18. 2024-049122 Raadsvoorstel voorjaarsnota 2025 Albrandswaard.pdf
Tekst van het document
Voorstel Onderwerp: Voorjaarsnota 2025 Albrandswaard
College van burgemeester en wethouders 4 juni 2024
Portefeuillehouder Mario Bianchi E-mailadres opsteller: r.v.d.stoel@albrandswaard.nl
Geadviseerd besluit 1. De uitgangspunten van de Voorjaarsnota 2025, genoemd in hoofdstuk B - Kaders Programmabegroting 2025-2028, vast te stellen en als kader te beschouwen voor de Programmabegroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028.
Zaaknummer 2024-049122
Openbaar
Raadsvoorstel Inleiding Voor u ligt de Voorjaarsnota 2025 waarin alle relevante ontwikkelingen zowel beleidsmatig als cijfermatig zijn opgenomen, inclusief een bijgewerkt financieel 10-jaars perspectief. U ziet dat de cijfermatige doorrekening dit jaar negatief uitpakt. We leggen in deze voorjaarsnota uit welke externe ontwikkelingen deze cijfers veroorzaken. Ook ziet u in het begeleidende raadsvoorstel het hoofdlijnen proces om met u als raad tot een begroting 2025 te komen die sluitend is en binnen de kaders van de provinciale toezichthouder past. Verder bevat de Voorjaarsnota 2025 de kaders die u ons gaat meegeven voor het opstellen van de Programmabegroting 2025. We schetsen in deze Voorjaarsnota ook ontwikkelingen van lopende zaken en doen voorstellen voor (voorlopige) continuering hiervan. Daarnaast stellen wij u een reeks van rekenkundige uitgangspunten voor die voor de opstelling van de concept-begroting van wezenlijk belang zijn, bijvoorbeeld loon- en prijsstijgingen in combinatie met rente- en inflatiepercentages. Voor het eerst hebben we in deze voorjaarsnota de uitkomsten van de meicirculaire d.d. 27-5-2024 direct verwerkt. Dit geeft u de meest actuele en juiste inzichten in de financiële ontwikkelingen. Er zijn 4 belangrijke (externe) factoren te vermelden voor het gepresenteerde tekort (gem. 3,5 mln zijnde ca. 5% van onze totale begroting): 1.
Gevolgen meicirculaire 2024. In de meicirculaire van 27-2024 is de aangekondigde nieuwe financierings-systematiek die zou leiden tot het ravijnjaar 2026 direct al doorgevoerd. 1 jaar eerder dan verwacht. Hiermee zijn ook de herijking van het gemeentefonds en de opschalingskorting gelijktijdig verwerkt. Daarnaast worden de financiële gevolgen van de nieuwe CAO ambtenaren van ongeveer 1,5 miljoen niet gecompenseerd en worden wij als Albrandswaard zelfs met 0,5 miljoen gekort (zie separate raadsinformatiebrief meicirculaire 2024). Per saldo lopen we hierdoor dus gelijk in 2025 er ongeveer 2,0 miljoen op achteruit. 2. Extra kosten sociaal domein, vooral GRJR. Bij het opstellen van onze eigen begroting 2025 moeten we voor het toezichtregime van de provincie de begrotingen van de GR’en volgen. Alleen al voor de GRJR zijn we dit jaar al geconfronteerd met een bijdrageverhoging van ongeveer 1,3 miljoen, (1e tussenrapportage 2024 afgerond 0,8 miljoen en in deze voorjaarsnota voor 2025 en verder nog eens afgerond 0,5 miljoen). 3. Verplichting provincie volgen indexeringen meicirculaire 2024. Ook hier geldt dat we voor het toezichtregime van de provincie de indexcijfers genoemd in de meicirculaire 2024 moeten volgen.
Voor 2025 hielden we al rekening met een reëel percentage, maar deze ligt nu aanzienlijk hoger en dient cumulatief (dus voor iedere jaarschijf oplopend) ook toegepast te worden. Dit loopt vooral in de jaren 2026 tot 2028 op tot ruim 2,0 miljoen in 2028. 4. Hogere rentestanden ten opzichte van eerdere besluitvorming/begrotingen. De actuele rente voor nieuwe leningen is inmiddels opgelopen tot ruim 3% terwijl we in onze eerdere berekeningen uitgegaan zijn van ongeveer 2%. Dit heeft met ons geprognosticeerde verhoogde investeringsvolume (Omloop, Antes, IHP) extra kosten tot gevolg die zullen oplopen tot 0,4 miljoen in 2028. De tekorten die wij nu presenteren, gelden voor vrijwel heel gemeentelijk Nederland. De financiële gevolgen van de mogelijke plaatsing/bouw van flexwoningen worden pas meegenomen na besluitvorming hierover door de raad. Daarnaast geldt tevens dat we voor een aantal grote financiële componenten onzekerheden bestaan in de landelijke besluitvorming. We hebben mogelijke ‘voordelen’ daarin nu niet meegenomen in deze voorjaarsnota (zoals de compensatie van WMO gelden, extra uitvoeringskosten Omgevingswet en mogelijk meer mogelijkheden van BTW compensatie). Het college heeft opdracht gegeven om te komen tot een sluitende begroting voor 2025, waarmee de provincie als toezichthouder kan instemmen.
Samengevat is het zorgen voor een sluitende meerjarenbegroting een opgave van formaat, waarvoor uw raad en ons college gezamenlijk staan. Een uitdaging die we met veel energie en vertrouwen aangaan. Beoogd effect Het doel van de voorjaarsnota is kaders te stellen voor de programmabegroting 2025 en haar meerjarenraming 2026-2028.
2/5
Argumenten 1.1 Om de programmabegroting 2025 op te stellen is het nodig om vooraf kaders vast te stellen. Hiermee wordt duidelijkheid verschaft binnen welke kaders het beleid en de gemeentelijke taken worden vormgegeven en uitgevoerd. Overleg gevoerd met N.v.t. Kanttekeningen 1.1 De financiële gevolgen voor de programmabegroting 2025 zijn niet exact te voorspellen. Bij het opstellen van de programmabegroting wordt duidelijk hoe de uitgangspunten exact uitpakken voor de financiële opstelling van Albrandswaard. Eén uitgangspunt is dat de programmabegroting 2025 op basis van de meicirculaire 2024 van het Rijk wordt opgesteld. Nieuwe informatie over financiële risico’s in relatie tot de exploitatiebudgetten en het weerstandsvermogen kan nog tot andere inzichten en uitkomsten leiden. Uitvoering/vervolgstappen In tabelvorm leidt dit tot de volgende concept (vervolg)planning: deze kan nog gaan afwijken omdat nog niet alle momenten zijn ingepland. Datum Product Gremium Actie 4 juni VJN. B&W VJN vaststellen 17 juni VJN. Audit commissie Presentatie VJN, met open bespreking/opiniering welke punten bespreekbaar zijn in een ombuigingstraject. Juni/juli Proces ombuigingen. managers/ Bespreking waar domeinen zelf ruimte teamleiders zien in budget. 27 augustus Opbrengst B&W Keuzes ombuigingsvoorstellen. ombuigingsproces.
5 september Concept Begroting met als Financiën Concept Begroting 2025-2028 gereed. 1e wijziging de ombuigingvoorstellen. Begin Ombuigingsvoorstellen. Raad Technische sessie met de raad. september Nog te plannen. 17 september Concept Begroting 2025B&W Vaststellen. 2028. 24 september 1e begrotingswijziging B&W Vaststellen. inclusief ombuigingsvoorstellen. 1 oktober Concept Begroting. Audit commissie Presentatie concept begroting inclusief ombuigingen. 14/15 oktober 1e begrotingswijziging Commissie P&C Technische sessie met de raad. inclusief ombuigingsvoorstellen. 11 november Begroting Raad Vasstellen begroting 2025-2028 inclusief 1e begrotingswijziging (ombuigingen). Financiën Voorjaarsnota 2025 De Voorjaarsnota geeft het financieel perspectief voor de komende jaren. Bij het opstellen van de programmabegroting 2025 kijken wij kritisch naar welke budgetten, dan wel opbrengsten, reëel bijgesteld kunnen of moeten worden. Het vertrekpunt voor de concept begroting 2025 is het onderstaand "financieel perspectief begroting 2025".
