Zienswijzebrief Programmabegroting 2026 GGD NOG
Tekst van het document
AANGETEKEND GGD Noord- en Oost-Gelderland t.a.v. M. de Vries Rijksstraatweg 65 7231 AC WARNSVELD
Aalten Verzonden
: :
6 mei 2025
Zaaknummer Bijlage(n)
: : : : : : :
Z/25/180087
Uw kenmerk Telefoonnummer Beh. ambtenaar Onderwerp
(0543) 49 33 33 de heer R.R.S. Bosch Zienswijze op (concept) Programmabegroting 2026 GGD NOG
Geacht bestuur, Per 1 juli 2022 is de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) gewijzigd. Deze wijziging heeft onder meer met zich meegebracht dat gemeenteraden 12 weken de tijd hebben om een zienswijze in te dienen op de conceptbegroting (art. 35 lid 1 Wgr) en wordt er van u verwacht hierop een reactie te geven (art. 35 lid 5 Wgr). De wetgever heeft onder andere deze wijziging in de wet aangebracht, met als doelstelling het versterken van de democratische legitimatie van gemeenteraden. Als gemeenteraad zijn we u zeer erkentelijk dat u meer dan proactief gevolg heeft gegeven aan de wetswijziging, omdat we ons bewust zijn van het feit welke extra procesmatige druk dat op uw organisatie zet. 1. Uitdagingen rondom de bezuinigingen van Pandemische Paraatheid en het niet gegund krijgen van medische arrestantenzorg (MAZ) Vrijdag 18 april 2025 stuurde minister Heinen de Voorjaarsnota 2025 naar de Tweede Kamer. Hierin is nog geen correctie gemaakt op de eerder aangekondigde structurele bezuiniging van 300 miljoen op de pandemische paraatheid van Nederland. Minister Agema zegde eerder toe hier een oplossing voor te zoeken. Het bestuur van de GGD NOG heeft ons medegedeeld dat de voorgenomen bezuinigingen van 300 miljoen euro een beslag legt van 1,3 miljoen euro op onze GGD-begroting.
Daarnaast brengt dit grote risico’s mee omtrent de pandemische paraatheid, waardoor de volksgezondheid van onze inwoners in het geding komt. Verder heeft de GGD NOG de aanbesteding in politieregio Oost voor de medische arrestantenzorg (MAZ) niet gegund gekregen. Naar verluidt is er geen enkele GGD in het land die de opdracht wel heeft gekregen. Dit heeft gevolgen voor de inrichting van de forensische geneeskunde bij GGD NOG. Met het landelijk ingezette beleid constateren wij dat preventie in zijn algemeenheid en de publieke gezondheidstaak geweld wordt aangedaan. Wij willen u oproepen, gezamenlijk met andere GGD-en en/of VNG, de noodklok te luiden én hiervoor eventueel onconventionele (communicatie) middelen te gebruiken. 2. Erkentelijk voor ingezette koers om bezuinigingen door te voeren middels een begrotingswijziging einde van dit jaar, ondanks de grote (financiële) tegenvallers
Zowel de GGD NOG als de gemeenten staan door landelijke bezuinigingen voor een flinke financiële opgave in 2026. Ondanks de opgelegde bezuinigingen, zoals beschreven onder 1, – maar ook ontwikkelingen zoals omtrent het Rijksvaccinatieprogramma – werkt de GGD NOG op dit moment verschillende bezuinigingsscenario’s uit voor 2026. De planning is om het AB hier in november 2025 een besluit over te laten nemen. De uitkomst van dit besluit leidt mogelijk tot een eerste begrotingswijziging 2026. Wij willen hier onze waardering voor uitspreken, maar eveneens benadrukken dat we verwachten dat bij een begrotingswijziging, waarbij sprake zal zijn van bezuinigingen of een wijziging in de inwonersbijdrage van gemeenten, deze voor zienswijze wordt voorgelegd aan de gemeenteraden. 3. Uitkomsten GGD Robuust / Bestuursagenda in voorjaar 2025 In kader van GGD Robuust en de Bestuursagenda zijn de volgende aandachtspunten geformuleerd: 1) Beter inspelen op de vraag van gemeenten 2) Vanuit partnerschap afspraken maken 3) Data: Veiligheidsrisico’s wegnemen en gemeenten beter faciliteren met data 4) Arbeidsmarkt 5) Bedrijfsvoering 6) Communicatie 7) Medische Milieukunde 8) Infectieziektebestrijding De evaluatie van GGD Robuust / Bestuursagenda (2023-2027) is gepland in het voorjaar 2025. Wij zien dat het op hoofdlijnen conform planning verloopt.
