CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

Kern Dinxperlo, herziening vml. De Wegwijzer_Toelichting_Bijlage 6 Ecologisch onderzoek

Gemeenteraad 28 november 2023, gemeente AaltenBij agendapunt: Voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan "Kern Dinxperlo, herziening vml. De Wegwijzer"6.102 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

‘De Wegwijzer’ te Dinxperlo - Quickscan flora en fauna in het kader van de Wet natuurbescherming -

Opdrachtgever

A3 Projecten

Datum veldbezoek

25 januari 2023

Kenmerk rapport

Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo

Datum rapport

13 maart 2023

Versie

V1.0

Auteur

ing. W. Egging

Controle

ing. J.M. de Wever

EcoTierra-ecologisch adviesbureau Postadres: Abraham Teerlinkstraat 10, 7424 DM Deventer Bezoekadres: Keulenstraat 10, 7418 ET Deventer www.ecotierra.nl info@ecotierra.nl 0570-597418

Draagvlak voor natuur is de basis voor natuurbescherming

Dit rapport is vervaardigd op verzoek van de opdrachtgever en is zijn eigendom. Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden d.m.v. druk, fotokopie, digitale kopie of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever hierboven aangegeven. EcoTierra- ecologisch adviesbureau is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede voor schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van EcoTierra- ecologisch adviesbureau; opdrachtgever vrijwaart EcoTierra- ecologisch adviesbureau voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 2

INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING 1.1 AANLEIDING 1.2 DOELSTELLING 1.3 VOLLEDIGHEID ONDERZOEK 1.4 GELDIGHEIDSDUUR RAPPORT 2 ONDERZOEKSOPZET 2.1 BRONNENONDERZOEK 2.2 VELDBEZOEK 3 PLANGEBIED EN BEOOGDE INGREPEN 3.1 PLANGEBIED 3.2 GEWENSTE TOEKOMSTIGE SITUATIE EN VOORGENOMEN INGREPEN 4 BEVINDINGEN BRONNENONDERZOEK EN TOETSING 4.1 BEVINDINGEN EN TOETSING BESCHERMDE GEBIEDEN/ HOUTOPSTANDEN 4.2 BEVINDINGEN BRONNENONDERZOEK, VELDONDERZOEK EN TOETSING SOORTEN

4 4 4 4 5

6 6 6

7 7 8

10 10 10

5 CONCLUSIE

17

6 VRIJBLIJVEND ADVIES

19

BIJLAGEN 1. 2. 3. 4.

Wettelijk kader Lijst beschermde soorten Jaarrond beschermde nesten Bronnen

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 3

1 INLEIDING In opdracht van A3 Projecten heeft EcoTierra- ecologisch adviesbureau op het terrein ‘De Wegwijzer’ te Dinxperlo (gemeente Aalten) een quickscan flora en fauna uitgevoerd in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb). Het plangebied is gelegen op de hoek van de Hovenstraat / Burg. Havekampstraat in het centrum van Dinxperlo en betreft een onbebouwd perceel en de directe omgeving hiervan. 1.1 Aanleiding De initiatiefnemer is voornemens om op het perceel circa 13 tot 15 woningen in 3 blokken te realiseren. Er worden enkele bomen gekapt en groenstructuren gerooid, maar geen opstallen geamoveerd en/ of oppervlaktewateren gedempt. In verband met de Wet natuurbescherming (Wnb) is het noodzakelijk om voorafgaande aan ruimtelijke ingrepen en inrichting te toetsen of de geplande activiteiten geen negatief effect hebben op beschermde plant- en/of diersoorten en leefgebieden. 1.2 Doelstelling Het doel van onderhavige quickscan is inzicht geven of de voorgenomen activiteiten een overtreding van de vigerende natuurwetgeving tot gevolg hebben.

Om dit inzicht te verkrijgen worden de volgende vragen beantwoord; • zijn er binnen het plangebied beschermde dier- en plantsoorten aangetroffen en/of worden deze verwacht? • wat is de juridische status van deze soorten? • hebben de voorgenomen activiteiten een (significant) negatief effect op deze soorten? • ligt het plangebied in of nabij beschermde natuurgebieden, zoals het GNN of Natura2000-gebieden? • wat zijn de gevolgen en dienen er (mitigerende) maatregelen genomen te worden? • dient er een nader onderzoek uitgevoerd te worden? • dient er een ontheffing aangevraagd te worden? 1.3 Volledigheid onderzoek Een quickscan is een momentopname en kan slechts in beperkte mate uitsluitsel geven over de aan- of afwezigheid van soorten. Het kan voorkomen dat soorten niet worden waargenomen tijdens het veldbezoek. Aan de hand van expert-judgement en bekende ecologische principes zal een inschatting worden gemaakt over het wel of niet voor kunnen komen van beschermde plant- en diersoorten. Verder is de quickscan geen veldinventarisatie. Veldinventarisaties omvatten meerdere opnamerondes die volgens standaardmethoden worden uitgevoerd.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 4

1.4 Geldigheidsduur rapport Afhankelijk van de aangetroffen soorten is de rapportage drie of vijf jaar geldig. Voor Habitatrichtlijnsoorten en vogels met een jaarrond beschermd nest dient maximaal drie jaar als geldigheidsduur te worden gehanteerd met als voorwaarde dat er weinig (fysieke) veranderingen hebben plaatsgevonden in het plangebied.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 5

