CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Ingekomen opmerkingen v bewoners op de Nota Zienswijzen.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 22 februari 2022, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 5: Vaststelling bestemmingsplannen Oost-Kinderdijk - Pijlstoep - Raadsvoorstel3.876 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Samenvatting van onze opmerkingen op de Nota Zienswijzen

Op 5 maart 2021 heb ik namens 13 bewoners van de appartementen Noordstaete I en II, twee zienswijzen ingediend met betrekking tot de ontwerp bestemmingsplannen Oost Kinderdijk 137-145 en Oost Kinderdijk 187a. Van de in totaal 20 eigenaren zijn er 5 die vanwege een betaling afzien van hun rechten. 1 eigenaar heeft zelf een zienswijze ingediend (4.10.2.) en 1 eigenaar was net verhuisd. In de Nota Zienswijzen Bestemmingsplannen Oost Kinderdijk - Pijlstoep d.d. 22 oktober 2021 zijn in totaal 15 zienswijzen beschreven en voorzien van een reactie van de Gemeente Alblasserdam. Op pagina 57 en 58 van deze nota is een overzicht gegeven van de ambtshalve wijzigingen en wijzigingen voortkomend uit de ingediende zienswijzen. Hieronder geef ik u een overzicht van een aantal onderwerpen uit de zienswijzen waarvan wij van mening zijn dat in de Nota Zienswijzen aanpassingen nodig zijn die niet voorkomen op de lijst van wijzigingen zoals in de vorige alinea is beschreven.

1. Onze zienswijze Oost Kinderdijk 187a is niet opgenomen in de Nota Zienswijzen. Zoals hierboven is beschreven heb ik namens 13 bewoners van de appartementen Noordstaete I en II, twee zienswijzen ingediend met betrekking tot de ontwerp bestemmingsplannen Oost Kinderdijk 137-145 en Oost Kinderdijk 187a. Tot onze verbazing en verbijstering hebben wij geconstateerd dat onze ingediende zienswijze Oost Kinderdijk 187a (zaaknummer 2562741) niet in de Nota Zienswijzen is opgenomen. In deze zienswijze is o.a. aandacht gevraagd voor de volgende onderwerpen: - Heien of boren. Deze is alleen opgenomen onder het Hoofdstuk Oost Kinderdijk 137-145, zienswijze 3.5.4. en ontbreekt in onze ‘verdwenen’ zienswijze, waarin wij dit onderwerp ook hebben opgevoerd. - Aanbrengen rookkanalen en rookoverlast. Op 1 zienswijze (4.10.2.) van de heer Croughs, is heel summier een reactie gegeven door de gemeente. “Het bestemmingsplan is niet het juiste instrument om duurzaamheidsaspecten, waaronder de wijze van verwarming van woningen, vast te leggen. In ons geval heeft dit niets te maken met duurzaamheidsaspecten maar alles met de volksgezondheid die hier in hoge mate in het geding is. Het onderwerp “rookoverlast” is nergens in de Nota Zienswijze genoemd. Wij hebben juist over het onderwerp rookoverlast in deze zienswijze zeer uitgebreid onze bezwaren kenbaar gemaakt.

Een korte samenvatting: “Zoals wij reeds in onze uitvoerige brief van 27 november 2020 hebben aangegeven, maken wij ons grote zorgen over de grote vermindering van ons woongenot, als gevolg van het aanbrengen van rookkanalen voor houtkachels en open haarden. Ook al heeft de projectontwikkelaar op 14 januari jl. de mondelinge toezegging gedaan dat hij afziet van het aanbrengen van rookkanalen bij de bouw, is dit geen enkele garantie dat wij gevrijwaard blijven van enorme rookoverlast als gevolg van het feit dat het bouwplan precies ten Noord Oosten van onze appartementen is gelegen, en op geringe afstand, omdat de bewoners na oplevering alsnog die rookkanalen zelf kunnen laten aanleggen. 1

