Informatienota schuldhulpverlening definitieve versie 11102021.pdf
Tekst van het document
Inleiding Gemiddeld duurt het 3 tot 5 jaar voordat mensen met geldproblemen hulp zoeken. Betalingsachterstanden zijn dan vaak opgelopen tot risicovolle of problematische schulden. Vroegtijdig herkennen, bespreekbaar maken en effectief aanpakken van schulden voorkomt dat financiële nood verweven raakt met alle onderdelen van iemands bestaan. En dat er nieuwe problemen ontstaan, zoals: eenzaamheid, depressie, geweld in huis, huisuitzetting, kinderen in de knel en de onmogelijkheid om talenten in te zetten en volwaardig mee te doen. De hieraan verbonden maatschappelijke kosten binnen en buiten het sociaal domein kunnen hiermee ook worden voorkómen of teruggedrongen. Dit vraagt een sterke en integrale benadering. Vooraf De begrippen schuldhulpverlening en schulddienstverlening worden vaak door elkaar heen gebruikt. De gemeente is dienstverlenend vanuit een integrale aanpak, vandaar het begrip schulddienstverlening! Wel zorgen wij voor deze doelgroep voor passende en toereikende vormen van ondersteuning en/of hulpverlening met/via onze partners in het (voorliggend) maatschappelijk middenveld. We hanteren in deze nota toch het begrip schuldhulpverlening (SHV), omdat dit begrip in Nederland door de hele schuldhulpverleningsketen (en vanuit de wetgever maar ook onze brancheorganisaties) wordt gebezigd.
Onze visie op schuldhulpverlening Vanaf 2014 (vooruitlopend op de decentralisaties per 1 januari 2015) hebben wij als tweede gemeente de (crisis) intake (reguliere indicatiestelling) van de Stadsbank Oost Nederland (SON) overgenomen en voeren deze taak zelf uit. Wij vinden namelijk dat, als je integraal (levensbreed) wilt werken binnen het gemeentelijk sociaal domein (en in de verbinding naar buiten vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid), je als gemeente ook zelf zicht moet hebben op de (dreigende) schuldenproblematiek en de onderliggende oorzaken. Schulden staan nooit op zichzelf en bijna altijd zijn er problemen op meerdere levensgebieden. Door zicht te krijgen op alle levensdomeinen, kunnen we snel interveniëren, verbinden en schakelen met aanpalende beleidsterreinen zoals de Wmo, Jeugdwet, Participatiewet (inkomensondersteuning en re-integratie), inburgering, onderwijs, gezondheidszorg en wonen, maar ook op het snijvlak van zorg en veiligheid. Kortom: zo persoonlijk en integraal mogelijk werken via de omgekeerde toets en aansluitend op de visie en leidende principes beschreven in onze nota sociaal domein 2021. Voor de SHV is het zeker van belang om de (financiële en sociale) basis op orde te hebben en dat onze inwoners bestaanszekerheid ervaren zoals beschreven in hoofdstuk 5.6 (Blijven meedoen in Aalten) van de nota sociaal domein 2021.
Waarom een informatienota? Begin 2020 zijn wij gestart met het ontwikkelen van een visie op de integrale SHV. Gemeenten moeten (integraal) beleid ontwikkelen om schuldenproblematiek te voorkómen, beheersbaar te maken en duurzaam op te lossen. We willen allemaal hetzelfde: inwoners met (dreigende) schulden eerder, beter en sneller helpen! De persoonlijke en maatschappelijke gevolgen van het hebben van (problematische) schulden zijn namelijk groot. Op 10 februari 2020 en 17 mei 2021 is in de commissie Sociaal Domein (en tussentijds ook met de Sociale Raad) gesproken over onze visie op de SHV aansluitend op het adagium vanuit het uitvoeringsprogramma 2018 – 2022 van het college: daadkrachtig, duurzaam en dichtbij! Het afgelopen 1 ½ jaar zijn we, ondanks corona, toch in gesprek gegaan met de collega’s van onze afdeling sociaal domein, inwoners/ervaringsdeskundigen, lokale ketenpartners (formeel en informeel) en het Meedoenpact. Dit heeft ons veel informatie opgeleverd, en ons nog meer het besef gegeven om de SHV in al zijn facetten zo dicht mogelijk bij huis (de inwoner) te organiseren vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid. 2
We willen nu dus een slag gaan maken in de transformatie in de kijk op schulden en de regie zoveel mogelijk in eigen hand nemen. Deze informatienota is een onderlegger bij het college- en raadsvoorstel om per 1 januari 2023 uit te treden bij de Gemeenschappelijke Regeling SON. De curatieve SHV (het financieel technisch regelen van de schulden, dus de backofficetaken) gaan we per 1 januari 2023 beleggen bij het Bureau voor Financiële Ondersteuning van de gemeente Doetinchem (nadere onderbouwing hiervoor in het college- en raadsvoorstel). Gezien alle ontwikkelingen in ‘het schuldenlandschap’ en de complexiteit van de SHV, willen we u via deze beschrijvende nota op hoofdlijnen meer inzicht geven in de kaders en ontwikkelingen op dit terrein. Ook beschrijven we de activiteiten waarmee we bezig zijn (geweest) of gaan. Kaders en ontwikkelingen Nieuwe ‘schuldenwetten’ bieden kansen om SHV verder te verbeteren Schuldhulpverlening is sinds 2012 een wettelijke taak voor de gemeenten. Dat is vastgelegd in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs). Hoe de SHV eruitziet, bepaalt de gemeente grotendeels zelf, waarbij de wet een beperkt aantal kaders stelt. De effectiviteit van SHV wordt dus in hoge mate bepaald door het gemeentelijk schuldenbeleid. Vanaf 2021 zijn de wettelijke kaders uitgebreid en scherper geformuleerd door de wetgever.
