CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorstel Vaststellen Verordening Persoonlijk Minimabudget Alblasserdam - Voorstel.pdf

Gecombineerde commissie Alblasserdam 8 december 2022, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 13: Vaststellen Verordening Persoonlijk Minimabudget Alblasserdam - Voorstel2.061 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum vergadering: 8 december 2022 Datum B&W: 15 november 2022

Portefeuillehouder: Margreet de Deugd-Bos Auteur: Gerard van Andel

Onderwerp: Vaststellen Verordening Persoonlijk Minimabudget Alblasserdam Voorgesteld besluit: 1. De Verordening Persoonlijk Minimabudget Alblasserdam vast te stellen en in werking te laten treden per 1 januari 2023. 2. De verhoging van de kosten ten bedrage van € 85.931,-- kunnen opgevangen worden binnen het geraamde resultaat van de begroting 2023. 3. Bijgevoegde begrotingswijziging vast te stellen (VOLGT)

Inleiding Met ingang van 1 januari 2022 is de Drechtraad opgeheven en de GR Drechtsteden omgevormd tot de GR Sociaal (GRS). Met deze wijziging is de inhoudelijke sturing van de gemeenten op de GR versterkt en komt er middels lokale kaderstelling ruimte voor gemeente specifiek maatwerk in het beleid en de uitvoering van de SDD. Afgesproken is dat per 1 januari 2022 het volledige Drechtstedelijk sociaal beleid, behoudens de technische aanpassingen aan de nieuwe governance, in eerste instantie ongewijzigd over zou gaan. In het eerste kwartaal 2022 zijn om die reden alle Drechtstedelijke verordeningen door de diverse gemeenteraden vastgesteld. Tevens is met de gemeenten ten aanzien van de transitie naar de nieuwe GR afgesproken om eind 2021 gefaseerd te starten met de voorbereiding van de lokale kaderstelling, te beginnen met het minimabeleid. Op 20 september 2022 zijn tijdens een BIO de regelingen van het minimabeleid besproken. Bij de BIO waren ook de lokale maatschappelijke partners aanwezig, waaronder de Adviesraad Sociaal Domein Alblasserdam. De aanwezigen hebben met waardering kennisgenomen van het door het college gepresenteerde voorstel. Naast de elementen van het PMB is tijdens die bijeenkomst ook ingegaan op onderdelen van de Participatiewet die buiten de reikwijdte van de verordening PMB liggen, maar wel onderdeel zijn van het totale minimabeleid.

Hierbij valt te denken aan regels en voorwaarden met betrekking tot bijzondere bijstand en collectieve zorgverzekering. Voor de te stellen kaders van deze regelingen worden u afzonderlijke voorstellen voorgelegd.

Advies en draagvlak adviesraden Dit voorstel voor aanpassing van de verordening PMB is op ambtelijk niveau afgestemd met de Drechtsteden gemeenten in het Regionaal Opgave Overleg Bestaanszekerheid Versterken (ROO). De Cliëntenraad Drechtsteden (CRD) is in de ambtelijke voorbereiding gevraagd te adviseren ten aanzien van alle onderdelen van het minimabeleid, dus ook het PMB. De CRD vraagt concreet aandacht voor het uitbreiden van de doelgroep naar inkomens tot 120% van het Wettelijk Sociaal Minimum (WSM) en het verhogen van het PMB-bedrag in verband met de huidige inflatie waardoor de koopkracht onder druk staat.

Toelichting op het voorstel Bij dit voorstel zijn gevoegd de nieuwe concept-verordening PMB, een toelichting op de verordening en de was/wordt-tabel waarin de voorgestelde wijzigingen per artikel inzichtelijk worden gemaakt. In dit voorstel sommen wij de pro's en contra's van de voorgestelde wijzigingen op. Het PMB is de Drechtstedelijke invulling van de individuele inkomenstoeslag voortkomend uit de Participatiewet. Het PMB is bedoeld voor inwoners ouder dan 21 jaar en jonger dan de AOW-leeftijd, die geen zicht hebben op inkomensverbetering. De Participatiewet schrijft voor dat een aanvraag voor individuele inkomenstoeslag niet eerder dan 12 maanden na de vorige aanvraag succesvol kan worden ingediend. Het PMB kent een aantal knoppen om aan te draaien, waarbij op grond van artikel 8 lid 2 Participatiewet lokaal verplicht invulling moet worden gegeven aan de begrippen "langdurig' en "laag inkomen" en aan de overige begrippen invulling gegeven kan worden: 1. Bepaling van de definitie laag inkomen 2. Bepaling van de referteperiode (= definitie langdurig) 3. Differentiatie naar huishoudtype 4. De hoogte van de toeslag 5. De nadere regels ten aanzien van de doelgroep: "geen uitzicht op inkomensverbetering" In de argumenten en kanttekeningen leest u het advies van het college ten aanzien van bovenstaande "knoppen".

