CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Activiteitenplan.pdf

Oordeelvorming raad 12 april 2022, gemeente AaltenBij agendapunt: Voorstel tot gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Kern Aalten, uitbreiding bedrijventerrein ’t Broek en onttrekking van een gedeelte van de Vierde Broekdijk aan het openbaar verkeer14.991 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Deze kunnen worden gebruikt als tijdelijke compensatie voor de grote weerschijnvlinder. Voor het nieuw te realiseren gebied is het belangrijk dat de randen van houtopstanden en -wallen bereikbaar blijven. Daarnaast zullen boswilgen (3-5 tak maat) aan de randen worden aangeplant. De vlinder komt namelijk voor op beschutte plaatsen in de halfschaduw (De Vlinderstichting, 2021b). De grote weerschijnvlinder komt jaarrond voor op de waardplant (figuur 4). Het verwijderen van de boswilgen zal daarom plaatsvinden buiten de kwetsbare periode van de bunzing (15 maart - 1 september) aangezien de bosschages ook deel uitmaken van het leefgebied van deze soort. Door te werken buiten de kwetsbare voortplantingsperiode van de bunzing wordt bovendien gewerkt buiten de voortplantingsperiode van de grote vos (begin april - half juli, zie figuur 3) en het vogelbroedseizoen (15 maart - 15 juli). Om de boswilgen te verwijderen moeten de takken onder ecologische begeleiding worden afgezaagd en worden gecontroleerd op de aanwezigheid van rupsen. Indien deze aanwezig zijn moeten deze worden verplaatst naar boswilgen langs de rand van het GNN-bos of andere eventueel in de directe omgeving aanwezige boswilgen.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

24

3345.03

Figuur 4. Levensstadia van de grote weerschijnvlinder gedurende een jaar (UK Butterflies, 2021b)

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

25

3345.03

6

MAATREGELEN EN PLANNING

6.1

Uitvoering van de werkzaamheden De planning van de werkzaamheden is afgestemd op de aanwezigheid van de gewone dwergvleermuis, bunzing, huismus, grote vos en grote weerschijnvlinder. De werkzaamheden die deze soorten kunnen verstoren vinden daarom plaats in de minst kwetsbare periodes (zie tabel). Deze periodes zijn afgestemd op de kennisdocumenten van BIJ12 (gewone dwergvleermuis en huismus), de ‘Handreiking Kleine Marters in relatie tot de soortbescherming’ en de ‘Brochure Soortenbescherming in Overijssel’ (bunzing). Werkzaamheden die betrekking hebben op de boswilgen moeten plaatsvinden buiten de kwetsbare periode van de bunzing (15 maart - 1 september) aangezien de bosschages deel uitmaken van het leefgebied van deze soort. Door te werken buiten de kwetsbare voortplantingsperiode van de bunzing wordt ook gewerkt buiten de voortplantingsperiode van de grote vos (begin april - half juli) en het vogelbroedseizoen (15 maart - 15 juli). De grote weerschijnvlinder is jaarrond op de waardplant aanwezig. Voor deze soort moeten de maatregelen daarom onder ecologische begeleiding worden uitgevoerd. Tabel 8. Werkzaamheden in groene periodes kunnen zonder beperkingen worden uitgevoerd, werkzaamheden in oranje periodes kunnen worden uitgevoerd mits aan voorschriften uit dit activiteitenplan wordt voldaan en in rode periodes kunnen de werkzaamheden niet plaatsvinden.

Jan

Feb

Mrt Apr

Mei

Jun

Jul

Aug

Sep

Okt

Nov

Dec

Gewone dwergvleermuis Bunzing Huismus Grote vos Grote weerschijnvlinder Gewone dwergvleermuis Pas nadat het gebouw ongeschikt is gemaakt en de effectiviteit van deze maatregel is gecontroleerd mag het gebouw worden gesloopt. Met het in acht nemen van de gewenningstijd is de eerstvolgende mogelijkheid om het gebouw te slopen in de periode 16 juli tot 15 oktober 2022. De ecologische maatregelen worden in de onderstaande volgorde uitgevoerd: • Ophangen tijdelijke verblijfplaatsen; • Tijdig ongeschikt maken van het gebouw (na aflopen gewenningstijd en ontheffingsverlening); • Controle op effectiviteit; • Bescherming tijdelijke verblijven; • Sloop gebouw; • Aanbrengen nieuwe verblijven. Bunzing Pas nadat nieuw leefgebied voor de bunzing is gecreëerd kan worden begonnen met de werkzaamheden. Het ongeschikt maken van het leefgebied en het verwijderen van het dijkje met bosschages mag alleen plaatsvinden in de minst kwetsbare periode van de bunzing, namelijk tussen 1 september en 15 maart.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

26

3345.03

De ecologische maatregelen worden in de onderstaande volgorde uitgevoerd: • Realiseren nieuw leefgebied; • Ongeschikt maken huidig leefgebied; • Verwijderen huidig leefgebied. Huismus Mogelijk blijft 100% van de strook bosschages behouden. Indien dit niet het geval is mag maximaal 50% van de bosschages worden verwijderd nadat aanvullende struiken zijn geplant in het te behouden deel van de bosschages én als deze nieuwe bosschages minimaal drie maanden aanwezig zijn. Het verwijderen mag niet plaatsvinden in de broedperiode (1 maart tot 1 september) en in periodes met vorst. Rekening houdend met de kwetsbare periode van de huismus is de eerstvolgende mogelijkheid om maximaal 50% van de bosschages te verwijderen van 1 september 2022 tot 1 maart 2023. Indien het noodzakelijk is om maximaal 50% van de bosschages zullen worden verwijderd moeten de ecologische maatregelen in de onderstaande volgorde uitgevoerd: • Realiseren nieuwe struiken; • Ongeschikt maken leefgebied (verwijderen max. 50% van bosschages). Grote vos en grote weerschijnvlinder Wanneer er voldoende nieuw leefgebied is gerealiseerd kan het huidige leefgebied ongeschikt worden gemaakt. De periode waarin dit mag gebeuren is afgestemd op de kwetsbare periode van de bunzing en kan daardoor plaatsvinden in de periode 1 september tot 15 maart.

