Voorstel Zienswijze GR DG&J 1e burap 2026 - Voorstel.pdf
Tekst van het document
Datum vergadering: 22 september 2026 Datum B&W: 1 september 2026 zaaknummer: 2026-0091592 Portefeuillehouder: Arjan Kosten Auteur: Jasmijn Koutstaal Onderwerp: Zienswijze GR DG&J 1e burap 2026 Voorgesteld besluit: 1. In te stemmen met het versturen van de zienswijze op de 1e bestuursrapportage 2026 van de Dienst Gezondheid & Jeugd (DG&J). Inleiding De raad wordt gevraagd een zienswijze aan te leveren op de 1e bestuursrapportage 2026 van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid en Jeugd (GR DG&J). Beoogd effect Het uitbrengen van deze zienswijze stelt de gemeente in staat om richting te geven aan het opereren van de GR DG&J en om aandacht te vragen voor noodzakelijke verbeteringen in sturing, transparantie en kostenbeheersing. Hiermee wordt beoogd een constructieve bijdrage te leveren aan een financieel houdbare en inhoudelijk sterke uitvoering van het jeugd -en gezondheidsdomein. Argumenten 1.1 De zienswijze draagt bij aan het beheersbaar houden van de financiële risico's voor gemeenten. Gezien de beperkte financiële ruimte van gemeenten achten wij het van belang dat de DG&J niet alleen inzicht biedt in de oorzaken van de kostenontwikkeling, maar ook actief inzet op maatregelen om de groei van de uitgaven te beheersen.
Met deze zienswijze wordt benadrukt dat verdere inspanningen nodig zijn om de effecten van de tariefherijking te beperken, structurele ombuigingen te realiseren en te investeren in maatregelen die de instroom naar specialistische jeugdhulp verminderen. Hiermee wordt gestuurd op een jeugdstelsel dat zowel toegankelijk als financieel houdbaar blijft. Duurzaamheid N.v.t. Alternatieven Het alternatief is om geen zienswijze in te dienen, maar daarmee zal het standpunt van de gemeenteraad over de bestuursrapportage niet meegenomen worden in de bespreking van het AB DG&J. Kanttekeningen 1.1. Deze zienswijze houdt niet in dat het standpunt van Alblasserdam volledig door het Algemeen Bestuur worden overgenomen. Alle gemeenten die onderdeel zijn van de GR DG&J mogen een zienswijze aanleveren op de voorlopige jaarstukken 2025 en conceptbegroting 2027. Deze zienswijze worden meegenomen in de besluitvorming tijdens de vergadering van het Algemeen Bestuur DG&J op 18 juni 2026. Financiële informatie GGD, LVS en Veilig Thuis Voor de onderdelen GGD, Leerplicht en Voortijdig Schoolverlaten (LVS) en Veilig Thuis geeft de DG&J aan dat de totale omvang van de gemeentelijke bijdragen op regionaal niveau niet wijzigt. Om die reden wordt hiervoor geen zienswijze gevraagd.
Hoewel per saldo geen sprake is van een wijziging van de totale gemeentelijke bijdrage, leiden actualisaties wel tot verschuivingen tussen gemeenten. Voor de gemeente Alblasserdam resulteert dit in een positieve bijstelling van € 9.062 ten opzichte van de vastgestelde begroting. Serviceorganisatie Jeugd (SOJ) Voor de Serviceorganisatie Jeugd (SOJ) blijkt uit de eerste bestuursrapportage dat, na een daling van de uitgaven in de laatste maanden van 2025, in 2026 sprake is van stabilisatie van de zorgvraag. Tegelijkertijd is er een aanzienlijke stijging van de lasten. Regionaal bedraagt deze stijging € 10,2 miljoen. Voor Alblasserdam leidt dit tot een verhoging van de gemeentelijke bijdrage van € 556.876 ten opzichte van het bedrag dat in de gemeentelijke begroting is opgenomen. De financiële effecten van beide ontwikkelingen zullen worden verwerkt in de tweede bestuursrapportage (2e Burap), zodat de gemeentelijke begroting in overeenstemming wordt gebracht met de meest actuele financiële prognose van de DG&J. Vervolg Na de behandeling van het voorstel in het college zal de concept zienswijze gedeeld worden met de DG&J. Na behandeling in de gemeenteraadsvergadering zal de definitieve zienswijze worden verzonden aan het dagelijks Bestuur. Communicatie Na de behandeling van het voorstel in het college zal de concept zienswijze gedeeld worden met de DG&J.
