CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

toelichting en regels Kern De Heurne, herziening 2021.pdf

Gemeenteraad 31 mei 2022, gemeente AaltenBij agendapunt: Voorstel tot gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan Kern De Heurne, herziening 202224.598 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Het verharde oppervlak mag niet worden aangesloten op de riolering, afkoppeling dient plaats te vinden conform de afkoppelbeslisboom. Aangezien hoogstwaarschijnlijk geen sprake is van hergebruik van hemelwater of het toepassen van vegetatiedaken, dient een bergings-c.q. infiltratievoorziening te worden gerealiseerd. Het hemelwater afkomstig van daken (bebouwing) en de openbare weg dient bovengronds te worden afgevoerd naar de bergingsvoorziening.

Kern De Heurne, herziening 2021

NL.IMRO.0197.BP00109-ON01

vastgesteld

32

Vanuit de bergingsvoorziening kan het hemelwater in de bodem infiltreren. Uit het thema “grondwateroverlast” blijkt dat de hydrologische situatie in het plangebied na ophoging van het maaiveld geschikt is voor infiltratie van hemelwater middels wadi's, infiltratiekratten, infiltratiegreppels of infiltratieriool. Een infiltratievoorziening dient boven de GHG te worden aangelegd, om te voorkomen dat grondwater in de voorziening stroomt. Voor onderhavige situatie betekent dat dat de onderkant van een voorziening niet dieper mag zijn dan 0,7 m -mv, na ophoging van het maaiveld. Mits de locatie met meer dan een meter wordt opgehoogd, is toepassing van infiltratieriolering derhalve niet mogelijk. De voorziening dient te worden voorzien van een noodoverloop om wateroverlast in extreme situaties te voorkomen. Het overtollige water moet stromen naar een plek waar het geen overlast kan veroorzaken. Voor het plangebied is de noordelijk gelegen watergang een mogelijkheid om de noodoverloop op af te voeren. Er dient een geknepen constructie te worden toegepast, waardoor de uitstroom beperkt blijft tot 0,7 l/sec/ha. Voor de verwerking van het hemelwater zijn diverse varianten denkbaar: · de openbare weg wordt voorzien van een aquaflow-verharding. Hierdoor wordt een bergingsvoorziening gecreëerd van waaruit het hemelwater vertraagd in de bodem kan infiltreren.

Deze voorziening dient te worden beheerd door de gemeente Aalten. De hemelwaterafvoer van de aangrenzende particuliere percelen wordt bovengronds naar de openbare weg afgevoerd, alwaar het via de doorlatende verharding in de bergingsvoorziening stroomt. De aquaflow verharding is tevens een zuiverende voorziening, daarnaast hoeven geen straatkolken of hemelwaterriool te worden aangelegd; · de bovengenoemde opties kan ook worden uitgevoerd zonder dat de particuliere percelen afwateren op de openbare weg. In dat geval dienen de particuliere percelen een eigen bergingsvoorziening te hebben, al dan niet gezamenlijk. Hiervoor kunnen wadi's of infiltratiekratten worden gebruikt; · tevens kan een grootschalige wadi worden gerealiseerd, waarop zowel hemelwater van particuliere percelen als dat van de openbare weg worden geloosd. Om een negatief effect op de grondwaterkwaliteit te voorkomen, dient een zuiverende voorziening te worden toegepast. De open infiltratievoorziening kan eenvoudig worden voorzien van een bodempassage. Deze bodempassage bestaat uit een 0,5 m dik zandpakket met hieraan toegevoegd 3-5 % lutum en 2 - 4 % organische stof. Deze bodempassage zorgt ervoor dat eventuele vervuilingen worden vastgehouden. De bodempassage kan gemonitord worden, zodat vastgesteld kan worden wanneer eventuele vervuilingen kunnen doorslaan naar het grondwater.

Voordeel van de open infiltratiesystemen is dat op dat moment gemakkelijk de bodempassage verwijderd en vervangen kan worden. Dimensionering Aangezien het plangebied een nieuwe situatie betreft, dient met betrekking tot de benodigde buffercapaciteit worden uitgegaan van het opvangen van een regenbui met een herhalingstijd van gem. één keer in de 100 jaar en 10% klimaatseffect (T=100+10%, een neerslaghoeveelheid van 101 mm in 48 uur bij Q = 0,7 l/s/ha).

Kern De Heurne, herziening 2021

NL.IMRO.0197.BP00109-ON01

vastgesteld

33

De afvoer via het oppervlaktewater bedraagt 24 mm (Q = 0,7 l/s/ha). Hieronder is als voorbeeld een zeer indicatieve dimensionering van de hoeveelheid te realiseren waterberging weergegeven, uitgaande van een toekomstige verharding van 35%. De exacte berekening van de hoeveelheid waterberging dient in een later stadium plaats te vinden. Uitgaande van een verhard oppervlak van circa 16.500 m2 is de benodigde berging: ·0,101 * 16.500 =1.666,5 m3 hemelwaterinvoer ·0,024 * 16.500 =396 m3 maximale landelijke afvoer –1.270,5 m3 benodigde buffer Voorbeeld Uitgaande van een maximale diepte van een wadi van 0,5 m, bedraagt de benodigde oppervlakte wadi circa 2.541 m2 (benodigde waterberging1.270,50 m3: 0,5 m diepte). Er is nog geen informatie bekend over de toekomstige inrichting van het plangebied. Hieronder zijn de voorwaarden met betrekking tot dimensionering en inrichting van toekomstige voorziening weergegeven: ·het water zichtbaar afvoeren naar de infiltratievoorziening verdient altijd de voorkeur boven afvoer via buizen zodat burgers zich bewustzijn c.q.

worden van het water in de wijk; ·ondergrondse afvoeren van afgekoppeld hemelwater moeten op de(toekomstige) perceelscheiding worden voorzien van een controleputje met deksel aan het maaiveld; ·indien (straat)kolken worden toegepast daarin een schermaanbrengen om grove vervuiling tegen te houden zodat deze niet in de infiltratievoorziening kan komen; ·het is gewenst om aandacht te hebben voor communicatie over het watersysteem naar zowel de eerste als toekomstige bewoners; ·bij afkoppeling van hemelwater dient kenbaar te worden gemaakt dat er anders omgegaan wordt met hemelwater, bijvoorbeeld middels borden; ·bij onderhoud van de verharding en de groenvoorziening dient minimaal, zo mogelijk geen gebruik gemaakt te worden van milieubelastende stoffen; ·de retentievoorziening dient ten alle tijden bereikbaar en beheersbaar blijven. Tevens dient het beheer gewaarborgd zijn; ·peilregulerende kunstwerken (zoals knijpvoorzieningen) horen bij de waterhuishoudkundige voorzieningen en worden door het waterschap overgenomen. Het onderzoek is als externe bijlage bij deze toelichting gevoegd. Conclusie Op basis van de locatie, het vooronderzoek naar de infiltratiemogelijkheden, de uitgangspunten en de reservering van 20% van het planoppervlak voor groen en water kan voor de toekomstige uitbreiding van de kern De Heurne een duurzaam en robuust watersysteem ontwikkeld worden.

Voor de gefaseerde uitbreiding van de woningen dient een waterhuishoudkundig plan opgesteld te worden waarin de waterhuishouding en detailontwatering in overleg met het waterschap wordt uitgewerkt en door het waterschap wordt goedgekeurd.

Kern De Heurne, herziening 2021

NL.IMRO.0197.BP00109-ON01

vastgesteld

34

Hoofdstuk 5 5.1

Uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid

De herziening van het bestemmingsplan voor dit gedeelte in De Heurne is ingegeven door het feit dat er – na de financiële crisis van 2008 tot 2015 – toch behoefte is aan woningbouw. Aanvankelijk is deze uitbreiding waar dit bestemmingsplan op toeziet, stopgezet om bovengenoemde reden. Echter, voor deze uitbreiding waren al in de gemeentelijke begroting middelen opgenomen. Uitbreiding De Heurne p.m.