2 ONDERZOEKSOPZET In onderhavige quickscan is de locatie gescreend op de aanwezigheid van beschermde planten diersoorten. Er is gestart met een bronnenonderzoek en vervolgens is de locatie bezocht. 2.1 Bronnenonderzoek Voor het bronnenonderzoek zijn diverse (digitale) verspreidingsatlassen (waaronder de NDFF) geraadpleegd. Hierdoor is indicatief een beeld verkregen of er relevante soorten voorkomen binnen of in de omgeving van het plangebied. De NDFF is op 24 januari 2023 geraadpleegd. Diverse kaarten (waaronder GNN, GO, Natura2000 en Natuurbeheerplan) van de provinciale site gelderland.nl zijn geraadpleegd in februari en maart 2023. Op internet is gezocht naar openbare rapportages van ecologische onderzoeken die in de directe omgeving van onderhavig plangebied zijn uitgevoerd. 2.2 Veldbezoek Het plangebied is op 25 januari overdag bezocht. Ten tijde van het veldbezoek was het bewolkt bij een temperatuur van rond de 2°C. Het plangebied was ten tijde van het veldbezoek volledig toegankelijk. De directe omgeving van het plangebied is eveneens bekeken. Gedurende het onderzoek is niemand geïnterviewd.

Er is tijdens het veldonderzoek zoveel mogelijk concrete informatie verzameld met betrekking tot de aan- of afwezigheid van beschermde soorten (zicht- en geluidswaarnemingen, sporenonderzoek naar de aanwezigheid van pootafdrukken, graafsporen, nesten, holen, uitwerpselen, haren en dergelijke). Het onderzoek is uitgevoerd door ecoloog ing. W. Egging. De ecologen van EcoTierraecologisch adviesbureau hebben een relevante HBO-studie gevolgd. Tevens worden diverse relevante cursussen gevolgd, symposia en congressen bezocht en diverse vakbladen en nieuwsbrieven gelezen om de laatste ontwikkelingen te volgen. De onderzoekers zijn in het bezit van diverse certificaten, waaronder ‘Zorgvuldig handelen Wet natuurbescherming, ruimtelijke ontwikkeling en inrichting, niveau 4, IPC Groene Ruimte (door Stadswerk erkend certificaat)’.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 6

3 PLANGEBIED EN BEOOGDE INGREPEN In dit hoofdstuk zijn de onderzoekslocatie en de voorgenomen activiteiten beschreven. Op onderstaande afbeelding is het plangebied weergegeven waarbinnen de activiteiten daadwerkelijk plaatsvinden. 3.1 Plangebied Het plangebied betreft een onbebouwd perceel op de hoek Hovenstraat /Burg. Havekampstraat. De locatie staat bekend als ‘De Wegwijzer’. Binnen het plangebied zijn drie bomen en enkele groenstructuren aanwezig. Er zijn geen opstallen of oppervlaktewateren in het daadwerkelijke plangebied aanwezig. De directe omgeving bestaat uit woonpercelen, winkels, groenstructuren en infrastructuur.

Afbeelding 1: Situering plangebied (bron: PDOK).

Foto’s: Indrukken plangebied.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 7

Foto’s: Indrukken plangebied. Groenstructuren.

Foto’s: Indrukken plangebied. De te kappen bomen.

Foto’s: Indrukken directe omgeving. Omliggende woningen, winkels en infrastructuur.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 8

3.2 Gewenste toekomstige situatie en voorgenomen ingrepen De initiatiefnemer is voornemens om op het perceel circa 13 tot 15 woningen in 3 blokken te realiseren. Er worden enkele bomen gekapt en groenstructuren gerooid, maar geen opstallen geamoveerd en/ of oppervlaktewateren gedempt. Het plangebied wordt landschappelijk ingericht d.m.v. de aanplant van bomen en hagen. De ingrepen vinden plaats in het kader van ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden.

Afbeelding 2: Gewenste situatie (bron: A3 projecten).

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 9

4 BEVINDINGEN BRONNENONDERZOEK EN TOETSING Hieronder worden de bevindingen van het onderzoek weergegeven. Tevens vindt er een toetsing aan de Wet natuurbescherming plaats en zal er gekeken worden of er gevolgen kunnen zijn voor het Gelders Natuurnetwerk of overige beschermde natuurgebieden. 4.1 Bevindingen en toetsing beschermde gebieden/ houtopstanden In de database van de provincie Gelderland is af te lezen dat het plangebied niet is gelegen in het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en/ of de Groene Ontwikkelingszone (GO).

Afbeelding 3: Ligging plangebied t.o.v. het Gelders Natuurnetwerk en Groene Ontwikkelingszone (bron: PDOK).

- In Gelderland is aangaande het GNN/ de GO geen externe werking van toepassing. Vervolgstappen, zoals een Nee, tenzij-toets, zijn dus niet aan de orde. Er zijn geen (Nederlandse) Natura2000-gebieden gelegen binnen een straal van 15 km. Door de onderlinge afstand is er geen rechtstreekse aantasting (door bijvoorbeeld licht, trillingen, geluid of menselijke aanwezigheid) of indirecte aantasting (door bijvoorbeeld verdroging) te verwachten op soorten (leefgebieden en habitat) die voor Natura2000-gebieden zijn aangewezen. - Verdere toetsing aan Natura2000 is niet noodzakelijk. Thema’s als vermesting/ verzuring (stikstof) vallen niet onder de reikwijdte van onderhavige quickscan flora en fauna. De sinds 1 juli 2021 aangenomen wet Stikstofreductie en Natuurverbetering is sinds de uitspraak van de RvS komen te vervallen. Door de bouwwerkzaamheden en het toekomstige gebruik zal er een toename zijn van stikstof. - De verwachting is dat er een AERIUS-berekening uitgevoerd dient te worden.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 10

Er worden in het kader van de voorgenomen ingrepen drie bomen gekapt. Het plangebied is gelegen binnen de bebouwde kom houtopstanden. - Het onderdeel ‘houtopstanden’ van de Wet natuurbescherming is derhalve niet van toepassing. Mogelijk is er gemeentelijk beleid van toepassing op de kap, hiervoor dient contact opgenomen te worden met de gemeente Aalten.

