CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

GHOR-ZHZ_Zorgrisicoprofiel_DEF-Lage-Resolutie.pdf

Bijeenkomst Informatie & Opinie (BIO) 10 juni 2025, gemeente Alblasserdam13.871 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Gebouwde omgeving

Branden en instorting kwetsbare objecten

Grote brand in ruimte met niet of verminderd zelfredzame personen

Gebouwen met niet of verminderd zelfredzame personen zijn binnen de regio Zuid-Holland Zuid grotendeels gevestigd in dichtbebouwde gebieden. Bij zorginstellingen komt de kwetsbaarheid bij een grote brand voort uit de beperkte mate van zelfredzaamheid van de aanwezigen.

Technologische omgeving

Ongevallen met giftige stof in de open lucht

Incident transport (gevaarlijke) goederen en personenvervoer

De regio Zuid-Holland Zuid is een doorvoerroute van (gevaarlijke) goederen per buisleiding, de weg, het water en het spoor vanuit o.a. de Rotterdamse haven naar België en Duitsland. Daarnaast zijn ongevallen met personenvervoer binnen de regio denkbaar op verschillende trajecten. Trein- en busvervoer vindt binnen de regio in grote frequentie plaats waardoor het risico aanwezig is op een aanrijding of ontsporing.

Vitale infrastructuur en voorzieningen

Verstoring vitale infrastructuur

Uitval elektriciteitsvoorziening

Elektriciteit is onderdeel van de vitale infrastructuur. Masten en kabels voor elektriciteit kunnen tijdens een koudegolf onder het gewicht van ijzel bezwijken. Wanneer de stroom plotseling uitvalt door een kabelbreuk, heeft dit gevolgen voor de dagelijkse gang van zaken van zorginstellingen en/of thuiswonenden met medische hulpmiddelen.

Digitale verstoring Een cyberaanval kan de oorzaak zijn van een verstoring van de telecommunicatienetwerken. Door een digitale verstoring kan er mogelijk niet worden getelefoneerd en is het gebruik van internet onmogelijk. Cruciale informatiesystemen kunnen daardoor mogelijk niet bereikbaar zijn. Gezondheid

Bedreiging volksgezondheid

Pandemie

Zoals we tijdens de COVID-19 crisis hebben gezien, brengt een pandemie veel gevolgen met zich mee. Een pandemie kan impact hebben op meerdere zorginstellingen en de maatschappelijke onrust die daarbij speelt kan zorgen dat de druk op het zorgsyteem verder toeneemt.

25

Bijlage 2 - Disbalansen van zorg

1. Disbalans Sluiting van (delen van) de locatie Het sluiten van (delen van) een locatie voor verpleging en verzorging is nodig als cliënten niet langer in (dat deel van) de locatie kunnen blijven. Ontruimen verloopt volgens het vastgestelde ontruimingsplan van de instelling. Onderstaande denkkaarten richten zich dan ook juist niet op het ontruimen als zodanig, maar op alle andere stappen of gevolgen die kunnen optreden bij een (gedeeltelijke) ontruiming. 2. Disbalans Groot aanbod van cliënten Wanneer (een gedeelte van) een (naburige) locatie is ontruimd, moeten cliënten tijdelijk elders worden opgevangen. Dit kan leiden tot een plotselinge toename van cliënten in (een gedeelte van) een andere locatie, voor korte of langere tijd. De hulp biedende organisatie die de opvang realiseert, zal de zorg voor deze cliënten moeten organiseren in samenwerking en afstemming met de organisatie in nood. 3. Disbalans Verplaatsen van cliënten Cliënten zijn over het algemeen minder mobiel en niet altijd zelfredzaam. Sommige cliënten zijn gebonden aan een rolstoel of bed. Inpandig worden cliënten verplaatst volgens het vastgestelde ontruimingsplan van de instelling. Voor het verplaatsen van cliënten buiten de eigen locatie is een overzicht nodig van de noodzakelijke specialistische vervoerscapaciteit. Maak waar mogelijk gebruik van de eigen vervoersmiddelen van de organisatie.

Denk daarnaast ook aan de mogelijkheid tot het gebruik van externe vervoersmaatschappijen. Bij liggend vervoer gaat dit in overleg met de hulpdiensten. 4. Disbalans Tekort aan personeel Een tekort aan medewerkers kan al snel een bedreiging vormen voor de continuïteit van zorg. Tekort aan personeel kan acuut en minder acuut ontstaan. Bij een acuut personeelstekort zal een organisatie allereerst de zorg prioriteren. De omstandigheden bepalen welke van onderstaande stappen belangrijk zijn en moeten worden ingezet.

snel mogelijk de nutsvoorzieningen weer te leveren. Soms komen storingen voor die langer duren of lastiger op te lossen zijn. Daarom is het belangrijk om kritische processen en afhankelijkheden van de organisatie in kaart te brengen en procedures te ontwikkelen ter voorbereiding op een eventuele uitval van voorzieningen. 6. Disbalans Logistieke stagnatie Problemen met de bevoorrading van een organisatie kunnen ontstaan bij een calamiteit waarbij de organisatie betrokken is, maar ook problemen van leveranciers kunnen zorgen voor stagnatie van leveringen. Logistieke stagnatie kan acuut en minder acuut voor problemen zorgen. 7. Disbalans Uitbraak infectieziekten Bacteriën en virussen die infecties veroorzaken, kunnen grote invloed hebben op de zorg. Het brengt aanzienlijke ziektelast of ziekteverzuim met zich mee. Bij de gevolgen van uitbraak van infectieziekten kan veel in de voorbereiding doorgedacht en in procedures op papier gezet worden. Gebruik hierbij de landelijke richtlijnen van de Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding (LCI). 8. Disbalans Digitale verstoring Onder digitale verstoring verstaan we iedere verstoring van een digitaal (ICT-)systeem die door toeval, een fout of opzet ontstaat.