5.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

5.2.1 Vooraankondiging / inspraak De voorgestelde uitbreiding is met Heurns Belang besproken. Er bestaat consensus over deze uitbreiding van de kern De Heurne. Men heeft enige tijd op de uitbreiding moeten wachten, maar nu kan in planologische zin vorm gegeven worden aan de gewenste uitbreiding van De Heurne. De wijze van invulling van de geboden planologische mogelijkheden ligt in de lijn van de opbouw van de gehele kern De Heurne. Gezien de voorgeschiedenis van dit plan zal nu geen afzonderlijke inspraakronde voor de bewoners van De Heurne worden ingelast. Men is met deze uitbreiding voldoende bekend. Het bestemmingsplan zal gelijk als ontwerpbestemmingsplan ter visie worden gelegd. Gelijktijdig met de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan wordt het plan in het kader van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in ieder geval toegezonden aan de volgende instanties: ·Provincie Gelderland; ·Waterschap Rijn en IJssel.

5.3

Procedure

5.3.1 Ontwerpfase Het ontwerpbestemmingsplan zal op grond van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) gedurende een termijn van zes weken ter inzage worden gelegd om een ieder in de gelegenheid te stellen een zienswijze in te dienen bij de gemeenteraad.

Kern De Heurne, herziening 2021

NL.IMRO.0197.BP00109-ON01

vastgesteld

35

Kern De Heurne, herziening 2021

NL.IMRO.0197.BP00109-ON01

vastgesteld

36

Hoofdstuk 6 6.1

Plansystematiek

Uitgangspunten

De beleidsdoelstellingen zijn juridisch vertaald in de regels en de bijbehorende verbeelding. De basis voor de verbeelding, de tekening, is een recente kadastrale ondergrond en topografische gegevens. Op de verbeelding is de grens van het bestemmingsplangebied aangegeven. Binnen die grens zijn de verschillende bestemmingen met verschillende kleuren en letteraanduidingen weergegeven. Voorts zijn aanduidingen opgenomen, waarnaar in de regels wordt verwezen. Uitgangspunt voor de regels zijn de planregels die in het bestemmingsplan Kern De Heurne 2010 zijn opgenomen, deels aangepast en uitgebreid op de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2008(SVBP 2012). Het voorliggende bestemmingsplan is een ontwikkelingsplan (wat betekent dat nieuwe woningbouw planologisch mogelijk wordt gemaakt). De ontwikkelingen zijn gedeeltelijk direct bestemd en gedeeltelijk met een ruimere bestemming Woongebied zodat binnen deze bestemming woningbouw kan plaatsvinden zonder dat een aanvullende planologische procedure nog moet worden gevoerd. Er zijn bouwvlakken bepaald waarbinnen de woningbouw gerealiseerd moet worden. Doordat het bestemmingsplan flexibel van opbouw is,geeft het meer mogelijkheden om in te spelen op nieuwe (kleinschalige) ontwikkelingen zonder het plan te hoeven herzien.

6.2

Het digitale bestemmingsplan

Volgens het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) wordt een bestemmingsplan met de daarbij behorende toelichting langs elektronische weg vastgelegd. Het bestemmingsplan wordt in die vorm ook vastgesteld, tegelijk met een volledige analoge verbeelding van het bestemmingsplan op papier. Indien de digitale en de analoge verbeelding tot interpretatieverschillen leiden, is de digitale verbeelding beslissend. Het Bro laat echter de feitelijke digitale werkwijze voor een groot gedeelte over aan een ministeriële regeling, de Regeling standaarden ruimtelijke ordening 2012, met de daarbij behorende standaarden. Het gaat daarbij om de inrichting, de vormgeving, de verbeelding, de beschikbaarstelling, de authenticiteit, de integriteit, de volledigheid, de vaststelling en de bekendmaking van de digitale ruimtelijke informatie. De meest relevante standaard van de Regeling standaarden ruimtelijke ordening 2012 wordt hieronder kort toegelicht. De Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP2012) geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, zowel digitaal als analoog. Dit om de gewenste vergelijkbaarheid zeker te stellen. De standaarden hebben geen betrekking op de toelichting van het bestemmingsplan. De toelichting maakt immers geen deel uit van het bestemmingsplan. Wel dient het bestemmingsplan van een toelichting vergezeld te gaan.

Het bestemmingsplan zelf bestaat uit een verzameling geografisch bepaalde objecten, die zijn opgeslagen in een digitaal ruimtelijk informatiesysteem en die te raadplegen zijn via een interface, zoals een website. De objecten zijn voorzien van bestemmingen met bijbehorende doeleinden en regels.

6.3

Planopzet

Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit de regels en bijbehorend GML-bestand waarin de geometrisch bepaalde planobjecten zijn vervat. Het GML-bestand en de regels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. Inleidende regels; 2. Bestemmingsregels; Kern De Heurne, herziening 2021

NL.IMRO.0197.BP00109-ON01

vastgesteld

37

3. Algemene regels; 4. Overgangs- en slotregels. In het navolgende worden de regels per hoofdstuk toegelicht. 6.3.1 Inleidende regels Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. 6.3.1.1 Begrippen Dit artikel bevat de definities van de in de regels gebruikte begrippen, waarmee een eenduidige interpretatie van deze begrippen is vastgelegd. 6.3.1.2 Wijze van meten In artikel 2 wordt aangegeven op welke wijze gemeten moet worden bij het beoordelen of de maatvoering in overeenstemming is met de regels. Ook hier is aansluiting gezocht bij de standaard (meet)regels uit de SVBP 2012. Onderstaand is een voorbeeld opgenomen m.b.t. de interpretatie van de goot- en bouwhoogte van een gebouw.

Voor de bepaling van de goothoogte van een gebouw wordt, indien er sprake is van een lage en hoge druiplijn, uitgegaan van de onderste druiplijn voor het bepalen van de ‘goothoogte’. De bovenste druiplijn wordt aangemerkt als de ‘bouwhoogte’ (zie voorbeelden D en G). Met deze interpretatie wordt aangesloten bij jurisprudentie hieromtrent van de Afdeling Bestuursrechtspraak Raad van State. 6.3.2

Bestemmingsregels

In het plan zijn de volgende bestemmingen opgenomen: Groen De bestemming betreft gronden waarop uitsluitend groenvoorzieningen, paden, sport- en spelvoorzieningen, parkeervoorzieningen zijn toegestaan. De groenvoorzieningen binnen de bestemming Groen hebben een daadwerkelijk structureel groen karakter. Verkeer Deze bestemming is opgesteld voor de openbare verkeersruimte binnen de woonwijk. De woonstraten, aanliggende trottoirs, parkeerplaatsen, bermen en beplantingen zijn in deze bestemming opgenomen. Een algemene bestemming voor zowel de verharding als het aanliggende groen maakt een eventuele herinrichting van het openbare gebied eenvoudiger te regelen.

Kern De Heurne, herziening 2021

NL.IMRO.0197.BP00109-ON01

vastgesteld

38

Woongebied Deze bestemming geldt voor de grondgebonden woningen en de bijbehorende achtertuinen. Met deze bestemming is de nodige flexibiliteit in het plan aangebracht zodat de woningen binnen deze bestemming kan worden gesitueerd. De bouwblokken zijn ruim bemeten. De hoofdfunctie in deze gebieden is wonen, maar een aan huis gebonden (dienstverlenend) beroep is ook toegestaan. Hierbij geldt dat de woning in overwegende mate de woonfunctie moet behouden en het beroep moet passen in de woonomgeving. De goot- en bouwhoogte is via de verbeelding geregeld. Buiten het bouwvlak zijn aan- en uitbouwen en bijgebouwen toegestaan. Waarde- Archeologie Deze bestemming is opgenomen om aandacht te houden voor de archeologische aspecten tijdens het bouwproces of latere verbouwingen door toekomstige bewoners.

