Kern Aalten, herziening 2022_Regels.pdf
Tekst van het document
Regels
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
3
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
4
Inhoudsopgave
Regels
3
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
7 7 14
Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Artikel 16 Artikel 17 Artikel 18 Artikel 19 Artikel 20 Artikel 21 Artikel 22
Bestemmingsregels Bedrijf Bedrijventerrein Centrum - Aanloopgebied Centrum - Kernwinkelgebied Cultuur en Ontspanning Dienstverlening Gemengd Groen Recreatie - Verblijfsrecreatie Tuin Verkeer Verkeer - Verblijfsgebied Wonen Wonen - Gestapeld Waarde - Archeologie beschermd dorpsgezicht Waarde - Archeologie dorpskern 1850 Waarde - Archeologie hoog Waarde - Archeologie laag Waarde - Boom Waarde - Karakteristiek gebouw
15 15 16 20 22 24 26 28 30 31 33 35 36 37 40 42 45 48 51 54 55
Hoofdstuk 3
Algemene regels
57
Artikel 23 Artikel 24 Artikel 25 Artikel 26 Artikel 27 Artikel 28
Anti-dubbeltelbepaling Parkeren Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene aanduidingsregels Algemene afwijkingsregels
57 58 60 62 63 65
Hoofdstuk 4 Artikel 29 Artikel 30
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel
67 67 68
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
5
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
6
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels Begrippen
1.1 plan het bestemmingsplan 'Kern Aalten, herziening 2022' van de gemeente Aalten. 1.2 bestemmingsplan de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML bestand NL.IMRO.0197.BP00101-ON01 met de bijbehorende regels en bijlagen. 1.3 aanduiding een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.4 aanduidingsgrens de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5 aan-huis-gebonden-beroep het door de gebruik((st)er van de woning uitoefenen van een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op zakelijk (niet zijnde detailhandel), maatschappelijk, juridisch, administratief, persoonlijk, medisch, therapeutisch, kunstzinnig dan wel ontwerptechnisch gebied, dat door zijn beperkte omvang in een woning met daarbij behorende gebouwen, met behoud van de woonfunctie, kan worden uitgeoefend. 1.6 aan-huis-gebonden-bedrijf het door de gebruik(st)er van de woning beroepsmatig verlenen van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid waarvan de omvang in een woning met bijbehorende gebouwen past en de woonfunctie behouden blijft.
1.7 aanvullend assortiment detailhandel in de vorm van verkoop van artikelen in de volgende assortimentsgroepen: welness (sauna, zwembad, etc.), tuingerelateerd speelgoed, wonen (kleinmeubelen, etc.), tuinartikelen (tuinmeubelen, etc.) 1.8 ambachtelijk bedrijf een bedrijf, gericht op het uitoefenen van een ambacht, zijnde het geheel of overwegend door middel van handwerk vervaardigen, bewerken of herstellen van goederen en het installeren van goederen. 1.9 archeologisch deskundige de regionaal (beleids)archeoloog of een andere door het college van Burgemeester en wethouders aan te wijzen deskundige op het gebied van de archeologische monumentenzorg. 1.10 archeologisch onderzoek onderzoek (bureauonderzoek en/of boren en/of geofysisch onderzoek en/of graven en/of begeleiden) verricht door een dienst, bedrijf of instelling erkend door het College voor de Archeologische Kwaliteit (CvAK/SIKB), beschikkend over een opgravingsvergunning ex artikel 39 MW en werkend volgens de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
7
1.11 archeologische waarden de aan gebieden toegekende waarden in verband met de kennis en studie van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteiten uit het verleden. 1.12 bebouwing één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.13 bebouwingspercentage een in de regels aangegeven percentage, dat de grootte van het deel van het bouwperceel, bouwvlak of aanduidingsvlak aangeeft dat maximaal mag worden bebouwd. 1.14 bed & breakfast het aanbieden van recreatief nachtverblijf in de vorm van logies met ontbijt gericht op kortdurend verblijf. 1.15 bedrijfswoning een woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting daar gelet op de bestemming van het gebouw of het terrein noodzakelijk is. 1.16 Besluit externe veiligheid inrichtingen besluit van 27 mei 2004, Stb. 250, houdende milieukwaliteitseisen voor externe veiligheid van inrichtingen milieubeheer; 1.17 bestaand a. bij bouwwerken: bouwwerken die op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van dit plan bestonden of in uitvoering waren, dan wel gebouwd zijn of gebouwd kunnen worden overeenkomstig de Woningwet of Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, of krachtens deze wetten gegeven voorschriften; b.
bij gebruik: gebruik dat op het tijdstip van het van kracht worden van het bestemmingsplan, voor zover betrekking hebbend op het desbetreffende gebruik, bestond. 1.18 bevoegd gezag bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ten aanzien van een al verleende omgevingsvergunning. 1.19 bijbehorend bouwwerk uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd op de grond staand gebouw of ander bouwwerk, met een dak. 1.20 bouwen het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.21 bouwgrens de grens van een bouwvlak.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
8
1.22 bouwlaag een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van kelder en zolder. 1.23 bouwperceel een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.24 bouwperceelgrens een grens van een bouwperceel. 1.25 bouwvlak een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.26 bouwwerk elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.27 bouwwijze de wijze van bouwen van een hoofdgebouw, waarbij: a. onder aaneengebouwd wordt verstaan een woning, die deel uitmaakt van een blok van meer dan twee woningen en/of andere functies, waarvan het hoofdgebouw aan het op het aangrenzende bouwperceel gelegen hoofdgebouw is gebouwd; b. onder twee-aaneen wordt verstaan een woning, waarvan het hoofdgebouw deel uitmaakt van een blok van maximaal twee direct aaneengebouwde hoofdgebouwen (twee-onder-één-kap); c.
