Notitie Streekomroep januari 2025
Tekst van het document
Memo Van Aan Datum Kopie aan Onderwerp
: Marcel Bourgondiën (Doetinchem) Bregje Rensen (Aalten) Marieke van de Geyn (Oude IJsselstreek) : Ambtenaren /bestuurders gemeenten in de Achterhoek : januari 2025 : : Notitie toekomst lokale omroep/streekomroep
Inleiding Deze notitie omvat: a. Informatievoorziening b. Benoemen van knelpunten c. Besluiten en richting Deze notitie is als volgt tot stand gekomen: - De gemeenten Aalten, Doetinchem en Oude IJsselstreek hebben najaar 2024 een eerste versie van deze gezamenlijke memo opgesteld, waarin alle beschikbare informatie gebundeld is. - Tijdens het bestuurlijk overleg van 30 oktober is de eerste basis voor besluiten en richting aangescherpt en hebben NLPO (Bas Booijster) en VNG (Olav Reijers). De notitie is hierop aangepast. (Bij dit overleg waren de gemeenten Lochem, Montferland en Oost Gelre niet aanwezig) - De notitie is vervolgens aangepast naar aanleiding het bericht over uitstel stelselwijziging lokale en publieke omroepen (e-mail 22 november 2024, in bijlage) en de inbreng van de VNG voor kamerbespreking begroting media/OCW middels een positionpaper (e-mail 28 november, in bijlage).
a. Informatie van lokale omroep naar streekomroep Een onafhankelijk, gevarieerd en kwalitatief hoogwaardig media-aanbod, dat toegankelijk blijft voor alle lagen van de bevolking is van belang voor onze democratische samenleving. Wat we zien, horen en lezen, beïnvloedt ons beeld van de wereld en onze opvattingen, het is daarom van belang om onderwerpen en standpunten van verschillende kanten te laten zien. De lokale media hebben de taak de lokale politiek kritisch te bevragen, inwoners goed te informeren, debat te organiseren en luisteraars en kijkers te amuseren. De veranderende behoeften en de gedragswijzigingen van de mediagebruiker (o.a. sociale media) hebben echter gevolgen voor de lokale publieke omroepen. Om de positie van de lokale omroep te verstevigen en te behouden moet er vernieuwing plaats gaan vinden op het gebied van de organisatorische, journalistieke en technische infrastructuur. Dit hebben de VNG (Vereniging Nederlandse Gemeenten), de OLON (Organisatie van Lokale Omroepen Nederland) en de NLPO (Nederlandse Lokale Publieke Omroepen) in het Vernieuwingsconvenant gemeenten-lokale omroepen 2015-2018 van 13 november 2015 vastgesteld. Een doelstelling in dit convenant is het formuleren van een minimaal kwalitatief niveau waaraan een lokale omroep moet voldoen.
Om dat niveau te kunnen bepalen is het begrip LTMA (lokaal toereikend media-aanbod) uit de Mediawet als belangrijk uitgangspunt genomen. Of het media-aanbod lokaal voldoende toereikend is wordt bepaald aan de hand van drie aspecten: het productaanbod, de kwaliteit van de bedrijfsvoering, redactie en journalistiek en de exploitatie.
Om dat niveau vervolgens ook te kunnen behálen is samenwerking tussen omroepen onmisbaar. De NLPO stelt dat samenwerking op landelijk èn streekniveau moet leiden tot een verhoging van de kwaliteit en de maatschappelijke waarde en tot een verlaging van productiekosten. De vorming van streekomroepen en het vergroten van het verzorgingsgebied zijn voor de lokale publieke omroepsector dan ook het leidende principe bij de vernieuwing die nu plaatsvindt. Wat is er tot nu toe in de Achterhoek gebeurd? We hebben de afgelopen jaren mooie stappen gezet om tot een streekomroep te komen. Er zijn op initiatief van de gemeenten, onder leiding van Jan Bart Wilschut, gespreksrondes geweest met alle gemeenten en lokale omroepen in de Achterhoek, om elkaar te leren kennen en samenwerking te stimuleren. Vervolgens zijn de omroepen gaan samenwerken en zijn er twee streekomroepen gevormd: Regio8 en 1Achterhoek, waarbij Regio8 zich richt op de West Achterhoek en 1Achterhoek op de Oost Achterhoek. Op dit moment bestaat 1Achterhoek alleen uit Oost Gelre en Aalten. De NLPO heeft pilotmiddelen aan een aantal omroepen verstrekt om zich voor te bereiden op de vorming van een streekomroep, in onze streek aan Regio8. In de overige streken is een kwartiermaker ingezet om samenwerking te bevorderen.
