CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Najaarsbrief 2024 GR Sociaal.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 11 februari 2025, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 8: Zienswijze Najaarsbrief 2024 GR Sociaal - Voorstel19.226 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Najaarsbrief 2024 GR Sociaal

INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE .....................................................................................................2 1 INLEIDING ...............................................................................................................3 2 TRENDS EN ONTWIKKELINGEN ...........................................................................3 3 NIEUWE EN GEWIJZIGDE RISICO'S .....................................................................9 4 OPGAVEN.............................................................................................................. 10 4.1 DIENSTVERLENING ................................................................................................................... 10 4.2 BESTAANSZEKERHEID VERSTERKEN ................................................................................... 12 4.3 ONTWIKKELEN NAAR WERK.................................................................................................... 18 4.4 ZORGEN VOOR ONDERSTEUNING ......................................................................................... 28 4.5 BEDRIJFSVOERING ................................................................................................................... 34

5 BIJLAGEN ............................................................................................................. 36 5.1 BIJDRAGEN PER GEMEENTE 2024 ......................................................................................... 36 5.2 RISICO'S ..................................................................................................................................... 38 5.3 DVO's .......................................................................................................................................... 41 5.4 BEGROTINGSSUBSIDIES ......................................................................................................... 43

2

1 INLEIDING Voor u ligt de Najaarsbrief 2024 van de GR Sociaal waarin we rapporteren over de voortgang, verantwoorden over de resultaten en een inzicht geven van de verwachte financiële uitkomsten over 2024. De begroting 2024 passen wij niet aan, omdat een zienswijze-procedure van 12 weken het niet mogelijk maakt dat het Algemeen Bestuur voor 31 december 2024 de begroting wijzigt. De daadwerkelijke financiële gevolgen worden in de jaarrekening verwerkt. De cijfers van de Najaarsbrief 2024 zijn de input voor de Uitgangspuntennotitie 2026 die in januari 2025 in het AB wordt behandeld. De Najaarsbrief bevat geen voorstellen voor nieuw en/of aangepast beleid. Indien beleidsaanpassingen wenselijk zijn naar aanleiding van onder andere de bevindingen in de Najaarsbrief, wordt deze verder meegenomen in de Voorjaarsbrief 2025 en de actualisatie van de beleidsagenda als onderdeel van de op te stellen Uitgangspuntennotitie voor de begroting 2026. Deze Najaarsbrief zoomt eerst in op algemene trends, ontwikkelingen en gemaakte beleidskeuzes, die van invloed zijn op de resultaten van de GR Sociaal.

2 TRENDS EN ONTWIKKELINGEN De Najaarsbrief 2024 laat op het eerste gezicht een financieel beeld zien van verder oplopende kosten. Dit zien we vooral terug binnen de opgave Bestaanszekerheid versterken bij het onderdeel Inkomensondersteuning. Als gevolg van een prijsverschil van de gemiddelde bijstandsuitkering en een ander verloop van het aantal klanten ten opzichte van waarmee in de Voorjaarsbrief 2024 rekening is gehouden, verwachten we dat de kosten zullen toenemen. Bij Minimabeleid zien we de financiële effecten terug van de tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek. Huishoudens die door een samenloop van regelingen onder het bestaansminimum terecht komen kunnen een vaste tegemoetkoming van hun gemeente ontvangen. In de Voorjaarsbrief 2024 is gerapporteerd over de autonome groei en de toegepaste indexering Minimabeleid in 2024. De gevraagde begrotingswijziging Minimabeleid werd toen niet gehonoreerd, maar nu laat de prognose toch zien dat een aanvullende bijdrage van gemeenten noodzakelijk is. Bij Ontwikkelen naar Werk zien we dat Drechtwerk rekening houdt met een bijstelling van de SWsalarissen door een stijging van het gemiddelde SW-loon. In de Meicirculaire 2024 zijn extra middelen ter ondersteuning voor de transitie van het sociaal ontwikkelbedrijf toegevoegd aan het budget voor de SW. Over de inzet wordt momenteel een voorstel voorbereid.

In afwachting hiervan worden gemeenten gevraagd om de middelen mee te nemen naar 2025 zodat deze bij de Voorjaarsbrief 2025 in de begroting van de GR Sociaal kan worden opgenomen. Binnen de opgave Zorgen voor Ondersteuning blijft de stijging van de lasten beperkt tot de bijstelling van de begroting Stroomlijn voor het Drechthoppervervoer en vervoer naar de dagbesteding. Toch moet komende jaren rekening worden gehouden verder oplopende kosten als gevolg van nieuwe Caoafspraken en hogere loon- en prijsindexaties. Dit geldt overigens niet alleen voor de Wmo, maar ook voor de bedrijfsvoeringscontracten in het algemeen. Tegenover de hogere lasten en de daarmee samenhangende hogere bijdrage van gemeenten, staan ook vergoedingen die gemeenten van het Rijk ontvangen, zoals een hoger BUIG budget, de decentralisatie-uitkering aanpak alleenverdienersproblematiek, een hogere rijkssubsidie SW en extra middelen voor sociaal ontwikkelbedrijven. Per saldo lijken de hogere lasten en de gemeentelijke baten elkaar uit te middelen. In het financieel beeld en bij de opgaven zelf worden de (financiële) ontwikkelingen nader toegelicht, evenals de voortgang op de genomen maatregelen (die hun beslag hebben op 2024) bij de Uitgangspuntennotitie 2025.

Update dempende maatregelen 2024 en 2025 Naast de Bestuurlijke Opdracht Toekomstbestendig Sociaal Domein, waarin we op zoek zijn naar structurele ombuigingen, zijn er in de begroting 2024 en 2025 zijn reeds een aantal maatregelen aangekondigd en de financiële consequenties hiervan verwerkt. Voorbeelden hiervan zijn de inzet van Powerful Ageing bij de Wmo, de inzet richting het lokale voorveld, maar ook de inzet op het werk-fit maken van klanten die langer dan twee jaar in de bijstand zijn, meer inzet op parttime werk, het laten

3

uitstromen van statushouders en een pilot LKS. Het gaat dan om de demping van de kosten zoals weergegeven in onderstaande tabel. Hierover wordt in deze Najaarsbrief gerapporteerd. 2024 2025 2026 2027 2028

€ 2,6 miljoen € 6,1 miljoen € 8,1 miljoen € 10,2 miljoen € 12,4 miljoen

In de begroting 2025 is besloten om de formatie niet mee te laten bewegen met de ontwikkelingen binnen de opgaven (anders dan CAO etc.). Hierop vooruitlopend is de verwachting dat ook al in 2024 er incidenteel geld wordt overgehouden op de bedrijfsvoering (bovenop de hierboven genoemde én doorgevoerde maatregelen). Dit komt omdat er afgelopen jaar extra kritisch is gekeken naar diverse uitgaven en deels ook doordat het niet altijd lukt om openstaande vacatures te vervullen. Het is echter nog niet mogelijk om dit positieve saldo als besparing aan te merken omdat er nog niet met zekerheid is te zeggen dat het een structurele besparing betreft. Dit wordt nader onderzocht. Update Bestuurlijke Opdracht Toekomstbestendigheid Sociaal Domein De doelstelling van de bestuurlijke opdracht is het in kaart brengen van mogelijkheden die de GR Sociaal ziet om binnen haar verantwoordelijkheden bij te dragen aan het beheersbaar houden van de kosten in het sociaal domein voor gemeenten. Hierbij rekening houdend met de noodzaak van het werken aan toekomstbestendige ondersteuning in het sociaal domein waar ondersteuning beschikbaar blijft voor inwoners die dat nodig hebben. Update over lijn 1: aanpassing van de uitvoering en bedrijfsvoering In deze eerste lijn ligt de focus op het streven naar een zo efficiënt mogelijke uitvoering.

De verwachting is hier 3 tot 5 miljoen euro mee te besparen, waarvan er al ruim 1 miljoen euro is opgenomen in de begroting 2025. Het doel van procesherontwerp is betere, snellere en transparante dienstverlening tegen zo laag mogelijke kosten (efficiënt en effectief). Voorbeeld Quick Win: Wmo-screening Huidige situatie • Het secretariaat van de Wmo werd geconfronteerd met veel tijdrovende, handmatige taken na een klantmelding. • Daarnaast geeft het meldingsformulier onvoldoende richting aan klanten en consulenten om de hulpvraag helder en concreet te formuleren. Dit leidde soms tot frustraties bij medewerkers en mogelijk negatieve impact bij de inwoner. Samen Verbeteren: • In slechts drie weken hebben we een vernieuwd ontwerp voor het meldingsformulier ontwikkeld, mede dankzij de waardevolle feedback van 30 Wmo-collega’s. • Daarnaast hebben we de arbeidsintensieve, handmatige stappen die het secretariaat moet doorlopen om Wmo-meldingen te verwerken, nauwkeurig in kaart gebracht. We zetten nu de volgende stap: robotisering van deze processen.

