CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Zienswijze gemeenteraad Alblasserdam op Vjb 2026, Begr. 2027-2030 en ombuigingvoorstellen.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 23 juni 2026, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 7: Zienswijze gemeenteraad Alblasserdam op voorjaarsbrief 2026, begroting 2027 en ombuigingsvoorstellen GR Sociaal - Voorstel2.703 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Adres Cortgene 2 Postbus 2 2950 AA Alblasserdam

Gemeenschappelijke Regeling Sociaal t.a.v. het Dagelijks Bestuur Postbus 619 3330 AP Dordrecht

T: 14-078 F: (078) 770 80 80 I: www.alblasserdam.nl Btw-nummer: NL001918412B01 IBAN: NL31BNGH0285000152

Datum

Geacht dagelijks bestuur van de GR Sociaal,

23 juni 2026

Betreft Zienswijze voorjaarsbrief 2026,

Dank voor het ter zienswijze voorleggen van de voorjaarsbrief 2026 en de begroting 2027-2030. We waarderen het dat de stukken zorgvuldig zijn opgesteld.

begroting 2027-2030 en lijst met ombuigingsvoorstellen

Uw kenmerk 2026-4

Uw brief van 13 april 2026

Ons nummer 2026-0057823

Bijlage(n) geen

Contactpersoon Wilfred Boele E: w.boele@alblasserdam.nl

Uit de stukken blijkt dat de verwachte bijdrage van onze gemeente voor het komende kalenderjaar met een enorm bedrag is bijgesteld. Ook blijkt dat de bestuurlijke opdracht – die moest leiden tot verlichting van de financiële druk – grotendeels niet is behaald. Dat zijn ingrijpende feiten. Het is voor ons reden om in het eerste deel van deze zienswijze u een aantal vragen voor te leggen. In deel twee van de zienswijze geven we vervolgens input over welke ontwikkeling – gegeven de genoemde feiten en andere ervaringen – volgens ons nodig is in bestuur en organisatie van de GR Sociaal. In het derde deel van onze zienswijze geven wij input over hoe de verwachte gemeentelijke bijdrage kan worden verlaagd. Daarbij gaan we ook in op de voorstellen die u in dat kader hebt meegestuurd. Onze specifieke input per maatregel hebben we genoteerd in een bijlage.

1. Teleurgesteld over verwachte toename

T: 06 81923860

Enorme impact van bijstelling begroting Uit de stukken blijkt dat we worden geconfronteerd met een enorme toename van onze verwachte bijdrage. De bijdrage voor dit kalenderjaar wordt bijgesteld met een bedrag van bijna € 1,4 miljoen en de bijstelling voor 2027 is niet minder

dan bijna € 2,5 miljoen1. Het is waar dat we ook te maken hebben met verwachte stijgingen van inkomsten van het Rijk, maar vooral voor 2027 volstaan deze inkomsten bij lange na niet. We vinden het belangrijk dat u zich ervan bewust bent dat in het bijzonder de bijstelling voor 2027 een complex en ingrijpend vraagstuk oplevert voor onze gemeente. We hebben in Alblasserdam in aanloop naar dit kalenderjaar namelijk al veel ombuigingen doorgevoerd. De resterende opties voor lokale bezuinigingen betreffen dan ook stuk voor stuk pijnlijke maatregelen, die direct onze inwoners raken. Belangrijke oorzaak is bijstelling bestuurlijke opdracht We hebben de behoefte u erop te wijzen dat de verwachte toename van afdracht sterk samenhangt met uw bijstelling van de bestuurlijke opdracht. Omdat het uit de informatie die u zelf beschikbaar stelt niet direct duidelijk wordt, hebben we zelf in een overzicht gezet wat het verschil is tussen uw doelstellingen met die opdracht vorig jaar en uw huidige prognose. Verschil verwachte besparing in vorige en actuele meerjarenbegroting. Bedragen x € 1.000 2026 2027 2028 2029 Verwachte besparing 8.806 11.818 14.809 17.479 vorig jaar (bron: begroting 2026-2029) Actuele verwachte 4.789 4.819 4.819 4.818 besparing (bron: begroting 2027-2030) Verschil 4.017 6.999 9.990 12.661 Actuele verwachting 54% 41% 33% 28% t.o.v.