Negatieve effecten op de grote vos en algemene broedvogelsoorten kunnen daarmee worden vermeden. Voor de grote weerschijnvlinder is aanvullende ecologische begeleiding nodig bij het ongeschikt maken om eventuele negatieve effecten op de rups van de soort te voorkomen. De ecologische maatregelen worden in de onderstaande volgorde uitgevoerd: • Realiseren nieuw leefgebied; • Ongeschikt maken leefgebied. 6.2

Ophangen tijdelijke verblijfplaatsen Gewone dwergvleermuis In totaal moeten er vier tijdelijke zomer-/paarkasten worden geplaatst. Deze worden uiterlijk 15 februari 2022 geplaatst. De kasten worden opgehangen volgens de voorschriften van het kennisdocument van BIJ12. Dit houdt onder andere in dat ze allemaal op 3 meter hoogte zijn geplaatst, met een vrije invliegroute en buiten het bereik van predatoren. Ook mogen ze niet op dezelfde gevel worden aangebracht (BIJ12, 2017 a). Potentiële locaties voor het ophangen van vleermuiskasten zijn weergegeven in figuur 5. Voor het plaatsen van tijdelijke paarverblijfplaatsen geldt een gewenningsperiode van zes maanden voorafgaand aan de paarperiode. Dit betekent dat tijdelijke kasten uiterlijk 15 februari aanwezig moeten zijn en uiterlijk 15 januari als de werkzaamheden op 16 juli 2022 willen kunnen starten. Daarnaast geldt dat ook de gewenningsperiode voor zomerverblijven in acht moet worden genomen. De gewenningsperiode voor zomerverblijven is drie maanden, waarin alleen de maanden april t/m oktober meetellen. De gewenningsperiodes zullen elkaar daarom deels overlappen. Dit houdt in dat het gebouw vanaf 16 juli 2022 ongeschikt mag worden gemaakt indien de ontheffing is verleend.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

27

3345.03

Figuur 5. Voorgestelde locaties voor het ophangen van de tijdelijke vleermuiskasten (rode stippen) t.b.v. de mitigatie van het zomer-/paarverblijf (blauwe stip).

6.3

Realiseren nieuw leefgebied Huismus Indien er bosschages worden gekapt (maximaal 50%) moet de kwaliteit van de leefomgeving worden versterkt. Hiervoor moeten op enkele plekken nieuwe struiken worden geplant in het gedeelte dat behouden blijft (figuur 6). Door dit niet over de gehele lengte te doen blijft er altijd voldoende leefgebied aanwezig voor de huismussen om ongestoord te gebruiken. Voor de aanplant worden doornstruiken als meidoorn of groenblijvende struiken als hulst aangeraden. Eventueel zijn hagen als liguster en haagbeuk toepasbaar. Indien maximaal 50% van de bosschages wordt verwijderd neemt de strook bosschages qua oppervlakte af, maar door doornstruiken, groenblijvende stuiken of hagen aan te planten is er een verbetering van de kwaliteit van het leefgebied. Er zijn daarmee geen negatieve effecten op de vlak buiten het projectgebied broedende huismussen. Door nieuwe bosschages voor 1 maart 2022 aan te planten wordt er gewerkt buiten de kwetsbare periode van de huismus en wordt de soort zo min mogelijk verstoord. In de broedperiode mogen er geen werkzaamheden plaatsvinden rond de bosschages. Andere maatregelen die de huismus ten goede komen is het realiseren of behouden van zandige plekken om stofbaden te kunnen nemen. Deze plekken kunnen ook onder het struikgewas aanwezig zijn.

Daarnaast is het realiseren of behouden van oppervlaktewater of een drankschaal voordelig voor de huismus. Nieuwe struiken moeten minimaal drie maanden voor het verwijderen van bosschages aanwezig zijn.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

28

3345.03

Figuur 6. De strook bosschages die behouden moet blijven (groene kader) en de locaties waar nieuwe struiken worden aangeplant (rode vlakken).

Bunzing, grote vos, grote weerschijnvlinder Voor de bunzing, grote vos en grote weerschijnvlinder wordt in het voorjaar van 2022 gestart met het realiseren van toekomstig leefgebied. Dit leefgebied wordt gecreëerd op twee naastgelegen percelen met een totale oppervlakte van circa 1,22 hectare. In de huidige situatie ligt hier een grasperceel met aan de randen enkele houtopstanden behorende bij het GNN (west) en de tuin behorende bij Dinxperlosestraatweg 72-72A, waar reeds een houtwal en vijver aanwezig is (zuid) (figuur 7).

Figuur 7. Projectgebied (rood) en gebieden die gebruikt worden voor mitigatiemaatregelen (groen).

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

29

3345.03

Bunzing Bij de ontwikkeling gaat 0,25 hectare leefgebied van de bunzing verloren. Ter mitigatie van de bunzing (en vlindersoorten) wordt er 1,22 hectare toekomstig leefgebied ingericht. Dit nieuwe leefgebied moet gerealiseerd worden voordat het dijkje en de houtwal in het projectgebied verwijderd kunnen worden. Er wordt tijdig gestart met de realisatie, namelijk in het voorjaar van 2022. In het toekomstige schetsontwerp is op het westelijke perceel een vijver ingetekend (figuur 9 en 10). Deze vijver kan positief bijdragen aan het leefgebied van de bunzing aangezien deze soort de voorkeur geeft aan waterrijke habitats en de hierin levende amfibieën deel uitmaken van zijn dieet (Veldman, Troost & Klink, 2021; Zoogdiervereniging, 2021). Daarnaast wordt de vijver op het erf van Dinxperlosestraatweg 72-72A in stand gehouden. Ook dit kan een belangrijk element worden genoemd. Om het gebied verder in te richten voor de bunzing wordt er een dijkje gerealiseerd naast de vijver waar nieuwe holen in gegraven kunnen worden om te gebruiken als verblijfplaats. Het dijkje moet omlijnd worden met bosschages zodat er voldoende dekking is voor de bunzing en zodat er ook leefgebied voor prooidieren van de bunzing ontstaat. Daarnaast moet er een nieuwe houtwal worden gerealiseerd, om te compenseren voor de houtwal die verloren gaat.