3/5
Inclusiviteitstoets N.v.t. Communicatie/participatie na besluitvorming n.v.t.
Bijlagen 1. Voorjaarsnota 2025 Albrandswaard. 2. Ter extra informatie: Raadsinformatiebrief planning Voorjaarsnota 2025 Albrandswaard.
4/5
CONCEPT RAADSBESLUIT Onderwerp: Voorjaarsnota 2025 Albrandswaard
Zaaknummer:
De raad van de gemeente Albrandswaard, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders op 4 juni 2024,
BESLUIT: 1. De uitgangspunten van de Voorjaarsnota 2025, genoemd in hoofdstuk B - Kaders Programmabegroting 2025-2028, vast te stellen en als kader te beschouwen voor de Programmabegroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028.
5/5
Voorjaarsnota 2025 Albrandswaard
1
INHOUDSOPGAVE
Inhoud VOORJAARSNOTA 2025 ALBRANDSWAARD ............................................................................... 1 INHOUDSOPGAVE ............................................................................................................................ 2 VOORWOORD ................................................................................................................................... 3 A. FINANCIËLE UITGANGSPOSITIE................................................................................................ 5 B. KADERS PROGRAMMABEGROTING 2025-2028 ....................................................................... 7 C. ACTUELE EN AUTONOME ONTWIKKELINGEN. ..................................................................... 11 D. BEDRIJFSVOERING ................................................................................................................... 16 E. INVESTERINGEN ONVERMIJDELIJK........................................................................................ 17 F. GEVOLGEN GEMEENTELIJK BELASTINGBELEID ................................................................. 18 G. BUDGETTEN GEWENST. ........................................................................................................... 19 BIJLAGE 1. FINANCIEEL 10-JAARS PERSPECTIEF. .................................................................. 20
2
VOORWOORD Voor u ligt de Voorjaarsnota 2025 waarin alle relevante ontwikkelingen zowel beleidsmatig als cijfermatig zijn opgenomen, inclusief een bijgewerkt financieel 10-jaars perspectief. U ziet dat de cijfermatige doorrekening dit jaar negatief uitpakt. We leggen in deze voorjaarsnota uit welke externe ontwikkelingen deze cijfers veroorzaken. Ook ziet u in het begeleidende raadsvoorstel het hoofdlijnen proces om met u als raad tot een begroting 2025 te komen die sluitend is en binnen de kaders van de provinciale toezichthouder past. Verder bevat de Voorjaarsnota 2025 de kaders die u ons gaat meegeven voor het opstellen van de Programmabegroting 2025. We schetsen in deze Voorjaarsnota ook ontwikkelingen van lopende zaken en doen voorstellen voor (voorlopige) continuering hiervan. Daarnaast stellen wij u een reeks van rekenkundige uitgangspunten voor die voor de opstelling van de concept-begroting van wezenlijk belang zijn, bijvoorbeeld loon- en prijsstijgingen in combinatie met rente- en inflatiepercentages. Voor het eerst hebben we in deze voorjaarsnota de uitkomsten van de meicirculaire d.d. 27-5-2024 direct verwerkt. Dit geeft u de meest actuele en juiste inzichten in de financiële ontwikkelingen. Er zijn 4 belangrijke (externe) factoren te vermelden voor het gepresenteerde tekort (gem. 3,5 mln zijnde ca. 5% van onze totale begroting): 1.
Gevolgen meicirculaire 2024.
In de meicirculaire van 27-2024 is de aangekondigde nieuwe financierings-systematiek die zou leiden tot het ravijnjaar 2026 direct al doorgevoerd. 1 jaar eerder dan verwacht. Hiermee zijn ook de herijking van het gemeentefonds en de opschalingskorting gelijktijdig verwerkt. Daarnaast worden de financiële gevolgen van de nieuwe CAO ambtenaren van ongeveer 1,5 miljoen niet gecompenseerd en worden wij als Albrandswaard zelfs met 0,5 miljoen gekort (zie separate raadsinformatiebrief meicirculaire 2024). Per saldo lopen we hierdoor dus gelijk in 2025 er ongeveer 2,0 miljoen op achteruit. 2.
Extra kosten sociaal domein, vooral GRJR.
Bij het opstellen van onze eigen begroting 2025 moeten we voor het toezichtregime van de provincie de begrotingen van de GR’en volgen. Alleen al voor de GRJR zijn we dit jaar al geconfronteerd met een bijdrageverhoging van ongeveer 1,3 miljoen, (1e tussenrapportage 2024 afgerond 0,8 miljoen en in deze voorjaarsnota voor 2025 en verder nog eens afgerond 0,5 miljoen). 3.
Verplichting provincie volgen indexeringen meicirculaire 2024.
Ook hier geldt dat we voor het toezichtregime van de provincie de indexcijfers genoemd in de meicirculaire 2024 moeten volgen. Voor 2025 hielden we al rekening met een reëel percentage, maar deze ligt nu aanzienlijk hoger en dient cumulatief (dus voor iedere jaarschijf oplopend) ook toegepast te worden. Dit loopt vooral in de jaren 2026 tot 2028 op tot ruim 2,0 miljoen in 2028. 4.
Hogere rentestanden ten opzichte van eerdere besluitvorming/begrotingen.
De actuele rente voor nieuwe leningen is inmiddels opgelopen tot ruim 3% terwijl we in onze eerdere berekeningen uitgegaan zijn van ongeveer 2%. Dit heeft met ons geprognosticeerde verhoogde investeringsvolume (Omloop, Antes, IHP) extra kosten tot gevolg die zullen oplopen tot 0,4 miljoen in 2028. De tekorten die wij nu presenteren, gelden voor vrijwel heel gemeentelijk Nederland.
3
De financiële gevolgen van de mogelijke plaatsing/bouw van flexwoningen worden pas meegenomen na besluitvorming hierover door de raad. Daarnaast geldt tevens dat we voor een aantal grote financiële componenten onzekerheden bestaan in de landelijke besluitvorming. We hebben mogelijke ‘voordelen’ daarin nu niet meegenomen in deze voorjaarsnota (zoals de compensatie van WMO gelden, extra uitvoeringskosten Omgevingswet en mogelijk meer mogelijkheden van BTW compensatie). Het college heeft opdracht gegeven om te komen tot een sluitende begroting voor 2025, waarmee de provincie als toezichthouder kan instemmen. Samengevat is het zorgen voor een sluitende meerjarenbegroting een opgave van formaat, waarvoor uw raad en ons college gezamenlijk staan. Een uitdaging die we met veel energie en vertrouwen aangaan. Het college van Albrandswaard, Juni 2024.
4
A. FINANCIËLE UITGANGSPOSITIE Zoals al in het voorwoord aangegeven dient dit document tot kaderstelling voor het opstellen van onze begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028. Kaders zijn zowel beleidsuitgangspunten als rekenkundige kaders (parameters).
