Raadsmededeling 102-2022 gevolgen meicirculaire 2022.pdf
Tekst van het document
Raadsmededeling openbaar Nummer Datum B&W datum Beh. Ambtenaar Portefeuillehouder Onderwerp
: : : : : :
102-2022 15 juni 2022 n.v.t. F. Scheuter T.M.M. Kok Gevolgen meicirculaire 2022
Aanleiding: Begin juni is de meicirculaire 2022 ontvangen. Deze circulaire geeft na doorrekening inzicht in hoeveel geld de gemeente Aalten via het gemeentefonds van het Rijk ontvangt. Onderstaand wordt aangegeven wat dit voor financiële gevolgen heeft voor 2022 en de jaren daarna.
Inhoud mededeling: De meicirculaire 2022 is doorgerekend. Het gaat deze keer om een circulaire met veelomvattende gevolgen. Achtereenvolgens wordt ingegaan op de belangrijkste onderwerpen van de meicirculaire: 1. 2. 3. 4. 5.
Invoering van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds per 1 januari 2023 (herijking). Nieuwe accresramingen voor 2022 tot en met 2025 op basis van de huidige systematiek. De oploop van de opschalingskorting voor de jaren 2023, 2024 en 2025 wordt geschrapt. Voordelige afrekening ruimte onder het plafond BCF 2021. Er zijn diverse taakmutaties. De omvangrijkste is de incidentele compensatie voor Jeugdzorg.
1. Invoering nieuwe verdeling gemeentefonds Hoofddoel voor een nieuwe verdeling van het gemeentefonds was om het stelsel eenvoudig en beter uitlegbaar te maken en een betere aansluiting te creëren bij de noodzakelijke kosten van de gemeenten. De invoering heeft al een heel traject doorlopen waarbij tussentijds diverse voorstellen zijn gedaan. De laatste was in december 2021 o.b.v. 2019. In deze meicirculaire 2022 is het nieuwe verdeelmodel geactualiseerd naar de stand van 1 januari 2023. Een dergelijke exercitie levert altijd voordeel en nadeel gemeenten op. Om nadeel gemeenten te laten wennen aan de nieuwe financieel nadeligere situatie wordt er gewerkt met een ingroeipad. Het maximale positieve of negatieve effect is in 2023 € 7,50 per inwoner en in 2024 en 2025 € 15 per inwoner per jaar. Het maximale effect in 2025 is dan € 37,50. In afwachting van verdere besluitvorming door het kabinet is voorlopig het jaar 2026 ook op het niveau van 2025 gehouden. In onderstaande tabel staan de effecten voor Aalten weergegeven. Wij zijn een voordeel gemeente. Bij de laatste stand is een voordeel van ± € 85 per inwoner berekend ofwel € 2.302.578. Tabel herverdelingseffect met ingroeipad:
Tabel herverdelingseffect met ingroeipad Herverdelingseffect Negatieve suppletie-uitkering In te boeken voordelig effect Ofwel per inwoner
Pagina 1 van 4
2023 2.302.578 -2.099.178 203.400 7,50
2024 2.302.578 -1.692.378 610.200 22,50
2025 2.302.578 -1.285.578 1.017.000 37,50
2026 2.302.578 -1.285.578 1.017.000 37,50
2. Nieuwe accresramingen De accresramingen (accres betekent de groei van het gemeentefonds) in deze circulaire zijn fors hoger dan de voorgaande circulaires. De Voorjaarsnota van het Rijk gaf nog een behoorlijk opdrijvend effect. Daar zitten hogere rijksuitgaven in al gevolg van de koppeling AOW aan de verhoging wettelijk minimumloon, vennootschapsbelasting, inkomstenbelasting box3 en defensie-uitgaven. Ook is er een hogere loon- en prijsontwikkeling geraamd. De accressen zijn tot en met 2025 bijgewerkt op basis van de huidige normeringssystematiek ofwel samen de trap op en af (geeft het Rijk meer uit, dan veren de inkomsten van de gemeenten mee). Vanaf 2026 wordt deze koppeling losgelaten en is het accres vastgezet op € 840 miljoen plus een indexatie voor loon- en prijsontwikkeling. Dit heeft financieel gezien een behoorlijk negatieve impact. Kanttekeningen accres: 1) Onze inschatting is dat het Rijk niet alle toekomstige geplande investeringen gaat uitvoeren. Met andere woorden niet alle geld wordt uitgegeven. Deze vorm van onderuitputting heeft dan gevolgen voor de uitkering aan gemeenten. De gemeenten krijgen minder (samen de trap af). Wij hebben hiervoor een negatieve stelpost van € 500.000 opgenomen. 2) Het Rijk rekent voor 2024 met een prijsindexcijfer van 2,4%. Dit is laag vergeleken bij de huidige inflatie.