Update over lijn 2: aanpassingen in het beleidsprogramma In het AB van 28 maart 2024 is aangegeven dat veel van de maatregelen in lijn 2 onderdeel zijn geweest van de gelopen herijkingsprocessen en dat deze maatregelen bovendien de meest kwetsbare inwoners raken. Voor lijn 2 geldt dat er op basis van deze ombuigingsopdracht geen nieuwe effecten verwerkt worden in de P&C documenten en dat dit pas mogelijk is na eventuele lokale herziening van de gemaakte keuzes tijdens de herijkingsprocessen. We begeleiden gemeenten die de beleidskader opnieuw aan gemeenteraden willen voorleggen. Update over lijn 3: Onderzoeken van kansen voor nadere samenwerking De maatregelen in lijn 3 gaan over kansen door een op een andere manier samen te werken in het sociaal domein.

4

De uitwerkingsopdrachten in lijn 3 kunnen inzicht geven in meer duurzame oplossingen. Deze kunnen uiteraard wel effect hebben op het beleid en daarmee op lijn 2. Het helder krijgen van welke keuzes dat zijn en welke effecten dat oplevert is onderdeel van de uitwerkingsopdrachten in lijn 3. De eerste drie uitwerkingsopdrachten zijn gestart. Dit zijn echter langdurige trajecten waarvan nog niet bekend is wanneer de concrete ombuiging zal plaatsvinden. Overige besparingen Uiteraard zijn we ook op zoek naar andere besparingen. Hierover zullen wij rapporteren in de Jaarstukken 2024 (indien besparing in 2024), Voorjaarsbrief 2025 (indien besparing in 2025) of de Uitgangspuntennotitie en Begroting 2026 (indien besparingen in 2026). Een paar voorbeelden hiervan zijn het opzeggen van contracten en het beperken van de openingsuren. Beleidsmatig beeld Dienstverlening Inmiddels draait ons SamenWerkplein met andere partners op volle toeren. Binnen de regio brengen we op het SamenWerkplein diverse landelijke partijen samen op 1 plek, laagdrempelig en vrij toegankelijk. Voordeel is dat we makkelijk (zonder drempels of schotten) kunnen samenwerken in het belang van de vraag van de inwoner.

Momenteel zijn de volgende partijen op één of meerdere dagen aanwezig: • Belastingdienst • Sociale Verzekeringsbank • Kickstart Oekraïne / UWV / Vluchtelingenwerk • Leerwerkloket • Informatiepunt Digitale Overheid • Dordtpas • Ondernemersloket Met DUO zijn we in een afrondende fase en met de IND/COA zijn we in gesprek. Een volgende stap zou zijn om toe te werken naar 'SamenWerkplein, nu ook digitaal', waar we informatie achter de schermen met elkaar kunnen uitwisselen om op die manier proactief vanuit de overheid de diensten te verlenen en de voorzieningen te verstrekken waar inwoners recht op hebben. Dit is echter landelijk een 'veelkoppig' vraagstuk, waarbij verschillende wetten en regels elkaar in de weg kunnen zitten. We sluiten daarom intensief aan op de ontwikkeling van de wetgeving rondom proactieve dienstverlening en proberen via die route met diverse andere partijen meer ruimte te krijgen om te experimenteren met deze manier van werken. Uiteindelijk draait het er voor ons om dat inwoners proactief en bij voorkeur automatisch krijgen waar zij recht op hebben en het zo simpel en makkelijk mogelijk te maken. Bestaanszekerheid versterken Landelijk, regionaal en lokaal wordt er hard gewerkt aan het verminderen van het aantal mensen dat leeft in armoede en/of te maken heeft met problematische schulden.

De Landelijke Aanpak Geldzorgen, Armoede en Schulden heeft maatregelen getroffen om het aantal mensen dat leeft in armoede of met schulden te laten dalen. Zo is de afgelopen periode het wettelijk minimumloon verhoogd. De bijstand en de AOW zijn daaraan gekoppeld en gingen dus ook omhoog. Daarnaast verhoogde het kabinet het kindgebonden budget. En mensen krijgen sinds dit jaar meer huurtoeslag. In de meest recente voortgangsrapportage hierover worden de volgende vier belangrijke aandachtsgebieden benadrukt: (1) preventie, zodat de instroom van huishoudens die kampen met schulden en/of leven in armoede wordt verminderd, (2) het terugdringen van niet-gebruik van regelingen (3) het nemen maatregelen die de koopkracht verbeteren en (4) het voorkomen dat energiearmoede de koopkracht van individuele huishoudens verder onder druk zet. De komende periode wil het Kabinet mensen met beginnende schulden bereiken. Om te voorkomen dat zij echt in de problemen komen. Het kabinet wil dat doen op plekken waar mensen elkaar ontmoeten. Bijvoorbeeld bij huisartsen, op scholen en in kerken en moskeeën. Maar ook op de werkvloer, bij vrijwilligersorganisaties en bij het sociaal werk.

5

Daarnaast staan er twee wetswijzigingen op de planning die onze dienstverlening vanaf 2025 zullen beïnvloeden en aansluiten bij onze visie. De eerste is de herziening van de Participatiewet, genaamd ‘Participatiewet in Balans’. In 2025 zullen we de Spoor 1-wijzigingen van deze herziening implementeren, die onlangs door de Tweede Kamer zijn goedgekeurd. De tweede wetswijziging betreft het wetsvoorstel voor de handhaving van sociale zekerheid, dat een versoepeling van het handhavingsbeleid beoogt. Deze wetswijzigingen sluiten aan bij onze aanpak en ondersteunen onze koers om de bestaanszekerheid van de inwoners van de Drechtsteden te versterken. We haken dan ook nu al aan zodat we voorbereid zijn op deze aankomende veranderingen. In 2025 zijn we voornemens om een serviceteam externe bewindvoering in te richten waarin alle dienstverlening en samenwerking op het gebied van (extern) beschermingsbewind gecombineerd wordt. We willen hiermee bereiken dat inwoners de juiste, passende en kwalitatief goede ondersteuning ontvangen voor hun financiële problematiek én er beïnvloeding plaatsvindt op de kosten van bijzondere bijstand voor beschermingsbewind. Hiervoor ligt een apart besluit voor bij het Bestuur.

Ontwikkelen naar Werk Landelijk wordt gewerkt aan de herziening van de Participatiewet, hervorming van de arbeidsmarktinfrastructuur en een nieuwe opdracht en extra middelen voor sociaal ontwikkelbedrijven (SW-instellingen). De huidige uitvoering van de Participatiewet vertoont steeds meer kwalen. Zo zien we dat de doelgroep een groeiende groep met afstand tot de arbeidsmarkt heeft, dan in het verleden. Niet verwonderlijk omdat een aantal andere voorzieningen niet meer toegankelijk zijn voor inwoners met ziekte en gebrek. Bovendien zien we dat de flexmarkt een groter effect heeft op de instroom in de Participatiewet. Inwoners in een flexberoep die door ziekte uitvallen zijn sneller afhankelijk van het laatste vangnet. Voor gemeenten heeft dit tot gevolg dat de investering en ontwikkeling om inwoners richting werk te bewegen meer vraagt, zowel in tijd als in geld. Alle gemeenten worstelen met de zoektocht om te ontwikkelen naar werk. De veranderende Participatiewet komt ook meer aandacht voor het recht op participeren als iemand niet in staat is om te werken. De Drechtsteden hebben hierop al een antwoord in de vorm van participatieplekken. Belangrijk onderdeel van de hervorming van de arbeidsmarktinfrastructuur is de ontwikkeling van Regionale Werkcentra. Werkgevers, vakbonden, UWV en de GR Sociaal werken aan het Werkcentrum Drechtsteden.

