2.7 DG&J Adviesnota Mentale Gezondheid inclusief bijlagen.pdf
Tekst van het document
Indicator | Leeftijds groep Eenzaamheid (enigszins tot sterk) Eenzaamheid (gedeeltelijk, tot sterk) Eenzaamheid (sterk eenzaam) Eenzaamheid (altijd of meestal eenzaam) Indicator Stress (veel) Stress (overbelast)
| Leeftijds groep
ZHZ 18-25 57%
Duitsland 19-27
België 16-24
44,5% 23% 6,1% ZHZ 18-25 42%
Duitsland 16-28 32%
2.6 Conclusie en discussie In ons onderzoek constateren we relatief hoge waarden voor indicatoren van mentale problemen in alle gezondheidsmonitors. Er is zelfs sprake van een negatieve trend bij jeugd (13-15 jaar) en volwassenen en ouderen (18+). Jongvolwassenen (16-25 jaar) blijken echter het meest te lijden op het gebied van mentale gezondheid, gemeten aan de hand van absolute waarden. Binnen de groep volwassenen en ouderen scoort de jongste leeftijdscategorie vergelijkbaar slecht. Deze bevindingen sluiten aan bij eerdere rapportages van het CBS (CBS, 2022) en Trimbos (Trimbos).
GGD ZHZ | Status mentale gezondheid in ZHZ|
15
Factoren die van invloed zijn op mentale gezondheid zijn al langer bekend (zie Sociale determinanten) en kunnen worden onderverdeeld in vier categorieën: individueel, familie, gemeenschap en structureel. De exacte impact per factor is echter moeilijk te kwantificeren, omdat mentale gezondheid het resultaat is van een complex samenspel tussen deze elementen en sterk afhankelijk is van de specifieke situatie. Hierdoor zijn de precieze oorzaken van het huidige (negatieve) beeld van de mentale gezondheid in Zuid-Holland Zuid vooralsnog onduidelijk en is nader onderzoek noodzakelijk. Vervolgonderzoek zou aanvullende indicatoren kunnen omvatten die mogelijk van invloed zijn op mentale gezondheid, zoals slaap, schermtijd en lichaamsbeweging. Daarnaast is kwalitatief onderzoek nodig om de ervaringen en percepties van de bevolking beter te begrijpen. Hoewel er geen vaste referentiewaarden bestaan om te bepalen wat als hoog, laag, goed of slecht moet worden beschouwd, duiden de gepresenteerde percentages er volgens onze inschatting op dat de mentale gezondheid in Zuid-Holland Zuid zorgwekkende niveaus bereikt.
Hoewel er aanwijzingen zijn dat de coronapandemie een rol speelt in de slechte mentale gezondheid van jongvolwassenen (RIVM-rapport 2022-0182), kunnen we geen vergelijkingen maken met de situatie vóór de pandemie, omdat de gezondheidsmonitor voor jongvolwassenen pas tijdens deze periode is gestart. Het zou onterecht zijn om aan te nemen dat de huidige situatie een terugkeer naar een eerdere baseline is, omdat er geen gegevens zijn die dat bevestigen. Wat we wél zeker weten, is dat de mentale gezondheid van jongvolwassenen momenteel zorgwekkend is. Het is dan ook onverantwoord om te wachten met actie op basis van speculaties of hoop. Bovendien blijft het onzeker of de negatieve impact van corona vanzelf zal verdwijnen. De World Health Organization (WHO) pleit voor onmiddellijke actie en voortdurende monitoring van de mentale gezondheid: - "Het creëren en implementeren van beleid en programma’s om beschermende omgevingen op school, in gezinnen en onder leeftijdsgenoten te versterken." - "Het is belangrijk om de invloed van de pandemie op de mentale gezondheid en het welzijn van kinderen en adolescenten in de gaten te houden en uit te zoeken hoe we hen kunnen helpen om een betere mentale gezondheid en welzijn te bereiken tijdens toekomstige wereldwijde gezondheidsuitdagingen." (WHO, 2023).