Deze houtwal wordt gerealiseerd ten zuiden van het projectgebied. In de huidige situatie is hier ook het woonhuis van de Dinxperlosestraatweg 72-72A aanwezig, een deel van de houtwal kan daarom pas gerealiseerd worden wanneer de woning is gesloopt. Op dit perceel is verder al een houtwal aanwezig en hier bevindt zich ook een vijver die een positieve bijdrage zal leveren aan het nieuwe leefgebied. Andere elementen die de bunzing ten goede komen zijn takkenrillen en een marterhoop, deze elementen zullen ook in het nieuwe leefgebied gerealiseerd worden. Takkenrillen worden ten westen en zuiden van het projectgebied gerealiseerd, aan de randen van de percelen. De marterhoop wordt ten zuiden van het projectgebied gerealiseerd, zodat ook hier een nieuwe verblijfplaats ter beschikking is (figuur 9). De marterhoop kan door middel van stoeptegels en stenen worden gemaakt of door een pallet te bedekken met zeil en deze aan de binnenkant geschikt te maken. In een brochure van Stichting Landschapsbeheer Gelderland uit 2007 is het volgende beschreven over de aanleg van een takkenhoop: “Als u een marter-takkenhoop in uw tuin bouwt, moet u er voor zorgen dat de takkenhoop vrij is van tocht en met natuurlijk materiaal zoals blad, stro en dergelijke wordt gevuld. Verder moet het droog zijn.

De takkenhoop wordt aangelegd met negen stoeptegels als vloer, muurtjes van baksteen (2-3 bakstenen hoog) en negen stoeptegels als plafond. Daarbovenop komt een laag van minimaal 0,5 - 1 m takken of snoeiafval (hoe meer hoe beter). Drie of minimaal twee in-/uitgangen kunnen in de muurtjes worden uitgespaard”. In figuur 8 is een afbeelding van de takkenhoop weergegeven.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

30

3345.03

Figuur 8. Afbeelding van de takkenhoop (SLG, 2007).

Grote vos Voor het nieuw te realiseren gebied is het belangrijk dat de randen van de aanwezige houtopstanden en -wallen bereikbaar blijven. Daarnaast zullen de waardplanten iep en boswilg (3-5 tak maat) aan de randen worden aangeplant. De vlinder komt namelijk voor op warme, zonnige, open maar beschutte plaatsen. In figuur 9 staan hiervoor locaties voorgesteld. Er moet tijdig gestart worden met het planten van waardplanten, namelijk in het voorjaar van 2022. Verder kunnen houtstapels of takkenrillen positieve invloed hebben op de soort, omdat ze gebruikt kunnen worden als overwinteringslocatie (De Vlinderstichting, 2021 a). Daarom wordt aanbevolen ook deze elementen nabij de waardplanten te realiseren. Verder wordt een gebied ten noorden van het projectgebied ingericht als park, er wordt aangeraden om hier eveneens boswilg en/of iep aan te planten (figuur 10). Verder moeten eventueel bestaande boswilgen zoveel mogelijk worden ontzien bij de inrichtingsmaatregelen. Als deze aan de randen van bestaande houtopstanden of -wallen staan moeten deze randen vrij worden gehouden, zodat ze geschikt blijven als voortplantingsplaats. Grote weerschijnvlinder Voor het nieuw te realiseren gebied is het belangrijk dat de randen van de aanwezige houtopstanden en -wallen bereikbaar blijven. Daarnaast zullen boswilgen (3-5 tak maat) aan de randen worden aangeplant.

De grote weerschijnvlinder komt namelijk voor op beschutte plaatsen in de halfschaduw (De Vlinderstichting, 2021b). In figuur 9 staan hiervoor locaties voorgesteld. Er moet tijdig gestart worden met het planten van waardplanten, namelijk in het voorjaar van 2022. Verder wordt een gebied ten noorden van het projectgebied ingericht als park, er wordt aangeraden om hier eveneens boswilg aan te planten (figuur 10). Verder moeten eventueel bestaande boswilgen zoveel mogelijk worden ontzien bij de inrichtingsmaatregelen. Als deze aan de randen van bestaande houtopstanden of -wallen staan moeten deze randen vrij worden gehouden, zodat ze geschikt blijven als voortplantingsplaats.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

31

3345.03

Figuur 9. Voorstel voor mitigatiemaatregelen ten behoeve van de bunzing, grote vos en grote weerschijnvlinder.

Figuur 10. Noordelijke gedeelte van het schetsontwerp van het projectgebied. Rechts is de vijver te zien (geel kader) en onderin het park waar waardplanten voor de vlindersoorten geplant kunnen worden (rood kader).

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

32

3345.03

6.4

Ongeschikt maken van het gebouw Gewone dwergvleermuis Gelet op de gewenningsperiodes van tijdelijke vleermuiskasten is de eerstvolgende periode waarin het woonhuis ongeschikt kan worden gemaakt vin de periode 16 juli tot 15 oktober 2022. Dit moet minimaal vijf dagen voorafgaand aan de werkzaamheden gebeuren. Om het gebouw ongeschikt te maken als verblijfplaats moet de spouwmuur en eventuele andere tussenruimtes flink gaan tochten. Het creëren van tocht is echter niet eenvoudig. Het gebouw mag niet instorten, maar er moet wel voldoende luchtcirculatie zijn om de vleermuizen weg te jagen. Daarnaast is er soms nog oude isolatie aanwezig. Het creëren van tocht kan bereikt worden door gaten in de muren te maken (75 x 75 cm) of door de dakbedekking los te maken, dan wel gaten hierin te maken. Er wordt ook aangeraden om de muren op de hoeken van het gebouw volledig te verwijderen of de bovenkant van de muur open te maken, waardoor een flinke tocht in de spouwmuur ontstaat en licht kan doordringen. Het doel van deze maatregel is dat vleermuizen uit het gebouw vertrekken voordat de sloopwerkzaamheden plaats gaan vinden. In deze periode kan de vleermuis de tijdelijke vleermuiskasten gebruiken als vervangende verblijfplaats.

6.5

Controle op de effectiviteit Gewone dwergvleermuis Nadat het woonhuis ongeschikt is gemaakt moet er na vijf of meer dagen een controle plaatsvinden. Afhankelijk van het ongeschikt maken is dit op zijn vroegst op 21 juli 2022. Deze controle vindt plaats in dezelfde vorm als het nader onderzoek naar vleermuizen. De temperatuur moet voor het uitvoeren van dit onderzoek dus minimaal 7 graden Celsius zijn. Wanneer de gewone dwergvleermuis nog steeds wordt aangetroffen moeten de maatregelen worden uitgebreid. Na vijf dagen vindt er dan opnieuw een controle plaats. Wanneer er geen vleermuizen meer aanwezig zijn wordt het gebouw natuurvrij verklaard door de begeleidend ecoloog en mag de sloop plaatsvinden.

6.6

Bescherming tijdelijke verblijven Gewone dwergvleermuis De tijdelijke vleermuisverblijfplaatsen moeten tijdens de werkzaamheden worden beschermd. Er mag geen (bouw)verlichting schijnen of uitstralen op de aangebrachte vleermuiskasten. Na uitvoering van de werkzaamheden blijven deze voorzieningen hangen. Als het gewenst is deze voorzieningen te verwijderen, kan dit pas nadat de permanente verblijven zijn geplaatst, de gewenningsperiode voor deze kasten voorbij is en de afwezigheid van vleermuizen in de vleermuiskasten is gecontroleerd.

