CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

OZHZ Begroting 2022 BESLUIT AB 8 juli 2021.pdf

Commissie Grondgebied Alblasserdam 12 oktober 2021, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 9: OZHZ - Begroting 2022 en Jaarrekening 202015.695 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

-

Daarnaast zijn in de bijdrageverordening bepalingen opgenomen ten aanzien van de meerjarige budgetten. Opdrachtgevers die individueel meer willen bezuinigen dan de norm van 2,5% per jaar of 8% in vier jaar, dienen een frictievergoeding te betalen.

-

Het capaciteitsbeleid van OZHZ (zie 5.1 Personeel & Organisatie). Voor de wettelijke taken geldt dat budgetten binnen zekere marges mogen fluctueren. Doelstelling is om 85% van de benodigde capaciteit in te vullen met eigen formatie.

-

Voor het restant wordt de zogenaamde “flexibele schil” ingezet.

-

Structurele effecten worden opgevangen in het tarief.

Benodigde weerstandscapaciteit Vanwege bovengenoemde beheersmaatregelen beperkt de benodigde weerstandscapaciteit zich grotendeels tot de schaalnadelen, in geval van bezuinigingen. Inschatting is een bedrag van circa € 224.000. 2.

Overige omzet

De overige taken betreffen onder meer de offertetaken en subsidies. Met de uitvoering is een budget van circa 2,4 mln. per jaar gemoeid. Gegeven de rijks brede bezuinigingen is de kans op bezuinigingen hoog (75%). Gerekend over een periode van 2 jaar wordt de financiële impact ingeschat op medium (€ 328.000). Beheersmaatregelen Voor de adviestaken (veelal op het gebied van de afdeling Expertise en Advies) geldt dat er tot nu toe geen sprake is van enige verplichting naar gemeenten om werk bij OZHZ neer te leggen. Voor de taken op het gebied van Expertise en Advies geldt dat budgetten binnen zekere marges mogen fluctueren. Doelstelling is om 85% van de benodigde capaciteit in te vullen met eigen formatie. Voor het restant wordt de zogenaamde “flexibele schil” ingezet. Daarmee kan flexibel worden ingespeeld op omzetfluctuaties. Benodigde weerstandscapaciteit Vanwege bovengenoemde beheersmaatregelen beperkt de benodigde weerstandscapaciteit zich tot de schaalnadelen, in geval van bezuinigingen. Op basis van de jaarrekening is de inschatting circa € 246.000.

3.

Onderhanden werk

32

Programm abegrotin g 20 22 .

Het onderhanden werk betreft de al bestede, maar nog niet afgerekende, uren op lopende projecten en subsidies. Gegeven de ervaringen van afgelopen jaren wordt het financiële risico ingeschat op maximaal € 89.000. De financiële impact is groot; de kans wordt ingeschat op medium (50%). Beheersmaatregelen -

Als onderdeel van het interne controleprogramma voert OZHZ per vier maanden een integrale doorlichting uit van het onderhanden werk. Eventuele afboekingen worden in de bestuursrapportage gedekt uit de post onvoorzien.

-

De factureercyclus is verder aangescherpt, evenals de interne controle op de uitvoering van gesubsidieerde taken.

Benodigde weerstandscapaciteit Door bovengenoemde beheersmaatregelen is een weerstandscapaciteit nodig van circa € 44.000. 4.

Ziekteverzuim

In de begroting wordt uitgegaan van een norm voor ziekteverzuim van 5%. In geval van een hoger ziekteverzuim, is er sprake van productiviteitsverlies. Een risico van 2% is reëel; de financiële impact is dan groot (€ 531.000), gerekend over een periode van een jaar. De kans is medium (50%). Beheersmaatregelen -

Het verzuimbeleid van OZHZ.

-

Monitoren ziekteverzuim gedurende het jaar.

Benodigde weerstandscapaciteit Door bovengenoemde beheersmaatregel is een weerstandscapaciteit benodigd van circa € 265.000. 5.

Herziening omgevingsrecht

Momenteel wordt gewerkt aan een fundamentele herziening van het omgevingsrecht. Gestreefd wordt naar één wet met onderliggende uitvoeringsregelgeving. Deze Omgevingswet zal betrekking hebben op bouwen, ruimtelijke ordening, milieu, water, natuur, infrastructuur en ontgrondingen en raakt daarmee rechtstreeks het werkdomein van OZHZ. Thans lopende separate wetstrajecten als de eerder genoemde Wkb en de VTH-kwaliteitseisen zullen op termijn (deels of geheel) onderdeel worden van de Omgevingswet. Gekozen is voor een Omgevingswet als raamwerk, waarbij uitwerking van diverse vraagstukken en onderwerpen die voor de uitvoeringspraktijk cruciaal zijn, in onderliggende regelgeving plaatsvindt. Op dit moment is nog veel onzekerheid over de impact voor OZHZ en zijn opdrachtgevers. Beheersmaatregelen

33

Programm abegrotin g 20 22 .

-

Het capaciteitsbeleid van OZHZ (zie hoofdstuk 5.1). Voor de wettelijke taken geldt dat budgetten binnen zekere marges mogen fluctueren. Doelstelling is om 85% van de benodigde capaciteit in te vullen met eigen formatie. Voor het restant wordt de zogenaamde “flexibele schil” ingezet.

Benodigde weerstandscapaciteit Gegeven de onzekerheden kan de financiële impact nog niet worden bepaald. 6. Tarieven inhuur De inhuurtarieven staan onder druk vanwege de gespannen arbeidsmarkt. Met name de vergunningverleners bouw, constructeurs, senior vergunningverleners milieu en bodemadviseurs zijn schaars. Het totale inhuurvolume 2022 bedraagt circa € 2,9 mln. In het weerstandsvermogen wordt uitgegaan van een stijging boven de index van 7,5% voor een periode van 2 jaar. De kans wordt ingeschat op hoog (75%). Beheersmaatregelen -

Het capaciteitsbeleid van OZHZ (zie hoofdstuk 5.1). Voor de wettelijke taken geldt dat budgetten binnen zekere marges mogen fluctueren. Doelstelling is om 85% van de benodigde capaciteit in te vullen met eigen formatie. Voor het restant wordt de zogenaamde “flexibele schil” ingezet. Het % benodigde inhuur zal worden herzien bij de nota bedrijfsvoering 2022-2025. Deze wordt in juni bestuurlijk geagendeerd.

-

Inhuur wordt aanbesteed via een marktplaats waar vraag- en aanbod samenkomen. Hiermee is de naleving van de Europese aanbestedingsregels geborgd. Ook wordt een optimale prijs/kwaliteitsverhouding gerealiseerd.

Benodigde weerstandscapaciteit Gegeven de onzekerheden kan de financiële impact nog niet worden bepaald.

2.5

Weerstandscapaciteit versus benodigde weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit van OZHZ bestaat uit de algemene reserve en de post onvoorzien. De omvang van het weerstandsvermogen per ultimo 2020 bedraagt € 1.034.000. Gegeven het risicoprofiel is een weerstandsvermogen van € 1.099.000 benodigd. Het effect van de Omgevingswet is opgenomen als p.m.

