Schriftelijke reactie - nummer 18 (geanonimiseerd)
Tekst van het document
Opvanglocatie
Aalten:
een
keuze
kwaliteit?
voor
Vooraf Wat maakt
AZC
een
goed
of niet
goed?
Deze notitie is geschreven met het doel
een
opvangcentrum
voor
asielzoekers te beoordelen
Het aspect
veiligheid, dat vooral
De directe
aanleiding
aan
de hand
de
om
werking
geëigende getrokken, maakt daar deel van uit. Maar in dit stuk staat toch de kwaliteit voorop van het centrum zelf, primair voor de vluchtelingen die daar terecht komen. Met hun welzijn zal de integratie van asielzoekers in de gemeente gediend zijn én de sociale cohesie van de Aaltense samenleving. van
criteria.t
van
omwonenden in de media veel aandacht heeft
voor
is de discussie in de gemeente Aalten over de komst van een AZC. Deze is in mei 2025 gestart met een standpuntbepaling van het college van B&W. Ruim een half jaar stond het onderwerp in de gemeenteraad geparkeerd, om begin 2026 opnieuw in debat te komen.
Op
belangen
9 hun
voorstel Het
de
gemeenteraadsfracties
kaders’?
als
alternatief
van
voor
CDA, het
CU
Gemeente-
en
eerder
gelanceerde
B & W.
van
kader
aandacht,
januari presenteerden ‘politiek-bestuurlijke
van
fracties kan
beoordeling
wordt
hieronder
uitgewerkt. Het bestaat uit tien velden van van de opties van hetzij B & W hetzij de drie punten goed worden beoordeeld. Beide voorstellen zijn
elk gemiddeld vier subcriteria. Geen
met
in
dit stadium
40
op
nog globaal en prematuur. Wel ze zich op een aantal onderdelen beoordelen op de potentiële bijdrage aan de kwaliteit van een opvanglocatie. Die bijdrage wordt hieronder voor immers
elk domein
beoordeeld
op
6-7 (matig positief)
bepalen),
2-3 (schadelijk), 4 (ondermaats), via 5 (niet te BEEM ROBER (BOE). Eén ‘bedarver' is vast het volgende detail:
schaal tussen
een
tot
de waarde
BIORMEEF zal de lezer hieronder niet tegenkomen.
Of
in Aalten wel of niet
een
AZC
ook
goed zal werken
niet te beoordelen. Het COA
is voorjaar 2026
werkt zelf met
aan
de hand
van
één stramien
van toetsing. voorlopig uiteenlopende Het maakt gebruik van normen uit de Harmonisatie Kwaliteitsbeoordeling in de Zorgsector (HKZ), richtlijnen van het RIVM en afspraken met het NHG. Met het onderzoeksbureau Open Embassy heeft COA een ‘kwaliteitskader’ in ontwikkeling, dat (Engelstalig) vooralsnog alleen individuele facetten als kinderopvang omvat. De Spreidingswet mag van kracht zijn, dat betekent niet dat gemeenten over één handvat beschikken om voor oude en nieuwe burgers goed beleid te voeren. vormen
schetsmatig. en voor verbetering vatbaar. Maar in een land met te zijner tijd 342 opvangcentra is het te hopen dat veel éénogige pogingen ooit een koninkrijkje teweegbrengen. Daarin moge ooit het ‘wij-zij’ denken, met zijn funest verdelende uitwerking, verleden tijd zijn. Na presentatie van tien domeinen wordt dit stuk afrondend met een diagram samengevat. De notitie is
Domein
1: Bereikbaarheid
Dat
vluchtelingen bij aankomst
van
vervoer
verblijven zal
dat
ze
en
communicatie
in
beschikking hebben over gelijke middelen als Nederlandse burgers, is een waarheid als een koe. Doorgaans een
met andere verwanten
alleen
AZC
niet de
het liefst op één
plek. Als ze beschikken over privé-vervoer
bij uitzondering gemotoriseerd zijn. De instromende bevolking mannelijk: CBS-cijfers laten zien dat een derde tot omstreeks veertig procent vrouw
is
vooral
is. Zelden
Bij het schrijven (geanonimiseerd) van deze notitie is met erkentelijkheid gebruik gemaakt van commentaar van | (London School of Hygiene and Tropical Medicine) alsmede de gemeenteraadsfracties van CU en Progressieve Partij (GroenLinks/PvdA). Voor de inhoud zijn zij niet verantwoordelijk, als wel, op persoonlijke titel, (geanonimiseerd) 2 Met 2026 de aan de komst de term ‘kaders’ blijken bij lezing van het Aaltense CDA/CU/GB-document van 9 januari van een AZC te stellen randvoorwaarden te zijn. Een alternatief synoniem zou piketpaaltjes zijn geweest. De functies van een opvanglocatie voor vluchtelingen komen in het document verder niet aan bod. 1
nn
Opvanglocatie Aalten: een keuze voor kwaliteit?
kunnen zij bij aankomst fietsen. Vrouwen dragen , blijkend uit gegevens voor het Verenigd Koninkrijk , i veel vaker dan mannen de zorg voor opgroeiende kinderen (39 vs. 17 %). Het COA-beleid is er op gericht om bij opvanglocaties asielzoekers zo veel mogelijk voor hun eigen onderhoud te laten zorgen. Het betekent dat voor dagelijkse levensbehoeften AZCbewoners er baat bij hebben om op loopafstand te zijn van de plekken voor benodigdheden. Dat kan de markt zijn , supermarkten , detailhandels , en naar autochtoon Nederlandse maatstaf dan wel naar die van de vluchtelingen zelf. Zo veel is nu al wel duidelijk dat er groepsspecifieke interesses zijn. Zo zullen islamieten hun vleeswaren niet anders dan van halal-leveranciers willen betrekken. In de gemeente Aalten zullen zij al snel beroep moeten doen op openbaar vervoer , richting Varsseveld , Winterswijk of Bocholt. Mochten zich onder asielzoekers mensen zijn met een lichamelijike beperking , dan hebben die baat bij assistentie in de buurt (mogelijk van nabij wonende vrijwilligers). Scholen moeten zich op loop- of fietsafstand bevinden. Voor andere diensten , als het sturen en ontvangen van kleine geldbedragen , kunnen ze (bij gebrek aan bankrekening) het dichtst terecht in Bocholt. In Aalten is tot vandaag geen loket voor contante geldzending.
