Begroting 2022 - 2025 Drechtwerk .pdf
Tekst van het document
AB-
Ontwerp Begroting 2022 en Meerjarenraming 2023 - 2025 Openbaar Lichaam Sociale Werkvoorziening Drechtsteden Postbus 528 3300 AM Dordrecht Kamerlingh Onnesweg 1 3316 GK Dordrecht Telefoon 078 – 6525911 Fax 078 – 6181800 Email: info@drechtwerk.nl Website: www.drechtwerk.nl
.. maart 2021
Meerjarenraming 2022 – 2025
Inhoud 1
Voorwoord begroting 2022 en meerjarenraming ..................................................................................................3
1.1 Beleidsbegroting 2022 ................................................................................................................... 6 1.2 Programmaplan ............................................................................................................................. 6 1.3 De organisatie................................................................................................................................ 7 1.4 Overhead ....................................................................................................................................... 8 1.5 Vennootschapsbelasting (VPB)...................................................................................................... 8 2
De Paragrafen........................................................................................................................................................................9
2.1
Weerstandsvermogen en risicobeheersing............................................................................. 9
2.1.1 Risicobeheersing................................................................................................................... 11 2.2 Onderhoud kapitaalgoederen ..................................................................................................... 12 2.3 Financiering ................................................................................................................................. 13 2.3.1 Berekening rente-omslag ..................................................................................................... 14 2.3.2 Kasgeldnormering................................................................................................................. 16 2.3.3 Renterisiconormering ........................................................................................................... 17 2.3.3 Financiële kengetallen .......................................................................................................... 19 2.4 Bedrijfsvoering ............................................................................................................................ 20 2.5 Verbonden Partijen(de B.V.’s) ......................................................................................................................................... 21
2.5.1 WerXaam B.V............................................................................................................................ 21 2.5.2 Drechtwerk BV.......................................................................................................................... 22 4. Toelichting op resultatenrekening 2022 en meerjarenraming 2023 - 2025 ................................................... 24
4.1
Aantal SW-medewerkers in Fte’s .......................................................................................... 24
4.2
Omzet .................................................................................................................................... 24
4.3
Doorbelaste kosten ............................................................................................................... 24
4.4
Salarissen niet-subsidiabel .................................................................................................... 24
4.5
Overige personeelskosten ..................................................................................................... 24
4.6
Algemene kosten ................................................................................................................... 24
4.7
Subsidieresultaat ................................................................................................................... 24
Pagina: 1
Meerjarenraming 2022 – 2025
5
4.8
Deelnemingen ....................................................................................................................... 25
4.9
Incidentele baten & lasten .................................................................................................... 25
4.9.1
Incidentele Baten .............................................................................................................. 25
4.9.2
Incidentele Lasten ............................................................................................................. 25
Programmabegroting over begrotingsjaar 2021 (financiële begroting) .................................................... 26
5.1
Toelichting op de geconsolideerde programmabegroting Drechtwerk ................................ 27
5.2
Meerjarenraming 2022 – 2025.............................................................................................. 32
5.3
Geprognotiseerde (meer jaren) Balans ................................................................................. 36
5.3.1
Overzicht EMU – saldo ....................................................................................................... 37
Pagina: 2
Meerjarenraming 2022 – 2025
1
Voorwoord begroting 2022 en meerjarenraming
Voor u ligt de begroting 2022. In 2017 heeft Drechtwerk haar koers verlegd en besloten de organisatie niet verder af te bouwen, maar te kijken of er een toekomstgericht scenario kon worden ontwikkeld waarbij, gebruik makend van de bestaande infrastructuur, Drechtwerk zich kon ontwikkelen tot een vaste waard binnen het sociaal domein. Die ingezette koers leidde tot verbetering van de bedrijfsvoering. En is er sinds 2018 een intensivering gaande van de samenwerking met de Sociale Dienst Drechtsteden (SDD). Om Drechtwerk gereed te maken voor samenwerking is in 2019 de Drechtwerk b.v. ingericht. De bedrijven DWA en DWGroen blijven onder hun eigen naam actief, maar vormen samen het werkbedrijf van Drechtwerk. De SDD en Drechtwerk hebben met deze koers ook verder vorm gegeven aan een traject om mensen uit de P-wet (WBB) deel te laten nemen aan een leer- werktraject, waarbij uitstroom naar werk centraal staat. Dit traject, in middels bekend als Perspct, is in de afgelopen jaren uitgebouwd en werkt onder de inhoudelijke verantwoordelijkheid van de SDD. Drechtwerk zorgt dat er voor dat er voldoende fysiek werk is voor de kandidaten. Omdat Perspct succesvol is, zal de capaciteit verder worden opgeschaald. Na een doorlooptijd van 3 tot zes maanden zijn de kandidaten gereed om uit te stromen. De verwachting is dat zo’n 200 kandidaten per jaar die stap zullen zetten.
Tegelijkertijd met de groei van Perspct, zal Drechtwerk voor haar oorspronkelijke SW – medewerkers en nieuwe instromers voor beschut werk, ook een ontwikkeltraject aanbieden. Dit leer- werktraject (pre-Perspct) geeft deze medewerkers de mogelijkheid werkvaardigheden op te doen zodat zij op termijn via Perspct kunnen uitstromen naar regulier werk c.q. worden gedetacheerd buiten Drechtwerk. In maart 2020 werd Drechtwerk getroffen door de maatregelen rond corona. Dat heeft ertoe geleid dat het bedrijf voor enkele maanden gedeeltelijk gesloten moest worden. In die tijd zijn de werkplekken opnieuw ingericht, waarbij de verschillende afdelingen beter herkenbaar werden. Als gevolg van de corona maatregelen zijn een aantal activiteiten op een lager pitje komen te staan. Het ontwikkelen van leerlijnen, het structureel inzetten van uitstroomtrajecten is, ook omdat Perspct gesloten was, minder goed van de grond gekomen. In de komende jaren zal daar meer energie en aandacht naar uit gaan. Dat zal ook de nodige investeringen met zich meebrengen. In 2021 is voorzien dat het werk rond de individueel gedetacheerden zal worden ondergebracht bij Drechtwerk. Naar verwachting leidt dit tot een betere aansluiting tussen wat de medewerkers te bieden hebben en wat er in de markt aan werk gevonden kan worden.
Drechtwerk verwacht dat de teruglopende inkomsten van deze individuele detacheringen hiermee worden omgebogen. De hierboven geschetste ontwikkelingen geven aan dat Drechtwerk in een paar jaar tijd een andere route is ingeslagen. Er wordt nu intensiever gebruik gemaakt van de mogelijkheid om andere doelgroepen bij Drechtwerk in te laten stromen en via begeleiding te helpen aan trajecten naar Pagina: 3
Meerjarenraming 2022 – 2025
werk. Daarmee komt een belangrijke doelstelling, het optimaal benutten van de bestaande infrastructuur van Drechtwerk, dichterbij. Dit zal ook gevolgen hebben voor de toekomstige begroting van Drechtwerk, dat zal op het moment van de update worden verwerkt in de begroting(en). Deze zal vanaf ’22 niet alleen gebaseerd zijn op het kleiner wordend aantal mensen met een sw indicatie, maar ook door de bijdrage van de andere doelgroepen. Om deze groepen te bereiken zal Drechtwerk de komende tijd haar blik meer naar buiten gaan richten. Dat houdt in samenwerking met andere leer en ontwikkelbedrijven, het opzetten van aan actief stakeholdersbeleid en het aanhalen van contacten uit het bedrijfsleven die voor Drechtwerk van meerwaarde kunnen zijn. In ’22 zal ook de bestuurlijke samenwerking met de SDD moeten worden afgerond. Onderstaand ziet u het vergelijk met de in meerjaren begroting 2021 -2024 gepresenteerde verwachting op de jaar(schijf) 2022 versus de nu voorliggende begroting 2022 - 2025.
