. Industrielawaai Het plangebied bevindt zich binnen de zone van het industrieterrein Waal-/Eemhaven. Op 22 december 1997 is door Gedeputeerde Staten van de provincie Zuid-Holland voor het industrieterrein Waal-/Eemhaven het saneringsprogramma vastgesteld. Door de Minister van VROM is op 17 januari 2001 een besluit genomen over de Maximaal Toelaatbare Geluidniveaus (MTG's) nabij de woningen gelegen rondom het industrieterrein. De geluidbelasting vanwege het industrieterrein op de woning is bepaald zoals het convenant geluidruimte Waal-/Eemhaven voorschrijft. Binnen zones van een industrieterrein bedraagt de voorkeurswaarde 50 dB(A).
Voor een nieuwe woning binnen een zone van een industrieterrein bedraagt de maximale hogere waarde 55 dB(A). De maximaal toelaatbare binnenwaarde in een verblijfsruimte van een woning bedraagt 35 dB(A). Cumulatie Indien woningen zich binnen de zones van meerdere geluidbronnen bevinden, moet onderzoek worden verricht naar de gecumuleerde geluidbelasting. Voor het bestemmingsplan is geen sprake van cumulatie van geluid. Wel is de gecumuleerde geluidbelasting door de 30 km/uur-wegen Maasstraat en Dorpsdijk en het industrieterrein Waal-/Eemhaven berekend. De karakteristieke geluidwering van de woning moet zijn afgestemd op deze gecumuleerde geluidbelasting.
Blad 2 van 5
Gemeentelijk toetsingskader In de ‘Beleidsregel vaststellen hogere waarde gemeente Albrandswaard’ (hierna Beleidsregel) zijn criteria vastgelegd voor het vaststellen van hogere waarden.
Akoestisch onderzoek De resultaten van het onderzoek naar de geluidbelasting op de geplande woning zijn weergegeven in het geluidrapport ‘Akoestisch onderzoek Herontwikkeling Maasstraat 27 Te Rhoon’ (projectnummer BP.2129.R01) van 11 oktober 2021 opgesteld door Kraaij Akoestisch Adviesbureau. Het akoestisch onderzoek voldoet aan de bepalingen van de Wet geluidhinder, de Handreiking Waal/Eemhaven en de Beleidsregel. Motivering besluit Industrielawaai ten gevolge van Waal-/Eemhaven Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat de geluidbelasting ten gevolge van het industrieterrein Waal-/Eemhaven op de woning de voorkeurswaarde van 50 dB(A) overschrijdt. De geluidbelasting bedraagt maximaal 52 dB(A). Het kosteneffectief reduceren van de geluidbelasting van industrieterrein Waal-/Eemhaven is niet mogelijk. Tijdens de sanering van het industrieterrein in de jaren ’90 zijn alle kosteneffectieve maatregelen reeds getroffen. De maximale hogere waarde van 55 dB(A) wordt niet overschreden, zodat een hogere waarde voor de woning kan worden vastgesteld. Cumulatie van geluid en gevelwering Voor de bepaling van de noodzakelijke geluidwering van de gevels van de woning dient naast het industrielawaai ook het nestgeluid en het verkeersgeluid door de 30 km/uur-wegen te worden beschouwd.
Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat de gecumuleerde geluidbelasting door de 30 km/uurwegen op de voorgevel van de woning 55 dB bedraagt. De voorgevel heeft hierdoor een geluidwering van 22 dB nodig. De geluidbelasting vanwege het industrieterrein Waal-/Eemhaven bedraagt 52 dB(A). Voor het nestgeluid (het geluid door afgemeerde schepen in de havens van het industrieterrein) wordt hierbij 1 dB(A) opgeteld. Dit betekent dat uitgegaan moet worden van een geluidbelasting van maximaal 53 dB(A) voor de gecumuleerde geluidbelasting door het industrieterrein. De benodigde geluidwering is lager dan de minimumeis uit het Bouwbesluit 2012. Beleidsregel hogere waarde Op grond van de 'Beleidsregel vaststellen hogere waarde gemeente Albrandswaard' voldoet de ontwikkeling aan het volgende criterium voor het vaststellen van hogere waarden: De woningen worden gesitueerd ter vervanging van bestaande bebouwing.
Blad 3 van 5
Besluit Gelet op: geluidrapport ‘Akoestisch onderzoek Herontwikkeling Maasstraat 27 Te Rhoon’ (projectnummer BP.2129.R01) van 11 oktober 2021 opgesteld door Kraaij Akoestisch Adviesbureau, artikel 59, lid 1 Wgh en artikel 110a Wgh besluiten Burgemeester en Wethouders van Albrandswaard voor het bestemmingsplan ‘Maasstraat 27 Rhoon’ de hogere waarde voor industrielawaai als volgt onder de volgende voorwaarden onherroepelijk vast te stellen: 1. Vast te stellen hogere waarden: Bestemming: Woning Omschrijving
Aantal
Woning
1
Bron
Hogere waarde in dB(A)
Industrieterrein Waal/Eemhaven
52
2. Voor de bepaling van de geluidwering van de gevels van de woning wordt uitgegaan van de gecumuleerde geluidbelasting. In artikel 5.4 van het Besluit geluidhinder is bepaald dat bij het Besluit hogere waarden een kaart hoort. In onderstaande figuur is de ligging van de woning met de betreffende hogere waarde weergegeven.
Blad 4 van 5
Overige regels en wetten Het onderhavige besluit betreft een ontheffing op grond van de Wet geluidhinder. Dit besluit laat onverlet dat er voor realisering van de ontwikkeling mogelijk rekening gehouden dient te worden met andere wettelijke bepalingen. Datum besluit: 7 december 2021
het college van de gemeente Albrandswaard, de adjunct secretaris, de burgemeester,
Marcel Schoonen
drs. Jolanda de Witte
Blad 5 van 5