Na behandeling in de gemeenteraadsvergadering zal de definitieve zienswijze worden verzonden aan het dagelijks Bestuur. Bijlagen 1. 1e-burap-2026-GR-DGJ.pdf 2. Brief-zienswijze-1e-burap-2026-GR-DGJ.pdf 3. zienswijze 1e burap 2026 GR DGJ definitief.docx CONCEPT RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Alblasserdam; gelet op: artikel 160, lid 1 onder b van de Gemeentewet. B E S L U I T: 1. In te stemmen met het versturen van de zienswijze op de 1e bestuursrapportage 2026 van de Dienst Gezondheid & Jeugd (DG&J). Geacht bestuur, Op 15 juli 2026 jongstleden hebben wij uw schriftelijk verzoek ontvangen om een zienswijze te geven op de 1e bestuursrapportage 2026 van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd (GR DG&J). Concreet vraagt u in dit kader onze zienswijze op het verhogen van de gemeentelijke bijdrage in verband met de kostenstijging van € 10,2 miljoen voor de jeugdhulp. De financiële doorwerking voor Alblasserdam is in verhouding tot het regionale aandeel van de gemeente, maar leidt desondanks tot een aanvullende opgave binnen de gemeentelijke begroting. De gemeenteraad schrikt van de omvang van deze kostenstijging van € 10,2 miljoen en vindt het zeer teleurstellend dat opnieuw een dergelijk groot aanvullend beroep wordt gedaan op de gemeentelijke middelen, terwijl de financiële ruimte van gemeenten al sterk onder druk staat.
Via deze brief informeren wij u graag over de zienswijze van onze gemeenteraad op de voorgestelde bestuursrapportage. Inleiding De financiële ruimte van de gemeente Alblasserdam staat de komende jaren ernstig onder druk. Hierbij is het uitgangspunt dat er geen ruimte is voor vanzelfsprekende groei van budgetten, taakuitbreidingen of structurele kostenstijgingen. Wij beoordelen begrotingen en beleidsvoorstellen daarom op noodzaak, doelmatigheid, betaalbaarheid en de mate waarin deze passen binnen bestaande financiële kaders. Serviceorganisatie Jeugd (SOJ) Financiele ontwikkeling en tariefstijgingen In uw bestuursrapportage geeft u aan dat na een daling in de laatste maanden van 2025 sprake is van een stabilisatie in 2026. Echter nemen de lasten regionaal sterk toe, met een stijging van 10,2 miljoen. Bij de regionale duiding van het tekort wordt aangegeven dat circa € 3 miljoen wordt verklaard door indexatie en zo’n € 6,4 miljoen door de herijking van tarieven. Daarnaast leiden tariefswijzigingen tot een stijging van € 0,7 miljoen. Afgerond leidt dit tot de genoemde stijging van € 10,2 miljoen. Wij begrijpen de noodzaak van realistische tarieven die aansluiten bij de daadwerkelijk gemaakte kosten en dat een dergelijke stijging niet te voorkomen is.
Tegelijkertijd constateren wij dat een situatie waarin tarieven langere tijd niet toereikend zijn geweest, kan hebben geleid tot een verschuiving naar zwaardere zorgproducten. Een daaropvolgende herijking van tarieven kan daardoor een versterkend financieel effect hebben. Voor Alblasserdam leidt dit tot een substantiële extra financiële opgave. Sturing op kostenbeheersing Wij verwachten van de DG&J daarom dat de focus niet alleen ligt op tarieven, maar vooral op maatregelen die bijdragen aan het beheersen van de zorgvraag en het realiseren van passende inzet van jeugdhulp. De ontwikkelopdracht moet bijdragen aan het beperken van de groei op de jeugdhulpkosten door gerichte sturing op vraag, inzet en doelmatigheid. Wij verzoeken u dan ook om hier voortvarend uitvoering aan te geven en de behaalde resultaten inzichtelijk te maken. Wij erkennen dat de ruimte voor het oplossen van tekorten via efficiencymaatregelen en verlaging van apparaatskosten beperkt is. Door de gehanteerde nullijn wordt immers structureel bespaard op apparaatskosten. Daarnaast voert de DG&J grotendeels wettelijke taken uit, waardoor de mogelijkheden om dienstverlening af te schalen beperkt zijn. Tegelijkertijd ontslaat dit de organisatie niet om kritisch te blijven op kostenbeheersing en verwachten wij dat de DG&J alle mogelijkheden benut om de druk op gemeentelijke bijdragen te beperken.