Landelijke ontwikkelingen In mei 2023 verscheen een visiebrief van de staatssecretaris van OCW. Hierin werd voorgesteld het lokale omroepstelsel te veranderen. De nieuwe Mediawet is nu in voorbereiding, maar er ligt nog geen wetsontwerp. Op 2 november 2024 heeft het ministerie bekend gemaakt dat het nieuwe stelsel niet vanaf 1 januari 2027, maar vanaf 1 januari 2028 in werking zal treden. De reden voor dit uitstel is dat er in de eerste plaats meer tijd nodig is voor afstemming met de Europese Commissie. Dit is nodig om vast te stellen dat het nieuwe stelsel voor streekomroepen voldoet aan de Europese staatsteunregels. Daarnaast zijn er veel taken en werkzaamheden die afgerond dienen te zijn voordat de nieuwe Mediawet inwerking kan treden. Het uitstel biedt gemeenten de mogelijkheid om samen met de (in oprichting zijnde) streekomroep verder te verkennen wat de toekomstige rollen zijn na het vervallen van de gemeentelijke financieringsplicht. Ook is er nu meer tijd voor de extra consultatieronde voor gemeenten over de indeling van de streekomroepen. 1. Aanwijzing van een streekomroep in plaats van een lokale omroep met ingang van 2028 Het stelsel en de regelgeving rond lokale omroepen gaat de komende jaren fors op de schop. Dit wordt geregeld in de nieuwe Mediawet. Deze is (onder meer) gericht op het versterken van de lokale publieke media.
De NLPO verwacht dat het opdelen in streken in plaats van gemeenten helpt om de journalistieke kwaliteit te verbeteren en de financiële stabiliteit te vergroten. De streefdatum voor de inwerkingtreding van deze gewijzigde Mediawet is 1 januari 2027. De feitelijke start van het nieuwe stelsel met streekomroepen wordt verwacht in 2028. De huidige circa 230 lokale omroepen worden omgevormd tot ongeveer 80 streekomroepen. Elke streekomroep heeft een verzorgingsgebied van circa 220.000 inwoners. De indeling van streekomroepen in Nederland is gebaseerd op de ‘natuurlijke habitat’ van de burger. Dit betekent dat de grenzen van een streekomroep niet langer worden bepaald door bestuurlijke lijnen, maar door de sociaal-culturele en economische omgeving waarin mensen wonen, werken en recreëren. In ons geval gaat het om ‘de streek’ Achterhoek met 9 gemeenten. Wat opvalt is dat onze streek een groot oppervlakte beslaat.
Lochem, Berkelland, Bronckhorst, Oost Gelre, Winterswijk, Aalten, Oude IJsselstreek, Montferland, Doetinchem
Dit heeft gevolgen voor de gemeenten. Tot nu toe werd er per gemeente een lokale omroep aangewezen. In de nieuwe situatie wordt er een streekomroep per streek aangewezen. Meerdere partijen kunnen een aanvraag indienen, waarna het commissariaat één partij als streekomroep aanwijst. Hierbij is samenwerking met de bestaande omroepen geen vereiste. Het proces van de afgelopen 10 jaar was bedoeld om de samenwerking tussen lokale omroepen te stimuleren. Het Commissariaat voor de Media bepaalt straks welke partij wordt aangewezen als streekomroep onder meer op basis van het concessiebeleidsplan dat wordt ingediend door de mogelijke streekomroep. De NLPO en de VNG adviseren over de aanwijzing aan het commissariaat. Iedere gemeente moet ook een advies uitbrengen. Er liggen voor onze streek straks negen gemeentelijke adviezen voor het Commissariaat voor de Media. Uit de wettekst zal duidelijk worden hoe de aanwijzing precies vormgegeven gaat worden. 2. De wettelijke bekostigingsplicht verschuift van gemeenten naar Rijk. Vanaf 2028 zal de financiering van lokale omroepen direct via de Rijksoverheid lopen. Dit zorgt volgens de NLPO voor een stabielere en onafhankelijkere financiële basis voor de omroepen. Daarmee verdwijnt het niet geoormerkte bedrag uit het gemeentefonds maar óók de wettelijke taak voor gemeenten om een lokale omroep te faciliteren.
