10. Raadsinformatiebrief 2025-087323 inzake Stand van zaken herstel regionale samenwerking Wonen .pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
De gemeenteraad van Albrandswaard Uw brief van:
-
Ons kenmerk:
2025-087323
Uw kenmerk:
-
Contact:
M. Koene
Bijlage(n):
3
Doorkiesnummer:
+31105061781
E-mailadres:
m.koene@albrandswaard.nl
Datum:
16-12-2025
Betreft: Stand van zaken van het herstellen van de regionale samenwerking op het gebied van wonen
Geachte raadsleden, INLEIDING Eerder hebben we u laten weten dat de gemeente Ridderkerk heeft besloten om niet langer deel te nemen aan het Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam (SvWrR), omdat zij een eigen woonruimtebemiddelingssysteem en een eigen aanbodsysteem voor sociale huurwoningen willen (in raadsinformatiebrief met kenmerk 2025-062860). Afgelopen september hebben we u op de hoogte gebracht van een aanvraag die door de colleges van de overgebleven regiogemeenten1 van het samenwerkingsverband is ingediend bij het college van Gedeputeerde Staten van de provincie ZuidHolland (hierna: GS), met als doel om de regionale samenwerking te herstellen (in raadsinformatiebrief met kenmerk 2025-069789). In diezelfde raadsinformatiebrief hebben wij ook toegezegd u op de hoogte te houden van de verdere stappen en de reactie van de provincie op deze gezamenlijke aanvraag met u te delen. KERNBOODSCHAP
Met deze brief informeren wij u over de stand van zaken omtrent het herstellen van de regionale samenwerking op het gebied van wonen. TOELICHTING Na de gezamenlijke aanvraag van de elf overgebleven regiogemeenten van het samenwerkingsverband heeft de provincie oud-burgemeester van Barendrecht, Jan van Belzen, aangesteld als bemiddelaar. Hij kreeg de opdracht om te onderzoeken waar de pijnpunten liggen en of er mogelijkheden zijn om de samenwerking te herstellen. Hij heeft geconcludeerd dat er in de huidige context geen compromis mogelijk lijkt die weer tot een goede samenwerking kan leiden. Vervolgens heeft er een bestuurlijk overleg plaatsgevonden tussen de provincie en de besturen van alle regiogemeenten, in het kader van artikel 99 van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Op 9 december jl. hebben GS besloten om, in lijn met de aanvraag die door de regiogemeenten is gedaan, een aanwijzing te doen op grond van artikel 99 van de Wgr. Dit besluit is bijgevoegd als bijlage. CONSEQUENTIES Deze aanwijzing richt zich aan alle twaalf de regiogemeenten en moet een evenwichtige regionale verdeling van woonruimte mogelijk maken. Dit betekent dat de twaalf gemeenten binnen twee
1
Regiogemeenten die nog altijd onderdeel uitmaken van het SvWrR: Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Maassluis, Nissewaard, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen en Voorne aan Zee.
Stationsstraat 4 – 3161 KP Rhoon - Postbus 1000 - 3160 GA Rhoon - T (010) 506 11 11 - E info@albrandswaard.nl
maanden, een door GS vastgestelde termijn, tot een samenwerking moeten komen die evenwichtige regionale verdeling van woonruimte mogelijk maakt en die voldoet aan de vereisten uit de Wgr. De huidige samenwerking van het SvWrR vormt hierbij het uitgangspunt. Als er geen overeenstemming komt om de samenwerking te hervatten, dan kunnen de twaalf gemeenten niet aan de aanwijzing voldoen. GS kunnen in dat geval de twaalf gemeenten een samenwerking opleggen in de vorm van een gemeenschappelijke regeling ‘zonder meer’. Ook daarvoor geldt dat de huidige bestuursovereenkomst het uitgangspunt is. VERVOLG De komende twee maanden zal worden bezien hoe invulling kan worden gegeven aan de aanwijzing van GS. Wij zullen u wederom op de hoogte houden van de vervolgstappen. BIJLAGEN Bijlage 1_Besluit van Gedeputeerde Staten Bijlage 2_Bijlage bij Besluit GS – Impressies van gesprekken met de gedeputeerde Bijlage 3_Bijlage bij Besluit GS – Reflectie van de bemiddelaar
Met vriendelijke groet, het college van de gemeente Albrandswaard, de secretaris de burgemeester,
mr. drs. Florus van der Linden drs. Cees Pille
I. Impressie overleg 4-12-2025, ochtend: pagina 1 tot en met 4 II. Impressie overleg 4-12-2025, avond: pagina 5 tot en met 12
I. Dit is de impressie van het overleg dat plaatsvond op 4-12-2025 om 09.00-10.00 uur met gedeputeerde Anne Koning en de bestuurders van gemeenten in de Rotterdamse Regio.
