CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

18. 2023-007370 Stichting Bomenridders en De Carnisse Grienden inzake Groenbeleidsplan input 2022.pdf

Gemeenteraad AW 2 oktober 2023, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 5: Ingekomen stukken3.069 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Input Groenbeleidsplan gemeente Albrandswaard St. Bomenridders Albrandswaard & De Carnisse Grienden

Inleiding

De gemeente Albrandswaard ontleent haar aantrekkingskracht mede aan hetgeen er is aan landschappelijk erfgoed gelegen tussen de dorpen, waarbij bomen en struiken in belangrijke mate beeldbepalend zijn voor de groenbeleving in een sterk verstedelijkte regio. Mooie grote bomen hebben een positieve invloed op het welzijn en dragen fors bij aan doelen van klimaat en CO2 en bevordering van biodiversiteit: Bomen en struiken zijn broodnodig in de gemeentelijke buitenruimte. Wilde planten en dieren nemen overal sterk in aantal af, het platteland is stil geworden sinds kievit en veldleeuwerik op veel plekken verdwenen zijn en ook huismussen en spreeuwen in de bebouwde kom hebben het moeilijk. Allemaal symptomen van een verzwakte landschappelijke gezondheid. Het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit werkt aan een Basiskwaliteit Natuur (Biesmeijer et al. 2021), een minimumniveau waar onze omgeving aan zou moeten voldoen om deze leefbaar te houden voor natuur en mens. De Vereniging Carnisse Grienden en Stichting Bomenridders ondersteunen het pleidooi voor een Basiskwaliteit Natuur en zien dit graag als grondslag, of basis voor het Groenbeleidsplan van de gemeente Albrandswaard.

“De Basiskwaliteit Natuur is op orde als de voor dat landschap karakteristieke en algemene soorten algemeen zijn en blijven.”

Biesmeijer, J.C. et al. (2021) Op weg naar Basiskwaliteit Natuur. Naturalis Biodiversity Center

1

Ambities & doelstellingen Basiskwaliteit natuur op orde brengen Om tot een duurzame leefomgeving te komen en daadwerkelijk een basiskwaliteit te realiseren stellen wij de volgende hoofdlijnen voor: Bij ontwikkelingen in de ruimtelijke ordening worden waardevolle landschappelijke structuren en elementen behouden. Behoud en verbetering van de landschappelijke kwaliteit van de oever van de Oude Maas is gewenst. Het Griendengebied in Albrandswaard is een Natura 2000-gebied. De waarde van dit gebied eindigt niet bij de gemeentegrenzen. Rijkswaterstaat en landelijke natuurorganisaties spannen zich momenteel in getijdennatuur in meer gebieden langs de Oude Maas te realiseren. Ook dit is een reden zeer zuinig te zijn met de natuurwaarden van de oevers van de Oude Maas. Bebouwing binnen de invloedsfeer van de rivieroever is uit den boze, lichtvervuiling wordt teruggedrongen. Mocht er in de toekomst een wens of noodzaak zijn de golfbaan in Albrandswaard te verplaatsen zal dit terrein niet ontwikkeld worden, maar aan het natuurgebied langs de Oude Maas worden toegevoegd; Een verdere intensivering van recreatie in de Rhoonse en Carnisse Grienden, Klein Profijt en de Johannapolder is ongewenst. Om de natuur te beschermen is het belangrijk om niet meer ruimte te besteden aan parkeerplaatsen en geen verdichting of kwaliteitsverbetering van het padennetwerk te tolereren.

Vijvers, sloten en andere waterpartijen in parken en wijken zijn aantrekkelijk voor mens en natuur, mits de kwaliteit op peil is. De waterkwaliteit en de kansen voor de natuur worden vergroot wanneer gekozen wordt voor een natuurlijke oever i.p.v. een beschoeiing. Hier zien we recentelijk al goede voorbeelden van in Albrandswaard. Vervolgens dient ook het onderhoud van de watergang op een natuurvriendelijke manier te gebeuren. Bij de aanleg van nieuwe watergangen of groot onderhoud van bestaande zal niet langer gekozen worden voor het aanleggen van beschoeiingen, maar wordt gestreefd naar een flauwe oever; Albrandswaard heeft veel dijken die cultuurhistorisch, ecologisch en recreatief van groot belang zijn. Om deze kwaliteiten te onderstrepen is het gewenst dijken verkeersluw te maken. De auto is er te gast. De recent ontstane groenstroken voor vlinders en bijen langs de Zwaardijk en Dorpsdijk dragen weinig bij aan het bevorderen van biodiversiteit. Het heeft misschien zelfs een tegengesteld effect als het gaat om draagvlak bij inwoners voor een meer natuurlijk beheer. Zowel de locatie als de wijze van uitvoering van ecologisch beheer dient op een zinvollere manier te worden uitgevoerd. Gemeentelijke gronden die momenteel worden verpacht dienen op een duurzame wijze te worden gebruikt.