Afbeelding 4: Ligging plangebied t.o.v. de kernen Wet natuurbescherming (bron: PDOK).

4.2 Bevindingen bronnenonderzoek, veldonderzoek en toetsing soorten NDFF Voor het bronnenonderzoek is gebruik gemaakt van de gegevens van NDFF (tot 10 jaar terug, geraadpleegd op 24 januari 2023). Er is met name gekeken naar jaarrond beschermde nesten, Habitatrichtlijnsoorten en nationaal beschermde soorten (niet vrijgestelde soorten Gelderland). Het betreft hier ook waarnemingen van bijvoorbeeld foeragerende en overvliegende exemplaren. - Binnen het plangebied zijn geen relevante waarnemingen aangetroffen. In de directe omgeving zijn waarnemingen van huismus, gierzwaluw, boomkruiper en koolmees aangetroffen. Er zijn geen waarnemingen van (boombewonende) vleermuizen, eekhoorn, boommarter of jaarrond beschermde horsten en roestplekken vermeld binnen of nabij het plangebied. Openbare rapportages Er zijn geen relevante (openbare) rapportages gevonden van het plangebied of van planlocaties in de directe omgeving.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 11

Flora Tijdens het veldbezoek zijn er binnen het plangebied geen beschermde vaatplanten aangetroffen. Er zijn aangeplante cultivars en gras aanwezig. Tijdens het bronnenonderzoek zijn eveneens geen waarnemingen van beschermde soorten aangetroffen. - Er zijn derhalve geen negatieve effecten te verwachten aangaande deze soortgroep. Vogels Tijdens het veldbezoek zijn binnen het plangebied en in de omgeving enkele vogelsoorten waargenomen, zoals ekster, houtduif, merel, koolmees en vink. Het plangebied is met name onderzocht op sporen en geschiktheid voor soorten met een jaarrond beschermd nest. Jaarrond beschermd nest Er zijn geen opstallen aanwezig binnen het plangebied en in de te kappen bomen (goed te onderzoeken door afwezigheid bladeren) zijn geen nesten/ of resten ervan waargenomen. Jaarrond beschermde nesten van uilen, roeken, roofvogels, gierzwaluw of huismus zijn derhalve niet aanwezig. Onder de bomen zijn ook geen sporen aangetroffen die duiden op aanwezigheid van genoemde soorten/ soortgroepen. Categorie 5 nesten Categorie 5 nesten zijn nesten die in principe niet jaarrond beschermd zijn, tenzij er ecologisch zwaarwegende motieven zijn (geen enkel andere broedplek nabij bijvoorbeeld). Er zijn geen categorie 5 nesten aangetroffen. Daarnaast zijn er in de toekomstige situatie voldoende alternatieve broedplekken voor categorie 5 soorten aanwezig.

Er is derhalve geen sprake van een jaarrond beschermde status. Soorten zonder jaarrond beschermd nest Mogelijk broeden vogelsoorten zonder een jaarrond beschermd nest in de aanwezige bomen en groenstructuren. Om verstoring van eventuele broedgevallen te voorkomen dienen de verstorende ingrepen (kap en verwijdering groenstructuren) buiten het broedseizoen plaats te vinden. Er is in de wet geen concrete datum voor het broedseizoen aangegeven, het gaat erom of een broedgeval wordt verstoord/ vernietigd of niet. Maar als richtlijn kan als broedseizoen maart tot en met september aangehouden worden. Duiven kunnen vroeg starten met broeden en tevens lang doorgaan. Indien kap niet mogelijk is buiten het broedseizoen dient er voorafgaande aan de werkzaamheden vastgesteld te zijn dat er geen broedgevallen aanwezig zijn binnen de invloedsfeer van de werkzaamheden. Weide- en akkervogels (foerageergebied en slaaplocaties) Het plangebied betreft, gezien het karakter van het plangebied (stedelijk), geen belangrijk foerageergebied of slaaplocatie voor ganzen, weide- en akkervogels. Functioneel leefgebied Het plangebied betreft ook geen functioneel leefgebied van de in de directe omgeving waargenomen huismus. Er blijft voldoende leefgebied aanwezig nabij mogelijke nestlocaties en in de toekomstige situatie zal het plangebied door deze soort in gebruik genomen kunnen worden.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 12

