CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - Zienswijzeoverzicht Nota van Reactie 8e wijziging GR DG&J.pdf

Commissie Bestuur en Samenleving Alblasserdam 23 september 2025, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 10: 8e wijziging GR Dienst Gezondheid en Jeugd - Voorstel6.782 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J Zienswijze Alblasserdam

Onderwerp

Zienswijze

Beantwoording zienswijze

Op 15 juli 2024 hebben wij van u het verzoek ontvangen om eventueel een zienswijze kenbaar te maken op de voorgenomen achtste wijziging van de gemeenschappelijke regeling Dienst Gezondheid & Jeugd. zienswijze gegeven. Wij hebben kennis genomen van de concept-tekst van de wijzigingen en kunnen in principe instemmen met de voorgestelde wijzigingen.

Wij danken u voor uw zienswijze op het wijzigingsvoorstel van de GR DG&J, en uw instemming met de voorgestelde wijzigingen.

Aanpassing P&C-cyclus

Hierover heeft de raad eerder een zienswijze uitgebracht (3 oktober 2023). Het voorstel om uit oogpunt van flexibiliteit niet opnemen van concrete termijnen in de GR, maar in plaats daarvan verwijzen naar de betrokken artikelen van de Wgr, ondersteunen we.

Regionale raadsadviescommissie

Hierover kunnen wij u laten weten dat onze raad voor het instellen van een dergelijke raadsadviescommissie is.

Dank voor uw begrip voor de keuze om uit het oogpunt van flexibiliteit de concrete termijnen niet in de GR op te nemen, maar naar de betrokken artikelen van de Wgr te verwijzen. De nieuwe redactie van de artikelen 34 en 40 GR staat handhaving van het huidige tijdspad toe en heeft als voordeel dat wijziging niet nodig is, indien op termijn aanpassing van het tijdspad gewenst is. DG&J is zich er daarnaast van bewust dat het voor de gemeenten van belang is dat de stukken van de P&C-cyclus tijdig bij hen worden aangeleverd. Wij begrijpen uw behoefte aan het instellen van een raadsadviescommissie. Tot op heden hebben 8 van de 10 deelnemende gemeenten zich positief uitgesproken over een dergelijke commissie. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich positief hierover uitspreken, is aan de voorwaarden voor instelling van de 1

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J

Overige (tekstuele) wijzigingen

Wij zijn positief over de tekstuele aanscherping en verduidelijking van de tekst van de gemeenschappelijke regeling.

raadsadviescommissie voldaan en zal het Algemeen Bestuur onderzoeken hoe deze commissie kan worden vormgegeven. De commissie kan vervolgens op grond van artikel 24a van de Wgr worden ingesteld. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich uitspreken tegen de commissie, kan deze door het Algemeen Bestuur niet worden ingesteld. Wij danken u voor uw positieve woorden op de aanscherpingen en verduidelijkingen die wij in de tekst hebben aangebracht.

2

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J Zienswijze Dordrecht

Onderwerp

Aanpassing P&C-cyclus

Regionale raadsadviescommissie

Zienswijze

Beantwoording zienswijze

Op 15 juli 2024 hebben wij een verzoek ontvangen om onze zienswijze te geven op de 8e wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd (GR DG&J). Als gemeenteraad vinden wij het belangrijk om onze kaderstellende rol goed te vervullen. Wij geven u daarom graag onze zienswijze mee. Onze voorkeur was optie 3 (verruiming van de zienswijzetermijn), omdat de termijnen om tijdig een zienswijze aan te leveren krap zijn bij het tijdspad van optie 1. Wij roepen daarom op om de stukken zo tijdig mogelijk aan te leveren. Wij zien echter ook in dat bij optie 1 de begroting van de GR DG&J voor de zomer wordt vastgesteld door het Algemeen Bestuur. Als gemeente hebben we dan voor de zomer duidelijkheid over de verwerking van onze zienswijze. Dit voorkomt dat laat in het proces van het opstellen van onze begroting duidelijkheid is over de definitieve begroting van de GR. Als gemeente zijn wij namelijk verplicht de begroting van de GR over te nemen. Met die onderbouwing kunnen we ons dus vinden in het besluit om het huidige tijdspad te handhaven.

Wij danken u voor uw zienswijze op het wijzigingsvoorstel van de GR DG&J.

U vraagt dat wij ons uitspreken over de wenselijkheid van een regionale

Tot op heden hebben 8 van de 10 deelnemende gemeenten zich positief uitgesproken over een

Wij danken u voor uw toelichting en begrip voor het besluit om het huidige tijdspad te handhaven, zoals besloten in het AB van 15 februari 2024 en nu verwerkt in de GR. De nieuwe redactie van de artikelen 34 en 40 GR staat handhaving van het huidige tijdspad toe en heeft als voordeel dat wijziging niet nodig is, indien op termijn aanpassing van het tijdspad gewenst is. DG&J is zich ervan bewust dat het voor de gemeenten van belang is dat de stukken van de P&C-cyclus tijdig bij hen worden aangeleverd.

3

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J

Zienswijze andere besluiten

raadsadviescommissie. Mogelijk is zo'n commissie van meerwaarde. In december 2024 spreken wij lokaal over het sturen op gemeenschappelijke regelingen. We willen dan ook besluiten of wij actief aan een dergelijke commissie deelnemen.

dergelijke commissie. Wij hebben intussen van u begrepen dat de door u benoemde bespreking verplaatst is naar januari 2025. Wij horen graag zo snel mogelijk hoe u staat in het al dan niet instellen van een dergelijke commissie, gezien het Algemeen Bestuur deze alleen kan instellen wanneer alle 10 de deelnemende gemeenten zich hierover positief uitspreken. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard dat ook doen, is aan de voorwaarden voor instelling van de raadsadviescommissie voldaan en zal het Algemeen Bestuur onderzoeken hoe deze commissie kan worden vormgegeven. De commissie kan vervolgens op grond van artikel 24a van de Wgr worden ingesteld. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich uitspreken tegen de commissie, kan deze door het Algemeen Bestuur niet worden ingesteld.