De Wgs is gewijzigd op onderdelen en er is/komt nieuwe wetgeving die de SHV raakt. Doel hiervan is om de SHV in Nederland toegankelijker en effectiever te maken en de grote verschillen, die er tussen de gemeenten zijn, kleiner te maken. De gemeenten krijgen hiervoor een wettelijk instrumentarium aangereikt. De nieuwe wetten bieden kansen om het schuldenbeleid verder door te ontwikkelen en te verbeteren. Brede schuldenaanpak In 2018 presenteerde het Rijk het Actieplan Brede Schuldenaanpak. Het actieplan beschrijft het kader voor het rijksbeleid op dit dossier. Het betreft maatregelen om het aantal mensen met dreigende of problematische schulden terug te dringen en mensen met schulden beter te helpen via 3 actielijnen: 1. Problematische schulden voorkómen (preventie, vroegsignalering en meer rekening houden met het doenvermogen van mensen); 2. Ontzorgen en ondersteunen (inzet voor mensen met problemen op meerdere leefgebieden); 3. Zorgvuldige en maatschappelijk verantwoorde incasso (beschermen van het bestaansminimum en verbeteren samenwerking tussen schuldeisers). Vroegsignalering op grond van de gewijzigde Wgs Sinds 2012 is de Wgs van kracht en dit is een kaderwet. De wet verplicht gemeenten om inwoners te ondersteunen bij het vinden van een adequate oplossing gericht op de aflossing (of beheersbaar maken) van schulden en de onderliggende problematiek (integraal dus).
Per 1 januari 2021 wijzigde de Wgs. De wetswijziging geeft een grondslag om (alleen) gegevens uit te wisselen met woningcorporaties en particuliere verhuurders, zorgverzekeraars en water- en energieleveranciers. Dit is de zogenaamde wettelijk verplichte vroegsignalering (van betalingsachterstanden). Ook geeft de gewijzigde Wgs richtlijnen voor doorlooptijden, beschikkingen en registratie bij het Bureau voor Kredietregistratie (BKR) en benadrukt nogmaals de zorgplicht om alle doelgroepen (met name ook de ondernemers) te bedienen. Vroegsignalering van schulden wordt gezien als een goede oplossing om problematische schulden en andere maatschappelijke kosten te voorkómen of te verminderen. De gemeente moet hulp aanbieden op basis van signalen van betalingsachterstanden die ze van schuldeisers (de 4 vaste lastenpartners) ontvangen. 3
Hierbij kan worden aangesloten op het Landelijk Convenant Vroegsignalering en zijn overeenkomsten (via een digitaal ondertekenproces) afgesloten met de vaste lastenpartners. Ondersteuning van het proces van vroegsignalering door een automatiseringssysteem is essentieel. Vrijwel de meeste gemeenten maken gebruik van de webapplicaties RIS Matching en RIS Vroeg Eropaf (een Registratie- en Informatiesysteem) van leverancier Inforing. Wij zijn hier ook op aangesloten en in oktober 2021 zijn we gestart met de implementatie van vroegsignalering. Proces vroegsignalering in het kort 1. Schuldeiser is eerst verplicht tot een sociale incasso (een inspanningsverplichting). 2. Schuldeiser meldt bij de gemeente: a. 4 vaste lasten partijen (rond de 25 organisaties) geven signaal af bij de gemeente. b. In het landelijk convenant (en de daarbij behorende overeenkomst) is afgesproken wanneer de partij meldt en welke gegevens worden doorgegeven aan de gemeente. c. Gemeente moet een aanbod voor een 1 e gesprek doen binnen 4 weken na melding, of in crisissituaties (dreigende woningontruiming of afsluiting gas/water/licht binnen 3 dagen. d. Gemeente bewaart de melding maximaal 6 maanden. 3. Matching van meervoudige/opeenvolgende signalen worden gecombineerd om het risicoprofiel en inzet te bepalen. 4.