Grondgebonden zoogdieren Steenmarter Het plangebied vormt geen geschikt habitat voor de steenmarter. Steenmarters gebruiken (hooi)zolders, ruimtes onder het dak, ruimtes boven plafondplaten, schuurtjes, maar ook stenenstapels, dichte groenstructuren of takkenhopen als verblijfplaats. Dergelijke elementen zijn binnen het plangebied niet aanwezig. In het bronnenonderzoek zijn ook geen waarnemingen van deze soort aangetroffen. Verblijfplaatsen of functioneel leefgebied van de steenmarter gaan niet verloren. Kleine marterachtigen Het ontbreekt het plangebied aan bosschages, struwelen, holen en dergelijke. Verblijfplaatsen van kleine marterachtigen (wezel, hermelijn en bunzing) worden derhalve niet verwacht in het plangebied. Daarnaast is het plangebied stedelijk gelegen en staat het niet in verbinding met omliggende natuur en/ of bosschages. Tijdens het veldbezoek zijn geen kleine marterachtigen waargenomen, maar deze soortgroep laat zich ook maar zelden zien. In de NDFF zijn geen meldingen van kleine marterachtigen gevonden. Overige marterachtigen De boommarter en verblijfplaatsen van de das zijn uitgesloten op een dergelijke stedelijke locatie. Er zijn tevens geen sporen aangetroffen die duiden op de aanwezigheid van deze soorten. Aantasting van jaarrond beschermde verblijven of leefgebied van deze soorten is niet aan de orde.

Eekhoorn In de bomen in het plangebied zijn geen nesten waargenomen. Nesten/ verblijfplaatsen van eekhoorn zijn derhalve uitgesloten. Overige soorten met een jaarrond beschermde verblijfplaats Verblijfplaatsen of significant leefgebied van overige soorten die door de provincie niet zijn vrijgesteld worden in onderhavig plangebied niet verwacht. Door provincie vrijgestelde soorten Er komen mogelijk door de provincie vrijgestelde soorten zoals sommige muizen, egel en dergelijke voor binnen en nabij het plangebied. Voor vrijgestelde soorten geldt een algehele vrijstelling als het ruimtelijke ingrepen betreft. Wel is de zorgplicht van toepassing en is doden niet toegestaan. Vleermuizen Er zijn binnen het plangebied geen opstallen aanwezig. - Verblijfplaatsen (en/ of externe werking op verblijfplaatsen) van gebouwbewonende vleermuizen zijn uitgesloten. In de te kappen bomen zijn scheuren en holtes aanwezig waarvan boombewonende vleermuissoorten mogelijk gebruik kunnen maken. Bij één van de bomen (zie gele ster, afbeelding 5) is aan de onderzijde van de stam een holte aanwezig. Bij inspectie van deze holte bleek dat de stam hol is.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 13

Afbeelding 5: De te kappen bomen (bron: gemeente Aalten).

Foto’s: Openingen die mogelijk toegang bieden tot een verblijfplaats.

Foto’s: Opening en naar boven ingerotte holte van boom weergegeven met gele ster.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 14

De holte aan de onderzijde van de boom zal niet gebruikt worden door vleermuizen via deze opening. De holte is voor vleermuizen niet goed toegankelijk in verband met begroeiing (en risicovol). Deze boom bevat echter ook potentiële holtes hoger in de boom. Vanwege de hoogte van de holtes waren deze echter niet volledig te onderzoeken en te beoordelen om de geschiktheid van de holtes (naar boven ingerot of in verbinding met de hierboven weergegeven holle ruimte), scheuren en dergelijke te bepalen. Tijdens een aanvullende holte-inspectie met een hoogwerker dient er gecontroleerd te worden of er holtes, loszittende schors en/ of scheuren in de bomen aanwezig zijn die daadwerkelijk geschikt zijn. Ook kunnen eventuele sporen van vleermuizen hierbij waargenomen worden. Mogelijk dient er naar aanleiding van de holte-inspectie alsnog een nader onderzoek (op basis van het protocol voor vleermuisinventarisaties 2021 (GaN)) naar boombewonende vleermuizen uitgevoerd te worden. Er zal door vleermuizen gefoerageerd worden in en nabij het plangebied. Foerageergebied is alleen beschermd wanneer dit gebied noodzakelijk is om de functionaliteit van een vaste verblijfplaats te behouden. In onderhavige situatie zal dit niet aan de orde zijn. - Er gaat geen significant foerageergebied verloren door de ingreep. Het plangebied maakt geen onderdeel uit van een vliegroute.

- Er gaan geen significante vliegroutes verloren in het kader van onderhavig project. Tijdens de werkzaamheden en in de toekomstige situatie dient verstoring door licht op de bomen en groenstructuren in de directe omgeving voorkomen te worden. Amfibieën, reptielen en vissen Vissen Er is geen oppervlaktewater aanwezig binnen het plangebied. De aanwezigheid van vissen kan derhalve worden uitgesloten. Niet vrijgestelde soorten amfibieën Er is geen oppervlaktewater aanwezig binnen het plangebied. De aanwezigheid van voortplantingswater van strenger beschermde amfibieën kan derhalve worden uitgesloten. Landhabitat van niet-vrijgestelde soorten wordt niet verwacht. Strikt beschermde amfibieën zoals poel- en heikikker en ook rugstreeppad hebben specifieke habitatseisen. Er zijn tevens geen waarnemingen van niet-vrijgestelde soorten gevonden tijdens het bronnenonderzoek. Vrijgestelde soorten amfibieën Er is geen oppervlaktewater aanwezig binnen het plangebied. De aanwezigheid van voortplantingswater van amfibieën kan derhalve worden uitgesloten. Landhabitat van vrijgestelde soorten (algemene soorten met minder specifieke habitateisen) kan wel worden verwacht. In de groenstructuren zijn plekken aanwezig waarin gewone pad, bruine kikker en kleine watersalamander kunnen wegkruipen. Voor deze soorten geldt een algemene vrijstelling bij ruimtelijke ingrepen.