In geval van landbouwgronden betekent dit restricties aan gebruik van pesticiden en bemesting, aangezien dit een negatieve uitwerking heeft op de gemeentelijke doelstellingen.

2

Visie op levensduur bomen en struiken De locatie en wijze voor aanplant van een bepaalde boom of struik moet goed overdacht worden. De volledige levensduur moet in overweging genomen worden. Vrijstaande bomen worden doorgaans ouder en markanter dan dicht opeenstaande bomen. Een boom moet de ruimte krijgen om te groeien tot volle wasdom, maar ook om oud te worden en af te takelen. Indien een boom op de juiste locatie staat kan deze zich spontaan vormen, zonder vormsnoei of opkronen. Wanneer een boom oud is verdient hij nog steeds bescherming voor kap, omdat de boom juist in deze jaren van nog grotere ecologische waarde is. Veiligheid voor voorbijgangers kan ook bereikt worden door het valgevaar weg te nemen of een andere route te kiezen. Ook na de kap is de stobbe van een boom nog van groot belang voor dood-houtbewoners, dus liever geen stobbenfrees. Minimaal instandhouding bomen. Onder meer door de verstedelijkingsdruk met grootschalige woningbouw, door ziekte, natuurlijk verloop en stormschade, verdwijnen er geleidelijk aan veel bomen. Zonder ambitie zal op korte en lange termijn de bomenstand in Albrandswaard onvermijdelijk verder krimpen. Het zou de ambitie van de gemeente moeten zijn door her- en aanplant ervoor te zorgen dat “onder de streep” geen krimp maar juist toename is van het aantal bomen.

Dit geldt voor het hele grondgebied van Albrandswaard, dus inclusief de gebieden die door andere partijen beheerd worden. De gemeente kan hier haar regierol pakken en dit met de andere groenbeheerders afstemmen.

Wie prijst er ooit een mens die oude bomen velt. En in derzelver plaats geen nieuwe wederstelt? Want hadden oudstijds toch onze ouders niet geplant, Wat zoude ons Neerland zijn als louter veen en zand. Jacob Cats (1577-1660)

Markante bomen- (en struiken)lijst. Er zal een evaluatie van de bomenlijst uit de APV plaats vinden op functioneren en op hiaten. Ook bomen die niet op de huidige gemeentelijke bomenlijst staan, kunnen hierop worden gezet. Wij adviseren de gemeente verder te gaan met de bescherming van bomen dan de huidige kapverordening die alleen geldt voor de bomen in de openbare ruimte en staan op deze bomenlijst. Monumentale bomen zijn onvervangbaar en verdienen gemeentelijke bescherming want weg=weg. De inspanning moet altijd gericht zijn op behoud. Om dit werkbaar te houden zonder continue discussie zal er een waardevolle bomen- (en struiken) lijst moeten komen. Ook bomen die niet op de huidige gemeentelijke bomenlijst staan kunnen hierop worden gezet. Dan gaat het bijvoorbeeld over bomen die in het beheer zijn bij derden, zoals het Waterschap, gebiedscoöperatie, Staatsbosbeheer, Zuid Hollands Landschap, of zelfs bij particulieren. De gemeente kan hier haar regierol pakken en dit met andere groenbeheerders afstemmen. Markante bomen kunnen beeldbepalende bomen zijn, of van bijzondere ecologische waarde. Denk bijvoorbeeld ook aan de boomstructuren met populieren en met wilgen voor de markante bomenlijst. In geval van waardevolle bomen op het terrein van particulieren zou de gemeente kunnen denken aan een wederkerige prestatie vanuit de overheid, door de bomen mee te nemen in de