In de “vuurlinie” wonen van 18 schoorstenen vlak onder onze ramen, is alleen al reden voor grote bezorgdheid om het inademen van giftige rookgassen. Deze overlast zal zich uiteraard eveneens gaan voordoen voor de bewoners van het naast ons nieuw te bouwen appartementencomplex, het ontwerp bestemmingsplan Oost Kinderdijk 137-145. In dit verband mag niet onvermeld blijven, dat nog zeer recent het RIVM haar emissiemodel heeft aangepast aan de normen zoals die in veel Europese landen als uitgangspunt worden genomen. Opvallend hierbij is, dat door de opname van “condenseerbaar fijnstof” in de emissiemodellen, de bijdrage van hout stook door consumenten aan de totale fijnstofuitstoot in Nederland stijgt van 10% naar circa 25%. Als we op de website van de Gemeente Alblasserdam als zoekopdracht “schone lucht” invoeren, komen we veel informatie tegen: - “Samen met 35 andere gemeenten en negen provincies tekende Alblasserdam op maandag 13 januari 2020 het “Schone Lucht Akkoord”. - Het actieprogramma “Alblasserdam heeft er schoon genoeg van! Met als ondertitel: “Samen sterk voor een schone lucht”. - Er is o.a. een “Stuurgroep Luchtkwaliteit” waarvan wethouder Kraijo voorzitter is. Hij laat op de website weten: “Luchtvervuiling is een sluipmoordenaar. Je ziet het niet, je ruikt het nauwelijks maar het kan ernstige gezondheidsproblemen veroorzaken.

Een schone lucht hoort bij een gezonde woonomgeving”. Wij achten het daarom absoluut noodzakelijk dat u onze zorgen, omtrent het gebruik van houtkachels en open haarden en de daardoor ontstane rookoverlast, serieus neemt. Het zou daarom, gezien de hiervoor genoemde beschreven goede voornemens met betrekking tot “schone lucht”, getuigen van goed en zorgzaam bestuur om in de te verlenen bouwvergunning een dwingende bepaling op te nemen, in dier voege, dat de toekomstige bewoners niet na oplevering alsnog zelf rookkanalen kunnen gaan aanbrengen, er tevens van uitgaand dat de projectontwikkelaar zijn toezegging nakomt om tijdens de bouw geen rookkanalen aan te leggen. Bij niet nakoming van deze toezegging zou het een goede zaak zijn om ook in de bouwvergunning een dwingende bepaling op te nemen waarmee het aanbrengen van rookkanalen tijdens de bouw niet wordt toegestaan. Een dergelijk verbod zou uitstekend passen binnen de afspraken en goede voornemens omtrent een schonere lucht in onze gemeente. Immers “een schone lucht hoort bij een gezonde woonomgeving”. Tot zover een verkorte versie van dit bezwaar. - De omvang van het bouwplan, incl. Pijlstoep. Het derde onderwerp in onze zienswijze Oost Kinderdijk 187a. In de vijftal zienswijzen te weten (4.1.10./4.5.4./4.8.2./4.10.1. en 4.12.1) is met name de bouwhoogte ingebracht en in alle gevallen met eenzelfde reactie van de Gemeente.

Onze zienswijze was daar niet bij. - Verkeersoverlast: Ons vierde en laatste onderwerp. Ook dit onderwerp is niet te vinden in de Nota Zienswijzen.

2

Onze conclusie/vragen: 1. Wij kunnen ons niet voorstellen dat onze zienswijze inzake Oost Kinderdijk 187a is vergeten. Bij het invoeren van het zaaknummer 2562741 is op www.alblasserdam.nl/zaakinfo deze zienswijze nog steeds te vinden. 2. Het woord rookoverlast komt niet voor in de Nota Zienswijzen. 3. Het is volgens ons, mede gezien dit voor ons uiterst belangrijke punt, nl. rookoverlast, niet denkbaar dat de Commissie Grondgebied en de Gemeenteraad een besluit neemt op basis van een onvolledig en op diverse punten onjuiste Nota Zienswijzen. 4. Op de website van de gemeente Alblasserdam bevestigt de gemeente dat er in Alblasserdam meer fijnstof in de lucht zit dan in omringende plaatsen. Het mede door Alblasserdam ondertekenende Schone Lucht Akkoord, heeft o.a. als doel om in 2030 te voldoen aan de (lagere) advieswaarden voor schone lucht van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). 5. Wat betekent de voortrekkersrol van Alblasserdam op het gebied van het tegengaan van luchtverontreiniging eigenlijk in de praktijk? 6. LAAT HET “SCHONE LUCHT AKKOORD” NIET VERWORDEN TOT EEN “SCHONE SCHIJN AKKOORD”. Misschien een tip: recent heeft de gemeente Utrecht een subsidie van € 2.000 beschikbaar gesteld voor inwoners die hun openhaard of houtkachel verwijderen.