2.6

Kentallen

Ook op grond van de netto schuldquote, solvabiliteit en structurele exploitatieruimte kan worden geconcludeerd dat de vermogenspositie van OZHZ op orde is.

34

Programm abegrotin g 20 22 .

Indicatoren financiering

2020

2021

2022

2023

2024

2025

Netto schuldquote

-26,4%

-10,0%

-10,0%

-10,0%

-10,0%

-10,0%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen

-26,4%

-10,0%

-10,0%

-10,0%

-10,0%

-10,0%

Solvabiliteitsratio

22,1%

30,0%

30,0%

30,0%

30,0%

30,0%

Grondexploitatie

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

Belastingcapaciteit

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

0,0%

Structurele exploitatieruimte

0,4%

0,5%

0,5%

0,5%

0,5%

0,5%

Een negatieve netto schuldquote houdt in dat OZHZ, na aftrek van de vorderingen, netto geen schulden heeft. De solvabiliteitsratio is de verhouding tussen eigen vermogen en de totale passiva. De structurele exploitatieruimte is de post onvoorzien, die onderdeel is van het weerstandsvermogen.

3.

Onderhoud kapitaalgoederen

De omvang van de kapitaalgoederen is relatief beperkt, aangezien OZHZ de kapitaalgoederen grotendeels huurt of leaset. Het gaat daarbij om: 

Het huurcontract inzake de locatie Post 120;

De uitbesteding van de ICT-dienstverlening bij het SCD (en derhalve geen eigen investering in een netwerk, rekencentrum en generieke hardware);

Leasecontracten voor het wagenpark.

Onderstaand een overzicht van de materiële vaste activa per categorie. Materiële vaste activa a b c d e

Boekwaarde 2020

Huisvesting ICT en audiovisuele investeringen Meubilair Software Bedrijfsmiddelen

464.732 102.917 226.550 104.136 26.866

Totaal

925.201

Bedragen x € 1.000 Bij de vorming van OZHZ zijn de vaar- en voertuigen en specifieke apparatuur “om niet“ overgenomen van de provincie. De onderhoud- en gebruikskosten van deze activa worden gedekt uit de provinciale bijdrage. Binnen de

35

Programm abegrotin g 20 22 .

materiële budgetten die vanuit de provincie zijn opgenomen bij OZHZ zijn middelen vrijgemaakt om te zijner tijd de kapitaallasten te kunnen opvangen van de noodzakelijke vervangingen van de kapitaalgoederen. Bij de start van OZHZ is met de provincie overeengekomen dat de provincie de eerstkomende vervanging van de Pandion voor zijn rekening neemt. In 2021 en 2022 zal OZHZ extra investeringen plegen ten behoeve van het nieuwe werkconcept. Het betreft het meubilair (€ 50.000), aanpassingen in het gebouw (€ 315.000) en ICT devices (€ 350.000). Dekking vindt plaats door vrijval van huidige kapitaallasten, en lagere facilitaire kosten. Daarnaast zal OZHZ twee vaartuigen vervangen. In zijn totaliteit is sprake van een investering van circa € € 1,9 mln. De extra kapitaallasten worden gedekt door een extra bijdrage uit het jaarprogramma PZH. De exploitatielasten worden gedekt uit het materieel budget PZH. Per saldo heeft de vervanging van de vloot een neutraal effect op de exploitatie OZHZ. De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met de van derden ontvangen investeringsbijdragen en afschrijvingen. De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn bepaald op basis van artikel 10, zesde lid, van de Financiële verordening en bedragen:

4.

20 jaar voor motorvaartuigen;

15 jaar voor technische installaties in bedrijfsgebouwen;

10 jaar voor kantoorinstallaties en kantoormeubilair;

5 jaar voor informatieregister en digitaal archief;

5 jaar voor transportmiddelen en aanhangwagens;

3 jaar voor automatiserings- en onderzoeksapparatuur;

3 jaar voor software3;

5 jaar voor overige materiële vaste activa4.

Financiering

De financieringsparagraaf in de begroting is, in samenhang met de financiële verordening die in artikel 216 van de Provinciewet is voorgeschreven, een belangrijk instrument voor het transparant maken en daarmee voor het sturen, beheersen en controleren van de financieringsfunctie. In het Treasurystatuut zijn het begrippenkader en de doelstellingen van de treasuryfunctie geformuleerd en geconcretiseerd naar de verschillende deelgebieden

3

Software is niet opgenomen als categorie in de financiële verordening. Dit wordt opgenomen bij de eerstvolgende aanpassing.

4

De overige materiële vaste activa is niet opgenomen als categorie in de financiële verordening. Dit wordt opgenomen bij de

eerstvolgende aanpassing.

36

Programm abegrotin g 20 22 .

van treasury, risicobeheer, financiën en kasbeheer. Ook zijn de organisatorische randvoorwaarden weergegeven. Tot slot zijn in het statuut de uitgangspunten vastgelegd voor de informatie die noodzakelijk is om het gehele proces beheersbaar en meetbaar te houden.

4.1

Algemene ontwikkelingen

De treasuryfunctie is gebaseerd op de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido). Een belangrijk element daarbij is het meer zicht krijgen op de ontwikkeling van de financieringspositie, zowel op de korte als lange termijn. Dit betreft dan met name het in beeld brengen van de behoefte aan financieringsmiddelen, gerelateerd aan de investeringsplanning en de inzet van vrijvallende dan wel beschikbaar komende financieringsmiddelen. Decentrale overheden zijn sinds enkele jaren verplicht om overtollige kasgelden aan te houden in de Schatkist van het Rijk.

4.2

Risicobeheer

Algemene uitgangspunten met betrekking tot het risicobeheer zijn: -

Leningen en garanties mogen uitsluitend verstrekt worden conform de Wet Fido en na tussenkomst van het dagelijks bestuur;

-

Het gebruik van derivaten is toegestaan conform de Wet, maar deze worden uitsluitend toegepast ter beperking van financiële risico's.

4.3

Renterisicobeheer

Algemene uitgangspunten met betrekking tot het renterisicobeheer zijn: -

Geen overschrijding van de kasgeldlimiet en renterisico norm conform de Wet Fido;

-

Nieuwe leningen/uitzettingen worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitsplanning;

-

De rente-typische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand en de rentevisie;

-

4.4

Streven naar spreiding in de rente-typische looptijden en uitzettingen.

Kasgeldlimiet

Met de kasgeldlimiet is in de Wet Fido een norm gesteld voor het maximumbedrag waarop de organisatie haar financiële bedrijfsvoering met kortlopende middelen (looptijd < 1 jaar) mag financieren. Deze norm bedraagt 8,2%

37

Programm abegrotin g 20 22 .

van het begrotingstotaal aan lasten voor bestemming, dus met uitzondering van de stortingen in de reserves. Voor 2022 bedraagt deze limiet 8,2% van € 24,9 miljoen = € 2,0 miljoen.