We zouden graag periodiek op de hoogte gehouden worden omtrent de vorderingen. 4. Waardering voor de ontwikkelingen en beleidsindicatoren De GGD NOG staat voor veel ontwikkelingen en uitdagingen. Deze ontwikkelingen en uitdagingen hebben gevolgen voor de positionering, het takenpakket en de bedrijfsvoering van de GGD NOG. De afgelopen jaren heeft de GGD NOG – onder andere door COVID’19 - veel veerkracht en flexibiliteit getoond. Ook zijn er de afgelopen jaren diverse goede ontwikkelingen in gang gezet. Onder andere door het programma GGD Robuust speelt de GGD NOG beter in op de vraag van gemeenten. Voorbeelden zijn de nieuwe Producten en Diensten Catalogus (PDC), het nieuwe Kompas Volksgezondheid, de ontwikkeling van indicatoren, het regionale maatwerk voor het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en het uitwerken van de bezuinigingsscenario’s in het kader van het financiële ‘Ravijnjaar’ 2026. Wij willen waardering uitspreken voor de veerkracht en de in gang gezette ontwikkelingen. 5. Het instellen van een gemeenschappelijke adviescommissie Het is ongebruikelijk een zienswijze in te dienen op onderwerpen die geen betrekking hebben op de (concept) begroting van de GGD NOG. Daarentegen hebben wij opgemerkt dat de gemeenteraad van Berkelland een zienswijze heeft ingediend omtrent de gemeenschappelijke adviescommissie (art. 24a Wgr).
Als gemeenteraad van Aalten willen wij, hoewel afwijkend van de bedoeling van een zienswijzeprocedure (op een begroting), de leden van het algemeen bestuur oproepen, het AB-lid van de gemeente Berkelland te overtuigen van het (raads)belang omtrent deze adviescommissie. Daarnaast willen wij de bezwaren van de gemeenteraad van Berkelland bestrijden dan wel nuanceren. In het onderstaande tekstvak vindt u de ingediende zienswijze van de raad van Berkelland omtrent de adviescommissie.
Verzoek om geen gemeenschappelijke adviescommissie in te stellen Tot nu toe is het in de gemeente Berkelland gebruikelijk geweest bij belangrijke besluiten over de GGD, de GGD zelf uit te nodigen om een toelichting te geven in een commissievergadering of raadsinformatiebijeenkomst. Op die manier worden alle raadsleden gelijk geïnformeerd en is er ruimte voor het stellen van vragen. Het gaat bij de adviescommissie om één afgevaardigde per raad en een plaatsvervanger. Hierdoor heeft niet iedereen in de raad dezelfde informatiepositie. Dat ziet de raad van Berkelland als een belangrijk nadeel. Het verzoek is aan de GGD NOG om geen gemeenschappelijke adviescommissie in te stellen.
De instelling van een raadsadviescommissie geschiedt door het algemeen bestuur, op verzoek van de betrokken gemeenteraden (art. 24a lid 1 Wgr). Alle raden moeten instemmen met de instelling van de raadsadviescommissie – maar als ze dat doen – dan is het voor het algemeen bestuur ook een verplichting om tot instelling over te gaan. Het kiezen van de leden van de commissie is dan weer aan de raden, waarbij een raad er ook voor kan kiezen niet actief te participeren (art. 24a lid 3 Wgr). Kortom, bij het uitblijven van het voorstel van de raad van Berkelland om te komen tot een adviescommissie, staat het geheel op losse schroeven. Zoals we dit al hebben waargenomen bij de VNOG. De raad van Berkelland betoogt dat bij één afgevaardigde per raad en een plaatsvervanger in een adviescommissie er een verschil in (informatie)positie ontstaan binnen haar raad. Dit is eenvoudig op te lossen door als gemeenteraad van Berkelland wél akkoord te gaan met een adviescommissie, maar uit haar midden geen afvaardiging aan te wijzen. Hierdoor blijft per saldo de (informatie)positie van de gehele gemeenteraad van Berkelland gelijk, maar is zij wel solidair aan de wens van de andere 21 deelnemende gemeenteraden. Samengevat roepen wij de AB-leden van de GGD op om het AB-lid van Berkelland, op basis van bovenstaande argumentatie, te overtuigen van het belang van een gemeenschappelijke adviescommissie.
Daarnaast zouden wij het op prijs stellen als het dagelijks bestuur in haar reactie op onze zienswijze aan het algemeen bestuur (art. 35 lid 5 Wgr) onze oproep ondersteund, dan wel afwijst. Neem contact op als u vragen hebt Nog vragen? Neem dan contact met ons op via het algemene telefoonnummer (0543) - 49 33 33. Of stuur een e-mail: gemeente@aalten.nl
Hoogachtend, burgemeester en wethouders van de gemeente Aalten
Drs. A.J.M. Gildhuis Secretaris/Algemeen Directeur
mr. A.B. Stapelkamp Burgemeester