Aanwezigen • • • • • • • • • • • • • • • • •
Gedeputeerde Anne Koning, namens Provincie Zuid Holland Wethouder Kees van der Duijn Schouten, namens gemeente Ridderkerk Wethouder Dirk Vermaat, namens gemeente Barendrecht Wethouder Sjoerd Geissler, namens gemeente Capelle aan den IJssel Wethouder Jan-Willem Mijnans, namens gemeente Nissewaard Wethouder Aart Jan Spoon, namens gemeente Voorne aan Zee Wethouder Youri Volkman, namens gemeente Schiedam Wethouder Pieter Kos, namens gemeente Albrandswaard Wethouder Michiel Muis, namens gemeente Lansingerland Wethouder Sjoerd Kuiper, namens gemeente Maassluis Hermen Borst – gemeente Rotterdam ter vervanging van wethouder Chantal Zeegers Wouter Orth – Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening Miriam Wellenberg – Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening Victor Pluym – Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening Sjoerd Lubbers – Provincie Zuid Holland Ludolf de Boer – Provincie Zuid Holland Bart van de Giessen – Provincie Zuid Holland
Afwezig • •
Ivana Somers – Wethouder gemeente Vlaardingen Kirsten Jaarsma – Wethouder gemeente Krimpen a/d IJssel
Aanleiding Het overleg is met de bestuurders van gemeenten over het voornemen van gemeente Ridderkerk om uit te treden uit het gemeenschappelijke woonruimteverdeelsysteem. Naar aanleiding daarvan hebben de gemeenten in het regionale samenwerkingsverband aan de Provincie Zuid Holland gevraagd om op basis van artikelen 3 Huisvestingswet en 99 Wet Gemeenschappelijke Regelingen een aanwijzing te doen aan gemeente
1
Ridderkerk om onderdeel van een Gemeenschappelijke Regeling te worden met de strekking van (wederom) een regionale woonruimteverdeling.
Opening Gedeputeerde Koning heet iedereen welkom en er volgt een kort voorstelrondje. De gedeputeerde licht de reden toe van dit overleg. Hierna geeft ze de samenwerkingspartners in de regio het woord over het verzoek dat er aan de Provincie gesteld is en vraagt om een eerste reactie van de wethouder van gemeente Ridderkerk.
Een toelichting op het verzoek van de regiogemeenten aan de Provincie Zuid Holland Aanwezige wethouders benadrukken dat de gemeente Ridderkerk en de wethouder Van der Duijn Schouten altijd een erg prettige samenwerkingspartner in het regionale samenwerkingsverband zijn geweest en dat het betreurd wordt dat Ridderkerk een eigen woonruimteverdeelsysteem wil en dat het nodig is om deze stap te nemen. Het verzoek tot de aanwijzing is in het belang van alle woningzoekenden in de regio. Het achterliggende probleem is de knellende woningmarkt, waaraan door alle gemeenten hard wordt gewerkt. Dit probleem kan niet door gemeenten afzonderlijk worden opgelost. Het is in het belang van de toegankelijkheid van de woningmarkt en de gelijke kansen van woningzoekenden om in een groter gebied naar woningen te kunnen zoeken. Als iedere gemeente een eigen woonruimteverdeelsysteem heeft dan verhoogt dat de administratieve lasten en onderlinge drempels. Het is beter om samen te werken, dat levert namelijk schaalvoordelen op en biedt inwoners meer mogelijkheden. Om deze redenen zijn deze vorm van samenwerkingsverbanden opgericht en is het jammer dat gemeente Ridderkerk al uit het regionale samenwerkingsverband is gestapt en nu ook een lokaal woonruimteverdeelsysteem wil opzetten. Bij meerdere gemeenten leeft de behoefte om meer te kunnen doen voor woningzoekenden met lokale binding.
Om dat te realiseren zou het een alternatieve oplossing kunnen zijn om met het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, hierna Ministerie van VRO, te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn binnen de kaders van de Huisvestingswet 2014 (en daarbij ook kijkend naar de nieuwe Wet Versterking regie volkshuisvesting, hierna Wet Regie). Hier is binnen de regio draagvlak voor als alternatief voor de uittreding uit het gemeenschappelijke woonruimteverdeelsysteem.
De reactie van Ridderkerk op het verzoek van de regio De wethouder van Ridderkerk benoemt dat de beslissing uiteindelijk bij de gemeenteraad ligt. Als de gedeputeerde vanavond bij haar bijeenkomst de gemeenteraad van Ridderkerk overtuigt dat het geen heil biedt om een eigen woonruimteverdeelsysteem op te zetten, dan kan het onderwerp van de agenda worden 2
gehaald en wordt er niet over gestemd volgende week donderdag 11 december. De wethouder schat de kans van slagen van die missie echter in als nihil. In de vergadering wordt gevraagd aan de wethouder van Ridderkerk hoe hij de kansen van de verdere onderhandelingen met VRO inschat om lokale woningzoekenden meer soelaas te bieden. Tevens komt aan de orde of de gemeente Ridderkerk naar de inschatting van de wethouder anders zou omgaan met de aanwijzing indien dat besluit niet nu, maar bijvoorbeeld na de gemeenteraadsverkiezingen genomen zou worden. Daarop gaf de wethouder aan dat dat niet te verwachten is, waarna hij aangaf zich te kunnen voorstellen dat het besluit dan maar zo snel mogelijk genomen zou kan worden. Meerdere andere aanwezige wethouders gaven aan ook te voelen voor snelle besluitvorming. De wethouder geeft aan dat deze oplossingsrichtingen al eens besproken zijn in de gemeenteraad. Deze hebben onvoldoende raadsleden overtuigd om niet uit het samenwerkingsverband te stappen of geen lokaal woonruimteverdeelsysteem op te zetten. Als er onderhandelingen met VRO komen over de percentages lokale woningzoekenden binnen de Wet Regie, dan zouden deze na het uittreden uit het samenwerkingsverband plaatsvinden. Meerdere wethouders spreken uit dat geluiden over mogelijk uittreden uit het samenwerkingsverband ook in hun gemeente voorkomen.