Omzet Orderkosten Toegevoegde waarde Overige opbrengsten Doorbelasting overhead aan BV's Totaal opbrengsten
MJB '22-25 MJB '21-24 2022 2022 € 8.678 € 8.769 € € € 8.678 € 8.769 € 2.789 € 2.970 € 683 € 681 € 12.150 € 12.420
Kosten niet-gesubsidieerde medewerkers Overige personeelskosten Algemene kosten Operationeel resultaat
€ € € €
5.513 € 755 € 3.284 € 2.599 €
Salarissen Wsw-medewerkers Rijksbijdrage Wsw-medewerkers Subsidieresultaat
€ € €
29.878 € 24.752 € 5.125 €
Incidentele baten en lasten Resultaat voor gemeentelijke bijdragen
€ €
2.908 € -5.434 €
Gemeentelijke bijdragen Resultaat voor bestemming
€
5.434 € -
Verschil jaarschijven 2022 (* € 1.000)
Verschil
€ € € € € € € 5.320 € 726 € 3.296 € 3.078 € € 30.434 € 24.583 € 5.851 € € 3.072 € -5.846 € € 5.846 € -
-91 -91 -181 2 -270 193 29 -12 -479 -556 169 -726 -164 412 -412
Pagina: 4
Meerjarenraming 2022 – 2025
Verklaring op hoofdlijnen De belangrijkste oorzaken van de verlaging van de gemeentelijke bijdrage ten opzichte van de in februari 2020 opgestelde meerjaren basis begroting zijn op hoofdlijn: 1. Lichte daling van de detachering opbrengsten (1,3%) 2. Daling van de overige opbrengsten; - minder bijdrage individueel vervoer - correctie doorbelaste energie kosten - lagere huur opbrengsten - minder dekkingsbijdrage SDD - lagere overige bijzondere inkomsten
-€ 91K
€ 15K € 62K € 55K € 11K € 38K -€ 181K
3. Opwaartse bijstelling salarissen regulier personeel
-€ 193K
3. Minder negatief subsidieresultaat SW
€ 726K
4. Lagere incidentele lasten o.a.; - vervallen boven formatief personeel - minder negatief exploitatie resultaat DWA 5. Overig kosten stijging
€ 164K
Totaal lagere gemeentelijke bijdragen:
€ 412K
€ 13K
De begroting 2022 en de doorkijk tot 2025 kent nog een aantal onbekende factoren: -
Eventuele compensaties vanuit het Rijk op de loon- en prijsontwikkeling. De effecten van de samenwerking met de SDD
Uitgaand van wat op dit moment bekend is en kan worden ingeschat, leidt deze begroting tot een verlaging van de gemeentelijke bijdragen van € 412.000 ten opzichte van de in 2020 gepresenteerde meerjarenbegroting. Jacques Thielen Algemeen Directeur
Pagina: 5
Meerjarenraming 2022 – 2025
1.1 Beleidsbegroting 2022 In het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (hierna te noemen BBV) wordt voorgeschreven dat de begroting bestaat uit twee delen, te weten de beleidsbegroting en de financiële begroting. Daarbij is nader gedefinieerd dat de beleidsbegroting bestaat uit het programmaplan en de paragrafen. Zoals uit de financiële begroting zal blijken, is een aantal paragrafen binnen Drechtwerk niet aan de orde, te weten de paragraaf lokale heffingen, de paragraaf betreffende het onderhoud van kapitaalgoederen voor zover het wegen, riolering, water en groen betreft en de paragraaf betreffende het grondbeleid. De overige paragrafen zijn bij Drechtwerk wel van toepassing.
Vernieuwing BBV De wijzigingen in het BBV vanaf het begrotingsjaar 2018 die van toepassing zijn op de gemeenschappelijke regelingen zullen in deze (staand beleid) begroting worden meegenomen en zijn daarmee in overeenstemming met de nieuwe regels uit het wijzigingsbesluit. Deze wijzigingen betreffen onder andere: uniforme basis set van financiële kengetallen, verbeterde informatie over verbonden partijen, overhead, aanpassingen in het stelsel van baten en lasten, uniforme indeling in taakvelden zoals voor Drechtwerk – taakveld 611 Sociale werkvoorziening – onder het Sociaal Domein ect.
1.2 Programmaplan De OLSW Drechtwerk is opgericht voor de uitvoering van de WSW. Met de invoering van de Participatiewet (2015) is de uitvoering van deze verplichting een afgeleide van de Participatiewet. Drechtwerk is het samenwerkingsorgaan voor de gemeenten Alblasserdam, Dordrecht, Hendrik Ido Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht. De opdracht aan Drechtwerk is om de uitvoering van de SW en de werkzaamheden die hiermee verband houden uit te voeren binnen de door het bestuur vastgestelde begroting en eventuele wijzigingen daarop. Daarnaast kan Drechtwerk, vanuit haar rol en positie binnen de Drechtsteden, gevraagd worden de kennis en infrastructuur in te zetten ten behoeve van andere doelgroepen. De laatste zal de komende jaren van toenemend belang worden. Drechtwerk biedt met haar entiteiten, werk aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en die een relatief lage loonwaarde hebben. Dat doet ze met een grote groep WSW-medewerkers, maar ook met mensen uit de brede doelgroep van de Participatiewet en vanuit de Zorg (arbeidsmatige dagbesteding en werk). Daarnaast bevordert Drechtwerk zo veel mogelijk het plaatsen van mensen uit deze doelgroepen in reguliere bedrijven en sociale ondernemingen. Dit doet Drechtwerk onder andere in samenwerking met Assembly Partner, via een Social Joint Venture met FrisFacilitair en met behulp van de eigen Drechtwerk BV.
Het individueel uitplaatsen vindt via samenwerking met Baanbrekend Drechtsteden, de werkgeversbenadering van de Drechtsteden door de Sociale Dienst Drechtsteden plaats. Daarnaast zijn er verschillende plaatselijke initiatieven in de regio rond werk, participatie en zorg waar ook medewerkers naar toe worden geleid.
Pagina: 6
Meerjarenraming 2022 – 2025
1.3 De organisatie
Pagina: 7
Meerjarenraming 2022 – 2025
1.4 Overhead In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is gedefinieerd welke lasten en baten onderdeel uitmaken van het verplichte programma overhead. De overhead van Drechtwerk bestaat voor het grootste gedeelte uit de lasten/baten vanuit de zogenaamde PIJOFACH-taken (personele zaken, financiële zaken, ICT). Tot slot is een groot deel van de (eigen) personeelskosten en de daaraan verbonden algemene kosten tot de overhead te rekenen. Hiertoe behoren bijvoorbeeld de centrale taken voor directie, secretariaat, financiën en P&O. Omschrijving Actualisatie 2021 Begroting 2022 Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 x € 1.000 Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Algemeen beheer 1.026 -218 808 1.032 -213 820 1.039 -209 830 1.045 -205 840 1.052 -204 849 Planning & Control 576 -83 492 580 -82 498 585 -82 504 590 -81 509 595 -81 514 Financiele dienstverlening 555 -125 429 559 -123 436 562 -121 441 566 -119 447 570 -119 452 Informatisering 854 -125 729 856 -123 733 858 -122 736 861 -122 739 863 -121 742 Huisvesting Salarisadministratie 297 -91 207 300 -90 210 302 -89 214 305 -88 217 308 -88 220 Personeel & Organisatie 927 -185 742 933 -181 752 939 -178 762 946 -175 771 952 -174 778 Totalen 4.235 -826 3.408 4.260 -812 3.448 4.287 -800 3.486 4.313 -790 3.523 4.340 -786 3.554
1.5 Vennootschapsbelasting (VPB) Sinds 1 januari 2016 vallen onderdelen van Drechtwerk onder de VPB- plicht. Het betreft hier de Drechtwerk BV en Werxaam BV. Beide worden conform richtlijnen en wetgeving en in samenspraak met de Belastingdienst (het horizontaaltoezicht) jaarlijks afgewikkeld. Voor de jaarlijkse aangifte vennootschapsbelasting maakt Drechtwerk gebruik van de externe advisering van een accountantskantoor.
Pagina: 8
Meerjarenraming 2022 – 2025
2
De Paragrafen
Binnen de (7 verplichte) paragrafen vanuit het BBV zijn er voor de organisatie Drechtwerk twee niet van toepassing. Dit betreffen de paragrafen Lokale heffingen en Grondbeleid. Deze zijn daarom niet opgenomen in deze voorliggende meerjarenbegroting 2021.
2.1
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Het weerstandsvermogen kan gedefinieerd worden als ‘het vermogen van Drechtwerk om nietstructurele financiële risico’s op te kunnen vangen teneinde haar taken te kunnen voortzetten’. Het weerstandsvermogen wordt gevormd uit de algemene reserve, stille reserves & voorzieningen.
Reserves & Voorzieningen
(* staat van jaarrekening 2020)
Wet Werk en Zekerheid Reserve In het AB van 9 juli 2015 is besloten om deze bestemmingsreserve in te stellen. De verwachting is dat als gevolg van de nieuwe Wet Werk en Zekerheid vanaf 2015 een (structureel) nadeel zal ontstaan voor te betalen transitievergoedingen. Met name als gevolg van ontslag na ziekte dat in de SW bovengemiddeld voorkomt.