Wel is de zorgplicht van toepassing. Reptielen Aanwezigheid van reptielen wordt niet verwacht binnen het plangebied. Er is geen geschikt leefgebied, zoals heide, bosschages, oppervlaktewateren en dergelijke aanwezig en er zijn geen waarnemingen van soorten naar voren gekomen uit het bronnenonderzoek.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 15

Ongewervelden/ overige soorten Het ontbreken van specifieke habitats zoals heide en (laag)veen, grote rivieren en oude, rottende eiken maakt dat de veelal veeleisende Habitatrichtlijnsoorten en exemplaren van de nationaal beschermde soorten van ongewervelden en overige soorten niet te verwachten zijn. In het bronnenonderzoek zijn deze soorten dan ook niet aangetroffen. - Er zijn geen negatieve effecten te verwachten aangaande ongewervelden of overige soorten. De zorgplicht (art 1.11 Wnb) Voor alle soorten geldt een zorgplicht. Deze zorgplicht houdt in dat de initiatiefnemer passende maatregelen neemt om schade aan deze soorten te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het niet verontrusten of verstoren in de kwetsbare perioden zoals de winterslaap, de voortplantingstijd en de periode van afhankelijkheid van de jongen. De kwetsbare perioden zijn niet voor alle verschillende soortgroepen gelijk. Met name dient er op de egel gelet te worden. Met deze soort lijkt het de laatste jaren steeds minder goed te gaan. Indien vooraf bekend is dat werkzaamheden moeten worden uitgevoerd binnen de kwetsbare perioden van de betreffende soorten, is het zaak ervoor te zorgen dat het gebied tegen die tijd ongeschikt is als leefgebied voor die soorten.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 16

5 CONCLUSIE Onderdeel

Overtreding Wnb/ overige wetgeving Nee

Nader onderzoek naar/ vervolg actie

Periode

Mitigatie

Nee

N.v.t.

N.v.t.

GO Natura2000

Nee

Nee

N.v.t.

N.v.t.

Soorten

Nee

Nee

N.v.t.

N.v.t.

Stikstof

Waarschijnlijk AERIUS berekening nodig N.v.t.

N.v.t.

Niet aan getoetst

Houtopstanden

Niet aan getoetst N.v.t.

N.v.t.

N.v.t.

Flora

Nee

Nee

N.v.t.

N.v.t.

Jaarrond beschermd nest

Nee

Nee

N.v.t.

N.v.t.

Functioneel leefgebied

Nee

Nee

N.v.t.

N.v.t.

Niet jaarrond beschermd nest

Nee

Zorgplicht

Broedseizoen loopt globaal van maart tot augustus

Ingrepen buiten het broedseizoen uitvoeren of starten, anders check broedgevallen

Verblijfplaatsen

Nee

Nee

N.v.t.

N.v.t.

Functioneel leefgebied

Nee

Nee

N.v.t.

N.v.t.

Vaste verblijfplaatsen - Opstallen

Nee

Nee

N.v.t.

N.v.t.

- Bomen

Mogelijk

Holte-inspectie. Mogelijk nader onderzoek conform vleermuizenprotocol

Winter

Mogelijk (tijdelijke) alternatieve verblijfplaatsen aanbieden

Essentieel foerageergebied

Nee

Nee

N.v.t.

Essentiële vliegroute

Nee

Nee

N.v.t.

Amfibieën/ reptielen/vissen (niet vrijgestelde soorten)

Nee

Nee

N.v.t.

Tijdens de werkzaamheden en in de toekomstige situatie dient verstoring door licht voorkomen te worden. N.v.t.

Ongewervelden/ overige soorten (streng en strikt beschermde soorten)

Nee

Nee

N.v.t.

N.v.t

GNN

Vogels § 3.1. Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn

Grondgebonden zoogdieren Habitatrichtlijn en Nationaal

Vleermuizen § 3.2. Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 17

Vrijgestelde soorten en alle overige dieren en planten

Nee

Zorgplicht

Altijd

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Zoveel mogelijk werken buiten kwetsbare periodes, eventueel verplaatsen exemplaren

Pagina | 18

6 VRIJBLIJVEND ADVIES Bij de inrichting van het terrein en de nieuwbouwwoningen kan rekening worden gehouden met soorten door kasten voor vogels en vleermuizen in te bouwen of aan te brengen. Over dit zogenaamde natuurinclusief bouwen is tegenwoordig veel te vinden op internet. Een goede site om informatie en inspiratie op te doen is www.bouwnatuurinclusief.nl. Het is raadzaam om een ecoloog/ ter zake kundige bij aanschaf en plaatsing te betrekken.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 19

BIJLAGE 1 WETTELIJK KADER

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 20

Wet natuurbescherming (Wnb) De Flora- en faunawet is op 1 januari 2017 overgaan in de Wet natuurbescherming (Wnb). Deze wet dient ter vervanging van de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en faunawet en de Boswet en heeft als doel te komen tot één integrale en vereenvoudigde regeling van de natuurbescherming. Hierbij is de Europese regelgeving als uitgangspunt genomen. In de wet is nog steeds een deling van bescherming van soorten en gebieden (Natura2000). Soortenbescherming De Wet natuurbescherming kent een apart beschermingsregime voor soorten van de Vogelrichtlijn, een apart beschermingsregime voor soorten van de Habitatrichtlijn, het Verdrag van Bern en het Verdrag van Bonn en een apart beschermingsregime voor andere soorten, die vanuit nationaal oogpunt beschermd worden. Alle vogels, in totaal ruim 700 soorten, zijn beschermd (Vogelrichtlijn). Sommige soorten genieten een extra bescherming onder het verdrag van Bern of is het nest ervan jaarrond beschermd. Daarnaast worden ongeveer 230 overige Europese en nationale soorten beschermd. - Verbodsbepalingen Elk van deze beschermingsregimes kent zijn eigen verbodsbepalingen en vereisten voor vrijstelling of ontheffing van de verboden.