De verstoring raakt de betrouwbaarheid en/of bereikbaarheid van een gedigitaliseerd proces, (informatie)systeem of informatiedienst waardoor de dienstverlening niet of nauwelijks meer functioneert of toegankelijk is. Digitale verstoringen zijn niet volledig te voorkomen. Tegelijkertijd zijn we steeds afhankelijker van ICT en telecom, worden de systemen complexer, en de risico’s van uitval dus groter. Daarom is het voor de organisatie belangrijk om kritische processen en afhankelijkheden van digitale systemen in kaart te brengen. Het ontwikkelen van planvorming ter voorbereiding op een eventuele digitale verstoring is belangrijk.

5. Disbalans Uitval nutsvoorzieningen Mensen en organisaties zijn in grote mate afhankelijk van nutsvoorzieningen zoals elektriciteit, water en gas. Soms blijkt bij uitval pas hoe groot de afhankelijkheid van de organisatie precies is en hoe lastig het kan zijn om alternatieven te realiseren. De producenten en leveranciers van elektriciteit, water en gas hebben de verantwoordelijkheid om de veiligheid en betrouwbaarheid van het net en het transport van de nutsvoorzieningen te borgen. Ook hebben zij de inspanningsverplichting om zo 26

Bijlage 3 - Uitwerking van bevindingen, conclusies en aanbevelingen per incidenttype 1. Uitval elektriciteit Bevindingen op het gebied van zorgcontinuïteit en logistiek Personeel Tijdens een stroomuitval is de beschikbaarheid van personeel erg belangrijk. Personeel kan helpen om handelingen die door systemen werden overgenomen weer zelf te doen. Of dit nu gaat over behandelen van patiënten, of over de registratie van bijvoorbeeld het toedienen van medicatie. Zorginstellingen worden ook meer op zichzelf aangewezen omdat doorstroom van patiënten binnen het getroffen gebied bemoeilijkt wordt. Belangrijk hierin is dat het personeel tijdig wordt opgeroepen, voordat bijvoorbeeld de reguliere communicatiesystemen niet meer werken. Noodstroom Noodstroom lijkt voor een groot deel in de weg te staan van zorgcontinuïteit. Verschillende instellingen zijn niet aangesloten op noodstroom waaronder ook huisartsen die aanwezig moeten blijven voor opvang van patienten. Bovendien is niet overal bekend welke functionaliteiten het nog doen met of zonder noodstroom. Denk hierbij aan nooddeuren, sloten van beveiligde afdelingen en dergelijke.

thuis plaatsvinden wanneer 112 uitvalt en kan ook thuismonitoring door ziekenhuizen niet meer plaatsvinden. Cruciale voorzieningen Een stroomstoring geeft op veel plekken snel problemen in cruciale voorzieningen: • Navigatie bij ambulances. • Monitoren en andere digitale voorzieningen op de ambulance. • Tilliften • Uitluistersystemen • Beveiligde deuren. • Zuurstof • Persoonsalarmering. • Bereikbaarheid van instellingen

Bevindingen op het gebied van informatiemanagement Een belangrijk punt in de informatievoorziening is de informatie hoelang de storing duurt. De GHOR heeft hier een belangrijke rol in, omdat elektriciteitsbedrijven vaak niet goed bereikbaar zijn in zo’n situatie.

Sommige instellingen hebben een contract met een aggregatenleverancier, waarbij het van belang is om aandacht te hebben voor de zekerheid van dat contract bij een grote stroomuitval en meerdere partijen hier aanspraak op doen. Na een relatief beperkte tijd komen al veel instellingen in de problemen, namelijk vanaf 4 uur. Voorraden en logistiek Een langere stroomstoring zal leiden tot problemen in de logistiek. Als voorraadsystemen uitvallen, dan leidt dit tot een gebrek aan overzicht wat nodig is. Veel instellingen hebben bovendien een beperkte voorraad, wat snel kan leiden tot problemen. Afstemming binnen de keten en onderlinge hulp lijkt hier erg belangrijk te zijn. Cascade effecten Een stroomstoring heeft verschillende cascade-effecten in zich. Zo kan bijvoorbeeld onderlinge doorstroming moeilijk plaatsvinden, kunnen bevallingen niet meer 27

Bijlage 3 - Uitwerking van bevindingen, conclusies en aanbevelingen per incidenttype Interne informatiesystemen Interne informatiesystemen vallen uit, waardoor vaak overgegaan moet worden op improvisaties. Dit betekent uiteindelijk dat er veel handwerk zal moeten plaatsvinden, maar dat sommige informatie over actuele aanvragen of bestellingen niet meer zichtbaar zijn. Dit kan leiden tot gebrek aan informatieuitwisseling tussen instellingen, waaronder ook apothekers.

opgesteld en is een crisisteam aanwezig, maar wordt er in de praktijk weinig tot niet mee geoefend.