6.3.3 Algemene regels Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Deze gelden voor het gehele plangebied. 6.3.3.1 Anti-dubbeltelregel Met de anti-dubbeltelbepaling wordt geregeld dat grond die reeds eerder bij een verleende omgevingsvergunning is meegenomen niet nog eens bij de verlening van een nieuwe omgevingsvergunning mag worden meegenomen. Deze regel is rechtstreeks overgenomen uit het Besluit ruimtelijke ordening. 6.3.3.2 Algemene bouwregels In dit artikel is een regeling opgenomen welke toestaat dat ondergeschikte bouwdelen de bouw- of bestemmingsgrenzen, danwel de bouwhoogte mogen overschrijden. Deze overschrijding mag echter niet meer bedragen dan 1,0 m. Tevens is een regeling opgenomen voor het ondergronds bouwen. Ondergrondse gebouwen zijn toegestaan onder bovengrondse gebouwen, danwel maximaal 3,0 m daarbuiten, tot een diepte van maximaal 4,0 m onder de begane grondvloerlaag. Voor gebouwen en bouwwerken welke legaal zijn (of kunnen worden) gebouwd maar afwijken van de bouwregels van het bestemmingsplan is een algemene afwijkingsregel opgenomen dat deze in de bestaande maatvoering zijn toegestaan. Voor het bouwen van dakkapellen is in dit artikel een algemene regeling opgenomen.

6.3.3.3 Algemene gebruiksregels In de algemene regels zijn enkele algemene gebruiksregels opgenomen die voor alle bestemmingen gelden, zoals het verbod om gronden en gebouwen te gebruiken voor prostitutiedoeleinden en stort/opslagplaats voor grond en afval.

Kern De Heurne, herziening 2021

NL.IMRO.0197.BP00109-ON01

vastgesteld

39

6.3.3.4 Algemene afwijkingsregels In dit artikel is een algemene afwijkingsmogelijkheid opgenomen voor de maatvoering van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tot maximaal 10 %, een afwijkingsmogelijkheid voor het bouwen van nutsvoorzieningen, alsmede een afwijkingsmogelijkheid voor het verhogen van de goothoogte van een gebouw. Deze bevoegdheid vergroot de flexibiliteit van het plan. 6.3.3.5 Algemene wijzigingsregels In de regels is een algemene wijzigingsbepaling voor een grote nutsvoorziening opgenomen. Alvorens de gronden te wijzigen zal wel onderzocht dienen te worden of er vanuit milieuoogpunt geen bezwaren bestaan tegen de vestiging van de bedrijven en of de belangen van derden niet onevenredig worden aangetast. 6.3.4

Overgangs- en slotregels

6.3.4.1 Overgangsrecht In dit artikel is een regeling opgenomen voor bestaande zaken en rechten die niet in overeenstemming zijn met de overige regelingen in dit bestemmingsplan. De regels voor het overgangsrecht zijn overgenomen uit het Besluit ruimtelijke ordening, waarin standaard overgangsrecht voor bestemmingsplannen is opgenomen. 6.3.4.2 Slotregel In dit artikel staat de naam van het bestemmingsplan.

Kern De Heurne, herziening 2021

NL.IMRO.0197.BP00109-ON01

vastgesteld

40

Bijlagen

Kern De Heurne, herziening 2021

NL.IMRO.0197.BP00109-ON01

vastgesteld

41

Kern De Heurne, herziening 2021

NL.IMRO.0197.BP00109-ON01

vastgesteld

42

Bijlage 1

Bodemonderzoek

Kern De Heurne, herziening 2021

NL.IMRO.0197.BP00109-ON01

vastgesteld

43

Milieutechniek Rouwmaat Groenlo bv Postbus 74 7140 AB Groenlo TEL. 0544-474040

Den Sliem 93 7141 JG Groenlo FAX. 0544-474049

Verkennend bodemonderzoek Perceel F 381 Keizerweg te De Heurne

Opdrachtgever Contactpersoon Adres Postcode & plaats

: : : :

Rapportnummer

: MT.28289

Groenlo, 11 augustus 2008

Gemeente Aalten Dhr. H. Roebers Postbus 119 7120 AC Aalten

Opgesteld:

Paraaf:

F.H. Broekhuijsen Geautoriseerd:

Paraaf:

N. Looman

Dit document is eigenaar van de opdrachtgever en mag door hem gebruikt worden voor het doel waarvoor het is vervaardigd. De auteursrechten van dit document blijven berusten bij Milieutechniek Rouwmaat Groenlo b.v.

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING----------------------------------------------------------------------------------------------------- 3

2

VOORINFORMATIE ---------------------------------------------------------------------------------------- 4 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5

3

LOCATIESPECIFIEKE INFORMATIE -------------------------------------------------------------------------------------------4 OMGEVINGSGEGEVENS ------------------------------------------------------------------------------------------------------4 GEOHYDROLOGISCHE GEGEVENS ------------------------------------------------------------------------------------------4 VOORGAANDE BODEMONDERZOEKEN--------------------------------------------------------------------------------------4 AFBAKENING LOCATIE VOOR BODEMONDERZOEK ------------------------------------------------------------------------4

VERWACHTINGSPATROON ---------------------------------------------------------------------------- 5 3.1 3.2

4

BODEMONDERZOEK ----------------------------------------------------------------------------------------------------------5 ASBEST ------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------5

ONDERZOEKSOPZET------------------------------------------------------------------------------------- 6 4.1 4.2

5

ALGEMEEN---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------6 BOOR- EN ANALYSEFREQUENTIE -------------------------------------------------------------------------------------------6

RESULTATEN ------------------------------------------------------------------------------------------------ 7 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8

6

TOETSINGSKADER ------------------------------------------------------------------------------------------------------------7 VERRICHTE WERKZAAMHEDEN ----------------------------------------------------------------------------------------------7 LOCALE BODEMOPBOUW ----------------------------------------------------------------------------------------------------7 ZINTUIGLIJKE WAARGENOMEN BIJZONDERHEDEN ------------------------------------------------------------------------8 METINGEN WATERMONSTERNAME------------------------------------------------------------------------------------------8 SAMENSTELLING (MENG)MONSTERS EN CHEMISCHE ANALYSES--------------------------------------------------------8 ANALYSERESULTATEN -------------------------------------------------------------------------------------------------------8 INTERPRETATIE ANALYSERESULTATEN----------------------------------------------------------------------------------- 10

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN --------------------------------------------------------------- 11 6.1 6.2 6.3 6.4

BIJLAGEN a BIJLAGE 1 BIJLAGE 1b BIJLAGE 1c BIJLAGE 2 BIJLAGE 3 BIJLAGE 4 BIJLAGE 5 BIJLAGE 6

ALGEMEEN------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 11 VERWACHTINGSPATROON ------------------------------------------------------------------------------------------------- 11 RESULTATEN ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 11 SLOTCONCLUSIE EN AANBEVELINGEN------------------------------------------------------------------------------------ 11

Topografische kaart Kadastrale kaart met gegevens Situatietekening met monsternamepunten Boorbeschrijvingen Analysecertificaten grond Analysecertificaten grondwater Toetsingstabellen Toegepaste normen

Rapportnummer: MT.28289

pagina 2 van 11

1

INLEIDING

In opdracht van Gemeente Aalten heeft Milieutechniek Rouwmaat Groenlo bv op 15 juli 2008 een verkennend bodemonderzoek verricht ter plaatse van het perceel aan de Keizerweg te De Heurne (gemeente Aalten). De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 1150 m2. Zie de tekeningen in bijlage 1 voor de ligging en voor een overzicht van de onderzoekslocatie. Aanleiding voor het bodemonderzoek is een eigendomsoverdracht. Doel van dit onderzoek is om de algemene bodemkwaliteit te bepalen ter plaatse van de onderzoekslocatie, waarmee bekeken kan worden in hoeverre deze bodemkwaliteit een belemmering kan vormen voor het beoogde gebruik en/of de voorgenomen ontwikkelingen. Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de Nederlandse Norm 5740 (NEN 5740). Het vooronderzoek, dat parallel loopt aan deze norm, is uitgevoerd conform de Nederlandse Norm 5725 (NVN 5725). De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd conform de beoordelingsrichtlijn BRL 2000, veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek. Milieutechniek Rouwmaat B.V. is gecertificeerd en erkend onder het procescertificaat met het kenmerk VB-031/2 voor het uitvoeren van milieuhygiënisch bodemonderzoek conform deze beoordelingsrichtlijn. Het toepassingsgebied van dit certificaat betreft de VKB-protocollen 2001, 2002 en 2018.