Onderzoek in andere Nederlandse plattelandsgebieden heeft uitgewezen dat bestaande bewoners hun mening vóór of tegen een AZC niet laten afhangen van de nabijheid van het centrum. ii Althans , in 2016 bleek dat de mening over een AZC van bewoners van een achttal plaatsen in Groningen , Friesland en Limburg eerder afhing van hun opleiding en welvaart [hoe ‘meer’ hoe positiever] , eigen ervaringen op het werk (negatieve invloed) en direct contact in publieke ruimtes (positieve invloed). Het zwijgend weren van vluchtelingen uit het straatbeeld draagt dan ook niet bij tot een hogere graad van acceptatie onder oorspronkelijke bewoners. Een AZC gevestigd op de Singelweg 2-4 , zoals het College B & W heeft voorgesteld , betekent naar schatting 15 – 25 minuten lopen naar plaatselijke winkels , OV en publieke instellingen. De afstand tot niet-AZC burgers zal kleiner zijn. Als dertig minuten loopafstand als afsnijdpunt geldt , lijkt een beoordeling matig positief (6-7) voor het B & W-voorstel op zijn plaats. Volgens de onlangs gestelde ‘kaders’ (pag. 2 , punt e. 3 ) mag een locatie niet in het hart van een bestaande woonkern liggen. Dat betekent niet per se een grotere afstand tot winkels in de gemeente. Wel groeit de afstand tot gezondheidsvoorzieningen , en hoe dan ook tot scholen. En eveneens tot niet-AZC burgers. Het criterium mag – al dan niet bedoeld – anti-AZC-ers geruststellen.
Maar . . . een vrouwelijke , mogelijk zwangere AZC-bewoner is er niet mee beter uit en thuis. Bij het dóórdenken van de uitwerking gaat de insteek piketpaaltjes van de ‘kaders’ prevaleren boven een belangenafweging. Daarom scoren de ‘kaders’ hier als schadelijk (2-3). Domein 2: Onderkomen Eerder dan het aantal AZC-bewoners betreft dit veld de aandacht voor ruimte en kwaliteit van het AZC. Een precieze omschrijving voor wat dit voor het COA inhoudt is in het publieke domein niet te vinden. Bekend is dat in Duitsland per locatiebewoner sinds 2016 een minimum oppervlak wordt aanbevolen van zeven vierkante meter , hoewel dit de laatste jaren lijkt te zijn verminderd tot vierenhalve vierkante meter. iii Mocht dit ook de Nederlandse maatstaf zijn , dan komt die neer op één zevende tot één twaalfde van het doorsnee woonoppervlak van een niet gevluchte burger. De bouwkwaliteit doet er hier minstens zo veel toe , zeker in wintermaanden waar de meeste vluchtelingen in het land van oorsprong geen ervaring mee hebben. Bestendigheid en gebruik van keukens , sanitair en internet zijn ook belangrijk. Een gevoelig aspect is privacy , zeker waar 3 “De
locatie(s) liggen niet in de bestaande woonkernen kom of op een industrieterrein”.
,
maar grenzend aan
2
de bebouwde kom buiten de bebouwde ,
Opvanglocatie Aalten: een keuze voor kwaliteit?
het de mogelijke opvang van LHBTIQ+-vluchtelingen betreft. 4 Op gezinsniveau is buitengroen van groot belang , gegeven de bijdrage die het levert aan de ontwikkeling van kinderen. Dat bij het COA de middelen niet tot de hoogste hoogten reiken , wordt duidelijk in Raadsmededeling 85-2025 (pag. 5): bij een kleinschalige opvang zijn niet de functies gegarandeerd die er bij een opvang voor maximaal 300 asielzoekers wel zouden zijn. Ontzorging van de één (gemeente Aalten) komt dan neer op zorgverlies voor de ander (de vluchteling). Van Denemarken wordt gesteld dat het opvangmodel kleinschaliger is dan het Nederlandse. In Duitsland loopt het tussen deelstaten uiteen. Er is tot nu toe geen hard bewijs dat opvang in kleinere centra gunstig uitwerkt op de integratie van vluchtelingen. iv Bij het beheer op de langer-dan-korte termijn van de locatie is het zaak te letten op de doorstroming. 5 Statushouders waarin van diverse kanten binnen de gemeente is geïnvesteerd , zouden het best terecht komen als ze bij vertrek uit het AZC zich blijvend in Aalten of omstreken kunnen vestigen. Dit coördineren met instellingen als Estinea kan de inspanningen in andere domeinen ten goede komen. Uit publiek beschikbare documenten is niet goed af te leiden wat de implicaties van het kantelpunt tussen boven en onder de 300 AZC-bewoners zijn.
Het rapport ‘Kleinschalige opvang asielzoekers’ v verschaft een overzicht van kleinschalige opvanglocaties en ‘azcdependance locaties’. Maar inzicht in de voordelen voor van diverse opties voor alle betrokkenen geeft het niet. Zowel het B&W-voorstel als de ‘kaders’ bevatten onvoldoende elementen om tot een ander oordeel anders dan ‘niet te bepalen’ (5) te komen. Het pluspunt van de B&W-insteek , nl. de aanleg van infrastructuur die ná tien jaar ook nog dienstdoet , is niet voldoende sterk om te verwachten dat de opvanglocatie voor de bewoners relatief beter zou uitvallen. Domein 3: Zorg De zorg voor bewoners is bij een AZC in Aalten te verwachten op alle mogelijke vlakken: regulier medisch , tandheelkundig , verloskundig , ondersteunend para-medisch en naar alle waarschijnlijkheid ook sociaal-psychologisch. Wat dit laatste betreft: ook fysiek gezonde asielzoekers staan bij aankomst in een welvarend land al met pakweg 3-0 achter , door gebrek aan middelen , opgelopen vluchtstress en wantrouwen dat ze tegenkomen in het nieuwe land. Zorg is een domein voor specialisten in én uitvoering én coördinatie van de dienstverlening. Dat het College B&W zich daarvan bewust is blijkt uit het feit dat het woord ‘arts’ in de beantwoording van vragen uit de raad zeker tien keer voorkomt. Belangrijker nog is het besef dat een schoenmaker beter bij haar of zijn eigen leest kan blijven.