4.5

Renterisico norm

Het renterisico op de lange financiering wordt wettelijk begrensd door de renterisico norm. Als lange financiering wordt volgens de Wet Fido aangemerkt: alle financieringsvormen met een rente-typische looptijd groter dan 1 jaar. Het renterisico wordt gedefinieerd als het minimum van de netto nieuw aangetrokken schuld en de betaalde aflossingen, vermeerderd met het saldo van de contractuele renteherzieningen op de opgenomen en uitgezette geldleningen. Het renterisico op de lange termijn wordt beperkt tot de in de wet genoemde 20% van de restant hoofdsom van de rente-typische langlopende leningen. Achterliggende reden voor het gebruik van de renterisico norm is de spreiding van het renterisico over de jaren. OZHZ heeft geen financieringsvormen met een rentetypische looptijd van langer dan een jaar en verwacht deze ook niet aan te gaan in 2022. De renterisico norm bedraagt voor 2022: € 5,0 miljoen.

4.6

Relatiebeheer

Het betalingsverkeer is in hoofdzaak geconcentreerd bij de NV Bank voor Nederlandse Gemeenten. In 2013 heeft OZHZ een (verplichte) overeenkomst afgesloten met het Ministerie van Financiën inzake het schatkistbankieren.

4.7

Leningenportefeuille

Voor het begrotingsjaar heeft OZHZ geen langlopende leningen in de portefeuille. De liquiditeitspositie is momenteel ruim voldoende.

38

Programm abegrotin g 20 22 .

5.

Bedrijfsvoering

De Nota Bedrijfsvoering van OZHZ geeft de kaders weer voor de bedrijfsvoering. Verdere uitwerking vindt plaats in de paragrafen bedrijfsvoering, financiering, weerstandsvermogen en onderhoud kapitaalgoederen van deze begroting. De Nota Bedrijfsvoering zal in 2021 worden geactualiseerd en voorgelegd aan het AB.

5.1

Personeel & Organisatie

Het nieuwe werkconcept Als gevolg van COVID-19 werken de medewerkers van OZHZ al vanaf maart 2020 grotendeels thuis. De COVIDcrisis heeft het inzicht gebracht dat een gezonde verhouding tussen thuis- en op kantoor werken tot voordelen leidt voor organisatie en medewerkers. Ten eerste het gemakkelijker kunnen combineren van werk en privé voor de medewerker. Ten tweede het inrichten van het kantoorpand en de mogelijkheid om de ruimte in de toekomst effectiever te benutten. Dat maakt dat OZHZ is begonnen met de doorontwikkeling van het werkconcept. Daarbij is sprake van een integrale benadering met aandacht voor huisvesting, ICT, personeelsbeleid en communicatie. We willen de medewerkers duurzaam in staat te stellen het beste van zichzelf te laten zien, hun werk goed te kunnen doen, te inspireren en de kernwaarden van OZHZ in de praktijk toe te kunnen passen. Daar hoort een werkconcept bij welke dat maximaal ondersteunt en tegelijkertijd kosteneffectief is. Met het nieuwe nog verder uit te werken werkconcept wordt het activiteit gerelateerd werken nog verder toegepast. Het kantoor wordt een plek om samen te werken en te ontmoeten. Hiervoor neemt het aantal standaardwerkplekken af en worden ruimtes ingericht als multifunctionele ruimtes die het samenwerken en ontmoeten bevorderen.

Daarnaast wordt hybride werken de norm: gedeeltelijk werken op kantoor en gedeeltelijk werken op afstand (thuis en/of bij opdrachtgevers). Dit sluit ook goed aan bij de resultaten van het Medewerker tevredenheidsonderzoek (oktober 2020). Hieruit bleek dat het overgrote deel van de medewerkers na de COVID19 crisis ongeveer 50% van de tijd thuis wil werken. Dit betekent dat ook geïnvesteerd wordt in goed geoutilleerde thuiswerkplekken (laptops, mobiele telefoons, en goed meubilair). HR-agenda OZHZ heeft voor 2021 e.v. een HR-agenda opgesteld om te zorgen voor een kwalitatief en kwantitatief goed en gezond personeelsbestand. Het "nieuwe werkconcept", waarin een nieuwe (hybride) werkvorm tot stand komt, vormt hierin een belangrijke pijler. De personeelsinstrumenten worden aangepast op basis van dit nieuwe model. Ook de ontwikkeling van personeel vormt de rode draad van de HR-agenda. In de huidige arbeidsmarkt is het een uitdaging om de juiste man/vrouw op de juiste plek te krijgen. Een van de instrumenten om dit te bewerkstelligen is het traineeship; in september 2021 zullen opnieuw drie trainees starten bij OZHZ voor een

39

Programm abegrotin g 20 22 .

traject van 1,5 jaar, met als oogmerk om daarna in te stromen in een vaste functie. Waar mogelijk worden medewerkers met achterstand op de arbeidsmarkt ingezet (participatiebanen). Ook biedt OZHZ regelmatig stageplekken aan. In de HR-agenda is ook de afronding en evaluatie van de strategische personeelsplanning (SPP) een belangrijk onderwerp. De SPP is erop gericht om ons voor te bereiden op in- en externe factoren die op ons afkomen. OZHZ heeft het personeelsbestand daarop voorbereid. Dat is gedaan door 7 speerpunten uit te werken in projectgroepen en te implementeren in de organisatie. Inmiddels zijn 5 speerpunten geïmplementeerd. Externe factoren die van invloed zijn op het HR-beleid zijn ondervangen in de agenda. Denk hierbij aan de Omgevingswet (wat verandert er voor de werknemer?) en cao-/regionale afspraken. Tot slot blijft het verder terugdringen van ziekteverzuim een belangrijk aandachtspunt. OZHZ zet daarom in op verzuimpreventie en stimuleert volop het gezond en veilig (thuis)werken. Tot slot wil OZHZ een inclusieve organisatie zijn; een organisatie waarin iedereen zich thuis voelt. Dit heeft ook expliciet de aandacht in het medewerker tevredenheidsonderzoek. Ziekteverzuim Het ziekteverzuim bij OZHZ is afgelopen jaren flink gedaald. OZHZ streeft naar een ziekteverzuim van minder dan 5%.

De afgelopen jaren zijn structurele verbeteringen in gang gezet om het ziekteverzuim te beperken. In het begin heeft de focus gelegen op het korte termijn beïnvloedbare deel van het ziekteverzuim; bijvoorbeeld door een vaste ziekmeldingsprocedure en het bespreekbaar maken van verzuimgedrag. Het verzuimgedrag is vast onderwerp bij de personeelsgesprekken. Centraal in de aanpak staat het in contact blijven met de langdurig zieke medewerker, met inachtneming van de regels die zijn vastgelegd in de Wet verbetering poortwachter. Daarnaast houden managers rekening met het feit dat het te doorlopen traject als werkgever bij ziekte van de medewerker twee jaar kan duren. Hierbij wordt ingezet op het juist volgen van procedures zodat de zorg voor de medewerker eventueel wordt overgenomen door het UWV middels het toekennen van een WIA-uitkering. Capaciteitsbeleid De omzet van OZHZ is per taakveld in verschillende mate variabel. Daarom streeft OZHZ flexibilisering na ten aanzien van de eigen interne capaciteit. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in de verschillende taakvelden; onderdelen met een meer variabele omzet (bijvoorbeeld bouw en expertise en advies) hebben een hogere flexibele schil, dan de onderdelen die de wettelijke milieutaken uitvoeren.

