CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

2.13 Informatiebrief Raad van State inzake procedure bestemmingsplan Pijlstoep 31, Oost Kinderdijk 137-145 en 187a.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 3 oktober 2023, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 24: Doorlopende lijst ingekomen stukken17.268 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

, Raad vanState

Afdeling bestuursrechtspraak

Pagina 1 van 1

Raad van de gemeente Alblasserdam

Postbus 2 2950 AA ALBLASSERDAM

Datum

Ons nummer

Uw kenmerk

14 juli 2023

202203291/1/R3

2022-0091960 ( t.a.v. mr. P.J. van Bruggen)

Inlichtingen

Onderwerp

A.J. Blom

Alblasserdam Bp Pijlstoep 31, Oost Kinderdijk 137-145 en Oost Kinderdijk 187a

070-4264346 Procedure

Beroep

Geachte heer/mevrouw, Hierbij stuur ik u - ter informatie - stukken die gaan over bovengenoemde procedure.

Aangezien dit bericht geautomatiseerd is aangemaakt, is dit niet ondertekend.

Hoogachtend, de griffier

4032773(5A1)

Postbus 20019 - 2500 EA Den Haag - T 070 426 44 26 - F 070 365 13 80 - www.raadvanstate.nl Bij correspondentie de datum en het nummer van deze brief vermelden

r

r

mr. L. van Schie-Kooman Phoenixstraat 49A 2611 AL Delft S 015-2001000 13 vanschie@ebhlegal.nl

BEZORGEN Raad van State Afdeling bestuursrechtspraak Oranjestraat 15 2514 JB DEN HAAG

RAAD VAN STATE Tevens per veilig mailen c.c. cwm.berendsen@drechtsteden.nl LDekkers@kuiper.nl

DOSSIERNR

DELFT, 13 juli 2023 20220241

BETREFT

202203291/1/R3

KANTOOR

INGEKOMEN I A JULI 2023

Ü^V.

13^^22 ZAAKNR. AAN:__________ BEHANDELD DD:

PAR:

BEWONERS OOST KINDERDIJK/BESTEMMINGSPLAN OOST KINDERDIJK 187 A

INZAKE

Hoogedelachtbaar College,

Ter voorbereiding op de zitting die 25 juli a s. zal plaatsvinden, zend ik u hierbij de volgende stukken. 1.

Een verklaring van appellant de heer Van Horssen met een onderbouwing waarom hij en Van Horssen projectontwikkeling B.V. als belanghebbende in deze procedure dienen te worden aangemerkt.

2.

De schriftelijke reactie d.d. 4 mei 2023 die is overgelegd in de voorzieningenprocedure tot opheffing van de schorsing. Appellanten verzoeken u de inhoud hiervan hier als herhaald en ingelast te beschouwen, en benadrukken daarbij de volgende punten uit de reactie.

Uit de genoemde uitspraak van uw Afdeling van 19 april 2023 (zaaknummers 202102527/1/R3 en 202102653/1/R3, ECLI:NL:RVS:2023:1544, r.o. 5 e.v.) volgt dat, indien tussen twee bestemmingsplannen een zodanige ruimtelijke samenhang tussen de voorziene ruimtelijke ontwikkelingen bestaat dat deze plannen van elkaar afhankelijk zijn, de planbegrenzing in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. In dit geval is sprake van drie aparte bestemmingsplannen voor de locaties Jonker (Oost Kinderdijk 187a), Baas (Oost Kinderdijk 139-145) en Pijlstoep (Pijlstoep 31). Deze plannen zijn van elkaar afhankelijk, zowel qua onderbouwing als wat betreft uitvoerbaarheid. Ook uit het verzoek om opheffing van de schorsing volgt dat het kennelijk niet mogelijk is om de drie locaties apart te realiseren en de bouw van elkaar Stichting Beheer Derdengelden EBH Legal

info@ebhlegal.nl

NL22 RABO 0318 1704 26

ebhlegal.nl

fe.n v\ order:

.on

v^aoïin

dtf tlli r r

t icI t 1

. O' i i. t f 1 . . tri i/c (hin.ff'ik.liikh

ik ernst

i is opjenonicr». Deze

ADVOCATEN & MEDIATORS

!/ l'.ln

afhankelijk is. Door de ruimtelijke samenhang tussen de binnen en buiten het plangebied van de locatie Jonker voorziene ontwikkelingen, bevat het bestemmingsplan een onvoldoende ruimtelijke onderbouwing en is de planbegrenzing in strijd met een goede ruimtelijke ordening.

Uit het door de ontwikkelaar overgelegde BLVC-plan volgt dat de locatie Baas eerst moet worden gesloopt, voordat kan worden begonnen met de locatie Jonker. Dit onderbouwt het standpunt van appellanten dat de ontsluiting van het plangebied onvoldoende is geborgd. Er is niet gebleken dat het waterschap privaatrechtelijk of publiekrechtelijk toestemming heeft gegeven om de ontsluiting over de dijk te realiseren en te gebruiken en dat een watervergunning is verleend om de woningen te realiseren.

Uit het verzoek om opheffing van de schorsing volgt dat sprake is van een verkeersonveilige situatie. Het College erkent dat ook zonder de nieuwbouwplannen de verkeerssituatie moet worden aangepakt. Uit de door de gemeente overgelegde verkeersanalyse van Goudappel d.d. 8 maart 2023 (bijlage 10 bij het verweerschrift) blijkt dat het hellingpercentage van 8% meer is dan het gewenste hellingpercentage van 5-6 % beschreven in de SW. Dit is volgens het rapport te steil voor fietsers. Het appartementencomplex van appellanten heeft een vergelijkbare steile helling. Dit leidt regelmatig tot ongelukken. De verkeerssituatie wordt onveiliger, omdat er een extra uitrit bijkomt. Ontsluiting via de Pijlstoep zou een betere optie zijn, aldus appellanten (zie verder de reactie). Het buitenpark van Park Huis te Kinderdijk maakt onderdeel uit van de landgoedbiotoop, nu het buitenpark tussen 1907 en 1929 aan het park is toegevoegd en sindsdien daar ook deel van uitmaakt. De gemeente beschouwt het buitenpark ook als het Park Huis te Kinderdijk: er staan borden bij de ingang waarop dit is aangegeven.

Het is niet duidelijk of de erfgoedcommissie met de oorspronkelijke opzet van het plan heeft ingestemd (met een beperkt aantal woningen en een lagere bouwhoogte op de locatie van de kassen), of met het gewijzigde plan (meer woningen met een hogere bouwhoogte, ook in de beschermingszone van de provincie). Het College verwijst naar een bomenplan. In de stedenbouwkundige analyse wordt gesproken overeen landschapsplan en een stedenbouwkundig plan. Het bomenplan was ten tijde van het bestemmingsplan nog niet vastgesteld en maakt ook geen onderdeel uit van het bestemmingsplan. De planregels bevatten geen voorwaardelijke verplichting over de uitvoering van het inrichtingsplan, landschapsplan of stedenbouwkundig plan. Dit betekent dat de uitvoering van deze plannen niet in het bestemmingsplan is geborgd en er dus geen garantie is dat het groen ook daadwerkelijk zal worden aangelegd.

ADVOCATEN & MEDIATORS

2

1

3-h In het paraplubestemmingsplan “wonen en parkeernormen” (verder: “het paraplubestemmingsplan”) is voor de Jonkerlocatie een peil van -1,50 meter NAP opgenomen. Uit het actueel hoogtebestand van Nederland1 volgt dat de gemiddelde hoogte op de locatie 0,1 meter is, de minimale hoogte -2,0 meter beneden NAP en de maximale hoogte 4,3 meter.

I

tg

'tA--'

2953CL

'‘'-KL O>

ö X

to-'.

Wat is de hoogte in postcodegebied 2953CL^

■

/ƒ ? lx:

Gemiddekte hoogte 0,1 m Mmimole hoogte. -2,0 m Maximale hoogte 4,3 m

ï

t'x ■'

1

\

'.kV-

| Esri Nederland, Community Maps Contributors..

De grond dient volgens deskundige de heer A. Clements van Bouwzaken Plus nog 70 - 100 centimeter te worden opgehoogd voordat deze kan worden bebouwd (zie reactie). Hij geeft aan dat het maaiveld gemiddeld 1,85 beneden NAP ligt. De heer Clements zal ook bij de zitting aanwezig zijn om hier indien nodig een nadere toelichting op te geven. Ook in het door de gemeente overgelegde rapport van Ravestein Bouwmanagement is onder 3.2 aangegeven dat het, gezien de slappe structuur van de bodem, noodzakelijk is om het gehele plangebied te voorzien van ophoging en voorbelasting. Dit betekent dat feitelijk nooit een peil van -1,50 meter NAP kan worden aangehouden, omdat de grond dan te nat en te slap zal zijn en de bodem dus altijd zal moeten worden opgehoogd, hetgeen leidt tot een hoger peil. Het werkelijke peil is dus niet gelijk aan het peil zoals opgenomen in het bestemmingsplan. Het bestemmingsplan zal op dit punt na de wijziging niet uitvoerbaar zijn en leiden tot rechtsonzekerheid over de bouwhoogte. Appellanten achten dit in strijd met een goede ruimtelijke ordening.