Uit ons onderzoek blijkt verder dat vrouwen en lager opgeleiden onevenredig getroffen worden. Ook in ander onderzoek naar welzijn, mentale gezondheid en weerbaarheid vormen vrouwen/meiden een risicogroep die extra aandacht verdient. Meiden voelen zich minder weerbaar (Schoemaker et al., 2019), beoordelen hun leven minder positief dan jongens, en rapporteren vaker emotionele problemen en hogere prestatiedruk (Kleinjan et al., 2020; Movisie, 2021). Diepgaand onderzoek is nodig om de onderliggende oorzaken van deze trends te identificeren en om effectieve beleidsmaatregelen te ontwikkelen. Wij concluderen dat de mentale gezondheid onder toenemende druk staat en dat directe actie vereist is. Jongvolwassenen, vrouwen en lager opgeleiden zijn de meest kwetsbare groepen, wat in lijn is met bevindingen uit eerdere studies.
3 Sociale determinanten Er zijn verschillende determinanten die van invloed kunnen zijn op de publieke mentale gezondheid. Deze determinanten kunnen zowel individuele als maatschappelijke factoren omvatten. In de praktijk is mentale gezondheid het resultaat van een complexe interactie tussen deze verschillende determinanten. Preventiebeleid moet daarom zowel individuele als systemische benaderingen combineren om de mentale gezondheid van de bevolking effectief te verbeteren.
GGD ZHZ | Status mentale gezondheid in ZHZ|
16
In Engeland heeft de School for Public Health Research een conceptueel kader ontwikkeld voor publieke mentale gezondheid: www.publicmentalhealth.co.uk . Dit kader is gebaseerd op wetenschappelijke literatuur, maar er is ook kennis van inwoners gebruikt om de belangrijkste determinanten voor mentale gezondheid met elkaar in verband te brengen. In het kader wordt op vier niveaus verschillende determinanten onderscheiden. Deze zijn in onderstaande tabel vertaald en samengevat: Tabel 5 Determinanten van mentale gezondheid in vier categorieën. (Bron: NIHR, www.publicmentalhealth.co.uk)
Niveau Individueel
Familie Gemeenschap
Structuur
Determinanten Socio-demografisch Levensgebeurtenissen en kansen Trauma en tegenslag Fysieke en psychologische gezondheid Karakter eigenschappen Identiteit Familiestructuur Familie dynamiek Sociale omgeving Geografische en fysieke omgeving Bureaucratische systemen en publieke dienstverlening Normen en rechten Brede factoren (ongelijkheid, klimaatverandering) Bestuur en politiek Industrie (commerciële factoren, (sociale) media en marketing)
Sociale determinanten Onderzoekers van het Trimbos Instituut hebben in Baar et al (2022) een literatuurreview gedaan naar welke beleidsinterventies op sociale determinanten van mentale gezondheid in hogeinkomenslanden beïnvloeden. Hiervoor hebben zij een theoretisch model ontwikkeld en bespreken vier thema’s die invloed hebben op mentale gezondheid, te weten economische omstandigheden, buurt en fysieke omgeving, maatschappelijke en sociale context en opleiding. Daarnaast zijn er nog twee thema’s, maar die worden in de review niet besproken. Deze thema's zijn voedings -en middelenomgeving en het gezondheidszorgsysteem. In deze notitie de laatste twee thema's wel op basis van aanvullende (maar beperkte) literatuur besproken.
GGD ZHZ | Status mentale gezondheid in ZHZ|
17
Tabel 6 Sociale determinanten die invloed hebben op de mentale gezondheid van een individu. Bron: J. van Baar, N. Bos, J. Kramer, L. Shields-Zeeman, 2022.
