CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 7 - Conceptrapportage Regiodeal nulmeting aantrekkelijkheid woonomgeving.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 24 januari 2023, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 9: Uitvoeringsprogramma Groeiagenda 2023 en verantwoording regiodeal - Voorstel11.634 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Regio Deal - Aantrekkelijkheid woonwerkgebied nulmeting

START

Auteurs

Partner voor bestuur en beleid

Inhoudsopgave

Regio Conclusies Woonomgeving

Inleiding

Beleving van oevers en verbindingen

Partner voor bestuur en beleid

Inleiding Regio Deal Drechtsteden-Gorinchem Halverwege 2020 is door het Rijk, de provincie Zuid-Holland, de regio Drechtsteden en de gemeente Gorinchem de Regio Deal gesloten. De Regio Deal beoogt bij te dragen aan:  een regio (Drechtsteden-Gorinchem) minder gevoelig voor crises;  sterke bedrijfsclusters die zorgen voor voldoende en passende werkgelegenheid binnen de regio;  een gebied dat zijn identiteit (de rivieren) koestert, dat een kwalitatief goed leefklimaat heeft, klimaatbestendig is ingericht en waar de voorzieningen meegroeien, onder andere op het gebied van cultuur en openbaar vervoer;  een positief effect op de Brede Welvaart van de regio en Nederland. Hiertoe wordt geïnvesteerd in samenwerking, innovatie en menselijk kapitaal. De verbetering van de samenwerking regionaal en tussen de triple helix (bedrijven, overheid en onderwijs) is expliciet benoemd als één van de doelen van de Regio Deal. De Regio Deal heeft drie pijlers: 1. 2. 3.

Human Capital, voor het beter verbinden van arbeidsmarkt en onderwijs; (Toegepaste) Innovatie, voor het verbeteren van het innovatie-ecosysteem gericht op daadwerkelijke toepassingen; (Dynamische) Oevers, voor het verbinden van rivieroevers met water en samenleving.

Er zijn 20 projecten binnen de pijlers in de Regio Deal opgenomen. Het is belangrijk om de output (resultaat van de projecten) en outcome (effect op de Brede Welvaart) te monitoren om te bezien of de regio met de Regio Deal projecten op de goede weg is en ook voldoende effectief is. Dit is een van de voorwaarden in de Regio Deal. Een tussentijdse monitor kan aanleiding zijn voor tijdige bijsturing of intensivering.

3

Partner voor bestuur en beleid

Monitor Regio Deal De monitor bestaat uit de volgende onderdelen: • • •

meting van Brede Welvaartsindicatoren; vragenlijst aantrekkelijkheid woon-werkomgeving onder het bewonerspanel van de Drechtsteden en Gorinchem; 2 groepsgesprekken met stakeholders over de (ontwikkeling in) samenwerking op het gebied van Human Capital en Toegepaste Innovatie.

In dit rapport worden de resultaten beschreven van de vragenlijst over de aantrekkelijkheid van de woonwerkomgeving onder bewoners van Drechtsteden en Gorinchem. Het betreft een nulmeting.

Doel 1. Vaststellen van de beleving van de woon- en verblijfomgeving door bewoners van de Drechtsteden en Gorinchem 2. Inzicht krijgen in de wensen van de bewoners van Drechtsteden en Gorinchem voor de toekomst

4

Partner voor bestuur en beleid

Pijler dynamische oevers Beter gebruik en toegankelijkheid van de oevers Beter gebruik en toegankelijkheid van de oevers: • • •

Vitale oevers door nieuwe woon- en werklocaties (be)leefbare oevers door toevoegen van kwaliteit(sprojecten) Verbonden oevers door verbeteren bereikbaarheid langs/over water.

De pijler dynamische oevers binnen de Regio Deal bestaat uit 4 type projecten:

Bedrijfsverplaatsingen

doorbraakprojecten

Vraaggericht vervoer

kwaliteit en (be)leefbaarheid

5

Partner voor bestuur en beleid

Afbeelding She Fotografie

Conclusies Partner voor bestuur en beleid

Beleving van de woon- en verblijfomgeving Tevredenheid over de woonomgeving Bewoners zijn over het algemeen redelijk tevreden over hun woonomgeving. Tevredenheid wordt vooral onderbouwd met een rustige directe omgeving, de nabijheid van voorzieningen waaronder winkels, groen in de (nabije) omgeving en ook, maar minder genoemd, goed contact met buren en een goede bereikbaarheid. Ontevredenheid is er vooral bij overlast, parkeerproblemen en als het aanzien van de straat te wensen overlaat door gebrekkig onderhoud (zoals van straten en groenvoorzieningen) en zwerfafval. De tevredenheid over de eigen woonomgeving is in Hendrik-Ido-Ambacht het hoogst en in Sliedrecht het laagst. Het meest tevreden zijn bewoners over de woonomgeving als het gaat om basisonderwijs en voortgezet onderwijs. Het minst tevreden zijn bewoners over de woonomgeving als het gaat om woningaanbod en vervolgopleidingen. Vooral de afwezigheid van vervolgopleidingen en de afstand tot opleidingen zijn redenen om hier ontevreden over te zijn. Redenen om ontevreden te zijn over het woningaanbod is dat de woningen te duur zijn, er weinig woningen zijn in een betaalbare prijsklasse en hiermee samenhangend er weinig woningen zijn voor starters. Het minst ontevreden over het woningaanbod is men in Dordrecht en Hendrik-Ido-Ambacht.

Beeld van de woonomgeving Groen, veilig en levendig is het overheersende beeld van de woonomgeving onder bewoners van de Drechtsteden en Gorinchem. Rustig wordt het minst geassocieerd met de woonomgeving. Meer dan tweerderde van de bewoners vindt zijn woonomgeving aantrekkelijk om in te verblijven en te bewegen. Voldoende water, groen en voldoende rustige plekken worden ook door meer dan de helft van de bewoners aan hun omgeving gekoppeld. Minder positief is dat meer dan de helft aangeeft dat er veel verkeer is en dat er niet voldoende te doen is voor jongeren. Bewoners van Dordrecht en Alblasserdam associëren hun woonomgeving het meest met aantrekkelijk om in te verblijven en te bewegen en met voldoende rustige plekken en groen. Voldoende water wordt juist het meest door bewoners van Alblasserdam, Hardinxveld-Giesendam en Zwijndrecht geassocieerd met hun woonomgeving.

Partner voor bestuur en beleid

Activiteiten in de woonomgeving Een derde van de bewoners gebruikt hun woonomgeving om dagelijks in te wandelen, fietsen, etc. (recreatief bewegen). De helft doet dit een of meer keer per week. Het bezoeken van groen, zoals een park of bos en water, komt minder vaak voor: de helft bezoekt groen en een derde water één of meer keer per week. Reizen met het OV en het bezoeken van een terras wordt minder frequent gedaan: ongeveer een op de tien gebruikt het OV of bezoekt een terras wekelijks in de woonomgeving. Nabijheid van water 7 op de 10 bewoners ervaren water in de nabijheid van de woning. Vooral het natuurlijke karakter van water en het uitzicht (de ruimte) zijn prettige kenmerken van wonen in de nabijheid van water. Minder prettig is de vervuiling/rommel aan of in het water. In Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht worden bedrijven en industrie bij het water vaker als minder prettig kenmerk genoemd. (Verwachte) ontwikkeling van de woonomgeving Een kwart van de bewoners denkt dat de woonomgeving het afgelopen jaar er op vooruit is gegaan, een derde er op achteruit. Het aandeel bewoners dat denkt dat de woonomgeving erop vooruit is gegaan is hoger in Dordrecht dan in andere gemeentes. Voor het komende jaar verwacht één op de tien bewoners dat de woonomgeving erop vooruit zal gaan, een derde denkt erop achteruit.

Het aandeel bewoners dat denkt dat de woonomgeving erop vooruit zal gaan (en niet achteruit) is in Papendrecht het laagst en in Hendrik-Ido-Ambacht het hoogst. Gebruik van vervoermiddelen De auto is (nog steeds) het meest gebruikte vervoermiddel: alleen als men gaat sporten in clubverband of natuur of water in de regio bezoeken, wordt de (elektrische) fiets vaker genoemd. In Dordrecht en Gorinchem wordt bij verschillende reisdoelen (winkelen, uitgaan overdag en 's avonds) relatief vaak de fiets of te voet genoemd en minder vaak de auto. Het percentage dat de auto dagelijks gebruikt is in Dordrecht lager dan in sommige andere gemeentes. Het OV (trein en bus) wordt meer gebruikt in Dordrecht dan in andere gemeenten. De waterbus/veerdienst wordt in Papendrecht en Zwijndrecht het meest gebruikt.

