CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

Besluitenlijst Oordeelsvormende vergadering Raadzaal d.d. 10 juni 2025

Gemeenteraad 24 juni 2025, gemeente AaltenBij agendapunt: Vaststellen van de besluitenlijst van de oordeelvormende vergadering van 10 juni 20254.661 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

OPENBAAR

Besluitenlijst Oordeelvormende vergadering van 10 juni 2025. Aanvang: 19:30 uur Aanwezig:

Voorzitter: de heer Walter De leden: Agendapunt 2: de heren Assink, Ebbers, Rijks, Van der Graaff en Holtman en de dames Ten Bruin en Hoezen. Agendapunt 3: de heren Ebbers, Rijks, Van der Graaff en Holtman en de dames Kraaijenbrink, Ten Bruin en Hoezen. Agendapunt 4: de heren Assink, Ebbers, Rijks, Hollema, Meerdink en Holtman en mevrouw Hoezen. Namens het college: Agendapunt 2: burgemeester Stapelkamp Agendapunt 3: wethouder Kok Agendapunt 4: wethouder Kok Griffier: mevrouw Titsing

1. Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen welkom. 2. Voorstel indienen zienswijze VNOG conceptbegroting 2026-2029 Eerste termijn. De heer Assink: Er is een voorlopig positief resultaat. De zienswijze ligt in lijn met eerdere zienswijzen, die door de VNOG zijn gevolgd. Bezetting bij de lokale brandweer is een hoofdthema. De toekomstige lasten door investeringen in voertuigen en stijgende personeelskosten zal een financieel gevolg hebben voor Aalten. Wat gebeurt er met het overschot, wordt dit toegevoegd aan de algemene reserve? De heer Van der Graaff: D66 steunt de zienswijze en waardeert de terughoudendheid van de VNOG wat betreft nieuw beleid. Goed dat er complimenten worden gegeven voor prudentheid. Daarnaast het belang van Cross-fire benadrukken. De heer Rijks: GemeenteBelangen is positief over de conceptbegroting en waardeert de duidelijke voorlichting. Kan zich vinden in de zienswijze zoals deze voorligt. Mevrouw Hoezen: PP steunt de zienswijze, maar plaatst kanttekeningen bij het prijzen van bezuinigingen, wettelijke taken en maatschappelijke ontwikkelingen vragen ook investeringen. De heer Ebbers: De VVD steunt de zienswijze en ziet de rust in de organisatie als positief signaal. Mevrouw De Bruin: BBB-HMV steunt de zienswijze en waarschuwt dat de veiligheid niet mag lijden onder bezuinigingen. Kostenbewustzijn is goed, maar binnen redelijke grenzen.

De heer Holtman: De ChristenUnie kan zich vinden in de zienswijze. Wat is de verwachting rondom de mogelijke korting op de BDuR-gelden vanuit het Rijk? Wat is de actuele status van het spreidingsplan binnen de VNOG? Vragen: - Wat gebeurt er met het overschot– wordt dit toegevoegd aan de algemene reserve? - Wat is de verwachting rondom de mogelijke korting op de BDuR-gelden vanuit het Rijk? - Wat is de actuele status van het spreidingsplan binnen de VNOG? Reactie college. Burgemeester Stapelkamp: Wat betreft de toevoeging van het resultaat aan de algemene reserve: we hebben een beleidsregel afgesproken over de maximale hoogte van die reserve. Als die wordt overschreden, moet het overschot worden teruggevoerd. Een gezonde reserve is belangrijk, maar moet geen ‘obesitas’ krijgen. De laatste jaren, en zeker het laatste half jaar, is maatschappelijke weerbaarheid een belangrijk thema geworden. Vanuit het kabinet wordt gedacht aan hulpposten in elke gemeente, vergelijkbaar met