Verder geeft het College aan dat de Jonkerlocatie in het paraplubestemmingsplan is bestemd als beschermd dorpsgezicht, waarvoor is bepaald dat de goot- en/of bouwhoogte van gebouwen niet meer mag bedragen dan de bestaande goot- en/of bouwhoogte. Deze bepaling geldt echter alleen voor “beeldbepalende zaken”. Oost Kinderdijk 187a is niet in de lijst van beeldbepalende zaken in artikel 4.1.3 opgenomen, zodat deze bepaling niet voor deze locatie en dus ook niet voor dit bouwplan geldt.

1 www ahn.nl/hoe -hoog-woon-jij

ADVOCATEN & MEDIATORS

3

3.

Als bijlage 3 is een memo van de heer Clements overgelegd waarin nog een aantal andere onjuistheden uit het paraplubestemmingsplan worden benoemd. Zo is in artikel 3 onder c van de planvoorschriften niet het juiste bestemmingsplan genoemd, waardoor het begrip “peil” niet in het bestemmingsplan Oost Kinderdijk 187a is gewijzigd. Appellanten zullen tegen het paraplubestemmingsplan (dat is vastgesteld op 20 juni 2023 en ter inzage ligt van 29 juni t/m 10 augustus a s.) voor zover nodig beroep instellen. Appellanten zijn echter primair van mening dat het paraplubestemmingsplan een wijziging is van het bestemmingsplan Oost Kinderdijk 187a. Dit betekent dat op grond van artikel 6:19 Awb het lopende beroep zich ook richt tegen dit nieuwe bestemmingsplan. Nu dit plan is geschorst, valt het paraplubestemmingsplan ook onder de schorsing en treedt dit niet in werking.

4.

Bijlage 4 bevat foto's van het gebied en van de waargenomen dieren, alsmede een plattegrond.

5.

Bijlage 5 is een krantenartikel waaruit blijkt dat er een ooievaar in het gebied aanwezig is. Appellanten hebben in de voorzieningenprocedure een USB-stick overgelegd met daarop een video van een bever. Deze video is volgens appellanten gemaakt door de heer Hessel Postma op 25 december 2021 in de sloot bij het park Huis te Kinderdijk. De heer Postma heeft twee wildcams in het park Huis te Kinderdijk. Via www.youtube.com (zoeken op: Hessel Postma wildcam) zijn beelden van de bevers te zien. Op de website van Alblasserdams Nieuws (www.alblasserdamsnieuws.nl) zijn met de zoekopdracht ‘bevers in alblasserdam’ nog meer en zeer recente ontdekkingen van bevers te vinden.

6.

Bijlage 6 bevat foto’s van de situatie voor en na de kap van de bomen.

7.

Bijlage 7 betreft de door de initiatiefnemer ingediende tekening met opmerkingen van appellanten. De bestaande woning is kleiner dan is ingetekend. De dakgoothoogte is volgens appellanten geen 4,360 meter, maar 2,90 meter. De maximum nokhoogte is niet 6,820 meter, maar in werkelijkheid kleiner dan 6 meter. De tekening geeft daarmee een vertekend beeld.

Gelet op het voorgaande verzoeken appellanten het beroep gegrond te verklaren en het bestemmingsplan te vernietigen. In de procedure tot opheffing van de schorsing is, ondanks dat appellanten daartoe hadden verzocht en het verzoek werd afgewezen, de voorzieningenrechter helaas zonder verdere onderbouwing niet tot een kostenveroordeling over gegaan. Appellanten verzoeken u daarom nogmaals nadrukkelijk de raad te veroordelen in de kosten die appellanten in verband met de behandeling van het beroep hebben moeten ;en. make,

MdtVi vriendelijke groet

L. van Schie-Kooman Advocaat

ADVOCATEN & MEDIATORS

4

3-H Bijlagen: 1. 2. 3. 4 5. 6. 7.

verklaring van de heer Van Horssen over ontvankelijkheid; schriftelijke reactie d d. 4 mei 2023; notitie van deskundige de heer A Clements van Bouwzaken Plus; foto's van het gebied en van de waargenomen dieren, alsmede een plattegrond; krantenartikel ooievaar; foto’s van de situatie voor en na de kap van de bomen; de door de initiatiefnemer ingediende tekening met opmerkingen van appellanten

ADVOCATEN & MEDIATORS

5

t

3^ BEZORGEN

mr. L. van Schie-Kooman Phoenixstraat 49A 2611 AL Delft © 015-2001000 vanschiegebhlegalnl

Raad van State Afdeling bestuursrechtspraak Oranjestraat 15 2514 JB DEN HAAG

'Wad van state

Tevens per veilig mailen c.c. cwm.berendsen@drechtsteden.nl LDekkers@kuiper.nl

'NGEKOMEN

1 3 JULI 2023 [AAN:

---------

DOSSIERNR.:

DELFT, 13 juli 2023 20220241

BETREFT:

202203291/1/R3

INZAKE

BEWONERS OOST KINDERDIJK/BESTEMMINGSPLAN OOST KINDERDIJK 187 A

KANTOOR

■^HANDÈLDpÖ'

PAZ:

Hoogedelachtbaar College,

Ter voorbereiding op de zitting die 25 juli a s. zal plaatsvinden, zend ik u hierbij de volgende stukken. 1.

Een verklaring van appellant de heer Van Horssen met een onderbouwing waarom hij en Van Horssen projectontwikkeling B.V. als belanghebbende in deze procedure dienen te worden aangemerkt.

2.

De schriftelijke reactie d.d. 4 mei 2023 die is overgelegd in de voorzieningenprocedure tot opheffing van de schorsing, Appellanten verzoeken u de inhoud hiervan hier als herhaald en ingelast te beschouwen, en benadrukken daarbij de volgende punten uit de reactie. Uit de genoemde uitspraak van uw Afdeling van 19 april 2023 (zaaknummers 202102527/1/R3 en 202102653/1/R3, ECLI:NL:RVS:2023:1544, r.o. 5 e.v.) volgt dat, indien tussen twee bestemmingsplannen een zodanige ruimtelijke samenhang tussen de voorziene ruimtelijke ontwikkelingen bestaat dat deze plannen van elkaar afhankelijk zijn, de planbegrenzing in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. In dit geval is sprake van drie aparte bestemmingsplannen voor de locaties Jonker (Oost Kinderdijk 187a), Baas (Oost Kinderdijk 139-145) en Pijlstoep (Pijlstoep 31). Deze plannen zijn van elkaar afhankelijk, zowel qua onderbouwing als wat betreft uitvoerbaarheid. Ook uit het verzoek om opheffing van de schorsing volgt dat het kennelijk niet mogelijk is om de drie locaties apart te realiseren en de bouw van elkaar Stichting Beheer Derdengelden EBH Legal

info@ebhlegal.nl

NL22 RABO 0318 1704 26

ebhlegal.nl

Alle diensten en andere werkiaamheden worden verricht uit hco/de van een overeenkomst van opdracht Op deze overeenkomst rijn ome algemene voorwoorden van toepassing, waarin onder mee' een beperking win de aansprakelijkheid is opjenomen. Deze voorwoorden zijn te vinden op onze website.

ADVOCATEN & MEDIATORS

t

«

BH

< O

BIJLAGE 1

ADVOCATEN & MEDIATORS

*

ONVANKELIJKHEIDSVERKLARINGVANHORSSEN.

Sinds 6 April 2020 ben ik samen met een partner eigenaar via Van Horssenprojectontwikkeling van

het landgoed huis te Kinderdijk met een totale oppervlakte van circa 1,5 hectare, grenzend aan het

Park Huis te Kinderdijk. Dit park is uniek, er staan oeroude bomen in zoals 3 grote Ginkgo's etc.

Vanaf die datum zijn wij het park aan het opknappen en wordt het in ere hersteld.

Verder zijn we als buurman eigenaar van de werkplaats, berging en schuren, ondergrond en erf aan de oost Kinderdijk 185 en 187 te Alblasserdam. En een stuk industrie grond gelegen aan de dijk

tussen nummer 185 en 191.

In 1956 ben ik geboren in deze directe omgeving en heb er altijd gewoond en geleefd. Zodat ik mij

sterk maak voor het behoud van dit unieke park als rasechte Alblasserdammer.

BIJLAGE 2

ADVOCATEN & MEDIATORS

k

3-H BEZORGEN Raad van State Afdeling bestuursrechtspraak Oranjestraat 15 2514 JB DEN HAAG

mr. L. van Schie-Kooman Phoenixstraat 49A 2611 AL Delft S 015-2001000 O vanschie@ebhlegal nl

Tevens per veilig mailen c.c. cwm.berendsen@drechtsteden.nl LDekkers@kuiper.nl

DOSSIERNR

DELFT, 4 mei 2023 20220241

BETREFT

202203291

KANTOOR

INZAKE:

BEWONERS OOST KINDERDIJK/BESTEMMINGSPLAN OOST KINDERDIJK 187 A - VERZOEK OM INTREKKING VOORLOPIGE VOORZIENING

REACTIE OP VERZOEK OM INTREKKING Hoogedelachtbaar College, Bij brief d.d. 23 februari 2023 heeft het College van burgemeester en wethouders van Alblasserdam (verder: "het College’’) verzocht om de schorsing van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan Oost Kinderdijk 187 a te Alblasserdam (verder: "het bestemmingsplan”) op te heffen Bij brief d.d. 27 februari 2023 heeft Alblasserdam Oost Kinderdijk B V. een vergelijkbaar verzoek ingediend. Namens de heer G. de Groot, wonende aan de Oost Kinderdijk 167b, de heer J.H.E. Nieuwenhuis, wonende aan de Oost Kinderdijk 165b te Alblasserdam, alsmede de heer M.J. van Horssen, wonende aan de Oost Kinderdijk 9 en van Horssen projectontwikkeling B.V., gevestigd aan de Oost Kinderdijk 9 te Alblasserdam, appellanten in de beroepsprocedure tegen het bestemmingsplan en verzoekers van het verzoek om voorlopige voorziening (hierna gezamenlijk te noemen “appellanten”), geef ik hierbij de volgende reactie. Bevoegd bestuursorgaan

1.