In de GR DG&J is opgenomen dat de raden een zienswijze wordt gevraagd op de ontwerpbegroting (artikel 34) en op het Meerjarig Beleidsplan (artikel 5). U acht het niet nodig om ten aanzien van meer besluiten een zienswijzemogelijkheid op te nemen, omdat het Algemeen Bestuur alert is op de positie van de raden en niet zal verzuimen de raden om een zienswijze te vragen wanneer het bestuur dat noodzakelijk acht. Wij vertrouwen erop dat het bestuur hier een zorgvuldige afweging in maakt (artikel 5 lid 4).

Wij danken u voor het door u uitgesproken vertrouwen in ons bestuur.

4

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J Burgerparticipatie

Evaluatie GR

In de GR DG&J is een bepaling opgenomen die luidt dat het Algemeen Bestuur ertoe kan besluiten om ingezetenen van de deelnemende gemeenten of andere belanghebbenden te betrekken bij de besluiten die het neemt en de manier waarop dat gebeurt. U schrijft dat er op deze manier wel een directe manier van burgerparticipatie mogelijk is, maar alleen als het AB daartoe besluit. Graag zien wij dat er binnen deze bepaling ruimte is voor expliciete verzoeken vanuit de gemeenteraad. Wij vinden het belangrijk om inwoners te betrekken bij de besluitvorming. In de GR DG&J is een bepaling opgenomen die luidt dat het Algemeen Bestuur kan besluiten de regeling periodiek te evalueren (zie artikel 42 lid 2 GR). Wij sluiten ons aan bij het punt dat een periodieke evaluatie van de gemeenschappelijke regeling in de communicatie met de raden van toegevoegde waarde kan zijn. Op deze manier houden we elkaar scherp.

De strekking van de ingekomen zienswijzen is dat de huidige redactie van artikel 15, tweede lid van de GR, die het initiatief om tot burgerparticipatie over te gaan volledig bij het Algemeen Bestuur laat, te vrijblijvend is en de raad buiten spel zet. DG&J stelt in reactie daarop voor artikel 15, tweede lid als volgt te formuleren: Het algemeen bestuur kan mede op verzoek van de raden van de deelnemende gemeenten ertoe besluiten om ingezetenen van de deelnemende gemeenten of andere belanghebbenden te betrekken bij de besluiten die het neemt en de manier waarop dat gebeurt. Uit de ingekomen zienswijzen blijkt dat het voorstel om de GR periodiek te evalueren breed gedragen wordt. Ook hier is het voor enkele gemeenten te vrijblijvend of niet concreet genoeg. DG&J stelt in reactie daarop voor artikel 42, tweede lid als volgt te formuleren: Het algemeen bestuur kan mede op verzoek van de raden van de deelnemende gemeenten besluiten het functioneren van de regeling periodiek te evalueren. Zij stelt daartoe vooraf het doel en de reikwijdte van de evaluatie vast, alsmede de wijze van evalueren. Daarbij worden de deelnemende gemeenten gehoord.

5

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J Zienswijze Gorinchem

Onderwerp

Aanpassing P&C-cyclus

Zienswijze

Beantwoording zienswijze

Op 16 juli 2024 hebben wij een schriftelijk verzoek ontvangen om onze zienswijze te geven op de 8e wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd (GR DG&J), welke op 11 juli 2024 is vastgesteld door het Algemeen Bestuur (AB). Als gemeenteraad vinden wij het belangrijk om onze kader stellende rol goed te vervullen. Wij geven u daarom graag onze zienswijze mee. Het AB DG&J heeft in juni 2023 de gemeenteraden al afzonderlijk om een zienswijze gevraagd over de gewenste aanpassing van de planning- en control cyclus. Er is op basis van de ingekomen zienswijzen gekozen voor optie 1: handhaven van het huidige tijdpad. Onverlet deze uitkomst herhalen wij onze voorkeur (met onze brief van 28 september 2023) voor optie 3 (verruiming van de huidige reactietermijn). In onze brief is toen tevens de suggestie gedaan om vooraf indicatoren te bepalen waarop DG&J stuurt en rapporteert aan de raden, cliëntenonderzoeken delen met raden (meer kwalitatieve informatie) en voortgangsgesprekken tussen directie DG&J en de raden.

Wij danken u voor uw zienswijze op het wijzigingsvoorstel van de GR DG&J.

Wij begrijpen dat u uw voorkeur voor optie 3 wilt herhalen. In de vergadering van het AB op 15 februari is, met overweging van de binnengekomen zienswijzen op het onderwerp, gekozen voor het handhaven van het huidige tijdpad. Gezien dit besluit leidend is hebben wij dit als DG&J nu vertaald naar de GR. Wij hopen hierin op uw begrip. De nieuwe redactie van de artikelen 34 en 40 GR staat handhaving van het huidige tijdspad toe en heeft als voordeel dat wijziging niet nodig is, indien op termijn aanpassing van het tijdspad gewenst is. DG&J is zich ervan bewust dat het voor de gemeenten van belang is dat de stukken van de P&C-cyclus tijdig bij hen worden aangeleverd. Wij danken u voor uw suggestie om indicatoren te bepalen waarop DG&J stuurt en rapporteert aan de raden, 6