Duitsland, waar mensen bij rampen terechtkunnen voor water, stroom of informatie. Brandweerposten zijn daarvoor logische locaties. Hoe dit precies vorm krijgt, is nog onduidelijk. De uitkering van het Rijk voor extra brandweertaken is inderdaad gekort. Hoewel iedereen erkent dat dit een fout was, is daar in de voorjaarsnota nog niets aan gedaan. Dat blijft dus een risico. Gelukkig kunnen we dat in het eerste jaar opvangen met de reserves. De heer Holtman: Kan het zijn dat deze korting automatisch wordt door vertaald naar gemeenten of moet de veiligheidsregio dan zelf korten? Heeft u daar zicht op? Burgemeester Stapelkamp: Ik kan me niet herinneren dat dit in het Algemeen Bestuur besproken is. Extra geld buiten het gemeentefonds komt vaak door bovenwettelijke eisen. Dat loopt door elkaar heen en is lastig te scheiden. Wat expliciet met BDuR-gelden wordt gedaan en wat niet, is moeilijk te zeggen. In de praktijk wordt het vaak opgelost met besparingen of bezuiniging, of het uitvoeren van taken op een lager niveau. Zoals Jan van Zanen zegt: ‘geen knaken, geen taken’. Als we minder geld krijgen, kunnen we ook minder doen. Dat is de consequentie. De tweede tankautospuiten zijn afgeschaft. Ik heb het idee dat er nu rust is. Wat wel goed is opgepakt, is de samenwerking met Duitsland. We hebben daar veel in geïnvesteerd, onder andere via convenanten.

Dat biedt extra achtervang, zeker in grensgebieden. In Bocholt staat bijvoorbeeld indrukwekkend materieel waar we op kunnen terugvallen. Het helpt dat we daar goede contacten hebben. Conclusie. De voorzitter concludeert dat dit voorstel als stemstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 24 juni 2025. 3. Voorstel indienen zienswijze GGD NOG conceptbegroting 2026-2029 Eerste termijn. Mevrouw Ten Bruin: BBB-HMV kan zich vinden in de zienswijze, maar heeft zorgen over de informatievoorziening binnen de voorgestelde adviescommissie. Is het voorstel om geen afvaardiging te sturen een serieuze oplossing? En kan de informatievoorziening raadsbreed worden ingericht? Mevrouw Kraaijenbrink: Steunt de zienswijze, met extra aandacht voor forensische geneeskunde. De fractie van het CDA deelt de zorgen over de ongelijke informatiepositie binnen de raad. Is het wenselijk om als gemeente niet deel te nemen aan de adviescommissie? De heer Holtman: Steunt de zienswijze, maar maakt zich zorgen over de pandemische paraatheid. Dit vraagt om een krachtiger signaal richting het Rijk. Hoe kunnen we dit signaal beter onder de aandacht brengen? Is het mogelijk om als GGD duidelijk te maken dat we zonder middelen de taak niet kunnen uitvoeren? De heer Ebbers: Steunt de zienswijze en sluit zich aan bij de eerdere sprekers.

De heer van der Graaff: Steunt de zienswijze, vooral de oproep tot een gezamenlijke adviescommissie. Benadrukt het belang van pandemische paraatheid. Is de dekking van het tekort van €170.000 structureel of eenmalig? En hoe wenselijk is deze verdeling? Mevrouw Hoezen: Positief over de zienswijze, maar maakt zich zorgen over de toekomstbestendigheid van de GGD. Vraagt aandacht voor rechtmatigheid en arrestantenzorg. Is de overschrijding van €1,5 miljoen rechtmatig verantwoord? Zijn de aanvullende afspraken met het DB gedeeld met de raad? Wat is de status van de aanbesteding van de arrestantenzorg? De heer Rijks: Steunt de zienswijze en waardeert de inzet van de GGD. Ziet veel aandachtspunten waar de GGD mee aan de slag gaat. Opmerking over formulering richting Berkelland: klopt het dat zij een voorstel hebben afgewezen? Vragen: - Inrichting van de raadsadviescommissie en de mogelijkheid om geen afvaardiging te sturen. - Kunnen we als gemeente een krachtiger signaal afgeven richting het Rijk over pandemische paraatheid? - Is de overschrijding van €1,5 miljoen rechtmatig verantwoord? - Wat is de status van de aanbesteding van de arrestantenzorg? - Is de dekking van het tekort van €170.000 structureel of eenmalig? Discussiepunten: - Dekking van het tekort. - De rol van de raadsadviescommissie. - Actie ondernemen richting gemeente Berkelland. Reactie college.

