CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

Korte aantekeningen beeldvormende bijeenkomst d.d. 28 november 2022.pdf

Gemeenteraad 20 december 2022, gemeente AaltenBij agendapunt: Vaststellen van de korte aantekening van de beeldvormende bijeenkomst van 28 november 20222.694 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aa

Beeldvormende fase 0B

OPENBAAR Korte aantekeningen van de beeldvormende bijeenkomst van 28 november 2022. Aanvang: 19.30 uur. Aanwezig:

Voorzitter: De heer Belterman Namens de fracties: De heren Assink, Meerdink (onderwerp 1), Logmans, Ebbers (onderwerp 1), Bauhuis, Hollema, Bulsink, Navis (onderwerp 2) en Koskamp (onderwerp 2). Griffie: de heer Ter Beest

Beeldvormende bijeenkomst. Doel: Inspraak (onderwerp 1) Informatieve technische briefing (onderwerp 2) Onderwerp 1. Voorstel tot gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan Kern IJzerlo, herziening 2022 Inspreker: de heer B. Hooglugt (namens indiener zienswijzen). Namens de initiatiefnemers is de heer Tuenter aanwezig, de heer Tuenter zal niet inspreken, maar is bereid vragen te beantwoorden. De heer Hooglugt heeft een schriftelijke bijdrage gestuurd. De bijdrage is bij deze aantekening gevoegd. De heer Hooglugt geeft een korte toelichting op de inhoud van de schriftelijke bijdrage. Vragen aan de heer Hooglugt Vraag: Op pagina 6 van uw zienswijze onder ad 1 schrijft u dat deze wijziging de leefbaarheid in de kern IJzerlo nog verder onder druk zet. Kunt u aangeven op welke wijze de leefbaarheid in de kern IJzerlo nu al onder druk staat? Naar mijn idee is er een zeer rijk verenigingsleven, een goed functionerend Kulturhus en een prachtige sportaccommodatie. Vraag: In uw reactie op de zienswijzenota schrijft u onder punt 1 dat u wel degelijk akkoord bent gegaan met de nieuwe plek van het parkeerterrein en de plaats van de uitbreiding van het bedrijf. Ook met de laatste tekening die toen voorlag bent u destijds akkoord gegaan. Nu ligt er (als je het een beetje platslaat) een administratieve afwikkeling van de voorgenomen wijziging voor.

Als u destijds akkoord bent gegaan, dan weet u toch ook wat dat betekent voor de fysieke leefomgeving, ongeacht of dat administratief wel of niet goed is uitgewerkt. Dan weet u toch wat dat betekent? Vraag: U heeft in bijdrage aangegeven dat u in onderling overleg heeft geprobeerd eruit te komen. Was het echt niet mogelijk om tot een vergelijk te komen?

Antwoord: Ik onderken dat leefbaarheid met meer te maken heeft dan alleen omgevingsfactoren. Maar de omgevingsfactoren zijn van dien aard dat er qua geluid en stank/geur overlast ervaren wordt. U geeft aan dat een goed verenigingsleven belangrijk is voor leefbaarheid en dat klopt, maar wat ook belangrijk is, is goede woningbouw. Antwoord: Ik ben mijn verhaal begonnen te zeggen dat er een drietal gesprekken zijn geweest en dat de conclusie was dat er een oplossing werd gevonden. Waar ik bezwaar op maak is dat we niet hebben gesproken over de wijziging van het bestemmingsplan en nu blijkt dat er verschillende wijzigingen in komen. Dat de uitbreidingsmogelijkheden van het bedrijf in de toekomst mogelijk nog groter worden en de mogelijkheden van bezwaar maken tegen geluidsoverlast, stankoverlast ingeperkt worden. Dan vind ik dat een behoorlijke wijziging. Antwoord: Daar hebben wij naar gestreefd en daar hebben we ook veel overleg over gehad. Ik weet alleen dat er overleg is geweest over de aankoop van het pand en dat dat gestrand is op

Vraag: U gaf aan dat uw client ook graag een woning had willen maken, maar de gemeente die werkt niet mee. Kunt u de argumenten noemen die met u gedeeld zijn? Vraag: U gaf aan dat alle bedrijven meer mogelijkheden krijgen. Kunt u aangeven welk bedrijf welke mogelijkheden krijgt volgens u?