Het verzoek is gedaan namens het College Het is echter de raad van de gemeente Alblasserdam die het bestemmingsplan heeft vastgesteld. Niet gebleken is dat het College bevoegd is namens de raad dit verzoek in te dienen.

Stichting Beheer Derdengelden EBH Legal

info@ebhlegal.nl

NL22 RABO 0318 1704 26

ebhlegal nl

risten en andere iwktnarnheden ivorcfer verricht uit hoofde van een overeenkomst var opdracht. Op irze overeen^mst /r;n ot .'e li^emene vGO-’v. jjrden

van toepassing, ivonrn onder meet een beperking van de aansprakelijkhe.d ó op7f.no»ner Deze voon*,aaiden .-iir •• vinden op onze .vebs'tr

ADVOCATEN & MEDIATORS

*

) 2.

■] 1 < o

1“

Alblasserdam Oost Kinderdijk B V. is volgens het uittreksel van de Kamer van Koophandel een samenwerkingsverband tussen Hufrast Holding B V. en Bogor Projectontwikkeling B.V. (verder: 'Bogor"). Bogor is initiatiefnemer van het project. Niet gebleken is wat het belang van Alblasserdam Oost Kinderdijk B.V. in deze procedure is.

Spoedeisend belang Samenhang bouwlocaties 3.

Bogor wil binnen de gemeente drie woningbouwprojecten realiseren: -

-

Oost Kinderdijk 187a ("locatie Jonker”): sloop kassencomplex familie Jonker en realisatie 18 woningen; Oost Kinderdijk 139 -145 (“locatie Baas ’’): sloop wooncentrum Baas en realisatie 13 appartementen in vier bouwlagen; Pijlstoep 31 ("locatie Pijlstoep"): sloop voormalige wasserette en realisatie 7 (later 4) en uiteindelijk één woning.

4

Het spoedeisend belang hangt samen met de wens van de projectontwikkelaar en de gemeente om de drie locaties tegelijk te ontwikkelen. Het College geeft aan dat er een anterieure overeenkomst met Bogor is gesloten over het ontwikkelen van de drie locaties in één keer. Door de drie locaties apart te realiseren zou sprake zijn van meer overlast door het bouwen. Ook zou het bouwtechnisch niet mogelijk zijn om de drie locaties los van elkaar te ontwikkelen. Dit heeft betrekking op de bouwplaatsinrichting, de sloop, het gronddepot, de tijdelijke bouwweg, de voorbelasting en de ondergrondse infrastructuur.

5

In beroep hebben appellanten aangegeven dat, nu sprake is van drie aparte bestemmingsplannen, elk plan op zichzelf moet voldoen aan een goede ruimtelijke ordening. Daarbij is aangetoond dat daar geen sprake van is, nu de onderbouwing van de plannen zijn gecombineerd. Dit leidt ertoe dat een plan op zichzelf niet voldoet aan de wettelijk eisen en afhankelijk is van de andere twee plannen Zo blijkt bijvoorbeeld dat het bouwplan Jonker niet voldoet aan de parkeernormen en de parkeerbehoefte van 39,6 parkeerplaatsen niet binnen het plangebied kan worden opgelost. Door het plan te combineren met de locatie Baas wordt betoogd dat wel wordt voldaan aan de parkeernorm.

6.

Een ander gebrek in de ruimtelijke onderbouwing betreft de natuurcompensatie. Door de realisatie van het bouwplan gaan natuurwaarden verloren en is sprake van strijd met het provinciaal beleid. Door wijziging van het plan is de uitbreiding in de door de provincie vastgestelde beschermingszone gekomen. Om dit op te lossen, is beredeneerd dat het vervuilde gedeelte van de wasserette aan de Pijlstoep 31 als tuin en natuur kan worden bestemd, zodat deze grond niet hoeft te worden gesaneerd en de natuur die verdwijnt bij de locatie Jonker wordt gecompenseerd door “natuur" op de locatie Pijlstoep.

7.

Het voorgaande betekent dat de drie bestemmingsplannen wat de uitvoerbaarheid ervan afhankelijk van elkaar zijn. Als het bestemmingsplan Jonker vernietigd zou worden, voorziet het plan Baas in veel overbodige parkeerplaatsen. En als het bestemmingsplan Baas wordt vernietigd, worden er niet meer voldoende parkeerplaatsen voorzien voor de woningen op de locatie Jonker. Hiermee bestaat er een zodanige ruimtelijke samenhang tussen de binnen en buiten het plangebied van de locatie Jonker voorziene ontwikkelingen, dat beide bestemmingsplannen een onvoldoende ruimtelijke ADVOCATEN & MEDIATORS

2

9

*

■M

onderbouwing bevatten en de planbegrenzing in strijd is met een goede ruimtelijke ordening Appellanten verwijzen naar de uitspraak van uw Afdeling d.d. 19 april 2023 (ECLI:NLRVS:2023:1544, r.o. 5 e.v.). 8.

Het standpunt van het College onderschrijft het standpunt van appellanten dat het kennelijk niet mogelijk is om de drie locaties apart te realiseren en de bouw van elkaar afhankelijk is Om die reden dient het beroep gegrond te worden verklaard en is er geen reden om de voorlopige voorziening op te heffen.

9.

Ook blijkt uit het standpunt van het College dat de realisatie van de locatie Jonker kennelijk afhankelijk is van de sloop van de locatie Baas. Uit het BLVC-plan volgt dat de locatie Baas eerst moet worden gesloopt, voordat kan worden begonnen met de locatie Jonker. Dit onderbouwt het standpunt van appellanten dat de ontsluiting van het plangebied onvoldoende is geborgd. Nu de realisatie van het bestemmingsplan afhankelijk is van een ander planologisch regime, is het bestemmingsplan daarmee bovendien niet uitvoerbaar.

10. Het College onderbouwt niet waarom het bouwtechnisch niet mogelijk zou zijn om de drie locaties los van elkaar te ontwikkelen. Het bestemmingsplan voor de locatie Baas en de Pijlstoeplocatie is niet geschorst, zodat de ontwikkelaar al met deze locaties kan beginnen. Dat de ontwikkelaar dit ook gaat doen, blijkt uit het feit dat op 6 april jl. de aanvraag om omgevingsvergunning voor de bouw van het appartementencomplex op de Baaslocatie is gepubliceerd (bijlage 1). Ook voor de Jonkerlocatie is al eerder een aanvraag om omgevingsvergunning ingediend. Als het niet mogelijk zou zijn om de locaties apart te ontwikkelen, ligt het niet voor de hand om voor diverse locatie aparte aanvragen om omgevingsvergunning bouwen in te dienen en aparte bestemmingsplannen vast te stellen. 11. Het grinddepot kan ook op een andere locatie worden gerealiseerd. Uit het BLVC-plan volgt verder dat het gebied moet worden voorbelast. Dit betekent dat er voorlopig niet gebouwd kan worden en dit dus geen reden geeft om de schorsing op te heffen Het nieuwe vuilwatergemaal komt op de locatie Baas. Ook daarvoor is geen opheffing van de schorsing nodig. De bouwplaatsinrichting is op de locatie Baas. Ook hiervoor is geen opheffing van de schorsing nodig. 12. Uit het BLVC-plan volgt met name dat aparte realisatie van de bouwplannen tot extra kosten leidt. Dit is geen reden om de schorsing op te heffen.

Daarmee is er geen spoedeisend belang om de schorsing op te heffen.1

Woningbouwopgave

13. Het College geeft verder aan dat de gemeente door de schorsing niet kan voldoen aan de opgave om meer woningen te bouwen. Deze urgentie geldt voor heel Nederland en laat onverlet dat bestemmingsplannen moeten voldoen aan de wettelijke eisen en een goede ruimtelijke ordening Dit argument is ook al meegewogen in de behandeling van het eerdere verzoek om voorlopige voorziening. Het College heeft verder niet gespecificeerd waarom sindsdien de omstandigheden zijn gewijzigd en concreet voor dit bestemmingsplan de urgentie zo hoog zou zijn, dat de schorsing zou moeten worden opgeheven en de bodemprocedure niet kan worden afgewacht.

i

Zie ookABRS28 januari 2021, ECLI:NL:RVS:2021:141, r.o 5. ADVOCATEN & MEDIATORS

3

9

■Re

□ Verkeersontsluiting 14. Daarnaast geeft het College aan dat door de schorsing de aanleg van de nieuwe verkeersaansluiting moet worden uitgesteld. Ook zonder nieuwbouwplannen is het noodzakelijk om de verkeerssituatie aan te pakken, aldus het College De verkeersontsluiting kan pas worden aangelegd als de woningen op de Baas- en Jonkerlocatie zijn gerealiseerd, omdat het anders te veel kost en de werkzaamheden twee maal moeten worden ingepland 15. Het College onderschrijft hiermee het standpunt van appellanten dat sprake is van een verkeersonveilige situatie en erkent dat ook zonder de nieuwbouwplannen de verkeerssituatie moet worden aangepakt. Appellanten zien geen reden waarom dit zou moeten leiden tot een opheffing van de schorsing van het bestemmingsplan. Ook zonder realisatie van de woningbouwplannen zal de verkeerssituatie immers worden gewijzigd. Dit gebeurt op gronden buiten het plangebied. Ook als de bouwlocaties niet zouden worden gerealiseerd, zou de technische staat van de weg zodanig moeten zijn dat hier zwaar bouwverkeer over kan rijden Gelet op het feit dat er nu al sprake is van een verkeersonveilige situatie, zou dat er bovendien voor pleiten om de situatie eerst aan te passen voordat de bouwplannen beginnen, zodat het bouwverkeer een veilige(re) ontsluiting gebruikt. Overigens wordt de verkeerssituatie onveiliger, omdat er een extra uitrit bijkomt.

