Geanonimiseerde zienswijzennota .pdf
Tekst van het document
ZIENSWIJZENNOTA BESTEMMINGSPLAN “LANDELIJK GEBIED, KLEUVERSPAD”.
Inleiding Het ontwerpbestemmingsplan Landelijk Gebied, Kleuverspad” heeft vanaf 2 juni 2021 gedurende zes weken ter visie gelegen. De termijn van tervisielegging eindigde op 14 juli 2021. Gedurende deze periode van terinzagelegging zijn er vier zienswijzen ingediend. In deze nota worden de zienswijzen samengevat en beantwoord. Er wordt aangegeven of de zienswijze aanleiding is om het bestemmingsplan aan te passen of niet. Is at wel het geval, zal het leiden tot en gewijzigde vaststelling door de gemeenteraad. Leidt de zienswijze niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan, dan zal de gemeenteraad (op dat onderdeel) het bestemmingsplan ongewijzigd vaststellen. Dit houdt in dat er geen wijzigingen worden doorgevoerd naar aanleiding van de tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan en dat het plan op die onderdelen als ongewijzigd wordt vastgesteld door de gemeenteraad. Behandeling van de zienswijzen • Op 3 juni 2021 is de zienswijze binnengekomen van zienswijze indiener 1. • Op 25 juni 2021 is de zienswijze binnengekomen van zienswijze indiener 2. • Op 1 juli 2021 is een zienswijze binnengekomen van zienswijze indiener 3 • Op 8 juli 2021 is een zienswijze binnengekomen van zienswijze indiener 4. Samenvatting van de zienswijze indiener 1 Zienswijze indiener 1 geeft aan hij niet tegen het plan is.
Hij stelt dat de eigenaren van de bospercelen dit idee op de eerste informatieavond zelf aan de hand hebben gedaan. Toch uiten zij hun verbazing waar het gat om de sluiting van de overweg Kleuverspad. Gesteld wordt dat: 1. De bosperceel eigenaren zijn voor een groot deel niet op de hoogte van de besluitvorming. 2. Het is de bosperceel eigenaren niet duidelijk hoeveel grond er gecompenseerd wordt. 3. Er geen overleg met de bosperceel eigenaren is geweest over het inrichten van het extra bos wat door of namens de gemeente wordt aangeplant. 4. De bosperceel eigenaren vinden de maaiplicht niet acceptabel. 5. Onduidelijk is welke vergoeding of compensatie de bosperceel eigenaren gaan ontvangen. 6. Hoe kan de gemeente dit ontwerpbestemmingsplan ter visie leggen zonder dat de bosperceel eigenaren van iets weten? Antwoord Ad 1. In het verleden zijn door Prorail en de gemeente Aalten contacten geweest met de grondeigenaren over aankoop van grond ter compensatie van het te kappen bosgebied ten gunste van de aanleg van een weg. Het proces om te komen tot een goede invulling van de compensatiegebieden vraagt méér dan alleen maar het overleg met de grondeigenaren en compenseren in vierkante meters. De gemeente wordt de eis opgelegd te voldoen aan de eisen van ecologie.
In de afgelopen periode en in de periode van het najaar 2021 is de gemeente en Prorail bezig om een aan deze eisen te voldoen. Het is niet zo dat de plannen om de bewaakte spoorwegovergang en de aanleg van compensatiebosgebied worden stopgezet. Integendeel, de kwaliteit van de invulling van de bosgebieden wordt verbeterd. Hiertoe is nader ecologische besluitvorming en – onderzoek noodzakelijk. Dit weerhield de gemeente er niet van alvast het ontwerpbestemmingsplan ter inzage te leggen en daarmee de planologische procedure op te starten. De invulling van het bosgebied (boomtypen en rekening houden met de hazelworm en de zandhagedis) is geen reden geweest de planologische procedure op een later moment te starten. Ad 2. Er wordt 2.016 m2 gecompenseerd; een en ander is op tekening aangegeven. Hierover is met de grondeigenaren gecommuniceerd. Het communicatieproces is nog niet ten einde. Verdere details over de compensatie van gronden en de kwalitatieve invulling is onderwerp van gesprek, Vanuit het Gelders Natuur Netwerk (GNN) worden bindende eisen gesteld aan de compensatie en de kwalitatieve invulling van het gebied.
