CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsmededeling 105-2023 beantwoording vragen voorstel IHP

Beeldvorming raad 5 september 2023, gemeente AaltenBij agendapunt: Voorstel tot het vaststellen van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs gemeente Aalten 2023-2039, starten met het voorbereiden van de projecten zoals genoemd in fase 1 en 2 van het IHP en starten met het voorbereiden van het schouwen van alle schoolgebouwen in het kader van de verduurzaming4.087 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouder Onderwerp

: : : : : :

105-2023 4 september 2023 J. ten Dolle A.J. te Lindert Raadsvragen en antwoorden over het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs

Aanleiding: Op 20 juni 2023 heeft het college het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) vastgesteld. In september volgt de behandeling van het plan door u als gemeenteraad. Naar aanleiding van het plan hebben de VVD, CDA, D66 en CU vragen gesteld. Bij deze volgt de beantwoording op deze vragen.

Inhoud mededeling: De CDA fractie heeft de volgende vragen over het IHP: 1. Wat maakt dat het onderzoek (de gegevens) uit de eerste fase zoals verbeteren binnenklimaat (middels energiescan) en meerjarenonderhoudsplan (paragraaf 6.5.1 en 6.5.2) in volgorde niet zijn opgenomen in het hoofdstuk uitvoeringsagenda (pagina 36, IHP)? Beantwoording vraag 1: De vraag is logisch maar er zit een belangrijk verschil in verantwoordelijkheid. De gemeente is verantwoordelijk voor het bieden c.q. bekostigen van de huisvesting. Nieuwe huisvesting moet aan de nieuwe normen voldoen, bestaande huisvesting moet voldoen aan het bouwbesluit dat gold op het moment van bouwen. Aanpassingen rond verduurzaming en luchtkwaliteit zijn de verantwoordelijkheid van de schoolbesturen. Zij moeten dat ook betalen (eventueel met subsidies). In de aanpak zoals verwoord in het IHP wordt voorgesteld om die verduurzaming van de schoolgebouwen in de onderzoeksfase te koppelen aan de verduurzaming van het overige maatschappelijk vastgoed in de verwachting dat dan zowel bij de schoolbesturen als bij de gemeente voldoende expertise is opgebouwd om tot een gecoördineerde aanpak te kunnen komen. Hierin neemt de gemeente het initiatief. Als het onderzoek is afgerond weten we waar we het inhoudelijk- en financieel over hebben en kunnen de gesprekken over de financiën starten.

Mogelijk is het in een enkele situatie verstandiger om alsnog nieuw te gaan bouwen, maar dat weten dan ook. Al met al zal dit nog de nodige tijd vragen en daarop wachten is geen optie gezien de situatie rond de Triangel en Schaersvoorde. 2. Er wordt gesproken over een eerste fase en een tweede fase. Waar eindigt de eerste fase in het IHP en wat is precies de tweede fase binnen het IHP? Beantwoording vraag 2: Fase 1 eindigt in 2027 (aanpassing Triangel en voorbereiding voor fase 2), Fase 2 start in 2027 met de realisatie van de nieuwe locatie voor Schaersvoorde. 3.

Op basis van welke criteria is de volgorde van de 5 opgaves gebaseerd (pagina 37, IHP)?

Pagina 1 van 6

Beantwoording vraag 3: a. De uitkomsten van de HEVO-rapport b. De unieke kans die op korte termijn beschikbaar is voor Schaersvoorde c. Aanpak c.q. IKC-vorming voor De Slinger (zou eigenlijk eerder moeten) en de St. Jozef om ook scholen van de andere denominaties in een gelijke positie te brengen als die van Accentscholengroep als het gaat om IKC-vorming d. Groen van Prinsterer en Uniek waarmee in de kern Aalten de IKC-vorming kan worden afgerond.