Vraag: Is het niet zo dat als het gemengd gebied wordt, dat er ook ruimte komt voor woningen? En dat het mes aan twee kanten snijdt?

Vragen aan de heer Tuenter Vraag: Is er een vergelijk mogelijk om uit de impasse te komen?

eenzijdige veranderingen van de voorwaarden. Misschien dat de heer Tuenter daar straks iets over wil zeggen namens de indiener, maar ik kan daar niets over zeggen. Als destijds de woning was aangekocht dan had dit allemaal niet gespeeld. Antwoord: Er is gezegd dat men geen woningbouw op die plek wilde omdat dat in conflict kon komen met het bedrijf. Antwoord: Ik kan alleen maar aangeven dat wanneer men bepaalt dat dit een gemengd gebied is (en dan praat je over de kern IJzerlo), dat dat volgens mij geen gemend gebied kan zijn. Er namelijk zijn drie bedrijven en die liggen langs één weg en de kern zelf bestaat uit alleen maar woningen. Bovendien wordt er nog gezegd dat als je praat over een gemengd gebied - je spreekt over kleinschalige bedrijvigheid. Het college heeft bij de vorige zienswijze in 2010 al aangegeven dat je niet (meer) kunt spreken over kleinschalige bedrijvigheid. Ik bestrijd dat dit een gemengd gebied kan zijn. In een gemengd gebied zijn de richtlijnen van de milieuverordeningen wat betreft geluid en geurnormen gekoppeld aan de categorisering van de bedrijven. Nu komt er een gemend gebied en wordt de categorisering van de bedrijven veranderd en krijgen zij meer ruimte. Ook andere bedrijven aan de Dinxperlosestraat kunnen daar een appél op doen. Antwoord: Mijn cliënt heeft zelf nooit willen ontwikkelen.

Er zijn altijd vragen van anderen bij mijn cliënt terechtgekomen. Dat zijn initiatieven van bedrijven of vanuit de gemeenschap geweest. Hij zelf heeft nooit initiatief genomen. Op een bepaald moment is het natuurlijk wel zo, dat als hij ziet dat zijn buurman woningen mag bouwen en tegen hem gezegd wordt, bij jou kan het niet, wat later vertaald wordt naar, wij willen het niet, dan heb je een ander verhaal. Antwoord: We zijn al sinds 2018/2019 bezig met planontwikkeling voor zowel Germains als Holaras. Bij Holaras is inspreker geen belanghebbende vanwege het zichtcriterium. Ik haak in op de inspreker. In overleg met de gemeente hebben wij een plan bedacht en uitgewerkt volgens de regels van de ruimtelijke ordening om een geringe uitbreiding binnen het originele bouwvlak en daar enkel en alleen bebouwing toevoegen op basis van sloopmeters. Dat wil zeggen dat binnen het originele bestemmingsplanvlak iets meer bebouwing wordt toegestaan dan nu in het bestemmingsplan staat. Dat is gecompenseerd in steen, het dubbele aantal (dus 1m2 bouwen = 2m2 slopen) en voor het parkeren wat uiteindelijk de bottleneck was en dat gemeente naar ons idee keurig heeft opgelost met indiener. Daarmee dachten wij dat

