CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen bij regels_Bijlage 1 Inrichtingsplan.pdf

Gemeenteraad 21 september 2021, gemeente AaltenBij agendapunt: Voorstel tot gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan ‘Landelijk gebied, uitbreiding recreatieterrein Goorzicht'.1.526 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Inpassingsplan Boterdijk 6 Aalten

Colofon Inpassingsplan Boterdijk 6 te Aalten

Uitgevoerd door:

Natuurbank Overijssel

Opdrachtgever:

Camping Goorzicht

Projectnummer en versie: 2953, versie 1.0 Ligging projectgebied: Boterdijk 6 Aalten

Status: definitief Rapportdatum: 7-6-2021

Correspondentieadres: Aladnaweg 18 7122 RR Aalten BTW-ID: NL001388212B56 E: info@natuurbankoverijssel.nl Tel: 0543-451142 / 0614-435700

1

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding ...................................................................................................................................... 3

Inleiding ............................................................................................................................................... 3

1.2 Aanleiding en doel ...................................................................................................................................... 3 Hoofdstuk 2 Het plangebied ............................................................................................................................... 3 2.1 Ligging van het plangebied ......................................................................................................................... 3 2.2 Beschrijving van het plangebied................................................................................................................. 4 2.3 Landschap................................................................................................................................................... 4 Hoofdstuk 3 Landschappelijke inpassing ........................................................................................................... 5 3.1 Aanleiding en doel ...................................................................................................................................... 5 3.2 Beoordeling ruimtelijke kwaliteit van het plangebied ............................................................................... 5 3.3 Kansen voor versterken landschappelijke inpassing ..................................................................................

5 3.4 Plan voor landschappelijke inpassing ......................................................................................................... 6 Hoofdstuk 4 Inrichting en beheer....................................................................................................................... 7 4.1 Algemeen ................................................................................................................................................... 7 4.2 Inrichtingsmaatregelen .............................................................................................................................. 7 4.3 Beheer ........................................................................................................................................................ 8

2

HOOFDSTUK 1

INLEIDING

1.1 Inleiding Camping Goorzicht, gevestigd aan de Boterdijk heeft concrete plannen voor uitbreiding van de huidige camping. Daartoe is een erf met bijbehorende agrarische cultuurgrond en een bosje op het adres Boterdijk 6 te Aalten, verworven. Het voornemen is deze locatie te betrekken bij het campingbedrijf Goorzicht. Om deze ontwikkeling mogelijk te maken, dient het bestemmingsplan gewijzigd te worden. Eén van de voorwaarden die de gemeente Aalten heeft gesteld aan deze uitbreidingslocatie, is een goede landschappelijke inpassing van de uitbreidingslocatie. In voorliggend rapport, wordt een concreet voorstel voor landschappelijke inpassing gepresenteerd. 1.2 Aanleiding en doel Camping Goorzicht wil een perceel ten oosten van het huidige campingbedrijf inrichten en benutten t.b.v. verblijfrecreatie. Daartoe wordt het terrein geschikt gemaakt voor camperplaatsen, trekkersplekken en verblijfsaccommodaties, zoals chalets en familiehuisjes. Het terrein wordt landschappelijk versterkt door de aanleg van beplanting. Centraal in het plangebied wordt een speelvijver gegraven. De uitbreidingslocatie wordt via een pad ontsluiten. Dit pad sluit aan op de huidige entree van de camping.

Verbeelding van het wenselijke eindbeeld van de uitbreiding van camping Goorzicht; Boterdijk 6.

HOOFDSTUK 2 HET PLANGEBIED 2.1 Ligging van het plangebied Het plangebied is gesitueerd aan de Boterdijk 6 te Dale. Het ligt in het buitengebied, circa 1 kilometer ten noordwesten van de woonkern Aalten. Op onderstaande uitsnede van de topografische kaart wordt de ligging van het plangebied weergegeven. 3

Ligging van het plangebied. Deze wordt met de rode contour op de kaart weergegeven.