De DG&J dient haar wettelijke taken duurzaam uit te voeren, zonder onnodige kosten die niet direct bijdragen aan deze taken. Versterking van preventie en lokale ondersteuning Wij zijn van mening dat een structurele oplossing voor de uitdagingen binnen het jeugdstelsel ligt in het versterken van de lokale toegang, de sociale basis en het voorkomen van onnodige verwijzingen naar specialistische hulp. Preventie, vroegsignalering en passende ondersteuning dichtbij huis zijn onmisbaar om de beschikbaarheid en betaalbaarheid van jeugdhulp op langere termijn te waarborgen. Wij verwachten dat de DG&J deze ontwikkeling niet uitsluitend als een gemeentelijke opgave beschouwt, maar hierin een actieve rol neemt. De huidige situatie vinden wij zeer zorgelijk. Gemeenten worden geconfronteerd met steeds verder oplopende kosten voor specialistische jeugdhulp, waardoor de financiële ruimte voor preventie en lokale voorzieningen steeds verder onder druk komt te staan. Juist de investeringen die nodig zijn om problemen vroegtijdig te voorkomen, dreigen hierdoor in het gedrang te komen. Dat vinden wij een zorgelijke en onwenselijke ontwikkeling. Wanneer het grootste deel van de beschikbare middelen opgaat aan specialistische zorg, ontstaat onvoldoende ruimte om de noodzakelijke beweging naar voren daadwerkelijk te realiseren.
Wij verwachten daarom dat de DG&J met meer urgentie en daadkracht stuurt op het beheersen van de zorgvraag en de kostenontwikkeling en daarbij kritisch kijkt naar de inrichting van het huidige zorglandschap. Herinrichting van het zorglandschap Wij constateren dat het grote aantal gecontracteerde aanbieders de beheersbaarheid van het zorglandschap beperkt en dat het huidige normenkader onvoldoende effect heeft op het beperken van specialistische jeugdhulp. Hierdoor worden meer kosten gemaakt dan noodzakelijk. Wij verzoeken de DG&J daarom met concrete voorstellen te komen om het aantal aanbieder te rationaliseren, de sturende werking van het normenkader te versterken en de afhankelijkheid van specialistische jeugdhulp waar mogelijk te verminderen, waarbij een dekkend regionaal zorgaanbod geborgd blijft. Daarbij ontvangen wij graag inzicht in de maatregelen, de verwachte besparingen en de ruimte die hierdoor ontstaat voor investeringen in lokale en preventieve ondersteuning. Noodzaak van aanvullende en fundamentele maatregelen Wij nemen kennis van de voortgang van het verbeterprogramma Betaalbare en Beschikbare Jeugdhulp. Hoewel stappen zijn gezet, constateren wij dat de effecten van de getroffen maatregelen achterblijven bij de verwachtingen en dat het programma onvoldoende voortgang laat zien om de noodzakelijke financiële ombuiging te realiseren.
Gezien de aanhoudende druk op de gemeentelijke begrotingen achten wij een versnelling en verdere aanscherping van de maatregelen noodzakelijk. Wij verzoeken de DG&J daarom concrete en uitvoerbare ombuigingsvoorstellen uit te werken die gezamenlijk leiden tot een structurele substantiële ombuiging. Deze voorstellen moeten inzicht geven in zowel de financiële effecten als de gevolgen voor de uitvoering en vervolgens ter besluitvorming aan de deelnemende gemeenten worden voorgelegd. Daarbij roepen wij de DG&J op om ook fundamentele maatregelen te onderzoeken en niet op voorhand ingrijpende keuzes uit te sluiten als deze nodig blijken te zijn om de kosten beheersbaar te houden. De grootte van de opgave vraagt om een brede verkenning van alle mogelijkheden om de groei van de zorgvraag en de daarmee samenhangende kosten structureel te beperken. Structurele besparingen vragen om een gezamenlijke inspanning van de DG&J en gemeenten. Maatregelen die leiden tot een verschuiving van specialistische zorg naar lokale voorzieningen hebben namelijk ook gevolgen voor de benodigde capaciteit binnen gemeenten. Wij vinden het daarom belangrijk dat voorstellen gezamenlijk worden uitgewerkt, zodat verantwoordelijkheden, randvoorwaarden en financiële consequenties voor alle partijen helder zijn.