Fractie D66 Schriftelijke vragen IHP 1. Verscheidene basisscholen scoren 63 punten en of minder en zouden volgens de criteria binnen 5-10 jaar moeten worden aangepakt. Met uitzondering van Triangel Hoog gaat dit echter nog wel even duren. Wat betekent dit voor de haalbaarheid van investeringen in deze scholen voor de komende jaren voor een goed binnenklimaat en verduurzaming? Beantwoording vraag 1: De gemeente is verantwoordelijk voor het bieden c.q. bekostigen van de huisvesting. Nieuwe huisvesting moet aan de nieuwe normen voldoen, bestaande huisvesting moet voldoen aan het bouwbesluit dat gold op het moment van bouwen. Aanpassingen rond verduurzaming en luchtkwaliteit zijn de verantwoordelijkheid van de schoolbesturen. Zij moeten dat ook betalen (eventueel met subsidies). In de aanpak zoals verwoord in het IHP wordt voorgesteld om die verduurzaming van de schoolgebouwen in de onderzoeksfase te koppelen aan de verduurzaming van het overige maatschappelijk vastgoed in de verwachting dat dan zowel bij de schoolbesturen als bij de gemeente voldoende expertise is opgebouwd om tot een gecoördineerde aanpak te kunnen komen. Hierin neemt de gemeente het initiatief. Als het onderzoek is afgerond weten we waar we het inhoudelijk- en financieel over hebben en kunnen de gesprekken over de financiën starten.

Mogelijk is het in een enkele situatie verstandiger om alsnog nieuw te gaan bouwen, maar dat weten dan ook. Al met al zal dit nog de nodige tijd vragen en daarop wachten is geen optie gezien de situatie rond de Triangel en Schaersvoorde.

2. De kosten voor vervangende nieuwbouw en renovatie voor Schaersvoorde Slingelaan zijn bepaald met algemene kengetallen. Hoe groot is naar schatting de procentuele onzekerheid naar boven en beneden. Graag een toelichting hierop? Beantwoording vraag 2: De getallen die nu worden genoemd zijn een doorrekening op basis van prijspeil 1-1-2023. Dat zijn realistische getallen. De tijd die nodig is om van een eerste onderzoek tot het moment van aanbesteding te komen zal 6 tot 8 jaar zijn. Hoe de kosten van materialen en arbeid zich in die periode gaan ontwikkelen weet niemand. Wel kunnen we dit scherp in de gaten houden zodat we daar als gemeente in het beschikbaar maken van de gelden op in kunnen spelen. Dit blijft spannend als het gaat omdat we eigenlijk maximale zekerheid willen hebben bij het nemen van dergelijke beslissingen. Die duidelijkheid is er gewoon niet. Wèl is er duidelijkheid te geven over de kwaliteitscriteria op grond waarvan gebouwd gaat worden. Dat vinden we terug in het Kwaliteitskader Scholenbouw zoals dat door VNG/PO- en VO-Raad is vastgesteld. 3. De plannen rond de verduurzaming zullen t.z.t. als een apart project aan de raad worden aangeboden. (+/- € 20 miljoen excl. onderwijskundige aanpassingen). De investeringen zijn enorm.

Op welke wijze wordt de raad in dit complexe en zware besluitvormingsproces begeleid door externen, zodat zij weloverwogen keuzes kan maken in deze ingewikkelde materie? Beantwoording vraag 3: Op basis van de uitkomsten van het onderzoek zal besloten moeten worden wat de verduurzamingsopgave definitief gaat worden. Na besluitvorming door de Raad zal een projectorganisatie worden ingericht die periodiek zal rapporteren en gezien het belang en de

Pagina 2 van 6

consequenties zal die rapportage niet alleen ambtelijk, maar ook bestuurlijk en politiek beschikbaar komen. 4. Gesteld wordt dat na vaststelling van het IHP, begonnen zal worden met de voorbereiding van de uitvoeringsagenda. De schoolbesturen die het concreet betreft zullen hierbij intensief betrokken worden. Daarnaast zal er een voorstel worden opgesteld voor de aanpak van de verduurzamingsopgave. In hoeverre wordt de raad hierbij actief betrokken? Beantwoording vraag 4: Zie het antwoord op vraag 3.

5. Is er ook een hybride scenario bekeken voor Schaersvoorde met deels grootschalige levensduur van verlengende renovatie en deels vangende nieuwbouw op dezelfde of een andere locatie? Graag een toelichting waarom wel/niet. Beantwoording vraag 5: Ja, hier is naar gekeken. Renovatie van het bestaande gebouw aan de Slingelaan zou alleen qua renovatie komen op ruim € 20 miljoen. Dit is nog exclusief extra onderwijskundige aanpassingen. Dit bedrag zou in 25 jaar afgeschreven moeten worden, voor de nieuwbouw kan dat in 40 jaar. Dat komt dan qua kapitaalslasten al dicht bij elkaar. Daarnaast doet zich nu een unieke situatie voor: Er kan eventueel gebouwd gaan worden naast de bestaande locatie nabij het station. Deze kans zorgt er voor dat het huidige onderscheid tussen de VMBO-locatie en de AVO-locatie wegvalt, hetgeen de integratie van de beide leerlingenpopulatie sterk zal bevorderen en het biedt mogelijkheden tot flexibilisering van het onderwijsaanbod.