Mogelijk zijn voedingsschema’s en medicijnschema’s daardoor niet meer beschikbaar.

De uitwijkscenario’s om operationeel te blijven zijn bijvoorbeeld tijdens een incident mogelijk niet bereikbaar vanwege de ligging dicht bij de incidentlocatie. Deze kunnen immers gelijktijdig getroffen zijn of niet bereikbaar. Dit leidt tot een gebrek aan opvangplaatsen en logistieke problemen bij verplaatsingen. Het beoefenen van scenario’s is nodig om de onderlinge samenwerking die tijdens crisis geen gewoonte blijkt te zijn te verstevigen.

Bevindingen op het gebied van communicatie

Conclusie

Personeel Communicatie tussen zorginstellingen is lastig tijdens stroomuitval. Niet alle instellingen hebben één aanspreekpunt waardoor communicatie diffuus wordt en er veel handmatig werk zal plaatsvinden. Dit geeft extra druk bij personeel. De GHOR kan hier in een coördinerende rol optreden met het ondersteunen en opzetten van een communicatie en informatielijn tussen de zorginstellingen.

Bij een incidenttype als stroomuitval blijkt hoe afhankelijk we zijn van stroom en van elkaar. Het uitvallen van systemen en het niet kunnen vormen van een goed informatiebeeld, maakt het moeilijker om de juiste besluiten te nemen. Dit vraagt veel van personeel en zorgpartners in de onderlinge samenwerking. Om als geneeskundige keten een zo goed mogelijke invulling te geven bij een incident met stroomuitval is samenwerking binnen de keten een groot goed. Het is daarom aan te bevelen om:

Cruciale voorzieningen Het hebben van een back up voor cruciale voorzieningen is niet overal ingeregeld. Hierdoor kan communicatie bemoeilijkt worden. Zo kunnen bijvoorbeeld wijkverpleegkundigen niet meer via de app met elkaar communiceren en heeft de gehandicaptenzorg geen alternatief voor de telefoonboom.

Bevindingen op het gebied van kennis en ervaring Ervaring van personeel wordt binnen de keten als belangrijk beschouwd. De onderlinge samenwerkingsverbanden van de RAV, ervaring en deskundigheid van apothekers en het thuiswerken van GGD-werknemers, wordt als groot voordeel gezien om de juiste werkzaamheden te verrichten tijdens crisis. Ten aanzien van de GHOR wordt verwacht dat ze met hun kennis en ervaring regie pakken op de coördinatie van bijvoorbeeld schaarste van goederen en ondersteuning.

Bevindingen op het gebied van risicoperceptie en bewustwording Geoefendheid op dit scenario blijkt (nog) niet bij alle instellingen goed geborgd te zijn. Het hebben van een noodstroomaggregaat en contact met leveranciers voor brandstof zijn afspraken die weinig zijn gemaakt en bieden deels hulp. Bij meerdere instellingen is wel bewustwording, zijn plannen

Aanbevelingen • Te onderzoeken hoe extra ondersteunend personeel opgeroepen kan worden om digitale systemen handmatig over te kunnen nemen. • Na te gaan wat een leverancier kan leveren (contract) en afspraken te maken over levering bij schaarste. • Binnen de zorgketen afspraken te maken over het delen van patiënten-informatie tijdens een stroomuitval. Houdt hierbij oog voor privacygevoelige informatie. • Zorg te dragen voor een back-up systeem bij processen/ voorzieningen die voor een instelling als cruciaal worden ervaren. • Afspraken te maken over met wie en op welke manier communicatie tussen instellingen kan verlopen bij uitval elektriciteit. • Binnen de eigen organisatie duidelijke afspraken te maken over de manier van intern communiceren als telefonisch of digitale communicatie niet mogelijk is. • Ervaring en kennis verbonden te houden aan de organisatie. • Te investeren in het oefenen van het scenario met planvorming voor het crisisteam en staande organisatie. Kijk daarbij ook naar het gebruik van uitwijklocaties.

28

Bijlage 3 - Uitwerking van bevindingen, conclusies en aanbevelingen per incidenttype 2. Grote brand in gebouw met niet- of verminderd zelfredzame personen Bevindingen op het gebied van zorgcontinuïteit en logistiek Patiënten spreiding Patiënten kunnen verspreid worden als dat nodig is. Hiervoor is de procedure grootschalige geneeskundige bijstand, voor de momenten dat het er echt om spant. Daarnaast kan een instelling veel zelf doen om de patiëntspreiding naar externe locaties te voorkomen of beter te organiseren. Dit kan op verschillende manieren, onder andere door het maken van afspraken over onderlinge opvang, het organiseren van vervoer, het maken van afspraken over gesloten voorzieningen of een andere groep bijzondere patiënten. Bovendien heeft een adequaat optreden van de BHV organisatie een belangrijke rol in het intern verplaatsen van patiënten of cliënten. Cruciale voorzieningen Afhankelijkheid van één instelling voor het leveren van bijvoorbeeld medicatie aan alle verzorging, -verpleeghuizen en thuiswonende is een groot risico. Wanneer deze instelling betrokken is bij een incident als brand, kan er mogelijk geen medicatie uitgifte plaatsvinden en is het ophalen van recepten uit de systemen niet mogelijk. Bij evacuatie van personen kan het tijdig verstrekken van de juiste medicatie aan die personen een probleem zijn.

voor de patienten. Het risico kan zijn dat alarmering en daarmee opschaling later op gang komt dan wenselijk.

