CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

pva energiearmoede.pdf

Commissie Bestuur en Samenleving Alblasserdam 4 juni 2024, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 17: Afronding uitvoering plan van aanpak energiearmoede - Raadsinformatiebrief2.848 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanpak Energiearmoede 2022-2023 1. Inleiding Stroom en gas zijn flink duurder geworden. Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat vorig jaar de gemiddelde stroomrekening nog 865 euro per jaar was. Dit jaar is dat 1327 euro: een stijging van 51,5 procent. Gas is 93,8 procent in prijs gestegen, van gemiddeld 1.173 euro naar 2.298 euro per jaar. Mensen die eerst al moeite hadden met rondkomen, kunnen de hogere energierekeningen niet meer betalen. En ook mensen die eerst prima rond konden komen, komen vanwege de stijgingen van energieprijzen in de knoei met hun financiën. In september 2021 is het TNO rapport over energiearmoede in Nederland verschenen. TNO komt in haar rapport tot de conclusie dat meer dan een half miljoen huishoudens te kampen hebben met energiearmoede. TNO heeft voor haar onderzoek gebruik gemaakt van gegevens uit 2019. Door de stijgende energieprijzen als gevolg van de aantrekkende wereldeconomie en de oorlog in Oekraïne zijn nog meer huishoudens in de financiële problemen gekomen en een nog grotere groep ondervindt stress van de hoge energienota. Ook gevoed door de torenhoge inflatie als gevolg van de stijging van de brandstof- en voedselprijzen.

Energiearmoede is door het onderzoek van TNO zowel landelijk als lokaal op de politieke agenda gekomen en inmiddels is het Rijk met een aantal compensatieregelingen de huishoudens enigszins tegemoetgekomen. Maar deze regelingen zijn geen structurele oplossing voor de stijgende energieprijzen. Wat helpt is de versnelling van de energietransitie: vermindering van het energiegebruik en verduurzaming van de woningen. Om huishoudens met energiearmoede te helpen bij de energietransitie, is er vanuit het Rijk geld beschikbaar gekomen om energiebesparende maatregelen te nemen. In totaal gaat het om €259.404,- dat moet worden besteed voor 31 december 2024. Dit bestaat uit 2 keer het bedrag €90.193 vanuit ondersteuning aanpak energiearmoede en €79.018 vanuit de Regeling lokale aanpak van het Nationaal Isolatieprogramma gebaseerd op EFG-labels. Voor de middelen geldt dat deze niet kunnen worden gebruikt om huishoudens financieel te compenseren. De middelen zijn bedoeld om de huishoudens met energiearmoede een stap verder te brengen met energiebesparing en het verduurzamen van hun woning. In dit plan van aanpak wordt beschreven hoe we energiearmoede met deze gelden gaan aanpakken. Ook wordt er een vooruitblik gegeven op de mogelijke besteding van gelden die vanaf januari 2023 tot 2030 kunnen worden aangevraagd vanuit het Nationaal Isolatieprogramma.

2. Energiearmoede in Alblasserdam Volgens de definitie van TNO kampt een huishouden met energiearmoede als meer dan 10% van het inkomen naar de energienota gaat. Naast het lage inkomen is het ook het gegeven dat veel mensen met energiearmoede in een woning met een slecht energielabel (D/E/F/G) wonen en daardoor hoge energiekosten hebben. TNO komt op grond van deze definitie in haar onderzoek voor Alblasserdam op circa 284 huishoudens (3,45%) die kampen met energiearmoede in september 2021. Door de forse stijging van de energieprijzen is deze groep van 284 huishoudens verder in problemen gekomen. Een groter aandeel van het inkomen gaat naar de energienota. TNO heeft aangeven dat huishoudens mogelijk al tussen de 24%-35% van hun inkomen aan energie uitgeven. Voor alle huishoudens in Nederland geldt dat 9% gemiddeld is. Daarnaast is het aantal huishoudens met energiearmoede verder gegroeid en zal nog toenemen door aflopende energiecontracten en aanpassingen van de variabele tarieven. De groep van 284 huishoudens zal dus ongetwijfeld vele malen groter zijn. Het gaat niet alleen meer om huishoudens met lage inkomens, inmiddels is duidelijk dat nu ook werkenden met een laag middeninkomen getroffen worden. Op dit moment (november 2022) zijn er al iets meer dan 700 huishoudens die de eenmalige energietoeslag toegekend hebben gekregen. De verwachting is dat dit nog verder zal toenemen.