2

Wethouder Kok: De voorgestelde adviescommissie is vooral procesmatig van aard, niet inhoudelijk. Alle gemeentes behalve Berkelland willen dit op deze manier doen, aldus Kok. De zienswijze roept Berkelland op om alsnog deel te nemen. Als ze dat niet doen, dan zit er geen één van Berkelland bij. De inhoudelijke besluitvorming blijft bij de gemeenteraad. De pandemische paraatheid is inderdaad een bijzondere situatie. De grote pandemie hebben we net overleefd met elkaar, en dan doet het kabinet een voorstel om 300 miljoen te bezuinigen op dit deel. Voor onze GGD betekent dat een tekort van 1,8 miljoen euro. Wij willen met z’n allen niet nog een keer in zo’n situatie terechtkomen als in 2020–2022. Hij bevestigt dat Aalten een signaal zal afgeven en zegt toe dat hij dit ook mondeling naar de portefeuillehouder doorgeeft. De heer Holtman: Je zou ook kunnen zeggen: met deze bezuiniging is de paraatheid dermate in gevaar dat de GGD zegt: wij staan niet voor die taak. U moet ons wel adequaat toerusten. Zou zo’n beweging niet handiger zijn? Wethouder Kok: Volgens mij is dat sowieso een discussie die ook daarin speelt. Geen knaken, geen taken – dat geldt hier ook. Maar de GGD wil gewoon goede zorg kunnen verlenen als het gebeurt. Aan niemand is uit te leggen als we straks zeggen: we hebben toen geen geld gekregen, dus we doen niks.

De systematiek is zo dat als we een tekort hebben, een deel uit de algemene reserve kan komen, zolang het weerstandsvermogen op 100% blijft. Als er niks bijkomt in de reserve en volgend jaar is er weer een tekort, dan zal het via de gemeentelijke bijdrage moeten. Dit jaar is het dus eenmalig op deze manier geregeld Ik heb niet tot in detail gekeken naar hoe die rechtmatigheid precies geregeld is. Als u dat per se wilt weten, zullen we dat schriftelijk moeten nagaan. Maar ik kan ook zeggen: we kunnen vertrouwen op een goede accountant die dat voor ons gedaan heeft De aanbesteding is gewonnen door gezamenlijke huisartsen. Er is zorg of zij het kunnen waarmaken voor het bedrag waarvoor ze hebben ingeschreven. Er is geen bezwaar ingediend. Maar er is wel grote zorg of het goed blijft gaan. Waarschijnlijk zullen we weer klaar moeten staan als het niet goed gaat. Discussiepunt: Raadsadviescommissie De beantwoording van de wethouder was voldoende, geen discussie. Discussiepunt: Dekking tekort De beantwoording van de wethouder was voldoende, geen discussie. Discussiepunt: Reactie richting gemeente Berkelland Mevrouw Hoezen: Is benieuwd hoe de andere fracties er in staan als de raadsadviescommissie niet zou doorgaan. De heer Rijks: Is het eens dat het jammer zou zijn als het niet zou doorgaan, vindt de actie zoals omschreven in de zienswijze voldoende.

De heer Van der Graaff: Geeft aan gelijke vertegenwoordiging belangrijk te vinden. Conclusie. De voorzitter concludeert dat er een toezegging is gedaan: -

Er komt een toelichting op de rechtmatigheidsverantwoording.