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J cliëntenonderzoeken delen met raden en voortgangsgesprekken tussen de directie DG&J en de raden. In onze begroting nemen wij indicatoren op, waarop we via onze regulier P&C cyclus rapporteren (e.g. BURAP). Het delen van kwalitatieve informatie door onder andere cliëntonderzoeken vindt reeds plaats, en we nemen uw suggestie mee door nog scherper te zijn op wanneer het beschikbaar maken van dergelijke informatie mogelijk is. Als laatste benadrukken wij dat de Directie DG&J desgewenst aan kan sluiten bij raads(informatie)bijeenkomsten om waar gewenst toelichtingen te geven. Regionale raadsadviescommissie

Wij zijn voorstander van het instellen van een regionale raadsadviescommissie zoals bedoeld in artikel 24a Wgr. Wij ervaren te weinig grip op DG&J. Graag benadrukken wij dat dit niet alleen betrekking heeft op de financiën, maar ook op de beleidsinhoudelijke keuzes. In de wetenschap dat de zorg die DG&J verleent en faciliteert van groot belang is voor het welzijn van onze meest kwetsbare inwoners, waaronder kinderen, voelen wij ons verplicht om de democratische legitimiteit van het functioneren van DG&J te versterken middels de regionale raadsadviescommissie. De wet bepaalt dat in een regionale raadsadviescommissie alleen raadsleden kunnen plaatsnemen. Als blijkt dat er bij de deelnemende gemeenten onvoldoende

Wij waarderen hoe u het belang van de zorg die de DG&J verleent en faciliteert aan uw inwoners benadrukt en begrijpen uw wens om een regionale raadsadviescommissie. Gezien het bestuur van de DG&J een positieve uitspraak van alle 10 de deelnemende gemeenten nodig heeft om een dergelijke commissie in te stellen, heeft het AB ervoor gekozen middels deze proactieve uitvraag bij de gemeenten de standpunten omtrent deze commissie op te halen. Tot op heden hebben wij van 8 van de 10 gemeenten een positief standpunt vernomen. Vanuit Dordrecht en de Hoeksche Waard is dit tot op heden niet het geval. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich positief hierover uitspreken, is aan de voorwaarden voor instelling 7

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J

Zienswijze andere besluiten

steun is om een raadsadviescommissie te vormen, stellen we voor om de huidige auditcommissie uit te breiden en een ruimer mandaat te geven. Iedere deelnemende gemeente zou uit hun midden een raadslid, fractie assistent of burgerraadslid kunnen aanwijzen, die zitting neemt in de auditcommissie en die zich voor een bepaalde periode committeert voor deze taak en verantwoording aflegt aan de desbetreffende raad.

van de raadsadviescommissie voldaan en zal het Algemeen Bestuur onderzoeken hoe deze commissie kan worden vormgegeven. De commissie kan vervolgens op grond van artikel 24a van de Wgr worden ingesteld. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich uitspreken tegen de commissie, kan deze door het Algemeen Bestuur niet worden ingesteld. Wij hopen op uw begrip in dit proces.

Het doel van de wijziging van de Wgr was het versterken van de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen. Het is

Wij vinden het vervelend te horen dat u constateert dat met de huidige voorgestelde wijziging de democratische legitimatie van de

De auditcommissie is een bestuurlijk financiële adviescommissie en heeft een verordening welke is vastgesteld door het AB. Hierin is in artikel 5 aangegeven dat de samenstelling bestaat uit drie leden van de colleges van de 10 gemeenten. U stelt voor eventueel een raadslid, fractie assistent of burgerraadslid per gemeente toe te voegen aan de commissie. Wij danken u voor die suggestie. Wij achten het echter wenselijk om met de huidige samenstelling de rol als financieel bestuurlijke adviescommissie van de auditcommissie te waarborgen. Met het toevoegen van raadsleden aan deze commissie zou de commissie feitelijk gezien veranderen naar een raadsadviescommissie, wat ons inziens niet passend is wanneer er geen unaniem akkoord is over een dergelijke raadsadviescommissie. Wij hopen hierin op uw begrip.

8

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J teleurstellend om te moeten constateren dat dit doel met uw voorstel niet dichterbij komt. Voor de wijzigingen met betrekking tot de zienswijze op andere besluiten (ad 3), burgerparticipatie (ad 5) en evaluatie (ad 6) stelt u immers voor om alle bevoegdheden naar zich toe te trekken. In feite worden hiermee de raden (opnieuw) buitenspel gezet. Wij vinden dit onaanvaardbaar, in ieder geval zolang hierover geen kwalitatieve dialoog met u heeft plaatsgevonden.

gemeenschappelijke regelingen niet dichterbij komt. Wij begrijpen dat het vergroten van de grip van de raad op de GR hoog op de agenda staat. Wij verwijzen in dit verband naar onze reactie op het instellen van een raadsadviescommissie en de aanscherpingen op de onderwerpen burgerparticipatie en evaluatie van de GR, zoals hieronder toegelicht. Hiermee hopen we te hebben meegedacht in uw behoefte om uw raad beter in positie te brengen.

Burgerparticipatie: DG&J stelt voor artikel 15, tweede lid als volgt te formuleren: Het algemeen bestuur kan mede op verzoek van de raden van de deelnemende gemeenten ertoe besluiten om ingezetenen van de deelnemende gemeenten of andere belanghebbenden te betrekken bij de besluiten die het neemt en de manier waarop dat gebeurt.

Evaluatie GR: DG&J stelt voor artikel 42, tweede lid als volgt te formuleren: Het algemeen bestuur kan mede op verzoek van de raden van de deelnemende gemeenten besluiten het functioneren van de regeling periodiek te evalueren. Zij stelt daartoe vooraf 9

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J het doel en de reikwijdte van de evaluatie vast, alsmede de wijze van evalueren. Daarbij worden de deelnemende gemeenten gehoord.

