CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

nota van beantwoording bodemregels Alblasserdam.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 30 september 2025, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 7: Vaststelling wijziging 'Omgevingsplan gemeente Alblasserdam' op thema bodemkwaliteit - Voorstel11.707 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

31

2. In afwijking van het eerste lid, geldt bij het tijdelijke uitnemen van grond een termijn van een week, als bedoeld in artikel 4.1226, derde lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving.

3.2.16 artikel 11.41 Maatwerkregel saneringsaanpak: uitdampen naar bodemgevoelig gebouw bij verwijderen van verontreiniging Aanpassing van het artikel is nodig omdat het bronaanpak is een bodemsanering is. Om de regel goed werkbaar te maken en om in lijn te blijven met de bodemregels van de regio is de verwoording veranderd. Deze paragraaf is van toepassing op het saneren van de bodem ter uitvoering van een bronaanpak als bedoeld in artikel 7.32, eerste lid, onder a van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening.

3.2.17 artikel 11.57 Aanwijzing vergunningplichtig geval bouwen van een bodemgevoelig gebouw Om de regel werkend te maken in het DSO en omgevingsloket moet er worden verwezen naar een vergunningsplichtige activiteit. Hierom is de verwoording veranderd naar zo'n activiteit namelijk ‘bouwen van een bodemgevoelig gebouw’. Hierdoor is de regel werkbaar voor omgevingsloket en DSO. Het is verboden zonder omgevingsvergunning de activiteit 'bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie uit te voeren. 3.2.18 artikel 11.58 Waarde toelaatbare kwaliteit van een bodemgevoelige locatie In lijn met de aanwijzing van het artikel 11.57 er moet worden gerefereerd aan vergunningsplichtig geval. 1. Een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie wordt alleen verleend als: De omgevingsvergunning voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie wordt alleen verleend als: a. De waarden voor de toelaatbare kwaliteit van de bodem niet worden overschreden; b. Bij overschrijding van de waarden voor de toelaatbare kwaliteit van de bodem, als bedoeld in artikel 11.55 [WAARDE TOELAATBARE KWALITEIT BODEMGEVOELIG GEBOUW]: als aannemelijk is dat een sanerende of andere beschermende maatregel

32

wordt getroffen. Een sanerende of andere beschermende maatregel is in ieder geval een sanering overeenkomstig paragraaf 4.121 van het Besluit activiteiten leefomgeving 3.2.19 artikel 11.60 Aanvraagvereisten omgevingsvergunning bouwen van een bodemgevoelig gebouw Verwijdering van het woord van “verkennend” in lid 1a. omdat bodemonderzoeken ook anders kunnen zijn dan verkennend. a. De resultaten van een bodemonderzoek

3.2.20 artikel 11.67 Maatwerkvoorschriften meldingsplicht bouwen van een bodemgevoelig gebouw Om de regel werkend te maken moet er worden verwezen naar vergunningsplichtige activiteit in lijn met artikel 11.57. Hierdoor is de regel werkbaar voor omgevingsloket en DSO. Het is verboden zonder omgevingsvergunning de activiteit 'bouwen van een grondwatergevoelig gebouw op een grondwatergevoelige locatie' uit te voeren. 3.2.21 artikel 11.69 Risicobeoordeling grondwaterkwaliteit In afstemming met de provincie Zuid-Holland is dit artikel aangepast. De tekst van lid 3 is opgenomen als een sublid van lid 3. Om in lijn te blijven met de regels van de rest van de gemeente. 1. Bij het aanvragen van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een grondwatergevoelig gebouw op een grondwatergevoelige locatie wordt het voorafgaand onderzoek, bedoeld in artikel 11.65 [VOORAFGAAND GRONDWATERONDERZOEK], verstrekt. 2. De resultaten van het voorafgaand onderzoek worden ook verstrekt in het bestandsformaat XML. 3. Bij de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt ook een afschrift verstrekt van de volgende gegevens en bescheiden,: 1. indien sprake is van een verontreiniging van grondwater: i.

