Jaarrekening 2023 - versie 1.2.pdf
Tekst van het document
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
€510.000 = €1.665.800
0,31
27
Aan deze ratio is de volgende waardering toegekend:
Waardering A B C D E F
Ratio < 2,0 1,4 - 2,0 1,0 - 1,4 0,8 - 1,0 0,6 - 0,8 < 0,6
Betekenins Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
VRZHZ streeft naar een voldoende waardering. Hiervan is sprake bij een waardering van 1,0 of hoger. De positieve financiële uitkomsten van deze jaarrekening, zijn incidenteel van aard. Dit geeft een beeld dat de beschikbare weerstandscapaciteit ontoereikend is om risico’s zoals in de tabel genoemd op te kunnen vangen. Het tekort aan weerstandsvermogen wordt afgevangen via het weerstandsvermogen van de deelnemende gemeenten, ervan uitgaande dat die conform de afspraken hun risicobuffer op orde hebben. Ten opzichte van 2022 is de benodigde weerstandscapaciteit afgenomen met € 190.300 als gevolg van het wegvallen van 2 risico’s. Daarmee is de ratio weerstandvermogen gestegen tot 0,31.
6.1.4
Financiële kengetallen
In de volgende tabel is een aantal kengetallen opgenomen die inzichtelijk maken over hoeveel (financiële) ruimte VRZHZ beschikt om structurele en incidentele lasten op te kunnen vangen. Verloop van de kengetallen
Kengetallen Realisatie 2022 Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
102,2% 101,1% 3,5% 2,4%
Begroting 2023 184,0% 183,5% 1,6% 0,1%
Realisatie 2023 88,5% 86,3% 7,2% 4,6%
Onderstaande signaleringswaarden zijn afgesproken: Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
gezond <90% <90% >50% >0%
neutraal 90-130% 90-130% 20-50% 0%
risicovol >130% >130% <20% <0%
Netto schuldquote Dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft dus een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de afschrijvingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De Provincie adviseert om 130% als maximum norm te hanteren. Een en ander hangt natuurlijk ook samen met de bewuste keuze van het bestuur voor een bescheiden algemene reserve. De daling van de schuldquote wordt veroorzaakt door daling van schuldenlast als gevolg van het vervallen van de kasgeldlening van circa €10 mln. De baten zijn net als vorig jaar hoog doordat hier Oekraïne en COA in verwerkt zijn. Netto schuldquote gecorrigeerd Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel berekend inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
28
verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Hoe lager deze percentages, hoe beter. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin VRZHZ in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage, hoe groter de weerbaarheid. Zowel de solvabiliteit als de verhouding tussen het eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen is verbeterd ten opzichte van vorig jaar. Dit komt met name door de toename van het eigen vermogen (reserves). Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee om te beoordelen hoe groot de structurele exploitatieruimte is om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Wanneer dit cijfer negatief is, betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Een positief cijfer betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente van de langlopende leningen) te dekken.
6.2
Onderhoud kapitaalgoederen
6.2.1
Vastgoedbeheer
Het beheer en onderhoud zijn planmatig georganiseerd en gericht op het behoud van het gewenste kwaliteitsniveau waarin de beoogde functie van gebruik ongestoord mogelijk wordt gemaakt. Het onderhoud is uitgewerkt in een 4-jaarlijks te actualiseren Meerjaren Onderhoudsplan (MJOP). Sinds 1 januari 2016 heeft VRZHZ panden in eigendom, voor het onderhoud van deze panden is een voorziening ingesteld. In deze voorziening wordt jaarlijks een bedrag gestort. Gedurende het jaar worden de uitgaven gemonitord en gevolgd. Eventuele aanpassingen worden gerapporteerd in de financiële en bestuurlijke planning & control cyclus. De hoogte van de actuele voorzieningen waaronder MJOP’s liggen zijn gepresenteerd in tabel 8.2.3.
6.2.2
Voertuigen, persoonlijke bescherming en uitrusting
Materieel & Logistiek Onderhoud en reparatie aan voertuigen, persoonlijke bescherming en uitrusting voert de afdeling Materieel & Logistiek van de VRZHZ zelfstandig, dan wel onder regie extern uit. Hiervoor heeft zij in Dordrecht werkplaatsen ingericht. Onderhoud wordt uitgevoerd op basis van onderhoudsbladen en een onderhoudssysteem. Onze mensen zijn gecertificeerd om deze werkzaamheden uit te voeren. Wij werken vanuit een meerjarig investeringsplan. Het meerjarig investeringsplan (MJIP) blijft ongewijzigd werken vanuit de methode “technische afschrijving” dat inzicht geeft in de te vervangen middelen (o.a. vaar- en voertuigen, persoonlijke beschermingsmiddelen). Wijzigingen worden vooraf, maar ook tussentijds bij onverwachte problemen, ter besluitvorming voorgelegd aan het directieteam en via de bestuursrapportages doorgeleid aan het algemeen bestuur. Het MJIP geeft duidelijke richtinggevende kaders aan met betrekking tot de beschikbare budgetten voor de uitvoering van de desbetreffende jaarschijf. Een punt van aandacht blijft echter de prioritering, de Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
29
geldende regelgeving, de beschikbare menskracht ten behoeve van de uitvoering alsmede de planning van de leveringsketen. Het doorschuiven van een investering is uiteraard niet wenselijk, maar in sommige gevallen onvermijdbaar. Voor sommige kosten van onderhoud zijn er ook voorzieningen getroffen (schuimblus-voertuigen, groot onderhoud blusboot en groot onderhoud materieel) In 2023 zijn de geplande investeringen grotendeels volgens planning gerealiseerd en is er circa 10 miljoen aan materieel uitgegeven. De grootste investeringen betreffen de aanschaf van bluskleding, tankautospuiten, schuimblusvoertuigen (in aanbouw) en redvoertuigen. Daarnaast zijn investeringen samengevoegd waardoor er minder nieuwe voertuigen zijn gekocht en een eerste stap in de financiering van de elektrificatie van de voertuigen genomen kon worden.
6.3
Financiering
6.3.1
Renteontwikkeling en -resultaat
De rentevergoeding op de rekening-courant is gelijk aan de daggeldrente. Ultimo 2022 was de rente 2,162%. Ultimo boekjaar is het rentepercentage 3,905%1. De gerealiseerde rentebaten zijn in 2023 €363.609. De totale rentelast bedraagt €425.103. Het renteresultaat 2023 is €61.494. De rentebaten bestaan uit de toegekende rente aan de kapitaallasten en reserves en de rentevergoeding over de uitstaande geldleningen.
6.3.2
Kasgeldlimiet
Onder kasgeldlimiet wordt verstaan: “een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar”. Op grond van artikel 2, lid 1 van de uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden is de kasgeldlimiet voor de gemeenschappelijke regelingen vastgesteld op 8,2%2. De kasgeldlimiet is een instrument om het renterisico op de netto vlottende schuld te beperken. Hiermee wordt voorkomen dat fluctuaties in de korte rente (maximaal 1 jaar) een relatief grote impact op de rentelasten hebben. De kasgeldlimiet is bepaald op een bij ministeriële regeling vastgesteld percentage van de jaarbegroting, zoals deze bij aanvang van het jaar is vastgesteld, met een ministeriële regeling vastgesteld minimumbedrag.