Beoogd effect Het PMB draagt bij aan het versterken van de financiële positie van de brede doelgroep huishoudens die langdurig op een inkomen op minimumniveau zijn aangewezen. Het is bij uitstek het instrument binnen het minimabeleid om de koopkracht van de gehele doelgroep minima te bevorderen. Dit voorstel beoogt vaststelling van een vernieuwde verordening PMB en deze per 1 januari 2023 in werking te laten treden. Daarnaast is beoogd dat de "Nadere regels persoonlijk minimabudget gemeente Alblasserdam" waarin het criterium 'uitzicht op inkomstenverbetering' verder is ingevuld, worden overgeheveld naar de verordening, waardoor meer eenvormigheid ontstaat tussen de verschillende gemeenten. Deze eerder vastgestelde nadere regels kunnen daarom door het college worden ingetrokken. n.b. De toelichting op de verordening wordt niet door de gemeenteraad vastgesteld, maar wordt als een "memorie van toelichting" toegevoegd aan de verordening. Daarom wordt deze toelichting ter kennisname meegestuurd bij het onderhavige voorstel ter vaststelling van de verordening als zijnde een uitleg/duiding van de verordening. De getekende verordening en de toelichting worden later als één document samengevoegd in een geconsolideerde versie, die dan ook gepubliceerd kan worden. Argumenten In de door ons college ingenomen standpunten zijn de uitkomsten van de op 20 september 2022 gehouden BIO verwerkt.

1.1 Bepalen definitie laag inkomen: verhogen van 110% naar 120% WML: We zien in de Minima Effect Rapportage (MER), zowel die van 2021 als in die van 2022, dat huishoudens tot 120% WSM over de gehele linie geen financiële flexibiliteit hebben. Hun financiële positie is zwak en zodra zich bijzondere kosten voordoen lopen zij groot risico om met maandelijkse tekorten te maken te krijgen. Tot de groep van 120% WSM behoort ook de (steeds groter wordende) groep 'werkende armen'. Juist voor hen willen we de koopkrachtdaling zoveel mogelijk dempen. Werken moet blijven lonen.

1.2 Handhaven van de referteperiode van 1 jaar Een verruiming van de referteperiode (de periode waarna voor het eerst recht ontstaat) heeft een bezuinigingseffect. Door de referteperiode te verlengen duurt het langer voordat mensen voor de eerste keer in aanmerking komen voor het persoonlijk minimabudget. In het geval van een referteperiode van 2 jaar, ontstaat het eerste recht op PMB na 2 jaar een inkomen van 120% WSM. Het heeft de voorkeur om de referteperiode van 1 jaar te handhaven omdat anders de kans heel groot is dat er een te grote financiële achterstand ontstaat en de schulden op gaan lopen.

1.3 Differentiatie PMB naar huishoudtype: bij kinderen ouder dan 12 jaar + €100 per jaar We zien in de (MER) 2021 een financieel probleem ontstaan als het gaat om de kosten voor participatie van de ouders bij huishoudens met oudere kinderen (ouder dan 12 jaar). Zij houden per maand onvoldoende over om zelf te kunnen participeren. In de MER 2022 wordt dit, vanwege de toegenomen inflatie, verder versterkt. Daarom beveelt het Nibud aan om extra aandacht te hebben voor deze groep. Ook de Drechtstedelijke visie 'Iedereen een zelfstandig en volwaardig bestaan' pleit ervoor deze groep tegemoet te komen. We adviseren om huishoudens met minimaal 1 kind ouder dan 12 jaar een extra bedrag aan PMB toe te kennen. Met de extra bestedingsruimte kunnen zij invulling geven aan hun eigen participatiemogelijkheden.

1.4 Verhogen bedrag PMB van 35% naar 45% van geldende norm: Het advies is om, onder invloed van de hoge inflatie op dit moment, het bedrag naar 45% van de geldende norm te verhogen. Dit komt neer op een bedrag per maand van ongeveer €9 extra voor alleenstaanden en €13 extra voor gehuwden. Hiermee wordt via het PMB een deel van het huidige koopkrachtverlies zoveel mogelijk gedempt.

1.5 De nadere regels ten aanzien van de doelgroep: "geen uitzicht op inkomensverbetering" Het criterium "uitzicht op inkomensverbetering" is verder ingevuld in de Nadere regels persoonlijk minimabudget gemeente Alblasserdam. Deze nadere regels zijn door het college vastgesteld op 8 maart 2022 terugwerkend naar 1 januari 2022. Door deze nadere regels over te hevelen naar de verordening is de regelgeving bijeengebracht in één stuk. De genoemde nadere regels worden om die reden dan ook door het college per 1 januari 2023 ingetrokken. Door de huidige nadere regels onderdeel uit te laten maken van de verordening ontstaat er regionale eenvormigheid hetgeen positief bijdraagt aan de uitvoering door de GRS. (zie ook opmerkingen onder beoogd resultaat) Kanttekeningen 1.1 Bepalen definitie laag inkomen: verhogen naar 120%: Keerzijde van meer financiële ondersteuning van de groep tot 120% van het WSM kan zijn dat zij niet gemotiveerd worden om meer uren te gaan werken. De praktijk leert echter wel dat deze groep vaak al aan het maximum van het voor hen mogelijke aantal werkuren zit.