6.7

Sloop van bebouwing Gewone dwergvleermuis De sloop van het woonhuis vindt plaats nadat het gebouw natuurvrij is verklaard. Afhankelijk van het ongeschikt maken en de controle is dit op zijn vroegst 22 juli 2022. De bebouwing moet gesloopt worden vanaf één zijde. Op deze manier hebben eventueel nog aanwezige dieren de mogelijkheid om te ontsnappen. Wordt een dier tijdens de sloop aangetroffen dan moet dit dier de kans krijgen om zichzelf in veiligheid te brengen. Bij onbekende situaties wordt contact opgenomen met de begeleidend ecoloog.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

33

3345.03

6.8

Ongeschikt maken van leefgebieden Huismus Wanneer in februari 2022 de struiken in de groenstrook zijn geplant, mag vanaf september 2022 (buiten de kwetsbare periode) maximaal 50% van de groenstrook verwijderd worden. Dit betekent dat er vier meter in de breedte bosschages behouden moeten blijven (figuur 6). Het verwijderen mag echter niet plaatsvinden in de broedperiode en in periodes met vorst. Het is hierbij belangrijk dat zowel voor, tijdens als na de werkzaamheden groenvoorzieningen aanwezig en bereikbaar zijn. Daarnaast moet bij het verwijderen van de bosschages zorgvuldig worden gehandeld. Er moet gewerkt worden vanaf één zijde zodat eventueel aanwezige diersoorten de mogelijkheid hebben om te ontsnappen en er mogen geen huismussen in de bosschages aanwezig zijn ten tijde van de werkzaamheden. Bunzing, grote vos, grote weerschijnvlinder Wanneer er voldoende nieuw leefgebied is gerealiseerd voor de bunzing, grote vos en grote weerschijnvlinder kan het huidige leefgebied ongeschikt worden gemaakt. De periode waarin dit mag gebeuren is afgestemd op de kwetsbare periode van de bunzing. Negatieve effecten op de grote vos en algemene broedvogelsoorten kunnen daarmee worden vermeden. Voor de grote weerschijnvlinder is aanvullende ecologische begeleiding nodig bij het ongeschikt maken om eventuele negatieve effecten op de rups van de soort te voorkomen.

Voor alle soorten geldt dat voldoende nieuw leefgebied moet worden gerealiseerd voordat de bosschages (inclusief boswilgen) verwijderd mogen worden. Voor de grote vos en grote weerschijnvlinder kunnen te behouden waardplanten in de omgeving dienen als tijdelijke overbrugging. In maart 2022 worden alle boswilgen op het terrein en de directe omgeving in kaart gebracht. Langs de bosrand van het GNN-bos zijn tenminste twee boswilgen aanwezig die niet verwijderd zullen worden. Naast het aanbieden van vervangende boswilgen (en iepen voor de grote vos) kunnen deze dienen als tijdelijke uitvalsbasis. Gezien de kwetsbare periode van de soort kan het bestaande leefgebied op z’n vroegst ongeschikt worden gemaakt vanaf 1 september 2022. Echter, als het nieuwe leefgebied voor de bunzing, grote vos en grote weerschijnvlinder nog niet voor 1 maart 2023 is gerealiseerd zal dit pas weer vanaf 1 september 2023 mogen als er nieuw leefgebied is gerealiseerd. Het ongeschikt maken mag namelijk niet plaatsvinden in de periode 15 maart tot 1 september. Indien het ongeschikt maken begint op 1 september 2022 moet een nieuw dijkje met bosschages, een marterhoop, een vijver en takkenrillen gerealiseerd zijn. De nieuwe houtwal kan echter pas volledig worden gerealiseerd als het bestaande woonhuis is gesloopt. Deze maatregel is namelijk ook afhankelijk van de gewone dwergvleermuis.

Naast het aanbieden van vervangend leefgebied kan de bunzing naar het naastgelegen GNN-bos uitwijken. Bunzing Om het leefgebied van de bunzing ongeschikt te maken moeten de bosschages rondom het dijkje en de houtwal worden verwijderd. Daarnaast moet het hoge gras rondom het dijkje worden gemaaid. Alle materialen moeten direct worden afgevoerd. Deze werkzaamheden moeten vanaf één zijde worden uitgevoerd zodat eventueel aanwezige diersoorten de mogelijkheid hebben om te ontsnappen. Nadat de bosschages en houtwal zijn verwijderd is er onvoldoende dekking voor de bunzing, waardoor het dijkje als verblijfplaats onaantrekkelijk wordt gemaakt. Eén week na het verwijderen van de bosschages worden de aanwezige konijnenholen handmatig uitgegraven. Vervolgens kan vanaf de volgende dag het dijkje machinaal worden verwijderd. Dit moet zeer zorgvuldig vanaf één zijde worden uitgevoerd, waardoor eventueel aanwezige dieren de kans hebben te ontsnappen. Er moet aan de noordoostzijde worden gestart, omdat er aan de zuidwestzijde een verbinding is tussen het dijkje en de houtopstanden van het GNN en het nieuwe leefgebied.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

34

3345.03

Grote vos en grote weerschijnvlinder Voor de grote vos en de grote weerschijnvlinder worden de aanwezige boswilgen ongeschikt gemaakt en verwijderd in de minst kwetsbare periode van de bunzing, namelijk tussen 1 september 2022 en 15 maart 2023. Werken in het vogelbroedseizoen wordt daarmee vermeden. Ook worden negatieve effecten op de grote vos daarmee vermeden. De grote vos is in deze periode van het jaar namelijk niet afhankelijk van de boswilg en er wordt niet overwinterd in het projectgebied. Voor de grote weerschijnvlinder zijn echter aanvullende maatregelen nodig. Deze soort is namelijk jaarrond afhankelijk van de boswilg en in deze periode van het jaar aanwezig in de vorm van een rups. Er wordt daarom voorgesteld om de takken van de boswilg handmatig af te zagen op het moment dat wordt begonnen met het ongeschikt maken van het terrein voor de bunzing. De takken en bladeren moeten dan worden gecontroleerd op de aanwezigheid van rupsen. Indien deze aanwezig zijn worden ze onder ecologische begeleiding overgeplaatst naar de nieuw aangeplante boswilgen of boswilgen in de directe omgeving die behouden zullen blijven. 6.9

Aanbrengen permanente vleermuisverblijven Gewone dwergvleermuis Bij de bouw van de nieuwe bedrijfsgebouwen worden op vier plaatsen permanente verblijven gerealiseerd (figuur 11). Hiervan zullen er drie worden geplaatst in de logistieke hal van Kaemingk B.V. en één in de uitbreiding van ISG Lettink. Er wordt gekozen voor gevelkasten van het type IB VL 08 van Vivara Pro die ingemetseld kunnen worden. Deze vleermuiskasten worden opgehangen volgens de richtlijnen van het kennisdocument van BIJ12. De voorgestelde locaties in onderstaande figuur zijn hiervoor aangedragen door de initiatiefnemer.