De energietoeslag kan worden aangevraagd als de aanvrager minder verdient dan € 1.310,05 (alleenstaande) of € 1.871,50 (samenwonend) per maand. Huishoudens met een bijstandsuitkering, IOAW-, IOAZ- of Bbz-uitkering ontvangen de toeslag automatisch. Ongeveer 90% van deze huishoudens wonen in een huurwoning. De aantallen zullen maandelijks worden bijgesteld door het SDD.

Figuur 1 Huishoudens met energiearmoede in Alblasserdam. Huishoudens zijn per straat bekend, maar niet met huisnummer. De huishoudens zijn in deze kaart als verdeeld over de straat weergegeven.

Deze groep geeft een aardig inzicht in hoeveel mensen er aan energiearmoede lijden, met de volgende aandachtspunten: -

Er zijn huishoudens die net boven de inkomensgrens vallen en dus geen toeslag krijgen, maar waar wel sprake is van energiearmoede. De regeling is wellicht niet bekend bij iedereen die er voor in aanmerking zou komen. De toeslag is gebaseerd op inkomen en niet op de energetische staat van de woning of de energierekening. Het geld komt daarmee wel terecht bij mensen die een smalle beurs hebben maar niet per se aan 'energie' armoede lijden.

De huishoudens die de energietoeslag hebben gekregen, gaan we op voorhand actief benaderen met onder andere brieven. Maar hiermee hebben we nog niet alle huishoudens in beeld. Hoewel we wel een lijst hebben met huishoudens die de energietoeslag hebben gekregen, hebben we geen lijst met adressen van alle huishoudens met energiearmoede. Om een beeld te krijgen achter welke voordeuren mogelijk sprake is van 'energiearmoede' kunnen we ook verschillende andere bronnen gebruiken: ● Als sprake is van huurachterstand: bron Woonkracht10 ● Indicatie aan de hand van de woningvoorraad woningbouwcorporaties: de slechte labels E/F/G. ● Indicatie aan de hand van de WOZ en de slechtere labels ● Signalen door wijk- en buurtorganisaties en welzijnsorganisaties Gegevens van deze huishoudens mogen niet zomaar gedeeld worden. Er zijn daarom afspraken gemaakt met bovengenoemde partners om via brieven, posters of mondeling de aandacht te vragen voor de acties voor energiebesparende maatregelen.

3. Waar moeten we in een aanpak rekening mee houden Een structurele oplossing tegen energiearmoede is de versnelling van de energietransitie: de vermindering van het energiegebruik en de verduurzaming van de woning. Echter niet iedereen is aangehaakt of is in de omstandigheid om mee te kunnen doen. Er zijn verschillende barrières om mee te doen met de energietransitie.

Bij de aanpak energiearmoede ligt de focus vooral op huishoudens die geen financiële middelen hebben om te investeren en huishoudens met (multi) problemen die daardoor geen tijd hebben om zich bezig te houden met de energietransitie. Eerdere acties vanuit de Regeling Reductie Energiegebruik en Regeling Reductie Energiegebruik Woningen waren veelal gericht op Woning eigenaren met enig spaargeld. Wel waren er onder andere cadeaubonnen beschikbaar, ook voor huurders, van €45 en €60, maar deze zijn vaak wel vooral in trek bij mensen die online vaardig zijn en gewend zijn te winkelen bij webshops. Een inclusieve aanpak vraagt om maatwerk, er is niet één-oplossing. De doelgroep is divers, waardoor ook het handelingsperspectief verschilt. Het gaat om huurders van een corporatiewoning; particuliere huurders en woningeigenaren. Huishoudens die leven van een uitkering, AOW of een klein pensioentje, maar ook werkenden. We hebben daarnaast te maken met laaggeletterdheid en anderstaligen maar ook klimaatontkenners. Ook de kwaliteit van de woning kan verschillend zijn. Van een A tot een G label. Kortom: het is maatwerk met verschillende boodschappen en een mix van instrumenten. Uitgangspunt van de opgave is dat iedereen mee moet kunnen doen aan een duurzame toekomst (betaalbaarheid), ook huishoudens met een smalle beurs.