een afschrift van de gegevens en bescheiden na verrichten van de risicobeoordeling grondwaterkwaliteit, bedoeld in artikel 3.132 van de Zuid-Hollandse omgevingsverordening, waarbij ten minste vier weken verstreken zijn nadat de gegevens en bescheiden aan Gedeputeerde Staten zijn verstrekt; ii. de resultaten van het voorafgaand bodemonderzoek bedoeld in het eerste lid; iii. de naam en het adres van degene die de risicobeoordeling grondwaterkwaliteit heeft verricht; 33

iv. een onderbouwing van de daarbij toegepaste methode(n), bedoeld in artikel 3.126, tweede lid, Zuid-Hollandse omgevingsverordening; en v. de uitkomst van de risicobeoordeling grondwaterkwaliteit; 2. indien sprake is van een significante grondwaterverontreiniging: een afschrift van de melding, bedoeld in artikel 4.1236 van het Besluit activiteiten leefomgeving, die aannemelijk maakt dat een bronaanpak bedoeld in artikel 11.67 [SANERENDE MAATREGELEN], eerste lid, wordt verricht; en 3. indien sprake is van een significante grondwaterverontreiniging die direct aandacht behoeft: een afschrift van de aanvraag om omgevingsvergunning die aannemelijk maakt dat een grondwatersanering wordt verricht.

3.2.22 artikel 11.71 Aanvraagvereisten omgevingsvergunning bouwen van een grondwatergevoelig gebouw Toevoeging van e. om zo veel mogelijk efficiëntie te werken omdat gegevens dat niet nog een keer moeten worden overgetypt. a. het voorafgaand onderzoek, zoals bedoeld in artikel 11.65 [VOORAFGAAND GRONDWATERONDERZOEK]; b. De resultaten van het voorafgaand onderzoek worden ook verstrekt in het bestandsformaat XML;

3.3 bijlage 1 begripsbepaling Toevoeging van lid 3 verwijzing naar en publicatie van de bodemfunctiekaart van de omgevingsdienst Toevoeging van lid 4 verwijzing naar en publicatie van bodemkwaliteitskaart van de omgevingsdienst Toevoeging lid 15 verwijzing naar en publicatie van bodemtoepassingskaart van de omgevingsdienst 1. Asbestgevoelige locatie: openbare kinderspeelplaatsen, achtertuinen bij woningen, volkstuinen, tuinen en verhardingen die horen bij een school en openbare plantsoenen in woonwijken. 2. Volks-/Moestuin: een perceel grond dat geen deel uitmaakt van de grond waarop de woning van de gebruiker staat, waarop de gebruiker gewassen kweekt voor eigen gebruik. 34

3. Bodemfunctieklassen: de klassen die zijn vastgelegd in de bodemfunctiekaart. De meest actuele versie van de bodemfunctiekaart is te vinden via de website www.ozhz.nl/; 4. Bodemkwaliteitsklassen: de klassen die zijn vastgelegd in de bodemkwaliteitskaarten. De meest actuele versie van de bodemkwaliteitskaarten is te vinden via de website www.ozhz.nl/; 5. Bodemonderzoek: onderzoeken als bedoeld in paragraaf 5.2.2 van het Besluit activiteiten leefomgeving 6. Bodemgevoelige locatie: een bodemgevoelige locatie als bedoeld in het Besluit kwaliteit leefomgeving in artikel 5.89h 13. Hoogovenslak: slak die is vrijgekomen bij de bereiding van ruwijzer in een hoogoven. 14. LD-staalslak: slak die vrijkomt bij de bereiding van staal volgens de methode van Linz-Donawitz. 15. Toepassingszones: de zones die zijn vastgelegd in de toepassingskaart, dit is een combinatie van bodemkwaliteitskaarten en bodemfunctiekaarten. De meest actuele versie van de toepassingskaart is te vinden via de website www.ozhz.nl/; 16. Standaardbodem: standaardbodem als bedoeld in de Regeling bodemkwaliteit 2022, bijlage GII

35

Bijlage 1 Beleidsregel hergebruik PFOA houdende grond en baggerspecie gemeente Alblasserdam 2025 Het COLLEGE van BURGEMEESTER en WETHOUDERS van de gemeente Alblasserdam; gezien het voorstel inzake [Hergebruik PFAS-houdende grond]; gelet op - artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht; - de artikelen 4.1273, 4.1275 en 4.1279 van het Besluit activiteiten leefomgeving; - de artikelen x.x [Afwijkende kwaliteitseisen toepassen grond of baggerspecie PFAS], x.x [Toepassingsbereik graven in de bodem met een kwaliteit onder of gelijk aan de interventiewaarde bodemkwaliteit], x.x [Toepassingsbereik graven in bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit], x.x [Maatwerkregel saneringsaanpak: terugsaneerwaarden lood en PFOA bij verwijdering van verontreiniging], x.x [Waarde toelaatbare kwaliteit van een bodemgevoelige locatie] van het omgevingsplan Alblasserdam; overwegende dat -

in de regio Zuid-Holland Zuid een omvangrijke diffuse bodemverontreiniging met PFOA (PerFluorOctaanZuur) voorkomt met concentraties die aanzienlijk hoger zijn dan de landelijke achtergrondwaarde;