1
2
https://www.euribor-rates.eu/nl/actuele-euribor-tarieven/2/euribor-rente-3-maanden/ Bron: Overheid.nl 21-12-2015
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
30
Saldo ultimo maand
mnd
x €1.000 mnd
x €1.000 mnd
x €1.000 mnd
x €1.000
1 Vlottende korte schuld
1 2 3
10.000 0 0
4 5 6
0 0 0
7 8 9
10.000 10.000 0
10 11 12
0 0 0
2 Vlottende middelen
1 2 3
11.644 7.798 15.480
4 5 6
6.696 11.346 6.462
7 8 9
9.210 15.704 13.629
10 11 12
7.587 15.256 8.454
1
-1.644
4
-6.696
7
790
10
-7.587
2 3
-7.798 -15.480
5 6
-11.346 -6.462
8 9
-5.704 -13.629
11 12
-15.256 -8.454
3
4
Netto vlottende schuld (+) danwel netto vlottende middelen (-)
Gemiddelde netto vlottende schuld (+) danwel gemiddelde overschot vlottende middelen (-)
-8.307
-8.168
-6.181
-10.432
5 Kasgeldlimiet
4.033
4.033
4.033
4.033
6a Ruimte onder kasgeldlimiet (5-4) 6b Overschrijding van de kasgeldlimiet (4-5)
12.340 0
12.201 0
10.214 0
14.465 0
7 Begrotingstotaal 8 Percentage regeling 9 Kasgeldlimiet
49.184 8,2% 4.033
49.184 8,2% 4.033
49.184 8,2% 4.033
49.184 8,2% 4.033
Toelichting Post 1: het gezamenlijke bedrag van: 1. opgenomen gelden met een oorspronkelijke rente typische looptijd van korter dan 1 jaar, 2. de schuld in rekening-courant, 3. de voor een termijn van korter dan 1 jaar ter bewaring in de kas gestorte gelden van derden, 4. overige geldleningen die geen onderdeel uitmaken van de vaste schuld. Post 2: het gezamenlijke bedrag van: 2. de tegoeden in rekening-courant, 3. de overige uitstaande gelden met een rente typische looptijd van korter dan 1 jaar. Post 7: Begrotingstotaal: De stand van de begroting per 1 januari van het desbetreffende jaar.
6.3.3
Renterisiconorm
Onder renterisiconorm wordt verstaan: “een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de vaste schuld bij aanvang van het jaar”. Op grond van artikel 2, lid 2 van de uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden (Wet Fido) is de renterisiconorm voor de gemeenschappelijke regelingen vastgesteld op 20% met een minimum van € 2,5 miljoen3. Dit houdt in dat in een jaar niet meer dan 20% van het begrotingstotaal aan herfinanciering of renteherziening toegestaan is. Het Rijk heeft het maximumpercentage ingesteld om ervoor te zorgen dat de rentelast over de jaren min of meer stabiel blijft. De renterisiconorm is in 2023 niet overschreden zoals blijkt uit onderstaande tabel.
3
Bron: Overheid.nl 21-12-2015
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
31
Bedragen x € 1.000
Begroting
1) Renteherzieningen 2) Aflossingen 3) Renterisico (1+2)
3.758 3.758
3.758 3.758
4) Renterisiconorm komend jaar
9.837
16.206
5a) Ruimte onder renterisiconorm (= 4>3) 5b) Overschrijding renterisiconorm (= 3>4)
6.079 0
12.448 0
49.184 20,00% 9.837
81.032 20,00% 16.206
Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal komend jaar Percentage Regeling (4)
6.3.4
Realisatie
EMU saldo
Het EMU-saldo geldt binnen de Europese Unie als een indicator om de gezondheid van de overheidsfinanciën te kunnen bepalen. Dit cijfer geeft aan of een overheid een overschot of een tekort heeft. Dit cijfer moet opgenomen worden omdat het Rijk een verplichting heeft naar Europa.
EMU-SALDO Financiële vasteKapitaalverstrekkingen activa en leningen Uitzettingen Vlottende activaUitzettingen Liquide middelen Overlopende activa Vaste Passiva Vaste schuld Passiva Vlottende passiva Vlottende schuld Overlopende passiva Eventuele boekwinst bij verkoop effecten en (im)materiële vaste activa Activa
Mutaties (1 januari tot 31 december)
6.3.5
T 2022 1.447
T+1 2023 -224
-120
1.380
-21 18.018 0 1.012 4.244 12.390 -61 869
0 -11.397 2 1.868 3.742 -11.992 -1.911 226
Schatkistbankieren
Het schatkistbankieren is in de loop van 2013 geïntroduceerd. Alle decentrale overheden dienen het overgrote deel van hun overtollige middelen aan te houden in de schatkist. Dit gebeurt op een rekeningcourant bij het Agentschap van het Ministerie van Financiën. Met overtollige middelen worden de liquide middelen bedoeld die (nog) niet nodig zijn voor het uitvoeren van de publieke taak. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen, is een drempelbedrag, afhankelijk van het begrotingstotaal, dat buiten de schatkist mag worden gehouden. Het drempelbedrag voor 2023 is gelijk aan 2,00% van het begrotingstotaal indien het begrotingstotaal lager is dan €500 miljoen. Indien het begrotingstotaal hoger is dan €500 miljoen is de drempel gelijk aan €10 miljoen plus 0,2% van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. De drempel is nooit lager dan €1.000.000.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
32
De benutting van het drempelbedrag wordt berekend als gemiddelde over alle dagen in het kwartaal. Gemiddeld mag een decentrale overheid dan ook maximaal het drempelbedrag buiten de schatkist hebben gehouden. De berekening van het drempelbedrag van de VRZHZ is opgenomen in onderstaande tabel. Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 x €1.000 x € 1.000 x € 1.000 x € 1.000 Gemiddelde saldo overtollige middelen (4)
293
307
303
307
5) Drempelbedrag
984
984
984
984
6a) Ruimte onder drempelbedrag (5-4) 6b) Overschrijding van het drempelbedrag (4-5)
690 0
677 0
680 0
677 0
49.184 2,00%
49.184 2,00%
49.184 2,00%
49.184 2,00%
Berekening drempelbedrag (5= 5a x 5b) Begrotingstotaal (5a) Percentage regeling (5b)
6.3.6
Kredietrisico’s
In verband met de beëindiging van de samenwerking met de private partij VRZHZ Participatie BV is door VRZHZ Participatie B.V. een transitievergoeding betaald waarvoor VRZHZ een langlopende lening heeft verstrekt voor een bedrag van € 1.200.000. Jaarlijks wordt een bedrag van € 120.000 afgelost, waarna de resterende hoofdsom ultimo 2023 €240.000 bedraagt. Als gevolg van de fusie is de vordering van rechtswege overgegaan op Spinel Veiligheidscentrum B.V. In 2023 is er in verband met de gedane investering aan het Bedrijfsgebouw bij Spinel Veiligheidscentrum een lening overeenkomst gesloten van €1.500.000. Deze geldlening heeft een looptijd van 15 jaar, tegen een vaste rente van 3,55% per jaar. De aflossing per kwartaal zal € 25.000 bedragen. Naar verwachting wordt het boekjaar 2023 van Spinel Veiligheidscentrum B.V. positief afgesloten. In 2023 heeft Spinel Veiligheidscentrum B.V. voldaan aan haar betalingsverplichtingen. Door de verstrekking van de nieuwe geldlening en de aflossing is het totale kredietrisico vermeerderd ten opzichte van vorig jaar. De liquiditeitspositie van Spinel Veiligheidscentrum B.V. is verbeterd. De verbeterde positie treft u ook aan in de geactualiseerde risico-paragraaf. Zie hiervoor hoofdstuk 6.5 Verbonden Partijen en bijlage 4. Kredietrisico (ultimo 2023)
Gegarandeerd/verstrekt bedrag
Kredietrisico
(in €) 420.800 1.740.000 2.160.800
(in €) 4.208 17.400 21.608
Garanties t.b.v. rechtspersonen Verstrekte leningen Totaal
6.3.7
Rentetoerekening
Het toerekenen van rente aan de taakvelden vindt vanaf 2018 conform de gewijzigde BBV plaats via het taakveld Treasury. Hiertoe worden alle rentelasten en rentebaten in eerste instantie op het taakveld Treasury geboekt. In onderstaand schema is weergegeven hoe de rentetoerekening voor de jaarrekening 2023 heeft plaatsgevonden. Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
33
