CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6 - Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 24 juni 2025, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 8: Renovatie Brug over de Noord - Voorstel3.967 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

NOTITIE

Rijkswaterstaat Programma’s Projecten en Onderhoud, E. Liauw Postbus 2232 3500 GE Utrecht

DATUM:

30-04-2021

ONS KENMERK:

21-0290/21.03899/IngHR

UW KENMERK:

opdrachtverlening dd. 1 april 2021

AUTEUR:

drs. ing. I. Hille Ris Lambers

PROJECTLEIDER:

drs. ing. I. Hille Ris Lambers

STATUS:

versie 1.0

CONTROLE:

Notitie quickscan beschermde soorten en gebieden renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord Rijkswaterstaat is voornemens om aan en rondom de Spijkenisserbrug en de Brug over de Noord renovatiewerkzaamheden uit te voeren. Bureau Waardenburg heeft op basis van een oriënterend veldonderzoek (d.d. 23 en 26 april 2021) en bronnenonderzoek de effecten van deze ingreep op beschermde soorten en gebieden beoordeeld in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb). Een berekening van de uitstoot van extra stikstof op stikstofgevoelige habitats vormde geen onderdeel van deze opdracht. Gezien het feit dat het onderhoudswerkzaamheden betreft, is dit ook niet nodig.

Conclusies Spijkenisserbrug Conclusie Wet natuurbescherming – onderdeel gebiedenbescherming Directe en indirecte effecten op instandhoudingsdoelen van soorten of habitattypen van Natura 2000-gebied Oude Maas zijn uitgesloten omdat deze niet op de planlocatie voorkomen. Conclusie toetsing ten aanzien van het NNN Negatieve effecten van de werkzaamheden op het beheertype van het NNN zijn uitgesloten.

Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

1

Conclusie Wet natuurbescherming – onderdeel soortenbescherming Bij de planning en uitvoering van de werkzaamheden dient rekening te worden gehouden met de aanwezigheid van broedvogels om negatieve effecten op deze soorten - en daarmee overtreding van verbodsbepalingen van de Wnb - te voorkomen. Indien kap- en graafwerkzaamheden in de opgaande beplanting plaatsvinden, dient rekening te worden gehouden met de voortplantingsperiode van wezel en bunzing. Indien de randvoorwaarden worden opgevolgd, is een ontheffing niet nodig. Het plangebied vormt daarnaast leefgebied voor enkele algemeen voorkomende beschermde soorten grondgebonden zoogdieren en amfibieën. Graafwerkzaamheden in het kader van de voorgenomen ingreep kunnen deze soorten treffen. Het gaat om soorten waarvoor een provinciale vrijstelling geldt voor overtreding van verbodsbepalingen bij werkzaamheden in het kader van ruimtelijke ontwikkeling. Een ontheffing voor deze vrijgestelde soorten is dus niet nodig. Brug over de Noord Conclusie Wet natuurbescherming – onderdeel gebiedenbescherming Directe en indirecte effecten op instandhoudingsdoelen van soorten of habitattypen van Natura 2000-gebieden zijn uitgesloten omdat deze niet op de planlocatie voorkomen. Conclusie toetsing ten aanzien van het NNN Negatieve effecten van de werkzaamheden op het beheertype van het NNN zijn uitgesloten.

Conclusie Wet natuurbescherming – onderdeel soortenbescherming Bij de planning en uitvoering van de werkzaamheden dient rekening te worden gehouden met de aanwezigheid van broedvogels in de opgaande beplanting om negatieve effecten op deze soorten - en daarmee overtreding van verbodsbepalingen van de Wnb - te voorkomen. Indien kap- en graafwerkzaamheden in de opgaande beplanting plaatsvinden, dient rekening te worden gehouden met de voortplantingsperiode van wezel en bunzing. Indien de randvoorwaarden worden opgevolgd, is een ontheffing niet nodig. Het plangebied vormt daarnaast leefgebied voor enkele algemeen voorkomende beschermde soorten grondgebonden zoogdieren en amfibieën. Grond- en graafwerkzaamheden in het kader van de werkzaamheden kunnen deze soorten treffen. Het gaat om soorten waarvoor een provinciale vrijstelling geldt voor overtreding van verbodsbepalingen bij werkzaamheden in het kader van ruimtelijke ontwikkeling. Een ontheffing is voor de vrijgestelde soorten niet nodig. Deze conclusies worden hieronder toegelicht.

Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

2

Toelichting Plangebied Spijkenisserbrug De Spijkenisserbrug verbindt de oevers van de Oude Maas tussen het stadsdeel Hoogvliet van Rotterdam en Spijkenisse. De provinciale weg N492 (de Groene Kruisweg) ligt over deze brug. Ook (brom)fietsers en voetgangers maken gebruik van de Spijkenisserbrug. De Oude Maas is een hoofdvaarweg met veel scheepvaartverkeer. De Spijkenisserbrug gaat zo’n 6000 keer per jaar open voor de scheepvaart. De brug heeft drie pijlers in de Oude Maas en kan openen voor hoge schepen die passeren. Het talud van beide oevers is verhard, zowel onder als boven water. Het droog talud gaat op beide oevers gaat over in een grazige of beplante berm. Op de oostoever aan de noordzijde van de Groene Kruisweg ligt een kleine jachthaven. Onderaan de brug op de oostoever (zuidzijde Groene Kruisweg) staat een boerderij met erf. Op de westelijke oever (noordzijde van de Groene Kruisweg) ligt een sportpark met beplanting langs de randen.

Impressie van de oostoever van de Spijkenisserbrug. Links pad richting de brug, rechts zicht op de insteekhaven ten noorden van de brug op de oostoever.

Impressie van de westoever van de Spijkenisserbrug. Links zicht op de oeververharding en steenbestorting met daartussen enige begroeiing (geen beschermde soort). Rechts zicht op de beplanting ten zuiden van de brug. Plangebied Brug over de Noord De Brug over de Noord is een verkeersbrug in Zuid-Holland en verbindt de oevers van de rivier de Noord tussen Alblasserdam en Hendrik-Ido-Ambacht. De weg N915 ligt over de brug. De Brug over de Noord ligt halverwege de rivier de Noord en is een stalen boogbrug. Aan beide zijden van de brug ligt industrieterrein / havengebied. Aan de zuidzijde op de Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

3

westelijke oever van de Brug over de Noord ligt insteekhaven de Waal. Direct ten noorden van de brug over de Noord ligt de Noordtunnel waardoor de A15 loopt. Op de oostelijke oever ligt de N915 op pijlers over een lengte van ruim 400 m.

Foto’s Brug over de Noord PM

Figuur 1

Ligging Spijkenisserbrug (links) en Brug over de Noord (rechts)(Esri Nederland, Community Map Contributors | Esri Nederland, beeldmateriaal.nl | Esri Nederland, Kadaster | Esri Nederland, AHN).

Voorgenomen ingreep Informatie over de voorgenomen ingreep is aangeleverd door RWS, afdeling WNZ. Voorzien is dat bij beide bruggen de faciliteiten voor bediening, besturing en bewaking worden vervangen. Tevens wordt de bekabeling (zinkers) die op de rivierbodem tussen de te overbruggen oevers loopt vervangen. Daartoe is het nodig de rivierbodem plaatselijk te baggeren. De bekabeling moet vervolgens op land worden aangesloten. De exacte locatie hiervoor is nog niet bekend, maar zal binnen het paars omlijnde deel plaatsvinden. De oeververharding wordt tijdelijk verwijderd. De maximale oppervlakte van het te vergraven terreindeel zal circa 200 m2 bedragen. Indien zich op opgaande beplanting bevindt op de plaats waar de bekabeling is voorzien, wordt deze gekapt. Het terrein wordt na afloop van de werkzaamheden opnieuw beplant. In figuur 2 en 3 zijn de projectgrenzen en de werkzaamheden aangegeven.

Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

4

Figuur 2

Begrenzing werkgebied Spijkenisserbrug (paars omkaderd) (bron: RWS, 2021). In blauw zijn de opties voor de nieuwe tracés van de zinkers aangegeven. In groen zijn de tracés van bestaande zinkers en kabels aangegeven.