NAAM FRACTIE: VVD Vragen 1. Pag. 26 IHP De stand van de reserve onderwijshuisvesting is per 31-12-2022 afgerond € 4.721.000. De dotatie aan de reserve bedraagt in 2023 € 130.000, 2024 € 150.000, 2025 € 170.000 en vanaf 2026 € 190.000. Waarvoor is deze reserve bedoeld? Antwoord: Deze reserve is bedoeld om toekomstige investeringen op het gebied van onderwijshuisvesting (mede) mogelijk te maken. Vooruitlopend op alle plannen is in de begroting 2022 besloten om de voeding jaarlijks met € 20.000 te verhogen. 2. Wat is de gemeentelijke visie over gewenste schaalgrootte van een basisschool? Antwoord: De positie van de gemeente ten aanzien van de ideale schoolgrootte is heel beperkt, het is de verantwoordelijkheid van de schoolbesturen om zich daar over uit te spreken. De gemeente ziet graag dat voor zover mogelijk in de buurtschappen een basisschool beschikbaar blijft en is er mee bekend dat voor de vorming van kindcentra grotere basisscholen noodzakelijk zijn. Beide aspecten zijn terug te vinden in het IHP. 3. Betekent inzetten op meer inclusief onderwijs een keuze voor het sluiten van een aparte speciale basisscholen? Antwoord: Dat is aan het schoolbestuur, maar sluiting van Nieuw-Hessen is wel voorzien in de IHP, maar het zal nog geruime tijd duren omdat het doorvoeren van inclusief onderwijs een intensief en zorgvuldige aanpak vraagt. 4. Er komen grote investeringskosten aan.

Mogen deze kosten ook terugverdiend worden door via een actieve grondpolitiek extra gelden te creëren? M.a.w. is het denkbaar dat een nieuwe school in een nieuw te bouwen wijk in een uitleggebied geplaatst kan worden, waarbij de kosten en opbrengsten meer in balans komen? Antwoord: In algemene zin kunnen hogere lasten gedekt worden door extra baten te genereren. Daarbij wel de kanttekening dat structurele lasten dekken met incidentele baten niet wenselijk is. En het één is niet direct te relateren aan het ander. Pagina 3 van 6

Schriftelijke vragen ChristenUnie septemberronde 2023 Voorstel IHP 1. Het IHP lijkt een uitwerking te zijn die vooral uitgaat van bestaande schoolgebouwen. Zo liggen Triangel Laag, de St. Jozef en Uniek relatief dicht bij elkaar, terwijl in de plannen dit mogelijk allemaal IKC’s moeten worden. Waarom is er geen visie gemaakt die uitgaat van een zgn. nulsituatie? Beantwoording vraag 1: In de voorbereidingsfase van dit IHP Is niet alleen gekeken naar de technische staat van de gebouwen en de wensen van de schoolbesturen, maar zeker het laatste jaar is ook een relatie gelegd met de woningbouw opgave. Eventueel vrijkomende locaties zijn in principe zeer goed inzetbaar voor woningbouw. Omdat de Triangel feitelijk 1 school is op twee locaties (1 Brinnummer) en het onderwijskundig niet wenselijk is om op twee locaties te zitten, is ervoor gekozen om deze onwenselijke situatie als eerste aan te pakken. De vrijkomende locatie is zeer geschikt voor woningbouw. Het blijft inderdaad zo dat hierna De Slinger en St. Jozef relatief dicht bij elkaar liggen, voor beide scholen geldt dat zij een bovenwijkse instroom van leerlingen hebben, Uniek trekt vooral leerlingen uit de eigen wijk aan. Ook hebben ze een onderscheidende levensbeschouwelijke identiteit en daarmee nauwelijks concurrerend. De besturen van beide scholen willen hun scholen ook graag omvormen tot een IKC.