(* staat van jaarrekening 2020)
Pagina: 9
Meerjarenraming 2022 – 2025
Meerjaren onderhoudsvoorziening Drechtwerk is eigenaar van het gebouw aan de Snelliusstraat, en daarmee verantwoordelijk voor het onderhoud. Het gebouw staat op erfpacht, deze loopt af in 2039. Voor dit onderhoud is een meerjaren onderhoudsplan opgesteld. Dit plan voorziet in een jaarlijkse storting in een te vormen onderhoudsvoorziening om de fluctuaties in kosten van (groot) onderhoud op te vangen. De meeste recente update van deze voorziening, bij de opmaak van de jaarrekening 2020, geeft een verwachte jaarlijks benodigde dotatie vanaf 2020 aan de voorziening van groot € 85k, deze is meerjarig ook opgenomen. Bij het opmaken van deze begroting is de actualisatie van het meerjaren onderhoudsplan (met ondersteuning van externe expertise) in de maak conform de voorgeschreven “regels” mogelijke aanpassingen hieruit worden in een later verantwoording moment opgevoerd.
Pagina: 10
Meerjarenraming 2022 – 2025
2.1.1 Risicobeheersing Drechtwerk heeft geen weerstandsvermogen. Het bestuur heeft er bewust voor gekozen om geen weerstandsvermogen te creëren bij de GR, vanuit het perspectief dat de deelnemende gemeenten als eigenaren volledig risicodragend zijn. Navolgend worden de belangrijkste latente risico’s geduid: •
•
•
•
• •
Bij het opstellen van de (meerjaren) begroting wordt gewerkt met bekende (verwachte & exacte) ontwikkelingen op gebieden als aanpassingen van WML, loonprijsontwikkelingen, bekende Cao afspraken waar van toepassing. Vaststaande gegevens over landelijke ontwikkelingen, gepubliceerd in de meest recente mei- en septembercirculaires van het Rijk zijn hierin verwerkt. Elke wijziging of aanpassing heeft dus direct effect op de hier gepresenteerde (meerjaren) begroting. Een afwijking van 1% op de lonen voor SW heeft een effect van € 299.000 en op overig personeel een effect van € 53.000. Rijkssubsidie SW (vanaf 1-1-2008 gemeentelijke subsidie SW):de subsidie SW is de belangrijkste inkomstenbron van Drechtwerk. Wijziging in de bekostigingssystematiek kan gevolgen hebben voor de omvang van de subsidie SW, d.w.z. dat het ministerie de hoogte van de subsidie per SE bepaalt. Elke euro verandering in de subsidie veroorzaakt een gelijke mutatie in het tekort zowel positief als negatief. ( in deze begroting zijn de meest recente budgetten verwerkt, septembercirculaire 2020 als wel een verwachte (minimale) LPO Rijkscompensatie). Bij de invoering van de participatiewet is de door het Rijk begrote bezuiniging op de rijksbijdrage als uitgangspunt genomen. Voor de verdeling van de subsidiegelden wordt rekening gehouden met een zogenaamde blijf kansberekening.
De werkelijke uitstroom van Drechtwerk versus de uitstroom vanuit het actuarieel model waar vanuit het Rijk werkt, kan grote afwijkingen hebben hetgeen kan leiden tot aanzienlijke tekorten op de subsidie inkomsten ten opzichte van de salarisbetalingen zoals inmiddels gepresenteerd. Ziekteverzuim: de realiteit (jaarrekening 2020) geeft een ziekteverzuim van zo’n 11,62%. Indien het ziekteverzuim 1% hoger uitvalt betekent dit een snel een extra tekort van € 53.000,- door minder detacheerbare uren SW. Dit naast het vervangingsvraagstuk bij langer uitblijven van herstel op essentiële posities. Kamerlingh Onnesweg 1: onvoorziene benodigde maatregelen om te voldoen aan wet- en regelgeving kunnen impact hebben op het exploitatieresultaat. Uitstaande geldlening aan Assembly Partner B.V. op 1 januari 2020 groot € 1.132.000. Bij faillissement is het risico tot het niet volledig innen van de uitstaande lening reëel, afgegeven borgstelling zal dit risico beperken.
Omschrijving risico
cao/loonontwikkeling (1%) SW personeel cao/loonontwikkeling (1%) overig personeel Rijkssubsidie SW 1% daling Bezuiniging rijksbijdrage (participatiewet) Ziekteverzuim (1% omhoog) Uitstaande geldleningen (* € 1000,-) totaal
Incidenteel
Structureel
299 53 265 PM 53 808 1.126
352
Pagina: 11
Meerjarenraming 2022 – 2025
Het weerstandsvermogen is niet voldoende om de hierboven genoemde risico’s te dekken als ze zich voordoen. Eventuele kosten van de risico’s komen dan ten laste van de jaarrekening en daarmee uiteindelijk ten laste van de deelnemende gemeenten. De hieronder schematisch (financiële) opsomming zal, indien het risico zich voordoet, per individuele gemeente, op basis van de methodiek in gemeentelijke bijdrage van de Gemeenschappelijke regeling en dus geënt op het aantal personen woonachting in betreffende gemeente met een SW indicatie en ter werk gesteld bij of via Drechtwerk.
Per gemeente
Incidenteel
Alblasserdam Dordrecht Hendrik Ido Ambacht Papendrecht Sliedrecht Zwijndrecht (* € 1000,-)
totaal
64 685 45 70 114 148 1.126
Structureel
20 214 14 22 36 46 352
2.2 Onderhoud kapitaalgoederen Onder kapitaalgoederen wordt verstaan: de in eigendom verkregen terreinen, gebouwen en installaties en onderhoud e.d. voor gehuurde/gepachte objecten. Hieronder vallen de volgende locaties: • Het onderkomen Bakestein in Zwijndrecht. • Het onderkomen de Lockhorst in Sliedrecht. • De hoofdlocatie van Drechtwerk aan de Kamerlingh Onnesweg 1 te Dordrecht. De locaties zijn in goede conditie, worden regelmatig geïnspecteerd door externe organisaties (brand- en bedrijfsschadeverzekeraar) en/of door Drechtwerk ingehuurde installatiebedrijven. De eerste locatie wordt gehuurd. Voor wat betreft de hoofdlocatie voert Drechtwerk haar onderhoudsbeleid met regulier onderhoud via de jaarlijkse exploitatie en is opgenomen in de begroting onder de kosten voor “Onderhoud”. Voor het groot onderhoud heeft Drechtwerk sinds haar eigenaarschap (sinds 2016) een meerjaren onderhoudsvoorziening gevormd. De meerjaren onderhoudsbegroting wordt jaarlijks geactualiseerd in de jarenplaning. Er vindt een jaarlijkse dotatie plaats t.b.v. deze voorziening, deze is eveneens opgenomen in de exploitatie van het lopend jaar.
Pagina: 12
Meerjarenraming 2022 – 2025
2.3 Financiering Bij financiering gaat het om de vraag hoe Drechtwerk zo adequaat mogelijk omgaat met de financieringsbehoefte en hoe daarin zo goed mogelijk kan worden voorzien. In het Treasurystatuut is rekening gehouden met de relevante bepalingen van de wettelijke kaders (de Wet Fido, de Gemeentewet, de Wet Gemeenschappelijke Regelingen en de Algemene Wet Bestuursrecht). De toekomstige renterisico’s worden middels de kasgeldlimiet en de renterisiconormering in kaart gebracht. Binnen de kaders van het statuut wordt het te voeren beleid voor 2020 aangegeven. Het belang van een adequate beheersing van de geldstromen wordt steeds groter. Een (periodieke en voortschrijdende) analyse van de bestaande liquiditeitspositie, alsook een goed (meerjarig) inzicht in de ontwikkeling hiervan zijn dan ook van groot belang. Hiermee kunnen we tijdig anticiperen en de juiste maatregelen treffen. Dit ook in het licht van het Schatkistbankieren (SKB).