Actie gemeente: via brief, email, sms, telefonisch en/of een (vooraf aangekondigd) huisbezoek (we hebben een kaart gemaakt die we kunnen achterlaten indien niet thuis). 5. Eventuele terugmelding: alleen wanneer het aanbod heeft geleid tot een interventie of schuldhulpverleningstraject, wordt dit gemeld aan de schuldeiser (opschorten incasso). Beschermingsbewind en adviesrecht gemeenten Gemeenten hebben per 1 januari 2021 adviesrecht bij de procedure rond beschermingsbewind wegens problematische schulden, ook wel schuldenbewind genoemd. De wet adviesrecht gemeenten bij schuldenbewind (Ags) regelt dat gemeenten 3 maanden nadat schuldenbewind is ingesteld, de rechter mogen adviseren of een inwoner het best kan worden geholpen door voortzetting van het bewind, of door een lichtere vorm van ondersteuning (bijvoorbeeld budgetbeheer). In onderstaand schematisch overzicht is de procedure rondom beschermingsbewind beschreven vanuit inwonersperspectief. Bij regulier bewind gaat het om ‘toestandsbewind’ zoals bijvoorbeeld een (licht) verstandelijke beperking, verslaving, psychische of psychiatrische problematiek, lichamelijke of overige beperkingen.
4
In mei 2020 hebben wij een uitgebreide bestandsanalyse beschermingsbewind gemaakt in relatie tot de doelgroep binnen onze gemeente die hier gebruik van maakt (gedeeld via een raadsmededeling mede ingegeven door de problemen bij de afdeling bewind van de SON) en in relatie tot de (hoge) uitgaven bijzondere bijstand. Het aandeel schuldenbewind (maar ook regulier bewind) blijft groeien, inclusief de hiermee gepaard gaande uitgaven bijzondere bijstand. Per 1 oktober 2021 hebben we 117 cliënten in beschermingsbewind (waarvan 60% schuldenbewind) en de uitgaven bijzondere bijstand hiervoor bedragen rond de € 145.000,op jaarbasis (is 40% van het totale beschikbare budget bijzondere bijstand en gemeentelijke inkomensondersteunende maatregelen). Het werkelijk aantal inwoners, dat onder beschermingsbewind staat, is echter vele malen hoger. De toename van beschermingsbewind wordt zowel vanuit de Rechtspraak als vanuit gemeenten gezien als een maatschappelijk zorgelijke ontwikkeling. Dit is immers een ingrijpende maatregel waarbij mensen een deel van hun zelfbeschikkingsrecht verliezen. In de discussie over deze problematiek is de vraag gesteld of aanvragers van schuldenbewind niet te snel een oplossing zoeken in deze zware maatregel.
Zouden de schulden niet met lichtere hulp vanuit de reguliere gemeentelijke SHV aangepakt kunnen worden, gezien alle hiervoor beschikbare instrumenten? Bovendien kunnen gemeenten ook alternatieve of aanvullende diensten inzetten vanuit flankerende voorzieningen zoals het Algemeen Maatschappelijk Werk, psychosociale begeleiding of ondersteuning door vrijwilligers. Vanuit de optiek van de ‘best passende ondersteuning’ is de reguliere SHV een voorliggende, dat wil zeggen een minder ingrijpende, voorziening voor beschermingsbewind.
5
In het voorjaar van 2021 zijn wij (gefaseerd) gestart met nader onderzoek doen naar cliënten die schuldenbewind hebben, door in gesprek te gaan met bewindvoerders: -
Waar lopen bewindvoerders tegenaan en hoe zien zij hun rol en die van de gemeente? Zijn de cliënten in beschermingsbewind bij de SHV bekend en hoe is de situatie dan rondom de schulden? Zijn er mogelijkheden voor een doorstroom (sneller de schulden aanpakken)? Wat zijn de mogelijkheden voor (duurzame) uitstroom uit het schuldenbewind?