2. Ontbreken van een volledige milieueffectrapportage. (zie in nota: 2.1.1./ 3.1.8./4.1.11./4.13.1.) In de reactie van de gemeente is o.a. te lezen dat de M.E.R. een hulpmiddel is in de besluitvorming en dat het milieubelang daarmee een volwaardige plaats krijgt. Voor een zogenoemd ‘stedelijk ontwikkelingsgebied’ verwijst de gemeente naar normen, zoals oppervlakte, het aantal te bouwen woningen en de grootte van een bedrijfsvloeroppervlakte. Op basis van deze drie beoordelingskaders is de gemeentelijke uitkomst dat kan worden volstaan met een zgn. ‘vormvrije’ m.e.r. beoordeling en zou het opstellen van een milieueffectrapportage niet noodzakelijk zou zijn. Onze conclusie: 1. Het eerder in de reactie van de gemeente genoemde milieubelang, dat een volwaardige plaats zou krijgen in de besluitvorming, wordt na enkele regels volledig genegeerd. 2. De Provincie Zuid-Holland stelt in haar zienswijze o.a. dat er geen sprake is van bestaand stedelijk gebied in de zin van art. 1.1.1 onder h van de Bro. Ook in de toelichting van de Omgevingsverordening Zuid-Holland wordt opgemerkt dat de glastuingebieden en verspreid liggende kassen niet als BSD worden beschouwd. 3. De zgn. “vormvrije” m.e.r. beoordeling is kennelijk een gevolg van het standpunt van het College, gepubliceerd op de gemeente pagina van de Klaroen van 24 februari 2021, dat een m.e.r.

procedure niet noodzakelijk is omdat “uit de bestemmingsplannen blijkt dat door de voorgenomen activiteit geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zich voordoen.”

3

Dit wordt ook nog eens bevestigd door een reactie van de gemeente op een vraag van een reclamant dat de herontwikkeling ten koste gaat van het woon- en leefklimaat van omwonenden. Zie 4.1.5. De reactie van de gemeente: “Uit deze beoordeling blijkt dat er sprake is van een goede ruimtelijke ontwikkeling en dat er geen afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefklimaat. Meer specifiek geldt daarbij dat het huidige kassencomplex gezien kan worden als een milieuhinderveroorzakende functie die wordt ingewisseld voor een woonfunctie (niet-milieuhinderveroorzakend”). Hoe bestaat het: een niet gestookte kas, waar gemiddeld 3 keer per week een voertuig naar toe gaat en omgeven wordt door een landgoedbiotoop, kan worden gezien als een milieuhinderveroorzakende functie terwijl een nieuwe woonfunctie waarbij max. 18 openhaarden/houtkachels gebruikt mogen worden en bovendien een totale parkeerbehoefte heeft van 63 parkeerplaatsen (3.4.1.) is dan opeens niet-milieuhinderveroorzakend. Bovendien: hoezo is er geen sprake van cumulatie (3.1.8.) Welnu, als er iets duidelijk is dan is het wel het feit dat als gevolg van de bouwplannen juist wel belangrijke nadelige gevolgen zich voordoen en wel speciaal op het terrein van de volksgezondheid.