Het werkcentrum is de opvolger van het Regionaal Mobiliteitscentrum Kickstart. In 2024 is gestart met de ontwikkelingen in de Drechtsteden. Via Regiodeal zijn inmiddels ook middelen toegekend voor outreachend werken met het regionale werkcentrum waardoor het mogelijk is om op verschillende manieren actief ondersteuning te kunnen bieden aan een brede groep inwoners met afstand tot de arbeidsmarkt. Hierbij is ook aandacht voor gebiedsgericht werken. Zo is gestart met een spreekuur in Alblasserdam. Maar ook aansluiting bij het Nationaal programma Leefbaarheid en Veiligheid Dordt West is hiervan een voorbeeld. In de voorjaarsnota van 2024 heeft het kabinet extra geld beschikbaar gesteld voor ontwikkelbedrijven en beschut werk. Regio's moeten in samenwerking met hun arbeidsmarktregio's komen tot transformatieplannen. Aan deze plannen wordt momenteel gewerkt. Zorgen voor Ondersteuning Het blijft een vraagstuk hoe de zorg houdbaar en betaalbaar blijft. Daarom bekijken we continu met elkaar welke maatregelen we kunnen nemen om de groei te dempen en/of e.e.a. meer houdbaar en betaalbaar te houden. Voorbeelden hiervan zijn o.a. te vinden bij Zorgen voor Ondersteuning voor wat betreft de invoering van herstelgerichte ondersteuning (Powerful Ageing) en de afschaling van lichtere vormen van begeleiding naar het voorveld. De meeste van deze nieuwe activiteiten draaien inmiddels volledig.

Ook het op een andere manier kijken naar en onderzoeken van de ondersteuningsvraag in samenhang met de andere opgaven zoals al ingezet bij de Simpel Switchen methodiek, is een rode draad in ons beleid. Daarnaast zijn we voor Zorgen voor Ondersteuning constant alert op de snel veranderende omstandigheden binnen zowel de overheid als de maatschappij, zoals het door ontwikkelen van Resultaatgericht beschikken naar meer maatwerk met Passend beschikken. We sluiten ook aan bij innovaties zoals het onderzoeken en promoten van digitale zorgoplossingen en innovatieve woonzorgprojecten. We volgen de ontwikkelingen rond het wetsvoorstel eigen bijdragen Wmo op de voet.

6

Financieel beeld Het verloop van de begroting 2024 is als volgt: Begroting 2024

Begroting Lasten Primaire begroting 2024 1e Begrotingswijziging 2024 Apparaatslasten en Wmo Zwijndrecht Voorjaarsbrief 2024

323.489

3e Begrotingswijziging 2024 DVO Beschermd Wonen

141

-900 19.910

4e Begrotingswijziging 2024 Minimabeleid

-463

Actuele begroting (na wijzigingen)

342.177

Mutaties Najaarsbrief 2024: Opgave Bestaanszekerheid versterken

5.238

Opgave Ontwikkelen naar werk

535

Opgave Zorgen voor ondersteuning

254

Totaal Najaarsbrief 2024

6.027

Prognose t/m Najaarsbrief 2024

348.204

In het onderstaande overzicht zijn de geprognosticeerde afwijkingen ten opzichte van de actuele begroting per Opgave en product weergegeven. Een positief bedrag betekent een verwachte hogere baten of de lasten en een negatief bedrag betekent verwachte lagere baten of de lasten. Opgaven

Najaarsbrief 2024

Actuele begroting 2024

Afwijking

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Bestaanszekerheid versterken

135.472

135.472

0

140.710

140.710

0

5.238

5.238

0

Inkomensondersteuning

124.382

124.382

0

128.474

128.474

0

4.092

4.092

0

Maatwerkvoorziening Inkomenssteun C.Z.G.

2.147

2.147

0

2.147

2.147

0

0

0

0

Minimabeleid

8.943

8.943

0

10.089

10.089

0

1.146

1.146

0

Ontwikkelen naar werk

56.925

57.781

856

57.460

58.316

856

535

535

0

Statushouders

0

270

270

0

270

270

0

0

0

Participatie

8.838

9.674

836

8.838

9.674

836

0

0

0

Drechtwerk

48.087

47.837

-250

48.622

48.372

-250

535

535

0

Zorgen voor ondersteuning

82.841

82.841

0

83.095

83.095

0

254

254

0

Hulpmiddelen

5.960

5.960

0

5.960

5.960

0

0

0

0

Vervoer

11.074

11.074

0

11.194

11.194

0

120

120

0

Huishoudelijke ondersteuning

30.678

30.678

0

31.852

31.852

0

1.174

1.174

0

Begeleiding en kortdurend verblijf

35.129

35.129

0

34.089

34.089

0

-1.040

-1.040

0

Bedrijfsvoering

66.938

65.832

-1.106

66.938

65.832

-1.106

0

0

0

Apparaatskosten

62.418

61.312

-1.106

62.418

61.312

-1.106

0

0

0

Apparaatskosten DVO's

4.305

4.305

0

4.305

4.305

0

0

0

0

Treasury

215

215

0

215

215

0

0

0

0

Programmareserves

0

250

250

0

250

250

0

0

0

Mutaties reserves

0

250

250

0

250

250

0

0

0

342.177

342.177

0

348.204

348.204

0

6.027

6.027

0

Totaal Bedragen x € 1.000

Totaal Opgaven Het totale verwachte financieel effect van alle opgaven voor gemeenten bedraagt daarmee € 6,276 mln. nadelig. Tegenover de hogere lasten en de daarmee samenhangende hogere bijdrage van

7

gemeenten staan ook vergoedingen die gemeenten van het Rijk ontvangen, zoals een hogere BUIG budget, de decentralisatie-uitkering aanpak alleenverdienersproblematiek en een hogere rijkssubsidie SW. Per saldo lijken de hogere lasten en baten elkaar uit te middelen.

Hogere lasten en baten t.o.v. actuele begroting

€ 6.027

Lagere baten derden t.o.v. actuele begroting Bijdrage gemeenten

€ 249 € 6.276

-

*Bedragen x € 1.000 Naast de bijdrage gemeenten loopt er ook een financieringsstroom voor de aparte DVO's, zoals de programmakosten voor Wet Inburgering, Beschermd Wonen, Leefgeld Oekraïners en Kinderopvangtoeslagenaffaire. Dit staat los van bovenstaand bedrag, meer informatie hierover is terug te vinden in hoofdstuk 5, paragraaf 5.3. De apparaatskosten die samenhangen met deze DVO's zijn (in tegenstelling tot de programmakosten) wel onderdeel van de begroting van de GR Sociaal en de hierin opgenomen bijdragen gemeenten. In onderstaande tabel zijn alle verwachte afwijkingen op de lasten, de baten van derden en (als resultaat) de bijdrage van gemeenten in detail opgenomen (negatieve bedragen zijn lagere lasten c.q. baten): Omschrijving

Opgave: Bestaanszekerheid versterken Ontwikkeling Lasten en Baten Inkomensondersteuning Hogere uitgaven minimabeleid Alleenverdienersproblematiek

Lasten Baten van Bijdrage derden gemeenten

4.092 670 476

-421 200 0

4.513 470 476

535

-234

769

Opgave: Zorgen voor ondersteuning Lagere uitgaven Begrotingswijziging Stroomlijn Herstelgerichte ondersteuning en aanpassing indexering

-1.040 120 1.174

0 25 181

-1.040 95 993

Totaal

6.027

-249

6.276

Opgave: Ontwikkelen naar werk Drechtwerk prognose Najaarsbrief 2024

Bedragen x € 1.000

8

Gemeentelijke bijdragen In de navolgende tabel is het verloop aangegeven in gemeentelijke bijdragen van de Voorjaarsbrief 2024 plus de 3e en 4e wijzigingen op de begroting en een technische wijziging van bijdragen voor gedetacheerd personeel = Actuele begroting. De actuele begroting is afgezet tegen de prognose van de gemeentelijke bijdragen bij deze Najaarsbrief. In de bijlagen is een specificatie per gemeente opgenomen. Overeenkomstig artikel 36 van de Gemeenschappelijke Regeling Sociaal worden de bijdragen bij wijze van voorschot in rekening gebracht op basis van de begroting, en niet op basis van de prognose in deze Najaarsbrief. A Opgaven

B

Voorjaarsbrief 2024

D

C = (A + B)

D-C

BegrotingsActuele begroting Najaarsbrief 2024 wijzigingen 2024

Afwijking

Bestaanszekerheid versterken

133.050

-463

132.587

138.046

5.459

Inkomensondersteuning

121.847

0

121.847

126.359

4.513

Maatwerkvoorziening Inkomenssteun C.Z.G.