Bevindingen op het gebied van kennis en ervaring Verschillende partijen bieden hulp tijdens brand. Na een incident vindt evaluatie en eventueel nazorg vaak plaats bij de posten of instellingen. Aandacht voor mentale opvang vanuit instellingen voor functionarissen die betrokken zijn geweest bij een incident is belangrijk voor het welzijn en goed functioneren van personeel. De GHOR pakt hier een rol in door contact te onderhouden met zowel eigen personeel als met de betrokken instelling.

Bevindingen op het gebied van risicoperceptie en bewustwording De care en cure sector geven aan goed tot redelijk te zijn voorbereid op het scenario brand. Er is ofwel een calamiteitenteam aanwezig of er is wetgeving voor brandveiligheid waarop ze voorbereiden. De grootste risico’s worden gezien in het feit dat cliënten de voorhanden zijnde voorzieningen, zoals het niet sluiten van branddeuren en gebruik van brandblussers niet kunnen bedienen. Binnen de keten worden scenario’s en uitwijkvoorzieningen niet besproken. Gezamenlijke voorbereiding ontbreekt.

Conclusie Coördinatie/regievoering Vooral in nachtelijke uren is coördinatie lastig te realiseren. Het optreden van crisis coördinatoren is niet overal 24/7 gegarandeerd. De GHOR kan hier een belangrijk rol in vervullen.

Bevindingen op het gebied van informatiemanagement Interne informatiesystemen vallen uit, waardoor vaak overgegaan moet worden op improvisaties. Dit betekent uiteindelijk dat er veel handmatig zal moeten plaatsvinden, maar dat sommige informatie over actuele aanvragen of bestellingen niet meer zichtbaar zijn. Dit kan leiden tot gebrek aan informatie-uitwisseling tussen instellingen, waaronder ook apothekers.

Bevindingen op het gebied van communicatie Communicatie tijdens incidenten is belangrijk voor een goede samenwerking. In de nachtelijke uren bestaat het risico dat communicatie tussen personeel van afdelingen binnen het ziekenhuis als mede bij VVT-instellingen niet goed bereikbaar is vanwege bijvoorbeeld een lagere personele bezetting en zorg

De zorgketen is redelijk tot goed voorbereidt tijdens een incident met brand door middel van de GGBprocedure en een BHV organisatie. Knelpunten ontstaan bij alarmering en coördinatie vooral in de nachtelijke uren, afhankelijkheid van één organisatie voor levering van onder andere medicatie en materialen en informatiedeling. Om deze knelpunten te verminderen/ weg te nemen is aan te bevelen om: • Interne afspraken te maken met personeel en BHV organisatie over welke rol eenieder vervult tijdens een ramp of crises. Waaronder opvang binnen afdelingen, organiseren van vervoer naar afdelingen en hoe om te gaan met het verplaatsen van personen op gesloten afdelingen of andere hulpbehoevende groepen. • Afspraken te maken met leveranciers die meerdere instellingen medicatie of middelen leveren. Denk na over alternatieven als blijkt dat een leverancier vanwege schaarste niet iedereen op tijd kan bevoorraden tijdens een crisis. • De GHOR een ondersteunende/ adviserende rol te laten vervullen in de coördinatie bij opschaling.

29

Bijlage 3 - Uitwerking van bevindingen, conclusies en aanbevelingen per incidenttype • In de keten te onderzoeken welke uitwijkmogelijkheden er zijn en met welk doel (scenario’s) ze gebruikt kunnen worden.

3. Incident transport gevaarlijke stoffen en personenvervoer Bevindingen op het gebied van zorgcontinuïteit en logistiek Patiëntenlogistiek De impact van gevaarlijke stoffen en mogelijke besmette personen heeft gevolgen voor de patiëntenspreiding en vervoerscapaciteit. Ambulances en SEH’s zijn daardoor minder snel weer inzetbaar vanwege het ontsmetten van ambulances en behandellocaties zoals een SEH. Dit geeft druk op de ambulance capaciteit binnen de eigen en andere regio’s vanwege een mogelijke ondersteuningsaanvraag. Het vervoeren van gewonden kan hierdoor langer duren. Voorraden en logistiek Wanneer een gifwolk een groot gebied bestrijkt zijn instellingen in het gebied niet bereikbaar. Mensen kunnen geen gebruik maken van apothekers binnen het gebied wat direct gevolgen heeft voor de logistiek van medicatie. In combinatie met een verhoogde vraag naar medicijnen vanwege gevaarlijke stoffen die door de lucht gaan en meer mensen zich niet lekker voelen, levert dit problemen op voor de verspreiding van medicatie.

Personeelscapaciteit Het decontamineren van patiënten in ziekenhuizen is een zorgvuldig en tijdrovender proces waarbij een gering aantal personen per uur ontsmet worden. Vanwege de intensiteit van het proces is er minder personeel beschikbaar voor andere werkzaamheden, zoals reguliere zorg voor patiënten. Voor GGZ-instellingen en gehandicaptenzorg kan de druk bij personeel juist liggen bij het binnenhouden van cliënten wanneer een instelling binnen het effectgebied ligt. Ouders of familie van cliënten zijn bezorgd en willen hun dierbare uit het risicogebied weghalen. Focus van personeel komt daardoor te liggen bij het opvangen en te woord staan van ouders en familie. Het interne proces van cliënten begeleiden en maatregelen nemen tegen de mogelijke giftige stoffen door bijvoorbeeld ventilatie uit te schakelen wordt hierdoor vertraagt. Veiligheid eigen personeel In de gehele witte keten wordt veiligheid van eigen personeel als een belangrijk aandachtspunt gezien. Uitval van personeel is op de eerste plaatst vervelend voor het betrokken personeel zelf. Zij zijn tijdelijk niet inzetbaar. Daarnaast is het met de huidige krapte in de zorgsector niet vanzelfsprekend om werk over te nemen. Aan de flexibiliteit van collega’s zitten immers grenzen van wat mogelijk is.