Gemeenten mogen nog wel (net als nu) aanvullend financieren. Dit blijft hetzelfde: De gemeenteraad blijft ook in het voorgenomen beleid elke vijf jaar een advies geven aan het Commissariaat voor de Media voor het aanwijzen van een publieke omroep. De aanwijzing geldt vanaf 2028 voor een streekomroep, die meerdere gemeenten bedient.
Financiële verwachting De streekomroep ontvangt van het Rijk vanaf 2028 rechtstreeks financiële middelen. Het budget (nu circa 12 miljoen) wordt verhoogd naar 28 miljoen. De verwachting is echter dat dit niet toereikend is om te voldoen aan de criteria in de LTMA/om een streekomroep in de lucht te houden die van voldoende kwaliteit is. De huidige lokale en bovenlokale omroepen hebben de afgelopen jaren van hun gemeente(n), naast de structurele middelen van het Rijk in het gemeentefonds (op dit moment 1,62 per huishouden), ook incidentele middelen ontvangen om de doorontwikkeling naar een streekomroep mogelijk te maken. Deze stimuleringsmiddelen stoppen in sommige gevallen nu al, maar in ieder geval per 2028. We weten op dit moment nog niet wat het Rijk precies gaat bekostigen. Verwacht wordt dat bij de verdeling van middelen wel rekening wordt gehouden met het aantal inwoners, aantal kernen èn stad versus plattelandsregio. Er wordt vanuit het Rijk en de NLPO al een beroep gedaan op de gemeenten om alsnog bij te springen in het belang van de lokale democratie, bijvoorbeeld via het inkopen van lokale programma’s. Vanuit de VNG is ook een oproep gedaan richting het Rijk om via financiële steun door gemeenten de lokale invloed te behouden op de journalistiek.
Door gemeenten (en de VNG) is echter ook aangegeven dat dit lastig te realiseren is vanwege het wegvallen van de wettelijke taak en het niet geoormerkte bedrag in het gemeentefonds èn de financiële situatie van gemeenten.
NLPO en VNG gaven in het verleden aan dat er per streekomroep ten minste 800.000 euro nodig is om te kunnen voldoen aan de criteria van het LTMA. Hiervan zou de omroep zelf 40 procent moeten opbrengen1. Dit betekent dat overheden/het Rijk 480.000 zou moeten bekostigen in de toekomst. Het eerdergenoemde bedrag van 28 miljoen wordt verdeeld over 80 streekomroepen. Hoe dit bedrag verdeeld wordt is nog niet bekendgemaakt, maar een voorstel is om een vast bedrag per streekomroep plus een bedrag per huishouden/inwoner toe te kennen. Dat komt neer op gemiddeld 350.000 euro per streekomroep. Dat is niet voldoende waardoor een bijdrage door gemeenten nodig zal zijn. Standpunten VNG (Position Paper 2 december 2024, zie bijlage) 1. De lokale omroep is van groot belang voor de democratie. 2. Het Rijk heeft een verantwoordelijkheid in de financiële gevolgen van het uitstel van de ingangsdatum van de nieuwe Mediawet. 3. De vorming van streekomroepen moet van onderop gebeuren, daarbij zou geen maximum van 80 gesteld moeten worden. 4. De lokale binding van streekomroepen is essentieel. 5. De ambitie van het Rijk met de streekomroepen is hoger dan de beschikbare middelen. 6. Het programmabeleid bepalend orgaan (pbo)is gebaat bij een duidelijke rol en positie. De VNG gaf hierbij de volgende toelichting: Het is van belang om het nieuwe stelsel een kans te geven zónder duale financiering.
