CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel wijziging APV.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 21 juni 2022, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 8: Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2022 - Raadsvoorstel1.972 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Datum vergadering: 21 juni 2022 Datum B&W: 24 mei 2022

Portefeuillehouder: Jaap Paans Auteur: Klaudia Zajk

Onderwerp: Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2022 Voorgesteld besluit: 1. De Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2021 in te trekken. 2. De Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2022 vast te stellen.

Inleiding De huidige Algemene plaatselijke verordening (APV) is in 2021 vastgesteld. Het afgelopen jaar hebben meerdere praktijkervaringen, wetswijzigingen, beleidswensen en ontwikkelingen gemaakt dat er enige aanpassingen moesten worden verricht in de APV. Deze vormen de aanleiding voor het opstellen van deze nieuwe APV. Uitgangspunt van de nieuwe APV blijft de model-APV van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Een ander belangrijk onderdeel in de APV 2022 zijn de wijzigingen gerelateerd aan ondermijning. Deze wijzigingen zijn gebaseerd op het advies van het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum (het RIEC). Ook zijn de technische wijzigingen naar aanleiding van de nieuwe Alcoholwet toegevoegd. Vanaf september 2021 neemt Alblasserdam deel aan de werkgroep Ondermijning van het RIEC. Naar aanleiding van de werkgroep is er een model handreiking en een model toelichting ontstaan voor deelnemende regio's. De gedachte hierachter is dat er hoofdzakelijk een model van het RIEC wordt gevolgd en hiermee een ongewenst waterbedeffect wordt voorkomen. Vanuit het RIEC zal er een brief worden gestuurd naar de burgemeester waarbij de hoofdzakelijke wijzigingen in de gemeente Alblasserdam worden benoemd. Daarnaast hebben er enkele technische wijzigingen plaatsgevonden naar aanleiding van de nieuwe Alcoholwet. De Alcoholwet vervangt de Drank- en Horecawet.

Op grond van de gewijzigde wetgeving is er tevens een Alcoholverordening opgesteld. Alle modelbepalingen zijn per artikel doorgesproken, onderzocht en vergeleken met de APV 2021 en de (praktijk)situatie in Alblasserdam. Daarnaast zijn de ambtelijke en bestuurlijke wensen en de wensen van de Omgevingsdienst Zuid Holland-Zuid (OZHZ) geïnventariseerd. Al deze wijzigingen en wensen zijn, zover mogelijk, doorgevoerd in een nieuwe verordening. Met deze actualisatie is de APV weer in overeenstemming met de lokale en landelijke ontwikkelingen.

De wijzigingen hebben betrekking op: 1. tekstuele, redactionele en wetstechnische wijzigingen; 2. artikelen en/of leden die inhoudelijk zijn aangepast naar aanleiding van ervaringen uit de uitvoeringspraktijk, in overstemming met regiogemeenten en het RIEC Alle voorgestelde wijzigingen zijn terug te vinden in; 1. Bijlage 1: Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2022; 2. Bijlage 2: Was-wordt tabel Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2022; 3. Bijlage 3: Toelichting wijzigingen Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2022; 4. Bijlage 4: Raadsbesluit.

Onderstaand een selectie van de belangrijkste wijzigingen: Artikel 2:26, tweede en derde lid Artikel 2:50a Artikel 6:1 Deze artikelen betreffen het zogenoemde "colorverbod". Het gaat om het verbod op zichtbare uitingen van verboden organisaties, zoals het logo van een verboden motorclub. Gemeenten moeten dit verbod uit de APV schrappen. Bij arrest van 24 december 2021 heeft de Hoge Raad het in de APV opgenomen ‘colorverbod’ onverbindend verklaard, omdat dit in strijd is met het in artikel 7, derde lid, van de Grondwet neergelegde recht op vrijheid van meningsuiting (ECLI:NL:HR:2021:1946). Hierdoor vervalt artikel 2:26, tweede en derde lid en artikel 2:50a. Gemeenten moeten ook de strafbaarstelling in artikel 6:1 van de APV aanpassen door daarin de verwijzing naar artikel 2:50a te schrappen. Artikel 2:74a eerste lid Met behulp van dit artikel met betrekking tot het verzamelen van personen in verband met drugs, kan de burgemeester gericht optreden om – zodanig – bepaalde straten of delen van straten in de stad vrij te maken van het zogenaamde drugstoerisme. Drugstoerisme geschiedt veelal groepsgewijs. Nu de maatregel ingrijpend van aard is, zal deze een tijdelijk karakter moeten hebben. Artikel 2:74b Dit artikel is gericht op aanwijzing van gebieden waar sprake is van drugsoverlast.