2.147

0

2.147

2.147

0

Minimabeleid

9.056

-463

8.593

9.539

946

Ontwikkelen naar werk

43.352

0

43.352

44.121

769

270

0

270

270

0

8.391

0

8.391

8.391

0

Inburgering

0

0

0

0

0

Drechtwerk

34.691

0

34.691

35.460

769

Zorgen voor ondersteuning

79.941

0

79.941

79.989

48

Hulpmiddelen

5.960

0

5.960

5.960

0

Vervoer

10.674

0

10.674

10.769

95

Huishoudelijke ondersteuning

28.178

0

28.178

29.171

993

Begeleiding en kortdurend verblijf

35.129

0

35.129

34.089

-1.040

Bedrijfsvoering

63.467

-142

63.324

63.324

0

Apparaatskosten

59.302

-283

59.019

59.019

0

Apparaatskosten DVO's

4.165

141

4.305

4.305

0

Statushouders Participatie

Treasury Totaal bijdragen gemeenten

0

0

0

0

0

319.810

-605

319.205

325.481

6.276

Bedragen x € 1.000

3 NIEUWE EN GEWIJZIGDE RISICO'S In de begroting 2024 is een risicoparagraaf opgenomen, in de Voorjaarsbrief en Najaarsbrief wordt deze geactualiseerd. Gemeenten hebben de verplichting voor de opgenomen risico's middelen te reserveren, zodat -als een risico zich voordoet- deze middelen aangesproken kunnen worden ter dekking. De GR Sociaal heeft zelf geen weerstandscapaciteit. Alle risico's zijn geactualiseerd en opgenomen in de bijlage.

9

4 OPGAVEN Alle inwoners van de Drechtsteden kunnen zelfstandig en volwaardig leven, werken, wonen en meedoen. Waar dat niet lukt, helpen we die mogelijkheden vergroten. Hierin willen we werken aan een mensgericht, doelmatig en effectief sociaal beleid. Waarmee we doen wat nodig is voor inwoners én de publieke waarde. Dit vraagt om een verandering in al onze dienstverlening en taken die we uitvoeren, waarbij de inwoners altijd en continu centraal staat:

Vanuit die gedachte werken we als GR Sociaal intensief aan 5 opgaven: 1. Dienstverlening; 2. Bestaanszekerheid versterken; 3. Ontwikkelen naar werk; 4. Zorgen voor ondersteuning; 5. Bedrijfsvoering. Waarbij geldt dat 'Dienstverlening als opgave' feitelijk over de 3 inhoudelijke opgaven heen hangt en vanuit daar de integraliteit, samenwerking en verbeteringen continu vormgeeft en 'bedrijfsvoering als opgave' gezien moet worden als de opgave die de inhoud ondersteunt en optimaal faciliteert en de trekker is in de bestuurlijke processen.

4.1 DIENSTVERLENING Doelen Nummer

Doelstelling

1.1

Faciliteren van inwoners, ketenpartners en collega’s bij het gemakkelijk, laagdrempelig en efficiënt zaken doen met de Sociale Dienst

1.2

Stress sensitief en in een keer goed afhandelen van inhoudelijke vragen aan de opgave dienstverlening Onze dienstverlening is eenduidig door de gehele organisatie heen en wordt continu geïnnoveerd en aangepast.

1.3

Wat hebben we bereikt? Binnen dienstverlening werken we o.a. aan de volgende doelen: 1. Klanten worden stress sensitief en mensgericht benaderd, snel en in 1 keer goed 2. We verbeteren de dienstverlening continu We verbeteren de dienstverlening continu De continu klanttevredenheidsmetingen geven een stabiel positief beeld op dienstverlening. Het (gewogen) gemiddelde cijfer van alle gemeten onderdelen ligt in 2024 op een 7,8. Opvallend is de toegenomen tevredenheid over het aanvragen van bijstand. Dit onderdeel krijgt van klanten in 2024 een 8,2 wat sinds de meting nog nooit zo hoog is geweest. Enkele quotes van klanten: "Vond de medewerkster erg kundig en heb het als een duidelijk gesprek ervaren en ze luisterde naar mijn verhaal, erg fijn!"

10

"Bedankt voor alles, Ik heb goede Sociale Dienst" "Ben heel dankbaar met de steun en begrip " Het Wmo aanvraag proces scoort hoog op vriendelijkheid, deskundigheid en behulpzaamheid , maar klanten zijn kritisch op de langere wachttijden. Enkele quotes van klanten: "Verwerking van de aanvraag duurde erg lang. Erg jammer". "Alles prima, alleen jammer dat tijd tussen aanvraag en toekenning zoveel tijd vergt" Op het moment van dit schrijven wordt het Wmo aanmeldproces onder de loep genomen: De toenemende vraag naar deze dienstverlening stelt hoge(re) eisen aan de efficiency. Daarnaast is er tijdelijk extra inzet op het wegwerken van achterstanden bij de Wmo meldingen. In het eerste contact met de sociale dienst, zowel op het samenwerkplein als aan de telefoon, zijn klanten erg tevreden over de duidelijkheid, vriendelijkheid en de moeite die wordt gedaan om te helpen. Over de wachttijden aan de telefoon is men minder tevreden. Op dit moment loopt een project om met behulp van kunstmatige intelligentie (ai) hier op te verbeteren. Het handmatig loggen van contacten kost veel tijd en kan door ai worden overgenomen. De planning is om dit nog in 2024 operationeel te krijgen. Klanten worden stress sensitief en mensgericht benaderd, snel en in 1 keer goed Klachten, bezwaren en privacy signalen geven ook informatie over aandachts- en verbeterpunten in de dienstverlening.

Afgezet tegen het enorme aantal klantcontacten en besluiten blijft het aantal klachten en bezwaarschriften laag. Wanneer klanten gebruik maken van deze rechtsmiddelen is er vaak ook iets niet goed gegaan, blijkt uit het percentage (deels) gegronde klachten en bezwaarschriften, respectievelijk 52% (vorig jaar 63%) en 53% (vorig jaar 66%). Hoewel dit percentage is afgenomen ten opzichte van vorig jaar is nog steeds in ruim de helft van deze zaken de klacht of het bezwaar terecht ingediend. In de periode tot september 2024 halen we uit deze signalen verder de volgende informatie : In deze periode ontvingen we 83 klachten. Als we dit aantal klachten extrapoleren zouden we uitkomen op 124 klachten. Dat is ongeveer gelijk aan 2023 (toen 128). • De top 3 klachten gaat over werkwijze, communicatie en termijn afhandeling. De laatste soort klachten speelde vooral in de 1e vier maanden van het jaar. Sinds mei zien we een opvallende afname in klachten over afhandeltermijnen, doordat hier extra aandacht voor is. • Klachten worden zo snel mogelijk afgehandeld: de gemiddelde afhandeltijd van klachten is 17 dagen. Dat is ruim beneden de wettelijke termijn van 6 weken. 71% van de klachten wordt binnen 3 weken afgehandeld. • Er zijn in het totaal 254 bezwaarschriften afgehandeld. De gemiddelde afhandeltermijn van alle bezwaarschriften is binnen de servicetermijn van 12 weken.

De wettelijke afhandeltermijn is niet overschreden. Deze termijnen zijn een verbetering ten opzichte van vorig jaar. Toen hadden we veel meer complexe bezwaarzaken (besluiten levensonderhoud en Tozo (Tijdelijke Overbrugging Zelfstandig Ondernemers, wat een negatief effect had op de afhandeltijd. Dit jaar speelde dit veel minder door daling van o.a. de instroom bezwaarschriften levensonderhoud. • Deze periode valt ook op dat de instroom van bezwaren een stuk lager is dan vorige jaar (263 bezwaarschriften nu tegenover 336 in dezelfde periode vorig jaar) . Met name ontvingen we minder bezwaarschriften op besluiten levensonderhoud. We kregen iets meer bezwaarschriften op besluiten Wmo. Privacy meldingen Voor onze dienstverlening is het belangrijk om te kunnen duiden wat de oorzaak is van een specifiek datalek, zodat de nodige verbeteringen kunnen worden doorgevoerd indien zich een specifiek geval voordoet. In de periode tot augustus 2024 zijn 31 datalekken gemeld. Een groot deel van de datalekken in 2024 heeft betrekking op brieven die per post bij een verkeerde ontvanger terecht zijn gekomen. Dit soort fouten worden gelukkig wel direct gemeld en er wordt direct op geacteerd. De bewustwording over het belang hiervan groeit, waardoor medewerkers sneller signaleren dat er sprake is van een datalek en hiervan melding doen.

Voor wat betreft de datalekken waarbij een gedeelde verantwoordelijkheid bestaat met de regio, weten we elkaar goed te vinden en wordt hier de juiste prioritering aan gegeven.

11

In de periode tot augustus 2024 ontvingen we verder 5 inzageverzoeken. Deze zijn altijd binnen de wettelijke termijn afgehandeld. Wat zijn de kosten? De lasten van deze opgave bestaan uit kosten van personeel en bedrijfsvoeringsmiddelen. Deze zijn onder de Opgave Bedrijfsvoering opgenomen.