40

Programm abegrotin g 20 22 .

Doelstelling is een gemiddelde flexibele capaciteit (flexibele formatieve en flexibele incidentele capaciteit) van 15% van de totale eigen formatie. In de nieuwe Nota Bedrijfsvoering zal OZHZ de uitgangspunten van het capaciteitsbeleid heroverwegen. Besluitvorming hierover vindt in 2021 plaats.

Kwaliteitszorg OZHZ heeft een ISO-gecertificeerd kwaliteitsmanagementsysteem (ISO 9001:2015). Het voldoen aan kwaliteitseisen is hierin op eerdere manieren geborgd, denk aan borging van processen en mandaten in systemen als Squit XO en Join, standaardisatie van werkwijzen en documenten en selectie van personeel op basis van de VTH-kwaliteitscriteria. Evaluatie en toets van het kwaliteitsmanagementsysteem (KMS) vindt plaats in interne en externe audits, evaluaties en de jaarlijkse managementreview. In 2021 vinden twee externe audits plaats door de certificerende instelling (Lloyd's). Ook nemen we deel aan een zogenaamde collegiale audit; dit is een vorm van visitatie waarbij omgevingsdiensten bij elkaar in de keuken kijken. De units bewaken de uitvoering van verbeterpunten en optimalisaties. In 2020 is een traject ingezet tot doorontwikkeling van het KMS naar een vorm die beter aansluit bij de ontwikkeling van de dienst als geheel. OZHZ is in de afgelopen jaren gegroeid naar een organisatie met zelfregulerende teams en medewerkers; het KMS gaat hierbij aansluiten, waarmee ook het eigenaarschap wordt verbeterd. Daarnaast zetten we in op vergroting van de risicogerichtheid en borging van risicovolle processen in systemen. Inkoop en aanbestedingsbeleid OZHZ werkt volgens het inkoop- en aanbestedingsbeleid Drechtsteden.

Naast het voldoen aan de Europese regelgeving is het bijdragen aan duurzaamheidsambities een belangrijk onderdeel van het beleid.

5.2

ICT

Informatiegestuurd werken

41

Programm abegrotin g 20 22 .

Het programma Informatiegestuurd Werken in de huidige vorm loopt eind 2021 af. Dat betekent dat informatiegestuurd werken vanaf 2022 een blijvende focus moet krijgen in zowel projecten als in de lijn, op basis van een optimaal toegankelijke gegevenshuishouding en operationele datatoepassingen, maar ook kennis, gedrag en capaciteit. Aanbestedingstrajecten 2022 staat in het teken van een aantal grote aanbestedingstrajecten. In ieder geval voor het DMS/Zaaksysteem en de applicatie voor vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) zal OZHZ met een programma van eisen de markt op gaan. De VTH-applicatie zal tezamen met de Drechtsteden worden aanbesteed. Dienstverlening SCD De Drechtsteden hebben in 2020 een traject ingezet met als doel dat Dordrecht per 1 januari 2022 de dienstverlening van het SCD gaat overnemen. Het traject loopt parallel met de gesprekken tussen OZHZ en GRD/SCD (hierna: SCD) over continuering van de ICT- en overige dienstverlening vanaf 1 april 2022. Op 25 maart 2021 heeft het AB zich erover uitgesproken dat deze gesprekken kunnen doorgaan. De door het AB meegegeven aandachtspunten worden in de loop van 2021 samen met het SCD en Dordrecht uitgewerkt. De huidige contracten van OZHZ met het SCD gaan over de dienstverlening op het gebied van ICT en 'overige diensten' (o.a. inkoop, salarisadministratie, juridische ondersteuning, enz.).

Deze contracten lopen tot 1 april 2022. OZHZ is geen frictiekostenvergoeding verschuldigd indien het contract niet wordt gecontinueerd. Het SCD heeft schriftelijk bevestigd dat de ICT-dienstverlening ook na 1 april 2022 en zonder extra kosten (anders dan de gebruikelijke indexering) doorloopt tot 1 juni 2023, mocht het niet tot een nieuw contract komen. OZHZ heeft die extra tijd dan nodig om alsnog Europees aan te besteden. Voor beide trajecten geldt dat het SCD in juni 2021 offerte heeft uitgebracht. Alle rechten en plichten uit de gesloten contracten en nader gemaakte afspraken met het SCD gaan per 1 januari 2022 'as is' over naar de gemeente Dordrecht. Het zal van de uitgebrachte offerte en de voorgestelde contractvoorwaarden afhangen of OZHZ en SCD/Dordrecht daadwerkelijk tot contractsluiting kunnen komen, mede indachtig het Programma van Eisen van OZHZ voor de ICT-diensten en de eerder door het AB gestelde voorwaarden inzake een marktconforme prijskwaliteitverhouding. Het AB van 5 maart 2020 voegde daar nog aan toe dat sprake moet zijn van een zakelijke opdrachtgever-opdrachtnemerrelatie. De uiteindelijk door Dordrecht te leveren diensten moeten in elk geval aansluiten bij de wensen en ambities van OZHZ, waar nodig door het leveren van maatwerk. In het contract moet dat helder worden opgenomen.

Een ander aspect van zakelijkheid is dat OZHZ alleen meebetaalt aan de kosten van doorontwikkeling van de dienstverlening als duidelijk is dat die ook betrekking heeft op de dienstverlening aan OZHZ.

42

Programm abegrotin g 20 22 .

In de relatie tussen OZHZ en Dordrecht zal bovendien aandachtspunt moeten zijn dat Dordrecht tegelijkertijd een van de twee grootste opdrachtgevers van OZHZ is. OZHZ beschouwt zichzelf als verlengstuk ('verlengde ambtelijke organisatie') van Dordrecht voor VTH-taken en handelt daar ook naar. Tegelijkertijd zal OZHZ in de toekomstige klant-leverancier-relatie zakelijk (moeten) opereren op basis van offertes, vergelijking (op prijs en kwaliteit) met marktpartijen en naleving van de performance-afspraken die dan in het contract met Dordrecht zijn opgenomen. Partijen moeten deze twee fundamenteel andere relaties helder onderscheiden en mogen deze niet met elkaar vermengen. OZHZ en Dordrecht werken dit samen verder uit. Informatiebeveiliging en privacy Vanuit informatiebeveiliging en privacy is ook het sluiten van een verwerkersovereenkomst nog steeds een aandachtspunt. Tussen gemeenten, klantorganisaties en SCD is zo'n overeenkomst nog steeds niet gesloten, ondanks oproep daartoe van de Functionaris Gegevensbescherming. Met het oog op de nieuw te sluiten dienstverleningsovereenkomsten met de gemeente Dordrecht is daar aandacht voor gevraagd. OZHZ vindt, naast de samenwerking met en binnen de Drechtsteden, ook de samenwerking met andere partijen belangrijk.