Het is aantrekkelijk voor gemeenteraden om te kunnen vertellen dat ze woningen aanbieden en realiseren voor mensen uit de eigen gemeente. De aankomende gemeenteraadsverkiezingen hebben op deze sentimenten ook invloed .
De reactie van het Ministerie van VRO De vertegenwoordigers van het Ministerie van VRO benadrukken dat het minder wenselijk is dat er dit soort sentimenten voor een lokaal systeem leven bij de gemeenteraad van Ridderkerk, maar ook van andere gemeenteraden. Dit creëert onnodige complexiteit voor woningzoekenden, omdat in algemene zin gesteld kan worden dat regionale samenwerking de voorkeur heeft. Er wordt benadrukt dat er geen mogelijkheid is om in de Huisvestingswet 2014 aanpassingen te maken in het percentage van lokale woningzoekenden die de gemeente zelf kan toewijzen. Dit is en blijft 50 procent. Het maakt hierbij niet uit of het een lokaal of regionaal woonruimteverdeelsysteem is. Echter is er wel ruimte om te onderzoeken welke doelgroepen er onder de categorie ‘lokale binding’ kunnen vallen binnen die 50 procent. De gedeputeerde benadrukt dat het ook mogelijk zou zijn om een pilot te organiseren binnen deze regio met aangepaste categorieën. De wethouder van Ridderkerk benadrukt dat de regio zelf ook een rol speelt in de houding van de gemeenteraad. De gemeente Ridderkerk vangt volgens hem relatief veel woningzoekenden met een urgentiestatus op uit de buurgemeenten. De gedeputeerde 3
geeft aan dat de Provincie Zuid Holland al langere tijd stuurt op meer sociale huurwoningen in gemeenten en dat dit ook geldt voor de gemeenten in deze regio. Het is niet duidelijk of deze inspanningen ook gezien worden door de gemeenteraad van Ridderkerk aangezien dit niet voor een kortetermijnoplossing zorgt.
Clausules tot beëindiging van de gemeenschappelijke regeling Bij het instellen van een gemeenschappelijke regeling is er altijd de mogelijkheid om een einde te maken aan de gemeenschappelijke regeling door eruit te stappen als gemeente. Hierbij gelden overigens allerlei wettelijke regels die voorkomen dat uittreden plotseling zou gebeuren. In de vergadering wordt kort besproken dat het niet de bedoeling is dat het mogelijk is voor de gemeenten om direct uit de gemeenschappelijke regeling te kunnen stappen. Indien dit wel gepoogd wordt, is de gedeputeerde bang interbestuurlijk toezicht te moeten toepassen. Binnen de vergadering is er breed draagvlak om ernaar te streven een eventuele uittreding te voorkomen.
Het verslag van de heer Van Belzen Het verslag met de reflecties van de provinciaal bemiddelaar, de heer Van Belzen op zijn bemiddelingspoging wordt gelijktijdig gepubliceerd met het besluit tot een aanwijzing.
4
II. Dit is de impressie van het overleg dat plaatsvond op 4-12-2025 van 20.30 tot 21.30 uur met gedeputeerde Anne Koning en de gemeenteraad van Ridderkerk.
Aanleiding Het overleg, waarbij onder andere de vertegenwoordigers van de Ridderkerkse gemeenteraad aanwezig zijn, vindt plaats naar aanleiding van het voornemen van gemeente Ridderkerk om uit te treden uit het gemeenschappelijke woonruimteverdeelsysteem. Gedeputeerde Anne Koning is voorzitter van dit overleg en spreekt namens Gedeputeerde Staten van de Provincie Zuid Holland.
Aanwezigen • • • • • • • • •
Vertegenwoordiging van de gemeenteraad Ridderkerk Anne Koning (Gedeputeerde Provincie Zuid Holland) Aad Staathof (Gedeputeerde Provincie Zuid Holland) Sjoerd Lubbers (Ambtelijk opdrachtgever Provincie Zuid Holland) Jan van Belzen (Bemiddelaar namens Provincie Zuid Holland Marco Oosterwijk (Burgemeester Ridderkerk) Kees van der Duijn Schouten (Wethouder Ridderkerk) Annemarieke van Ettinger (Maaskoepel) Wouter Orth (VRO)
Verslag van het overleg Opening Gedeputeerde Koning opent de vergadering. Ze benadrukt dat de gemeente Ridderkerk op een aantal onderwerpen goede ontwikkelingen laat zien in het dossier van de volkshuisvesting. De gemeente wordt om deze inzet gewaardeerd door zowel de Provincie Zuid Holland als de omliggende gemeenten. Helaas is de voorgenomen stap om uit het samenwerkingsverband te stappen en het voorgestelde lokale woonruimteverdeelsysteem wel spijtig. De gedeputeerde benadrukt dat de gemeenteraad van Ridderkerk zich moet realiseren dat het uittreden uit het gemeenschappelijke woonruimteverdeelsysteem ook gevolgen heeft voor andere dossiers. Indien gemeente Ridderkerk uit dit systeem stapt, dan blijft het niet meer mogelijk om goed samen te werken op andere dossiers in het domein van de volkshuisvesting. 5
Gedeputeerde Koning geeft iedere partij, op volgorde van zetelgrootte, de kans om haar positie duidelijk te maken en vragen te stellen aan Gedeputeerde Staten. Gedeputeerde Staten (hierna GS) krijgen de kans hierop te reageren. Indien nodig is er ruimte voor een tweede termijn voor vervolgvragen.
