CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen CDA over ombuigingsvoorstellen GR Sociaal.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 23 juni 2026, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 7: Zienswijze gemeenteraad Alblasserdam op voorjaarsbrief 2026, begroting 2027 en ombuigingsvoorstellen GR Sociaal - Voorstel1.041 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen CDA over ombuigingsvoorstellen GR Sociaal Vraag 1. In hoeverre kan Alblasserdam de voorgestelde besparingsmaatregelen zelf door laten voeren, ook al willen de overige gemeenten dit niet. Voor welke maatregelen is een unaniem besluit nodig van alle deelnemers? Antwoord Het is niet voor alle afzonderlijke maatregelen bepaald of we als gemeente kunnen afwijken of dat unanimiteit nodig is om de maatregel door te voeren. Hieronder onze inschatting per domein. Los daarvan geldt dat het voor de dienst wenselijk is als de variatie tussen gemeenten beperkt is. Bestaanszekerheid versterken Voor het overgrote deel van de maatregelen kunnen we afwijken. Ontwikkelen naar werk Voor hooguit één of enkele maatregelen kunnen we afwijken. Zorgen voor ondersteuning Voor het overgrote deel van de maatregelen kunnen we afwijken. Vraag 2. Wanneer taken niet meer of slechts beperkt uitgevoerd worden dan zou dit ook moeten leiden tot een minder personele inzet. Bij de individuele besparingsmaatregelen is hiermee geen rekening gehouden, staat ook al in de zienswijze genoemd. Het gaat nu vooral om besparingen in producten/diensten. Wat zijn de besparingen die separaat t.a.v.

de apparaatslasten mogelijk zijn (dus los van de reeds genoemde besparingsmaatregelen), bijvoorbeeld door verbeteren efficiency, anders organiseren, verkleinen overhead? Antwoord Het is voor ons, ook gelet op onze positie in de regeling, niet goed mogelijk om daar op basis van praktijk- en ervaringskennis over de organisatie een precies antwoord op te geven. Hierbij een aantal relevante punten:  Het AB heeft besloten (zie pagina 10 voorjaarsbrief en pagina 9 begroting) dat er een structurele ombuiging van € 2 miljoen moet worden gerealiseerd op personeelskosten en overhead. Bij de wijze van invulling daarvan geldt echter wel een kanttekening, die ook is verwoord in de aan u voorgestelde zienswijze.  Het is niet uit te sluiten dat de er flink kan worden bespaard wanneer de Sociale Dienst een echte uitvoeringsorganisatie wordt en de beleidsmatige aansturing volledig bij gemeenten wordt belegd. Over deze mogelijkheid is ook een opmerking gemaakt in de aan u voorgestelde zienswijze. Als dit echt besparend kan werken, zullen de grootste financiële effecten ervan zich vermoedelijk wel pas op de wat langere termijn doen gelden.  Het is duidelijk dat we t.o.v. de betreffende Rijksmiddelen fors moeten bijbetalen voor Drechtwerk, en dat dit in de toekomst meer dreigt te worden. Wij zetten ons er sterk voor in dat dit verandert. Verder stellen we

u in de voorgestelde zienswijze voor hierover ook als gemeenteraad een helder signaal af te geven. Tijdens een BIO GR Sociaal op 3 april 2025 is er ook informatie opgevraagd over apparaatslasten. De dienst heeft in het kielzog van die bijeenkomst daarover nog schriftelijke informatie verstuurd, die naar u is doorgezet. Hieronder herhalen we deze informatie. 1. Overzicht kosten overhead en daadwerkelijke uitvoering In 2019 heeft de Sociale Dienst Drechtsteden voor het eerst deelgenomen aan de Benchmark Sociaal Domein van Berenschot. In 2024 heeft de GR Sociaal opnieuw meegedaan aan deze benchmark, om een actueel inzicht te krijgen in de formatie van de GR voor wat betreft de primaire processen die uitgevoerd worden voor de Wmo, Participatiewet en Schuldhulpverlening. De Benchmark Sociaal domein biedt inzicht in de formatie, kosten en werkprocessen in de drie domeinen waar de GR Sociaal gedelegeerd uitvoering aan geeft. Voor meer informatie over de benchmark: GRS Algemeen Bestuur 19 december 2024 09:30:00, GR Sociaal. Hieronder een korte samenvatting. Wmo Voor wat betreft de Wmo is de uitvoering in de Drechtsteden bij de GR Sociaal t.o.v. het benchmarkgemiddelde aanzienlijk goedkoper. Ook t.o.v. 2019 is de uitvoering iets goedkoper geworden. Participatiewet Voor participatiewet geldt dat er geen grote opvallende afwijkingen zijn ten opzichte van het referentiegemiddelde.