In dit traject kijkt OZHZ dan ook nadrukkelijk op welke onderwerpen verdere samenwerking mogelijk is met de andere omgevingsdiensten in Zuid-Holland en met de gemeenschappelijke regelingen in Zuid-Holland Zuid. Ook zal OZHZ het alsnog zelf uitvoeren van nog meer bedrijfsvoeringstaken onderzoeken. Archieffunctie Reeds enige jaren maakt de Regionaal Archivaris kritische opmerkingen over de achterstanden die zijn ontstaan in selectie en vernietiging van dossiers. Het betreft in totaal 538 meter archief over de periode 1995-2016, waar naar schatting 1000 dagen voor nodig zijn om dit archief te schonen. Het is duidelijk dat deze inhaalslag niet zonder meer gemaakt kan worden zonder dat de reguliere archiefwerkzaamheden ernstig in het gedrang komen. Onderzocht wordt of door middel van externe inhuur en door fasering van de werkzaamheden, de inhaalslag binnen 2 jaar gemaakt kan worden. De totale kosten voor dit project bedragen (afgerond) € 600.000.

5.3

Communicatie

(Omgevings)Communicatie & voorlichting OZHZ zet communicatie steeds vaker in als strategisch middel. Bijvoorbeeld om ondernemers te bewegen om op tijd in actie te komen bij wetswijzigingen of om onveilige situaties te voorkomen. Of denk aan uitleg aan inwoners over de impact van een nieuwe vergunning of adviezen over veilig asbest verwijderen. Hiervoor verbetert OZHZ continu zijn corporate middelen. Denk aan de website, LinkedIn en social media kanalen voor arbeidsmarktcommunicatie. Voor projecten ontwikkelt OZHZ speciale communicatiemiddelen. Bijvoorbeeld campagnes voor regiobrede onderwerpen als houtstook, webinars om kennis te delen over waterstof of stappenplannen voor ondernemers.

43

Programm abegrotin g 20 22 .

Steeds meer aandacht is er ook voor de begrijpelijkheid van teksten en de toegankelijkheid. Binnen OZHZ zijn er schrijftrainingen en schrijfcoaches, die iedere medewerker helpen bij zijn of haar communicatie met inwoners en ondernemers. De focus ligt op tekst, maar het gedachtegoed is breder. Uiteindelijk communiceert immers de hele organisatie, OZHZ helpt medewerkers dit zo goed mogelijk te doen. Interne communicatie OZHZ zet sinds 2020 extra veel in op interne communicatie. Door het vele thuiswerken, neemt de behoefte aan bedrijfsbrede initiatieven toe. Met bijvoorbeeld personeelsbijeenkomsten, interactieve sessies, interne acties en het stimuleren van intranetgebruik, blijven medewerkers toch in contact en voelen ze zich nog steeds verbonden met de organisatie. Ook helpt bij het bij omgaan met de nadelen van thuiswerken. Met interne communicatie versterkt OZHZ de verbinding tussen medewerkers en de omgeving. Interne communicatie en externe communicatie is altijd verbonden met elkaar.

5.4

Huisvesting

In het kader van het nieuwe werkconcept zullen aanpassingen gedaan moeten worden aan de inrichting van het kantoor aan de Johan de Witstraat te Dordrecht. Hiermee is een investering van ca € 350.000 gemoeid. Daarbij zal ook in ogenschouw worden genomen hoeveel kantooroppervlakte OZHZ in de toekomst nodig zal hebben. Immers, als de medewerkers meer thuis of bij deelnemers werken, is mogelijk minder kantoorruimte nodig. Anderzijds zijn er bepaalde functionaliteiten die OZHZ in het huidige kantoor ontbeert, zoals een grote representatieve vergaderruimte. In de loop van 2021, als het kantoor (na corona) weer in gebruik genomen is, zal een meerjaren-doorkijk opgesteld worden van de werkelijk benodigde vierkante meters, en daarbij zal tevens de looptijd van het huidige huurcontract in ogenschouw worden genomen. Uit het Medewerkerstevredenheidsonderzoek kwam één belangrijk minpunt naar voren, en dat is het binnenklimaat op kantoor. In 2021 zal een extern onderzoek uitgevoerd worden naar de kwaliteit van het binnenklimaat en zullen mogelijk op dit aspect aanpassingen in de klimaatinstallatie gedaan moeten worden.

5.5

Rechtmatigheidsverantwoording

De kans bestaat dat decentrale overheidsorganen met ingang van 2021 een rechtmatigheidsverklaring moeten afgeven bij de jaarrekening. Behandeling van het wetsvoorstel in de Tweede Kamer is gepland voor december. Meest reële verwachting op dit moment is dat de invoering van de wet in 2021 zal plaatsvinden, met mogelijk als eerste verantwoordingsjaar 2021.

44

Programm abegrotin g 20 22 .

De invoering van de rechtmatigheidsverantwoording heeft gevolgen voor de (interne) beheersing van de organisatie en ook de rol van de accountant verandert hierdoor. Het dagelijks bestuur is verantwoordelijk voor de inrichting en uitvoering van processen, controleert de rechtmatigheid en rapporteert hierover. De accountant toetst deze werkzaamheden en verklaart dat de rechtmatigheidsverklaring van het dagelijks bestuur al dan niet een getrouw beeld geeft. De accountant ziet de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording als een kans om de controlerende rol van het algemeen bestuur te versterken en te investeren in een verdere ontwikkeling van de bedrijfsvoering. OZHZ zal in juli 2021 een voorstel indienen aan het algemeen bestuur inzake de rollen en verantwoordelijkheden van bestuur, organisatie en accountant, het normenkader en de tolerantiegrenzen. Het voorstel zal worden opgesteld in nauwe afstemming tussen Auditcommissie en accountant. Ondertussen zal OZHZ de benodigde organisatorische aanpassingen voor de zomer van 2021 doorvoeren. Prioriteit daarbij heeft het aanstellen van een functionaris voor de verbijzonderde interne controle.

45

Programm abegrotin g 20 22 .

V

BIJLAGEN

Bijlage 1

Omzet 2021 en 2022

Inwonerbijdrage

Opdrachtgever Alblasserdam Dordrecht Gorinchem Hardinxveld-Giessendam Hendrik-Ido-Ambacht Hoeksche Waard Molenlanden Papendrecht Sliedrecht Zwijndrecht Provincie Zuid-Holland Totaal

€ € € € € € € € € € € €

2021 68.513 405.069 125.227 61.624 105.714 295.832 149.725 110.234 85.435 152.392 622.687 2.182.452

€ € € € € € € € € € € €

2022 69.445 410.578 126.930 62.462 107.152 299.855 151.761 111.733 86.597 154.465 631.156 2.212.133

Jaarprogramma

Opdrachtgever Alblasserdam Dordrecht Gorinchem Hardinxveld-Giessendam Hendrik-Ido-Ambacht Hoeksche Waard Molenlanden Papendrecht Sliedrecht

€ € € € € € € € €

2021 1.535.339 7.616.400 511.552 388.980 401.296 1.268.923 1.408.217 451.322 470.197

€ € € € € € € € €

2022 1.556.220 6.716.585 518.509 382.034 388.196 1.286.180 1.427.369 457.460 476.592

46

Programm abegrotin g 20 22 .

Zwijndrecht Provincie Zuid-Holland Totaal

€ € €

739.367 7.008.838 21.800.431

€ € €

749.422 6.385.768 20.344.335

47

Programm abegrotin g 20 22 .