Anders gesteld: B&W lijkt niet van plan om op lokaal een eigen regie over de volksgezondheid te gaan voeren. Een voorlopig oordeel komt bij de B&W-optie dan ook uit op matig positief (6-7). Wat bieden hier de ‘kaders’? Gemeten aan de frequentie , te weten nul , van het woord arts in het betreffende document is dat niet erg hoopgevend. Verontrustender is dat er , net als in de eerder gestelde fractievragen , een voorkeur uit spreekt voor een gemeentelijke rol in de regie over de zorgvoorzieningen. Drie aspecten komen dan in het gedrang: •
De medische zorg in het AZC gaat over méér schijven plaatsvinden. Immers , de gemeente ontkomt er niet aan om in het AZC-beheer een eigen pet te dragen in de contacten met zorgverleners , terwijl het COA ook in de financiering niet van het toneel verdwijnt.
4 De crux van
dit probleem zit in het veronderstelde COA-beleid “niet aan doelgroep-selectie te doen”. De groeiende onveiligheid voor LHBTIQ+-ers blijft zo dan ook buiten beeld: https://www. nporadio1. nl/nieuws/binnenland/7727fd27e1f7-45b6-b2eb-b681f3075600/lhbti-asielzoekers-steeds-vaker-in-onveilige-situaties-in-noodopvangen. 5 De gemeente Amersfoort meldt een gemiddelde verblijfsperiode in een AZC van niet minder dan 21 maanden.
3
Opvanglocatie Aalten: een keuze voor kwaliteit?
•
•
Vergelijking van een aantal onderzoeken (zgn. meta-analyse) , terzake wereldwijd uitgevoerd , laat zien dat post-traumatische stoornissen en angstsyndromen voorkomen onder 30 tot 40 procent van elders opgevangen vluchtelingen , beduidend méér dan onder de niet gevluchte bevolking. vi Coördinatie van de vereiste professionele zorg , met aandacht voor taal- , kunne- en culturele verschillen , overstijgt al snel de gemeentelijke spankracht. Geen geheugen kan zo kort zijn of de herinnering aan de COVID-periode zal bovenkomen. In het geval van een nationale gezondheidscrisis , of welk onvoorzien gebeuren dan ook , krijgt de gemeente Aalten een rol toebedeeld waaraan uitzonderlijke eisen worden gesteld.
Over het medische en psycho-sociale welzijn van asielzoekers kan niet nonchalant of lichtvaardig worden gedacht. Dat AZC’s onder eindverantwoordelijkheid van het COA voor locatiebewoners frictieloos functioneren wordt geregeld betwijfeld , ja zelfs betwist. vii Maar dat vertaalt zich voor Aalten , op gemeenteniveau , niet vanzelf in vereiste professionaliteit en expertise inzake het welzijn van vluchtelingen. Het percentage getraumatiseerde asielzoekers (zie noot vi. ) vertaalt zich voor een opvanglocatie – of die nu 100 , 200 of 300 bewoners telt – in tientallen persoonlijk hoogst fragiele situaties. Dat vereist begeleiding op het hoogste niveau van bekwaamheid , ergo bovenlokaal gecoördineerd. De gemeentelijke insteek van de ‘kaders’ , is niet vertrouwenwekkend. De score op dit onderdeel komt dan ook uit op ondermaats (3-4). Domein 4: Onderwijs Over een brede lijn wordt onderwijs gezien als een bij uitstek stuurbare factor voor succesvolle integratie van vluchtelingen in Europa. viii Het gaat om meer , taalbeheersing draagt bji aan het hervinden van mentaal evenwicht van vluchtelingen. Het verlaagt de kans dat ze onder trauma’s gebukt (blijven) gaan. Hoe sneller het onderwijs van start gaat , vooral op taalgebied , hoe meer alle betrokkenen daar als persoon , collectief én regionale gemeenschap bij zijn gebaat.
Als bij benadering 15 tot 20 procent in een schoolgaand leeftijdscohort zit , gaat het jaarlijks om enkele tientallen jongeren die in het onderwijs hun draai moeten kunnen vinden. In het bijzonder jonge kinderen , al vanaf de peuterleeftijd , verdienen aandacht van de gemeente Aalten en een waaier aan scholen. Waar gezondheid in de regel een zaak is van nietgemeentelijke instellingen , kan het onderwijsbeleid juist een speerpunt worden om AZCbewoners zo snel mogelijk hun weg te vinden. Nieuw gearriveerden zijn erbij gebaat om zich er goed van bewust te zijn dat ze zich in een taalkundig overgangsgebied bevinden. Daar hoort ook een actieve beheersing van Achterhoeks bij. Het ECAL in Doetinchem heeft vanaf 2024 ervaring met een lespakket voor kleuters. Elk kind tussen twee en vijf jaar verdient , zo snel mogelijk na aankomst , een eigen exemplaar Plat veur Potwottels. Breder gesteld loont het de moeite om in coördinatie met scholen in de gemeente een onderwijsplan op te stellen met korte , middellange termijndoelen. Volgens DIVOSA (een vereniging in het gemeentelijk sociaal domein) en UAF (Stichting voor Vluchteling Studenten) is het taalniveau B2 , voor gevorderden met spontane gespreksdeelname , eerder uitzondering dan regel. Maar onmogelijk is het niet , zij het “wel mogelijk met inzet en goede begeleiding”.
Dat zou dan ook de stip aan de horizon moeten zijn: drie- tot viertaligheid in een tijdsbestek van tien jaar. Dat betreft dan Nederlands , Nedersaksisch , de taal van de eigen familie en minstens één andere Europese taal. Het waarom van deze prioriteit komt voort uit de Arbeidsmarktprognoses Achterhoek 2023 – 2028 , waar als een van de ‘belangrijkste bevindingen’ (p. 6) is te lezen: “Ruim een kwart van de werkzame ongeschoolden (met alleen basisonderwijs) heeft een niet-Europese migratieachtergrond. Onder de werkzame ongeschoolden volgt ruim een kwart een lange opleiding. Hun doorstroom naar een hoger niveau zoals vmbo gemengd/theoretisch , havo/vwo of mbo2 , kan de grote knelpunten in de personeelsvoorziening voor werkgevers op die opleidingsniveaus 4
Opvanglocatie Aalten: een keuze voor kwaliteit?