De grond- en/of grondwateranalyses zijn uitgevoerd door een gecertificeerd en een door de overheid erkend laboratorium. Tussen Milieutechniek Rouwmaat Groenlo b.v. en de opdrachtgever is geen sprake van een relatie, die de onafhankelijkheid en de integriteit van Milieutechniek Rouwmaat Groenlo b.v. zou beïnvloeden en/of haar werkzaamheden zou kunnen belemmeren. In het voorliggende rapport wordt verslag gedaan van het uitgevoerde verkennend bodemonderzoek. In hoofdstuk 2 is de locatie beschreven. Aan de hand van deze gegevens is in hoofdstuk 3 het verwachtingspatroon gedefinieerd omtrent de verontreinigingsituatie. Hoofdstuk 4 behandelt de onderzoeksopzet, terwijl in hoofdstuk 5 de veldwaarnemingen en de analyseresultaten kort samengevat zijn weergegeven. Ten slotte zijn in hoofdstuk 6 de conclusies en aanbevelingen gedefinieerd.

Rapportnummer: MT.28289

pagina 3 van 11

2

VOORINFORMATIE

Voor aanvang van het bodemonderzoek zijn de (historische) gegevens, die relevant zijn voor het onderzoek, verzameld op basisniveau. Het vooronderzoek heeft plaatsgevonden op het onderhavige perceel en de aangrenzende terreinen (maximaal tot 50 meter afstand). Hierbij zijn de volgende bronnen geraadpleegd: informatie van de opdrachtgever locatie inspectie 2.1 Locatiespecifieke informatie De onderzoekslocatie is gelegen aan de Keizerweg ong. te De Heurne (gemeente Aalten). De locatie is kadastraal bekend als gemeente Dinxperlo, sectie F, nummer 381. Omschrijving van de onderzoekslocatie Het is de bedoeling dat het perceel in eigendom overgaat. Het perceel is gelegen buiten de bebouwde kom van De Heurne en is momenteel in gebruik als weiland. In de toekomst zal mogelijk nieuwbouw ontwikkeld worden. Historisch gebruik In het verleden is het perceel voor zover bekend altijd in gebruik geweest voor agrarische doeleinden dan wel natuurdoeleinden. Verhardingen, ophogingen, calamiteiten Het terrein is niet verhard. Het terrein is niet opgehoogd. Op de locatie hebben zich in het verleden, voor zover bekend, geen calamiteiten voorgedaan. 2.2 Omgevingsgegevens De directe omgeving van de locatie is in gebruik ten behoeve van agrarische doeleinden dan wel natuurdoeleinden.

2.3 Geohydrologische gegevens Voor de bodemgegevens en de geohydrologische informatie is gebruik gemaakt van de grondwaterkaart van Nederland (Dienst grondwaterverkenning, TNO, Delft 1985), Bodemkaart Nederland (Sitboka, Wageningen, 1975). diepte (m-mv) 0 - 10 10 - 70 >70

omschrijving fijn zand Pakket: deklaag, freatisch pakket (form. v Twente) matig fijn tot grof zand en grind Pakket: 1e WVP (form. v Kreftenheye) leemig fijn zand, schelpen Pakket: slecht doorlatende basis (Tertiair)

Regionale grondwaterstroming De stromingsrichting van het grondwater is regionaal westelijk gericht. Lokaal kan de stroming van het grondwater worden beïnvloed door drainages en oppervlaktewater. Ten noorden van de onderzoekslocatie is een sloot aanwezig. 2.4 Voorgaande bodemonderzoeken In de nabije omgeving van de onderzoekslocatie heeft reeds eerder onderzoek plaatsgevonden. In opdracht van Gemeente Aalten heeft Milieutechniek Rouwmaat Groenlo bv op 19 februari 2008 een verkennend bodemonderzoek verricht ter plaatse van een aantal percelen ten westen van onderhavige locatie. Aanleidingen voor het bodemonderzoek waren een eigendomsoverdracht, een bestemmingsplanwijziging en voorgenomen bouwactiviteiten. Kenmerk van het onderzoek is MT.28106. Uit de onderzoeksresultaten kwam naar voren dat de bovengrond plaatselijk licht verontreinigd is met PAK en arseen. In de ondergrond en het grondwater geen van de onderzochte componenten was aangetoond in een concentratie boven de streefwaarde en/of detectiegrens. 2.5 Afbakening locatie voor bodemonderzoek Het vooronderzoek heeft plaatsgevonden op het onderhavige perceel en de aangrenzende terreinen (maximaal tot 50 meter afstand). De geografische afbakening van het besluitvormingsgebied betreft het terrein of terreindeel dat in eigendom overgaat.

Het bodemonderzoek heeft plaatsgevonden op het terrein of terreindeel dat in eigendom overgaat. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 1150 m2.

Rapportnummer: MT.28289

pagina 4 van 11

3

VERWACHTINGSPATROON

3.1 Bodemonderzoek Op basis van de in hoofdstuk 2 verstrekte (historische) informatie is vooraf bekeken in hoeverre de bodem op de onderzoekslocatie verontreinigd kan zijn. Volgens de NEN 5740 dient dan een aanname te worden gemaakt omtrent de kans op bodemverontreiniging. Er wordt hierbij onderscheid gemaakt in verdachte en niet verdachte locaties. Op basis van het vooronderzoek zijn geen deellocaties te onderscheiden. De gehele locatie kan op basis van het vooronderzoek als niet-verdacht worden beschouwd. De hypothese luidt dan ook: De gehele locatie is onverdacht. Ten behoeve van de gehele locatie wordt de 'Onderzoeksstrategie voor een onverdachte locatie (ONV)' gehanteerd. Indien in geen van de monsters één der onderzochte stoffen aanwezig is in een concentratie boven de streefwaarde van de toetsingstabel uit de circulaire "Streefwaarden en interventiewaarden Bodemsanering" (Staatscourant 131, 10 juli 2008), wordt de hypothese aangenomen. 3.2 Asbest Bij het vooronderzoek zijn geen gegevens naar voren gekomen die kunnen duiden op de aanwezigheid van asbest op of in de bodem van de onderzoekslocatie. Teneinde een uitspraak te kunnen doen over de concentratie aan asbest kan een asbestonderzoek uitgevoerd worden conform de NEN 5707 (bodem) en/of NEN 5897 (granulaten). Asbest is in dit onderzoek verder niet beschouwd.

Wel wordt tijdens de veldwerkzaamheden gelet op het voorkomen van asbestverdachte materialen, in het opgeboorde materiaal en op de bodem van de onderzoekslocatie.

Rapportnummer: MT.28289

pagina 5 van 11

4

ONDERZOEKSOPZET

4.1 Algemeen De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 1150 m2. Het aantal boringen per laag, het aantal peilbuizen en het aantal te analyseren grond- en grondwatermonsters is omschreven in de NEN 5740 en is afhankelijk van de oppervlakte en eventuele verdachte (deel)locaties. 4.2 Boor- en analysefrequentie De veldwerkzaamheden zijn door Milieutechniek Rouwmaat Groenlo bv (Dhr. T. Huls) uitgevoerd op 15 juli 2008. In de onderstaande tabel is de onderzoeksopzet weergegeven. Aantal boringen (excl. peilbuizen) 6 tot ± 50 cm-mv 1 tot ± 200 cm-mv

Aantal peilbuizen 1

Analyses grond

Analyses water

2 Standaardpakketten grond

1 Standaardpakket grondwater

Standaardpakket grondmonsters • Lutum, en organische stof (volgens AS3010) • Zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni, Zn) (volgens AS3010) • PCB's (volgens AS3010 en AS3020) • Minerale olie (C10-40) )(volgens AS3010) Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (10 PAK's uit Leidraad Bodembescherming, volgens AS3010) • Standaardpakket grondwatermonsters • Zware metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni, Zn)(volgens AS3110) • Minerale olie (C10-40), (volgens AS3110) • Vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen (vinylchloride, 1,1-dichlooretheen, dichloormethaan, trans-1,2-dichlooretheen, cis-1,2-dichlooretheen, som 1,2-dichlooretheen, 1,1-dichloorethaan, chloroform, 1,1,1-trichloorethaan, tetrachloormethaan, 1,2-dichloorethaan, trichlooretheen, 1,2-dichloorpropaan, 1,1-dichloorpropaan, 1,3-dichloorpropaan, som dichloorpropanen, 1,1,2-trichloorethaan, tetrachlooretheen en bromoform,) (volgens AS3110) • vluchtige aromaten (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, som xylenen (som o,m,p), styreen, naftaleen) (volgens AS3110 en AS3130)