2

we er zouden zijn. We zijn dus ook wel verbaasd dat er nu ingesproken wordt. Dat er parallel daarnaast gesprekken zijn geweest over aankoop van het pand van staat los van deze ruimtelijke procedure. Ten aanzien van woningbouw, er werd opgemerkt dat dat uitbreiding zou zijn. Dat klopt niet, het is inbreiding. Ik wil nog opmerken dat inspreker optreedt namens zijn client die woont in een pand met een bedrijfsbestemming. Gemend gebied werd een aantal keren genoemd. Het is gemengd gebied, dat was en dat blijft zo. Er zijn meerdere bedrijven dan de bedrijven die inspreker benoemd. Ook die zitten op bedrijfsbestemmingen anders dan woonbestemmingen. Reactie de heer Hooglugt merkt nog op dat de woorden van de vorige spreker voor zijn rekening zijn. Een bedrijfsbestemming bevat ook wonen en wonen is een gevoelig object. De bestemming dienstverlening geeft de mogelijkheid voor een inpandige of zelfs een uitpandige woning. Het vreemde is dat door meer woningen toe te staan worden er bestemmingsplanmatig niet meer belemmeringen opgeworpen wanneer het gaat om inpandige woningen. Dat was de bedoeling. Reactie de heer Tuenter merkt nog op dat het gaat om een bedrijfswoning. Dat is ook een woning. Die moet ook getoetst worden. Dat is hier niet aan de orde. Er wordt voldaan aan de normen. Zeker nu de parkeerplaats uit het zicht en aan de andere zijde wordt gerealiseerd.

De voorzitter concludeert dat het voorstel wordt behandeld in de oordeelsvormende vergadering van 6 december 2022. Onderwerp 1: Voorstel tot vaststellen van de Verordening Commissie Omgevingskwaliteit Aalten Inspreker: de heer Roger Crols (Gelders Genootschap) en de heer Willem Doodeheefver, voorzitter van de Commissie Cultureel Erfgoed. De heren zijn uitgenodigd om een korte toelichting te geven op de werkzaamheden van de huidige Commissie Cultureel Erfgoed en Welstandcommissie en - waar mogelijk - hoe de werkwijze van nieuwe commissie zal zijn in de nieuwe situatie. Ook is de gemeenteraad benieuwd of de heren aan kunnen geven wat er specifiek voor de huidige commissie gaat veranderen en of zij eventueel aan de gemeenteraad een advies mee kunnen geven naar aanleiding van deze nieuwe verordening. De heer Crols: In het kader van de omgevingswet moet er een omgevingscommissie benoemd worden. Daarover is in de afgelopen periode overleg gevoerd, op basis daarvan ligt er nu een voorstel dat mede gebaseerd is op de modelverordening van de VNG. De gemeente kent nu eigenlijk twee commissies. De commissie Cultureel Erfgoed, die adviseert met name over beleidsaspecten mbt erfgoed. Daarnaast kent de gemeente ook een Welstandscommissie die over welstandsaspecten adviseert. Wat betreft erfgoed adviseren we integraal over monumentenplannen.

Het is bedoeling om beleidsneutraal over te gaan naar de nieuwe situatie en werkwijze conform de Omgevingswet waarbij er relatief weinig veranderd. Het is

3

bedoeling om op een goede en efficiënte manier de advisering voort te zetten. Daarvoor hebben we het beste van beide commissies gecombineerd in de nieuwe situatie. In die nieuwe situatie zijn vertegenwoordigers van historische kringen opgenomen en daarnaast specifieke deskundigen op het gebied van stedenbouw, landschapsarchitectuur, architectuur. In de commissie hebben 8 mensen zitting inclusief de voorzitter. Op die manier proberen we de aspecten die eerder al in enerzijds de commissie cultureel erfgoed aan de orde kwamen en de aspecten die in de welstandscommissie aan de orde kwamen in één commissie te bundelen. De heer Doodeheefver: Ik kan aan het verhaal van mijn collega toevoegen dat de gemeente Aalten al een goed geoutilleerde commissie heeft en allerlei mensen uit de samenleving daarin vertegenwoordigd zijn. Onder andere vanuit de oudheidkundige vereniging, van het onderduikmuseum en mensen die verstand hebben van oude boerderijen en het landschap. Het rijk heeft als (minimale) eis dat er tenminste twee mensen deskundig zijn op monumentenzorg in de commissie zitting hebben. De gemeente Aalten voldoet daar ruimschoots aan. We hebben nog een paar extra dingen, we brengen de straatnaamgeving onder in die commissie en een ander aspect is dat karakteristieke panden er worden ondergebracht.