Rentetoerekening Externe rentelasten over de korte en lange financiering Externe rentebaten over de korte en lange financiering Saldo rentelasten en rentebaten Rentelast projectfinanciering aan taakveld doorberekenen Totaal geraamde aan taakvelden toe te rekenen rente Werkelijk aan taakvelden toegerekende rente Gerealiseerd renteresultaat op taakveld Treasury
6.3.8
x €1.000
425 -428 -3 0 -3 -364 -367
Financieringspositie
Ultimo 2023 is het saldo van de liquide middelen € 309.089. Door het aanhouden van de overtollige middelen in de schatkist wijkt het saldo niet substantieel af van het saldo ultimo 2022.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
34
Kasstroomoverzicht
2023
2022
1. Kasstroom uit operationele activiteiten Bedrijfsresultaat
4.230.939
1.540.644
Correcties voor: Afschrijvingen
4.633.544
4.740.274
Afschrijvingen desinvesteringen
(2.522.237)
(1.646.507)
Afschrijvingen immateriële vaste activa
207.199
207.199
(1.100.545)
(1.622.935)
Toevoegingen reserveringen t.l.v. exploitatie
3.795.324
204.154
Toevoegingen reserveringen t.l.v. resultaat vorig jaar
(1.540.644)
(8.492)
Onttrekkingen reserveringen t.g.v. exploitatie
Rente reserveringen
-
-
518.795
(222.160)
Vorderingen op openbare lichamen
3.101.947
(7.565.245)
Voorraad
(340.110)
4.369
Voorzieningen Veranderingen in vlottende middelen:
Onderhanden werk
-
Overige vorderingen en overlopende activa
-
(684.395)
(1.434.446)
Crediteuren
(1.909.777)
2.170.283
Overige schulden en overlopende passiva
(2.871.388)
900.649
Uitzettingen in 's Rijks schatkist
7.687.913
(10.701.412)
Rekening Courant
(100.000)
330.000
Kasstroom uit operationele activiteiten
8.875.624
- 14.644.268
2. Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen (immateriële vaste activa)
-
Investeringen (materiële vaste activa)
(10.296.072)
Investeringen (financiële vaste activa)
(1.500.000)
(5.977.598)
Desinvesteringen (materiële vaste activa)
3.289.155
4.687.422
120.000
120.000
-
21.375
Desinvesteringen (financiële vaste activa) Aflossingen op leningen u/g Waarborgsommen Kasstroom uit investeringsactiviteiten
- 8.386.917
- 1.148.801
3. Kasstroom uit financieringsactiviteiten Uitkering tgv reserves uit resultaat voorgaand jaar
1.540.644
8.492
Ontvangsten uit langlopende leningen
7.500.000
7.500.000
Ontvangsten uit kasgeldleningen
(10.000.000)
10.000.000
Aflossingen op leningen o/g
(3.757.994)
(3.256.277)
Kasstroom uit financieringsactiviteiten
Saldo liquide middelen 1 januari
306.794
Saldo liquide middelen 31 december
309.089
- 4.717.350
14.252.215
2.296
-210 307.003 306.794
2.296
-210
In het kasstroomoverzicht wordt de mutatie van de liquide middelen onderbouwd.
6.4
Bedrijfsvoering
De paragraaf “Bedrijfsvoering” behoort tot de bij het BBV verplichte paragrafen. VRZHZ hanteert in haar programmabegroting en programmaverantwoording vier beleidsdoelstellingen. Eén hiervan betreft de beleidsdoelstelling “Investeren in bedrijfsvoering – professionaliteit”, welke gewijd is aan de bedrijfsvoering van de Veiligheidsregio. Omwille van de leesbaarheid en om dubbelingen te voorkomen verwijzen wij u voor de inhoudelijke verantwoording over de bedrijfsvoering naar hoofdstuk 4.4.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
35
Ten aanzien van de bedrijfsvoering worden de volgende kentallen gerapporteerd:
Kengetal Personeelsleden in dienst Instroom Uitstroom Ziekte Personeelskosten Personeel van derden Automatisering
Medewerkers Vrijwilligers Medewerkers Vrijwilligers Medewerkers Vrijwilligers Verzuim Medewerkers Vrijwilligers Kosten Kosten
2023
2022
336 732 14 325 11 31 4,40% €26.703.316 €3.879.207 €1.106.305 €1.788.273
321 693 26 52 31 52 3,98% €24.045.477 €3.511.029 €1.056.819 €1.704.970
Rechtmatigheidsverantwoording Toelichting rechtmatigheidsverantwoording Op 23 februari 2023 heeft het algemeen bestuur ingestemd met de notitie Rechtmatigheidsverantwoording met de daarin verwoorde voorstellen. Dit zijn de voorstellen; 1) om als basis ambitieniveau de financiële rechtmatigheidsverklaring af te laten geven door het DB vanaf het boekjaar 2023; 2) om 3% van het lastentotaal (inclusief dotaties aan reserves) te hanteren als tolerantiegrens (verantwoordingsgrens), waarboven afwijkingen moeten worden toegelicht in de rechtmatigheidsverantwoording van de jaarrekening. Het gaat om afwijkingen in de vorm van posten die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen, posten waarbij voor de organisatie onduidelijkheid bestaat over de rechtmatigheid en om deze tolerantiegrens op te laten nemen in het Controleprotocol inclusief Normenkader 2023; 3) om, naast afwijkingen die boven de eerdergenoemde 3% uitkomen, ook afwijkingen vanaf 1% in de paragraaf bedrijfsvoering toe te lichten (rapportagegrens) en deze rapportagegrens op te nemen in het Controleprotocol inclusief Normenkader 2023. De geconstateerde afwijkingen ten aanzien van het begrotingscriterium komen boven de tolerantiegrens van 3% uit. Vanwege de omvang zijn de geconstateerde afwijkingen in de rechtmatigheidsverantwoording toegelicht.
Daarnaast is in de rechtmatigheidsverantwoording de onrechtmatigheid op het voorwaarden criterium toegelicht.
6.5
Verbonden partijen
In de volgende tabellen is opgenomen in hoeverre de verbonden partijen hebben bijgedragen aan het behalen van de doelstellingen van de VRZHZ (zoals opgenomen in de begroting).
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
36
* Ten tijde van opstelling zijn de cijfers nog niet bekend. Om die reden zijn de cijfers van 2022 weergegeven.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
37
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
38
B. Jaarrekening
7. Overzicht van baten en lasten 7.1
Gerealiseerde baten en lasten
VRZHZ kent het programma Veiligheid. Binnen het programma worden organisatie-eenheden onderkend. Onderstaand is het resultaat opgenomen, voorzien van een toelichting op de incidentele en structurele resultaten voor bedragen hoger dan 200k. Concernniveau
Primaire
Begroting
Begroting
Realisatie en
Bedragen x € 1.000
begroting
Burap-I
Burap-II
Verplichting
2023
Saldo
Voordeel/
Totaal lasten
49.108
2023 50.298
2023 54.180
2023 72.975
2023 -18.795
Totaal baten
-48.474
-50.224
-53.656
-79.901
26.245
Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten
Incidenteel Structureel
Nadeel 2023 N
2023 -17.898
V
26.126
119 -778
634
74
525
-6.926
7.450
V
8.228
Toevoegingen aan reserves
77
117
397
3.795
-3.399
N
-3.429
Onttrekkingen aan reserves
-711
-191
-921
-1.101
179
V
210
0
0
0
-4.231
4.231
V
5.009
Gerealiseerd resultaat
-896
-778
Incidentele reserv es Vorming reserve Spoorzone
-1.760
Vorming reserve Duurzaamheid
-400
Aanvulling reserve Transitie Organisatie Aanvulling reserve Crisisbeheersing en informatievoorziening
-220
Aanvulling reserve Aanbestedingstrajecten
-200
Ophogen weerstandsvermogen
-590
Gerealiseerd resultaat na resultaatbestemming
985
-76
V
Als gevolg van afrondingen kunnen kleine verschillen ontstaan
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
39
Overzicht van baten en lasten naar taakveldindeling Taakveld
Baten
Lasten
Saldo
0. Bestuur en ondersteuning 0.4 - Overhead
327
13.263
-12.937
0.5 - Treasury
364
-3
367
52.940
5.691
47.250
0.8 - Overige baten en lasten 0.9 - Vennootschapsbelasting 0.10 - Mutaties reserves
0
22
-22
1.101
3.795
-2.695
0.11 - Resultaat van de rekening baten / lasten
0
4.231
-4.231
1. Veiligheid 1.1 - Crisisbeheersing en brandweer