eerdere verwachting in procenten Gelet op de enorme bijstelling moet geconcludeerd worden dat de oorspronkelijke bestuurlijke opdracht is mislukt. Ook kan uit het schema worden afgeleid dat de financiële situatie nu heel anders zou zijn indien de bestuurlijke opdracht volgens planning was verlopen. Een van de onwenselijke gevolgen is dat we nu onder stoom en kokend water tot nadere ombuigingen moeten komen. Bovendien worden nieuwe colleges opgezadeld met dit financiële vraagstuk; dat is bijzonder ongelukkig. Waarom niet eerder bijgestuurd? U geeft aan dat u de bestuurlijke opdracht hebt moeten bijstellen vanwege het aanpassen van de maatregel uitstroom bijstandsklanten. Dat die aanpassing tot 1

De som is gemaakt door te vergelijken tussen de betreffende bedragen van de begroting ter zienswijze vorig jaar en de nu voorliggende voorjaarsbrief en begroting 2027-2030

2

zo’n grote bijstelling leidt, komt omdat het grootste deel van de eerdere bestuurlijke opdracht bestond uit het verhogen van uitstroom uit de bijstand. We wijzen u erop dat wij in onze zienswijze van vorig jaar al uitvoerig onze twijfels hebben geuit bij het realisme van juist dit deel van de bestuurlijke opdracht. Ons punt was niet zozeer dat het sowieso onmogelijk is om de uitstroom significant te verhogen, maar was dat zo’n verhoging zorgvuldig onderbouwde plannen vereist. We hebben u laten weten dat het daar naar ons idee aan ontbrak. Dit is reden voor ons om de volgende kritische vragen te stellen: 1. Hoe komt het dat u op basis van onze input niet eerder hebt bijgestuurd? 2. Hoe kan het überhaupt dat u hebt voorgesteld de bestuurlijke opdracht grotendeels te realiseren door het verhogen van uitstroom, zonder dit gepaard te laten gaan met een degelijke onderbouwing over waarom en hoe dit haalbaar zou zijn? We vinden het jammer dat we u deze vragen moeten stellen. Wij hadden het namelijk passend gevonden als u uit eigen beweging kritisch had gereflecteerd op het verloop van de bestuurlijke opdracht tot nu toe. Graag horen we van u waarom u dit niet heeft gedaan.

2. Input over benodigde ontwikkeling van uw organisatie Er is nog meer waar we teleurgesteld over zijn en waar we ons zorgen over maken. Te denken valt aan het feit dat u vaak wat vlak reageert op onze zienswijzen: zoals onlangs nog uw verstuurde reactie op onze zienswijze op de aanpassing van de financiële verordening, waar het zelfs ontbreekt aan elke argumentatie. Waar het gaat om zorgen, noemen we ook opnieuw het functioneren van uw organisatieonderdeel dat zich bezighoudt met ontwikkelen naar werk, waaronder Drechtwerk. Daar gaat veel geld in om, terwijl tegelijkertijd de effectiviteit te kort lijkt te schieten. We werken dat verder uit in het laatste deel van onze zienswijze. We delen nu eerst een aantal inzichten over de oorzaken van genoemde teleurstellingen en zorgen. We doen dit mede omdat er binnen afzienbare tijd een nieuw dagelijks bestuur en algemeen bestuur aan de slag zal gaan. Zo willen we bijdragen aan het functioneren van de GR Sociaal tijdens de komende bestuursperiode. We staan weliswaar op afstand van de dagelijkse gang van zaken, maar die afstand kan voor het maken van een analyse ook behulpzaam zijn. a. Kwaliteitsstandaarden verhogen