De boringen worden in trajecten van maximaal 50 cm bemonsterd, of anders afhankelijk van de veldwaarnemingen. De analyses voor milieuhygiënisch bodemonderzoek zullen worden uitgevoerd volgens het accreditatieschema AS3000. De AS3000 is een accreditatieschema waarin de kwaliteitseisen voor laboratoria zijn vastgelegd voor al het milieuhygiënisch bodemonderzoek. AS3000 vormt één van de centrale instrumenten voor bodemonderzoek in het kader van de nieuwe Regeling Bodemkwaliteit van het ministerie voor Volksgezondheid, Ruimtelijke Ordening en Milieu. Alleen analysecertificaten van AS3000 erkende laboratoria worden dan nog geaccepteerd. Milieutechniek Rouwmaat Groenlo bv besteedt haar analyses uit aan een RVA-gecertificeerd laboratorium, welke de AS3000 erkenning in haar bezit heeft. Een week na plaatsing wordt uit de geplaatste peilbuis met behulp van een slangenpomp een grondwatermonster genomen. Ten behoeve van de bepaling van de zware metalen wordt het grondwater in het veld gefiltreerd door een filter met een poriëngrootte van 0,45 micron.

Rapportnummer: MT.28289

pagina 6 van 11

5

RESULTATEN

5.1 Toetsingskader De analyseresultaten van de onderzochte monsters worden vergeleken met de waarden van de toetsingstabel uit de circulaire "Streefwaarden en interventiewaarden Bodemsanering" (Staatscourant 131, d.d. 10 juli 2008) De in deze tabel genoemde toetsingswaarden hebben de volgende betekenis: achtergrond-/streefwaarde = referentiewaarde toetsingswaarde = toetsingswaarde voor nader onderzoek (½(S- + I- waarde)) interventiewaarde = toetsingswaarde voor sanering of saneringsonderzoek De streef-, toetsings- en interventiewaarden voor een aantal stoffen in de grond zijn afhankelijk van het gehalte aan organische stof en lutum. De referentiewaarden voor grond zijn daar waar mogelijk berekend met een door het laboratorium bepaald percentage lutum en organische stof. De bepaling van het gehalte aan lutum en organische stof kan achterwege blijven als voor toepassing van de bodemtypecorrectie wordt gerekend met de laagste percentages aan lutum en organische stof (voor beide 2%). Voor de beoordeling van de verontreinigingssituatie wordt behalve met de toetsingstabel, ook rekening gehouden met de zintuiglijke waarnemingen en eventueel met het gebruik van de bodem.

Bij de beoordeling worden de volgende termen toegepast: kleiner dan de achtergrond-/streefwaarde tussen achtergrond-/streefwaarde en toetsingswaarde tussen toetsingswaarde en interventiewaarde groter dan de interventiewaarde

= niet verontreinigd = licht verontreinigd = matig verontreinigd = sterk verontreinigd

De locatie wordt als verontreinigd beschouwd, indien in een (meng)monster stoffen aanwezig zijn in een concentratie hoger dan de streefwaarde. Overschrijding van de toetsingswaarde houdt in dat er een vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat en dat een nader onderzoek moet worden uitgevoerd. Als voor tenminste één stof de gemiddelde concentratie van minimaal 25 m3 grond of 100 m3 grondwater hoger is dan de interventiewaarde is het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bevestigd. 5.2 Verrichte werkzaamheden De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd conform de beoordelingsrichtlijn BRL 2000 veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek, Milieutechniek Rouwmaat Groenlo B.V. is hiervoor gecertificeerd. Het veldwerk is uitgevoerd volgens de van toepassing zijnde normen die in bijlage 6 staan vermeld. In de volgende tabel zijn de verrichte werkzaamheden weergegeven:

⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯ Aantal boringen (excl. peilbuizen)

Aantal peilbuizen

⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯ 6 boringen (B01, B03, B04, B06, B07, B08) tot ± 50 cm-mv 1 boring (B02) tot ± 200 cm-mv

1 peilbuis (B05) filterstelling 240-340 cm-mv

⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯ Op de tekening in bijlage 1c staan de diverse boringen weergegeven. De boorbeschrijvingen staan beschreven in bijlage 2. Het opgeboorde materiaal is beoordeeld op korrelgrootte (=textuur), kleur, geur en andere bijzonderheden. De eventuele aanwezigheid van olie is aan de hand van een afwijkende bodemkleur (veelal blauwgrijs) en oliegeur beoordeeld. Bovendien is de grond ondergedompeld in water. Indien er een oliefilm op het water ontstaat, kan aan de hand van de dikte en de kleurschakering van de oliefilm het olieproduct indicatief beoordeeld worden. Deze test wordt een oliewaterreaktie genoemd. De geur, kleur en de oliewaterreaktie geven samen een indruk van de mate en soort olieverontreiniging. 5.3 Locale bodemopbouw De bovengrond bestaat overwegend uit donkerbruin, matig fijn zand. Daaronder bestaat de ondergrond overwegend uit lichtbruin, matig fijn zand. Tijdens de monstername bedroeg de grondwaterstand 160 cm-mv voor peilbuis B05. De complete omschrijvingen van de boorprofielen staan vermeld in bijlage 2.

Rapportnummer: MT.28289

pagina 7 van 11

5.4 Zintuiglijke waargenomen bijzonderheden In onderstaande tabel zijn de zintuiglijk waargenomen bijzonderheden weergegeven: Boring B02 B05

Traject (cm-mv) 0-90 20-70

Zintuiglijke afwijking ijzeroersporen ijzeroersporen

Tevens is gelet op het voorkomen van asbest. Visueel is op de bodem en in het opgeboorde materiaal geen asbestverdacht materiaal waargenomen. Teneinde een uitspraak te kunnen doen over de concentratie aan asbest kan een asbestonderzoek uitgevoerd worden conform de NEN 5707 (bodem) en/of NEN 5897 (granulaten). Asbest is in dit onderzoek verder niet beschouwd. 5.5 Metingen watermonstername Tijdens bemonstering van het grondwater, zijn de volgende metingen uitgevoerd: Code

Plaatsingsdatum

Bemonsterings datum

Filterstelling (cm-mv)

B05

15-7-2008

21-7-2008

240-340

Grondwaterstand (cm-mv) 160

Zuurgraad pH

Geleidbaarheid EGV (µS/cm)

7,7

875

Geen van de gemeten waarden wijkt duidelijk af van de waarde, welke gezien de natuurlijke omstandigheden verwacht kan worden. 5.6 Samenstelling (meng)monsters en chemische analyses Op basis van de zintuiglijke waarnemingen zijn (meng)monsters samengesteld van de grond. Bij het samenstellen van mengmonsters bedraagt de laagdikte waarover wordt gemengd in principe 0,5 meter; alleen bij een gelijke bodemkarakteristiek kunnen monsters worden gemengd over een grotere laagdikte. Verschillende grondsoorten (bijvoorbeeld klei, zand en veen) mogen niet worden vermengd. In onderstaande tabel zijn de verschillende (meng)monsters en de uitgevoerde analyses weergegeven. Monster

Samenstelling

M1

1a, 2a, 3a, 4a, 5a, 6a, 7a, 8a 2b, 2c, 5b, 5c, 5d Grondwater

M2 B05

Traject (cm-mv) 0-50

Analyse Standaardpakket grond

50-200 240-340

Standaardpakket grond Standaardpakket grondwater

Motivatie: M-1 is samengesteld uit de individuele grondmonsters van de bovengrond. M-2 is samengesteld uit de individuele grondmonsters van de ondergrond. 5.7 Analyseresultaten In bijlage 3 zijn de analyserapporten van de grond opgenomen en in bijlage 4 van het grondwater. De toetsingstabellen van de analyseresultaten zijn weergegeven in bijlage 5. Indien een "kleiner dan (<)" teken vermeld staat bij de uitslag van een analyse, is de aangetroffen waarde kleiner dan de detectiegrens van het analysetoestel.