Wel is zichtbaar dat t.o.v. 2019 de verdeling van de formatie naar bestaanszekerheid vele malen meer in lijn is met andere gemeenten, dan dat in 2019 het geval was. Dit komt door de herstructurering en verdeling van taken naar de nieuwe opgaven. Schuldhulpverlening Schuldhulpverlening wijkt net als in 2019 behoorlijk af van het benchmarkgemiddelde. In de afgelopen jaren heeft Schuldhulpverlening ook landelijk steeds meer aandacht gekregen. Er zijn veel ontwikkelingen, meer samenwerkingspartners en convenanten die zijn afgesloten en de NVVK kent ook de nodige spelregels en kaders. Positief is dat de kosten t.o.v. de benchmark in 2019 gedaald zijn, terwijl taken juist zijn toegenomen. Dit onderdeel is daarom lastig met andere gemeenten te vergelijken. Iedereen voert de schuldhulpverlening anders uit en wat wel of niet gedaan wordt is enorm verschillend. Vraag 3. In hoeverre leiden de voorstellen met betrekking tot een deel scootmobiel pool tot extra lasten voor de Drecht-/wijkhopper? Hoe komen mensen bij het uitgifte punt? Is dit voorstel getoetst op praktische uitvoerbaarheid binnen Alblasserdam? Antwoord Er wordt gestuurd op het zodanig invulling geven aan deze maatregel dat dit niet zou moeten leiden tot extra lasten voor de hoppers.

Denk daarbij aan de locaties voor de uitgiftepunten: er wordt gestuurd op aanwezigheid in buurten waar veel ouderen wonen en op geografische spreiding in de gemeente. Ook verdient

opmerking dat de maatregel niet bedoeld is voor mensen met ernstige mobiliteitsbeperkingen. Dit voorstel is nog niet in detail uitgewerkt voor Alblasserdam en in die zin ook niet getoetst op praktische uitvoerbaarheid. Wel zien we kansen voor invoering van deze maatregel in onze gemeente. Bijvoorbeeld omdat het de huidige stallingsproblematiek kan verminderen en omdat er verspreid over het dorp locaties zijn die geschikte kenmerken hebben voor het neerzetten van een stalling. Vraag 4. Wanneer Alblasserdam niet meedoet met de besparingsmaatregel om het PMB in te zetten voor woninginrichting (nr 15) dan kan dit leiden dit tot extra lasten bij het inhuizen van o.a. statushouders bij de flexwoningen. Is hier rekening mee gehouden met de afweging wel of niet akkoord gaan? Antwoord Invoering van de maatregel leidt strikt genomen niet tot extra lasten (de maatregel geldt nu immers niet), maar inderdaad potentieel wel tot een besparing. Er kan bespaard worden omdat de maatregel als gevolg heeft dat statushouders die recht hebben op een PMB en alle andere inwoners met een PMB recht krijgen op minder bijzondere bijstand voor kosten voor woninginrichting. De overweging die u noemt is niet specifiek aan de orde geweest in de voorbereiding. Er is daarentegen geredeneerd vanuit huidige en eventuele toekomstige ontvangers van het PMB in den brede.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/836/documents/18921