CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB Participatiewet in balans en aanpassing lokale verordening werk en inkomen def..pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 30 september 2025, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 24: Participatiewet in balans en aanpassing lokale verordening werk en inkomen - Raadsinformatiebrief1.529 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsinformatiebrief Onderwerp

: Participatiewet in balans en aanpassing lokale verordening

Aanleiding

: Landelijk programma Participatiewet in balans

Datum

: 2 september 2025

Portefeuillehouder

: Margreet de Deugd

Schrijver

: Wilfred Boele

Geachte leden van de gemeenteraad, In deze raadsinformatiebrief (RIB) informeren wij u over ontwikkelingen ten aanzien van in het bijzonder het landelijk programma Participatiewet in balans. Deze RIB kan beschouwd worden als een vervolg op en actualisering van de RIB proceswijziging herijking Participatiewet (datum: 23 juli 2024). We beginnen deze RIB met het schetsen van de achtergrond en aanleiding van het landelijke programma Participatiewet in balans. Vervolgens gaan we in op de verschillende onderdelen van het programma. Daarna bieden we informatie over aanpalende ontwikkelingen. De brief besluit met informatie over wat u wanneer kan verwachten qua aanvullende informatievoorziening en qua het wijzigen van de lokale verordening werk en inkomen. Aanleiding programma: huidige uitvoeringspraktijk Participatiewet De kenmerken van de Participatiewet en haar voorgangers hebben geleid tot een uitvoeringspraktijk die de landelijke wetgever, in ieder geval tot op zekere hoogte, als onwenselijk beschouwt. Hieronder wordt een indruk geboden van belangrijke kenmerken van die praktijk. Inspanning gericht op mensen met relatief weinig afstand In de uitvoeringspraktijk is wat betreft het ondersteunen van mensen in de bijstand bij het vinden van een baan de meeste inzet gegaan naar mensen met relatief weinig afstand tot de arbeidsmarkt.

Aan veel van de andere bijstandsgerechtigden, die vaak te maken hebben met een stapeling van problematiek, is dus weinig aandacht besteed. Deze aandachtverdeling wordt bevorderd door de wijze waarop het Rijk bepaalt hoeveel zogenaamde BUIG-middelen aan gemeenten worden verstrekt. Dit gebeurt op basis van wat een objectief verdeelmodel wordt genoemd. Indien gemeenten tekortkomen moeten ze het betreffende deel aan bijstandsuitkeringen zelf betalen. Houden ze over, dan kunnen ze het overschot naar eigen inzicht inzetten.1 Deze systematiek maakt het financieel aantrekkelijk om in te zetten op een hoge uitstroom. Dat kan het makkelijkst, en met de minste middelen, door vooral inzet te plegen op het aan de slag helpen van mensen met relatief weinig afstand tot de arbeidsmarkt. Ondersteuning als beperkt ervaren Aansluitend hierbij wordt de werkelijke ondersteuning die wordt geboden aan bijstandsgerechtigden door hen veelal als beperkt ervaren. Dit betreft zeker de groep met relatief veel afstand. Zoals hierboven omschreven bevordert de BUIG-systematiek dat aan veel van hen nauwelijks aandacht is besteed. In aanvulling op die BUIG-systematiek speelt een rol dat het huidige beleidsinstrumentarium van de Participatiewet niet goed aansluit bij hun mogelijkheden en behoeften.

Het instrumentarium veronderstelt namelijk dat betaald werk uiteindelijk voor iedereen mogelijk is, terwijl dat voor tenminste een aanzienlijk deel van de mensen met veel afstand niet haalbaar is. Verder geldt dat ook mensen

1

Deze systematiek geldt voor gemeenten van meer dan 40.000 inwoners. Voor kleinere gemeenten, dus ook de onze, wordt het budget naast het objectief verdeelmodel gedeeltelijk (of bij minder dan 15.000 inwoners geheel) gebaseerd op het aantal bijstandontvangers in het recente verleden.

1

met relatief weinig afstand, voor wie het vinden en houden van een baan wel echt inspanningen vraagt, beperkingen ervaren in de ondersteuning die zij ontvangen. Werken loont onvoldoende Andere belangrijke kenmerken van de huidige uitvoeringspraktijk zijn dat bijstandsgerechtigden snel te maken hebben met onzekerheid over hun inkomen, en dat het verrichten van werk niet altijd loont. Deze beide kenmerken houden nauw verband met de wijze waarop het complementariteitsbeginsel invulling krijgt in de huidige Participatiewet. Het begrip complementariteit betekent dat er eerst een beroep moet worden gedaan op voorliggende voorzieningen en eigen middelen voordat er recht op bijstand kan bestaan. Daarnaast worden andere inkomsten, bijvoorbeeld uit werk, verrekend met de bijstand. In de huidige Participatiewet krijgt het beginsel op een strikte manier invulling. Landelijk programma Participatiewet in balans in hoofdlijnen Met het landelijk programma Participatiewet in balans beoogt de wetgever te bevorderen dat de uitvoeringspraktijk verandert. Hierbij hanteert de landelijke wetgever drie sporen: directe verbetering van de wet, fundamentele herziening van de wet en versterking van vakmanschap.