De voorzitter concludeert dat dit voorstel als stemstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 24 juni 2025. 4. Voorstel stedenbouwkundigplan ’t Beggelder Dinxperlo Eerste termijn De heer Rijks: Dit is een stap richting het oplossen van het woningtekort en versterkt de leefbaarheid van Dinxperlo. Het plan sluit goed aan op het landschap, tot stand gekomen in het participatieproces met meerdere meedenkavonden. Er moet razendsnel mee aan de slag worden gegaan. De heer Ebbers: Het zijn hartstikke mooie plannen, het is een mooie uitbreiding van Dinxperlo. Het zou mooi zijn als er ook zoiets voor Aalten komt. Dit plan zo snel mogelijk afhameren, en hoe eerder er aan de slag wordt gegaan, hoe beter. De heer Meerdink: Complimenten over de presentatie en het plan. Dinxperlo ligt mooi op koers wat betreft woningbouw, het zou mooi zijn als Bredevoort en Aalten volgen. Kan een toelichting gegeven worden op wat er exact met ‘nodige flexibiliteit’ bedoelt wordt. Er zijn zorgen over de ontsluiting van de

3

wijk via de noordkant. Verder nog een vraag over de eerste fase, is de verdeling die aangegeven is qua sociale huur, betaalbare koop en vrije sector. De sociale woningbouw zijn hard nodig. In grote lijnen heel positief. De heer Holtman: Grote complimenten, het is een mooi plan. Een paar punten van aandacht, mogelijk als discussiepunt. Is het mogelijk om die sociale huur zover mogelijk naar voren te trekken? Het lijkt alsof er minder aandacht is voor ouderen, zoals een hofje. Is het appartementencomplex bestemd voor ouderen? Mevrouw Hoezen: Het plan is op papier prachtig, maar sluit het voldoende aan bij de woonbehoefte in de gemeente? Voor een deel wel, maar twijfel of het voldoende is. Er is een mismatch tussen vraag en aanbod. Klopt het dat een deel van de sociale huur pas in de tweede fase ontwikkelt wordt? En zouden we dat niet anders moeten willen regelen? De heer Hollema: Mooi dat het principe van water- en bodemsturend wordt toegepast. Mooi om te zien dat de wijk in een eigen groene oase zit. Goed dat de betaalbaarheidsnorm € 370.000 is vastgehouden. Benieuwd naar het beeldkwaliteitsplan. Het plan wordt in twee fases ontwikkelt, goed dat fase 1 een af geheel gaat vormen. Er is hier één uitzondering, het appartementencomplex. Dit omdat anders het fase 2 deel niet aan de 28% voldoet. Het moet toch mogelijk zijn om die 28% over het hele project te nemen, en niet per fase.

Er wordt overwogen om een motie of een amendement in te dienen. De heer Assink: Het plan draagt bij aan de doelstelling van de ambitie van de woningbouw. Er is een hoop werk in het plan gestoken door gemeente, bouwers, en bewoners. Er is veel aandacht voor groen. Goed om te horen dat er verschillende typen woningen worden gebouwd volgens de verdeelsleutel. Als er behoefte is voor een appartementencomplex, is het een goed plan dit te bouwen. Wij kijken reikhalzend uit naar de ontwikkeling van het plan. Vragen: - Kan er een toelichting gegeven worden, wat er exact met ‘nodige flexibiliteit’ bedoelt wordt. - Is het mogelijk om het bouwen van sociale huurwoningen prioriteit te geven? - Waarom is er geen hofje voor ouderen opgenomen? Discussiepunten: - Ontsluiting wijk via de noordkant. - Sociale huur moet in fase 1 voldoende vertegenwoordigd zijn. - Hofje voor ouderen Reactie college Wethouder Kok: Voor mij is niet de hamvraag, maar de ham-opmerking: zo snel mogelijk aan de slag met dit plan, want we willen hier woningbouw realiseren. En dat realiseren hebben we inderdaad nu ook aangegeven. Dat doen we ook vanuit de ontwikkelvisie die ook door u is vastgesteld. En dat doen we ook vanuit de woonvisie die door gemeente Aalten is vastgesteld. Dat doen we vanuit de woondeal.