Dit is tevens een oproep aan gemeenten om niet de fouten in het nieuwe stelsel te repareren door financieel bij te springen. Uiteraard kan er wel, net als nu, sprake zijn van het inkopen van producten bij de omroep.
b. Knelpunten De ontwikkelingen die zijn ingezet om van lokale omroepen tot streekomroepen te komen is een poging om in te spelen op grote verandering in behoeftes en gebruik van media. De transformatie van het Achterhoekse medialandschap bestaande uit meerdere lokale publieke omroepen naar één Achterhoekse streekomroep kan veel voordeel opleveren, we signaleren echter ook een aantal serieuze knelpunten. Korte termijn - Wij verwachten dat het verdwijnen van de wettelijke taak en de rijksbijdrage voor gemeenten vanaf 2028 een risico betekent voor de continuering van financiële steun vanuit de gemeenten. - Het is onduidelijk hoe hoog de kosten van een streekomroep zijn om te kunnen voldoen aan de LTMA. De cijfers waar de NLPO en VNG mee werken komen uit 2017. De verwachting is dat de benodigde 800.000 euro waar toen over gesproken werd anno 2028 vele malen hoger ligt. - Wij verwachten dat de nieuwe bekostiging vanuit het Rijk niet voldoende is. - Onder de nieuwe wetgeving wordt de meest geschikte inschrijver aangewezen als streekomroep, dat betekent echter niet per definitie een samenwerking tussen de bestaande lokale omroepen. Gevolgen: - Een financieel probleem voor de streekomroep, die een minimale basisfinanciering nodig heeft om de infrastructuur, de journalistiek en de bedrijfsvoering op een professioneel niveau te houden.
- Als de streekomroep door financiële nood haar journalistieke taak niet goed kan uitvoeren verliezen wij in de Achterhoek een belangrijk democratisch instrument.
1
Dit komt uit een normbegroting van de NLPO en de VNG uit 2017 (!) en is genoemd in het Beleidsevaluatieonderzoek naar Streekomroepvorming uit 2021
-
-
Als slechts een aantal gemeenten besluit om financieel bij te dragen, zullen zij samen de kosten voor de basisvoorzieningen van de streekomroep moeten dragen en zal de streekomroep zich veel meer richten op lokaal nieuws uit díe gemeenten. Dat betekent ook dat het voor deze gemeenten duurder wordt, met wederom een afbreukrisico tot gevolg. Als van samenwerking tussen de bestaande lokale omroepen en de toekomstige streekomroep weinig sprake is, missen we de link naar de habitat en lokale nieuwsvoorziening en we missen dan de kennis en middelen die bij de lokale omroepen aanwezig zijn.
Lange termijn - Het is voor gemeenten van belang dat de nieuwe streekomroep elke buurt en wijk adequaat kan bedienen. Wij maken ons zorgen over de aandacht voor de lokale journalistiek en voor de inzet van vrijwilligers. Ook omdat ons gebied voor de streekomroep relatief groot is ten opzichte van andere gebieden. - De gemeenteraad blijft advies geven over de aanwijzing eens in de vijf jaar. Hier staan (vooralsnog) geen middelen tegenover. Gevolgen: - Als de streekomroep niet voldoende kan inzetten op lokale nieuwsgaring, lokale betrokkenheid en de betrokkenheid van lokale vrijwilligers, verliezen we verbinding tussen mensen en lokale ontwikkelingen en de gemeentelijke politiek. We verliezen zo de grote maatschappelijke betekenis van de lokale omroep in de gemeente.
Planning naar één streekomroep Achterhoek
Wij verwachten dat eind 2024 of begin 2025 een wetsvoorstel voor internetconsultatie zal worden aangeboden. De VNG zal daarop een officiële reactie geven. 2025/2026 Raad van State, Tweede en Eerste Kamer Vaststelling per 1 januari 2027 Openstelling procedure streekomroepen in 2027 Aanwijzing 80 streekomroepen per 1 januari 2028
De momenten in dit proces waarop gemeenten nog enige invloed uit kunnen oefenen: - De consultatieronde voor de nieuwe Mediawet begin 2025 - Het traject NLPO streekindeling voorjaar 2025 - De consultatieronde 2027 na toetsing concessiebeleidsplannen. - In onderhandeling met de streekomroep die per 1-1-2027 actief wordt in de Achterhoek. Aandachtspunten voor het verdere proces - De geplande internetconsultatieronde Wet versterking publieke lokale omroepen, over de wettekst van de mediawet, is een belangrijk moment. Onze input kan ook via de VNG meegenomen worden. - Algemeen standpunt innemen m.b.t. financiën en de compensatie voor de adviserende rol van de gemeenteraad. - Wij willen een beroep doen op de betrokken partijen om te streven naar samenwerking (of een goede overdracht) om zoveel mogelijk lokale nieuwsgaring, betrokkenheid en lokale vrijwilligers te behouden. - Wij willen graag dat de streekomroep, naast streeknieuws, standaard lokaal nieuws maakt uit de diverse gemeenten voor de diverse gemeenten. Dit met aandacht voor samenwerking, interactie en participatie vanuit de inwoners. - We gaan graag in gesprek met de NLPO over hun rol en dienstverlening om tot één streekomroep te komen mèt aandacht voor lokaal nieuws. - Gemeenten moeten hun lokale omroepen binnen een redelijke termijn informeren over stopzetten gemeentelijke subsidie en overname door het Rijk miv 1-1-2028.