Partij 18+ Partij 18+ wil een eigen woonruimteverdeelsysteem voor de gemeente Ridderkerk. Hiermee wil de partij meer sociale huurwoningen voor Ridderkerkse inwoners realiseren. Partij 18+ vind het vervelend dat de gemeente Ridderkerk relatief veel woningzoekenden met een urgentieverklaring en woningzoekers van andere gemeenten huisvest en vindt dat andere gemeenten in de regio meer zouden moeten bijdragen aan de huisvesting van mensen met een urgentieverklaring. Vragen Partij 18+ en antwoorden: •
Waarom mogen sommige andere gemeenten in andere regio’s wel eigen woonruimteverdeelsystemen hebben?
De gedeputeerde geeft aan dat het klopt dat er andere gemeenten zijn die een eigen woonruimteverdeelsysteem hebben. Echter is het de verwachting dat die op termijn ook naar gezamenlijke systemen gaan. In de verwachte Wet Versterking regie volkshuisvesting is opgenomen dat er in de regio meer moet worden samengewerkt. Bovendien is er een duidelijk verschil tussen uit de regio stappen, en niet in een regionaal verband zitten. •
Welke inzet pleegt de Provincie Zuid Holland voor meer sociale huur in de gemeenten in de regio?
De gedeputeerde zet zich volop in om gemeenten in de regio te bewegen om meer sociale huur te bouwen. De Provincie Zuid Holland hanteert een minimum van één derde sociale huur in de woningbouwprogrammering van gemeenten om naar minimaal 30% sociale huur in de woningvoorraad toe te werken. Indien er onvoldoende sociale huurwoningen in de woningbouwprogrammering van gemeenten zit, kan de Provincie Zuid Holland inzetten zoals een proactieve aanwijzing om het aandeel sociale huur in de woningvoorraad te verhogen zoals het bijvoorbeeld bij de gemeente Albrandswaard heeft gedaan. Helaas kost de bouw van nieuwe woningen veel tijd, ongeveer tien jaar. De resultaten van deze inzet zijn dus niet overal al voelbaar. Dit neemt niet weg dat GS hier volop inzetten. •
Welke vorm van raadpleging is er geweest met andere gemeenten voordat het besluit hierover is geweest?
6
De bemiddelaar, de heer van Belzen, heeft namens de provincie partijen en besturen van andere gemeenten geraadpleegd. Over zijn bevindingen heeft hij met GS gecommuniceerd voordat er een besluit is genomen. Zijn reflecties worden met het besluit gepubliceerd.
SGP De SGP geeft aan dat ze niet van standpunt veranderd is. De SGP is nog steeds voor het uittreden uit het regionale samenwerkingsverband en de oprichting van een eigen woonruimteverdeelsysteem. Het regionale woonruimteverdeelsysteem verhult de onderlinge ongelijkheid met andere gemeenten die minder sociale huur in de woningvoorraad hebben. Hierdoor huisvest de gemeente Ridderkerk relatief veel inwoners die oorspronkelijk uit andere gemeenten komen. Daarnaast zijn er twijfels over het functioneren van het woonruimteverdeelsysteem van de Maaskoepel. Dat levert extra knelpunten voor inwoners. De vragen van de SGP en de antwoorden GS staan hieronder vermeldt: •
Hoe wil GS ervoor zorgen dat er meer sociale huur in de regio komt?
GS spannen zich maximaal in om ervoor te zorgen dat er meer sociale huurwoningen in de regio worden gebouwd. Hiervoor hanteren zij het principe dat GS het maximale vragen, maar niet het onmogelijke. Echter duurt het helaas lang voordat de woningen gebouwd zijn. In de Rotterdamse regio worden veel sociale huurwoningen toegevoegd, mede door deze inzet vanuit GS. •
Wat kan GS doen om het functioneren van Woonnet Rijnmond te verbeteren?
Gedeputeerde geeft aan dat er bij samenwerking altijd dingen mis kunnen gaan en dat geen enkel systeem perfect werkt. Echter zij is ervan overtuigd dat het beter is om het regionale systeem te verbeteren dan een alternatief lokaal systeem op te bouwen. Als er dingen binnen een gemeenschappelijke regeling misgaan, dan kunnen die het beste binnen de regeling worden opgelost.