4.2 BESTAANSZEKERHEID VERSTERKEN Doelen Nummer

Doelstelling

2.1

Wij zetten ons samen met lokale partners in om financiële problematiek bij de inwoners van de Drechtsteden te voorkomen

2.2

Wij bieden hulp bij bestaanszekerheid vraagstukken

2.3

We werken aan duurzame financiële stabiliteit en perspectief voor inwoners die dat nodig hebben.

Wat hebben we bereikt?

Voor de opgave Bestaanszekerheid Versterken zijn we goed op koers en blijven we de dienstverlening doorontwikkelen. Zoals al benoemd in de najaarsbrief en de jaarrekening van 2023 zetten we in 2024 in op de hierboven genoemde de doelstellingen. 1. Wij zetten ons samen met partners in om financiële problematiek bij de inwoners van de Drechtsteden te voorkomen Bestaanszekerheid versterken is nu een integraal onderdeel van onze brede dienstverlening. Eind 2023 zijn we gestart met vernieuwde bestaanszekerheidsgesprekken (de zogeheten bestaanszekerheidscheck). In deze gesprekken bespreken we brede vraagstukken rondom bestaanszekerheid met aandacht voor wonen, gezondheid, financiën, de leefomgeving e.d. Waar nodig worden verbindingen gelegd met de juiste personen en organisaties binnen de keten. Tijdens de gesprekken wordt ook bekeken of iemand gebruik maakt van alle beschikbare regelingen. Deze gesprekken zijn inmiddels volledig geïntegreerd in onze dienstverlening. Tot nu toe heeft 45% van de inwoners met een uitkering in 2024 een gesprek gehad. De verwachting is dat we in 2024 de doelstelling van 60% behalen.

Het succes van de gesprekken zien we terug in de toename van het gebruik van regelingen door inwoners met een Participatiewet-uitkering, die nu vaker ontvangen waar ze recht op hebben (landelijk sluit dit goed aan bij de discussie en ontwikkelingen rondom proactieve dienstverlening). Een voorbeeld van deze toename is de stijging van 15% van het aantal toekenningen van het Persoonlijk Minima Budget (PMB) voor mensen met een Participatiewet uitkering, vergeleken met een stijging van slechts 8% in 2023. Minimaregeling Aantal toekenningen PMB voor inwoners met een P-wet uitkering Aantal toekenningen Bijzondere Bijstand inwoners met P-wet uitkering *Ten opzichte van het jaar daarvoor

2023 8% stijging* 16% stijging*

2024 15% stijging* 27% stijging*

Met onze proactieve benadering hopen we bij te dragen aan rust en overzicht voor de inwoner. Het heeft geleid tot een verhoogd gebruik van de regelingen. Financieel zien we het volgende: 1) De totale kosten voor het PMB ten opzichte van 2023 zijn met 16% (€ 0,3 miljoen) gestegen door de toename van het aantal toekenningen en de indexering, aangezien het PMB een percentage van de uitkering betreft, en de uitkeringen zijn verhoogd. 2) De kosten voor Bijzondere Bijstand (inwoners met en zonder uitkering vanuit de GR Sociaal) zijn gestegen met 47% (€ 0,4 miljoen). Redenen voor deze toename zijn:

12

•

•

•

Het aantal toekenningen voor bijzondere bijstand inrichting huisraad is bijna verdubbeld, van 397 naar 745. De uitgaven zijn gestegen met 56%, van € 680.000 in de eerste 8 maanden van 2023 naar € 1.056.000 in dezelfde periode van 2024. De voornaamste reden hiervoor is de huisvesting van nieuwkomers, die vaak een volledige inrichting nodig hebben. De uitgaven voor aanvullende bijstand onder de 21 jaar zijn met 45% toegenomen. De berekening van deze aanvullende bijstand baseren we op de bedragen vanuit de Wet Studiefinanciering voor beroepsonderwijs (mbo). Landelijk is dat bedrag tijdelijk verhoogd vanwege de hogere energielasten (besluit tweede kamer). Het gevolg is ook een tijdelijke stijging van de uitgaven omdat het bedrag de landelijke lijn volgt. De verhoging gold tot 1 augustus 2024. Met bijzondere bijstand medische kosten hebben we tot en met augustus 185 inwoners kunnen helpen, een stijging ten opzichte van 149 in 2023. Vooral de tandartskosten zijn gestegen, van € 21.000 in 2023 naar € 40.000 in 2024. Dit is een direct resultaat van de eerdere herijking.

De verwachting is dat de stijging van het gebruik van de regeling volgend jaar langzaamaan stabiliseert omdat de inwoners uit deze groep door onze inzet nu gebruik maken van de regelingen waar ze recht op hebben. Vanaf 2025 gaan we ons samen met partners meer richten op het niet gebruik van regelingen door de inwoners zonder Participatiewet uitkering. De verwachting is dat het gebruik van regelingen voor deze groep stijgt in 2025. Binnen de opgave bestaanszekerheid versterken wordt er steeds meer proactief samengewerkt met partners. Quote samenwerkingspartner (woningbouwcorporatie) “Bij Trivire willen we echt van betekenis zijn. Dit is meer dan alleen een dak boven je hoofd. We kijken naar wat mensen aangeven wat zij nog meer nodig hebben in hun leven. Bijvoorbeeld hulp om uit de schulden te komen. Door samen te werken vullen we elkaar aan en maken we echt verschil. Soms kunnen wij iets bieden wat de sociale dienst niet kan en andersom.” Zo zorgen we voor fysieke aanwezigheid en zichtbaarheid op verschillende locaties in de gemeenten. En voeren ons werk uit op de plekken die het beste aansluiten bij de behoeften van de inwoners, bijvoorbeeld in de wijken. De samenwerking met partners wordt daarnaast steeds intensiever benut door hun structurele aanwezigheid op het SamenWerkplein.

De Belastingdienst en Toeslagen, DUO, de SVB, het Informatiepunt Digitale Overheid en het Ondernemersloket zijn daar nu permanent vertegenwoordigd. Deze gezamenlijke aanwezigheid versterkt de samenwerking, doordat de partners elkaar aanvullen en inwoners direct met elkaar en met SDD verbinden. 2. Wij bieden hulp bij bestaanszekerheidsvraagstukken In de eerste acht maanden van 2024 zijn er 684 inwoners de uitkering ingestroomd. Dat is een daling van 15% ten opzichte van de 801 instromers over dezelfde periode in 2023. Bij de ingang tot onze dienstverlening hebben consulenten 115 keer een gesprek gevoerd met een inwoner dat niet heeft geleid tot een aanvraag uitkering. Een reden hiervoor is dat de inwoner geen recht heeft of dat er andere voorzieningen voorliggend zijn. De consulenten begeleiden of verwijzen de inwoner in die gevallen naar de juiste instantie of voorziening. Het verkrijgen van een verblijfsvergunning is met 25% veruit de belangrijkste reden voor het aanvragen van een uitkering. Daarop volgt het einde van (tijdelijk) werk of ziektewet met 15% en het einde WW met 10% van de aanmeldingen. De omvang van het aantal inwoners met een bijstandsuitkering blijft achter ten opzichte van de geprognosticeerde aantallen. In de begroting van 2024 was 6.180 bijstandsgerechtigden de doelstelling op 31 december 2024.

Op basis van de laatste CPB-prognoses en onze eigen ambitie is de doelstelling eind 2024 maximaal 6.160 bijstandsgerechtigden te hebben. Op dit moment zijn er 6.325 bijstandsgerechtigden. Een toelichting op de maatregelen om het bijstandsbestand te laten dalen staat beschreven in paragraaf 4.3 Opgave Ontwikkelen naar Werk. Een belangrijk beoogd effect van onze proactieve dienstverlening is het herstel van vertrouwen in de overheid. We bieden hulp bij bestaanszekerheid vraagstukken door maatwerk en snelle en efficiënte ondersteuning. Onze inwoners voelen zich geholpen wanneer ze de deur uit gaan. Dit zien we terug in de klanttevredenheidscijfers. Het klanttevredenheidscijfer voor het aanvragen van een bijstandsuitkering is, met een 8,1, nooit eerder zo hoog geweest.