onder vrijstaand wordt verstaan een woning, waarvan het hoofdgebouw niet aan een op een aangrenzend bouwperceel gelegen gebouw is aangebouwd; d. onder gestapeld worden appartementen binnen één gebouw verstaan. 1.28 coffeeshop horecagelegenheid waar handel in en gebruik van softdrugs plaatsvindt. 1.29 cultuur en ontspanning een atelier, bioscoop, creativiteitscentrum, dansschool, museum, muziekschool, muziektheater of theater. 1.30 cultuurhistorische waarde de aan een bouwwerk en/of gebied toegekende waarde, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis van dat bouwwerk of gebied heeft gemaakt. 1.31 dak iedere bovenbeëindiging van een gebouw. 1.32 daknok hoogste punt van een schuin dak.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
9
1.33 dakvoet laagste punt van een schuin dak. 1.34 detailhandel het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 1.35 dienstverlening het bedrijfsmatig verlenen van economische en maatschappelijke diensten aan derden. 1.36 discotheek, bar-dancing, nachtclub een bedrijf dat in hoofdzaak bestaat uit het gelegenheid bieden voor dansen al dan niet in combinatie van het verstrekken van dranken voor gebruik ter plaatse. 1.37 dove gevel een gevel conform het bepaalde in artikel 1b lid 5 van de Wet geluidhinder. 1.38 escortbedrijf een natuurlijke persoon, groep van personen of rechtspersoon die bedrijfsmatig, of in omvang alsof zij bedrijfsmatig was, prostitutie aanbiedt die op een andere plaats dan in de bedrijfsruimte wordt uitgeoefend. 1.39 evenementen een tijdelijke activiteit in de open lucht -al dan niet in tijdelijke tenten en/of paviljoens en/of daarmee vergelijkbare onderkomens-, gericht op het bereiken van een algemeen of besloten publiek ten behoeve van informerende, educatieve, vermaak, culturele, sport en/of levensbeschouwelijke doeleinden.
1.40 gebouw elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.41 geluidsgevoelige gebouwen en terreinen gebouwen welke gebruikt worden voor bewoning of daartoe bestemd zijn danwel andere geluidsgevoelige gebouwen en terreinen als bedoeld in de Wet geluidhinder en het Besluit geluidhinder. 1.42 glastuinbouw niet-grondgebonden agrarische bedrijfsvoering in de vorm van het telen van gewassen, waarbij de productie (nagenoeg) volledig plaatsvindt in kassen. 1.43 grondgebonden agrarisch bedrijf een agrarisch bedrijf waarbij de bedrijfsvoering geheel of nagenoeg geheel afhankelijk is van de grond als agrarisch productiemiddel. 1.44 hoofdgebouw gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
10
1.45 horecabedrijf een bedrijf, gericht op het verstrekken van ter plaatse te nuttigen voedsel en dranken en/of het exploiteren van zaalaccommodatie en/of het bieden van nachtverblijf. 1.46 horecacategorie horecabedrijven zijn in drie categorieën te onderscheiden: 1. horecacategorie 1: vormen van horeca-activiteiten die qua exploitatievorm aansluiten bij winkelvoorzieningen en waar naast kleinere etenswaren in hoofdzaak alcoholvrije dranken wordt verstrekt en waarvan de exploitatie onder omstandigheden een aantasting van het woon- en leefklimaat met zich mee kan brengen, zoals: broodjeszaken, cafetaria's, ijssalons, eethuisjes, lunchrooms, automatiek, afhaalhoreca. 2. horecacategorie 2: vormen van horeca-activiteiten waar in hoofdzaak maaltijden wordt verstrekt en waarvan de exploitatie doorgaans geen aantasting van het woon- en leefklimaat veroorzaakt, zoals: café, bars, restaurants, hotels, pensions, bodega's; 3. horecacategorie 3: vormen van horeca-activiteiten met zaalaccommodatie; 4. horecacategorie 4: vormen van horeca-activiteiten waarbij in hoofdzaak alcoholische drank wordt verstrekt en waarvan de exploitatie een aantasting van het woon- en leefklimaat kan veroorzaken en een grote druk op de openbare orde met zich meebrengt, zoals: dancings, discotheken en nachtclubs. 1.47 hotel, pension een bedrijf dat in hoofdzaak bestaat uit het verstrekken van nachtverblijf.
1.48 kantoor een verblijfsruimte die door haar aard, indeling en inrichting kennelijk is bedoeld voor het verrichten van werkzaamheden van hoofdzakelijk administratieve aard zonder baliefunctie. 1.49 kantoor- en praktijkruimte een ruimte waarvan de aard en indeling zijn afgestemd op de uitoefening van administratieve, medische, paramedische, sociaal-wetenschappelijke en andere hiermede vergelijkbare beroepen. 1.50 kelder een gedeelte van een gebouw, dat wordt afgedekt door een vloer waarvan de bovenkant minder dan 1,0 m boven peil is gelegen. 1.51 landschapswaarden de aan een gebied toegekende waarde in visueel-ruimtelijk en/of cultuurhistorisch en/of ecologisch en/of geomorfologisch opzicht. 1.52 maatschappelijke voorzieningen educatieve, sociaal-medische, sociaal-culturele, gezondheids-, levensbeschouwelijke, sport- en recreatieve voorzieningen en voorzieningen ten behoeve van openbare dienstverlening. 1.53 manege een bedrijf dat op eigen terrein binnen of buiten een gebouw gelegenheid geeft tot het beoefenen van de paardensport.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
11
1.54 netto-verkoopvloeroppervlak de voor publiek toegankelijke ruimte voor de detailhandel, waarin in de dagelijkse goederen voor verkoop zijn uitgestald; entreepartijen worden daarbij niet meegerekend. 1.55 niet-zelfstandig kantoor een onderdeel van een bedrijf, dat andere bedrijfsactiviteiten als inkomstenbron heeft en waarvoor het kantoor uitsluitend een ondersteunende functie heeft. 1.56 omgevingsvergunning vergunning voor activiteiten als bedoeld in artikel 2.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. 1.57 ondersteunende horeca een horecavoorziening binnen een bestemming waarvan de functie een andere dan horeca is maar waar men ten behoeve van de hoofdfunctie een ruimte specifiek heeft ingericht voor de consumptie van drank en etenswaren. 1.58 open erf het deel van een bouwperceel, waarvoor geen bouwvlak is aangegeven, alsmede gronden binnen een bouwvlak die onbebouwd blijven. 1.59 overkapping een voor mensen toegankelijke, overdekte en met maximaal 2 wanden omsloten ruimte. 1.60 peil het aansluitend afgewerkte terrein, waarbij plaatselijke, niet bij het verdere verloop van het terrein passende, ophogingen of verdiepingen aan de voet van het bouwwerk, anders dan noodzakelijk voor de bouw daarvan, buiten beschouwing blijven. 1.61 perceelsgrens de scheiding tussen bouwpercelen, die niet aan éénzelfde eigenaar behoren dan wel niet door éénzelfde gebruiker worden benut.
