CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Voorstel Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan CKC locatie - Raadsvoorstel.pdf

Commissie Grondgebied Alblasserdam 23 november 2021, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 6: Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan CKC-locatie - Raadsvoorstel26.512 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Inspreker vreest dat dit stedenbouwkundige- en leidt tot vermindering van het uitzicht milieukundige onderbouwing van en een verslechtering van het het plan blijkt dat het ruimtelijk- en aanzicht en straatbeeld. milieukundig aanvaardbaar wordt geacht dit plan te realiseren. De realisatie van het plan leidt niet tot nadelige effecten op bestaande woningen in de directe omgeving van het plan. Uitzicht vanuit nieuwe appartementen

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

48 - 54

2.4

2.5

Aan de zijde van de bestaande In het bestemmingsplan is Geen aanpassingen ontwerp woningen van de insprekers zijn onderbouwd dat er geen nadelige bestemmingsplan. balkons uitgesloten. Toch kijken gevolgen aangaande privacy toekomstige bewoners vanuit hun worden verwacht gelet op de nieuwe appartementen uit over het afstand tussen de nieuwe- en perceel van de insprekers. bestaande woningen. Zoals is toegelicht onder punt 2.2 erkend de gemeente dat de woonsituatie veranderd, maar dat realisatie van het plan niet leidt tot nadelige effecten op bestaande woningen in de directe omgeving van het plan. Zonuren De inspreker stelt dat de toelichting De bezonningsstudie toont aan dat Geen aanpassingen ontwerp bij het bestemmingsplan suggereert er geen nadelige gevolgen zijn met bestemmingsplan. dat het uitgesloten is dat het betrekking tot schaduwhinder op appartementencomplex de de bestaande woningen in de zonlichtinval op de woningen van omgeving van het plangebied. de insprekers beïnvloedt. Insprekers zien die zekerheid niet Met het vrijgeven van het terug in de bezonningstudie. Als de voorontwerp bestemmingsplan zonlichtinval inderdaad niet (met daarbij bijgesloten de beïnvloed wordt, dan zien de bezonningsstudie) heeft het college insprekers dit graag ondubbelzinnig van burgemeester en wethouders terug in de besluitvorming.

Het ingestemd dat met de realisatie van aspect zon is van grote invloed op het plan sprake is van een het prettige bestaande woonklimaat aanvaardbare situatie gezien van de insprekers. vanuit een goede ruimtelijke ordening. Dit geldt ook voor het aspect bezonning. Dit betekent dat dit onderdeel al is meegewogen in de besluitvorming. Een separaat besluit wordt daarmee niet nodig geacht. Ook gelet op het gegeven dat het gebouw niet dichterbij bij de bestaande woningen gerealiseerd kan worden, wat invloed kan hebben op de schaduwhinder. Parkeren en verkeer

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

49 - 54

2.6

2.7

De insprekers stellen dat de In de toelichting bij het Geen aanpassingen ontwerp afstand van het aan te leggen bestemmingsplan is de noodzaak bestemmingsplan. parkeerterrein minder dan 10 meter van het plan toegelicht. Ook is bedraagt en dat dit leidt tot geluids- toegelicht dat het plan en geurhinder. stedenbouwkundig passend is in De inspreker vraagt zich daarom af de bestaande woonomgeving. of het bouwvolume en het aantal parkeerplaatsen realistisch is op De realisatie van grondgebonden deze locatie. Een plan met woningen is daarnaast gelet op de grondgebonden woningen is gemaakte afspraken voor deze volgens de insprekers passender locatie onmogelijk. Er is behoefte op de locatie. aan sociale huurwoningen en daar voorziet het plan in. Er wordt gelet op de onderbouwing van dit plan dat er geen ruimtelijke- en milieukundig nadelige gevolgen zijn op de bestaande omliggende woonomgeving, geen reden gezien om af te wijken van de gemaakte afspraken voor de herontwikkeling van de locatie. Bijbehorende bouwwerken De insprekers geven aan dat het De constatering van de insprekers Naar aanleiding van de parkeerterrein in planologische zin is terecht. De ligging van het inspraakreactie wordt door middel nog geen gegeven is. Het gehele parkeerterrein is niet vastgelegd. van een aanduiding op de perceel krijgt een woonbestemming.

Wel is in de regels bepaald dat verbeelding aangegeven waar het Dit betekent dat er ook voldaan moet worden aan het parkeerterrein wordt gerealiseerd. (vergunningvrije) bebouwing aan bepaalde dat voldoende Er wordt geen aanleiding gezien deze kant van de straat kan parkeergelegenheid gerealiseerd om vergunningsvrije bouwwerken worden gerealiseerd. Dit betekent moet worden. uit te sluiten. een verdere aantasting van het Gelet op de beperkte fysieke ruimte aanzicht. in het plangebied wordt het onmogelijk geacht om de benodigde parkeerplaatsen elders te realiseren. Op de zeer beperkte resterende ruimte naast de parkeerplaatsen kunnen eventueel nog vergunningsvrije bouwwerken of erfafscheidingen worden gerealiseerd. Dit zal, mede gelet op het gegeven dat een appartementencomplex wordt gerealiseerd, van dusdanige beperkte omvang zijn dat dit niet leidt tot verdere aantasting van het uitzicht. In de huidige situatie werd het uitzicht al belemmerd door de aanwezige erfafscheiding. Voorwaardelijke verplichting erfafscheiding

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

50 - 54

2.8

De insprekers verzoeken de gemeente, mochten zij deze ruimtelijke ontwikkeling willen doorvoeren, een voorwaardelijke verplichting in het plan op te nemen. De insprekers zien graag de groene afscheiding terug en willen dit ook graag verplicht zien. Deze voorwaardelijke verplichting kan overeenkomstig de reeds opgenomen verplichting voor de aanleg van een groenvoorziening aan de achterzijde van het perceel worden opgenomen. Betrekking reactie besluitvorming Insprekers verzoeken de inspraakreactie te betrekken bij de verdere besluitvorming.

De gemeente wil de ruimtelijke In de regels wordt de ontwikkeling doorzetten. De voorwaardelijke verplichting gemeente is bereid om de realisatie opgenomen dat een van een groenvoorziening groenvoorziening of een andere verplicht te stellen. gelijkwaardige erfafscheiding met een hoogte van minimaal 1 meter gerealiseerd moet worden. De ligging van deze erfafscheiding wordt aangeduid op de bestemmingsplan verbeelding.

Zie hiervoor de beantwoording onder de punten 2.2 tot met 2.7.

Geen aanpassing ontwerp bestemmingsplan, anders dan is genoemd onder de punten 2.2 tot met 2.7.