ChristenUnie De ChristenUnie is geen voorstander van een lokaal woonruimteverdeelsysteem. Dit betekent niet dat ze de problemen met de regionale samenwerking wegwuift. Het effect van een lokaal woonruimteverdeelsysteem is echter onzeker en hooguit tijdelijk. Ondanks dit standpunt constateert de ChristenUnie dat de gemeente Ridderkerk relatief veel sociale huurwoningen heeft. De vragen van de ChristenUnie en de antwoorden GS staan hieronder vermeldt: •
Welke tegemoetkomingen zou GS kunnen doen aan gemeente Ridderkerk om de last te verlichten? 7
De tegemoetkomingen die GS doet is onder meer door zich volop in te spannen voor meer sociale huurwoningen in de regio. Dit verlicht de situatie in Ridderkerk door de algemene woningnood tegen te gaan. De gedeputeerde merkt daarbij op dat de krapte op de woningmarkt geen regionaal probleem is, maar een landelijk probleem. Dit probleem wordt niet opgelost met een ander woonruimteverdeelsysteem. •
Hoe ziet het proces van besluitvorming eruit in de komende weken?
GS zijn voornemens om dinsdag 9 december een besluit te nemen over de aanwijzing. De gedeputeerde hecht er daarbij aan om de besluitvorming zorgvuldig te doen plaatsvinden. Het zou kunnen dat er hierdoor een week langer nodig is om tot dit besluit te komen. Dan zou het besluit hierover op 16 december genomen worden.
CDA Het CDA geeft aan ook een voorstander te zijn van een eigen woonruimteverdeelsysteem. Het CDA is daarnaast wel voorstander van samenwerking in de regio. Echter moet die samenwerking wel evenredig zijn. Ridderkerkse inwoners hebben volgens het CDA nu nadeel van de samenwerking. Het aantal huisvestingen zou op basis van een urgentiestatus hoger zijn in Ridderkerk dan in andere gemeenten in de regio. Hierom wil het CDA uittreden uit het regionale woonruimteverdeelsysteem. De vraag van het CDA en antwoorden GS: •
Hoe kan GS zorgen voor een betere balans in de samenwerking in de regio?
GS zet zich in om de balans te verbeteren door ervoor te zorgen dat er in iedere gemeente minimaal 30% sociale huurwoningen in de woningvoorraad zit. Zo wordt er gewerkt naar redelijke kansen voor woningzoekenden in elke gemeente.
VVD De VVD is een voorstander van het oprichten van een eigen woonruimteverdeelsysteem. De woningmarkt in Ridderkerk zit op slot. Er zoeken erg veel mensen naar een woning en de gemeente heeft nu onvoldoende middelen om daar verandering in te brengen. Met een lokaal woonruimteverdeelsysteem kan er volgens deze partij beter worden gestuurd op de wachttijd en woningverdeling in Ridderkerk. Zolang de gemeenten in de regio achterblijven met de bouw van sociale huurwoningen zal deze vraag blijven leven. •
De VVD constateert dat de gemeente Ridderkerk het goed doet in de woningbouwprogrammering, maar dat de regio achterblijft. Een regionaal woonruimteverdeelsysteem is daarom nadelig voor de Ridderkerkers. Hoe kijken GS naar mogelijke voor- en nadelige effecten van dergelijke regionale samenwerking? 8
De gedeputeerde geeft aan dat zij een voorkeur zou hebben voor uiteindelijk een landelijk woonruimteverdeelsysteem, al realiseert zij zich ook dat de provincie ZuidHolland daar niet over gaat. Het doel is dat er voor alle inwoners keuzevrijheid is om te wonen waar ze willen. Samenwerking op grotere schaal zorgt namelijk voor meer mobiliteit en keuzevrijheid voor huurders. Om deze reden stimuleren GS deze samenwerking en zijn GS tegen de opzegging ervan. •
Welke concrete handelingen nemen GS om andere gemeenten aan te sporen tot meer sociale huurwoningen?
GS heeft aan gemeenten met onvoldoende sociale huurwoningen gevraagd om groeipadplannen in te dienen. Dit zijn plannen waarin gemeenten uitleggen hoe ze naar 30% sociale huur in de woningbouwvoorraad toewerken. Hierop toetst de Provincie Zuid-Holland de plannen en werkt zo met gemeenten naar meer sociale huur in de voorraad.
Leefbaar Ridderkerk Leefbaar Ridderkerk is voorstander van het uittreden uit het regionale woonruimteverdeelsysteem. Bij een samenwerkingsverband moet er solidariteit zijn. Als het systeem goed zou werken dan zou er geen reden zijn om er eruit te stappen. Helaas zijn er in de regio onvoldoende sociale huurwoningen en komen er veel mensen uit de regio wonen in Ridderkerk. Hierdoor is de wachttijd volgens deze partij voor een woning in Ridderkerk voor Ridderkerkers enorm lang. •
Wat kan GS doen om hulp te bieden aan Ridderkerkers om in te lopen op de wachttijd?