Mogelijk nieuw

Figuur 3

Begrenzing werkgebied Brug over de Noord (paars omkaderd) (bron: RWS, 2021). In blauw zijn de opties voor de nieuwe tracés van de zinkers aangegeven. In groen zijn de tracés van bestaande zinkers en kabels aangegeven. In oranje is de tunnel onder de Noord aangegeven. De zwarte stippellijn geeft het mogelijke tracé van de nieuwe kabels / zinkers weer.

Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

5

Benodigd materieel voor werken op land wordt opgesteld op een van de oevers binnen het paars omkaderde gebied. Het inrichten van de terreinen betreft een tijdelijke maatregel; de terreinen worden na afloop in oorspronkelijke staat teruggebracht. De oppervlakte van de bouwplaats zal maximaal 100 m2 zijn. Op te stellen materieel/ faciliteiten zal kunnen omvatten: - graafmachine; - bouwkeet. Het materieel voor werken op water meert aan langs de oever. - een cutterzuiger om te baggeren; - schip voor aanvoer van materiaal. Per brug duren de werkzaamheden maximaal circa 4 maanden. De uitvoering is voorzien in 2024. De invloedssfeer van de werkzaamheden (trillingen, geluid) zal maximaal circa 75 m bedragen. Wettelijk kader gebiedenbescherming De Spijkenisserbrug ligt tussen terreinen in die zijn toegekend aan Natura 2000-gebied De Oude Maas. In figuur 4 is de ligging ten opzichte van deze gebieden aangegeven. Het open water van de Oude Maas vormt onderdeel van het NNN (‘grote wateren en Noordzee’). De Brug over de Noord ligt op 3 km ten zuiden van Natura 2000-gebied Boezems Kinderdijk. Het open water van de Noord vormt onderdeel van het NNN (‘grote wateren en Noordzee’). Zie figuur 4.

Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

6

Figuur 4

Begrenzing werkgebied Spijkenisserbrug (links) en Brug over de Noord (rechts) ten opzichte van Natura 2000-gebied (gearceerd) en NNN (groen).

Beoordeling gebiedenbescherming Spijkenisserbrug Het plangebied van de Spijkenisserbrug ligt buiten de begrenzing van Natura 2000-gebied; de werkzaamheden hebben daarom geen directe effecten op habitattypen of soorten. Zie figuur 4, locatie 1. Soorten van Natura 2000-gebieden kunnen ook buiten de begrenzing beschermd zijn. Voor Natura 2000-gebied Oude Maas zijn de noordse woelmuis en bever aangewezen. Beide soorten leven in het grensgebied tussen land en water. Ze komen voor in natuurlijke getijdegebieden en moerassen met rijk begroeide flauwe taluds en aarden oevers. In het plangebied zijn overgangen tussen land en water scherp; geschikt habitat ontbreekt. Het voorkomen van beide soorten in het plangebied is daarom uitgesloten. Effecten op deze soorten als gevolg van de werkzaamheden worden daarom uitgesloten. Brug over de Noord De planlocatie valt niet binnen de begrenzing van een Natura 2000-gebied. Er zijn dus geen directe effecten op habitattypen en / of soorten als gevolg van bijvoorbeeld graafwerkzaamheden. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is Boezems Kinderdijk; dit gebied ligt op minimaal 3 km afstand (zie figuur 4, locatie 2). Soorten van Natura 2000-gebieden kunnen ook buiten de begrenzing beschermd zijn. Voor Natura 2000-gebied Boezems Kinderdijk zijn broedvogels en niet-broedvogels aangewezen.

Het betreft de broedvogels zwarte stern, purperreiger, snor en Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

7

porseleinhoen. De niet-broedvogels betreft smient, krakeend en slobeend. De broedvogels betreft alle soorten van moeras en ondiepe wateren met veel watervegetatie. Voor deze broedvogels heeft de omgeving van de Brug over de Noord niets te bieden, niet als broedgebied en niet als foerageergebied. De niet-broedvogels foerageren op graslanden, op open wateren en ondiepe moerassen. De planlocatie van de Noord is niet geschikt omdat er snelstromend water voorkomt, weinig watervegetatie, geen oevervegetatie en er grote schepen passeren. De oevers zijn verhard en in het natte talud ligt stortsteen. Geschikt foerageer- of rustgebied voor deze niet-broedvogels ontbreekt. Een functie voor de genoemde soorten in het plangebied is daarom uitgesloten. Effecten op deze soorten als gevolg van de werkzaamheden worden daarom uitgesloten. Toetsing aan het NNN Het open water van beide rivieren vormt ter hoogte van de bruggen onderdeel van het NNN. Het open water van de rivier is benoemd als beheertype ‘grote wateren en Noordzee’. De voorgenomen werkzaamheden die plaatsvinden in het water leiden niet tot een nieuwe situatie; de vaargeul en de oevers behouden hun huidige vorm en functie. Het baggeren en vervangen van zinkers en kabels betreffen slechts tijdelijke werkzaamheden. Significante effecten op het beheertype treden niet op.