Partner voor bestuur en beleid

Beleving van de regio De helft van de bewoners is zeer tevreden over de regio. De tevredenheid over de regio is in Dordrecht en Hendrik-Ido-Ambacht het hoogst. Kenmerken die de regio aantrekkelijk maken om in te wonen zijn vooral: goede bereikbaarheid met auto/OV, voldoende winkelaanbod en veel groen/natuur om te ontspannen. Geschikt woonaanbod en voldoende te doen voor kinderen worden het minst genoemd als kenmerken die de regio aantrekkelijk maken. Het aandeel bewoners dat denkt dat de ontwikkelingen in de regio bijdragen aan een aantrekkelijke plek om te wonen en verblijven is (iets) lager dan het aandeel dat denkt dat deze bijdragen aan een minder aantrekkelijke plek om te wonen en verblijven. Dordrecht is de enige gemeente waar meer bewoners een positieve bijdrage zien dan een negatieve. Bewoners die verwachten dat de ontwikkelingen in de regio de woonomgeving aantrekkelijker zullen maken verwijzen vooral naar (plannen) voor nieuwbouw, aandacht voor groen, en de komst van meer horeca. Bewoners die verwachten dat de ontwikkelingen in de regio de woonomgeving minder aantrekkelijk maken, verwijzen, ongeacht gemeente, vooral naar het volbouwen van de wijken en polders met woningen en bedrijven en dus minder groen, ruimte en rust en meer verkeer(soverlast) . Het achteruitgaan van wijken wordt ook, maar in veel mindere mate genoemd.

Beleving van de oevers Zeven op de tien bewoners komen regelmatig langs of naar de oevers van de grote rivieren. Vooral om bijvoorbeeld te wandelen, hard te lopen of te fietsen of skaten. Bewoners vinden de groene/wateromgeving en de rust aan de oevers prettig, terwijl ze de bedrijven/industrie en de weinige verblijfsmogelijkheden als minder prettig ervaren. Tot slot Dit rapport betreft een nulmeting in het kader van de Regio Deal . Het zal worden gebruikt om vast te stellen of het beeld en de beleving van de woonomgeving, de regio en de oevers in positieve zin ontwikkelt als gevolg van de projecten die worden uitgevoerd in het kader van de Regio Deal. Het onderzoek is uitgevoerd onder het bewonerspanel in de Drechtsteden en in Gorinchem. Bij de interpretatie van de resultaten is het belangrijk om zich te realiseren dat bewoners in de leeftijd 20-49 jaar ondervertegenwoordigd zijn.

Partner voor bestuur en beleid

Woonomgeving Partner voor bestuur en beleid

Beeld woonomgeving I Groen, veilig en levendig is het overheersende beeld van de huidige woonomgeving onder bewoners van de Drechtsteden en Gorinchem. De eerste vragen in de vragenlijst gaan over de woonomgeving van respondenten. Hiermee wordt niet alleen de directe woonomgeving (bv de straat waar men woont) bedoeld, maar ook de nabije omgeving waar men beweegt, winkelt en ontspant. In het algemeen is dit de omgeving die men op loop-/fietsafstand kan bereiken. Om het beeld van de woonomgeving vast te stellen is respondenten gevraagd welke van steeds twee tegengestelde woorden ze het beste vinden passen bij de woonomgeving. 74% van de respondenten vindt het woord veilig (in meer of mindere mate) passen bij hun huidige woonomgeving , 70% groen en 60% levendig. Meest uiteenlopend zijn de reacties als het gaat om rustig-druk: bijna evenveel mensen noemen hun woonomgeving druk (38%) als rustig (42%).

Beeld van de huidige woonomgeving 7-puntschaal met twee uitersten onveilig-veilig

6%

28%

ongezond-gezond

6% 13%

23%

20%

9%

rommelig-netjes

6%7% 12%

24%

21%

11%

eentonig-afwisselend

10%

27%

16%

11%

rustig-druk

7% 15%

19%

17%

31%

16%

11% 9%

saai-levendig

12%

26%

21%

grijs-groen

8%

25%

21%

13% 24%

Leeswijzer grafiek aan de hand van de uitersten onveilig-veilig: de gele kant van de staaf geeft het percentage respondenten aan dat veilig het beste vindt passen bij de woonomgeving (74%),. De blauwe kant van de staaf het percentage dat onveilig het beste vindt passen (11%). Dit telt niet op tot 100% omdat de midden categorie van de 7-putschaal en weet niet/geen antwoord uit de grafiek zijn weggelaten. Hoe donkerder de kleur hoe beter respondenten het betreffende woord vinden passen bij hun woonomgeving.

11

Partner voor bestuur en beleid

Beeld woonomgeving II Inwoners van Hendrik-Ido-Ambacht associëren hun woonomgeving het meest met groen, netjes en gezond. Inwoners uit Sliedrecht associëren deze het minst met gezond. Beeld van de huidige woonomgeving gecalculeerd percentage*, 7-punt schaal met twee uitersten bv onveilig - veilig HIA; 73% Sl; 72% Pa; 69%

HIA; 73% Al; 64% Go; 61% Do; 57% Pa; 51% Sl; 50% Zw; 49%

HG; 49%

Do; 63% Al; 62%

HG; 63% Al; 56% Go; 54% HIA; 52%

HIA; 57%

Do; 47% Sl; 43%

Go; 48% HIA; 46% Do; 44% Pa; 44% Al; 42%

Sl; 44% HG; 44%

Pa; 31% HG; 35% Zw; 28%

Zw; 31% Sl; 26%

Do; 30%

HG; 25%

Al; 23% Zw; 19% Go; 18%

Al; 20% Pa; 15% HG; 11% Do; 8%

Pa; 13%

HIA; 55%

Zw; 55% Go; 54%

HG; 47% Go; 42%

Do; 33% Pa; 24% Al; 26% Zw; 17%

HIA; 3% Go; -3%

Sl; 0%

Sl; -8% Zw; -10% groen

levendig

rustig

afwisselend

netjes

gezond

veilig

Verschillen tussen gemeenten Respondenten uit Hendrik-Ido-Ambacht associëren hun woonomgeving het meest , meer dan enkele andere gemeenten, met groen, netjes en gezond. Respondenten uit Sliedrecht associëren hun woonomgeving het minst met gezond. De woonomgeving in Gorinchem wordt meer dan enkele andere gemeenten geassocieerd met afwisselend en levendig, maar minder met netjes. * Weergegeven percentage = Percentage associatie 1 – percentage associatie 2 (tegenovergestelde associatie). Bv Hendrik-Ido-Ambacht groen: 81% vindt groen het beste passen – 8% vindt grijs het beste passen: 73%. (cijfer in grafiek)

12

Partner voor bestuur en beleid

Beeld van de woonomgeving III Ruim twee derde vindt de woonomgeving aantrekkelijk om in te verblijven en te bewegen. Het beeld van de woonomgeving is ook bepaald door te vragen in hoeverre respondenten het eens zijn met enkele uitspraken. Hieruit komt naar voren dat 71% respectievelijk 70% de eigen woonomgeving aantrekkelijk vindt om in te verblijven en bewegen, met voldoende water (61%) en groen (58%) en met voldoende rustige plekken (59%). Minder positief is dat 54% het eens is met de uitspraak dat er veel verkeer is in hun woonomgeving en 56% het oneens is dat er voldoende te doen is in hun woonomgeving voor jongeren.

Uitspraken over de woonomgeving basis: alle respondenten exclusief weet niet/nvt en geen antwoord; 5-puntschaal aantrekkelijk om te verblijven

14%

57%

19%

8% 2%

aantrekkelijk om te bewegen

16%

54%

19%

9% 3%

voldoende water

13%

voldoende groen

11%

47%

22%

15%

5%

voldoende rustige plekken

10%

49%

23%

16%

3%

27%

15%

3%

27%

16%

3%

voldoende plekken voor ontmoeting

7%

veel verkeer genoeg te doen voor kinderen

48%

23%

48% 19%

5%

35% 42%

27%

7% **percentage 19% weet niet is hier 32% Toelichting: * percentageveel weetoverlast niet is hier 26%; 34% voldoende te doen voor jongeren 2% 14% 0% zeer mee eens

mee eens

28% 20% neutraal*

13%

20%

40% mee oneens

7%

34% 38% 60%

3%

8% 18%

80%

100%

zeer mee oneens

* Neutraal= niet mee eens, niet mee oneens

13

Partner voor bestuur en beleid

Beeld van de woonomgeving IV Verschillen tussen gemeenten Respondenten uit Dordrecht en Alblasserdam associëren hun woonomgeving het meest met aantrekkelijk om in te bewegen en verblijven, voldoende rustige plekken en voldoende groen om in te verblijven. Respondenten uit Alblasserdam, Hardinxveld-Giessendam en Zwijndrecht associëren hun woonomgeving het meest met voldoende water om aan te verblijven. Voldoende water om aan te verblijven wordt door inwoners uit Hendrik-Ido-Ambacht en Papendrecht minder gekoppeld aan hun woonomgeving. Bij deze laatste en Zwijndrecht is men het ook vaker oneens met de uitspraak ‘genoeg te doen voor kinderen’. Aantrekkelijk om in te verblijven past volgens inwoners ook goed bij hun woonomgeving in Hendrik-Ido-Ambacht.

Uitspraken over de woonomgeving – percentage (zeer) mee eens basis: alle respondenten exclusief weet niet/nvt en geen antwoord.

genoeg te doen voor jongeren

veel overlast

aantrekkelijk om te verblijven 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0

aantrekkelijk om te bewegen

voldoende groen om in te verblijven

voldoende rustige plekken

veel verkeer

genoeg te doen voor kinderne

voldoende water om aan te verblijven voldoende ontmoetingsplekken buiten

Alblasserdam

Dordrecht

Gorinchem

HG

HIA

Papendrecht

Sliedrecht

Zwijndrecht

14

Partner voor bestuur en beleid

Tevredenheid woonomgeving I De meerderheid van de bewoners is tevreden over hun woonomgeving.