Het gaat hierbij niet alleen om kostenbeheersing, maar juist ook om het perspectief van de cliënt (en/of zijn gezin) te bevorderen door het versterken van de financiële zelfredzaamheid. Voorop staat dat voor betrokkene een duurzaam resultaat wordt gerealiseerd maar dat (een mogelijke) beëindiging van beschermingsbewind niet mag leiden tot een terugval in schulden. De uiteindelijke opbrengst van deze rondgang moet uitwijzen óf (en hoe) wij alsnog gebruik gaan maken van het wettelijk adviesrecht (de eerste bevindingen in Nederland zijn niet overwegend positief), of toch kiezen voor een soort convenant (werkafspraken) met bewindvoerders. De wet vereenvoudiging beslagvrije voet De wet vereenvoudiging beslagvrije voet trad eveneens op 1 januari 2021 in werking. De beslagvrije voet (dit is het deel van het inkomen waar schuldeisers geen beslag op mogen leggen en zo houden mensen altijd een minimumbedrag over om van te leven) is nu 95% van de bijstandsnorm. De berekening is eenvoudiger en ook hoeven schuldenaren niet meer zelf inzage te geven in onder andere huur- en zorgkosten. Het proces van beslaglegging wordt zo ingericht dat partijen beter op de hoogte zijn van elkaars beslagen, waardoor er niet meer dubbel beslag op het inkomen wordt gelegd.
Ook voor onze consulenten SHV is een juiste toepassing van de beslagvrije voet van belang, omdat dit de basis is voor het berekenen van het vrij te laten bedragen voor de inwoner (als onderdeel van het plan van aanpak voor een schuldhulpverleningstraject). De wet Stroomlijning keten voor derdenbeslag verbreedt de toegang tot het beslagregister. De wet stroomlijning keten voor derdenbeslag is een aanvulling op de wet vereenvoudiging beslagvrije voet. Hij zou ingevoerd worden per 2021, maar is verschoven naar 2022. Deze wet ziet toe op een verbetering van het inzicht in de afloscapaciteit waardoor extra incassokosten worden voorkomen. Wanneer alle beslagleggende partijen zijn aangesloten op het register, kan samenloop van beslagleggingen en verrekeningen worden voorkomen en de beslagvrije voet correct worden gehanteerd. Dit is een grote verbetering ten opzichte van de huidige situatie en maakt de SHV gemakkelijker uitvoerbaar en efficiënter. Het aansluiten door beslagleggende partijen gebeurt in fasen. Wet kwaliteit incassodienstverlening Dit wetsvoorstel heeft als doel de kwaliteit van de private buitengerechtelijke incassodienstverlening door incassobureaus, gerechtsdeurwaarders en incassoadvocaten te verbeteren. Aanleiding voor het voorstel zijn de problemen in de incassopraktijk, zoals
6
onterechte vorderingen, hoge incassokosten en onheuse en agressieve bejegening van mensen met schulden. Het wetsvoorstel (geplande invoeringsdatum 1 juli 2022): - verplicht incassobureaus om zich in te schrijven in een speciaal register; - maakt het mogelijk om bij lagere regelgeving kwaliteitseisen te stellen aan de buitengerechtelijke incassodienstverlening; - stelt een systeem van toezicht en handhaving in; - bevat maatregelen tegen de negatieve aspecten van de verkoop van vorderingen en maatregelen tegen het verdienmodel bij de cumulatie van termijnvorderingen. Fraudeschulden De Participatiewet en andere socialezekerheidswetten worden waarschijnlijk versoepeld. In de Eerste Kamer ligt nog een voorstel waarin staat dat het verbod voor uitkeringsinstanties, om bij een fraudevordering mee te werken aan een schuldregeling, straks alleen nog geldt als er sprake is van ‘opzet of grove schuld’. De kinderopvangtoeslagaffaire en de boodschappenaffaire hebben de discussie over fraudewetgeving in een stroomversnelling gebracht. De Tweede Kamer bespreekt eind 2021 diverse voorstellen voor meer beleidsvrijheid voor gemeenten om bijstandsschulden terug te vorderen, boetes op te leggen en giften vrij te laten. Laaggeletterdheid Grip houden op de financiële situatie is voor laaggeletterden erg lastig.
Onze gemeente ondersteunt de aanpak vanuit het Achterhoekse Regioplan aanpak laaggeletterdheid 2020 – 2024. In dit plan is de samenhang met de diverse domeinen nader uitgewerkt, waaronder de financiële zelfredzaamheid. Wet inburgering Per 1 januari 2022 treedt de nieuwe Wet inburgering in werking. Gemeenten krijgen een belangrijke rol bij de begeleiding van nieuwkomers die inburgeringsplichtig zijn. Het doel van de nieuwe wet is dat inburgeringsplichtigen zo snel mogelijk meedoen in Nederland. En dat ze daarnaast zo snel mogelijk werk vinden. Eén van de taken is het financieel ontzorgen van bijstandsgerechtigde statushouders tijdens de eerste 6 maanden van hun verblijf in de gemeente. Concreet betekent dit onder andere het doorbetalen van de vaste lasten gedurende (minimaal) 6 maanden. Het doel hiervan is het voorkómen van financiële problemen en het creëren van financiële rust en zelfredzaamheid. Samen met Laborijn en de gemeente Doetinchem pakken we het financieel ontzorgen op. Financieel ontzorgen kan onder andere door het inzetten van budgetbeheer, waarbij de inkomsten (bijstandsuitkering) en uitgaven geheel of gedeeltelijk uit handen worden genomen.
Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein Een belangrijk doel van de decentralisaties van de taken aan de gemeente is om inwoners passende ondersteuning te bieden bij het behouden en vergroten van zelfredzaamheid en participatie. Om dit te kunnen realiseren, moet de gemeente een brede blik op de persoonlijke omstandigheden van de inwoner en omgeving kunnen werpen. Waar nodig betekent dit een integrale ondersteuning vanuit de verschillende (leef)domeinen.
7
Door middel van het wetsvoorstel Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein (Wams) komt er een juridische grondslag om noodzakelijke persoonsgegevens domein overstijgend te delen en te verwerken. Op basis van het wetsvoorstel wordt er een nieuw artikel toegevoegd aan de Wgs: integrale en coördinerende dienstverlening. Hierdoor moet de Wgs in samenhang met de Wmo, Jeugdwet en Participatiewet worden uitgevoerd. De beoogde inwerkingtreding is 1 januari 2022. De schuldhulpverlening in een notendop De gemeente Aalten maakt, samen met 21 andere gemeenten in Twente en de Achterhoek (met een werkgebied van ruim 900.000 inwoners en 397.457 absolute huishoudens), onderdeel uit van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) Stadsbank Oost Nederland (SON). De GR SON is een collegeregeling. Zoals hierboven aangegeven, hebben wij in 2014 (vooruitlopend op de decentralisaties van de Wmo 2015, de Jeugdwet en de Participatiewet), de intake overgenomen van de SON. Onze ervaringen met het zelf uitvoeren van de brede intake (de toegang) voor de SHV en de informatie- en adviesfunctie zijn overwegend positief, ondanks de complexiteit van de schuldenproblematiek in relatie tot het schuldenlandschap. Hierin doen wij het volgende: • • • • • • •
gesprekken met cliënt, vraagverheldering en eventuele doorverwijzing; een voorzieningencheck (lokale en landelijke inkomensondersteuning/toeslagen); inventarisatie (en oorzaak) schulden en analyse van de gezinssituatie; met cliënt een plan van aanpak maken en zorgdragen voor stabilisatie (randvoorwaarden creëren) en (her)berekening beslagvrije voet (bestaansminimum garanderen) met als doel een duurzame oplossing te bewerkstelligen; afgeven van een beschikking toelating (of eventueel weigering) tot de SHV; dossieroverdracht aan de SON voor een schuldregeling (minnelijk of wettelijk traject); monitoring schuldhulpverleningstraject (regievoering gehele traject) en nazorg.
Onderstaand overzicht geeft op hoofdlijnen een weergave van het proces SHV binnen onze gemeente van aanmelding tot en met nazorg:
8
Consulenten gemeente Aalten
Aanmelding Niet -problematisch
Informatie, advies, betalingsregeling
Problematisch
Consulenten gemeente Aalten (incl. stabilisatie)
Intake, plan van aanpak, beschikking Niet-regelbare schulden
Stadsbank en/of bewindvoerders. Moratorium Dwangakkoord Collectief schuldregelen Schuldenknooppunt Convenanten
Regelbare schulden
Stabilisatie en budgetbeheer Schuldregeling (SK of SB)
Stadsbank 1 kort gesprek
Mislukt
Wsnp
Coaching en regie (ontbreekt nu)
Ondersteuning tijdens gehele traject (ontbreekt nu)
Budgetbeheer, beschermingsbewind
Gelukt
Mislukt
Schuldenvrij
Beschermd door beslagvrije voet
Nazorg
Toelichting bovenstaand schema Betalingsregeling: een betalingsregeling wordt getroffen met één of enkele schuldeisers wanneer de schulden nog niet problematisch zijn. Het uitgangspunt is dat 100% van de schulden wordt afbetaald. Plan van aanpak en beschikking: in het plan van aanpak wordt in klare taal uitgelegd hoe de SHV eruitziet en wat er van de cliënt wordt verwacht. Het plan van aanpak kan bestaan uit onder meer de instrumenten budgetbegeleiding (coaching), betalingsregeling, budgetbeheer, schuldregeling en/of beschermingsbewind. Verder beschrijft het plan van aanpak hoe de problemen op andere leefgebieden worden aangepakt en wie hierbij de regie heeft. Het plan van aanpak maakt deel uit van de beschikking ‘toegang tot de SHV’ die wordt afgegeven. Stabilisatie: is bedoeld om rust te brengen in de thuissituatie en de inkomsten en uitgaven in balans te brengen. De situatie rond life events zoals een echtscheiding, (gedwongen) woningverkoop, verslaving, baanverlies, een overlijden of afbouw onderneming moet voldoende stabiel zijn om een schuldregeling te kunnen treffen. Budgetbeheer, borging van de beslagvrije voet en het regelen van een inkomen zijn meestal onderdeel van stabilisatie (randvoorwaarden creëren). Budgetbeheer: het inkomen gaat naar een Stadsbankrekening die wordt beheerd door een budgetbeheerder.