Hiermee lopen we het risico dat we in de raming van de algemene uitkering een te hoge opbrengst opnemen. Om dit risico te nivelleren hebben we gerekend met een loon- prijsontwikkeling van 3,6%. De negatieve stelpost hiervoor is € 525.000. Beide stelposten zijn in de ramingen meegenomen en worden in de begroting verwerkt.
3. Opschalingskorting De oploop van de opschalingskorting is voor de duur van de kabinetsperiode geschrapt. Het betreft een reeks die oploopt van € 400 miljoen in 2023 naar € 675 miljoen in 2025. De reeks eindigt echter wel in een korting van € 975 miljoen in 2026, zoals voorzien. Dit is structureel. De voordelige gevolgen voor 2023 tot en met 2025 voor Aalten zien er als volgt uit: 2023 € 575.021 2024 € 761.966 2025 € 953.078
4. Ruimte onder plafond BCF (BTW compensatiefonds) Het BCF-plafond (BTW bedraagt voor heel Nederland ongeveer € 3,6 miljard. Als de gezamenlijke declaraties van de gemeenten onder dit plafond blijven wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Over 2021 hebben gemeenten minder compensabele BTW gedeclareerd waardoor de ruimte onder het plafond groter werd. Deze afrekening over 2021 vindt plaats in deze meicirculaire als incidentele compensatie en komt tot uitkering in het jaar 2022 en betekent een uitkering van € 164.000 voor Aalten.
5. Compensatie tekorten jeugdzorg Het kabinet stelt voor 2023 incidenteel € 1.445 miljoen extra beschikbaar voor de jeugdzorg. Hierbij gaat het kabinet ervan uit dat gemeenten inzetten op besparingsmaatregelen voor een bedrag van € 374 miljoen op de jeugdzorguitgaven in 2023. Daarnaast gaat het kabinet de komende tijd met gemeenten en andere relevante partijen in gesprek over de Hervormingsagenda Jeugd. Die moet bestaan uit een combinatie van een set van maatregelen en een financieel kader waarmee een structureel houdbaarder jeugdstelsel wordt gerealiseerd. Het kabinet zal bij het afsluiten van de Hervormingsagenda ook besluiten over de extra middelen voor 2024 en verder die aan gemeenten beschikbaar worden gesteld. De compensatie voor 2023 is volledig gegeven (100% ofwel ruim € 2,2 miljoen). Voor de jaren 2024 en verder mag als raming worden opgenomen de netto-reeks van de arbitragecommissie. Niet bekend is of dit ook voor 100% mag. In het kader van behoedzaamheid hebben wij 75% van de berekende reeks opgenomen omdat de resultaten uit de nog te bespreken Hervormingsagenda kunnen leiden tot een lagere netto-reeks.
Pagina 2 van 4
Onderstaande bedragen zijn voor de betreffende jaren verwerkt. Ook is de tot nu toe opgenomen stelpost ad € 350.000, die voor de jaren vanaf 2023 al ingeboekt was, vervallen. Het doorrekenen van 75% betekent dat er nu in de begroting de volgende bedragen zijn opgenomen voor: 2024 € 1.499.794 2025 € 1.382.228 2026 € 952.616 Ravijnjaar 2026 Voor de jaren vanaf 2026 zien de uitkomsten er vooralsnog een stuk lager uit. Accres: de circulaire vertoont flinke accressen tot en met 2025 maar ook een ravijn in 2026. Vanaf 2026 wordt het gemeentefonds niet langer via de normeringsmethodiek geïndexeerd. Er wordt geen volume-accres meer verstrekt, alleen nog maar een nominaal deel voor de loon- en prijsontwikkeling. Dit heeft grote gevolgen voor het accres. Opschalingskorting: deze korting van € 975 miljoen krijgen de gemeenten vanaf 2026 weer volledig voor de kiezen. Jeugdzorg: bij de compensatie voor Jeugdzorg zijn ook afspraken gemaakt over bezuinigingen en aftrekposten. De daarbij behorende bedragen lopen op van € 374 miljoen in 2023 naar iets meer dan € 1 miljard in 2026. Herverdelingseffect: de invoering van het nieuwe model zal tijdig geëvalueerd worden en aan de hand van deze evaluatie zal besloten worden over het traject 2026 en verder.