10

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J Zienswijze Hardinxveld-Giessendam

Onderwerp

Zienswijze

Beantwoording zienswijze Wij danken u voor uw zienswijze op het wijzigingsvoorstel van de GR DG&J.

Aanpassing P&C-cyclus

Op 15juli 2024 hebben wij uw schriftelijke verzoek ontvangen om onze zienswijze te geven op de 8e wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd (GR DG&J), die op 11 juli 2024 door het Algemeen Bestuur (AB) is vastgesteld. Als gemeenteraad hechten wij eraan onze kaderstellende rol zorgvuldig te vervullen. Graag delen wij hierbij onze zienswijze. In juni 2023 heeft het AB DG&J de gemeenteraden afzonderlijk gevraagd om een zienswijze over de voorgestelde aanpassing van de planning- en controlcyclus. Op basis van de ontvangen zienswijzen is gekozen voor optie 1: het handhaven van het huidige tijdspad. Deze keuze sluit aan bij onze voorkeur, zoals eerder door ons aangegeven in een eerdere zienswijze. Wij zien een meerwaarde in het instellen van een dergelijke commissie en ondersteunen dit initiatief.

Wij begrijpen uw behoefte aan het instellen van een raadsadviescommissie. Tot op heden hebben 8 van de 10 deelnemende gemeenten zich positief uitgesproken over een dergelijke commissie. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich positief hierover uitspreken, is aan de voorwaarden voor instelling van de raadsadviescommissie voldaan en zal het Algemeen Bestuur onderzoeken hoe deze commissie kan worden vormgegeven. De

Regionale raadsadviescommissie

Naar aanleiding van het AB besluit op 15 februari 2024 rondom de planning- en controlcyclus dienen wij nu dit besluit te verwerken in de GR. De nieuwe redactie van de artikelen 34 en 40 GR staat handhaving van het huidige tijdspad toe en heeft als voordeel dat wijziging niet nodig is, indien op termijn aanpassing van het tijdspad gewenst is. Wij danken u voor uw begrip.

11

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J commissie kan vervolgens op grond van artikel 24a van de Wgr worden ingesteld. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich uitspreken tegen de commissie, kan deze door het Algemeen Bestuur niet worden ingesteld.

12

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J Zienswijze Hendrik-Ido-Ambacht

Onderwerp

Aanpassing P&C-cyclus

Zienswijze

Beantwoording zienswijze

Op 15 juli 2024 ontvingen wij van u de stukken voor de achtste wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid en Jeugd (GR DG&J). U stelt ons in de gelegenheid een zienswijze te geven op deze stukken. In onze raadsvergadering van 2 december 2024 hebben wij deze documenten behandeld. Hieronder maken wij onze zienswijze kenbaar. Op basis van de aanbiedingsbrief concluderen wij dat de wijzigingen in de GR-tekst grotendeels technisch van aard zijn en voortkomen uit de aansluiting bij de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Wij zijn dan ook positief over de meeste voorgestelde wijzigingen. In de aanbiedingsbrief licht u toe dat u ervoor heeft gekozen om geen concrete termijnen rondom de P&C-cyclus in de nieuwe GR op te nemen. U verwijst in de nieuwe versie naar de betrokken artikelen in de Wgr. Tegelijkertijd constateren wij dat het AB van de DG&J op 15 februari 2024 heeft besloten het huidige tijdspad van de P&C-cyclus te handhaven en dit in de nieuwe GR verwerken (optie 1). Ook wij waren hier voorstander van. U beargumenteert dat dit uit het oogpunt van flexibiliteit is gedaan. Wij begrijpen dat het opnemen van concrete

Wij danken u voor uw zienswijze op het wijzigingsvoorstel van de GR DG&J, en het feit dat u positief bent over de meeste voorgestelde wijzigingen.

Wij danken u voor uw begrip voor de wijze waarop het AB besluit van 15 februari 2024 is verwerkt. Dit AB-besluit met keuze voor optie 1 is en blijft leidend. DG&J ziet de vertaling hiervan in de 8e wijziging (artikel 34 en 40 GR) niet als een afwijking van het AB-besluit. De nieuwe redactie van deze artikelen staat handhaving van het huidige tijdspad toe en heeft als voordeel dat wijziging niet nodig is, indien op termijn aanpassing van het tijdspad gewenst is. Tevens begrijpen wij dat het voor u essentieel is om vast te houden aan de gebruikelijke werkwijze 13

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J termijnen wellicht wat rigide is. Echter, wij rondom de P&C-cyclus en wij doen hiervoor, in benadrukken dat het besluit van het AB van 15 overeenstemming met het AB besluit, ons februari in de praktijk leidend moet zijn. Het had uiterste best. niet onze voorkeur af te wijken van de gebruikelijke werkwijze rondom de P&C-cyclus en dat geldt nu nog steeds. Dit betreft een essentieel punt voor ons. Regionale raadsadviescommissie

Graag maken wij aan u kenbaar dat wij de instelling van een regionale raadsadviescommissie voor de GR DG&J wenselijk achten. Wij zijn ervan overtuigd dat een dergelijke adviescommissie voordelen biedt voor onze rol als gemeenteraad. Het stelt ons in staat om toezicht te houden op gemaakte afspraken over informatievoorziening en verantwoording en biedt ons de mogelijkheid om moties en zienswijzen op eenvoudige wijze met elkaar te delen.