Bron: Brochure Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen, ministerie EZ, versie 1.3 december 2016).

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 21

De verbodsbepalingen voor vogels en Habitatrichtlijnsoorten in de Wet natuurbescherming sluiten vrijwel één op één aan bij de bepalingen uit de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. De verbodsbepalingen zijn gericht op de bescherming van individuen van soorten. Verstoring van vogels is niet verboden indien de verstoring niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort (artikel 3.1 lid 4 en lid 5). Het is aan de initiatiefnemer om zich ervan te vergewissen – en waar nodig aan te kunnen tonen - dat de op zich verstorende activiteit geen bedreiging vormt voor de vogelsoort en aldus niet leidt tot verslechtering van de staat van instandhouding van de betreffende soort. Het verbod om dieren opzettelijk te doden of te vangen en het verbod om vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen opzettelijk te beschadigen of vernielen, is níet van toepassing op de bosmuis, huisspitsmuis of veldmuis, voor zover deze dieren zich in of op gebouwen of daarbij behorende erven of roerende zaken bevinden (artikel 3.10 lid 3).

- Ontheffing of vrijstelling Om af te mogen wijken van de verbodsbepalingen via een ontheffing of vrijstelling moet aan drie criteria zijn voldaan: → Ten eerste mag alleen van de verbodsbepaling afgeweken worden als er geen andere bevredigende oplossing voor de handeling mogelijk is. → Ten tweede moet tegenover de afwijking van het verbod een in de wet genoemd belang staan. De wet geeft voor de verschillende beschermingsregimes aan wat die belangen zijn. → Ten slot mag de ingreep geen afbreuk doen aan de staat van instandhouding van de soort. De drie criteria op grond waarvan van de verbodsbepalingen afgeweken kan worden, zijn eveneens uit deze twee richtlijnen overgenomen. Dat betekent dat de verbodsbepalingen niet overtreden mogen worden, tenzij men een ontheffing kan krijgen (het zogenoemde ‘nee, tenzij-principe’).

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 22

Als aan deze drie vereisten voldaan is, kan een ontheffing worden verleend. Voor een aantal handelingen zijn bovendien vrijstellingenmogelijk, bijvoorbeeld in de vorm van een provinciale verordening of een gedragscode. Vrijstellingen kunnen in principe gelden voor alle drie de beschermingsregimes. Vrijstellingen van verbodsbepalingen zoals die gelden voor Vogelrichtlijn- of Habitatrichtlijnsoorten, kunnen alleen verleend worden voor in de Europese Vogelrichtlijn of Europese Habitatrichtlijn genoemde belangen. Om soorten vrij te stellen, zal altijd voldaan moeten zijn aan de vereisten van de wet, met name de afweging dat de vrijstelling geen afbreuk mag doen aan het streven de populatie van de betrokken soort in hun natuurlijk verspreidingsgebied in een gunstige staat van instandhouding te laten voortbestaan (voor Habitatrichtlijnsoorten en andere soorten) dan wel dat de vrijstelling niet leidt tot verslechtering van de staat van instandhouding van vogelsoorten.

Belangen voor ontheffingsverlening of vrijstelling onder de Wet natuurbescherming Voor vogels beschermd onder de Vogelrichtlijn kan ontheffing of vrijstelling worden verleend op grond van de volgende belangen: • in het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid; • in het belang van de veiligheid van het luchtverkeer; • ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren; • ter bescherming van flora of fauna; • voor onderzoek of onderwijs, het uitzetten of herinvoeren van soorten, of voor de daarmee samenhangende teelt, • om het vangen, het onder zich hebben of elke andere wijze van verstandig gebruik van bepaalde vogels in kleine hoeveelheden selectief en onder strikt gecontroleerde omstandigheden toe te staan.

Voor soorten beschermd onder de Habitatrichtlijn, het Verdrag van Bern of het Verdrag van Bonn kan ontheffing of vrijstelling worden verleend op grond van de volgende belangen: • in het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna, of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats; • ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom; • in het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten; • voor onderzoek en onderwijs, repopulatie of herintroductie van deze soorten, of voor de daartoe benodigde kweek, met inbegrip van de kunstmatige vermeerdering van planten, of • om het onder strikt gecontroleerde omstandigheden mogelijk te maken op selectieve wijze en binnen bepaalde grenzen een beperkt, bij de ontheffing of vrijstelling vastgesteld aantal van bepaalde dieren van de aangewezen soort te vangen of onder zich te hebben, onderscheidenlijk een beperkt bij de ontheffing of vrijstelling vastgesteld aantal van bepaalde planten van de aangewezen soort te plukken of onder zich te hebben.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 23

Voor andere, 'nationaal' beschermde soorten kan ontheffing of vrijstelling worden verleend op grond van de volgende belangen: • de belangen die gelden voor soorten van de Habitatrichtlijn zoals hierboven genoemd; • in het kader van de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden, daaronder begrepen het daaropvolgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied; • ter voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen; • ter beperking van de omvang van de populatie van dieren, in verband met door deze dieren ter plaatse en in het omringende gebied veelvuldig veroorzaakte schade of in verband met de maximale draagkracht van het gebied waarin de dieren zich bevinden; • ter voorkoming of bestrijding van onnodig lijden van zieke of gebrekkige dieren; • in het kader van bestendig beheer of onderhoud in de landbouw of bosbouw; • in het kader van bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatswerken, oevers, vliegvelden, wegen, spoorwegen of bermen, of in het kader van natuurbeheer; • in het kader van bestendig beheer of onderhoud van de landschappelijke kwaliteiten van een bepaald gebied, • in het algemeen belang van de betreffende soort.