verlichten. ” Met andere woorden , het is van immens belang dat schoolgaande jongeren een perspectief ontwikkelen op een zinvol later beroepsleven. In het B & W-plan komt het brede en lange termijnplaatje niet overduidelijk naar voren. Wel lijkt het College , gezien frequente verwijzingen naar het binnen- en buitengemeentelijke aanbod aan scholen , zich bewust te zijn van de potentiële wederzijdse impuls tussen onderwijs en gevluchte jongeren. Het B & W-plan scoort daarom matig positief (6-7). Aan de zijde van de ‘kaders’-adepten zoekt een belangstellende tevergeefs naar niet alleen de term onderwijs , maar ook naar de erkenning dat het onderwijs van nu dient voor de arbeidsmarkt van morgen. Dat is ongunstig voor de bewoners van een opvanglocatie en evenmin bevorderlijk voor de onderwijsinstellingen in en buiten Aalten. In onderwijsopzicht zijn de ‘kaders’ zijn op zijn best nu ‘niet te bepalen’ (5). Domein 5: Werk Volgens de arbeidsmarktprognose voor de Achterhoek van de Maastricht Universiteit staat de regio voor bijzondere uitdagingen. ix Enerzijds is de brede welvaart er (na die van het Gooi) de hoogste van het land. Anderzijds is er sprake van vergrijzing in het bestand aan werknemers , méér dan in de provincie Gelderland en de rest van Nederland. De vervangingsvraag naar personeel is in de Achterhoek circa twintig procent hoger dan elders.
Zorg , techniek , landbouw en natuur zijn de sectoren waar de vraag naar arbeid nijpend is , en dat ook de rest van dit decennium zal blijven. Fascinerend is de positie van de Achterhoek in het transitieproces richting een duurzame en inclusieve economie. Onderzoekers van RABO Research hebben gewezen op de hoge percentages van zowel innoverende bedrijven (20 %) als bedrijven die in de transitie achterblijven (45 %). x Als combinatie zijn die cijfers ongebruikelijk hoog in vergelijking met de rest van Nederland. In de vraag naar arbeid (vergrijzing) én in de omslag van de regionale economie (verduurzaming) zijn groepen jonge , al dan niet van elders gevluchte nieuwkomers te zien als fris bloed met potentie. Het RABO-document bevat 24 verwijzingen naar initiatieven (ook langs de weg van start-ups) waar juist dat demografische segment in 2035 al inzetbaar is. Lokaal arbeidsmarktbeleid zal eerder faciliterend dan sturend zijn. In elk geval gaat het om de monitoring bij vacaturevervulling bij bedrijven , om het waar mogelijk bevorderen van stages en – waar Noordrijn-Westfalen beter in is – het stimuleren van duale banen. Daarbij loopt een opleiding parallel aan de baan bij een werkgever. Hulp bij de erkenning van buitenlandse diploma’s , voorlichting en training bij de opzet van een eigen bedrijf kan gemeentelijk , regionaal en provinciaal van grote waarde zijn.
De Achterhoekse gemeenten geven blijk zich bewust te zijn van de noodzaak tot arbeidsintegratie van asielzoekers. Het maakt onderdeel van hun ‘Bestuurlijke afspraken huisvesting vluchtelingen Achterhoek’ , als een van de vier deelgebieden voor gecoördineerd beleid. De behandeling van het thema bij het Aaltense College B & W lijkt enigszins stiefmoederlijk: als thema 14 (van 15) worden vijf raadsvragen beantwoord. Het ondergeschikte karakter kan raadsbepaald zijn , wat er mede op van invloed is dat de score van de B & W-optie op matig positief (6-7) blijft steken. De ‘kaders’ bevatten geen enkele verwijzing naar de arbeidsposite van toekomstige locatiebewoners. De betrokken raadsfracties stelden er in 2025 ook geen vragen over. Daarmee is de score niet te bepalen’ (5).
5
Opvanglocatie Aalten: een keuze voor kwaliteit?
Domein 6: Ontspanning Als er één terrein is waar winst is te boeken voor het welzijn van vluchtelingen én omwonenden , dan is dat in een omgeving van recreatie en gedeeld plezier. Voor ervaringen hoeft niet ver te worden gezocht: zo heeft Noordrijn-Westfalen al sinds 2021 een Landesprogramm in uitvoering voor en door jonge vluchtelingen. xi In Bocholt worden op scholen en in plaatselijke theaters mét betrokken jongeren festivals georganiseerd. Dat in Aalten jeugdige vluchtelingen niet op zijn minst inzetbaar zouden zijn bij b. v. de organisatie van de Zwarte Cross is een open vraag , op termijn beantwoordbaar. Mochten er bij de gemeente niet voldoende ideeën zijn , dan staan andere wegen open , binnen en buiten de gemeente. Op twee plaatsen kunnen kinderen leren zwemmen. Op breder sportgebied telt de gemeente 26 verenigingen. Op theatergebied een half dozijn. Op muziekgebied drie , met daarnaast voor kinderen een musicaltuin in Winterswijk. Meer en minder grote ateliers zijn er voor schilderen en tekenen in o. a. Bredevoort. Op landelijk niveau heeft UNICEF in samenwerking met Save the Children en War Child sinds 2015 het programma TeamUp in uitvoering. Het accent ligt op sport , spel en beweging voor kinderen en jongeren in de leeftijdsgroep tussen zes en achttien jaar. Voor deelname speelt hun culturele achtergrond geen rol.
Bij een recente evaluatie was één conclusie dat het welbevinden (lichamelijk , sociaal , cultureel) van jongeren er zowel individueel als collectief er baat bij heeft. xii Het positieve effect van sportbeoefening kwam ook recentelijk aan het licht bij onderzoek onder vluchtelingen die in opvangcentra in Griekenland waren opgevangen. xiii Regelmatige lichamelijke inspanning en sportbeoefening helpt asielzoekers bij het te boven komen van traumatische ervaringen. Op langere termijn is het goed voor hun mentale welzijn. In gemeentelijke beleidsdocumenten is aandacht voor ontspanning geheel afwezig. Ook de ‘kaders’ maken er geen woorden aan vuil. Beide opties scoren hier aldus niet te bepalen’ (5). Domein 7: Beheer en toezicht Het onderwerp heeft in 2025 verreweg de meeste aandacht getrokken , met een strategie die in beginsel doeltreffend kan zijn , voor zo ver de verantwoordelijkheden goed zijn afgebakend. Op landelijk niveau is het COA de aangewezen instelling om de opvanglocaties te administreren. In Aalten zou het geen punt van overweging zijn geweest , indien niet het maximale aantal bewoners van de locaties door B & W niet op 300 was gesteld. Dit niet zo zeer uit eigen keuze als wel uit de bredere COA-beleidsafweging op landelijk niveau. De basiskeuze waar de gemeente anno 2026 voor staat betreft de rol van de gemeente.