In de categorie economische omstandigheden wordt duidelijk dat financiële en werkgerelateerde problemen over het algemeen leiden tot stress en ontnemen de toegang tot psychologische hulpbronnen die nodig zijn om met stress om te gaan, zoals het gevoel van regie op eigen leven en zingeving. Op basis van het beschikbare bewijs is het vergroten van zekerheid en stabiliteit in werk en inkomen van positieve invloed op mentale gezondheid. In buurt en fysieke omgeving is de kwaliteit van huisvesting , de staat van de wijk en betaalbaarheid van woningen medebepalend voor mentale gezondheid. Verschillende omgevingselementen hebben ook positief effect: meer sociale gelijkheid in de buurt, meer natuur, minder energiearmoede en een groter gevoel van veiligheid. Initiatieven die huis- en wijkverbetering tot doel hebben zijn bevorderlijk voor mentale gezondheid, met name voor mensen in lagere sociaal economische positie of met instabiele huisvesting. In de categorie sociale en maatschappelijk context komen vooral beleidsmaatregelen die discriminatie en racisme tegen gaan naar voren die bevorderlijk zijn voor de mentale gezondheid. Op gemeenschapsniveau lijkt sociale steun een rol te spelen bij het verbeteren en in stand houden van mentale gezondheid door een positief effect op veerkracht. Het bevorderen van zorgzame buurten of wijken kan hierin een belangrijke rol spelen.
In de categorie opleiding is een hogere opleiding over het algemeen bevorderlijk voor de mentale gezondheid (op latere leeftijd), maar schept ook verwachting over prestige van een baan of status wat juiste een gevaar kan worden als deze verwachtingen niet worden ingelost. De voedselomgeving heeft een directe en indirecte invloed op de mentale gezondheid van de bevolking. Er is sterk bewijs dat voedselonzekerheid een significant effect heeft op stress en depressie (Pourmotabbed et al 2020). Gezonde voeding, toegang tot voedzaam voedsel, het voorkomen van honger en voedselonzekerheid, en het bevorderen van gezonde eetgewoonten kunnen belangrijke factoren zijn in het bevorderen van geestelijk welzijn. Tegelijkertijd kan een ongezonde voedselomgeving, armoede, beperkte toegang tot gezond voedsel en slechte voedingskeuzes bijdragen aan de verergering van mentale gezondheidsproblemen. Sociale en culturele aspecten van
GGD ZHZ | Status mentale gezondheid in ZHZ|
18
voedsel hebben ook invloed op de mentale gezondheid. Beleidsmaatregelen die gericht zijn op het verbeteren van de voedselomgeving, zoals het bevorderen van gezonde voeding en het vergroten van de toegang tot gezond voedsel, kunnen helpen de mentale gezondheid op grote schaal te verbeteren. In een recent verschenen proefschrift over de toegang tot en gebruik van de geestelijke gezondheidszorg ongelijk is verdeeld (Vargas Lopez 2024). De onderzoeker concludeert dat er sterke aanwijzingen zijn dat de zogenoemde behandelingskloof het grootst is voor mensen met een sociaaleconomische achterstand. Mensen met een hoger inkomen hebben bovendien aanzienlijk meer kans op functionele verbeteringen als gevolg van de behandeling. Deze verschillen worden niet verklaard door verschillen in diagnose, ernst bij aanvang of ontvangen behandelingsminuten. De conclusie is dat uitsluitend focussen op de toegang tot zorg om de kloof op het gebied van mentale gezondheid te verbeteren niet voldoende is. Het is ook nodig een beter begrip te krijgen van de rol van de sociale omgeving op de behandeling én de kwaliteit van de zorg.