Algemene financiële kaders
Algemeen kader is dat de gemeentefinanciën een solide basis vormt voor het gemeentelijk beleid en de gemeentelijke ambities. Beleid en ambitie zullen aan de voorkant aan dit principe worden getoetst. Eventuele tekorten die in programma’s van de begroting ontstaan, of extra uitgaven die moeten worden gedaan, dienen in eerste aanleg ook binnen het programma zelf te worden opgelost. Het weerstandsvermogen van de gemeente Albrandswaard dient voldoende te blijven gezien alle financiële onzekerheden waarmee wij als gemeente mee te maken hebben. Deze financiële onzekerheden zijn ook niet altijd goed te kwantificeren. De bestemmingsreserves dekken specifieke risico’s af, maar niet allemaal. Op 31 december 2023 bedraagt de algemene reserve afgerond € 15 miljoen voor resultaatbestemming van de jaarrekening 2023. De reservepositie blijft de komende jaren een belangrijk aandachtspunt.
Financieel toezichtkader van de provincie
In de begrotingscirculaire in 2024 hebben Gedeputeerde staten de volgende uitgangspunten aangegeven waar de begroting 2025 aan moet voldoen om voor repressief toezicht in aanmerking te blijven komen. 1. De begroting 2025 dient structureel en reëel in evenwicht te zijn of, als dat niet het geval is, dient de meerjarenraming aannemelijk te maken dat dit evenwicht in 2028 uiterlijk tot stand wordt gebracht. 2. De vastgestelde jaarrekening 2023 en de begroting 2025 dienen tijdig, respectievelijk voor 15 juli en voor 15 november aan Gedeputeerde staten te zijn toegezonden. Naast deze uitgangspunten geldt ook dat de jaarrekening 2023 structureel en reëel in evenwicht moet zijn. Als dit niet het geval is zal het structureel tekort worden betrokken bij het onderzoek van de begroting 2025. Dat betekent dat in de jaarrekening inzicht moet worden gegeven in het structurele en incidentele aandeel van het tekort. Met het ‘structureel en reëel evenwicht” in bovenstaande punten wordt bedoeld dat in de begroting de structurele lasten zijn gedekt door structurele baten en dat er sprake is van realistische ramingen.
5
Financieel perspectief Voorjaarsnota 2025
Het vertrekpunt voor de voorjaarsnota 2025 wordt gevormd door de bijgestelde begroting 2024-2027 aangevuld met jaarschijf 2028 en besluitvorming welke na vaststelling van de begroting 2024 en jaarrekening 2023 plaatsvindt. In onderstaande tabel wordt een financiële samenvatting gegeven van deze voorjaarsnota.
Financieel perspectief begroting 2025 2025
Omschrijving
2026
2027
2028
Meerjarig perspectief van de Begroting 2024
12.200
Structurele gevolgen 2e tussenrapportage 2023
106.800
17.800
17.800
17.800
Gevolgen septembercirculaire en decemberciculiare 2023
559.000
317.800
995.000
2.575.000
Structurele effecten 1e tussenrapportage 2024
-2.007.000
-1.857.500
-1.858.500
-1.858.500
Stand na 1e tussenrapportage 2024
-1.329.000
-3.503.800
-1.964.600
-253.600
Nog te verwerken financierings- en afschrijvingslasten
-268.000
-879.000
-2.168.000
-2.496.000
Dekking uit stelpost nieuw beleid
968.800
1.278.800
1.893.800
1.893.800
Gevolgen meicirculaire 2024
-557.100
268.500
159.400
202.700
-1.185.300
-2.835.500
-2.079.400
-653.100
B. Rekenkundige en algemene kaders.
-1.241.200
-2.099.300
-3.147.300
-4.110.100
C. Actuele en Autonome ontwikkelingen.
-350.000
-50.000
-20.000
-20.000
D. Bedrijfsvoering.
-558.700
-619.200
-619.200
-619.200
25.400
27.000
24.500
27.000
0
0
0
200.000
-2.124.500
-2.741.500
-3.762.000
-4.522.300
-3.309.800
-5.577.000 -5.841.400
-5.175.400
Uitgangspunt voorjaarsnota 2025
E. Investeringen (Onvermijdelijk). F. Gevolgen gemeentelijk belastingbeleid. Saldo Voorjaarsnota 2025:
Saldo meerjarenperspectief Onvermijdelijk.
-1.981.900
-1.118.900
Voor het lange termijn overzicht verwijzen wij u naar Bijlage 1 het 10-jaars perspectief.
6
-987.900
B. KADERS PROGRAMMABEGROTING 2025-2028 Het ontwerpproces van de Programmabegroting 2025-2028 start met het aangeven van de kaders door de raad.
Kaderstelling programmabegroting 2025
Als basis voor het ontwerp van de primitieve Programmabegroting 2025-2028 stellen wij voor de volgende kaders te hanteren: a. Vertrekpunt voor de concept- Programmabegroting 2025-2028 is het saldo van de begroting 2024 met inachtneming van de uitkomsten van de voorjaarsnota. b. Wij verwerken de gevolgen van de meest actuele financiële ontwikkelingen rondom de producten en het meerjareninvesteringsprogramma en voeren daarvoor reële ramingen op. c. Het beroep op het gemeentelijk weerstandsvermogen (algemene reserve) om tekorten in de exploitatie te dekken dient zo beperkt mogelijk te blijven. d. Wij hanteren bij de opstelling van het begrotingsproces de rekenkundige waarden zoals hieronder opgenomen tabel A en B. Tabel A Jaar
Woningvoorraad per 1-1*
2024 2025
10.730
2026
10.805
2027
10.958
2028
11.147
Inwoners per 1-1** 26.361
10.827
26.594 26.541 26.908 27.362
* Bron: Planmonitor domein Ruimte. ** Bron: Inwoners doorberekend naar woningvoorraad en gemiddelde huishoudensgrootte Albrandswaard volgens CBS.
Tabel B Omschrijving Prijsontwikkeling: Inflatiecorrectie CAO-loon indexering Subsidies: Compensatie instellingen voor prijs- en loonontwikkelingen Gemeenschappelijke regelingen: Individuele begrotingen volgen per GR, anders: Brief kring gem. secretarissen, max. index: Mutaties gemeentelijke tarieven: Onroerende zaakbelastingen (opbrengst) Leges etc. Inkomsten uit verhuur Afvalstoffenheffing kostendekkend (kd) Rioolrecht kostendekkend (kd) Begraafplaatsen (nkd) Financiering: Renteomslag (Inclusief grondexploitaties) Rente financieringen (Jaarrekening 2023)
2025 2,2% 4,4% 2,2%
6,8% 3% 3% 3% kd kd nkd 0,51% 3,00%
Gemeentefondsuitkering (circulaire)
Mei 2024
7
Toelichting en financiële gevolgen van kaderstelling Inflatiecorrectie. In het centraal economisch plan 2025 van het CPB wordt de inflatie (prijs overheidconsumptie conform meicirculaire 2024) voor 2025 gesteld op 2,2%. Voor de ontwikkeling van de CAO lonen 2025 hanteren we het cijfer “Loonvoet sector overheid” uit de meicirculaire 2024 van het gemeentefonds van 4,4%. Index subsidies. In de subsidieverordening is geregeld dat gesubsidieerde instelling compensatie krijgen voor de (loon)kosten verbonden aan de ontwikkelingen van de sectoriale CAO’s. Hiervoor wordt de prijs overheidconsumptie conform meicirculaire 2024) voor 2025 van 2,2% gehanteerd. Hierbij plaatsen we de kanttekening dat in sommige sectoren waarmee wij in onze begroting te maken hebben, zoals met name in het sociaal domein, de ontwikkelingen in de CAO’s uitstijgen boven deze 2,2% en we voor het provinciale toezicht verplicht zijn hun ingediende begroting te volgen. Index gemeenschappelijke regelingen. Voor de GR’en regio Rotterdam – Rijnmond en NRIJ wordt jaarlijks een (raads)besluit genomen om de berekeningsystematiek van de financiele werkgroep van de Kring van gemeentesecretarissen te volgen. Deze komt uit op 6,8%.