Bijlage 2

Informatie voor verbonden partijen

In de lijst van verbonden partijen wordt ten minste de volgende informatie opgenomen: a) de naam en de

Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid, gevestigd te

vestigingsplaats;

Dordrecht

b) het openbaar

De regeling is getroffen ter ondersteuning van de deelnemers en de

belang dat op

regiogemeenten bij de uitvoering van hun taken op het gebied van het

deze wijze

omgevingsrecht in het algemeen en de Wet algemene bepalingen

behartigd wordt;

omgevingsrecht in het bijzonder, alsmede de taken op het terrein van vergunningverlening, handhaving en toezicht op grond van de in artikel 5.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht genoemde wetten.

c) het belang dat de provincie onderscheidenlijk de gemeente in de verbonden partij heeft in 2020;

De omzet betreft de realisatie 2020. Alblasserdam

€ 1.639.700

Dordrecht

€ 8.248.024

Gorinchem

€ 652.060

Hardinxveld-Giessendam

€ 438.526

Hendrik-Ido-Ambacht

€ 613.616

Hoeksche Waard

€ 1.611.166

Molenlanden

€ 1.668.823

Papendrecht

€ 704.354

Sliedrecht

€ 590.732

Zwijndrecht

€ 1.115.979

Provincie

€ 9.915.715

TOTAAL

€ 27.198.696

d) de verwachte

Eigen vermogen verbonden partij aan het begin en einde van het begrotingsjaar:

omvang van het

31-12-2019

€ 3.485.445

eigen vermogen

31-12-2020

€ 3.509.357

en het vreemd vermogen van de

Vreemd vermogen verbonden partij aan het begin en einde van het

verbonden partij

begrotingsjaar:

aan het begin en

31/12/2019

€ 2.153.730

aan het einde van

31/12/2020

€ 12.363.119

het begrotingsjaar;

48

Programm abegrotin g 20 22 .

e) de verwachte

Het resultaat voor het jaar 2020 bedraagt € 618.375

omvang van het financiële resultaat van OZHZ in het begrotingsjaar.

49

Programm abegrotin g 20 22 .

Bijlage 3

Balans meerjarig

50

Programm abegrotin g 20 22 .

Balans per 31 december (bedragen in €)

ACTIVA

2020

2021

2022

2023

2024

2025

VASTE ACTIVA Immateriële vaste activa

-

-

-

-

-

-

Kosten verbonden aan het sluiten van geldlening en het saldo van agio en disagio

-

-

-

-

-

-

een bepaald actief

-

-

-

-

-

-

Bijdragen aan activa in eigendom van derden

-

-

-

-

-

Kosten van onderzoek en ontwikkeling voor

Materiële vaste activa

925.201

1.604.335

3.072.911

2.837.222

2.521.620

2.252.927

Investeringen: met een economisch nut

925.201

1.604.335

3.072.911

2.837.222

2.521.620

2.252.927

met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven

-

-

-

-

-

-

in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

In erfpacht gegeven gronden Financiële vaste activa

-

-

-

-

-

-

Kapitaalverstrekking aan: deelnemingen

-

-

-

-

-

-

gemeenschappelijke regelingen

-

-

-

-

-

-

overige verbonden partijen

-

-

-

-

-

-

woningbouwcorporaties

-

-

-

-

-

-

deelnemingen

-

-

-

-

-

-

overige verbonden partijen

-

-

-

-

-

-

openbare lichamen (art. 1a Wet Fido)

-

-

-

-

-

-

overige langlopende leningen

-

-

-

-

-

-

Leningen aan:

Uitzettingen: in ’s Rijks schatkist met een looptijd ≥ 1 jaar

-

-

-

-

-

-

met een looptijd ≥ 1 jaar

-

-

-

-

-

-

overige met een looptijd ≥ 1 jaar

-

-

-

-

-

-

in de vorm van Nederlands schuldpapier

TOTAAL VASTE ACTIVA

925.201

1.604.335

3.072.911

2.837.222

2.521.620

2.252.927

355.881

505.881

505.881

505.881

505.881

505.881

VLOTTENDE ACTIVA Voorraden Grond- en hulpstoffen

-

-

-

-

-

355.881

505.881

505.881

505.881

505.881

505.881

Gereed product en handelsgoederen

-

-

-

-

-

-

Vooruitbetalingen

-

-

-

-

-

-

Onderhanden werk, inclusief bouwgronden in exploitatie

Uitzettingen

13.649.822

12.928.277

13.028.841

13.224.224

13.536.684

13.660.786

Deze hebben een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen

9.012.218

1.093.125

1.031.708

1.037.101

1.037.101

1.034.262

Verstrekte kasgeldleningen aan openbare lichamen (Art. 1a Wet Fido)

-

-

-

-

-

Overige verstrekte kasgeldleningen

-

-

-

-

-

Rekening courant verhouding met het Rijk

4.631.521

11.829.069

11.991.050

12.181.040

-

12.493.500

12.620.441

Rekening courant verhouding overige niet-financiële instellingen Overige vorderingen

-

-

-

-

-

-

6.083

6.083

6.083

6.083

6.083

6.083

Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een looptijd korter dan één 1 jaar

-

-

-

-

-

-

looptijd korter dan één 1 jaar

-

-

-

-

-

-

Overige uitzettingen met een looptijd korter dan één 1 jaar

-

-

-

-

-

Uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier

Liquide middelen Kas Bank, inclusief kruisposten

204.605

200.262

200.262

200.262

200.262

200.262

262

262

262

262

262

262

204.343

200.000

200.000

200.000

200.000

200.000

Overlopende activa

736.967

736.967

736.967

736.967

736.967

736.967

Nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel van: Europese overheidslichamen

-

-

-

-

-

het Rijk

-

-

-

-

-

-

452.766

452.766

452.766

452.766

452.766

452.766

overige Nederlandse overheidslichamen

-

Overige nog te ontvangen c.q. vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotings jaren komen

284.201

284.201

284.201

284.201

284.201

284.201

TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA

14.947.275

14.371.387

14.471.951

14.667.334

14.979.794

15.103.896

TOTAAL ACTIVA

15.872.476

15.975.722

17.544.863

17.504.557

17.501.415

17.356.824

51

Programm abegrotin g 20 22 .