Ontsluiting via de Pijlstoep zou een betere optie zijn, aldus appellanten, omdat de Pijlstoep aansluit op de dijk waar deze het breedst is en ook veiliger is vanwege een op de as van de weg aangelegde vluchtheuvel, die het verkeer sterk afremt. Tevens is aankomend verkeer vanuit beide richtingen veel beter zichtbaar. Er is daarom geen reden om op deze grond de schorsing van het bestemmingsplan op te heffen. Belang appellanten

16. Appellanten hebben er groot belang bij dat het bestemmingsplan blijft geschorst, zoals eerder uiteengezet bij de behandeling van het verzoek om voorlopige voorziening Het gaat daarbij niet alleen om aantasting van privacy, uitzicht en overlast zoals het College stelt Het gaat onder meer ook om de hoogte en de omvang van het bouwplan (die aanzienlijk hoger is dan het oorspronkelijke bouwplan), de aantasting van de beschermingszone en het groene karakter van de omgeving en de aantasting van de volksgezondheid door de aanleg van rookkanalen. Appellanten verwijzen naar de inhoud van het verzoek om voorlopige voorziening en het beroepschrift.

17. In het verzoek van het College wordt verwezen naar afspraken die met de vereniging van eigenaren van het appartementengebouw zouden zijn gemaakt en die met de bouwplannen zouden hebben ingestemd. Appellanten merken hierover het volgende op. Een meerderheid van de aanwezigen op de ledenvergadering van de WE waarbij dit onderwerp is behandeld, was van mening dat het beroep diende te worden ingesteld door de bewoners zelf en dat dit geen taak was voor de WE. De WE heeft uitdrukkelijk niet ingestemd met de bouwplannen Appellanten verwijzen naar de brief van de heer De Groot d d. 24 april 2023 (bijlage 2)

ADVOCATEN & MEDIATORS

4

9

■

l

Aanvullende onderzoeken

18. Het College verwijst naar diverse aanvullende onderzoeken die zijn gedaan.

Landgoedbiotoop

19

Het plangebied valt binnen de door de provincie in 2010 vastgestelde landgoedbiotoop/historisch landgoed voor Huis te Kinderdijk (kaart 15 in bijlage II bij de Omgevingsverordening). Op grond van artikel 6.26 van de Omgevingsverordening zijn ruimtelijke ontwikkelingen binnen de landgoedbiotoop alleen toegestaan indien a) er geen aantasting plaatsvindt van de waarden van de landgoedbiotoop of b) de ontwikkeling is gericht op verbetering en versterking van de waarden van de landgoed- en kasteelbiotoop. Hier is niet aan voldaan. Appellanten verwijzen naar de inhoud van het beroep

20. In de onderzoeken wordt de grens van de landgoedbiotoop betwist. In het nader rapport van Stichting in Arcadië (bijlage 3 bij het verzoek) wordt wederom gesteld dat de vastgestelde contour fouten bevat en dit een aanpassing van de contour rechtvaardigt. In het beroepschrift is aangegeven dat de grens van de biotoop met een besluit is vastgelegd en niet door een bestemmingsplan kan worden gewijzigd. Nu de contour niet is aangepast, betekent dit dat van de vastgestelde contour moet worden uitgegaan. Deze contour is overigens naar de mening van appellanten wel juist vastgelegd, nu het buitenpark tussen 1907 en 1929 aan het park is toegevoegd en sindsdien daar ook deel van uitmaakt Er is, gelet op de geschiedenis van het landgoed, geen reden om het buitenpark geen onderdeel te laten zijn van het gebied. De gemeente beschouwt het buitenpark ook als het Park Huis te Kinderdijk: er staan borden bij de ingang waarop dit is aangegeven. 21. In het nader rapport is aangegeven dat het gehele gebied binnen de landgoedbiotoop is beoordeeld, maar dit is feitelijk onjuist. In het onderzoek wordt voornamelijk de nadruk gelegd op het kassencomplex Het plangebied is echter groter dan het kassencomplex en bevat naast het kassencomplex ook nog een stuk grond dat in de landgoedbiotoop is gelegen. Hier wordt geen rekening mee gehouden. 22.

De hoofdwoning en het deel van het binnenpark dat niet in de landgoedbiotoop zijn gelegen, is aangewezen als rijksmonument en wordt vanuit die hoedanigheid beschermd (en zijn dus niet “vogelvrij” zoals de deskundige aangeeft). De opmerkingen in het rapport (p. 3) dat het panorama beleefd wordt vanuit Huis te Kinderdijk, maar datzelfde Huis het panorama blokkeert, zijn tegenstrijdig. Ten aanzien van het blikveld is in het beroepschrift al aangegeven dat de sloop van het kassencomplex het blikveld zou verbeteren en geen woningen, althans niet in de omvang en hoogte zoals toegestaan, zouden moeten worden terug gebouwd.

Cultuurhistorische aspecten/erfgoedcommissie 23. Het plangebied is aangewezen als beschermd stads- en dorpsgezicht In het bestemmingsplan is aangegeven dat de erfgoedcommissie heeft ingestemd met het bestemmingsplan. Een afschrift van deze instemming ontbreekt echter bij de stukken.

ADVOCATEN & MEDIATORS

5

*

>

BH ■

24

In het als bijlage 5 bij het verzoek overgelegde verslag van de vergadering van de Erfgoedcommissie van 12 mei 2020 geeft de architect van initiatiefnemer aan dat het aantal woningen gelijk is met het eerdere plan (verslag, onder punt 3). Zoals ook in het beroepschrift uiteen gezet, is het plan echter gewijzigd en zijn er meerdere woningen bijgekomen. In het verslag van 21 juli 2020 geeft de erfgoedcommissie aan dat de locatie nog steeds “vol" oogt.

25. Bij het verzoek is een email gevoegd waaruit blijkt dat de commissie omgevingskwaliteit op 14 september 2022 akkoord zou zijn met het bouwplan voor de Jonker-locatie. Het verslag van deze vergadering is niet overgelegd In de e-mail wordt alleen gesproken over materialisatie kleurstelling en details Het is daarmee nog steeds niet duidelijk of de erfgoedcommissie met de oorspronkelijke opzet van het plan heeft ingestemd (met een beperkt aantal woningen en een lagere bouwhoogte op de locatie van de kassen), of met het gewijzigde plan (meer woningen met een hogere bouwhoogte, ook in de beschermingszone van de provincie).

26. Doordat een stedenbouwkundige onderbouwing en een landschapsplan bij de vaststelling van het bestemmingsplan ontbraken, is ook niet beoordeeld of de beoogde herinrichting van de openbare ruimte recht doet aan het historische karakter

Bouwhoogte, peil 27. Het College merkt in het verzoek op dat de voorzieningenrechter zou hebben geoordeeld dat de bouw- en goothoogte van 11 en 7 meter passend zijn in de omgeving. Dit is onjuist. De voorzieningenrechter heeft alleen in algemene zin geoordeeld “Op zich past in de omgeving waar de bebouwing aan de dijk van soortgelijke hoogte is ook woningbouw". Daarmee is geen oordeel gegeven over de bouw- en goothoogte van 11 en 7 meter. De rechter oordeelt immers vervolgens dat het bouwplan een forse impact heeft “waarvan niet nu al duidelijk is of dit achter de eerste bebouwing aan de dijk uit een oogpunt van goede ruimtelijke ordening kan". De rechter heeft daarbij waarde gehecht aan het feit dat de bouwhoogte van 11 meter bovenop een eventuele verhoging van het terrein komt, terwijl er geen duidelijkheid is over de hoogte van deze verhoging. Daarmee is onduidelijk hoe hoog de 11 meter is ten opzichte van de bestaande bebouwing eromheen.

28. Het College geeft aan dat in het paraplubestemmingsplan “wonen en parkeernormen" op verzoek van initiatiefnemer zal worden opgenomen dat de hoogte van het peil in het bestemmingsplan voor de Jonkerlocatie wordt vastgelegd op -1,50 meter NAP. Het ontwerpbestemmingsplan heeft ter inzage gelegen van 3 november tot en met 15 december 2022, maar is nog steeds niet vastgesteld. Zo lang dit niet is gebeurd, is derhalve niet geborgd dat deze bepaling ook daadwerkelijk in het paraplubestemmingsplan zal worden opgenomen. 29. Het peil is in artikel 1.54 van het bestemmingsplan Oost Kinderdijk 187a als volgt gedefinieerd:

a. b. c

voor bouwwerken, waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan de weg grenst: de hoogte van die weg ter plaatse van de hoofdtoegang; indien in of op het water wordt gebouwd: het NAP; in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende maaiveld of het afgewerkte bouwterrein, vermeerderd met 0,20 m. ADVOCATEN & MEDIATORS

6

30. Door de parapluherziening wordt het peil voor de bouw van de woningen gekoppeld aan het NAP. Uit het actueel hoogtebestand van Nederland2 volgt dat de gemiddelde hoogte op de locatie 0,1 meter is, de minimale hoogte -2,0 meter beneden NAP en de maximale hoogte 4,3 meter.