Dit zijn indicaties, indien beschikbaar worden de cijfers vanuit (concept) kadernota’s en begrotingen van de GR’en gehanteerd; en worden uiteindelijk de cijfers uit de vastgestelde begroting van de desbetreffende GR’en gevolgd. Index gemeentelijke tarieven. Voor de gemeentelijke heffingen geldt het uitgangspunt van kostendekkend. Voor de leges en inkomsten uit verhuur geldt een tariefstijging van 3%. De onroerende zaakbelasting (OZB) wordt toegelicht in onderdeel F van deze voorjaarsnota. Rente. Renteomslag (inclusief grondexploitaties). De rentelasten worden volgens de renteomslag methodiek toegerekend naar de programma’s. Dit betekent dat onze jaarlijkse uitgaven aan rente gedekt worden uit de raadsprogramma’s waar gedane investeringen betrekking op hebben. Bij het opstellen van de programmabegroting wordt dit bekend. Op basis van de notitie rente 2023 van de commissie BBV, hebben wij gekozen om voor de hele gemeente 1 omslagrente te gaan hanteren ingaande begrotingsjaar 2025. Hiermee zijn alle projecten binnen de gemeente eenduidig vergelijkbaar en worden de administratieve lasten verlaagd. Marktrente financieringstekort. De marktrente voor het te berekenen financieringstekort wordt gebaseerd op een 20-jarige lening met lineaire aflossing: 3,0%. Als uitgangspunt hanteren wij in deze voorjaarsnota een rente van 3,0% meerjarig voor nieuw af te sluiten leningen vanaf 2024.
Investeringen 2025-2028. Voor de programmabegroting 2025 wordt volgens het vigerende beleid van de nota Activabeleid gemeente Albrandswaard een investeringslijst 2025-2028 opgesteld. Een realistische planning van deze investeringen moet leiden tot een evenwichtige spreiding over de planperiode. De kapitaallasten zijn gerekend vanaf 1 januari van het jaar ná oplevering van de investering. Reële productramingen. Bij het opstellen van de begroting 2025 worden eventuele taakstellingen vanuit het verleden beoordeeld op haalbaarheid. Ramingen voor producten en taakvelden dienen reëel te zijn gelet op de opgaves en activiteiten die bekostigd moeten worden.
8
Financiële aspecten B. Rekenkundige en algemene kaders Ontwikkeling
Omschrijving
Structurele gevolgen
Inflatie 2,2% meicirculaire 2024
Financiële gevolgen prijs overheidsconsumptie CpB
Index subsidies 2,2% meicirculaire 2024
2025
2026
2027
2028
76.500
-154.000
-389.500
-630.200
Financiële gevolgen prijs overheidsconsumptie CpB
-71.500
-144.600
-219.300
-295.600
Indexatie lonen 4,4% meicirculaire 2024
Financiële gevolgen hanteren loonvoet sector overheid Albrandswaard en SWO Ridderkerk.
-470.400
-1.030.000
-1.763.800
-2.404.600
GRJR
Toename bijdrage inclusief indexatie obv concept begroting GRJR. Bijdrage 2025 wordt € 4.880.900,-
-478.000
-478.000
-478.000
-478.000
-71.000
-64.000
-68.000
-73.000
pm
pm
pm
pm
-69.800
-71.800
-71.800
-71.800
-67.700
-67.700
-67.700
-67.700
-26.500
-26.400
-26.400
-26.400
-35.300
-35.300
-35.300
-35.300
-8.900
-8.900
-8.900
-8.900
-18.600
-18.600
-18.600
-18.600
-1.241.200
-2.099.300
-3.147.300
-4.110.100
SVHW
MRDH
VRR
CJG
DCMR
Werkplan DCMR
NRIJ GGD-RR Totaal Rekenkundige en Algemene kaders
Stijging deelnemersbijdrage obv concept begroting SVHW 2025. Bijdrage 2025 wordt € 354.000 Geen aanpassing van de bijdrage verwacht.(Bijdrage 2025 is € 81.100,-) Toename bijdrage obv conceptbegroting VRR 2024 Bijdrage 1.796.900 wordt € 1.809.700 ,- incl DVO (Pilot Brandweer €78.000,structureel maken). Toename bijdrage obv concept begroting 2025 van € 972.300,- naar € 1.040.000 Vaste bijdrage obv concept begroting van € 522.100 (incl. werkplanbijdrage) naar € 499.225 Uitbreiding van taken o.a. door woningbouwontwikkelingen in Albrandswaard Bijdrage obv concept begroting van € 224.000 naar € 232.900 Bijdrage obv concept begroting van € 269.100,naar € 287.700
9
Werkplan DCMR: Uitbreiding van taken o.a. door woningbouwontwikkelingen in Albrandswaard. Het budget is nodig voor de advisering op het gebied van milieu bij woningbouwontwikkelingen in Albrandswaard. Het gaat om advisering over bijvoorbeeld wijzigingen in het omgevingsplan en om het opstellen van verplichte Milieu Effect Rapportages (MER). VRR Bijdrage – Pilot Brandweer structureel. Afgelopen jaar zijn we gestart met de pilot van de wijkbrandweer. De wijkbrandweerman heeft afgelopen jaar geprobeerd middels persoonlijk en laagdrempelig contact de brandveiligheid te vergroten in de gemeente. Dit door bijvoorbeeld voorlichting op scholen, seniorencomplexen en in wijkgebouwen. Verder heeft de wijkbrandweer huisbezoeken afgelegd voor woningchecks en heeft de wijkbrandweerman spreekuren gehouden. Middels een evaluatie is gebleken dat inwoners, maar ook verschillende partners zoals de politie, buurtpreventie en woningbouwverenigingen de inzet van de wijkbrandweerman een aanwinst vinden voor de gemeente dienstverlening. De structurele financiële gevolgen (€ 78.000,-) van de inzet worden als extra bijdrage aan de VRR aan u voorgelegd in deze voorjaarsnota 2025.
10
C. ACTUELE EN AUTONOME ONTWIKKELINGEN. Actuele en autonome ontwikkelingen vinden plaats die hun invloed hebben op de beleidsagenda van 2025 en de financiën van Albrandswaard. Ook zijn aanpassingen nodig op het bestaande beleid. In deze paragraaf benoemen wij de onderwerpen en geven daar waar mogelijk de financiële gevolgen weer.
Overzicht ontwikkelingen op belangrijke thema’s. Financierings-systematiek.
In de meicirculaire 2024 is de nieuwe financieringssystematiek vervroegd van 2027 naar 2024. Het betekent dat volume accres vanaf 2024 wordt gebaseerd op een 8-jaars historisch gemiddelde (t-9 t/m t-2) van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp). Door het toepassen van de ontwikkeling van het bbp vanaf 2024 zijn de tranches voor de jaren 2024 en 2025 lager dan in de Miljoenennota 2024. Verder worden de tranches voor de jaren 2024 en 2025 structureel opgenomen in plaats van incidenteel. Hierdoor is het volume accres voor de jaren 2024 en 2025 lager dan in de septembercirculaire 2023 en vanaf 2026 en verder hoger. Deze nieuwe systematiek betekent een negatieve bijstelling van de Algemene Uitkering in het jaar 2025 en minder positieve bijstellingen voor de jaren 2026-2028.