Wettelijk kader soortenbescherming Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de soortenbescherming zoals opgenomen in de Wnb. Bij toepassing van de Wnb worden drie beschermingsregimes onderscheiden: Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn, Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn en Beschermingsregime andere soorten. Voor een aantal landelijk algemeen voorkomende soorten amfibieën en grondgebonden zoogdieren van het Beschermingsregime andere soorten heeft de provincie een vrijstelling van verbodsbepalingen verleend voor werkzaamheden in het kader van ruimtelijke ontwikkeling en inrichting. Voor andere beschermde soorten geldt geen vrijstelling en kan een ontheffing nodig zijn als de werkzaamheden leiden tot overtreding van verbodsbepalingen van de Wnb. Methodiek onderzoek Voorliggende toetsing in het kader van de Wnb is opgesteld op basis van een eenmalig veldbezoek, de huidige ter beschikking staande kennis en inschattingen van deskundigen. Effecten zijn bepaald en beoordeeld op basis van de functie van het plangebied van beschermde soorten en de voorgenomen ingreep. Voor een actueel overzicht van beschermde soorten die in de regio voorkomen is de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) geraadpleegd op 21 april 2021. Bij het raadplegen van de NDFF is uitgegaan van een zoekgebied met een straal van ca. drie km om het plangebied en gegevens tot vijf jaar oud.

Daarnaast is, voor zover nodig, gebruik gemaakt van achtergronddocumentatie (zie literatuurlijst). Het veldonderzoek heeft zich beperkt tot het paars omlijnde gebied. Het plangebied van de Brug over de Noord is bezocht op 23 april 2021. Het plangebied van de Spijkenisserbrug is op 26 april 2021 bezocht.

Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

8

Tijdens de terreinbezoeken is zoveel mogelijk concrete informatie verzameld met betrekking tot de aan- of afwezigheid van beschermde soorten (zicht- en geluidswaarnemingen, sporenonderzoek naar de aanwezigheid van pootafdrukken, nesten, holen, uitwerpselen, haren, etc). Op basis van terreinkenmerken en expert judgement is beoordeeld of het terrein geschikt is voor de in de regio voorkomende beschermde soorten. Functie van het plangebied voor beschermde soorten Rondom beide bruggen komt plaatselijk struweel en enige opgaande beplanting voor. Verder zijn er oevers met stortsteen en verharding, (fiets)paden, opgaande beplanting, grazige bermen en open water. De aanwezige bomen in de beplanting zijn relatief jong en hebben geen holten of kieren tussen het schors. In dergelijke begroeiing hebben vleermuizen geen verblijfplaatsen. Verblijfplaatsen van vleermuizen worden daarom uitgesloten. Omdat de werkzaamheden niet tot ruimtebeslag leiden, is aantasting van foerageergebied evenmin aan de orde. Effecten op vleermuizen worden op voorhand uitgesloten en in onderhavige notitie niet verder besproken. Planten Uit de ruime omgeving van de Spijkenisserbrug zijn geen waarnemingen van beschermde planten bekend (NDFF, 2021). Op grond van het ontbreken van waarnemingen en afwezigheid van geschikte groeiplaatsen wordt het voorkomen van beschermde planten uitgesloten.