Provinciale staten kunnen vrijstelling van de verbodsbepalingen verlenen. Dit moet worden geregeld in een provinciale verordening. In de verordening of regeling staat aangegeven voor welke verbodsbepalingen, voor welke handelingen en voor welke soorten de vrijstelling geldt. Onder meer op basis van regionale verschillen in de staat van instandhouding van soorten kunnen de vrijgestelde soorten per provincie verschillen.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 24

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 25

(Bron: NatuurInclusief, oktober 2022).

- Gedragscode Voor regulier voorkomende werkzaamheden en ruimtelijke ontwikkeling kan een vrijstelling van de verbodsbepalingen mogelijk zijn als u handelt conform een goedgekeurde gedragscode. Het kan gaan om handelingen in het kader van bestendig beheer of onderhoud, bestendig gebruik en ruimtelijke ontwikkeling of inrichting. Zo is het onder de Wet natuurbescherming mogelijk om via een gedragscode Europees beschermde vogel- en andere dier- en plantensoorten vrij te stellen bij ruimtelijke ontwikkeling en inrichting, míts er sprake is van een bij respectievelijk Vogelrichtlijn of Habitatrichtlijn genoemd belang. In een gedragscode is beschreven hoe zorgvuldig gewerkt wordt opdat schade aan beschermde dieren en planten wordt voorkomen of tot een minimum beperkt. Gedragscodes zijn bedoeld voor organisaties die in hun reguliere taken of activiteiten regelmatig met de wet te maken hebben. Elke sector kan een gedragscode opstellen en laten goedkeuren. Wanneer een gedragscode is goedgekeurd, kan eenieder die aantoonbaar in overeenstemming met de betreffende gedragscode handelt, zonder ontheffing de handelingen verrichten. Er kan gecontroleerd worden of er gehandeld wordt volgens de gedragscode. Dat dient aangetoond te worden; de bewijslast dat er correct wordt gehandeld ligt bij de initiatiefnemer.

Gedragscodes worden goedgekeurd door de Minister van EZ, in overleg met de provincies. De goedkeuring geldt voor een periode van maximaal vijf jaar. - Ecologisch onderzoek laten uitvoeren Voordat de beoogde ingreep kan plaatsvinden dient inzichtelijk gemaakt te zijn dat er door de ingreep geen overtreding zal plaatsvinden van de Wet natuurbescherming. Meestal wordt eerst een zogenaamde quickscan (natuurtoets) flora en fauna uitgevoerd. Uit dit onderzoek dient naar voren te komen of er vervolgstappen genomen dienen te worden. De vervolgstappen kunnen bestaan uit een nader onderzoek, het nemen van mitigerende maatregelen en/ of het aanvragen van een ontheffing. De bepalingen van de Wet natuurbescherming zijn alleen van toepassing als op of rondom de locatie waar de werkzaamheden gaan plaatsvinden beschermde planten en/of dieren

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 26

voorkomen of als zich daar hun nesten, voortplantingsplaatsen of rustplaatsen bevinden. Het plangebied is het gebied waar de daadwerkelijke handeling wordt uitgevoerd. Afhankelijk van de kenmerken van de activiteit kunnen storende factoren ook optreden buiten het plangebied. Denk aan verstoring door geluid, waardoor bijvoorbeeld het verbod om soorten opzettelijk te verstoren wordt overtreden. Hoe groot het onderzoeksgebied is hangt dan ook af van de invloedssfeer van de werkzaamheden. Het onderzoeksgebied is vaak groter dan het plangebied. Andere leefgebieden van een diersoort, zoals foerageergebieden of vaste vliegroutes, worden volgens de uitleg van het Guidance document niet beschermd, tenzij deze samenvallen met de voortplantings- of rustplaatsen. Jurisprudentie maakt echter duidelijk dat in het geval van Habitatrichtlijnsoorten het zodanig verstoren van vaste vliegroutes en/of beschadigen van foerageergebied dat de soort om die reden deze vaste voortplantings- of rustplaatsen (die buiten het plangebied zijn gelegen) zal verlaten, wel onder het verbod van de Habitatrichtlijn valt).

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 27

De redenering hierbij is dat bij een dergelijke verstoring de ecologische functionaliteit van de voortplantings- of rustplaatsen niet meer gegarandeerd is. In deze gevallen is dan ook artikel 3.5 van de Wet natuurbescherming van toepassing. Het ministerie van Economische Zaken heeft een stappenschema opgesteld die door initiatiefnemers doorlopen dient te worden.

Bron: Brochure Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen, ministerie EZ, versie 1.3 december 2016).