5.1.2.2 Ambtelijke wijzigingen Er zijn een aantal ambtelijke reacties die enkele wijzigingen in het ontwerp bestemmingsplan noodzakelijk maakt. Het betreft de volgende wijzigingen: parkeren 1. Het parkeerterrein wordt openbaar toegankelijk. De parkeerparagraaf in het ontwerp bestemmingsplan wordt op dit onderdeel verduidelijkt. Ook in de regels van de bestemming 'Wonen' onder 3.1 c wordt verduidelijkt dat de parkeerplaatsen niet alleen gebruikt mogen worden door de appartementen. groen 1. In het ontwerp bestemmingsplan wordt verduidelijkt dat de waarborg en het onderhoud van de wintergroene afscheiding wordt uitgevoerd door de initiatiefnemer en tevens eigenaar van het perceel. stedenbouw 1. Naar aanleiding van deze reactie is het VO van het bouwplan verder uitgewerkt, het betrof met name wijzigingen op het vlak van detaillering en verdere uitwerking. De positionering is ongewijzigd gebleven. De massa is ietwat gewijzigd door de keuze voor loggia's in plaats van balkons. Het meest recente ontwerp is opgenomen in paragraaf 2.2. 2. De paragraaf beeldkwaliteit wordt verduidelijkt. Er wordt geen beeldkwaliteitsplan opgesteld. Wel wordt er zorg voor gedragen dat de architectuur van het nieuwe blok aansluit bij de kenmerken van de bestaande wijk. lichthinder 1. Het uitgevoerde onderzoek lichthinder is opgenomen in het bestemmingsplan. akoestiek 1.

Naar aanleiding van de reactie van de Omgevingsdienst Zuid-Holland-Zuid is nader onderzocht in hoeverre de geluidsbelasting gereduceerd kan worden door middel van aanpassingen van het ontwerp. Er zijn diverse maatregelen teneinde het geluid van het sportveld te kunnen reduceren onderzocht. Deze maatregelen zijn vanuit verschillende invalshoeken afgewogen. Uit deze afweging volgt dat de realisatie van een dove gevel, loggia's in plaats van open balkons en beperkte verlenging van de kopgevel de meest haalbare en stedenbouwkundig aanvaardbare maatregelen zijn voor de reductie van geluid. De overige ramen aan de buitengevel worden vast (niet te openen) uitgevoerd. Met deze oplossingen wordt voldaan aan de grenswaarden van het Activiteitenbesluit en aan de richtwaarden van Stap 3 van de VNG. Hiermee is sprake van een akoestisch acceptabel woon- en leefklimaat. archeologie 1. Het gemeentelijk archeologisch advies leidt tot een tekstuele aanpassing van het archeologisch onderzoeksrapport. Het onderzoeksrapport archeologie is daarop aangepast en de aangepaste versie wordt toegevoegd aan het ontwerp bestemmingsplan.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

51 - 54

overzicht participatie 1. In paragraaf 5.1 wordt aan het overzicht participatie jaartallen van de diverse bijeenkomsten toegevoegd. Een aantal ambtelijke reacties hadden geen directe relatie met het bestemmingsplan. Met deze reacties wordt wel rekening gehouden in de verdere uitwerking van het bouwplan.

5.1.3 Zienswijzen Het ontwerp bestemmingsplan heeft met ingang van 20 mei 2021, voor een ieder zes weken ter inzage gelegen (tot 1 juli 2021). Alle binnengekomen reacties zijn binnen de daartoe gestelde termijn ontvangen en daarmee ontvankelijk. Gedurende de ter inzage periode is 1 zienswijze ontvangen. Ook is een voorstel tot ambtelijke wijziging ontvangen van het waterschap Rivierenland. De zienswijze en het voorstel ambtelijke wijziging zijn toegelicht in de nota zienswijzen, hetgeen als Bijlage 15. De ingediende zienswijze en de ambtelijke wijziging hebben tot de volgende aanpassingen geleid: Bijlage 1 bij de toelichting is vervangen door de geactualiseerde bezonningsstudie. De tekst behorende bij deze bijlage is ook geactualiseerd. In paragraaf 4.9 Water is de keuze voor waterberging in de vorm van een groene buitenruimte toegelicht. Regels, in sublid 3.2.5 Voorwaardelijke verplichting waterberging, is de resterende waterbergingsopgave van 7,80 m³ vastgelegd.

5.2 Economische uitvoerbaarheid De gemeente en Woonkracht 10 hebben een overeenkomst getekend voor de aankoop van de grond door Woonkracht 10. Hierin zijn de afspraken vastgelegd over de ontwikkeling en dat Woonkracht 10 zorg draagt voor de realisatie van 20 nieuwe sociale huurappartementen op de locatie. Er is een anterieure overeenkomst gesloten tussen de gemeente en Woonkracht 10. Met het ondertekenen van deze overeenkomst is het verhaal van gemeentelijke kosten afdoende verzekerd waardoor een exploitatieplan niet nodig is.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

52 - 54

Hoofdstuk 6

Juridische planbeschrijving

6.1 Inleiding Ten aanzien van de planmethodiek is zoveel mogelijk aangesloten bij de planmethodiek van het 'Herstelplan Alblasserdam'. Het bestemmingsplan is opgesteld conform de Regeling standaarden ruimtelijke ordening 2012 (Rsro 2012). Dit houdt onder andere in dat het bestemmingsplan wordt opgesteld volgens de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP2012).

6.2 Opbouw regels 1. 2. 3. 4.

Hoofdstuk 1 Inleidende regels; Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels; Hoofdstuk 3 Algemene regels; Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels.

De regels bestaan uit vier hoofdstukken: In Hoofdstuk 1 is een aantal begrippen verklaard dat wordt gebruikt in de regels. Dit voorkomt dat er bij de uitvoering van het plan onduidelijkheden ontstaan over de uitleg van bepaalde regelingen. Daarnaast is het artikel Wijze van meten opgenomen waarin bepaald is hoe de voorgeschreven maatvoering in het plan gemeten moet worden. In Hoofdstuk 2 zijn de in het plan voorkomende bestemmingen geregeld. In ieder artikel is per bestemming bepaald welk gebruik van de gronden is toegestaan en welke bouwregels er gelden. In de volgende paragraaf wordt een toelichting gegeven op de in het plan voorkomende bestemmingen en per artikel kort aangegeven wat de gebruiks- en bouwmogelijkheden zijn. In Hoofdstuk 3 worden, in aanvulling op de bestemmingsbepalingen, aanvullende regels gesteld. Het zijn de volgende algemene regels: Artikel 5 Anti-dubbeltelregel In deze regel is vastgelegd dat grond die in aanmerking moest worden genomen bij het verlenen van een omgevingsvergunning, waarvan de uitvoering heeft plaatsgevonden of alsnog kan plaatsvinden, bij de beoordeling van een andere aanvraag om omgevingsvergunning niet opnieuw in beschouwing mag worden genomen. Artikel 6 Algemene bouwregels In dit artikel is een aantal aanvullende bouwregels opgenomen dat voor alle bestemmingen kan gelden.