Mental health in all policies De algemene bevinding van Baar et al (2022) is dat sociale determinanten de mentale gezondheid beïnvloeden, maar de relatie is complex en het ontbreekt vaak nog aan bewijs voor causaliteit: ‘vaak zijn sociale determinanten onderling met elkaar in interactie’, waardoor niet altijd duidelijk is hoe de achterliggende mechanisme bijdragen aan mentale gezondheid. Een voorbeeld is dat een goede baan het negatieve gezondheidseffect van een lagere opleiding kan compenseren. Echter, zo stellen de Baar et al (2022) dat het 'erg aannemelijk is dat een verbetering van de economische, educatieve, sociale en omgeving gerelateerde omstandigheden de verbetering van mentale gezondheid mogelijk maakt'. De paden die leiden tot mentale (on)gezondheid komt vaak van een combinatie van sociaaleconomische factoren, sociale steun, (werkgerelateerde)stress, en levensgebeurtenissen. Het samenspel tussen deze factoren kunnen zowel beschermende als risicofactoren vormen. Beleidsmaatregelen die deze determinanten aanpakken, zoals het bevorderen van sociale gelijkheid, het bevorderen van sociale steun, het verminderen van stigma en discriminatie, en het verbeteren van toegang tot zorg, kunnen de mentale gezondheid van de bevolking aanzienlijk verbeteren.
Een effectieve benadering die impact maakt op populatieniveau is, met andere woorden, gebaseerd op een mental health in all policies benadering (Dale et al, 2022). In een evenwichtige aanpak wordt ook ingezet op het verbeteren van de individuele weerbaarheid tegen stressfactoren bij jongeren aan de hand van assets en resources. Assets zijn individuele eigenschappen of vaardigheden van jongeren. Resources zijn de sociale omgeving of gemeenschap van jongeren die hen ondersteunen meer weerbaar te worden. Er zijn vier assets van belang om met tegenslagen om te kunnen gaan: positieve identiteit, sociale vaardigheden, zelfregie en zelfregulatie (Kovács et al. 2021). Het is wel goed om te beseffen dat dergelijke initiatieven op populatieniveau geen grote veranderingen in uitkomstmaten laat zien, maar dat individuele interventies voor deelnemers natuurlijk wel effect kunnen hebben.
4 Advies voor een programma mentale gezondheid Mentale gezondheid staat bij veel (leeftijds)groepen in Nederland en ook in Zuid-Holland Zuid onder druk. De middelen en mogelijkheden voor een regionaal programma die aanvullend werkt op een
GGD ZHZ | Status mentale gezondheid in ZHZ|
19
landelijk programma (Landelijke aanpak mentale gezondheid 2023-2025: van ons allemaal) zijn echter Gendersensitief en beperkt. De vraag is dus wie prioriteit verdienen bij de Intersectioneel inzet van schaarse middelen voor preventieve actie. Dit is een moeilijke vraag. Gelukkig heeft de WRR (2018) Onder gender wordt de sociale, hierover in het recente verleden in een advies over culturele en psychologische nagedacht. Zij pleiten voor een moreel filosofische kenmerken die het geslacht met positie die proportioneel universalisme wordt zich meebrengen. Een genoemd. De WRR beargumenteerd dat vanuit deze gendersensitieve benadering benadering 'het beleid universeel is en zich dus richt op betekent dat met deze aspecten alle burgers, maar wordt aangevuld met ondersteuning rekening wordt gehouden in van bepaalde doelgroepen. De intensiteit van deze beleid. Intersectioneel wil gerichte ondersteuning wordt bepaald door de mate zeggen dat maatschappelijke ongelijkheid gevormd wordt van kwetsbaarheid van de doelgroep. Het doel is dus door en samenhangt met om het hele sociaaleconomische spectrum gezonder te verschillende sociale krijgen, terwijl zoveel mogelijk recht wordt gedaan aan categorieën, zoals gender, maar de reële achterstanden van groepen in kwetsbare ook etniciteit, religie, sociaaleconomische posities, zowel feitelijk als in seksualiteit en handicap.