7.154
34.886
-27.732
6. Sociaal Domein 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
19.116
19.116
81.001
81.001
Totaal
0
Analyse van het overzicht van baten en lasten en het resultaat 2023 Bedragen x € 1.000 Lasten
1.1 Salarissen en sociale lasten
Burap-I
Burap-II
Verplichting
2023
2023
2023
2023
Nadeel 2023
2023
2023
2.620
-1
29.561
29.717
32.635
30.016
2.620
V
2.1 Belastingen
274
264
266
259
7
V
11
-3
3.5.1 Ingeleend personeel
391
285
361
1.106
-746
N
-786
40 -850
13.184
13.580
14.924
34.743
-19.819
N
-18.969
5.1 Rente
497
497
497
425
72
V
72
6.1 Financiële transacties
210
210
210
207
3
V
0
3
7.2 Mutatie voorzieningen
778
702
813
1.167
-354
N
-354
0
4.683
4.559
4.559
4.634
-75
N
-75
0
N
0
3.8 Overige goederen en diensten
7.3 Afschrijvingen 7.4 Toegerekende reële en bespaarde rente 7.5 Overige verrekeningen
0
0
0
-471
486
-85
418
-503
N
-418
-85
49.108
50.298
54.180
72.975
-18.795
N
-17.898
-896
3.5.2 Uitgeleend personeel
-230
-743
-751
-1.193
442
V
383
60
3.8 Overige goederen en diensten
-963
-825
-1.147
-9.402
8.255
V
8.225
30
4.3.1 Inkomensoverdrachten - Rijk
-5.664
-7.102
-7.548
-23.399
15.851
V
15.823
29
4.3.2 Inkomensoverdrachten - Gemeenten
-41.618
-41.553
-44.210
-45.543
1.333
V
1.333
1
0
0
-364
364
V
364
Totaal lasten Baten
begroting
5.1 Rente 7.4 Toegerekende reële en bespaarde rente Totaal baten Gerealiseerd totaal saldo baten en lasten
0
0
0
0
0
V
-48.474
-50.224
-53.656
-79.901
26.245
V
26.126
119
634
74
525
-6.926
7.450
V
8.228
-778
3.795
-3.429
7.1 Toevoegingen aan reserves
77
117
397
-3.399
N
7.1 Onttrekkingen aan reserves
-711
-191
-921
-1.101
179
V
210
0
0
0
-4.231
4.231
V
5.009
Gerealiseerd resultaat
-778
Incidentele reserv es Vorming reserve Spoorzone
-1.760
Vorming reserve Duurzaamheid
-400
Aanvulling reserve Transitie Organisatie Aanvulling reserve Crisisbeheersing en informatievoorziening
-220
Aanvulling reserve Aanbestedingstrajecten
-200
Ophogen weerstandsvermogen
-590
Gerealiseerd resultaat na resultaatbestemming
985
-76
V
Als gevolg van afrondingen kunnen kleine verschillen ontstaan.
Het jaarresultaat voor bestemming is €4,23 mln. positief: Hieronder geven we eerst in algemene zin een toelichting op dit resultaat voor en na bestemming, gerefereerd aan de prognose bij Burap-II. Vervolgens gaan we vanaf paragraaf 7.1.1. in op een toelichting vanuit de verschillende economische categorieën.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
40
Het resultaat voor bestemming Het resultaat voor bestemming bedraagt €4,23 mln. Het verschil ten opzichte van de prognose ten tijde van Burap-II (€2,56 mln.) is te verklaren aan de hand van de volgende (afgeronde bedragen x € 1000): 1. Spoorzone €1.760; Project Spoorzone werd tot vorig jaar verantwoord onder de ‘vooruit ontvangen bedragen’. Over het algemeen zijn dit soort middelen gekoppeld aan een verantwoordings- en terugbetalingsplicht richting de verstrekker van de bijdrage. Inmiddels is gebleken dat in dit geval die verantwoordings- en terugbetalingsplicht er niet (meer) is. Omdat deze gelden wél een specifiek bestedingsdoel hebben, wordt voorgesteld om voor het genoemde bedrag een (bestemmings)reserve te vormen. 2. -€310 betreft de vorming van de voorziening RVU (Regeling Vervroegde Uittreding) conform het besluit van het Algemeen Bestuur van 07-12-2023 (95141_Burap-II 2023) 3. -€1.420 betreft de vorming van diverse reserves conform het besluit van het Algemeen Bestuur van 07-12-2023 (95141_Burap-II 2023) 4. Het voordeel op economische categorie 1.1 Salarissen en sociale lasten is €875 hoger dan was voorzien bij Burap-II. 5. De baten op economische categorie 3.8 Overige goederen en diensten zijn €908 hoger dan was voorzien bij Burap-II. 6. De afschrijvingslasten op economische categorie 7.3 zijn €156 hoger dan was voorzien in Burap-II.
Voor verdere toelichting met betrekking tot de realisatie zie hoofdstuk 7.1.1 en 7.1.2. Het resultaat na bestemming A. Vanwege het vormen van de reserve Spoorzone in opdracht van de accountant: In de Managementletter 2023 heeft de accountant (PSA) een opmerking geplaatst met betrekking tot het project Spoorzone. Spoorzone werd tot vorig jaar verantwoord onder de ‘vooruit ontvangen bedragen’. Over het algemeen zijn dit soort middelen gekoppeld aan een verantwoordings- en terugbetalingsplicht richting de verstrekker van de bijdrage. Inmiddels is gebleken dat in dit geval die verantwoordings- en terugbetalingsplicht er niet is. Omdat deze gelden wél een specifiek bestedingsdoel hebben zal een (bestemmings)reserve gevormd moeten worden. B. Vanwege bestemmingsreserves Tijdens de vergadering van het Algemeen Bestuur d.d. 18-04-2024 zijn de volgende bestemmingsreserves besloten: Reserve Duurzaamheid
€ 400.000
Reserve Transitie Organisatie
€ 220.000
Reserve Aanbestedingstrajecten
€ 200.000
C. Vanwege een aanvullende dotatie in de reserve Crisisbeheersing en informatievoorziening Vanuit de extra BDUR-uitkering, ontvangen voor crisisbeheersing en informatievoorziening, resteert eind 2023 bovenop de reserve die al gevormd is bij BURAP-II nog een restant van € 75.576. Voorgesteld wordt om dit restant toe te voegen aan deze reserve (NB dit geld mag niet gebruikt worden om tekorten op reguliere taken te dekken maar mogen wel in een reserve worden gezet). D. Vanwege het ophogen van het weerstandsvermogen
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
41
In samenhang met de wens tot minder bestemmingsreserves is in het algemeen bestuur gesproken over de hoogte van het weerstandsvermogen. Deze hoogte is bepaald in 2016 en sinds die tijd niet meer geïndexeerd. In dit gesprek is een risico-analyse betrokken. De voorkeur gaat uit naar een hogere algemene reserve in plaats van verschillende potten als het gaat om afdekken van risico’s. Dit geeft enerzijds de VRZHZ ruimte om risico’s te beheersen en voorkomt anderzijds dat voor iedere onverwachte ontwikkeling de VRZHZ bij de gemeenten aan moet kloppen. Daarom heeft het algemeen bestuur op 18 april 2024 ingestemd het weerstandsvermogen te verhogen van € 510.000 naar € 1.100.000. Deze verhoging is gekoppeld aan de opdracht om in een vervolg financieel onderzoek de risico-analyse verder aan te scherpen als basis voor de bepaling van het gewenste weerstandsvermogen.
7.1.1
Lasten
Hieronder worden de grootste afwijkingen ten opzichte van Burap-II toegelicht. 1.1
Salarissen en sociale lasten voordeel €2.620.000 voordeel Incidenteel Door onderbezetting op de afdelingen Directie, Bedrijfsvoering, Risicobeheersing en Brandweerzorg, ontstaat per saldo een voordeel op de loonkosten van €2.620.000. Deze onderbezetting wordt veroorzaakt door krapte op de arbeidsmarkt en het niet invullen van vacatureruimte. Alleen al op de afdeling Risico en Crisisbeheersing is de onderschrijding €1.296.707. Met de extra BDuR gelden versterking crisisbeheersing en informatievoorziening is de afdeling Crisisbeheersing met 8 formatieplaatsen vergroot. De volledige salarislasten zullen pas in het jaar 2024 in de cijfers zichtbaar zijn. In 2023 heeft dit een extra een onderschrijding veroorzaakt van €386.411, dit bedrag is toegevoegd aan de reserve Crisisbeheersing en informatievoorziening. De vacatureruimte wordt gedeeltelijk ingevuld door inhuur (zie lasten economische categorie 3.5.1 ingeleend personeel).