Het gaat bijvoorbeeld om extra bouwmogelijkheden voor ondergeschikte bouwdelen zoals luifels. Ook is geregeld dat in de bestemmingen, zoals genoemd onder hoofdstuk 2 van de regels, moet zijn voorzien in voldoende parkeergelegenheid. Getoetst dient de worden aan de parkeernormen zoals deze zijn opgenomen in de CROW. Artikel 7 Algemene gebruiksregels In de algemene gebruiksregels is een algemeen verbod op strijdig gebruik opgenomen dat ziet op prostitutie en seksinrichtingen en de opslag van diverse materiaalsoorten. Artikel 8 Algemene afwijkingsregels Dit artikel is een aanvulling op de afwijkingsregels uit de bestemmingen. In het artikel is een aantal algemene afwijkingen opgenomen, dat middels een omgevingsvergunning kan worden verleend. Het betreft een standaardregeling die het mogelijk maakt om bij de uitvoering van bouwplannen beperkte afwijkingen van het plan bij een omgevingsvergunning mogelijk te maken. Het gaat bijvoorbeeld om een geringe overschrijding van de toegestane bouwhoogte of het mogelijk maken van de bouw van schakelkastjes (nutsgebouwtjes) in het openbare gebied.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

53 - 54

Artikel 9 Algemene wijzigingsregels In dit artikel is een aantal algemene wijzigingsregels opgenomen. Het betreft een standaardregeling die het mogelijk maakt om bij de uitvoering van bouwplannen beperkte afwijkingen van het plan mogelijk te maken die niet met een omgevingsvergunning voor afwijken geregeld kunnen worden. Het betreft bijvoorbeeld een geringe wijziging van de bestemmingsgrens. In Hoofdstuk 4 is een regeling opgenomen voor bebouwing en gebruik dat al bestond bij het opstellen van het plan, maar dat strijdig is met de opgenomen regeling. Onder bepaalde voorwaarden mag deze strijdige bebouwing en/of strijdig gebruik worden voortgezet of gewijzigd. In de slotregel is de officiële naam van het plan bepaald. Onder deze naam kan het bestemmingsplan worden aangehaald.

6.3 Bestemmingen Artikel 3 Wonen De voor Wonen aangewezen gronden zijn bestemd voor wonen in de vorm van appartementen. Er zijn maximaal 20 appartementen toegestaan. De maximum bouwhoogte bedraagt 10,5 meter. Het gebouw is uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak. Ten behoeve van de privacy van de bewoners van de bestaande woningen aan de Boezem is aan de kant van de loggia's en buitenruimte een functieaanduiding 'specifieke vorm van wonen - groenvoorziening - 2' opgenomen. Een zelfde soort aanduiding is opgenomen aan de zijde van de Kreken (specifieke vorm van wonen - groenvoorziening - 1'). Het verschil tussen beide groenvoorzieningen is dat aan de zijde van de Kreken een groenvoorziening met een hoogte van minimaal 1 meter gerealiseerd dient te worden en aan de zijde van de Boezem een groenvoorziening met een minimale hoogte van 4 meter gerealiseerd moet worden. In een voorwaardelijke verplichting is opgenomen dat ter plaatse van deze aanduidingen een groenvoorziening wordt aangelegd. Daarnaast is een voorwaardelijke verplichting voor geluid en licht opgenomen. Door middel van onderzoeken dient bij de omgevingsvergunningaanvraag voor de bouw, dat wat betreft het aspect geluid en licht, te worden voldaan aan een goed woon- en leefklimaat.

Ook dient ter plaatse van de aanduiding ''specifieke bouwaanduiding - dove gevel'' de gevel van het gebouw voorzien te zijn van een dove gevel . Ook is een voorwaardelijke verplichting voor waterberging opgenomen teneinde te borgen dat voorzien wordt in voldoende watercompensatie. In de specifieke gebruiksregels zijn nog voorwaarden gesteld voor het uitoefenen van een aan-huis-verbonden beroep. Door middel van een afwijkingsbepaling is onder voorwaarden een aan-huis-verbonden bedrijf toegestaan. Artikel 4 Waarde - Archeologie 8 De gemeente Alblasserdam heeft voor haar grondgebied ten aanzien van archeologie beleid vastgesteld. Op basis van de bij dit beleid behorende kaart is voor het gehele grond gebied van de gemeente Alblasserdam in beeld gebracht of sprake is van archeologische verwachtingswaarden en welk beschermingsniveau bij deze waarde hoort. Conform de archeologische beleidskaart is Archeologie 8 opgenomen. De dubbelbestemmingen beogen de archeologische waarden te beschermen. Op de gronden met een dubbelbestemming mag alleen onder voorwaarden worden gebouwd. Dit geldt als uit archeologisch onderzoek is gebleken dat geen sprake is van archeologische (verwachtings)waarden, het vergunningsvrije bouwwerken betreft of voldaan wordt aan het beschermingsniveau dat bij een bepaalde (verwachtings-)waarde hoort.

Van de desbetreffende bouwregels kan onder voorwaarden worden afgeweken. Voor bepaalde werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden is een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden nodig.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

54 - 54

BESTEMMINGSPLAN CKC LOCATIE ALBLASSERDAM WOONKRACHT 10 vastgesteld september 2021 ruimte voor ideeën

CKC locatie Alblasserdam

Inhoudsopgave Regels

3

Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen Artikel 2 Wijze van meten

5 5 9

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 Wonen Artikel 4 Waarde - Archeologie 8

11 11 13

Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 5 Anti-dubbeltelregel Artikel 6 Algemene bouwregels Artikel 7 Algemene gebruiksregels Artikel 8 Algemene afwijkingsregels Artikel 9 Algemene wijzigingsregels

15 15 16 18 19 20

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 10 Overgangsrecht Artikel 11 Slotregel

21 21 22

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

2 - 22

Regels

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

3 - 22

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

4 - 22

Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1

Inleidende regels

Begrippen

plan:

het bestemmingsplan CKC locatie Alblasserdam van de gemeente Alblasserdam.

1.2

bestemmingsplan:

de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01 met de bijbehorende regels.

1.3

aanduiding:

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.

1.4

aanduidingsgrens:

de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.