Is die in hoofdzaak faciliterend en begeleidend , dan komt de uitvoerende verantwoordelijkheid te liggen bij het COA. Is de gemeentelijk rol lijnverantwoordelijk , dan komt de implementatie en het bijbehorende risicomanagement in de praktijk bij B&W te liggen. In dat geval zal het gemeentebestuur minder aandacht kunnen geven aan de vorming van allianties en partnerschappen tussen instellingen ter plaatse en daarbuiten om het innoverend presteren van de locatie te bevorderen. xiv De fysieke en mentale integriteit van bewoners binnen en buiten een AZC is hier in het geding. Waar in gemeentelijk territorium de burgemeester de regie heeft voor de openbare veiligheid , is dat binnen een AZC een ander verhaal. Het COA contracteert voor de AZC-bewaking een gespecialiseerd privébedrijf. Doorgaans blijft dat onopgemerkt , totdat misstanden – soms pas in een veel later stadium – aan het licht komen. 6 Het interne management van een AZC kan ook
6 In het geval van
het begin februari ‘25 bij het AZC in Budel geconstateerde wangedrag deed dit zich al in 2023 voor.
6
Opvanglocatie Aalten: een keuze voor kwaliteit?
structureel en breed tekort schieten (zie eindnoot vii) , waarbij onvermijdelijk de bewoners zelf aan het kortste eind trekken. Of het nu gaat om praktijken van institutioneel paternalisme of van onverhuld ‘xenosadisme’ , het belang van een beschermde woonomgeving is erbij gebaat als ook bewoners ook hun rechten kennen. Waar nodig moeten zij ook verhaal kunnen halen. Dit kan betekenen dat op gemeentelijk niveau de sociale rechtszekerheid structureel wordt versterkt , b. v. met de instelling van een gemeentelijke of regionale Ombudsman. 7 Het kan ook inhouden dat het AZC een bewonersraad krijgt. Het interne toezicht van een locatie , van elke omvang , is geen sinecure. Op menig terrein vereist het expertise en daadkracht. Op een locatie in Noord-Frankrijk (Meurthe-et-Moselles , Nancy) werd over het jaar 2021 verslag gedaan met als opmerkelijk feit de noodzakelijke controle op bedwantsen , schurft en tuberculose. xv Langer geleden , maar dichter bij huis , spande het er ook om. Begin april 1945 werden in De Heurne op Caspershuus , na het vertrek van Italiaanse vluchtelingen afkomstig uit Kamp-Rees , in hun achtergelaten beddengoed luizen aangetroffen. Zout , kookwas en mogelijk talkpoeder waren afdoende. Taboe als het bleef kwam het voorval pas een halve eeuw later weer ter sprake.
xvi Hoe dan ook heeft het de vrouw des huizes , Hanna geboren Westerveld , er niet vanaf gebracht om bezoekers te weren. Vluchtelingenopvang was: door de wol geverfd worden. Bij de voorliggende opties bevat de B&W Raadsmededeling meerdere verwijzingen naar toezicht zowel op als buiten de opvanglocatie. De integriteit en de rechten van AZC-bewoners worden niet vermeld. De score komt , naar boven afgerond , uit op matig positief (6-7). In het ‘kaders’-document wordt het toezicht één keer vermeld , in de context van een ‘veiligheidsplan’ voor de omgeving. De condities óp de locatie zijn niet vermeldenswaard geweest. De ‘kaders’ , gepreoccupeerd met ‘draagvlak’ en ‘geluiden’ uit de gemeente (pag. 3) , scoren ondermaats (4). Domein 8: Financiering In 2026 beschikt het COA over € 42, miljard euro , naar schatting vijf procent meer als het voorgaande jaar , wat veroorzaakt wordt door het gebrek aan reguliere opvang in de gemeenten. Als dit bedrag gekoppeld mag worden aan het door UNHCR gerapporteerde aantal van 263. 000 vluchtelingen in Nederland , betekent dit ruim € 15. 000 aan opvangkosten per vluchteling per jaar. In het voorstel van B & W drukken de kosten van een Aaltense opvanglocatie volledig op het COA. De ondergrondse infrastructuur is een op termijn te verwachten meevaller die voor woningbouw , tijdens het komende decennium , in de gemeente bewaard blijft.
Overige kosten zijn niet voorzien. Het ‘kaders’-document gaat uit van een maximum van 200 op te vangen asielzoekers. Dit heeft twee gevolgen: (a) het COA laat de beheers- en financiële verantwoordelijkheid aan de gemeente , en (b) het betaalt de gemeente een vergoeding per reëel aanwezige asielzoeker van € 78 per dag (ex. BTW). Dit komt bij maximaal 200 bewoners neer op € 57, miljoen. Hiervan zullen , los van de kosten van middelenbeheer , op zijn minst huisvesting , dagelijks onderhoud en zakgeld voor de bewoners betaald moeten worden. De extra teweeggebrachte bureaucratie is in het Zorgdomein (nr. 3) al aangestipt , met het risico van te weinig expertise in het exploiteren van de locatie. Daar bovenop dient zich bij de ‘kaders’-optie op het financiële vlak een extra onzekerheid aan: de onbeheersbaarheid van uitgaven. In de B&W-optie komt het risico van een middelentekort vooral te liggen bij het COA , ongeacht het aantal (tot 300) opgevangen asielzoekers. In de optie van de ‘kaders’ loopt de 7 In
vergelijking met Amsterdam komt de Achterhoek er per duizend inwoners kunnen doen op een sociale zekerheidsadvocaat. ,
een beroep
7
,
zes keer bekaaider van af bij het
Opvanglocatie Aalten: een keuze voor kwaliteit?