Rapportnummer: MT.28289

pagina 8 van 11

In de onderstaande tabel(len) worden de geanalyseerde concentraties aangegeven. De achtergrond-, toetsings- en interventiewaarden van de grond hebben betrekking op een bodem met bepaalde organische stof- en lutumpercentages zoals deze in de tabellen zijn gepresenteerd.

⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯ Verbinding

Grondmonsters M1 M2 (mg/kg.ds) (mg/kg.ds)

⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯ Organische stof (% d.s.) Lutum (% d.s.)

3,6 4,9

1,6 3,2

Droge stof Droge stof (% d.s.)

84,7

81,5

Metalen barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

48 <0,5 3,4 <10 <0,15 23 <3 7,6 44 -

25 <0,5 4,3 <10 <0,15 <13 <3 11 <20 -

PAK pak-totaal (10 van VROM) naftaleen antraceen fenantreen fluoranteen benzo(a)antraceen chryseen benzo(a)pyreen benzo(ghi)peryleen benzo(k)fluoranteen indeno(1,2,3-cd)pyreen

0,25 <0,01 <0,01 0,02 0,05 0,03 0,02 0,03 0,03 0,02 0,03

<0,1 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 -

Polychloorbifenylen (pcb) PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 som PCB (7)

<<<<<<<<0,01 -

<<<<<<<<0,01 -

Minerale olie fractie C10 - C12 fractie C12 - C22 fractie C22 - C30 fractie C30 - C40 totaal olie C10 - C40

<5 <5 <5 <5 <20 -

<5 <5 <5 <5 <20 -

⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯ M1: 1a,2a,3a,4a,5a,6a,7a,8a (0-50 cm-mv) M2: 2b,2c,5b,5c,5d (50-200 cm-mv)

⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯ Betekenis van de tekens en afkortingen: Blanco: geen toetsingswaarde vastgesteld, -: onder achtergrondwaarde of detectiegrens, +: tussen achtergrondwaarde en ½(AW+I), ++: tussen ½(AW+I) en interventiewaarde, +++: boven interventiewaarde, n.b.: niet bepaald.

⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯

Rapportnummer: MT.28289

pagina 9 van 11

⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯ Verbinding

Grondwatermonster B05 (µg/liter)

⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯ Metalen barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

170 + <0,8 <5 <15 <0,05 <15 <3,6 <15 <60 -

Vluchtige aromaten benzeen tolueen ethylbenzeen o-xyleen p- en m-xyleen xylenen styreen naftaleen

<0,2 <0,3 <0,3 <0,1 <0,2 <0,3 <0,3 <0,2 -

Gehalogeneerde koolwaterstoffen 1,1-dichloorethaan 1,2-dichloorethaan 1,1-dichlooretheen cis-1,2-dichlooretheen trans-1,2-dichlooretheen dichloormethaan 1,1-dichloorpropaan 1,2-dichloorpropaan 1,3-dichloorpropaan som dichloorpropanen tetrachlooretheen tetrachloormethaan 1,1,1-trichloorethaan 1,1,2-trichloorethaan trichlooretheen chloroform vinylchloride

<0,6 <0,6 <0,1 <0,1 <0,1 <0,2 <0,3 <0,3 <0,3 <0,9 <0,1 <0,1 <0,1 <0,1 <0,6 <0,6 <0,1 -

Minerale olie fractie C10 - C12 fractie C12 - C22 fractie C22 - C30 fractie C30 - C40 totaal olie C10 - C40

<25 <25 <25 <25 <100 -

Diverse organische verbindigen bromoform

<0,2 -

⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯ B05: (240-340 cm-mv)

⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯⎯ 5.8 Interpretatie analyseresultaten Uit de analyseresultaten met betrekking tot het grondwater blijkt dat: • Het grondwatermonster B05 licht verontreinigd is met barium. In de vaste bodem geen van de onderzochte componenten was aangetoond in een concentratie boven de streefwaarde en/of detectiegrens.

Rapportnummer: MT.28289

pagina 10 van 11

6

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

6.1 Algemeen In opdracht van Gemeente Aalten heeft Milieutechniek Rouwmaat Groenlo bv op 15 juli 2008 een verkennend bodemonderzoek verricht ter plaatse van het perceel aan de Keizerweg te De Heurne (gemeente Aalten). Aanleiding voor het bodemonderzoek is een eigendomsoverdracht. Doel van dit onderzoek is om de algemene bodemkwaliteit te bepalen ter plaatse van de onderzoekslocatie, waarmee bekeken kan worden in hoeverre deze bodemkwaliteit een belemmering kan vormen voor het beoogde gebruik en/of de voorgenomen ontwikkelingen. 6.2 Verwachtingspatroon De gehele locatie kan op basis van het vooronderzoek als niet-verdacht worden beschouwd. Bij het vooronderzoek zijn geen gegevens naar voren gekomen die kunnen duiden op de aanwezigheid van asbest op of in de bodem van de onderzoekslocatie. Teneinde een uitspraak te kunnen doen over de concentratie aan asbest kan een asbestonderzoek uitgevoerd worden conform de NEN 5707 (bodem) en/of NEN 5897 (granulaten). Asbest is in dit onderzoek verder niet beschouwd. 6.3 Resultaten De bovengrond bestaat overwegend uit donkerbruin, matig fijn zand. Daaronder bestaat de ondergrond overwegend uit lichtbruin, matig fijn zand. Tijdens de monstername bedroeg de grondwaterstand 160 cm-mv voor peilbuis B05. Tijdens de veldwerkzaamheden is gelet op het voorkomen van asbest.

Visueel is op de bodem en in het opgeboorde materiaal geen asbestverdacht materiaal waargenomen. Op zintuiglijke wijze zijn de navolgende afwijkingen waargenomen: (a) Boring B02 (van 0-90 cm-mv) ijzeroersporen; (b) Boring B05 (van 20-70 cm-mv) ijzeroersporen. Op basis van de analyseresultaten kan geconcludeerd worden dat: (a) In de vaste bodem geen van de onderzochte componenten was aangetoond in een concentratie boven de streefwaarde en/of detectiegrens. (b) het grondwater licht verontreinigd is met barium Barium is een zilverachtig wit metaal dat in het milieu gevonden kan worden, waar het van nature voorkomt. Het komt voor in combinatie met andere chemicaliën, zoals zwavel, koolstof of zuurstof. Bariummengsels worden in de olie- en gasindustrie gebruikt om boormodder te maken. Deze modder zorgt ervoor dat het boren door rotsen vergemakkelijkt wordt, doordat de drilboor gesmeerd wordt. Bariummengsels worden ook gebruikt om verf, bakstenen, tegels, glas en rubber te produceren. Vanwege het intensieve gebruik van barium in de industrie, wordt er door menselijke activiteiten veel barium aan het milieu toegevoegd. Hierdoor kan de concentratie barium in de lucht, het water en de bodem hoger zijn dan de concentraties die van nature in het milieu voorkomen. 6.4 Slotconclusie en aanbevelingen De hypothese "De gehele locatie is onverdacht” dient grotendeels aangenomen te worden.

Op basis van de onderzoeksresultaten bestaat er ons inziens op grond van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem geen bezwaar voor de voorgenomen het toekomstige gebruik van het terrein. Eventueel vrijkomende grond kan niet zondermeer in het grondverkeer worden opgenomen. Mocht de grond naar elders worden getransporteerd, dient te worden nagegaan in hoeverre de kwaliteit van de af te voeren grond overeenstemt met de verwerkingsmogelijkheden die voor de betreffende stort- c.q. hergebruikslocatie gelden. Deze zijn geformuleerd in het Besluit bodemkwaliteit. Aanbevolen wordt dan ook de eindverwerkingslocatie in overleg met het bevoegd gezag vast te stellen. Mocht grondwater onttrokken worden t.b.v. bemaling, dient bekeken te worden in hoeverre de grondwaterkwaliteit de lozingsnormen overschrijdt. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee het onderzoek is uitgevoerd, is het altijd mogelijk dat eventueel lokaal voorkomende verontreinigingen niet zijn ontdekt.