Uit de ruime omgeving van de Brug over de Noord zijn de volgende waarnemingen van beschermde planten bekend: dreps, wilde ridderspoor (NDFF, 2021). Dreps is eenmalig op meerdere kilometers afstand van de Brug over de Noord aangetroffen. Wilde ridderspoor is aangetroffen in de bermen van de weg Noordeinde, ten zuiden van de N915. Wilde ridderspoor is een soort van ruderale terreinen. Ook dreps kan op dergelijke terreinen aangetroffen worden. Omdat de weg Noordeinde recent is aangelegd of vernieuwd, heeft wilde riddersporen zich hier kunnen vestigen. In de bermen op de droge oevers van beide bruggen zijn, naast diverse grassen, algemeen voorkomende soorten gezien als pastinaak, fluitenkruid, smeerwortel, braamstruweel, fijnstraal en brandnetel. Op het droge en natte talud groeien (vrijwel) geen planten omdat deze geheel verhard zijn. De vegetaties op en rondom de Brug over de Noord zijn niet recent vergraven maar reeds jaren in stabiel bermbeheer. Dergelijke vegetaties zijn niet geschikt voor wilde ridderspoor of dreps. In de struwelen van de bruggen staan soorten als vlier, esdoorn, krentenboompje, es, wilg en els. In de ondergroei staat ruigte van brandnetel en braam. Dergelijke vegetaties in deze regio’s hebben geen potenties voor beschermde plantensoorten. Vissen Uit de ruime omgeving zijn geen waarnemingen van beschermde vissoorten bekend.

Voor soorten als houting en steur (die op grond van het Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn beschermd zijn, komt ter hoogte van beide planlocaties geen geschikt voortplantingsgebied voor. De stroomsnelheid op beide locaties is hoog, er geen

Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

9

waterplanten en geen luwe plekken in de oevers. Het voorkomen van beschermde voortplantingsplaatsen van deze soorten is daarom uitgesloten. Amfibieën Uit de omgeving van Spijkenisserbrug zijn de volgende soorten bekend: gewone pad, kleine watersalamander, bruine kikker, bastaardkikker. De Oude Maas vormt geen geschikte voortplantingswater voor deze soorten; de rivier is ter hoogte van de planlocatie ongeschikt vanwege de sterke stroming. In naburige terreinen liggen perceelsloten; op dergelijke plekken kunnen de genoemde algemeen voorkomende amfibieën zich wel voortplanten. Zwervende dieren zouden incidenteel op de planlocaties terecht kunnen komen en geschikt landhabitat vinden in bijvoorbeeld muizengangen in de grazige vegetaties en onder stronken in de beplanting. Uit de ruime omgeving van de Brug over de Noord zijn waarnemingen van de rugstreeppad en heikikker bekend. Dit zijn kritische amfibieënsoorten die zich voortplanten in poelen, moerassen en watergangen, niet in een rivier als de Noord. Voortplantingswateren van deze soorten bevinden zich ten noorden en oosten van Alblasserdam. Het voorkomen van heikikker en rugstreeppad in het plangebied van de Brug over de Noord wordt uitgesloten. Wel kunnen ook rondom deze brug algemeen voorkomende, door de provincie vrijgestelde amfibieën voorkomen in landhabitat.

Grondgebonden zoogdieren Spijkenisserbrug Uit de ruime omgeving zijn de volgende niet-vrijgestelde soorten bekend (NDFF, 2021): bever, noordse woelmuis, bunzing, wezel, steenmarter. Voor bever en noordse woelmuis komen geen potenties voor op de planlocatie (zie ‘gebiedenbescherming’). Steenmarters hebben verblijfplaatsen in schuurtjes of oude gebouwtjes, deze komen niet voor op de planlocatie van de Spijkenisserbrug. Wel kunnen de grazige terreinen en delen met struweel onderdeel vormen van het leefgebied van steenmarters, en tevens van wezel en bunzing. Wezel en bunzing hebben binnen hun territorium vaak meerdere verblijfplaatsen (in muizengangen of onder stronken). In de periode april – juli kunnen ze een verblijfplaats als voortplantingsplaats gebruiken; dan is de verblijfplaats beschermd. Omdat de genoemde marterachtigen grote territoria hebben, zullen terreinen met een oppervlakte van circa 300 m2 geen betrekking hebben op leefgebied met wezenlijke functie als foerageergebied. Het plangebied vormt verder (geschikt) leefgebied van algemeen voorkomende soorten zoogdieren van het ‘Beschermingsregime andere soorten’ waarvoor een vrijstelling geldt voor overtreding van verbodsbepalingen bij ruimtelijke ingrepen. Dit kan soorten betreffen als huisspitsmuis, veldmuis, bosmuis, egel.