Tevredenheid met huidige woonomgeving gemiddelde score, schaal 1-10

Respondenten is aan het begin van de vragenlijst gevraagd hoe tevreden ze zijn met hun woonomgeving. Zij hebben hun tevredenheid uitgedrukt in een getal van 1 tot en met 10.

totaal

7,6

Alblasserdam

7,8

Dordrecht

7,7

Overall is de tevredenheid over de woonomgeving redelijk (7,6). Respondenten is ook gevraagd naar een toelichting op hun oordeel: op de volgende twee bladzijden wordt hiervan een impressie van gegeven. Verschillen tussen gemeenten De tevredenheid met de huidige woonomgeving is in Hendrik-Ido-Ambacht het hoogst (7,9) en in Sliedrecht het laagst (7,3). Opvallend is het iets hogere percentage respondenten dat ontevreden is over de woonomgeving in Sliedrecht (12% met score 1-5) en het iets hogere percentage zeer tevreden (74% met score 8-10) in Hendrik-Ido-Ambacht.

Gorinchem

7,5

Hardinxveld-Giessendam

7,6

Hendrik_Ido-Ambacht

7,9

Papendrecht

7,7

Sliedrecht

7,3

Zwijndrecht

7,5 1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

Tevredenheid met huidige woonomgeving percentages, schaal 1-10, exclusief geen antwoord totaal

63%

Alblasserdam

67%

Dordrecht

6%

26%

7%

66%

Gorinchem

60%

Hardinxveld-Giessendam

61%

Hendrik-Ido-Ambacht

29% 32%

31%

57%

Zwijndrecht

52% 0%

20%

zeer tevreden (score 8-10)

7% 21%

63%

Sliedrecht

40% tevreden (score 6-7)

60%

5% 8%

32% 74%

Papendrecht

15

31%

5% 5%

31%

12%

42%

7% 80%

100%

(zeer) ontevreden (score 1-5)

Partner voor bestuur en beleid

Tevredenheid woonomgeving II Bewoners die (zeer) tevreden zijn met hun woonomgeving noemen vooral: een rustige straat of wijk, de nabijheid van winkels, een winkelcentrum, het centrum en/of voorzieningen, groen in de (nabije) omgeving en in mindere mate een mooie omgeving, prettige buren en een goede bereikbaarheid.

“Fijne omgeving, rustig, dicht bij winkels en openbaar vervoer, maar ook dicht bij de snelweg en veel natuur in de directe omgeving” – inwoner Alblasserdam “Rustige wijk op loopafstand van het winkelcentrum en op fiets afstand van het Centrum en de Biesbosch” – inwoner Dordrecht “Fijne straat, leuke buren, winkels in de buurt, fijne scholen, veel ruimte en groen. Minpunt: langs drukke doorgaande weg en vlakbij snelweg die meer geluidsoverlast veroorzaakt dan 14 jaar terug toen we hier kwamen wonen” – inwoner Sliedrecht “Goed locatie, alles in de buurt, redelijk groen, speeltuintjes” - inwoner HendrikIdo-Ambacht “Aan het park, tuin, vlak bij school en fijne buurt. Het park is soms onveilig de laatste maanden. Er zitten jongens met messen etc. Dat voelt niet goed. Ook kinderen komen hiermee in aanraking en dat baart me zorgen. Ook was er erg veel vuurwerk overlast. Het groen en bestrating wordt niet netjes bijgehouden door de gemeente. Door de uitstoot gevaarlijke stoffen door Chemours blijken we geen moestuin te mogen hebben, dit voelt niet goed. Zo ook mbt het drinkwater – inwoner Papendrecht “Gezellige straat met fijne buren, genoeg voorzieningen in de buurt en dichtbij grotere steden” – inwoner Zwijndrecht “Een fijne wijk, met voldoende voorzieningen en vriendelijke buren. Helaas net als op veel andere plekken veel zwerfafval en hondenpoep.

Dat zijn wel ergernissen, verder zijn we erg tevreden” – inwoner Gorinchem

16

Partner voor bestuur en beleid

Tevredenheid woonomgeving II Bewoners (zeer) ontevreden over hun woonomgeving zijn dit vooral vanwege overlast, slecht onderhouden bestrating of groen, parkeerproblemen en/of (zwerf)afval op straat

“Veel drugs en dealer overlast, veel losgeslagen puber overlast, vuile omgeving huisvuil, hondenpoep, tuin als dumpplekken, onkruid meters hoog.” – inwoner Alblasserdam “Altijd hangen er wel ergens plastic zakken, grof vuil en of vuilniszakken bij de ondergrondse containers, veel hondenpoep en ongelooflijk veel rommel op straat door bv. hangjongeren. Veel overlast in de directe omgeving door hangjongeren.” – inwoner Dordrecht "Bus op verschillende plaatsen op de rijbaan, slechte doorstroming. Te weinig groen en te weinig groen blijvende bomen . In woonwijk waar 30 km geldt, wordt veel harder gereden. Veel herrie straatstenen als auto’s er over rijden.“ – inwoner Sliedrecht “De buurt gaat achteruit, qua onderhoud maar ook wat betreft nieuwe bewoners. Ook fout parkeren is een groot probleem!” - inwoner Hendrik-IdoAmbacht “De groenvoorziening wordt zeer slecht onderhouden, stoeptegels liggen los en staan omhoog daarnaast worden overal grote bomen gekapt. Het is zonde, onze groene wijk wordt zo langzamerhand steeds kaler.” - inwoner Papendrecht “lawaai, parkeerdruk, slecht onderhoud wegen en groen, asociaal gedrag wordt gedoogd.”– inwoner Zwijndrecht Weinig groen in de buurt. Veel verkeer door de straat die veel te hard rijdt (toegestaan is 30 km, wordt vaak minimaal 50 gereden). Winkelstand is vreselijk … Parkeerproblematiek, tekort aan parkeerplaatsen.– inwoner Gorinchem

17

Partner voor bestuur en beleid

Tevredenheid woonomgeving II Het meest tevreden zijn bewoners over de woonomgeving als het gaat om basisonderwijs en voortgezet onderwijs, het minst als het gaat om woningaanbod en vervolgopleidingen. Naast een vraag over algemene tevredenheid over de woonomgeving is ook gevraagd naar de tevredenheid over de woonomgeving als het gaat om een aantal specifieke kenmerken. Het meest tevreden over de woonomgeving is men als het gaat om basisonderwijs: 89% van de respondenten met een kind jonger dan 12 jaar in het huishouden is hier (erg) tevreden over. Gevolgd door voortgezet onderwijs: 75% van de respondenten met kinderen in het huishouden is hier (erg) tevreden over. Ook de reistijd naar werk/stage scoort relatief goed: 72% van de personen die buitenshuis werk verrichten of stage lopen is (erg) tevreden over de reistijd.

Tevredenheid woonomgeving op kenmerken basis: alle respondenten, exclusief weet niet/geen antwoord; 5-puntschaal basisonderwijs -doelgroep*

35%

voortgezet onderwijs - doelgroep*

55%

16%

reistijd werk/stage -doelgroep*

5% 4%2%

59%

22%

16%

51%

16%

7% 2% 8%

reistijd opleiding - doelgroep*

9%

54%

20%

13%

openbaar vervoer

12%

51%

21%

11% 5%

daghoreca

10%

activiteiten

5%

vervolgopleidingen - doelgroep* 2% woningaanbod 2% 0%

47%

25%

40%

36%

33%

35%

25% 20% erg tevreden

tevreden

neutraal

4% 4% 7%

23%

27% 40%

14% 15%

27%

18%

60%

80%

100%

ontevreden

erg ontevreden

Meest ontevreden is men over het woningaanbod (45% (erg) ontevreden) en over de vervolgopleidingen (30% (erg) ontevreden van de respondenten met kinderen in het huishouden of respondenten die zelf een opleiding volgen).

* Tevredenheid binnen de volgende doelgroepen: • Basisonderwijs: huishouden met kinderen jongste kind < 12 jaar (n=) • Voortgezet onderwijs: huishouden met kinderen (n=) • Vervolgopleidingen: huishouden met kinderen of zelf onderwijs volgen (n=) • Reistijd van en naar werk/stage. personen die buitenshuis) werken of stage lopen (n=1354) • Voortgezet onderwijs: personen die een opleiding volgen (n=55)

18

Partner voor bestuur en beleid

Onderwijs I De tevredenheid van bewoners over de woonomgeving is het laagst als het gaat om vervolgopleidingen De meeste respondenten (87% resp. 73%), ongeacht of ze kinderen hebben, zijn tevreden over hun woonomgeving als het gaat om basisonderwijs en voortgezet onderwijs. Dit is aanzienlijk minder het geval als het gaat om vervolgopleidingen (36% (erg) tevreden). Verschillen tussen gemeenten In Sliedrecht en Gorinchem is de tevredenheid over de woonomgeving, onder respondenten met een kind onder de 12 jaar, als het gaat om het basisonderwijs het hoogst (gemiddeld 4,6 en 4,4 op een schaal van 1 tot 5), terwijl dit bij Zwijndrecht, Papendrecht en Dordrecht het laagst is (gemiddeld 4,0). Over het voortgezet onderwijs is de tevredenheid in Alblasserdam relatief laag (2,6 op een schaal van 1 tot 5) terwijl deze in Papendrecht relatief hoog is onder respondenten met kinderen (4,2). Tot slot als het gaat om vervolgopleidingen (MBO, HBO) scoort Hendrik-Ido-Ambacht relatief hoog onder respondenten met kinderen of respondenten die zelf onderwijs volgen (3,4 op een schaal van 1 tot 5).