2.2 Beschrijving van het plangebied Het plangebied omvat een voormalige agrarisch erf met aangrenzend perceel agrarisch cultuurland, erfbeplanting en een gemengd bosje. Het gemengd bosje aan de noordzijde van het plangebied bestaat uit grove den, Douglass spar, larix, ruwe berk, Amerikaanse eik en zomereik en heeft een ondergroei van lijsterbes, Amerikaanse vogelkers en vuilboom. Het grenst aan de noord-, oost- en zuidzijde aan opgaande beplanting en aan de westzijde aan de Boterdijk. Op onderstaande luchtfoto wordt het plangebied in detail weergegeven.

Begrenzing van het plangebied op de luchtfoto.

2.3 Landschap Het plangebied behoort tot het kampenlandschap van Dale, en ligt precies op de overgang naar het heideontginningslandschap van de Wolboom te westen en het broek- en goorontginningslandschap teb noorden. Op onderstaande uitsnede van de historische topografische kaart, wordt de ligging van het plangebied aangeduid.

4

Ligging van het plangebied op de historische topografische kaart.

HOOFDSTUK 3 LANDSCHAPPELIJKE INPASSING 3.1 Aanleiding en doel De gemeente Aalten stelt als voorwaarde bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied, dat er sprake moet zijn van een goede landschappelijke inpassing. Er is sprake van een goede landschappelijke wanneer de bebouwing en het gebruik niet als visueel storend wordt ervaren. Een erf of bedrijfslocatie kan landschappelijk ingepast worden door middel van de aanplant van streekeigen beplanting, zowel qua soort beplanting als beplantingsvorm. Eén van de aspecten die bijdragen aan een goede landschappelijke inpassing is de zichtbaarheid van gebouwen of gebruikers vanaf de openbare weg of woonerven. 3.2 Beoordeling ruimtelijke kwaliteit van het plangebied Het plangebied wordt volledig omsloten door opgaande beplanting. Er is vanaf de Romienendiek geen zicht op het plangebied. Vanaf de Boterdijk is nauwelijks zicht op het plangebied. Alleen via het erfpad is er zicht op het plangebied. Aan de oostzijde wordt het plangebied omzoomd door een houtwal van zomereiken en ondergroei van berk, boswilg en vuilboom. Gedurende de wintermaanden, wanneer loofhout het blad verliest, is enig zicht op het plangebied mogelijk. Gelet op de aanwezige beplanting rondom het plangebied, is het plangebied redelijk ingepast. 3.3 Kansen voor versterken landschappelijke inpassing Het plangebied is reeds vrij goed landschappelijk ingepast.

Het zicht op het plangebied, vanuit het oosten, kan versterkt worden door de huidige houtwal te versterken met struweelbeplanting. Geadviseerd wordt een dubbele rij struweelvormers voor de huidige houtwal te planten en deze te beheren als hakhout. Hierdoor blijf de beplanting dicht en wordt het zicht op het plangebied weggenomen. In het bosje aan de noordzijde domineren niet inheemse boomsoorten als Amerikaanse vogelkers, Douglass spar, Amerikaanse eik en larix. Door geleidelijke omvorming naar een bosje met puur inheemse soorten, neemt de ecologische waarde van het bosje toe. Dit omvormingsbeheer dient gefaseerd uitgevoerd te worden in een periode van 10-15 jaar. Voorkomen moet worden dat door uitkap massale (natuurlijke) verjonging optreed door douglass spar of Amerikaanse eik. Geadviseerd wordt kleinschalige uitkap onder scherm, waardoor de druk van natuurlijke verjongen uit blijft. Bodemverwonding kan leiden tot natuurlijke verjongen van wenselijke en niet-wenselijke soorten. Gelet op het dichte kroondek, is het doorplanten van open plekken met jonge bomen niet zinvol. Natuurlijke opslag van inheemse soorten moet op den duur 5

leiden tot een natuurlijker bos. Beheersmaatregelen, zoals het maaien van jonge opslag van Amerikaanse eik kan nodig zijn. Geadviseerd wordt om dit onder begeleiding van een bosdeskundige uit te voeren. Impressie van het plangebied;

Verbeelding van het plangebied. Op de bovenste foto’s wordt de houtwal langs de oostgrens van het plangebied weergegeven.