13

Bij de aanvraag van bijstand geven inwoners terug het meest tevreden te over het goed luisteren. Enkele klanten gaven aan minder tevreden te zijn over het aanleveren van informatie. Quote inwoners: “Ik vond de medewerkster erg kundig en heb het als een rustig en duidelijk gesprek ervaren. Ze luisterde naar mijn verhaal, erg fijn!” “Ik ben tevreden, maar wel op het randje. Ik heb veel informatie dubbel moeten geven omdat medewerkers hier niet goed naar keken.” In 2025 gaan we het proces van aanvraag bijstandsuitkering verder optimaliseren om dit aandachtspunt te verbeteren. Daarnaast is er een nieuw initiatief, de Garantieknop. Hiermee maken we het makkelijker voor inwoners om opnieuw een uitkering aan te vragen als zij binnen zes maanden na uitstroom naar werk weer bij ons aankloppen. Dit initiatief is bedoeld om de drempel en onzekerheid rondom het uitstroomproces te verminderen en de administratieve last te verlagen. Als het hen niet lukt om het werk te behouden, biedt de Garantieknop de zekerheid dat terugkeer eenvoudig geregeld kan worden. Sinds de start in half augustus hebben twee inwoners van deze regeling gebruikgemaakt. Beide personen zijn gevraagd naar hun ervaring en gaven aan blij te zijn met deze optie. Naar verwachting zullen jaarlijks ongeveer 20 inwoners in aanmerking komen voor de Garantieknop.

Quote inwoner over garantieknop: “Ik zag er tegenop om weer een nieuwe aanvraag, met alle bijbehorende vragen en documenten, in te dienen. Het is bijna te mooi om waar te zijn, maar het is echt zo.” Toeslagenaffaire Door verbeteringen in de kwaliteit en registratie van het herstelteam helpen we gedupeerden van de toeslagenaffaire stappen vooruit te zetten. Door deze verbeteringen wordt duidelijker wat inwoners nodig hebben om die stappen te zetten. De resultaten hiervan zijn dat we: • Kosten konden declareren bij het Rijk (bijvoorbeeld voor het opstellen van een plan van aanpak per ouder), wat gemeenten eenmalig extra financiële middelen opleverde. • Meer hulp verstrekken aan inwoners dan oorspronkelijk verwacht. Hierbij wordt nauwlettend beoordeeld of de te vergoeden kosten bijdragen aan herstel en een positieve toekomst. Hierdoor sluiten onze verstrekkingen beter aan bij de landelijke cijfers dan voorheen. Gemeenten kunnen deze kosten jaarlijks via de SPUK-regeling bij het Rijk declareren. U wordt hier verder over geïnformeerd in de aparte verantwoording voor de toeslagenaffaire. 3. We werken aan duurzame financiële stabiliteit en perspectief voor inwoners die dat nodig hebben. Om duurzame financiële stabiliteit en perspectief te bieden begeleiden we inwoners gedurende het gehele schuldhulpverleningstraject bij het ontwikkelen van hun vaardigheden.

Door het verkorten van de looptijd van een wettelijke schuldregeling naar 18 maanden hebben we de begeleiding geïntensiveerd, om in kortere tijd de gewenste impact te realiseren en om zorgvuldig over te kunnen dragen aan partners. Deze vernieuwde aanpak stelt ons ook in staat problemen eerder te signaleren en zorgt voor duurzame financiële stabiliteit. Wat nodig is, omdat we merken dat de complexiteit van

14

de casussen toeneemt. In de eerste 8 maanden van 2024 bereikten we hiermee onderstaande slagingspercentages. Indicator Slagingspercentage schuldregelen Slagingspercentage stabilisatie

2023 96% 94%

2024 96% 96%

Door de verkorting van het wettelijke schuldentraject werd landelijk een toename van nieuwe aanmeldingen verwacht. In de Drechtsteden zien we een stijging van 23% in het aantal nieuwe aanmeldingen (zie onderstaande tabel). Opvallend hierbij is het toenemende aantal aanmeldingen van studenten, werkenden, ex-ondernemers en huiseigenaren. In Dordt West zijn we aan het innoveren door consulenten voor bestaanszekerheid, schuldhulpverlening en budgetbeheer samen te laten werken vanuit één fysieke locatie bij de Sociale Dienst Drechtsteden / binnen de wijk. Dit combineren we met proactieve dienstverlening door data en samenwerking met partners te benutten. De eerste resultaten, waaronder een stijging van 59% in nieuwe aanmeldingen voor schuldhulpverlening, enkel en alleen in deze wijk, biedt veelbelovend potentieel voor verdere ontwikkeling. Indicator

2023

2024

Aantal nieuwe aanmeldingen schuldhulpverlening

834

1027

Aantal gestarte schuldhulptrajecten

950

1104

Het aantal inwoners dat onder bewind staat is stabiel ten opzichte van vorig jaar. Er is een stijging van het aantal nieuwe aanmeldingen, 54 in 2024 ten opzichte van 40 in 2023. De wettelijke termijn voor een schuldregeling is verkort naar 18 maanden. Hierdoor is bewindvoering korter nodig, omdat de wettelijke grondslag na die periode vervalt. Vanaf 2025 gaan we hier mogelijk effecten van zien. Wegens de indexering wettelijke beloning is er een kostenstijging van 6% voor bewindvoering. Wat zijn de kosten? Opgave

Actuele begroting 2024

Bestaanszekerheid versterken

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Inkomensondersteuning

124.382

124.382

0

128.474

128.474

0

4.092

4.092

0

Maatwerkvoorziening Inkomenssteun C.Z.G.

2.147

2.147

0

2.147

2.147

0

0

0

0

Minimabeleid

8.943

8.943

0

10.089

10.089

0

1.146

1.146

0

135.472

135.472

0

140.710

140.710

0

5.238

5.238

0

Totaal

Najaarsbrief 2024

Afwijking

Bedragen x € 1.000

Toelichting bij de afwijkingen In onderstaande tabel zijn de verwachte afwijkingen op de lasten, de baten van derden en (als resultaat) de bijdrage van gemeenten opgenomen (negatieve bedragen zijn lagere lasten c.q. baten). Inkomensondersteuning Bij de Voorjaarsbrief 2024 is uitgegaan van de prognose en een eigen ambitie die een verwachte eindstand gaf van 6.180. Bij het bepalen van de bijstandslasten van deze voorliggende Najaarsbrief is uitgegaan van de laatste prognose van het CPB (maart 2024). Deze prognose geeft, samen met onze eigen ambitie, een geprognosticeerde eindstand van 6.160 inwoners met een uitkering in het kader van de Participatiewet. Om deze geprognosticeerde eindstand te halen zijn en worden er maatregelen genomen (zie opgave Ontwikkelen naar Werk) om dit te bewerkstelligen. De hogere lasten worden voornamelijk veroorzaakt door een stijging van de gemiddelde prijs van de uitkering. Bij de definitieve BUIG-budgetten is de loon- en prijsontwikkeling meegenomen. Gemeenten worden hiervoor door het Rijk gecompenseerd. Daarnaast zijn de lasten licht gestegen als gevolg van hogere klantaantallen gedurende de eerste maanden van het jaar. Dit wordt veroorzaakt door de instroom van statushouders en klanten waarvan de WW-uitkering is beëindigd.

15

Op basis van de geprognosticeerde lasten en baten 2024 is het niet mogelijk om een verzoek te doen voor een Vangnetuitkering. De gemeenten laten op basis van de geprognosticeerde lasten en baten een tekort zien tussen de 2% en 5%. Één van de criteria waar aan voldaan moet worden is een tekort van 7,5% (de zogenaamde eigen risico grens). Mocht de beoogde eindstand van 6.160 niet gehaald worden, dan bestaat er een kans dat er één of meerdere aanvragen gedaan kunnen worden. Toeslagenaffaire Door verbeteringen in de kwaliteit en registratie zijn de incidentele uitkeringen aan gedupeerden gestegen. Deze incidentele uitkeringen zijn niet begroot, de prognose is dat de uitgaven € 0,35 miljoen zullen bedragen. De Toeslagenaffaire betreft een gemandateerde taak in plaats van een gedelegeerde taak. Hierdoor lopen de lasten en baten via de DVO in plaats van de begroting GR Sociaal. De financiële jaarverantwoording 2024 is daarom niet opgenomen in de najaarsbrief. De hogere uitgaven van de incidentele uitkering zal bij de jaarrekening met de gemeente worden afgerekend middels de DVO. Deze kosten kunnen de gemeenten volledig declareren bij het Rijk. Omschrijving