Tevredenheid woonomgeving als het gaat om onderwijs (herhaling) basis: alle respondenten, exclusief weet niet/geen antwoord; 5-puntschaal basisonderwijs

27%

voortgezet onderwijs

60%

14%

vervolgopleidingen 3%

59% 33%

basisonderwijs -doelgroep*

34%

35%

voortgezet onderwijs - doelgroep*

9% 3% 17%

8%

21%

9%

55%

16%

5% 4% 2%

59%

vervolgopleidingen - doelgroep* 2%

33%

0%

20%

35% 40%

erg tevreden

60%

tevreden

neutraal

16%

7% 2%

23%

7%

80%

100%

ontevreden

erg ontevreden

Tevredenheid woonomgeving als het gaat om onderwijs – naar gemeente basis: doelgroep, exclusief weet niet/geen antwoord; gemiddelde; 5-puntschaal. Erg tevreden

4,3

2,62,5

4,03,9 2,9

4,4 4,1

4,3 3,6

2,9

3,0

4,2 3,6 3,4

4,6

4,04,2 3,1

3,5 2,7

4,04,0 3,2

4,1 3,8 3,0

Erg ontevreden

* Tevredenheid over onderwijs binnen de volgende doelgroepen: • Basisonderwijs: huishouden met kinderen jongste kind < 12 jaar • Voortgezet onderwijs: huishouden met kinderen • Vervolgopleidingen: huishouden met kinderen of zelf onderwijs volgen

basisonderwijs - doelgroep*

** Deze grafiek is deels een herhaling van pagina 14

vervolgopleidingen - doelgroep*

19

voortgezet onderwijs - doelgroep*

Partner voor bestuur en beleid

Onderwijs II De voornaamste redenen om minder tevreden te zijn met het voortgezet onderwijs en vervolgonderwijs is te weinig opleidingen in de omgeving. Respondenten die hebben aangegeven dat ze (erg) ontevreden zijn over hun woonomgeving als het gaat om basisonderwijs, voortgezet onderwijs etc. is gevraagd waarom ze minder tevreden zijn. Het aantal respondenten met kinderen jonger dan 12 jaar in het huishouden dat ontevreden is over het basisonderwijs, is klein, namelijk 13. De meest genoemde reden voor ontevredenheid over het basisonderwijs is de kwaliteit van het onderwijs van scholen in de omgeving. De meest genoemde reden om ontevreden te zijn over de woonomgeving als het gaat om voortgezet onderwijs en vervolgonderwijs in de omgeving, is het tekort eraan (48% resp. 62%) of de afstand ernaar toe (38% resp. 49%).

Redenen minder tevreden over voortgezet onderwijs basis: respondenten met kinderen die (erg) ontevreden over voortgezet onderwijs zijn (n=56). te weinig scholen

48%

gewenste onderwijs te ver weg

38%

te weinig scholen op gewenst niveau

27%

beperkt aanbod onderwijsvormen

26%

kwaliteit niet goed

13%

sluit niet aan bij wensen

13%

sfeer school sluit niet aan bij wensen

10%

mindere ervaringen

3%

anders

10% 0%

20%

40%

60%

80%

100%

80%

100%

Redenen minder tevreden vervolgonderwijs basis: respondenten (erg) ontevreden over vervolgonderwijs (n=318). te weinig opleidingen

62%

opleidingen te ver weg

49%

weinig keuze in opleidingen

23%

niveau sluit niet aan bij wensen

14%

kwaliteit niet goed

11%

richtingen sluit niet aan bij wensen

8%

anders

5% 0%

20

20%

40%

60%

Partner voor bestuur en beleid

Vervoer/reistijd I De meerderheid van de bewoners is tevreden over hun woonomgeving als het gaat om openbaar vervoer en reistijd De meeste respondenten (73%, 63% en 63%) zijn tevreden over hun woonomgeving als het gaat om reistijd naar werk/stage, reistijd naar opleiding en het openbaar vervoer.

Tevredenheid woonomgeving als het gaat om openbaar vervoer en reistijd** basis: alle respondenten, exclusief weet niet/geen antwoord; 5-puntschaal reistijd van en naar werk/stage doelgroep*

22%

reistijd van en naar opleiding doelgroep*

Er zijn wat dit betreft geen significante verschillen tussen gemeenten. 6 op de 10 bewoners met betaald werk, stage of studie werkt, loopt stage of gaat naar school binnen een half uur van hun woning.

openbaar vervoer

erg tevreden

16%

8%

3%

9%

54%

20%

13%

4%

12%

51%

21%

11%

5%

0%

Respondenten is ook gevraagd naar hun gemiddelde reistijd enkele reis naar werk, stage of studie. 60% geeft aan dat dit minder dan een half uur is. 19% meer dan drie kwartier.

51%

20% tevreden

40% neutraal

ontevreden

60%

80%

100%

erg ontevreden

Gemiddelde reistijd enkele reis naar werk, stage of studie basis: respondenten met betaald werk, stage of opleiding buitenshuis (n=1410).

29%

0% * Tevredenheid over reistijd binnen de volgende groepen: • Reistijd van en naar werk/stage. personen die buitenshuis) werken of stage lopen (n=1354) • Voortgezet onderwijs: personen die een opleiding volgen (n=50)

31%

20% minder dan 15 minuten 45 minuten tot 60 minuten

40%

21%

60%

15 minuten tot 30 minuten 60 minuten of langer

11%

8%

80%

100%

30 minuten tot 45 minuten weet niet/geen antwoord

** Deze grafiek is deels een herhaling van pagina 14

21

Partner voor bestuur en beleid

Vervoer/reistijd II Er springt niet echt één reden uit voor ontevredenheid over het openbaar vervoer. Bij reistijd naar het werk/de stage is de belangrijkste reden een lange reistijd. Respondenten die (erg) ontevreden zijn over hun woonomgeving als het gaat om openbaar vervoer of reistijd naar werk/stage is gevraagd waarom ze minder tevreden zijn. Bij ontevredenheid over het openbaar vervoer worden zowel de afstand tot de opstapplaats, als de prijzen, de aansluitingen, de frequentie van rijden overdag en ‘s avonds en de duur van de reis door een derde van de respondenten genoemd . Er springt dus niet echt één reden uit. In de categorie ‘anders’ wordt door 30 bewoners van Dordrecht, Zwijndrecht en (in mindere mate) Hendrik-Ido-Ambacht het vervallen van de waterbus naar de Hooikade genoemd. Ontevredenheid over de reistijd naar het werk of stage komt vooral voort uit een te lange reistijd (75%) en vertraging op de weg (57%)

Redenen minder tevreden over openbaar vervoer basis: respondenten (erg) ontevreden over openbaar vervoer (n=372). opstapplaats te ver van mijn woning

39%

de prijzen zijn te hoog

37%

de reistijd duurt langer dan nodig

36%

frequentie overdag is te laag

36%

aansluitingen zijn slecht

36%

frequentie 's avonds is te laag regelmatig vertraging

16%

anders

27% 0%

20%

40%

60%

80%

100%

Redenen minder tevreden over reistijd werk/stage basis: respondenten (erg) ontevreden over reistijd naar werk/stage (n=40).

De voornaamste reden om minder tevreden te zijn over de reistijd naar de opleiding is dat deze te lang is. Er zijn echter slechts 13 respondenten ontevreden hierover.

“Bezopen om de waterbusaansluiting Zwijndrecht Hooikade te laten vervallen. Nu is er een 10 min. dienst naar de Merwekade, wat overdreven is: we zien de bus vaak leeg komen en leeg vertrekken. Hij meert soms zelfs niet aan omdat zij niemand aan boord hebben en er niemand op de aanlegponton staat . Oplossing: 20 minuten dienst Merwekade- Zwijndrecht- HooikadeMerwekade en zo rond kan allemaal zonder meerprijs/kosten”- inwoner Zwijndrecht

29%

reistijd is te lang

75%

regelmatig vertraging op de weg

57%

regelmatig vertraging met ov

36%

reistijd zo lang dat ik ben verhuisd/overweeg te verhuizen

28%

anders

26% 0%

22

20%

40%

60%

80%

100%

Partner voor bestuur en beleid

Vervoer/reistijd III De auto is (nog steeds) het vervoermiddel dat het meest gebruik wordt, alleen bij sporten in clubverband en ontspannen in de natuur of aan het water in de regio niet.