Opnemen in de beschikking. -
c. Besluiten en richting In het bestuurlijk overleg van 30 oktober 2024 is de basis besproken voor de besluiten en de richting. De 9 gemeenten in ‘de streek Achterhoek’ delen de volgende opvatting/zorgen: Een onafhankelijk, gevarieerd en kwalitatief hoogwaardig media-aanbod, dat toegankelijk blijft voor alle lagen van de bevolking is van belang voor onze democratische samenleving. Daartoe moet de omroep lokaal verankerd blijven. De Achterhoek als één streek heeft een enorme uitdaging, namelijk een groot oppervlakte, waardoor lokale journalistiek door één streekomroep ingewikkeld en kostbaar is (bv meerder studio’s nodig). Het is bij alle gemeenten uitermate twijfelachtig of er na 2027 nog (extra) middelen komen. Deze zorgen worden door alle gemeenten gedeeld. In de aanpak verschillen de 9 gemeenten van mening: Aalten, Oost Gelre en Winterswijk spreken zich uit voor een opdeling van de streek met als motivatie lokaal karakter en binding van vrijwilligers en kleine adverteerders. De overige zes gemeenten zijn voor één Streekomroep Achterhoek ondanks de gedeelde zorgen en zien de volgende mogelijkheden: - De lokale kwaliteit is eventueel ook bereikbaar door met meerdere frequenties te werken. Er zouden dan meerdere frequenties moeten komen zodat lokale mensen edities kunnen maken op locatie en daar een rol in houden.
- Gemeenten kunnen de lokale aanpak aanmoedigen of steunen door lokaal aanbod in te kopen. Hoe nu verder De VNG gaat met de minister in gesprek. Voor de VNG is het van belang dat de vorming van een streekomroep van onderaf komt, daarom is voor hen het aantal van 80 streken niet heilig. Op 28 november 2024 heeft de kamer het onderdeel media van de OCW begroting besproken. De VNG heeft hiervoor een position paper namens alle gemeenten in Nederland ingebracht. Zie de bijlage bij dit Memo. We hebben als 9 gemeenten van de streek Achterhoek een gedeelde wens en behoefte dat de omroep lokaal verankerd blijft. We nemen dit mee in een gezamenlijke reactie op de consultatieronde voor de nieuwe Mediawet. Deze staat open tot 23 februari 2025. Er start binnenkort een tweede traject waarbij specifiek naar de streekindeling wordt gekeken, de zogenaamde changeboard van de NLPO. Gemeenten en omroepen die ontevreden zijn over de samenstelling en begrenzing van een streek kunnen daar een gemotiveerd voorstel tot aanpassing indienen. De changeboard (feitelijk adviescommissie) bestaat uit vertegenwoordigers vanuit gemeenten en omroepen en adviseert aan het bestuur van de NLPO over de voorstellen die zijn ingediend. Het bestuur van de NLPO kijkt vervolgens of zij het advies al dan niet overnemen. Bij een positief besluit van de NLPO is de kans groot dat het in de wet terecht komt.
Omdat er geen gezamenlijk standpunt is aangaande de Streekindeling zal er geen lobby gevoerd worden in de kamer om tot een opdeling van de streek te komen. Op de lange termijn (waarschijnlijk 2027) ligt de vraag nog open of wij bij de aanwijzing van de nieuwe streekomroep als ‘Streek Achterhoek’ tot één unaniem advies willen komen richting het Commissariaat voor de Media, of dat elke gemeente voor zichzelf een advies uitbrengt.