3

Een eerste inzicht heeft betrekking op de kwaliteitsstandaarden die u hanteert. Indien de kwaliteit van onderbouwingen zoals die van financiële keuzes (denk aan de oorspronkelijke bestuurlijke opdracht) en van de reacties op zienswijzen sterk omhooggaan, is er veel gewonnen. Deugdelijke onderliggende argumentatie is dan ook de kern van degelijk overheidsbeleid (bijv. Hoogerwerf e.a., 20212). b. Meer gevoel hebben bij wat er lokaal leeft Een tweede inzicht is dat er niet zoveel gevoel lijkt te zijn voor wat er lokaal speelt qua gemeentefinanciën en daarmee voor de enorme opgave waar wij voor staan, maar ook voor de waarde van de vele inzichten die wij met u delen. Het is dus belangrijk dat dit gevoel wordt versterkt. Dat bevordert immers dat de besluiten die worden genomen aansluiten bij onze lokale ideeën, behoeften en wensen. c. Openstaan voor tegenspraak Het derde is dat, zo krijgen we de indruk, tegenspraak in uw bestuurlijke besluitvorming niet de plek krijgt die het verdient. Indien onderbouwde afwijkende inzichten vooral als lastig worden beschouwd, zit u volgens ons op het verkeerde spoor. Ze zijn namelijk juist essentieel voor het nemen van zorgvuldige besluiten. We horen graag van u hoe het komt dat van bovengenoemde tekortkomingen sprake is. En we horen graag wat u gaat doen om verbetering aan te brengen.

Meewerken aan implementatie van aanbevelingen regiegroep Mede ingegeven door de veranderende financiële situatie van gemeenten is afgelopen jaar een regionale regiegroep ombuigingen ingesteld. Deze regiegroep bestond uit bestuurders van alle Drechtstedengemeenten, een afvaardiging van de gemeentesecretarissen, en werd ondersteund door concerncontrollers en bestuursadviseurs. De regiegroep heeft een aantal aanbevelingen gedaan die komende bestuursperiode verder uitgewerkt gaan worden. Deze hebben betrekking op de kaderstelling vanuit de deelnemende gemeenten. Het gaat ook over het versterken van de betrokkenheid en informatiepositie van de gemeenteraden. Wij zien de noodzaak van deze aanbevelingen in en hechten er veel waarde aan dat ze leiden tot werkelijke veranderingen. We vragen u dan ook om een coöperatieve houding bij de implementatie.

3. Hoe de geraamde gemeentelijke bijdrage te verlagen In dit laatste deel van onze zienswijze geven wij onze input over hoe nu alsnog en al zoveel mogelijk op korte termijn tot realistische ombuigingen te komen. In dat kader heeft u ons een overzicht verstuurd met daarop meer dan 40 2

Hoogerwerf, A., Herweijer, M., & van Montfort, A. J. G. M. (2021). Overheidsbeleid: een inleiding in de beleidswetenschap. Wolters Kluwer.

4

maatregelen. Een deel van de voorstellen heeft betrekking op het domein bestaanszekerheid versterken, een ander deel op ontwikkelen naar werk en weer een ander deel op het domein zorgen voor ondersteuning. We danken u voor het verstrekken van deze informatie. Deze aanpak geeft ons vooralsnog het vertrouwen dat er zo echt een significante verlaging van onze verwachte afdracht gerealiseerd kan worden. We zijn ook blij dat er wordt toegewerkt naar een begrotingswijziging in de zomer; dit helpt voor het lokale begrotingsproces. Dat neemt niet weg dat we het een opgave vinden om keuzes te maken. We beseffen namelijk het gewicht van onze input bij het bepalen welke voorstellen wel en niet werkelijk doorgevoerd gaan worden, terwijl het gaat om voorstellen die inwoners raken. En we krijgen maar weinig tijd voor het verstrekken van onze input. Onze specifieke input per maatregel geven we in de bijlage bij deze zienswijze. Hieronder noteren we de uitgangspunten op basis waarvan we onze input in de bijlage hebben bepaald. Die geven meteen een nadere duiding aan onze input over de lijst met opties als geheel. Financieel noodzakelijk Zoals gezegd beseffen we dat veel van de maatregelen direct effect hebben op de dienstverlening aan onze inwoners.