GGD, LVS en VT In het kader van de onderdelen GGD, LVS en Veilig Thuis geeft u aan dat de totale omvang van de gemeentelijke bijdrage niet wijzigt en hierover daarom geen zienswijze wordt gevraagd. Desondanks maken wij graag gebruik van de gelegenheid om een aandachtspunt mee te geven. Wij nemen kennis van de ontwikkelingen die worden geschetst bij de GGD, LVS en Veilig Thuis. Hoewel deze ontwikkelingen op dit moment nog geen gevolgen hebben voor de gemeentelijke bijdragen, zien wij hierin risico's die op termijn tot extra financiële druk kunnen leiden. Met name de toenemende complexiteit van de casuïstiek en de oplopende druk bij Veilig Thuis, de stijging van tijdelijke huisverboden en de ontwikkelingen rondom vrijstellingen op psychische gronden binnen LVS vinden wij zorgelijk. Wij verwachten daarom dat de DG&J deze ontwikkelingen niet alleen monitort, maar ook actief beheersmaatregelen treft. Wij verzoeken u in de 2e bestuursrapportage inzicht te geven in de financiële effecten en de getroffen beheersmaatregelen. Eventuele financiële risico's dienen naar onze mening niet automatisch te leiden tot een aanvullende bijdrage van gemeenten; wij verwachten eerst inzicht in de maatregelen die de DG&J zelf heeft getroffen om deze ontwikkelingen binnen de bestaande kaders op te vangen en te beheersen.
Wij ontvangen daarbij graag een scherpe analyse van de situatie en inzicht in de mogelijkheden die gemeenten lokaal hebben om aan deze opgaven bij te dragen. Ten slotte Ten slotte benadrukken wij dat gemeenten en regio gezamenlijk voor een enorme opgave staan. De druk op met name de jeugdhulp blijft groot, terwijl de financiële ruimte van gemeenten steeds verder afneemt. Wij ervaren hierbij een groeiende spanning tussen wat nodig is voor jeugdigen en gezinnen en wat gemeenten financieel nog kunnen dragen. Dat baart ons grote zorgen. Dit vraagt van alle betrokken partijen een gezamenlijke verantwoordelijkheid om te blijven werken aan een jeugdstelsel dat zowel toegankelijk als financieel beheersbaar is. Tegelijkertijd zien wij kansen om de ondersteuning aan jeugdigen en gezinnen dichter bij de eigen leefwereld te halen. Daarbij zetten wij in op het versterken van de jeugdhulp naar voren, een sterke lokale jeugdbescherming en een goede verbinding tussen onderwijs en jeugdhulp. Daarnaast zien wij kansen in de regionale samenwerking rondom het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). Momenteel wordt gewerkt aan een regionaal AZWA-regioplan voor de komende jaren. Hoewel gemeenten hierin de regie voeren, is de GGD op verschillende onderdelen een belangrijke samenwerkingspartner.
Wij hechten eraan deze samenwerking gezamenlijk voort te zetten en de kansen die het AZWA biedt te benutten om preventie, gezondheid en passende ondersteuning verder te versterken. Wij nodigen de DG&J uit om samen met gemeenten deze ambities verder vorm te geven en elkaar daarbij te versterken vanuit ieders rol en verantwoordelijkheid. Daarbij verwachten wij dat de DG&J vanuit haar regionale positie een actieve bijdrage levert aan het realiseren van deze ambities en kansen benut om gemeenten waar mogelijk te ondersteunen en te versterken. Wij vragen u deze zienswijze te betrekken en onze aangeleverde punten te overwegen bij de bespreking in de vergadering van het Algemeen Bestuur op 12 november 2026. We zien uit naar uw reactie op onze zienswijze. Vragen Heeft u vragen over deze brief? Neem dan contact op via email of telefoon via de contactgegevens links. Met vriendelijke groet, De gemeenteraad Alblasserdam, De Griffier, De voorzitter, I.M. de Gruijter J.W. Boersma