gemeente , voor elke niet opgevangen asielzoeker , een bedrag mis van meer dan € 28. 000 per jaar. De vaste kosten van een kleinere locatie zullen hetzelfde blijven. 8
Samengevat: het financiële risico is voor de gemeente bij de B&W-optie , terwijl er op termijn infrastructureel een plus zal zijn in te boeken. Het financiële risico bij de ‘kaders’-optie is , bij een jaarbudget van ten hoogste € 57, miljoen , zeer aanzienlijk. De uitgaven zijn immers nauwelijks in te schatten. De B&W-optie is extern gedekt door de Staat. Die van de ‘kaders’adepten is intern ongedekt , en komt daarmee potentieel voor rekening van de Aaltense burger. 9 Aldus zijn de scores: B&W-optie matig positief (6-7) ; de ‘kaders’-optie eerder ondermaats (4). Domein 9: Waardenbeleving Tien jaar geleden werd in vijftien Europese landen een onderzoek uitgevoerd wánneer asielzoekers sneller werden aanvaard door al aanwezige burgers in de gastsamenleving. xvii De uitkomst was niet verbazingwekkend: hooggeschoolde vluchtelingen , met kennis van de taal van het gastland , ondervonden meer acceptatie. Humanitaire bezorgdheid was een tweede factor. Toch was een derde , niet te onderschatten factor de anti-islam stemming onder Europese bevolkingsgroepen. De stemming in het gastland spoort niet altijd met vluchtelingenverdragen. Voor zover bekend belemmert de anti-islam factor vooral vrouwen op de arbeidsmarkt. Tegelijk is voor islamitische vrouwen het geloof een handvat in hun persoonlijk netwerk , nog belangrijker dan voor mannen.
Via hun werk hebben mannen vaak weer een ander patroon aan contacten. xviii
Dat asielzoekers doorgaans een ander geloof hebben dan Europeanen maakt de opvang extra ingewikkeld. Het waardendomein is niettemin voor van buiten Europa afkomstige migranten zó belangrijk dat het verhoudingsgewijs onderbelicht blijft in Europees en angelsaksisch onderzoek. Laat staan dat het doorsijpelt in beleidsoverwegingen voor een betere integratie van asielzoekers. Voor het onderwerp post-traumatische groei is de waardenbeleving extra belangrijk. Die beleving kán met het eigen geloof te maken hebben , maar staat vaak ook in verbinding met de beleving van stilte , natuur en (kosmische) ruimte. Dat religie nauw met taal verband houdt , is als weinig anderen verwoord door de van oorsprong Afghaanse psychiater en schrijfster Forugh Karimi. 10 Het zijn uitingen die in een plattelandsgemeente , nog wel in een taalkundig overgangsgebied , meerwaarde hebben in het contact binnen en tussen culturele groepen. Het thema komt er bekaaid van af in de Aaltense beleidsdocumenten. Zowel B&W als de ‘kaders’-adepten lijken zich te beperken tot de standaard-positie: asielzoekers hebben zich aan de Nederlandse ‘waarden en normen’ aan te passen. Van eigen begrip voor andere waarden lijkt geen plaats te zijn. Dan wordt het door lokale beleidsmakers overbrengen van het beginsel ‘actieve verdraagzaamheid’ naar gewone burgers al snel problematisch.
Voor zowel B&W als de ‘kaders’ is de score dan ook ondermaats (4).
Zo stelt Raadsmededeling 120-2025 over ‘Kosten’ (p. 6): “Over het algemeen zijn kleinschalige opvanglocaties duurder dan de reguliere AZC’s simpelweg omdat voorzieningen voor grotere groepen relatief goedkoper zijn. ” 9 Voor de in beleggingsleer ingevoerden is er een vergelijking te maken met call- en put-opties bij aandelen. Bij de B&W-optie beschikt de gemeente over een later uit te oefenen call-optie (t. w. ondergrondse infrastructuur). Bij de ‘kaders’-optie is de gemeente blootgesteld aan een door derden uit te oefenen put-optie (t. w. kostenoverschrijding). Zie het COA-standpunt: https://www. gld. nl/nieuws/8430505/harde-kritiek-coa-op-aaltense-azc-eisen-dit-wordt-heel-lastig. 10 Zo is in een interview met de Volkskrant zomer 2025 te lezen: “Forugh Karimi had al sinds haar kindertijd een overdaad aan fantasie. Ze bracht haar omgeving vaak in verlegenheid met vragen die te ingewikkeld waren om te beantwoorden. ‘Ik vroeg bijvoorbeeld: welke taal spreekt God? Dat vonden andere mensen zondig. Zulke vragen stél je niet. Maar mij hield het bezig. Want zou God echt alle talen begrijpen inclusief alle dialecten? Of toch alleen Arabisch?’” 8
,
,
8
Opvanglocatie Aalten: een keuze voor kwaliteit?
Domein 10: Gemeenschapszin Het veld van gemeenzaam leven is in feite de optelsom van wat plaatsvindt in de domeinen bereikbaarheid , zorg , onderwijs , werk , ontspanning en waardenbeleving. Toch is er een niet weg te wuiven bepalende factor waarmee het leven van asielzoekers onomkeerbaar is veranderd. Dat is het door de vlucht én de opvang op een nieuwe locatie gaan leven in meerdere werelden. Vóór de migratie was de eigen , homogene gemeenschap de belangrijkste leefomgeving. Alles werd daarin , normaal gesproken in familieverband , meegemaakt en verwerkt. Vanaf het moment van aankomst bij een opvanglocatie is het leven van asielzoekers minder bedreigd , maar daarom nog niet eenvoudiger. Oude verbanden zullen zo mogelijk worden hersteld , en tegelijk komt een waaier aan nieuwe contacten bij: andere families met een andere afkomst , de kleinste details in een andere taal , en voor iedere kleinigheid een andere persoon met een beroepsmatig andere insteek en mogelijk andere vereisten. Nederland is een regelland. De vraag of mensen die met een vluchtgeschiedenis volledig uit balans zijn geraakt een evenwicht zullen terugvinden zal misschien wel nooit worden beantwoord. Dat er verkeer in minstens twee richtingen voor nodig is wordt her en der uitgedragen , xix maar niet altijd nagekomen. De zuidoostelijke Achterhoek heeft in elk geval één ding mee.