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 28

Natura2000 (gebiedsbescherming) Gebieden die bescherming genieten zijn Natura2000-gebieden (Vogelrichtlijn- en Habitatrichtlijngebieden). Handelingen binnen beschermde gebieden die de wezenlijke kenmerken van het gebied aantasten, zijn in principe verboden en worden slechts onder strikte voorwaarden toegestaan. Bij ruimtelijke ingrepen in de nabije omgeving van de beschermde gebieden moet worden bepaald in hoeverre de externe werking van de ingreep een effect heeft op het beschermde gebied. Indien er negatieve effecten te verwachten zijn, bijvoorbeeld door een toename van stikstofdepositie, dient er een vervolgonderzoek plaats te vinden. Mogelijk dient er een vergunning Wnb aangevraagd te worden. Houtopstanden De bescherming van houtopstanden is geregeld in hoofdstuk 4 van de Wet natuurbescherming. Het is verboden houtopstanden geheel of gedeeltelijk te vellen of te doen vellen, zonder voorafgaande melding bij de provincie. Een houtopstand is hierbij gedefinieerd als een eenheid van bomen of struiken met een oppervlakte van ten minste 1.000 vierkante meter of een rijbeplanting die meer dan 20 bomen omvat. De wet schrijft verder voor dat wanneer een houtopstand geheel of gedeeltelijk is geveld, de grond binnen drie jaar moet worden herbeplant. Bovenstaande bescherming geldt niet voor alle houtopstanden.

De regels zijn niet van toepassing op houtopstanden op erven of in tuinen, op fruitbomen, op windschermen om boomgaarden, op naaldbomen bedoeld om te dienen als kerstbomen, op kweekgoed, op bepaalde beplantingen van wilgen of populieren, op bepaalde beplantingen bedoeld voor de productie van houtige biomassa en op houtopstanden binnen de, bij besluit van de gemeenteraad, vastgelegde grenzen van de bebouwde kom. Ook voor het dunnen van een houtopstand gelden de regels niet. De provincie kan regels stellen ten aanzien van de meldingsplicht en de plicht tot herbeplanting. Ook kan de provincie een ontheffing verlenen ten behoeve van herbeplanting op andere grond. Verder kan de provincie ontheffing verlenen en kan de provincie bij verordening vrijstelling verlenen van zowel de meldingsplicht als de plicht tot herbeplanting. Nationaal Natuur Netwerk/ Natuurnetwerk Nederland (NNN) De bescherming van het Nationaal Natuurnetwerk/ Natuurnetwerk Nederland (NNN, de voormalige EHS) komt voort uit de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte. Het netwerk kan in verschillende provincie andere benamingen hebben, zo heet de NNN in provincie Gelderland het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en in Noord-Brabant het Natuurnetwerk Brabant. Dit NNN is een netwerk van gebieden in Nederland waar de natuur voorrang heeft.

Het netwerk helpt voorkomen dat planten en dieren in geïsoleerde gebieden uitsterven en dat natuurgebieden hun waarde verliezen. Het NNN kan worden gezien als de ruggengraat van de Nederlandse natuur. In het NNN liggen: bestaande natuurgebieden (waaronder Natura2000, gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt, landbouwgebieden (beheerd volgens agrarisch natuurbeheer) en ruim 6 miljoen hectare grote wateren: meren, rivieren, de kustzone van de Noordzee en de Waddenzee. In het netwerk geldt voor nieuwe ontwikkelingen het 'nee, tenzij'-principe. Ruimtelijke ingrepen zijn niet toegestaan, tenzij er geen alternatieven zijn. Ook moeten de

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 29

ontwikkelingen een groot openbaar belang hebben. De schadelijke effecten van de activiteit op de natuur moeten bovendien worden gemitigeerd. De kernkwaliteiten en omgevingscondities vormen het toetsingskader. De initiatiefnemer dient onderzoek te doen naar eventuele significant negatieve effecten die een activiteit kan hebben op het NNN. Overige natuurgebieden Buiten de bescherming van de Wet natuurbescherming en het NNN bevinden zich ook natuurgebieden beschermd middels provinciaal beleid, veelal beschreven in Omgevingsplannen of Streekplannen. In dit provinciale beleid is de bescherming van bijvoorbeeld ganzenfoerageergebied en weidevogelgebied uitgewerkt. Rode Lijst Rode Lijst soorten zijn soorten die zijn opgenomen op officiële, door het parlement bekrachtigde en in de Staatscourant gepubliceerde, lijsten van soorten die gevoelig of kwetsbaar zijn of zelfs direct in hun voortbestaan bedreigd worden. De bedreigde dier- en plantensoorten op de Rode Lijsten hebben geen juridische status, tenzij ze ook in de wet zijn opgenomen. De aanwijzing van nationale soorten is mede gebaseerd op de status die de soorten in de rode lijsten hadden ten tijde van het opstellen van de Wnb.

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 30

BIJLAGE 2 LIJSTEN BESCHERMDE SOORTEN

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 31

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 32

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 33

BIJLAGE 3 JAARROND BESCHERMDE NESTEN (CATEGORIE 1-5) Mogelijk dat in de loop der tijd per provincie de lijst met jaarrond beschermde nesten wordt aangepast. Voor een actuele stand van zaken dient altijd de stand van zaken in de desbetreffende provincie bekeken te worden. (Bron: NatuurInclusief, oktober 2022)

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 34

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 35

BIJLAGE 4 BRONNEN

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 36

www.gelderland.nl www.natura2000.nl www.NDFF.nl www.nederlandsesoorten.nl www.ravon.nl www.synbiosys.alterra.nl www.sovon.nl www.vleermuizenindestad.nl www.vogelbescherming.nl www.vogelvisie.nl www.zoogdiervereniging.nl

- Q2023-WE-1028 - Quickscan flora en fauna De Wegwijzer te Dinxperlo -

Pagina | 37

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=889f4bca-4990-4029-8a78-f94350f979e3