Vervoermiddelen meestal gebruiken basis: alle respondenten, exclusief weet niet/n.v.t.; in procenten

Over vervoermiddelen is gevraagd welk vervoermiddel men meestal gebruikt voor een aantal reisdoelen en hoe vaak men gebruik maakt van de verschillende vervoermiddelen om ergens naar toe te gaan (zie volgende bladzijde). De auto is (nog steeds) het meest gebruikte vervoermiddel: alleen bij sporten in clubverband en het bezoeken van natuur in de regio wordt de fiets door meer respondenten meestal gebruikt. Openbaar vervoer in de vorm van de waterbus of veerdienst wordt slechts door 1% meestal gebruikt voor de genoemde reisdoelen. Verschillen tussen gemeenten In Dordrecht wordt de auto relatief weinig genoemd als vervoermiddel om meestal mee naar het werk te gaan (49%). Bij andere reisdoelen (winkelen, uitgaan overdag, uitgaan ‘s avonds) wordt in Dordrecht en Gorinchem relatief vaak de fiets of te voet genoemd en minder de auto als vervoermiddel dat het meest wordt gebruikt: bijvoorbeeld de fiets wordt in Dordrecht bij winkelen door 39% en overdag uitgaan door 50% van de respondenten genoemd, terwijl de auto door 33% en 26% wordt genoemd.

23

werk

opleiding

winkelen

Uitgaan overdag

Uitgaan avond

Sport in clubverban d

Natuur of water in regio

58

46

43

41

56

40

34

10

30

2

4

3

1

0

1

1

1

1

0

0

0

1

3

1

1

0

1

0

25

15

32

36

26

49

37

4

4

20

16

13

9

26

Partner voor bestuur en beleid

Vervoer/reistijd IV De meeste bewoners gaan het meest frequent met de auto, te voet of te fiets ergens heen. 86% van de respondenten gaat minimaal wekelijks met de auto ergens heen, ook lopend ergens heen gaan wordt door 84% minimaal wekelijks gedaan. De fiets wordt iets minder vaak gebruikt: 65% gebruikt die wekelijks om ergens heen te gaan. De waterbus en veerdienst is een vervoermiddel dat meer incidenteel wordt gebruikt. Verschillen tussen gemeenten In gemeente Dordrecht wordt de auto minder vaak dagelijks gebruikt (30%) dan in Alblasserdam (44%), Hardinxveld-Giessendam (45%) en Zwijndrecht (39%). Het OV (trein of bus) wordt in Dordrecht door meer respondenten minimaal jaarlijks gebruikt (bijna nooit:29%) dan in andere gemeenten. De waterbus/de veerdienst wordt in Hardinxveld-Giessendam het minst gebruikt (bijna nooit : 57%). Deze worden in Papendrecht en Zwijndrecht het meest gebruikt (bijna nooit: 31% en 29%).

Frequentie gebruik vervoermiddelen om ergens naar toe te gaan

auto/motor

35%

te voet

51% 46%

(elektrische) fiets

38%

28%

OV - trein of bus 2% 10% OV-waterbus/veerdienst 1%4% brommer/scooter

12%

37% 14%

0%

13%

13%

2%

14%

3%1% 11%

40%

8% 8%

41%

53% 20%

7% 2% 4%2% 12%

18%

1 of meer keer per dag 1 of meer keer per maand (niet elke week) 1-2 keer per jaar weet niet /n.v.t.

24

6%1%4%3%

11% 43%

40%

60%

80%

100%

1 of meer keer per week (niet elke dag) 1-2 keer per kwartaal (bijna) nooit

Partner voor bestuur en beleid

Horeca en activiteiten I Bijna een vijfde van de bewoners is ontevreden over de daghoreca en de activiteiten die men kan doen in de woonomgeving.

Tevredenheid woonomgeving als het gaat om horeca en activiteiten die je er kunt doen* basis: alle respondenten, exclusief weet niet/geen antwoord; 5-puntschaal

57% van de respondenten is tevreden over de daghoreca in de omgeving, terwijl 18% ontevreden is hierover. Over de activiteiten die men kan ondernemen in de woonomgeving is 45% tevreden en 19% ontevreden. Verschillen tussen gemeenten Respondenten uit de gemeenten Hardinxveld-Giessendam, Sliedrecht en Zwijndrecht zijn meer ontevreden over de horeca en activiteiten die je in de woonomgeving kunt doen dan in Alblasserdam, Dordrecht, en Gorinchem.

daghoreca

10%

activiteiten

5%

47%

40%

0% erg tevreden

25%

20% tevreden

neutraal

36%

40%

60%

80%

ontevreden

erg ontevreden

14%

4%

15%

4%

100%

Tevredenheid woonomgeving als het gaat om horeca en activiteiten – naar gemeente basis: alle respondenten, exclusief weet niet/geen antwoord; gemiddelde; 5-puntschaal Erg tevreden 3,7 3,4

3,53,5

3,8 3,3 2,9 2,6

3,23,3

3,5 3,1

3,3 3,0

3,3 3,0

3,4 3,2

Erg ontevreden

daghoreca

* Deze grafiek is deels een herhaling van pagina 14

25

activiteiten die je kunt doen

Partner voor bestuur en beleid

Horeca en activiteiten II Redenen voor ontevredenheid over activiteiten in de woonomgeving zijn: weinig te doen voor jongeren en kinderen. Bij horeca: te weinig horeca en te weinig keuze.

Redenen minder tevreden activiteiten die er gedaan kunnen worden in de woonomgeving basis: respondenten (erg) ontevreden over activiteiten die er gedaan kunnen worden (n=423).

Aan respondenten die aangeven dat ze (erg) ontevreden zijn over hun woonomgeving als het gaat om activiteiten die er gedaan kunnen worden en aanwezige daghoreca is gevraagd waarom ze minder tevreden zijn.

te weinig voor jongeren te weinig voor kinderen te weinig ontmoetingsplekken te weinig groen/natuur de omgeving oogt onaantrekkelijk te weinig wandelpaden in de omgeving niet aansluiten op wensen het is er te druk te weinig fietspaden in de omgeving te weinig water in de omgeving anders

Belangrijkste reden dat men minder tevreden is over de activiteiten die gedaan kunnen worden is dat er te weinig is voor jongeren (55%) en in mindere mate voor kinderen (38%). Te weinig horeca in de omgeving (75%) is de belangrijkste reden dat men ontevreden is over de woonomgeving als het gaat om daghoreca.

55% 38% 35% 32% 32% 27% 18% 15% 7% 3% 15% 0%

20%

40%

60%

80%

100%

Redenen minder tevreden over daghoreca in de woonomgeving basis: respondenten (erg) ontevreden over horeca (n=445). te weinig horeca in de omgeving

75%

er is weinig keuze

“Weinig horeca, theater, bioscoop etc. Enkele kleine groene parken om kort te wandelen. Geen mooie omgeving om te fietsen. Ook voor volwassenen weinig activiteiten op enkele sportlocaties na“ – inwoner Zwijndrecht

52%

aanbod sluit niet aan bij mijn wensen

23%

de horecavoorziening is te ver weg

23%

op een ongezellige/onaantrekkelijke…

16%

de kwaliteit is niet goed

6%

anders

7% 0%

26

20%

40%

60%

80%

100%

Partner voor bestuur en beleid

Horeca en activiteiten III In de omgeving van de woning doet men vooral aan recreatief bewegen: een derde doet dit dagelijks, 6 op de 10 minimaal wekelijks. In de vragenlijst is ook gevraagd naar de activiteiten die men zelf in de omgeving van de woning onderneemt. 82% van de respondenten zegt dat ze minimaal wekelijks recreatief bewegen. 47% bezoekt minimaal wekelijks groen, zoals een park of bos. Een terras bezoeken doet men minder frequent: de grootste groep (33%) doet dit maandelijks.

Activiteiten die men in de omgeving van de woning onderneemt basis: alle respondenten exclusief weet niet/nvt en geen antwoord. recreatief bewegen groen bezoeken

10%

naar water gaan

7%

OV gebruiken 3% een terras bezoeken

Verschillen tussen gemeenten Respondenten uit Gorinchem en Dordrecht bezoeken gemiddeld genomen frequenter een terras dan uit Alblasserdam, Hardinxveld-Giessendam, Sliedrecht en Zwijndrecht. Respondenten uit Dordrecht (en in mindere mate Zwijndrecht) maken verder het meest frequent gebruik van het Openbaar Vervoer. Respondenten uit Dordrecht bezoeken ook gemiddeld genomen het meest frequent groen, zoals een bos of park, terwijl respondenten uit Hardinxveld-Giessendam dit het minst doen.

32%

50% 37%

29%

24% 10%

10%

30%

16%

8%

16%

17%

15%

33%

0%

10% 2% 1%6%

40%

9%

9% 14%

39%

20%

20%

5%

11% 60%

28% 80%

100%

1 of meer keer per dag

1 of meer ker per week

1 of meer keer per maand

1-2 keer per kwartaal

1-2 keer per jaar

(bijna) nooit

Activiteiten die men in de omgeving van de woning onderneemt– naar gemeente basis: alle respondenten, exclusief weet niet/geen antwoord; gemiddelde; 6-puntschaal (bijna) nooit

6 5

4,5

4

4,7 3,7

3,4

4,5 3,9

4,4 4,4

2,7

3

Tot slot: respondenten uit Hendrik-Ido-Ambacht bezoeken het vaakst water, zoals de rivier, een meertje of haven.