1.5

aan-huis-verbonden beroep:

zie beroepsmatige activiteiten (in of bij een woning):

1.6

aan-huis-verbonden bedrijf:

zie bedrijfsmatige activiteiten (in of bij een woning):

1.7

afvalinzamelsysteem:

geheel of gedeeltelijk onder peil gelegen bouwwerken/voorzieningen ten behoeve van de inzameling van huishoudelijk afval, glas en dergelijke.

1.8

ander bouwwerk:

een bouwwerk, geen gebouw zijnde.

1.9

archeologische waarde:

de aan een gebied toegerekende waarde in verband met de kennis en de studie van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteit uit oude tijden.

1.10

bebouwing:

één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.

1.11

bedrijfsmatige activiteiten (in of bij een woning):

het bedrijfsmatig verlenen van diensten - geen detailhandelsbedrijf zijnde - en ambachtelijke bedrijvigheid geheel of overwegend door middel van handwerk, waarbij de aard (voor wat betreft milieuplanologische hinder) en omvang van de bedrijfsactiviteiten zodanig is dat deze activiteiten in een woning kunnen worden uitgeoefend en de activiteiten geen onevenredige afbreuk doen aan het woon- en leefmilieu in de directe omgeving.

1.12

begane grond:

de bouwlaag, waarvan de vloer globaal is gelegen ter hoogte van het voor dat object geldende peil.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

5 - 22

1.13

(beperkt) kwetsbaar object:

objecten als zodanig bedoeld in artikel 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen, waaronder woningen, gebouwen die bestemd zijn voor het verblijf, al dan niet gedurende een gedeelte van de dag, van minderjarigen, ouderen, zieken of gehandicapten, hotels, winkels, restaurants en cafés, kantoren, sport- en recreatieterreinen en vergelijkbare functies.

1.14

beroepsmatige activiteiten (in of bij een woning):

het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, medisch, juridisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermede naar de aard gelijk te stellen beroep dat door zijn aard en omvang in een woning zodanig is dat deze activiteiten in een woning kunnen worden uitgeoefend en de activiteiten geen onevenredige afbreuk doen aan het woon- en leefmilieu in de directe omgeving.

1.15 a. b.

bestaande situatie

t.a.v. bebouwing: bebouwing, zoals gebouwd of mag worden gebouwd krachtens een verleende vergunning op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan. t.a.v. gebruik: het gebruik van grond en opstallen, zoals aanwezig op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan; daaronder valt niet het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

1.16

bestemmingsgrens:

de grens van een bestemmingsvlak.

1.17

bestemmingsvlak:

een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.

1.18

bijgebouw:

een aangebouwd of op zichzelf staand gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.

1.19

bouwen:

het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats.

1.20

bouwgrens:

de grens van een bouwvlak.

1.21

bouwlaag, laag:

een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke hoogte of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd voor meer dan 50% van het grondvlak van het hoofdgebouw, met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder.

1.22

bouwvlak:

een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.

1.23

bouwwerk:

elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

6 - 22

1.24

detailhandel:

het bedrijfsmatig te koop aanbieden van goederen, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren aan personen, die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit.

1.25 1.

2.

dove gevel:

een bouwkundige constructie waarin geen te openen delen aanwezig zijn en met een in NEN 5077 bedoelde karakteristieke geluidwering die ten minste gelijk is aan het verschil tussen de geluidsbelasting van die constructie en 33dB onderscheidenlijk 35dB(A), alsmede; een bouwkundige constructie waarin alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits de delen niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte.

1.26

escortbedrijf:

de natuurlijke persoon, groep van personen of rechtspersoon die bedrijfsmatig, of in een omvang alsof die bedrijfsmatig is, prostitutie aanbiedt die op een andere plaats dan in de bedrijfsruimte wordt uitgeoefend zoals escortservices en bemiddelingsbureaus.

1.27

gebouw:

elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.

1.28

geluidgevoelige objecten:

woningen alsmede andere geluidgevoelige gebouwen of geluidgevoelige terreinen als bedoeld in artikel 1 van de Wet geluidhinder.

1.29

hoofdgebouw:

een gebouw dat, gelet op de bestemming, als het belangrijkste bouwwerk op een bouwperceel kan worden aangemerkt.

1.30

huishouden:

Bewoners die een vaste groep vormen tussen wie een band bestaat die het enkel gezamenlijk bewonen van een bepaalde woonruimte te boven gaat en die de bedoeling heeft om bestendig en voor onbepaalde tijd een huishouden te vormen.

1.31

kelder:

een geheel ondergronds gelegen ruimte, die grotendeels is gesitueerd onder een bijbehorend bovengronds bouwwerk.

1.32

kunstwerken:

civieltechnisch werk voor de infrastructuur van wegen, water, spoorbanen, waterkeringen en/of leidingen niet bedoeld voor permanent menselijk verblijf.

1.33

nutsvoorzieningen:

voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie.

1.34

ondergeschikte bouw(onder)delen:

ondergeschikte delen aan een gebouw zoals trappen, bordessen, funderingen, kelderingangen, overstekende daken, goten, luifels, balkons, balkonhekken, schoorstenen, liftopbouwen, installaties, technische ruimten en andere ondergeschikte onderdelen van gebouwen.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

7 - 22

1.35

ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie:

functie waarvoor maximaal 30% van de vloeroppervlakte van het hoofdgebouw als zodanig mag worden gebruikt.

1.36

ondergronds bouwwerk:

een (gedeelte van) een bouwwerk, waarvan de bovenkant van de vloer is gelegen op ten minste 1,75 m beneden peil.

1.37

overkapping:

een bouwwerk, geen gebouw zijnde, omsloten door maximaal een wand en voorzien van een gesloten dak, waaronder begrepen een carport.

1.38 a. b. c.

peil:

voor bouwwerken, waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan de weg grenst: de hoogte van die weg ter plaatse van de hoofdtoegang; voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van de hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw, vermeerderd met 0,2 m; in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende maaiveld of het afgewerkte bouwterrein, vermeerderd met 0,20 m.

1.39

prostitutie:

het zich beschikbaar stellen tot het verlenen van seksuele diensten aan een ander tegen vergoeding.

1.40

seksinrichting:

een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele diensten worden verleend, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: a. een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische massagesalon; b. een seksbioscoop of sekstheater; c. een seksautomatenhal; d. een seksclub of parenclub; e. al dan niet in combinatie met elkaar. Onder een seksinrichting wordt niet verstaan een escortbedrijf of een sekswinkel.

1.41

sekswinkel:

een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarbinnen hoofdzakelijk (minimaal 70% van de vloeroppervlakte) goederen van erotisch-pornografische aard worden verkocht of verhuurd.

1.42

voorgevel:

de naar de weg gekeerde gevel van een gebouw, welke als belangrijkste is aan te merken en waarvan de gebouwen in hoofdzaak toegankelijk zijn.