+

p£

.■*i Xol

*

*

ê*'

i>

iI JfipHHH DX

l

s

Si

i

1

■F_ 'Ö

“

■

K •vjesseaL-

*

■ffHI -

31. In de voorzieningenprocedure is aangegeven dat er bij het huidige peil regelmatig water in de kassen staat. Foto's hiervan zijn overgelegd als bijlage 3 De grond dient volgens deskundige de heer A. Clements van Bouwzaken Plus (zie bijlage 4, al eerder overgelegd bij het beroepschrift) nog 70 - 100 centimeter te worden opgehoogd voordat deze kan worden bebouwd. Hij geeft aan dat het maaiveld gemiddeld 1,85 beneden NAP ligt. 32

Ook in het rapport van Ravestein Bouwmanagement is onder 3.2 aangegeven dat het, gezien de slappe structuur van de bodem, noodzakelijk is om het gehele plangebied te voorzien van ophoging en voorbelasting. Dit betekent dat feitelijk nooit een peil van -1,50 meter NAP kan worden aangehouden, omdat de grond dan te nat en te slap zal zijn en de bodem dus altijd zal moeten worden opgehoogd, hetgeen leidt tot een hoger peil Het bestemmingsplan zal op dit punt na de wijziging niet uitvoerbaar zijn. Bovendien heeft dit tot gevolg dat de bouwhoogte hoger zal worden dan 11 meter. De ophoging zal er bovendien toe leiden dat de parkeerplaats en de individuele garages achter het appartementencomplex van appellanten onder water lopen. Appellanten achten dit in strijd met een goede ruimtelijke ordening.

33. Het College erkent in het verzoek dat de nieuwbouw zorgt voor vermindering van het uitzicht vanuit het appartementengebouw. In het verzoek is aangegeven dat de bestaande kassen lager zijn dan de toekomstige bebouwing. Door de bouwhoogte en de omvang van de bebouwing achten appellanten dit onaanvaardbaar. Van een "open structuur" is geen sprake. Appellanten verwijzen naar de inhoud van het beroepschrift De bewoners op dijkniveau hebben bovendien helemaal geen uitzicht meer op het park.

2 www.ahn.nl/hoe -hoog-woon-jij

ADVOCATEN & MEDIATORS

7

■

*

)

l“

34

Dat er al begroeiing aanwezig zou zijn, doet niet af aan het verlies aan uitzicht. Naast het feit dat deze begroeiing veel lager is dan de toegestane 11 meter, is in het bestemmingsplan niet geborgd dat deze begroeiing aanwezig zal blijven.

35

Op 4 oktober 2022 is er een kapvergunning verleend. Niet is gebleken dat hieraan als voorwaarde is verbonden dat het inrichtingsplan wordt uitgevoerd. Overigens is deze kapvergunning naderhand weer ingetrokken, omdat was gebleken dat er niet 6, maar 23 bomen illegaal waren gekapt (zie ook het krantenartikel d.d 23 november 2022, bijlage 5). Er is nog geen nieuwe aanvraag om kapvergunning ingediend, zodat er ook geen nadere voorwaarden kunnen worden gesteld. Ook is geen bewijs overgelegd dat op de uit te geven gronden erfdienstbaarheden zullen worden gevestigd om te verplichten de houtopstanden in stand te houden. Er wordt bovendien niet gesproken over een verplichting om de bomen te planten (alleen in stand houden).

36

Het College geeft aan dat er voor de inrichting van het terrein een bomenplan is opgesteld. In de stedenbouwkundige analyse wordt verder gesproken over een landschapsplan en een stedenbouwkundig plan. Het bomenplan was ten tijde van het bestemmingsplan nog niet vastgesteld en maakt ook geen onderdeel uit van het bestemmingsplan. De planregels bevatten geen voorwaardelijke verplichting over de uitvoering van het inrichtingsplan, landschapsplan of stedenbouwkundig plan. Dit betekent dat de uitvoering van deze plannen niet in het bestemmingsplan is geborgd3 en er dus geen garantie is dat het groen ook daadwerkelijk zal worden aangelegd.

37. De woningen zijn aanzienlijk hoger dan de bestaande kassen Dit is volgens appellanten in strijd met het (ongeschreven) beleid van de gemeente inzake tweedelijns bebouwing. Op grond van dit beleid mag de hoogte van de bebouwing achter de dijk nergens hoger zijn dan 7 meter. Als bijlage 6 is een overzicht overgelegd van foto's van bebouwing achter de oost Kinderdijk die niet hoger is dan 7 meter. Ook uit de plankaart van het bestemmingsplan “Dijklint”, waarbij op ieder bouwvlak de hoogte is aangegeven, blijkt dat de bouwhoogte van nieuwbouw in de tweedelijnsbebouwing doorgaans niet hoger dan 7 meter is. 38. Appellanten verwijzen ook naar het op 22 februari 2022 vastgestelde bestemmingsplan “Oost Kinderdijk 209", waarbij voor de bouw van 6 woningen in verband met voornoemde redenen een maximale bouwhoogte van 6,5 meter is aangehouden. Daarbij zijn in die situatie de plattegronden van de eerste verdieping zelfs zodanig gewijzigd dat het mogelijk is om de gehele achtergevel geblindeerd uit te voeren. Hierdoor is inkijk vanaf de woningen op de naastliggende percelen niet meer mogelijk. Ook mogen er geen dakkapellen of dakopbouwen worden gerealiseerd. 39.

Verder geeft het College aan dat de Jonkerlocatie in het paraplubestemmingsplan is bestemd als beschermd dorpsgezicht, waarvoor is bepaald de goot- en/of bouwhoogte van gebouwen niet meer mag bedragen dan de bestaande goot- en/of bouwhoogte. Deze bepaling geldt echter alleen voor "beeldbepalende zaken" Oost Kinderdijk 187a is niet in de lijst van beeldbepalende zaken in artikel 4 1.3 opgenomen, zodat deze bepaling niet voor deze locatie en dus ook niet voor dit bouwplan geldt. De aanwijzing is daarmee een wassen neus.

1 Zie ook ABRS d.d 12 april 2023, ECLI:NLRVS:2023:1444, ro 20.3.

ADVOCATEN & MEDIATORS

8

I

I

) ■M

40. Bovendien is in artikel 7.1 van de planregels bepaald dat een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, danwel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, gedeeltelijk mag worden vernieuwd of veranderd. Als de voorlopige voorziening wordt opgeheven, treedt het bestemmingsplan Oost Kinderdijk 187a in werking en kan de aanvraag omgevingsvergunning worden verleend. Omdat het paraplubestemmingsplan dan nog niet in werking is getreden, valt het bouwplan onder het overgangsrecht en gelden de bepalingen voor bouw- en goothoogte en peil niet.

Ladder duurzame verstedelijking 41. Met betrekking tot de ladder voor duurzame verstedelijking heeft de voorzieningenrechter overwogen dat sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling buiten bestaand stedelijk gebied, waarbij de raad onvoldoende heeft gemotiveerd dat niet in deze behoefte kan worden voorzien binnen bestaand stedelijk gebied en er geen binnenstedelijke alternatieven zijn. 42. In de memo van SAB adviseurs d.d. 16 september 2022 wordt geconcludeerd dat nieuwe ontwikkelingen niet binnen bestaand stedelijk gebied kunnen worden gerealiseerd Daarbij wordt verwezen naar het woningbouwprogramma, zoals dit ook is vastgesteld in het coalitieakkoord voor de periode 2022-2026. De bijgevoegde kaart met een overzicht van het woningbouwprogramma van Alblasserdam is echter niet actueel en bevat ook woningbouwprojecten waarvan op dit moment niet duidelijk is of deze zullen worden gerealiseerd. Zo heeft de raad besloten om voor het bouwplan Oost-Kinderdijk nabij 9 (nr. 11) geen bestemmingsplan vast te stellen. Ook zijn er woningbouwprojecten in ontwikkeling die niet op de kaart voorkomen, zoals de bouw van 20 appartementen op het terrein van de kantine van de voormalige christelijke korfbalvereniging CKC.

43. Het overzicht geeft bovendien alleen lopende ontwikkelingen weer, zowel binnen als buiten bestaand stedelijk gebied. Zo staan de projecten voor de locaties Pijlstoep, Jonker en Baas ook in het overzicht. Daarmee is geen onderbouwing gegeven waarom deze ontwikkeling niet binnen bestaand stedelijk gebied kan worden gerealiseerd. Ook het overzicht van woningtypologieën, gebaseerd op de welstandsnota Alblasserdam, geeft deze onderbouwing niet. Uit het overzicht blijkt wel dat er veel andere woningbouwontwikkelingen zijn waarin koopwoningen in het vergelijkbare segment worden gerealiseerd. Dit onderbouwt dat er minder/geen noodzaak is om ook dure woningen op de Jonkerlocatie buiten bestaand stedelijk gebied te bouwen.