Figuur 11. Door de initiatiefnemer aangedragen locaties van de permanente verblijfplaatsen (rode stippen). De stip op het gebouw van ISG Lettink is niet precies weergegeven, deze zal terecht komen in het nieuw aan te bouwen gedeelte.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

35

3345.03

6.10

Logboek Van alle werkzaamheden wordt een ecologisch logboek bijgehouden dat (digitaal) op de projectlocatie aanwezig is. Het is belangrijk dat alle mitigerende en compenserende maatregelen goed gedocumenteerd worden. Er komt in te staan welke maatregelen er zijn genomen, wanneer deze genomen zijn en wie er bij betrokken zijn geweest. Ook als er bepaalde soorten worden aangetroffen tijdens de werkzaamheden moet dit in het logboek worden vermeld

6.11

Planning De planning van de maatregelen die in dit hoofdstuk aan bod zijn gekomen staat in onderstaande tabellen per soort weergegeven. Tabel 9. Planning van de maatregelen en werkzaamheden m.b.t. de gewone dwergvleermuis. Werkzaamheden in groene periodes kunnen zonder beperkingen worden uitgevoerd, werkzaamheden in oranje periodes kunnen worden uitgevoerd mits aan voorschriften uit dit activiteitenplan wordt voldaan en in rode periodes kunnen de werkzaamheden niet plaatsvinden.

2022 Jan

Feb

Mrt

Apr

Mei

Juni

P

P

P

P/Z

P/Z

P/Z

Juli

Aug

Sep

Okt

Nov

Kwetsbare periodes Doorlooptijd ontheffing Nestkasten ophangen Gewenningsperiode Gebouw ongeschikt maken Afwezigheid controleren

*

Slopen woonhuis

***

**

* Vanaf 16 juli indien de gewenningstijd is verstreken en nadat de ontheffing is verleend ** Vanaf 21 juli, vijf dagen nadat het gebouw ongeschikt is gemaakt *** Vanaf 22 juli, nadat afwezigheid van vleermuizen is bevestigd

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

36

3345.03

Dec

Tabel 10. Planning van de maatregelen en werkzaamheden m.b.t. de bunzing. Werkzaamheden in groene periodes kunnen zonder beperkingen worden uitgevoerd, werkzaamheden in oranje periodes kunnen worden uitgevoerd mits aan voorschriften uit dit activiteitenplan wordt voldaan en in rode periodes kunnen de werkzaamheden niet plaatsvinden.

Jan

Feb

Mrt

Apr

Mei

2022 Juni Juli

Aug

Sep

Okt

Nov

Dec

Kwetsbare periodes Doorlooptijd ontheffing Realiseren nieuw leefgebied Bosschages verwijderen

*

Holen handmatig uitgraven Start werkzaamheden

** **

* Bosschages mogen verwijderd worden als er voldoende vervangend leefgebied is gerealiseerd. Anders één jaar opschuiven. ** Deze werkzaamheden worden één week na het verwijderen van de bosschages uitgevoerd. Tabel 11. Omgang met de huismus indien het noodzakelijk is om maximaal 50% van de strook bosschages te verwijderen. Werkzaamheden in groene periodes kunnen zonder beperkingen worden uitgevoerd, werkzaamheden in oranje periodes kunnen worden uitgevoerd mits aan voorschriften uit dit activiteitenplan wordt voldaan en in rode periodes kunnen de werkzaamheden niet plaatsvinden.

2022 Jan

Feb

Mrt

Apr

Mei

Juni

Juli

Aug

Sep

Okt

Nov

Kwetsbare periodes Meidoorn, hulst etc. aanplanten Max. 50% groenstrook verwijderen

* **

* Verstoring huismussen voorkomen door niet in periodes met vorst de beplanting aan te brengen. ** Indien nieuwe (groenblijvende of dichte) struiken zijn aangeplant

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

37

3345.03

Dec

Tabel 12. Planning van de maatregelen en werkzaamheden m.b.t. de grote vos en grote weerschijnvlinder. Werkzaamheden in groene periodes kunnen zonder beperkingen worden uitgevoerd, werkzaamheden in oranje periodes kunnen worden uitgevoerd mits aan voorschriften uit dit activiteitenplan wordt voldaan.

Jan

Feb

Mrt

Apr

Mei

2022 Juni Juli

Aug

Sep

Okt

Nov

Dec

Kwetsbare periode grote vos Kwetsbare periode grote weerschijnvlinder Doorlooptijd ontheffing Aanplant nieuwe waardplanten Takken handmatig snoeien onder ecologische begeleiding Boswilgen verwijderen

*

Start werkzaamheden

**

* Minst kwetsbare periodes van de grote vos en grote weerschijnvlinder overlappen elkaar niet. De werkzaamheden/maatregelen lopen daarom samen met die van de bunzing. Overlap met het vogelbroedseizoen wordt daarmee ook vermeden.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

38

3345.03

7

ECOLOGISCH WERKPROTOCOL Stappenplan ≥ 1 januari 2022 Ontheffingsaanvraag wordt ingediend (doorlooptijd van max. 26 weken). Start realisatie vervangend leefgebied bunzing, grote vos en grote weerschijnvlinder (figuur 8 en 9). Bunzing: Dijkje met bosschages, takkenrillen aan zijkanten percelen, marterhoop en nieuwe houtwal aanbrengen. Grote vos: Iep en boswilg op zonnige plekken aanplanten (bosrand), takkenrillen aan zijkanten percelen plaatsen. Grote weerschijnvlinder: Boswilg langs bosranden aanplanten. Gewone dwergvleermuis: Vier tijdelijke vleermuiskasten ophangen binnen 200 m van het complex. ≥ 1 februari 2022 Aanplanten (groenblijvende of dichte) struiken voor huismus, bijv. meidoorn en hulst (figuur 6) indien noodzakelijk is dat maximaal 50% van de strook wordt verwijderd. 1 maart – 30 maart 2022 Boswilgen in en rond het projectgebied worden in kaart gebracht. ≥ 16 juli 2022 (na verkrijgen ontheffing) Ongeschikt maken van woning Dinxperlosestraatweg 72-72A d.m.v. het maken van gaten in de muren en het handmatig verwijderen van alle dakpannen, dakbeschot, boeiboorden en muurplaten. Raam- en deurkozijnen moeten ook worden verwijderd. Het doel is om tocht te creëren in het gebouw en de spouwmuren, zodat vleermuizen het pand zullen verlaten. Let op! Voor de tijdelijke kasten geldt een gewenningstijd van 6 maanden voorafgaand aan de paarperiode (start 15 augustus).