1.43

wonen:

het houden van verblijf, het huren en tevens (laten) bewonen van een huis/woning, evenwel met uitzondering van woonvormen met een maatschappelijk karakter met intensieve begeleiding, met dien verstande dat elk(e) huis/woning door maximaal één huishouden bewoond mag worden.

1.44

woning:

een complex van ruimten, geschikt en bestemd voor de huisvesting van één huishouden.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

8 - 22

Artikel 2 2.1

Wijze van meten

afstand:

de afstand tussen bouwwerken onderling en de afstand van bouwwerken tot perceelsgrenzen worden daar gemeten waar deze afstanden het kleinst zijn.

2.2 a.

b.

c.

2.3

bouwhoogte van een bouwwerk: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; in die gevallen dat het maaiveld niet horizontaal ligt (dijkbebouwing): tussen de bovenkant van het gebouw, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen en het hoogste punt van de snijlijn van de dichtst bij de kruin van de dijk gelegen gevel met het maaiveld. Indien sprake is van gebouwen op een niet-horizontaal gelegen maaiveld geldt het bepaalde in dit lid onder b over een afstand van ten hoogste 15 m gemeten in het horizontale vlak vanaf de kruin van de dijk; in geval van her- of nieuwbouw van bebouwing aan een dijk (de onder b bedoelde gevallen) wordt voor de bouwhoogte uitgegaan van het bepaalde onder a.

goothoogte van een bouwwerk:

a.

vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; b. in die gevallen dat het maaiveld niet horizontaal ligt (dijkbebouwing): tussen de bovenkant van de goot, boeibord of daarmee gelijk te stellen constructiedeel en het hoogste punt van de snijlijn van de dichtstbij de kruin van de dijk gelegen gevel met het maaiveld; met dien verstande dat: c. indien sprake is van gebouwen op een niet-horizontaal gelegen maaiveld geldt het bepaalde in dit lid onder b over een afstand van ten hoogste 15 m gemeten in het horizontale vlak vanaf de kruin van de dijk.

2.4

inhoud van een bouwwerk:

tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.

2.5

oppervlakte van een bouwwerk:

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

9 - 22

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

10 - 22

Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1

Bestemmingsregels

Wonen

Bestemmingsomschrijving

De voor Wonen aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen, uitsluitend in de vorm van appartementen; b. aan-huis-verbonden beroepen; c. parkeervoorzieningen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'parkeerterrein'; d. groenvoorzieningen en water; e. erven en tuinen; f. paden en wegen.

3.2

Bouwregels

Op de in lid 3.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande dat: 3.2.1 Hoofdgebouwen a. hoofdgebouwen uitsluitend binnen het bouwvlak mogen worden gebouwd; b. ter plaatse van de aanduiding "maximum bouwhoogte (m)" de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan de waarde die in de aanduiding is opgenomen; c. het maximaal aantal woningen bedraagt 20. 3.2.2 Andere bouwwerken a. andere bouwwerken zowel binnen als buiten het bouwvlak mogen worden gebouwd; b. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen niet meer mag bedragen dan: 1. op de gronden voor de naar een openbare weg gekeerde gevel het hoofdgebouw: 1 m; 2. voor het overige 2 m; c. in afwijking van het bepaalde onder b geldt dat indien de bouwhoogte van bestaande erf- en/of terreinafscheidingen hoger is dan de onder b genoemde bouwhoogten de bestaande bouwhoogte de maximale bouwhoogte is; d. de bouwhoogte van lichtmasten niet meer mag bedragen dan 8 m; e. de bouwhoogte van overige andere bouwwerken, gelegen achter de naar een openbare weg gekeerde gevel het hoofdgebouw, niet meer mag bedragen dan 3 m. 3.2.3 Voorwaardelijke verplichting - groenvoorziening a.

Bij aanvraag van een omgevingsvergunning voor het bouwen van gebouwen ten dienste van de in lid 3.1 onder a genoemde functie, dient te worden aangetoond dat een groenvoorziening wordt aangelegd ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - groenvoorziening - 1' en 'specifieke vorm van wonen - groenvoorziening - 2', waarbij geldt: 1. de groenvoorziening wintergroen en bladhoudend zijn; 2. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - groenvoorziening - 1', de hoogte van de groenvoorziening minimaal 1 meter hoog dient te zijn; 3. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - groenvoorziening -2', de hoogte van de groenvoorziening minimaal 4 meter hoog dient te zijn; b. de onder a bedoelde groenvoorzieningen dienen uiterlijk binnen één jaar na ingebruikname van de gronden en bebouwing gerealiseerd te worden en na realisatie in stand te worden gehouden. 3.2.4 Voorwaardelijke verplichting - licht en geluid a. Met het oog op een goed woon- en leefklimaat ten opzichte van de sportvelden dient bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het bouwen van gebouwen ten dienste van de in lid 3.1 onder a genoemde functie:

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

11 - 22

1. 2. 3.

er een akoestisch onderzoek wordt overlegd waarin is aangetoond dat wordt voldaan aan de binnenwaarde van 35dB(A); de gevel van het gebouw voorzien dient te zijn van een dove gevel ter plaatse van de specifieke bouwaanduiding ''dove gevel''; er wordt voldaan aan de Richtlijn lichthinder van de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde.

3.2.5 Voorwaardelijke verplichting waterberging a. Het gebruik van de in artikel 3 sub a bedoelde functie is slechts toegestaan als is voorzien in de aanleg en instandhouding van waterhuishoudkundige voorzieningen ten behoeve van waterberging; b. De onder a. genoemde waterhuishoudkundige voorzieningen ten behoeve van waterberging hebben een minimale gezamenlijke inhoud van 7,8 m3 .

3.3

Specifieke gebruiksregels

3.3.1 Uitoefening van een aan-huis-verbonden beroep Voor het gebruik van gronden en bouwwerken geldt dat binnen de bestemming de aan-huis-verbonden beroep: is toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende bepalingen van toepassing zijn: a. de omvang van de activiteit mag niet meer bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de (woon)bebouwing tot een maximum van 30 m2; b. het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en mag geen toename van de parkeerbehoefte veroorzaken; c. detailhandel is niet toegestaan; d. de activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner. 3.3.2 Voorwaardelijke verplichting - groenvoorziening Het in gebruik nemen en gebruiken van gebouwen ten dienste van de in lid 3.1 onder a genoemde functie wordt aangemerkt als strijdig gebruik, voor zover niet is voldaan aan het bepaalde onder 3.2.3.