Dat is de combinatie van subtiliteit en souplesse in de omgangsvormen. Historisch is dat medebepalend geweest voor een hecht maatschappelijk weefsel dat na de ontzuiling in de vorige eeuw is blijven bestaan. Naoberschap is is van die sociale samenhang als term slechts een flauw aftreksel. Het sociale kapitaal staat , in vergelijking met andere regio’s met een historisch hoge cohesie , er nog steeds. De opening van een opvanglocatie in Aalten kan aan de sociale samenhang van de gemeente aanmerkelijke toegevoegde waarde geven. Daarbij is aan meerdere aspecten te denken: • • •
•
De inschakeling van vrijwilligers als buddy of anderszins bij de begeleiding van bewoners ; Het creëren van een overlegplatform tussen locatie- en buurtbewoners voor meer dan ter plekke gesignaleerde problemen ; 11 Het stimuleren van organisatieverbanden binnen bewonersgroepen en tussen groepen op verschillende locaties , als mogelijke aanzet voor een belangenorganisatie van asielzoekers ; xx Het uitwisselen van ervaringen met stedenband gemeenten als Bocholt en Szúbin , ook tussen groepen locatiebewoners. De positie van B & W is in 2025 voornamelijk bepaald door individuele en collectieve schrikreacties met een niet altijd verheffende toonzetting. Niettemin is de score van de B&Wpositie matig positief (6-7). De visie van de ‘kaders’-adepten is daarentegen , los van de bezorgdheid om het ‘draagvlak’ , in nevelen gehuld. Zo is de ‘kaders’-score: niet te bepalen’ (5). Samengevat eindoordeel De opties voor de Aaltense opvanglocatie , als voorgesteld door het College van B & W en de gemeenteraadsfracties CDA , CU en GB , hebben punten gemeenschappelijk en punten van verschil. Het goede nieuws is dat beide opties uitgaan van het beginsel dat ook Aalten zich aan de Spreidingswet heeft te houden. Dat is een minimale gemeenschappelijke deler. Toch wil die deler nog niet zeggen dat de gemiddelde Aaltense burger en aankomende locatiebewoner wel thuis zijn.
Ook voor de gemeente is het zaak om aan de betrokken partijen voor te houden dat de komst van asielzoekers kansen biedt die een publieke investering lonend 11 Een
informatieavond over de situatie in het land van oorsprong van vluchtelingen is informerend en opluchtend.
9
Opvanglocatie Aalten: een keuze voor kwaliteit?
Zoals in de brief van
makeni
zestig pro-AZC sympathisanten werd gesteld: het gaat huidige bewoners als nieuwkomers in Aalten. In vogelvlucht duikt het volgende beeld op. Hierbij is gemiddelde totaalscore ongewogen: dit wil zeggen dat de tien domeinen een even groot gewicht hebben in de uitkomst. om
de levenskwaliteit
meer
dan
tallozen, zowel
van
Scores:
Schadelijk Ondermaats
BEOORDELING
OPVANGLOCATIE
ASIELZOEKERS AALTEN
Niet te bepalen
5
Matig positief Datum:
Verwachte
05/02/2026
uitwerking op
/ kwaliteit
niveau
Goed
Optimaal
van:
_B&W
2025
‘Kaders 2026'
Optimale score
1._
Bereikbaarheid
0
10
Nabijheid van (a) familie, (b) detailhandel, (c) vervoer, (d) financiële juridische bijstand; (e) niet-AZC burgers, (f) digitale bereikbaarheid.
2.
Onderkomen
0
10
(@) Ruimte
3.
Zorg
0
10
beperkingen (d) privacy (incl. voor LHBTIQ+) (e) meubilair, (f) buitengroen; (@) Medisch (GZA, w.o. verloskundig), (b) tandheelkundig, (c) paramedisch, (d)
4.
Onderwijs
o
10
5.
Werk
0
10
6.
Ontspanning
0
10
7.
Beheer
0
10
en
toezicht
diensten
en
(m?/bewoner), (b) kwaliteit bouw (klimaat), (c) aanp. voor fysieke
psycho-sociaal (o.a. traumaverwerking, POH); (e) GGZ. (a) Peuteropvang, (b) basisscholen, (c } (v)mbo + HAVO/VWO, (d) (taal-) onderwijs en (bij-Jscholing volwassenen; Arbeidsmarkt: (a) vacaturevervulling, (b) stages, duale banen, (c) diplomaerkenning, (d) eigen MKB; Sport, muziek, toneel, beeldende en andere (PTSS vaardigheden;
-)
Respect voor: (a) Fysieke integriteit, (b) naleving regels (rust, hygiëne), (c) rechten (klachten, Ombudsman); (d) bewonersinspraak;
asielzoekers 8.
Financiering _Waardenbeleving
o
10
9.
o
10
10.
Gemeenschapszin
0
10
Budgetbepaling, afbakening en -neutraliteit, doelmatigheid, verantwoording; (a) Religie en spiritualiteit, (b) nationale feest(dag)en, (C) natuur, milieu + klimaat; Interactie met (a) medebewoners van elders, (b) buurtbewoners, (c ) nietoverheidsinstellingen (d) autonome verbanden;
Gemiddelde totaalscore
De
(Niet vergeten, van 1.
tot 10.:
kunne
(‘gender’)
B&W-optie
komt uit op bijna 6, op basis van matig positief-scores op zeven onderdelen. Van twee domeinen was deze niet vast te stellen, in één domein bleef ze ondermaats. De ‘kaders’-
optie komt uit op ruim 4, op basis één score ‘schadelijk’, vier ‘ondermaats’ en vijf ‘niet te bepalen’. Op geen domein komen de ‘kaders’ op het niveau ‘matig positief’, De niet vluchtelingbegripvolle ondertoon van het document draagt daarnaast evenmin bij aan de totaalscore. Het
devies
sproken
-
waarmee
Aalten
aan
zomer
2025
van
zet: mét de
een
groep
Spreidingswet!
-
van
250
sympathisanten
is februari 2026
zich
heeft
uitge-
nog steeds terzake doende.