4,0 4,2

2 1 of meer keer per dag

1

recreatief bewegen

27

terras bezoeken

groen bezoeken

water bezoeken

OV gebruiken

Partner voor bestuur en beleid

Woningaanbod I Bijna de helft van de bewoners is ontevreden over de woonomgeving als het gaat om het woningaanbod.

Tevredenheid woonomgeving als het gaat om woningaanbod* basis: alle respondenten, exclusief weet niet/geen antwoord; 5-puntschaal

45% van de respondenten is (zeer) ontevreden over het woningaanbod in de woonomgeving. 27% is (zeer) tevreden. woningaanbod 2%

25%

27%

27%

18%

Verschillen tussen gemeenten Respondenten in Dordrecht en Hendrik-Ido-Ambacht zijn het minst ontevreden over het woningaanbod in hun woonomgeving.

0%

20%

zeer tevreden

tevreden

neutraal

40%

60%

80%

ontevreden

zeer ontevreden

100%

Tevredenheid woonomgeving als het gaat om woningaanbod– naar gemeente basis: alle respondenten, exclusief weet niet/geen antwoord; gemiddelde; 5-puntschaal Erg tevreden

2,8 2,4

2,7

2,5

2,9

2,5

2,4

2,5

2,7

Erg ontevreden

woningaanbod

* Deze grafiek is deels een herhaling van pagina 14

28

Partner voor bestuur en beleid

Woningaanbod II De prijs van de woningen (te weinig betaalbare woningen en te duur) en te weinig woningen voor starters zijn de meest genoemde redenen voor ontevredenheid over het woningaanbod. Ook als het gaat om woningaanbod is gevraagd naar de redenen dat men minder tevreden is over de woonomgeving. Bijna de helft van de respondenten was ontevreden over het woningaanbod: hiervan noemt meer dan de helft als reden dat er te weinig betaalbare woningen zijn, dat de beschikbare woningen te duur zijn en dat er te weinig woningen zijn voor starters. Bij de toelichting op de categorie anders komt ook relatief vaak terug dat er te weinig levensloopbestendige woningen of woningen voor ouderen beschikbaar zijn (70 respondenten)

Redenen minder tevreden woningaanbod basis: respondenten (erg) ontevreden over woningaanbod (n=953).

te weinig betaalbare woningen te duur te weinig voor starters te weinig huurwoningen niet in wijk/op locatie waar ik wil te weinig nieuwbouw te weinig keuze: allemaal van hetzelfde te weinig in duurdere segment woningen moet teveel aan gebeuren nieuwbouw te ver weg anders

66% 58% 52% 41% 26% 26% 15% 9% 9% 5% 13% 0%

20%

40%

60%

80%

100%

Geen betaalbare doorstroomwoningen/appartementen voor 60+ met een gezinswoning die kleiner willen gaan wonen – inwoner Alblasserdam we zijn met pensioen en hebben een groot huis ,maar niets is er beschikbaar om te huren en vreselijk duur. Zo jammer, zo zonde. wat heeft ambacht nu nog aan huurwoningen? – inwoner Hendrik-Ido-ambacht

29

Partner voor bestuur en beleid

Water in de woonomgeving 7 op de 10 bewoners woont nabij water, de helft hiervan onder andere in de buurt van de rivier. De grote rivieren en het water in de gemeenten is karakteristiek voor de regio. Het biedt kansen en uitdagingen als het gaat om het wonen, het werken en de bereikbaarheid. Er is in de vragenlijst gevraagd of men in de omgeving van water woont. Bijvoorbeeld men kijkt uit op de grote rivieren, haven of vijver, of deze bevinden zich op maximaal 5 minuten afstand. 69% van de respondenten woont in de omgeving van water. Verschillen tussen gemeenten In Alblasserdam, Hardinxveld-Giessendam , Sliedrecht en Zwijndrecht wonen de meeste respondenten in de omgeving van water. In Dordrecht, Gorinchem en HendrikIdo-Ambacht is dat minder.

Wonen in omgeving van water (rivier, haven, vijver of anders op maximaal 5 minuten loopafstand)

ja, een rivier

36%

ja, een vijver

30%

ja, ander water

20%

ja, een haven

11%

nee

31% 0%

20%

40%

60%

80%

100%

Woont in omgeving van water (rivier, haven, vijver of anders op maximaal 5 minuten loopafstand)

Zwijndrecht Sliedrecht Papendrecht HIA HG Gorinchem Dordrecht Alblasserdam

79% 80% 69% 56% 86% 64% 64% 83%

Total

70% 0%

30

20%

40%

60%

80%

100%

Partner voor bestuur en beleid

Water Bewoners die in de omgeving van water wonen, vinden vooral het natuurlijke karakter en het uitzicht prettig, minder prettig vinden ze vooral de vervuiling/rommel. Aan respondenten die in de omgeving van water wonen, is gevraagd wat men prettig en minder prettig vindt aan het wonen in de omgeving van water. 72% noemt het natuurlijke karakter en 57% het uitzicht als prettig element van het wonen aan water. Terwijl vervuiling (43%) en industrie en bedrijven (26%) de meest genoemde minder prettige elementen zijn van het wonen in de omgeving van water. Bij de categorie anders zijn ook respondenten die geen minder prettige kenmerken kunnen benoemen (13%). Daarnaast worden ook wel muggen, ratten, honden(poep), kans op overstroming en overlast van gebruikers (geluidsoverlast, stank schepen) en het gevaar voor kinderen benoemd. Verschillen tussen gemeenten: In Hendrik-Ido-Ambacht zijn er minder respondenten die het uitzicht als prettig kenmerk van het wonen in de omgeving van water noemen, namelijk 40%. In Zwijndrecht geven minder respondenten het natuurlijke karakter aan als prettig kenmerk (64%) dan in Alblasserdam (81%) en Dordrecht (74%). In Zwijndrecht wordt vaker de bereikbaarheid en het parkeren als minder prettig kenmerk genoemd van wonen in de omgeving van water (18%), in Hendrik-Ido-Ambacht wordt dit minder vaak genoemd (2%).

Te druk wordt vaker als minder prettig kenmerk genoemd in Gorinchem (19%). Bedrijven en industrie wordt vaker als minder prettig kenmerk genoemd in Papendrecht (31%), Sliedrecht (47%) en Zwijndrecht (34%) dan in Gorinchem (15%) en Dordrecht (19%).

Prettig aan het wonen in de omgeving van water basis: respondenten die wonen aan water (rivier, haven, meer of anders), n=1935 natuurlijk karakter

72%

uitzicht

57%

rust

47%

levendigheid

34%

anders

6% 0%

20%

40%

60%

80%

100%

80%

100%

Minder prettig aan het wonen in de omgeving van water basis: respondenten die wonen aan water (rivier, haven, meer of anders), n=1935 vervuiling/rommel

44%

bedrijven/industrie

26%

bereikbaarheid/parkeren

12%

te druk

10%

te rustig

1%

anders

23% 0%

20%

40%

60%

Partner voor bestuur en beleid

Ontwikkeling woonomgeving I Het aandeel bewoners dat van mening is dat de woonomgeving het afgelopen jaar erop achteruit is gegaan, is hoger dan het aandeel dat denkt dat deze erop vooruit is gegaan. Tot slot is gevraagd of men van mening is dat de woonomgeving er het afgelopen jaar op vooruit of achteruit is gegaan en of men denkt dat deze er het komende jaar op vooruit of achteruit zal gaan (volgende bladzijde). Er zijn meer respondenten van mening dat de woonomgeving er het afgelopen jaar op achteruit is gegaan dan op vooruit: 25% zegt in meer of mindere mate erop vooruit, 31% er op achteruit. 3,5% van alle respondenten heeft geen antwoord gegeven of ‘weet niet’ geantwoord. Verschillen tussen gemeenten Het aandeel respondenten dat zegt dat de woonomgeving erop vooruit is gegaan, is hoger in Dordrecht (28%) dan in Hardinxveld-Giessendam (17%) en Papendrecht (17%). Het aandeel dat zegt dat de woonomgeving erop achteruit is gegaan is in Zwijndrecht hoger (37%) dan in Dordrecht (27%).