3.4

Afwijken van de gebruiksregels

3.4.1 Uitoefening van een aan-huis-verbonden bedrijf Burgemeester en wethouders kunnen afwijken bij een omgevingsvergunning van het bepaalde onder lid 3.3.1 ten behoeve van het gebruik van ruimten binnen een woning voor een aan-huis-verbonden bedrijf als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende bepalingen van toepassing zijn: a. de omvang van de activiteit mag niet meer bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de (woon)bebouwing tot een maximum van 30 m2; b. het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en mag geen toename van de parkeerbehoefte veroorzaken; c. detailhandel, anders dan productiegebonden detailhandel, is niet toegestaan; d. de activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

12 - 22

Artikel 4 4.1

Waarde - Archeologie 8

Bestemmingsomschrijving

4.1.1 Primaire bestemming De voor 'Waarde - Archeologie 8' aangewezen gronden zijn primair bestemd voor het behoud van de aanwezige archeologische waarden. 4.1.2 Secundaire bestemming De voor 'Waarde - Archeologie 8' aangewezen gronden zijn secundair bestemd voor de doeleinden van de onderliggende bestemmingen.

4.2 a. b.

4.3 a.

b.

Bouwregels Op de in lid 4.1 bedoelde gronden mogen geen bouwwerken worden gebouwd. In afwijking van het bepaalde onder a mogen op de in lid 4.1 bedoelde gronden bouwwerken ten dienste van de onderliggende bestemmingen worden gebouwd mits: 1. reeds uit archeologisch onderzoek is gebleken dat er geen archeologische (verwachtings)waarden aanwezig zijn; 2. het bouwwerken betreffen die vergunningvrij op basis van Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht kunnen worden uitgevoerd; 3. het bouwwerken betreffen die niet dieper reiken dan 30 cm onder het maaiveld én het bouwwerken betreffen met een omvang minder dan 5.000 m2.

Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.2 onder a voor de bouw van bouwwerken ten dienste van de onderliggende bestemmingen en die niet vallen onder de bouwwerken zoals genoemd in 4.2 onder b, op voorwaarde dat geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de archeologische waarde van het gebied of een afweging van de in het geding zijnde belangen tot uitkomst heeft dat, onverminderd het elders in het plan bepaalde, een afwijking van een omgevingsvergunning in redelijkheid niet kan worden geweigerd; bij de afweging van de afwijking van een omgevingsvergunning geven burgemeester en wethouders toepassing aan de volgende criteria: 1. de aanvrager van een omgevingsvergunning dient in het belang van de bescherming van de archeologische betekenis van de gronden een rapport te overleggen waarin de archeologische waarde van het terrein, dat blijkens de aanvraag kan worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld; 2.

burgemeester en wethouders winnen alvorens de ontheffing te verlenen advies in bij een archeologisch deskundige; In afwijking van het bepaalde onder a kan de omgevingsvergunning worden verleend indien voor de werkzaamheden voortvloeiend uit de bouwaanvraag reeds een omgevingsvergunning (voorheen bouwvergunning) voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijde, of van werkzaamheden als bedoeld in lid 4.4 is verleend; het bepaalde in de onderliggende bestemmingen blijft onverminderd van toepassing.

4.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.4.1 Verbod Het is verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden) de navolgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren: a. het ophogen, egaliseren en ontginnen van gronden; b. het bodemverlagen of afgraven van gronden waarvoor geen ontgrondingsvergunning is vereist; c. het uitvoeren van grondbewerkingen;

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

13 - 22

d. e. f. g. h.

het aanbrengen van diepwortelende beplanting; het aanleggen of verharden van wegen, rijwielpaden en of parkeergelegenheden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; het aanbrengen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; het graven of dempen van sloten, watergangen, vijvers of vaarten; verhogen of verlagen van de grondwaterstand.

4.4.2 Uitzonderingen Het in lid 4.4.1 genoemde verbod is niet van toepassing indien: a. reeds uit archeologisch onderzoek is gebleken dat er geen archeologische (verwachtings)waarden aanwezig zijn; b. het normale onderhoudswerkzaamheden betreffen gericht op en noodzakelijk voor de instandhouding van het plan; c. het andere werken en werkzaamheden betreffen die uit oogpunt van bescherming van de archeologische waarde van niet ingrijpende betekenis zijn, waaronder werken en werkzaamheden die niet dieper worden uitgevoerd dan 30 cm onder het maaiveld én met een omvang minder 5.000 m2. 4.4.3 Toelaatbaarheid Een vergunning als bedoeld in lid 4.4.1 wordt slechts verleend indien gebleken is dat de genoemde werken en werkzaamheden dan wel de directe of indirecte gevolgen van deze werken en werkzaamheden geen onevenredige afbreuk doen aan de archeologische waarde van het gebied. 4.4.4 Voorschriften vergunning Voor zover de in lid 4.4.1 genoemde werken of werkzaamheden dan wel de directe of indirecte gevolgen daarvan kunnen leiden tot een verstoring van archeologisch materiaal, kan de vergunning worden verleend indien aan de vergunning de volgende voorschriften worden verbonden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden. b. de verplichting tot het doen van opgravingen, indien aan de orde; c.

de verplichting de uitvoering van de werken of werkzaamheden te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door burgemeester en wethouders bij de vergunning te stellen kwalificatie. 4.4.5 Rapportage In het belang van de bescherming van de archeologische betekenis van de gronden dient de aanvrager van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijde, of van werkzaamheden een rapport te overleggen waarin de archeologische waarde van het terrein, dat blijkens de aanvraag kan worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld. 4.4.6 Advies Alvorens te beslissen omtrent het verlenen van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, winnen burgemeester en wethouders schriftelijk advies in bij een archeologisch deskundige.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

14 - 22

Hoofdstuk 3 Artikel 5

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

15 - 22

Artikel 6 6.1

Algemene bouwregels

Overschrijding bouwvlakken/bestemmingsgrenzen ondergeschikte bouwdelen

6.1.1 Toepassing De in deze regels opgenomen bepalingen ten aanzien van bouwgrenzen zijn niet van toepassing voor wat betreft overschrijdingen met betrekking tot: a. stoepen, stoeptreden, toegangsbruggen en funderingen; b. plinten, pilasters, kozijnen, standleidingen voor hemelwater, gevelversieringen, wanden van ventilatiekanalen, schoorstenen, luchtkokers, liftkokers, lichtkappen en technische ruimten, indien de overschrijding van de voorgevelbouwgrens niet meer dan 12 cm bedraagt; c. gevel- en kroonlijsten en overstekende daken, overbouwingen, erkers, mits zij de voorgevelbouwgrens met niet meer dan 0,5 m overschrijden; d. voor de bouw van luifels mits: 1. de overschrijding niet meer bedraagt dan 1,5 m; 2. de afstand tot de openbare weg niet minder dan 2 m mag bedragen; e. ondergrondse funderingen en ondergrondse bouwwerken, voor zover deze de bouwgrens met niet meer dan 1 m overschrijden; f. hijsinrichtingen aan tot bewoning bestemde gebouwen, voor zover deze hijsinrichtingen in geen enkele stand de voorgevelbouwgrens met meer dan 1 m overschrijden. 6.1.2 Afwijking door middel van een omgevingsvergunning Burgemeester en wethouders kunnen afwijken bij een omgevingsvergunning van het bepaalde in lid 6.1.1 voor het overschrijden van de aangegeven bouwgrenzen met ten hoogste 1,5 m, indien het overige ondergeschikte bouwdelen betreft, zoals bijvoorbeeld: a.