1.62 prostitutie het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. 1.63 regulier assortiment detailhandel in de vorm van verkoop van artikelen in de volgende assortimentsgroepen: tuinplanten en bomen, kamerplanten, bloemen en planten, bloembollen en zaden, dieren, decoratie binnenhuis (sfeer & interieur), decoratie buitenhuis, gereedschap, materiaal t.b.v. groot en klein onderhoud, dierbenodigdheden, seizoensartikelen, alsmede aan deze artikelen aanverwante zaken en gelijk te stellen artikelen. 1.64 seksinrichting een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden en waaronder in elk geval wordt verstaan een prostitutiebedrijf, alsmede een erotische massagesalon, een seksbioscoop, een seksautomatenhal, een sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
12
1.65 sekswinkel een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin hoofdzakelijk goederen van erotisch-pornografische aard aan particulieren plegen te worden verkocht. 1.66 slopen geheel of gedeeltelijk afbreken. 1.67 smartshop een ruimte waarin detailhandel plaatsvindt in psychotrope stoffen. 1.68 volumineuze detailhandel detailhandel die vanwege de omvang van de te koop aangeboden goederen een groot oppervlak nodig heeft voor de uitstalling ervan, zoals de verkoop van auto's, boten, caravans, landbouwmachines en - werktuigen, grove bouwmaterialen, keukens en sanitair, alsmede de verkoop van bouw- en doe-het-zelf producten, meubels, artikelen ten behoeve van de woninginrichting en daarmee samenhangende artikelen en een tuincentrum. 1.69 voorgevel de naar de weg toegekeerde gevel van een gebouw, indien een gebouw met meerdere gevels naar de weg is toegekeerd wordt de naar architectuur, indeling en/of uitstraling meest gezichtsbepalende gevel van een hoofdgebouw aangemerkt als voorgevel. 1.70 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Wet van 6 november 2008 (Stb.
496), houdende regels inzake een vergunningstelsel met betrekking tot activiteiten die van invloed zijn op de fysieke leefomgeving en inzake handhaving van regelingen op het gebied van de fysieke leefomgeving (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht), zoals deze luidt op het moment van de terinzagelegging van het ontwerp van dit plan. 1.71 woning een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden. 1.72 woonwagen een voor bewoning bestemd gebouw dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst, en op een daartoe bestemd perceel is geplaatst. 1.73 zaalaccommodatie het beschikbaar stellen van accommodatie ten behoeve van congres, studie, vergadering, feesten, partijen e.d. waarbij het verstrekken van dranken en/of etenswaren daaraan ondergeschikt is. 1.74 zijerf erf grenzend aan de naar de openbaar toegankelijk gebied gekeerde zijkant van de woning en dat ligt buiten het bouwvlak.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
13
Artikel 2
Wijze van meten
2.1 Meetwijze Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1.1 de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens tussen de zijdelingse grenzen van een bouwperceel en een bepaald punt van het op dat bouwperceel voorkomend (hoofd)gebouw, waar die afstand het kortst is. 2.1.2 de dakhelling langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; 2.1.3 de goothoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.1.4 de inhoud van een bouwwerk tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.1.5 de bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.1.6 de oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
14
Hoofdstuk 2 Artikel 3
Bestemmingsregels Bedrijf
3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor sportcentrum, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'sportcentrum', met bijbehorende voorzieningen, zoals ontsluitingswegen, erven, terreinen, beplanting, parkeervoorzieningen, voorzieningen voor de waterhuishouding, en met inachtneming van het bepaalde in 3.4. 3.2
Bouwregels
3.2.1 Toegestane bebouwing Op de in lid 3.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. bedrijfsgebouwen; b. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 3.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; b. een goede woonsituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de sociale veiligheid; e. de brandveiligheid; en f. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 3.4
Specifieke gebruiksregels
3.4.1 Nadere detaillering gebruik: sportcentrum-1 Tot een gebruik strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 3.1 wordt in ieder geval begrepen een gebruik van gronden en bouwwerken voor sportcentrum voor zover het bedrijfsmatige activiteiten met (wezenlijke) geluidsproductie (sport- en fitnessactiviteiten) betreft.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
15
Artikel 4
Bedrijventerrein
4.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijventerrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijven, met inachtneming van het volgende: 1. ter plaatse van de aanduiding 'bedrijf tot en met categorie 3.2' zijn uitsluitend bedrijven uit categorie 1, 2, 3.1 en 3.2 van de als bijlage 1 opgenomen 'Staat van Bedrijfsactiviteiten' toegestaan; 2. ter plaatse van de aanduiding 'bedrijf tot en met categorie 4.1' zijn uitsluitend bedrijven uit categorie 1, 2, 3.1, 3.2 en 4.1 van de als bijlage 1 'opgenomen Staat van Bedrijfsactiviteiten' toegestaan; met dien verstande dat in aanvulling op het voorgaande ter plaatse van de onderstaande aanduidingen naast de op grond van sub 1 t/m 2 toegestane bedrijven eveneens de volgende bedrijven zijn toegestaan: b. kantoren; c. detailhandel; met bijbehorende voorzieningen, zoals ontsluitingswegen, erven, terreinen, beplanting, parkeer- en nutsvoorzieningen, voorzieningen voor de waterhuishouding, en met inachtneming van het bepaalde in 4.4. 4.2
Bouwregels
4.2.1 Toegestane bebouwing Op de in lid 4.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. bedrijfsgebouwen, zoals verkoopruimten, showrooms, werkplaatsen, opslagplaatsen en bergingen; b. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 4.2.2 Bedrijfsgebouwen Voor het bouwen van de in lid 4.2.1 sub a genoemde bedrijfsgebouwen gelden de volgende bepalingen: a. de bedrijfsgebouwen mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. de goothoogte en/ of bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' of 'maximale bouwhoogte (m)' is aangegeven; c. voor zover een aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)' is opgenomen, mag het bebouwingspercentage van het bouwperceel niet meer bedragen dan ter plaatse van die aanduiding is aangegeven; d. de afstand van bedrijfsgebouwen tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder dan 5 m bedragen; e. overschrijding van de op grond van sub b maximaal toegestane bouwhoogte is toegestaan voor bedrijfsinstallaties, voorzover de overschrijding van de maximale bouwhoogte niet meer bedraagt dan 2 m. 4.2.3 Bouwwerk en, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van de in lid 4.2.1 sub d genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag buiten het bouwvlak niet meer bedragen dan 2 m; b.