Samenvatting komt het
Voorjaar
2026
tie voor
asielzoekers.
er
in Aalten op aan te beslissen over de voorbereiding van een opvanglocakomen criteria om de hoek kijken welke op langere termijn gericht zijn
Daarbij
een zo hoog mogelijke levenskwaliteit van zowel vluchtelingen als de nu in de gemeente woonachtige bevolking. Tien domeinen laten zich onderscheiden waarop de komende jaren voor beleidsmakers, uitvoeringsorganisaties, oude en nieuwe bevolking in Aalten werk aan de winkel is.
op
De voorstellen B&W
(2025)
en
raadsfracties
voor
een
AZC
de ‘kaders’
van
CDA, CU
in Aalten
en
van
Beoordeling opties B&W '25 en Kaders '26
de Aaltense
van
Bereikbaarheid
Gemeente-
Gemeenschapszin
Belangen (2026) zijn nog voorlopig. Wel zijn ze
í
Onderkomen
al te beoordelen op terreinen als:
bereikbaar-heid, onderkomen, zorg, onderwijs, werk, ontspanning, beheer en toezicht,
Waardenbeleving
financiering, waardenbeleving en gemeenmet ruwe schapszin. Uit die beoordeling waarden tussen 1 en 10 dat volgt geen van
Zorg
-
Paandiernd
—
de twee
opties
al voldoende
nu
kwaliteit te
is
om
de be-
oogde garanderen. beoordeling het verschil tussen de opties met een radardiagram duidelijk zichtbaar. Van de
voorliggende
Wel
is in de
AZC-voorstellen
Onderwijs
voor
een
Beheer
en
toezicht
werk
| Scores van/tot 0
Kik)
locatie is dat
(geanonimiseerd) 8 februari 2026
10
van
het
College van B &W
10
te
Uiterst
-
-
schadelijk
Optimaal
prefereren.
Opvanglocatie Aalten: een keuze voor kwaliteit?
Literatuurverwijzingen i Sin
Yi Cheung and Jenny Phillimore “Gender and Refugee Integration: a Quantitative Analysis of Integration and Social Policy Outcomes” Journal of Soc. Pol. (2017) 46 2 211–230. ii Aslan Zorlu “Attitudes toward Asylum Seekers in Small Local Communities Attitudes toward Asylum Seekers in Small Local Communities. ” International Migration 2017 Vol. 55(6). iii Samir Khalil and Jasper Tjadena “How reception centers affect the integration of asylum seekers and recognized refugees” European Societies 2025 Vol. 27 No. 4 617–643. iv Ibid. pag. 636-637. v BMC Yacht Group “Kleinschalige opvang asielzoekers. Kansen en mogelijkheden regio Rivierenland”. Rapport Regio Rivierenland Amersfoort 2014. vi Jens-R. Henkelmann Sanne de Best Carla Deckers Katarina Jensen Mona Shahab Bernet Elzinga and Marc Molendijk “Anxiety depression and post-traumatic stress disorder in refugees resettling in high-income countries systematic review and meta-analysis” BJPsych Open (2020) 6 e. 68 1–8. vii Dana Motlaq Anja van Heelsum “Asylum-Seeker Centres in the Netherlands’ Total Institution Characteristics and their Effect on Refugees’ Sense of Belonging” Refugee Survey Quarterly 2025 44 433–455.
viii Janina Söhn & Kai Marquardsen “Erfolgsfaktoren für die Integration von Flüchtlingen“ Soziologisches Forschungsinstitut Göttingen (SOFI) an der Georg-August-Universität 2017 ; Michaela Hynie “Refugee Integration: Research and Policy“ Peace and Conflict: Journal of Peace Psychology 2018 Vol. 24 No. 3 265–276. ix Luc Cobben Frank Cörvers Sander Dijksman Arnold Hendrikse Chayenne Smeets “Arbeidsmarktprognoses Achterhoek 2023-2028“ Maastricht University ROA Factsheet 2024. x Floris Jan Sander Rogier Aalders Otto Raspe “Een toekomstbestendige economie in de Achterhoek. Zeven opgaven en praktische aanbevelingen” Rabobank (18-11-2024). xi Kai Sager & Marieke Rudel „Wertvolle Arbeit Mit Jungen Geflüchteten! Highlights Herausforderungen und Perspektiven im Landesprogramm „Wertevermittlung Demokratiebildung und Prävention sexualisierter Gewalt in der und durch die Jugendhilfe““. Köln LVR (18 März 2021) met op pag. 26 het project in Bocholt (Jugendkulturformat „backyards“). xii Mieke Snijder & Marina Apgar “Psychosocial wellbeing for children in Dutch asylum reception centres”. TeamUp Impact evaluation. Institute of Development Studies April 2024. xiii Konstantinia Filippou Florian Knappe Antonis Hatzigeorgiadis Ioannis D.
Morres c Emmanouil Tzormpatzakis Theodoros Proskinitopoulos Marianne Meier Harald Seelig Sebastian Ludyga Uwe Pühse Roland von Kanel Yannis Theodorakis Markus Gerber “Effects of an exercise and sport intervention on symptoms of post-traumatic stress disorder and other mental health indices among asylum seekers in a camp. A pragmatic randomized controlled trial”. Mental Health and Physical Activity 28 (2025). xiv Caroline Oliver Rianne Dekker Karin Geuijen and Jacqueline Broadhead “Innovative strategies for the reception of asylum seekers and refugees in European cities: multi-level governance multi-sector urban networks and local engagement” Comparative Migration Studies (2020) 8:30. xv Katia Delecroix Aude Laurent Julie Grzyb « Centre d’Accueil et d’Évaluation des Situations CAES » Nancy (ARS) 2021 p. 15. xvi Bandopname van een vraaggesprek met de zoon van Hanna (geboren Westerveld) David Nusselder (1990). xvii Bansak Kirk Hainmueller Jens and Hangartner Dominik (2016) “How economic humanitarian and religious concerns shape European attitudes toward asylum seekers. ” London School of Economics and Political Science. xviii Vgl. Cheung & Phillimore (p. 217 227). xix De Britse website https://www. fmreview. org/ecre/ geeft een samenvatting van de overtuiging van de Europese Raad van Vluchtelingen en Ballingen (ECRE) een in Brussel gevestigde pan-Europese alliantie van NGO's.
xx In Frankrijk bestaat sinds 1971 de organisatie France Terre d’Asile opgericht door o. a. W. O. II oudverzetsstrijders. xxi Als verwoord in Catharina F. van der Boor Rebekah Amos Sarah Nevitt Christopher Dowrick and Ross G. White “Systematic review of factors associated with quality of life of asylum seekers and refugees in high-income countries (Conflict and Health (2020) 14:48 p. 22): “The discourse must shift from a narrative regarding AS&R as being a burden on society to seeing their support as an investment in the social and economic framework of the host country”. ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
11
,
,