Ad 3. Verwezen wordt naar het antwoord zoals verwoord onder ad 2. Ad 4. Eisen rondom beheer en onderhoud worden bepaald door het GNN. De gemeente sluit hierbij aan. Ad 5. Een wijze van vergoeding/compensatie wordt niet vastgelegd in het bestemmingsplan. Dergelijke zaken behoren te worden vastgelegd bij de grondtransactie. Ad 6. De bosperceel eigenaren c.q. de grondeigenaren weten van de plannen om de veiligheid van de spoorwegovergang te verbeteren, gecombineerd met de aanleg van een nieuwe weg elke evenwijdig van de spoorbaan komt te lopen. De bosperceel eigenaren c.q. de grondeigenaren weten dat t.b.v. van de nieuw aan te leggen weg bos moet worden gecompenseerd en dat daar gronden in de buurt van de spoorbaan noodzakelijk voor zijn. Hierover is door Prorail en de gemeente Aalten over gecommuniceerd. Het bestemmingsplan loopt parallel met het traject grondaankopen. Dit was mogelijk door de positieve grondhouding van de grondeigenaren. De invulling van het gebied is afhankelijk van de eisen vanuit het GNN zoals hiervoor al gesteld. Daar heeft de gemeente geen invloed op. Nog niet gecommuniceerd is over de nadere voorwaarden die aan de gemeente worden opgelegd t.a.v. de invulling van de bospercelen die als compensatiegebied worden ingezet. Zoals gesteld onder ad 1. vindt daar onderzoek naar plaats. De bosperceel eigenaren c.q. grondeigenaren worden hierover nader bijgepraat.
Conclusie Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Samenvatting van de zienswijze indiener 2 Zienswijze indiener refereert aan een besluit van 14 januari 2020 om de overweg Kleuverspad af te sluiten. Hij kwam daar pas op 21 mei 2021 achter nadat hij een artikel in de Gelderlander had gelezen. Vervolgens heeft hij een bezwaarschrift ingediend. Hij trekt zijn bezwaarschrift in en dient een zienswijze in tegen het onderhavige ontwerpbestemmingsplan. Hij geeft aan dat de inhoud van zijn zienswijze vrijwel identiek is aan de zienswijze die zienswijze indiener 3 gaat indienen. Zijn zienswijze richt zich op de vraag of er rekening wordt gehouden met een natuurlijk en veilig alternatief voor de wandelaars van het Scholtenpad, behorende tot de nationale wandelinfrastructuur. Indiener geeft aan er een goede alternatieve wandelroute moet komen, zulks te bepalen na overleg met Prorail. Voorts suggereert hij om hekken neer te zetten, voorzien van en smalle doorgang voor de wandelaars. Voor een dergelijke oplossing is gekozen bij de overweg Scheidingsweg bij Vragender, eveneens onderdeel van het Scholtenpad. Indiener roept op om een overweg te handhaven voor wandelaars en over de inpassing van een alternatieve wandelroute in overleg te treden met het Wandelnet. Antwoord Een wandelpad van de Buninkdijk naar het Kleuverspad hoeft niet in het bestemmingsplan Landelijk Gebied, Kleuverspad te worden opgenomen.
Er zal een goede wandelverbinding worden gerealiseerd. Dit is een kwestie van uitvoering en valt buiten de scope van een bestemmingsplan. Opgemerkt wordt dat het huidige bestemmingsplan al een wandelverbinding toelaat. Het college gaat het wandelpad verder uitwerken en houdt daarbij rekening met het inpassen van het wandelpad zodat er geen sprake is van hinder of overlast bij de aangrenzende woningen.
ProRail stelt vast dat zeer geregeld tot vaak wordt verzuimd om de geplaatste poorten af te sluiten. De - met de plaatsing van hekwerk met poort of sluit- beoogde veiligheid wordt bij deze overpaden nagenoeg nooit bereikt. Met de parallelweg wordt een goede ontsluiting gerealiseerd voor gemotoriseerd - en langzaam verkeer. ProRail streeft er ook nadrukkelijk naar om ook deze
overpaden elders zoveel als mogelijk op te heffen, en ziet het plaatsen van hekwerk met poort niet meer als een mogelijke/gewenste veiligheidsmaatregel voor nieuwe situaties.
