Toegevoegd 4-2-26: Inspraakreactie C. Burger Kapverordening 2026
Tekst van het document
Goedenavond.
Kap.
Mijn naam is Cor Burger. Net als alle mensen ben ik heel veel verschillende dingen. In deze context moet u weten dat ik fiscaal jurist ben en momenteel vooral gerechtelijke procedures voer. Daarvoor was ik handhavingsspecialist. Ik werk al meer dan 40 jaar voor de rijksoverheid. Verder ben ik de maximale 9 jaar bestuurslid geweest bij Bredevoorts Belang. Ik wil hiermee twee dingen zeggen. Ten eerste dat ik vind dat ik door mijn opleiding en werkervaring aardig weet waarover ik zo straks praat. Ten tweede dat ik mij betrokken voel bij het reilen en zijlen van onze samenleving. Ik spreek bij dit onderwerp in omdat ik de stukken over dit onderwerp heb gescand en deels gelezen. Ik doe mee met “U spreekt” en heb ook de enquête ingevuld over dit onderwerp. Bij mij gingen een paar alarmbellen af toen ik de reactie van de Bomenstichting las. Ten eerste. Handhaving is gebaat bij heldere regelgeving. Handhaving is in eerste instantie de Handhavingsambtenaar. Daarna de bezwaarbehandelaar, de bezwaarcommissie en de ambtenaar die eventueel een gerechtelijk procedure moet gaan voeren. Zo’n procedure kost ook de Rechterlijke macht veel tijd en geld. Echter, niet alleen het ambtelijke apparaat en de Rechtelijke macht is gebaat met heldere regelgeving, vooral de inwoners van Aalten hebben daar voordeel van. Zij raken minder gefrustreerd en behouden hun respect voor de lokale overheid.
Ten tweede. Mijn ervaring is dat als er onderscheid gemaakt wordt, een Overheid dit moet kunnen beargumenteren. Kan deze Overheid dat niet dan is er juridisch al snel sprake van schending van mensenrechten, namelijk discriminatie. Even een juridische helder punt maken: Internationale verdragen die Nederland heeft ondertekend, zoals bijvoorbeeld het Europese Verdrag van de Rechten van de Mens, gelden ook hier in Aalten. Dus ook voor u, Gemeenteraad. En ja, we hebben het hier over bomen. Echter het recht om een boom te kappen in het ene gebied maar niet in het andere gebied …. Ik zou, als gemeenteraadslid, hierover meningsverschillen, niet opzoeken. Zeker als u weet wat externe specialiste juridische bijstand mogelijk gaat kosten. Ten derde. Sluit in uw beleid en vooral met de juridische terminologie aan op bestaande wetgeving. Dat schept duidelijkheid omdat veel juridische interpretatie geschillen al uitgevochten zijn. Ten vierde. Jip en Janneke taal. Die beweging heb ik al meegemaakt. Het is net een slinger aan een klok, hij moet eerst te ver de andere kant opgaan voor hij weer in het midden komt. Veel juridische terminologie is niet te versimpelen, het is vaktaal.
En vooral: met “je” en “jouw” creëert u geen waardering en respect voor beleid. Met keukentafel-taal in juridische stukken wordt niet bereikt dat iemand het beter begrijpt. Dat kan wel bij uitleg op een website of in een brief. Er zit ook een groot risico aan vast: een rechter moet gaan werken met de Verordening zoals u die vaststelt. De rechter moet zijn beslissing dus gaan baseren op de taal en terminologie die u hier vaststelt. Mijn mening is dan ook: éénduidig juridisch taalgebruikt werkt in het voordeel van de Aaltenaar, de ambtenaar en eventueel de rechter. Tot slot. De Bomenstichting heeft het concept voorgelegd aan een omgevingsjurist. Ik mag hopen dat u denkt: “Dank u Bomenstichting voor dit gratis advies van een externe deskundige. Dit scheelt de gemeente geld voor een serieus en kwalitatief goed advies.” Ik hoop daarom dat u de opbouwende reactie van de Bomenstichting heel serieus neemt. Vanuit mijn achtergrond steun ik deze reactie volledig. mr. C. Burger AA