Wij begrijpen uw behoefte aan het instellen van een raadsadviescommissie. Tot op heden hebben 8 van de 10 deelnemende gemeenten zich positief uitgesproken over een dergelijke commissie. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich positief hierover uitspreken, is aan de voorwaarden voor instelling van de raadsadviescommissie voldaan en zal het Algemeen Bestuur onderzoeken hoe deze commissie kan worden vormgegeven. De commissie kan vervolgens op grond van artikel 24a van de Wgr worden ingesteld. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich uitspreken tegen de commissie, kan deze door het Algemeen Bestuur niet worden ingesteld.

14

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J Zienswijze Hoeksche Waard

Onderwerp

Aanpassing P&C-cyclus

Regionale raadsadviescommissie

Zienswijze

Beantwoording zienswijze

Op 15 juli 2024 hebben wij een schriftelijk verzoek ontvangen om onze zienswijze te geven op de 8e wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd (GR DG&J), welke op 11 juli 2024 is vastgesteld door het Algemeen Bestuur (AB). Als gemeenteraad vinden wij het belangrijk om onze kaderstellende rol goed te vervullen. Wij geven u daarom graag onze zienswijze mee. Het AB DG&J heeft in juni 2023 de gemeenteraden al afzonderlijk om een zienswijze gevraagd over de gewenste aanpassing van de planning- en control cyclus. Er is op basis van de ingekomen zienswijzen gekozen voor optie 1: handhaven van het huidige tijdspad. Onze voorkeur was optie 3 omdat de termijnen om tijdig een zienswijze aan te leveren erg krap zijn bij het tijdspad van optie 1. Wij roepen daarom op om de stukken zo tijdig mogelijk aan te leveren.

Wij danken u voor uw zienswijze op het wijzigingsvoorstel van de GR DG&J.

Wij denken dat een dergelijke commissie van meerwaarde kan zijn en willen hier wel mee

Wij danken u voor uw reactie op de uitvraag voor uw standpunt omtrent de raadsadviescommissie.

Wij danken u nogmaals voor het uitspreken van uw voorkeur rondom de P&C-cyclus. In de vergadering van het AB op 15 februari is, met overweging van de binnengekomen zienswijzen op het onderwerp, gekozen voor het handhaven van het huidige tijdpad. Gezien dit besluit leidend is hebben wij dit als DG&J nu vertaald naar de GR. Wij hopen hierin op uw begrip. De nieuwe redactie van de artikelen 34 en 40 GR staat handhaving van het huidige tijdspad toe en heeft als voordeel dat wijziging niet nodig is, indien op termijn aanpassing van het tijdspad gewenst is. Wij nemen uw oproep om stukken zo tijdig mogelijk aan te leveren mee in het proces en doen ons uiterste best.

15

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J

Zienswijze andere besluiten

experimenteren. Wij zien een aantal voordelen. Het kan gemeenten helpen in hun rol als opdrachtgever. We staan in de regio voor forse opgaven en taken waarin we moeten samenwerken als gemeenten. Het is fijn als de raad tijdig geïnformeerd kan worden en mee kan denken via bijvoorbeeld een raadsadviescommissie. Tegelijkertijd vraagt het wel de nodige uitwerking van wat precies de rol en taken zijn van een raadsadviescommissie. Wij zien daarom een meer uitgewerkt voorstel graag tegemoet voordat wij instemmen met de instelling van deze commissie.

Gezien het uitwerken en instellen van een dergelijke commissie kostbare tijd/capaciteit vraagt, heeft het AB besloten eerst deze uitvraag te doen naar de bereidheid van de 10 gemeenten om een raadsadviescommissie in te stellen. Tot op heden hebben 8 van de 10 gemeenten zich positief uitgesproken. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich positief hierover uitspreken, is aan de voorwaarden voor instelling van de raadsadviescommissie voldaan en zal het Algemeen Bestuur onderzoeken hoe deze commissie kan worden vormgegeven. De commissie kan vervolgens op grond van artikel 24a van de Wgr worden ingesteld. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich uitspreken tegen de commissie, kan deze door het Algemeen Bestuur niet worden ingesteld. Graag vernemen wij van u op basis van deze informatie een definitief standpunt aangaande het al dan niet instellen van een raadsadviescommissie.

In de GR DG&J is al opgenomen dat de raden een zienswijze wordt gevraagd op de ontwerpbegroting (artikel 34) en op het Meerjarig Beleidsplan (artikel 5). U acht het niet nodig om ten aanzien van meer besluiten een zienswijzemogelijkheid op te nemen, omdat het AB alert is op de positie van de raden en niet zal verzuimen de raden om een zienswijze te vragen wanneer het AB dat noodzakelijk acht. Wij

Wij danken u voor uw begrip en het vertrouwen dat u stelt in ons bestuur.

16

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J vertrouwen er op dat het AB hier een zorgvuldige afweging in zal maken. Evaluatie GR

In de GR DG&J is een bepaling opgenomen die luidt dat het algemeen bestuur kan besluiten de regeling periodiek te evalueren (zie artikel 42 lid 2 GR). Wij sluiten ons aan bij het punt dat een periodieke evaluatie van de gemeenschappelijke regeling in de communicatie met de raden van toegevoegde waarde kan zijn. Op deze manier houden we elkaar scherp.

Uit de ingekomen zienswijzen blijkt dat het voorstel om de GR periodiek te evalueren, breed gedragen wordt. Het is voor enkele gemeenten te vrijblijvend of niet concreet genoeg. DG&J stelt in reactie daarop voor artikel 42, tweede lid als volgt te formuleren: Het algemeen bestuur kan mede op verzoek van de raden van de deelnemende gemeenten besluiten het functioneren van de regeling periodiek te evalueren. Zij stelt daartoe vooraf het doel en de reikwijdte van de evaluatie vast, alsmede de wijze van evalueren. Daarbij worden de deelnemende gemeenten gehoord.