Dus alle percentages, opgaves en behoeftes die we genoemd hadden, daar hebben we in het verleden al een keer met elkaar beleid op vastgesteld. En op basis van dat beleid heeft een ontwikkelaar een plan ontwikkeld. Die ontwikkelaar weet welke uitgangspunten zij daarbij aan moet houden. En voor een ontwikkelaar geldt natuurlijk ook dat ieder woonproduct een andere bijdrage heeft voor de ontwikkeling van het totale plan. Dus daar mee schuiven heeft ook consequenties voor de ontwikkeling van het plan. Als dat moet, kunnen zij welllicht niet investeren in biobased bouwen of het zo snel mogelijk aanleggen van het groen. Dus om daar één lootje uit te trekken, zeg dan: dat zou nog anders moeten. Dan moet u er wel over nadenken dat dat ook consequenties kan hebben voor het totaal. Want ik vind dat wij een betrouwbare overheid mogen zijn, ook richting ontwikkelaars. Dat die weten met welke opgave zij een plan ontwikkelen. En daar hebben ze in samenspraak met ons heel erg op geparticipeerd, ook in de omgeving. Dus het plan zoals het er nu ligt lijkt ook heel veel draagvlak te hebben vanuit die omgeving. Een onderdeel daarvan is ook de ontsluiting geweest. Er is heel duidelijk gekozen voor één hoofdontsluiting binnen het plan richting de Beggelderdijk. Verkeerstechnisch is ook aangetoond dat de Dijk die aantallen voertuigen goed kan handelen.

Er zijn daarnaast langzame routes binnen het plan. Er wordt ook een extra voetpad aangelegd aan de noordzijde van het gebied. De heer Assink: Is het een wens van de bewoners geweest om de ontsluiting via de Beggelderdijk te laten lopen, of is dit door het bureau bedacht? Wethouder Kok: Dit is een co-creatie geweest. Daarbij zijn er een aantal uitgangspunten in de eerste meedenkavond besproken, waaronder de hoofdaansluiting. Die is toen al snel omarmd door de

4

aanwezigen. Mensen zijn meegenomen in de gedachtegang die we met elkaar hebben gehad. Ik voorzie dat daar in het vervolg weinig commentaar op zal zijn. De heer Meerdink: Het centrum ligt aan de zuidkant en we gaan aan de noordkant ontsluiten. Is het niet logischer dat de weg naar het centrum gaat? Waarom is dat zo bedacht? Wethouder Kok: Het is een logische keus geweest. Het is ook niet zo dat al het verkeer naar het centrum moet. Het toe leiden naar één van de hoofdontsluitingen is in dit geval zeer positief geweest. Dit moedigt aan om te fietsen, de snelste manier om naar het centrum te komen is met de fiets. Zoals ik aan het begin heb gezegd, hebben we deze afspraak gemaakt vanuit uw eigen vastgestelde woonvisie hier in Aalten. Als we zes jaar terugkijken, hadden we een andere woningmarkt dan we nu hebben. Om nu al ruimtelijk vast te leggen hoe het over zes, zeven jaar is, lijkt ons niet verstandig. Daarom is er behoefte aan flexibiliteit. Uitgangspunt is nu wel dat in iedere fase het woonprogramma zoals vastgesteld wordt gerealiseerd. Maar voor de tweede fase willen we wat meer slag om de arm houden. Zoals gezegd, die fasering zit in de aantallen. Daar hebben we echt heel specifiek ook op gestuurd.

In de tussentijd heeft de ontwikkelaar ook contact met mensen om te informeren: “Dit soort producten komen eraan.” Er is een enquête gehouden en daaruit blijkt ook wel dat de vraag naar levensloopbestendige woningen ook groter is. Dus daar wordt nu naar gekeken of daar nog verdere invulling aan gegeven kan worden. Dus uw opmerking: daar wordt zeker aan gedacht, om te kijken op welke manier daar extra aandacht aan gegeven kan worden. De heer Holtman: De ChristenUnie is erg enthousiast over een ouderenhofje. Zit dat op dit moment in het plan? Wethouder Kok: Specifiek een hofje zoals het Aaltense hofje zit er nu niet in. Uit de enquête bleek niet dat daar de grootste behoefte lag. In de stedenbouwkundige randvoorwaarden is wel ruimte voor levensloopbestendige woningen. De heer Holtman: Door het hofje in Aalten zijn er gezinswoningen vrijgekomen, wat de doorstroom heeft veroorzaakt. Het bevreemd mij dat er in dit plan niet gekozen is voor zo’n constructie om de doorstroom te bevorderen. Wethouder Kok: Uw veronderstelling dat alleen maar door dat product er doorstroming komt, onderschrijf ik niet. Ook door andere soorten woningen zal er zeker doorstroming komen. Door de combinatie van wegenstructuur, de wensen vanuit de oostzijde over de manier waarop de woningbouw gericht zou moeten zijn is er niet specifiek een hofje in dit plan terechtgekomen. Sociale huur.