In afwachting hiervan is zoals bij punt 1 al vermeld ervoor gekozen om voor 2026 en verder uit te gaan van de stand 2025 en dus de suppletie-uitkering door te trekken. Dat scheelt voor Aalten bijna € 1,3 miljoen. Al met al niet gunstig vanaf 2026. Maar dat is nog ver weg en er moet nog veel overleg plaatsvinden.
Uitkomsten Voor we op de uitkomsten inzoomen ter herinnering de begrotingstekorten uit de voorjaarsnota 2022 die momenteel in bestuurlijke behandeling is.
Tekorten stand voorjaarsnota 2022
2022 2023 2024 2025 2026 1.573.000 2.820.000 3.264.000 3.510.000 3.540.000
Daar komt bij nog bij dat bijvoorbeeld de loon- en prijsgevoelige onderdelen uit de Aaltense begroting richting voor de komende jaren zoals gewoonlijk nog geïndexeerd moeten worden. Met de huidige loon- en prijsinflatie gaat dat wel om forse bedragen die oplopen naar ca. 2,5 miljoen euro. Opgeteld bij de bestaande tekorten uit de voorjaarsnota lopen de goed te maken tekorten alleen al gecorrigeerd voor deze loon- en prijsontwikkelingen op naar boven de 5 miljoen euro. De uitkomsten van de meicirculaire laten voor alle jaren gelukkig een fors positief beeld zien. Dat komt ook omdat nu de herverdeling zoals uitgelegd deels ingeboekt is, net als de middelen voor de jeugdzorg voor het gedeelte van 75% vanaf 2024. In onderstaande tabel staan de gevolgen van de meicirculaire 2022 t.o.v. de decembercirculaire 2021 weergegeven met op de onderste regel het netto-effect op het begrotingssaldo.
Tekorten stand voorjaarsnota 2022
2022 2023 2024 2025 2026 1.573.000 2.820.000 3.264.000 3.510.000 3.540.000
Stand meicirculaire 2022 Stand decembercirculaire 2021
2022 2023 2024 2025 2026 52.365.315 54.216.940 54.726.517 56.115.810 51.426.778 49.202.155 46.225.670 45.850.413 45.788.151 45.788.151 3.163.160 7.991.270 8.876.104 10.327.659 5.638.627
Vervallen stelpost buffer zorg *** Stelposten Netto-effect (groen is voordelig)
-300.000 1.478.570 1.384.590
Pagina 3 van 4
-300.000 260.306 7.430.964
-300.000 -300.000 250.049 19.394 8.326.055 10.008.265
-300.000 -35.964 5.374.591
*** deze stelpost is al vrijgevallen en verwerkt in het saldo van de concept voorjaarsnota 2022.
Het verschil tussen de meicirculaire 2022 en de decembercirculaire 2021 wordt nog gecorrigeerd met een aantal stelposten. Dit zijn posten die in de begroting apart worden opgenomen omdat daar specifieke taken tegenover staan. Wat overblijft, is het netto-effect oftewel de financiële ruimte. De stelposten voor 2022 betreffen m.n. de energietoeslag (€ 888.000), uitvoeringskosten Klimaatakkoord (€ 213.000) en Participatie (€ 253.000).
Conclusie: Voor het lopende jaar 2022 wordt een voordelig netto-effect berekend van € 1.384.590. Dit is grotendeels toe te schrijven aan een hogere accresraming (groei) door zowel hogere inflatie als beleidsintensiveringen. Na verwerking van de meicirculaire slinkt het geraamde tekort over 2022 dat was gepresenteerd in de voorjaarsnota voor 2022 van € 1.573.000 tot onder de 2 ton. Voor de jaren 2023, 2024 en 2025 is het netto-effect fors. Dit loopt op van € 7,5 miljoen in 2023 naar bijna € 10 miljoen in 2025. Om vervolgens met bijna € 5 miljoen te zakken in wat wordt genoemd ravijnjaar 2026.
Linkje meicirculaire 2022 gemeentefonds https://www.rijksoverheid.nl/documenten/circulaires/2022/05/31/meicirculaire-gemeentefonds-2022
Pagina 4 van 4