de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag binnen het bouwvlak niet meer bedragen dan 4 m; Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
16
c. de hoogte van vlaggenmasten en reclame-uitingen en/of -masten mag niet meer dan 10 m bedragen; d. de hoogte van lichtmasten mag niet meer dan 15 m bedragen; e. de hoogte van silo's ter plaatse van de aanduiding 'silo' mag niet meer dan 25 m bedragen; f. de hoogte van de antennemast ter plaatse van de aanduiding 'zend-/ontvangstinstallatie' mag niet meer dan 40 m bedragen; g. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 4 m bedragen. 4.3
Afwijken van de bouwregels
4.3.1 Omgevingsvergunning afstand tot de zijdelingse perceelsgrens Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het gestelde in 4.2.2 sub d teneinde bouwen tot in de zijdelingse perceelsgrens toe te staan, mits voldaan wordt aan het volgende: a. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van belangen van derden; b. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van de stedenbouwkundige kwaliteit van de omgeving; c. de bereikbaarheid in het geval van calamiteiten dient te zijn gewaarborgd; d. de omgevingsvergunning mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van de waterhuishoudkundige situatie ter plaatse; e. de verkeers- en parkeerdruk voor de omgeving mag niet onevenredig toenemen. 4.3.2 Omgevingsvergunning bebouwingspercentage Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het gestelde in 4.2.2 sub c teneinde het maximaal toegestane bebouwingspercentage te verhogen tot maximaal 90, mits voldaan wordt aan het volgende: a. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van belangen van derden; b. de bereikbaarheid in het geval van calamiteiten dient te zijn gewaarborgd; c. de omgevingsvergunning mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van de waterhuishoudkundige situatie ter plaatse; d. de verkeers- en parkeerdruk voor de omgeving mag niet onevenredig toenemen.
4.3.3 Omgevingsvergunning bouwhoogte bedrijfsinstallaties Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het gestelde in 4.2.2 sub b teneinde de bouwhoogte van een gebouw met maximaal 5 m te kunnen verhogen voor bedrijfsinstallaties, mits voldaan wordt aan het volgende: a. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van belangen van derden; b. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van de stedenbouwkundige kwaliteit van de omgeving. 4.3.4 Omgevingsvergunning bouwhoogte silo's Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het gestelde in 4.2.3 sub e teneinde ter plaatse van de aanduiding 'silo' silo's toe te staan met een bouwhoogte van maximaal 34 m, mits voldaan wordt aan het volgende: a. de hogere bouwhoogte dient noodzakelijk te zijn vanuit bedrijfstechnische redenen; b. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van belangen van derden; c. er vindt geen onevenredige aantasting plaats van de stedenbouwkundige kwaliteit van de omgeving.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
17
4.4
Specifieke gebruiksregels
4.4.1 Nadere detaillering verboden gebruik: detailhandel Tot een gebruik strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 4.1 wordt in ieder geval begrepen een gebruik van gronden en bouwwerken voor (detail)handel, met uitzondering van: a. detailhandel, als ondergeschikte nevenactiviteit van nijverheid en industrie, in ter plaatse vervaardigde goederen, niet zijnde detailhandel in textiel, schoeisel en lederwaren, voedings- en genotmiddelen en huishoudelijke artikelen; b. volumineuze detailhandel. 4.4.2 Nadere detaillering gebruik: kantoren Tot een gebruik strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 4.1 wordt in ieder geval begrepen een gebruik van gronden en bouwwerken voor kantoren, met uitzondering van: a. niet-zelfstandige kantoren; b. zelfstandige kantoren, met dien verstande dat zelfstandige kantoren uitsluitend zijn toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'kantoor' en ter plaatse van de aanduiding 'bedrijf tot en met categorie 2'.
4.4.3 Nadere detaillering verboden gebruik: geluidzoneringsplichtige inrichtingen Tot een gebruik strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 4.1, worden in ieder geval begrepen: geluidzoneringsplichtige inrichtingen, zijnde inrichtingen waarbij in een bestemmingsplan, op basis van de Wet geluidhinder en krachtens deze wet vastgestelde voorschriften, rondom het terrein van vestiging een geluidzone moet worden vastgesteld, ter plaatse van de aanduidingen 'bedrijf tot en met categorie 2' en 'bedrijf tot en met categorie 3.1'. 4.4.4 Nadere detaillering verboden gebruik: bevi-inrichtingen Tot een gebruik strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 4.1, worden in ieder geval begrepen: Bevi-inrichtingen, zijnde inrichtingen die vallen binnen het Besluit externe veiligheid inrichtingen, ter plaatse van de aanduidingen 'bedrijf tot en met categorie 2' en 'bedrijf tot en met categorie 3.1'. 4.4.5 Nadere detaillering verboden gebruik: opslag in open lucht Tot een gebruik strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 4.1, wordt in ieder geval begrepen: a. een gebruik van de gronden, gelegen vóór de voorgevel van het bedrijfsgebouw en/of buiten het bouwvlak, voor opslag van materialen en goederen in de open lucht met een grotere hoogte dan 2 m; b. een gebruik van de gronden als opslagplaats van goederen en materialen met een grotere hoogte dan 5 m. 4.5
Afwijken van de gebruiksregels
4.5.1 Omgevingsvergunning toestaan vergelijkbare bedrijven Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het gestelde in 4.1 voor het toestaan van bedrijven die niet zijn opgenomen in de als bijlage toegevoegde Staat van bedrijfsactiviteiten en deze bedrijven naar aard en milieubelasting en ruimtelijke impact (verkeersaantrekkende werking, ruimtebeslag, aantal arbeidsplaatsen e.d.) vergelijkbaar zijn met de toegestane bedrijven, met inachtneming van de volgende bepalingen:
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
18
a. een onevenredige toename van de aantasting van het woon- en leefklimaat is niet toegestaan; b. er vindt geen onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken plaats.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