Pagina: 13
Meerjarenraming 2022 – 2025
2.3.1 Berekening rente-omslag In deze Meerjarenbegroting 2022-2025 nemen we, conform de nieuwe regelgeving BBV, een overzicht op (taakveld 0.5), waarmee transparant inzicht wordt geboden in de rentelasten, het renteresultaat en de wijze van rentetoerekening aan investeringen (projecten) en het taakveld (programma). De rentetoerekening aan het taakveld moet worden toegerekend met behulp van een rente-omslagpercentage. De omslagrente wordt bij de begroting berekend door de werkelijk aan het taakveld toe te rekenen rente (in Euro’s) te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa die integraal zijn gefinancierd. De omslagrente moet vervolgens op consistente en eenduidige wijze worden toegerekend aan de individuele activa. Het is niet toegestaan om per investering of taakveld (doelstelling) te differentiëren in het toe te rekenen rentepercentage. Indien de werkelijke rentelasten (in Euro’s) die over een jaar aan het taakveld hadden moeten worden doorbelast, afwijken van de rentelasten (in Euro’s) die op basis van de voor gecalculeerde renteomslag aan de taakvelden zijn toegerekend, dan kan het Bestuur van Drechtwerk besluiten tot correctie. Correctie wordt verplicht gesteld indien deze afwijking groter is dan 25%.
Omslagrente toerekenen aan activa Drechtwerk past als GR de feitelijk toerekening van de omslagrente niet toe, ondanks de wettelijke verplichting, aangezien dit in de situatie van Drechtwerk slechts een administratieve handeling is, immers Drechtwerk rekent niets door aan “derden” daarmee betalen de gemeenten de omslagrente als wel ontvangen de omslagrente via de exploitatie. Rentetoerekening aan reserves en voorzieningen Alhoewel in het BBV de mogelijkheid vooralsnog blijft bestaan om een rentevergoeding (of een vergoeding voor de inflatie) over het eigen vermogen en de voorzieningen te berekenen en deze door te belasten aan de taakvelden, adviseert de Commissie BBV vanwege het verlangde inzicht, de eenvoud en transparantie deze systematiek niet (meer) toe te passen. Drechtwerk volgt de aanbeveling vanuit de commissie BBV om geen rente toe te rekenen.
Pagina: 14
Meerjarenraming 2022 – 2025
Renteschema voor jaar: A1 Externe rentelasten lange financiering A2 Prognose rente nieuwe lange financiering A3 Prognose rente op korte financiering A4 rentebaten verstrekte leningen (-/-) B overige rentebaten extern (-/-) Totaal door te berekenen externe rente C1 Rentedoorberekening Grondexploitatie (NVT) C2 Rente projectfinanciering aan taakveld toe te rekenen
2022
2023
2024
2025
386.939 117.045 -
366.596 115.473 -
346.379 113.675 -
325.915 111.660 -
269.894
251.123
232.704
214.255
nvt nvt
nvt nvt
nvt nvt
nvt nvt
Saldo door te rekenen rente extern D1 Rente over eigen vermogen (NVT) D2 Rente over voorzieningen (Contante waarde) (NVT)
De aan taakvelden toe te rekenen rente E
Werkelijk aan taakveld toegerekende rente
F
Renteresultaat op taakveld Treasury
G Totaal van de activa per 1 januari (boekwaarde) In beginsel te hanteren omslag % (F/G) Rente-omslag afgerond (maximaal 0,5 %)
-
-
nvt nvt
-
nvt nvt
-
nvt nvt
nvt nvt
-
-
-
-
269.894
251.123
232.704
214.255
-
-
-
-
269.894
251.123
232.704
214.255
22.546.557
21.558.109
20.577.646
19.611.260
1
1
1
1
1,50%
1,50%
1,50%
1,50%
Pagina: 15
Meerjarenraming 2022 – 2025
2.3.2 Kasgeldnormering De kasgeldlimiet heeft betrekking op leningen met een looptijd tot maximaal 1 jaar en de renterisiconorm op leningen met een looptijd vanaf 1 jaar. Het doel van deze normen uit hoofde van de wet Fido is te voorkomen dat bij herfinanciering van de leningen bij hogere rente grote fluctuaties optreden in de hoogte van de rente die Drechtwerk moet betalen. De normen beperken de budgettaire risico’s. Het niveau van de korte leningen, de kasgeldlimiet, is gelimiteerd tot 8,2% van het begrotingstotaal. De renterisiconorm houdt in dat maximaal 20% van de lange leningen per jaar afgelost kan worden. De norm beoogt een evenwichtige opbouw van de leningen in de tijd. Drechtwerk streeft ernaar zo optimaal mogelijke benutting van de toegestane kasgeldlimiet, waarbij structurele overschrijdingen niet worden toegestaan.
Begrotingstotaal per 1 januari 2022: Sommatie van: •
Begrotingstotaal(bedrijfslasten)
€ 42,43 miljoen
Kasgeldnorm: het vastgestelde percentage van 8,2% over het begrotingstotaal van € 42,43 miljoen resulteert in een kasgeldlimiet van € 3.479.000
Kasgeldnorm Begroting 2022 Periode
Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 Gemiddelde (x € 1.000)
Netto Vlottende Schuld (+) of overschot middelen (-) 124 929 1.557 561 793
Toegestane kasgeldlimiet
Ruimte (+) of Overschrijding (-)
3.480 3.480 3.480 3.480 3.480
3.356 2.551 1.923 2.918 2.687
De totaal netto vlottende schuld bestaat uit de omvang korte schulden (< 1 jaar) gecorrigeerd met de vlottende middelen (< 1 jaar), zijnde kas-, bank- en giro saldi. Bij het begrote van de kasgeldnorm is er geen netto vlottende schuld maar een positief overschot (vlottende) middelen verwacht.
Pagina: 16
Meerjarenraming 2022 – 2025
2.3.3 Renterisiconormering In de wet FIDO wordt de renterisiconorm gehanteerd als norm voor de samenstelling van de lange leningenportefeuille. Jaarlijks mogen de renterisico’s uit hoofde van renteherziening en herfinanciering niet hoger zijn dan 20% van het begrotingstotaal. Het doel is op deze wijze afdoende spreiding aan te brengen in de rente typische looptijden van de leningenportefeuille, waardoor jaarlijks slechts een gedeelte van de leningenportefeuille aan renteherziening (tegen de op dat moment geldende rente) toe is. De totale Begroting bedraagt per 1 januari 2022 € 42,43 miljoen. Er wordt voor 2022 geen herfinanciering of nieuwe leningen voorzien. De renterisiconorm bedraagt 20% van het begrotingstotaal, te weten € 8,48 mln. Renterisiconorm begroting 2022 De bepaling van het renterisico is als volgt: Bedrag in Euro's (x 1000) 1a 1b 2 3a 3b 4 5 6 7
Omschrijving
2020
2021
(cncpt jaarrekening) (update begro ting)
Renteherziening op vaste schuld o/g Renteherziening op vaste schuld u/g Netto renteherziening vaste schuld (1a - 1b) Nieuw aangetrokken schuld Nieuw verstrekte leningen Netto nieuw aangetrokken schuld (3a - 3B) Betaalde aflossingen Herfinanciering (laagste van 4 en 5) Renterisico op vaste schuld
1.020 1.020
1.034 1.034
2022 2023 2024 2025 (basis) (raming) (raming) (raming) 1.040 1.028 1.043 1.058 1.040 1.028 1.043 1.058
Bepaling van de ruimte c.q. de overschrijding t.o.v. de renterisico norm Bedrag in Omschrijving Euro's (x 1000) 8 Stand vaste schuld per 1 januari 9 Percentage conform ministeriele regeling 10 Renterisiconorm (20% van de lasten)
2020
2021
2022
2023
2024
2025
24.400 20% 8.630
23.374 20% 8.612
22.340 20% 8.487
21.300 20% 8.429
20.272 20% 8.355
19.229 20% 8.207
Toets renterisiconorm Renterisiconorm Renterisico op vaste schuld Ruimte (+) / overschrijding (-) ; (10 - 7)
8.630 1.020 7.610
8.612 1.034 7.578
8.487 1.040 7.448
8.429 1.028 7.401
8.355 1.043 7.312
8.207 1.058 7.149
10 7 11
Pagina: 17
Meerjarenraming 2022 – 2025
Financieringsbehoefte en Leningenportefeuille Vertrekpunt bij de analyse van de liquiditeitspositie en financieringsbehoefte is de bestaande leningenportefeuille. Gelet op de liquiditeitsbegroting wordt er voor 2022 geen nieuwe financieringsbehoefte voorzien. De leningenportefeuille 2022 laat het volgende beeld zien: (* € 1000,-)
Lening Lening Lening Lening
Verstrekker
Soort lening
Nominaal bedrag
BNG 40.0094578 BNG 40.0097704 BNG 40.109859 BNG 40.109860
Lineair Lineair Annuitair Fixed
€ € € €
700 3.000 23.600 3.000
€
30.300
Totaal leningenportefeuille
Laatste aflossing 2022 2028 2039 2039
Stand per 1-1-2022
Afloss.