Tegelijk verkeert onze gemeente in een dermate moeilijke financiële situatie dat we niet de luxe hebben om over veel maatregelen aan te geven dat we ze niet doorgevoerd willen hebben. Voorkomen stapeling effecten voor dezelfde minima We zijn qua instemmen het meest terughoudend geweest met maatregelen die betrekking hebben op bestaanszekerheid versterken en daarmee op minima. Er zijn verschillende maatregelen in het domein van Wmo die, hoewel we ze in algemene zin verdedigbaar vinden, ook minima raken. Denk hierbij aan het verhogen van eigen bijdragen voor de wasservice en voor scootmobielen. Om te voorkomen dat ook minima hierdoor geraakt worden vragen wij u hiervoor een oplossing te vinden. Voor zover we dat kunnen beoordelen is een geschikte manier ervoor te zorgen dat er bijzondere bijstand kan worden aangevraagd voor de betreffende bijdragen voor Wmo-voorzieningen. Indammen organisatiekosten boven ingrijpende maatregelen voor inwoners Het risico bestaat dat er maatregelen doorgevoerd gaan worden die betekenisvolle gevolgen hebben voor onze inwoners, terwijl reële opties tot bezuinigingen op uw organisatie worden ontzien. We geven met nadruk aan dat we het optreden van dit risico willen voorkomen. Besparing personeelskosten en overhead

5

In het licht van voorgaande waarderen we het positief dat het AB heeft besloten (zie pagina 10 voorjaarsbrief en pagina 9 begroting) dat er een structurele ombuiging van € 2 miljoen moet worden gerealiseerd op uw personeelskosten en overhead. Het verbaast ons echter dat u dat grotendeels (voor € 1,3 miljoen) doet door salariskosten anders te begroten: zo’n begrotingstechnische aanpassing kunnen we niet beschouwen als een daadwerkelijke ombuiging. Apparaat verlagen vanwege ombuigingen In de omvang van de bezuinigingsbedragen is nu niet verwerkt hoeveel apparaatskosten ermee bespaard kunnen worden. We vragen u dat alsnog per maatregel onderbouwd inzichtelijk te maken. Ook verwachten we van u dat u werkelijk uw apparaat verkleint en dat u uw begroting hierop aanpast. Besparing nodig op organisatieonderdeel ontwikkelen naar werk We hechten er sterk aan dat het organisatieonderdeel ontwikkelen naar werk anders wordt georganiseerd. We menen dat het mogelijk moet zijn om inwoners beter te helpen en tegelijk jaarlijks vele miljoenen euro’s te besparen. Dat dit besparingsbedrag mogelijk moet zijn blijkt als we kijken naar het grote verschil tussen de betreffende rijksinkomsten en uitgaven.

Belangrijk hierin is Drechtwerk: uit eigen berekeningen leren we dat wij en andere gemeenten voor dit jaar al bij elkaar € 7 miljoen meer afdragen dan we ontvangen, en dat dit bij ongewijzigd beleid oploopt naar € 9,5 miljoen in 2030. Dit grote verschil valt niet los te zien van het feit dat de inrichting van het bedrijf nog steeds niet op de nieuwe realiteit per 2015 (sindsdien is er geen reguliere instroom meer in het sociaal werkbedrijf) is aangepast, terwijl het Rijk zijn financiering daar wél op afstemt. Wij willen dat het verschil tussen betreffende Rijksinkomsten en onze uitgaven aan uw organisatie naar nul toe groeit. Daarbij wijzen we erop dat er ter ondersteuning van het realiseren hiervan geschikte literatuur voorhanden is, zoals de SZW-publicatie ‘Organisatiemodellen, handreiking inrichting en organisatie sociaal ontwikkelbedrijf’ (2025). We zullen bij de behandeling van de plannen over de toekomstige inrichting van de participatie-infrastructuur scherp letten op de mate waarin er financieel toekomstbestendige keuzes worden gemaakt. Substantieel verkleinen BUIG-inkomsten en -uitgaven Ondanks de disbalans tussen rijksinkomsten en gemeentelijke uitgaven ten aanzien van participatie, hebben we als regio en ook lokaal een groot tekort op de BUIG-middelen. Als we het goed zien, betekent dit dat de effectiviteit van uw organisatie op dit onderdeel fors tekortschiet.