Het zou verstandig geweest zijn informatie op te vragen bij de Commissie voor de Milieueffectrapportage in Utrecht, waarin wordt beschreven dat de gezondheidseffecten een belangrijke rol dienen te spelen in een milieueffectrapportage. Daarin wordt o.a. geadviseerd specifiek aandacht te besteden aan het realiseren van een gezonde leefomgeving, waarbij het niet alleen gaat om het beperken van bijv. luchtverontreiniging en geluidhinder, maar ook om de inrichting van de leefomgeving. In dit verband is het nuttig op te merken dat er reeds vanaf februari 2021 een landelijk onderzoek loopt naar het implementeren van houtstookvrije nieuwbouwwijken. Een gemeente die zich een voortrekkersrol aanmeet op het gebied van bestrijding van luchtverontreiniging zou op zijn minst moeten onderzoeken of het mogelijk is om in dit bestemmingsplan te starten met rookvrije woningen d.w.z. een verbod op het aanleggen van rookkanalen. Zowel de WHO: (“jaarlijks overlijden er naar schatting 7 miljoen mensen aan de gevolgen van luchtvervuiling”) als het RIVM waarschuwen voor de enorme gevolgen van luchtverontreiniging op de gezondheid.

3. Natuurgebied. (zie in nota: 2.3.2.) Het is volgens reclamant onjuist dat door de sloop van de wasserij een stukje natuurgebied ontstaat dat het recreatiegebied versterkt en dat kan dienen als compensatie voor de ontwikkeling aan de Oost Kinderdijk 187a. De reactie van de gemeente hierop is dat er geen sprake is van een stukje natuurgebied ter compensatie van de ontwikkeling aan de Oost Kinderdijk 187a. De vraag is nog nooit duidelijk beantwoord waarom het College in de RIB van 29 januari 2019 voorstelt akkoord te gaan met de wijzigingen t.o.v. de RIB van 4 december 2018 met alleen als argument dat het op verzoek is van de projectontwikkelaar. Hier laat zich de vraag stellen wie eigenlijk de regie voert in Alblasserdam. Is dat de gemeente of is dat de projectontwikkelaar die zo ongeveer carte blanche heeft gekregen om te doen wat hij nodig vindt. 4

De opstellers van de Nota Zienswijzen kijken helaas niet verder achterom dan vanaf de ontvangst van de eerste ingezonden zienswijze. In de Raadsinformatiebrief van 29 januari 2019 staat onder het kopje wijzigingen: “Op de locatie Pijlstoep stonden aanvankelijk 4 woningen ingetekend. In het aangepaste plan zijn deze woningen komen te vervallen en is de wens is van de projectontwikkelaar om het vrijkomende kavel te splitsen in een gedeelte bestemd voor tuin en een gedeelte bestemd voor “natuur”. De ontwikkelaar geeft hierbij aan dat dit alleen onder de conditie kan worden ontwikkeld, als de rest van het plan (Jonker en Baas) op de voorgestelde manier kunnen worden ontwikkeld. Achtergrond is dat de oplossing voor de Pijlstoep vanwege aankoop, sloop en deel saneren tot een fors verlies lijdt.” Verderop in deze Raadsinformatiebrief verklaart de verantwoordelijk wethouder Kraijo: “Met name het afzien van bebouwing op de Pijlstoep locatie wordt als positief beoordeeld. Een gedeelte van dit gebied kan daardoor bij het Lammetjeswiel worden betrokken. Hierdoor kan de natuurwaarde en recreatiewaarde van het gebied toenemen. Deze verandering kan ook worden beschouwd als (gedeeltelijke) compensatie voor een eventueel verlies aan natuurwaarde op de locatie Kassen Jonker, waar de bebouwing dichter op de grens van het perceel komt te liggen dan de huidige bebouwing”.