Dat kan op deze locatie (nuloptie), maar ook elders. Uniek en de ‘Groene’ zijn op dit moment twee zelfstandige scholen maar hebben wel eenzelfde directie. In de plannen van Accentscholengroep gaan beide scholen op termijn fuseren tot 1 IKC. Het moment wordt bepaald door het moment waarop wij als gemeente beide scholen op één locatie kunnen huisvesten. 2. Wat zou voor de gemeente Aalten het meest wenselijk zijn als het gaat om aantal basisscholen, het aantal IKC’s+ en aanpalende voorzieningen? Beantwoording vraag 2: De lijn zoals nu is uitgewerkt in het IHP is de meest wenselijke. Handhaving van de kleine scholen in de buurtschappen, een stevige school in Bredevoort, drie basisscholen in Dinxperlo (PC, RK en Openbaar) en vier IKC’s in Aalten met opnieuw drie denominaties. 3. Het huidige IHP kent een aantal fasen (hoofdstuk 7 uitvoeringsagenda). a. Wat is de reden om de realisatie van een IKC+ op Triangel locatie Dalweg plus de onttrekking van Triangel Hoog op prioriteit 1 te zetten? Op grond waarvan geniet dit de voorkeur? Beantwoording 3a: Zie het antwoord bij vraag 1. b. Daarbij de aanvullende vraag: de samenvoeging van Triangel Hoog en Laag was een keuze van het schoolbestuur zelf.

Welke rol heeft die beslissing in deze prioriteitstelling gehad? Beantwoording 3b: Reeds ten tijde van de scholenfusie is al met de gemeente gesproken over op termijn een uni-locatie voor de fusieschool. Er zijn sinds die tijd al meerdere plannen ontwikkeld waar de gemeente bij betrokken was. Vanuit de verwachting dat de uni-locatie in de nabije toekomst zou worden gerealiseerd heeft het schoolbestuur voor eigen rekening en risico het hoofdgebouw aangepast. Eigenlijk is dit een logische vervolgstap op een eerder ingezet proces. Dat heeft, samen met de factoren zoals genoemd in het antwoord op vraag 1, geleid tot deze prioriteitsstelling. c. In het licht van bovenstaande: waarom worden niet gebouwen die op basis van de inventarisatie (Hevo) bouwkundig een veel slechtere staat hebben of andere uitdagingen kennen zoals het structureel gebruik maken van bijgebouwen omdat het hoofdgebouw te klein is, (veel) hoger geprioriteerd (te denken valt aan CBS Barlo, ‘te Mollenveld, Uniek, de Groen)? Beantwoording 3c: Zoals uit de eerdere beantwoording blijkt zijn er meerdere aspecten die ertoe hebben geleid dat er andere keuzes zijn gemaakt dan louter technische. Deze aanpak past in de lijn zoals deze is ingezet Pagina 4 van 6

met de het afgesloten bestuursakkoord tussen VNG/PO-en VO-raad: Beleidsrijk en vanuit visie. Het gaat daarbij niet alleen om de visie op onderwijs, maar ook om de relatie met de andere plannen binnen een gemeente. In de oude aanpak zouden afschrijving en technische staat leidend zijn geweest, maar daar is dus bewust afstand van genomen in het bestuursakkoord van 2018. d. Ten aanzien van fase 3: i. Welke visie heeft de gemeente Aalten voor fase 3? Het zijn immers vooral opties die worden benoemd (of a, of b of c). Waarvan is dit afhankelijk? Wanneer worden deze keuzes gemaakt? Beantwoording vraag 3d ad i: Op dit moment heeft de gemeente geen uitgebalanceerde visie op de uitwerking van fase 3. We spreken dan over een termijn van 8 jaar (of zoveel eerder als mogelijk) tot het moment dat er keuzes gemaakt moeten worden. Het is de bedoeling dat het IHP iedere vier jaar geactualiseerd gaat worden. Fase 1 is dan afgerond, fase 2 in uitvoering en dat is dan het moment om de plannen voor fase 3 verder uit te werken. Naar verwachting kunnen we die uitwerking o.a. verbinden met de woningbouwopgave. Overigens is het niet zo dat fase 3 in ‘beton is gegoten’. Als er zich onverhoopt kansen voordoen die nu nog niet te voorzien zijn, maar gevolgen kunnen hebben voor de scholen die nu in fase drie staan, zijn we als college zeker bereid om eventueel zaken naar voren te trekken. ii.