Rapportnummer: MT.28289

pagina 11 van 11

BIJLAGE 1A

TOPOGRAFISCHE KAART

Omgevingskaart

0m

125 m

625 m

Deze kaart is noordgericht. Schaal 1: 12500 Hier bevindt zich Kadastraal object DINXPERLO F 381 Keizerweg , DE HEURNE © De auteursrechten en databankenrechten zijn voorbehouden aan de Topografische Dienst Kadaster.

BIJLAGE 1B

KADASTRALE KAART MET GEGEVENS

Uittreksel Kadastrale Kaart

3852

381

3853

0m

12345 25

Deze kaart is noordgericht Perceelnummer Huisnummer Kadastrale grens Bebouwing Overige topografie

Voor een eensluidend uittreksel, ARNHEM, 14 juli 2008 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers

5m

25 m

Schaal 1:500 Kadastrale gemeente Sectie Perceel

DINXPERLO F 381

Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.

BIJLAGE 1C

SITUATIETEKENING MET BOORLOCATIES

BIJLAGE 2

BOORBESCHRIJVINGEN Betekenis van afkortingen G/g

: grind/grindig

O/o

: Olie

Blinde buis

:

Z/z

: zand/zandig

P/p

: Puin

Klei-afdichting

:

L/s

: leem/siltig

T/t

: Stoeptegels

Filter

:

K/k

: klei/kleiig

V/h

: veen/humeus

Grondwaterst.

:

m

: mineraal arm

Geroerd monster

:

Overig Ongeroerd monster

:

Projectcode 28289

Projectnaam Keizerweg F381

Boornummer B01

Locatie Gehele terrein

Beschrijver Theo Huls

Boorfirma Rouwmaat

Boormethode Edelmanboor

Maaiveldhoogte

Datum x; y 15-7-200 231.265; 434.228 m 8 Globale grondwaterstand

Boorprofiel getekend volgens NEN 5104 Bodemmonster

Projectcode 28289

Projectnaam Keizerweg F381

Boornummer B02

Locatie Gehele terrein

Beschrijver Theo Huls

Boorfirma Rouwmaat

Boormethode Edelmanboor

Maaiveldhoogte

Boorprofiel getekend volgens NEN 5104

Bodemonderzoek

0 m

Bodemmonster

0-40; Matig fijn zand, matig humeus, licht siltig; kleur: donkerbruin

1A

Datum x; y 15-7-200 231.259; 434.241 m 8 Globale grondwaterstand 130 cm-mv

Bodemonderzoek

0 m

0-50; Matig fijn zand, matig humeus, licht siltig; Ijzeroersporen; kleur: donkerbruin

2A

40-50; Matig fijn zand, licht siltig; kleur: bruin 50-90; Matig fijn zand, licht siltig; Ijzeroersporen; kleur: lichtbruin 2B 1 m

90-100; Matig fijn zand, matig siltig; kleur: lichtgrijsbruin 100-150; Matig fijn zand, matig siltig; kleur: lichtgrijsbruin

1 m 2C

2 m

2 m

3 m

3 m

4 m

4 m

5 m

5 m

Projectcode 28289

Projectnaam Keizerweg F381

Boornummer B03

Locatie Gehele terrein

Beschrijver Theo Huls

Boorfirma Rouwmaat

Boormethode Edelmanboor

Maaiveldhoogte

Datum x; y 15-7-200 231.258; 434.253 m 8 Globale grondwaterstand

Boorprofiel getekend volgens NEN 5104 Bodemmonster

0 m 3A

Projectcode 28289

Projectnaam Keizerweg F381

Boornummer B04

Locatie Gehele terrein

Beschrijver Theo Huls

Boorfirma Rouwmaat

Boormethode Edelmanboor

Maaiveldhoogte

Datum x; y 15-7-200 231.251; 434.264 m 8 Globale grondwaterstand

Boorprofiel getekend volgens NEN 5104

Bodemonderzoek

Bodemmonster

0-40; Matig fijn zand, matig humeus, licht siltig; kleur: donkerbruin

0 m 4A

40-50; Matig fijn zand, licht siltig; kleur: bruin

1 m

1 m

2 m

2 m

3 m

3 m

4 m

4 m

5 m

5 m

Bodemonderzoek

0-50; Matig fijn zand, matig humeus, matig siltig; kleur: donkerbruin

Projectcode 28289

Projectnaam Keizerweg F381

Boornummer B05

Locatie Gehele terrein

Beschrijver Theo Huls

Boorfirma Rouwmaat

Boormethode Edelmanboor, pulsboor

Maaiveldhoogte

Datum x; y 15-7-200 231.257; 434.265 m 8 Globale grondwaterstand 160 cm-mv

Boorprofiel getekend volgens NEN 5104 Fltr. Bodembuis monster

Projectcode 28289

Projectnaam Keizerweg F381

Boornummer B06

Locatie Gehele terrein

Beschrijver Theo Huls

Boorfirma Rouwmaat

Boormethode Edelmanboor

Maaiveldhoogte

Boorprofiel getekend volgens NEN 5104

Bodemonderzoek

0 m

Bodemmonster

0-20; Matig fijn zand, matig humeus, licht siltig; kleur: donkerbruin 20-50; Matig fijn zand, licht siltig; Ijzeroersporen; kleur: bruin

5A

Datum x; y 15-7-200 231.244; 434.278 m 8 Globale grondwaterstand

Bodemonderzoek

0 m

0-50; Matig fijn zand, matig humeus, matig siltig; kleur: donkerbruin

6A

50-70; Matig fijn zand, licht siltig; Ijzeroersporen; kleur: bruin 70-100; Matig fijn zand, matig humeus, licht siltig; kleur: donkerbruin

5B 1 m

100-120; Matig fijn zand, matig humeus, licht siltig; kleur: donkerbruin 120-150; Matig fijn zand, matig siltig; kleur: grijs

5C

1 m

150-200; Matig fijn zand, matig siltig; kleur: grijs G.W. 5D 2 m

200-250; Matig fijn zand, matig siltig; kleur: grijs

2 m

250-350; Matig grof zand, licht siltig; kleur: grijs

3 m

3 m

4 m

4 m

5 m pH 7,7

5 m Grondwaterbemonstering: 21-7-2008 Temperatuur Grondwaterstand 13,7 °C 160 cm-mv

EGV 875 µS/cm

Diepte 340 cm-mv

Projectcode 28289

Projectnaam Keizerweg F381

Boornummer B07

Locatie Gehele terrein

Beschrijver Theo Huls

Boorfirma Rouwmaat

Boormethode Edelmanboor

Maaiveldhoogte

Monsternemingsfilter Perforatie 240-340 cm-mv

Datum x; y 15-7-200 231.243; 434.280 m 8 Globale grondwaterstand

Boorprofiel getekend volgens NEN 5104 Bodemmonster

0 m 7A

Projectcode 28289

Projectnaam Keizerweg F381

Boornummer B08

Locatie Gehele terrein

Beschrijver Theo Huls

Boorfirma Rouwmaat

Boormethode Edelmanboor

Maaiveldhoogte

Datum x; y 15-7-200 231.257; 434.275 m 8 Globale grondwaterstand

Boorprofiel getekend volgens NEN 5104

Bodemonderzoek

Bodemmonster

0-50; Matig fijn zand, matig humeus, matig siltig; kleur: donkerbruin

0 m 8A

1 m

1 m

2 m

2 m

3 m

3 m

4 m

4 m

5 m

5 m

Bodemonderzoek

0-50; Matig fijn zand, matig humeus, matig siltig; kleur: donkerbruin

BIJLAGE 3

ANALYSERAPPORTEN GROND

ALcontrol B.V. Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Hoogvliet Tel.: (010) 2314700 · Fax: (010) 4163034 www.alcontrol.nl