GS geven aan dat ze eerlijk moet zijn in de hulp die ze kan bieden aan Ridderkerkse inwoners. Zij kunnen vooral aansturen op meer sociale huur in de regiogemeenten, dit zal op langere termijn de wachttijd voor Ridderkerkers verkorten. Bovendien is het wettelijk niet toegestaan om meer dan 50% van de vrijgekomen sociale huurwoningen toe te wijzen aan mensen met lokale binding. Het maakt hiervoor niet uit of het een lokaal of regionaal woonruimteverdeelsysteem is. •
Leefbaar Ridderkerk doet een oproep aan GS om streng te zijn in de woningbouwprogrammering van de regiogemeenten om meer sociale huur te bouwen.
De gedeputeerde geeft aan dat GS op dit gebied over het algemeen als streng wordt ervaren, zeker op de bouw van sociale huurwoningen. GS gaat uit dat ze het maximale vragen van gemeenten in de woningbouwprogrammering, maar niet het onmogelijke. De gedeputeerde geeft aan dat ze deze oproep als een aansporing ervaart om in GS met deze houding door te gaan. 9
PvdA De PvdA is voor een eigen woonruimteverdeelsysteem. De PvdA ziet dit als een instrument om meer sociale huurwoningen voor Ridderkerkse inwoners mogelijk te maken. Een eigen woonruimteverdeelsysteem zou hierin een mogelijkheid kunnen zijn, maar er zijn ook alternatieven zoals het geven van wachtjaren op het systeem aan eigen startende woningzoekenden. •
Hoe kijkt de gedeputeerde naar dergelijke alternatieve oplossingen en een keuzepalet aan mogelijkheden?
De gedeputeerde geeft aan dat er een lang traject is geweest voorafgaand aan dit besluit. Hierin zijn alternatieve oplossingen geopperd, maar er is helaas nooit een meerderheid voor een alternatief in de Ridderkerkse gemeenteraad voor gevonden. •
Wat zijn de mogelijkheden om na de aanwijzing tot vorming van een gemeenschappelijke regeling weer uit te treden uit deze gemeenschappelijke regeling?
GS geeft aan dat er geen gemeenschappelijke regeling kan worden opgericht zonder mogelijkheid tot uittreding. Dit zou in theorie dus een mogelijkheid kunnen zijn. Als de gemeenteraad van Ridderkerk hier voor kiest, kan GS in het uiterste geval over gaan op interbestuurlijk toezicht. Dit is een zeer onwenselijke situatie en GS sporen de gemeenteraad van Ridderkerk aan om niet teveel tijd met dit soort juridische strijd te verspillen en energie in te zetten voor de inwoners van Ridderkerk.
Echt voor Ridderkerk Echt voor Ridderkerk is voor een lokaal woonruimteverdeelsysteem. Dit zou leiden tot een evenwichtig woonruimteverdeelsysteem waar iedereen zich kan vestigen waar die wil. Ridderkerkers willen nou eenmaal in Ridderkerk wonen. Als het hogere administratieve lasten oplevert voor Ridderkerkers om in twee woonruimteverdeelsystemen te zitten, dan is dat geen probleem voor Ridderkerkers, zolang ze eerder een woning in Ridderkerk kunnen krijgen. •
Hoe gaat de provincie om met de urgentietoewijzingen in de regio?
De gedeputeerde geeft aan dat er, volgens de cijfers die GS tot haar beschikking heeft, geen sprake is van een onevenredige toewijzing van huisvesting op basis van een urgentiestatus. Hierom is GS niet van plan om hier veel aan te veranderen.
GroenLinks GroenLinks geeft aan dat het vraagstuk over het woonruimteverdeelsysteem gecompliceerd is, maar geeft aan wel in het regionale woonruimteverdeelsysteem te willen blijven. Aan de ene kant is de druk op de sociale huur hoog en houden veel 10
regiogemeenten zich niet aan de eis van 30% in de woningvoorraad. Ook zijn er tekortkomingen in het functioneren van Woonnet Rotterdam-Rijnmond. Echter lost het niets op om een muur om Ridderkerk heen te bouwen. Een regionaal systeem biedt Ridderkerkers ook de mogelijkheid om elders te wonen indien zij dit zouden willen. Bovendien is een eigen systeem duur en kan er, ongeacht het woonruimteverdeelsysteem, 50% van de vrijgekomen sociale huurwoningen aan Ridderkerkers worden toegewezen. Hierom concludeert GroenLinks dat het beter is om in het regionale woonruimteverdeelsysteem te blijven. •
Hoe ziet de besluitvormingsprocedure er vanaf hier uit?
De gedeputeerde geeft aan dat zij verwacht dat er op 9 december hierover een besluit wordt genomen. De gedeputeerde wil daarbij ook de uitkomsten van dit overleg en de uitkomsten van het verslag van de bemiddelaar zorgvuldig wegen. Het zou daardoor ook kunnen dat het besluit een week later op 16 december wordt genomen.
Burger op 1 Burger op 1 wil een eigen woonruimteverdeelsysteem. Solidariteit is belangrijk voor samenwerking, maar juist om die reden schiet het regionale woonruimteverdeelsysteem te kort volgens deze partij. Het woningtekort is te groot en het is tijd dat er iets voor Ridderkerkers wordt gedaan. •
Wat gaat GS anders doen om de situatie in Ridderkerk te verlichten?