Burgers kunnen met vragen terecht bij de commissie als ze een pand willen renoveren of restaureren. In het kader van duurzaamheid zijn we ook erg druk bezig de laatste jaren, dat is met oude panden soms ingewikkeld. Dus geven wij de eigenaren daar advies over. Wij kunnen ook bureaus laten komen om een onderzoek te laten doen en zo de eigenaar advies te geven hoe nu verder met zijn pand. Vragen Vraag: Wat zou er in de nieuwe commissie beter kunnen dan in de huidige situatie? Wat kunnen we leren?

Vraag: U ziet weinig aanleiding om wijzigingen ter verbetering van de dienstverlening door te voeren? Vraag: Ik heb dezelfde vraag aan de andere inspreker (voorzitter van de commissie Cultureel Erfgoed)

Vraag: Hebben jullie de mogelijkheid om ongevraagd advies te geven aan het college? Vraag: Hoe kijkt u naar nieuw erfgoed? Zijn daar kansen of bedreigingen?

Antwoord: De heer Crols. Het is altijd goed om te evalueren om te leren van het verleden. Als ik terugkijk kan ik wel concluderen dat heel veel dingen heel goed gaan. Bijvoorbeeld de herbestemming van boerderij “de Welscher” in de Heurne. Wij proberen altijd in een heel vroeg stadium met eigenaren in gesprek te gaan om samen te kijken hoe je een optimale kwaliteit kunt realiseren. Het aspect duurzaamheid is een onderwerp dat steeds belangrijker wordt en dat zal de komende jaren steeds meer aandacht krijgen. Antwoord: Op dit moment niet. Antwoord De heer Doodeheefer Waar we regelmatig tegenaan lopen is dat een wanneer een eigenaar van een gemeentelijk monument niet voldoet aan de regels die daarbij horen en verzaakt in (bijvoorbeeld) onderhoud. Dan is er een stroperige regelgeving om iemand ertoe te zetten om zijn pand op orde te houden. Daar zou ik graag verbetering in willen zien. Antwoord: ja die mogelijkheid is er. Antwoord: Als je kijkt naar nieuw erfgoed, daar liggen veel kansen. Bijvoorbeeld erfgoed uit de naoorlogse (opbouw) periode. Het rijk is bezig met onderzoek naar de periode 1960-1990 wat betreft erfgoed. Op dat gebied (die periode) liggen er allerlei kansen om te kijken naar verbetering van kwaliteit en leefbaarheid.

Tegelijk liggen daar ook bedreigingen omdat in het kader van verduurzaming het nodige verloren dreigt te gaan omdat we haast moeten maken met de verduurzaming. Om dit tegen te gaan moet je de kwaliteiten (van bepaalde wijken) wel herkennen en daar ligt onze opgave voor de komende periode.

4

Vraag: Hoe zien jullie rol van de welstand in de nieuwe situatie. Hoe wordt deze rol geborgd?

Vraag: We hebben te maken met een transformatie van detailhandel panden met name buiten het kernwinkelgebied. Is daar vanuit jullie ook een opvatting over? Of is daar de rayonarchitect aan zet? Vraag: Wat zijn de grootste zorgpunten in het proces naar de nieuwe commissie?

Vraag: Hoe gaat de commissie het duurzaamheidsprobleem oppakken. Worden er commissieleden aangesteld met expertise op dit gebied? Hoe wordt in de commissie de afweging gemaakt (bijvoorbeeld bij een monument)?

Vraag: De voorbeelden die aandragen zijn hebben betrekking op erfgoed en monumentale panden. Ziet u dat ook als enige taak voor deze commissie?