€ € € €
26 780 18.534 3.000
€
22.340 €
€ € € €
26 120 894 -
Stand per 31-12-2022 € € € €
660 17.640 3.000
1.040 €
21.300
Schatkistbankieren Eind 2013 is het verplicht schatkistbankieren ingevoerd. Toegestaan blijft dat decentrale overheden een bedrag van 0,75% van het begrotingstotaal buiten de Schatkist mogen houden, het zogenoemde drempelbedrag. Het drempelbedrag mag als gemiddeld creditbedrag per kwartaal niet overschreden worden. Benutting drempelbedrag Schatkistbankieren 2022 Begrotingstotaal: Wettelijke percentage: Drempelbedrag:
€ 42,43 mln. 0,75% € 318.230
Kwartaalprognose benutting drempelbedrag 2022: Schatkistbankieren Begroting 2022 (x 1.000) Gemiddelde stand liquide middelen Drempelbedrag Ruimte
1e kw
2e kw 124318 442-
3e kw 929318 1.247-
1.557318 1.875-
4e kw 561318 880-
Pagina: 18
Meerjarenraming 2022 – 2025
2.3.3 Financiële kengetallen Kengetallen:
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grond exploitatie Structurele exploitatie ruimte (Structurele) exploitatieruimte
Jaarrekening 2020
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
52% 48%
58% 54%
58% 54%
58% 54%
58% 54%
3% 0% 473%
4% -
4% -
0% 0%
4%
4%
0% 0%
0% 0%
0% 0%
Netto schuldquote De netto schuldquote is de netto schuld als aandeel van de inkomsten. Het geeft aan of Drechtwerk investeringsruimte heeft. Het zegt daarnaast iets over de flexibiliteit van de begroting: veel schulden en kapitaallasten leiden tot een inflexibele begroting. Een netto schuldquote lager dan 100% wordt gezien als voldoende. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin Drechtwerk in staat is aan haar financiële verplichtingen op langere termijn te voldoen. Het geeft de verhouding tussen het eigen vermogen en het totale vermogen weer. Er is geen harde norm voor dit kengetal maar een percentage van 30% tot 80% wordt doorgaans als matig tot voldoende gezien. Een lagere ratio geeft aan dat er relatief veel vreemd vermogen is. Grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft een indicatie van de verhouding van de in exploitatie genomen gronden ten opzichte van de totale baten. Voor Drechtwerk is dit kengetal niet van toepassing. Structurele exploitatie ruimte De structurele exploitatieruimte geeft weer hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de vastgestelde begroting is, en geeft het aan of Drechtwerk in staat is om structurele tegenvallers op te vangen dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid. Een kengetal groter dan 0 duidt op structurele ruimte.
Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit maakt inzichtelijk welke mogelijkheden Drechtwerk heeft voor het genereren van hogere baten. Voor Drechtwerk is dit kengetal niet van toepassing.
Pagina: 19
Meerjarenraming 2022 – 2025
2.4 Bedrijfsvoering De voorgaande jaren heeft Drechtwerk zich ingespannen om de kosten voor de deelnemende gemeenten zo gering mogelijk te laten zijn. De gemeentelijke bijdragen zijn de afgelopen jaren, mede als gevolg van deze inspanning, kleiner geworden. Ook in de toekomst zal veel er op gericht zijn om de kosten die Drechtwerk met zich meebrengt zo dicht mogelijk bij de opbrengsten te houden. In vorige edities van de (meer)jaren begroting is aangegeven dat het lastig is solide uitspraken te doen over een begroting die is opgebouwd uit cijfers die twee jaar voordat die begroting daadwerkelijk aan snee is, zijn opgesteld. Ook bij de presentatie van deze begroting is dat het geval. Belangrijke factoren waar we nu nog geen zicht op hebben zijn de effecten van het Rijksbeleid, de ontwikkeling van prijzen en lonen en de inflatie. Daarnaast weten we niet wat het post-coronatijdperk voor sociale werkbedrijven in petto heeft en of de effecten daarvan ook merkbaar zijn in het begrotingsjaar 2022. Een aantal elementen uit de toekomstige bedrijfsvoering is echter al zichtbaar en laat zijn schaduw reeds zien. Zo zal Drechtwerk in ’21 het individueel detacheren weer gaan verzorgen. Er wordt door Drechtwerk op gestuurd om de tekorten die deze werkzaamheden veroorzaakten, te minimaliseren en mogelijk tot een positief resultaat te brengen.
Drechtwerk zal de samenwerking tussen de twee bedrijfsonderdelen van de b.v. verder vorm geven. Hierdoor kan mogelijk bespaard worden op overhead en kan er meer gebruik gemaakt worden van elkaar medewerkers. De komende tijd zal Drechtwerk zich, meer dan voorheen richten op haar (directe) omgeving. Er zal meer samenwerking worden gezocht met het onderwijs, andere stakeholders in het sociaal domein en collega – ontwikkelbedrijven. Daarbij kan gedacht worden aan het samen optrekken in de richting van werk, of het overnemen van bepaalde activiteiten. Nadat de beperkende effecten van de coronapandemie weg zijn, kan Drechtwerk meer dan nu, weer werk maken van uitstroom en doorstroom van medewerkers. Dat geldt niet alleen voor mensen uit de oorspronkelijke doelgroep, de mensen met een sw – indicatie, maar ook, en in toenemende mate, voor mensen uit andere doelgroepen waarvoor Drechtwerk hulp kan bieden op weg naar werk in de markt. In 2021 zal de GR Drechtsteden worden ontbonden. Er zal een GR SDD worden gevormd. De samenwerking tussen Drechtwerk en de nieuwe GR SDD zal in 2022 niet alleen op het operationele vlak meer inhoud moeten krijgen, qua governance zal in dat jaar ook het traject rond de governance moeten worden afgerond.
Het bestuur van Drechtwerk dat aantreedt na de verkiezingen van 2022 kan dan over een afgerond en adequaat beschikken om deze bestuurlijke route af te ronden.
Pagina: 20
Meerjarenraming 2022 – 2025
2.5 Verbonden Partijen(de B.V.’s) We spreken van een verbonden partij wanneer de gekozen vorm van samenwerking leidt tot een rechtspersoon, waarin Drechtwerk een bestuurlijk én een financieel belang heeft. Bestuurlijk belang is zeggenschap, ofwel via vertegenwoordiging in het bestuur ofwel via stemrecht. Financieel belang is het ter beschikking stellen van een bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat, ofwel, waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Hieronder vallen ook de ontvangst van baten uit beleggingsdeelnemingen, leningen of werkkapitaal verstrekken, garant staan en/of grond bezit dat in de verbonden partij is ingebracht. 2.5.1 2.5.2 2.5.3
WerXaam BV Drechtwerk BV (label DW-Groen, DW-Actief) Baanbrekend Detacheren bv
2.5.1 WerXaam B.V. Vestigingsplaats: Dordrecht Betrokkenen: Deelnemende gemeenten Alblasserdam, Dordrecht, Zwijndrecht, Hendrik-Ido Ambacht, Papendrecht en Sliedrecht Doel: Sinds 2006 is WerXaam als personeel BV van Drechtwerk het antwoord op de benodigde marktconformiteit van arbeidsvoorwaarden en flexibiliteit van arbeid van niet-SW-personeel. Bestuurlijk belang: In het Algemeen – en Dagelijks bestuur zitten politieke ambtsdragers namens de deelnemende gemeenten. Drechtwerk bekleedt in overheidsland een bijzondere positie. Enerzijds is Drechtwerk een publieke rechtspersoon in de vorm van een gemeenschappelijke regeling, die de Wet Sociale Werkvoorziening uitvoert in opdracht van gemeenten. Anderzijds opereert Drechtwerk - als aanbieder van diensten en producten - te midden van private markten en ondernemingen. Op deze markten wordt flexibiliteit gevraagd, ook op het gebied van aanstelling en ontslag. Deze flexibiliteit kan echter niet altijd gegeven worden als het ambtelijk personeel betreft. Financieel belang: Geen financieel belang Risicobeheer: Om te voorkomen dat een derde rechtspositievorm in de Drechtwerkorganisatie tot arbeidsvoorwaardelijke verschillen leidt, wordt in de arbeidsvoorwaardenregeling van de personeels-bv zoveel mogelijk aangesloten bij de bestaande ambtelijke rechtpositie. Er bestaat geen financieel risico.