Wij brengen in herinnering dat in de RIB van 4 december 2018 op een correcte manier, door middel van roodgekleurde vlakken, is aangegeven wat precies de oppervlakte is van de te bebouwen percelen. Het is verbazingwekkend als daar een hoog geclassificeerde natuur beschermingsstrook, die door de Provincie is vastgesteld, ineens zonder duidelijke uitleg voor bebouwing in aanmerking kan komen. Onze conclusie: 1. Het gestelde in de Nota van Zienswijzen dat er van compensatie van natuurgebied, ten koste van de locatie Oost Kinderdijk 187a, geen sprake is, is dus volledig onjuist. 2. Dat, mocht er al sprake zijn van een toename van de natuurwaarde en recreatiewaarde door de verlaging van het bouwvolume aan de Pijlstoep, hetgeen reclamant tegenspreekt, kan die natuurwaarde nooit worden gebruikt ter vervanging (compensatie) van een deel van een landgoedbiotoop op de locatie Jonker. Dat daardoor meer bebouwing plaats zou kunnen vinden is ook voor de Provincie in strijd met de bestaande gebiedsidentiteit. De Provincie deelt ook niet de conclusie dat er hier sprake zou zijn van “inpassing”. Zie ook onze opmerkingen op pagina 3 (conclusie 2) en het hoofdstuk 5: Landgoedbiotoop/ruimtelijke kwaliteit/Provincie, op pagina 7 en 8 van deze samenvatting. 3. Ook in een Raadsmemo van wethouder Kraijo, d.d.

7 mei 2019, wordt dit nog eens bevestigd: “Een verdere verschuiving van de geplande woningbouw op de Jonker locatie richting de Oost Kinderdijk, ten gunste van natuur en water aan de noordzijde (welke ook wordt overgedragen aan de Groene Long). Daarnaast heeft de initiatiefnemer enkele woningen anders gepositioneerd naast de bestaande kassen in het betreffende plangebied. Daarbij blijft hij binnen de grenzen van het maximum aantal toelaatbare woningen”.

5

Opmerkelijk is de volgende passage in deze raadsmemo: “Met het presidium is afgesproken dat informatie verstrekt via een raadsmemo wel als ingekomen stuk wordt geregistreerd, maar niet geagendeerd wordt voor een commissie- of raadsvergadering, tenzij een lid van een commissie of de raad hier via de griffier om verzoekt.” 4. Bouwhoogte en bomenkap. (zie in nota: 4.1.10./4.5.4./4.8.2./4.10.1/4.11.1./4.12.1 Door meerdere reclamanten, waaronder de Provincie Zuid-Holland, is aangegeven dat de voorgestelde bouwhoogte van 13 meter, met name van de voorgenomen bebouwing op de locatie Oost Kinderdijk 187a, aanzienlijk hoger is dan de huidige kassen en dus niet passend. De gemeente heeft als reactie aangegeven dat het bestemmingsplan is aangepast. Volgens de bijgevoegde tekening wordt de goot-/bouwhoogte 7 resp. 11 meter. Op 5 maart 2021 zijn, in opdracht van Bogor, ‘opruimwerkzaamheden’ uitgevoerd in een deel van de biotoop ten noorden en noordwesten van de huidige kassen. Met groot machtsvertoon van materieel en manschappen zijn echter grootschalige vernielingen aangebracht aan het betreffende terrein en een privé verkeerspaaltje op de afrit naar dit gebied. In de loop van de middag zijn door de gemeente deze ‘werkzaamheden’ dan ook stilgelegd. Hierbij valt op dat de houding van de gemeente buitengewoon ambivalent is waar het betreft het met grof geweld clandestien kappen van bomen.

Enerzijds de omgeving geruststellen met de mededeling van het opleggen van een herplant plicht en tegelijkertijd in de Nota Zienswijzen meedelen dat er alsnog een vergunning kan worden aangevraagd. Naar onze mening is dit de wereld op zijn kop. Als iemand dus met 80 km per uur over de dijk scheurt, wat bijna dagelijks gebeurt, en deze persoon wordt aangehouden (wat nooit gebeurt) vraagt dan de agent aan de bestuurder ‘rijdt nog even terug en dan met 50 km. per uur, dan krijg je geen bekeuring’. Wie heeft hier de mantel der liefde uit de kledingkast gehaald? Beseft de gemeente nu helemaal niet, dat met de onduidelijke houding dit zeer omstreden ontwerp bestemmingsplan bij omwonenden totaal ongeloofwaardig is geworden? Door het kappen van een fors aantal bomen en struiken (in dit geval volledige kaalslag) is o.a. de opname en afvoer van regenwater verstoord. Vanaf maart 2021 is duidelijk te zien dat dit perceel vaker (deels) onder water staat en/of bijzonder drassig is geworden. Het bodemniveau in de kassen is gelijk aan het niveau van de ‘opgeruimde’ terreinen. Onze conclusie/vragen: 1. Dit betekent dat, alvorens er überhaupt gebouwd zou kunnen worden, er een ophoging van minstens 1,5 meter van grond en zand zal plaatsvinden, waardoor de bouwhoogte in de nieuwe situatie (zoals de gemeente stelt) op ca. 11 meter uitkomt.