44. In het coalitieakkoord 2022-2026 is op p. 4 en 5 (bijlage 7) aangegeven dat op zoek wordt gegaan naar een nieuwe, grote woningbouwlocatie. Daarbij is het omvormen van een locatie met een andere bestemming bespreekbaar. Er komt geen grote nieuwe woningbouw op nu nog lege plekken ten noorden van de rivier de Alblas. Er wordt vastgehouden aan een voorraad van 30% sociale huurwoningen in het dorp. Dit betekent dat er 70 % overblijft voor andere woonvormen. In dit grotere bouwproject zal derhalve ook ruimte zijn voor duurdere villa’s. Appellanten zijn van mening dat er binnen bestaand stedelijk gebied voldoende alternatieve mogelijkheden zijn om woningen in het dure koopsegment te realiseren, zoals bij voorbeeld naast de locatie van sportpark Souburgh langs de A15.

ADVOCATEN & MEDIATORS

9

! -J

■Mi

45. Daarnaast blijven appellanten van mening dat er geen behoefte is aan dure koopwoningen. Er is meer behoefte aan betaalbare koopwoningen. Appellanten verwijzen naar het krantenartikel van 22 april 2023 dat als bijlage 8 is overgelegd. Hieruit blijkt dat er te veel woningen in de regio worden gebouwd, en dat dit aantal naar beneden moet worden bijgesteld. Ook volgt uit het artikel dat er te veel dure woningen worden gebouwd, en te weinig betaalbare woningen.

46. Appellanten verwijzen verder naar een door de WD ingediende motie die door de raad in de vergadering van 28 september 2021 is aangenomen (bijlage 9) Hierin is bepaald dat inwoners van Alblasserdam voorrang krijgen bij toewijzing of inschrijving op (betaalbare) woningen

Installaties/rookkanalen 47. Appellanten hebben bezwaar tegen de omvang van het bouwplan en zijn van mening dat dit ten koste gaat van hun woon- en leefklimaat. Het College gaat in het verzoek alleen in op het geluid afkomstig van warmtepompen en de overlast als gevolg van rookkanalen. In beroep zijn echter nog meer argumenten aangevoerd, zoals de aantasting van privacy, het verdwijnen van het groene karakter van de omgeving en de schittering van zonnepanelen 48. Ten aanzien van de rookkanalen merken appellanten op dat de gemeente aangeeft dat sprake is van een dominante zuidwestelijke wind Uit informatie van Weerplaza.nl4 volgt echter dat naast een zuidwestenwind met name in het voorjaar en de zomer ook de windrichtingen noord en noordoost bijna net zo vaak voorkomen als de zuidwestenwinden. Bij noordoostenwind zullen appellanten last hebben van rook als er rookkanalen in de woningen worden gerealiseerd. Hoewel de projectontwikkelaar en de wethouder hebben toegezegd dat er geen rookkanalen zullen komen, is dit op geen enkele wijze (publiek- of privaatrechtelijk) geborgd Niet is aangetoond dat deze afspraak in de koopovereenkomst of in de anterieure overeenkomst is opgenomen.

Aantasting natuurwaarden

49. In het beroepschrift is aangegeven dat, nu de locatie onderdeel uitmaakt van een groter natuurgebied, ook de effecten op de beschermde soorten of gebieden buiten het plangebied hadden moeten worden onderzocht. Breder onderzoek is noodzakelijk om te kunnen beoordelen of de Wet natuurbescherming aan de uitvoerbaarheid van het project in de weg staat. Daarbij is onder meet verwezen naar de bosuil. Ook is er tijdens de zitting op gewezen dat er een bever in het gebied is gesignaleerd. Er is geen ontheffing verleend voor de bosuil of de bever op grond van de Wet natuurbescherming. 50. Appellant betwist de uitkomsten van het nader onderzoek van SAB dat er geen sporen van een bever binnen het plangebied te vinden zouden zijn. Appellanten hebben een USB-stick overgelegd met daarop een video van een bever. Deze video is volgens appellanten gemaakt door de heer Hessel Postma op 25 december 2021 in de sloot bij

4 https7/www wcerplaza.nlAvecnnhctnicuvvs/klimaat/wind-innederland/6820/#:~:lext=ZuidwestenwhKi%20dominccrt%2C%20bchalve%20in%20liet%20voorjaar&tcxt=ln%2Üallc%20maandcn%20is% 20zuidwest.dc%20dagen%20uit%20het%20zuidwesten

ADVOCATEN & MEDIATORS

10

•E^

het park Huis te Kinderdijk. De heer Postma heeft twee wildcams in het park Huis te Kinderdijk . Via www.youtube.com (zoeken op Hessel Postma wildcam) zijn op beelden van de wildcam bevers te zien. Op de website van Alblasserdams Nieuws (www.alblasserdamsnieuws.nl) is met de zoekopdracht ‘bevers in alblasserdam’ nog meer en zeer recente ontdekkingen van bevers te vinden.

51. De heer De Groot en de heer Van Horssen hebben eveneens meerdere keren een bever in het plangebied waargenomen. Daarnaast zijn ook ooievaars, ijsvogels, een groene specht en de roodbonte specht waargenomen. Ook uit bijgaand krantenartikel blijkt dat het natuurgebied het leefgebied van bevers is (bijlage 10).

Overige beroepsqronden

52. De voorzieningenrechter heeft in de uitspraak aangegeven dat ook andere beroepsgronden nadere studie behoeven Deze gronden lenen zich daarom niet goed voor een beoordeling in een voorzieningenprocedure. In beroep zijn nog andere gronden aangevoerd waar het College in het verzoek om opheffing niet op in gaat, zoals de ontsluiting, de verkeersveiligheid, gevolgen voor de verkeerssituatie, parkeereisen, gevolgen voor de waterhuishouding en de eisen van de ruimtelijke kwaliteit op grond van de Omgevingsverordening. Appellanten gaan ervan uit dat, gelet op het oordeel van de voorzieningenrechter, deze gronden in deze voorzieningenprocedure ook niet aan de orde komen maar beoordeeld worden in de bodemprocedure. Belangenafweging

53. Uit het voorgaande volgt dat er voor appellanten nog steeds onomkeerbare gevolgen dreigen als het bestemmingsplan in werking treedt. Dit klemt te meer nu er ook aanvragen om omgevingsvergunningen zijn ingediend. Appellanten hebben daarom een onverminderd groot belang bij voortzetting van de schorsing van het plan. 54

Daar tegenover staat dat er van de zijde van de initiatiefnemer of van de gemeente geen specifieke belangen naar voren zijn gebracht waarom dit project nu snel moet kunnen beginnen. De situatie is in dat opzicht niet anders dan ten tijde van de uitspraak op 19 juli 2022. De nadere reacties en onderzoeken zoals overgelegd bij het verzoek leiden er niet toe dat de door appellanten gestelde onrechtmatigheden en onduidelijkheden zijn opgelost, maar onderbouwen op bepaalde punten zelfs de standpunten van appellanten. Met de nadere onderzoeken staat niet buiten twijfel dat de door de voorzieningenrechter eerder geconstateerde voorlopige gebreken daadwerkelijk zijn gerepareerd.

55. Gelet op het voorgaande verzoeken appellanten uw Voorzieningenrechter het verzoek van het College en Alblasserdam Oost Kinderdijk B V. af te wijzen en het College of de raad te veroordelen in de kosten van deze procedure. A

Met vriéndelijke groet, »

I / -4=X-

L, van Schïe^Kooman advocaat idv ADVOCATEN & MEDIATORS

11

k

-H Bijlagen:

1. Publicatie aanvraag omgevingsvergunning d.d. 6 april 2023; 2. Brief van de heer De Groot d d. 24 april 2023; 3. Foto's van water in kassen; 4 Notitie van de heer A Clements d d. 23 mei 2022; 5. Krantenartikel over de intrekking kapvergunning d.d. 23 november 2022; 6. Foto’s van de bebouwing achter de Oost Kinderdijk; 7 Coalitieakkoord 2022-2026; 8. Krantenartikel over meer betaalbare koopwoningen d.d. 22 april 2022; 9. Ingediende motie door de WD in de raadsvergadering d.d 28 september 2021; 10. Krantenartikel over het leefgebied van de bever d d 7 februari 2023.

ADVOCATEN & MEDIATORS

12

BH

< 0 LU

BIJLAGE 1

ADVOCATEN & MEDIATORS

Gemeente

.^Alblasserdam

GEMEENTEBLAD

6 april 2023

Officiële uitgave van de gemeente Alblasseidam

Aanvraag vergunning voor het bouwen van een appartementengebouw op

de locatie Oost Kinderdijk 137-145 Alblasserdam zaaknummer Z-22-411047 De Gemeente Alblasserdam heeft een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen. De ver­ gunning is aangevraagd voor het bouwen van een appartementengebouw op de locatie Oost Kinderdijk 137-145 Alblasserdam .

Waarom publiceert de gemeente dit bericht? Een omgevingsvergunning wordt bij de gemeente aangevraagd om toestemming te krijgen om iets te bouwen, verbouwen, slopen, kappen of aan te leggen. Met dit bericht laat de gemeente u weten dat er misschien iets verandert in uw omgeving. Dan kunt u hier op tijd op reageren.

Wanneer neemt de gemeente een besluit over de aanvraag van de vergunning? Waarschijnlijk neemt de gemeente voor 7 april 2023 een definitief besluit over de aanvraag van de vergunning. Als de gemeente van plan is de vergunning te verlenen, publiceert de gemeente daarover een nieuw bericht. Vanaf dat moment kunt u de vergunning die de gemeente van plan is te verlenen bekijken en hierop reageren. U kunt nu nog niet reageren.