19
Artikel 5
Centrum - Aanloopgebied
5.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Centrum - Aanloopgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. ambachtelijke bedrijven, met inachtneming van het volgende; 1. uitsluitend ambachtelijke bedrijven uit categorie 1 of 2 van de bij deze regels gevoegde Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn toegestaan, alsmede de bedrijven die ten tijde van de terinzagelegging van het ontwerpplan aanwezig zijn; b. dienstverlening; c. kantoor; d. maatschappelijke voorzieningen; e. hotel- en pensionaccommodaties, alsmede bed & breakfast; f. ondergeschikte detailhandel, met dien verstande dat; 1. in afwijking van het voorgaande ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - fietsenwinkel' ook een fietsenwinkel is toegestaan; g. ondersteunende horeca; met de bijbehorende voorzieningen zoals tuinen, erven, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen, paden e.d. 5.2
Bouwregels
5.2.1 Toegestane bebouwing Op de in lid 5.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend de volgende bouwwerken worden gebouwd: a. bedrijfsgebouwen, zoals verkoopruimten, showrooms, werkplaatsen, opslagplaatsen en bergingen; b. bij de woning behorende bijbehorende bouwwerken; c. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 5.2.2 Bebouwing Voor het bouwen van de in lid 5.2.1 sub a, b en c genoemde gebouwen gelden de volgende bepalingen: a. gebouwen mogen uitsluitend worden gebouwd ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak' en de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - achtererf'; b. het bebouwingspercentage ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding achtererf' mag, tenzij anders aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)', per bouwperceel niet meer bedragen dan 70. c. de goot- en bouwhoogte van gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - achtererf' mag niet meer bedragen dan respectievelijk 4 m en 5 m; 5.2.3 Bouwwerk en, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van de in lid 5.2.1 sub d genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevels dan wel het verlengde daarvan mag niet meer dan 1 m bedragen; b.
de hoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevels dan wel het verlengde daarvan mag niet meer dan 2 m bedragen, mits deze op minimaal 1 m achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan worden gebouwd; c. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 3 m bedragen.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
20
5.3
Afwijken van de bouwregels
5.3.1 Overschrijding bouwgrens Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van: a. het bepaalde in lid 5.2.2 voor het overschrijden van de bouwgrenzen door een hoofdgebouw tot maximaal 3 m, waarbij de goot- en bouwhoogte niet meer mag bedragen dan de in het bouwvlak opgenomen 'maximale goot- en bouwhoogte'; mits geen onevenredige inbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden. 5.4
Specifieke gebruiksregels
5.4.1 Nadere detaillering verboden gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 5.1 wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding achtererf' voor een zelfstandige centrumfunctie; b. een supermarkt; c. een asielzoekerscentrum, crematorium, opvang van dieren, justitiële inrichting of militaire zaken. 5.5
Wijzigingsbevoegdheid
5.5.1 Verwijderen aanduiding 'detailhandel' Burgemeester en wethouders kunnen het plan, met inachtneming van het bepaalde in artikel 3.6 lid 1 sub a van de Wet ruimtelijke ordening, wijzigen ten behoeve van het verwijderen van de aanduiding 'detailhandel', indien de detailhandel ter plaatse is beëindigd.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
21
Artikel 6
Centrum - Kernwinkelgebied
6.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Centrum - Kernwinkelgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. ambachtelijke bedrijven, met inachtneming van het volgende; 1. uitsluitend ambachtelijke bedrijven uit categorie 1 of 2 van de bij deze regels gevoegde Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn toegestaan, alsmede de bedrijven die ten tijde van de terinzagelegging van het ontwerpplan aanwezig zijn; b. cultuur en ontspanning; c. detailhandel; d. dienstverlening; e. hotel- en pensionaccommodaties, alsmede bed & breakfast; f. horeca, met inachtneming van het volgende; 1. binnen deze bestemming zijn uitsluitend horecabedrijven uit horecacategorie 1 en 2 toegestaan; 2. in afwijking van het bepaalde in sub 1 is ter plaatse van de aanduiding 'horeca tot en met horecacategorie 3' ook een horecabedrijf uit horecacategorie 3 toegestaan; g. kantoor; h. maatschappelijke voorzieningen; één en ander met de bijbehorende voorzieningen zoals tuinen, erven, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen, paden e.d. 6.2
Bouwregels
6.2.1 Toegestane bebouwing Op de in lid 6.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend de volgende bouwwerken worden gebouwd: a. bedrijfsgebouwen, zoals verkoopruimten, showrooms, werkplaatsen, opslagplaatsen en bergingen; b. bij de woning behorende bijbehorende bouwwerken; c. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 6.2.2 Bebouwing Voor het bouwen van de in lid 6.2.1 sub a, b en c genoemde gebouwen gelden de volgende bepalingen: a. gebouwen mogen uitsluitend worden gebouwd ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak' en de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - achtererf'; b. het bebouwingspercentage ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak' mag, tenzij anders aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)', 100 bedragen; c. het bebouwingspercentage ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding achtererf' mag, tenzij anders aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)', per bouwperceel niet meer bedragen dan 70; d. de goothoogte en/ of bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' of 'maximale bouwhoogte (m)' is aangegeven; e. ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' geldt dat de goot- en bouwhoogte niet minder, danwel meer, mogen bedragen dan aangegeven; f.