Het eerste lid betreft een verbodsbepaling om aanwezig te zijn in een door het college aangewezen gebied (aangewezen omdat naar het oordeel van het college in dat gebied sprake is van bijv. ernstige overlast gerelateerd aan drugs). Ook is degene die zich gedraagt in strijd met artikel 2:74a verboden zich te bevinden in het door het college aangewezen gebied en in voor het publiek toegankelijke gebouwen die in dat gebied gelegen zijn, nadat de burgemeester hem een daartoe strekkend bevel heeft gegeven. Er gelden hiervoor verschillende termijnen. Verbod kan worden opgelegd voor maximaal 48 uur maar kan bij herhaling door een bepaald persoon worden verlengd voor ten hoogste drie maanden. Artikel 2:74d Op grond van dit artikel kan de burgemeester een verblijfsverbod opleggen voor de duur van drie maanden aan personen (dealers) die zich schuldig maken aan de handel in drugs of daarop gelijkende waar. Hieronder vallen dus ook slaapmiddelen, kalmeringsmiddelen of stimulerende middelen. Primair wordt beoogd een einde te maken aan de ernstige verstoring van de openbare orde die met het dealen zelf gepaard gaat. Daarnaast wordt beoogd “de loop uit het gebied” te halen. Door dealers voor langere tijd uit overlastgebieden te weren worden deze gebieden minder aantrekkelijk voor gebruikers, zodat ook de daaraan gerelateerde overlast afneemt.

Er zijn beperkingen gebonden aan deze bevoegdheid. De burgemeester kan alleen gebruik maken van deze bevoegdheid ten aanzien van personen die tevens antecedenten hebben op het gebied van handel in drugs of daarop gelijkende waar. Artikel 2:79 Dit artikel is gericht op overlast in woningen. Een bewoner hoort zich zo te gedragen dat zijn of haar buren daar geen ernstige hinder van ondervinden. Bij ernstige en herhaaldelijke hinder kan ook de verhuurder worden aangesproken. Ook komt het niet zelden voor dat panden worden (onder)verhuurd aan criminelen, in het kader van de ondermijnende criminaliteit. In het tweede lid regelt de raad in welke gevallen de burgemeester in ieder geval toepassing kan geven aan de bevoegdheid tot het opleggen van een last onder bestuursdwang of last onder

dwangsom, bijvoorbeeld indien sprake is van geluid- of geurhinder. De burgemeester kan in beleidsregels vastleggen hoe hij of zij invulling geeft aan deze bevoegdheid. De last onder bestuursdwang of dwangsom die de burgemeester kan opleggen kan bestaan uit gedragsaanwijzingen waaraan de overtreder zich te houden heeft. In het vierde lid wordt een mogelijkheid genoemd om een gedragsaanwijzing op te leggen en/of een verbod op grond van Wet tijdelijk huisverbod. Het vierde lid is dan ook specifieker dan het derde lid. Een kanttekening hierbij is dat om werkelijk gebruik te kunnen maken van dit artikel, er een convenant moet worden ondertekend door de burgemeester en enkele andere partijen zoals de woningcorporaties. Voorwaarde voor de ondertekening is het beschikken over een plan waarin duidelijk stap voor stap wordt uitgelegd hoe de gedragsaanwijzingen kunnen worden ingezet. Alblasserdam beschikt nog niet over dit plan. Door het vierde lid alsnog in het artikel op te nemen, wordt er een mogelijkheid geboden om in de toekomst hier gebruik van te maken. Het plan dient dan zo spoedig mogelijk te worden opgesteld. Artikel 2:80 Dit artikel ziet op de mogelijkheid voor de burgemeester om bepaalde beroepsgroepen of bedrijven binnen bepaalde gebouwen of gebieden vergunningsplichtig te maken. Te denken valt hierbij bijvoorbeeld aan autohandelaren of glazenwassers.

Zo ontstaat er betere toezicht en heeft de gemeente betere handvaten om risicovolle en malafide beroepsgroepen en bedrijven aan te pakken. Dit artikel is reeds geïntroduceerd in de Apv 2021. Er heeft een minimale aanvulling plaatsgevonden n.a.v. het artikel van het RIEC, namelijk de mogelijkheid voor de burgemeester om een formulier vast te stellen voor de aanvraag van de vergunning. Artikel 3:7 Hoofdstuk 3 betreft regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen. De artikelen in dit hoofdstuk zijn hoofdzakelijk gelijk gebleven. Wel is artikel 3:7 aangescherpt met een aanvullende weigeringsgrond voor de exploitant of beheerder die is ontzet uit het ouderlijk gezag of de voogdij. Ook zijn enkele definities nader aangevuld. Ook is er bewust voor gekozen om niet het advies van het RIEC te volgen waarin werd voorgesteld om een vergunning voor vijf jaren te verlenen. Er wordt vastgehouden aan een termijn van 1 jaar conform Apv 2021. Artikel 4:3 Uit de informatie afkomstig van de BOA's is gebleken dat er behoefte is aan meer ruimte voor een melding incidentele festiviteiten. Er worden op dit moment al meerdere activiteiten georganiseerd die onder een melding vallen maar waar geen melding voor wordt gemaakt. Handhavend optreden op de 2 activiteiten is lastig nu het ook geen makkelijke periode is geweest voor de ondernemers.