GS geeft aan dat ze niet van plan is om veel anders te doen. GS zet momenteel in op het realiseren van nieuwe woningen en met name sociale huurwoningen in deze regio en de gehele provincie. Gedeputeerde ziet deze vraag als een oproep om hiermee door te gaan.
Vervolgvragen Naar aanleiding van het overleg zijn er enkele vervolgvragen van de Partij 18+ en de SGP.
Partij 18+ •
Hoe interpreteert GS het aantal woningzoekenden die onevenredig zijn gestegen in Ridderkerk?
De gedeputeerde geeft aan dat het tekort in de woningmarkt niet onevenredig hoog is in Ridderkerk. Dit is een landelijk probleem. De Provincie Zuid Holland zet zich heel hard in om dit op te lossen. •
Hoe wegen GS de termijn voor het oprichten van een gemeenschappelijke regeling? 11
De gedeputeerde geeft aan dat er vanuit de provincie heel hard wordt gewerkt aan het oprichten van een gemeenschappelijke regeling, mocht het nodig zijn deze in te zetten. Zij verwacht dat dit op relatief korte termijn kan omdat dit gesprek al lang loopt. Het is niet nu pas bekend dat er mogelijk een gemeenschappelijke richting wordt opgericht.
SGP •
Hoe zien GS de ongelijkheid in de toewijzing van urgentie?
De gedeputeerde geeft aan dat er, volgens de cijfers die GS tot haar beschikking heeft, geen sprake is van een onevenredige toewijzing van huisvesting op basis van een urgentiestatus.
Afsluiting De gedeputeerde geeft aan dat het gesprek al uit de ingeplande tijd loopt en dat ze niet de indruk heeft dat GS en de gemeenteraad van Ridderkerk elkaar zullen overtuigen. Ook niet als er meer vervolgvragen worden gesteld. Om die reden stelt ze voor deze bijeenkomst hiermee af te ronden. Iedereen wordt bedankt voor zijn en haar aanwezigheid en het open gesprek.
12
Reflectie, conclusies en observaties bemiddelingstraject Ridderkerk Inleiding Op verzoek van de gedeputeerde Koning ben ik op 24 september 2025 gevraagd om te bemiddelen in een kwestie rond de uitvoering van de (regionale) woonruimteverdeling in de Rotterdamse regio. (Met de Wet versterking regie volkshuisvesting in aantocht een zeer relevant thema.) De 12 gemeenten in deze regio waren tot 1 januari 2025 verenigd via een overeenkomst met elkaar. De zogenoemde bestuursovereenkomst Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam (SvWrR) is getekend op 13 december 2024 door de volgende 11 gemeenten: Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Maassluis, Nissewaard, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen en Voorne aan Zee. De gemeenteraad van Ridderkerk heeft voor de zomer definitief besloten om uit het woonruimteverdeelsysteem van de Maaskoepel te treden. De samenwerking met de andere regiogemeenten en de provincie staat nu al enige tijd onder druk. De beweging die het rijk maakt (ook in de Wet versterking regie volkshuisvesting) is dat provincies gemeenten toewijzen aan woonregio’s. Tegelijk is het besluit genomen voor een eigen woonruimteverdeelsysteem door de gemeenteraad van Ridderkerk en zal B&W van Ridderkerk in beginsel hieraan uitvoering moeten geven.
Samenwerking zonder deelname aan het gemeenschappelijke woonruimteverdeelsysteem zien de andere gemeenten niet als oplossing. Om een bestuurlijk-juridische escalatie te voorkomen wensen de provincie en de regio een bemiddelaar aan te stellen die de opdracht krijgt om te bezien of en hoe de samenwerking tussen Ridderkerk en de regio kan worden hersteld. Dit document is de weerslag van mijn poging om aan die opdracht gehoor te geven. Aan alle betrokkenen wil ik mijn dank uitspreken. Ieder heeft kostbare tijd voor dit traject vrijgemaakt en heeft open, helder en onderbouwd zijn of haar standpunten met mij doorgenomen. Zonder deze medewerking had ik nooit tot duidelijke conclusies kunnen komen. Deze gesprekken waren uiteraard van vertrouwelijke aard, zodat eenieder zonder schroom of angst een duidelijk beeld van de situatie heeft kunnen schetsen.
1
Aanpak Het aanvankelijke idee was om de eerste gesprekken te voeren met Ridderkerkse bestuurders. En vervolgens de regionale bestuurders te spreken. Echter door agenda technische redenen is het toch wat door elkaar gelopen, ook om de snelheid erin te houden. De provincie voorzag mij van relevante stukken en iedere week had ik een reflectiemoment en een vooruitblik met de regisseur/verbinder-wonen en coördinator doelgroepen van de provincie Zuid-Holland. De coördinator heeft mij van waardevolle adviezen voorzien. Er is ook gesproken met sleutelfiguren die deskundig zijn op het gebied van huurwoningen en stedelijke ontwikkeling. Vanuit die wat bredere blik is gesproken met vertegenwoordigers van Wooncompas in Ridderkerk, Maaskoepel in Rotterdam en de directeur stedelijk ontwikkeling van de gemeente Rotterdam. Ook is de wens die in de commissie wonen van de gemeente Ridderkerk van 27 oktober is geopperd om meer fractievoorzitters te spreken gehonoreerd. Ook is gesproken met ambtelijk vertegenwoordigers van het ministerie. De behoefte om te spreken met een hoog ambtelijke vertegenwoordiger van het Rijk heeft tot enige vertraging geleid. Een afspraak met de DG Volkshuisvesting en Bouwen kon op t laatst toch nog ingepast worden op 1 december, iets na de eerder voorgenomen deadline van eind november. Daarom is dit document met enige vertraging opgeleverd.