Lasten

Baten van derden

Bijdragen gemeenten

Inkomensondersteuning

4.092

-421

4.513

Ontwikkeling Lasten en Baten Inkomensondersteuning

4.092

-421

4.513

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

De stijging van de lasten wordt voor het overgrote deel veroorzaakt door een prijsverschil (€ 3,4 mln) en een hoeveelheidsverschil ( € 1,1 mln). Daarnaast dalen de lasten IOAW/Z, Bbz en LKS. Gemeenten ontvangen vanuit de BUIG-gelden echter extra middelen (o.a. door compensatie van de loon- en prijsontwikkeling uitkeringen) waardoor de stijging van de lasten wordt gecompenseerd door hogere BUIG-budgetten. De extra bijdrage aan de GR Sociaal wordt hier volledig uit gedekt. Hierdoor ontstaat er geen nadelig effect voor de gemeenten en wordt het tekort gedempt. Klant- en prijsontwikkeling bijstandsgerechtigden. Per saldo laat de ontwikkeling van de lasten van bijstandsgerechtigden een stijging zien. Ondanks dat de klantaantallen een daling laten zien, stijgen de lasten door een hogere gemiddelde prijs. De aantallen dalen mede door een ambitie om meer uitstroom te bewerkstelligen. De hogere prijs is het gevolg van indexering en het hanteren van de gemiddelde prijs uit de beschikkingen van het Rijk. IOAW, IOAZ en Bbz De lasten IOAW, IOAZ en bbz laten een kleine daling zien op bais van de prognoses CPB en de begrotingsstaat SZW 2025. Loonkostensubsidie De stijging van de lasten Loonkostensubsidie is gebaseerd op de begrotingsstaat SZW 2025.

Individuele Studietoeslag komt over van de opgave Ontwikkelen naar Werk Lasten en Baten Individuele Studietoeslag komt over van de opgave Ontwikkelen naar Werk. De bedoeling van de wet is om mensen met een arbeidshandicap te ondersteunen bij het behalen van een diploma om zo de kansen op de arbeidsmarkt te vergroten. Het uitgangspunt is dat zij de studie niet met een bijbaan kunnen combineren. Het risico op uitval is daarom groot en het gaat hier om een doelgroep die anders terug zou vallen op een uitkering. De studietoeslag is daarmee ook een instrument om de instroom in de uitkering te voorkomen en door ze in staat te stellen de studie te volgen. Het betreft een budgetneutrale begrotingswijziging.

16

Maatwerkvoorziening Inkomenssteun C.Z.G.

0

0

0

Groei klanten CZM CZG

0

0

0

1.146

200

946

0

0

0

0

0

0

476

0

476

De verwachte groei van het aantal deelnemers collectieve zorgverzekering CZG bedraagt 1%. Minimabeleid Autonome groei, indexatie en begroten baten teugvordering De autonome groei voor 2026 bevat ook de autonome groei van 2025, aangezien deze in 2025 niet was doorgevoerd (Het Algemeen bestuur van de GR Sociaal heeft op 11 juli 2024 de Begroting 2025-2028 hierop aangepast). Dit betekent dat de gecumuleerde groei van beide jaren in 2026 wordt meegenomen, wat zorgt voor een hogere autonome groei dan gebruikelijk. Deze vertraging in het doorvoeren van de autonome groei zorgt voor een stapeling van de effecten in het nieuwe jaar. Daarnaast worden in 2025 de tarieven voor het Minimabeleid (PMB) en de Bijzondere Bijstand geindexeerd (0,3 miljoen) Terugvorderingen van verstrekkingen binnen het minimabeleid zijn niet opgenomen in de begroting, maar er wordt hiervoor € 0,2 miljoen voorzien, wat resulteert in een verlaging van de gemeentelijke bijdrage. Serviceteam bewindvoering De mutatie is onderdeel van de bestuurlijke opdracht "Een toekomstbestendig sociaal domein", uitwerkingsopdrachten spoor 2 onderdeel 1 "Aanpassing van de uitvoering en bedrijfsvoering". Het serviceteam voor externe bewindvoering bundelt alle diensten en samenwerking rond beschermingsbewind.

Dit zorgt voor passende, kwalitatieve ondersteuning van inwoners met financiële problemen en draagt bij aan het beheersen van de kosten van bijzondere bijstand voor beschermingsbewind. Alleenverdienersproblematiek De alleenverdienersproblematiek raakt gezinnen die huur- en zorgtoeslag mislopen doordat ze van een UWV-uitkering rond moeten komen, aangevuld met een kleine bijstandsuitkering. Landelijk is besloten dat deze groep voor het mislopen van deze toeslagen dient te worden gecompenseerd via de bijzondere bijstand (gedelegeerd beleidsterrein). Gemeenten hebben in de septembercirculaire geld ontvangen voor de aanpak van deze problematiek. Omdat het hier een gedelegeerde taak betreft en de uitvoering hiervan bij de GR belegd is, zullen deze middelen vanaf 2025 structureel worden opgehaald. E.e.a. komt tot uitdrukking in de uitgangspuntennotitie voor 2026 en de voorjaarsbrief 2025. Voor 2024 zal dit bedrag in de jaarrekening worden meegenomen, voor zover dit noodzakelijk blijkt gelet op de overige uitgaven bijzondere bijstand

17

Hogere uitgaven minimabeleid

670

200

470

0

0

0

5.238

-221

5.459

De bijdragen van de gemeenten zullen ten opzichte van de begroting 2024 met € 0,5 miljoen toenemen. Verwacht wordt dat de uitgaven voor het minimabeleid met minimaal € 0,7 miljoen stijgen. Terugvorderingen van verstrekkingen binnen het minimabeleid zijn niet opgenomen in de begroting, maar hiervoor wordt een bedrag van € 0,2 miljoen voorzien. Dit resulteert in een netto stijging van de gemeentelijke bijdrage met € 0,5 miljoen. In de voorjaarsbrief van 2024 is een verzoek ingediend om de begroting, naar aanleiding van de prognose, met € 0,5 miljoen te verhogen (begrotingswijzigingen 'Autonome groei en indexering 2024' en 'Autonome groei UPN 2025'). Dit verzoek is echter niet gehonoreerd, terwijl uit de huidige prognose blijkt dat deze middelen toch noodzakelijk zijn. De invoering van proactieve dienstverlening heeft geleid tot een toename in het gebruik van regelingen, wat resulteerde in hogere uitgaven voor Bijzondere Bijstand en PMB. Daarnaast zijn de uitgaven gestegen door indexering, de huisvesting van nieuwkomers en de aangepaste regeling voor de verstrekking van witgoed (Tijdelijk addendum op de Beleidsregels minimabeleid Drechtsteden in verband met de koopkrachtontwikkelingen). Sinds maart 2023 wordt witgoed kosteloos verstrekt in plaats van via leenbijstand.

De stijging van de uitgaven verschilt per gemeente, met de grootste toename in Dordrecht, Papendrecht, Sliedrecht, Zwijndrecht en HardinxveldGiessendam. Voor deze gemeenten zal de prognose worden aangepast.

Alleenverdienersproblematiek De problematiek van alleenverdieners treft gezinnen die geen huur- of zorgtoeslag ontvangen, omdat zij afhankelijk zijn van een UWV-uitkering, aangevuld met een kleine bijstandsuitkering. Op landelijk niveau is besloten dat deze groep gecompenseerd moet worden voor het mislopen van toeslagen via de bijzondere bijstand, een gedelegeerd beleidsterrein. De middelen zijn gebaseerd op de bedragen uit de septembercirculaire 2024 en zullen worden geactualiseerd op basis van de meicirculaire 2025. Totaal Bedragen x € 1.000

4.3 ONTWIKKELEN NAAR WERK Doelen Nummer

Doelstelling

3.1

Wij helpen klanten zich te ontwikkelen naar werk door te doen

3.2

Wij bieden klanten een (on)betaalde plaats die bij hen past

3.3

Wij houden klanten die betaald aan het werk zijn, aan het werk

Wat hebben we bereikt? In 2023 is binnen de opgave Ontwikkelen naar werk een koerswijziging ingezet om het bestaande instrumentarium en de dienstverlening aan te passen aan de veranderende samenstelling van het bijstandsbestand. Op dit moment hebben we een lager volume in het bijstandsbestand ten opzichte van de CPB-prognose. Onze ambitie is echter groter en tevens voelen wij de noodzaak gegeven de financiële positie van onze deelnemende gemeenten om onze ambities ook waar te maken. De financiële houdbaarheid van het sociaal domein staat immers onder druk en de noodzaak om richting de toekomst te innoveren en resultaten te behalen met minder middelen is groot. Daarom zijn in de uitgangspuntennotitie 2025-2028 maatregelen opgenomen die deels hun intrede al hebben gedaan in 2024. Hieronder staan deze maatregelen en hun resultaten toegelicht.