Ontwikkeling woonomgeving het afgelopen jaar basis: alle respondenten, exclusief weet niet/geen antwoord totaal

25%

Alblasserdam

45%

19%

Dordrecht

28%

Gorinchem

25%

Hardinxveld-Giessendam

45%

28%

46%

30%

50%

Sliedrecht

25%

Zwijndrecht

24%

32%

43%

32%

39% 20%

vooruit

32

36%

55%

17%

0%

27%

39%

24%

Papendrecht

36% 45%

17%

Hendrik-Ido-Ambacht

31%

40%

37% 60%

niet achteruit, niet vooruit

80%

100%

achteruit

Partner voor bestuur en beleid

Ontwikkeling woonomgeving II Het aandeel bewoners dat denkt dat de woonomgeving het komende jaar erop achteruit gaat is bijna 2,5 keer zo hoog als het aandeel dat denkt dat het er op vooruit zal gaan. 14% van de respondenten met een mening verwacht dat de woonomgeving het komende jaar erop vooruit zal gaan, terwijl 32% denkt dat het er op achteruit zal gaan. 11,3% van alle respondenten heeft geen antwoord gegeven of ‘weet niet’ geantwoord. Het aandeel dat verwacht dat de woonomgeving erop vooruit of achteruit zal gaan verschilt niet voor respondenten die al dan niet de flyer Regio Deal voor een nog aantrekkelijker woon- en werkgebied hebben gelezen voorafgaand aan het invullen van de vragenlijst. Verschillen tussen gemeenten Het aandeel respondenten dat denkt dat de woonomgeving erop vooruit zal gaan, is relatief laag in Alblasserdam (4%) en Papendrecht (5%). Terwijl het aandeel dat denkt dat de woonomgeving erop achteruit zal gaan hoger is in Papendrecht (37%), Sliedrecht (40%) en Zwijndrecht (40%) dan in Dordrecht (26%)

Ontwikkeling woonomgeving het komende jaar basis: alle respondenten, exclusief weet niet/geen antwoord totaal

Alblasserdam

14%

4% 18%

Gorinchem

16%

Hardinxveld-Giessendam

39% 56%

26%

49%

11%

Hendrik-Ido-Ambacht

32%

57%

Dordrecht

Papendrecht

54%

35%

63%

18%

25%

59%

5%

23%

57%

37%

Sliedrecht

15%

45%

40%

Zwijndrecht

12%

49%

40%

0%

20%

40% gaat vooruit

33

60% zal gelijk blijven

80%

100%

gaat achteruit

Partner voor bestuur en beleid

Afbeelding Paul Martens

Regio Partner voor bestuur en beleid

Tevredenheid Regio I De helft van de bewoners is zeer tevreden over de regio. Dit is iets lager dan bij de woonomgeving. Er zijn ook vragen gesteld over de regio, omschreven als het gebied waarin de gemeente Gorinchem en de 7 gemeenten van de Drechtsteden liggen (Dordrecht, Zwijndrecht, Hendrik-Ido-Ambacht, Alblasserdam, Papendrecht, Sliedrecht, en Hardinxveld-Giessendam). Er is onder meer gevraagd naar de tevredenheid over de regio waarin men woont. Overall is de tevredenheid over de regio redelijk (7,3). Dit is iets lager dan bij de woonomgeving (7,6). Verschillen tussen gemeenten De tevredenheid met de regio is bij respondenten uit Dordrecht (7,5) en Hendrik-Ido-Ambacht (7,6) het hoogst: hoger dan in de andere gemeenten.

Tevredenheid met regio schaal 1-10 (1=zeer ontevreden, 10= zeer tevreden); gemiddelde totaal

7,4

Alblasserdam

7,3

Dordrecht

7,5

Gorinchem

7,3

Hardinxveld-Giessendam

7,3

Hendrik_Ido-Ambacht

7,6

Papendrecht

7,2

Sliedrecht

7,2

Zwijndrecht

7,2 1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

Tevredenheid met regio schaal 1-10 totaal

51%

Alblasserdam

49%

Dordrecht

42% 41%

55%

Gorinchem

49%

Hardinxveld-Giessendam

50%

Hendrik-Ido-Ambacht

7% 10%

40%

5%

42%

9%

43% 62%

6% 32%

6%

Papendrecht

47%

45%

9%

Sliedrecht

49%

42%

10%

Zwijndrecht

41% 0%

20%

zeer tevreden (score 8-10)

51% 40% tevreden (score 6-7)

60%

8% 80%

100%

(zeer) ontevreden (score 1-5)

Vraag: Hoe tevreden bent u met uw huidige woonomgeving?

35

Partner voor bestuur en beleid

Tevredenheid regio II Meer dan de helft noemt goede bereikbaarheid, voldoende winkelaanbod en veel groen/natuur om te ontspannen als kenmerken die de regio aantrekkelijk maken. Naast een tevredenheidsscore is aan alle respondenten gevraagd naar de kenmerken die de regio aantrekkelijk maken om te wonen. 62% noemt de goede bereikbaarheid, 60% het winkelaanbod en 54% het aanwezige groen/de natuur om te ontspannen. Bij ‘anders, namelijk’ wordt relatief vaak genoemd: • centraal gelegen/goede uitvalsbasis (26 respondenten), • in de buurt van werk/werkgelegenheid (28), • in de buurt van familie/vrienden/sociale netwerk (34), • geboren en/of getogen (16) • de aantrekkelijke (historische) steden Dordrecht en/of Gorinchem (13) • Het culturele aanbod (9) Verschil tussen gemeenten

Kenmerken van de regio die deze aantrekkelijk maken om te wonen basis: alle respondenten, exclusief geen antwoord goede bereikbaarheid met auto/OV

62%

voldoende winkelaanbod

60%

veel groen/natuur om te ontspannen voldoende uitgaansmogelijkheden

Veel water om op, in of aan te ontspannen wordt bij respondenten uit Hendrik-Ido-Ambacht (22%), Papendrecht (25%) en Zwijndrecht (30%) relatief weinig genoemd. Tot slot worden uitgaansmogelijkheden relatief vaak genoemd bij Alblasserdam (54%), Dordrecht (56%) en Gorinchem (60%).

45%

veel water om te ontspannen

37%

goede onderwijsmogelijkheden

26%

geschikt woningaanbod

22%

voldoende te doen voor kinderen

19%

anders

Bij bijna alle gemeenten worden voldoende winkelaanbod, goede bereikbaarheid en veel groen/natuur het meest genoemd als kenmerken die de regio aantrekkelijk maken. Groen/natuur worden door respondenten uit Dordrecht (67%), en in iets mindere mate Alblasserdam(61%) vaker genoemd dan gemiddeld. Minder vaak worden bij beide gemeenten goede onderwijsmogelijkheden genoemd (21% en 16%).

54%

10% 0%

20%

40%

60%

80%

100%

Praktisch, aan de rand van de randstad. Rotterdam voldoende dichtbij. De regio zelf biedt niet zoveel. Beetje 'vlees noch vis'; wel wat restaurants, maar 'meer van hetzelfde'; wandel en fiets mogelijkheden zijn zeker niet overdadig – Hendrik Ido Ambacht (score 8) De nabijheid van vrienden en familie. Verder vind ik het druk, niet heel erg gezellig en zou een universiteit of meer aanbod van HBO en meer jongeren de regio goed doen. Het woningaanbod is momenteel ook om te huilen – inwoner Dordrecht (score 5)

36

Partner voor bestuur en beleid

Ontwikkelingen regio Het aandeel bewoners dat denkt dat de ontwikkelingen in de regio bijdragen aan een aantrekkelijke plek om te wonen en verblijven is (iets) lager dan het aandeel dat denkt deze bijdragen aan een minder aantrekkelijke plek om te wonen en verblijven. Dordrecht is de enige gemeente waarbij meer bewoners van mening zijn dat de ontwikkelingen de woonomgeving aantrekkelijker maken. Op de vraag of de ontwikkelingen in de regio de komende jaren zullen bijdrage aan een meer of minder aantrekkelijke plek om te wonen en verblijven heeft 82% een mening (hebben geen ‘weet niet’ of ‘geen antwoord’ ingevuld). Hiervan antwoordt 22% aantrekkelijker en 27% minder aantrekkelijk. Het grootste deel denkt dat het qua aantrekkelijkheid gelijk zal blijven. Ook nu verschilt het niet of men vooraf de flyer Regio Deal voor een nog aantrekkelijker woon- en werkgebied heeft gelezen. Verschillen tussen gemeenten In Dordrecht is de groep respondenten die verwacht dat de ontwikkelingen in de regio zullen bijdragen aan een aantrekkelijkere plek om te wonen en verblijven het grootst (33%) en duidelijk groter dan de groep die denkt dat de woonomgeving er minder aantrekkelijk op zal worden (18%).

Bijdrage ontwikkelingen regio aan aantrekkelijkheid woonomgeving in de regio basis: alle respondenten, exclusief weet niet/geen antwoord totaal

Alblasserdam

22%

8%

34%

33%

Gorinchem

49%

19%

Hardinxveld-Giessendam

14%

Hendrik-Ido-Ambacht

27%

58%

Dordrecht

21%

Papendrecht

13%

Sliedrecht

15%

Zwijndrecht

12% 0%

aantrekkelijker

37

52%

18%

51%

30%

60%

26%

48%

30%

54%

33%

44%

41%

59% 20%

hetzelfde

40%

29% 60%

80%

100%

minder aantrekkelijk

Partner voor bestuur en beleid

Ontwikkeling regio komende jaren Bewoners die verwachten dat de ontwikkelingen in de regio de woonomgeving aantrekkelijker zullen maken verwijzen vooral naar (plannen) voor nieuwbouw, aandacht voor groen, en de komst van meer horeca.