de goot- en bouwhoogte van gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - achtererf' mag niet meer bedragen dan respectievelijk 4 m en 5 m; g. de gevelbreedte van het hoofdgebouw mag aan de wegzijde niet meer bedragen dan 14
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
22
m. 6.2.3 Bouwwerk en, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van de in lid 6.2.1 sub c genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevels dan wel het verlengde daarvan mag niet meer dan 1 m bedragen; b. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevels dan wel het verlengde daarvan mag niet meer dan 2 m bedragen, mits deze op minimaal 1 m achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan worden gebouwd; c. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 3 m bedragen. 6.3
Afwijken van de bouwregels
6.3.1 Overschrijding bouwgrens Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van: a. het bepaalde in lid 6.2.2 voor het overschrijden van de bouwgrenzen door een hoofdgebouw tot maximaal 3 m, waarbij de goot- en bouwhoogte niet meer mag bedragen dan de in het bouwvlak opgenomen 'maximale goot- en bouwhoogte'; mits geen onevenredige inbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden. 6.4
Specifieke gebruiksregels
6.4.1 Nadere detaillering verboden gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 6.1 wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding achtererf' voor een zelfstandige centrumfunctie b. een asielzoekerscentrum, crematorium, opvang van dieren, justitiële inrichting of militaire zaken.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
23
Artikel 7
Cultuur en Ontspanning
7.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Cultuur en Ontspanning' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. een dansstudio; b. bedrijfswoning, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning', waarbinnen het bestaande aantal woningen niet mag worden vermeerderd; met bijbehorende voorzieningen. 7.2
Bouwregels
7.2.1 Toegestane bebouwing Op de in lid 7.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend de volgende bouwwerken worden gebouwd: a. gebouwen ten dienste van de in de bestemmingsomschrijving genoemde functies; b. bestaande bedrijfswoning; c. bij de bedrijfswoning behorende bijbehorende bouwwerken; d. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 7.2.2 Gebouwen Voor het bouwen van het in lid 7.2.1 sub a genoemde gebouw gelden de volgende regels: a. gebouwen mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. de goothoogte en/of bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' of 'maximale bouwhoogte (m)' is aangegeven. 7.2.3 Bedrijfswoning Voor het bouwen van de in lid 7.2.1 sub b genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. de bedrijfswoning mag uitsluitend binnen een bouwvlak en uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning' worden gebouwd; b. de goothoogte en/of bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' of 'maximale bouwhoogte (m)' is aangegeven; c. de inhoud van de bedrijfswoning mag ten hoogste 750 m3 bedragen. 7.2.4 Bouwwerk en, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van de in lid 7.2.1 sub c genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a.
de hoogte van erf- of terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 m; b. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 3 m. 7.3
Specifieke gebruiksregels
7.3.1 Nadere detaillering verboden gebruik: opslag in open lucht Tot een gebruik strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 7.1, wordt in ieder geval begrepen: a. een gebruik van de gronden voor opslag van materialen en goederen in de open lucht.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
24
7.3.2 Nadere detaillering verboden gebruik: horeca Tot een gebruik strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 7.1, wordt in ieder geval begrepen: a. horeca, met uitzondering van ondersteunende horeca.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
25
Artikel 8
Dienstverlening
8.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Dienstverlening' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. dienstverlening; b. Kantoren met bijbehorende voorzieningen, zoals erven, terreinen, beplanting, parkeervoorzieningen en voorzieningen voor de waterhuishouding. 8.2
Bouwregels
8.2.1 Toegestane bebouwing Op de in lid 8.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend de volgende bouwwerken worden gebouwd: a. bedrijfsgebouwen; b. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 8.2.2 Bebouwing Voor het bouwen van de in lid 8.2.1 sub a, genoemde gebouwen gelden de volgende bepalingen: a. gebouwen mogen uitsluitend worden gebouwd ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak' en de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - achtererf'; b. het bebouwingspercentage ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak' mag, tenzij anders aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)', 100 bedragen. c. het bebouwingspercentage ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding achtererf' mag, tenzij anders aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)', per bouwperceel niet meer bedragen dan 70; d. de goothoogte en/ of bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' of 'maximale bouwhoogte (m)' is aangegeven; e. de goot- en bouwhoogte van gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - achtererf' mag niet meer bedragen dan 3 m. 8.2.3 Bouwwerk en, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van de in lid 8.2.1 sub d genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevels c.q.
het verlengde daarvan mag niet meer dan 1 m bedragen; b. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevels c.q. het verlengde daarvan mag niet meer dan 2 m bedragen mits deze op minimaal 1 m achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan worden gebouwd; c. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 3 m bedragen; d. in afwijking van het bepaalde onder c mag de hoogte van licht- en vlaggenmasten niet meer dan 10 m bedragen. 8.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van:
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
26
a. b. c. d. e.
een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; een goede woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
27
Artikel 9
Gemengd
9.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Gemengd' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijven, met dien verstande dat uitsluitend bedrijven uit categorie 1 of 2 van de als bijlage opgenomen Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn toegestaan; b. dienstverlening; c. horeca is uitsluitend op de begane grond toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'horeca tot en met categorie 1'; d. kantoren; e. maatschappelijke voorzieningen; met bijbehorende voorzieningen, zoals erven, terreinen, beplanting, parkeervoorzieningen en voorzieningen voor de waterhuishouding. 9.2
Bouwregels
9.2.1 Toegestane bebouwing Op de in lid 9.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend de volgende bouwwerken worden gebouwd: a. bedrijfsgebouwen b. bij de woning behorende bijbehorende bouwwerken; c. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 9.2.2 Bebouwing Voor het bouwen van de in lid 9.2.1 sub a genoemde gebouwen gelden de volgende bepalingen: a. bedrijfsgebouwen mogen uitsluitend worden gebouwd ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak' en de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - achtererf'; b. het bebouwingspercentage ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak' mag, tenzij anders aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)', 100 bedragen. c. het bebouwingspercentage ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding achtererf' mag, tenzij anders aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)', per bouwperceel niet meer bedragen dan 70; d. de goothoogte en/ of bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' of 'maximale bouwhoogte (m)' is aangegeven; e. de goot- en bouwhoogte van gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - achtererf' mag niet meer bedragen dan respectievelijk 3 m en 5 m.