17

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J Zienswijze Molenlanden

Onderwerp

Aanpassing P&C-cyclus

Regionale raadsadviescommissie

Zienswijze

Beantwoording zienswijze

De gemeenteraad van Molenlanden heeft op 15 juli 2024 van u het verzoek ontvangen om eventueel een zienswijze kenbaar te maken op de voorgenomen achtste wijziging van de gemeenschappelijke regeling Diens Gezondheid & Jeugd. Wij hebben kennis genomen van de concepttekst van de wijzigingen en kunnen instemmen met de voorgestelde wijzigingen. Over de aanpassing van de planning- en controlcyclus hebben wij reeds eerder onze zienswijze gegeven. In deze zienswijze hebben we aangegeven een voorkeur te hebben voor optie 3. Deze voorkeur hebben we nog steeds, echter kunnen we in principe ook instemmen met het voorstel voor optie 1

Wij danken u voor uw zienswijze op het wijzigingsvoorstel van de GR DG&J, en het instemmen met de voorgestelde wijzigingen.

Hierover kunnen wij u laten weten dat onze raad voor het instellen van een dergelijke

Wij begrijpen uw behoefte aan het instellen van een raadsadviescommissie en danken u voor uw

Wij danken u nogmaals voor het uitspreken van uw voorkeur rondom de P&C-cyclus. In de vergadering van het AB op 15 februari 2024 is, met overweging van de binnengekomen zienswijzen op het onderwerp, gekozen voor het handhaven van het huidige tijdpad. Gezien dit besluit leidend is hebben wij dit als DG&J nu vertaald naar de GR. Wij hopen hierin op uw begrip. De nieuwe redactie van de artikelen 34 en 40 GR staat handhaving van het huidige tijdspad toe en heeft als voordeel dat wijziging niet nodig is, indien op termijn aanpassing van het tijdspad gewenst is. DG&J is zich er daarnaast van bewust dat het voor de gemeenten van belang is dat de stukken van de P&C-cyclus tijdig bij hen worden aangeleverd.

18

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J

Overige (tekstuele) wijzigingen

raadsadviescommissie is, gezien de complexiteit, en de grote financiële belangen, die deze GR voor onze gemeente met zich meebrengt. De gemeenteraad van de gemeente Molenlanden stelt aan de gemeenteraden die deelnemen in de GR DG&J het volgende voor: - De adviescommissie te vormen uit 2 deelnemers per gemeente, waarvan bij voorkeur een lid van de coalitiepartijen en een lid uit de oppositiepartijen; - Per gemeenteraad een tweetal reserveleden aan te wijzen; - De afgevaardigde leden tijdens de eerstvolgende vergadering van de gemeenteraad op te dragen verslag uit te brengen aan de gehele raad.

voorstel voor de inrichting van de commissie. Tot op heden hebben 8 van de 10 deelnemende gemeenten zich positief uitgesproken over een dergelijke commissie. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich positief hierover uitspreken, is aan de voorwaarden voor instelling van de raadsadviescommissie voldaan en zal het Algemeen Bestuur onderzoeken hoe deze commissie kan worden vormgegeven, waarbij wij uw voorstel zullen overwegen. De commissie kan vervolgens op grond van artikel 24a van de Wgr worden ingesteld. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich uitspreken tegen de commissie, kan deze door het Algemeen Bestuur niet worden ingesteld.

Wij zijn positief over de tekstuele aanscherping en verduidelijking van de tekst van de gemeenschappelijke regeling.

Wij danken u voor uw positieve woorden op de aanscherpingen en verduidelijkingen die wij in de tekst hebben aangebracht.

19

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J Zienswijze Papendrecht

Onderwerp

Aanpassing P&C-cyclus

Regionale raadsadviescommissie

Zienswijze

Beantwoording zienswijze

Op 15 juli 2024 hebben wij van u het verzoek ontvangen om eventueel een zienswijze kenbaar te maken op de voorgenomen achtste wijziging van de gemeenschappelijke regeling Dienst Gezondheid & Jeugd. Wij hebben kennis genomen van de concept-tekst van de wijzigingen, en kunnen in principe instemmen met de voorgestelde wijzigingen. Over de aanpassing van de planning- en controlcyclus hebben wij reeds eerder onze zienswijze gegeven.

Wij danken u voor uw zienswijze op het wijzigingsvoorstel van de GR DG&J, en dat u in principe instemt met de voorgestelde wijzigingen.

Hierover kunnen wij u laten weten dat onze raad in meerderheid voor het instellen van een dergelijke raadsadviescommissie is.

Wij begrijpen uw behoefte aan het instellen van een raadsadviescommissie. Tot op heden hebben 8 van de 10 deelnemende gemeenten zich positief uitgesproken over een dergelijke commissie. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard dat ook doen, is aan de voorwaarden voor instelling van de raadsadviescommissie voldaan en zal het Algemeen Bestuur onderzoeken hoe

Wij danken u nogmaals voor uw eerder gegeven zienswijze op de aanpassing van de P&C-cyclus. Naar aanleiding van het AB besluit op 15 februari 2024 om het huidige tijdspad te handhaven hebben wij nu de GR daarop geactualiseerd. De nieuwe redactie van de artikelen 34 en 40 GR staat handhaving van het huidige tijdspad toe en heeft als voordeel dat wijziging niet nodig is, indien op termijn aanpassing van het tijdspad gewenst is.