Druk op ziekenhuizen Gevaarlijke stoffen in de lucht houden zich niet aan een vaste incidentlocatie. Meerdere mensen die niet direct bij het incident betrokken zijn, zullen last ondervinden van giftige stoffen of rook. Deze personen gaan op eigen gelegenheid en niet per ambulance naar het ziekenhuis om geholpen te worden. Dit geeft naast de slachtoffers die per ambulance vervoerd worden en waarvan aantallen bekend zijn een extra hoeveelheid druk op de ziekenhuiscapaciteit. Aantallen zijn voor deze groep hulpzoekende niet van tevoren in te schatten. Het is immers lastig bepalen hoeveel mensen in het gebied klachten ontwikkelen. Gewondenspreidingsplan De meldkamer heeft een goed overzicht van de beschikbare ziekenhuizen buiten het effectgebied. Het sturen van ambulances naar ziekenhuizen die in of vlak naast het effectgebied liggen kan voor logistieke problemen zorgen. 30

Bijlage 3 - Uitwerking van bevindingen, conclusies en aanbevelingen per incidenttype Nafase/ nazorg Voor de zorgcontinuïteit zal in de nafase geen acuut probleem ontstaan. In geval van een giftige stof kunnen er bij de GGD vragen worden gesteld over het veilig gebruik van bijvoorbeeld moestuinen en activiteiten die in de buitenlucht plaatsvinden.

Bevindingen op het gebied van informatiemanagement De apothekerssector geeft aan afhankelijk te zijn van informatie vanuit de GHOR. Handelingsperspectieven en coördinatie op bijvoorbeeld het afleveren en uitgifte van medicatie. In welk gebied kan een apotheek niet meer leveren? De GHOR heeft hierin voor de apothekers een grote rol betreft informatieverstrekking.

Bevindingen op het gebied van communicatie Ziekenhuizen verwachten van de GHORcommunicatie en informatie over het incident en overkoepelde afstemming over handelingsperspectieven. Een actueel beeld in LCMS is daarbij helpend.

Bevindingen op het gebied van kennis en ervaring GGZ-instellingen zijn niet voorbereid op dit scenario. Instellingen zijn erg afhankelijk van instructies van de overheid. Technische kennis over panden en ventilatie (hoe schakel je dit uit?) is cruciaal. Het is niet overal duidelijk of kennis en opleiding hierover voldoende aanwezig is om op adequate wijze te handelen. In een enkele opleiding zoals bij de RAV wordt aan dit scenario specifiek aandacht geschonken.

Bevindingen op het gebied van risicoperceptie en bewustwording Een incident met giftige stoffen is binnen de witte keten een scenario wat verder uitgewerkt dient te worden. Gehandicaptenzorg, Apotheken en VVTinstellingen geven aan niet voldoende voorbereidt te zijn op dit scenario en zouden dit graag doorleven om te kijken wat voor gevolgen het heeft. Ziekenhuizen maken gebruik van hun reguliere plan. Door de ventilatie uit te schakelen, OK’s te laten stoppen en ramen deuren te sluiten met beveiliging bij de ingangen. Hebben ze doorleeft welke maatregelen minimaal nodig zijn.

Conclusie Bij een incident met giftige stoffen dat zich niet beperkt tot een vaste locatie blijkt dat de druk op personeel van ziekenhuizen en zorginstellingen toeneemt vanwege een grotere toestroom van patiënten en informatiebehoefte. Vervoerbewegingen van zorgpersoneel ondervinden hinder bij hun werkzaamheden. Daarnaast ligt er een vraag naar coördinatie en informatiebehoefte vanuit de zorgketen voor handelingsperspectieven. Aan te bevelen is om: • Binnen de eigen instelling na te gaan wie verantwoordelijk is voor het nemen van maatregelen, zoals het uitschakelen van ventilatiesystemen, het sluiten van ramen en deuren en eventueel andere handelingen die van invloed zijn bij het tegengaan van giftige stoffen binnen de instelling. Ook thuiszorg moet hierbij niet uit het oog verloren worden. • Dit incidenttype (giftige stoffen) uit te werken in planvorming, doorleef het scenario en maak samenwerkingsafspraken in de zorgketen over vervoer, uitwijklocaties, mensen en middelen. • Communicatieberichten voor te bereiden binnen instellingen om capaciteit van de zorg voor cliënten daardoor te behouden. • Afspraken te maken tussen de GHOR en zorgpartners over coördinatie en communicatie als de zorgcontinuïteit in het geding komt.