termen van kansen en capaciteiten' (WRR 2018). Een belangrijke term in dit verband is gezondheidspotentieel. Deze term verwijst naar de gezondheidswinst die geboekt kan worden of, andersom geredeneerd, het gezondheidsverlies dat vermeden kan worden. Hoewel de WRR zich concentreert op alle volksgezondheidsproblematieken kan deze benadering ons inziens ook toegepast worden op mentale publieke gezondheid. Vanuit deze benadering worden beleidsmaatregelen en plannen gericht op de gehele bevolking zodat in principe iedereen kansen heeft om mentaal gezond te blijven of te worden, maar wordt er tegelijkertijd ingezet op groepen mensen die zich in de meest kwetsbare positie bevinden. In deze eerste verkenning hebben we laten zien dat de mentale gezondheid in de gehele bevolking niet goed is, maar dat de jongvolwassenen hierin duidelijk naar voren komt als een groep die onder grote psychische druk staat. Als op deze groep wordt ingezoomd, dan vallen vooral jonge vrouwen en jongeren in een slechtere sociaaleconomische positie op. Hier ligt dus een groot gezondheidspotentieel vanwege de ernst van de ziektelast, de cumulatieve effecten voor deze groep en de samenleving en de druk op mensen in een kwetsbare sociaaleconomische positie (SEP).
Tegelijkertijd is er meer lokale en regionale kennis nodig over de situatie van deze doelgroep om beleid en acties goed af te stemmen zodat de inspanningen vanuit een programma ook bijdragen aan het verbeteren van de mentale gezondheid. Wij adviseren om in een regionaal programma voor een mental health in all policies benadering te kiezen. Hierin onderscheiden wij drie aspecten. 1.
Universele gezondheidsbevorderende beleidsmaatregelen te adviseren aan gemeenten die aansluiten op de in deze verkenning beschreven sociale determinanten en effect hebben op de maatschappelijk structuur en normen (zie model van Trimbos). Het gaat dan bijvoorbeeld om het versterken van antidiscriminatie beleid of het werken aan perspectief voor starters op de woningmarkt. Het advies is om in het programma samen met gemeenten en andere belanghebbenden vanuit het perspectief van mentale gezondheid een aantal integrale maatregelen uit te werken waar een groot deel van de
GGD ZHZ | Status mentale gezondheid in ZHZ|
20
2.
3.
bevolking van kan profiteren. Sluit hierbij ook aan op de aanpak mentale gezondheid van het rijk. Een specifieke aanpak te ontwikkelen voor jongvolwassen die gendersensitief is en waarin jongvolwassenen een belangrijke rol hebben in de ontwikkeling en/of onderzoeken van de acties die effect hebben op de leefomstandigheden (zie model van Trimbos) van deze doelgroep. Een onderzoek pijler op te nemen waarin verdiepend intersectioneel kwalitatief en kwantitatief onderzoek wordt gestart naar de omstandigheden van jonge vrouwen en jongeren in een lage SEP in ZHZ én tijd en ruimte wordt opgenomen voor een evaluatie van (onderdelen) van het programma mentale gezondheid.
5 Literatuur Baar, j. van, Bos, N., Kramer, J & Shield-Zeeman, L. (2022) Sociale determinanten van mentale gezondheid. Een kennissynthese. Trimbos Instituut. BiB 2024 - https://www.bib.bund.de/Publikation/2024/pdf/Freda-Policy-Brief-Einsamkeit-imjuengeren-und-mittleren-Erwachsenenalter-angestiegen.pdf?__blob=publicationFile&v=3 Bild 2024 https://www.bild.de/leben-wissen/gen-y-und-gen-z-juengere-stresst-der-alltag67038459dd4668399e3bce88? Broeders, D., Das, D., Jennissen, R., Tiemeijer, W. & De Visser, M. (2018) Van verschil naar potentieel: Een realistisch perspectief op de sociaaleconomische gezondheidsverschillen. WRR-Policy Brief 7. Den Haag: Wetenschappelijke Raad voor het regeringsbeleid. CBS (2022) https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2022/16/geluksgevoel-bij-jongvolwassenen-afgenomen Dale, D. van, Shields-Zeenman, L, Schokker, D, Smit, F, Storm & I, Bon-Martens, M van (2022) Effectieve interventies in beleid mentale gezondheid en preventie: een overzicht van kansen en mogelijkheden per levensfase en economsiche baten. Bilthoven: RIVM Geluk onder druk?: Onderzoek naar het mentaal welbevinden van jongeren in Nederland M Kleinjan, I Pieper, G Stevens… - 2020 - UNICEF Netherlands, Den Haag Kovács, Z., S. Noor, E. Çankor, J. Geerlings (2021) Wat werkt bij het versterken van weerbaarheid bij jongeren. Utrecht: movisie.