Volgens ons zou het uitgangspunt moeten zijn dat de BUIG-middelen grosso modo volstaan. Nu is het verwachte verschil volgens eigen berekeningen voor 2027 echter maar liefst € 10,5 miljoen en loopt het op naar € 14,5 miljoen in

6

2030.3 Prioriteit moet zijn om dit snel af te bouwen, en dat met realistisch en helder onderbouwde organisatorische en beleidsmatige keuzes. Naar een uitvoeringsorganisatie? Ten slotte is er misschien nog meer mogelijk door de opzet van de samenwerking in de GR Sociaal anders in te richten, namelijk door de beleidsmatige aansturing bij gemeenten te beleggen en van de Sociale Dienst een pure uitvoeringsorganisatie te maken. Wij hebben meer informatie nodig om te beoordelen of dit een verstandige ontwikkeling is, maar we willen dit wel verkennen. We gaan ervan uit dat de evaluatie van de gemeenschappelijke regeling die op de rol staat hierbij van pas zal komen. Concept visie sociaal domein Het laatste uitgangspunt voor onze input betreft onze lokale concept visie sociaal domein. Daarin stellen we aan de orde dat er – in het bijzonder in het domein van jeugdhulp en Wmo – sprake is van een sterke toename van specialistische ondersteuning en dat deze zich naar verwachting, zeker bij ongewijzigd beleid, voortzet. Volgens de concept visie is dit een zorgelijk signaal over de samenleving. Ook wordt aan de orde gesteld dat de groei op termijn niet meer te dragen is, onder meer qua benodigde personeelscapaciteit. Centraal in het document staan drie speerpunten die richting geven bij hoe we willen omgaan met deze ontwikkeling. Dit zijn: 1.

op onderdelen meer vragen van inwoners zelf en hun netwerk; 2. specialistische ondersteuning verminderen door meer inzet van lokale voorzieningen die gericht zijn op het mogelijk maken van een voor de inwoner zinvol leven; 3. bevorderen dat hulp en ondersteuningsinitiatieven vanuit de samenleving worden opgezet. Financieel-technische maatregelen Buiten de ombuigingsvoorstellen is het mogelijk de begroting neerwaarts bij te stellen door middel van het nemen van verschillende financieel-technische maatregelen zoals het wijzigen van uitgangspunten voor opstellen van de begroting. Een belangrijke is het koppelen van de groei in lasten met de meerjarige groei aan Rijksinkomsten. We zijn positief over zulke voorstellen, maar alleen zo lang ze niet in strijd zijn met realistisch begroten. Ten slotte: mandaat om niet in te stemmen Zoals al opgemerkt hebben we niet alleen maar positieve ervaringen met uw reacties op onze zienswijzen. Tegelijk komt deze zienswijze voort uit oprechte zorgen en is datgene wat wij u erin meegeven voor ons van groot gewicht. We geven ons college daarom bewust de vrijheid niet in te stemmen met deze begroting indien uw reactie op deze zienswijze hiertoe aanleiding geeft. Met vriendelijke groet, de gemeenteraad Alblasserdam 3

We hebben gekeken naar het verschil tussen de BUIG-inkomsten van de Drechtstedengemeenten en de begrote uitgaven voor inkomensondersteuning.

7

De griffier,

De voorzitter,

I. de Gruijter

J. W. Boersma

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/836/documents/18911