Daarbij de vraag: welke zekerheden/garanties krijgen de schoolbesturen dat die scholen dan daadwerkelijk aan de beurt zijn? Beantwoording vraag 3d ad ii: We kunnen die zekerheid niet geven. In de eerste plaats zijn we dan alweer enkele gemeenteraden verder en zal ook die gemeenteraad zelf keuzes willen en moeten maken. Ook de ontwikkelingen zoals eerder omschreven kunnen het perspectief wijzigen. Echter, met het vaststellen van dit IHP hopen we wèl een duidelijke lijn uit te zetten waarop schoolbesturen zich in de toekomst kunnen beroepen. Van de huidige en toekomstige bestuurders mag verwacht worden dat gemaakte afspraken worden gerespecteerd. iii. Waarom zijn een aantal scholen (zoals Barlo, ‘Mollenveld) niet opgenomen in deze fase? Worden hiervoor überhaupt geen plannen gemaakt? Beantwoording vraag 3d ad iii: Met Accentscholengroep is afgesproken dat we (gemeente en schoolbestuur) binnen de wettelijke verantwoordelijkheden alles zullen doen om de huidige schoolgebouwen in goede staat te houden. De gebouwen voldoen op dit moment aan de behoefte en de verwachting is dat zich hierin geen grote ontwikkelingen zullen voordoen. 4. In de bijlage ‘Op overeenstemming gericht overleg’ (d.d. 5 april 2023) staat dat “De schoolbesturen geven aan in principe geen overeenstemming te hebben op de uitvoeringsagenda. De wens is om fase 3 eerder te realiseren”. a.

Kan dit nader worden toegelicht? Welke besturen zijn positief gestemd en welke zijn kritisch? Beantwoording vraag 4 a: Zoals ook reeds door de CU zelf ook opgemerkt, is het gebouw van De Slinger ook binnen een termijn van 10 jaar toe aan renovatie. Voor Uniek, Groen van Prinsterer en St. Jozef geldt hiervoor een termijn van 15 jaar en dat ligt binnen de looptijd van 16 jaar van dit IHP. In verband met de wens tot IKC-vorming, verduurzaming en luchtkwaliteit zou men dat het liefst ook eerder uitgevoerd willen zien. Dit geldt voor alle schoolbesturen. Vandaar dat we op de ‘snelheid’ van de uitvoeringsagenda geen overeenstemming hebben verkregen. b. Wat zouden de schoolbesturen liever zien en welk concreet beeld hebben zij daarbij? c. Welke concrete fasering zouden de schoolbesturen het liefst voor zich zien? Beantwoording vraag 4b en 4c: Zie het antwoord op vraag 4a. 5.

Welke alternatieve fasering ziet het college? Wat zijn daarvan de voor- en nadelen?

Beantwoording vraag 5:

Pagina 5 van 6

Het College heeft begrip voor de opstelling van de schoolbesturen, maar heeft met name vanwege financiële motieven niet de keuze om aan de meeste wensen tegemoet te komen. Het College heeft dan ook geen alternatieve fasering opgesteld. Daarnaast spelen de onzekerheden rond de woningbouwontwikkeling ook een rol. Eerder hebben we al aangegeven dat het College zeker bereid is om, mochten die zich voordoen, aanpak van scholen naar voren te halen als dat wenselijk en realistisch is. 6. Waarom zijn paragrafen 2.1.5 en 2.1.6 opgenomen in een strategische visie voor onderwijs in de gemeente Aalten? Beantwoording vraag 6: Deze paragrafen zijn opgenomen om te laten zien dat het huidige stelsel door de manier waarop het is ingericht, gemeenten en schoolbesturen voor een enorme financiële uitdaging plaatsen. Vanuit de Rijksoverheid is de bekostiging voor de gemeentelijke taken zeer onvoldoende. De vernieuwing van schoolgebouwen zit daardoor muurvast. Dat is een probleem omdat goede en duurzame onderwijshuisvesting cruciaal is voor goed onderwijs. Gemeenten en schoolbesturen hebben de Rijksoverheid hard nodig om deze impasse te doorbreken. Alleen als de Rijksoverheid zorgt dat gemeenten en schoolbesturen fors kunnen investeren en verantwoordelijkheden helder worden belegd, kan verder worden gebouwd aan goed onderwijs voor alle kinderen.