-

de grond en baggerspecie in deze regio vanwege deze hoge concentraties PFOA in relatie tot het "Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie" (versie december 2021; https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2021/12/13/2021335279-1geactualiseerde-versie-handelingskader-pfas) voor een groot deel bij vrijkomen niet zou kunnen worden hergebruikt. Deze grond en baggerspecie moet vervolgens worden gestort of gereinigd, terwijl het doel van hergebruiken het zuinig gebruik van energie en grondstoffen en het doelmatig beheer van afvalstoffen is;

-

de wet een mogelijkheid biedt tot maatwerk om te voorkomen dat alle grond en baggerspecie met een hogere achtergrondwaarde dan de landelijke waarde moet worden gestort of worden gereinigd;

-

het daarom gewenst is beleidsregels vast te stellen die gebiedsspecifieke hergebruiksnormen (Lokale Maximale Waarden) bevatten voor het op de landbodem toepassen van PFOAhoudende grond en baggerspecie;

-

de hergebruiksnormen in deze beleidsregels gebruikt zullen worden bij de beoordeling van (verzoeken tot) maatwerkvoorschriften van initiatiefnemers of geïnitieerd vanuit het bevoegd gezag;

BESLUIT:

vast te stellen de navolgende Beleidsregels hergebruik PFAS houdende grond en baggerspecie gemeente Alblasserdam.

36

Hoofdstuk 1. Maatwerk bij toepassen PFOA-houdende grond en baggerspecie Artikel 1. Toepassingsbereik 1.

2.

3.

4.

Dit hoofdstuk is een uitleg van de omgang met maatwerkvoorschriften in het kader van het toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie. De beleidsregels bevatten gebiedsspecifieke hergebruiksnormen (Lokale Maximale Waarden) voor het op de landbodem toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie. Deze hergebruiksnormen gelden alleen voor grond en baggerspecie afkomstig vanuit de regio Zuid-Holland Zuid. Voor grond en baggerspecie van buiten de regio Zuid-Holland Zuid gelden de normwaarden uit het landelijke "Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie" van december 2021. De regels in dit hoofdstuk gelden alleen voor zone B van de Toepassingskaart PFAS houdende grond Zuid-Holland Zuid. De meest actuele versie van deze kaart is te vinden via de website [link (https://geo.ozhz.nl/?@Bodeminformatie]. De regels in dit hoofdstuk gaan over het toepassen van grond en baggerspecie (paragraaf 4.124 van het Besluit activiteiten leefomgeving) waaronder naast toepassen van grond of baggerspecie ook valt het grootschalig toepassen en verspreiden van baggerspecie op een aangrenzend perceel, op landbouwgronden (tot 10 km afstand) of in een weilanddepot (artikel 4.1269, derde lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving). De regels in dit hoofdstuk gaan over toepassingen op de landbodem en gaan niet over toepassing in oppervlaktewater of diepe plassen.

De regels in dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op een locatie met een puntbron, zijnde grond of baggerspecie die wordt toegepast op een locatie waar de bodem al voor het toepassen diffuus sterk met de stof is verontreinigd, als bedoeld in de artikelen 4.1273, 4.1275 en 4.1279 van het Besluit activiteiten leefomgeving.

Artikel 2. Maatwerkvoorschrift voor milieubelastende activiteit toepassen PFOAhoudende grond en baggerspecie

Op basis van artikel 4.1273, eerste lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving kan een maatwerkvoorschrift worden gesteld voor een andere kwaliteitseis dan bedoeld in artikel 4.1272 van het Besluit activiteiten leefomgeving voor het toepassen van PFOAhoudende grond en baggerspecie als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. de toe te passen grond of baggerspecie voor de andere stoffen voldoet aan de kwaliteitseis bedoeld in artikel 4.1272 van het Besluit activiteiten leefomgeving; b. de toe te passen grond of baggerspecie afkomstig is uit en toegepast wordt binnen zone B van de Toepassingskaart PFAS houdende grond en baggerspecie; 37