3.5.1
Ingeleend personeel nadeel €746.000 Incidenteel Het door de krapte op de arbeidsmarkt niet kunnen invullen van vacatures heeft geleid tot het inlenen van personeel en levert een incidenteel nadeel op van -€786.000. Het nadeel op deze categorie wordt gedekt uit het voordeel op de categorie Salarissen en sociale lasten (zie lasten economische categorie 1.1 Salarissen en sociale lasten). Een deel van deze extra inhuur betreft Oekraïne en COA-projecten. Structureel €40.000 voordeel door het beëindigen van consultancycontract met Magenta
3.8
Overige goederen en diensten nadeel €19.819.000 Incidenteel Op deze kostencategorie zijn een aantal kostenplaatsen die leiden tot een incidenteel nadeel van €19.819.000. De meest in het oog springende afwijkingen worden nader toegelicht. Op projecten is een overschrijding van €19.267.801. Deze kosten betreffen de kosten in relatie tot Oekraïne en COA. Hier staan baten tegenover. De projecten worden via de balans (overlopende passiva) verwerkt. Het saldo op de productgroep projecten is nul.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
42
Het saldo van de baten en lasten voor het project Spoorzone werden tot vorig jaar verantwoord onder de ‘vooruit ontvangen bedragen’. Omdat deze gelden een specifiek bestedingsdoel hebben dient een (bestemmings)reserve gevormd te worden. Het nadeel van €885.358 zal worden onttrokken aan, de bij de resultaatbestemming gevraagde, te vormen reserve Spoorzone (zie baten economische categorie 3.8 Overige goederen en diensten) Verder zijn er nog diverse kleinere (< € 200.000) nadelen zoals; •
nadeel op schoonmaakkosten
•
nadeel op afvalverwerking
•
nadeel op huisvestingskosten
•
nadeel kosten vorming en opleiding vakbekwaam worden en blijven.
Incidenteel voordeel Op het project Versterking Crisisbeheersing is een voordeel van €458.165. Een gedeelte van dit bedrag is toegevoegd aan de reserve Crisisbeheersing en Informatievoorziening Verder zijn er nog diverse kleinere (< €200.000) voordelen zoals; •
voordeel op overige kosten en algemene beleidsontwikkeling en innovatie
•
voordeel op externe advieskosten
•
voordeel op kosten softwarelicenties en informatieveiligheid
•
voordeel op kosten communicatie
•
voordeel op huurkosten
•
voordeel op kosten RCC
Structureel Op deze kostencategorie zijn ook een aantal zaken die leiden tot een structureel nadeel van €850.000. De meest in het oog springende afwijkingen zijn; •
nadeel op de leergangen V&O
€391.000
•
nadeel energie en verwarming
€186.486
Verder zijn er nog diverse kleinere (< €200.000) nadelen zoals;
7.1
•
nadeel bijdrage Landelijke Meldkamer en contributies
•
nadeel schoonmaakkosten
•
nadeel kosten Arbo en keuringen
•
nadeel kosten vorming en opleiding Risico en Crisisbeheersing
Mutatie reserves nadeel €3.399.000 Incidenteel Na definitieve vaststelling van de jaarstukken 2022 (AB 29-06-2023 /93389_Jaarstukken 2022) heeft conform besluit een storting in de volgende reserves plaatsgevonden; •
Reserve huur Romboutslaan
€459.679
•
Reserve egalisatie kapitaallasten
€500.000
•
Reserve verhuizen RCC en inrichten Kohnstammlaan €489.927
Deze toevoegingen aan de reserves worden gedekt door een bijdrage van de gemeenten (zie baten economische categorie 4.3.2 Inkomensoverdrachten Gemeenten). Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
43
Conform het besluit van het Algemeen Bestuur van 07-12-2023 (95141_Burap-II 2023) zijn de volgende reserves gevormd/aangevuld; •
Reserve crisisbeheersing en informatievoorziening
€769.000
•
Reserve dekking kapitaallasten meubilair
€118.472
•
Reserve aanbestedingstrajecten
€200.000
•
Aanvulling reserve egalisatiekapitaallasten
€333.000
Verder is er een bijdrage van Spoorzone van €587.096 toegevoegd aan de reserve schuimtransitie. 7.2
Mutaties voorzieningen nadeel € 354.000 Incidenteel De voorziening verlofsparen is als gevolg van wettelijke wijzigingen gevormd in 2022. In 2023 heeft er een dotatie van €94.829 plaatsgevonden aan de voorziening verlofsparen. Dit is €43.662 meer dan begroot. Conform het besluit van het Algemeen Bestuur van 07-12-2023 (95141_Burap-II 2023) is de voorziening RVU (Regeling Vervroegde Uittreding) gevormd voor een bedrag van €310.000.
7.5
Overige verrekeningen nadeel €503.000 Incidenteel €418.276 betreft diverse desinvesteringen, deze kosten worden gecompenseerd door de incidentele baten met betrekking tot diverse verkopen (zie baten economische categorie 3.8 Overige goederen en diensten). Structureel Verder is er een structureel nadeel van €84.830
7.1.2
Baten
Hieronder worden de grootste afwijkingen ten opzichte van Burap-II toegelicht. 3.5.2
Uitgeleend personeel voordeel €442.000 Incidenteel Het voordeel van €383.000 op deze kostencategorie is te verklaren door het detacheren van personeel en het doorberekenen van kosten voor personeel aan het COA, USAR en Spinel. Structureel Een structureel voordeel van €60.000 ontstaat door de indexering van de door te belasten kosten voor personeel aan o.a. Spinel.
3.8
Overige goederen en diensten voordeel €8.225.000 Incidenteel In 2023 is een voordeel van €91.218 ontstaan door de vrijval van de voorziening frictiekosten. Diverse verkopen leiden tot een voordeel van €731.176. Deze opbrengsten compenseren het nadeel bij de lasten op economische categorie 7.5 overige verrekeningen.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
44
€270.841 is doorbelast aan Rijkswaterstaat voor het project Haringvlietburg en Heinenoordtunnel. De baten voor het project Spoorzone werden tot vorig jaar verantwoord onder de ‘vooruit ontvangen bedragen’. Omdat deze gelden een specifiek bestedingsdoel hebben dient een (bestemmings)reserve gevormd te worden. Het voordeel van €2.645.621 zal, na aftrek van kosten (zie lasten economische categorie 3.8 Overige goederen en diensten), worden gestort in, de bij de resultaatbestemming gevraagde, te vormen reserve Spoorzone. Netto zal een bedrag van €1.760.263 gestort worden in de reserve Spoorzone). Er is voor €587.097 onttrokken uit de reserve schuimtransitie. Verder is er een voordeel van €170.000 door extra inkomsten uit opleidingen en €120.000 voordeel door uitgevoerde werkzaamheden bij Materieel & Logistiek (werkplaats). De doorbelasting van Oekraïne en COA gezamenlijk bedraagt €3.293.744. Daarnaast zijn er nog opbrengsten voor USAR €273.632 Structureel Verder is hier een structureel voordeel bereikt van €30.000. 4.3.1
Inkomensoverdrachten - Rijk voordeel €15.851.000 Incidenteel €15.822.684 heeft betrekking op de compensatie van het Rijk voor de kosten van COA en Oekraïne Structureel Bijdrage 2023 25KV is €28.757 hoger dan geraamd.
4.3.2
Inkomensoverdrachten – Bijdragen gemeenten voordeel €1.332.537 Incidenteel Dit betreft een bijdrage van de gemeenten ten behoeve van de resultaatbestemming 2022 van €1.484.359 (zie ook lasten economische categorie 7.1 Mutaties reserves) De bijdrage van gemeente Dordrecht met betrekking tot FLO is €151.821 lager dan begroot.