9.2.3 Bijbehorende bouwwerken bij woningen Voor het bouwen van de in lid 9.2.1 sub c genoemde bijbehorende bouwwerken gelden, aanvullend op het bepaalde in 9.2.2, de volgende bepalingen: a. bijbehorende bouwwerken bij een woning zijn uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak' en 'specifieke bouwaanduiding - achtererf', met dien verstande dat de bijbehorende bouwwerken uitsluitend zijn toegestaan op minimaal 1 m achter (het verlengde van) de voorgevel van de woning; b. de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan 100 m² bedragen; c. de goothoogte van aan de bedrijfswoning gebouwde bijbehorende bouwwerken mag niet meer dan de hoogte van de vloer van de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw plus
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
28
0,30 m bedragen; d. de bouwhoogte van aan de bedrijfswoning gebouwde bijbehorende bouwwerken mag maximaal 6 m bedragen; e. de goothoogte van vrijstaande bijbehorende bouwwerken mag maximaal 3 m bedragen; f. de bouwhoogte van vrijstaande bijbehorende bouwwerken mag maximaal 5 m bedragen. 9.2.4 Bouwwerk en, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van de in lid 9.2.1 sub d genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevels c.q. het verlengde daarvan mag niet meer dan 1 m bedragen; b. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de naar de weg gekeerde gevels c.q. het verlengde daarvan mag niet meer dan 2 m bedragen mits deze op minimaal 1 m achter de naar de weg gekeerde gevel(s) van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan worden gebouwd; c. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 3 m bedragen; d. in afwijking van het bepaalde onder c mag de hoogte van speelvoorzieningen niet meer dan 4 m bedragen en mag de hoogte van vlaggenmasten niet meer dan 6 m bedragen. 9.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; b. een goede woonsituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de sociale veiligheid; e.
de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 9.4
Specifieke gebruiksregels
9.4.1 Nadere detaillering verboden gebruik Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 9.1 wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gebouwen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding achtererf' voor een zelfstandige hoofdfunctie. 9.5
Afwijken van de gebruiksregels
9.5.1 Toestaan vergelijkbare bedrijven Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het gestelde in 9.1 voor de vestiging van een bedrijf dat niet onder de genoemde categorieën valt, of voor de wijziging of aanpassing van een bedrijf dat daardoor niet meer onder de genoemde categorieën valt, indien en voor zover het betreffende bedrijf, in vergelijking tot bedrijven die wel mogelijk zouden zijn, niet in meerdere mate een blijvende onevenredige afbreuk doet aan het woon- en leefmilieu.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
29
Artikel 10
Groen
10.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen en bermen; b. voet- en fietspaden; c. in- en uitritten; d. speelvoorzieningen; e. voorzieningen voor de waterhuishouding; met bijbehorende voorzieningen. 10.2
Bouwregels
10.2.1 Toegestane bebouwing Op de in lid 10.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend de volgende bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd: a. zitbanken; b. toestellen voor sport en spel; c. beeldhouwwerken en daarmee gelijk te stellen kunstzinnige elementen; d. erfafscheidingen en (keer)muren; e. bouwwerken ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer. 10.2.2 Bouwwerk en, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van de in lid 10.2.1 genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 2 m bedragen; b. in afwijking van het bepaalde onder a mag de hoogte van de in lid 10.2.1 sub b en c genoemde toestellen voor sport en spel en beeldhouwwerken en daarmee gelijk te stellen kunstzinnige elementen niet meer dan 4 m bedragen; c. in afwijking van het bepaalde onder a mag de hoogte van de in lid 10.2.1 sub e genoemde bouwwerken ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer niet meer dan 10 m bedragen. 10.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; b. een goede woonsituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de sociale veiligheid; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
30
Artikel 11
Recreatie - Verblijfsrecreatie
11.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Recreatie - Verblijfsrecreatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. voorzieningen ten behoeve van een accommodatie voor recreatief (nacht)verblijf; b. één bedrijfswoning; met bijbehorende bouwwerken, voorzieningen parkeergelegenheden en ontsluitingswegen. 11.2
Bouwregels
11.2.1 Toegestane bebouwing Op de in artikel 11.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. hoofdgebouwen; b. bijbehorende bouwwerken en overkappingen; c. bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde. 11.2.2 Hoofdgebouwen Voor het bouwen van het in artikel 11.2.1 sub a genoemde hoofdgebouw gelden de volgende bepalingen: a. een hoofdgebouw mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. de afstand van het hoofdgebouw tot de perceelsgrens bedraagt minimaal 5 meter; c. de goothoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale goothoogte (m)' is aangegeven, dan wel de bestaande grotere goothoogte; d. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale bouwhoogte (m)' is aangegeven, dan wel de bestaande grotere bouwhoogte; 11.2.3 Bijbehorende bouwwerken en overkappingen: Voor het bouwen van de in artikel 11.2.1 sub b genoemde bijbehorende bouwwerken en overkappingen gelden de volgende bepalingen: a. bijbehorende bouwwerken bij het hoofdgebouw zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak en/of ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - achtererf' b. de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken buiten het bouwvlak mag niet meer dan 100 m² bedragen; c. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 3 m bedragen; d.
de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 5 m bedragen. 11.2.4 Bouwwerk en, geen gebouwen en overkappingen zijnde: Voor het bouwen van de in artikel 11.2.4 sub c genoemde bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde gelden de volgende bepalingen: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de voorgevel van het hoofdgebouw c.q. het verlengde daarvan mag niet meer dan 1 m bedragen; b. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de voorgevel van het hoofdgebouw dan wel het verlengde daarvan mag niet meer dan 2 m bedragen, mits deze op minimaal 1 m achter de voorgevel van de woning c.q. het verlengde daarvan worden gebouwd; c. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 3 m bedragen. 11.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
31
b. c. d. e.
een goede woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.
11.4 Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 11.1 wordt in ieder geval gerekend een voorzieningen ten behoeve van een accommodatie voor recreatief (nacht)verblijf mag niet worden gebruikt voor permanente bewoning;
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
32
Artikel 12
Tuin
12.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Tuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor tuinen en erven, met de daarbij horende in- en uitritten en paden, behorende bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofdgebouwen. 12.2
Bouwregels
12.2.1 Toegestane bebouwing Op de in lid 12.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. aan de voorgevel van een woning gebouwde bijbehorende bouwwerken waarbij de naar de weg gekeerde bouwgrens overschreden wordt; b. overkappingen; c. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 12.2.2 Aan de voorgevel gebouwde bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van de in lid 12.2.1 sub a genoemde aangebouwde bijbehorende bouwwerken gelden de volgende bepalingen: a. de diepte mag niet meer bedragen dan 1,5 m; b. de breedte mag niet meer bedragen dan 2/3 van de breedte van de voorgevel van de woning; c. de bebouwing mag niet hoger zijn dan de bovenkant van de vloer van de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw vermeerderd met 0,3 m; d. indien de bestaande diepte, breedte of hoogte van een aangebouwd bijbehorend bouwwerk meer bedraagt dan toegestaan op grond van sub a t/m c, dan geldt de bestaande diepte, breedte of hoogte als maximum. 12.2.3 Overkappingen Voor het bouwen van de in lid 12.2.1 sub b genoemde overkappingen gelden de volgende bepalingen a. overkappingen mogen tot maximaal 1,5 m voor (het verlengde van) de voorgevel worden gebouwd, met dien verstande dat overkappingen aan de voorgevel van het hoofdgebouw niet zijn toegestaan; b. de bouwhoogte mag niet meer dan 3 m bedragen.