20

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J deze commissie kan worden vormgegeven. De commissie kan vervolgens op grond van artikel 24a van de Wgr worden ingesteld. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich uitspreken tegen de commissie, kan deze door het Algemeen Bestuur niet worden ingesteld. Evaluatie GR

Ten aanzien van het evalueren van de gemeenschappelijke regeling (voorgesteld artikel 42 lid 2 GR DG&J) vinden wij het wenselijk een vaste evaluatietermijn vast te stellen om de voortgang en effectiviteit van de GR DG&J te waarborgen. Daarom stellen wij voor dat de regeling minimaal elke drie jaar wordt geëvalueerd, waarbij de resultaten van deze evaluatie worden gerapporteerd aan de deelnemende gemeenteraden.

Uit de ingekomen zienswijzen blijkt dat het voorstel om de GR periodiek te evalueren breed gedragen wordt. U vraagt om een verdere concretisering van de bepaling. DG&J stelt in reactie daarop voor artikel 42, tweede lid als volgt te formuleren: Het algemeen bestuur kan mede op verzoek van de raden van de deelnemende gemeenten besluiten het functioneren van de regeling periodiek te evalueren. Zij stelt daartoe vooraf het doel en de reikwijdte van de evaluatie vast, alsmede de wijze van evalueren. Daarbij worden de deelnemende gemeenten gehoord. N.B. Daarnaast heeft het Algemeen Bestuur in haar vergadering van 13 februari 2025 het Dagelijks Bestuur gevraagd een voorstel voor te bereiden voor concrete invulling van de periodieke evaluatie.

Overige (tekstuele) wijzigingen

Wij zijn positief over de tekstuele aanscherping en verduidelijking van de tekst van de gemeenschappelijke regeling.

Wij danken u voor uw positieve woorden op de aanscherpingen en verduidelijkingen die wij in de tekst hebben aangebracht.

21

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J Zienswijze Sliedrecht

Onderwerp

Aanpassing P&C-cyclus

Regionale raadsadviescommissie

Zienswijze

Beantwoording zienswijze

Op 15 juli 2024 hebben wij een schriftelijk verzoek ontvangen om onze zienswijze te geven op de 8° wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd (GR DG&J), welke op 11 juli 2024 is vastgesteld door het Algemeen Bestuur (AB). Als gemeenteraad vinden wij het belangrijk om onze kaderstellende rol goed te vervullen. Wij geven u daarom graag onze zienswijze mee. Het AB DG&J heeft in juni 2023 de gemeenteraden al afzonderlijk om een zienswijze gevraagd over de gewenste aanpassing van de planning- en control cyclus. Er is op basis van de ingekomen zienswijzen gekozen voor optie 1: handhaven van het huidige tijdspad. Deze keuze sluit aan bij onze voorkeur. Wij begrijpen dat in de Gemeenschappelijke Regeling geen exacte datum wordt genoemd vanwege het behouden van flexibiliteit, maar willen hierbij nogmaals oproepen tot het zo tijdig mogelijk aanleveren van de stukken.

Wij danken u voor uw zienswijze op het wijzigingsvoorstel van de GR DG&J.

Wij zien zeker een meerwaarde in het opzetten van een regionale raadsadviescommissie en zouden hier graag mee experimenteren.

Wij begrijpen uw behoefte om te experimenteren met een raadsadviescommissie. Tot op heden hebben 8 van de 10 deelnemende gemeenten zich positief uitgesproken over een dergelijke commissie. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard

Wij danken u voor uw begrip voor de wijze waarop het AB besluit van 15 februari 2024 is verwerkt. De nieuwe redactie van deze artikelen staat handhaving van het huidige tijdspad toe en heeft als voordeel dat wijziging niet nodig is, indien op termijn aanpassing van het tijdspad gewenst is. Tevens begrijpen wij uw oproep om de stukken zo tijdig mogelijk aan te leveren en wij doen hiervoor ons uiterste best.

22

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J dat ook doen, is aan de voorwaarden voor instelling van de raadsadviescommissie voldaan en zal het Algemeen Bestuur onderzoeken hoe deze commissie kan worden vormgegeven. De commissie kan vervolgens op grond van artikel 24a van de Wgr worden ingesteld. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich uitspreken tegen de commissie, kan deze door het Algemeen Bestuur niet worden ingesteld. Zienswijze andere besluiten

In de GR DG&J is al opgenomen dat de raden een zienswijze wordt gevraagd op de ontwerpbegroting (artikel 34) en op het Meerjarig Beleidsplan (artikel 5). U acht het niet nodig om ten aanzien van meer besluiten een zienswijzemogelijkheid op te nemen, omdat het AB alert is op de positie van de raden en niet zal verzuimen de raden om een zienswijze te vragen wanneer het AB dat noodzakelijk acht. Wij vertrouwen er op dat het AB hier een zorgvuldige afweging in zal maken.

Wij danken u voor uw begrip en het vertrouwen dat u stelt in ons bestuur.

Burgerparticipatie

In de GR DG&J is een bepaling opgenomen die luidt dat het algemeen bestuur ertoe kan besluiten om ingezetenen van de deelnemende gemeenten of andere belanghebbenden te betrekken bij de besluiten die het neemt en de manier waarop dat gebeurt. U schrijft dat er op deze manier wel een directe manier van burgerparticipatie mogelijk is, maar alleen als het algemeen bestuur daartoe besluit. Graag zouden wij ook zien dat er binnen deze bepaling ruimte is

Wij waarderen de focus die u benoemt op onze inwoners. De strekking van de ingekomen zienswijzen is dat de huidige redactie van artikel 15, tweede lid van de GR, die het initiatief om tot burgerparticipatie over te gaan volledig bij het Algemeen Bestuur laat, te vrijblijvend is en de raad buiten spel zet. DG&J stelt in reactie daarop voor artikel 15, tweede lid als volgt te formuleren:

23

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J

Evaluatie GR

voor expliciete verzoeken vanuit de gemeenteraad. Wij vinden het erg belangrijk dat inwoners voldoende betrokken worden bij de besluitvorming. We doen het immers allemaal voor onze inwoners.