Hervormingsagenda Jeugd. De hervormingsagenda 2023-2028 is in juni 2023 vastgesteld. Deze agenda heeft als doel knelpunten in de jeugdzorg structureel aan te pakken. Een ander doel is het jeugdzorgstelsel financieel houdbaar te maken voor de toekomst. Geconstateerde trends hangen deels samen met ontwikkelingen in de jeugdzorg zelf. Maar voor een groot deel hangen deze samen met veranderingen in de maatschappelijke context en in aanpalende domeinen als het onderwijs (mede in verband met de prestatiedruk), de volwassenenzorg, veiligheid en de sociale zekerheid. Binnen de jeugdzorg is de marktwerking doorgeschoten, waardoor het zorglandschap niet meer overzichtelijk is en de noodzakelijke samenwerking moeilijker is geworden. Administratieve lasten zijn hoog. Tegelijkertijd schort het aan passende en beschikbare zorg voor de meest kwetsbare kinderen, bijvoorbeeld kinderen met een beschermingsmaatregel, met ernstige psychiatrische problematiek of met een beperking of chronische aandoening.De uitgaven van de jeugdzorg zijn flink gestegen. Er wordt in Albrandswaard gekeken naar de kostenstijging van de jeugdzorg GRJR en hoe we dit kunnen verminderen. De Hervormingsagenda is, zoals de naam al aangeeft, vormgegeven als een agenda. Elk thema bevat diverse maatregelen.
Om de beoogde doelen van de maatregelen te realiseren, en daarmee de agenda tot een succes te maken, is lokale en regionale implementatie noodzakelijk. Dit kan bijvoorbeeld door de aangepaste wet- en regelgeving of de opgestelde handreiking toe te passen in het regionale of lokale beleid, de uitvoering van zorg en de verdere lokale praktijk. Uitvoering geven aan deze hervormingsagenda gaat een belangrijk speerpunt van 2024/2025 en 2026 zijn. De verwachting is dat dit extra ambtelijke capaciteit gaat vragen.
11
Opschalingskorting.
In de meicirculaire 2024 is de oploop van de opschalingskorting vanaf 2026, een structurele uitname van € 675 miljoen, geschrapt
Huishoudelijke verzorging.
Sinds de invoering van het abonnementstarief voor de Wmo kunnen huishoudens gebruik maken van Wmo-voorzieningen voor een vast tarief van € 20,60 per maand, ongeacht inkomen, vermogen of gebruik. Door het abonnementstarief is het gebruik van Wmo-voorzieningen, en in het bijzonder de huishoudelijke verzorging, sterker gestegen dan verwacht. Het kabinet was al van plan om voor één onderdeel van de Wmo 2015, de huishoudelijke hulp, een passende eigen bijdrage in te voeren. In het coalitieakkoord was afgesproken om dit per 1 januari 2025 te realiseren. Door het nieuwe besluit om de inkomensafhankelijke eigen bijdrage te verbreden naar alle Wmo-voorzieningen wordt de invoeringsdatum een jaar opgeschoven naar 1 januari 2026.
Eigen bijdrage Wmo.
Het woonplaatsbeginsel Beschermd wonen.
In 2022, 2023 en 1e kwartaal 2024 is er nog steeds sprake van een jaarlijkse stijging in het aantal toekenningen per jaar. De verwachting is dat pas in 2026 het aantal toekenningen zal afnemen, echter dit zal mede afhankelijk zijn van de invoering van een nieuw te berekenen inkomensafhankelijke bijdrage. Voor 2025 houden we vooralsnog rekening met een toename van kosten van € 250.000,- De exacte kosten zijn nu nog niet in beeld, de komende maanden gaan we daar meer zicht op krijgen voor de begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2028. De middelen die het Rijk in verband met de invoering en aanzuigende werking van het abonnementstarief aan het Gemeentefonds heeft toegevoegd en hiervoor nog toevoegt (zoals toegezegd in het IZA) worden vanaf het jaar van inwerkingtreding van het wetsvoorstel (grotendeels) uitgenomen uit het Gemeentefonds. Of de uitname uit het gemeentefonds budgetneutraal kan plaatsvinden is nog onduidelijk. Het woonplaatsbeginsel Beschermd Wonen (BW) betekent dat elke gemeente verantwoordelijk wordt voor BW voor haar eigen inwoners, ook wanneer die naar een andere gemeente verhuizen omdat daar de beste plek voor herstel is. Het wetsvoorstel woonplaatsbeginsel, dat sinds begin dit jaar bij de Tweede Kamer ligt voor behandeling, is nog steeds controversieel verklaard. Daardoor kan het niet meer voor het zomerreces door de Tweede en Eerste Kamer behandeld worden.
De nieuwe streefdatum voor invoering is nu 1 januari 2026. Ook het objectieve verdeelmodel voor de middelen die gemeenten ontvangen voor BW wordt nog niet ingevoerd. Dat is immers onlosmakelijk verbonden met het woonplaatsbeginsel. De centrumgemeenten blijven deze middelen in 2025 dus ontvangen op basis van het huidige historische verdeelmodel. De verwachting is dat vanaf 2026 op basis van dit verdeelmodel vanuit de regio voor Albrandswaard ongeveer € 10.000,- moet worden bijgeraamd. Voor nu wachten we de besluitvorming af.
12
Beschermd wonen Loonkosten/inkoop vanaf 2025.
Voor de Uitvoeringskosten BW zijn de loonkosten geactualiseerd naar prijspeil 2024. Voor de overige kosten is er nog geen rekening gehouden met de prijseffecten van de nieuwe inkoop Wmo maatwerkondersteuning 2025. Gemeente Rotterdam doet nu onderzoek naar kosten en zal daarna een terugkoppeling geven aan andere gemeenten en mogelijk bijstelling van het verdeelmodel bespreken. We moeten dus rekening gaan houden met extra kosten hiervoor en komen hier in de P&C cyclus t.z.t. op terug.
Participatie/BUIG.
Op basis van de gegevens op dit moment moeten we concluderen dat we in 2024 tekort gaan komen op de beschikbaargestelde BUIG-middelen. Aangezien we in mei weer een beschikkingsbrief van het Rijk zullen ontvangen met daarin nieuwe cijfers en inzichten, hebben we besloten om met de 1e tussenrapportage 2024 nog niet bij te ramen. We zien dat de problematiek zwaarder wordt (multiproblematiek) waardoor langere trajecten nodig zijn om cliënten een stapje dichter bij ( vrijwilligers) werk te laten komen. Dit vertaalt zich naar alle verwachting in extra kosten binnen het reintegratiebudget. Het is nog te onduidelijk welke financiële gevolgen dit dus exact zal gaan hebben, maar in de loop van 2024 krijgen we daar meer zicht op.
Statushouders/vluchtelingen We verwachten een toename van het aantal statushouders en daarmee opvang. ook extra aanvragen voor onze gemeente. Deze toename is nog niet vertaald in uitgaven en formatie in de huidige begroting 2024 en zal worden meegenomen in ons totale organisatie/formatieontwikkelingsplan. Doelgroepenindicatie.
We zien een toename van jongeren met een doelgroepenindicatie, deze toename (in kosten en formatie) is nog niet voorzien in begroting 2024 maar voor nu ook nog niet duidelijk (financieel) te ramen.
Integraal Huisvestingsplan onderwijs.
Op 18 december 2023 heeft de gemeenteraad het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) goedgekeurd. Daarnaast heeft de gemeenteraad ook het besluit genomen om op de locatie van het voormalige Veerhuys een dislocatie (onderwijs)locatie voor de Don Bosco School te bouwen. De ontwikkeling van het aantal leerlingen in Rhoon geeft een aanzienbare stijging weer. Met het locatiebesluit voor de Don Bosco School is de eerste stap gezet om het lokalen tekort voor deze school op te lossen. Voor wat betreft de Julianaschool met twee schoolgebouwen in Rhoon zijn de gemeente en het bestuur van de Julianaschool nog in overleg over de scenario’s. De school heeft volgens de verordening recht op permanente uitbreiding en de bestaande gebouwen zijn al “op leeftijd”. De ruimtelijke en financiële gevolgen van de mogelijke scenario’s worden komende periode in kaart gebracht. Een breder (scenario)onderzoek is noodzakelijk om een verantwoord besluit te kunnen nemen over de onderwijshuisvesting in de periode tot 2031.