De tijdelijke kasten moeten uiterlijk op 15 februari worden geplaatst om een gewenningstijd van zes maanden te kunnen behalen. De datum vanaf wanneer het gebouw ongeschikt mag worden gemaakt ligt daarom tussen 16 juli en 15 augustus. ≥ 21 juli 2022 (vijf dagen na het ongeschikt maken) Controle op effectiviteit maatregelen Dinxperlosestraatweg 72-72A (nachttemperatuur ≥ 7°C). Natuurvrij verklaring als er geen vleermuizen meer aanwezig zijn. Als er wel vleermuizen aanwezig zijn, gebouw verder ongeschikt maken en na 5 dagen weer een controle. ≥ 22 juli 2022 (na natuurvrij verklaring bebouwing) Aanvang sloop en werkzaamheden Dinxperlosestraatweg 72-72A. Realisatie van vier permanente vleermuisverblijven (ingemetselde gevelkasten) in de nieuwe gebouwen. ≥ 1 september 2022 (huismus) Verwijderen maximaal 50% van de strook bosschages indien voor huismussen optimale beplanting is gerealiseerd. Er wordt niet gewerkt in de broedperiode en in periodes met vorst. Minimaal vier meter in de breedte behouden blijven.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

39

3345.03

-

Het deel aan de zijde van ISG Lettink wordt verwijderd, het deel aan de perceelgrens blijft behouden (figuur 6).

≥ 1 september 2022 (bunzing, grote vos en grote weerschijnvlinder) Verwijderen bosschages en houtwal, afval gelijk afvoeren. Takken boswilgen handmatig afzagen en controleren op aanwezigheid rupsen van de grote weerschijnvlinder onder ecologische begeleiding. Indien aanwezig de rupsen verplaatsen naar te behouden boswilgen aan de randen of buiten het projectgebied. Eén week later konijnenholen handmatig uitgraven. Minimaal één dag later dijkje machinaal verwijderen (dit mag tot eind februari) Als er geen geschikt vervangend leefgebied is in de periode 1 september 2022 tot 1 maart 2023, werkzaamheden opschuiven naar 1 september 2023. Aanvang werkzaamheden wanneer aan mitigatie is voldaan (dijkje, vervangende houtwal, marterhoop, takkenrillen, vijver, boswilgen en iepen zijn geplaatst). Algemene zaken Maak in de actieve periode van vleermuizen ’s avonds en ’s nachts geen of zo min mogelijk gebruik van bouwverlichting. Waar verlichting noodzakelijk is, richt deze op de grond en voorkom uitstraling naar de omgeving. Houd er ook rekening mee dat er geen verstorende verlichting op de tijdelijke en permanente vleermuiskasten wordt gericht. Indien verlichting hier noodzakelijk is, gebruik dan vleermuisvriendelijke, amberkleurige verlichting om verstoring te voorkomen. Groene en witte verlichting gelden als verstorend voor vleermuizen.

Tijdens het nader onderzoek werden in en vlak rondom het erf van Dinxperlosestraatweg 72-72A regelmatig egels waargenomen. In het kader van de zorgplicht voor algemene diersoorten raden we aan om rekening te houden met de egel door voor aanvang van de werkzaamheden grondig te controleren of de soort aanwezig is bij de sloop van het schuurtje, het weghalen van houtstapels/takkenhopen en het verwijderen van de houtwal op de grens met ISG Lettink. Bij het aantreffen van de soort dient contact opgenomen te worden met de begeleidend ecoloog. In een vierkant vijvertje op het erf van Dinxperlosestraatweg 72-72A zijn amfibieën aanwezig, waaronder de kleine watersalamander. Ook zijn amfibieën mogelijk aanwezig in de poel op het terrein van ISG Lettink. Voordat deze worden verwijderd moeten de amfibieën worden weggevangen en verplaatst naar de grote vijver op het erf van Dinxperlosestraatweg 72-72A die behouden zal blijven. Het ecologisch werkprotocol (H7) dient op de locatie aanwezig te zijn en onder alle betrokken werknemers bekend te zijn. Werkzaamheden dienen conform dit protocol te worden uitgevoerd. In onvoorziene situaties m.b.t. de aanwezige fauna dient contact opgenomen te worden met de begeleidende ecoloog. Afwijken van dit protocol is alleen toegestaan na goedkeuring door de begeleidende ecoloog (J.

Metselaar, Buro Ontwerp & Omgeving) Logboek Van alle werkzaamheden en maatregelen wordt een logboek bijgehouden. Hierin komt te staan welke maatregelen er zijn genomen, wanneer deze genomen zijn en wie er bij betrokken zijn geweest. Ook als er bepaalde soorten worden aangetroffen tijdens de werkzaamheden moet dit in het logboek worden vermeld

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

40

3345.03

8

WETTELIJK BELANG EN ALTERNATIEVENAFWEGING

8.1

Gewone dwergvleermuis Wettelijk belang De uitbreiding van ISG Lettink zorgt voor extra baankansen in de regio en levert daardoor een positieve bijdrage op de lokale economie. Om de bedrijfshal te vergroten moet het woonhuis worden gesloopt. Het woonhuis op de locatie is slecht geïsoleerd en gasgestookt. De nieuwe aanbouw van ISG Lettink zal zonder gas worden opgeleverd. Hierdoor zal er minder CO2-uitstoot plaatsvinden op de locatie en wordt bijgedragen aan het behalen van de klimaatdoelen van Parijs. Overigens is de woning asbesthoudend. Bij het vrijkomen van asbest kunnen gezondheidsproblemen worden veroorzaakt, bijvoorbeeld longkanker. Dit kan alleen worden verwijderd door destructief te slopen. Het op een rendabele manier ontwikkelen van het terrein is alleen mogelijk door het verwijderen van de woning. Het behoud van het woning is daarom niet overwogen. Met betrekking tot de uitbreiding van ISG Lettink wordt de ontheffing Wet natuurbescherming daarom aangevraagd in het kader van artikel 3.8 lid 5b belang 3°: “in het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten”.