Op deze manier hopen we de ondernemers meer tegemoet te komen en begrip te creëren van beide kanten indien een ondernemer alsnog meer activiteiten organiseert dan toegestaan. Beoogd effect Het intrekken van de APV van 2021 en het vaststellen van de voorgestelde APV 2022, waardoor een actueel en goed handhaafbaar wettelijk kader wordt vastgesteld dat instrumenten geeft om de gemeente veilig en leefbaar te kunnen houden en de openbare orde te kunnen handhaven. Met de actualisatie van de APV beschikt de gemeente over een actueel instrumentarium. Het geeft buitengewone opsporingsambtenaren, toezichthouders, ketenpartners en politiemedewerkers een formeel kader voor toezicht en handhaving op lokaal niveau. Daarmee beogen wij de leefbaarheid en de veiligheid in onze gemeente te bevorderen. Argumenten 1. De nieuwe APV voldoet aan de aanbevelingen van de VNG. Bij het opstellen van de nieuwe APV is zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij de modelverordening van de VNG 2. In de nieuwe APV is een aantal wijzigingen voorgesteld in het kader van actuele thema's. Aan de voorkant van het wijzigingstraject is er intensief contact geweest met het RIEC. Ook is de OZHZ en op ambtelijk niveau is er contact geweest met de adviseur Veiligheid en de BOA's. Er is

gekeken wat actuele thema's zijn die spelen binnen de gemeente en waar zij tegenaan lopen in hun dagelijkse praktijk. Daarnaast is gekeken wat landelijk gezien actuele thema's zijn die spelen. Het ging hier voornamelijk om ondermijning. Meerdere artikelen over deze onderwerpen zijn toegevoegd aan de nieuwe APV. Enerzijds om hierbij aansluiting te zoeken bij de landelijke ontwikkelingen en ter voorkoming van een waterbedeffect. Anderzijds om aan de voorzijde het instrumentarium van de gemeente op orde te hebben zodat snel kan worden geschakeld indien de problematiek zich ook binnen de gemeente voor gaat doen. Zo heeft de gemeente de mogelijkheid om proactief te handelen in plaats van achteraf te repareren. Kanttekeningen 1. Het niet actualiseren van de APV betekent dat de vigerende APV niet meer voldoet aan de actuele wet- en regelgeving en de veranderingen en wensen van de samenleving. Voor wat betreft de mogelijke risico's kan opgemerkt worden dat de gemeente daardoor een hoger risico loopt. De APV is namelijk onderhavig aan veranderingen in de samenleving en veranderingen in het kader van de rechtspraak. Daarnaast is in de afgelopen jaren gebleken dat er een aantal aanvullingen en wijzigingen noodzakelijk zijn vanuit de uitvoeringspraktijk.

Wordt het advies niet overgenomen, dan kan in enkele gevallende handhaving van de openbare orde en veiligheid niet adequaat worden uitgevoerd en wordt met een verouderde APV gewerkt. Financiële informatie Op dit moment zijn er geen financiële gevolgen door het wijzigen van de Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente. Uitvoering De Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2022 wordt op 21 juni 2022 ter vaststelling voorgelegd aan de gemeenteraad. Na besluitvorming door de gemeenteraad wordt de Algemene Plaatselijke verordening Alblasserdam 2022 ter inzage gelegd voor een ieder en bekendgemaakt. Communicatie De Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2022 wordt gepubliceerd in de Klaroen, ter inzage gelegd bij de Publieksbalie en bekendgemaakt in het digitale gemeenteblad (officielebekendmakingen.nl).

Bijlagen 1. Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2022 (herzien nav commissiebehandeling) 2. Was-wordt tabel Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2022 (herzien nav commissiebehandeling) 3. Toelichting Algemene Plaatselijke Verordening 2022 4. Beantwoording Technische vragen PvdA-fractie bij Wijziging APV 5. APV antwoorden op vragen uit commissie 6. concept-raadsbesluit Algemene Plaatselijke Verordening 2022 7. GEHEIM Aanbiedingsbrief Handreiking Regionaal Model APV Ondermijningsproof Alblasserdam 8. VERVALLEN Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2022 9. VERVALLEN Was-wordt tabel Algemene Plaatselijke Verordening Alblasserdam 2022 10. VERVALLEN Raadsbesluit Algemene Plaatselijke Verordening 2022

Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders,

de secretaris

de burgemeester

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/264/documents/7913