Ten opzichte van de huidige situatie is dit echter nog steeds een (bouw-) hoogte van bijna 13 meter. 2. Een reclamant uit zijn ongenoegen over het kappen van vergunning plichtige bomen in het plangebied. De gemeente is het eens met reclamant dat het kappen van bomen volgens de regels (uit de APV) moet plaatsvinden. Voor zover er bomen zijn gekapt zonder de vereiste vergunning, is initiatiefnemer er op gewezen dat die vergunning nog moet worden aangevraagd. Waarom werd dan dit hak- en breekwerk door de gemeente stilgelegd? Deze houding is volstrekt niet meer te begrijpen.

6

5. Landgoedbiotoop/ruimtelijke kwaliteit/Provincie (zie in nota: 4.1.3./4.5.1./4.8.1./4.12.1.2.3.) Meerdere reclamanten, waaronder de Provincie Zuid-Holland, wijzen erop dat het plangebied deel uitmaakt van een landgoedbiotoop en zijn van mening dat de beoogde woningbouwontwikkeling hiermee niet te verenigen is. In de reactie van de gemeente wordt dit bevestigd maar wordt verwezen naar het IMRO rapport van Stichting in Arcadië. In dit rapport wordt gesteld dat de contour van de landgoedbiotoop (perceel A volgens de tekening op blz. 13 van het rapport) arbitrair is te noemen. Verder is in het rapport vermeld dat de planontwikkeling voorziet in een gebiedseigen ontwikkeling, die qua aard en schaal aansluiting zoekt bij de kernmerken van de omgeving. Er is sprake van inpassing, aldus Arcadië. De conclusie van Arcadië is dat perceel A geen onderdeel uitmaakt van de landgoedbiotoop. Echter volgens de huidige regels kan van nieuwbouw alleen sprake zijn in het geval van versterking of verbetering. Voor wat betreft onderdeel B (op dezelfde tekening) ten noorden van het plangebied, wordt wel expliciet vermeld dat hier niet op gebouwd wordt en dat deze kavel niet tot het plangebied zou behoren.

Wanneer dan ook de Provincie nog in een uitvoerige zienswijze schrijft dat het stedenbouwkundige plan onvoldoende inspeelt op de groene omgeving en dat het plan ook qua aard en schaal afwijkt van de huidige situatie, waarom is de gemeente dan niet teruggekeerd naar de plannen zoals die zijn gepresenteerd in de RIB van 4 december 2018, die tenslotte door de gehele raad zijn goedgekeurd? Ook zijn de plannen in strijd met de stedelijke groen- en waterstructuur. Eveneens in strijd met de linten (respect voor historische gaafheid van een lint behoort richtinggevend te zijn). Voorts is het plan volgens de Provincie in strijd met het beleid dat is gericht op het behoud van de doorzichten vanaf de dijk op het achterliggende landschap. Vervolgens merkt de Provincie op dat grote bouwvolumes op deze plaats niet passend zijn. Bij het transformeren van het perceel naar woningbouw dient daarom rekening te worden gehouden met doorzichten vanaf de dijk en een beperkte maat van bebouwing. De bebouwing dient aan te sluiten bij de karakteristieken van de parkachtige omgeving. In de huidige plannen is dit onvoldoende het geval en wordt niet voldaan aan de zichtpunten voor “linten” en rivierdijken”. Vervolgens merkt de Provincie het volgende op: uit het voorgaande blijkt dat de ruimtelijke kwaliteit door het voorgenomen plan verslechtert en dat het daarmee in strijd is met artikel 6.9.