3

gemeentelijke inspectierondes op vitaliteit van de boom. Deze ambitie zal in de APV opgenomen moeten worden. Behoud en uitbreiding boomlaanstructuren en ander landschappelijk erfgoed. Dit is al een speerpunt in het beleid van de gemeente Albrandswaard. De dijkenstructuur in Albrandswaard is hoog gewaardeerd. Helaas staan ook op dijken bomen onder druk, bijvoorbeeld door ziekte. Het is belangrijk de boomstructuren te behouden of te herstellen indien nodig. Ook andere plekken binnen de gemeente lenen zich goed voor uitbreiding van laanstructuren. Denk aan de Rhoonse Baan en de Albrandswaardseweg. Herinneringsbos Er komt een herinneringsbos(route), waar samen met inwoners invulling aan gegeven zal worden. Ook zullen burgerinitiatieven met een positieve bijdrage aan de groenambities van de gemeente en de klimaatdoelstellingen van ons allemaal kunnen rekenen op een positieve benadering. Om bewustzijn en trots verder te vergroten zullen we, samen met scholen en andere partijen, jaarlijks een goede invulling geven aan de Boomfeestdag. Keuze boomsoort Bij aanplant van bomen of struiken in onze buitenruimte ligt de nadruk op soorten die van origine in de streek voorkomen, zogenoemde streekeigen soorten. Cultivars en uitheemse soorten hebben niet de voorkeur. Klimaatverandering zal wellicht gevolgen hebben voor de keuze van boomsoorten, vooral qua genetica.

Het merendeel van de in Nederland groeiende bomen en struiken groeit ook in het zuiden van Europa, dus we hoeven geen kurkeiken, palmbomen of baobabs te gaan aanplanten.

4

Instrumentarium Biodiversiteit en samenhang. Het enorme verlies aan biodiversiteit is alom bekend en moet een halt toegeroepen worden. Iedereen kan daaraan bijdragen. Ook de gemeentelijke overheid die toch het grootste deel van de openbare ruimte in beheer heeft. Wij zouden graag zien dat het bevorderen van biodiversiteit voor Albrandswaard meer wordt dan een zin in een beleidsplan. Het is belangrijk dat er een visie is op de ecologische waarde van het gemeentelijk groen. Wat is biodiversiteit eigenlijk? Welke flora en fauna hoort hier in dit gebied thuis, hoe staat het ervoor en wat kunnen we doen om dit in stand te houden of juist te verbeteren. Pas wanneer deze vragen beantwoord zijn kun je in een beleidsplan benoemen wat je belangrijk vindt om de komende jaren te doen in een uitvoeringsplan. Educatie. Mensen die kennis en waardering hebben van het groen in hun leefomgeving zijn meer bereid dit te beschermen en te verzorgen. Het lijkt erop dat mensen juist steeds verder zijn komen te staan van de natuur. De waarde, nut en noodzaak van flora en fauna, van een goede bodemkwaliteit en schone wateren wordt in deze tijd vaak besproken, maar bijna altijd in negatieve zin. De stikstofdiscussie gaat over gevolgen voor boeren, luchtkwaliteit gaat over minder mogen vliegen, watertekorten gaat over het minder vaak wassen van auto en korter douchen.

Educatie over de schoonheid van de nabije natuur, over het nut voor mens en dier, over de oplossingen die er zijn voor, bijvoorbeeld klimaatproblemen in de nabije toekomst, is hard nodig. Wij pleiten voor een goed educatieprogramma van volwassenen en kinderen. Daar heeft de gemeentelijke overheid in onze ogen een taak. In elk geval ligt hier een opdracht. Te denken valt aan: Binnen de ambtelijke organisatie kunnen beschikken over een ecoloog; Begeleiden van vrijwilligers door een ecoloog in het verder ontwikkelen van burgerinitiatieven; De werknemers in de buitenruimte blijven scholen op het gebied van ecologie; Van onderaannemers eisen dat ook zij werken met geschoolde uitvoerders op het gebied van natuurlijk beheer; Volwassen inwoners uitleggen waarom bepaalde keuzes in beheer gemaakt worden; De buitenruimte gebruiken voor educatie (info-borden, verwijzingen naar plekken op social media etc) Leer mensen meer te houden van wat de natuur te bieden heeft door meer fruitbomen te planten in de openbare buitenruimte. Zo kunnen appels en peren gewoon geplukt en gegeten worden. Met basisscholen natuureducatie nadrukkelijker opnemen in LEA (lokale educatieve agenda) Aansluiten bij, of ondersteunen van initiatieven door gebiedscoöperatie, of verenigingen op het gebied van natuureducatie. Realiseren van een natuur/milieu educatief centrum.