Deze ziet erop toe dat bijvoorbeeld de vaste lasten worden betaald en dat 9
de schulden worden afgelost. Een andere vorm van budgetbeheer is de doorbetaling van de vaste lasten vanuit de bijstandsuitkering (een bevoegdheid op grond van de Participatiewet). Een schuldregeling is er in 2 vormen: 1. Schuldbemiddeling (SB): de schuldenaar spaart maandelijks geld voor de schuldeisers. Periodiek wordt het gespaarde geld overgemaakt naar de schuldeisers. Na 3 jaar wordt het restant van de schulden kwijtgescholden. Bij wisselende inkomsten is van tevoren niet duidelijk hoeveel schuldeisers uiteindelijk betaald krijgen. 2. Saneringskrediet (SK): met een saneringskrediet wordt een deel van de schulden direct afgekocht. De rest wordt door de schuldeisers kwijtgescholden. De schuldenaar betaalt in 3 jaar het krediet terug. Het SK heeft veel voordelen voor zowel schuldenaar, schuldeisers als de gemeente: de schuldenaar heeft nog maar 1 schuldeiser, mag bijverdienen en weet precies hoeveel hij 3 jaar lang moet betalen. Dat geeft veel rust. Schuldeisers krijgen direct geld en kunnen de boeken sluiten. De gemeente bespaart op de uitvoeringskosten. Daarom maken gemeenten steeds meer gebruik van saneringskredieten.
Eind 2021 komt er overigens een landelijk waarborgfonds saneringskredieten, zodat gemeenten per 1 januari 2022 hun verstrekte saneringskredieten hierin kunnen onderbrengen met een Waarborgfondsgarantie en geen risico’s lopen (doel is om gemeenten te stimuleren meer saneringskredieten in te zetten). Moratorium: via de rechter een adempauze van 6 maanden inlassen om bedreigende situaties (bijv. huisuitzetting of afsluiting energie/water) te voorkomen. Schuldeisers mogen dan geen incassomaatregelen treffen zodat de SHV een schuldregeling kan voorbereiden. Dwangakkoord: Wanneer een enkele schuldeiser niet meewerkt aan een schuldregeling – terwijl andere schuldeisers dit wel doen – kan de gemeente de rechter verzoeken om de betreffende schuldeiser te dwingen om mee te werken. Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp): Als een (minnelijke) schuldregeling niet mogelijk blijkt, wordt verwezen naar de Wsnp. De rechter beoordeelt onder andere of de schuldenaar ‘te goeder trouw’ is geweest. De schulden worden gesaneerd, wat betekent dat de schuldeisers een gedeelte van hun vordering krijgen en de rest moeten kwijtschelden. Onder toezicht van een Wsnp-bewindvoerder betaalt de schuldenaar in 3 jaar de resterende schuld terug. De schuldenaar heeft daarna een ‘schone lei’.
De doorstroom vanuit de gemeentelijke minnelijke SHV naar de Wsnp heeft momenteel de landelijke aandacht (de ombudsman stelt bijvoorbeeld: ‘Toegang tot Wsnp is hindernisbaan zonder finish.’). Te veel schuldenaren worden niet of te laat aangemeld bij de Wsnp. Daarnaast is eind september 2021 een wetsvoorstel bij de TK ingediend om de toegang tot de Wsnp laagdrempeliger te maken met als belangrijkste wijziging: nu wordt een toelatingsverzoek automatisch afgewezen als de schuldenaar in de voorgaande 10 jaar al eens eerder tot de Wsnp is toegelaten. Er wordt nu een uitzondering geïntroduceerd, zodat de rechter in schrijnende gevallen toch de mogelijkheid krijgt om een schuldenaar toe te laten.