Conclusie: De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Het gewenste wandelpad kan binnen de huidige bestemming worden uitgevoerd. Het aanleggen van een wandelpad is een uitvoeringskwestie.
Samenvatting van de zienswijze indiener 3. Indiener wijst erop dat het Scholtenpad als onderdeel van de regionale wandelroute in de Achterhoek, gebruik maakt van deze spoorwegovergang. Indiener onderschrijft de keuze om de spoorwegovergang op te heffen in het kader van de verhoging van de verkeersveiligheid. Echter, stelt de indiener, de verkeersveiligheid voor de gebruikers van het Scholtenpad verslechtert. In het bestemmingsplan wordt niet aangegeven op welke wijze wordt voorzien in een veilig vervangend wandelpad die de oorspronkelijke routes van het Scholtenpad aan weerszijden van de te vervallen spoorwegovergang, verbindt. In de toelichting van het bestemmingsplan is niet ingegaan op de nadelen voor de wandelaars. Het Scholtenpad maakt immers onderdeel uit van de nationale wandelinfrastructuur en wordt door het vervallen van de spoorwegovergang doorbroken. Indiener verwijst naar artikel 5.161b van het Besluit Kwaliteit Leefomgeving (Bkl) waarin staat dat voor zover een omgevingsplan voorziet in nieuwe ontwikkelingen die de landelijke fiets- en wandelroutes, genoemd in Bijlage XVI, kunnen doorsnijden, wordt het belang van de instandhouding van deze fietsen wandelroutes bij het omgevingsplan betrokken. Ook het Scholtenpad is in die Bijlage opgenomen. Hoewel de Omgevingswet nog niet ingevoerd is, staat de inhoud van de wet vast en niet meer ter discussie, volgens indiener.
Gevraagd wordt om een passage in de toelichting van het bestemmingsplan waarin de gemeente duidelijk maakt hoe het belang van deze wandelroute is betrokken en hoe gezorgd wordt voor een veilige, nieuwe inrichting van het plangebied voor wandelaars. Indiener verwijst naar een tekening van de gemeente Aalten van 9 december 2019 waarin een natuurlijk voetpad als verbindende schakel is opgenomen tussen het Scholtenpad en de rest van de wandelverbinding. Indiener verzoekt dat wandelpad in het bestemmingsplan op te nemen. Antwoord Het wandelpad is destijds uit de tekening gehaald op verzoek van bewoners. Daarbij is de voorwaarde gesteld dat wanneer op het gebied van verkeersveiligheid er geen geschikt alternatief aanwezig is, alsnog overgegaan wordt tot de realisatie van het wandelpad. Dit hoeft in het bestemmingsplan niet te worden opgenomen omdat het wandelpad binnen de huidige bestemming past. Het college gaat het wandelpad opnemen in de uitvoeringstekening van de parallelweg. Dit wandelpad wordt vervolgens zodanig ingepast dat er geen sprake is van hinder of overlast voor de directe omgeving.
Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Het gewenste wandelpad kan binnen de huidige bestemming worden uitgevoerd en wordt als zodanig opgenomen in de civieltechnische uitvoeringstekening.
Samenvatting van de zienswijze indiener 4 1. Indiener vraagt naar de inrichting van het natuurlijk voetpad, zoals aangegeven op de inrichtingstekening. Verder wordt daar in de stukken geen melding van gemaakt. Hij is benieuwd hoe het wordt ingevuld. 2. Hij vraagt hoe de afsluiting van de spoorwegovergang wordt gerealiseerd. Wordt dit een hekwerk? Zo ja, hoe komt dat eruit te zien? Past dat in de landelijke omgeving? Indiener ziet een hoog groen gaaswerk niet zitten omdat hij er vanuit zijn woonkamer tegen aankijkt.
Antwoord Ad 1. Het wandelpad wordt uitgevoerd als een natuurlijk wandelpad. De inkleding wordt zodanig vormgegeven dat deze landschappelijk wordt ingepast. Ad 2. Vanuit de spoorwegveiligheid worden bepaalde eisen gesteld aan het te realiseren hekwerk. Het hekwerk dient aan deze eisen te voldoen. Vanuit ProRail is geëist dat het dubbelstaaf draadmat hekwerk 1.83m hoog wordt en in de kleur RAL6009 wordt uitgevoerd. Een andere vorm van afscheiding langs het spoor wordt niet geaccepteerd. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.