4. Actieplan 2022/ 2023 Stap 1: witgoedactie Huishoudens die de energietoeslag aanvragen kunnen een gratis energiezuinige wasmachine, koelkast, vriezer of vaatwasser krijgen. Het kadokaartensysteem hiervoor is opgezet door het Regionaal Energieloket en Groupcard. Net zoals met de Regeling Reductie Energiegebruik Woningen zal er een samenwerking zijn met landelijke partijen zoals Gamma, Praxis en de Karwei. Voor witgoed zijn REL en Groupcard nu in gesprek met CoolBlue, BCC, Expert en de Media Markt. Aangezien er een Open House methode wordt gehanteerd, kan in principe iedere (lokale) winkel die voldoet aan de ingangscriteria, mee doen. Zij zullen hier voor uitgenodigd worden. De kadokaarten zullen worden verstuurd via de Sociale Dienst aan huishoudens die de energietoeslag hebben gekregen. Daarnaast zullen er ook ongeveer 30 kadokaarten beschikbaar worden gesteld aan huishoudens die niet de energietoeslag hebben gekregen, maar waarvan bij het Brughuis bekend is dat er sprake is van energiearmoede. Vanuit het Brughuis mag bepaalt worden aan wie deze kadokaart verleend wordt, mits deze huishoudens de kadokaart niet al hebben ontvangen. Ontvangers van de kadokaart worden geacht hun gebruikt witgoed in te leveren bij het ontvangen van hun nieuw witgoed. Financiën De handelingskosten voor deze actie zijn ongeveer €13.000.

Er zijn ondertussen meer dan 700 huishoudens bekend die de energietoeslag hebben gekregen. De kadokaart heeft een waarde van €500. Als alle 700 huishoudens aangeschreven worden, bestaat er een kans dat we ruim over budget gaan. Daarom kiezen we voor de volgende aanpak: In eerste instantie schrijven we alleen het aantal huishoudens aan die binnen het budget vallen als zij allemaal volledig de kadokaart zouden uitgeven. Het totale budget is 259.404. Hier wordt dan vanaf getrokken: - €13.000 (proceskosten voor de witgoed actie) - 30 * €500(kadokaarten Brughuis) - €10.000 voor stap 2 Het bedrag dat overblijft is €221.404/€500 = 443 kadokaarten. De huishoudens die wel of niet aangeschreven worden, worden bepaald op basis van bouwjaar van de woning en eventuele actuele informatie van Woonkracht10 over de energielabels van huurwoning. Woning gebouwd na 2000 of met een energielabel A of B worden niet aangeschreven Het nadeel hiervan is dat er een kans is dat er huishoudens geen kadokaart krijgen, die het wel hard nodig hebben, ook al verbruikt hun woning relatief weinig energie. De verdubbeling van bijvoorbeeld €20 naar €40 voor gas en elektriciteit is voor sommige huishoudens te groot, ook al is het energiebedrag laag. Wel is het nog steeds mogelijk dat de 30 meest schrijnende gevallen bij het Brughuis bekend zijn, en dat zij via deze weg alsnog een kadokaart krijgen.

Het voordeel aan deze aanpak is dat inwoners die ondersteuning nodig hebben bij het aanvragen van de kadokaart, daar de tijd voor kunnen nemen zonder dat de kans groot is dat de kadokaarten al op zijn. Daarnaast is er ook zekerheid over het budget dat gebruikt zal worden. Als na een maand (of langer) blijkt dat de kadokaarten niet (volledig) zijn ingezet, dan kunnen er huishoudens worden aangeschreven die eerder geen kaart hebben ontvangen. Hiervoor wordt een beleidsregel opgesteld en gepubliceerd.