4. Overstroming Bevindingen op het gebied van zorgcontinuïteit en logistiek Patiënten logistiek Overstroming is een incidenttype dat niet veel is voorgekomen, maar als het voorkomt veel impact heeft op de zorgcontinuïteit. Alle vervoersbewegingen over de weg ondervinden hinder bij een overstroming. Wegen zijn niet begaanbaar door het water. Evacuatie van personen kan niet of beperkt doorgang vinden. Ziekenhuizen zijn door verkeersopstoppingen moeilijk of niet te bereiken door ambulances en de vervoerscapaciteit van ambulances zal een groot probleem zijn. Daarnaast maken veel instellingen zoals de gehandicaptenzorg gebruik van dezelfde aanbieders voor vervoer waar ze een contract mee hebben. In tijde van grote opschaling zijn ze afhankelijk van de capaciteit van één vervoerder om te evacueren.

31

Bijlage 3 - Uitwerking van bevindingen, conclusies en aanbevelingen per incidenttype Langere tijd Er moet rekening worden gehouden dat niet alle zorg binnen 4, 8 of 24 uur operationeel is. Het opschalen van zorg kan een langere voorbereidingstijd vragen. Het tijdig opstarten en verder denken dan de 1e 24 uur is nodig om zorg zoals bijvoorbeeld een kraamzorghotel (48 uur) operationeel te laten draaien. Cruciale voorzieningen Belangrijk is het organiseren van een geschikte uitwijklocatie die zich niet binnen het incident gebied bevindt en buiten het overstromingsgebied. Voor logistieke transporten en bevoorrading van instellingen is het belangrijk om levering van onder ander medicatie (apothekers), maar ook andere middelen te kunnen blijven waarborgen. GGZinstellingen geven aan dat het grootste probleem schaarste is: denk hierbij aan communicatie, vervoer en opvang. Alle basisvoorzieningen komen onder druk. Verschillende doelgroepen met verschillende mate van kwetsbaarheid; dit stelt tevens eisen aan de uitwijklocatie. (Onderlinge) samenwerking -> sector of keten Tijdens een overstroming is onderlinge samenwerking met partners van zowel binnen als buiten de regio een belangrijk onderdeel in de voorbereiding, acute fase en evacuatie. Aangegeven wordt dat onder andere de RAV afhankelijk is van andere partijen.

Zo zijn er extra ambulances nodig en boten van de reddingsbrigade en brandweer voor vervoer van personen. De veiligheidsregio kan hierin samen met een liaison Defensie een rol spelen om in middelen te voorzien. Capaciteit personeel Het krijgen van extra personeel is om meerdere redenen lastig. Al het zorgpersoneel heeft te maken met veiligheid en evacuatie van eigen familie. Daarnaast zal afhankelijk van de situatie, verkeerscongestie een grote uitdaging zijn in het bereiken van zorglocaties en patienten binnen het overstromingsgebied, wat effect heeft op de veiligheid van bewoners en/ of cliënten en andere hulpbehoevende. Veiligheid eigen personeel De RAV verleent zorg zo lang dat veilig is voor het eigen personeel. Over de gehele keten is veiligheid voor eigen personeel belangrijk om een goede hulpverlening te blijven leveren. Uitval van personeel zal effect hebben op andere processen binnen de zorgketen. Patienten kunnen minder snel vervoerd of behandeld worden door uitval eigen personeel. Medicatie kan niet geleverd worden.

Zelfredzaamheid De mate van zelfredzaamheid is van belang bij evacuatie. Kan je zelf je woning verlaten en naar een veilig plek gaan en wat als je dat niet kunt? Wie kijkt er dan naar je om? Voor niet zelfredzame thuiswonende ligt er een knelpunt in de vraag wie is er verantwoordelijk en wie voelt zich verantwoordelijk om deze groep mensen te ondersteunen en in kaart te brengen. Wat als deze personen niet willen verplaatsen?

Bevindingen op het gebied van informatiemanagement De zorg lijkt steeds meer afhankelijk te worden van de digitalisering, wat bepaalde risico’s met zich meebrengt. Servers die slechts op één plaats zijn ondergebracht zonder een back-up locatie, patiëntendossiers die verplaatst moeten worden naar een andere apotheek, waar door de patiënt geen toestemming voor is gegeven om in te mogen zien en hoe om te gaan met persoonsgegevens bij huisartsen. Zowel interne informatievoorzieningen binnen een instelling als bovengenoemde voorbeelden waar de zorg voor cliënten centraal staat worden daardoor cruciaal.

Bevindingen op het gebied van communicatie Binnen de gehele witte keten ligt er een informatiebehoefte De instellingen kunnen zelf niet volledig aan die behoefte voldoen. Aangegeven wordt dat voor de GHOR daar een coördinerende/ regierol is weggelegd om in die informatiebehoefte te voorzien. Communicatie geldt hierbij niet alleen richting de instellingen, maar zeker ook naar de burgers over handelingsperspectieven zoals bijvoorbeeld het meenemen van eigen medicatie. Daarnaast leeft de vraag bij een enkele instelling wie de beslissing tot ontruiming mag geven.

Bevindingen op het gebied van kennis en ervaring Er zijn binnen de witte keten verschillende teams (kern-, calamiteitenteam of werkgroepen) die gevormd kunnen worden als er een incident plaatsvindt. Deze teams worden niet beoefend. Onderlinge afspraken zijn hierdoor mogelijk niet duidelijk. Dit vergroot de kans op verschil in verwachtingen naar elkaar.