De kosten worden rechtstreeks doorbelast aan de Sociale Dienst Drechtsteden. Deze vervult hierin een centrumfunctie namens de deelnemende gemeenten. De deelnemende gemeenten zijn uiteindelijk risicodrager. Het exploitatieresultaat voor 2019 wordt gesteld op € 0.
Pagina: 21
Meerjarenraming 2022 – 2025
2.5.2 Drechtwerk BV Vestigingsplaats: Betrokkenen: Doel:
Bestuurlijk belang: Financieel belang: Ontwikkelingen:
Dordrecht Deelnemende gemeenten Alblasserdam, Dordrecht, Zwijndrecht, Hendrik-Ido Ambacht, Papendrecht en Sliedrecht Op 24 oktober 2012 zijn de statuten van de BV opgesteld en hebben een wijziging ondergaan op 21 december 2018. De activiteiten, die BV verricht, zijn op hoofdlijn: • Arbeidsgehandicapten, die zijn geïndiceerd voor de Wsw, aangepaste arbeid bieden die aansluit bij de capaciteiten en mogelijkheden van de betreffende medewerkers met een Wsw-indicatie • Zorg dragen voor de arbeidsontwikkeling van de medewerkers met een Wsw-indicatie door het bieden van een adequate diversiteit aan werksoorten • Het bewerkstelligen van doorstroom van medewerkers binnen de diversiteit van werksoorten en zo mogelijk uitstroom naar een reguliere werkgever • Het verlenen van diensten aan gemeenten en , incidenteel, aan derden op het gebied van andere gesubsidieerde arbeidsvoorzieningen dan hiervoor bedoeld • Het bedrijfsmatig bieden van werk aan andere doelgroepen op het gebied van al dan niet gesubsidieerde arbeid en/of het bemiddelen van andere doelgroepen naar werk (inclusief detachering).
Alsmede het bieden van andersoortige activiteiten voor dagbesteding en participatieplekken waarin doelgroepen vooral activiteiten worden geboden gericht op sociale participatie • Het uitoefen van een hoveniersbedrijf in de breedste zin van het woord In het Algemeen – en Dagelijks bestuur zitten politieke ambtsdragers namens de deelnemende gemeenten. Drechtwerk BV is een 100% dochter van Drechtwerk. Drechtwerk BV streeft naar een natuurlijk partnership met de in Drechtwerk
verenigde gemeenten en andere aanbieders binnen dit gebied. Risicobeheer:
Drechtwerk is 100% aandeelhouder van Drechtwerk BV. Het Openbaar Lichaam Sociale Werkvoorziening Drechtsteden staat dan ook garant voor de verliezen van Drechtwerk BV. De deelnemende gemeenten zijn uiteindelijk risicodrager. Voor eventuele toekomstige verliezen wordt jaarlijks de zogenaamde voorziening “verliezen Bv’s” gekwantificeerd, die de verstrekte financiering door Drechtwerk volledig afdekt of anderszins volledig afgedekt. Het exploitatieresultaat voor 2022 wordt gesteld op € 0.
Pagina: 22
Meerjarenraming 2022 – 2025
2.5.3 Baanbrekend Detacheren BV Vestigingsplaats: Betrokkenen: Doel:
Bestuurlijk belang: Financieel belang: Risicobeheer:
Dordrecht Deelnemende gemeenten Alblasserdam, Dordrecht, Zwijndrecht, Hendrik-Ido Ambacht, Papendrecht en Sliedrecht Op 10 december 2012 zijn de statuten van de BV opgesteld en hebben een algehele wijziging ondergaan op 4 juli 2018. De activiteiten, die BV verricht, zijn op hoofdlijn: • Het detacheren van inwoners van onder andere, maar niet beperkt tot, de gemeenten aangesloten bij de gemeenschappelijke regeling Drechtsteden en de gemeenschappelijke regeling Sociale Werkvoorziening Drechtwerk met afstand tot de arbeidsmarkt als bedoeld in de Participatiewet • het samenwerken met, het zich op andere wijze interesseren bij, en het geven van adviezen en het verlenen van diensten aan Aandeelhouders en ondernemingen; • het verrichten van alle handelingen op financieel, commercieel en industrieel gebied; • het verrichten van al hetgeen met het bovenstaande in de ruimste zin verband houdt of daaraan bevorderlijk kan zijn. In het Algemeen – en Dagelijks bestuur zitten politieke ambtsdragers namens de deelnemende gemeenten. Baanbrekend Detacheren BV is in gezamenlijk eigendom van de GR Drechtsteden en de GR Drechtwerk (50% aandeelhouder ieder). Beide genoemde GR’en staan garant voor de verliezen van Baanbrekend Detacheren BV. De deelnemende gemeenten zijn uiteindelijk risicodrager.
Pagina: 23
Meerjarenraming 2022 – 2025
4. Toelichting op resultatenrekening 2022 en meerjarenraming 2023 - 2025 4.1
Aantal SW-medewerkers in Fte’s
Uitgangspunt van de begroting 2022 en meerjarenraming is dat er vanaf 1 januari 2015 geen nieuwe instroom is van SW-personeel. Het aantal SW-medewerkers (excl. Begeleid Werken) is vanaf 2022 t/m 2025 als volgt geprognotiseerd:
2022 2023 2024 2025
Aanvang 858 833 809 783
Einde 833 809 783 749
Gemiddeld 840 815 790 760
Omdat er alleen nog uitstroom is en geen “goedkope” instroom, en de lager ingeschaalde tijdelijke contracten van afgelopen jaren inmiddels zijn uitgestroomd, zal het gemiddelde loon van de SW door cao - ontwikkelingen blijven stijgen. Dit in tegenstelling tot eerdere berekeningen waarbij de instroom tegen het minimum ook een positief effect had op het gemiddelde SW-loon. Zoals in het voorwoord is aangegeven, zullen de vervolgbegrotingen in de toekomst woorden voorzien van nieuwe doelgroepen en het effect daarvan op de begroting van Drechtwerk.
4.2
Omzet
Bij het opstellen van de begroting en meerjarenraming is rekening gehouden met de effecten in de omzet, daar de daling van het aantal fte WSW-personeel jaarlijks afneemt. De verwachting t.o.v. de omzet is dan ook dat vooralsnog de daling van de afname sec geënt is op SW en nog niet gecompenseerd gaat worden met een nieuwe instroom vanuit de Participatie-populatie.
4.3
Doorbelaste kosten
De overige doorbelaste kosten zijn geactualiseerd en doorgezet in de meerjarenraming.
4.4
Salarissen niet-subsidiabel
Er is bij deze beleidsarme begroting rekening gehouden met 1% cao-verhoging en/of verhoging voor werkgeverspremies sociale lasten en pensioen. Het risico hiervan is geduid in de risicoparagraaf. Bij de begeleiding van SW- en overige personeel is uitgegaan van een workload van 50 fte per afdelingshoofd.
4.5
Overige personeelskosten
Bij de berekening van 2022 en verder is rekening gehouden (t.o.v. 2021) met mogelijke afname van personeel. Er is geen rekening gehouden met een indexering van deze kosten.
4.6
Algemene kosten
Tenzij expliciet aangegeven zijn de algemene kosten gebaseerd op de jaarrekening 2020 in combinatie met de update van de begroting 2021.
4.7
Subsidieresultaat
Vanwege onbekendheid met de mogelijke cao-ontwikkelingen voor de WSW is in voorliggende begroting beperkt rekening gehouden met loonstijgingen (1,6%). Alleen wijzigingen uit 2020, zijn verwerkt. Het gemiddeld loon per fte SW bedraagt daarmee in 2022 over onze medewerkers € 35.584,- en ligt € 759 hoger dan voorgaande meerjaren begroting. Ook is, in afstemming met de
Pagina: 24
Meerjarenraming 2022 – 2025
accountant, bij de prognoses van de loonontwikkelingen rekening gehouden met de LiV (Het lage inkomensvoordeel). Sinds 2015 loopt de subsidiebijdrage via het gemeentelijke participatiebudget. De subsidie is macro gefixeerd op de in 2014 bepaalde (aflopende) budgetten. De hoogte van de bedragen per SE en de verdeling over de gemeenten is daarbij afhankelijk van het landelijk aantal WSW-ers (hoe minder WSW-ers, hoe hoger het bedrag per SE en visa versa) en het aantal WSW-ers per gemeente ten opzichte van het landelijk totaal. De laatst bekende budgetten zijn gepresenteerd in de septembercirculaire 2020. In de meicirculaire 2021 zullen de meest actuele budgetten voor de gemeenten worden gepresenteerd.