Onderhouds- en verduurzamingsplannen gemeentelijk vastgoed.
De nota maatschappelijk vastgoed is in 2022 vastgesteld. Naar aanleiding van dit besluit is onderzoek gedaan naar de bouwkundige staat en het toekomstig onderhoud van de gebouwen. Het college heeft in 2023 de MJOP’s voor de gemeentelijke vastgoedportefeuille goedgekeurd. Bij het opstellen van de onderhoudsplannen (MJOP’s) zijn een viertal objecten naar voren gekomen gezien de opvallend hoge mate van 13
onderhoudskosten de komende periode. Voor deze vier objecten volgt een verdiepingsonderzoek om te kijken of de onderhoudskosten in verhouding staan tot het maatschappelijk rendement/gebruik van het gebouw. Naast de reguliere onderhoudsplannen (MJOP’s) voor de gemeentelijke vastgoedportefeuille gaat het onderzoek uitgebreid worden om bij de natuurlijke vervangingsmomenten verduurzamingsmaatregelen toe te passen. Dit om de gemeentelijke portefeuille op termijn te laten voldoen aan het klimaatakkoord. De uitkomsten helpen de gemeente bij de strategie voor de toekomst. Nieuwe aanbestedingen Openbare Ruimte.
Dit jaar en komend jaar moeten diverse aanbestedingen voor het onderhoud van de openbare ruimte opnieuw aanbesteed worden. Gezien de gestegen kosten is de verwachting dat de nieuwe aanbestedingen een stuk hoger gaan uitvallen dan nu het geval is. Bij de nieuwe aanbestedingen zal kritisch gekeken worden naar de bestekken en waar door behulp van slimme keuzes overbodige kosten voorkomen kunnen worden. Verwachting is alleen dat dit niet voldoende gaat zijn om de gestegen kosten op te kunnen vangen.
Flexwoningen.
Voor het zomerreces van 2024 zal de raad naar verwachting een voorstel behandelen voor het realiseren van flexwoningen. Tot dat moment kunnen de financiële gevolgen nog niet exact bepaald worden en worden deze pas na besluitvorming verwerkt in het begrotingssaldo. De cijfers zijn dus nog niet verwerkt in deze voorjaarsnota 2025.
Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG).
Het CJG is op dit moment gevestigd op twee locaties in Albrandswaard. In het koetshuis in Rhoon en in het gezondheidscentrum in Portland. Het CJG heeft aangegeven dat het niet houdbaar is om op 2 locaties goede dienstverlening te blijven verlenen. Zij willen graag terug naar een centrale locatie. Omdat de gemeente de kosten voor de huisvesting volledig draagt laten wij onderzoeken of dit binnen de huidige financiële kaders haalbaar is. De raad zal op de hoogte gehouden geworden van de ontwikkelingen.
Omgevingswet: Uitvoering van taken m.b.t. het omgevingsplan.
Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet spreken we niet meer van bestemmingsplannen maar van één omgevingsplan voor de gehele gemeente. Voor dat omgevingsplan is vorig jaar gewerkt aan het casco (de inhoudsopgave). Dit casco moet worden aangevuld met (lokale) regels, regels die gaan over effecten op de fysieke leefomgeving in breedste zin, het maken van toepasbare regels en dit alles moet digitaal worden ontsloten. De wet geeft tot 2032 om het omgevingsplan aan te passen. Echter, om grotere ontwikkelingen mogelijk te blijven maken is het noodzakelijk dat het omgevingsplan de komende jaren verder wordt ingevuld. Inschatting kosten: 2025 € 50.000; Daarna structureel € 20.000 voor het actueel houden van het plan.
Omgevingsvisie: Omgevingsvisie vaststellen, inclusief plan MilieuEffectRapportage (MER).
Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet en de bijbehorende invoeringswet van kracht geworden. Deze wet verplicht gemeenten ertoe om uiterlijk op 1 januari 2027 een omgevingsvisie te hebben vastgesteld. Om als gemeente Albrandswaard aan deze verplichting te voldoen, zal in 2024 het project omgevingsvisie inclusief plan MER opnieuw worden opgestart. Voor 2025 en 2026 is budget nodig voor het doorlopen van procedures en voor het afronden van de Omgevingsvisie. Inschatting kosten: 2025 € 50.000,- ; 2026 € 30.000,-
14
Financiële aspecten C. Actuele en autonome ontwikkelingen. Investering/Product
Omschrijving
Structurele gevolgen 2025
WMO Huishoudelijke hulp
Omgevingswet.
Omgevingsvisie.
Herberekening extra kosten/uitgaven 2025. Uitvoering van taken m.b.t. het Omgevingsplan. Omgevingsvisie vaststellen, inclusief plan MER.
Totaal Actuele en Autonome ontwikkelingen.
15
2026
2027
2028
-250.000
p.m.
p.m.
p.m.
-50.000
-20.000
-20.000
-20.000
-50.000
-30.000
0
0
-350.000
-50.000
-20.000
-20.000
D. BEDRIJFSVOERING Onderstaand geven wij de financiële gevolgen voor onze bedrijfsvoering weer door een aantal (toekomstige) wijzigingen in de wet- en regelgeving en beleid. Financiële aspecten D. Bedrijfsvoering Product
Omschrijving
Structurele gevolgen
Extra bijdrage DBP op basis van de concept Bijdrage De begroting 2025 BedrijfsvoeringsPartner (Bijdrage van € 6.850.400 naar € 7.424.300 Extra bijdrage SWO (Bijdrage van € Bijdrage 6.214.100 naar € SamenwerkingsOvereenkomst 6.559.200 ) al in 1e tussenrapportage Ridderkerk 2024 structureel meegenomen. Totaal van € 7.261.200 naar Aanpassing eigen personeelsbegroting n.a.v. € 7.696.700,- al in 1e formatieoverzicht versus tussenrapportage werkelijke kosten. 2024 structureel meegenomen. Onderzoek naar noodzakelijke Huisvestingskosten uitbreiding Huis van Albrandswaard. Totaal Bedrijfsvoering
2025
2026
2027
2028
-558.700
-619.200
-619.200
-619.200
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
p.m.
-558.700
-619.200
-619.200
-619.200
Huisvestingskosten. De ontvlechting van de BAR-organisatie heeft gevolgen voor de huisvesting van onze ambtelijke organisatie. Medewerkers die voorheen voor de BAR-organisatie werkten zijn nu in dienst bij onze gemeente en hebben ook een werkplek nodig in het huis van Albrandswaard. De afgelopen maanden is gebleken dat er onvoldoende werkplekken en vergaderfaciliteiten zijn in het huis van Albrandswaard. Voor de korte termijn wordt het ruimtetekort opgelost door het realiseren van extra overlegkamers en zijn er met medewerkers afspraken maken gemaakt over thuiswerken e.d. Voor de lange termijn dient het uitbreiden van het huis van Albrandswaard te worden onderzocht. Naar verwachting zal dit vanaf 2028 structurele gevolgen hebben voor de begroting.