De afspraken die gemaakt zijn die worden ook hier, één op één overgenomen. Ook in het kader van sociale huur. Daarnaast betekent het ook dat die sociale huur nog wel ontwikkeld moet worden door een corporatie. En die corporatie heeft ook afspraken gemaakt met ons via de prestatieafspraken hoeveel sociale huurwoningen gerealiseerd gaan worden. En ik kan u zeggen dat het realiseren van sociale huurwoningen binnen dit product en voor de Woonplaats op dit moment ook de max is. Dat heeft te maken dat zij daar verder onderzoek naar willen doen. Heeft ook te maken met de financieringsmogelijkheden die ze hebben. Dus met z’n allen hier nu zeggen: er moet meer sociale huur in de eerste fase dat gaat niet. Loopt niet gelijk met de afspraken die we met de corporatie gemaakt hebben en loopt niet gelijk met de afspraak die we met de ontwikkelaar gemaakt hebben. En waar je ook op zou moeten kunnen vertrouwen, want het is beleid dat door u is vastgesteld. De heer Hollema: Vorige week hoorde ik: dat hebben we naar fase twee geschoven, want anders komen we daar in die 28%. Daarvan was mijn vraag van dat kan toch niet een papieren werkelijkheid zijn? Dat er allerlei andere aspecten zijn waar rekening mee moet worden gehouden, dat begrijp ik. Maar misschien kunt u nog wel bevestigen dat dat niet het geval is.

Dus als de coöperatie er eerder aan toe is, dat het gedurende de looptijd van fase één kan? En mijn tweede vraag is: is dat onderzoek gestart of staat het gepland? Die 28% moet geen blokkade zijn om die appartementen te realiseren. Wethouder Kok: Als er versnelling mogelijk is in een bepaalde opgave, kunnen we die zeker bespreken. Dat wil niet zeggen dat we het af kunnen dwingen. Als blijkt in de planvorming dat dat sneller kan ligt er geen blokkade vanuit onze zijde om dat te realiseren. Het onderzoek wordt nog niet uitgevoerd, zover ik weet. De heer Holtman: Was het niet mogelijk geweest om een aantal sociale huurwoningen naar voren te halen, juist omdat daar een enorme behoefte zit? Wethouder Kok: Ik heb al aangegeven dat daar zeker geen blokkade ligt, maar u moet zich ook voorstellen; dit is een gebiedsontwikkeling. Die sociale huurwoningen, daar zit ook een sociale grondprijs onder. En voor die sociale grondprijs moet ook gewoon de weg ingericht worden. Moet ook gewoon het groen aangelegd worden, moet de afwatering geregeld worden. Dat betekent dat een deel van de lasten binnengehaald moeten worden met de opbrengsten van de overige gronden die verkocht moeten worden. En als je alleen maar dat eerste realiseert en het tweede niet, dan wordt er geen enkele