Balans per 31 december (bedragen in €) PASSIVA

2020

2021

2022

2023

2024

2025

VASTE PASSIVA Eigen vermogen Algemene reserve

3.509.357

4.307.016

4.708.485

4.729.934

4.830.855

4.830.855

915.844

797.005

793.474

814.923

915.844

915.844

Bestemmingsreserves

1.975.138

3.510.011

3.915.011

3.915.011

3.915.011

3.915.011

Saldo van de rekening

618.375

-0

0

0

0

Voorzieningen Voorzieningen

-

Vaste schulden

-

-

-

-

-

1.891.073

0 -

1.784.014

-

1.676.955

1.569.896

Deze hebben een rentetypische looptijd langer dan één jaar Obligatieleningen

-

-

-

-

-

-

Onderhandse leningen van: binnenlandse pensioenfondsen en verzekeraars

-

-

overige financiële instellingen

-

-

-

-

-

-

binnenlandse bedrijven

-

-

-

-

-

-

openbare lichamen (Art. 1a Wet Fido)

-

-

-

-

-

-

overige binnenlandse sectoren

-

-

-

-

-

-

buitenlandse instellingen

-

-

-

-

-

-

Door derden belegde gelden

-

-

-

-

-

-

Waarborgsommen

-

-

-

-

-

-

Overige leningen en vooruitontvangen bedragen

-

-

-

-

-

binnenlandse banken en

TOTAAL VASTE PASSIVA

1.891.073

1.784.014

1.676.955

1.569.896

-

3.509.357

4.307.016

6.599.558

6.513.948

6.507.810

6.400.751

4.301.851

2.756.852

2.541.028

2.541.762

2.544.758

2.530.689

VLOTTENDE PASSIVA Vlottende schulden Deze hebben een rentetypische looptijd korter dan één jaar Kasgeldleningen aangegaan bij: openbare lichamen (Art. 1a Wet Fido)

-

-

-

-

-

overige partijen

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Banksaldi Overig

4.301.851

Overlopende passiva

2.756.852 8.061.268

2.541.028 8.911.854

2.541.762 8.404.276

-

2.544.758 8.448.846

2.530.689 8.448.846

8.425.384

Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume

1.444.856

1.444.856

1.444.856

1.444.856

1.444.856

1.444.856

Ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren van: Europese overheidslichamen het Rijk overige Nederlandse overheidslichamen

-

-

-

-

-

6.616.412

-

-

7.466.998

-

-

6.959.420

-

-

7.003.990

-

7.003.990

6.980.528

Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen

-

-

-

-

-

-

TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA

12.363.119

11.668.706

10.945.305

10.990.608

10.993.604

10.956.072

TOTAAL PASSIVA

15.872.476

15.975.722

17.544.863

17.504.557

17.501.415

17.356.824

52

Programm abegrotin g 20 22 .

Agendapunt: 6

Bestuursnotitie Datum 28 juni 2021 Onderwerp Zienswijzen begroting 2022

De ontwerpbegroting 2022 van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) is voor 15 april 2021, overeenkomstig de Wet gemeenschappelijke regelingen, aangeboden aan de vertegenwoordigende organen van de deelnemers voor het geven van een zienswijze. De deelnemers zijn tevens in de gelegenheid gesteld om een reactie te geven op het resultaat uit de jaarstukken 2020 en deze te betrekken bij de zienswijze op de ontwerpbegroting 2022. Verzocht is de zienswijzen voor 10 juni 2021 aan OZHZ toe te zenden. Deze bestuursnotitie geeft het algemene beeld van de zienswijzen en de reactie van OZHZ. Overzicht zienswijzen Onderstaand een overzicht van aangeleverde zienswijzen: Zienswijze Provincie Zuid-Holland

X

Molenlanden

X

Gorinchem

X

Hardinxveld-Giessendam

X

Hoeksche Waard

X

Dordrecht

X

Alblasserdam

X

H-I-Ambacht

X

Papendrecht

X

Sliedrecht

X

Zwijndrecht

X

De ingebrachte zienswijzen spitsen zich toe op de volgende onderwerpen: (1)

Geen zienswijze

(2)

Bestemming rekeningresultaat 2020

(3)

Onzekerheden in de begroting

(4)

Overig

(1)

Geen zienswijzen

Strekking zienswijzen De gemeenten Alblasserdam, Dordrecht, Hardinxveld-Giessendam en Hoeksche Waard hebben ambtelijk aangegeven dat de raad waarschijnlijk geen aanleiding ziet voor het indienen van een zienswijze. De Provincie Zuid-Holland geeft expliciet aan in te stemmen met de ontwerpbegroting 2022 van OZHZ en de meerjarenraming 2023-2025 voor kennisgeving aan te nemen. (2)

Bestemming rekeningresultaat 2020

Strekking zienswijzen De gemeenten Sliedrecht en Gorinchem complimenteren OZHZ voor de wijze waarop met de Covid crisis is omgegaan, zowel operationeel als het financieel opvangen in de begroting. PZH is verheugd dat in het voorstel middelen worden vrijgemaakt voor opschoning van het archiefplan. Alle gemeenten kunnen zich vinden in het versterken van het weerstandsvermogen, omdat dit voortvloeit uit regionale afspraken. De gemeenten Sliedrecht, Zwijndrecht en Papendrecht zijn van mening dat de invoering van het nieuwe werkconcept en de achterstand in archivering moeten worden opgevangen vanuit de reguliere exploitatie. De gemeente Hendrik-Ido-Ambacht is van mening dat dit enkel geldt voor de reserve voor het nieuwe werkconcept. De gemeente Gorinchem steunt het voorstel tot resultaatbestemming, maar vraagt om meer inhoudelijke onderbouwing. De gemeente Molenlanden onderschrijft dit standpunt en is van mening dat het voorstel opnieuw moet worden ingediend bij eerstvolgende begrotingswijziging. De gemeente Sliedrecht is daarbij van mening dat het rekeningresultaat principieel moet worden uitgekeerd aan de eigenaren. Door het vormen van reserves bij GR-en kan over deze gelden worden beschikt zonder toestemming van de gemeenteraden.

Reactie OZHZ Naast de ontwikkelingen op inhoudelijk gebied (zie onderdeel 3) staat OZHZ voor 2 belangrijke uitdagingen voor de interne bedrijfsvoering; het opschonen van het archief om te voldoen aan de Archiefwet en de invoering van het nieuwe werk concept. Gegeven de forse impact kan OZHZ deze uitdagingen niet opvangen binnen de reguliere bedrijfsvoering. Het opschonen van het archief is een belangrijk aandachtspunt van de archief inspecteur dat al enige jaren terugkomt. Hiervoor is een archiefbeheerplan opgesteld. Door de opdracht uit te besteden kan deze direct worden opgepakt. De kosten bedragen circa € 300.000. Zoals aangegeven in de begroting heeft de COVID-crisis tot nieuwe inzichten geleid inzake de verhouding tussen thuis- en op kantoor werken. Dit biedt voordelen voor zowel werkgever- als werknemer. Daarmee kan ook invulling worden gegeven aan de opgave waar OZHZ voor de crisis voor stond; een tekort aan ruimte in het kantoorpand door uitbreiding van de organisatie. Begin 2020 zijn de besprekingen inzake de huur van extra kantoorruimte stopgezet vanwege de crisis. Met het nieuwe werk concept slaat OZHZ dus 2 vliegen in 1 klap. De structurele kosten worden gedekt door de financiële voordelen van het nieuwe werk concept te benutten.

Incidenteel zijn wel extra middelen nodig voor de projectorganisatie, aanpassing van de kantoorinrichting en daarbij behorende ontwerpkosten. Interessant is verder dat vanaf 2025 structurele ruimte in de begroting vrijvalt omdat dan het huidige inbouwpakket van het pand Post120 is afgeschreven. Aan beide ramingen liggen uitgewerkte plannen ten grondslag. Naar mening van OZHZ zijn beide projecten afdoende toegelicht in de begroting. Mochten de kosten uiteindelijk lager uitvallen, dan zal OZHZ de reserve laten

2

vrijvallen ten gunste van de deelnemers; Net zoals is gebeurd bij de extra uitkering van € 600.000 die de deelnemers ontvangen vanwege vrijval van de reserve frictiekosten.