Het algemeen bestuur kan mede op verzoek van de raden van de deelnemende gemeenten ertoe besluiten om ingezetenen van de deelnemende gemeenten of andere belanghebbenden te betrekken bij de besluiten die het neemt en te voorzien in de manier waarop dat gebeurt.

In de GR DG&J is een bepaling opgenomen die luidt dat het algemeen bestuur kan besluiten de regeling periodiek te evalueren (zie artikel 42 lid 2 GR). Wij sluiten ons aan bij het punt dat een periodieke evaluatie van de gemeenschappelijke regeling in de communicatie met de raden van toegevoegde waarde kan zijn. Op deze manier houden we elkaar scherp.

Uit de ingekomen zienswijzen blijkt dat het voorstel om de GR periodiek te evalueren breed gedragen wordt. Ook hier is het voor enkele gemeenten te vrijblijvend of niet concreet genoeg. DG&J stelt in reactie daarop voor artikel 42, tweede lid als volgt te formuleren: Het algemeen bestuur kan mede op verzoek van de raden van de deelnemende gemeenten besluiten het functioneren van de regeling periodiek te evalueren. Zij stelt daartoe vooraf het doel en de reikwijdte van de evaluatie vast, alsmede de wijze van evalueren. Daarbij worden de deelnemende gemeenten gehoord.

24

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J Zienswijze Zwijndrecht – Dit betreft een CONCEPT zienswijze. Onderwerp

Aanpassing P&C-cyclus

Zienswijze

Beantwoording zienswijze

De raad van de Gemeente Zwijndrecht heeft in zijn vergadering van 4 maart 2025 kennisgenomen van de Ontwerp Achtste Wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Dienst Gezondheid & Jeugd (hierna GR DGJ). In deze brief geven wij u onze zienswijze hierop. Op basis van de aanbiedingsbrief concluderen wij dat de wijzigingen in de GR-tekst grotendeels technisch van aard zijn en voortkomen uit de aansluiting bij de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). U geeft aan dat u ervoor heeft gekozen om geen concrete termijnen rondom de P&C-cyclus in de nieuwe GR op te nemen. U verwijst in de nieuwe versie naar de betrokken artikelen in de Wgr. Tegelijkertijd constateren wij dat het AB van de DG&J op 15 februari 2024 heeft besloten het huidige tijdspad van de P&C-cyclus te handhaven en dit in de nieuwe GR verwerken (optie 1). Dat was ook de voorkeur die wij hadden uitgesproken in onze raadsvergadering van 26 september 2023; 2023-0107744). Wij begrijpen dat het opnemen van concrete termijnen wellicht te rigide is. Echter, wij benadrukken dat het besluit van het AB van 15 februari in de praktijk leidend moet zijn, dus de daadwerkelijke invulling van “optie 1”.

Wij danken u voor uw zienswijze op het wijzigingsvoorstel van de GR DG&J.

Wij danken u voor uw begrip voor de wijze waarop het AB besluit van 15 februari 2024 is verwerkt. Dit AB-besluit met keuze voor optie 1 is en blijft leidend. DG&J ziet de vertaling hiervan in de 8e wijziging (artikel 34 en 40 GR) niet als een afwijking van het AB-besluit. De nieuwe redactie van deze artikelen staat handhaving van het huidige tijdspad toe en heeft als voordeel dat wijziging niet nodig is, indien op termijn aanpassing van het tijdspad gewenst is. N.B.: In het AB van 13 februari 2025 hebben wij van uw wethouder begrepen dat u toch graag de datum van 15 april wilt laten opnemen in de Wgr. Bovenstaande argumentatie geldt ook voor dit voorstel. Wij hopen op uw begrip.

25

Zienswijzen gemeenten 8e wijziging GR DG&J Regionale raadsadviescommissie

U vraagt naar het standpunt van onze raad ten aanzien van het instellen van een raadsadviescommissie als bedoeld in artikel 24a van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). We kunnen u laten weten dat deze raad voor het instellen van een dergelijke commissie is, gezien de complexiteit en de grote financiële belangen die de GR met zich meebrengt. We geven in overweging om in de afspraken op te nemen om twee raadsleden (met vervangers) per gemeenteraad af te vaardigen voor zo een op te zetten commissie. De raad van Zwijndrecht is voornemens om actief deel te nemen aan de commissie.

Overige (tekstuele) wijzigingen

Ten aanzien van de overige (technische) wijzigingen hebben wij geen nadere zienswijze aan u kenbaar te maken.

Wij begrijpen uw behoefte aan het instellen van een raadsadviescommissie en danken u voor uw voorstel voor de inrichting van de commissie. Tot op heden hebben 8 van de 10 deelnemende gemeenten zich positief uitgesproken over een dergelijke commissie. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich positief hierover uitspreken, is aan de voorwaarden voor instelling van de raadsadviescommissie voldaan en zal het Algemeen Bestuur onderzoeken hoe deze commissie kan worden vormgegeven, waarbij wij uw voorstel zullen overwegen. De commissie kan vervolgens op grond van artikel 24a van de Wgr worden ingesteld. Indien Dordrecht en Hoeksche Waard zich uitspreken tegen de commissie, kan deze door het Algemeen Bestuur niet worden ingesteld.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/767/documents/16263