McGrath, A., Matthews, E., Murphy, N., Oostveen, I., Wagemakers, A., & Verkooijen, K. (2024). Identification of relevant mental health indicators for European community-based health enhancing physical activity initiatives: An adapted Delphi study. Mental Health and Physical Activity, 27, Article 100638. Movisie (2021) Zsuzsa Kovács, Sahar Noor, Elif Çankor, Jolien Geerlings. Wat werkt bij het versterken van weerbaarheid van jongeren? Movisie, Wat werkt bij-dossier NIHR, School for public health research (2021) Conceptual framework for Public Mental Health. https://www.publicmentalhealth.co.uk/home. Pourmotabbed, A., Moradi, S., Babaei, A., Ghavami, A., Mohammadi, H., Jalili, C., Symands, M., Miraghajani, M. (2020) Food insecurity and mental health: a systematic review and metaanalysis. Public Health Nutrition 23 (10): 1-13.
GGD ZHZ | Status mentale gezondheid in ZHZ|
21
RIVM-rapport 2022-0182, de Hollander, E; Plantinga-Muis, L; Boer, J; Gerkema, M; Koning, M; Schurink, T; Loef, B (2023) Invloed van de corona-epidemie op de gezondheid en leefstijl van Nederlandse volwassenen. Rapport Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. RIVM (2025) https://www.volksgezondheidtoekomstverkenning.nl/vtv-2024 Schoemaker, Casper & Kleinjan, Marloes & Borg, Wieke & Busch, Mirjam & Muntinga, Maaike & Nuijen, Jasper & Dedding, Christine. (2019). Mentale gezondheid van jongeren: enkele cijfers en ervaringen. RIVM, 2019. 23 p. Statbel - https://statbel.fgov.be/nl/themas/huishoudens/armoede-enlevensomstandigheden/driemaandelijkse-monitoring#figures Trimbos https://www.trimbos.nl/kennis/mentale-gezondheid-preventie/expertisecentrum-mentalegezondheid/mentale-gezondheid-jeugd/cijfers/ Van Bon-Martens et al (2021) Van Bon-Martens, M., Kleinjan, M., De Beurs, D., Nuijen, J., & Van den Brink, C. (2021a). ‘Mentale gezondheid bij jeugd’ in kaart gebracht. Een participatieve benadering via group concept mapping. Utrecht: Trimbos-instituut. Vargas Lopez, F. (2024) Better evidence for better mental health policy. Mind the inequalities gap. PhD-thesis, Erasmus MC. WHO 2023 Coping through crisis: COVID-19 pandemic experiences and adolescent mental health and well-being in the WHO European Region.
Impact of the COVID-19 pandemic on young people’s health and well-being from the findings of the HBSC survey round 2021/2022. Technical document https://www.who.int/europe/publications/i/item/WHO-EURO-20237680-47447-69735 Windle et al A methodological review of resilience measurement scales. Windle, G., Bennett, K.M. & Noyes, J. Health Qual Life Outcomes 9, 8 (2011). https://doi.org/10.1186/1477-7525-9-8
GGD ZHZ | Status mentale gezondheid in ZHZ|
22
Auteurs Edis Sepo Arne Mellaard m.m.v. Chrystel Luijendijk, Chantal Kenens en Johan van Veelen. Februari 2025. Citeren als: Sepo, E en Mellaard, A. (2025) De status van mentale gezondheid in ZuidHolland Zuid: een verkenning. Dordrecht: GGD Zuid-Holland Zuid.
GGD ZHZ | Status mentale gezondheid in ZHZ|
23
GGD ZHZ | Status mentale gezondheid in ZHZ|
24