c. de grond of baggerspecie niet wordt toegepast in een grondwaterbeschermingsgebied, moestuin, volkstuin, siertuin bij een woning, kinderspeelplaats, groenvoorziening nabij een school of andere vergelijkbare gevoelige locaties; d. de toe te passen grond of baggerspecie is onderzocht met een partijkeuring, conform BRL 1000, SIKB protocol 1001; e. bij toepassing in de zones landbouw/natuur, wonen of industrie of bij toepassing in infrastructuur voor de stof PFOA in gehalten boven de maximale waarden behorende bij die functieklasse op basis van 'perceelsmatching' is aangetoond dat de gehalten van de toe te passen grond of baggerspecie gelijk of lager zijn dan van de ontvangende bodem. Onder perceelsmatching wordt verstaan dat de kwaliteit van de toe te passen grond beter of gelijkwaardig moet zijn aan de ontvangende bodem. Perceelsmatching betreft die stof waarvoor de afwijkende toepassingscriteria uit lid g gelden. Als definitie van 'beter of gelijkwaardig’ wordt gehanteerd dat de stof PFOA in de toe te passen grond niet mag voorkomen in concentraties hoger dan in de ontvangende bodem. Hierbij is de laagste concentratie in de bovengrond van de ontvangende bodem maatgevend en hierbij wordt geen overschrijdingsmarge geaccepteerd. Hierbij dient de ontvangende bodem tenminste te zijn onderzocht met een verkennend bodemonderzoek (NEN5740); f.

bij toepassing wordt voldaan aan de randvoorwaarden, bedoeld in artikel 4.22 van de Omgevingswet; en g. de stof PFOA voldoet aan de kwaliteitseisen in tabel 2.1 die gelden voor de zone of locatie met een bepaald gebruik waar de grond of baggerspecie wordt toegepast. Tabel 2.1: Maximale waarden (kwaliteitseisen) maatwerkvoorschrift zone B Zone of gebruik

Stof

Kwaliteitseisen (voor standaardbodem, uitgedrukt in mg/kg droge stof)

Landbouw/ natuur

PFOA

0,010

Woonwijken (overige groen in woonwijken, parken, sportcomplexen en vergelijkbare locaties)

PFOA

0,030

Industrie en infrastructuur

PFOA

0,060

Grondwaterbeschermingsgebied en, moestuinen, volkstuinen, siertuinen bij woningen, kinderspeelplaatsen, groen bij scholen en andere vergelijkbare gevoelige locaties

PFOA

Geen maatwerk mogelijk (landelijke en lokale normen gelden)

38

Artikel 3. Maatwerkvoorschrift voor milieubelastende activiteit verspreiden van PFOA-houdende baggerspecie

Op basis van artikel 4.1279 van het Besluit activiteiten leefomgeving kan een maatwerkvoorschrift worden gesteld voor een andere kwaliteitseis dan bedoeld in artikel 4.1278 van het Besluit activiteiten leefomgeving voor het verspreiden van PFOAhoudende baggerspecie als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. de toe te passen grond of baggerspecie voor de andere stoffen voldoet aan de kwaliteitseis bedoeld in artikel 4.1278 van het Besluit activiteiten leefomgeving; b. de toe te passen grond of baggerspecie afkomstig is uit en toegepast wordt binnen zone B van de Toepassingskaart PFAS houdende grond en baggerspecie; c. de grond of baggerspecie niet wordt toegepast in een grondwaterbeschermingsgebied, moestuin, volkstuin, siertuin bij een woning, kinderspeelplaats, groenvoorziening nabij een school of andere vergelijkbare gevoelige locaties; d. de toe te passen grond of baggerspecie is onderzocht met een waterbodemonderzoek conform NEN5720, inclusief een vooronderzoek conform NEN5717; e. bij toepassing in de zones landbouw/natuur, wonen of industrie of bij toepassing in infrastructuur voor de stof PFOA in gehalten boven de maximale waarden behorende bij die functieklasse op basis van 'perceelsmatching' is aangetoond dat de gehalten van de toe te passen grond of baggerspecie gelijk of lager zijn dan van de ontvangende bodem.

Onder perceelsmatching wordt verstaan dat de kwaliteit van de toe te passen grond beter of gelijkwaardig moet zijn aan de ontvangende bodem. Perceelsmatching betreft die stof waarvoor de afwijkende toepassingscriteria uit lid d gelden. Als definitie van 'beter of gelijkwaardig’ wordt gehanteerd dat de stof in de toe te passen grond niet mag voorkomen in concentraties hoger dan in de ontvangende bodem. Hierbij is de laagste concentratie in de bovengrond van de ontvangende bodem maatgevend en hierbij wordt geen overschrijdingsmarge geaccepteerd. Hierbij dient de ontvangende bodem tenminste te zijn onderzocht met een verkennend bodemonderzoek (NEN5740); f. bij toepassing wordt voldaan aan de randvoorwaarden, bedoeld in artikel 4.22 van de Omgevingswet; en g. voor de stof PFOA voldoet aan de kwaliteitseisen in tabel 3.1 die gelden voor de zone of locatie met een bepaald gebruik waar de grond of baggerspecie wordt toegepast. Tabel 3.1: Maximale waarden (kwaliteitseisen) maatwerkvoorschrift zone B Zones