Met de beperkte mogelijkheden die wij als gemeente hebben proberen we daarin toch stappen te zetten, waarbij we ons realiseren dat er nog een lange en dure weg te gaan is. Alleen als de Rijksoverheid meer middelen beschikbaar stelt, kan er versneld worden (Bron: PO-Raad) 7. Wat zijn de financiële implicaties van dit IHP? Op welke wijze moeten de plannen worden gefinancierd en welke impact heeft dit voor de gemeente Aalten? In hoeverre zijn deze financieel plannen te dragen? Antwoord: Voor het realiseren van de plannen zijn forse financiële investeringen noodzakelijk. Per fase moet er te zijner tijd aparte raadsvoorstellen aan de gemeenteraad worden voorgelegd. Op dit moment is er nog geen dekking gevonden voor de structurele kapitaalslasten van de verschillende fases, maar dat is wel noodzakelijk voor de eventuele besluitvorming. Deze besluiten moeten genomen worden in samenhang met de andere opgaven en ambities uit het Uitvoeringsprogramma van de gemeenteraad en de ontwikkelingen die ‘van buiten’ op de gemeente afkomen. De reserve huisvesting onderwijs kan als tijdelijke dekking van kapitaalslasten gebruikt worden, maar daarmee worden structurele lasten gedekt middels incidenteel geld. Deze reserve is niet oneindig. In de toekomst bestaat dus het risico dat er onvoldoende middelen zijn om de structurele kapitaalslasten te dekken.

Pagina 6 van 6

Schriftelijke vragen CDA fractie Onderwerp: Integraal Huisvestingsplan Onderwijs Datum: 30-8-2023

De CDA fractie heeft de volgende vragen over het IHP: 1.

2. 3.

Wat maakt dat het onderzoek (de gegevens) uit de eerste fase zoals verbeteren binnenklimaat (middels energiescan) en meerjarenonderhoudsplan (paragraaf 6.5.1 en 6.5.2) in volgorde niet zijn opgenomen in het hoofdstuk uitvoeringsagenda (pagina 36, IHP)? Er wordt gesproken over een eerste fase en een tweede fase . Waar eindigt de eerste fase in het IHP en wat is precies de tweede fase binnen het IHP? Op basis van welke criteria is de volgorde van de 5 opgaves gebaseerd (pagina 37, IHP)?

CDA fractie Aalten-Dinxperlo Gerdy Hoornenborg

Schriftelijke vragen ChristenUnie septemberronde 2023 Voorstel IHP 1. Het IHP lijkt een uitwerking te zijn die vooral uitgaat van bestaande schoolgebouwen. Zo liggen Triangel Laag, de St. Jozef en Uniek relatief dicht bij elkaar, terwijl in de plannen dit mogelijk allemaal IKC’s moeten worden. Waarom is er geen visie gemaakt die uitgaat van een zgn. nulsituatie? 2. Wat zou voor de gemeente Aalten het meest wenselijk zijn als het gaat om aantal basisscholen, het aantal IKC’s+ en aanpalende voorzieningen? 3. Het huidige IHP kent een aantal fasen (hoofdstuk 7 uitvoeringsagenda). a. Wat is de reden om de realisatie van een IKC+ op Triangel locatie Dalweg plus de onttrekking van Triangel Hoog op prioriteit 1 te zetten? Op grond waarvan geniet dit de voorkeur? b. Daarbij de aanvullende vraag: de samenvoeging van Triangel Hoog en Laag was een keuze van het schoolbestuur zelf. Welke rol heeft die beslissing in deze prioriteitstelling gehad? c. In het licht van bovenstaande: waarom worden niet gebouwen die op basis van de inventarisatie (Hevo) bouwkundig een veel slechtere staat hebben of andere uitdagingen kennen zoals het structureel gebruik maken van bijgebouwen omdat het hoofdgebouw te klein is, (veel) hoger geprioriteerd (te denken valt aan CBS Barlo, ‘te Mollenveld, Uniek, de Groen)? d. Ten aanzien van fase 3: i.