Tussentijdse overleggen met gedeputeerde Koning Op 14 oktober heb ik gebeld met de gedeputeerde Koning over de ontstane situatie. Er is op 17 september 2025 een brief verstuurd vanuit het Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam aan de provincie Zuid-Holland met het verzoek om een aanwijzing als bedoeld in artikel 99 van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Deze brief kreeg in de weken daarna veel belangstelling van de pers. Er kwam ook een reactie in de vorm van een brief van 12 oktober van de lokale Ridderkerkse coalitie partij 18 Plus bij monde van de fractievoorzitter aan de gemeenteraden in de 11 regiogemeenten met de oproep om het voorbeeld van Ridderkerk te volgen. De kans een geitenpad te vinden was in mijn optiek aanzienlijk geslonken met de dreigende escalatie. De gedeputeerde heeft aangegeven dat het proces wat haar betreft toch het best kon worden doorgezet. Daarom zijn gesprekken gevoerd worden met lokale en regionale bestuurders, zoals eerder dit jaar is beloofd.
2
Regionaal bestuurlijke context De 12 Rotterdamse gemeenten werken al vele jaren samen op het gebied van regionale woonruimteverdeling via Woonnet Rijnmond. Aanvankelijk onder de vlag van de Stadsregio Rotterdam en later, vanaf 2019, in het Samenwerkingsverband Wonen regio Rotterdam (SvWrR). Zij sloten in 2020 een bestuursovereenkomst. Dit was een belangrijke mijlpaal, waarbij gemeenten uitspraken elkaars gelijke te zijn. Iedere gemeente schuift op naar meer evenwicht in de bestuurlijke verhoudingen. Alle wethouders hebben zich hieraan gecommitteerd. De provincie Zuid-Holland werd erbij gevraagd om ook meer gezag aan het geheel te geven. Dit houdt ook in dat de provincie kan ingrijpen als deelnemende gemeenten zich niet aan de bestuurlijke samenwerking houden. Het gegeven van de wortel en de stok dus. Eind 2024 werd opnieuw een bestuursovereenkomst gesloten voor het vervolg van de samenwerking vanaf 1 januari 2025, dat niet werd ondertekend door de gemeente Ridderkerk. De reden van niet medeondertekenen ligt in 2022. Na de lokale verkiezingen is een coalitieakkoord gesloten waarin een eigen lokaal woonruimte verdeelsysteem een zeer prominente plek kreeg, gekoppeld aan afspraken over onder meer de koopzondagen. Deze situatie leidde tot tal van gesprekken op bestuurlijk niveau en leidde tot een behoorlijke correspondentie hierover.
Helaas lukte het niet om het Ridderkerks gemeentebestuur tot andere gedachten te brengen. Op 1 december heb ik een constructief gesprek gevoerd met genoemde DG. De DG onderschreef de noodzaak van regionale samenwerking van alle gemeenten in de Rotterdamse regio. Verder is doorgesproken over de mogelijkheden die de nieuwe Wet versterking regie volkshuisvesting biedt aan een samenwerkingsverband. Conclusies Er is door de benaderde personen altijd welwillend ingegaan op het verzoek voor een gesprek. Er was voldoende ruimte om het gesprek in een rustige sfeer te voeren. De gehouden gesprekken geven veelal de couleur locale aan. Er is goed geluisterd naar de argumenten die aangedragen werden om naar de situatie te kijken. De bestuurlijke situatie rond dit thema is onrustig met de nodige correspondentie en reacties van bestuurders. Feit is dat Ridderkerk uit het samenwerkingsverband is gestapt. En dat, terwijl de wooncrisis die uiterst complex is, om een gemeenschappelijke aanpak vraagt. Dat feit wordt als een gevoelig verlies beschouwd door de 11 achtergebleven gemeenten.
3
Terugkeer van Ridderkerk is zeker mogelijk en zeer wenselijk, maar dan moeten de investeringen stopgezet worden in een lokaal systeem en het streven naar een nieuwe lokale verordening in de ijskast gezet worden. Zover is, op dit moment dat ik dit, schrijf de situatie niet. Vanuit Ridderkerk wordt de discussie door onder meer 18 Plus vol overtuiging gevoerd en vormt het wederom inzet van de verkiezingen. Dat tekent toch wel de scherpte van de discussie. Concluderend moet ik aangeven dat in de huidige context geen compromis mogelijk lijkt dat de elf overige regiogemeenten en Ridderkerk weer tot een productieve en harmonieuze samenwerking brengt. Barendrecht, 2 december 2025 Jan van Belzen
4