5

huurwoning gerealiseerd, want dan komt plan niet van de grond. Dus het is een samenspel van de woonvormen die dit plan ook financieel dragend maken binnen de behoefte zoals we die hebben vastgesteld, binnen de kaders zoals die door de gemeenteraad zijn vastgesteld. En als er een kans is op versnelling, zullen zij dat zeker doen. Daar ben ik van overtuigd. Of de corporatie dat dan al meteen doet, daar ben ik nog niet van overtuigd. Mevrouw Hoezen: De oproep is om de sociale huur die in fase 1 gerealiseerd kan worden om dat nu te doen. Die kans is er, de behoefte is er ook. Het duurt dan misschien langer totdat het plan rendabel is, maar de meeste fracties zitten hier volgens mij voor de sociale huur. Wethouder Kok: De verdeling is door de raad vastgesteld. Dat geven wij ook mee aan de ontwikkelaar, daar mag een ontwikkelaar ook op vertrouwen. Als wij ze kunnen overtuigen om sneller te reageren, dan moeten we dat vooral doen. Het stedenbouwkundig plan ligt voor, niet de verdeling in woningcategorieën. Het omgevingsplan ligt nog niet voor. Dat leidt hopelijk niet tot een voorstel om het plan aan te passen, dan gaat u in de achterruit en niet in de vooruit. Mevrouw Hoezen: De 28% is geen maximum, de raad zegt dat het een minimum is.

Waar het ons nu om gaat, is of een gebied in fase 1 niet ontwikkeld gaat worden, vanwege financiële redenen en omdat je in fase 2 anders niet in de 28% zit. Wethouder Kok: Per fase worden de uitgangspunten van de verdeling meegenomen. In fase 1 wordt 28% sociale huur gerealiseerd, daar zitten niet die appartementen in. De heer Hollema: In dit plan wordt juist de fasering uitgewerkt. Het plan zelf krijgt complimenten, maar het gaat hier ook om de fasering. Discussiepunt: Ontsluiting noordkant. De heer Meerdink: Er is eerder veel geld uitgegeven aan de weg. De vraag is nu of dat slim was. De heer Rijks: Dat plan waar de heer Meerdink het over heeft is een heel oud plan. Het is ontzettend moeilijk omdat Dinxperlo vanaf die kant ingekapseld ligt. Er is een democratisch besluit genomen, daar waren we toen niet 100% tevreden mee. Maar we zijn wel tevreden met het plan zoals het hier ligt. In de toekomst zal blijken of de weg voldoet. Als dat niet lukt komen we met een voorstel het anders te doen. De heer Meerdink: We hadden het graag gezien. Voor alle duidelijkheid, we willen geen vertragingen aanbrengen in het gebeuren. De heer Assink: Het is een gebiedsontsluiting weg. Die weg heeft nog veel capaciteit. De opzet zoals die nu is, is niet verkeerd. Het gaat niet alleen om de weg naar het centrum, maar ook naar andere plaatsen.

De heer Meerdink: Ik probeer aan te geven of de Beggelderdijk daar wel geschikt voor is, het had anders gekund. De heer Holtman: Als u suggesties hebt voor alternatieven geef ze dan aan, want ik zie ze niet. Ik ga op dit punt dus niet met u mee. Discussiepunt: Verdeling De heer Hollema: Het is mooi dat fase 1 een afgeronde wijk is. We hebben gehoord dat er geen blokkade is. Moeten we er extra energie in steken om de bouw van het appartementengebouw te versnellen. De heer Meerdink: het is ook een kwestie van financiering. Dat de aannemers zeggen dat dit een goede haalbare verdeling is. Er moet ook een verdienmodel zijn voor de aannemer, anders wordt er helemaal niet gebouwd. De heer Holtman: Aan de ene kant niet noodzakelijk, aan de andere kant weet ik wel zeker dat er behoefte aan is. Ik heb vertrouwen in het college dat als er mogelijkheid is tot versnelling, dat dat gebeurd. De heer Assink: We hebben de toezegging gehoord van de wethouder. We moeten ons wel realiseren dat het ene woningtype de broek ophoudt van het andere woningtype. De heer Rijks: Ik denk dat de behoefte zal zorgen voor versnelling wanneer dat nodig is. Ik hoop zelf erg op een doorstroming van oud Dinxperlo naar deze nieuwe wijk. Mevrouw Hoezen: Ik denk dat we ons als raad niet moeten verschuilen achter projectontwikkelaars. Hun doel is geld verdienen en dat is prima.