Heeft u vragen over de aanvraag van de vergunning? U kunt nu alvast de aanvraag van de vergunning bekijken en hierover vragen stellen. Hiervoor kunt u contact opnemen met de gemeente. Dit kan via het telefoonnummer 14078.

Gemeentehl:

6 april 2023

«

-H

BIJLAGE 2

ADVOCATEN & MEDIATORS

G.C. de Groot

Oost Kinderdijk 167 B 2953 CK Alblasserdam

Alblasserdam,

/april.

2023

Zaaknummer:202203291/2/R3

Betreft :Reactie op het verzoek van de gemeente Alblasserdam d.d. 23 februari 2023 om opheffing van de schorsing door de voorzieningen­ rechter staatsraad Mr.D.A.Verburg inzake het bestemmingsplan OostKinderdijk 187a (Kassen Jonker) pp 19 juli 2022.

Aan de Raad van State Afdeling bestuursrechtspraak Postbus 20019 2500 EA Den Haag

Hoogedelachtbaar College,

Zeer tot mijn spijt moet ik U meedelen dat ik niet aanwezig kan zijn op de zitting op 9 mei a.s.inzake het schoringsverzoek van de gemeente Alblasserdam. Een noodzakelijk en reeds geruime tijd geleden afgesproken specia­ listisch onderzoek in het Maxima Medisch Centrum in Eindhoven verhindert mij aanwezig te zijn.

Om deze reden ben ik zo vrij om een opmerking te maken over den ,, door de gemeente Alblasserdam naar voren gebrachte argumentatie betreffende de houding van de Vereniging van Eigenaren m.b.t.het indienen van een beroep bij<’de Raad van State. De gemeente stelt dat de WE zou hebben ingestemd met het bouwplan. Zoals ook al in de pleitnotitie naar voren is gebracht is dit vol­ strekt onjuist,Desalniettenin wordt dit in het verzoek tot opheffing van de schorsing opnieuw naar voren gebracht. Voor de duidelijkheid een korte toelichting.De verwarring komt voort uit het feit dat een meerderheid van de adhwezigen op de ledenver­ gadering van de WE van mening was dat het beroep diende te worden ingesteld door de bewoners zelf en dat dit geen taak was voor de WE. Er is geen sprake van dat de WE zou hebben ingestemd met de ter inzage gelegde bouwplannen. Het zou ook buitengewoon onlogisch zijn geweest,als de WE wel zou hebben ingestemd met de plannen,terwijl een meerderheid van de bewoners er ernstige bezwaren tegen heeft. Het door de heer Nieuwenhuis en ondergetekende ingestelde beroep op de Raad van State wordt dus nog steeds ondersteund door de 12 onder­ tekenaars . Los hiervan heeft ook nog een andere dljkbewoner,namens een aantal andere aan de Oost Kinderdijk wonende bewoners,eveneens een beroep ingesteld bij Uw Raad.

Tot slot merk ik nog op dat bij de ter inzagelegging van dit bouw­ plan in januari 2021 niet minder dan 27 zienswijzen zijn ingediend. Indien de nieuwe Omgevingswet al zou zijn aangenomen,zou dit bouw­ plan nooit uitgevoerd kunnen worden vanwege de eis in de nieuwe Wet dat een groot draagvlak in de omgeving is vereist. Dit draagvlak ontbreekt volkomen. Met de meeste hoogachting.

c---- —

IK

< O

BIJLAGE 3

ADVOCATEN & MEDIATORS

K'] A/ /

f’b'-

/

/£ /

V’ >'

r-

*■*“ ■*

t">?S

■

\ ■

z\

/

LL

I w

S ï' IS

'/ /

Jf /

•:

-51

’ 1 ' ,

I' r

/

/■

'/ r ■

]> l^v

I

1.

'W«

' ’1

I

I

I’ 11 r« 4»1JI 4 ^4/ .fejA;’i i ïf'

I ■i | *

r

I ■

♦»

r

t

Ji5

H

!*^|f

;‘ï^

I»;I i

■ . l■•‘ I

|J k < ‘h

■LV.ü’ fi'l

4

_. i

i!s.

*

<■

3 j. ‘il

'sï:

■‘V. t'O'}

!Xy

A:

1

-

ia jp’

•:; ‘.

•5 .

Si >Si

......................,

lu

■'O

!• • • •

<1

BB

,.:é?feAï,

ni

■1

11

feil • 5®;fKW i-

• . .y .y.« .•''. v* ' - < r,%*>■■'>''ƒ rr® ■

< 9

r;

wi

’jl;

: 'T' '

■ ’< 'A

i

h

II

J*!', ^•’5 ■

M .... lr MllyF®slÊw' «tij» si > ïtl “•aLoio . I til M "l

! i* ' O i

.■Vi i

.! f I '■

tël

i

V l»-

9

,'Wtt: fi^s

VE

i

ra

Bir Ojd ili ëÈtllsi wuift ! •

’>

s I

i'’l k

&A

-

«1^ \ / 2^ 'H• w« ï .... ' ■• - r w' O *"1 .r*^s W '

\ 7.

ri

<:

I

RZJ

/•

«i

'TT

'

t

4.*’

x?/»

sy.''1

JU’ *4*‘ ’

J *ƒ

ijt

. ■

7. F ’’

r,4»r.'

» r

j]

'I

r*'i

h,'

f ;■ ^5 >

■ ...

.

,

■

• "? . jAÉiwb' ïtöZZ «-A

ï

■*<-5»?.i n.v..<^>.- ._

..

’

•.

• K-

fes

'

■ ---------- L^XJX .

CTj

• •»: .

®

■*

'- ,■

Ki' rSV'

<

<•3'

rlwEB I

iS- ♦

“

*

KF

M^'--

u. :"

P

.•’

/ /

■

*x.

’*^*’ir u. -

,./■

LJr

■

R? =

• »>»^. . ■

4

*5

Ff

'

•u^' 'iear^ ' '5?»

**X-

> '■'&

k^aa/-;^-

- F ' jt»V'l.'

*

L

...

7-4

?.'■ - jiv- ■■

/

A''>*-r

/

■

^V,,

.

J?

e

•

, -z

Bi si PB; .;^ ■ ' *

■

IF ■ --M

CVJdl cfWl

6W*1,

»

•XM'. .**■.

*. ->

-

- - <

■ -

?

» «M». ift'

r-TA*^4^

I

S'

i

..

■

■

4 •'

V>/

\ .

" ■*.->’ - / >- ^ F ...

•nr <

■’^

«L-5

?• > ;<i' •’’ 'ï'

...

k/ < 1

l

•X*>«

•‘ f-.’4

. ■

t

r

rfciv^ / /

Mk,' ■

. w •*••■

Pw

A

T

..

~w

Ï'U

/ ,..7 / T““

ƒ /

• v*

/ J !

/ / 7

w-4-

U’

J

■

V

-1--

■■. --

. ■ *•’< ' 'j

>■

-

ƒ. ■"'•

>

«

•'

I

S.

*•

’i

;

j

^#4 •«

,f,

> .•

t *'

f 4r®; 4

-« ■•

«

«ra ■ S> - * fl -,

. •<’ •:'

A'^.

« a.

yXl

rAi

te.

vjs

C

*Mram

3&l w^Êtiè# « "WfyfMOM r^r3 i.

J-^

■

#o ?■'

X.*

*1

?3i? >0 * %’A

'• i

¥ I

‘Ml

y.

KjSM& .

(| ’»l

■'

* *■ ‘ Jk

'X ‘ /

->4‘

J-*

f <i I *c*/ >’ .Jj

'"ï\-

R?'i

r•

' ' i

f

y

g>'

k' kt

h <

I

♦

-c.

•fc-..«'•

’N

: !

>,

I

/

V

KW'T

V

V'

■n’^——

wi

È

•-ft; ■ I I

'* /

-

f "'

' \

n

SH i 1 ^4* Bi — «tH

'T f ;i

l’ H Li 1 Lh I 1 ifè >• S1^: Wrxu2ii I*'

,,JL 11> « 1

■'

■Js

1

ix,.;: *’

■ ♦■*f'

11

-k

|Q*

f^

■ “. V f^'

,^r' «w

.-Mj

«*»

^•jï^Sjè2

■ k

S v-

•K

r ƒ, ■■-

rX ■$

JU-«cSi

S'

' ■" yggSSg ■

1

>■■«' «z

'irfc d

■w'

•*• tii A’ * ■ ’1 • ■ iW-rz'/.: <■

5 1

T!.

WH

.

..-?f ■< i*1

•- *’

>,

■Wi Wv ;• 4»

•M’-Sz-* t'f’S *= ■.• vaïÖ®"'* .- L: ’ *•

-/

Wf li^W' ■1

.

»-

■

'

1 '•

P

; -£

k^SKCs 4 ■ i’A ■ W oikï^i^T•-7V**5, £’>• r^: /,l j^.,

t

1

^sta

—1

1

ta

A !

z

ssniw j

itv^;

I

»£b ■7

- ...

-.

>.. .7^7 ^ --^ •

'^i l'V..

I

7.-

■/^■>: : !'v'i ■;•»■'•'* \^Mi’'5».-a??.’<?‘V’.*

lÓOh ï!aSF’7\

1.

^f-Ê" ■ ' .'.-■^ •■'S éW

•4'

\

T

....

aWMHBBHi ’sT

-----

>-A

c*»

H

ss» ïïS-Si. 'j siiiB» OWRMOw ï* I

t*».;

</f.