“Met alle plannen zoals spoorzone, waterbus en -taxi, horeca en evenementen lijkt het me nog aantrekkelijker te worden.” – inwoner Dordrecht “Ik verwacht dat het centrum van Dordrecht nog aantrekkelijk wordt. Het is fijn te zien dat daar de laatste jaren flink aan gewerkt is. Ook de Biesbosch is flink aangepakt als natuur/recreatiegebied. Dat moet zich nog wel verder ontwikkelen maar dat is een mooie mix. Wel maak ik mij zorgen over dat elk groen stukje bebouwd gaat worden waardoor de directe leefomgeving juist minder aantrekkelijk wordt.” – Inwoner Dordrecht “Door de komst van het Waterbusplein krijgt onze gemeente een extra plek voor horeca en ontmoeten.

Ik denk ook dat het extra aandacht krijgt in de hele regio” inwoner Hendrik-Ido-Ambacht “Mijn indruk is dat er meer aandacht is om de pluspunten, de potentie, die de regio heeft, beter te benutten, zoals het aantrekkelijk maken van de buitenruimte met meer groen en kunst, meer horeca met terrassen, het benutten van de aantrekkelijkheid van oevers (deze ontsluiten en onderdeel maken van de ervaring als mensen buiten fietsen of lopen)– inwoner Papendrecht “Beter groen-onderhoud, betere voorzieningen voor fietsen, beter woning aanbod, meer voorzieningen voor recreatie, meer aandacht voor de kwaliteit van de openbare ruimte” – inwoner Gorinchem Als het goed is komt er meer groen en wordt het goed onderhouden, er zijn al heel veel bloembollen gepland want het dorp erg aantrekkelijk maakt. Voor zover ik begrepen heb staan er positieve dingen gepland zoals een buiten zwembad, meer groen en bomen en meer fietspaden”- inwoner HardinxveldGiessendam

38

Partner voor bestuur en beleid

Ontwikkeling regio komende jaren Bewoners die verwachten dat de ontwikkelingen in de regio de woonomgeving minder aantrekkelijk maken, verwijzen, ongeacht gemeente, vooral naar het volbouwen van de wijken en polders met woningen en bedrijven en dus minder groen, ruimte en rust en meer verkeer(soverlast) . Het achteruitgaan van wijken wordt ook, maar in veel mindere mate genoemd. In Gorinchem wordt specifiek het plaatsen van windturbines genoemd.

“Het is al vol en druk in Dordrecht en alles wijst erop dat er dat men noch veel meer mensen, dus huizen, verkeer wil hebben. Aangezien Dordrecht niet groter wordt, wordt het voller. En dan moeten de windmolens, zonnepanelen geothermie centrales etc. er nog bij. Een beetje groenblauw programma gaat daar weinig tegen helpen”– inwoner Dordrecht “Waarschijnlijk nog meer bebouwing en minder groen. Daarnaast waarschijnlijk meer auto's en meer diversiteit aan bewoners.” - inwoner Papendrecht “Minder aantrekkelijk omdat er hoogst waarschijnlijk toch windturbines komen, ongeacht de tegenstand. Daarnaast word het steeds drukker qua verkeer en de daarmee samenhangende problemen. Ook de hardnekkige leegstand en het kleiner wordende winkel aanbod maakt de aantrekkelijkheid in de toekomst, mits er niets aan gedaan wordt, minder.” – inwoner Gorinchem “Verkeersdrukte op de dijk zal alleen maar toenemen. Geeft geluidsoverlast. Meer automobilisten rijden ook te hard op de dijk. Andere uitvalsweg om naar Kinderdijk te komen wordt steeds belangrijker.” – inwoner Alblasserdam “Buurt verpauperd, wordt ouder met als gevolg dat de gemeente deze wijk een beetje als achterstandswijk gaat zien met alle gevolgen van dien.” – inwoner Dordrecht “Alles wordt vol gebouwd. Polder levert steeds weer een stukje grondgebied in. Steeds minder rust en groen.

Wonen in een dorp, maar het voelt allemaal steeds stadser aan."inwoner Hardinxveld-Giessendam

39

Partner voor bestuur en beleid

Beleving van oevers en verbindingen Partner voor bestuur en beleid

Bezoeken van oevers 7 op de 10 bewoners komen regelmatig langs of naar de oevers van de grote rivieren. Vooral om bijvoorbeeld te wandelen, hard te lopen of te fietsen of skaten. Tot slot zijn er in de vragenlijst vragen gesteld over de beleving van de oevers en verbindingen. Eerder is al aan bod gekomen de beleving van het wonen in de omgeving van water. Dit deel gaat over het bezoeken van de oevers/rivieren en de wijze waarop men deze oversteekt. 73 % van de respondenten bezoekt regelmatig de oevers van de grote rivieren nabij de woonomgeving. 74% om te wandelen of hard te lopen en 42% om te fietsen of skaten. Bij de categorie anders worden ook hond uitlaten, iets of iemand bezoeken en activiteiten zoals bijvoorbeeld vissen, varen, boten kijken, rondtoeren en zonnen genoemd. Verschillen tussen gemeenten Respondenten uit Dordrecht en Hendrik-Ido-Ambacht bezoeken relatief weinig de oevers van de grote rivieren (64% en 53%). Meer respondenten uit Hendrik-Ido-Ambacht noemen werk (40%) en winkel of bedrijfsbezoek (24%) en minder wandelen, hardlopen (49%) als reden voor een bezoek aan de oevers. Respondenten uit Alblasserdam noemen ook vaker werk als reden (33%). Respondenten uit Dordrecht noemen vaker een terrasje bezoeken als reden (33%). Respondenten uit HardinxveldGiessendam noemen dit juist minder vaak (3%).

Bezoeken van de oevers van de rivieren nabij de woonomgeving basis: alle respondenten, exclusief geen antwoord totaal

69%

Alblasserdam Dordrecht Gorinchem Hardinxveld-Giessendam Hendrik-Ido-Ambacht Papendrecht Sliedrecht Zwijndrecht

31%

79%

21%

64%

36% 76% 85%

24% 15%

53%

47% 75% 84% 68%

0%

20%

40%

25% 16% 32% ja

60% nee

80%

100%

Redenen langs of naar de oevers van de rivieren komen basis: respondenten die regelmatig langs of naar de oevers van de rivieren komen (n=1990) wandelen, hardlopen, etc.

73%

fietsen, skaten, etc.

42%

ontspannen in, op of aan het water

38%

terras bezoeken

22%

werk

19%

(winkel of bedrijfs)bezoek

9%

anders

7% 0%

41

20%

40%

60%

80%

100%

Partner voor bestuur en beleid

Regio Bewoners vinden de groene-/wateromgeving en de rust aan de oevers prettig, terwijl ze de bedrijven/industrie en de weinige verblijfsmogelijkheden als minder prettig ervaren.

Prettig vinden aan bezoek oevers basis: respondenten die regelmatig de oevers van de rivieren bezoeken, exclusief geen antwoord (n=1989) groene en wateromgeving 75%

Ook nu is gevraagd wat men prettig en minder prettig vindt aan een bezoek van de oevers. 75% noemt de groene en wateromgeving als prettig kenmerk en 50% de rust. In de categorie anders worden vooral het uitzicht en dat het een fijne plek is om activiteiten zoals wandelen, hardlopen, hond uitlaten te ondernemen benoemd. Minder prettig ervaart men de vele bedrijven/industrie (42%) en dat er weinig verblijfsmogelijkheden zijn (31%).

rust levendigheid

33%

altijd iets te doen

19%

verblijfsmogelijkheden (terras)

18%

Verschillen tussen gemeenten Vooral in Dordrecht worden de verblijfsmogelijkheden (terrasjes) als prettig kenmerk genoemd van een bezoek aan de oevers (29%). In Hendrik-Ido-Ambacht wordt vooral de bedrijven en industrie als minder prettig kenmerk genoemd van een bezoek aan de oevers (63%), terwijl dit kenmerk in Gorinchem minder dan gemiddeld wordt genoemd (25%). Respondenten uit Gorinchem noemen juist vaker te druk als minder prettig kenmerk (29%).

50%

anders

6%

0% 20% 40% 60% 80% Minder prettig vinden aan bezoek oevers basis: respondenten die regelmatig de oevers van de rivieren bezoeken, exclusief geen antwoord (n=1988) veel bedrijve/industrie

42%

weinig verblijfsmogelijkheden (terrassen)

31%

te druk

17%

weinig te doen

14%

weinig groene omgeving

13%

anders

23% 0%

42

100%

20%

40%

60%

80%

100%

Partner voor bestuur en beleid

Woonomgeving Een kwart gebruikt de waterbus regelmatig om de grote rivieren over te steken. Meest gebruikt zijn de auto, op grote afstand gevolgd door de fiets. Tot slot, er is ook gevraagd hoe men de grote rivieren regelmatig oversteekt. Het grootste deel van de respondenten (78%) zegt regelmatig de rivier over te steken met de auto. Op afstand gevolgd door de fiets/te voet (34%) en de waterbus (23%). Verschillen tussen gemeenten Respondenten uit Alblasserdam noemen relatief vaak dat ze regelmatig met de auto (93%) en waterbus (41%) de rivieren over steken. Ook in Papendrecht wordt de waterbus relatief vaak genoemd (42%) . In Dordrecht wordt relatief vaak de trein genoemd (21%). In Gorinchem de veerdienst (15%) en in Zwijndrecht de fiets of te voet (47%).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/434/documents/9492