Welke visie heeft de gemeente Aalten voor fase 3? Het zijn immers vooral opties die worden benoemd (of a, of b of c). waarvan is dit afhankelijk? Wanneer worden deze keuzes gemaakt? ii. Daarbij de vraag: welke zekerheden/garanties krijgen de schoolbesturen dat die scholen dan daadwerkelijk aan de beurt zijn? iii. Waarom zijn een aantal scholen (zoals Barlo, ‘Mollenveld) niet opgenomen in deze fase? Worden hiervoor überhaupt geen plannen gemaakt? 4. In de bijlage ‘Op overeenstemming gericht overleg’ (d.d. 5 april 2023) staat dat “De schoolbesturen geven aan in principe geen overeenstemming te hebben op de uitvoeringsagenda. De wens is om fase 3 eerder te realiseren”. a. Kan dit nader worden toegelicht? Welke besturen zijn positief gestemd en welke zijn kritisch? b. Wat zouden de schoolbesturen liever zien en welk concreet beeld hebben zij daarbij? c. Welke concrete fasering zouden de schoolbesturen het liefst voor zich zien? 5. Welke alternatieve fasering ziet het college? Wat zijn daarvan de voor- en nadelen? 6. Waarom zijn paragrafen 2.1.5 en 2.1.6 opgenomen in een strategische visie voor onderwijs in de gemeente Aalten? 7. Wat zijn de financiële implicaties van dit IHP? Op welke wijze moeten de plannen worden gefinancierd en welke impact heeft dit voor de gemeente Aalten? In hoeverre zijn deze financieel plannen te dragen?

Fractie D66 Schriftelijke vragen IHP 1. Verscheidene basisscholen scoren 63 punten en of minder en zouden volgens de criteria binnen 5-10 jaar moeten worden aangepakt. Met uitzondering van Triangel Hoog gaat dit echter nog wel even duren. Wat betekent dit voor de haalbaarheid van investeringen in deze scholen voor de komende jaren voor een goed binnenklimaat en verduurzaming? 2. De kosten voor vervangende nieuwbouw en renovatie voor Schaersvoorde Slingelaan zijn bepaald met algemene kengetallen. Hoe groot is naar schatting de procentuele onzekerheid naar boven en beneden. Graag een toelichting hierop. 3. De plannen rond de verduurzaming zullen t.z.t. als een apart project aan de raad worden aangeboden. (+/- € 20 miljoen excl. onderwijskundige aanpassingen). De investeringen zijn enorm. Op welke wijze wordt de raad in dit complexe en zware besluitvormingsproces begeleid door externen, zodat zij weloverwogen keuzes kan maken in deze ingewikkelde materie? 4. Gesteld wordt dat na vaststelling van het IHP, begonnen zal worden met de voorbereiding van de uitvoeringsagenda. De schoolbesturen die het concreet betreft zullen hierbij intensief betrokken worden. Daarnaast zal er een voorstel worden opgesteld voor de aanpak van de verduurzamingsopgave. In hoeverre wordt de raad hierbij actief betrokken? 5.

Is er ook een hybride scenario bekeken voor Schaersvoorde met deels grootschalige levensduur van verlengende renovatie en deels vangende nieuwbouw op dezelfde of een andere locatie? Graag een toelichting waarom wel/niet.

Schriftelijke vragen beeldvormende fase 5 september 2023

ONDERWERP Vragen 1.

2. 3. 4.

NAAM FRACTIE: VVD IHP Pag. 26 IHP De stand van de reserve onderwijshuisvesting is per 31-12-2022 afgerond € 4.721.000. De dotatie aan de reserve bedraagt in 2023 € 130.000, 2024 € 150.000, 2025 € 170.000 en vanaf 2026 € 190.000. Waarvoor is deze reserve bedoeld? Wat is de gemeentelijke visie over gewenste schaalgrootte van een basisschool? Betekent inzetten op meer inclusief onderwijs een keuze voor het sluiten van een aparte speciale basisscholen? Er komen grote investeringskosten aan. Mogen deze kosten ook terugverdiend worden door via een actieve grondpolitiek extra gelden te creëren? M.a.w. is het denkbaar dat een nieuwe school in een nieuw te bouwen wijk in een uitleggebied geplaatst kan worden, waarbij de kosten en opbrengsten meer in balans komen?

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=bfe45c62-1000-4a86-913c-3acdbc2bab46