Stap 2: Voorlichting energiebesparing inclusief producten In samenwerking met onder andere Woonkracht10, Stichting Welzijn Alblasserdam en Drechtse Stromen geven we inwoners voorlichting over energiebesparing. Deze aanpak is als volgt gepland: Door data van de gemeente (waar zijn de energietoeslagen aangevraagd), Woonkracht10 (welke gebouwen verbruiken veel energie en welke bewoners hebben behoefte aan informatie) en SWA (in welke buurten speelt energiearmoede) te combineren, bepalen we in welke buurt we een dagdeel een actie gaan houden. Tijdens een dergelijke actie wordt er op een centrale plek in de buurt een middag of avond georganiseerd waarbij zowel de huurders van Woonkracht10 worden uitgenodigd, als eventuele woningeigenaren in de buurt. Tijdens dit dagdeel krijgen de aanwezigen informatie over hoe zij energie kunnen besparen door gedragsverandering en het nemen van kleine maatregelen. Op deze middag kunnen de aanwezigen ook een aantal producten meekrijgen zoals een warme deken, ledlampen en tochtstrips ter waarden van €30,-. Ook krijgen ze een foldertje mee waarin de besparingstips nogmaals zijn beschreven. Aansluitend op deze middag kunnen de huurders contact opnemen met Woonkracht10 om nog wat extra hulp aan huis te krijgen van hun energievakmensen, terwijl de koopwoningen in de buurt een adviesgesprek met de energiecoaches van Drechtse Stromen kunnen aanvragen.

De eerste van deze acties staat gepland op 1 december. Daarna zullen wij met de partners evalueren of dit voor meer buurten gedaan kan worden en of het programma hetzelfde kan blijven. Financiën Aanwezige inwoners kunnen tijdens de actie gratis ongeveer €30,- aan producten meenemen. Zij hebben de keuze uit verschillende producten. Deze producten worden zoveel mogelijk lokaal ingekocht. In eerste instantie zal de inschatting zijn om hier ongeveer 300 mensen mee te bereiken. nu geschatte kosten zijn iets hoger dan 300 huishouden * €30 euro aan gratis producten. Dit omdat het mogelijk is dat inwoners bijvoorbeeld meer interesse hebben in ledlampen dan dekens. Het is mogelijk dat we dus meer ledlampen moeten inkopen en een aantal dekens overhouden. Sturing op deze kosten vindt plaats na elke actie; zitten we nog op schema met de gemaakte kosten? Moeten we andere producten aanschaffen? Het is in ieder geval mogelijk om onder de €10.000 te blijven door te stellen dat we stoppen met acties zodra dat bedrag is bereikt.

Stap 3 (eventueel): Grote energiebesparende maatregel bij koopwoningen De bovenstaande stappen geven huishoudens op korte termijn perspectief. Daarnaast worden de huurwoningen worden versneld verduurzaamd door Woonkracht10 waardoor hopelijk volgende winter meer mensen in een energetisch goede woning wonen. Om ook de koopwoningen op lange termijn perspectief te geven, zou er in 2023 gestart worden met het aanbieden van een gratis grote energiebesparende maatregel van maximaal €2000 aan koopwoningen. Wellicht is dat niet vanuit deze aanpak mogelijk, maar dan biedt deze stap een korte doorkijk naar wat er vanaf 2023 gedaan zou kunnen worden via bijvoorbeeld het Nationaal Isolatieprogramma(NIP). Financiën Aan welke koopwoningen dit exact zal worden aangeboden, en of hier nog budget voor is, wordt begin 2023 vastgesteld. Het aantal koopwoningen dat bereikt kan worden, wordt mede bepaald door hoeveel van het budget bij de eerste twee acties is uitgegeven. Wellicht dat de witgoedactie uiteindelijk ver onder het budget valt, omdat dit lang niet door iedereen wordt aangevraagd. Er kan ook altijd nog voor gekozen worden om in 2023 meer koopwoningen te benaderen door middel van een aanvraag bij het Nationaal Isolatieprogramma. Elke gemeente kan tot 2030 een plan van aanpak indienen om koopwoningen te isoleren en krijgt daarvoor vervolgens gemiddeld €1250 per

koopwoning (voor organisatie en producten). Dit bedrag is nog niet volledig zeker, maar er komt in ieder geval meer geld beschikbaar om dergelijke aanpakken te organiseren.