Alternatievenafweging De bouw van nieuwe bedrijfshallen zorgt voor extra baankansen in de regio en heeft daardoor een positieve bijdrage op de lokale economie. De bestaande woning op de locatie is gasgestookt. Om een duurzame, toekomstbestendige situatie te creëren moet het oude gasgestookte pand worden gesloopt. Het pand voldoet niet aan de moderne duurzaamheidseisen en staat herontwikkeling van de locatie in de weg. Door het bestaande gebouw van ISG Lettink hier uit te breiden blijven de verkeersbewegingen beperkt en wordt er zo min mogelijk natuur versnipperd. Bij de uitbreiding van ISG Lettink is er geen alternatieve inrichting mogelijk, aangezien er andere bedrijven en een weg gelegen is aan deze zijde van het bedrijf. Het woonhuis kan niet behouden blijven bij de uitbreiding van het bestaande gebouw. Bij sloop van het pand gaat de verblijfplaats van de gewone dwergvleermuis verloren. Dit is niet te voorkomen. De werkzaamheden vinden daarom plaats in de minst kwetsbare periode, nadat het gebouw natuurvrij is verklaard. Daarnaast heeft de gewone dwergvleermuis in een eerder stadium kunnen wennen aan nieuwe tijdelijke verblijfplaatsen (kasten). Dit is het meest gunstige alternatief, waarbij de mate van verstoring zoveel mogelijk wordt beperkt. De planning is afgestemd op de aanwezigheid van de gewone dwergvleermuis.

Het pand wordt in de minst kwetsbare periode ongeschikt gemaakt, namelijk tussen 1 april en 30 april of tussen 16 juli en 15 oktober. Pas daarna wordt het pand gesloopt. Werken buiten deze periodes is geen optie omdat geen verstoring mag optreden in de kwetsbare kraam- en winterrustperiode.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

41

3345.03

8.2

Bunzing, grote vos en grote weerschijnvlinder Wettelijk belang Bij de realisatie van de bedrijfshallen gaat er leefgebied van de bunzing, grote vos en grote weerschijnvlinder verloren. Omdat dit een ruimtelijke ontwikkeling betreft wordt de ontheffing voor deze soorten aangevraagd in het kader van artikel 3.10 lid 2a: “in het kader van de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden of van kleinschalige bouwactiviteiten, met inbegrip van het daarop volgende gebruik van het gebied of het gebouwde”. Alternatievenafweging Door de grootte van het projectgebied en de te realiseren bedrijfshallen is er geen alternatief inrichtingsplan waarbij het leefgebied van de bunzing, grote vos of grote weerschijnvlinder behouden kan blijven. Er zal wel nieuw leefgebied worden ingericht. Reeds in 2012 is het projectgebied bestemd als toekomstige uitbreidingslocatie van het industrieterrein. Door hier uit te breiden blijven de verkeersbewegingen beperkt. Er bevindt zich namelijk al een vestiging van Kaemingk B.V. op het industrieterrein in Aalten en er zal veel transport plaatsvinden tussen de twee locaties. Wanneer de uitbreiding in een andere stad plaatsvindt zal dit resulteren in aanzienlijk meer verkeersbewegingen. Hierdoor zal ook de uitstoot toenemen.

Daarnaast is dit geen optie omdat het een negatief effect heeft op de klimaatdoelen, terwijl Nederland het klimaatakkoord van Parijs heeft ondertekend en geratificeerd. De werkzaamheden die effect hebben op het leefgebied of de verblijfplaats van de bunzing mogen niet plaatsvinden tussen 15 maart en 1 september. Werken in deze periode is geen optie omdat geen verstoring mag plaatsvinden in de kwetsbare voortplantingsperiode. De maatregelen voor de bunzing die in dit rapport worden besproken zijn gebaseerd op de Handreiking Kleine Marters in relatie tot de soortbescherming en de Brochure Soortenbescherming in Overijssel en zijn daarmee voldoende effectief bewezen. Door te werken buiten de kwetsbare voortplantingsperiode van de bunzing (15 maart - 1 september) wordt ook gewerkt buiten de voortplantingsperiode van de grote vos (begin april - half juli) en het vogelbroedseizoen (15 maart - 15 juli). Werken buiten deze periode is geen optie omdat niet gewerkt mag worden in de kwetsbare periode van de bunzing. Door het nemen van mitigerende en compenserende maatregelen en te werken in de minst kwetsbare periodes van de bunzing en grote vos wordt het meest gunstige alternatief gebruikt waarmee de mate van verstoring zoveel mogelijk wordt beperkt.

Hierbij heeft de bunzing kunnen wennen aan nieuwe verblijfplaatsen en worden er nieuwe waardplanten aangeboden voor de grote vos (iep en boswilg) en grote weerschijnvlinder (boswilg). Ook kan het naastgelegen GNN-bos dienen als tijdelijke compensatie voor de bunzing en (tenminste) twee boswilgen langs de bosrand als tijdelijke compensatie voor de grote vos en grote weerschijnvlinder. De grote weerschijnvlinder komt jaarrond in verschillende levenscycli voor op de waardplant, waardoor er geen minst kwetsbare periode kan worden aangewezen. Negatieve effecten op de grote weerschijnvlinder kunnen alleen worden vermeden indien dit onder ecologische begeleiding gebeurd. De takken van de boswilgen moeten daarom handmatig worden afgezaagd en gecontroleerd op aanwezigheid. Eventueel aanwezige rupsen worden overgeplaatst naar waardplanten die behouden zullen blijven. Dit is het meest gunstige alternatief voor de soort. Werken buiten deze periode is geen optie omdat er dan een groter risico is op het beschadigen van de bunzing, grote vos en algemene broedvogelsoorten. De in dit activiteitenplan besproken werkwijze is het meest gunstige alternatief voor de instandhouding van de aanwezige soorten.