3.4 Plan voor landschappelijke inpassing Aanbrengen nieuwe beplanting Als versterking van de landschappelijke inpassing van het plangebied wordt voorgesteld een dubbele rij beplanting toe te voegen, zodat de houtsingel, vanaf de erfscheiding minimaal 6 meter breed wordt. Op onderstaande afbeelding wordt het voorstel voor landschappelijke inpassing weergegeven. 6

Verwijderen niet-inheemse bomen In het bosje tussen de camping en de Boterdijk-Romienendiek worden niet-inheemse bomen, gefaseerd en in een periode van 10-15 jaar de exoten uitgekapt om het bos geleidelijk om te vormen naar een natuurlijk bos. Het uiteindelijke doel is een natuurlijk bos, met kruid-, struik- en boomlaag waardoor er geen zicht op het recreatieterrein is vanaf de Romienendiek.

Voorstel voor landschappelijke inpassing.

HOOFDSTUK 4 INRICHTING EN BEHEER 4.1 Algemeen Om tot het wenselijke eindbeeld te komen moeten er inrichtingsmaatregelen uitgevoerd worden en dient nieuwe beplanting op een bepaalde wijze beheerd te worden om zich te ontwikkelen, zoals bedoeld. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de noodzakelijke inrichtings- en beheermaatregelen om tot het wenselijke eindbeeld te komen. 4.2 Inrichtingsmaatregelen Versterken houtsingel Het wenselijke eindbeeld is een houtsingel, die vanaf de erfgrens, minimaal zes meter breed is. Dat houdt in dat de huidige houtsingel meest drie en op enkele plekken, twee meter verbreed moet worden. Geadviseerd wordt een dubbele rij beplanting aan te leggen, bestaande uit een gelijk gemengde aanplant van boswilg, wilde liguster, huls, taxus, zomerlinde, wilde kers, zomereik, iep, meidoorn, sleedoorn, Gelderse roos en hondsroos. Deze beplanting wordt in een plantverband van 1,5 x 1x5 meter gepoot. Er wordt gebruik gemaakt van driejarig bosplantsoen (80-120 cm). Om te voorkomen dat de nieuwe aanplant beschadigd wordt door betreding, wordt deze uitgerasterd. In totaal wordt 440 meter beplanting aangelegd (2x220 meter). In de beplanting worden 290 stuks beplanting verwerkt (29 stuks per soort). Op plekken waar slechts

7

2 meter nieuwe singel aangelegd hoeft te worden, wordt de beplanting in de bestaande singel afgezet om voldoende licht te krijgen voor de ontwikkeling van de nieuwe aanplant. Betreding van de houtingel door gasten wordt onmogelijk gemaakt door stekelige struikvormers langs de buitenzijde te zetten (sleedoorn, hondsrood, meidoorn) en een raster te plaatsen. Omvormen bos De omvorming naar een natuurlijk bos zonder exoten vindt plaats op natuurlijke wijze.

4.3 Beheer Houtingel De houtsingel wordt beheerd als hakhoutsingel. Daartoe wordt de singel periodiek en vlaksgewijs afgezet. Dit afzetten dient iedere 12-15 jaar te gebeuren, met uitzondering van 50% van de boomvormers. Het afzetten gebeurt vlak boven de grond op maximaal 20 cm hoogte. De singel groeit op natuurlijke wijze uit, maar mag aan de binnenzijde gesnoeid worden als overhangende takken schade of hinder veroorzaken. De houtsingel aan de zuidzijde van de erfgrens (aansluitend op de houtsingel in het plangebied, maar net buiten het plangebied), bestaat hoofdzakelijk uit zomereiken. Een hakhoutbeheer van deze singel, met behoud van zomereiken overstaanders, vormt een zinvolle beheermaatregel voor deze singel en heeft tevens een positief effect op de bestaande en nieuw aan te leggen houtsingel in het plangebied. Omvormen bos Afhankelijk van de ontwikkeling dient aanvullend beheer uitgevoerd te worden. Dat is aan de orde, als massale verjonging van Amerikaanse eik of Douglass spar optreedt nadat er zonlicht op de bomen komt, als gevolg van kapwerkzaamheden. Aanvullend beheer met een bosmaaier is dan wenselijk. Wenselijke opslag van inheemse soorten dient daarbij gespaard te worden. Geadviseerd wordt hierbij deskundige ondersteuning te betrekken.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=f4850b9b-5bf2-46a6-aaa1-9c5376e5488c