5.1
Rente voordeel €363.609 Incidenteel Dit betreft de rente op de schatkistrekening. Door het afsluiten van een kasgeldlening van €10 mln. in combinatie met de gestegen rente is dit voordeel ontstaan.
7.1
Mutatie reserves voordeel €179.000 Incidenteel Per saldo is gedurende het jaar 2023 €179.294 meer onttrokken uit de reserves. In hoofdstuk 8.2.3 zullen de mutaties verder worden toegelicht.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
45
7.2
Overzicht algemene dekkingsmiddelen
De baten en lasten op de algemene dekkingsmiddelen kunnen als volgt worden weergegeven. Realisatie 2022
Primaire begroting
Begroting na wijziging
Realisatie 2023
Lasten Rentelasten
426.237
497.000
497.000
425.103
Aankopen niet duurzame goederen en diensten Toevoegingen aan reserves
204.154
76.671
396.704
3.795.324
Toevoegingen aan voorzieningen
1.223.852
778.338
813.207
1.166.869
Kapitaallasten
4.740.274
4.614.384
4.558.616
4.633.542
Overige verrekeningen van kostenplaatsen
3.040.915
Totaal lasten
9.635.432
BDUR
5.385.770
Overige inkomsten Rijk
2.586.301
Gemeentelijke bijdragen
-84.830
418.276
5.966.393
6.180.697
10.439.114
5.663.738
7.547.641
23.399.082
38.908.583
41.618.441
44.210.066
45.542.603
40.057
-1.000
Onttrekking reserves
1.622.935
710.774
921.251
1.100.545
Overige goederen en diensten
24.639.618
962.500
1.147.295
9.402.446
Baten
Rente
Overige verrekeningen van kostenplaatsen Totaal baten Totaal algemene dekkingsmiddelen
73.183.265
48.954.453
53.826.253
79.444.677
-63.547.832
-42.988.060
-47.645.556
-69.005.562
Toevoegingen en onttrekkingen reserves Voor de toelichting op de mutaties in de reserves wordt verwezen naar paragraaf 8.2.3. Brede doeluitkering rampenbestrijding (BDUR) Voor een specificatie van de ontvangen BDUR in 2023 wordt verwezen naar hoofdstuk 10. Gemeentelijke bijdragen
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
46
Gemeentelijke bijdrage
Gemeente
Maatwerk
Totaal
Alblasserdam
1.739.270
Dordrecht
13.150.573
Hendrik-Ido-Ambacht
2.323.502
2.323.502
Papendrecht
2.907.418
2.907.418
Sliedrecht
2.380.340
2.380.340
Zwijndrecht
1.739.270 1.001.030
4.450.791 Drechtsteden
26.951.894
14.151.603
4.450.791 1.001.030
27.952.924
Gorinchem
3.470.899
3.470.899
Hardinxveld-Giessendam
1.431.682
1.431.682
Molenlanden
4.582.138 Alblasserwaard
Hoeksche Waard
4.582.138 0
8.124.044 Hoeksche Waard
TOTAAL Bijdrage uittreedsom TOTAAL
9.484.719
9.484.719 8.124.044
8.124.044
0
8.124.044
44.560.657
1.001.030
45.561.687
-19.081 44.541.576
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
-19.081 1.001.030
45.542.606
47
7.3
Incidentele baten en lasten
In onderstaande tabel zijn de incidentele baten en lasten weergegeven. Incidentele baten en lasten
Realisatie
Primaire begroting
Begroting na
Realisatie 2023
wijziging Burap-II 2022
2023
2023
2023
Lasten
71.954
49.108
54.180
72.975
Baten
72.076
48.474
53.656
79.901
Saldo lasten en baten
122
-634
-525
6.926
Storting in reserves
204
77
397
3.795
Vrijval reserves Onttrekkingen reserves
1.623
711
921
1.101
Saldo mutaties reserves
1.419
634
525
-2.695
Gerealiseerd resultaat (A+B)
1.541
0
1
4.231
Incidentele lasten 8
Reserve algemene Reserve Reserve egalisatie kosten opleiden Reserve Veranderende Omgeving
76
Reserve Informatie gestuurd werken
278
Reserve Transitie Organisatie
81
Reserve Inhaalslag investeringen 81
Reserve Generatiepact
74
72
64 490
Reserve verh. RCC en inrichten Kohnstammlaan/LP 262
Reserve schuimtransitie
918
Reserve vervanging meubilair
118
Reserve huur Romboutslaan
460
Reserve duurzaamheid Reserve aanbestedingsprojecten
200
Reserve dekking kapitaallasten meubilair
118 769
Reserve crisisbeheersing en informatievoorziening
-1.541
Onverdeeld resultaat 2022 Incidentele lasten
89
74
334
2.031
Incidentele baten Reserve algemene reserve 86
Reserve egalisatie kosten opleiden Reserve Veranderende Omgeving
98
45
8
Reserve Informatie gestuurd werken
366
125
156
Reserve Transitie Organisatie
100
81
9
Reserve Inhaalslag investeringen
40
59
20
Reserve Generatiepact
41
20
50
44 142
Reserve verh. RCC en inrichten Kohnstammlaan/LP Reserve schuimtransitie
190
214
Reserve vervanging meubilair
118
118
Reserve huur Romboutslaan
141
132
Reserve duurzaamheid Reserve aanbestedingsprojecten 118
Reserve dekking kapitaallasten meubilair Reserve crisisbeheersing en informatievoorziening Incidentele baten
731
20
809
962
Saldo incidentele baten en lasten (A)
-642
54
-475
1.070
Structureel resultaat (B)
899
54
-473
5.301
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
48
7.4
Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves
In hoofdstuk 8.2. is een overzicht opgenomen van het verloop van de reserves. De mutaties in de reserves egalisatie kapitaallasten en dekking kapitaallasten worden aangemerkt als een structureel dekkingsmiddel. De reserve egalisatie kapitaallasten geeft inzicht in de methodiek van gemiddelde kapitaallasten en de werkelijke jaarlijkse kapitaallasten. De verschillen hiertussen worden door middel van deze egalisatiereserve gecorrigeerd zodat in de exploitatie de jaarlijkse kapitaallasten overeenkomen met de gemiddelde kapitaallasten. De mutatie in de reserve kapitaallasten is gelijk aan de afschrijvingstermijn van de daarbij behorende investering.
7.5
WNT-verantwoording 2023
Conform de Wet Normering Topinkomens is in onderstaand overzicht de bezoldiging opgenomen van het eerste leidinggevende niveau dat wordt aangemerkt als topfunctionaris. Het bezoldigingsmaximum van 2023 bedraagt €216.000. Binnen VRZHZ zijn geen functionarissen in dienst die een hogere bezoldiging genieten dan het in de WNT genoemde maximum voor 2023.