4.8
Deelnemingen
In 2022 heeft Drechtwerk GR de Drechtwerk BV (DWGroen en DWActief), participeert voor 47% in FrisFacilitair BV en participeert voor 50% in Baanbrekend Detacheren BV.
4.9
Incidentele baten & lasten
4.9.1 Incidentele Baten De in de begroting opgenomen incidentele baten zijn gevormd door de begrote dividend uitkering verwachting € 100.000 vanuit FrisFacilitair BV.
4.9.2 Incidentele Lasten De in de begroting opgenomen incidentele lasten bestaan voornamelijk uit het verwachte bijdrage in de exploitatie van de Drechtwerk bv (Actief & Groen).
Pagina: 25
Meerjarenraming 2022 – 2025
5
Programmabegroting over begrotingsjaar 2021 (financiële begroting)
Programma (bedragen x € 1.000)
(up-date) Jaarrekening 2020 Lasten
Baten
- Begeleide Participatie
38.702
- Overhead
4.400
(basis)
Begroting 2021
Begroting 2022
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
Lasten
Baten
Saldo
39.467
-765
38.348
37.114
1.234
37.724
36.061
1.663
845
3.555
4.260
812
3.448
4.324
824
3.500
451
121
330
452
122
330
389
117
272
43.553
40.433
3.120
43.060
38.048
5.012
42.437
37.003
5.434
5.963
5.963
5.011
5.011
5.434
5.434
43.553
46.395
-2.841
43.060
43.060
0
42.437
42.437
0
43.553
46.395
-2.841
43.060
43.060
0
42.437
42.437
0
Gerealiseerde baten en lasten per programma:
- Rente Programma Drechtwerk Algemene dekkingsmiddelen per programma: - Gemeentelijke Bijdrage gemeenten Totaal saldo baten & lasten Onttrekking aan bestemmingsreserve: - Drechtwerk
Resultaat na bestemming
Pagina: 26
Meerjarenraming 2022 – 2025
5.1
Toelichting op de geconsolideerde programmabegroting Drechtwerk
In duizenden euro's (concept) Jaarrekening
(update) begroting
(basis) begroting
2020
2021
2022
5.516 3.043 209 8.350
4.945 3.480
5.323 3.355
8.425
8.678
251 543
246 535
Totaal overige opbrengsten
1.972 48 2.814
258 535 65 1.961 47 2.866
1.961 47 2.789
Doorbelasting overhead aan BV's Totaal opbrengsten
683 11.847
683 11.974
683 12.150
788 3.906 361 5.054 -77 4.977
807 4.377 200 5.384
803 4.510 200 5.513
5.384
5.513
9,9 51,2
9,6 57,9
9,6 59,3
79.470 76.262
84.402 76.879
84.036 78.548
(waar het geen kengetallen betreft)
Opbrengsten Omzet Detacheringen SW personeel Omzet Detacheringen regulierpersoneel Kosten onder aanbestede detachering Toegevoegde waarde totaal Bijdrage individueel vervoer Huuropbrengsten gebouwen Doorbelaste energie lasten Dekkingsbijdrage SDD voormalige DWP Overige bijzondere inkomsten
Kosten niet-gesubsidieerde medewerkers Salarissen ambtelijk medewerkers Salarissen gecontracteerde medewerkers Medewerkers niet in loondienst Totaal kosten niet-gesubsidieerde medewerkers Af: Salariskosten boventallig personeel Totaal
De kosten voor salarissen boventallig personeel worden bij de buitengewone baten en lasten als incidentele lasten gepresenteerd.
Kengetallen: Gemiddelden per fte: Ambtelijke medewerkers Gem. aantal Gecontracteerde medewerkers Gem. aantal Salarissen en sociale lasten per fte (bedragen in €) Ambtelijke medewerkers Gecontracteerde medewerkers
Pagina: 27
Meerjarenraming 2022 – 2025
Overige personele kosten Vervoerskosten Studiekosten Werkkleding Kerstpaketten Overige kosten Totaal overige personele kosten
554 56 9 50 54 723
526 104 11 52 76 769
538 106 9 49 52 755
Afschrijvingen materiële vaste activa Afschrijving pand ivm einde erfpacht 2039 Afschrijvingen vaste activa
984 158 1.142
1.037 158 1.195
1.001 158 1.159
Rente langlopende leningen Ontvangen rente deelnemingen Rentekosten
431 -121 310
408 -119 289
389 -117 272
Algemene kosten
In de Treasuryparagraaf wordt uitgebreid ingegaan op de ontwikkeling van de rente en de besteding van middelen.
Terreinen Gebouwen Voorziening sloop ivm erfpacht oplevering Meerjarenonderhoudsplan (voorziening) Installaties Machines (productie) Inventarissen Aanschaffingen < € 1.000 Vervoermiddelen Schoonmaakkosten
34 115 38 65 33 5 8 15
28 81 38 65 106 5 11 10
56
67
28 81 38 85 80 2 9 10 1 56
Onderhoudskosten
369
411
390
Onderhoudskosten van gebouwen, installaties en machines betreft correctief onderhoud, dat wil zeggen gebaseerd op incidentele reparaties, die van jaar tot jaar kunnen fluctueren. Computerapparatuur Ict kosten
604 604
574 574
574 574
Pagina: 28
Meerjarenraming 2022 – 2025
Elektriciteit Gas Water Ontvangen doorbelaste energie lasten Energiekosten
91 50 8 -60 90
101 56 11 -60 108
149
Erfpacht Huur
41 41
42 42
41 41
Onroerende zaakbelasting Milieubelastingen, reinigingsrechten Brand- en bedrijfsschadeverzekering W.A.-verzekering bedrijf Overige verzekeringen Belastingen & verzekeringen
45 59 31 44 14 193
48 56 39 44 13 200
45 59 31 44 14 193
Kantoorbenodigdheden Porti Abonnementen, contributies en vakliteratuur Accountantskosten Diverse overige kosten (o.a. reclame kosten) Kantoorkosten
6 17 64 91 4 182
7 20 51 85 163
9 17 64 90 5 185
Onderhoud en dienstverlening (arbo - Ict) Kosten koffievoorziening Diverse overige lasten Overige kosten
247 43 6 296
241 51 40 332
246 50 21 317
Externe adviseurs Toelichting: Arbodienst Diverse kosten externe adviseurs IDEM Totaal
172 75 247
200 41 241
180 66 246
In de post diverse kosten externe adviseurs zijn kosten voor managementondersteuning ondergebracht inzake: Directie 18 21 Informatisering w.o. Voice-IT P&O beheerkosten 57 20 Diverse overige afdelingen Totaal 75 41 Totaal algemene kosten
3.227
3.318
91 50 8
21 45 66 3.284 Pagina: 29
Meerjarenraming 2022 – 2025
Subsidieresultaat Salarissen Wsw-medewerkers WsW subsidie Rijksgerelateerd verwachte loon/prijs compensatie SW Inhouding SDD Rijksgerelateerde WsW subsidie (BW) Subsidieresultaat
31.369 28.417 2.247 -5.199
30.350 27.632 553 2.236 -4.401
29.878 26.563 425 2.236 -5.125
Kengetallen Gemiddeld loon in fte Gemiddelde bezetting Wsw-personeel in fte (gemiddelde daling SW tov voorgaand jaar)
33.890 926
34.567 878
35.584 840 4,6%
Incidentele baten Incidentele lasten Incidentele baten en lasten
2.416 3.257 841
125 3.239 3.114
100 3.008 2.908
Incidentele baten Dividend uitkering Frisfacalitair (jaar T-) Vrijval voorziening verliezen bv, resultaat Groen Rijks compensatie Covid 19 SW Mutaties voorzieningen Vrijval reservering zuiveringsheffing Diverse incidentele baten Totaal
158 159 2.023 33 26 17 2.416
125
100
125
100
150 150
150 150
2.981 108
2.858
193 3.180
3.089
2.858
Resultaat voor dekkingsmiddelen
-3.122
-5.011
-5.434
Bijdrage Gemeenten De bijdrage gemeenten laten zich als volgt in beeld brengen -In rekening te brengen (verlies) bijdrage Bijdrage deelnemende gemeenten verliessaldo
3.122 3.122
5.011 5.011
5.434 5.434
Incidentele lasten Salariskosten boventallig personeel Innovatie/ontwikkelbudget Totaal Overige Incidentele lasten Bijdrage aan DWActief Bijdrage aan DWGroen Diverse incidentele lasten (zie jaarrekening) Totaal
77 77
2.987
Pagina: 30
Meerjarenraming 2022 – 2025