16
E. INVESTERINGEN Onvermijdelijk Bij het opstellen van het meerjaren-investeringsprogramma 2025-2028 zullen de vervangingsinvesteringen en de nieuwe investeringen geactualiseerd worden. Hieronder schetsen wij de bekende ontwikkelingen van reeds vastgestelde investeringen die financiële gevolgen hebben bij het opstellen van de programmabegroting 2025 en het meerjarig perspectief. Financiële aspecten E. Investeringen onvermijdelijk. Investeringen Omschrijving Onvermijdelijk Doorschuiven investeringsraming 2024, Investering voordeel is vrijval deel van de Verhardingen. kapitaallasten. Totaal kapitaallasten
Structurele gevolgen 2025 2026
2027
2028
25.400
27.000
24.500
27.000
25.400
27.000
24.500
27.000
Meerjaren investeringen verharding. Er is gekeken naar de planning van de nu bekende reconstructieprojecten. Daarbij zien we dat de nu lopende reconstructieprojecten meer tijd kosten in de uitvoering als gepland en dat het reconstructieproject in voorbereiding (Warnaar e.o.) meer tijd kost om aanbesteding klaar te krijgen. Hierdoor is de keuze gemaakt om het beschikbaar investeringskrediet voor 2024 (op € 50.000 na wat nodig is als voorbereidingskrediet) en verder door te schuiven waarmee een deel van de kapitaalslasten vrij valt.
17
F. GEVOLGEN GEMEENTELIJK BELASTINGBELEID Voor 2025 kunnen nieuwe maatregelen en keuzes gemaakt worden inzake ons gemeentelijk belastingsbeleid. Voor de tariefstellingen van afvalstoffen- en rioolheffing wordt de begroting 2025 opgesteld op basis van een kostendekkend uitgangspunt. De actuele ontwikkelingen voor de belangrijkste onderdelen van ons gemeentelijk belastinggebied schetsen wij hieronder. Financiële aspecten F. Gevolgen gemeentelijk belastingbeleid. Product
Omschrijving
Structurele gevolgen 2025
OZB inkomsten.
Nog niet in tussenrapportage verwerkte extra inkomsten.
Totaal
2026
2027
2028
0
0
0
200.000
0
0
0
200.000
1. Afvalstoffenheffing
In 2024 wordt het bestaande Beleidsplan afval en grondstoffen 2019 – 2023 geëvalueerd. Hiermee gaan we na of we de gestelde doelen behaald hebben en zo niet welke stappen we kunnen nemen om dit te verbeteren. Tot op heden zijn de scheidingsresultaten nog steeds positief en zien we langzaam verbetering door een daling van de hoeveelheid restafval en hogere scheidingsresultaten, we zijn er echter nog niet en verbetering is zeker mogelijk. Welke impact dit heeft voor 2025 is hierdoor nog onduidelijk. Wel hebben we te maken met stijgende kosten als gevolg van inflatie en hogere energie en brandstofkosten. De exacte invloed van deze ontwikkelingen en de uitkomsten van de evaluatie van het afvalbeleidsplan zal inzichtelijk worden meegenomen bij de berekening van het definitieve tarief. Het beleid blijft dat het tarief kostendekkend is.
2. Rioolheffing
In 2024 wordt een nieuw programma stedelijk water (PSW) opgesteld. Zowel het PSW, als eventuele effecten hieruit op tarieven, zullen aan u ter besluitvorming worden voorgelegd. Welke effecten dit heeft op het begrotingsjaar 2025 is daardoor nu nog onbekend. Kosten voor het opstellen van het PSW (ingeschat nu op ongeveer € 10.000,-) worden gedekt vanuit de reserve riolering, hier zijn voldoende middelen beschikbaar om deze kosten te dekken.
3. Onroerende zaakbelasting
Het bestaande beleid is dat wij de opbrengst van de onroerende-zaakbelasting (OZB) niet laten beïnvloeden door een waardedaling of waardestijging van het onroerende goed. Dit beleid wordt al vele jaren consequent toegepast. De opbrengst onroerende zaakbelastingen, waarmee wij in de begroting rekenen, is 3% hoger dan het jaar ervoor. Daarnaast wordt bij de opbrengst rekening gehouden met de woningbouwplanning (areaaluitbreiding) en verminderingen op aanslagen (in verband met bezwaren). De stijging in 2028 komt door de nu eerste toevoeging van deze jaarschijf, zijnde de extra areaaluitbreiding o.b.v. het 10-jaarsperspectief.
18
G. BUDGETTEN gewenst. Bij het opstellen van het meerjaren-investeringsprogramma 2025-2028 zullen er ook mogelijke nieuwe gewenste budgetten zijn. Hieronder schetsen wij de gewenste ontwikkelingen die financiële gevolgen hebben bij het opstellen van de programmabegroting 2025 en het meerjarig perspectief. Financiële aspecten G. Budgetten gewenst. Investeringen Omschrijving Gewenst Beleidsplan Openbare Kosten voor het opstellen van een nieuw beleidsplan. Verlichting. Beleidsplan Water.
Kosten voor het opstellen van een nieuw beleidsplan.
Totaal gewenst extra Budget.
Structurele gevolgen 2025 2026
2027
2028
p.m.
0
0
0
p.m.
0
0
0
p.m.
0
0
0
Beleidsplan openbare verlichting. Het huidige beleidsplan openbare verlichting liep tot en met 2015 en is daarmee verouderd. Het up to date maken van dit beleidsplan is noodzakelijk zodat heldere en onderbouwde keuze gemaakt kunnen worden hoe we om gaan met de openbare verlichting, waar we dit wel of juist niet plaatsen en hoe we omgaan met verduurzaming in onze gemeente. In 2025 gaan we daarom een nieuw beleidsplan openbare verlichting opstellen wat aan deze nieuwe tijdsgeest voldoet. Naar verwachting gaat het opstellen van een nieuw beleidsplan eenmalig rond de € 25.000,- kosten. Binnen het bestaande exploitatiebudget gaan we financieel ruimte zoeken. Beleidsplan water. Binnen de gemeente beschikken we over een redelijke hoeveelheid oppervlaktewater waar we als gemeente verantwoordelijk voor zijn. Er zijn echter geen duidelijke beleidskaders hoe we hier als gemeente mee omgaan terwijl water een wezenlijke bijdrage levert op veel vlakken variërend van biodiversiteit tot waterbuffer bij hevige regenval. Om goed inzicht te krijgen hoe we in de toekomst dit water in ons voordeel kunnen gebruiken is een duidelijk beleidsplan noodzakelijk. Hierin leggen we duidelijke beleidskeuzes vast en kunnen we gericht gaan werken aan de verbetering van water en het inzetten ervan voor de doelen die we al gemeente willen bereiken.
Naar verwachting gaat het opstellen van een nieuw beleidsplan rond de € 35.000,- kosten. Binnen het bestaande exploitatiebudget gaan we financieel ruimte zoeken.