Bedragen x € 1 C.P. Frentz Gegevens 2023 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2023 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) (Fictieve) dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum -/- Onverschuldigd betaald bedrag Totale bezoldiging Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling Gegevens 2022 Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2022 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) (Fictieve) dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Totale bezoldiging
Algemeen directeur 01-01/31-12 1 Ja 170.987 22.621 193.608 223.000 N.v.t. 193.608 N.v.t. N.v.t. C.P. Frentz Algemeen directeur 01-01/31-12 1 Ja 144.085 22.526 166.611 216.000 N.v.t. 166.611
Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.900 of minder.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
49
In onderstaand overzicht zijn de toezichthouders opgenomen. De toezichthoudende taak hebben zij onbezoldigd uitgeoefend. Naam Dhr. A.W. Kolff Mw. R.W.J. Melissant-Briene Dhr. J.G.A. Paans Dhr. J. Heijkoop Dhr. J.W. Boersma Dhr. D.A. Heijkoop Dhr. J. Heijkoop Dhr. P. van der Giessen Dhr. Ch.B. Aptroot Dhr. F.D. van Heijningen Dhr. T.C. Segers Mevr. A.M.M. Jetten Mevr. M.J.M. van Driel Dhr. J.M. de Vries Dhr. W.H.J.M. van der Loo Dhr. T.J. Haan
Functie Burgemeester gemeente Dordrecht Burgemeester gemeente Gorinchem Burgemeester gemeente Alblasserdam Waarnemend burgemeester gemeente Alblasserdam Burgemeester gemeente Alblasserdam Burgemeester gemeente Hardinxveld-Giessendam Waarnemend burgemeester gemeente Hendrik-Ido-Ambacht Burgemeester gemeente Hendrik-Ido-Ambacht Waarnemend burgemeester gemeente Hoeksche Waard Burgemeester gemeente Hoeksche Waard Burgemeester gemeente Molenlanden Waarnemend burgemeester Papendrecht Burgemeester gemeente Papendrecht Burgemeester gemeente Sliedrecht Burgemeester gemeente Zwijndrecht Waarnemend burgemeester gemeente Zwijndrecht
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
Periode
tot 31 januari 2023 tot 29 maart 2023 per 30 maart 2023 tot 14 november 2023 per 15 november 2023 tot 12 oktober 2023 per 13 oktober 2023 tot 7 februari 2023 per 8 februari 2023 tot 7 maart 2023 per 8 maart 2023
50
8. Balans
Activa Vaste activa Immateriële vaste activa Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio en disagio
31 december 2023
5.801.586
31 december 2022
6.008.785 5.801.586
Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut
75.137.702
6.008.785
70.242.091 75.137.702
Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen Leningen aan deelnemingen Overige uitzettingen
18.000 1.740.000 0
Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden Gereed product en handelsgoederen
70.242.091
18.000 360.000 0 1.758.000
378.000
82.697.288
76.628.876
380.930
40.819 380.930
Subtotaal uitzettingen rentetypische looptijd < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist Rekening-courantverhoudingen met niet financiële instellingen Overige vorderingen
40.819
4.635.408 3.649.230
8.877.410 11.337.143
200.000
100.000
627.297
263.777 9.111.935
20.578.330
309.089 4.612.361
306.794 4.149.448
Totaal vlottende activa
14.414.315
25.075.391
TOTAAL GENERAAL ACTIVA
97.111.602
101.704.268
Liquide middelen Overlopende activa
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
51
Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Resultaat voor bestemming
31 december 2023
500.000 5.625.526 4.230.939
Voorzieningen Vaste schulden Binnenlandse banken en overige financiële instellingen Openbare lichamen
500.000 1.390.104 1.540.644 10.356.465
3.430.748
2.016.141
1.497.346
74.914.157
71.108.892 2.474.812
2.411.553
Totaal vaste passiva
31 december 2022
77.325.710
73.583.704
89.698.316
78.511.798
Vlottende passiva Netto vlottende schulden rentetypische looptijd < dan 1 jaar Kasgeldleningen Overige schulden
0 5.126.306
10.000.000 6.985.995 5.126.306
16.985.995
Overlopende passiva
2.286.980
6.206.475
Totaal vlottende passiva
7.413.286
23.192.470
97.111.602
101.704.268
TOTAAL GENERAAL PASSIVA
8.1
Grondslagen voor waardering, resultaatbepaling en rechtmatigheidsverantwoording
De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
52
vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. Grondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals opgenomen in de financiële verordening, de notitie Rechtmatigheidsverantwoording en de kadernota Rechtmatigheid van de Commissie B(esluit)B(groting)V(erantwoording). Dat betekent dat: -
De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten balansmutaties, en ook de baten en lasten van de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet;
-
De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: •
Voor het voorwaardencriterium de norm uit het normenkader zoals op 7 december 2023 door het Algemeen Bestuur is vastgesteld;
•
Voor het begrotingscriterium mogelijke onrechtmatige uitgaven als blijkt, dat gerealiseerde lasten zoals weergegeven in de jaarrekening hoger zijn dan de geraamde bedragen met in begrip van de laatste begrotingswijziging (begrotingsoverschrijdingen). De overschrijding kan namelijk in strijd zijn met het budgetrecht van het Algemeen Bestuur zoals geregeld in de gemeentewet. Voor de afsluitende oordeelsvorming is het van belang in hoeverre de begrotingsoverschrijding past binnen het door het Algemeen Bestuur geformuleerde beleid en/of wordt gecompenseerd door aan de lasten gerelateerde hogere inkomsten;
•
Ten aanzien van het M&O beleid heeft het Algemeen Bestuur op 7 december 2023 bepaald dat gezien de aard van de activiteiten van de Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid vooralsnog geen nadere inkleuring van specifiek beleid voor misbruik en oneigenlijk gebruik noodzakelijk is.
-
De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2023 van de Commissie BBV, onze eigen financiële verordening en de notitie Rechtmatigheidsverantwoording. Dit betekent dat: •
Een verantwoordingsgrens van 3% van het lastentotaal, inclusief dotaties aan reserves, (zijnde €2.304.000) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen;
•
Een rapporteringstolerantie van 1% (zijnde €768.000) is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen en toegelicht.
8.1.1
Activa
Immateriële vaste activa Dit betreffen eventuele kosten van onderzoek en ontwikkeling, het saldo van (dis)agio en bijdragen aan activa in eigendom van derden. De kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen worden geactiveerd en afgeschreven maximaal gelijk aan de looptijd van de lening. De immateriële vaste activa zijn gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met de op deze basis berekende afschrijvingen. De kosten van onderzoek en ontwikkeling voor een bepaald actief worden lineair afgeschreven in ten hoogste vijf jaar. De bijdragen aan activa in eigendom van derden worden lineair afgeschreven.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
53
Materiële vaste activa VRZHZ beschikt uitsluitend over materiële vaste activa met een economisch nut. Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. De overgenomen kazernes in 2013 zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs zijnde de boekwaarde waartegen de kazernes zijn overgedragen van de gemeenten naar VRZHZ. Slijtende investeringen worden vanaf het jaar na ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. In september 2014 heeft het AB besloten dat de kazernes behoren tot materieel vast actief met een maatschappelijke bestemming, wat betekent dat de verkrijgingsprijs minus afschrijving de balanswaardering is en dat niet afgeschreven wordt bij waardevermindering. Hier is alleen sprake van bij verkoop als blijkt dat de marktwaarde op dat moment kleiner is dan de boekwaarde. Er wordt in het jaar nadat het activum in gebruik is genomen afgeschreven op het actief. De gehanteerde afschrijvingstermijnen zijn opgenomen in de nota Waarderen en afschrijven.
Bij het oversluiten van de leningenportefeuille is door het AB op 14-10-2021 ingestemd met het uniformeren van de afschrijvingsmethodiek naar de lineaire methode per 1-1-2022.
Financiële vaste activa Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (“kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen” in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs, zal afwaardering plaatsvinden. De overige financiële vaste activa is gewaardeerd tegen nominale waarde.
Uitzettingen met een rente-typische looptijd korter dan 1 jaar en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt bepaald op basis van de geschatte inningskansen.
8.1.2
Passiva
Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De onderhoudsegalisatievoorzieningen stoelen op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan (een deel van) de kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake geformuleerd zijn.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
54
8.2
Toelichting op de balans per 31 december 2023
8.2.1
Vaste activa
Immateriële vaste activa Deze post betreft de kosten van de agio (boeterente) in verband met de herfinanciering van de leningenportefeuille. De kosten worden geactiveerd en afgeschreven in 30 jaar. Omschrijving
Boekwaarde 1-1-2023
Immateriële vaste activa
6.008.785
Totaal
6.008.785
Corr afschrijving
Investeringen
-
-
Desinvesteringen
-
Afschrijvingen
Boekwaarde 31-12-2023
207.199
5.801.586
207.199
5.801.586
Materiële vaste activa De materiële vaste activa betreffen activa met een economisch nut. Het verloop van de boekwaarden van de materiële vaste activa is als volgt. Omschrijving Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen Machines, appraten en installaties Vervoermiddelen Overige materiële vaste activa
Boekwaarde 1-1-2023 6.090.608 33.890.699 2.059.986 24.367.617 3.833.180 70.242.091
Herrubricering 1-1-2023
37.247 -37.247 -
Investeringen 44.196 192.414 8.513.637 1.545.823 10.296.070
Desinvesteringen
Afschrijvingen
743.276 23.641 766.917
1.091.218 377.671 2.262.588 902.067 4.633.544
Boekwaarde 31-12-2023 6.090.608 32.843.678 1.911.975 29.875.390 4.416.048 75.137.700
als gevolg van afrondingen kunnen kleine verschillen ontstaan
Kredieten In bijlage 5 is de staat van de kredieten opgenomen. De kredieten waarvan beargumenteerd wordt voorgesteld om deze mee te nemen naar 2024 zijn:
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
55
Artiklenr.