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

42

3345.03

9

KWALIFICATIE EN CONTACTGEGEVENS

9.1

Kwalificatie onderzoekers Buro Ontwerp & Omgeving is betrokken als ecologisch adviseur van dit project. De heer J. Metselaar en mevrouw L. Tilleman zijn betrokken als projectleider bij dit project. Beiden zijn werkzaam als ecoloog bij Buro Ontwerp & Omgeving. De heer J. Metselaar is afgestudeerd aan de VHL Leeuwarden in de richting Diermanagement en mevrouw L. Tilleman is afgestudeerd aan de HAS Den Bosch in de richting Toegepaste Biologie. Het vleermuisonderzoek op deze locatie is uitgevoerd door diverse onderzoekers, zie daarvoor het onderstaande overzicht. Tabel 13. Overzicht veldmedewerkers

Aanhef

Naam

Deskundigheid

Mevr.

L. Tilleman

Dhr.

J. Metselaar

Mevr. Dhr. Mevr. Mevr.

W. Adriaens R. Bredero M. Corporaal C. Dalhuisen

Dhr.

M. Grishchenko

Dhr.

L. Toussaint

Ecoloog, afgestudeerd in Toegepaste Biologie op de HAS Den Bosch Ecoloog, afgestudeerd in Diermanagement op Hogeschool VHL in Leeuwarden BSc-studente Biologie op de WUR MSc-student Forest and Nature Conservation op de WUR BSc-studente in Animal Sciences op de WUR Afgestudeerd in Diermanagement op Hogeschool VHL in Leeuwarden. Ervaring met vleermuisonderzoek: Van 2018 tot 2020 bij Milieuadviesbureau Eco Reest Gepromoveerd in Resource ecology op de WUR. Ervaring met vleermuisonderzoek: In 2020 bij Buro Ontwerp & Omgeving. BSc-student Bos- en Natuurbeheer op de WUR

De personen die aan het begin van het seizoen nog geen ervaring hadden met vleermuisonderzoek zijn intern opgeleid en tijdens het veldwerk begeleidt door de ecologen van Buro Ontwerp & Omgeving. 9.2

9.3

Opdrachtgever Naam: Contactpersoon: Adres: Postcode en plaats: Telefoonnummer: E-mail:

Gemeente Aalten G.H. Scheffer Postbus 119 7120 AC Aalten (0543) 49 33 33 H.Scheffer@aalten.nl

Opdrachtnemer en ecoloog Bedrijf (opdrachtnemer): Buro Ontwerp & Omgeving Ecoloog: Jur Metselaar Telefoonnummer: 06 30927432 E-mail: j.metselaar@ontwerpenomgeving.nl

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

43

3345.03

10

LITERATUURLIJST

10.1

Referenties Arcadis (2018). De staat van instandhouding, Factsheets voor 25 soorten in Gelderland. Arnhem, Nederland: Arcadis BIJ12 (2017a). Kennisdocument Gewone dwergvleermuis, Pipistrellus pipistrellus, versie 1.0, juli 2017. Utrecht, Nederland: BIJ12. BIJ12 (2017b). Kennisdocument Huismus, Passer domesticus, versie 1.0, juli 2017. Utrecht, Nederland: BIJ12. Bos, F., Bosveld, M., Groenendijk, D., van Swaay, C. & Wynhoff, I. (2006). De dagvlinders van Nederland, verspreiding en bescherming. In: Nederlandse Fauna 7. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey - Nederland. Bouwens, S. (2017). Handreiking Kleine Marters in relatie tot soortbescherming. ’s-Hertogenbosch, Nederland: Zoogdiervereniging Nederland en Provincie Noord-Brabant De Vlinderstichting (2019). Voor het eerst in 30 jaar weer voortplanting van de grote vos in Nederland. Geraadpleegd op 18 november 2021 via https://www.vlinderstichting.nl/actueel/nieuws/nieuwsbericht/ voor-het-eerst-in-30-jaar-weer-voortplanting-van-de-grote-vos-in-nederland De Vlinderstichting (2021a). Grote vos. Nymphalis polychloros. Geraadpleegd op 18 november 2021 via https://www.vlinderstichting.nl/vlinders/overzicht-vlinders/details-vlinder/grote-vos De Vlinderstichting (2021b). Grote weerschijnvlinder, Apatura iris.

Geraadpleegd op 18 november 2021 via https://www.vlinderstichting.nl/vlinders/overzicht-vlinders/details-vlinder/grote-weerschijnvlinder Janssen, J. A. M., Schaminée, J. H. J., Brasseur, S. M. J. M., & de Bruyne, R. H. (2008). Europese Natuur in Nederland. Soorten van de Habitatrichtlijn. Tweede sterk herziene en uitgebreide druk. Zeist, Nederland: KNNV Uitgeverij Nationale Databank Flora en Fauna [NDFF] (2021). NDFF Verspreidingsatlas Zoogdieren. Pipistrellus pipistrellus. Geraadpleegd op 23 november 2021 via https://www.verspreidingsatlas.nl/8496199# Ottburg, F.G.W.A. & van Swaay, C.A.M. (2014). Gunstige referentiewaarden voor populatieomvang en verspreidingsgebied van soorten van bijlage II, IV en V van de Habitatrichtlijn. (WOt-rapport; No. 124). Wettelijke Onderzoekstaken Natuur & Milieu, Wageningen UR. https://edepot.wur.nl/359115 SOVON Vogelonderzoek Nederland [SOVON] (2021). Huismus. Passer domesticus - House Sparrow. Geraadpleegd op 18 november 2021 via https://stats.sovon.nl/stats/soort/15910 Stichting Landschapsbeheer Gelderland [SLG] (2007). Steenmarters in en om het huis. Hoe om te gaan met steenmarters in de directe woonomgeving. Rozendaal, Nederland: SLG. UK Butterflies (2021a). Large Tortoiseshell. Nymphalis polychloros. Geraadpleegd op 23 november 2021 op https://www.ukbutterflies.co.uk/species.php?species=polychloros

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

44

3345.03

UK Butterflies (2021b). Purple Emperor. Apatura iris. Geraadpleegd op 23 november 2021 op https://www.ukbutterflies.co.uk/species.php?species=iris Veldman, J., Troost, C. & Klink A. (2021). Brochure Soortenbescherming in Overijssel: Bunzing, egel, hermelijn en wezel. Zwolle, Nederland: Provincie Overijssel. Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus & Zoogdiervereniging (2021). Vleermuisprotocol 2021: Het protocol voor vleermuisinventarisatie, 1 januari 2021. Geraadpleegd via www.netwerkgroenebureaus.nl en www.zoogdiervereniging.nl Zoogdiervereniging (2021). Bunzing. Geraadpleegd https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/bunzing

Vierde Broekdijk en Dinxperlosestraatweg te Aalten

45

op

18

november

2021

3345.03

op

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=1ab05648-c039-483c-baf3-d1e6dd5112e5