Spoor 1: de wet direct verbeteren Spoor 1 valt qua landelijke wetgeving samen met het wetsvoorstel Participatiewet in balans dat op 22 april dit jaar is behandeld en aangenomen door de Tweede Kamer. De landelijke wetgever beschouwt het als de eerste stap naar een wet die eenvoudiger is en uitgaat van vertrouwen en de menselijke maat. Het wetsvoorstel wordt gepresenteerd als een samenhangend pakket met maatregelen die op relatief korte termijn zijn in te voeren en die diverse prangende knelpunten verhelpen of verzachten. De wijzigingen zijn te vinden in onderstaand schema. Daarin wordt duidelijk dat de wijzigingen van spoor 1 in drie fasen in werking treden. De Sociale Dienst geeft aan dat alleen voor fase 2 de lokale verordening werk en inkomen aangepast moet worden. Daarom is het voornemen u voorafgaand het zomerreces van 2026 een gewijzigde verordening voor te leggen. De wijzigingen in fase 2 hebben betrekking op het realiseren van ondersteuning van mensen in de bijstand met een relatief grote afstand tot de arbeidsmarkt. In dat verband wordt gesproken van 'maatschappelijke participatie'. Aanvullende informatie over elk van de wijzigingen is te vinden op de website van de Verenigde Nederlandse Gemeenten (VNG) en van Divosa.

2

Schema onderdelen spoor 1 Participatiewet in balans per fase

Spoor 2: fundamentele herziening van de wet Bij spoor 2 gaat het om het fundamenteel herzien van de Participatiewet. De inhoud daarvan moet nog duidelijk gaan worden. Wel is bekend dat het fundamenteel herzien in samenhang gebeurt met herziening van andere wetgeving. Denk daarbij aan het toeslagenstelsel en aan het belastingstelsel. De uitwerking van spoor 2 zal een langere tijd in beslag nemen, en een einddatum is nog niet bekend. Dit betekent dus ook dat nog niet bekend is wanneer er een voorstel voor een gewijzigde verordening vanwege spoor 2 aan u zal worden voorgelegd. Spoor 3: versterking van vakmanschap Om ervoor te zorgen dat de aanpassing van de wetgeving tot de beoogde praktijkverandering leidt, is versterking van de vakkundigheid en vakmanschap van de uitvoering nodig. Spoor 3 richt zich op die versterking, die al in gang is gezet. Voor zover nu bekend leidt spoor 3 niet tot een voorstel voor aanpassing van de verordening. Aanpalende ontwikkelingen We informeren u kort over een aantal aanpalende feiten en ontwikkelingen. De eerste daarvan zal naar verwachting leiden tot een voorstel in december dit jaar voor het wijzigen van de lokale verordening werk en inkomen. Wet van school naar duurzaam werk Het doel van het wetsvoorstel van school naar duurzaam werk is het bevorderen van kansengelijkheid onder jongeren.

Dit gebeurt door het mogelijk maken van betere begeleiding bij de overgang van school naar werk en bij het behouden van werk. De GR Sociaal krijgt hierdoor te maken met nieuwe doelgroepen, een meer uitgebreide rol in de uitvoering en meer preventieve bevoegdheden. De wet gaat in principe in werking per 1 januari 2026. Het is niet nodig dat de lokale verordening hiervoor wordt aangepast. Wel zal eind 2025 aan het AB van de GR Sociaal worden voorgesteld om vanwege de invoering van de wet beleidsregels vast te stellen.

3

Participatieplekken In onze gemeente zijn er verschillende participatieplekken. Hier participeren inwoners die in de meeste gevallen niet of nog niet toe zijn aan een reguliere baan. Zo wordt dus ook een deel van de doelgroep met een relatief grote afstand tot de arbeidsmarkt bediend. Er zijn onder meer participatieplekken bij Helpende Handen en atelier Miek (beide gevestigd in Het ParticiPand) en bij De Kinderboerderij. Verder wordt vanuit Kansrijk Alblasserdam onder andere ondersteuning geboden aan mensen in de bijstand met een relatief grote afstand tot de arbeidsmarkt. Transformatie sociaal ontwikkelbedrijf Het Rijk beoogt een transformatie van klassieke sociale werkplaatsen naar sociaal ontwikkelbedrijven die een bredere doelgroep bedienen. Het is de bedoeling dat over de toekomst van specifiek Drechtwerk in 2026 een plan aan u wordt voorgelegd. In uw zienswijze op financiële stukken van de GR Sociaal heeft u laten doorklinken dat het handhaven van Drechtwerk geen doel op zich moet worden, maar dat omvang en vorm van de organisatie afhankelijk moeten zijn van nut en noodzaak. Sociaal handhaven Er is een nieuw beleidsplan handhaving opgesteld, waarmee het algemeen bestuur van de GR Sociaal in mei dit jaar heeft ingestemd.

De Sociale Dienst geeft hierover aan dat in dit beleidsplan (zie bijlage) meer wordt uitgegaan van de mogelijkheden en sociale omstandigheden van inwoners, en het plan er tegelijk in voorziet dat misbruik en oneigenlijk gebruik nog steeds serieus worden aangepakt. Dit plan is gemaakt in reactie op het feit dat handhaving telkens repressiever is geworden, dat de keerzijden daarvan duidelijker zijn geworden en dat er landelijk wordt gewerkt aan een herijking van de Fraudewet. Wat kan u dit en volgend jaar verwachten Omstreeks oktober 2025 Een regionale raadsbijeenkomst in het kader van het Landelijk programma Participatiewet in balans. U wordt te zijner tijd geïnformeerd over het programma, datum, tijdstip en locatie. Raadsronde juni 2026 Voorstel voor een gewijzigde verordening werk en inkomen gemeente Alblasserdam. Dit (zie eerder) vanwege het Landelijk programma Participatiewet in balans, en dan specifiek fase 2 van spoor 1. Bijlagen - Kamerbrief Voortgang Participatiewet in balans 16-12-2024 - Beleidsplan Sociaal Handhaven Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders,

de secretaris M. van Hall

de burgemeester J.W. Boersma

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/774/documents/16607