18

•

Versnelde uitstroom (plaatsing) beschut werk: per 2024 gaan we de huidige inwoners met een indicatie beschut werk versneld laten uitstromen. Voor de uitstroom gaan we daarbij voor 2024 uit van een plaatsing van 15% naar gedetacheerd werk en reguliere werkgevers. Resultaat: In 2024 is gestart met de pilot ‘ontwikkelcoaches’ om de inzet op beschut werk meer ontwikkelingsgericht te maken. In de pilot heeft een gespecialiseerd team de regie over een traject met elke beschut werker met ontwikkelpotentieel. Daarnaast hebben we dit jaar de begeleidingsvergoeding voor beschut werk verhoogd om het voor werkgevers aantrekkelijke te maken beschutte werkplekken aan te bieden. De doelstelling voor een versnelde uitstroom is in 2024 gedeeltelijk gerealiseerd (5%) doordat een deel van de inwoners kampen met problematiek op diverse leefgebieden, die eerst moeten worden gestabiliseerd of aangepakt voordat een plaatsing kan worden gerealiseerd. Daarnaast is het effect van de begeleidingsvergoeding 2 maanden na het van kracht worden nog niet te meten.

•

Werk-fit maken van klanten die langer dan twee jaar in de bijstand zijn: in 2024 maken 100 inwoners gebruik van het nieuwe ontwikkelprogramma dat gezamenlijk is opgezet. Het te bereiken uitstroompercentage is 40% regulier werk, 30% aan de slag op een participatieplek en 30% arbeidsmatige dagbesteding. Resultaat: In 2024 zijn we gestart met een nieuw ontwikkelprogramma bij Drechtwerk. Het ontwikkelprogramma is een modulair opgebouwd ontwikkelprogramma dat klanten sneller in contact brengt met ‘echt’ werk en echte werkgevers. De doelstelling van 100 inwoners wordt gehaald. Per 1 juli 2024 hebben 51 inwoners het ontwikkelprogramma en 63 inwoners individuele modules gevolgd. Over de bereiken uitstroompercentages is nog geen substantiële data, omdat de uitstroom van de nu lopende trajecten grotendeels eind 2024 en 2025 plaatsvindt.

•

Meer klanten laten werken (parttime): we intensiveren de begeleiding van de parttime werkenden en vergroten de groep parttime werkenden. Dit start in 2024. Resultaat: Binnen de GR Sociaal bestaat een team 'parttime werken' om klanten, die al parttime werken, toe te leiden naar fulltime werk of in elk geval volledige uitstroom uit de uitkering. Dit jaar is ingezet op het opzetten van een aanpak om de benodigde expertise op dit vlak breed in voeren en niet te beperken tot een kleine groep gespecialiseerde medewerkers. We verwachten een toename aan de behoefte van parttime werk vanwege het groeiende aantal statushouders, personen met zorgtaken en personen met gezondheidsklachten, die daardoor niet in staat zijn volledig aan het werk te gaan. Door de aanpak te intensiveren verwachten we in 2025 een verhoging van het aantal parttime werkenden.

•

Activeren inburgering oude wet (Impuls): in 2024 worden 260 inwoners geactiveerd, waarbij de uitstroom is gesteld op 40%. Resultaat: De groep statushouders die onder de ‘oude’ wet vallen wordt de ‘impulsgroep’ genoemd. Inmiddels zijn 460 inwoners uit de totale Impulsgroep geactiveerd en volgen een (Werkfit) traject bij Drechtwerk, verrichten (parttime) werk of doen mee in een vrijwilligers- of participatieplek. De omvang van de impulsgroep is gedaald van 834 naar 739 (-95). De 40% vertaalt zich naar 104 statushouders die uitstromen. De daling van het bestand gaat echter harder, doordat er veelal partneruitkeringen zijn en er dus door één plaatsing twee inwoners uitstromen. Derhalve stellen we de doelstelling bij en zetten we in op 104 uitkeringsdossiers in plaats van 104 inwoners.

We constateren dat desondanks onze inzet en behaalde resultaten het huidige aantal bijstandsgerechtigden achter blijft ten opzichte van het geprognosticeerde aantal van 6.180 bijstandsgerechtigden op 31 december 2024. Een belangrijke oorzaak hiervoor is de stijging van het bestand door de instroom van statushouders en inwoners die vanuit een flexberoep door ziekte uitvallen en sneller afhankelijk zijn van de Participatiewet. Daarom gaan we de komende maanden een aantal aanvullende acties inzetten om de begrotingsambitie te behalen. Dit zijn deels nieuwe interventies en deels interventies die wij ook in de begroting 2025 - 2028 al benoemd hebben.

19

1. Intensiveren aanpak kansrijke doelgroepen. We pakken nieuwe instroom bij aanmelding direct op in het actieve bestand als deze vanwege max einde ww, of einde zw instromen; 2. Het plaatsen van inwoners met een nieuw beschut indicatie in een baan.. De inzet op beschut werk bespaart uitkeringslasten, waarbij we blijven streven naar zo regulier mogelijk werk als dit kan. Op dit moment zijn er 212 inwoners met een beschut werk indicatie, waarbij 125 plaatsingen zijn gerealiseerd. We streven ernaar om voor alle geïndiceerde inwoners een passende beschut werkplek te bieden, zodra dit voor hen mogelijk is. We maken voor inwoners met deze indicatie o.a. gebruik van de infrastructuur van Drechtwerk om passend werk te bieden en/of ontwikkelingsgerichte activiteiten te ondernemen 3. We organiseren Werkfit trajecten in het groen voor statushouders en rondom de opening Waterwiel kennismakingsevenementen, om deze trajecten onder de aandacht te brengen, met als doel meer aanmeldingen; 4. We voegen Ontwikkelbanen toe aan het instrumentarium. We treffen momenteel voorbereidingen om inwoners, die bemiddelbaar zijn maar (nog) geen directe aansluiting kunnen vinden op de arbeidsmarkt, een tijdelijke arbeidsovereenkomst te bieden binnen Drechtwerk.

Met deze arbeidsplaatsen kunnen de inwoners werkervaring opdoen en tevens verder ontwikkeld worden in de richting van in de regio beschikbare vacatures. Daarbij wordt het accent vooral gelegd bij aansluiting op de zorgsector. 5. Gebiedsgerichte aanpak. Sinds het werken in gemeentegerichte teams in 2024 is ingevoerd, zijn nog niet voor alle gemeenten specifieke ontwikkelingen gestart. We onderkennen het belang van een stevige lokale samenwerking, zowel met lokale partners als werkgevers. De gebiedsgerichte aanpak en het met elkaar kennen (en daardoor beter kunnen ondersteunen) van inwoners in de bijstand, zien we als een van onze prioriteiten. We werken toe naar een sluitend netwerk van voorzieningen over alle gemeenten. De maatregelen zijn onderdeel van een breder palet aan ingrepen die voor komende jaren de positie van die inwoners op de arbeidsmarkt moet versterken en die onze koerswijziging richting een passend instrumentarium voor een veranderende doelgroep zal ondersteunen. Achtergrond Het actuele bijstandsbestand kenmerkt zich – ook landelijk - door een groter wordend aandeel inwoners dat moeilijk(er) is toe te leiden naar betaald werk en daardoor uitstromen uit de bijstand. De krapte op de arbeidsmarkt betekent dat werkgevers eerder en meer bereid zijn om mensen aan te nemen, ook wanneer zij nog niet geschikt zijn het werk uit te voeren.

De inwoners die nu nog in het bestand zitten, zitten daar gemiddeld langer in en kennen meer problematiek die belemmerend kan werken bij de re-integratie. Zo is 70% van het bijstandsbestand inmiddels meer dan 2 jaar afhankelijk van de bijstand. In de samenstelling van het bestand zien we ook een substantiële toename van het aandeel statushouders. Aan de instroomkant is het verkrijgen van een verblijfsvergunning veruit de belangrijkste instroomreden (25%). Inwoners vanuit de bijstand richting werk te bewegen vraagt hierdoor intensieve dienstverlening. We zagen dat we met de huidige dienstverlening en interventies nog onvoldoende in staat waren om met name de groep met een groter wordende afstand tot de arbeidsmarkt op korte termijn uit de bijstand te laten uitstromen. Dit zijn we nu aan het bijstellen. De veranderende doelgroep en de tekorten op het BUIG-budget zijn overigens een landelijke trend. De beoogde hervorming van de Participatiewet speelt in op deze ontwikkeling. Deze trend is zichtbaar in de volgende vergelijking met landelijke referentiegemeenten. Hierin is te zien dat de Drechtsteden een positie innemen in de middelste regionen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/665/documents/15121