Op grond van verspreidingsgegevens (NDFF) en het veldonderzoek wordt geconcludeerd dat het plangebied géén betekenis heeft voor andere, niet-vrijgestelde beschermde grondgebonden zoogdieren. Brug over de Noord Uit de ruime omgeving zijn de volgende niet-vrijgestelde soorten bekend (NDFF, 2021): bever, noordse woelmuis, bunzing, wezel, steenmarter. Bever en noordse woelmuis leven in het grensgebied tussen land en water. Ze komen voor in natuurlijke getijdegebieden en

Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

10

moerassen met rijk begroeide flauwe taluds en aarden oevers. De verharde oevers en steile taluds in het plangebied van De Brug over de Noord zijn ongeschikt voor deze soorten. Het voorkomen van bever en noordse woelmuis in het plangebied is daarom uitgesloten. Omdat schuurtjes en oude gebouwtjes in het plangebied ontbreken, worden verblijfplaatsen van de steenmarter uitgesloten. Wel kan deze soort, evenals andere kleine marterachtigen zoals wezel en bunzing, geschikt leefgebied vinden in het gebied. Deze soorten hebben grote territoria. De bouwplaats en het te vergraven terreintje voor het aanbrengen van kabels hebben een oppervlakte van circa 300 m2 en zullen daarom geen wezenlijk deel van foerageergebied (dus beschermde functie) voor deze soorten hebben. In de delen met ondoordringbare beplanting (zoals braamstruweel) kunnen wezel en bunzing een voortplantingsplaats hebben in de periode april – juli. Het plangebied vormt tevens (geschikt) leefgebied van algemeen voorkomende soorten zoogdieren van het ‘Beschermingsregime andere soorten’ waarvoor een vrijstelling geldt voor overtreding van verbodsbepalingen bij ruimtelijke ingrepen. Dit kan soorten betreffen als veldmuis, rosse woelmuis, konijn, bosmuis en egel.

Op grond van verspreidingsgegevens (NDFF) en het veldonderzoek wordt geconcludeerd dat het plangebied géén betekenis heeft voor andere niet-vrijgestelde grondgebonden zoogdieren. Vogels (inclusief soorten met een jaarrond beschermd nest1) Tijdens het veldbezoek zijn geen nesten van vogels met een jaarrond beschermde nestplaats2 vastgesteld in de delen met beplanting op beide planlocaties. Op grond hiervan wordt de aanwezigheid van nesten van vogels met een jaarrond beschermde nestplaats uitgesloten. Alle delen met opgaande beplanting vormen wel geschikt broedbiotoop van algemeen voorkomende vogels waarvan de nestplaats niet jaarrond beschermd is. Hierin kunnen soorten als heggenmus, merel, tjiftjaf en zwartkop tot broeden komen. Voor grondbroedende soorten (waaronder weidevogels) zijn de terreinen niet geschikt. Hooguit een fazant zou in de ruigteranden langs de beplantingen kunnen broeden. Effecten van de ingreep Grondgebonden zoogdieren De kap – en graafwerkzaamheden kunnen in beide plangebieden verblijfplaatsen met jongen van wezel en bunzing treffen indien de werkzaamheden plaatsvinden in de maanden april tot en met juli in delen met moeilijk toegankelijke beplanting. Een voortplantingsplaats is beschermd onder de Wet Natuurbescherming.

Buiten het voortplantingsseizoen zijn kleine marterachtigen flexibel in het gebruik van hun verblijfplaatsen en zal de ingreep niet leiden tot overtreding van verbodsbepalingen. Verder kunnen algemeen voorkomende zoogdieren van het ‘Beschermingsregime andere soorten’ getroffen worden door graafwerkzaamheden. Voor deze soorten geldt een vrijstelling in het kader van ruimtelijke ontwikkeling en is dus geen ontheffing nodig. Het 1 Op grond van door het voormalige ministerie van LNV verstrekte handreikingen worden nesten van de volgende soorten als jaarrond beschermde nestplaatsen beschouwd: boomvalk, buizerd, gierzwaluw, grote gele kwikstaart, havik, huismus, kerkuil, oehoe, ooievaar, ransuil, roek, slechtvalk, sperwer, steenuil, wespendief, zwarte wouw. 2 Op grond van door het voormalige ministerie van LNV verstrekte handreikingen worden nesten van de volgende soorten als jaarrond beschermde nestplaatsen beschouwd: boomvalk, buizerd, gierzwaluw, grote gele kwikstaart, havik, huismus, kerkuil, oehoe, ooievaar, ransuil, roek, slechtvalk, sperwer, steenuil, wespendief, zwarte wouw.

Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

11

betreft algemeen voorkomende soorten (lokaal, regionaal en landelijk) en het aantal dieren dat potentieel gemoeid is met de (lokale) ingreep is beperkt. De gunstige staat van instandhouding van deze soorten is daarom niet in het geding. Vogels Voor beide planlocaties geldt: Indien kabels op terreinen met beplanting worden aangebracht, kunnen kap- en graafwerkzaamheden in het broedseizoen leiden tot beschadiging. Ook kunnen de oudervogels nesten verlaten als gevolg van verstoring. Effecten van de voorgenomen ingreep op soorten met een jaarrond beschermd nest zijn uitgesloten. Deze soorten komen momenteel in geen van beide plangebieden voor. Andere soorten Negatieve effecten op andere beschermde soorten als gevolg van de voorgenomen ingreep zijn uitgesloten. Voor andere beschermde soorten hebben de locaties namelijk geen betekenis. Beoordeling Wet natuurbescherming • Voor het vernietigen van nesten die in gebruik zijn en het verstoren van in gebruik zijnde nesten van vogels zodanig dat broedsels mislukken is geen ontheffing mogelijk. Het vernietigen en verstoren van in gebruik zijnde nesten moet worden voorkomen (zie randvoorwaarden hieronder). • Het vernielen van een voortplantingsplaats van wezel of bunzing vormt een overtreding van een verbodsbepaling en kan voorkomen worden door buiten de voortplantingsperiode (april tot en met juli) te werken.

Randvoorwaarden voor werkzaamheden in het kader van de voorgenomen ingreep - Omdat de uitvoering van de werkzaamheden pas in 2024 is voorzien, dient bij beide bruggen ruim voorafgaand aan het kappen van bomen opnieuw gecontroleerd te worden in hoeverre zich hierin nesten van jaarrond beschermde soorten als sperwer bevinden. - Werk buiten de periode april – juli om het vernielen van een voortplantingsplaats van wezel of bunzing te voorkomen. - Het verstoren en vernietigen van vogelnesten die in gebruik zijn moet voorkomen worden om overtreding van verbodsbepalingen te voorkomen. Dit kan door de kap- en graafwerkzaamheden buiten het broedseizoen uit te voeren. Voor het broedseizoen wordt in het kader van de Wnb geen standaard periode gehanteerd. De lengte en de aanvang van het broedseizoen verschilt per soort. Globaal moet voor het broedseizoen rekening gehouden worden met de periode half maart tot half augustus.

Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

12

Voor vragen over deze notitie kunt u contact opnemen met Ingrid Hille Ris Lambers.

Akkoord voor uitgave:

Kwaliteitszorg Bureau Waardenburg bv PM

Paraaf:

Bureau Waardenburg bv is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede voor schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van Bureau Waardenburg bv; opdrachtgever vrijwaart Bureau Waardenburg bv voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. © Bureau Waardenburg bv / Rijkswaterstaat Dit rapport is vervaardigd op verzoek van opdrachtgever en is zijn eigendom. Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden d.m.v. druk, fotokopie, digitale kopie of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever hierboven aangegeven en Bureau Waardenburg bv, noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd. Lid van de branchevereniging Netwerk Groene Bureaus. Het kwaliteitsmanagementsysteem van Bureau Waardenburg bv is gecertificeerd door EIK Certificering overeenkomstig ISO 9001:2015. Bureau Waardenburg bv hanteert als algemene voorwaarden de DNR 2011, tenzij schriftelijk anders wordt overeengekomen.

Bureau Waardenburg, Varkensmarkt 9 4101 CK Culemborg, 0345 51 27 10, info@buwa.nl, www.buwa.nl

Notitie quickscan beschermde soorten renovatie Spijkenisserbrug en Brug over de Noord

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/765/documents/15998