5. Financiën De gemeente Alblasserdam heeft vanuit het Rijk geld gekregen voor het uitvoeren van een aanpak voor energiearmoede. Het gaat hierbij om de volgende specifieke uitkeringen: In Q1 2022: €90.193 ondersteuning aanpak energiearmoede In Q3 2022: nogmaals €90.193 ondersteuning aanpak energiearmoede In Q3 2022: €79.018 vanuit de Regeling lokale aanpak van het Nationaal Isolatieprogramma In totaal is er vanuit de rijksgelden dus €259.404,- dat uitgegeven kan worden aan fysieke energiebesparende maatregelen bij huishoudens met energiearmoede. Dit kan worden uitgegeven tot 31 december 2024 en zal dan gezamenlijk verantwoord moeten worden. De verwachte kosten en de risico's per actie zijn in het vorige hoofdstuk beschreven.

Organisatie Een belangrijke opgave in het coalitie akkoord is de buurtaanpak. Energiearmoede is goed te scharen onder deze opgave. Het onderwerp energiearmoede raakt meerdere portefeuilles en is daarmee echt een integrale opgave. In het kader van de nieuwe opzet van collegeprogramma wordt een opgaveteam opgericht onder de noemer buurtaanpak, waar energiearmoede deel van uit maakt. Ook externe partners kunnen deel uitmaken van dit opgaveteam, waarmee het in feite een soort netwerkorganisatie wordt rond deze opgave. Je kunt bijvoorbeeld denken aan: - Samenwerking met woningcorporaties Veel mensen die te maken hebben met energiearmoede, wonen in een huurhuis. De gelden die de gemeente krijgt, is beperkt voor deze groep in te zetten omdat er snel sprake is van staatssteun richting de woningcorporatie. De corporaties krijgen wel via BZK (irt verhuurderskorting) de opdracht en ook middelen om voor 2030 hun EFG labels uit te faseren. We nemen contact op met Woonkracht10 om te kijken wat er van beide kanten gedaan kan worden. - Samenwerking met lokale ondernemers Waar mogelijk zullen lokale ondernemers betrokken worden bij het treffen van de energiebesparende maatregelen. Zij kunnen bijvoorbeeld de isolatie of wasmachines leveren. Hierbij wel rekening houdend met de aanbestedingsregelgeving en ook de haalbaarheid van de uitvoering van energiebesparende maatregelen.

Hier is ook nog een koppeling te maken met Kansrijk, bijvoorbeeld door speciale "klas" energie-installatie met lokale ondernemers te maken. - Samenwerking met bestaande sociale infrastructuur In het platform praten Brughuis, Schuldhulpmaatje, Diaconaal Platform Alblasserdam, Voedselbank, Kledingbank, Stichting Leergeld en onderwijs over mogelijkheden om huishoudens met lage inkomens te ondersteunen. Met behulp van de partijen die zijn aangesloten bij het Platform Geldzaken kan de doelgroep worden benaderd om het gebruik van de energiebesparende maatregelen aan te jagen. Overigens bestaat dan wel de kans dat hier dubbeling in zitten in de opgave van de GRS - Samenwerking duurzaamheid en armoede Energiearmoede is een integrale opgave en dus zijn verschillende collega's bij de uitvoering van deze acties betrokken. Zo zijn collega's vanuit het sociale domein aangesloten om mee te denken over hoe de juiste mensen bereikt kunnen worden en aan welke acties zij behoefte zouden hebben. Vanuit duurzaamheid wordt voornamelijk gekeken welke acties mogelijk zijn: zowel in de verantwoording richting het Rijk als welke acties het meest zoden aan de dijk zetten. - Samenwerking met buitenruimte Het vermoeden is dat in wijken waar veel energiearmoede voor komt, er ook minder geld is om klimaatadaptieve maatregelen te nemen.

Buitenruimte krijgt vanuit de begroting meer geld beschikbaar om de buitenruimte klimaatadaptiever te maken. Als wij met data van het SDD kunnen achterhalen waar veel energiearmoede voorkomt, zullen wij met buitenruimte kijken of op deze plekken ook meer aandacht kan zijn voor klimaatadaptatie. Dit kan dan een plek vinden in de integrale buurtaanpak.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/631/documents/13065