overbouwingen ten dienste van de verbinding van twee gebouwen; b. toegangen van bouwwerken; c. stoepen, stoeptreden, toegangsbruggen en funderingen; d. plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, wanden van ventilatiekanalen en schoorstenen, luchtkokers, liftkokers, lichtkappen en technische ruimten; e. gevel- en kroonlijsten en overstekende daken; f. balkons en galerijen; g. luifels, reclametoestellen en draagconstructies voor reclame; h. hijsinrichtingen, laadbruggen, stortgoten, stort- en zuigbuizen; i. kelderingangen en kelderkoekoeken.

6.2 a.

b.

6.3

Parkeren bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen, staat vast dat voldoende parkeergelegenheid, overeenkomstig de normen in de beleidsregels in het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan Alblasserdam van 29 oktober 2019; als de onder a bedoelde beleidsregels worden gewijzigd, wordt met die wijziging rekening gehouden.

Vlaggenmasten, antennemasten en schoorstenen

Vlaggenmasten, antennemasten en schoorstenen, die deel uitmaken van een gebouw, mogen de voor dat gebouw toegestane maximale bouwhoogte met niet meer dan 8 m overschrijden.

6.4

Dakopbouwen t.b.v. noodtrappen, luchtbehandelings- en liftinstallaties

Dakopbouwen ten behoeve van noodtrappen, luchtbehandelings- en liftinstallaties mogen niet hoger zijn dan 3,5 m en mogen geen grotere oppervlakte hebben dan 40% van de vloeroppervlakte van de bovenste laag van het gebouw, waarop zij worden geplaatst.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

16 - 22

6.5

Onderkeldering

6.5.1 Toepassing De planregels inzake de toelaatbaarheid, de aard, de omvang en de situering van gebouwen zijn in geval van ondergrondse bouw van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat deze uitsluitend is toegestaan met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. ondergrondse bouw is uitsluitend toegestaan onder de oppervlakte van bovengronds gelegen gebouwen; b. gebouwd mag worden tussen peil en 3,5 m onder peil. 6.5.2 Afwijking van een omgevingsvergunning Burgemeester en wethouders kunnen afwijken bij een omgevingsvergunning van het bepaalde in lid 6.5.1 ten behoeve van ondergrondse bouw buiten de oppervlakte van bovengronds gelegen gebouwen, met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. de hoogte van kelders bedraagt ten hoogste 10 cm beneden peil; b. de afstand tot de zijdelingse perceelgrens en de openbare weg bedraagt ten minste 1 m, met dien verstande dat in geval van kelderbouw in belendende percelen in de zijperceelsgrens mag worden gebouwd; c. kelders mogen niet worden voorzien van een dakraam of lichtkoepel.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

17 - 22

Artikel 7 7.1

Algemene gebruiksregels

Gebruik bouwwerken

Onder verboden gebruik van de gronden en bouwwerken zoals bedoeld in hoofdstuk 2, wordt in ieder geval verstaan een gebruik voor: a. prostitutie; b. seksinrichtingen.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

18 - 22

Artikel 8

Algemene afwijkingsregels

Burgemeester en wethouders kunnen afwijken bij een omgevingsvergunning van: a. de in de regels gegeven maten, afmetingen en percentages tot niet meer dan 10% van die maten, afmetingen en percentages; b. de regels, en toestaan dat het bouwvlak in geringe mate wordt overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft tot een maximale afmeting van 3 m; c. de regels, en toestaan dat openbare nutsgebouwtjes, wachthuisjes ten behoeve van het openbaar vervoer, telefooncellen, gebouwtjes ten behoeve van de bediening van kunstwerken, toiletgebouwtjes, en naar aard daarmee gelijk te stellen gebouwtjes worden gebouwd, mits: 1. de inhoud per gebouwtje niet meer bedraagt dan 50 m3; 2. de bouwhoogte niet meer dan bedraagt 3,5 m; d. de regels ten aanzien van de (bouw)hoogte van andere bouwwerken, en toestaan dat de bouwhoogte van andere bouwwerken wordt vergroot: 1. ten behoeve de bouw van kunstwerken tot maximaal 40 m; 2. ten behoeve van de bouw van waarschuwings- en/of communicatiemasten tot maximaal 50 m; 3. ten behoeve van een vlaggenmast, speelvoorzieningen, een kunstwerk, beeldende kunst en dergelijke tot maximaal 15 m; 4. ten behoeve van de bouw van overige andere bouwwerken tot 10 m. e.

het bepaalde ten aanzien van de maximale bouwhoogte van gebouwen, en toestaan dat de bouwhoogte van gebouwen ten behoeve van plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers, lichtkappen en technische ruimten wordt vergroot, mits: 1. de maximale oppervlakte van de vergroting niet meer bedraagt dan 10% van het betreffende platte dakvlak of de horizontale projectie van het schuine dakvlak; 2. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 1,25 maal de maximale bouwhoogte van het betreffende gebouw.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

19 - 22

Artikel 9

Algemene wijzigingsregels

Burgemeester en wethouders kunnen de in het plan opgenomen bestemmingen wijzigen ten behoeve van overschrijding van bestemmingsgrenzen, voor zover zulks van belang is voor een technisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein. De overschrijdingen mogen echter ten hoogste 3 m bedragen en het bestemmingsvlak mag met ten hoogste 10% worden vergroot.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

20 - 22

Hoofdstuk 4

Overgangs- en slotregels

Artikel 10 Overgangsrecht 10.1

Overgangsrecht bouwwerken

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, danwel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.

10.2

Afwijking door middel van een omgevingsvergunning

Eenmalig kan in afwijking van lid 10.1 een omgevingsvergunning worden verleend van voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10 %.

10.3

Uitzondering op het overgangsrecht bouwwerken

Lid 10.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

10.4

Overgangsrecht gebruik

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.

10.5

Strijdig gebruik

Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 10.4, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.

10.6

Verboden gebruik

Indien het gebruik, bedoeld in het lid 10.4, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.