Andere beheerders (SBB, ZHL, Waterschap, NRY,…) stimuleren ook accenten te leggen naar educatie. De gemeente kan hier haar regierol pakken en dit met de andere groenbeheerders afstemmen. Natuurparagraaf Ten einde ambities waar te maken zal voor alle (beleids-)plannen en projectontwikkelingen er, naast de gebruikelijke financiële paragraaf, een natuurparagraaf moeten worden geïntroduceerd. Hierin

5

wordt verantwoord op welke wijze een bijdrage wordt geleverd aan genoemde ambities. Ook moet hierin worden opgenomen hoe en waar het verlies aan flora en fauna (over-)gecompenseerd wordt. Waar dit tot nu toe een ondergeschikte rol speelde zal de gemeente hier aan de voorkant van ontwikkelingen bij stilstaan en natuur altijd transparant mee laten wegen in besluitvorming. Kettingbeding Bij de overdracht van publieke grondeigendommen met waardevolle publieke houtopstanden aan private partijen zal contractueel een kettingbeding worden opgenomen waarbij verkrijgende private partijen en hun opvolgers door het boetebeding garant staan voor behoud van de aanwezige waardevolle publieke houtopstanden. Dit zal in de APV moeten worden opgenomen. Herplantplicht Bij kap van bomen wordt steeds binnen de mogelijkheden van regelgeving een herplantplicht opgelegd waarbij geldt: boom eruit boom erin d.w.z. rooigat =plantgat. Er zal zodoende geen of zo min mogelijk tijd tot aan de herplant verstrijken. Als herplant op dezelfde locatie niet mogelijk is, zal een definitieve plek voor herplant onderdeel zijn van het besluit waaruit blijkt dat bomen moeten worden gekapt. Bij waardevolle en monumentale bomen is herplant geen echt alternatief en zal naar andere (creatieve) oplossingen worden gezocht. De gemeenteraad zal hierover een besluit moeten nemen.

Regierol gemeente Albrandswaard is een regiegemeente. Op het gebied van groenbeheer en natuurdoelstellingen kan zij haar regierol aanzienlijk meer invulling geven. De gemeente kan zich meer positioneren tussen alle groen beherende organisaties als het gaat om de uitvoering van plannen in de buitenruimte met consequenties voor bomen en groen. Zo kan er meer samenhang komen in plannen, een betere communicatie naar inwoners opgezet worden en krijgen we sneller en beter inzicht in het totaal effect van ingrijpen (groot onderhoud bv) op het bomenbestand, natuurwaarde en de groenbeleving. Risico aanvaarding Kleine risico’s op het gebied van veiligheid voor wandelaar/fietser wegen erg zwaar bij de beoordeling van bomen en ander groen. Ook de zeer kleine risico’s op beschadiging van kabels en leidingen wegen erg zwaar. Dit resulteert regelmatig in grote beperkingen voor de aanplant, of behoud, van gewenst groen of bomen. Er moeten meer locaties voor bomen komen door een zekere risicoaanvaarding bij aanwezigheid van kabels en leidingen. Het risiconiveau van gemeente Rotterdam kan als voorbeeld dienen.

6

Uitvoering & naleving

Ban de bladblazer. Gevallen bladeren zorgen voor humus voor de grond en verbeteren daarmee de voeding en samenstelling van de grond. De grond heeft deze voedingsstoffen nodig. Alleen al om deze reden is het niet zinnig om bladeren onder begroeiing weg te blazen en op te ruimen. Onder herfstblad (over)leven veel insecten, als eitje, pop of rups bijvoorbeeld. Door de bladeren te ruimen worden deze ook insecten geruimd. Dit is dus de tweede reden om het herfstblad niet te ruimen. Geef het goede voorbeeld aan inwoners door de bladblazers te verbannen uit park en plantsoen. Kap met klepelen en MaaiMeiNiet Klepelen slaat al het groen tot moes, ook het leven dat in de grassen en planten zit. Het tot moes geslagen groen blijft vervolgens liggen en verstikt daarmee de grond. Hierdoor zullen vooral brandnetels profiteren. Dit alles is een veel vernietigende methode en draagt bij aan de teloorgang van diversiteit in flora en fauna. Het kan ook anders. Beheer de groenstroken met respect voor de tijd van het jaar. Op het moment dat we midden in de Kraamkamer van moeder Natuur zitten laten we zoveel mogelijk groen met rust. En als de tijd rijp is wordt er gemaaid. Niet meer geklepeld. Geen hekken, maar heggen Als afbakening van een terrein wordt bijna automatisch gekozen voor een hek of schutting.

We zien dat terug bij particuliere tuinen, maar ook op of langs dijken, tussen percelen en op bedrijventerreinen. Bijna altijd is het mogelijk om hier een andere keuze te maken. Wanneer heggen de standaard worden en hekken de uitzondering, helpt dit het landschap enorm. De stok achter de deur. Aan de voorkant van een opdracht of een vergunning wordt lang nagedacht. Vaak zijn allerlei voorwaarden benoemd om ervoor te zorgen dat groen op de gewenste manier beheerd wordt, of een gebouw volgens afspraak wordt gebouwd. Wanneer echter blijkt dat afspraken niet nagekomen worden, is de kans dat de gemeente gaat handhaven tot nu toe te klein. Handhaving van gemaakte afspraken en serieuze consequenties van overtredingen moeten een belangrijk onderdeel zijn van goed beleid.