Gemeentelijke Bijdragen 2022 De gemeentelijke bijdrage in het verliessaldo van de Gemeenschappelijke regeling is geënt op het aantal personen woonachting in betreffende gemeente met een SW indicatie en ter werk gesteld bij of via Drechtwerk:
Gemeente
Alblasserdam Dordrecht Hendrik Ido Ambacht Papendrecht Sliedrecht Zwijndrecht Totaal gemeenten
Aantal personen per gemeente 1-1-2022
(verlies) Bijdrage indivuduele gemeente 2022
48 518 34 53 86 112 851
307 3.308 217 338 549 715 5.434 (bedragen x € 1000)
Pagina: 31
Meerjarenraming 2022 – 2025
5.2
Meerjarenraming 2022 – 2025
Met het opstellen van de begroting 2022 wordt (voorgeschreven wetgeving) een meerjarenraming afgegeven voor een periode van 3 jaar. Een meerjarenraming heeft naarmate verder in de tijd geraamd en tal van onzekerheden. Voor Drechtwerk, mede gezien de door gemaakte transitie en de huidige ontwikkelingen van de organisatie en haar (te verkrijgen) positie binnen het sociale domein in de Drechtsteden, is deze dan niet zomaar te maken. De meerjarenraming zoals hieronder afgegeven is geprognosticeerd vanuit een aantal uitgangspunten die met en in de tijd weer anders kunnen zijn. De belangrijkste uitgangspunten gebruikt binnen de meerjarenraming voor Drechtwerk zijn: -
-
-
-
De SW subsidie voor Drechtwerk (minus inhouding door de SDD voor het onderdeel Begeleid werken) is geënt op het meerjarig beeld voor de Rijkssubsidie en overgenomen vanuit de meest recente circulaire van het Rijk (septembercirculaire 2020) en verwachte LPO Rijkscompensatie. De salarissen van de SW- populatie zijn doorgerekend op basis van uitstroom n.a.v. pensioen en een (behoedzame) verwachting (op basis van ervaring) van o.a. verhuizing en overlijden. De gemiddelde loonsom voor de SW -salarissen zijn geënt op de meest recente en bekende ontwikkelingen van het WML en lopende Cao. (zie ook het risico hiervan in de risicoparagraaf) Voor de salarissen van niet gesubsidieerde medewerkers wordt eenzelfde methodiek gehanteerd als genoemd bij de berekening van de SW populatie
Bij de detachering opbrengsten is in de meerjaren prognose doorgerekend met een afnemende SW populatie. De gemiddelde FTE SW voor het jaar 2022 neemt met 4,6% af t.o.v. update 2021, in 2023 is dit percentage 3,0%, voor 2024 is dit 3,1%, voor 2025 is dit 3,9% t.o.v. het voorgaand jaar. Dit percentage van afname is ook als uitgangspunt gebruikt op de detachering omzet in combinatie met aannamen gemaakt op prijs. Wat niet is meegenomen in de omzet maar ook haar effect heeft of zal hebben is het gegeven dat de gemiddelde leeftijd toeneemt doordat de instroom van SW in 2015 gestopt is, medewerkers worden ouder en de arbeidsproductiviteit neemt hierdoor af, ook dit heeft een rechtstreeks effect op de omzet en op de detacheringstarieven voor wat betreft de SW populatie.
Pagina: 32
Meerjarenraming 2022 – 2025
Meerjarenraming resultaten 2022 - 2025 (* € 1000,-)
Drechtwerk (voorlopige) jaarrekening 2020 8.559 209 8.350 2.814 683 11.847
update 2021 8.425 8.425 2.866 683 11.974
Basis 2022 8.678 8.678 2.789 683 12.150
Raming 2023 8.748 8.748 2.782 683 12.213
Raming 2024 8.807 8.807 2.774 683 12.264
Raming 2025 8.725 8.725 2.765 683 12.173
Kosten niet-gesubsidieerde medewerkers Overige personeelskosten Resultaat begeleid werken Algemene kosten Operationeel resultaat
4.977 723
5.384 769
5.513 755
3.227 2.920
3.318 2.503
3.284 2.599
5.662 742 3.268 2.540
5.741 730 3.264 2.529
5.660 714 3.272 2.526
Salarissen Wsw-medewerkers Rijksbijdrage Wsw-medewerkers Subsidieresultaat Incidentele baten en lasten Resultaat voor gemeentelijke bijdragen
31.369 28.193 3.1762.864 3.122-
30.350 25.949 4.4013.114 5.011-
29.878 24.752 5.1252.908 5.434-
29.466 23.947 5.5192.908 5.887-
29.030 23.003 6.0282.908 6.408-
28.379 22.082 6.2972.908 6.680-
Gemeentelijke bijdragen Reeds betaalde (verlies) bijdrage Resultaat voor bestemming Bestemmingsreserve Resultaat na bestemming
3.122 5.963 2.841 2.841
5.011
5.434
5.887
6.408
6.680
Omzet Orderkosten Toegevoegde waarde Overige opbrengsten Doorberekening overhead aan BV's Totaal opbrengsten
0 -
0 -
0
0 -
0
0 -
0
0 -
0
0
Pagina: 33
Meerjarenraming 2022 – 2025
Vergelijk met de meerjarenraming 2021 – 2024 (opgesteld februari 2020) Drechtwerk heeft zich in 2020 verder voorbereid op haar toekomst als werkleerbedrijf door voor haar oorspronkelijke doelgroep ontwikkelmogelijkheden te organiseren. Om dit succesvol te laten verlopen hebben alle leidinggevenden een assessment doorlopen om zo goed mogelijk op deze nieuwe taak voorbereid te zijn. Van de voor pre- Perspct geselecteerde medewerkers is een analyse gemaakt van hun vaardigheden en ontwikkelpotentie. Pre- Perspct staat ook open voor nieuwe instromers die in aanmerking komen voor beschut werk. Voor het label DWGroen blijft de “dekking” voor een groot deel afhankelijk van de omzet verkrijgen vanuit de zes gemeenten. Als gevolg van de coronamaatregelen hebben de ontwikkelingen bij Drechtwerk op het vlak van leerwerktrajecten en ontwikkeling van medewerkers enige vertraging opgelopen. De komende jaren zal dat worden goedgemaakt. Daarnaast zal Drechtwerk meer dan de afgelopen jaren haar blik naar buiten richten via het bedrijfsleven, onderwijs en andere stakeholders. Daarnaast zal zij waar mogelijk een bijdrage leveren aan de vraag van het Regionaal Mobiliteits Team om mensen te begeleiden naar werk. Het negatieve subsidieresultaat als gevolg van het Rijsbeleid blijft de komende jaren een zodanige omvang dat de tekorten substantieel zullen blijven.
(*€ 1000) Jaar Gemeentelijke bijdrage; Vanuit meerjarenraming 2021-2024 Vanuit meerjarenraming 2022-2025 verschil
Raming Raming Raming 2022 2023 2024 € 5.846 € 5.434 € 412
€ 6.251 € 5.887 € 364
€ 6.910 € 6.408 € 502
Pagina: 34
Meerjarenraming 2022 – 2025
Meerjarig beeld Rijksubsidie Drechtsteden Stand septembercirculaire 2020 Gemeentelijke indeling 2020
CBS-code
Gemeente
2022 1.681.276.000
2023 1.619.240.000
2024 1.557.516.000
2025 1.494.289.000
482 Alblasserdam
1.254.548
1.221.115
1.207.214
1.211.448
505 Dordrecht
17.637.417
17.145.704
16.615.770
16.051.364
531 Hendrik-Ido-Ambacht
836.707
830.818
826.479
814.240
590 Papendrecht
1.531.646
1.492.669
1.442.838
1.379.520
610 Sliedrecht
2.083.350
1.960.402
1.855.423
1.764.041
642 Zwijndrecht
3.219.466
3.120.177
2.893.397
2.714.128
26.563.133
25.770.885
24.841.121
23.934.741
2236000
2236000
2236000
2236000
24.327.133
23.534.885
22.605.121
21.698.741
Totaal SW Subsidie Drechtsteden Inhouding SW Subsidie door SDD BW Beschikbaar voor Drechtwerk
Pagina: 35
Meerjarenraming 2022 – 2025
5.3
Geprognotiseerde (meer jaren) Balans
Geprognoticeerde balans bedragen x € 1.000
(concept)
ACTIVA
2020 2021 2022 2023 2024 2025 Realisatie Begroting Begroting (raming) (raming) (raming)
Vaste activa Materiele vaste activa Financiele vaste activa Totaal vaste activa