10.7

Uitzondering op het overgangsrecht gebruik

Lid 10.4 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

21 - 22

Artikel 11 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan CKC locatie Alblasserdam.

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

22 - 22

BESTEMMINGSPLAN CKC LOCATIE ALBLASSERDAM WOONKRACHT 10 vastgesteld september 2021 ruimte voor ideeën

CKC locatie Alblasserdam

Inhoudsopgave Bijlagen toelichting

3

Bijlage 1

Bezonningsstudie

4

Bijlage 2

Onderzoek lichthinder

15

Bijlage 3

Lichthinder onderzoek

34

Bijlage 4

Akoestisch onderzoek

39

Bijlage 5

Verkeersonderzoek

139

Bijlage 6

Onderzoek luchtkwaliteit

159

Bijlage 7

Quickscan flora en fauna

166

Bijlage 8

Onderzoek stikstofdepositie

195

Bijlage 9

Archeologie onderzoek

219

Bijlage 10

Verkennend bodemonderzoek

266

Bijlage 11

Waterberekening

324

Bijlage 12

Memo haalbaarheid compensatie maatregelen water

326

Bijlage 13

Digitale Watertoets

338

Bijlage 14

Vraag- & antwoordlijst inloopavond 27 mei 2019

344

Bijlage 15

Nota zienswijzen

348

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

2 - 354

Bijlagen toelichting

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

3 - 354

Bijlage 1

Bezonningsstudie

(vastgesteld) CKC locatie Alblasserdam NL.IMRO.0482.ckclocatie114-vg01

4 - 354

aanvullende bezonningsstudie o.b.v. actualistie plan CKC-locatie alblasserdam| 23 september 2021 |19-1560

bestemmings-

toelichting DATA EN TIJDEN

AFBEELDINGEN

te Alblasserdam, op de voormalige clubhuislocatie van CKC, is

Door middel van een 3D-model wordt de schaduw in de nieuwe

Vanaf pagina 4 worden per seizoensdag de drie verschillende

In deze aanvullende bezonningsstudie wordt op basis van de

- 21 maart; de dag tussen de laagste en de hoogste zonnestand

we de maximale gebouwhoogte van 10,5 meter en de maximale

- 21 juni; de dag met de hoogste zonnestand (zomertijd);

Voor het plan voor 20 nieuwbouw appartementen aan de Kreken

een actualisatie uitgevoerd voor de zonnestudie. Dat is dit document.

maximale afmetingen uit het bestemmingsplan nogmaals de

schaduwwerking van de nieuwbouw getoetst. Hiervoor nemen bebouwingsgrens. Door uit te gaan van deze maximale afmetingen

situatie weergegeven. Er wordt in deze studie uitgegaan van data en tijden die ook in de vorige studie zijn gebruikt: (wintertijd);

krijgen we ook de maximale schaduwwerking inzichtelijk.

- 21 september; de dag tussen de hoogste en laagste zonnestand

afmetingen uit het bestemmingsplan worden gegaan. Dit

- 21 december; de dag met de laagste zonnestand (wintertijd).

getoonde afbeeldingen.

de schaduw inzichtelijk te maken: 9:00 uur, 13:00 uur en 17:00

In de uitwerking van het plan mag niet over deze maximale betekent dat de schaduwwerking in realiteit dus gelijk is (of

minder, bij gunstigere afmetingen van het gebouw) aan de

(zomertijd);

Er worden de volgende tijdstippen gebruikt om het verloop van uur. Met uitzondering van 22 december waar het om 17:00 uur al donker is, hiervoor wordt de situatie van 16:00 uur getoond.

tijdstippen getoond. Hiervoor wordt zowel een bovenaanzicht (top view) als een impressie (3D) gebruikt.

In de top view zijn drie situaties samengevoegd om het verschil tussen deze situatie kenbaar te maken. Deze drie situatie zijn: 1. bestaande situatie (donkergrijze schaduw= 2. schetsontwerp

overeenkomend schaduw=

ten

);

met

tijde de

van

de

vorige

);

bewonersavonden,

zonnestudie

(grijze

3. maximale afmetingen uit het nieuwe bestemmingsplan, de actualisatie van het plan (lichtgrijze schaduw=

);

Op de top view afbeeldingen zijn dus drie tinten grijs te zien. De grijze schaduw (2) laat de extra schaduwwerking van het

schetsontwerp zien ten opzichte van de bestaande situatie. De licht grijze vlakken (3) zijn de extra schaduwwerking van

de actualisatie ten op zichte van het schetsontwerp. De grijze vlakken (2) en de licht grijze vlakken (3) samen, vormen dus de nieuwe schaduwwerking ten opzichte van de bestaande situatie.

De 3D-beelden laten enkel de situatie zien met de maximale afmetingen uit het bestemmingsplan.

2

overzicht

N top view gecombineerd - zonnestand 21 juni 13:00uur (UCT +2:00)

top view gecombineerd - zonnestand 21 maart 13:00uur (UCT +1:00)

top view - zonnestand 21 september 13:00uur (UCT +2:00)

N

N

N top view - zonnestand 21 december 13:00uur (UCT +1:00)

3

zonnestand 21 maart

N

N

N

top view gecombineerd - zonnestand 21 maart 09:00uur (UCT +1:00)

top view gecombineerd - zonnestand 21 maart 13:00uur (UCT +1:00)

top view gecombineerd - zonnestand 21 maart 17:00uur (UCT +1:00)

3D maximale situatie - zonnestand 21 maart 09:00uur (UCT +1:00)

3D maximale situatie - zonnestand 21 maart 13:00uur (UCT +1:00)

3D maximale situatie- zonnestand 21 maart 17:00uur (UCT +1:00)

4

zonnestand 21 juni

N

N

top view gecombineerd - zonnestand 21 juni 09:00uur (UCT +2:00)

top view gecombineerd - zonnestand 21 juni 13:00uur (UCT +2:00)

top view gecombineerd - zonnestand 21 juni 17:00uur (UCT +2:00)

3D maximale situatie - zonnestand 21 juni 09:00uur (UCT +2:00)

3D maximale situatie - zonnestand 21 juni 13:00uur (UCT +2:00)

3D maximale situatie - zonnestand 21 juni 17:00uur (UCT +2:00)

N

5

zonnestand 21 september

N

N

N

top view - zonnestand 21 september 09:00uur (UCT +2:00)

top view - zonnestand 21 september 13:00uur (UCT +2:00)

top view - zonnestand 21 september 17:00uur (UCT +2:00)

3D maximale situatie - zonnestand 21 september 09:00uur (UCT +2:00)

3D maximale situatie - zonnestand 21 september 13:00uur (UCT +2:00)

3D maximale situatie - zonnestand 21 september 17:00uur (UCT +2:00)

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/181/documents/4646