:fe

,W;J

1

'i-r *<.1

•*»> L■ •

4

,\

ï/>;•

>

► .

r*

1,

/V '

X

J

/ z

5»=a‘» S.

'«örs

d

h

t

l T

SWS8S® rS-’

r i;.

i) ?j i»b </S» «wwMMiéi.,;

i

'sf

■;.;. ■vV.., >

** * ■ : </ ■■ < ■»*•

•

■r; j

1'

11-^6 »

;i

ra I

41

■ 'n *z iis 1 ï'A'y' ■OMH : F ril® 'V -tiRi ,.,i.lw! WWW ??: w»is 'ï 1^!•■ KW 'Éj Bi was •».‘l V

'M

nA‘',

»■p i > »>> t;»15^; l/jt;

fel

*

*r

\ ’‘ •jW

>1

>

t C I

w ■ / ■•

i

S

T.

■ ■ ' 7J vir*" B

^Tv

I

fc>"''ï'’3'p

. \

I

kwV'j

• ’m'' \.

I

■( A-. (iffl

ƒ

r

wl

k V’.

ï>'

1

i

■ *'

r

ik b.

\ 1 AJ1

' èf i

t

3-Ö

BIJLAGE 4

ADVOCATEN & MEDIATORS

BouwzakenPlus Wester Hordijk 326 3079 DM Rotterdam

BOUWZAKEN

1 f

Dhr. G de Groot Oost Kinderdijk 167b 2953 CK Alblasserdam

datum:

23 mei 2022

Omschrijving.

nieuwbouw tpv voormalig kassenterrein Jonker

Ref. Ne

2204 8220523

Memo Geachte heer Oe Groot,

Naar aanleiding van uw verzoek/ vraag mbt het bouwen ter plaatse van het Rassenterrein Jonker In relatie tot peil begane grondvloer heb ik de volgende conclusie: het aanleggen van deze woningen volgens de regels In het bestemmingsplan is niet in overeenstemming met het vigerend huidige beleid, zoals afgesproken tussen de burgerlijke gemeenten en het Waterschap. Bovendien Is het ook niet wenselijk.

Hieronder zijn onze overwegingen: • Oe volgende overwegingen zijn met name van toepassing op "nieuwbouw. "Bestaande bouw” In bestaande situaties hebben "een rechtens verkregen niveau" Oe definitie van het peil Is In het bestemmingsplan benoemd in art 1.54

•

-

-

De ontsluitingsweg mag niet hoger aangelegd worden dan het maaiveld (art 8.4.1a) Het huidige maaiveld gem. 1,85 -/- NAP (volgens 5 metingen op AHN.nl) Het polderpeil 2,07 -/■ NAP (WSRL, polderbesluit NDW 034 (Blokweer) De hoogte van het peil van de woningen max 1,65 -/- NAP (volgens de definitief bestemmingsplan art. 1.54a of 1.54c) De drooglegging Is 42 cm (2,07 -/- NAP minus 1,65 -/-NAP) Gebruikelijk is dat de drooglegging tussen de 1,0 m' en 2,0 m' dient te zijn. (De exacte afspraak tussen WSRL en gem. Alblasserdam Is ons onbekend, maar 1,0 m' Is het minimum) Bij een te lage drooglegging zijn er verschillende technische beperkingen o 1 keer per 10 Jaar mag het waterpeil 30 cm stijgen, dat betekent dat de tuin/woning van de toekomstige bewoners onderwater gaat staan. Gelet op de klimaatverandering wordt dit eerder een groter probleem, dan kleiner. o Het beleid t.b.v. het aanleggen van nieuwe Nutsvoorzieningen gaan ervan uit dat de kabels niet in het grondwater liggen. o l.v.m. het inklinken van de onderliggende veenlagen zullen de bewoners maaiveld regelmatig moeten ophogen, rioleringen dienen hierop berekent te worden i.v.m. de verzakkingen.

Vanuit een bouwkundig oogpunt is het verhogen van het maaiveld met 70 -100 cm de enige en Juiste oplossing.

Mochten u nog vrj Met vrij

(lijke

lemen ts

/

c.q. opmerkingen hebben, bel of mail gerust,

t

BIJLAGE 5

ADVOCATEN & MEDIATORS

r

nieuws 5 Geen 6, maar 23 bomen illegaal gekapt Woensdag 23 november2022 j ©hetkontakt.nl

2 3

2 o L T.

Bij de illegale bomenkap in maart 2021 bij de kassen van Jonker in Alblasserdam zijn geen zes maar 23 bomen zonder vergunning gekapt. De projectontwikkelaar kreeg alleen een voorwaardelijke straf. ALBLASSERDAM • Het Alblasser damsc gemeentebestuur gaf destijds aan dat er ‘ongeveer zés bomen* illegaal waren gekapt. Uit het proces-verbaal van de buitengewoon opsporingsambtenaar fBOA) die de kap op 5 maart 2021 stillegde, blijkt echter dat het gaat om 23 bomen. Dit wordt bevestigd door een woord­ voerder van Omgevingsdicnst ZuidHolland Zuid. ‘Het gaat daarbij inderdaad om 23 illegaal gekapte bomen. De zes bomen stonden wat afgezonderd van de andere, wat verdérop het perceel.’ Op de bewuste vrijdag in maart gingenvijfpersonenaandeslagmethet kappen van bomen aan de Oost-Kin* derdijk 187a, de locatie van de kas* sen Jonker. Opdrachtgever was projectontwikkelaar Bogor Projectontwikkeling, die op het terrein nieuwe woningen wil bouwen.

al 23 bomen gekapt, die voor het proces verbaal minutieus inclusief foto's en omschrijvingen werden vastgelegd door de BOA. Een later in opdracht van de gemeente Alblasserdam opgestelde taxatie komt uit op een bedrag van 10.823 euro aan schade c.q. vervangingskosten.

ft

;*

Een vergunning had aangevraagd moeten worden voor alles dikker dan twintig centimeter op een hoogte van 1,30 meter. Uit de rapportage van de BOA blijkt dat dertien van de gekapte bomen een dia­ meter hadden van meer dan veertig centimeter. Vijf waren meer dan der tig centimeter, de diameters van de overige bomen lagen tussen de 28 en de 29,5 centimeter. De metingen wa­ ren echter' niet op 1,30 meter; dat was ook niet mogclijk, aangezien de bomen al gekapt waren,

II

s»

Wethouder Het totaalaantal van 23 bomen werd door toenmalig wethouder Aijan Kraijo ook niet genoemd inderaadsvergadering qp 24 maart, waarbij de * In totaal wtrdcn 23 bomen bij de kanen van Jonker illegaal gekopt. illegale bomenkap ter sprake kwam, Waarom destyds over zes bomen dateerd op 8 maart, ruim twee we- woordvoerder van de gemeente deswerd gesproken? ken voor de raadsvergadering. gevraagd toe. "Dit is helaas destijds ongelukkig geformuleerd." "Op bij de woord* Wat betreft een sanctie voor de ver . dat moment was *" .......................... Minutieus vastgelegd voerder niet bekend dat het in totaal antwoordelijk projectontwikkelaar Een zwaardere sanctie was niet mo De ambtenaar vroeg de uitvoerder om 23 bomen ging", laat de ge- - "Het berust echt .>p een misver- gelijk. “Wij zijn als gemeente gehounaar de benodigde -kapvergunning. meente nu weten. 'De zes bomen stand. Ik wist niet dat ik hier een den aan de bestuursrechtclijke inDie bleek er niet te zijn, waarna de maakten onderdeel uit van de 23 bo- kapvergunning voor nodig had", rea- strumenten die ons worden gegeven werkzaamheden meteen werden inen/Opmerkelijk is het wel, want geerde de projectoi.cwiKKeiaar in om te handhaven. In dit gevui hadstilgelegd.

Op dat moment waren er het proces-verbaal van de BOA is ge- maart 2021 - gaf Kraijo aan dat er den wij dc mogelijkheid een last oneen procedure loopt voor een be- der dwangsom op te leggen en dat is stuurlijke boete. Maar twaalf dagen dus op 12 maart 2021 ook gebeurd, eerder, op 12 maart, had de Omge De last onder dwangsom is om te vingsdienst Zuid-Hclland Zuid in ALBLASSBiOAM-ïl.. . ................... ........ *... De Omgevingsdirnv Zuld-Holland Zuid verleende onopdracht van de gemeente Alblas- ^Groenlicht raad serdam de projectontwikkelaar al laten weten wat de sanctie was. De Alblasserdamse raad gaf in ^ JonEÉr™ «ft,.Ruifde «uk grond * wüc h maart 2022 groen licht voor mwrt vorig j»r Illegaal bomen rijd getapt. lnmiddrf5Ma« den vergunHe. ging d.arb.j om. na.rs. de her de bouw van circa achttien woningen op de plek van de kassen van jonker. Wethouder Week niet het gevat te zijn, laat een woordvoerder weten: -WIJ dadnen dat onder dwangsom van 5.000 euro per Kraijo gaf aan dat de kans de hetglngomdealreedsgetaptebomen.Nudatn.eteobHJktteelJn.gaanwe in de toekomst illegaal gekapte Raad van State op basis.van : .mèfallê psrtljiMi inTTafel om Jé kijken hoe we dit kunnen oplossen. Tegen ' boom. -De boete waar de wethouder de herwaren de plannen te­ het kappen van deie iestienbomen Is ook een bezwaar mgedlend* in deze uitspraak op doelt betref, de gen zal houden klein is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/484/documents/11176