(zijnde de regels voor ruimtelijke kwaliteit). Ook merkt de Provincie nog op “dat er geen sprake is van bestaand stedelijk gebied.” Conclusie van de Provincie: “Het ontwerp bestemmingsplan voorziet daarom ten onrechte niet in een onderbouwing waarom de beoogde woningen niet op een locatie binnen BSD gerealiseerd kunnen worden. Het ontwerp bestemmingsplan is op onderdelen, zoals hierboven genoemd, niet in overeenstemming is met het provinciaal (ruimtelijk) beoordelingskader.

7

Op meerdere onderdelen in de Nota Zienswijzen is aangegeven dat de gemeentelijke Erfgoedcommissie is betrokken bij het toetsen van bepaalde plannen of onderdelen daarvan. Wij betreuren het dat deze adviescommissie hoofdzakelijk bestaat uit leden vanuit eenzelfde discipline en van buiten de gemeente Alblasserdam komen. Hierdoor is het naar onze mening niet mogelijk voldoende zicht te hebben de grote cultuur-historische waarden in deze directe omgeving, zoals het landgoed Huis te Kinderdijk, doorzichten vanaf de dijk en het historische dijklint. Onze conclusie/vragen: 1. Hoe kan hier sprake zijn van een ‘stedelijk ontwikkelgebied BSD’, als in het door de gemeente opgevoerde rapport van de Stichting in Arcadië, op pagina 15, is geconcludeerd dat ten aanzien deze bouwplannen er sprake is van inpassing. 2. Arcadië noemt de contour van perceel A eerst arbitrair en vervolgens stelt zij vast dat perceel A geen onderdeel uitmaakt van de landgoedbiotoop, hetgeen dus ook arbitrair is. 3. De gemeente reageert in de Nota Zienswijzen dat het voor deze ontwikkeling passender is om te stellen dat sprake is van transformatie in plaats van inpassen. Wat is dan nog de waarde van dit onderdeel in het rapport van Arcadië? 4. Hoe kan het dat de gemeente alle argumenten van de reclamanten afwijst en zich blijft beroepen op een inferieur rapport van Stichting in Arcadië. 5.

Zijn er gesprekken geweest met de Provincie hierover? Zo ja, wie heeft die gesprekken gevoerd en wat zijn de uitkomsten van die gesprekken. Waarom is dit niet openbaar?

Tot slot: één van onze bewoners heeft, naast het mede ondertekenen van de in de aanhef genoemde zienwijzen, zelf nog een zienswijze ingediend. Tot zijn, en ook onze verbazing, wordt dit democratische recht door de heer Bouter van Bogor B.V. beantwoord met bedreigende brieven, waarin vriendelijk doch dringend wordt verzocht zijn zienswijze in te trekken. “Indien en voor zover u daartoe niet per ommegaande overgaat, stellen wij u aansprakelijk voor alle door ons geleden en nog te lijden schade als gevolg van uw onrechtmatig handelen”. Afgezien van de emotionele gevolgen door deze brieven heeft het ook grote financiële gevolgen voor betrokkene. Hij heeft immers juridische ondersteuning moeten inroepen en is om niet minder dan drie verschillende redenen in het gelijk gesteld. Wij gaan ervan uit dat de gemeenteraad en het college van B.& W. volledig afstand nemen van deze ernstige vorm van bedreiging en de betreffende bedreiger hierop aan zullen spreken.

Namens 13 bewoners van Noordstaete I en II

H.W.Singewald Oost Kinderdijk 165a 2953 CK Alblasserdam Zie toevoeging volgende pagina. 8

P.s.: op 21 december 2021 hebben wij per e-mail aan het College gevraagd nog dit jaar de Nota Zienswijzen zowel digitaal als afgedrukt te mogen ontvangen, vanwege het feit dat niet alle bewoners over internet beschikken. Wij hebben hier geen enkele reactie op gehad, laat staan de gevraagde stukken.

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/248/documents/6495