Bevindingen op het gebied van risicoperceptie en bewustwording Alle zorgpartners geven aan dat ze niet of niet goed voorbereidt zijn op een scenario als overstroming en dat het als lastig wordt ervaren om hier een goede voorbereiding voor te treffen. In dit scenario zitten voor zorginstellingen meerdere knelpunten; 32

Bijlage 3 - Uitwerking van bevindingen, conclusies en aanbevelingen per incidenttype • het tijdig beginnen met evacueren, hoeveel tijd heb je dan? • uitwijklocaties die grotendeels in hetzelfde gebied liggen waardoor die mogelijk niet geschikt zijn. • drukte op de weg waardoor evacueren vertraging oploopt. • krapte in beschikbaarheid van ambulances. • wie worden er als eerste geëvacueerd. Dit maakt dat een scenario als overstroming vanwege de vele variabele componenten complex is in zowel voorbereiding als uitvoering.

Conclusie Overstroming is een incidenttype dat weinig voorkomt en waar de zorgketen het moeilijk vindt om op voor te bereiden vanwege de complexiteit en omvang, maar waar ook nog weinig mee wordt geoefend. Bij overstroming zijn er zorgen op alle gebieden van interne planvorming, bereikbaarheid, schaarste, personeel, communicatie en evacuatie. Om toch zo goed mogelijk voorbereidt te zijn op dit complexe incidenttype is aan te bevelen om:

• Afspraken te maken met zorgpartners over bereikbaarheid, schaarste, personeel en evacuatie en niet alleen binnen de eigen regio maar juist daarbuiten. • Regio overstijgend afstemming te zoeken voor een uitwijklocatie buiten het overstromingsgebied. Maak afspraken over het mogelijk extra inzetten van personeel en middelen. • Te onderzoeken wat een overstroming specifiek voor je eigen instelling betekent bij verschillende waterstanden en bij wie je een hulpvraag kunt neerleggen. • Planvorming beschikbaar te maken en het scenario overstroming te beoefenen met partners op bestuurlijk en operationeel niveau. • Afspraken te maken met leveranciers bij schaarste (levering van voedsel, medicatie en andere middelen) tijdens een overstroming. • De samenwerking te zoeken met de GHOR voor coördinatie bij de verdeling van onder andere schaarste. • Zicht te krijgen op waar niet of verminderd zelfredzame mensen met thuiszorg zijn ondergebracht en hoe daarmee om te gaan.

33

Bijlage 4 - Scenario’s

Scenario 1 Uitval elektriciteit Algemeen Plaats: regio Zuid-Holland Zuid Meteo: winter, 3°C. 07:30 uur. Uitval stroom als gevolg van een nog onverklaarbare storing in een aantal verdeelstations. Een groot gedeelte van de regio komt zonder stroom te zitten. Ook diverse (zorg) instellingen worden hierdoor getroffen. Het dagelijks leven wordt sterk ontregeld; mensen stranden in de ochtendspits door uitval verkeerslichten en verstoring openbaar vervoer. Radio en tv doen het niet meer en door de uitval van routers is er geen internetverbinding meer. Na 1 uur wordt bekend dat de uitval langer duurt dan 6 uur.

34

Bijlage 4 - Scenario’s

Scenario 2

Acute fase: 0-6 uur na uitval

Impactfase: 6-12 uur na uitval

Herstelfase: 12-48 uur na uitval

• Duur storing onbekend. • Overbelasting meldkamer; 112 telefoontjes in de wacht • Internet en telefonie ontregeld • Verwarming, ventilatiesystemen en koelinstallaties zijn uitgevallen • Chaos op de weg door uitval verkeerslichten -> meer verkeersongevallen • Alarmeringssystemen en zuurstofconcentratoren werken niet meer • Thuisbeademing valt uit

• Oorzaak gevonden, uitval duurt langer dan 9 uur • Verminderd zelfredzamen in thuissituatie krijgen problemen • Zelfverwijzers bij huisarts en ziekenhuis omdat ze telefonisch niet bereikbaar zijn • Inhoud koel- en vriesinstallaties bederft • Na 8 uur zonder elektriciteit vallen hydrofoorinstallaties uit, waardoor hoger gelegen verdiepingen geen leidingwater krijgen (tenzij noodstroom) • Maatschappelijke onrust • Aanloop bij zorginstellingen die beschikken over noodstroom

• Gefaseerd weer aansluiting van stroom • Patiëntendossiers zijn niet digitaal bijgehouden • Medische apparatuur (bij patiënten thuis) moet worden opgestart en medicijnen zijn mogelijk bedorven door een niet werkende koeling

Grote brand in gebouw met niet- of verminderd zelfredzame personen Algemeen Plaats: zorginstelling in de regio Zuid-Holland Zuid Datum en tijd: augustus, 04:00 uur Meteo: 18°C, windkracht 2, droog Situatiebeschrijving Er is brand ontstaan in een spreekkamer van een zorginstelling. Het gebouw moet worden ontruimd. Cliënten moeten worden verplaatst. Ook moeten omliggende objecten worden ontruimd. Vanwege

het tijdstip zijn er weinig personeelsleden aanwezig. Door de impact en de grote rookontwikkeling wordt opgeschaald naar GRIP 2. Dit betekent dat er vanuit de Veiligheidsregio een operationeel team bij elkaar komt om de bron- en effectbestrijding te coördineren. Na enige tijd stort een gedeelte van het pand in. Een groot aantal slachtoffers en hulpverleners hebben een inhalatietrauma of zijn gewond geraakt door de instorting en worden naar omliggende ziekenhuizen gebracht.