10
Efficiënter schuldregelen Collectief schuldregelen: dat betekent dat niet meer per cliënt met de afzonderlijke schuldeisers onderhandeld hoeft te worden. De (grotere en meest voorkomende) schuldeisers krijgen periodiek een overzicht van nieuwe cliënten, hun openstaande schulden en een schuldregelingsvoorstel. De schuldeisers verifiëren het schuldenoverzicht en gaan in de meeste gevallen direct akkoord met het voorstel. Dit scheelt veel (doorloop)tijd. Schuldenknooppunt (van de NVVK): via dit automatiseringssysteem communiceren schuldhulpverleners snel en uniform met schuldeisers. Dit scheelt enorm veel brieven, mails en telefoontjes. De Nederlandse Schuldhulp Route (NSR): de NSR werkt aan een Nederland zonder schuldzorgen. Er is nog wel veel schaamte en het schuldenlandschap is complex. Daarom werkt de NSR samen met gemeenten, bedrijven en schuldhulporganisaties aan één centrale schuldhulproute. De route verwijst mensen naar Geldfit.nl naar passend (lokale) hulp, van preventie tot schuldhulpverlening. Zo helpt de NSR voorkomen dat betalingsachterstanden uitgroeien tot schulden. Curatieve schuldhulpverlening door de SON Op het moment dat wij een beschikking (met een plan van aanpak) voor de toegang tot de SHV hebben afgegeven, dragen wij de cliënt over aan de SON voor een schuldregeling vaak in combinatie met budgetbeheer.
De situatie van de cliënt is dan stabiel genoeg, waarna de SON aan de slag kan met een schuldregeling. Deze (financieel technische en curatieve) dienstverlening kan, naast het beheren van een budgetbeheerrekening door de SON, bestaan uit: • • • • • • •
kredietverstrekking (herfinanciering van de totale schuld); betalingsregeling (100%) treffen; een saneringskrediet verstrekken; een schuldbemiddeling; een wettelijke schuldsanering (Wsnp); beschermingsbewind; nazorg (na 3 maanden bellen hoe het gaat).
Enkele cijfers SON uit de jaarrekening 2020 (per 31 december 2020) • Bij de SON hebben wij 81 cliënten met een budgetbeheerrekening (uitgaven rond de € 30.000,- per jaar) waarvan er 6 zelf de kosten betalen (op vrijwillige basis). • 1 keer per week is een consulent budgetbeheer van de SON bij ons op locatie aanwezig (uitgaven € 12.000,- per jaar) en dit betreft additionele dienstverlening. • Er zijn 6 persoonlijke leningen verstrekt (totaal € 11.881,-) zonder borgstelling. • 14 cliënten hebben beschermingsbewind via de SON. De SON gaat terug naar een genormeerde omvang, omdat dit niet hun primaire taak is (genoeg privaat aanbod). • In 2020 hebben wij 20 cliënten overgedragen aan de SON voor een schuldregelingstraject. In totaal hebben naar schatting rond de 50 inwoners een lopende schuldregeling bij de SON. Gemiddeld duurt een traject 3,5 jaar (exclusief de stabilisatieperiode). • Er zijn 5 verklaringen voor (toelating tot) de Wsnp afgegeven.
11
•
In 2020 hebben wij € 115.831,- aan de SON betaald voor de standaarddienstverlening (53% is bestaanskosten en 47% dienstverlening = afgenomen producten) en € 17.081,- aan additionele dienstverlening (o.a. budgetbeheer op locatie). In totaal dus € 132.912,-.
Rijksmiddelen corona Voor het gemeentelijk schuldenbeleid hebben we in 2020 en 2021 respectievelijk € 18.999,en € 38.247,- aan coronasteun ontvangen. Deze extra middelen zijn vooral bedoeld om de verwachte stijging van het aantal aanmeldingen voor SHV op te vangen. Met Prinsjesdag werd bekend dat gemeenten incidenteel voor 2022 ook nog eenmalig middelen voor de SHV ontvangen. Voor onze gemeente gaat het om een bedrag van € 36.407,-. Voor de invoering van de wettelijk verplichte vroegsignalering per 1 januari 2021 hebben we geen middelen van het Rijk ontvangen. Het Rijk gaat er namelijk van uit dat, door sterk in te zetten op vroegsignalering, de uiteindelijke kosten voor de schuldhulpverlening (maar ook sociaal domein breed) lager worden (inverdieneffect). Wat we (gaan) doen 1. Interne kenniscarrousel over de schuldhulpverlening Vorig jaar zomer hebben we de schuldhulpverlening (in relatie tot het brede sociaal domein) intern (met beleidsmedewerkers en consulenten) onder de aandacht gebracht. We hebben een ervaringsdeskundige (als gastspreker) uitgenodigd die tevens een boek (Al mijn schuld is weggedaan) heeft geschreven over zijn ervaringen met de (keten van de) schuldhulpverlening. 2. Pilot schuldhulpbuddy met Humanitas Begin 2020 zijn we begonnen met een pilot schuldhulpbuddy (in de geest van een schuldhulpmaatje).