1.2 Differentiatie PMB naar huishoudtype: bij kinderen ouder dan 12 jaar + €100 per jaar Keerzijde is dat de kinderen geen prikkel voelen om iets bij te dragen in het gezinsinkomen. Het gaat echter in deze gevallen om kinderen ouder dan 12 jaar en beneden 21 jaar, die (als zij al werken) met een minimumjeugdloon hoe dan ook een zeer klein aandeel kunnen bijdragen in het gezinsinkomen. In veel gevallen betreft het kinderen die de overstap van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs hebben gemaakt en waarvoor de kosten voor ouders toe zullen nemen.

1.3 Verhogen bedrag PMB van 35% naar 45% van geldende norm:

Het is van belang dat mensen met een laag inkomen zich te allen tijde blijven inzetten om hun inkomsten (middels meer uren werken) trachten te vergroten. Indien het bedrag van het PMB wordt verhoogd, zou dit mensen minder of zelfs onvoldoende stimuleren om meer te gaan werken is een opvatting die wij niet onderschrijven. Financiële informatie Juridisch: Idealiter treedt nieuwe regelgeving per 1 januari 2023 in werking na de vaststelling van de verordening door de gemeenteraad. Daardoor geldt vanaf dezelfde datum voor alle gemeenten het nieuwe PMB beleid en is er voor Drechtstedelijke inwoners en medewerkers GR Sociaal slechts op één moment sprake van een wijziging.

Financieel: De begroting van de GRS zoals die afgelopen zomer is vastgesteld heeft geen gelijke tred gehouden met de ontwikkelingen die zijn opgetreden in de samenleving. Dit heeft er toe geleid dat op basis van deze ontwikkelingen een uitvoeringsadvies (adviesscenario) is opgesteld dat in financieel opzicht afwijkt van de eerder vastgestelde begroting 2023. Gemeenten hebben de bevoegdheid om in positieve of negatieve zin van dit advies af te wijken. In Alblasserdam is er voor gekozen om het adviesscenario te volgen en op onderdelen in positieve zin af te wijken van dit advies. Dit heeft plaatsgevonden voor onderstaande onderdelen met een raming van de kosten opgesteld volgens de door de GRS beschikbaar gestelde rekenmodule: •

Inkomen PMB 120 % van het WSM i.p.v. 110 % WSM (extra kosten € 13.659,--)

•

PMB € 100,-- extra als er kinderen boven de 12 jaar in het gezin zijn (extra kosten € 2.656,--)

•

Coulance medische kosten bij bijzondere bijstand (extra kosten € 1.902,--)

Deze lokale voorkeuren leiden tot een stijging van € 18.217,-De kosten voor het volgen van het adviesscenario bedragen voor Alblasserdam nadat de toerekensystematiek is toegepast € 62.553,-- extra t.o.v. de vastgestelde GRS begroting 2023 Het toegerekende aandeel in de overhead bedraagt voor Alblasserdam € 5.161,-- extra t.o.v. de vastgestelde GRS begroting 2023. Op basis van deze keuzes zal voor 2023 gerekend moeten worden met een extra belasting van de gemeentebegroting 2023 met een bedrag van (18.217 + 62.553 + 5.161=) € 85.931,--. Deze extra kosten kunnen opgevangen worden binnen het geraamde resultaat van de begroting 2023. Het meerjarenperspectief heeft ruimte voor deze structurele verhoging tot en met 2025. Uitvoering De wijzigingen die optreden n.a.v. de herijking van het minimabeleid hebben personele en organisatorische consequenties. Deze consequenties zijn onderdeel van aanpassingen binnen de GR Sociaal als vervolg van de herijking van de minimabeleid. Communicatie Indien besluitvorming in de gemeenteraden leidt tot wijzigingen in de verordening PMB zal dit gecommuniceerd moeten worden naar inwoners en partnerorganisaties. Er zal een persbericht worden opgesteld in samenwerking met de GR Sociaal. Ook wordt de informatie gewijzigd op de gemeentelijke en Drechtstedelijke communicatiekanalen.

Tevens zal informatieverstrekking via de voorlichtingspagina en website van de gemeente plaatsvinden. Daarnaast zal de informatieverstrekking via het Brughuis eveneens worden ingezet.

Bijlagen 1. 2023 - Verordening Persoonlijk Minima Budget Alblasserdam.docx 2. 2023 - Verordening Persoonlijk Minima Budget Alblasserdam - toelichting.docx

3. Was-wordt tabel wijzigingen Verordening Persoonlijk Minimabudget Alblasserdam.docx

CONCEPT RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Alblasserdam;

gelet op: artikel 160, lid 1 onder b van de Gemeentewet

B E S L U I T:

1. De Verordening Persoonlijk Minimabudget Alblasserdam vast te stellen en in werking te laten treden per 1 januari 2023. 2. De verhoging van de kosten ten bedrage van € 85.931,-- kunnen opgevangen worden binnen het geraamde resultaat van de begroting 2023. 3. Bijgevoegde begrotingswijziging vast te stellen (VOLGT)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/429/documents/9021