Acute fase: 0-6 uur na brand

Nasleepfase: 6-72 uur

Nazorgfase: 72 uur – 3 maanden

• Snelle rookverspreiding • Moeizame ontruiming van het pand • Opschaling naar GRIP 2

• Brand is onder controle, sein brandmeester is gegeven • Een groot deel van de bewoners kan op korte termijn niet terugkeren in de woningen • De gemeente (vanuit de opgeschaalde situatie Bevolkingszorg) is voor deze bewoners bezig om opvang te regelen, samen met de betrokken partijen

• Een deel van de bewoners kan terugkeren naar de woningen • Impact op bewoners en omgeving is groot

35

Bijlage 4 - Scenario’s

Scenario 3 Incident transport gevaarlijke stoffen en personenvervoer Algemeen Plaats: Zwijndrecht Datum en tijd: dinsdag, 09:30 uur Meteo: 6°C, windkracht 5, droog Situatiebeschrijving De regio Zuid-Holland Zuid is een doorvoerroute van gevaarlijke stoffen per trein vanuit de Rotterdamse haven naar onder andere België en Duitsland. Daarnaast vindt personenvervoer binnen de regio in grote frequentie plaats. Op dinsdagochtend botst een ontspoorde passagierstrein op een goederentrein met gevaarlijke stoffen. Er zijn veel gewonden en dodelijke slachtoffers. Door de botsing is brand ontstaan en zijn giftige stoffen vrijgekomen vanuit een ketelwagen van de goederentrein. De inhoud met zeer toxische stof stroomt naar buiten en vormt vrijwel direct een gifwolk. Reizigers en hulpverleners zijn tijdens de evacuatie onwel geworden. Ook in de omgeving zijn slachtoffers gevallen.

Acute fase: 0-3 uur na incident

Nasleepfase: 3-72 uur

Nazorgfase: 72 uur – 96 uur

• Chaos op en rond incidentterrein • Groot effectgebied door gifwolk • Zelfverwijzers bij HAP’s en • Veel telefoontjes naar 112 over huisartsen (stank)klachten • GGB code 30 • Groot aanbod patiënten bij ziekenhuizen met brandwonden en inhalatietrauma

36

Bijlage 4 - Scenario’s

Scenario 4 Overstroming Algemeen Plaats: regio Zuid-Holland Zuid Datum en tijd: herfst Meteo: langdurige regenval in Nederland en Duitsland Situatiebeschrijving De afgelopen weken zijn er al ondergelopen uiterwaarden en hoge waterstanden in de rivieren gezien door de langdurige regenval. Er wordt nog meer regen voorspeld en naar verwachting zal de waterstand nog verder stijgen. Bij dijkcontroles is een verzwakking geconstateerd bij Gorinchem. De kans op een dijkdoorbraak wordt groot geacht. 3 dagen voor de (verwachtte) dijkdoorbraak wordt besloten tot evacuatie.

37

Bijlage 4 - Scenario’s

Maximale waterdiepte bij een dijkdoorbraak Transparantie: 38% Legenda < 0.5 0.5-1.0 1.0 - 1.5 1.5 - 2.0 12.0-5.0 > 5.0

Prepartie- en evacuatiefase: 3 dagen voor impactfase

Impactfase: moment van dijkdoorbraak tot 2 weken erna

Nafase: 2 weken – maanden na dijkdoorbraak

• Grote files de regio uit door evacuatie -> zorginstellingen zijn niet goed bereikbaar • Zorginstellingen wordt gevraagd in kaart te brengen welke patiënten geëvacueerd moeten worden (naar hoger gelegen verdiepingen of extern) • Een klein percentage bewoners kiest ervoor om niet te evacueren maar te schuilen

• Daadwerkelijke dijkdoorbraak • Wegen zijn onbegaanbaar • Uitval nutsvoorzieningen • Achterblijvers kampen met tekort aan eten, drinken en medische zorg • Aflossing van personeel duurt langer of is niet meer mogelijk

• Het gebied is weer watervrij • Nutsvoorzieningen werken nog niet (optimaal) • Veel betrokkenen kunnen nog niet terug naar hun huis • Toename zorgvraag in het niet overstroomde gebied • Ziekenhuizen, ambulanceposten en huisartsen in het overstroomde gebied kunnen in de eerste weken zeer beperkt zorg leveren

38

Bijlage 5 - Afkortingenlijst

BHV

Bedrijfshulpverlening

DPG

Directeur Publieke Gezondheid

GGD

Gemeentelijke Gezondheidsdienst

GGZ

Geestelijke gezondheidszorg

GHOR

Geneeskundige Hulpverlenings-organisatie in de Regio

ICT

Informatie- en Communicatietechnologie

LCMS

Landelijk Crisis Management Systeem

NIPV

Nederlands Instituut Publieke Veiligheid

OTO

Opleiden trainen Oefenen

RAV

Regionale Ambulance Voorziening

ROAZ

Regionaal Overleg Acute Zorg

RRP

Regionaal Risicoprofiel

VR

Veiligheidsregio

VVT

Verpleeg-, verzorgings- en thuiszorg

Wkkgz

Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg

ZHZ

Zuid-Holland Zuid

ZRP

Zorgrisicoprofiel

Wvr

Wet Veiligheidsregio’s

ZWN

Zuidwest Nederland

39

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/699/documents/15948