19
Bijlage 1. Financieel 10-jaars perspectief. Begroting 2025-2028
A Saldo Primaire begroting 2024:
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
2034
12.200 -1.981.900 -1.118.900
-987.900
-987.900
-987.900
-987.900
-987.900
-987.900
-987.900
Structurele effecten 2e tussenrapportage 2023 Structurele effecten september- en decembercirculaire 2023 Structurele effecten 1e tussenrapportage 2024 Nog te verwerken financierings- en afschrijvingslasten Dekking uit stelpost nieuw beleid Totaal ontwikkelingen Voorjaarsnota 2025:
17.800 17.800 17.800 17.800 106.800 17.800 17.800 17.800 17.800 17.800 559.000 317.800 995.000 2.575.000 2.575.000 2.575.000 2.575.000 2.575.000 2.575.000 2.575.000 -2.007.000 -1.857.500 -1.858.500 -1.858.500 -1.858.500 -1.858.500 -1.858.500 -1.858.500 -1.858.500 -1.858.500 -268.000 -879.000 -2.168.000 -2.496.000 -3.119.000 -3.143.000 -3.233.000 -3.391.000 -3.538.000 -3.688.000 968.800 1.278.800 1.893.800 1.893.800 1.893.800 1.893.800 1.893.800 1.893.800 1.893.800 1.893.800 -2.124.500 -2.741.500 -3.762.000 -4.522.300 -4.522.300 -4.522.300 -4.522.300 -4.522.300 -4.522.300 -4.522.300
Mutatie meicirculaire 2024 Saldo Voorjaarsnota 2025:
-557.100 268.500 159.400 202.700 2.000.000 2.000.000 2.000.000 2.000.000 2.000.000 2.000.000 -3.309.800 -5.577.000 -5.841.400 -5.175.400 -4.001.100 -4.025.100 -4.115.100 -4.273.100 -4.420.100 -4.570.100
Onderdeel van het Saldo Voorjaarsnota 2025 zijn:
B1 Stelpost nieuw beleid uit Raadsakkoord en CWP: B2 Overige beleidswensen niet in CWP Subtotaal: Al functioneel geboekt met als dekking deze stelpost: Groenbeleidsplan (1e tussenrapportage 2024) Sportpark De Omloop Zwembad Antes
Uitbreiding Don Bosco School en prognose Julianaschool Totaal restant stelpost Nieuw Beleid:
-1.250.000 -1.700.000 -2.400.000 -2.400.000 -2.400.000 -2.400.000 -2.400.000 -2.400.000 -2.400.000 -2.400.000 -180.000 -180.000 -180.000 -180.000 -180.000 -180.000 -180.000 -180.000 -180.000 -180.000 -1.430.000 -1.880.000 -2.580.000 -2.580.000 -2.580.000 -2.580.000 -2.580.000 -2.580.000 -2.580.000 -2.580.000 200.000
250.000
250.000
250.000
250.000
250.000
250.000
250.000
250.000
250.000
535.000
835.000
835.000
835.000
835.000
835.000
835.000
835.000
835.000
835.000
112.500
112.500
112.500
112.500
112.500
112.500
112.500
112.500
112.500
112.500
146.300
146.300
146.300
146.300
146.300
146.300
146.300
146.300
146.300
146.300
175.000 -261.200
185.000 -351.200
800.000 -436.200
800.000 -436.200
800.000 -436.200
800.000 -436.200
800.000 -436.200
800.000 -436.200
800.000 -436.200
800.000 -436.200
60.000 90.000
120.000 180.000
180.000 270.000
240.000 360.000
300.000 450.000
360.000 540.000
40.000 60.000 400.000
60.000 90.000 600.000
80.000 120.000 800.000
100.000 150.000 1.000.000
120.000 180.000 1.200.000
pm
pm
pm
pm
pm
C Bijstelling ontwikkeling algemene uitkering en OZB o.b.v. Meerjarenprogramma woningbouw: Algemene uitkering vrij aanwendbaar 40% Beschikbaar voor volume- en areaalaccres 60% OZB vrij aanwendbaar 40% Beschikbaar voor volume- en areaalaccres 60% Subtotaal: D1 Opties dekkingen en ombuigingen Volgt in eerste begrotingswijziging 2025 Totaal begroting incl. nieuw beleid en dekkingsplan:
0
0
0
0
20.000 30.000 200.000
pm
pm
pm
pm
pm
-3.309.800 -5.577.000 -5.841.400 -5.175.400 -3.801.100 -3.625.100 -3.515.100 -3.473.100 -3.420.100 -3.370.100
20
Raadsinformatiebrief
De gemeenteraad van Albrandswaard Uw brief van:
Ons kenmerk:
Uw kenmerk:
Contact: Rob van der Stoel
Bijlage(n):Geen
Doorkiesnummer: 06-53962874 E-mailadres: r.v.d.stoel@albrandswaard.nl Datum: 27 februari 2024
Betreft: Planning Voorjaarsnota 2025 Albrandswaard.
Geachte raadsleden, INLEIDING Naar aanleiding van de behandeling in de auditcommissie van de 1e halfjaar 2024 planning P&C willen we u informeren over een gewijzigde planning van de Voorjaarsnota 2025 teneinde u een verbeterd beeld te kunnen geven van alle financiële ontwikkelingen met het daarbij gehanteerde 10-jaars perspectief van onze gemeente. KERNBOODSCHAP
U informeren over een verbetering van het proces van de Voorjaarsnota 2025 om u actuele en juiste gegevens te kunnen presenteren. TOELICHTING In de Auditcommissie hebben wij u de P&C planning van het 1e halfjaar 2024 gepresenteerd en daarbij aangegeven dat de Voorjaarsnota 2025 qua cijfermatige inhoud eigenlijk niet op te stellen is zonder de input vanuit de meicirculaire. Omdat we deze meicirculaire vanuit het Rijk verwachten te ontvangen uiterlijk 31 mei 2024, hebben we in overleg met de griffie besloten de planning aan te passen. De argumenten om dit te doen zijn: 1. Grote onzekerheid over het financiële beeld van onze gemeente zonder input van de meicirculaire. Iedere gemeente, zo ook Albrandswaard, is steeds meer afhankelijk geworden van de cijfermatige informatie uit de meicirculaire. De input kan voor ons betekenen dat we, of moeten gaan bezuinigen/ombuigen, of ruimte krijgen in onze middelen voor (extra) beleid. Cruciale informatie dus voor het opstellen van een Voorjaarsnota 2025 (beleidsarm/beperking of beleidsrijk).
Stationsstraat 4 – 3161 KP Rhoon - Postbus 1000 - 3160 GA Rhoon - T (010) 506 11 11 - E info@albrandswaard.nl
2. Provincietoezicht gaat uit van de indexcijfers genoemd in de meicirculaire. In de gesprekken die wij het afgelopen jaar gevoerd hebben met de Provincie als onze toezichthouder, is gebleken dat de kaders die wij u presenteren in de Voorjaarsnota niet gebaseerd mogen zijn op algemene CPB indexcijfers, maar de indexcijfers genoemd in de meicirculaire moeten volgen voor het toezichtregime. 3. Kunnen presenteren van een geactualiseerd 10-jaars perspectief in de Voorjaarsnota 2025. Zoals aan u afgelopen september gepresenteerd, gaan we het nieuw opgestelde 10-jaars perspectief vanaf nu blijvend hanteren en actualiseren in de Voorjaarsnota 2025. Om een zo goed mogelijk voorspellende waarde te kunnen geven aan dit lange(ere) termijnoverzicht, dienen we uit te gaan van de meeste actuele indexcijfers en rentepercentages zoals genoemde in de meicirculaire. 4. Liquiditeitsprognose op basis van de meest actuele investeringsplanning. In navolging van punt 3 hierboven, moeten we voor een zo goed mogelijk beeld van de liquiditeitsplanning, over een zo actueel mogelijke investeringsplanning beschikken. CONSEQUENTIES In tegenstelling tot voorgaande jaren zullen wij de betreffende P&C onderdelen niet meer in de vorm van een kaderbrief (1e tussenrapportage 2024 én Voorjaarsnota 2025) presenteren maar als 2 aparte delen.
In plaats van op 11 mei 2024, gaat u de Voorjaarsnota 2025 op 5 juni ontvangen. Het besluitvormingsproces blijft binnen de Raadsplanning lopen, tezamen met de Jaarrekening 2023 en 1e tussenrapportage 2024 zodat alle cijfers in samenhang aan u gepresenteerd blijven. In de auditcommissie van 17 juni 2024 worden alle P&C stukken behandeld en ambtelijk gepresenteerd zoals u gewend bent. VERVOLG De planning van de Voorjaarsnota 2025 wordt: - Vaststelling door College 4 juni - Toezending naar de Raad 5 juni Ongewijzigd is: - Presentatie in Auditcommissie 17 juni - Behandeling in Commissie P&C 18 juni - Raadsvergadering 1 juli Vertrouwende u hiermede voldoende te hebben geïnformeerd, Met vriendelijke groet, het college van de gemeente Albrandswaard, de secretaris,
de burgemeester,
mr. drs. Florus van der Linden.
drs. Jolanda de Witte.