Door corona is dit onvoldoende van de grond gekomen, en we maken een doorstart. Naast het bieden van (preventieve) ondersteuning via financiële thuisadministratie (financiën en administratie op orde brengen en houden) en de formulierenbrigade, begeleiden vrijwilligers van Humanitas inwoners voor (op weg naar) en tijdens een schuldhulpverleningstraject. We zijn samen nog zoekende naar ieders rol/verantwoordelijkheid en de verbinding met overige netwerkpartners. 3. Meedoenpact in de gemeente Aalten Wij nemen actief deel aan dit burgerinitiatief (zie www.meedoenpactaalten.nl) rondom de thema’s armoedebestrijding en meedoen. 4. Ondernemerssteunpunt gemeenten Aalten en Doetinchem Samen met de gemeente Doetinchem en Laborijn hebben we in mei 2021 een ondernemerssteunpunt ingericht (zie www.laborijn.nl/ondernemerssteunpunt). (Ex)ondernemers kunnen bij Laborijn terecht voor onder andere schuldhulpverlening. Zoals al eerder aangegeven verplicht de gewijzigde Wgs gemeenten om schuldhulpverlening aan te bieden aan (ex)-ondernemers. 5. Bestandsanalyse Laborijn op financiële problematiek Samen met de gemeente Doetinchem en Laborijn worden bestanden (Participatiewet maar ook de voormalige doelgroep van de Sociale Werkvoorziening) gescreend op financiële problematiek (waaronder beslag op uitkeringen/loon).
Laborijn is een belangrijke vindplaats (al bij een uitkeringsaanvraag) van mogelijke schuldenproblematiek.
12
6. Opzetten van een ‘financieel straatje’ In samenwerking met Sensire (Algemeen Maatschappelijk Werk en Sociaal Raadsliedenwerk), Figulus en Humanitas willen wij een soort financieel straatje (geldloket) opzetten. Wij kijken ook of bijvoorbeeld de Rabobank (en/of overige banken) hier een bijdrage aan wil/willen leveren. 7. Uitwerken adviesrecht beschermingsbewind (schuldenbewind) We gaan een keuze maken tussen aansluiten bij het wettelijk adviesrecht bij de rechtbank of een lokaal convenant afsluiten met de bewindvoerders. 8. Versterken preventie en vroegsignalering We willen meer in gesprek komen met de overige vindplaatsen van schulden zoals: het Ondersteuningsteam (Jeugd), de (jeugd)gezondheidszorg (waaronder huisartsen), werkgevers, het onderwijs, de voedselbank en de Stichting Diaconale Hulpverlening Aalten. Daarnaast gaan we, in het kader van vroegsignalering, met De Woonplaats onze afspraken over het voorkómen van huisuitzettingen opnieuw vormgeven. 9. Kinderopvangtoeslagaffaire Ook wij hebben te maken gekregen met gedupeerden van deze affaire. Binnen onze mogelijkheden bieden wij ondersteuning volgens de afspraken die gemaakt zijn met de Belastingdienst (Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen). Gemeenten worden gecompenseerd voor hun uitgaven via een specifieke uitkering.
Op dit moment speelt met name het traject rondom het kwijtschelden van publieke en private schulden via een actieve Msnp of Wsnp. Een aantal van onze gedupeerde inwoners kan hier gebruik van maken. De Stadsbank regelt dit rechtstreeks met UHT. Voor het kwijtschelden van gemeentelijke vorderingen worden gemeenten eveneens gecompenseerd. 10. Regie zorg en veiligheid Sinds vorig jaar hebben wij een regisseur zorg en veiligheid. De problematiek wordt steeds diverser en complexer. Via multidisciplinaire overleggen (MDO’s) proberen we de (domeinoverstijgende) problematiek in beeld te krijgen en oplossingsgericht te werken (gemeente voert procesregie) samen met de (noodzakelijk) betrokken partijen. Vaak gaat het ook over financiële problemen. De invoering van de Wams gaat uit van integrale en coördinerende dienstverlening en moet ons gaan helpen om dergelijke zware casuïstiek te stroomlijnen en oplossingsgericht te handelen. 11. Communicatie die inspeelt op de beleving van mensen met schulden In overleg met onze afdeling communicatie willen we de schuldhulpverlening onder de aandacht brengen via een gerichte communicatieaanpak. We sluiten aan bij bestaand materiaal en de (huidige) landelijke overheidscampagne (‘De eerste stap helpt je verder’). Tot slot Per 1 oktober 2021 is het steun- en herstelpakket van de Rijksoverheid (grotendeels) gestopt.
De verwachting is dat het aantal aanmeldingen voor schuldhulpverlening de komende jaren gaat toenemen. Veel inwoners/ondernemers hebben (volledig) ingeteerd op hun financiële buffer. Schuldeisers zijn niet meer (of minder) coulant en incassomaatregelen worden weer opgestart. Ook op dit terrein gaan we langzamerhand weer terug naar ‘het oude normaal’! Schuldhulpverlening krijgt steeds meer aandacht, maar moet nu na de coronacrisis nog nadrukkelijker op de agenda komen!
13