Afspraken

In een actieplan worden concreet de doelen benoemd en afgesproken. Natuurorganisaties worden betrokken bij het vormgeven van het actieplan.

7

Voorbeeld ontdekking Basiskwaliteit voor Albrandswaardse wijken Korte beschrijving Als het gaat om natuur-en landschapswaarden vertegenwoordigen steden en dorpen een geheel eigen wereld. De bebouwde kom biedt ruimte aan veel soorten wilde planten en dieren, vooral insecten (vlinders) en vogels. Al in 1943 wees Luuk Tinbergen in zijn boekje Vogels in hun domein erop dat boomrijke villawijken met grote gevarieerde tuinen zeer vogelrijk zijn. Inmiddels is, na de nivellerende veranderingen in de landbouw, de biodiversiteit in het stedelijk gebied gemiddeld groter dan in het landelijk gebied eromheen. Van sommige vogelsoorten leeft zelfs het grootste deel van de populatie in de stad. Voorbeelden zijn: gierzwaluw, huismus, Turkse tortel, ekster en staartmees. Wilde planten komen vooral voor op industrieterreinen met braakliggende terreintjes en vergeten hoekjes. In parken en tuinen zijn vaak wilde planten aangeplant. Voorbeelden zijn de zogenaamde stinzenplanten. Streekeigen landschapslementen - Huizen/gebouwen Diverse vogelsoorten vinden onderdak in huizen, vooral als daarin, onder oude pannen en holtes in muren nestruimte te vinden is. De oudere delen van een wijk zijn, mede door de grotere bomen, het meest vogelrijk. In nieuwe huizen worden soms voorzieningen getroffen voor typische stadsvogels als gierzwaluw en huismus in de vorm van kunstmatige nestruimte.

Ook maatregelen als halfbestrating, groene gevels en groene daken verhogen de biodiversiteit. De daken van appartementen en bedrijven bieden nestgelegenheid aan dakvogels zoals de scholekster. - Recreatiegebieden, parken, tuinen

Parken en tuinen zijn door hun gevarieerde structuur, met veel overgangen van boomgroepen naar struweel, hoge en lage vegetatie zeel vogelrijk. De voorjaarsbloeiers en broedvogels vergroten door hun zang en foerageergedrag de attractiviteit voor bezoekers. Natuurlijke overgangen met wilde planten worden steeds populairder in de stadsparken. •

- Parken, vijvers Vijvers en andere waterpartijen in parken en wijken dragen niet alleen bij aan de beleving,

8

•

•

•

maar bieden ook kansen voor water- en oeverplanten en voor water- en moerasvogels. Kansen voor de natuur worden vergroot wanneer gekozen wordt voor een natuurlijke oever i.p.v. beschoeiing en wanneer het onderhoud aan de watergang op een natuurvriendelijke manier gebeurt. Voor moerasvogels gaat het bijvoorbeeld om wilde eend, krakeend en meerkoet. De oeverbegroeiing in sommige parken is plaatselijk geschikt voor moerasvogels als kleine karekiet. - Oude muren Met name in oude boerderijen, kerken en het Kasteel van Rhoon komen nog wel restanten voor van oude muren met holtes en spleten. Doordat ze meestal gemetseld zijn met een zachte mortel kunnen ze in hun gaten en kieren vestigingsmogelijkheden bieden aan gespecialiseerde muurplanten als muurleeuwenbekje en muurvaren. - Begraafplaatsen Op oude begraafplaatsen kunnen, mits er geen herbiciden worden gebruikt, op schrale gazons interessante planten voorkomen. Soms groeien hier ook monumentale bomen. - Verwaarloosde terreintjes Verwaarloosde hoekjes en (bouw)terreintjes waar even niet naar wordt omgekeken, bieden kansen voor veel opportunistische plantensoorten, waaronder veel akkeronkruiden maar ook veel fraaie, bloemrijke soorten als honingklaver, toortsen en slangenkruid.

Doordat ze in de regel veel zaad producen zijn deze begroeiingen in de doortrek- en wintertijd belangrijke foerageergebied voor bijvoorbeeld vinkachtigen en mezen. De Rhoonse Weide en de loodsen van Geeve zijn hier goede voorbeelden van.

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3514/documents/30137