(3)

Onzekerheden in de begroting

Strekking zienswijzen De gemeenten Gorinchem, Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht merken op dat de financiële effecten van actuele ontwikkelingen nog niet zijn verwerkt. Het gaat daarbij om: 

De Omgevingswet.

De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb).

De overgang van bodemtaken van provincie naar gemeente.

Uitvoering van de Wet basisregistratie ondergrond.

De energieagenda.

Het vervolg op de onderzoeken naar het VTH-stelsel

De gemeenten merken op dat het Rijk nog geen duidelijkheid heeft gegeven over de budgetten die naar de gemeenten zullen gaan. Daarbij is er zorg over het financiële effect omtrent de decentralisatie van de bodemtaken naar de gemeente. Reactie OZHZ OZHZ monitort de ontwikkelingen en rapporteert hierover richting de opdrachtgever. De financiële effecten zijn op dit moment nog niet concreet genoeg om in de begroting te verwerken. OZHZ maakt eventuele bestuurlijke keuzes inzichtelijk voor de deelnemers en denkt actief mee hoe de ontwikkelingen zijn in te passen in het jaarprogramma en welke alternatieve financieringsbronnen mogelijk zijn. Voor het in beeld brengen van de financiële consequenties van de Omgevingswet zijn diverse rapporten, handreikingen en modellen beschikbaar. De financiële consequenties van de wet hangen in grote mate af van keuzes die bevoegde gezagen maken. Het regionaal harmoniseren van uitgangspunten en werkwijzen levert efficiencyvoordelen op. OZHZ maakt deze keuzes inzichtelijk en denkt actief mee over hoe deze in te passen in de jaarprogramma's en welke alternatieve financieringsbronnen mogelijk zijn. Dit kan bijvoorbeeld het heffen van leges zijn, of de inzet van bestaande middelen in gemeentebegrotingen voor de integrale advisering die voortvloeit uit de Omgevingswet. OZHZ heeft inmiddels zijn werkprocessen aangepast aan de Wkb en de Omgevingswet.

De inrichting van het zaaksysteem vindt op dit moment plaats. Samen met betrokken gemeenten en gemeenschappelijke regelingen is onder de vlag van het regiobrede project Omgevingswet regionaal uniform beleid ontwikkeld voor bouwtoezicht en -handhaving onder de Wkb en de Omgevingswet. De regionale stuurgroep Omgevingswet biedt dat aan de gemeenten aan. In de aanloop naar de inwerkingtreding voert OZHZ een proefproject uit in Dordrecht. Naar verwachting volgen er nog meer proefprojecten. De ervaringen zijn en worden breed gedeeld. De bodemsaneringstaak is onderdeel van het basistakenpakket van omgevingsdiensten. OZHZ gaat deze taak daarom uitvoeren voor alle gemeenten. Daarover zijn in 2021 afspraken gemaakt. Tot en met het eerste kwartaal van 2021 heeft het Rijk nog geen duidelijkheid gegeven over de overkomende budgetten. Het AB heeft in 2020 en 2021 meerdere keren zijn zorgen hierover uitgesproken. Ook is namens de Zuid-

3

Hollandse omgevingsdiensten een brief gestuurd naar de minister. Hierin zijn zorgen geuit over de voortgang van de implementatie van de bodemsaneringstaken en de bijbehorende financiering. Tot op heden is nog geen reactie ontvangen vanuit het Rijk. Bij onvoldoende middelen kan het benodigde uitvoeringsniveau niet gewaarborgd worden, wat negatieve effecten kan hebben op de gezondheid en het milieu. In deze ontwerpbegroting is een inschatting gemaakt van de gemoeide kosten, op basis van de begrotingsrichtlijnen 2022 en daarna bekend geworden informatie. Mogelijk zal in de septembercirculaire 2021 meer duidelijkheid worden gegeven over de financiële middelen. Het efficiënter en duurzamer met energie omgaan is een belangrijk onderdeel van het landelijke klimaatakkoord. De gemeenten hebben hiervoor ambitieuze doelen opgenomen in de Regionale Energie Strategieën (RES). OZHZ controleert namens de gemeenten en provincie in de regio of de bedrijven doen wat ze verplicht zijn en stimuleert het toepassen van energiebesparende en opwekkende maatregelen. Het Rijk stelde in de decembercirculaire van 2019 extra middelen beschikbaar om de RES-doelen te kunnen halen. OZHZ heeft per deelnemers afspraken op maat gemaakt voor wat betreft het programma in de komende jaren. De afspraken zijn vastgelegd in het jaarprogramma.

Bij een groot deel van de deelnemers hebben de afspraken tot op heden een incidenteel karakter. Het rapport van de commissie Van Aartsen bevat diverse aanbevelingen om het landelijke systeem van milieutoezicht en handhaving te verbeteren. Het AB beschouwt de aanbevelingen van de commissie als waardevol. Het onderzoek is vooral een steun in de rug dat eigenaren, opdrachtgevers en OZHZ op de goede weg zijn. In de OZHZ-bestuursconferentie in het najaar van 2021 vindt verdere verdieping plaats. OZHZ is over een aantal aanbevelingen van de commissie al in gesprek met zijn opdrachtgevers; onder meer de aanbeveling dat de kwaliteit het meest geboden is met structurele financiering. Op het moment dat de afspraken hieromtrent zijn verfijnd, vindt verwerking plaats in de meerjarenbegroting.

(4)

Overig

Strekking zienswijzen De gemeente Hendrik-Ido-Ambacht vraagt om in de jaarstukken 2021 meer evaluerend terug te kijken op de risico's die onderdeel zijn van het weerstandsvermogen. De gemeente Papendrecht vraagt aandacht voor zijn bezuinigingsopgave. PZH merkt op dat de specifieke aandachtspunten van Provinciale Staten (externe inhuur, HRM-beleid, digitalisering en duurzaam inkopen) voldoende aan bod komen. PZH gaat ervan uit dat deze onderwerpen in het vervolg een integraal onderdeel zullen uitmaken van de P&C-producten van OZHZ. Reactie OZHZ OZHZ zal de evaluatie van de risico's expliciet opnemen in de jaarstukken 2021, zoals gevraagd door de gemeente. Dit geldt ook voor de specifieke aandachtspunten van Provinciale Staten. Genoemde onderwerpen hebben de volle aandacht van de directie van OZHZ. OZHZ is zich bewust van de financiële opgave die bij de meeste deelnemers speelt. OZHZ heeft de afgelopen jaren diverse besparingen doorgevoerd en het voordeel ten gunste laten komen van de deelnemers. Indien opdrachtgevers zoeken naar mogelijkheden tot verdere bezuinigingen ligt het in de rede om dit te doen door inkrimping van het jaarprogramma OZHZ, mits men blijft voldoen aan het vastgestelde lokale en regionale minimumniveau (RUN). De bijdrageverordening geeft hiervoor diverse mogelijkheden. Niet alleen wordt financieel

4

verrekend op basis van gerealiseerde uren; ook kan een opdrachtgever zonder frictie bezuinigen tot een maximum van 8% in 4 jaar tijd.

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/180/documents/4287