Analyserapport

Milieutechniek Rouwmaat Groenlo BV Henk Broekhuijsen Postbus 74 7140 AB GROENLO

Uw projectnaam Uw projectnummer ALcontrol rapportnummer

Blad 1 van 6

: Keizerweg F381 : 28289 : 11337881, versie nummer: 1

Hoogvliet, 21-07-2008

Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project 28289. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters en het project zijn overgenomen in dit analyserapport. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door ALcontrol Laboratories, gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Hoogvliet (NL). Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 6 pagina's. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Uitgebreide informatie over de door ons gehanteerde analysemethoden kunt u terugvinden in onze informatiegids. Mocht u vragen en/of opmerkingen hebben naar aanleiding van dit rapport, bijvoorbeeld als u nadere informatie nodig heeft over de meetonzekerheid van de analyseresultaten in dit rapport, dan verzoeken wij u vriendelijk contact op te nemen met de afdeling Customer Support. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,

drs. J.H.F. van der Wart Managing Director Environmental

ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Milieutechniek Rouwmaat Groenlo BV Henk Broekhuijsen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Blad 2 van 6

Analyserapport

Keizerweg F381 28289 11337881 - 1

Orderdatum 15-07-2008 Startdatum 15-07-2008 Rapportagedatum 21-07-2008

Analyse

Eenheid

Q

droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten

gew.-% g g

S S S

84.7 <1 Geen

81.5 <1 Geen

organische stof (gloeiverlies)

% vd DS

S

3.6

1.6

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS

S

4.9

3.2

METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

S S S S S S S S S

48 <0.5 3.4 <10 <0.15 23 <3 7.6 44

25 <0.5 4.3 <10 <0.15 <13 <3 11 <20

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

001

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN <0.01 naftaleen mg/kgds S 0.02 fenantreen mg/kgds S <0.01 antraceen mg/kgds S 0.05 fluoranteen mg/kgds S 0.03 benzo(a)antraceen mg/kgds S 0.02 chryseen mg/kgds S 0.02 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 0.03 benzo(a)pyreen mg/kgds S 0.03 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 0.03 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 1) 0.25 pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 2) 0.27 pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds

S S S

<2 <2 <2

002

<0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 1) <0.1 2) 0.07

<2 <2 <2

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000 erkenning door de ministeries VROM en V&W. Overige accreditaties zijn gemerkt met een Q.

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001

Grond (AS3000)

M1 1-1, 2-1, 3-1, 4-1, 5-1, 6-1, 7-1, 8-1>M1

002

Grond (AS3000)

M2 2-2, 2-3, 5-2, 5-3, 5-4>M2

Paraaf : ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Milieutechniek Rouwmaat Groenlo BV Henk Broekhuijsen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Blad 3 van 6

Analyserapport

Keizerweg F381 28289 11337881 - 1

Orderdatum 15-07-2008 Startdatum 15-07-2008 Rapportagedatum 21-07-2008

Analyse

Eenheid

Q

001

002

PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 som PCB (7) som PCB (7) (0.7 factor)

µg/kgds µg/kgds µg/kgds µg/kgds µg/kgds µg/kgds

S S S S S S

<2 <2 <2 <2 <14 9.8

<2 <2 <2 <2 <14 9.8

MINERALE OLIE fractie C10 - C12 fractie C12 - C22 fractie C22 - C30 fractie C30 - C40 totaal olie C10 - C40

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

S

<5 <5 <5 <5 <20

<5 <5 <5 <5 <20

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000 erkenning door de ministeries VROM en V&W. Overige accreditaties zijn gemerkt met een Q.

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001

Grond (AS3000)

M1 1-1, 2-1, 3-1, 4-1, 5-1, 6-1, 7-1, 8-1>M1

002

Grond (AS3000)

M2 2-2, 2-3, 5-2, 5-3, 5-4>M2

Paraaf : ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Milieutechniek Rouwmaat Groenlo BV Henk Broekhuijsen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Keizerweg F381 28289 11337881 - 1

Blad 4 van 6

Analyserapport Orderdatum 15-07-2008 Startdatum 15-07-2008 Rapportagedatum 21-07-2008

Monster beschrijvingen

001

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000

002

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000

Voetnoten 1 2

De sommatie is een optelling van de ruwe waarden waarna de berekening heeft plaatsgevonden. De sommatie na verrekening van de 0.7 factor conform AS3000

Paraaf : ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Milieutechniek Rouwmaat Groenlo BV Henk Broekhuijsen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Blad 5 van 6

Analyserapport

Keizerweg F381 28289 11337881 - 1

Orderdatum 15-07-2008 Startdatum 15-07-2008 Rapportagedatum 21-07-2008

Analyse

Monstersoort

Relatie tot norm

droge stof

Grond (AS3000)

gewicht artefacten aard van de artefacten organische stof (gloeiverlies) lutum (bodem) barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink naftaleen fenantreen antraceen fluoranteen benzo(a)antraceen chryseen benzo(k)fluoranteen benzo(a)pyreen benzo(ghi)peryleen indeno(1,2,3-cd)pyreen pak-totaal (10 van VROM) pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) PCB 28 PCB 52 PCB 101 PCB 118 PCB 138 PCB 153 PCB 180 som PCB (7) som PCB (7) (0.7 factor) totaal olie C10 - C40

Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)

Grond: gelijkwaardig aan NEN-ISO 11465, conform CMA/2/II/A. Grond (AS3000): conform AS3010-2 Conform AS3000, NEN 5709 Idem Grond/Puin: gelijkwaardig aan NEN 5754. Grond (AS3000): conform AS3010 Grond: eigen methode. Grond (AS3000): conform AS3010-6 Conform AS3010-8, NEN 6966 ontsluiting: NEN 6961 Idem Idem Idem Conform AS3010-8, NEN-ISO 16772 ontsluiting: NEN 6961 Conform AS3010-8, NEN 6966 ontsluiting: NEN 6961 Idem Idem Idem Conform AS3010 Conform AS3010-9 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem

Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)

Conform AS3020 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3010-11

Paraaf : ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Milieutechniek Rouwmaat Groenlo BV Henk Broekhuijsen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Blad 6 van 6

Analyserapport

Keizerweg F381 28289 11337881 - 1

Orderdatum 15-07-2008 Startdatum 15-07-2008 Rapportagedatum 21-07-2008

Monster

Barcode

Aanlevering

Monstername

Verpakking

001 001 001 001 001 001 001 001 002 002 002 002 002

Y1131111 Y1131112 Y1131113 Y1131263 Y1131286 Y1131289 Y1131301 Y1131302 Y1131233 Y1131275 Y1131300 Y1131306 Y1131319

16-07-2008 16-07-2008 16-07-2008 16-07-2008 16-07-2008 16-07-2008 16-07-2008 16-07-2008 16-07-2008 16-07-2008 16-07-2008 16-07-2008 16-07-2008

15-07-2008 15-07-2008 15-07-2008 15-07-2008 15-07-2008 15-07-2008 15-07-2008 15-07-2008 15-07-2008 15-07-2008 15-07-2008 15-07-2008 15-07-2008

ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201

Paraaf : ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

BIJLAGE 4

ANALYSERAPPORTEN GRONDWATER

ALcontrol B.V. Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Hoogvliet Tel.: (010) 2314700 · Fax: (010) 4163034 www.alcontrol.nl

Analyserapport

Milieutechniek Rouwmaat Groenlo BV Henk Broekhuijsen Postbus 74 7140 AB GROENLO

Uw projectnaam Uw projectnummer ALcontrol rapportnummer

Blad 1 van 6

: Keizerweg F381 : 28289 : 11339667, versie nummer: 1

Hoogvliet, 23-07-2008

Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project 28289. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters en het project zijn overgenomen in dit analyserapport. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door ALcontrol Laboratories, gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Hoogvliet (NL). Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 6 pagina's. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Uitgebreide informatie over de door ons gehanteerde analysemethoden kunt u terugvinden in onze informatiegids. Mocht u vragen en/of opmerkingen hebben naar aanleiding van dit rapport, bijvoorbeeld als u nadere informatie nodig heeft over de meetonzekerheid van de analyseresultaten in dit rapport, dan verzoeken wij u vriendelijk contact op te nemen met de afdeling Customer Support. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=4c79a234-f008-43aa-a1de-8bca2fc7ce29