12.2.4 Bouwwerk en, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van de in lid 12.2.1 sub c genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende bepalingen: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 1 m bedragen; b. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 2 m bedragen. 12.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; b. een goede woonsituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de sociale veiligheid; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
33
f.
het behoud van bomen.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
34
Artikel 13
Verkeer
13.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen, voet- en fietspaden, met bermen; b. parkeervoorzieningen; c. groenvoorzieningen; d. voorzieningen voor de waterhuishouding; e. buis- en kabelverbindingen voor riolering, nutsbedrijven en overeenkomstige doeleinden; f. beeldende kunstwerken; met bijbehorende voorzieningen. 13.2
Bouwregels
13.2.1 Toegestane bebouwing Op de in lid 13.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. abri's; b. zitbanken, beeldhouwwerken en daarmee gelijk te stellen kunstzinnige elementen; c. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer; d. weg- en waterbouwkundige kunstwerken. 13.2.2 Gebouwen Van de in lid 13.2.1 sub a. genoemde abri's mag de hoogte niet meer dan 3 m bedragen. 13.2.3 Bouwwerk en, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van de in lid 13.2.1 sub b t/m d genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 2 m bedragen; b. in afwijking van het bepaalde onder a. mag de hoogte van de in lid 13.2.1 sub b genoemde beeldhouwwerken en daarmee gelijk te stellen kunstzinnige elementen niet meer dan 4 m bedragen; c. in afwijking van het bepaalde onder a. mag de hoogte van de in lid 13.2.1 sub c genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer niet meer dan 10 m bedragen. 13.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; b. een goede woonsituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de sociale veiligheid; e.
de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; f. het behoud van bomen.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
35
Artikel 14
Verkeer - Verblijfsgebied
14.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer - Verblijfsgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen met een ondergeschikte verkeersfunctie; b. voet- en fietspaden; c. bermen; d. parkeervoorzieningen; e. groenvoorzieningen; f. speelvoorzieningen; g. voorzieningen voor de waterhuishouding; h. buis- en kabelverbindingen voor riolering, nutsbedrijven en overeenkomstige doeleinden; i. beeldende kunstwerken; met bijbehorende voorzieningen. 14.2
Bouwregels
14.2.1 Toegestane bebouwing Op de in lid 14.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend garageboxen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd: a. zitbanken; b. toestellen voor sport en spel; c. beeldhouwwerken en daarmee gelijk te stellen kunstzinnige elementen; d. erfafscheidingen en (keer)muren; e. bouwwerken ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer; f. weg- en waterbouwkundige kunstwerken. 14.2.2 Bouwwerk en, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van de in lid 14.2.1 genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 2 m bedragen; b. in afwijking van het bepaalde onder a. mag de hoogte van de in lid 14.2.1 sub b en c genoemde beeldhouwwerken en daarmee gelijk te stellen kunstzinnige elementen niet meer dan 4 m bedragen; c. in afwijking van het bepaalde onder a. mag de hoogte van de in lid 14.2.1 sub e genoemde fietsenstallingen niet meer dan 4 m bedragen; d. in afwijking van het bepaalde onder a. mag de hoogte van de in lid 14.2.1 sub f genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer niet meer dan 10 m bedragen. 14.3 Nadere eisen Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing, ten behoeve van: a.
een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; b. een goede woonsituatie; c. de verkeersveiligheid; d. de sociale veiligheid; e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; f. het behoud van bomen.
Kern Aalten, herziening 2022
NL.IMRO.0197.BP00101-ON01
concept
36
Artikel 15
Wonen
15.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. woningen, waarbij het aantal woningen niet meer mag bedragen dan: ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' is aangegeven het bestaande aantal woningen wanneer er geen aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' is opgenomen; b. bed & breakfast; c. aan-huis-gebonden-beroepen en/of -bedrijven, met inachtneming van het bepaalde in 15.5; d. Ter plaatse van de aanduiding 'bedrijf' is uitsluitend op de beganegrond een bedrijf ten behoeve van een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op zakelijk (niet zijnde detailhandel), maatschappelijk, juridisch, administratief, persoonlijk, medisch, therapeutisch, kunstzinnig dan wel ontwerptechnisch gebied; e. dienstverlening, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'centrum' met bijbehorende voorzieningen, zoals ontsluitingswegen, erven, terreinen, tuinen, parkeervoorzieningen, voorzieningen voor de waterhuishouding. 15.2
Bouwregels
15.2.1 Toegestane bebouwing Op de in lid 15.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend worden gebouwd: a. woningen met in achtneming van de opgenomen aanduidingen: 1. ter plaatse van de aanduiding 'twee-aaneen': halfvrijstaande woningen; 2. ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand': vrijstaande woningen; 3. ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd': rijenwoningen; b. bij de woningen behorende bijbehorende bouwwerken; c. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 15.2.2 Hoofdgebouwen Voor het bouwen van de in lid 15.2.1 sub a genoemde woningen (i.c. hoofdgebouwen) gelden de volgende bepalingen: a. een hoofdgebouw mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. de afstand van het hoofdgebouw tot de zijdelingse perceelsgrens dient als volgt te bedragen: 1. voor halfvrijstaande woningen aan één zijde minimaal 3 m; 2. voor vrijstaande woningen minimaal 3 m; 3. voor rijenwoningen aan de niet-aaneengebouwde zijde van de eindwoningen minimaal 2 m; c. de goothoogte en/ of bouwhoogte mogen niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' of 'maximale bouwhoogte (m)' is aangegeven; d. ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' mag het aantal woningen niet meer bedragen dan aangegeven. 15.2.3 Bijbehorende bouwwerken Voor het bouwen van de in lid 15.2.1 sub b genoemde bijbehorende bouwwerken gelden de volgende bepalingen: a.