Omschrijving
AB-Besluit
Restant Krediet
Over te bregen
Af te sluiten
Reden niet afsluiten
46.436
Nee
wordt in 2024 gerealiseerd
39.054
39.054
Nee
aanhouden, restant doorschuiven naar 2024
484.064
484.064
Nee
onderzoek molenlanden, nieuwbouw of verbouwing
21.938
21.938
Nee
2022-0274
506.260
506.260
Nee
Voorbereiding loopt nog 70k / 90k wat dit jaar echt nog vervangen moet worden. Rest schuift door voor nieuwe werkplaats
70000107 DA (IM CoPI) 18-9796 Volkswagen Polo
2021-518
40.179
40.179
Nee
wordt doorgeschoven naar 2025
70000108 RV-AL 18-6351 Mercedes Benz Atego 6x2 Bepakking
2022-519
22.761
22.761
Nee
restant doorschuiven naar 2024
70000109 RV-AL 18-8151 DAF CF75 Bepakking
2022-519
22.959
22.959
Nee
restant doorschuiven naar 2024
70000110 RV-HW 18-6651 MB Bepakking
2022-519
3.374
3.374
Nee
restant doorschuiven naar 2024
70000119 HAB 22 schuimblussing 18-5462 Leebur
2021-518
1.287.529
1.287.529
Nee
wordt doorgeschoven naar 2024 (besteld, levering 2024)
70000120 HAB 20 schuimblussing 18-6764 Leebur
2021-518
1.288.075
1.288.075
Nee
70000126 PBM Kazernekleding
2021-518
789.149
789.149
Nee
wordt doorgeschoven naar 2024 (besteld, levering 2024) De kleding is besteld echter de leverancier heeft leveringsproblemen. De uitlevering stond gepland voor week 38 echter is voor onbepaalde tijd uitgesteld
70000134 RV-HW 18-5451 MAN TGS Bepakking
2022-519
22.959
22.959
Nee
restant doorschuiven naar 2024
70000135 RV-HW 18-6951 Scania P 360 Bepakking
2022-519
22.959
22.959
Nee
70000140 RV-HW 18-6951 Scania P 360
2023-93389
38.631
38.631
Nee
70000153 Bluskleding (1100x)
2022-519
56.806
56.806
Nee
restant doorschuiven naar 2024 laatste 10% van het krediet moet nog betaald worden, wordt mogelijk doorgeschoven naar 2024 Het restant bedrag is gereserveerd voor een aantal speciale maten.
70000157 Voorbereiding nieuwbouw Molenlanden
2022-915
5.058
5.058
Nee
70000158 Schuimblusvoertuig DDT (SZ)
2022-915
308.908
308.908
Nee
70000159 Schuimblusvoertuig ZW (SZ)
2022-915
535.650
535.650
Nee
70000164 COPI 18-9798 Commando Plaats Incident Voertuig
2023-94035
-91.400
-91.400
Nee
Voorbereiding loopt nog wordt doorgeschoven naar 2024 (besteld, levering 2024) krediet wordt in 2024 opgehoogd vanuit Spoorzone wordt doorgeschoven naar 2024 (besteld, levering 2024) krediet wordt in 2024 opgehoogd vanuit Spoorzone In 1e instantie doorgeschoven naar 2024. In 2023 aanbetaling gedaan.
70000171 Ritregistratiesysteem
2022-276
77.267
77.267
Nee
wordt doorgeschoven naar 2024
70000186 Duikcomputers
2023-94035
18.029
18.029
Nee
De aanbesteding gaat dit jaar nog starten.
70000191 Piketvoeruig (reserve)
2023-94035
51.511
51.511
Nee
wordt doorgeschoven naar 2024
70000192 Laadpalen Dordrecht
2023-94035
11.756
11.756
Nee
restant doorschuiven naar 2024
70000233 Verbouwing kantine LP
#N/B
-64.430
-64.430
Nee
Aanbetaling gedaan in 2023
5.545.483
5.545.483
70000025 18-801 Dienstauto
2022-0274
70000044 Pager & Paraatheidregistratie Pagers (2-weg)
2022-0274
70000060 Aanpassing Brandwijk AB 2019/1245
2022-0274
70000061 Voorbereiding nieuwbouw Sliedrecht
2022-0274
70000085 Apparatuur werkplaats veiligheidsvoor-zieningen 2020
Totaal
46.436
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
56
Financiële vaste activa Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2023 wordt in onderstaand overzicht weergegeven. Omschrijving Kapitaalverstrekkingen aan: deelnemingen Kapitaalverstrekking Subtotaal Leningen aan: deelnemingen Lening u/g Spinel Veiligheidscentrum Subtotaal
Boekwaarde 1-1-2023
Investeringen
Desinvesteringen
Aflossingen/ afschrijvingen
Afwaarderingen
Boekwaarde 31-12-2023
18.000 18.000 360.000 360.000 378.000
18.000 18.000 1.500.000 1.500.000 1.500.000
-
120.000 120.000 120.000
-
1.740.000 1.740.000 1.758.000
Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen In de Algemene Vergadering van 15 december 2016 hebben de aandeelhouders van Spinel Veiligheidscentrum B.V. en Zuid-Holland Zuid Participatie B.V. besloten tot fusie. Als gevolg van dit besluit, waarvan het Algemeen Bestuur VRZHZ op 15 december 2016 kennis heeft genomen, zijn de aandelen van Zuid-Holland Zuid Participatie B.V. vervallen en zijn de vermogensbestanddelen met ingang van 1 januari 2016 in Spinel Veiligheidscentrum B.V. verantwoord. Leningen aan deelnemingen In het Algemeen Bestuur van 25 november 2015 is besloten een lening te verstrekken aan de ZuidHolland Zuid Participatie B.V. voor een bedrag van €1.200.000. Door de fusie per 1 januari 2016 is de restant hoofdsom overgegaan naar Spinel Veiligheidscentrum B.V. De resterende looptijd van de lening is 3 jaar. De jaarlijkse aflossing bedraagt € 120.000 welke voor het eerst op 31 december 2016 heeft plaatsgevonden. Over de uitstaande hoofdsom wordt een rente ontvangen van 1,05% per jaar. In 2023 is er in verband met de gedane investering aan het bedrijfsgebouw bij Spinel Veiligheidscentrum een lening overeenkomst gesloten van €1.500.000. Deze geldlening heeft een looptijd van 15 jaar, tegen een vaste rente van 3,55% per jaar. De aflossing per kwartaal bedraagt €25.000 bedragen.
Jaarstukken 2023 – Veiligheidsregio Zuid-Holland Zuid
57
8.2.2
Vlottende activa
Voorraden De voorraden kunnen als volgt worden gespecificeerd. 31-12-2023
31-12-2022
Gereed product/handelsgoederen
380.930
40.819
Totaal
380.930
40.819
Uitzettingen korter dan 1 jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden. Omschrijving
31-12-2023
Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist Rekening courantverhouding Overige vorderingen Totaal
4.635.408 3.649.230 200.000 627.297 9.111.935
Voorziening oninbaar -
31-12-2023 na voorziening 4.635.408 3.649.230 200.000 627.297 9.111.935
31-12-2022 8.877.410 11.337.143 100.000 263.777 20.578.330
Liquide middelen Binnen de post liquide middelen kan het volgende onderscheid worden gemaakt. Omschrijving Banksaldi Totaal
31-12-2023 309.089 309.089
31-12-2022 306.794 306.794
Kwartaal 1 x € 1.000
Kwartaal 2 x € 1.000
Kwartaal 3 x € 1.000
Kwartaal 4 x € 1.000
Gemiddelde saldo overtollige middelen (4)
293
307
303
307
5) Drempelbedrag
984
984
984
984
6a) Ruimte onder drempelbedrag (5-4) 6b) Overschrijding van het drempelbedrag (4-5)
690 0
677 0
680 0