Antwoord: Er wordt getoetst door de rayonarchitect (of welstandsarchitect). Heel veel plannen worden in mandaat afgedaan. Grote ontwikkelingen worden in een grote commissie besproken. Deze werkwijze wordt in de nieuwe situatie voortgezet, zoals die nu ook plaatsvindt. Antwoord: Dat heeft te maken met omgevingsplannen of bestemmingsplannen van gemeenten. Binnen die kaders kan geadviseerd worden. We zijn betrokken bij de herinrichting van het centrumplan Dinxperlo. Antwoord: Ik denk dat we ons daar niet zoveel zorgen over hoeven te maken. Het zit nu al heel goed in elkaar en dat zetten we in de nieuwe situatie voort. De kwaliteiten van beide commissies komen terug in de nieuwe commissie. Ook op basis van ervaring in andere gemeenten in Gelderland. We komen in de huidige situatie zelden of nooit problemen tegen. We lossen problemen altijd voorwaarts op. Antwoord: Door de jaren heen en zeker de laatste jaren is er veel expertise opgedaan in het verduurzamen van monumenten. We kennen tegenwoordig zelfs “nul op de meter” monumenten. De technische ontwikkelingen en de mogelijkheden die daarbij meekomen gaan heel snel en dat maakt het makkelijker. Zo zijn er allerlei nieuwe materialen ontstaan waarmee je heel goed een monument kunt verduurzamen, met behoud van allerlei kwaliteiten. Daar hebben we steeds meer over geleerd.

Ook producenten zijn zich steeds meer gaan richten historische gebouwen. Waardoor er steeds meer mogelijkheden zijn, mogelijkheden waarvan we 10 jaar geleden nog gedacht hadden dat die er nu zouden zijn. In het verleden waar hier inderdaad regelmatig discussies over, maar we merken dat dat steeds minder nodig is. Antwoord: Nee, de taak van de commissie is breder. Dat gaat van landschappelijke ontwikkelingen tot stedenbouwkundige ontwikkelingen, ruimtelijke ontwikkelingen, de bouw van nieuwe woonwijken. Het heeft ook betrekking op de inpassing van zonneparken in historisch waardevol landschap. De commissie gaat zich bezighouden met heel veel verschillende zaken. Niet alleen op het gebied van erfgoed, maar ook nieuwe ontwikkelingen. Ook archeologische monumenten zorg hoort bij het takenpakket van de commissie.

Vraag: Hoe kijkt u aan tegen vragen over inclusiviteit en toegankelijkheid van gebouwen? Het sociale component? Vanuit de Omgevingswet moeten we ook het sociale element meenemen. Ziet u daar mogelijkheden voor de commissie?

Antwoord: dat zal bij de invulling van de commissie zeker aan de orde komen. Die invulling, zover zijn we nog niet. Dat is wel iets wat wij mee zullen nemen. De commissie kan ook altijd extern informatie inwinnen. Als we er zelf niet uitkomen dan kunnen we altijd extra extern informatie inwinnen.

Vraag: is ook de kennis aanwezig om te beoordelen

Antwoord: Dit hebben we nog niet eerder bij de

5

of de hiaten of problematiek op bijvoorbeeld toegankelijkheid te onderkennen? Vraag: Hoe bereikbaar is de commissie en staat voldoende beschreven in de verordening?

hand gehad. Ik denk dat we ons daar in de toekomst op kunnen toespitsen. Antwoord: Zoals we nu werken is er tweewekelijks de mogelijkheid om aan te schuiven. Als je plannen hebt kan dat in een heel vroeg stadium.

De voorzitter concludeert dat dit voorstel wordt behandeld in de oordeelsvormende vergadering van 6 december 2022. Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Aalten in de openbare raadsvergadering van 20 december 2022.

M.A.J.B. Fiering Raadsgriffier

mr. A.B. Stapelkamp voorzitter

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=47171b23-12d1-4f29-b207-d079b52d8510