Op het moment dat er en vraag is naar de vrije marktsector en sociale huur, dan zullen ontwikkelaars kiezen voor de vrije sector, dat is logisch. Dan wordt het ook tijd om als politiek richting de projectontwikkelaars aan te geven: dit is wat we willen, dit is wat u kan bouwen en wat u mag bouwen en kijkt u maar of u het kan financieren, en anders gaan we naar de woningbouwcorporaties. Ik hoor de wethouder zeggen dat het lastig is, dat geldt misschien voor de woningbouwcorporatie in onze regio, maar er zijn ook andere corporaties. We hebben prestatieafspraken, we kunnen aangeven dat er nu behoefte is op sociale huur. De heer Holtman: Er is democratisch besloten dat dit de verdeling is. Ook vanwege de financiële haalbaarheid.

6

Mevrouw Hoezen: Het gaat mij erom dat er de kans is om in fase 1 tot extra sociale huur te komen. Het gaat om de behoefte die er nu is. De heer Ebbers: De verdeling staat gewoon in fase 1. Er is aan alle soorten woningen behoefte. De heer Hollema: Er is best veel steun om te versnellen. Wat ik hier ook hoor is dat breed wordt gevonden dat als het aandeel sociale huur in het eerste deel wat hoger is, dat het prima is dat het tweede deel wat lager is. En het gaat hier niet om een projectontwikkelaar, maar om een woningbouwcorporatie. De heer Assink: Ik heb duidelijk gezegd dat het komt door het appartementencomplex. We houden in de basis ons vast aan de verdeling. De heer Hollema: We zijn het eens, het gaat specifiek over het appartementencomplex. Discussiepunt: Ouderenhofje De heer Holtman: De fractie van de ChristenUnie zou het wenselijk vinden dat gecentreerd wonen voor senioren was meegenomen. We hebben te maken met dubbele vergrijzing. De zorg staat onder druk. Zou het raadzaam zijn om dit plan te verrijken met een gecentreerd deel voor ouderen? De heer Meerdink: De wethouder heeft aangegeven dat het omgevingsplan nog ingevuld moet worden. Als het college zou willen dan kunnen we een aantal woningen maken die niet alleen geschikt zijn voor jongeren maar ook ouderen die graag bij elkaar wonen. U kunt met een voorstel komen. Maar wij willen in ieder geval geen vertraging.

De heer Rijks: Probeer flexibel en creatief te zijn. Als ondernemers merken dat daar behoefte voor is, dan zullen ze daar zeker gebruik van maken. De heer Holtman: Het zit er op dit moment niet in, er staat juist aangegeven dat het gemixt is. Als wij aangeven dat het zo goed is, gaat het zo verder geconcretiseerd worden. Mevrouw Hoezen: Als ik kijk naar de uitgangspunten van de ontwikkelvisie, dan zouden we kunnen zeggen dat we het voor senioren onvoldoende vinden. En dat we daar nog een nadere uitwerking van willen zien. De heer Hollema: Er zijn meer vormen die geschikt zijn dan alleen hofjes. Gevoelsmatig zou je zeggen dat dat passender is in het dorp, maar dat kan ik zo niet beoordelen. Ik hoor dat er nog veel flexibiliteit is, en dat er nog meer onderzocht kan worden. De heer Holtman: We zullen ons beraden of we hier nog een motie over gaan indienen. De heer Rijks: Ik lees in de visie verschillende woonvormen gemixt door de wijk. As dit een woonvorm is waarin mensen wat zien, dan denk ik dat dat hierin staat. Maar ik vind dat je dat ook moet overlaten aan de creativiteit van mensen. De voorzitter concludeert dat dit voorstel als bespreekstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 24 juni 2025. 5. Sluiting Aldus vastgesteld door de gemeenteraad van Aalten in de openbare vergadering van 24 juni 2025.

E. M. Geldorp raadsgriffier

mr. A.B. Stapelkamp voorzitter

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=e9145a9e-8534-4611-9413-3babef1c6834