Stof

Kwaliteitseisen (voor standaardbodem, uitgedrukt in mg/kg droge stof)

Landbouw/ natuur

PFOA

0,010

Woonwijken (overige groen in woonwijken, parken,

PFOA

0,030 39

sportcomplexen en vergelijkbare locaties) Industrie en infrastructuur

PFOA

0,060

Grondwaterbeschermingsgebied en, moestuinen, volkstuinen, siertuinen bij woningen, kinderspeelplaatsen, groen bij scholen en andere vergelijkbare gevoelige locaties

PFOA

Geen maatwerk mogelijk (landelijke en lokale normen gelden)

Artikel 4. Maatwerkvoorschrift voor milieubelastende activiteit grootschalig toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie

Op basis van artikel 4.1275 van het Besluit activiteiten leefomgeving kan een maatwerkvoorschrift worden gesteld voor een andere kwaliteitseis dan bedoeld in artikel 4.1274 van het Besluit activiteiten leefomgeving voor het grootschalig toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. de toe te passen grond of baggerspecie voor de andere stoffen voldoet aan de kwaliteitseis bedoeld in artikel 4.1274 van het Besluit activiteiten leefomgeving; b. de toe te passen grond of baggerspecie afkomstig is uit en toegepast wordt binnen zone B van de Toepassingskaart PFAS houdende grond en baggerspecie; c. de grond of baggerspecie niet wordt toegepast in een grondwaterbeschermingsgebied, moestuin, volkstuin, siertuin bij een woning, kinderspeelplaats, groenvoorziening nabij een school of andere vergelijkbare gevoelige locaties; d. de toe te passen grond of baggerspecie is onderzocht met een partijkeuring, conform BRL 1000, SIKB protocol 1001; e. bij toepassing in de zones landbouw/natuur, wonen of industrie of bij toepassing in infrastructuur voor de stof PFOA in gehalten boven de maximale waarden behorende bij die functieklasse op basis van 'perceelsmatching' is aangetoond dat de gehalten van de toe te passen grond of baggerspecie gelijk of lager zijn dan van de ontvangende bodem.

Onder perceelsmatching wordt verstaan dat de kwaliteit van de toe te passen grond beter of gelijkwaardig moet zijn aan de ontvangende bodem. Perceelsmatching betreft die stof waarvoor de afwijkende toepassingscriteria uit lid d gelden. Als definitie van 'beter of gelijkwaardig’ wordt gehanteerd dat de stof PFOA in de toe te passen grond niet mag voorkomen in concentraties hoger dan in de ontvangende bodem. Hierbij is de laagste concentratie in de bovengrond van de ontvangende bodem maatgevend en hierbij wordt geen overschrijdingsmarge geaccepteerd. Hierbij dient de ontvangende bodem tenminste te zijn onderzocht met een verkennend bodemonderzoek (NEN5740); f. bij perceelsmatching is het toegestaan om de grootschalige toepassing te splitsen in twee of meer delen, waarvoor afzonderlijk perceelsmatching worden uitgevoerd; 40

g. bij toepassing wordt voldaan aan de randvoorwaarden, bedoeld in artikel 4.22 van de Omgevingswet; en h. voor de stof PFOA voldoet aan de kwaliteitseisen in tabel 4.1 die gelden voor de zone of locatie met een bepaald gebruik waar de grond of baggerspecie wordt toegepast. Tabel 4.1: Maximale waarden (kwaliteitseisen) maatwerkvoorschrift zone B Zones

Stof

Kwaliteitseisen (voor standaardbodem, uitgedrukt in mg/kg droge stof)

Landbouw/ natuur

PFOA

0,010

Woonwijken (overige groen in woonwijken, parken, sportcomplexen en vergelijkbare locaties)

PFOA

0,030

industrie

PFOA

0,060

Grondwaterbeschermingsgebied en, moestuinen, volkstuinen, siertuinen bij woningen, kinderspeelplaatsen, groen bij scholen en andere vergelijkbare gevoelige locaties

PFOA

Geen maatwerk mogelijk (landelijke en lokale normen gelden)

Hoofstuk 2. Slotbepaling Artikel 5. Inwerkingtreding

Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmaking in het elektronisch publicatieblad van de gemeente.

Artikel 6. Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel hergebruik PFAS houdende grond en baggerspecie gemeente Alblasserdam 2025.

Aldus vastgesteld in de vergadering van XXXXXXX.

Het college van Burgemeester en Wethouders

41

secretaris

burgemeester

Alblasserdam, [DATUM].

42

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/774/documents/16585